Sygonix PYO-813 - Intercom

PYO-813 - Intercom Sygonix - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PYO-813 Sygonix in PDF-formaat.

📄 88 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Sygonix PYO-813 - page 66
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL

Gebruikersvragen over PYO-813 Sygonix

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Intercom in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PYO-813 - Sygonix en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PYO-813 van het merk Sygonix.

GEBRUIKSAANWIJZING PYO-813 Sygonix

Geachte klant, Hartelijk dank voor de aanschaf van dit product. Dit product voldoet aan de wettelijke nationale en Europese voorschriften. Volg de instructies van de gebruiksaanwijzing op om deze status van het apparaat te handhaven en een ongevaarlijke werking te garanderen! Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product. Deze bevat belangrijke instructies voor de ingebruikname en bediening. Let hierop, ook wanneer u dit product aan derden doorgeeft. Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig voor toekomstige referentie! Alle vermelde bedrijfs- en productnamen zijn handelsmerken van de respectievelijke eigenaren. Alle rechten voor- behouden. Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk. Voor meer informative kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be.

2. Verklaring van symbolen

Het symbool met de bliksemschicht in een driehoek geeft aan wanneer er gevaar bestaat voor uw gezond- heid, bijv. door een elektrische schok. Het symbool met het uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke aanwijzingen in deze gebruiksaan- wijzing die in ieder geval moeten worden opgevolgd. Het pijl-symbool wijst op speciale tips en aanwijzingen voor de bediening van het product.67

3. Voorgeschreven gebruik

Het product is geschikt voor toegangsbewaking, b.v. in het persoonlijke woonbereik. Met behulp van een camera en een luidspreker/microfoon in de buiteneenheid (voor gebruik bij duisternis zijn 6 witte LED‘s geïntegreerd) en een kleurenmonitor in de binneneenheid kan worden gecontroleerd, wie voor de deur staat. Als de bezoeker gewenst is, dan kunt u de deuropener activeren om de bezoeker binnen te laten. Als bijzonderheid kunnen, indien nodig, twee deuropeners aan de buiteneenheid worden aangesloten, vb. voor de huisdeur en voor de ingangs-/tuindeur tot het terrein. Beide deuropeners kunnen afzonderlijk worden geactiveerd. Het is ook mogelijk om twee binnen- en twee buiteneenheden met elkaar te verbinden en zo twee toegangen te bawaken en de overeenkomstige deuren te openen. De stroomverzorging wordt met behulp van een meegeleverde stekkeradapter uitgevoerd; de verbinding tussen bui- ten- en binneneenheid met een twee-aderige kabel. De veiligheidsvoorschriften dienen absoluut in acht te worden genomen! Een andere toepassing dan hierboven beschreven kan leiden tot beschadiging van het product. Daarnaast bestaat het risico van bijv. kortsluiting, brand of een elektrische schok. Het totale product mag niet worden gewijzigd resp. omgebouwd! Dit product voldoet aan de voorwaarden van de nationale en Europese wetgeving. Alle vermelde bedrijfs- en product- namen zijn handelsmerken van de respectievelijke eigenaren. Alle rechten voorbehouden.

  • Wandhouder voor binneneenheid (evt. bij levering reeds aan de achterkant van de binneneenheid voorgemonteerd)
  • Gebruiksaanwijzing Actuele gebruiksaanwijzingen Download de meest recente gebruiksaanwijzing via de link www.conrad.com/downloads of scan de afgebeelde QR-Code. Volg de instructies op de website.68

5. Veiligheidsinstructies

Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van deze gebruiksaanwijzing, vervalt het recht op garantie! Voor gevolgschade die hieruit ontstaat, zijn wij niet aansprakelijk! Voor materiële of persoonlijke schade, die door ondeskundig gebruik of niet inachtname van de veiligheidsvoorschriften veroorzaakt worden zijn wij niet aansprakelijk. In zulke gevallen vervalt de garantie! a) Algemeen

  • Om veiligheids- en keuringsredenen is het eigenmachtig ombouwen en/of veranderen van het toestel niet toegestaan.
  • Dit product is geen speelgoed: houd het daarom buiten bereik van kinderen!
  • Behandel het product voorzichtig, door stoten, schokken of een val - zelfs van geringe hoogte - kan het beschadigen.
  • Als u beschadigingen aan het product vaststelt, gebruik dan het product niet langer, maar breng het naar een vakwerkplaats of voer het milieuvriendelijk af.
  • U mag ervan uitgaan dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is indien: - het product zichtbaar is beschadigd - het apparaat niet meer functioneert - het product onder ongunstige omstandigheden is opgeslagen - wanneer er zware transportbelasting is opgetreden
  • Wanneer het product van een koude naar een warme ruimte wordt gebracht (b.v. bij transport), kan condenswater ontstaan. Laat het product daarom eerst op kamertemperatuur komen, voordat u het met de netspanning verbindt. Dit kan soms meerdere uren duren. Bij vochtigheid op een stekkeradapter bestaat levensgevaar door elektrische schok!
  • Laat het verpakkingsmateriaal niet rondslingeren. Dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn.
  • In commerciële omgevingen dienen de Arbo-voorschriften ter voorkoming van ongevallen met betrek- king tot elektrische installaties en bedrijfsmiddelen te worden opgevolgd!
  • Wanneer u vragen heeft, die niet in deze gebruiksaanwijzing worden beantwoord, kunt u contact opne- men met onze technische helpdesk of een andere deskundige.69 b) Netadapter
  • De opbouw van de stekkeradapter voldoet aan beschermingsklasse II.
  • Sluit de stekkeradapters uitsluitend aan een standaard contactdoos van het openbaar stroomnet aan.
  • Er dient zich een stopcontact voor de stekkeradapter in de buurt van de binneneenheid te bevinden en gemakkelijk bereikbaar te zijn.
  • De stekkeradapter is enkel geschikt voor een gebruik in droge en gesloten binnenruimtes. Het mag nooit vochtig of nat worden. Er bestaat het levensgevaar door een elektrische schok!
  • Trek de stekkeradapter nooit aan het snoer uit de contactdoos.
  • Bescherm de kabel van de stekkeradapters tegen scherpe randen, stap er nooit op.
  • Wanneer het stekkeradapter tekenen van schade vertoont, mag u het niet beetpakken, er bestaat le- vensgevaar door elektrische schok! Schakel eerst de netspanning naar de contactdoos aan alle polen, die is aangesloten op de stekke- radapter, af (bv. bijbehorende beveiligingsautomatisme uitschakelen of zekering eruit draaien, vervol- gens de bijhorende aardlekschakelaar uitschakelen). Trek pas daarna de stekkeradapter uit de contactdoos. Vervang de beschadigde stekkeradapter door een identiek nieuw exemplaar. c) Binneneenheid
  • De binneneenheid is alleen geschikt voor droge, gesloten binnenruimtes. U mag hem niet blootstellen aan direct zonlicht, hitte, koude, stof, vuil, vochtigheid of nattigheid, anders raakt hij beschadigd.
  • U mag de ventilatieopeningen aan de achterzijde nooit afdekken.
  • Druk niet op het oppervlak van het scherm. Dit leidt niet alleen tot krassporen, maar het scherm kan breken en daardoor permanent worden beschadigd. Verlies van garantie! d) Buiteneenheid
  • De buiteneeheid is geschikt voor gebruik binnen- en buitenshuis (IPX4). Hij mag echter nooit in of onder water worden gebruikt aangezien hij hierdoor wordt vernietigd.
  • Monteer de buiteneenheid buiten onder een dakoverstek (vb. een afdak).
  • Zorg dat de aansluitkabel niet afgekneld, gebogen of door scherpe randen beschadigd wordt.
  • Monteer de buiteneenheid zo dat de ingebouwde camera niet direct in de richting van een felle lichtbron (vb. zon of schijnwerper) is gericht. Dit leidt niet alleen tot een overstuurd en onbruikbaar beeld, maar kan bij permanente inwerking ook leiden tot schade van de beeldsensor.
  • Let voor de montage van de buiteneenheid op de evt. geldende voorschriften of het bereik van de camera of de opstelling in een bepaalde omgeving toegelaten is.70

6. Bedieningselementen en aansluitingen

a) Binneneenheid 1 Kleurenmonitor 2 Toets „ “ 3 Toets „ “ 4 Toets „ “ 5 Toets „ “ 6 Toets „ “ 7 Toets „ “ 8 Toets „ “ 9 Insteltoets van het volume 10 Schroeven ter bevestiging van de binneneenheid naar het wandschillderij 11 Microfoon 12 Schroefklemmen 13 DIP-schakelaar voor master/slave 14 Wandhouder 15 Luidspreker71 b) Buiteneenheid 16 Witte LED‘s (worden bij lage omgevingshelderheid automatisch geacti- veerd) 17 Cameralens 18 Luidspreker 19 Bevestigingsschroeven voor de frontplaat 20 Belknop met naamplaatje 21 Microfoon Na het verwijderen van de frontplaat (beide schroeven (19) uitdraaien, vervolgens de frontplaat afnemen), krijgt u toegang tot de volgende bedieningselementen/aansluitingen: 22 Draairegelaar voor instelling van het volume via de luidspreker van de buiteneenheid 23 Draairegelaar voor de instelling van de microfoon-gevoeligheid 24 Schroefklemmen 25 Ringtoetsen 26 Kabeldoorvoering (met rubberen dichting)72

a) Algemeen De buiteneenheid moet op een beschutte plaats, vb. naast de huisdeur worden gemonteerd (vb. onder een afdak) zodat de bezoeker er rechtstreeks voor staat wanneer hij op de beltoets drukt. De camera moet op een hoogte van ongeveer 150 cm worden gemonteerd, afhankelijk van de omgevingsomstandigheden op de montageplaats. De binneneenheid is uitsluitend geschikt voor montage in een droge, gesloten binnenruimte, vb. binnen in de hall. Hier moet de montagehoogte ongeveer 140 cm bedragen. Tussen buiten- en binneneenheid moet een twee-aderige kabel (niet inbegrepen) worden gelegd. Hoe groter de afstand tussen buiten- en binneneenheid, hoe groter de kabeldiameter moet zijn. Anders kan dit ertoe leiden dat de buiteneenheid niet meer werkt. Kabellengte tot 50 m: Diameter 1 mm² Kabellengte tot 100 m: Diameter 1,5 mm² Als twee binneneenheden met elkaar worden verbonden, moet een kabel met een diameter van 1,5 mm² worden gebruikt (kabellengte tot 20 m). Een deuropener (vb. voor de huisdeur) en ook een deuropener (vb. voor een toegangsdeur tot het domein) kan rechtstreeks aan de buiteneenheid worden aangesloten. Test de videointercom eerst op de gewenste montageplaats, vóórdat u de gaten voor de vaste montage boort. Voor deze test moet ook dezelfde kabel in de overeenkomstige lengte worden gebruikt die u later voor de verbinding van buiten- en binneneenheid gebruikt. Monteer de buiten- en binneneenheid uitsluitend op een stabiel oppervlak, maar niet op een metalen op- pervlak of in de buurt van andere elektrische/elektronische apparaten. Let op dat u bij het boren of vastschroeven geen kabels of leidingen beschadigt! Hetzelfde geldt voor het leggen van de aansluit-/verbindingskabel en de daarbij evt. noodzakelijke werkzaamheden aan de muur. Leg de verbindingskabel tussen buiten- en binneneenheid niet direct naast andere stroomkabels of leidin- gen, leg ze ook niet op resp. in de buurt van metalen oppervlakken. Hierdoor kan de overdracht negatief worden beïnvloed.73 b) Aansluitingsschema A (buiteneenheid + binneneenheid) De binneneenheid (A) en buiteneenheid (B) wordt, zoals hierboven afgebeeld, via een twee-aderige kabel verbonden. De stroomvoorziening geschiedt via de meegeleverde stekkeradapter (C). Beide kleine DIP-schakelaars (zie afbeelding in hoofdstuk 6 a), positie 13) op de achterzijde van de bin- neneenheid (A) moeten zich in de bovenste stand bevinden. Een deuropener (E) kan rechtstreeks worden aangesloten aangezien de buiteneenheid de bedrijfsspanning naar beide aansluitklemmen „D/O“ rechtstreeks ter beschikking stelt. De aansluitklemmen „GATE“ daarentegen zijn potentiaalvrij. Als hier een bijkomende deuropener vb. voor een toe- gangsdeur (D) naar het domein wordt aangesloten, moet u de bedrijfsspanning met een externe stekkeradapter ter beschikking stellen. Let hierbij zeker op de contactbelastbaarheid van het relais voor de aansluitklemmen „GATE“ in de buiten- eenheid (zie hoofdstuk „Technische gegevens“). Schakel de netspanning nooit via de aansluitklemmen „GATE“ aan! Er bestaat het levensgevaar door een elektrische schok!74 c) Aansluitingsschema B (twee buiteneenheden + twee binneneenheden)75 De variant met telkens twee buiten- en binneneenheden kan bijvoorbeeld worden gebruikt, wanneer uw huis twee ingangen heeft. Binneneenheid 1 (A) en binneneenheid 2 (B) zijn via overeenkomstige leidingen met elkaar verbonden, zoals weer- gegeven in het aansluitschema. De stroomvoorziening gebeurt via een stekkeradapter (C). Beide kleine DIP-schakelaars (zie afbeelding in hoofdstuk 6 a, positie 13) op de achterzijde van beide bin- neneenheden moeten overeenkomstig worden ingesteld. Binneneenheid 1 (A): Bovenste stand (= „master“) Binneneenheid 2 (B): Onderste stand (= „slave“) Aan elk van beide buiteneenheden (D en G) kan telkens een deuropener (F en I) rechtstreeks worden aangesloten (bedrijfsspanning 12 V) aangezien de buiteneenheden de bedrijfsspanning naar beide aansluitklemmen „D/O“ recht- streeks ter beschikking stellen. De aansluitklemmen „GATE“ daarentegen zijn potentiaalvrij. Als hier een bijkomende deuropener vb. voor een toe- gangsdeur (E en H) naar het domein wordt aangesloten, moet u de bedrijfsspanning met een externe stekkeradapter ter beschikking stellen. Let hierbij zeker op de contactbelastbaarheid van het relais voor de aansluitklemmen „GATE“ in de buiten- eenheid (zie hoofdstuk „Technische gegevens“). Schakel de netspanning nooit via de aansluitklemmen „GATE“ aan! Er bestaat het levensgevaar door een elektrische schok!76 d) Montage van de buiteneenheid

  • Draai eerst met een kruiskopschroevendraaier de twee bevestigingsschroeven (19) voor de frontplaat uit, zie af- beelding „A“.
  • Druk voorzichtig met een platte schroeendraaier in beide openingen, zie afbeelding „B“. Hierbij wordt de klemhou- der van de frontplaat losgemaakt. Klap dan de frontplaat een stukje naar boven (C) en neem deze af.
  • Voer de aansluitkabel door de rubberpakking (26).
  • Bevestig de buiteneenheid met twee geschikte schroeven en evt. pluggen aan de wand. De camera moet daarbij zoals in de afbeelding bovenop liggen.77 Zorg er bij het boren of vastschroeven voor, dat er geen kabels of leidingen beschadigd worden. Op de plaats waar de kabel uit de muur komt, moet u voor een geschikte afdichting letten zodat langs de wandaopendwater(vb.bijregen)nietlangsdekabelindemuurkanlopen.Gebruikvoordeafdichting een beetje silicone.
  • Sluit de kabels aan, zoals in het aansluitschema in hoofdstuk 6. b) of 6. c). Let daarbij op de correcte polariteit voor de klemmen „C+“ en „C-“, aangezien anders zowel de binnen- als buiteneenheid beschadigd wordt. Verlies van waarborg/garantie! Bij traditionele deuropeners daarentegen heeft de polariteit geen belang. U moet opletten dat aan de schroefklemmen „D/O“ een deuropener (bedrijfsspanning 12 V) rechtstreeks kan worden aangesloten. Een externe beschakeling is niet noodzakelijk. De schroefklemmen „GATE“ daarentegen zijn potentiaalvrij. Hier wordt alleen een intern relais geschakeld (contactbelastbaarheid, zie hoofdstuk „Technische gegevens“).
  • De afstelling van de camera kan worden ingesteld. Hiervoor kunt u de ronde camerabehuizing voorzichtig naar links, rechts, boven of onder bewegen.
  • Met draairegelaar (22) kan later het volume via de luidspreker worden ingesteld (naar links tegen de richting van de wijzers van de klok = zachter, naar rechts in de richting van de wijzers van de klok = luider). Bij de eerste inge- bruikname mag u de draairegelaar niet verplaatsen.
  • Met draairegelaar (23) kan de microfoongevoeligheid en zo onrechtstreeks ook het volume van de binneneen- heid worden ingesteld (naar links tegen de richting van de wijzers van de klok = gevoeligheid verminderen, naar rechts in de richting van de wijzers van de klok = gevoeligheid verhogen). Bij de eerste ingebruikname mag u de draairegelaar niet verplaatsen.
  • Plaats de frontplaat terug en druk hem voorzichtig in de klemhouder zodat de onderkant van de frontplaat precies met de onderste kunststof rand aansluit.
  • Bevestig de frontplaat met de twee aan het begin verwijderde schroeven (19). Let daarbij op dat u de rechterschroef niet per ongeluk in de met „mic“ aangeduide opening voor de micro- foon draait! Verlies van waarborg/garantie!
  • Als bescherming tegen vocht moet u aan het onderste uiteinde van de buiteneenheid tussen het aluminium kader endemuureenbeetjesiliconeaanbrengen.Zovoorkomtudatlangsdewandaopendwaterlangsdekabelin de buiteneenheid loopt.78 e) Naamplaatje beschrijven
  • Om het naamplaatje te beschrijven moet het transparente kunststof deksel worden afgenomen. Dit is alleen vastgeklikt. Hef het kunststof deksel met een vlakke schroevendraaier voor- zichtig op door de schroevendraaier in de gleuf tussen deksel en frontplaat te steken.
  • Beschrijf het naamplaatje met een wateronoplosbare stift of maak met een laserprinter uw eigen plaatje (53 x 28 mm).
  • Leg het naamplaatje in het kunststof deksel en klik het opnieuw vast.79 f) Montage van de binneneenheid
  • Draai eerst met een kruiskopschroevendraaier de twee bevestigings- schroeven (10) voor de wandhouder uit.
  • Neem dan de wandhouder (14) van de achterkant van de binneneenheid af. Wees aandachtig voor de oriëntering.
  • Voer de aansluitkabel door de opening van de wandhouder (14).
  • Bevestig de wandhouder met vier schroeven en evt. pluggen aan de wand. Let op de correcte oriëntering van de wandhouder, zie afbeelding rechts. Zorg er bij het boren of vastschroeven voor, dat er geen kabels of leidingen beschadigd worden.
  • Sluit de kabels aan, zoals in het aansluitschema in hoofdstuk 6. b) of 6. c). Let daarbij op de correcte polariteit aangezien anders zowel de binnen- als buiteneenheid beschadigd wordt. Verlies van waarborg/garantie!
  • Plaats de binneneenheid op de wandhouder en bevestig deze met de twee in het begin verwijderde schroeven (10).80

8. Ingebruikneming en bediening

Wanneer u de binnen- en buiteneenheid om testredenen naast elkaar heeft gelegd, let dan op, dat hierbij luide terugkoppelgeluiden door de microfoon en de luidspreker geproduceerd kunnen worden. Dit gedrag is normaal. Behoud gewoon enkele meter afstand tussen buiten- en binneneenheid om bij de test dergelijke terug- koppelingsgeluiden te vermijden. Anders kleeft u op de microfoonopeningen tijdelijk meerdere stukken isolatieband over elkaar. Steek de meegeleverde stekkeradapter in een standaard stopcontact. De LED‘s voor de sensortoetsen op de binneneenheid en de LED‘s voor de verlichting van de beltoets lichten op, de videointercom is daarop bedrijfsgereed. Wanneer de LED‘s niet oplichten, trekt u de stekkeradapter onmiddellijk uit het stopcontact en controleert u de bekabeling. a) Bezoeker belt aan de buitenunit

  • Wanneer een bezoeker de beltoets op de buiteneenheid ingedrukt heeft, wordt de stand-bymodus beëindigd en schakelt de camera in de buiteneenheid zichzelf aan (afhankelijk van de omgevingshelderheid lichten de witte LED‘s op). Het camerabeeld verschijnt op de monitor van de binneneenheid. Bovendien weerklinkt een belmelodie uit de luidspreker van de buiten- en binneneenheid. De belmelodie wordt na 15 seconden automatisch beëindigt; het beeld op de monitor van de binneneen- heid dooft na 30 seconden uit wanneer u niet met de bezoeker wenst te praten. Vervolgens schakelt de videointercom terug naar de stand-bymodus.
  • Druk de toets „ “ (2), om met de bezoeker te praten. Buiten- en binneneenheden blijven hierbij gedurende ongeveer 80 seconden geactiveerd voor u automa- tisch naar de stand-bymodus terugkeert.
  • Druk de toets „ “ (3) om de deuropener te activeren. Als de deuropener wordt geactiveerd, die vb. de toegangsdeur opent, drukt u op de toets „ “ (5). Zowel het scherm als de LED‘s in de buiteneenheid doven enkele seconden uit wanneer u een van beide deuropeners activeert. De tijdsduur voor de activering van de deuropener bedraagt 3 seconden (niet wjizigbaar). Als u twee buiteneenheden heft, wordt de deuropener geactiveerd die aan de buiteneenheid is aangeslo- ten en waarvan het camerabeeld te zien is.
  • Als het gesprek moet worden beëindigd, drukt u op de toets „ “ (2). Het scherm van de binneneenheid dooft uit, de videointercom bevindt zich opnieuw in de stand-bymodus.
  • Als het gesprek voortijd werd beëindigd (vb. omdat de videointercom na 80 seconden automatisch naar de stand- bymodus is teruggekeerd) en u wilt het gesprek verder zetten, dan drukt u kort op de toets „ “ (4) en vervolgens op de toets „ “ (2). Buiten- en binneneenheden blijven hierbij gedurende ongeveer 80 seconden geactiveerd voor u automa- tisch naar de stand-bymodus terugkeert.81 b) Buiteneenheid vanaf de binneneenheid activeren
  • Druk kort op de toets „ “ (4) en het camerabeeld verschijnt. Als u twee buiteneenheden hebt, drukt u nogmaals op de toets „ “ (4) om naar de andere buiteneenheid om te schakelen. Als u maar een buiteneenheid hebt aangesloten en de toets wordt meermaals ingedrukt, dan kan het gebeuren dat gedurende een paar seconden een zwart beeld verschijnt en er een ruis in de luidspreker hoorbaar is voor er opnieuw naar de andere buiteneenheid wordt overgeschakeld.
  • Druk de toets „ “ (2), om met de bezoeker te praten.
  • Druk de toets „ “ (3) om de deuropener te activeren. Als de deuropener wordt geactiveerd, die vb. de toegangsdeur opent, drukt u op de toets „ “ (5). Zowel het scherm als de LED‘s in de buiteneenheid doven enkele seconden uit wanneer u een van beide deuropeners activeert. De tijdsduur voor de activering van de deuropener bedraagt 3 seconden (niet wjizigbaar). Als u twee buiteneenheden heft, wordt de deuropener geactiveerd die aan de buiteneenheid is aangeslo- ten en waarvan het camerabeeld te zien is.
  • Als het gesprek moet worden beëindigd, drukt u op de toets „ “ (2). Het scherm van de binneneenheid dooft uit, de videointercom bevindt zich opnieuw in de stand-bymodus. Buiten- en binneneenheden blijven gedurende ongeveer 80 seconden geactiveerd voor u naar de stand- bymodus terugkeert.
  • Als het gesprek per ongeluk werd beëindigd en u wilt het opnieuw starten, dan drukt u kort op de toets „ “ (4) en vervolgens op de toets „ “ (2). c) Gesprek tussen twee binneneenheden voeren Dit is uitsluitend mogelijk wanneer u twee binneneenheden gebruikt, zie hoofdstuk 7. c). Bovendien moeten de twee binneneenheden zich in de stand-bymodus bevinden en mag er geen gesprek met een van de andere buiteneenheden worden gevoerd.
  • Druk op de toets „ “ (2). Aan de binneneenheden weerklinkt een speciale belmelodie.
  • Druk op de toets „ “ (2) om de oproep te beantwoorden. Nu is er een gesprek tussen de binneneenheden mogelijk. Beide binneneenheden blijven hierbij gedurende ongeveer 150 seconden geactiveerd voor ze naar de stand-bymodus terugkeren.
  • Beëindig het gesprek door op de toets „ “ (2) te drukken. d) Deuropener indrukken Het activeren van een deuropener is alleen mogelijk wanneer een camerabeeld op de monitor wordt weer- gegeven. Ga te werk zoals beschreven in hoofdstuk 8. b.82 e) Belmelodie wijzigen Een wijziging van de belmelodie is alleen mogelijk wanneer de videointercom zich in de stand-bymodus bevindt, er mag geen gesprek met een van de buiteneenheden worden gevoerd.
  • Druk op de toets „ “ (3) en de huidige belmelodie wordt afgespeeld.
  • Selecteer met de toets „ “ (4) uit 4 verschillende belmelodieën.
  • Bevestig de gekozen belmelodie met de toets „ “ (3). f) Instellingen voor kleurenmonitor wijzigen De oproep voor de instelmenu‘s is uitsluitend mogelijk wanneer er een beeld op de kleurenmonitor wordt weergegeven. Druk hiervoor bijvoorbeeld op de toets „ “ (4).
  • Wanneer het camerabeeld op het beeldscherm van de binneneenheid zichtbaar is, drukt u op de toets „ “ (6) om het instelmenu op te roepen.
  • Wijzig met de toets „ “ (6) tussen: „Brightness“: Helderheid instellen „Contrast“: Contrast instellen „Color“: Kleur instellen „Exit“: Instelmenu verlaten De huidige selectie wordt telkens in kleur aangeduid.
  • Als „Brightness“, „Contrast“ of „Color“ geselecteerd is, kunt u de instelling met de toetsen „ “ (7) of „ “ (8) wijzigen. Wanneer „Exit“ is geselecteerd en u drukt op de toets „ “ (7) of „ “ (8), dan verlaat u het instelmenu. De instelmodus wordt bovendien automatisch verlaten als er gedurende enkele seconden geen enkele toets ingedrukt wordt. g) Mutefunctie activeren/deactiveren Het activeren/deactiveren van de mutefunctie is uitsluitend mogelijk wanneer de videointercom zich in de stand-bymodus bevindt, er mag geen gesprek met een van de buiteneenheden worden gevoerd. Bij geactiveerde mutefunctie wordt de belmelodie aan de binneneenheid niet afgespeeld. De mutefunctie kan bijvoorbeeld ‚s nachts worden gebruikt, wanneer u niet gestoord wilt worden.
  • Druk op de toets „ “ (5) om de mutefunctie te activeren. Hierbij licht er een rode LED in de knop „ “ op.
  • Om de muteschakeling weer te deactiveren drukt u nogmaals op de knop „ “ (5). De rode LED gaat uit.83 h) Volume instellen
  • Het volume aan de binneneenheid kan via een instelknop (9) worden ingesteld.
  • Het volume aan de buiteneenheid kan met de draairegelaar (22) worden ingesteld (naar links tegen de richting van de wijzers van de klok = stiller, naar rechts in de richting van de wijzers van de klok = luider).
  • Met draairegelaar (23) kan de microfoongevoeligheid en zo onrechtstreeks ook het volume van de binneneenheid worden ingesteld (naar links tegen de richting van de wijzers van de klok = gevoeligheid verminderen, naar rechts in de richting van de wijzers van de klok = gevoeligheid verhogen).

9. Verhelpen van storingen

Geen beeld, geen geluid

  • Controleer de spannings-/stroomverzorging (stekkeradapter) en de correcte bekabeling van de binnen- en buiten- eenheid. Deuropener functioneert niet
  • Controleer de correcte bekabeling van de deuropener aan de buiteneenheid.
  • De videointercom kan twee deuropeners aansturen. Daarbij moet worden opgelet dat de deuropener die aan schroefklemmen „D/O“ is aangesloten, rechtstreeks van spanning/stroom wordt voorzien (12 V, max. 1 A) wanneer u op de toets „ “ (3) drukt. De schroefklemmen „GATE“ daarentegen zijn potentiaalvrij. Hier wordt alleen een intern relais geschakeld (con- tactbelastbaarheid, zie hoofdstuk „Technische gegevens“). Als aan schroefklemmen „GATE“ een deuropener wordt geactiveerd, hebt u een bijkomende externe spannings-/stroomverzorging voor de deuropener nodig. Bij het activeren van de deuropener dooft het beeldscherm gedurende enkele seconden uit.
  • Dit is normaal. Flikkerend beeld op het beeldscherm van de binneneenheid
  • Dit wordt b.v. door tegenlicht of spiegelende voorwerpen in het bereik van de camera van de buiteneenheid veroor- zaakt. Stel de camera in de buiteneenheid evt. anders af. Beeld te helder of te donker, slechte kleuren
  • Stel de helderheid, het contrast en de kleuren in het instelmenu van de binneneenheid in, zie hoofdstuk 8. f).84

10. Onderhoud en reiniging

Voor u is het product onderhoudsvrij. Service en reparaties mogen alleen uitgevoerd worden door een specialist/ gespecialiseerde reparatieplaats. In het product bevinden zich geen onderdelen die door de gebruiker kunnen worden onderhouden. Gebruik voor de reiniging van de buitenkant een schone, droge en zachte doek. Reinig het doorzichtige deksel van de camera in de buiteneenheid en het voorste venstertje heel zorgvuldig anders zijn er krassporen mogelijk.. Druk niet te sterk op het display! Stof op de binneneenheid kan met behulp van een langharige, zachte en propere kwast en een stofzuiger worden verwijderd. Gebruik in geen geval agressieve reinigingsmiddelen, reinigingsalcohol of andere chemische oplosmiddelen, omdat deze schade kunnen veroorzaken aan de behuizing of zelfs de werking aantasten.

Houd het product buiten bereik van het huishoudelijk afval! Verwijder het onbruikbaar geworden product in overeenstemming met de geldende wettelijke bepalingen.

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Sygonix

Model : PYO-813

Categorie : Intercom