79781 - Waterpomp Sthor - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 79781 Sthor in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 79781 Sthor
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 79781 - Sthor en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 79781 van het merk Sthor.
GEBRUIKSAANWIJZING 79781 Sthor
5. vlotterschakelaar
Het symbool wijst op de selectieve inzameling van oude elektrische en elektronische apparatuur. Verbruikte elektrische apparaten kunnen worden gerecycled. Het is ver- boden dit bij het huishoudelijk afval te gooien aangezien dit stoff en bevat die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid en voor het milieu! Wij vragen u actief bij te dragen de economische natuurlijke hulpbronnen te besparen en het milieu te beschermen door deze gebruikte apparaten in te leveren bij een speciaal punt dat hiervoor is bestemd. Om de verwijdering van afvalstoff en te verminderen is hergebruik, recycling of het op een andere wijze herstellen noodzakelijk.
OORSPRONKELIJKE INSTRUCTIES PRODUCTKENMERKEN De dompelpomp is ontworpen om schoon en licht mechanisch verontreinigd water uit tanks (bijv. kleine zwembaden, tuinvijvers, enz.) te pompen. De pomp is niet geschikt voor het verpompen van andere vloeistoff en dan water, zoals olie, benzine, oplosmid- delen, zuren, basen, organische stoff en, vetten, riolering, fecaliën en met dergelijke stoff en verontreinigd water. Het overgepomp- te water mag ook geen mechanische onzuiverheden of andere schurende deeltjes bevatten. Het verpompen van verontreinigd water is alleen toegestaan met bijzondere zorg en voortdurende controle van het pompproces. Let op! Als de waterstroom door de pomp stopt, kan deze beschadigd raken! De juiste, betrouwbare en veilige werking van het apparaat is afhankelijk van de juiste exploitatie, daarom: Lees voorafgaand aan het gebruik van het apparaat de volledige handleiding en bewaar deze goed. De leverancier is niet aansprakelijk voor schade die voortvloeit uit het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften en de aanbe- velingen in deze handleiding. UITRUSTING De originele verpakking omvat een pomp en een slangaansluiting. De pomp is niet uitgerust met een afvoerslang. TECHNISCHE PARAMETERS Parameter Meeteenheid Waarde Waarde Waarde Catalogusnummer 79781 79782 79783 Nominale spanning [V~] ~230 ~230 ~230 Nominale frequentie [Hz] 50 50 50 Nominaal vermogen [W] 400 500 600 Elektrische veiligheidsklasse I I I Beschermingsgraad (IP) IPX8 IPX8 IPX8 Maximale capaciteit [l/h] 8 000 10 000 11 500 Max. oppomphoogte [m] 5,5 6,5 7 Max. onderdompelingsdiepte [m] 7 7 7 Max. watertemperatuur [
8--- Let op! De maximale pompcapaciteit is voor het verpompen van schoon water. Voor een maximaal rendement moet een slang met een diameter die overeenkomt met de maximale diameter van de wateraansluiting op de pomp worden aangesloten.48
OORSPRONKELIJKE INSTRUCTIES VEILIGHEIDSINSTRUCTIES LET OP! Lees alle onderstaande instructies. Als u deze niet naleeft, kan dit een elektrische schok, brand of lichamelijk letsel veroorzaken.
VOLG DEZE INSTRUCTIES
Aanbevelingen omtrent het gebruik van het toestel Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor het verpompen van schoon of licht verontreinigd water met mechanische verontreinigin- gen. Mechanische verontreinigingen mogen niet schurend zijn en de grootte van de afzonderlijke deeltjes mag niet groter zijn dan de grootte die in de tabel met technische gegevens is aangegeven. De pomp is niet geschikt voor het verpompen van andere vloeistoff en dan water, zoals olie, benzine, oplosmiddelen, zuren, basen, organische stoff en, vetten, riolering, fecaliën en met dergelijke stoff en verontreinigd water. Het toestel moet tijdens de werking voortdurend onder toezicht staan. Laat de pomp niet drooglopen. Dit zal de pomp oververhitten, wat de pomp kan beschadigen en brand of elektrische schokken kan veroorzaken. De pomp mag niet worden gebruikt: voor het verpompen van drinkwater; voor continu gebruik, bijvoorbeeld voor het voeden van een fontein; voor het verpompen van water met een hogere temperatuur dan in de tabel met technische gegevens is aangegeven. Het is verboden om het toestel zelfstandig te repareren, demonteren of modifi ceren. Alle productreparaties moeten worden ver- richt door een geautoriseerde service. Reinig de pomp alleen met een schone waterstraal. Het toestel is niet bedoeld voor gebruik door kinderen jonger dan 8 en personen met beperkte fysieke en mentale vaardigheden, evenals mensen zonder ervaring en kennis van het toestel. Tenzij toezicht op hen wordt uitgeoefend of hen wordt uitgelegd hoe ze het toestel op een veilige manier kunnen gebruiken, zodat de bijbehorende risico’s begrijpelijk zijn. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen zonder toezicht mogen het toestel niet schoonmaken en onderhouden. Aanbevelingen voor transport en installatie van het toestel Waarschuwing! De pomp mag tijdens de onderdompeling niet op de stroomvoorziening worden aangesloten. De stekker van het netsnoer van de pomp moet worden losgekoppeld van het stopcontact. De pomp zuigt het water door gaten in de bodem. De pomp moet in water worden ondergedompeld door eerst een touw aan de beugel aan de bovenzijde van het pomphuis te bevestigen. Gebruik het netsnoer niet om de pomp onder te dompelen. Het netsnoer mag geen overspanning hebben. Als de pomp wordt neergelaten in een watertank waarvan de bodem verontreinigd is met bijvoorbeeld zand of slib, of als de wa- tertank geen harde bodem heeft, zorg er dan voor dat de pomp niet tot de bodem wordt neergelaten. Een pomp die vuil aanzuigt zal minder effi ciënt werken. Bovendien zal vervuiling leiden tot snellere slijtage van de pomp. Overmatige vervuiling kan leiden tot verstoppingen in de inlaatopeningen van de pomp, die schade aan de pomp kunnen veroorzaken. Het is verboden om de pomp onder te dompelen in wateren waar mensen aanwezig zijn. Als de pomp ondergedompeld is in watertanks met een klein oppervlak, bijv. een put, worden de minimale afmetingen van de tank op de werkplaats van de pomp in de tabel met technische gegevens vermeld. De ondergedompelde pomp moet verticaal geplaatst worden. Het kantelen of onderste boven draaien van de pomp leidt tot sto- ringen, vermindert de prestaties en kan de pomp beschadigen. Het is verboden om openingen te boren in het product of andere modifi caties aan te brengen die niet zijn beschreven in deze handleiding. Verplaats het product door de handgreep of de behuizing vast te pakken. Het toestel niet verplaatsen door aan de voedingskabel te trekken. Aanbevelingen omtrent het aansluiten van het toestel op de stroom Waarschuwing! De pomp moet worden gevoed door een aardlekschakelaar (RCD) met een nominale verschilstroom van niet meer dan 30 mA. Zorg er voorafgaand aan het aansluiten op de stroom voor dat de spanning, de frequentie en het rendement van het elektriciteit- snet overeenkomen met de waarden op het gegevensplaatje van het toestel. De stekker moet in het stopcontact passen. Het is verboden de stekker te modifi ceren. De netstroomkring moet voorzien zijn van een beveiligingsgeleider en een beveiliging van minstens 16 A. Vermijd contact van de voedingskabel met scherpe randen en hete voorwerpen en oppervlakken. Tijdens de werking van het toestel moet de kabel altijd volledig uitgerold zijn en zo geplaatst zijn dat deze geen hinder veroorzaakt bij de bediening van het toestel. De kabel mag geen struikelgevaar veroorzaken. Het stopcontact moet zich op een plek bevinden zodat het altijd mogelijk is om snel de stekker van de voedingskabel van het toestel eruit te trekken. Pak tijdens het trekken van de stekker uit het stop- contact altijd de stekkerbehuizing vast en trek nooit aan het snoer. Indien de voedingskabel of stekker beschadigd is deze direct van de stroom halen en contact opnemen met een geautoriseerde ser- vice om vervanging te regelen. Het toestel nooit gebruiken met beschadigde voedingskabel of stekker. De voedingskabel of stekker mogen in geval van schade niet worden gerepareerd maar moeten altijd worden vervangen voor een nieuw, schadevrij exemplaar.49
OORSPRONKELIJKE INSTRUCTIES TOESTELGEBRUIK Aansluiten van de afvoerslang De wateruitloop is voorzien van een schroefdraad waarop een slangaansluiting moet worden aangesloten. U kunt de connectoren gebruiken die bij de pomp zijn geleverd of apart verkrijgbaar zijn. Als een slang met een kleinere binnendiameter dan de diameter van de waterafvoer wordt gebruikt, zal de pompcapaciteit afnemen. De in de pompapparatuur meegeleverde koppeling heeft de mogelijkheid om slangen van verschillende diameters aan te sluiten. Bij het aansluiten van een slang met een diameter groter dan de kleinste diameter van de aansluiting, moet het kleinste gedeelte van de aansluiting worden afgesneden om de doorstroming van de pomp niet te beperken. De connector is gemaakt van kunststof, zodat de snede kan worden gemaakt met een scherp mes. Wees voorzichtig bij het snijden om letsel te voorkomen. De slangaansluiting moet zonder gereedschap en met voldoende kracht worden vastgeschroefd om een goede aansluiting te garanderen. Overmatige kracht kan de pakking beschadigen. Starten en stoppen van de pomp De pomp heeft geen traditionele schakelaar. Ze wordt geactiveerd en gestopt, afhankelijk van het model, door een vlotterscha- kelaar of een verstelbare schakelaar. De vlotterschakelaar is door middel van een korte elektrische kabel met de pomp verbonden en bevat een bewegend element dat het elektrische circuit sluit en opent. De vlotter wordt in het water omhoog gebracht, waardoor het elektrische circuit sluit en de pomp start. Als het waterniveau zodanig daalt dat de vlotter van de schakelaar door de kabelaansluiting naar boven wordt geleid, wordt de pomp uitgeschakeld. Door de kabel tussen de vlotterschakelaar en de pomp in de houder bovenop het pomphuis (II) te leggen, wordt het vrije deel van de kabel “ingekort”. Dit kan worden gebruikt om de hoogte van het waterniveau te veranderen, waardoor de pomp in en uit kan schakelen. Laat de kabels tussen de handgreep en de schakelaar lang genoeg zitten om de schakelaar vrij van positie te kunnen veranderen. Een te korte afstand maakt het onmogelijk om de pomp in of uit te schakelen.
ONDERHOUD, TRANSPORT EN OPSLAG
Wanneer de pomp klaar is met werken, moet u hem van de stroomtoevoer loskoppelen en uit het water halen. Koppel de slang los van de pompuitlaat en laat het water door de zwaartekracht uit de pomp stromen. Tijdens dit bedrijf moet de pomp in verschillende richtingen worden gekanteld. Na het reinigen, met een zachte doek afdrogen of laten drogen. Als er water met vuil is gepompt, pomp dan schoon water totdat het vuilwater niet meer uit de pomp ontsnapt. Reinig de stofzuiger aan de buitenkant en het fi lter met een persluchtstroom van maximaal 0,3 MPa. Let er bij het reinigen van de pomp op dat de stekker van het netsnoer niet nat wordt. Transporteer de pomp geleegd en gedroogd. Beweeg door het handvat op de bovenkant van de koff er te pakken of door de koff er. Transporteer de pomp nooit door aan het netsnoer of de kabel die de vlotterschakelaar op de pomp aansluit, te trekken of op te hangen. Transport in een verpakking die de pomp beschermt tegen stof en vuil. Transporteer de pomp waaruit het water is weggelopen en die gedroogd is. Het water in de pomp kan bevriezen en schade aan de pomp veroorzaken. Bewaar de pomp op een schaduwrijke plaats die voor een goede ventilatie zorgt en beschermd is tegen ongeoorloofd gebruik, vooral door kinderen.50
SimpelGids