TL065D - Schroevendraaier MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TL065D MAKITA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TL065D - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TL065D van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING TL065D MAKITA
Haakse accuslagschroevendraaier / Haakse accuslagdopsleutel GEBRUIKSAANWIJZING
Maximaal aandraaimoment 60 N•m Totale lengte 361 mm - 380 mm Nominale spanning Maximaal10,8V-12Vgelijkspanning Netto gewicht 1,2 - 1,6 kg Model: TL065D Bevestigingscapaciteiten Standaardbout M4 - M12 Bout met hoge trekvastheid M4 - M8 Vierkanteaandrijfkop 9,5 mm Nullasttoerental 0 - 2.000 min
Maximaal aandraaimoment 60 N•m Totale lengte 361 mm - 380 mm Nominale spanning Maximaal10,8V-12Vgelijkspanning Nettogewicht 1,2 - 1,6 kg
- Inverbandmetononderbrokenresearchenontwikkeling,behoudenwijonshetrechtvoordebovenstaande technischegegevenszondervoorafgaandekennisgevingtewijzigen.
- De technische gegevens van de accu kunnen van land tot land verschillen.
- Hetgewichtkanverschillenafhankelijkvandehulpstukken,waaronderdeaccu.Delichtsteenzwaarstecom- binatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel. Toepasselijke accu’s en laders Accu BL1016 / BL1021B / BL1041B / BL1050B Lader DC10SA / DC10SB / DC10WC / DC10WD / DC18RE
- Sommigevandehierbovenvermeldeaccu’senladerszijnmogelijknietleverbaarafhankelijkvanwaaru woont. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik van enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand. Gebruiksdoeleinden Het gereedschap is bedoeld voor het vastdraaien van schroeven in hout, metaal en kunststof. Geluidsniveau Detypische,A-gewogengeluidsniveauszijngemeten volgens EN62841-2-2: Model TL064D Geluidsdrukniveau(L
):101dB(A) Onzekerheid(K):3dB(A) OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaar- de(n)is/zijngemetenvolgenseenstandaardtestme- thode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereed- schaptevergelijkenmetanderegereedschappen. OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaar- de(n)kan/kunnenookwordengebruiktvooreen beoordeling vooraf van de blootstelling.37 NEDERLANDS WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming. WAARSCHUWING: De geluidsemissie tij- dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig- heidsmaatregelen worden getroen ter bescher- ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder prak- tijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgescha- keld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Trilling Detotaletrillingswaarde(triaxialevectorsom)zoals vastgesteld volgens EN62841-2-2: Model TL064D Gebruikstoepassing: bevestigen met behulp van slag- werking van bevestigingsmiddelen tot de maximale capaciteit van het gereedschap Trillingsemissie(a
Onzekerheid(K):1,5m/s
Model TL065D Gebruikstoepassing: bevestigen met behulp van slag- werking van bevestigingsmiddelen tot de maximale capaciteit van het gereedschap Trillingsemissie(a
Onzekerheid(K):1,5m/s
OPMERKING:Detotaletrillingswaarde(n)is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/ kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te ver- gelijkenmetanderegereedschappen. OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaar- de(n)kan/kunnenookwordengebruiktvooreen beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING: De trillingsemissie tij- dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig- heidsmaatregelen worden getroen ter bescher- ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder prak- tijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgescha- keld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Verklaringen van conformiteit Alleen voor Europese landen Deverklaringenvanconformiteitzijnbijgevoegdin BijlageAbijdezegebruiksaanwijzing. VEILIGHEIDSWAAR- SCHUWINGEN Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaar- schuwingen, instructies, afbeeldingen en techni- sche gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als niet alle onderstaande instructies worden opgevolgd, kan dat leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor- schriften duidt op gereedschappen die op stroom van hetlichtnetwerken(metsnoer)ofgereedschappenmet eenaccu(snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een accuslagschroevendraaier
1. Houd elektrisch gereedschap vast bij het
geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het beves- tigingsmateriaal in aanraking kan komen met verborgen bedrading. Wanneer bevestigingsma- terialen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta- len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen.
2. Zorg ervoor dat u stevig staat op een vast
ondergrond. Bij gebruik van het gereedschap op een hoge plaats dient u ervoor te zorgen dat niemand beneden u aanwezig is.
3. Houd het gereedschap stevig vast.
4. Draag oorbeschermers.
5. Raak het bit of het werkstuk niet aan onmiddel-
lijk na het gebruik. Deze kunnen erg heet zijn en brandwonden veroorzaken.
6. Houd uw handen uit de buurt van draaiende
7. Gebruik hulphandgreep (hulphandgrepen),
indien bij het gereedschap geleverd. Verliezen van de macht over het gereedschap kan letsel veroorzaken.
8. Houd elektrisch gereedschap alleen vast aan
de geïsoleerde handgrepen wanneer de kans bestaat dat het werktuig in aanraking komt met verborgen bedrading.Wanneerboor-/snijhulp- middelen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta- len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen.
9. Verzeker u ervan dat er geen38 NEDERLANDS
elektriciteitskabels, waterleidingen, gaslei- dingen, enz. zijn die een gevaarlijke situatie zouden kunnen veroorzaken als ze wor- den beschadigd door het gebruik van dit gereedschap. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betref- fende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij- zing kan leiden tot ernstige verwondingen. Veiligheidswaarschuwingen voor een accuslagmoersleutel
1. Houd elektrisch gereedschap vast bij het
geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het beves- tigingsmateriaal in aanraking kan komen met verborgen bedrading. Wanneer bevestigingsma- terialen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta- len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen.
2. Draag oorbeschermers.
3. Controleer de slagdop nauwkeurig op slijtage,
scheuren of beschadiging alvorens deze op het gereedschap te monteren.
4. Houd het gereedschap stevig vast.
5. Houd uw handen uit de buurt van draaiende
6. Raak de slagdop, de bout, de moer of het
werkstuk niet onmiddellijk na gebruik aan.Zij kunnenbijzonderheetzijnenbrandwondenopuw huid veroorzaken.
7. Zorg ervoor dat u stevig staat op een vast
ondergrond. Bij gebruik van het gereedschap op een hoge plaats dient u ervoor te zorgen dat niemand beneden u aanwezig is.
8. Het juiste aandraaimoment kan verschillen
afhankelijk van de soort en maat van de bout. Controleer het aandraaimoment met een momentsleutel.
9. Verzeker u ervan dat er geen elektriciteitska-
bels, waterleidingen, gasleidingen, enz. zijn die een gevaarlijke situatie zouden kunnen veroorzaken als ze worden beschadigd door het gebruik van dit gereedschap. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betref- fende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij- zing kan leiden tot ernstige verwondingen. Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu
1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op
(1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
2. Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem
niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu
aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brand- wonden en zelfs een ontplong veroorzaken.
4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgeko-
men, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.
5. Voorkom kortsluiting van de accu:
(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spij- kers, munten e.d. worden bewaard. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brand- wonden, en zelfs defecten.
6. Bewaar en gebruik het gereedschap en de
accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.
7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan-
neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploen in het vuur.
8. Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in,
snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp.Dergelijkehande- lingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
9. Gebruik nooit een beschadigde accu.
10. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn
onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoen. Voorcommercieeltransportendergelijkedoor derden en transporteurs moeten speciale vereis- ten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd. Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerdishetnoodzakelijkeenexpertop hetgebiedvangevaarlijkestoenteraadplegen. Houdutevensaanmogelijkstrengerenationale regelgeving.39 NEDERLANDS Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking.
11. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert
u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.
12. Gebruik de accu’s uitsluitend met de gereed-
schappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, bui- tensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkagevanelektrolyt.
13. Als u het gereedschap gedurende een lange
tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.
14. Tijdens en na gebruik, kan de accu heet wor-
den waardoor brandwonden of koude brand- wonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.
15. Raak de aansluitpunten van het gereedschap
niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.
16. Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond
vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing in het gereedschap of de accu ontstaan waar- doorbrandwondenofpersoonlijkletselkunnen ontstaan.
17. Behalve indien gebruik van het gereedschap
is toegestaan in de buurt van hoogspannings- leidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.
18. Houd de accu uit de buurt van kinderen.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’sdiezijngewijzigd,kanertoeleidendatdeaccu ontploftenbrand,persoonlijkletselenschadeveroor- zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita. Tips voor een maximale levens- duur van de accu
1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen
is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
2. Laad een volledig opgeladen accu nooit
opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.
3. Laad de accu op bij een omgevingstempera-
tuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.
4. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u
hem vanaf het gereedschap of de lader.
FUNCTIES LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. De accu aanbrengen en verwijderen LET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijkletselwordenveroorzaakt. Omdeaccuaantebrengenlijntudelipopdeaccuuit metdegroefindebehuizingenduwtudeaccuopzijn plaats.Steekdeaccuzovermogelijkinhetgereed- schap tot u een klikgeluid hoort. Wanneer het rode deel zichtbaar is, zoals aangegeven in de afbeelding, is de accu niet geheel vergrendeld. Omdeaccuteverwijderenverschuiftudeknopaande voorkantvandeaccuenschuiftutegelijkertijddeaccu uit het gereedschap. ►Fig.1: 1. Rood deel 2.Knop3. Accu LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Alsdeaccunietgemakkelijkinhetgereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. Accubeveiligingssysteem Het gereedschap is uitgerust met een accubeveiligings- systeem.Ditsysteemsluitautomatischdevoeding naar de motor af om de levensduur van de accu te verlengen. Hetgereedschapkantijdensgebruikautomatischstop- pen wanneer het gereedschap en/of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld: Overbelasting: Als het gereedschap wordt gebruikt op een manier die een abnormaal hoge stroomsterkte vergt. Schakel in dat geval het gereedschap uit en stopt u met de toepassing waardoor het gereedschap overbelast raakte. Schakel vervolgens het gereedschap in om het weer te starten. Als het gereedschap niet start, kan de accu oververhit zijn.Indiesituatielaatudeaccueerstafkoelenvoordat u het gereedschap opnieuw inschakelt. Onvoldoende accuspanning: De resterende accucapaciteit is te laag en het40 NEDERLANDS gereedschap start niet. Als u het gereedschap inscha- kelt, draait de motor wel maar stopt kort daarna. In dat gevalverwijdertudeaccuenlaadtudieopnieuwop. De resterende acculading controleren Alleen voor accu’s met indicatorlampjes ►Fig.2: 1.Indicatorlampjes2. Testknop Druk op de testknop op de accu om de resterende acculadingtezien.Deindicatorlampjesbrandengedu- rende enkele seconden. Indicatielampjes Resterende capaciteit Brandt Uit 75% tot 100% 50% tot 75% 25% tot 50% 0% tot 25% OPMERKING:Afhankelijkvandegebruiksomstan- digheden en de omgevingstemperatuur, is het moge- lijkdatdeaangegevenacculadingverschiltvande werkelijkeacculading. De trekkerschakelaar gebruiken ►Fig.3: 1. Schakelhendel LET OP: Alvorens de accu in het gereedschap aan te brengen, moet u altijd controleren of de schakelhendel goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand “OFF”. Omhetgereedschaptestarten,knijptugewoonde schakelhendel in. Hoe harder u de schakelhendel inknijpt,hoesnellerhetgereedschapdraait.Laatde schakelhendel los om het gereedschap te stoppen. De lamp op de voorkant gebruiken LET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in de lichtbron. ►Fig.4: 1. Schakelhendel 2. Lamp Knijpdeschakelhendelinomdelampinteschakelen. Delampblijftbrandenzolangdeschakelhendelwordt ingeknepen. De lamp gaat automatisch uit ongeveer 10 seconden nadat de schakelhendel is losgelaten. OPMERKING: Gebruik een droge doek om vuil van de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig dat u de lens van de lamp niet bekrast omdat dan de verlichting minder wordt. De omkeerschakelaar bedienen LET OP: Controleer altijd de draairichting alvorens het gereedschap te starten. LET OP: Verander de stand van de omkeer- schakelaar alleen nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting verandertterwijlhetgereedschapnogdraait,kanhet gereedschap beschadigd raken. LET OP: Zet de omkeerschakelaar altijd in de neutrale stand wanneer u het gereedschap niet gebruikt. Dit gereedschap heeft een omkeerschakelaar voor het veranderen van de draairichting. Druk de omkeerscha- kelaar in vanaf kant A voor de draairichting rechtsom, of vanaf kant B voor de draairichting linksom. Wanneer de omkeerschakelaar in de neutrale stand staat, kan de schakelhendel niet worden ingeknepen. ►Fig.5: 1. Omkeerschakelaar MONTAGE LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Het schroefbit aanbrengen en verwijderen Voor een gereedschap met een bus om het bit te bevestigen Gebruik uitsluitend een schroefbit/schroefdop met een insteekgedeelte zoals aangegeven in de afbeelding. Gebruik geen ander schroefbit/schroefdop. ►Fig.6: (1) 12 mm (2) 9 mm Om het schroefbit te plaatsen, trekt u de bus in de rich- tingvandepijlensteektuhetschroefbitzovermogelijk in de bus. Laat daarna de bus los om het schroefbit te vergrendelen. ►Fig.7: 1. Schroefbit 2. Bus Voor een gereedschap zonder een bus om het bit te bevestigen Gebruik uitsluitend een schroefbit/schroefdop met een insteekgedeelte zoals aangegeven in de afbeelding. Gebruik geen ander schroefbit/schroefdop. ►Fig.8: (1) 8 mm Gebruik insteekbits zoals aangegeven in de afbeelding. Om het bit aan te brengen, steekt u het gewoon in de draaikop. ►Fig.9: 1. Insteekbit 2. Draaikop41 NEDERLANDS OPMERKING: Als het schroefbit niet diep genoeg in de bus wordt gestoken, zal de bus niet naar haar oorspronkelijkepositieterugkerenenzalhetschroef- bit niet goed vastzitten. In dat geval dient u het bit opnieuw erin te steken volgens de bovenstaande procedure. Een dop aanbrengen of verwijderen Gebruikaltijddejuistemaatdopvoorhetvastdraaien van bouten en moeren. Het gebruik van een dop met een verkeerde maat zal een onnauwkeurig en onregel- matig aandraaimoment en/of beschadiging van de bout of moer tot gevolg hebben. Om de dop aan te brengen, duwt u hem op het aam- beeldvanhetgereedschaptotdezeopzijnplaatswordt vergrendeld.Omdedopteverwijderen,trektudeze gewoon eraf. ►Fig.10: 1. Dop 2. Aambeeld De haak aanbrengen Optioneel accessoire WAARSCHUWING: Gebruik de opgang-/ bevestigingsmiddelen alleen waarvoor ze bedoeld zijn, d.w.z. ophangen aan een gereedschapsgor- del tussen werkzaamheden of tijdens pauzes. WAARSCHUWING: Wees voorzichtig dat de haak niet overbelast wordt aangezien een te hoge kracht of onregelmatige overbelasting kan leiden tot beschadiging van het gereedschap met per- soonlijk letsel tot gevolg. LET OP: Als u de haak aanbrengt, bevestigt u deze altijd stevig met de schroef. Als u dit niet doet, kandehaaklosrakenentotpersoonlijkletselleiden. LET OP: Verzeker u ervan dat het gereed- schap veilig hangt voordat u het loslaat. Door onzorgvuldig of ongebalanceerd ophangen kan het gereedschaperafvallenenpersoonlijkletselworden veroorzaakt. OPMERKING: Wanneer dit gereedschap wordt gebruikt met de accu BL1050B, is de optionele haak diehoortbijaccuBL1050Bnodig. ►Fig.11: 1. Gleuf 2. Haak 3. Schroef Dehaakishandigomhetgereedschaptijdelijkop tehangen.Dehaakkanaaniederezijkantvanhet gereedschap worden bevestigd. Om de haak te beves- tigen,steektudezeineengleufopeenzijkantenzet u hem vast met de schroef. Om de haak eraf te halen, draait u de schroef los en haalt u de haak eraf. De haakse kop afstellen Dehaaksekopkan360°wordengedraaid(8standenin stappenvan45graden).
1. Draaidezeskantboutlosenverwijderdehaakse
bevestig deze weer op het gereedschap zodanig dat de tandenopdebehuizinguitgelijndzijnmetdegroevenin de haakse kop. ►Fig.13: 1. Gleuf 2. Tand
3. Draai de zeskantbout vast om de haakse kop te
bevestigen. Rechte kop en ratelkop Optioneel accessoire Rechtekoppenenratelkoppenzijnbeschikbaarals optionele accessoires voor meerdere toepassingen in het werk. Rechte kop ►Fig.14 Ratelkop ►Fig.15 BEDIENING LET OP: Druk de accu altijd stevig aan totdat die op zijn plaats vastklikt. Wanneer het rode deel aan de bovenkant van de knop nog zichtbaar is, zit de accu er nog niet helemaal in. Schuif hem er helemaal in totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit nalaat, zou de accu uit het gereedschap kunnen vallen en uzelf of anderen kunnen verwonden. KENNISGEVING: Als u een reserveaccu gebruikt om de werkzaamheden voort te kunnen zetten, geeft u het gereedschap minstens 15 minuten rusttijd. Hetjuisteaandraaimomentkanverschillenafhankelijk van het soort en de maat van de schroef/bout, het materiaal van het te bevestigen werkstuk, enz. De ver- houdingtussenhetaandraaimomentendeaandraaitijd wordt aangegeven in de afbeeldingen. Standaardbout ►Fig.16: 1.Aandraaitijd(seconden)
2. Aandraaimoment 3. Juiste aandraaimo-
mentafhankelijkvandeboutdiameter Bout met hoge trekvastheid ►Fig.17: 1.Aandraaitijd(seconden)
2. Aandraaimoment 3. Juiste aandraaimo-
mentafhankelijkvandeboutdiameter Voor een haakse accuslagschroevendraaier Houd het gereedschap stevig vast en plaats de punt van het schroefbit in de schroefkop. Oefen zoveel kracht op het gereedschap uit als nodig is om het schroefbitopzijnplaatstehouden.Schakelvervolgens het gereedschap in om de bediening te starten. ►Fig.18 Het aandraaimoment wordt beïnvloed door een groot aantal verschillende factoren, waaronder de volgende. Controleernahetvastdraaienaltijdhetaandraaimo- ment met een momentsleutel.42 NEDERLANDS
1. Wanneerdeaccubijnaleegis,neemtdespanning
Het aandraaimoment vermindert als u niet een schroefbitofschroefdopvandejuistemaat gebruikt.
- Zelfswanneerhetkoppelcoëciëntover- eenkomtmetdeboutklasse,hangthetjuiste aandraaimoment af van de boutdiameter.
- Zelfswanneerdeboutdiametersgelijkzijn, hangthetjuisteaandraaimomentafvan hetkoppelcoëciënt,deboutklasseende boutlengte.
4. De manier van vasthouden van het gereedschap
en de positie waar de schroef in het materiaal wordt gedraaid, hebben een invloed op het aandraaimoment.
5. Bijlageretoerentallenwordtookhetaandraaimo-
ment kleiner. OPMERKING:Gebruikaltijdhetbitdatgeschiktis voor de kop van de aan te draaien schroef/bout. OPMERKING: Houd het gereedschap vooral recht op de schroef. OPMERKING: Als de slagkracht te hoog is of u de schroef langer aandraait dan aangegeven is in de afbeeldingen, kan de schroef of de kop van het schroefbit overbelast, vervormd of beschadigd wor- den.Alvorensuaanhetwerkgaat,dientualtijdeven proeftedraaienomdejuisteaandraaitijdvooruw typeschroeftebepalen. Voor een haakse accuslagschroevendraaier Houd het gereedschap stevig vast en plaats de slagdop over de bout of moer. Schakel het gereedschap in en draaivastgedurendedejuisteaandraaitijd. ►Fig.19 Het aandraaimoment wordt beïnvloed door een groot aantal verschillende factoren, waaronder de volgende. Controleernahetvastdraaienaltijdhetaandraaimo- ment met een momentsleutel.
1. Wanneerdeaccubijnaleegis,neemtdespanning
- Het gebruik van een slagdop van een ver- keerde maat zal resulteren in een lager aandraaimoment.
- Eenversletenslagdop(slijtageaanhetzes- kantigofvierkanteuiteinde)zalresulterenin een lager aandraaimoment.
- Zelfswanneerhetkoppelcoëciëntover- eenkomtmetdeboutklasse,hangthetjuiste aandraaimoment af van de boutdiameter.
- Zelfswanneerdeboutdiametersgelijkzijn, hangthetjuisteaandraaimomentafvan hetkoppelcoëciënt,deboutklasseende boutlengte.
4. Door het gebruik van een universeelkoppeling
of verlengstuk zal de aandraaikracht van de slagmoersleutelietslagerzijn.Hiervoorkuntu compenseren door wat langer aan te draaien.
5. De manier van vasthouden van het gereedschap
en de positie waar de schroef in het materiaal wordt gedraaid, hebben een invloed op het aandraaimoment.
6. Bijlageretoerentallenwordtookhetaandraaimo-
ment kleiner. OPMERKING: Houd het gereedschap recht voor de bout of moer. OPMERKING: Een buitensporig hoog aandraaimo- ment kan de bout/moer of slagdop beschadigen. Voordatuaanhetwerkgaat,dientualtijdevenproef tedraaien,omdejuisteaandraaitijdvooruwboutof moer te bepalen. ONDERHOUD LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was- benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoudofafstellingentewordenuitgevoerdbijeen erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijdmetgebruikvanMakita-vervangingsonderdelen. OPTIONELE ACCESSOIRES LET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven.Bijgebruikvanandereaccessoiresof hulpstukkenbestaathetgevaarvanpersoonlijkelet- sel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel. Wenstumeerbijzonderhedenoverdezeacces- soires,neemdancontactopmethetplaatselijke Makita-servicecentrum.
Notice-Facile