MH-246.4 DS - Heggenschaar DOLMAR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MH-246.4 DS DOLMAR in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MH-246.4 DS DOLMAR
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Heggenschaar in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MH-246.4 DS - DOLMAR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MH-246.4 DS van het merk DOLMAR.
GEBRUIKSAANWIJZING MH-246.4 DS DOLMAR
- Hartelijk dank voor uw keuze voor deze stokheggenschaar van DOLMAR. Met trots bieden wij u een gereedschap aan dat het resultaat is van een uitgebreid ontwikkelingsprogramma en jarenlange kennis en ervaring. Om de best mogelijke resultaten te behalen die uw stokheggenscharen van DOLMAR u kan bieden, leest u deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door alvorens het gereedschap te gebruiken, en volgt u alle instructies hierin op om verzekerd te zijn van een juiste werking van de stokheggenschaar van DOLMAR. Nederlands (Originele instructies) Inhoud Pagina Symbolen p. 94
- Veiligheidsinstructies p. 95
- Technische gegevens p. 100
- Namen van onderdelen p. 101
- De messenbladen aan de stok bevestigen p. 102
- Brandstof en bijvullen p. 103
- Voorzorgsmaatregelen vóór het starten van de motor p. 105
- De stokheggenschaar bedienen p. 108
- Onderhoud p. 109
- Opslag p. 114
- Problemen oplossen Let op de volgende symbolen tijdens het lezen in deze gebruiksaanwijzing. SYMBOLEN WAARSCHUWING/GEVAAR Let goed op beknellen. Alvorens het gereedschap te gebruiken, dient u de instructies in deze gebruiksaanwijzing te lezen en volledig te begrijpen. Let goed op hoogspanningsleidingen. Gevaar voor elektrische schokken. VERBODEN Brandstof (benzine) Verboden te roken Motor handmatig starten Geen open vuur Noodstop Draag veiligheidsschoenen EHBO Draag veiligheidshandschoenen AAN/START Houd mensen en huisdieren weg van het werkgebied UIT/STOP Draag een veiligheidshelm, oog- en gehoorbescherming95 Algemene instructies - Lees deze gebruiksaanwijzing vóór gebruik zorgvuldig door en maak uzelf grondig bekend met hoe de stokheggenschaar correct gehanteerd dient te worden. DIT GEREEDSCHAP KAN BIJ VERKEERD GEBRUIK ERNSTIG LETSEL VEROORZAKEN! - Wanneer het gereedschap aan een ander uitleent, geeft u altijd gedetailleerde instructies over het correct gebruik van de stokheggenschaar. Zorg ervoor dat de gebruiksaanwijzing wordt meegegeven met de stokheggenschaar. - Onervaren gebruikers dienen de dealer te vragen om basisinstructies over hoe de stokheggenschaar correct gehanteerd dient te worden. - Bewaar deze gebruiksaanwijzing op een plaats waar hij gemakkelijk gepakt kan worden voor snelle naslag. - Laat personen onder de 18 jaar de stokheggenschaar niet gebruiken. Personen die ouder zijn dan 16 jaar mogen echter de stokheggenschaar gebruiken voor trainingsdoeleinden, mits onder constant toezicht staan van een volwassene die bekend is met het gebruik van de stokheggenschaar. - Gebruik altijd de stokheggenschaar met de grootst mogelijke zorg en aandacht. - Probeer nooit het gereedschap te wijzigen. - Houd u aan de regelgeving zoals die in uw land geldt voor het hanteren van stokheggenscharen. - Ernstig letsel kan het gevolg zijn als de stokheggenschaar wordt gebruikt onder de volgende omstandigheden. Gebruik de stokheggenschaar niet: p. 116
- Als u zich vermoeid of ziek voelt.
- Na gebruik van alcohol en/of medicijnen.
- ’s Nachts of onder slechte verlichtingsomstandigheden.
- Tijdens zwangerschap. Gebruiksdoeleinden - Deze stokheggenschaar is uitsluitend bedoeld voor het snoeien van hagen en struiken. Gebruik de stokheggenschaar niet voor enig ander doel. Persoonlijke-veiligheidsuitrusting - De kleding die gedragen wordt moet functioneel zijn en strak zitten zonder de beweging te hinderen. Draag geen kleding of sieraden die verstrikt kunnen raken in de ondergroei of het gereedschap. - Voor een afdoende bescherming tegen letsel aan het hoofd, de ogen, de voeten en de handen, en tevens tegen gehoorbeschadiging, moet de volgende veiligheidsuitrusting en beschermende kleding worden gebruikt tijdens het werken met de stokheggenschaar. - Ter voorkoming van letsel aan het hoofd of de ogen, draagt u altijd een veiligheidshelm (1) met veiligheidsbril of spatscherm (2). - Om gehoorbeschadiging te voorkomen, draagt u altijd goede oorbeschermers (3). - Het gebruik van een goed passende werkoverall (4) wordt sterk aanbevolen. - Draag altijd stevige, lederen werkhandschoenen (5) tijdens het gebruik van de stokheggenschaar. - Draag altijd stevige schoenen (6) met een antislipzool tijdens het gebruik van de stokheggenschaar. Speciale werkschoenen zorgen ervoor dat u stevig staat en beschermen tegen letsel. - Trek veiligheidshandschoenen aan voordat u de messenbladen aanraakt. De messenbladen kunnen inke snijwonden veroorzaken in blote handen. Veiligheid op de werkplek - GEVAAR: Houd de stokheggenschaar uit de buurt van hoogspanningsleidingen en communicatiekabels. Als u een hoogspanningsleiding nadert of aanraakt met de stokheggenschaar, kan dat leiden tot de dood of ernstig letsel. Kijk of er hoogspanningsleidingen of schrikdraadafrasteringen in de buurt van het werkgebied zijn voordat u met de werkzaamheden begint. - Start en bedien de motor alleen buitenshuis op een goed geventileerde plaats. Gebruik in een gesloten ruimte of op een slecht geventileerde plaats kan leiden tot de dood als gevolg van verstikking of koolmonoxidevergiftiging. - Houd tijdens gebruik omstanders, met name kinderen, en dieren ten minste 15 meter uit de buurt van de stokheggenschaar. Zet de motor uit zodra iemand dichterbij komt. - Onderzoek het werkgebied op draadafrasteringen, stenen en andere massieve voorwerpen voordat u met de werkzaamheden begint. Zij kunnen de messenbladen beschadigen.
WAARSCHUWING: Het gebruik van dit gereedschap kan stof opwerpen waarin chemische bestanddelen kunnen zitten die ziekten aan de luchtwegen of andere ziekten kunnen veroorzaken. Enkele voorbeelden van deze chemische bestanddelen zijn verbindingen die gevonden worden in pesticiden, insecticiden en herbiciden. Het risico van deze blootstellingen varieert en hangt af van het feit hoe vaak u dit soort werkzaamheden uitvoert. Om blootstelling aan deze chemische bestanddelen te verminderen: moeten de werkzaamheden uitgevoerd worden in een goed geventileerde werkomgeving en gebruikmakend van goedgekeurd beschermende hulpmiddelen, zoals stofmaskers die ontworpen zijn om microscopisch kleine deeltjes te lteren. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES96 De stokheggenschaar starten - Alvorens het gereedschap te monteren of af te stellen, zet u de motor uit en trekt u de bougiekap eraf. - Alvorens de stokheggenschaar te starten, zorgt u er altijd voor dat het gereedschap op een veilige manier gebruiksklaar is. - Probeer nooit de motor te starten als het gereedschap beschadigd is. - Controleer de bediening van het veiligheidsmechanisme van de gashendel. De uit-vergrendelhendel moet soepel en gemakkelijk te bedienen zijn. Controleer of de uit-vergrendelhendel goed werkt. Controleer of de handgrepen schoon en droog zijn, en test de STOP-schakelaar om er zeker van te zijn dat deze goed werkt. Start de stokheggenschaar altijd volgens de instructies die worden gegeven in deze gebruiksaanwijzing. Volg de onderstaande instructies om de stokheggenschaar te starten - Start de stokheggenschaar alleen nadat het gereedschap volledig in elkaar is gezet en alle accessoires zijn bevestigd. - Wanneer u de motor start, controleert u dat de messenbladen uw lichaam en andere voorwerpen, zoals de grond, niet raken. De messenbladen kunnen gaan bewegen bij het starten en kunnen ernstig letsel of schade veroorzaken aan de messenbladen en/of eigendommen. - Alvorens de motor te starten, controleert u of de messenbladen niet worden gehinderd door vreemde voorwerpen, zoals stenen, takken, enz. - Zet de motor onmiddellijk uit in het geval zich enig motorprobleem voordoet. - Houd het gereedschap met uw linkerhand stevig tegen de grond gedrukt en trek aan de trekstarthandgreep. Ga nooit met uw voet op de aandrijfas staan. - Als de messenbladen bij stationair toerental bewegen, zet u de motor uit en verlaagt u het stationair toerental. - Houd tijdens het gebruik van de stokheggenschaar de beide handgrepen altijd stevig vast. Buig uw vingers strak rond elke handgreep, waarbij de handgreep tussen uw duim en wijsvinger ligt. Om de stokheggenschaar altijd onder controle te houden, verandert u uw grip op de handvaten niet tijdens het gebruik. Zorg ervoor dat de bedieningshendels zich in goede staat bevinden en er geen vocht, vuil, olie of vet op zit. Zorg er altijd voor dat u stevig staat met goede balans - Zet de motor altijd onmiddellijk uit en stop het gebruik als zich motorproblemen voordoen of als het gereedschap een ongebruikelijk geluid begint te maken. - Uitlaatgassen zijn giftig. Gebruik het gereedschap nooit in een gesloten vertrek of een tunnel zonder ventilatie (risico van verstikking en gasvergiftiging). Vergeet niet dat koolmonoxide een geurloos gas is. Zorg er altijd voor dat de plaatsen waar de motor wordt gebruikt goed worden geventileerd. - Zet de motor uit tijdens rustpauzes en wanneer u de stokheggenschaar onbeheerd achterlaat. Leg het gereedschap op een veilige plaats en controleer dat er geen ontvlambaar materiaal in de buurt ligt. - Leg een hete stokheggenschaar nooit op droog gras of ontvlambaar materiaal. - Om brandgevaar te beperken moet u de motor en uitlaatdemper vrij houden van afval, bladeren en overtollig smeermiddel. - Gebruik de motor nooit als de uitlaatdemper defect is. - Zet de motor uit alvorens het gereedschap te vervoeren. - Altijd de motor uitzetten tijdens:
- Vervoeren van gereedschap
- Schoonmaken van gereedschap
- Onderhoud uitvoeren aan gereedschap
- Probleem oplossen aan gereedschap - Wanneer u het gereedschap draagt, draagt u het horizontaal door de schacht vast te pakken. Houd de hete uitlaatdemper uit de buurt van uw lichaam. - Tijdens het vervoeren van het gereedschap in een voertuig, zet u de stokheggenschaar altijd goed vast om te voorkomen dat er restbrandstof uit lekt. - Maak de brandstoftank altijd leeg voordat u de stokheggenschaar in een voertuig vervoert. - Bij het uitladen van het gereedschap uit een voertuig, let u er goed op de stokheggenschaar niet op de grond te laten vallen omdat hierdoor de brandstoftank ernstig beschadig kan raken. - Behalve in een noodgeval mag u de stokheggenschaar nooit laten vallen omdat hierdoor het gereedschap ernstig kan worden beschadigd. - Bij het vervoeren van de stokheggenschaar tilt u hem altijd volledig van de grond af. Sleep de motor nooit over de grond omdat hierdoor de brandstoftank beschadigd kan raken en mogelijk brand kan ontstaan. - Gebruik altijd de bijgeleverde schede om de messenbladen van de stokheggenschaar te beschermen tijdens het vervoeren en bewaren. - Nadat tegen het gereedschap is gestoten of het is gevallen, controleert u de conditie van het gereedschap voordat u de werkzaamheden hervat. Controleer het brandstofsysteem op brandstoekkage, en de bedieningselementen en veiligheidsvoorzieningen op een juiste werking. Als enige beschadiging zichtbaar is of u twijfelt, vraagt u ons erkende servicecentrum om inspectie en reparatie. - Rustpauze - Vervoeren van gereedschap - Schoonmaken van gereedschap - Brandstof bijvullen - Onderhoud uitvoeren aan gereedschap - Probleem oplossen aan gereedschap97 Brandstof bijvullen - Alvorens brandstof bij te vullen, zet de motor uit. - Vul nooit brandstof bij in de buurt van open vuur. - Tijdens het bijvullen van brandstof mag u niet roken. - Laat de motor altijd voldoende afkoelen voordat u brandstof bijvult. - Let erop dat uw huid niet in aanraking komt met petroleumproducten. Adem geen benzinedampen in en draag altijd veiligheidshandschoenen tijdens het bijvullen van brandstof. Zorg dat u de beschermende kleding regelmatig vervangt en reinigt. - Let er goed op geen benzine of olie te morsen om bodemverontreiniging te voorkomen (milieubescherming). Als benzine of olie op de stokheggenschaar is gemorst, veegt u het oppervlak van de stokheggenschaar onmiddellijk af met een doek. Om spontaan ontbranden te voorkomen, laat u natte doeken eerst voldoende opdrogen voordat u ze weggooit in een geschikte, afgedekte afvalbak. - Zorg ervoor dat brandstof niet in aanraking kan komen met uw kleding. Trek met brandstof verontreinigde kleding onmiddellijk uit (brandgevaar). - Sluit de brandstoftank en draai de brandstofvuldop stevig vast. Voordat u de motor weer start, verplaatst u de stokheggenschaar naar een plek ten minste 3 meter verwijderd van de plek waar brandstof werd bijgevuld. - Controleer de brandstofvuldop regelmatig om er zeker van te zijn dat de dop goed vastzit. - Vul nooit brandstof bij in een gesloten vertrek. Brandstofdampen verzamelen zich vlak boven de vloer (explosiegevaar). - Bewaar brandstof alleen in geschikte jerrycans, en zorg ervoor dat opgeslagen brandstof buiten bereik van kinderen is. Bediening - In geval van nood zet u de motor onmiddellijk uit. - Als u tijdens gebruik een ongebruikelijke situatie opmerkt (bijv. geluid, trillingen), zet u de motor uit. Gebruik de stokheggenschaar niet meer totdat de oorzaak is opgespoord en verholpen. - De messenbladen blijven gedurende een korte tijd bewegen nadat de gashendel van de motor is losgelaten. Raak de messenbladen niet onmiddellijk aan. - Probeer nooit de apparatuur met één hand te bedienen. Als u de controle over het gereedschap verliest, kan dat leiden tot ernstig of fataal letsel. Om de kans op snijwonden te verkleinen, houdt u uw handen en voeten uit de buurt van de messenbladen. - Houd tijdens gebruik uw rechterhand lager dan schouderhoogte. Anders kunt u de controle over het gereedschap verliezen en kan letsel ontstaan. - Stoot tijdens gebruik de messenbladen nooit tegen harde obstakels zoals stenen of metaal. Wees met name voorzichtig wanneer u een heg snoeit langs of tegen een draadafrastering. Als u dicht bij de grond werkt, let u erop dat zand, vuil of stenen niet tussen de messenbladen komen. - Als de messenbladen in aanraking komen met stenen of andere massieve voorwerpen, zet u de motor onmiddellijk uit, trekt u de bougiekap eraf en controleert u de messenbladen op beschadigingen. Vervang de messenbladen indien beschadigd. - Raak de messenbladen nooit aan en benader de messenbladen niet terwijl deze bewegen. De messenbladen kunnen gemakkelijk in uw vinger snijden. Wanneer u de messenbladen wilt hanteren of benaderen, zet u de motor uit en trekt u de bougiekap eraf. - Als dikke takken klem zitten tussen de messenbladen, zet u de motor onmiddellijk uit, legt u de stokheggenschaar op de grond, trekt u de bougiekap eraf, en verwijdert u het obstakel. Controleer de messenbladen op beschadigingen voordat u het gereedschap weer gebruikt. - Door het motortoerental te verhogen terwijl de messenbladen vast zitten, wordt de belasting hoger en kan de motor en/of koppeling worden beschadigd. - Controleer de messenbladen tijdens bedrijf veelvuldig op barsten of botte snijranden. Voordat u inspecteert, zet u de motor uit en wacht u tot de messenbladen volledig tot stilstand zijn gekomen. Vervang beschadigde of botte messenbladen onmiddellijk, ook wanneer ze slechts oppervlakkige barsten vertonen. - Raak het tandwielhuis niet aan. Het tandwielhuis wordt tijdens gebruik erg warm. - Neem een pauze om te voorkomen dat u door vermoeidheid de controle over het gereedschap verliest. Wij adviseren u ieder uur 10 tot 20 minuten te rusten. - Knijp eerst de gashendel helemaal in en wacht tot het maximumtoerental is bereikt voordat u begint te snoeien. - Houd de stokheggenschaar tijdens gebruik altijd met beide handen vast. - Gebruik de stokheggenschaar alleen bij goede verlichting en zicht. Let in de winter op gladde en natte plekken (ijs en sneeuw) wegens gevaar voor uitglijden, en zorg er altijd voor dat u stevig staat. - Gebruik de stokheggenschaar nooit terwijl u op een onstabiele ondergrond of een steile helling staat. - Gebruik de stokheggenschaar nooit terwijl u op een ladder staat. - Klim nooit in een boom om de stokheggenschaar te gebruiken vanuit de boom. - Om te voorkomen dat u struikelt of over voorwerpen valt, mag u nooit achteruit lopen tijdens het gebruik van de stokheggenschaar. - Zet de motor altijd uit voordat u het gereedschap schoonmaakt of onderhoudt. Vervang ook geen onderdelen voordat de motor is uitgezet. - Bedien de stokheggenschaar niet wanneer de messenbladen zijn beschadigd of versleten. 3 m98 De onderhoudswerkzaamheden die door de gebruiker kunnen worden uitgevoerd zijn beperkt tot de handelingen die in deze gebruiksaanwijzing worden beschreven. Alle andere procedures moeten worden uitgevoerd door een erkend servicecentrum. Verzoek regelmatig een erkend DOLMAR-servicecentrum om de stokheggenschaar te inspecteren en onderhouden. Gebruik uitsluitend originele onderdelen en accessoires die zijn geleverd door DOLMAR via een erkende servicecentra. Het gebruik van niet-goedgekeurde accessoires en gereedschappen kan de kans of ongevallen en letsel vergroten. DOLMAR accepteert geen enkele aansprakelijkheid voor ongevallen of schade die voortvloeien uit het gebruik van niet-goedgekeurde accessoires en onderdelen. Opslag - Alvorens het gereedschap op te slaan, voert u alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden uit. Plaats de schede over de messenbladen. - Maak de brandstoftank leeg alvorens de stokheggenschaar op te slaan in een goed geventileerde ruimte. Zorg ervoor dat de stokheggenschaar altijd buiten het bereik van kinderen is. - Laat het gereedschap nooit ergens tegenaan leunen, zoals tegen een muur. Anders kan de stokheggenschaar plotseling omvallen en letsel veroorzaken. EHBO Als voorzorgsmaatregel voor het geval zich een ongeval voordoet, zorgt u ervoor dat een volledig uitgeruste EHBO-doos voorhanden is. Vervang zo snel mogelijk elk item dat uit de EHBO-doos is genomen. Geef de volgende informatie wanneer u in geval van nood om hulp vraagt:
- Plaats van het ongeval
- Beschrijving van het ongeval
- Aantal gewonde mensen
- Ernst van de verwondingen
- Uw naam Onderhoudsinstructies - Laat uw gereedschap onderhouden door ons erkende servicecentrum dat altijd uitsluitend gebruikmaakt van originele vervangingsonderdelen. Onjuiste reparatie en slecht onderhoud kan de levensduur van het gereedschap verkorten en de kans op ongevallen vergroten. - Doe tijdens gebruik van de stokheggenschaar altijd uw uiterste best om de verontreiniging en geluidsproductie zo laag mogelijk te houden. Let met name goed op een juiste afstelling van de carburateur. - Maak de stokheggenschaar regelmatig schoon en controleer regelmatig of alle bouten en moeren stevig zijn vastgedraaid. - Onderhoud of bewaar de stokheggenschaar nooit in de buurt van open vuur, vonken, enz. - Nooit verbogen of gebroken messenbladen repareren door rechtbuigen of lassen. Hierdoor kan een deel van de messenbladen afbreken en ernstig letsel veroorzaken. Neem contact op met een erkend DOLMAR-servicecentrum om de messenbladen te vervangen door originele messenbladen van DOLMAR. - Om verdere schade en/of persoonlijk letsel te voorkomen, mag u een defecte stokheggenschaar niet repareren als u niet vakbekwaam bent dit te doen. Neem voor reparaties altijd contact op met een erkend servicecentrum. Probeer niet de stokheggenschaar te wijzigen of van vorm te veranderen omdat dit de gebruiksveiligheid in gevaar kan brengen. Trillingen - Personen met een slechte bloedsomloop die worden blootgesteld aan sterke trillingen, kunnen verwondingen aan bloedvaten of het zenuwstelsel oplopen. Trillingen kunnen de volgende symptomen veroorzaken in de vingers, handen of polsen: “slapen” (ongevoeligheid), tintellingen, pijn, stekend gevoel, veranderen van huidskleur of van de huid. Als een van deze symptomen zich voordoet, raadpleegt u een dokter! - Om de kans op deze “witte-vingerziekte” te verkleinen, houdt u uw handen warm tijdens het werk en onderhoudt u het gereedschap en de accessoires goed.99 Alleen voor Europese landen EU-verklaring van conformiteit De EU-verklaring van conformiteit is opgenomen als Bijlage A in deze instructiehandleiding.100 Model MH-246.4 DS Beugelhandgreep Afmetingen (l x b x h) 1.780 mm x 242 mm x 241 mm Nettogewicht 6,0 kg Volume (brandstoftank) 0,6 liter Lengte van messenbladen 590 mm Maximale takdikte 7 mm Cilinderinhoud 25,4 cm
Maximaal motorvermogen 0,77 kW bij 7.000 min
Motortoerental bij aanbevolen maximaal astoerental 10.000 min
Toerental op aangrijppunt van koppeling 4.400 min
hv eq 9,8 m/s² Onzekerheid (K) 2,1 m/s² Linkerhandgreep (voorhandgreep)
hv eq 6,6 m/s² Onzekerheid (K) 0,3 m/s² Geluid volgens EN ISO 10517 Geluidsdrukniveau 87,1 dB (A) Onzekerheid (K) 2,9 dB (A) Geluidsvermogenniveau 102,8 dB (A) Onzekerheid (K) 1,8 dB (A) Brandstof Benzine voor auto’s Motorolie Olie van API-classicatie SF-klasse of beter, of olie SAE 10W-30 (4-taktmotorolie voor auto’s) Overbrengingsverhouding van tandwielen 1/4,7 TECHNISCHE GEGEVENS101 Namen van onderdelen 1 Gaskabel 2 Uit-vergrendelknop 3 Gashendel 4 I-O-schakelaar 5 Handgreep 6 Schacht 7 Tandwielhuis 8 Messenbladen 9 Luchtlter 10 Brandstofvuldop 11 Brandstoftank 12 Koppelingshuis 13 Bougiekap 14 Brandstofhandpomp 15 Uitlaatdemper 16 Trekstartinrichting 17 Trekstarthandgreep 18 Schede 19 Olievuldop 20 Olietank
- Controleer dat de motor uit staat en trek de bougiekap eraf voordat u de stokheggenschaar monteert.
- Draag veiligheidshandschoenen!
- Plaats de bijgeleverde schede over de messenbladen wanneer u deze aan de stok monteert.
1. Verwijder de dop vanaf de schacht.
2. Draai de bout M5 x 12 en de bout M5 x 25 los.
3. Steek de schacht in het tandwielhuis.
OPMERKING: Zorg ervoor dat de schacht volledig in het tandwielhuis wordt gestoken (ong. 44 mm/1,73”). Als u moeilijkheden ondervindt bij het insteken van de schacht, verdraait u de aandrijfas een klein stukje en probeert u het opnieuw.
Bout M5 x 25 Dop Schacht Aandrijfas Bout M5 x 12 44 mm103 VÓÓR HET BEGIN VAN HET WERK Controleren en bijvullen van de motorolie - Voer de volgende procedure uit bij koude motor. - Plaats de motor horizontaal, draai de olievuldop eraf (zie afb. 1) en controleer of het oliepeil tussen de inwendige randen voor de boven- en ondergrens van de oliebuis staat (zie afb. 2). - Vul motorolie bij tot aan de markering van de bovengrens als er te weinig motorolie in zit (het oliepeil is dicht bij de ondergrens) (zie afb. 3). - Het gebied tussen de markeringen op de buitenkant is doorzichtig zodat het oliepeil van buitenaf kan worden gecontroleerd zonder de olievuldop eraf te hoeven draaien. Echter, wanneer de oliebuis erg vuil is geworden, kan deze ondoorzichtig zijn en moet het oliepeil worden gecontroleerd aan de hand van de inwendige randen binnenin de oliebuis. - Ter informatie, na ongeveer iedere 10 bedrijfsuren moet olie worden bijgevuld (na iedere 10 keer brandstof bijvullen). Als de olie door vuil van kleur is veranderd, ververst u de vuile olie door nieuwe. (Raadpleeg pagina 111 voor informatie over de verversingsinterval en verversingsprocedure.) Aanbevolen olie: SAE 10W-30 olie van API-classicatie, SF-klasse of beter (4-taktmotorolie voor auto’s) Hoeveelheid olie: Ongeveer 0,08 liter OPMERKING: Als de motor niet horizontaal wordt gehouden, kan de olie binnenin de motor terechtkomen en te veel worden bijgevuld. Als de olie tot boven het bovenste merkteken wordt bijgevuld, kan de olie gemorst worden en vlam vatten waarbij witte rook vrijkomt. Tip 1 bij het verversen van de olie: “Olievuldop” - Verwijder stof of vuil rondom de olievulopening en draai de olievuldop eraf. - Zorg ervoor dat geen zand of stof op de olievuldop komt. Als dit toch gebeurt, kan het zand of stof dat aan de olievuldop kleeft leiden tot een onregelmatige oliecirculatie of slijtage van de motoronderdelen, waardoor storingen kunnen ontstaan. (2) Vul motorolie bij tot aan de markering van de bovengrens (zie afb. 3). Gebruik voor het bijvullen een oliees. (3) Draai de olievuldop stevig vast. Bij onvoldoende vastdraaien kan olie eruit lekken. Olievuldop Oiebuis Afb. 1 Afb. 2 Oliebuis Afb. 3 Inwendige rand (bovengrens) Markering op buitenkant (bovengrens) Markering op buitenkant (ondergrens) Inwendige rand (ondergrens) Vul motorolie bij tot aan de inwendige rand (bovengrens). Het gedeelte tussen de markeringen op de buitenkant voor de boven- en ondergrens is doorzichtig zodat u van buitenaf kunt controleren of het oliepeil tussen de markeringen staat. (1) Houd de motor horizontaal en draai de olievuldop eraf.
- Ververs de olie niet met de motor in een gekantelde positie.
- Als olie wordt bijgevuld terwijl de motor is gekanteld, kan te veel olie worden bijgevuld waardoor verontreiniging en/of witte rook wordt veroorzaakt. Tip 2 bij het verversen van de olie: “Olielekkage” - Als olie eruit lekt tussen de brandstoftank en het motorblok, wordt de olie via de koelluchtinlaatopening naar binnen gezogen waardoor de motor verontreinigd raakt. Veeg gelekte olie af voordat u met het werk begint. BRANDSTOF BIJVULLEN Omgaan met brandstof Het is noodzakelijk uiterst voorzichtig om te gaan met brandstof. Brandstof kan stoffen bevatten die ook in oplosmiddelen voorkomen. Het bijvullen van brandstof moet gebeuren in een vertrek met een voldoende goede ventilatie of in de open lucht. Adem nooit brandstofdampen in en houd afstand tot de brandstof. Als uw huid herhaaldelijk in aanraking komt met brandstof gedurende een lange tijd, wordt uw huid droog, waardoor een huidziekte of allergie kan ontstaan. Als brandstof in uw oog komt, spoelt u uw oog uit met schoon water. Als uw oog daarna blijft irriteren, raadpleegt u een dokter. Bewaartermijn van brandstof Brandstof dient binnen een periode van 4 weken te worden gebruikt, ook wanneer de brandstof wordt bewaard in een speciale jerrycan op een goed geventileerde en schaduwrijke plaats. Anders kan de brandstof binnen één dag verslechteren. OPSLAG VAN HET GEREEDSCHAP EN DE JERRYCAN - Bewaar het gereedschap en de jerrycan op een koele plaats uit direct zonlicht. - Bewaar brandstof nooit in een auto. Brandstof De motor is een viertaktmotor. Gebruik uitsluitend loodvrije benzine voor auto’s met een octaangehalte van 87 of hoger ((R+M)/2). De benzine mag niet meer dan 10% alcohol bevatten (E-10). Tips voor het omgaan met brandstof - Gebruik nooit mengsmering, waarin motorolie zit. Als u dat doet, zal buitensporige koolafzetting of mechanische storing optreden. - Als verslechterde olie wordt gebruikt, zal dat leiden tot onregelmatig starten. Brandstof bijvullen
WAARSCHUWING: STRENG VERBODEN VOOR ONTBRANDBARE MATERIALEN
- Draai de brandstofvuldop een klein stukje los en de druk in de brandstoftank af te laten. - Draai de brandstofvuldop eraf, vul brandstof bij en laat de lucht uit de brandstoftank stromen door de brandstoftank iets te kantelen zodat de brandstofvulopening recht omhoog wijst. (NIET bijvullen tot in de vulopening van de brandstoftank.) - Veeg rondom de brandstofvuldop goed schoon om te voorkomen dat vreemde stoffen in de brandstoftank kunnen vallen. - Na het bijvullen van brandstof draait u de brandstofvuldop weer stevig vast.
- Als enige onvolkomenheid of schade aan de brandstofvuldop wordt geconstateerd, moet deze worden vervangen.
- De brandstofvuldop is na verloop van tijd versleten. Vervang de brandstofvuldop iedere twee of drie jaar. Brandstoftank Bovengrens van brandstofpeil Brandstofvuldop105 - Bewaar altijd een veiligheidszone met een diameter van 15 meter rondom het werkgebied. Zorg ervoor dat iedereen (maar met name kinderen) en/of dieren buiten deze zone blijven. - Alvorens de stokheggenschaar te gebruiken, zorgt u ervoor dat het gereedschap op een veilige manier gebruiksklaar is. Controleer dat de messenbladen niet beschadigd zijn en dat de gashendel gemakkelijk werkt. Controleer dat de messenbladen niet bewegen wanneer de motor stationair draait. Als het gereedschap niet normaal werkt, neemt u contact op met uw dealer om de machine te laten afstellen. Zorg ervoor dat de handgrepen schoon en droog zijn, en test of de I-O-schakelaar goed werkt. Start de motor uitsluiten overeenkomstig de instructies beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Gebruik geen andere methode om de motor van de stokheggenschaar te starten. - Start de motor van de stokheggenschaar alleen nadat u de instructies hebt gelezen en volledig begrijpt. Probeer nooit de motor van een stokheggenschaar te starten als de stokheggenschaar niet volledig gemonteerd is. Anders kan ernstig letsel worden veroorzaakt. - Controleer voordat u de motor start dat de messenbladen niet worden gehinderd door stenen, takken of andere massieve voorwerpen. - Controleer het werkgebied op draad, snoer, glas en andere vreemde voorwerpen die verstrikt kunnen raken in de messenbladen. - Elektrische schokken: let op alle elektriciteitsleidingen in de omgeving. Alvorens de werkzaamheden te starten, controleert u het hele werkgebied op de aanwezigheid van elektriciteitsleidingen en elektrische afrasteringen. TIPS VOOR GEBRUIK EN PROCEDURE VOOR STOPPEN Volg de toepasselijke voorschriften voor ongevallenpreventie! STARTEN Houd ten minste 3 meter afstand tot de plaats waar brandstof is bijgevuld. Plaats de stokheggenschaar op een schoon stuk grond en zorg ervoor dat de messenbladen de grond of andere voorwerpen niet raken. A: Startprocedure bij koude motor
1) Plaats het gereedschap op een vlakke ondergrond.
Blijf op de brandstofhandpomp drukken tot de brandstof in de brandstofhandpomp stroomt. (Over het algemeen stroomt de brandstof in de brandstofhandpomp na 7 tot 10 keer duwen.) Als te vaak op de brandstofhandpomp wordt gedrukt, vloeit het overschot aan brandstof terug naar de brandstoftank. BEDRIJF Uit-vergrendelknop Laag toerental Hoog toerental (1) STOP Gashendel Brandstofhandpomp Carburateur VOORZORGSMAATREGELEN VÓÓR HET STARTEN VAN DE MOTOR106
4) Trekstartinrichting
Trek voorzichtig aan de trekstarthandgreep tot u weerstand voelt (compressiepunt). Laat de trekstarthandgreep terugtrekken en trek er vervolgens krachtig aan. Trek nooit door tot aan het einde van het trekstartkoord. Nadat aan de trekstarthandgreep is getrokken, mag u hem niet onmiddellijk loslaten. Houd de trekstarthandgreep vast tot het trekstartkoord is opgewonden in de trekstartinrichting.
Laat de motor gedurende 2 tot 3 minuten opwarmen. OPMERKING: In geval van een overmatige brandstoftoevoer, verwijdert u de bougie en trekt u langzaam aan de trekstarthandgreep om overtollige brandstof te verwijderen. Maak ook het elektrodengedeelte van de bougie droog. Voorzichtig tijdens gebruik: Als de gashendel volledig wordt ingeknepen tijdens onbelast bedrijf, neemt het motortoerental toe tot meer dan 10.000 toeren min
of meer. Laat de motor nooit draaien op een hoger toerental dan nodig is, maar met een toerental van 6.000 tot
B: Startprocedure bij warme motor
1) Blijf voorzichtig op de brandstofhandpomp drukken.
2) Laat de gashendel in de stand voor stationair draaien staan.
3) Trek krachtig aan de trekstarthandgreep.
4) Als de motor moeilijk te starten is, zet u de chokehendel ongeveer 1/3 open.
Let goed op want de messenbladen kunnen gaan bewegen. Op bepaalde momenten, bijvoorbeeld in de winter, wanneer de motor moeilijk gestart kan worden, bedient u de chokehendel middels de volgende procedure om de motor te kunnen starten.
- Nadat de stappen 1) tot en met 3) van de startprocedure zijn uitgevoerd, zet u de chokehendel in de stand DICHT.
- Voer stap 4) van de startprocedure uit en start de motor.
- Nadat de motor is gestart, zet u de chokehendel in de stand OPEN.
- Voer stap 5) van de startprocedure uit en voltooi het opwarmen. LET OP: Wanneer een dreun (geluid van een explosie) wordt gehoord en de motor afslaat, of de zojuist gestarte motor afslaat voordat de chokehendel wordt bediend, zet u de chokehendel terug in de stand OPEN, en trekt u weer enkele keren aan de trekstarthandgreep om de motor te starten. LET OP: Als de chokehendel in de stand DICHT blijft staan en alleen enkele keren aan de trekstarthandgreep wordt getrokken, wordt te veel brandstof aangezogen en zal de motor moeilijk te starten zijn. DICHT OPEN107 STOP
1) Laat de gashendel (2) volledig los en, nadat het motortoerental is afgenomen,
duw de I-O-schakelaar naar de stand STOP om de motor uit te schakelen.
2) Bedenk dat het snijgarnituur wellicht niet onmiddellijk stopt en laat het volledig
tot stilstand komen. HET LAAG TOERENTAL (VOOR STATIONAIR DRAAIEN) AFSTELLEN Als het nodig is het laag toerental (voor stationair draaien) af te stellen, doet u dit met behulp van de stelschroef op de carburateur.
HET LAAG TOERENTAL CONTROLEREN
- Stel het laag toerental in op 3.000 toeren per minuut (t/min). Als het nodig is het laag toerental af te stellen, draait u de stelschroef (rechts afgebeeld) met een kruiskopschroevendraaier. - Draai de stelschroef rechtsom om het motortoerental te verhogen. Draai de stelschroef linksom om het motortoerental te verlagen. - De carburator is over het algemeen goed afgesteld vóór aevering aan de klant. Mocht het toch nodig zijn deze opnieuw af te stellen, neemt u contact op met een erkend servicecentrum. Carburateur Stelschroef STOP (1) (2)108 15 m (50 ft) 15 m (50 ft) - Raak de messenbladen van de stokheggenschaar niet aan tijdens gebruik, of wanneer de motor draait. - Let er goed op geen uitlaatgassen in te ademen tijdens het werken met de stokheggenschaar. Gebruik de stokheggenschaar nooit in een gesloten vertrek of op een plaats met onvoldoende ventilatie (risico van verstikking en gasvergiftiging). Vergeet niet dat koolmonoxide een geurloos gas is, wat betekent dat het niet kan worden opgemerkt door het reukzintuig. - Draag altijd afdoende beschermende kleding voordat u de stokheggenschaar gaat gebruiken. - Zet de motor onmiddellijk uit als de uitlaatdemper niet naar behoren werkt. - Gebruik de stokheggenschaar alleen bij goede verlichting en zicht. - Bedien de stokheggenschaar niet in het donker of in de mist. Let in de winter op gladde en natte plekken (ijs en sneeuw) wegens gevaar voor uitglijden, en zorg er altijd voor dat u stevig staat. - Gebruik de stokheggenschaar nooit terwijl u op een onstabiele ondergrond of een steile helling staat. - Gebruik de stokheggenschaar nooit terwijl u op een ladder staat. - Klim nooit in een boom om de stokheggenschaar te gebruiken vanuit de boom. - Controleer continu het werkgebied op draad, snoer, glas en andere vreemde voorwerpen die verstrikt kunnen raken in de messenbladen. - Zorg ervoor dat de messenbladen snel bewegen voordat u begint te snoeien. - Pak de stokheggenschaar altijd met beide handen vast en houdt hem stevig vast terwijl u ermee werkt. - Om verzekerd te zijn van een optimale controle over de stokheggenschaar, buigt u altijd uw vingers strak rond de handgrepen (gebruik uw duim voor tegendruk) en houdt de handgrepen stevig vast. - Merk op dat de messenbladen nog maximaal twee seconden blijven bewegen nadat de gashendel is losgelaten. - Snoei niet met de stokheggenschaar op een laag motortoerental. - De bewegingssnelheid van de messenbladen kan niet goed worden ingesteld met de gashendel terwijl de motor op een laag toerental draait. - Om de bovenkant van een haag te snoeien, lijnt u eerst de messenbladen uit onder een hoek van 15° tot 30° in de snoeirichting en houdt u de stokheggenschaar in een horizontale stand. Begin vervolgens de haag te snoeien met een rondgaande beweging, alsof u horizontale cirkels tekent met de schacht van de stokheggenschaar. - Om de zijkant van een haag te snoeien, lijnt u de messenbladen uit zodat ze parallel zijn met het te snoeien oppervlak, en begint u te snoeien met halfronde (omlaag-omhoog) bewegingen. - Wees voorzichtig wanneer u een haag snoeit die dichtbij of tegen een draadafrastering staat. - Zorg ervoor dat de messenbladen geen harde voorwerpen raken, zoals een draadafrastering, een muur of de grond. Hierdoor kunnen de messenbladen barsten, schilferen of afbreken. - Gebruik de stokheggenschaar niet continu gedurende een lange tijd. Als vuistregel geldt: neem na iedere 50 minuten werken een pauze van 10 tot 20 minuten. - Als de messenbladen in aanraking komen met stenen of andere massieve voorwerpen, zet u de motor onmiddellijk uit en controleert u de messenbladen op beschadigingen. Vervang de messenbladen indien beschadigd. - Als de stokheggenschaar tijdens gebruik problemen vertoont (vreemd geluid, trillen, enz.), zet u de motor onmiddellijk uit. Gebruik het gereedschap niet meer tot het probleem is gevonden en verholpen. - Doe tijdens gebruik van de stokheggenschaar altijd uw uiterste best om de verontreiniging en geluidsproductie zo laag mogelijk te houden. Let met name goed op een juiste afstelling van de carburateur. - Als dikke takken klem zitten tussen de messenbladen, zet u de motor onmiddellijk uit, legt u het gereedschap op de grond en verwijdert u het obstakel. Controleer de messenbladen op beschadigingen voordat u het gereedschap weer gebruikt.
DE STOKHEGGENSCHAAR BEDIENEN109
- Alvorens enige onderhoudswerkzaamheden uit te voeren aan de stokheggenschaar (messenbladen schoonmaken, enz.), zet u altijd de motor uit en wacht u tot de motor is afgekoeld. Als extra veiligheidsmaatregel trekt u tevens de bougiekap eraf. - Probeer nooit verbogen of afgebroken messenbladen recht te buigen of te lassen. Beschadigde messenbladen moeten altijd worden vervangen. - Zet de motor regelmatig uit om de messenbladen te controleren op mogelijke beschadiging (voer een tik-resonantietest uit om moeilijk waarneembare haarscheurtjes te detecteren). Zorgt ervoor dat de tanden van de messenbladen altijd scherp zijn. - Maak de stokheggenschaar regelmatig schoon. Controleer tijdens het schoonmaken ook of alle bouten, moeren en schroeven goed vastzitten. - Om de kans op brand te verkleinen, mag u de stokheggenschaar nooit onderhouden of bewaren in de buurt van open vuur. - Draag altijd stevige veiligheidshandschoenen wanneer u de messenbladen hanteert. - Neem contact op met uw dealer voor vervangende messenbladen. - Gebruik voor het schoonmaken nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten. De messenbladen slijpen Als de messenbladen bot zijn geworden en de snoeiprestaties slecht zijn, laat u de messenbladen slijpen door een erkend servicecentrum. De speling tussen de messenbladen instellen De bovenste en onderste messenbladen slijten. Als schoon snoeien niet meer mogelijk is ondanks dat de messenbladen scherp genoeg zijn, stelt u de speling tussen de messenbladen als volgt in. De strakheid van de platbolkopbout bepaalt de speling van de messenbladen. De moer houdt de platbolkopbout met een bepaalde kracht vast. Een te losse speling veroorzaakt een stompe snede, maar een te strakke speling veroorzaakt onnodige warmte en sneller slijten van de messenbladen.
1. Draai de moer (1) los met een ring- of steeksleutel.
2. Draai de platbolkopbout (2) licht vast met een inbussleutel totdat hij stopt. Draai hem daarna tussen een kwart en een halve slag terug om de benodigde speling te verkrijgen.
3. Draai de moer (1) vast terwijl u de platbolkopbout (2) op zijn plaats houdt.
4. Breng lichte olie aan op de glijoppervlakken van de messenbladen.
5. Start de motor en knijp beurtelings de gashendel in en laat deze weer los gedurende een minuut.
6. Stop de motor en raak het oppervlak van de messenbladen aan. Als deze niet te heet zijn om aan te raken, is de afstelling correct. Als ze te heet zijn om aan te raken, draait u de platbolkopbout (2) een klein stukje terug en herhaalt u de stappen 5 tot en met 6. OPMERKING: Voordat u de afstelling maakt, zet u de motor uit en wacht u tot de messenbladen stilstaan. In de messenbladen zit een gleuf rondom de platbolkopbout (2). In het geval u stof ziet in het uiteinde van de gleuf, verwijdert u dit.
1 Zeskant-U-moer 2 Platbolkopbout 3 Platte ring 4 Messenbladgeleider 5 Bovenste messenblad 6 Onderste messenblad ONDERHOUD110 Smeervet bijvullen Belangrijk: Controleer of het oppervlak van het tandwielhuis volledig koud is voordat u smeert. - Het tandwielhuis van de stokheggenschaar moet elke 25 bedrijfsuren worden gesmeerd. De smeeropening zit onder de bout. Verwijder de bout om te kunnen smeren. Vul ongeveer 5 gram (7 cc) smeervet bij in de smeeropening. Plaats na het smeren de bout terug. (Enig smeervet zal uit de kop van het tandwielhuis komen (bij de voet van de messenbladen) wanneer de stokheggenschaar de eerstvolgende keer na het smeren wordt gestart. Gebruik dit als grove aanwijzing voor de hoeveelheid smeervet die moet worden bijgevuld.) LET OP: Houd u aan het smeerinterval en de hoeveelheid smeervet die moet worden bijgevuld. Mechanische onderdelen van de stokheggenschaar kunnen worden beschadigd als geen smeervet wordt bijgevuld na het voorgeschreven smeerinterval of als een onvoldoende hoeveelheid smeervet wordt bijgevuld. In het geval u de schacht losmaakt van de motor of het tandwielhuis, voert u tijdens het weer monteren de volgende stappen uit:
1. Verwijder vreemde voorwerpen vanaf de aandrijfas.
2. Breng smeervet aan op de aandrijfas.
Dagelijkse inspectie en onderhoud Om een lange levensduur van uw stokheggenschaar te garanderen, voert u dagelijks de volgende inspecties en onderhoudswerkzaamheden uit. - Voor gebruik:
- Controleer altijd op losse en ontbrekende onderdelen voordat u met de werkzaamheden begint. Let met name goed op de snijgarnituur en controleer of de borgbouten van de messenbladen goed zijn vastgedraaid.
- Controleer de koelluchtopeningen en de koelribben van de cilinder op verstopping voordat u met de werkzaamheden begint. Maak ze zo nodig schoon. - Na gebruik:
- Reinig de buitenkant van de stokheggenschaar en inspecteer op beschadigingen.
- Maak het luchtlter schoon. Als u in extreem stofge omstandigheden werkt, maakt u het lter meerdere keren per dag schoon.
- Controleer de messenbladen op beschadiging. Zorg ervoor dat de messenbladen stevig gemonteerd zijn.
- Als na het afstellen de messenbladen bij stationair toerental nog steeds bewegen, neemt u contact op met het dichtstbijzijnde, erkende servicecentrum. Smeeropening Aandrijfas111 Volg de onderstaande procedure om de motorolie te verversen.
1) Controleer of de brandstofvuldop stevig vastgedraaid is.
2) Plaats een grote opvangbak (pan, enz.) onder het aftapgat.
3) Verwijder de aftapbout en draai daarna de olievuldop eraf om de motorolie
af te tappen uit het aftapgat. Wees hierbij voorzichtig de pakkingring van de aftapbout niet kwijt te raken en de verwijderde onderdelen niet vuil te maken.
4) Nadat de motorolie is afgetapt, draait u de aftapbout met daarop de pakkingring
stevig vast, zodat deze niet kan losraken en gaan lekken.
- Gebruik een poetsdoek om de motorolie die aan de aftapbout en het gereedschap zit volledig af te vegen. Alternatieve methode voor het aftappen van de motorolie Draai de olievuldop eraf, kantel de stokheggenschaar in de richting van de olievulopening en tap de motorolie af. Vang de motorolie op in een opvangbak. MOTOROLIE VERVERSEN Verslechterde motorolie verkort sterk de levensduur van de draaiende delen van de motor. Controleer het verversingsinterval en de bijvulhoeveelheid. GEVAAR: Over het algemeen zijn de motor zelf en de motorolie heet kort nadat de motor is uitgeschakeld. Alvorens de motorolie te verversen, controleert u op de motor zelf en de motorolie voldoende zijn afgekoeld. Als u dit niet doet, bestaat de kans op verbranding. Wacht nadat de motor is uit gezet voldoende lang om de motorolie te laten terugstromen naar de olietank voor een nauwkeurige controle van het oliepeil. OPMERKING: Als de motorolie tot boven het bovenste merkteken wordt bijgevuld, kan de motorolie gemorst worden en vlam vatten waarbij witte rook vrijkomt. Verversingsinterval: Na de eerste 20 bedrijfsuren en vervolgens na iedere 50 bedrijfsuren. Aanbevolen olie: SAE 10W-30 olie van API-classicatie, SF-klasse of beter (4-taktmotorolie voor auto’s) Brandstofvuldop Olievuldop Olievuldop Aftapgat Pakkingring Aftapbout112
5) Plaats de motor horizontaal en vul geleidelijk nieuwe motorolie bij tot aan de
markering van de bovengrens.
6) Draai na het bijvullen de olievuldop stevig vast, zodat deze niet kan losraken en
gaan lekken. Als de olievuldop niet stevig wordt vastgedraaid, kan deze gaan lekken. Markering op buitenkant (bovengrens) Inwendige rand (bovengrens) Inwendige rand (ondergrens) Markering op buitenkant (ondergrens) Markering van bovengrens Motorolie
TIPS VOOR HET OMGAAN MET OLIE
- Gooi verbruikte motorolie nooit weg met het afval, op de grond, of in een rioolput. Het weggooien van olie is bij wet geregeld. Houd u bij het weggooien altijd aan de betreffende wetten en regelgeving. In het geval u hierover vragen heeft, neemt u contact op met een erkend servicecentrum. - Olie verslechtert, ook wanneer de olie niet wordt gebruikt. Controleer en ververs de olie regelmatig (ververs de olie iedere 6 maanden). Het luchtlter schoonmaken GEVAAR: Streng verboden voor ontvlambare materialen Controleer en reinig het luchtlter dagelijks of iedere 10 bedrijfsuren. - Zet met de chokehendel de choke helemaal dicht en houd de carburateur vrij van stof of vuil. - Draai de bevestigingsbout los. - Verwijder de luchtlterkap door aan de onderkant te trekken. - Verwijder de luchtlterelementen en tik ertegen om het vuil te verwijderen. - Als de luchtlterelementen zwaar verontreinigd zijn: Verwijder de luchtlterelementen, dompel ze in warm water of in een oplossing van een mild schoonmaakmiddel in water, en droog ze grondig. Knijp er niet in en wrijf er niet over tijdens het wassen. - Alvorens de luchtlterelementen terug te plaatsen, moeten deze grondig droog zijn. Als de luchtlterelementen onvoldoende droog worden teruggeplaatst, kan dat leiden tot moeilijk starten. - Veeg olie die rondom de luchtlterkap en de ontluchting zit af met een poetsdoek. - Plaats het luchtlterelement (spons) in het luchtlterelement (vilt). Plaats de luchtlterelementen zodanig in de achterplaat dat de spons aan de kant van de luchtlterkap zit. - Plaats de luchtlterkap onmiddellijk terug en zet hem vast met de bevestigingsbouten. (Plaats bij het monteren eerst de bovenrand en daarna de onderrand.) KENNISGEVING: - Reinig de luchtlterelementen meerdere keren per dag als onder extreem stofge omstandigheden wordt gewerkt. Vervuilde luchtlterelementen verlagen het motorvermogen en bemoeilijken het starten van de motor. - Verwijder de olie op de luchtlterelementen. Als u blijft doorwerken terwijl de luchtlterelementen vervuild zijn met olie, kan de olie buiten het luchtlter terechtkomen en tot milieuverontreiniging leiden. - Plaats de luchtlterelementen niet op de grond of op een vieze plaats. Er kan dan vuil of rommel aan blijven plakken waardoor de motor kan worden beschadigd. - Gebruik nooit brandstof om de luchtlterelementen te reinigen. Ze kunnen door de brandstof worden beschadigd. Luchtlterkap Luchtlterelement (spons) Achterplaat Chokehendel Ontluchting Luchtlterelement (vilt) Bevestigingsbout113
DE BOUGIE CONTROLEREN
- Gebruik alleen de bijgeleverde moersleutel om de bougie te verwijderen of te installeren. - De afstand tussen de twee elektroden van de bougie moet 0,7 tot 0,8 mm (0,028” - 0,032”) bedragen. Als de afstand te groot of te klein is, moet u deze aanpassen. Als de elektroden van de bougie verstopt of vervuild zijn, moet u deze grondig schoonmaken of de bougie vervangen. LET OP: Raak de bougiekap nooit aan terwijl de motor draait (gevaar van elektrische schok door hoogspanning). Het brandstoflter (de zuigkop in de brandstoftank) schoonmaken
WAARSCHUWING: STRENG VERBODEN VOOR ONTBRANDBARE
MATERIALEN Controleer en reinig het brandstoflter maandelijks of iedere 50 bedrijfsuren. Controleer het brandstoflter regelmatig. Volg de onderstaande stappen om het brandstoflter te controleren. (1) Verwijder de brandstofvuldop en tap de brandstof af totdat de brandstoftank leeg is. Controleer de binnenkant van de brandstoftank op eventuele vreemde stoffen. Als u iets vindt, verwijdert u dit. (2) Gebruik een draadhaak om de zuigkop uit de brandstofvulopening te trekken. (3) Als het brandstoflter enigszins verstopt is, reinigt u het. Om het te reinigen, schudt u het en tikt u ertegen in de brandstof. Om beschadiging te voorkomen, knijpt u er niet is en wrijft u er niet over. De brandstof die is gebruikt voor het reinigen moet worden weggegooid volgens de methode beschreven in de regelgeving van uw land. Als het brandstoflter hard of ernstig verstopt is, vervangt u het. (4) Na het controleren, reinigen of vervangen van het brandstoflter, duwt u het zo ver mogelijk omlaag tot onderin de brandstoftank. Een verstopt of beschadigd brandstoflter kan leiden tot onvoldoende brandstoftoevoer en minder motorvermogen. Vervang het brandstoflter ten minste iedere drie maanden om verzekerd te zijn van een goede brandstoftoevoer naar de carburateur. 0,7 mm - 0,8 mm (0,028” - 0,032”) Brandstoeiding Slangklem Brandstoflter De brandstoeiding vervangen LET OP: Streng verboden voor ontvlambare materialen Controleer en reinig de brandstoeiding dagelijks of iedere 10 bedrijfsuren. Vervang de brandstoeiding iedere 200 bedrijfsuren of ieder jaar, ongeacht de gebruiksfrequentie. Als u dat niet doet, kan brandstoekkage optreden waardoor brand kan worden veroorzaakt. Als u tijdens de controle een lekkage vindt, vervangt u de brandstoeiding onmiddellijk.
DE BOUTEN, MOEREN EN SCHROEVEN INSPECTEREN
- Draai losse bouten, moeren, enz., weer vast. - Controleer op brandstof- en olielekkage. - Vervang beschadigde onderdelen door nieuwe voor een veilig gebruik.
DE ONDERDELEN REINIGEN
- Houd de motor schoon door deze af te vegen met een poetsdoek. - Houd de koelribben van de cilinder vrij van stof en vuil. Stof en vuil dat zich tussen de koelribben ophoopt, zal leiden tot het vastlopen van de zuiger.
DE AFDICHTINGEN EN PAKKINGEN VERVANGEN
Vervang de pakkingen en afdichtingen als de motor gedemonteerd is. Voor alle onderhoudswerkzaamheden en afstellingen die niet in deze handleiding worden beschreven, neemt u contact op met u uw plaatselijk, erkend DOLMAR- servicecentrum. Brandstoeiding114 - Tap de brandstof af uit de brandstoftank en carburateur aan de hand van de volgende procedure:
1) Draai de brandstofvuldop eraf en tap de brandstof volledig af.
Als vreemd materiaal is achtergebleven in de brandstoftank, verwijdert u dit volledig.
2) Trek met behulp van een draadhaak het brandstoflter uit de
4) Plaats het brandstoflter terug in de brandstoftank en draai de brandstofvuldop
5) Laat de motor vervolgens draaien tot deze afslaat.
- Verwijder de bougie en breng enkele druppels motorolie via het bougiegat in de cilinder. - Trek voorzichtig aan de trekstarthandgreep zodat de motorolie zich door de motor verspreidt, en monteer daarna de bougie weer. - Bevestig de beschermkap op de messenbladen. - Tijdens opslag moet de schacht horizontaal liggen of het gereedschap verticaal geplaatst worden met de messenbladen omhoog gericht. (Let er in dat geval goed op dat het gereedschap niet kan omvallen.) - Bewaar het gereedschap nooit met de messenbladen omlaag gericht. De smeerolie kan er dan uitvloeien. - Bewaar de afgetapte brandstof in een speciale jerrycan op een goed geventileerde plaats in de schaduw. WAARSCHUWING: Voordat u begint met het aftappen van de brandstof, zet u de motor uit en wacht u totdat de motor is afgekoeld. Als u dat niet doet kan dat leiden tot brandwonden of brand. LET OP: Als u het gereedschap gedurende een lange tijd opbergt, tapt u alle brandstof af uit de brandstoftank en carburateur, en bergt u hem op een droge en schone plaats op. OPSLAG Brandstof aftappen Vocht115 Aandachtspunt na langdurige opslag - Alvorens de motor na langdurige stilstand opnieuw te starten, moet de olie worden ververst (zie pag. 111). De olie verslechtert terwijl het gereedschap niet in gebruik is. Bedrijfsuren Item Vóór gebruik Dagelijks (10 uur) 25 uur 50 uur 200 uur Uitschakelen/ opslag Raadpleeg pagina Motorolie Inspecteren/ reinigen
Vastdraaien (bouten, moeren, enz.) Inspecteren
Koelluchtinlaatkanaal Reinigen/ inspecteren
Smeervet in tandwielhuis Bijvullen
Afstand tussen luchtinlaatklep en luchtuitlaatklep Afstellen
*1 Eerste keer verversen na 20 bedrijfsuren. *2 Vraag een erkend servicecentrum of een machinewerkplaats om de inspectie na 200 bedrijfsuren uit te voeren. *3 Na het aftappen van de brandstoftank, laat u de motor draaien om de brandstof in de carburateur op te gebruiken.116 Alvorens een verzoek voor reparatie in te dienen, controleer u de storing zelf aan de hand van de onderstaande tabel. Als een probleem is gevonden, repareert u het gereedschap aan de hand van de beschrijvingen in deze gebruiksaanwijzing. Probeer nooit enig onderdeel te demonteren of repareren in strijd met de beschrijvingen. Voor reparatie neemt u contact op met een erkend servicecentrum of uw plaatselijke dealer. Probleemomschrijving Mogelijke oorzaak (storing) Oplossing Motor start niet. De brandstofhandpomp werd niet ingedrukt. Druk deze 7 tot 10 keer in. Te zwak trekken aan de trekstarthandgreep. Trek krachtig. Gebrek aan brandstof. Vul brandstof bij. Verstopt brandstoflter. Reinig. Gebroken brandstoeiding. Repareer de brandstoeiding. Verslechterde brandstof. De verslechterde brandstof bemoeilijkt het starten. Vervang de brandstof door nieuwe. (Aanbevolen vervangingsinterval: 1 maand.) Buitensporige toevoer van brandstof. Verander de stand van de gashendel van middelhoog toerental naar hoog toerental en trek aan de trekstarthandgreep tot de motor start. Nadat de motor is gestart, beginnen de messenbladen te bewegen. Let goed op de messenbladen. Als de motor nog steeds niet start, draait u de bougie eruit, maakt u de elektroden droog, en monteert u de bougie weer. Start vervolgens zoals beschreven. Bougiekap ligt eraf. Bevestig stevig. Vervuilde bougie. Reinig. Verkeerde elektrodenafstand van bougie. Stel de elektrodenafstand af. Ander probleem met de bougie. Vervang. Probleem met de carburateur. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Trekstarthandgreep kan niet worden uitgetrokken. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Probleem met aandrijving. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Motor slaat snel af. Motortoerental neemt niet toe. Onvoldoende opgewarmd. Warm de motor op. De chokehendel staat in de stand “
ondanks dat de motor opgewarmd is. Zet in de stand “ ” Verstopt brandstoflter. Reinig of vervang. Vervuild of verstopt luchtlter. Reinig. Probleem met de carburateur. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Probleem met aandrijving. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Messenbladen bewegen niet Motor slaat onmiddellijk af Bevestigingsmoer van messenbladen zit los. Draai goed vast. Takjes zijn rond de messenbladen gewikkeld. Verwijder vreemde voorwerpen. Probleem met aandrijving. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Motor trilt abnormaal sterk Motor slaat onmiddellijk af Messenbladen zijn gebroken, verbogen of versleten. Vervang de messenbladen. Bevestigingsmoer van messenbladen zit los. Draai goed vast. Probleem met aandrijving. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Messenbladen stoppen niet onmiddellijk Motor slaat onmiddellijk af Hoog stationair toerental. Stel af. Gaskabel losgeraakt. Bevestig stevig. Probleem met aandrijving. Dien een verzoek in voor inspectie en onderhoud. Motor slaat niet af Laat de motor stationair draaien en zet de chokehendel in de stand “
SimpelGids