XCA-400 - Ontvanger Raveland - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis XCA-400 Raveland in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur XCA-400 Raveland
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw Ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding XCA-400 - Raveland en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. XCA-400 van het merk Raveland.
GEBRUIKSAANWIJZING XCA-400 Raveland
Bij beschadigingen veroorzaakt door het niet opvolgen van deze gebruiksaanwij- zing vervalt ieder recht op garantie! Voor gevolgschade aanvaarden wij geen enke- le aansprakelijkheid. Voor materiële schade of persoonlijk letsel veroorzaakt door ondeskundig gebruik of het niet opvolgen van de veiligheidsvoorschriften, zijn wij niet verantwoordelijk! In dergelijke gevallen vervalt de garantie.
Een uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke instructies in deze gebruiks- aanwijzing. Lees voor ingebruikneming de volledige gebruiksaanwijzing door; deze bevat belangrijke instructies voor het juiste gebruik.
- Om veiligheids- en keuringsredenen is het eigenmachtig ombouwen en/of veranderen van het pro- duct niet toegestaan.
- Als spanningsbron mag slechts de 12 V boordspanning (negatieve pool van de accu aan de carros- serie van het voertuig) worden gebruikt. Sluit de versterker nooit aan andere voedingsspanning aan.
- Let op de correcte ingebruikneming van het apparaat. Neem hierbij deze gebruiksaanwijzing in acht.
- Zorg dat elektrische apparatuur niet in contact komt met vloeistof. Zet voorwerpen waar vloeistof in zit niet boven op elektrische apparaten (bv vazen). Er bestaat het gevaar van brand of een elektri- sche schok; levensgevaarlijk! Indien een dergelijke situatie zich toch voordoet, koppel het apparaat dan los van de netvoeding en raadpleeg een erkend elektromonteur.67
- Stel de eindtrap niet bloot aan hoge temperaturen, druip- of spatwater, sterke trillingen of hoge mechanische belastingen.
- Zet geen brandende voorwerpen, zoals kaarsen, op het apparaat.
- Raadpleeg een vakman wanneer u twijfelt over de werkwijze, veiligheid of aansluiting van het appa- raat.
- Laat verpakkingsmateriaal niet achteloos slingeren. Dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn.
- Het apparaat mag nooit zonder toezicht in werking zijn.
- Gebruik het apparaat niet in een tropisch klimaat.
- Neem ook de veiligheidsinstructies en gebruiksaanwijzingen in acht van de andere apparaten die worden aangesloten.
- Let a.u.b. op de aanvullende veiligheidsvoorschriften in de afzonderlijke hoofdstukken van deze handleiding!
- Indien u vragen heeft over de correcte aansluiting of als er problemen zijn waar u in de gebruiksaanwijzing geen oplossing voor kunt vinden, neemt u dan contact op met onze tech- nische helpdesk of met een andere elektromonteur. Productomschrijving
- Telkens twee stereokanalen zijn brugbaar.
- 3 Kanaalsmodus voor stereowerking met subwoofer (uitsluitend Modell XCA 400 en XCA 402)
- Veiligheidsschakeling tegen kortsluiting aan de luidsprekeruitgangen en overtemperatuur
- 2-ohm-stabiele luidsprekeruitgangen
Inschakelvertraging ter onderdrukking van storingsgeluiden in het inschakelmoment
- verguld aansluitterminal68 Inbedrijfstelling
Lees voor gebruik deze gebruiksaanwijzing met de veiligheidsinstructies geheel en zorgvuldig door om een correcte inbedrijfstelling te kunnen garanderen. Mechanische inbouw
Wijzigingen aan het voertuig, die door het inbouwen van de eindtrap of andere componenten nodig zijn, moeten altijd zo worden uitgevoerd, dat hierdoor geen beperking van de verkeersveiligheid of van de constructieve stabiliteit van de auto ontstaat. Bij veel motorvoertuigen vervalt de wettelijke goedkeuring van een voer- tuig al door het uitzagen van een stuk metaal. Neem contact op met uw autodealer als u twijfelt over de keuze van de montage- plaats. Omdat de eindtrap in het bedrijf warmte verwekt, moet de inbouwplaats hitteonge- voelig zijn. Laat rondom de behuizing een ruimte van 5cm vrij om voldoende ventilatie rondom het apparaat te verkrijgen. Zorg dat de luchtcirculatie niet door voorwerpen zoals tijdschriften, tafelkleden of gordijnen wordt beperkt. Let op dat bij het boren van montagegaten elektrische kabels, remleidingen, brand- stoftank enz. niet worden beschadigd. Neem bij gebruik van gereedschap voor het inbouwen van uw auto-HiFi-compo- nenten altijd de veiligheidsinstructies van de fabrikant van het betreffende gereed- schap in acht. Houd bij de montage van de autoluidsprekers resp. uw HiFi-installatie rekening met het gevaar dat bij een ongeluk verwondingen kunnen ontstaan door losgerukte apparatuur. Bevestig daarom elk onderdeel stevig op een plaats waar het geen gevaar vormt voor inzittenden. Zoek voor de eindtrap een geschikte inbouwplaats. Een geschikte montageplaats bezit de volgende kenmerken:
- naar mogelijkheid stofvrij
- goede luchtciruclatie
- hitteongevoelige omgeving69 Als inbouwplaatsen bieden zich de kofferruimte en de vrije ruimte onder de stoelen aan. Houd hierbij rekening ermee, dat de eindtrap zo ver toegankelijk moet blijven, dat de elektrische aansluiting nog kan worden uitgevoerd.
Een gunstige inbouwplaats is de scheidingswand tussen kofferruimte en passagierskooi.
- Teken aan de inbouwplaats de gaten voor de schroeven aan. Hiervoor kan het toestel als sjabloon worden toegepast.
- Boor de gaten voor de bevestigingsschroeven.
- Bevestig de eindtrap met de meegeleverde schroeven. Aansluiting van de stroomverzorging
De elektrische aansluiting dient slechts door een vakman te worden uitgevoerd. Om kortsluiting en hieruit resulterende beschadigingen van het apparaat te voor- komen, moet tijdens het aansluiten de minpool (massa) van de autoaccu worden losgekoppeld. Sluit de minpool van de accu pas weer aan als u het apparaat volledig heeft aange- sloten en de aansluiting goed is gecontroleerd.70
Gebruik voor het testen van de spanning op de bekabeling van het boordnet uit- sluitend een voltmeter of een diodetestlamp, aangezien normale testlampen te veel stroom opnemen waardoor de boordelektronica beschadigd kan raken. Let bij het verleggen van leidingen erop, dat deze niet worden gekneust of aan scherpe kanten schuren, gebruik bij doorvoeringspunten doorvoerrubbers. Om storingsinvloeden van de lichtmachine of andere elektrische voorzieningen van het voertuig te reduceren, dient de voedingsspanning van de eindtrap direct boven het aansluitpunt aan de boordaccu te geschieden. Geen andere verbruikers, zoals bv koelluchtventilator, ruitenwasinstallatie etc. mogen over hetzelfde kabel als de eindtrap met spanning worden verzorgd. Gebruik voor de aansluiting van voedingsspanning en massa van de eindtrap aan- sluitkabels met een zo groot als mogelijke kabeldoorsnede. De vereiste kabeldoor- snede richt zich na de vermogensbehoefte van de aangesloten componenten. Worden kabels met een te geringe doorsnede gebruikt, kan dit in ongunstige geval- len tot doorsmoren van een kabel leiden. Bovendien komt het door de verhoogde ohmsche weerstand tot onnodige vermogensverliezen. Een extra zekering in de plustoevoerleiding van de eindtrap is in ieder geval vereist (zekeringhouder is niet in de levering ingesloten). De zekering moet zo dicht als mogelijk bij de batterij worden geplaatst. In geval van een kortsluiting (bv aansluit- kabel doorgescheurd) onderbreekt de zekering de plusleiding, een beschadiging van de batterij of een kabelbrand van de toevoer wordt zodoende voorkomen. De zekeringssterkte richt zich na de stroomopname van de aangesloten toestellen van de auto-hifi-installatie. Gewicht (-) Stuurleiding Extra zekering Batterij (+)71 Verbind de aansluiting "+12V" van het aansluitter- minal voor de stroomverzorging direct met de pluspool van de boordaccu. Verbind de aansluiting "REMOTE " van het aans- luitpaneel voor de stroomverzorging met de afstandsbedieningaansluiting of antenne-uitgang van de autoradio. Verbind de aansluiting
van het aansluitter- minal voor de stroomverzorging met de minklem (massa) van de batterij of met de voertuigcarrosse- rie.
Voer de verdeling van de voedingsspanning stervormig uit, d.w.z. de aansluitingen van de minleidingen voor alle componenten van de auto-hifi-installatie gaan telkens van één punt uit. Door deze manier van de verdeling worden aardlussen voorkomen. Op dezelfde manier dient met de plusleidingen te werk te worden gegaan. Aansluiting van de ingangen Model XCA 400 en XCA 402 De eindtrap bezit cinchingangen ter aansluiting aan de autoradio. Autoradio´s met cinchuitgangen kunnen direct aan de ingangsbussen worden aangesloten. Indien de autoradio slechts over luidsprekeruitgangen beschikt, moet ter aansluiting een geschikte NF-adapter worden toegepast. Model XCA 200 en XCA 202 De eindtrap bezit zowel luidspreker-, als ook cinchingangen ter aansluiting aan de autoradio. Wanneer uw autoradio over cinchuitgangen beschikt, dient de eindtrap voor een qua klank hoogwaardi- ge weergave in ieder geval via de cinchingangen te worden aangesloten. Bezit uw autoradio echter geen cinchuitgangen, kunt u de eindtrap zonder gebruik van extra apparaten of adapters aan de luidsprekeruitgangen aansluiten. In geen geval mogen echter beide ingangssoorten (luidspreker- en cinchingangen) gelijktijdig worden toegepast. De versterker wordt via deze ingang ingescha- keld, als een spanning van +12V aanligt. Intussen bezitten bijna alle autoradio´s een zulke regeluitgang, die slechts +12V voert als het radi- otoestel wordt ingeschakeld. Attentie, omdat veroorzaakt door de steeds vaker toegepaste kleeftechniek resp. door gelak- te metalen delen het elektrisch geleidingsvermo- gen beperkt wordt, is niet ieder metalen deel als massapunt geschikt.72
Gebruik ter aansluiting van de cinchingangen slechts hiervoor geschikte afge- schermde cinchleidingen. Bij gebruik van andere kabels kunnen zich storingen voordoen. Houd de lengte van de aansluitleidingen zo kort als mogelijk. Verleg de leidingen niet in de buurt van andere kabels. U voorkomd zo storende storingen op de versterkeringang. Om vervormingen of aanpassingsfouten te vermijden, die tot beschadigingen van de eindtrap kunnen leiden, mogen aan de cinch-ingangen slechts bronnen met een cinch-uitgang en aan de luidsprekeringangen van de modellen XCA 200 und XCA 202 uitsluitend luidsprekeruitgangen worden aangesloten. Let hierbij ook op de aansluitwaarden in de „Technische gegevens“. Model XCA 200 en XCA 202 Verbind de cinchuitgangen van uw autoradio met de cinchaansluitingen IN (7) van de eindtrap achterste uitgangen > Aansluiting REAR IN voorste uitgangen > Aansluiting FRONT IN Let op het kenmerk van de cinch-aansluitingen: L > links R > rechts Indien uw autoradio niet over 4 voorversterke- ruitgangen beschikt, maak alstublieft gebruik van zogenoemde Y-adapters.73 Model XCA 200 en XCA 202 Aansluiting via de cinchingangen Verbind de cinchuitgangen van uw autoradio met de cinchaansluitingen IN (7) van de eindtrap Aansluiting via de luidsprekeringangen Steek de ingesloten luidspreker-aansluitleiding in de aansluiting HIGH IN (9) van de eindtrap. Verbind de luidsprekeruitgangen van uw autora- dio met de kabeleinden van de luidspreker-aan- sluitleiding. Let op het kenmerk van de cinch-aansluitingen: L > links R > rechts Leiding L+ > linker positieve luidsprekeruitgang Leiding L- > linker negatieve luidsprekeruitgang Leiding R- > rechter negatieve luidsprekeruitgang Leiding R+ > rechter positieve luidsprekeruitgang74 Aansluiting van de uitgangen Aansluiting van de luidsprekeruitgangen De eindtrap heeft uitgangen voor 4: model XCA 400 en XCA 402 resp. 2 luidsprekers model XCA 200 en XCA 202. Telkens 2 luidsprekeruitgangen laten zich ook in het mono-brugbedrijf exploiteren, zo dat weliswaar slechts één luidspreker wordt aangedreven, echter een wezenlijk hoger uitgangsvermogen ter beschik- king staat. Bovendien staat nog een cinchuitgang voor de besturing van verdere installatiecomponenten ter beschikking.
De bedrading naar de luidsprekers moet steeds twee-aderig worden uitgevoerd. Isoleer open verbindingsplaatsen. Let erop dat de snoeren niet door scherpe ran- den kunnen worden beschadigd. Gebruik uitsluitend luidsprekers met voldoende belastingscapaciteit (zie „Techni- sche gegevens“). Let erop dat alle luidsprekers correct aan een elektrische pool zijn aangesloten - dus de plus- en mintekens overeenstemmen! De aansluitkabels van de luidsprekers zijn normaliter gecodeerd: sommige luid- sprekerfabrikanten kenmerken de (+)-leiding met een extra kleurstreep, andere wederom gebruiken een geribbelde leiding voor de (+)-pool, voor de (-)-pool daa- rentegen een glade leiding. De eindtrap werd voor het bedrijf aan luidsprekerimpedanties van ten minste 2 ohm (stereobedrijf) resp. 4 ohm (mono-brugbedrijf) ontwikkelt. Sluit in geen geval luid- sprekers met een geringere impedantie aan. Verbind de luidsprekeruitgangen al naar model en bedrijfssoort volgens de volgende tekeningen. Houd rekening met de aangegeven minimale impedanties afhankelijk van het bedrijfssoort.75 Stereobedrijf model XCA 400 en XCA 402 Luidsprekerimpedantie min. 2 ohm Stereobedrijf model XCA 200 en XCA 202 Luidsprekerimpedantie min. 2 ohm Mono-brugbedrijf model XCa 400 en XCA 402 Luidsprekerimpedantie min. 2 ohm (stereo-luidsprekerpaar) en min. 4 ohm (subwoofer)76
Luidsprekerimpedantie min. 4 ohm Mono-brugbedrijf model XCA 200 en XCA 202 Luidsprekerimpedantie min. 4 ohm Aansluiting van de cinchuitgangen De eindtrap bezit aanvullend tot de luidsprekeruitgangen cinchuitgangen, waarmee het ingangssignaal zonder gebruik van adapters naar verdere componenten van de auto-hifi-installatie kan worden overge- bracht.
Gebruik ter aansluiting van de cinchingangen slechts hiervoor geschikte afge- schermde cinchleidingen. Bij gebruik van andere kabels kunnen zich storingen voordoen. Houd de lengte van de cinchleidingen zo kort als mogelijk. Verleg de cinchleidingen niet in de buurt van andere kabels. U vermijdt zo storende strooiingen op de ingang van de nageschakelde componenten.77
Om vervormingen of verkeerde aanpassingen te vermijden die tot beschadiging van de eindtrap of de nageschakelde componenten zouden kunnen leiden, mogen aan de cinchuitgangen slechts apparaten met een cinchingang worden aangesloten. Verbind aansluiting OUT (8) met de ingang van de nageschakelde componente: Bediening actief scheidingsfilter Model XCA 400 en XCA 402 De eindtrap is met een actieve wissel uitgerust die het mogelijk maakt voor de achterste kanalen een hoogpas- resp. dieppastak te schakelen. Voor de voorste kanalen staat een hoogpastak ter beschikking. De scheidingsfrequenties kunnen hierbij traploos worden ingesteld. Model XCA 200 en XCA 202 De eindtrap is met een actieve wissel uitgerust die het mogelijk maakt voor de beide kanalen een hoog- pas- resp. dieppastak te schakelen. De scheidingsfrequenties kunnen hierbij traploos worden ingesteld. Met de frequentiewisselschakelaar X-OVER (4) wordt het bedrijfssoort van de actieve wissel inge- steld: Cinchbus (L) > Ingang links Cinchbus (R) > Ingang rechts FULL: Actieve wissel uitgeschakeld, de versterkertak geeft het compleet frequentiebereik weer. HPF: Hoogpaswissel ingeschakeld, de versterkertak geeft slechts het frequentiebereik boven de met de regelaar HPF (1) ingestelde frequentie weer. LPF: Dieppaswissel ingeschakeld, de versterkertak geeft slechts het frequentiebereik onder de met de regelaar LPF (2) ingestelde frequentie weer.78 Super bas-schakeling De eindtrap bezit bovendien een bas-boost-schakeling voor de achterste kanalen, die diepbasfrequen- ties in twee trappen versterkt. Dit dient vooral ertoe, kleinere basluidsprekers of subwoofers in het diepbasbereik iets meer „volume“ te geven. De schakelaar SUPER BASS (6) regelt de diepbasversterking: Eerste ingebruikneming Nadat de aansluiting is voltooid en u de bekabeling nogmaals heeft gecontroleerd, kunt u de eindtrap voor de eerste keer in gebruik nemen. Klem na de controle van de bekabeling de min- pool van de batterij weer aan. Draai de regelaar/s GAIN (3) tegen de wijzers van de klok in op minimum. Schuif de frequentiewisselschakelaar/s X-OVER (4) in de voor uw configuratie juiste positie. Stel met de regelaars HPF (1) en LPF (2) de scheidingsfrequenties voor de aangesloten luid- spreker in. Schakel uw autoradio in. Positie „0dB“: diepbasversterker uitgeschakeld positie “6dB”: diepbas wordt om 6dB versterkt positie “12dB”: diepbas wordt om 12dB versterkt Zie „Actieve wissel“. De scheidingsfrequenties laten zich in het bereik van 50–250Hz resp. 80 - 2.000Hz traploos instellen. Houd bij de instelling rekening met de frequen- tiegegevens van de fabrikant van de luidspre- kers. De weergave POWER (5) begint te branden. Indien de weergave-LED PROTECTION (5) branden, is een storing voorhanden. De eindtrap79 Brandt de weergave-LED POWER (5) draai de luidsterkte van de autoradio op ca. 75 % van de maximale luidsterkte. Stel nu het maximale volume van de luidsprekers met de regelaar/s GAIN (3) op een voor u te ver- dragen maat in. Bij het gebruik van meerdere eindtrappen pas het volume van de verschillende eindtrappen onderling aan. Stel na deze instelling met de volumeregelaar van de autoradio een gemiddeld volumeniveau in. Om een optimale klank te bereiken, kunnen nu nog de ingestelde scheidingsfre quenties met de regelaars HPF (1) en LPF (2) licht worden veran- derd. Bij te zwake diepbasweergave kunt u met de schakelaar SUPER BASS (6) een tweetrapse dieptebasversterker activeren. moet meteen worden uitgeschakeld. Controleer in een zulk. Geval alle aansluitingen en luidsprekers. Indien hierbij geen storing kan worden geconstateerd, raadpleeg dan a.u.b. een vakman. Let erop dat het maximale volume van het pre- statievermogen van de luidsprekers en de eind- trap afhankelijk is. Door een te hoog volume kan het tot beschadigingen zowel aan de luidspre- kers als ook aan de eindtrap komen. Een overbelasting is door optredende vervor- mingen licht te horen. Het totale volume wordt van meet af aan uitslui- tend met de volumeregelaar van de autoradio ingesteld. Let erop dat bij de instelwerkzaamheden de door de fabrikant van de luidsprekers vermelde toegestane frequentiebereiken niet worden overschreden. Bij gebruik van een subwoofer kan een andere poolaansluiting van de luidsprekerleidingen aan de subwoofer qua klank voor een verbetering zorgen. Vaak brengt de gedraaide fasepositie een betere basweergave (dit is afhankelijk van de inbouwplaats van de subwoofer). zie „Super bas-schakeling“80 Gebruik
- Een te hoog volume binnen in de auto heeft tot gevolg dat akoestische waarschuwingssignalen niet meer kunnen worden waargenomen. Hierdoor brengt u uzelf en andere weggebruikers in gevaar. Let daarom op dat het volume niet te hard staat.
- Onachtzaamheid in het verkeer kan leiden tot ernstige ongelukken. Daarom mag de auto-Hifi-instal- latie uitsluitend worden bediend als de verkeerssituatie het toelaat. Zorg bovendien dat uw aandacht door het bedienen van de installatie niet van het verkeer wordt afgeleid.
- Denk om een voldoende ventilatie van de eindtrap. Dek het koellichaam in geen geval af.
- Het wordt afgeraden gedurende een langere periode naar muziek met een te hoog volume te luiste- ren. Hierdoor kan het gehoor worden beschadigd. Onderhoud Controleer regelmatig de technische veiligheid van de eindtrap, bijvoorbeeld op beschadiging van het netsnoer en de behuizing. Indien kan worden aangenomen dat gebruik zonder gevaren niet meer mogelijk is, dan moet het product buiten bedrijf worden gesteld en worden beveiligd tegen onopzettelijk gebruik. Boordnet afklemmen! Het apparaat kan niet meer veilig worden gebruikt als:
- er beschadigingen aan het apparaat zichtbaar zijn
- het apparaat niet meer goed functioneert of
- na zware mechanische belastingen Alvorens u de eindtrap reinigt of onderhoudt houd rekening met de volgende veiligheidsinstructies:
Bij het openen van deksels en/of het verwijderen van onderdelen van het apparaat kunnen spanningvoerende delen vrij komen te liggen. Voor onderhouds- of reparatiewerkzaamheden moet vandaar de eindtrap wor- den losgekoppeld van alle spanningsbronnen. Condensatoren in het apparaat kunnen nog geladen zijn, zelfs als het van alle spanningsbronnen is losgekoppeld. Een reparatie mag uitsluitend plaatsvinden door een technicus die vertrouwd is met de risico’s resp. toepasselijke voorschriften. Let bij vervanging van zekeringen erop dat uitsluitend zekeringen van het aangegeven type en met de juiste nominale stroomsterkte worden gebruikt (zie Technische gegevens).81
Het repareren van zekeringen of het overbruggen van de zekeringhouder is niet toegestaan.
- Na succesvolle scheiding van de stroomverzorging (boordnet afklemmen!) trek voorzichtig de zeke- ring FUSE uit de zekeringhouder.
- Vervang ze door zekeringen van hetzelfde type.
- Verbind de eindtrap nu pas weer met het boordnet en neem het in gebruik. Afvoer Verwijder het onbruikbaar geworden apparaat volgens de geldende wettelijke voorschriften. Verhelpen van storingen U heeft met de Raveland eindtrap een product aangeschaft dat volgens de nieuwste stand der techniek is ontwikkeld en veilig is in het gebruik. Toch kunnen zich problemen of storingen voordoen. Hieronder vindt u enkele manieren om eventuele storingen te verhelpen:
Neem altijd de veiligheidsinstructies in acht! Probleem: Oplossing: Geen werking, weergave-
- De aansluiting GND van het aansluitterminal voor de stroomverzorging LED POWER (5) heeft geen verbinding met de voertuigmassa. brandt niet: • De aansluiting REMOTE van het aansluitterminal voor de stroomverzor- ging heeft geen verbinding naar de antenneregeluitgang van de autoradio.
- De aansluiting +12V van het aansluitterminal voor de stroomverzorging wordt niet met +12V verzorgd.
- De zekering FUSE van de eindtrap of de zekering in de plusleiding is defect. De weergave-LED • De volumeregelaar van de autoradio staat op minimum. POWER (5) brandt, er is • De regelaar GAIN (3) van de eindtrap staat op minimum. echter geen toon te horen:
- De luidsprekers zijn niet reglementair aangesloten.82 Probleem: Oplossing: De weergave- • De kortsluiting-beschermschakeling van de eindtrap heeft LED POWER (5) op grond van een kortsluiting aan de luidsprekeruitgang brandt, er is geen geactiveerd. toon te horen: • De temperatuur-veiligheidsschakeling van de eindtrap heeft op grond van een oververhitting gereageerd. Laat het toestel afkoelen. Een kanaal • Controleer de cinchaansluitingen IN (7). werkt niet: • Controleer de aansluiting van de luidsprekers aan de aansluitterminals en aan de luidsprekers zelf.
- De balanceregelaar aan de autoradio staat niet in middenpositie. Stoorgeluiden • Slechte massaverbinding van de massakabel, eventuele treden op: roest of verf van de contactvlakken verwijderen.
- De massapunt van de autoradio en de eindtrap liggen niet op hetzelfde potentiaal, verschillende massapunten proberen.
- De kabels van de eindtrap liggen te dicht aan de kabels voor het ont- stekingssysteem van het voertuig.
- Het ontstekingssysteem is niet ontstoort.
- De kabels van de versterker liggen te dicht aan de kabels van de voe- dingsspanning. Het toestel schakelt • Slecht massacontact van de massa-aansluitkabel, aan- gedurende het sluitpunt van de kabel of batterijcontact gecorrodeerd. bedrijf aan en uit: • Te geringe spanning aan aansluiting +12V van het aansluit- terminal voor de stroomverzorging, aansluitpunt van de kabel of batte- rijcontact gecorrodeerd, te zwakke batterij.
- Loszittend contact aan de remote-leiding, aansluiting REMOTE van het aansluitterminal voor de stroomverzorging heeft loszittend contact of is gecorrodeerd. De weergave • Een luidspreker is verkeerd gepoold aangesloten. geschiedt zonder • De bas-regelaar aan de autoradio staat op minimum. basaandeel: • De actieve wissel is verkeerd ingesteld. De weergave geschiedt • De actieve wissel is verkeerd ingesteld. zonder middel- • De hogetonenregelaar aan de autoradio staat op minimum. hoogtoonaandeel:
Andere reparaties dan hierboven beschreven, mogen uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd.83 Technische gegevens
XCA 200 XCA 202 XCA 400 XCA 402
Bedrijfsspanning 12V= 12V= 12V= 12V= Voertuig-vlakzekeringen 1 x 30A 2 x 20A 2 x 20A 2 x 30A Ingangsgevoeligheid 0,1-1V 0,1-1V 0,1-1V 0,1-1V Ingangsimpedantie 10kOhm 10kOhm 10kOhm 10kOhm Uitgangsvermogen 2 x 150W RMS 2 x 400W RMS 4 x 120W RMS 4 x 200W RMS 1 x 300W RMS 1 x 800W RMS 2 x 240W RMS 2 x 400W RMS (gebrugd) (gebrugd) (gebrugd) (gebrugd) 2 x 350W max. 2 x 1000W max. 4 x 300W max. 4 x 500W max. Uitgangsimpedantie 2-16 Ohm 2-16 Ohm 2-16 Ohm 2-16 Ohm (Stereo) (Stereo) (Stereo) (Stereo) 4-16 Ohm 4-16 Ohm 4-16 Ohm 4-16 Ohm (gebrugd) (gebrugd) (gebrugd) (gebrugd) Scheidingsfrequenties Diepdoorlaat: Diepdoorlaat: Diepdoorlaat: Diepdoorlaat: 50-250Hz 50-250Hz 50-250Hz 50-250Hz Hoogdoorlaat: Hoogdoorlaat: Hoogdoorlaat: Hoogdoorlaat: 80-2.000Hz 80-2.000Hz 80-2.000Hz 80-2.000Hz Diepbasversterking 0 / 6 / 12 dB 0 / 6 / 12 dB 0 / 6 / 12 dB 0 / 6 / 12 dB8485CONRAD IM INTERNET http://www.conrad.com
Colofon Deze gebruiksaanwijzing is een publicatie van de firma Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com). Alle rechten, vertaling inbegrepen, voorbehouden. Reproducties van welke aard dan ook, bijvoorbeeld fotokopie, microver- filming of de registratie in elektronische gegevensverwerkingsapparatuur, vereisen de schriftelijke toestemming van de uitgever. Nadruk, ook van uittreksels, verboden. Deze gebruiksaanwijzing voldoet aan de technische stand bij het in druk bezorgen. Wijziging van techniek en uitrusting voorbehouden. © Copyright 2011 by Conrad Electronic SE. V1_0511_01/HD
SimpelGids