CW 3 Klean!Star - Autowas Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CW 3 Klean!Star Kärcher in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CW 3 Klean!Star Kärcher
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autowas in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CW 3 Klean!Star - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CW 3 Klean!Star van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING CW 3 Klean!Star Kärcher
Algemene instructies. 94
Milieubescherming 94
Veiligheidsinstructies 94
Wateraansluiting 96
Toebehoren en reserveonderdelen
Installatiebeschrijving. 97
Bedieningselementen 100
Displaybeschrijving 102
Inbedrijfstelling 104
Werking. 104
Buitenwerkingstelling 107
Onderhoud 108
Hulp bij storingen 114
Garantie 116
EU-conformiteitsverklaring 117
Algemene instructies

Voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, dient u deze originele gebruiksaaanwijzing en het hoofdstuk
veiligheidsinstructures door te lezen en deze in acht te nemen.
Bewaar deze voor later gebruik of voor de volgende eigenaar.
Milieubescherming

verpakkingsmaterialen zijn herbruikbaar. Verwijder ver- kingen op een milieuvriendelijk manier.

ktrische en elektronische apparaten bevatten waardevolcycyclebare materialen en vaak bestanddelen zoals batte, accu's of olie, die bij onjuiste omgang of verkeerd
afvalverwijdering een potentieel gevaar voor de gezondheid van de mens en voor het milieu kannen vormen. Voor een correcte werkig van het apparaat+zijn deze bestanddelen echteroodzakelijk. Voer apparaten met dit symbol niets samen met het huisvuii af.
Instructies betreffende ingredienten (REACH)
Actuele informatatie over ingredienten vindt u op: www.kaercher.de/REACH
Veiligheidsinstructies
Bij een verkeerde bediening of verkeerd gebruik dreigt er gevaar voor de bediener en andere Personen door:
Hoge waterdruk
Hoge elektrische spanning
Perslucht
Zuiveringsmiddelen
Lees, om risico's voor Personen, dieren en dingen te voorkomen, voor het eerste gebruik van de installmente:
- De gelebruiksaanwijzing inclusief alle veiligheidsinstrukties
- De betreffende nationale voorschriften van de wetgever
- De veiligheidsinstrumentes die bij de gebruike reinigingsmidellen zichn bijgevoegd
Vergewis u ervan:
-
Dat u selbst alle aanwijzingen begrepen hebts
-
Dat alle gebruikers van de installmentie inzake de aanwijzingen op de hoogte zijn gesteld en deze begren hebben Alle Personen die met deplaatsing, inbedrijfstelling en bediening te maken hebben,要去en:
Adequaat gekwalificeerd zich
- De gebruiksaanwijzing kennen en in acht nemen
- De betreffende voorschriften kennen en in acht nemen Zorg ervoor dat in geval van zelfbediening alle gebruikers door middel van duidelijk zichbare aanwijzingen worden geinfor-meerd over:
Mogelijke gevaren
Veiligheidsvoorschriften
- De bediening van de installment
De gebruiksaanwijzing moet door de exploitant van de wasinstallatie conform deplaatslijke en personele omstandigheden in een gebruksiinstructie worden omgezet. De gebruksiinstruktie要去en geschikte manier door klaarleggen of ophangen aan de werkplekbekend worden gemaakt.
Gevarenniveaus
△GEVAAR
- Aanwijzing voor direct dreigend gevaar dat tot zware of dodelijke verwondingen leidt.
△WAARSCHUWING
- Aanwijzing voor een möglichke gevaarlijke situatie die tot zware of dodelijkke verwondingen kan leiden.
△VOORZICHTIG
- Aanwijzing voor een möglichke gevaarlijke situatie die tot lichte verwondingen kan leiden.
LET OP
- Aanwijzing voor een möglichke gevaarlijke situatie die tot materièle schade kan leiden.
Voorschriften en richtlijnen
Voor het gebruik van deze installmentie gelden in de bondsrepubliek Duitsland volgende voorschriften en richtlijnen (verkrijngbaar bij Carl Heymanns Verlag KG, Luxemburger Straße 449, 50939 Köln):
- Voerschriftinzake ongevallenpreventie "Algemene voorschriften" BGV A1
Veiligheid voertuigwasinstallaties EN 17281
Verordening m.b.t. de bedrijfsveiligheid (BetrsichV)
Voertuigwasinstallations
Het bedieren, bewaken, onderhonden en controlleren van voertuigwasinstallaties mag alleen door Personen worden uitgevoerd die met deze werkzaamheden en met de gebruiksaanwijzing vertrouwd zijn en die over de met de installmentie gepaard gaande gelevaren zich geinformeerd.
Miliuverontreinigdeorvoertuigen
Lekkende oliën.
Beschem de bodem en voer de afgewerkte olie op een milieuvriendelijkme manier af.
Laat de tandwielolie en minerale olie bevattend afvalwater nicht in de bodem of wateren terechtkomen.
Behandel het afvalwater vooraleer u het in de riolering verecht maarkommen.
Neem deplaatselijk geldende wettelijk bepalingen en afvalwaternvoorschriften in acht.
Zelfbediening
Bij zichlukzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak, zielkuijzak,
Voor de gebruiker van de wasinstallatie要去en goed zichtbare instructies over bediening en reglementair gebruik van de wasinstallatie aan de wasinstallatie zijn aangebracht.
Onderhoud en instandhouding
Onderhouds- en instandhoudingswerkzaamheden mogen princi- pieel alleen bij een uitgeschakelde wasinstallatie worden uitgevoerd.
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel door machinebewegingen
Schakel de installmenté vór onderhouds- en instandhodiums-werkzaamheden UIT.
Beveilig de hoofdschakelaar gegen het herinschakelen, bijv. met een hangslot.
Gebruik met reinigingsmittel
WAARSCHUWING
Gevaar door voor de gezondheid gevaarlijke stoffen in reingingsmiddelen
Neem de veiligheidsgegevensbladen van de reinigingsmiddelen in acht.
Neem de voorgeschreveen veiligheidsmaatregelen in acht.
Draag voorgeschreveen veiligheidskleding, zoals veiligheidsbril en veiligheidshandschoenen.
LET OP
Verhoogd corrosiegevaar door het gebruik van ongeschekte reinigingsmiddelen
Verwerk volgende reinigingsmiddelen aan de installmentiet:
Reinigungsmiddelen die voor de reiniging van de washal bestemdহn.
Reinigungsmiddelen die voor de uitwendige reiniging van de wasinstallatie bestemd�.
Zure reinigingsmiddelen.
Reinigingsmiddelen die met een afzonderlijk toestel op het voertuig aangebracht worden (bijv. velgreiniger).
Middel voor de afvalwaterbehandeling.
Betreden van de portaalwasinstallatie
△GEVAAR
Gevaar door betreden van de portalwasinstallatie
Verbied voor onbevoegde personen het betreden van de portaal wasinstallatie.
Wijs duidelijk en permanent op het toegangsverbod.
Glijgevaar
LET OP
Glijgevaar door natheid
Draag geschikt schoeisel bij het betreden van de installmenten beweeg voorzichtig.
Wijs klanten door geschikte en permanent aanwezige borden op het glijgevaar.
Bediening van de installmentie
WAARSCHUWING
Gevaren door foute bediening
over het gebruik van de installmentie geinstrueerd zich,
hun kunde m.b.t. het bedieren hebben aangetoond,
explicit de opdracht hebben gebruik voor het gebruik.
De gebruiksaanwijzing要去elke bediener toegankelijk zijn.
De installmentie mag nicht worden bediend door Personen onder 18aar.
Uitzondering hierop vormen leerlingen boven 16aar onder toezicht.
WAARSCHUWING
Struikelgevaar door op de grond liggende voorwerpen of toevoerleidingen
Verwijder vór de ingebruikneming van de installment op de wasplaats liggende voorwerpen.
Vorstgevaar
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel en beschadiging door ijsvorming in de installmentie
Tap bij vorstgevaar het water uit de installmente af.
Houd de verkeerswegen voor alle personen slipvast (bijv. vloerverwarming, kiezel).
Werkplek
De installment worden aan het bedieningspaneel of een waskaart-/ codelezer in gebruik genomen.
Voor de wasbeurt要去e inzittenden het voertuig verlaten.
- Tijdens het wasproces is het betreden van de installmentie verboden.
Gevarenbronnen
Algemene gevaren
△GEVAAR
Verwondingsgevaar door ontsnappende perslucht, hoge-drukwater aan de sproeierkop alsook wegviegende vuildeeltjes of dergelijkte in het bereik van de roterende borstels!
Loskomende vuildeeltjes of voorwerpen+kennen personen of die- ren verwonden.
Perslicht of hagedrukwater kan zichs bij een uitgeschakelde installmentie nog onder druk staan.
Houd de halbodem vrij van los rondslingerende voorwerpen.
Bedien de persluchtinstallatie resp. het hogedruksystem voorzichtig.
Draag bij werkzaamheden eeneiligheidsbril.
Explosiegevaar
GEVAAR
Explosiegevaar
Gebruik de installment Niet in de buurt van explosieve ruimtes.
Hiervan uitbezonderd zijn uitdrukkelijk hiervoordoboelde en als zodanig aangeduide installaties
Gebruik als reinigingsmittel geen explosieve of giffige stoffen, zoals bijv.:
- Benzine
Stookolie of dieselbrandstof
Oplosmiddelen
Oplosmiddelhoudende vloeistoffen
Zuren
Aceton
Instructie
Vraag bij de fabrikant na als u Niet zeker bent.
Gehoorschade
De van de installmentie uitgaande geluiden zijn zonder gevaar voor de klant van de wasinstallatie vanwege de kortstondige belasting.
Instructie
Aan de inrijzijde bedraagt het geluidsniveau bij droge werkinq 91 dB(A).
△WAARSCHUWING
Gehoorschade voor bedieningspersoneel bij droge werkinq Draag bij droge werkinq een gehoorbescherming.
Gehoorschade door hoog volume in de machineruimte
Draag geschikte gehoorbeschermingijdens het verblijf in de machineruimte.
Elektrische gezaren
△GEVAAR
Gevaar voor elektrische schok
Neem elektrische onderdelen en leidingen nooit met natte han-den vast.
Zorg ervoor dat elektrische aansluitkabels of verlengsnoeren nicht door erover te rijden, te pletten, te verrormen of dergelijkke kunnen worden beschadigd.
Richt nooit een waterstraal op elektrische apparaten of installations.
Beschem alle stroomvoerende delen in het werkbereik gegen waterstralen.
Sluit de installmentie uitsluitend aan op stroombronnen die in overeenstemming met de voorschriften zich geaard.
Laat alle werkzaamheden aan elektrische onderdelen van de installmentatie alleen door een elektricien uitvoeren.
Voor de gezondheid gevaarlijke stoffen
△GEVAAR
Gevaar door voor de gezondheid gevaarlijke stoffen
Neem absolut de bijgevoegde en opgedrukte instructies voor de reinigingsmiddelen in acht.
Drink nooit het door de installmentie afgegeven water! Door het bijgemengde reinigingsmiddel bezit het geen drinkwaterkwaliteit.
Neem de voorschriften m.b.t. de kiemremming van de fabrikant van de zuiveringsinstallatie in alot als u voor het gebruik van de installmentatie industriewater gezruikt.
Zorg ervoor dat stoffen, die nicht bij een algemeen gebruikelijke buitenreiniging van voertuigen ontstaan (zoals bijv. zware meta-len, pesticiden, radioactieve stoffen, fecalien of smetstoffen), nied in de wasinstallatie terechtkommen.
Gevaardoor stroomuitval
Het ongecontroleerd heropstarten van de installmente na een stroomuitval is door constructieve maatregelen uitgesloten.
Gevaar voor het milieu door afvalwater
Neem deplaatselijke bepalingen voor de afvalwaterafvoer in acht.
Instandhoulding en bewaking
Om een veilige werkig van de installment te garanderen en gevaaren bij onderhoud, bewaking en controle te verhinderen, moeten de betreffende aanwijzingen in acht worden genomen.
Onderhoud en instandhouding
Onderhouds- en instandhoudingswerkzaamheden要去en door een deskkundige persoon op regelmatigeijdstippen volgens de aanwijzingen van de fabrikant worden UITgevoerd. Neem hierbij bestaande bepalingen eneiligheidseisen in acht. Laat werkzaamheden aan de elektrische installmentatie alleen door een elektricien uitvoeren.
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel door machinebewegingen
Schakel de installment voor onderhouds- en instandhoudingswerkzaamheden UIT.
Beveilig de hoofdschakelaar gegen het herinschakelen, bijv. met een hangslot.
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door persluchttanks en -leidingen die na het uitschakelen van de installmentie onder druk staan.
Bouw voor alle werkzaamheden aan de installmentie de druk af.
Controleer de drukloosheid aan de manometer van de onderhoudseenheid.
△WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door hogedruksystem dat na het uitschakelen van de installment onder druk staat.
Schakel vór alle werkzaamheden aan de installmentie het hogedruksystem drukloos.
Bewaking.
Deze wasinstallatie moet vór de eerste inbedrijfstelling en daarna minstens halfjaarliks door een deskundige person op veilige toestand worden gecontroleerd.
Deze controle omvat vooral:
- Visuele controle m.b.t. uiterlijk herkenbare slijtage resp. beschadiging
- Functiecontrole
- Volledigkeit en werkung van veiligheidsnrichtingen bij zich beziehdeningsinstallaties dagelijks voör het beginn van het werk, bij bewaakte installations indien nodig, minstens darüber een keer per maand.
Originele onderdelen gebruiken
Gebruik uitsluitend originele onderdelen van de fabrikant of door hem aanbevolen onderdelen,,ondat anders garantieclaims verrallen.
Neem alle veiligheids- en gebruiksinstructies in acht die bij deze onderdelen zich meegeleverd.
Dit betreft:
- Reserveonderdelen en slijtageonderdelen
Toebehoren
Bedrijfsstoffen
Zuiveringsmiddelen
Veiligheidsinrichtingen
De hagedrukpompen voor de voorzieening van de bodemwasinrichting en het hagedrukwassen hebben de volgende verilgheidsinrichtingen.
Veiligheidsventiel
Het veiligheidsventiel gaat open bij overschrijding van de toegtstane bedrijfsoverdruk en het water stroomdtrukloos waar buiten.
Deze wasinstallatie is uitsluitend voor de uitwendige reiniging van personenauto's met standarduitrusting en gesloten leverwagens bestemd.
Tot het reglementaire gebruik behoren ook:
- Naleven van alle aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing.
In acht nemen van de inspectie- en onderhoudsvoorschriften.
LET OP
Gevaar voor beschadiging van de voertuigen bij het gebruik van CareTouch-borstels
Rust de installation met een aanbouwset hoge druk uit of reinig de voertuigen voor als u CareTouch-borstels gebruikt.
Afmetingen in ache nemen
Om schade aan voertuigen en de wasinstallatie te vermijden, mo- gen alleen personenauto's en gesloten leverwagens overeenkomstig de opgegeven grensmaten worden gereinigd, zie hoofdstuk Technische gegevens.
Wateraansluting
Om het drinkwaternet te beschermen, moet er conform EN 1717 een netscheiding van categorie 5+tussen installmente en drinkwaternetwork worden ingebouwd.
Opstelling
De installmentie要去 door gekwalificeerd vakpersoneel worden opgesteld. Bij de opstelling moeten deplaatselijk geldende veiligheidsbepalingen in acht worden genommen (bijv. afstanden:tusseninstallatie en gebouw).
Te voorzien fout gebruik
Niet-reglementair gebruik is verboden.
Het bedieningspersoneel is aansprakelijk voor gevaar dat door het Niet toegestane gebruik ontstaat. Het gebruik voor andere doeleinden dan in deze documentatie beschreiben is verboden.
LET OP
Materièle schade aan voertuigen en installmentie door het Niet naleven van de voertuiggrensmaten
Neem de opgegeven voertuiggrensmaten in acht, zie hoofdstuk Technische gegevens.
De portaalwasinstallatie is nicht geschikt voor de reiniging van:
- Speciale motorvoertuigen, zoals bijv. voertuigen met maar voren boven de voorruit ofঀ aanchteren boven de achtermruit staande dak- en alkoofopbouweenheden
Bouwmachines
Voertuigen met aanhanger
- Tweewiel- en driewielvoertuigen
Voertuigen met dubbele banden
Pick-ups (optioneel möglichk)
- Cabrio's met open kap
- Cabrio's met gesloten kap zonder bewijs van de fabrikant voor geschiktheid voor wasinstallaties
Worden deze aanwijzingen Niet in acht genomen, dan is de fabrikant van de installmentie Niet aansprakelijk voor waaruit resultederend(e)
lichamelijk letsel,
materielle schade,
- letsels bij dieren.
Ongeschikte reinigingsmiddelden
LET OP
Verhoogd corrosiegevaar door het gebruik van ongeschekte reingigungsmiddelen
Volgende reinigingsmiddelen mogen Niet door de installment worden verwerkt:
- Reinigingsmiddelen die voor de reiniging van de washal bestemdহ.
-
Reinigungsmiddelen die voor de uitwendige reiniging van de wasinstallatie bestemd zijn.
Zureinigingsmiddelen. -
Reinigingsmiddelen die met een afzonderlijk toestel op het voertuig aangebracht worden (bijv. velgreiniger).
Middel voor de afvalwaterbehandeling.
Toebehoren en reserveonderdelen
Gebruik alleen origineel toebehoren en originele reserveonderdelen. Deze garanderen een veilige en storingsvrije werkig van het apparaat.
Informatie over toebehoren en reserveonderdelen vindt u onder www.kaercher.com.
Installatiebeschrijving
Installatieverzicht inrijzijde

② Positioneringslamp
Zuill 1
② Sproeiers borstelbewaking (circuit A1 / A2 / A3 optionele in deplaats van C3)
③Dakborstel
4Zuil 2
⑤Hogedrukventielen
(6)Pneumatisch ventieleiland
Doseerpompen
(8)Onderhoudseenheid
Drukregelaar
10 Reinigings- en onderhoudsmiddel
(1)Onderstel
② Sproeiers vers water, chemische drooghulp, was (circuit A1)
(13)Sproeiers velgschuim / velgen voorsproeien
④Wielwasnrichting
(15)Hogedruksproeier wielwasser / wielkastreiniging
Sproeiers schuim, insecten, intensief Basic (circuit B2)
⑦ Sproeiers industriewater, shampoo (circuit B1)
Hogedruksproeiers
19)Looprails
Indicatie wasfase
Installatieverzicht uitrijzijde

①Zijborstel 2
(2)Dakborstel
③ Sproeiers polijsten (circuit C3)
(4) Sproeiers vers water, chemische drooghulp, was (circuit C2)
Sproeiers industriewater, shampoo (circuit C1)
6Dakventilatormotor
7 Rotatiemotor zijborstel 2
(8) Dakdroger
(9) Rotatiemotor zichborstel 1
10Zijborstel 1
Standaarduitrusting
Zijborstels
De roterende zijborstels reinigen het voertuig aan de zijkant, vooraan en achteraan.
Dakborstel
De roterende dakborstel verwijdert het vuil van de bovenkant van het voertuig.
Wielwasinrichting (schijfborstel)
Voor een grondige velgenreiniging is de wasinstallatie met twee welwasinrichtingen uitergerust. De positie van de wielen worden door een fotocel geregisteerd.
De roterende borstels worden door pneumatische cilinders gegen de velg gedrukt.
De besproeiing van de borstels gebeurt telkens door een in het centrum aangebrachte spreier.
Instructie
Een in de hoogte verstelbare welwasnrichting is optioneel verkrijgbaar.
Sproeiers en spreibogen
Met de spreieers en spreieibogen worden industriewater en schoon water op het voertuig gesproeid.
Afhankelijk van het wasprogramma wordt het water met reinigings- en onderhoudsmiddel gemengd.

A1 = schoon water, chemische drooghulp (CTH), was
A2 = industriewater, shampoo
A3 = polijsten (optioneel, in deplaats van C3)
B1 = industriewater, shampoo
B2 = schuim, insecten, intensief Basic
C1 = industriewater, shampoo
C2 = schoon water, CTH, was
C3 = polijsten
G = velgen voorspuiten
L = teerverwijderaar
K = bandenglans
H2=hoge druk wielwas
H 3 = zijdelingse hagedruksproeiers
H4 = hogedruksproeiers dak
Schuim-wasbeurt
Het reinigingsmiddel voor de Voorreiniging worden ter verlenging van de inwerktijd als schuim aangebracht.
Vuilvangers
De vuilvangers honden deeltjes gegen die de sproeiers zonden können verstoppen.
Doseerpompen
De doseerpompen voegen reinigings- en onderhoudsmiddel aan het water toe.
Zijdrogers
Uit de drogers stroomt de voor het droogblazen van de voertuig-zijden benodigde lust.
Dakdroger
De drogerbalken worden langs de contouren van het voertuig geleid. Ingebouwde ventilatoren zorgen voor de luchtstroom die nodig is om het voertuig te drogen.
Positioneringslamp
De positioneringslamp heeft volgende functies:
- Vóor het wassen voor het positioneren van het voertuig.
- Na het wassen worden de uitrijrichting weergegeven.
Weergave van storingen.
Fotocellen
Met de fotocellen worden het volgende geregisteerd:
- Positie en contouren van het voertuig.
- De positie van de voertuigwielen.
Reinigings- en onderhoudsmiddel
De reingigings- en onderhoudsmiddelbussen en doseerpompen bevinden zich in de zuil 2.
In de zuil 2 konnen maximaal 8 bussen worden ondergebracht. Zijn er meer bussen nodig, dan kan de voorziening optioneel vanuit de technische ruimte gebeuren.
De zuigslangen, bussen en bijbehorende doseerpompen zich met bezelfde kleuren gemarkeerd. Markering van de doseerpompen.
| Naam | Aanduiding Verbruik Bestelnr. | ||
| RM 896 | Vehicle Pro Klear! RIM* 15-25ml 6.296-077.0 | ||
| RM 890 | Vehicle Pro Klear! Prewash* 10-14ml 6.296-003.0 | ||
| RM 891 | Vehicle Pro Klear! Brush* 7-10ml 6.295-995.0 | ||
| RM 892 | Vehicle Pro Klear! Foam* 8-10ml 6.295-998.0 | ||
| RM 893 | Vehicle Pro Klear! Dry* 8-12ml 6.296-001.0 | ||
| RM 894 | Vehicle Pro Klear! Glow* 10-15ml 6.295-993.0 | ||
| RM 837 | Vehicle Pro Klear! Plus** 15ml 6.295-779.0 | ||
- Vatgrootte 10 liter
**Vatgrootte 20 liter
Typeplaatje
Op het typeplaatje vindt u de belangrijkste gegevens over de installmentatie.
Besturingskast
De besturingskast van de installmentie bevindt zich aan de toevoer-verdeler.
Voedingsverdeler
Op de voedingsverdeler is de hoofdschakelaar van de installmenta aangebracht.
De voedingsverdeler befindt sich buten van de wasinstallatie in de technische ruimte of een andere geschikteplaats in de buurt van de wasinstallatie.

(1)Voedingsverdeler
2Sleutelschakelaar, zie ABS telsystemen
-0=installatieuit
-1 = bediening via waskaartlezer
- 2 = bediening via waskaartlezer en bedieningspaneel (display)
③Hoofdschakelaar, zie Hoofdschakelaar
Noodstop
Bij gevaar voor Personen, voorwerpen en dieren要去 de instal-. latie door het indrukken van de "NOODSTOP"-toets onmiddelijk worden uitgeschakeld.
"NOODSTOP"-toetsen bevinden zich:
- aan de waskaart-/codelezer.
aan het bedieningspaneel. - optioneel aan de ingang van de washal als het bedieningsspaneel of de waskaart-/codelezer zich Niet waar bevinden.
Bedieningsplaats
De wasinstallatie worden geleverd met:
- een bedieningspaneel met display
- een waskaart-/codelezer (optie)
Kantelbeveiliging
Een mechanische beveiliging houdt de installmentie ook bij fouitief gedrag van de wasklant op de loopprails.
Opties
Waskaartlezer/codelezer
Voor het gebruik van de wasinstallatie met zichfbediening worden een waskaartlezer of een codelezer gebruikt.
Instructie
De voor het gebruik nodige waskaarten/codes zich op de betreffende installmentie geprogrammeerd.
Industriewateraansluiting
De industriewateraansluiting maakt het gebruik van regenwater of recyclingwater als gedeeltelijke verranging van schoon water möglichk.
Planeetwielwasinrichting
In de plaat van een schijfborstel is de planeetwielwasnrichting met 3 borstels uitgerust.
In de hoogte verstelbare wielwasinrichting
De wielwasnrichtingen können bijkomend met een hoogteverstelling worden uitgerust.
Wielkastreiniging
Waterstralen uit 2 bijkomende spreieers per welwasinrichting rei-nigen de welkasten en drempels van het voertuig.
Bodemwasinrichting
Met de bodemwasinrichting kan de voertuigonderkant worden gewassen. Hiervoor wordt water met hoge druk via twee zwenkbare spreierbuizen op de volledige onderkant gesoten.
Voorspuiten (insecten losmaken)
Met de voorspuitsproeiers worden schuim op de voorste helft van het voertuig aangebracht. Het schuim wordenuit water, voorspuitmiddel en perslucht gemaatk.
Intensief basic
Uit stationaire spreieers worden chemisch voorreinigingsmiddel op het voertuig aangebracht.
Het schuem wordenuit water, voorspuitmiddel en perslucht gemaatk.
Velgschuim
Met 2 stationaire schuimsproeiers worden een met perslucht opgeschuimd waterreinigungsmiddelmengsel op de velgen gespoten.
Hogedrukwassen
Met het hagedrukwassen worden het grove vuil van het voertuig-oppervlak verwijderd. Door het minimisieren van het gevaar voor krassporen door zandkorrels of dergelijkde draagt de HD-reiniging in belangrijke mate bij tot de lakbesparende reiniging. Er staan verschillende uitvoeringen ter beschikking:
- Werkdruk 16 bar (1,6 MPa)
- Werkdruk 60 bar (6 MPa)
- Werkdruk 70 bar (7 MPa), hagedrukpomp onboard (in het portaal)
Schuimwax
Uit de spreieers voor de drooghulp worden voor het droogproces schuimwax op het voertuig aangebracht.
Koude was
Uit de koudewassproeiers worden water gemengd met was op het voertuig gespoten. Er konnen 2 verschillende soorten koude was (was 1 en was 2) worden gekozen.
Verwarming voor reinigingsmiddel
De voor verwarming voor reinigingsmiddel bevindt zich in de reinigingsmiddeltoevoer in zui 2.
Vorstbeveiligingsinstallatie
De wasinstallatie kan met een vorstbeveiligingsinstallatie worden uitgerust:
Bij vorstgevaar worden het water automatisch uit het leidingsysteme geblazen.
De uitblaasbewerking worden door eenthermostat gestuurd.
Installatie met omgekeerde osmose
Via de spreieers voor de drooghulp worden gedemineraliseerd water (uit een bij de klant voorhanden of optionele installmentie met omgekeerde osmose) of schoon water met toegevoegde drooghulp op het voertuig aangebracht.
Schuimpolijsten
Met 2 stationaire schuimsproeiers worden een met perslucht geschuimd mengsel uit water en reinigingsmiddel op het voertuig gesoten. Vervolgens vindt een polijstfase met de wasborstels plaats.
Veiligheidsschakelaars
Veiligheidsschakelaars zijn nodig als de vereiste veiligheidsafstanden:tussen de wasinstallatie en vast geinstalleerde inbouweenheden (bijv. wanden, zuilen, wastafels) Niet in acht konnen worden genomen. Veiligheidsschakelaars verhinderen het inklommen van personen:tussen installmentie en wand.
Raakt een veilighheidsschakelaar een hindernis, dan worden de wasinstallatie onmiddelijk gestopt.
Instructie
Controleer de oorzaak als de installmentie door een veiligheidsschakelaar gestopt werden en LAST deze door geauthoriseerd personeel terugzetten.
Spatbescherming
Door de spatbescherming worden aan de wasplaats aangrenzende vlakken gegen wegspattend vuil en spatwater uit de roterende zijborstels beschermd.
De spatbescherming is aan de buitenoppervlakken van de onderstellennen en de zuilen bevestigd.
Wielsporen
De wielsporen haben als taak om een centrale positiOnering van het voertuig te garanderen. Ze verhinderen het neerzetten van het voertuig te ver buiten het midden.
Afstandsreset
Met de reset-functie kan het wasportaal met een commando op afstand via een interface in de uitgangspositie worden gebracht. De functie kan worden geactiveerd via een afzonderlijke parameter in de installmentebesturing.
- In het algemeen mag deze functie alleen worden geactiveerd in landen of opplaatsen waar deze functie toegestaan is.
- Terplaatse要去 videobewaking worden geinstalleerd die het gehele bereik van de washal of het gehele traject van de installmentatie bestrijkt, en verder moeten de voorschriften worden teogepast die van kracht zich in het land/de gemeente waar de installmentatie worden geinstalleerd.
- De personen die de reset op afstand uitvoert, moet zich er eerst via de videobewaking van vergewissen dat er zich geen Personen in het traject van de installmentie bevinden. Indien de opdracht verrolgens door een persoon worden aangevraagd,要去\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ -\ - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - .
- De persoon die de installmentie in+zijn systeem integgreert, bijvoorbeeld via internet, is verantwoordelijk voor deoodzakelijkke beveiliging of cyberveiligheid en er要去en risicoboeordeling van de installmentie worden uitgevoerd.
Poortbesturing
De voorhanden poortbesturing worden door de personenautoportaalbesturing met voor het wasproces juiste signalen aangestuurd.
Er worden een anderscheid gemaakt:tussen zomerpoortbesturing en winterpoortbesturing.
Zomerpoortbesturing
Voor het begin van de wasbeurt zijn de poorten open.
- Het voertuig kan inrijden.
Bij het begin van de wasbeurt worden de poorten gesloten.
- Na het einde van de wasbeurt worden de poorten geopend en blijven deze open.
Winterpoortbesturing
- Voor het begin van de wasbeurt is de inrijpoort gesloten en moet deze voor het inrijden van het voertuig worden geopend. Dit geleurt bijvoorbeeld door het inschuiven van een waskaart in de waskaartlezer.
- Bij het begin van de wasbeurt (bijv. toets "start" aan de waskaartlezer indrukken) worden de inrijpoort gesloten.
- Na het einde van de wasbeurt worden de uitrijpoort geopend en na het uitrijden van het voertuig opnieuw gesloten.
Bedieningselementen
Noodstop
Bij gevaar voor Personen, voorwerpen en dieren moet de instal-. latie door het indrukken van de "NOODSTOP"-toets onmiddelijk worden uitgeschakeld.
"NOODSTOP"-toetsen bevinden zich:
- aan de waskaart-/codelezer.
- aan het bedieningspaneel.
- optioneel aan de ingang van de washal als het bedieningsspaneel of de waskaart-/codelezer zich Niet waar bevinden.
Hoofdschakelaar
De hoofdschakelaar bevindt zich aan de voedingsverdeler.
Voor het inschakelen van de installmentie de hoofdschakelaar op "1" zetten.
ABS telsystemen
Aan de sleutelschakelaar aan de voedingsverdeler, zie Voedingsverdeler, kan worden gekozen vanuit welke bedieningspunten wasprogramma's konnen worden gestart.
- Stand 0: Geen programmastart möglichk
- Stand 1: Programmastart aan de waskaart-/codelezer mogelijk
- Stand 2: Programmastart aan de wiskaart-/codelezer en aan het bedieningspaneel möglichk
Waskaart-/codelezer
Het wasprogramma kan afhankelijk van de uitvoering van de waskaart-/codelezer als volgt worden gekozen:
- Invoer aan een toetsenbord.
- Het op de waskaart aangegeven programma.
- Invoer van een codenummer.
Instructie
Meer aanwijzingen vindt u in de afzonderlijke gebruiksaanwijzing van de waskaart-/codelezer.
Bedieningspaneel

① Noodstopknop
②Display
③Toets stuurspanning/basisstand
Doseerpompen
De reinigings- en onderhoudsmiddelen worden gedoseerd via doseerpompen die zich in de zuil 2 befinden.
De indeling van de doseerpompen dient als voorbeeld. Als sta- daard zijn de doseerpompen 1-4 alttijd zoals afgebeeld ingedeeld. Voor de doseerpompen 5-8 kan uit 7 verschillende reinigings- en onderhoudsmiddelen worden gekozen.

①Doseerpomp
②Doseerpompshampoo
③Doseerpomp schuim
4Doseerpomp was 1
⑤Doseerpomp voorreiniging (insecten)
Doseerpomp was 2
Doseerpomp velgreiniger (velgschuim)
(8)Doseerpomp polijsten
Met de doseerpompen worden aan het waswater reinigings- en onderhoudsmiddelen overeenkomstig het wasprogramma en de uitrusting van de installmentie toegevoegd.
Instructie
De doseerhoeveelheden worden door de monteur bij de eerste inbedrijfstelling van de installmente optimaal ingesteld. In de regel zich er geen wijzigingen van de installmenten vereist.
Markering van de doseerpompen
Instructie
De positionering van de doseerpompen is installatiespecifiek.
| Doseerpomp Reinigings- en onderhoudsmittel | |
| DPA | Drooghulp |
| DPB | Shampoo |
| DPC | Actief schuim |
| DPD | Was 1 |
| DPE | Polijsten 1 |
| DPF | Velgenreinigung |
| DPG | Was 2 |
| DPH | Bandenglans |
| DPI | Insectenvoorreinigung |
Doseerhoeveelheid instellen
| Doseerpomp Reinigings- en onderhoudsmittel | |
| DP K | Polijsten 2 |
| DPL | Intensief Basic |

① Ontluchtingsknop
(2)Ontluchtingshendel
③ Instelknop doseerhoeveelheid
LET OP
Beschadiging van de doseerpomp door droogloop
Stel de doseerhoeveelheid alleen bij een lopende doseerpomp in.
- De instelknop doseerhoeveelheid eruit trekken.
- De ontluchtingsknop afwisseled indrukken en loslaten en ondtussen de instelknop op de gewenste waarde draaien.
- De ontluchtingsknop loslaten.
- De instelknop doseerhoeveelheid indrukken.
Doseerpompontluchten
De luchtdruktoevoer van de installmentie moet in gebruik zich.

① Ontluchtingsknop
(2)Ontluchtingshendel
③ Instelknop doseerhoeveelheid
- De ontluchtingshendel linksom tot aan de aanslag draaien.
- De doseerhoeveelheid op 100% instellen.
-
De ontluchtingsknop zo vaak indrukken tot het reinigingsmiddel zichonder bellen uit de ontluchtingsleiding aan de onderkant van de doseerpomp maar buiten komt.
-
De doseerhoeveelheid op de gewenste waarde terugzetten, die Doseerhoeveelheid instellen.
- De ontluchtingshendel rechtsom tot aan de aanslag draaien.
Displaybeschrijving
Startdisplay
31.01.2019 10:22:40



Wassen

Service

Instellingingen

Algemene info
Instructie
De taal worden bij de eerste inbedrifstelling ingesteld en kan via het menu instellingen/algemeen worden gewijzigd.
Via het display konnen bijvoorbeeld instellenen aan de installmentie worden uitgevoerd, weergaves op het display zelf worden ingesteld, informatie over de installmentie worden weergegeven.
Statusbalk
1
2
07.06.2018 10:04:08
(3)
(4)
(5)
(6)
[\text{水}]
V
①Datum
(2)Tijd
③ Actuel aangemelde gebruiker
4 Onderhoudstemijn is verstreken
Actuel seizoen (indien vrijgeschakeld)
Actuele installmentstatus
Symboolbeschrijving
Afhankelijk van in welk menu men zich bevindt of welke status de installmentie heeft, worden op het display volgende symbolen weergegeven

Installatie bedrijfsgereed

Met de toets home kan vanuit een submenu een niveau teruggegaan worden.

Toegangsbevoegdheid gebruiker aangemeld

Toegangsbevoedheid reinigingsmiddel leverancier aangemeld

Toegangsbevoegdheid exploitant aangemeld

Toegangsbevoedheid service aangemeld

Seizoengsbonden wasprogramma's lente ingesteld

Seizoensgebonden wasprogramma's zomer ingesteld

Seizoensgebonden wasprogramma's herfst ingesteld

Seizoensgebonden wasprogramma's winter ingesteld
Wassen
In het menu wassen hunnen programma's en extra programma's gekozen en gestart worden.
Het lopende programma kan onderbroken worden en de voortgangsindicatie kan in procent worden weergegeven.
31.01.2019 17:26:24




1|Programm 1

4|Programm 4

2|Programm 2

5|Programm 5

3|Programm 3

6|Programm 6

Pages 1/2


Wasprogramma starten, zie Programma aan het display starten..
Service
In het servicemenu konnen handfuncties worden uitgevoerd en de handmatige vorstbescherming worden gestart.
31.01.2019 12:24:44




Handmatige modus

Diagnose

Service
Het menu service bevat volgende submenu's:
- Handmatig bedrijf (handfuncties portaal, vorstbescherming)
handmatig starten, handfuncties watersysteme)
Diagnose (alleen exploitant en servicepersoneel)
Zelftestfuncties van de installmentie worden opgeroepen
Instellingen
Het menu instellungen bevat het gebruikersbeheer en er konnen instellungen voor de installment worden uitgevoerd.
31.01.2019 12:01:39



Gebruiker beheer

Wasprogramma instellenen

Installations

Algemeen

Instellingingen
Het menu instellingen bevat volgende submenu's:
- Gebruikersbeheer
- Wasprogramma-instellen (portaalsnelheid voor voorreiniging, borstels, onderhoud en droging, seizoensgebonden instelling)
- Installations (reinigungsmittel, watervoorziening, poortbedrijf, individatie klanttekst-prio)
- Algemeen (datum,ijd en openingsstijden instellen, taal selecteren, systemeinformaticsie weergeven)
Algemene info
Via het menu+kunnen analyses over de installment en het actuèle vulpeil van de reinigingsmiddelen worden weergegeven.
31.01.2019 17:19:30




Wasbeurtteler

Bedrifsuren

Onderhoud
diagnose

Vulniveau reinginingsmiddel

Algemene info
Het menu algemene info bevat volgende submenu's:
- Wasteller (alleen exploitant) - indications van de uitgevoerde en afgebrozen wasbeurten
Bedrijfsuren - Onderhoud diagnose - interval van het volgende onderhoud, systeeminformatie, foutgeheugen, gebeurtenisgeheugen
Vulpeil reingigungsmiddelen - procentueel vulpeil van de reingigungsmiddelen (optie)
Meldingen op het display
Bij het gebruik van de installmentie{kunnen volgende pushmeldingen op het display worden weergegeven.
Kritieke fout
Kritieke fout
ZB2 Eindsch. nied logisch

Eindpositie binnen-buitengelijktijdig,eindschakelaarcontroleren,service Informeren
F0212 31.01.2019 14:35:29


Melding 2/2

△GEVAAR
Gevaardoorkritiekefouten
Schakel de installmente uit en informeer de service.
Kritieke fouten mogen alleen door personen worden verholpen die over de servicewerkzaamheden van de installmente zich geschoold. Is er spreke van meerere fouten, dan worden deze doorlopend weergegeven.
Met de pijltoetsen kan:tussen deindicaties worden gewisseld.
Storing
Storing
DK fotocel midden

Fotocel droger midden controlleren, reinigen
Storingen zijn fouten dieijdens het wasprogramma optreden. Het wasprogramma worden onderbroken en kan na het verhelpen van de storing worden voortgezet.
Is er sprake van meertere storingen, dan worden deze doorlopend weergegeven.
Met de pijltoetsen kan:tussen deindicatiesworden gewisseld. Eenuitvoerige beschrijving voor het verhelpen van storingen bevindt zich in hoofdstuk Hulp bij storingen.
Gebeurtenis
Gebeurtenis
Positie wielwasinstallatie 2
Geen basispos.
Luchtdruk, mech. contr.
Basispos. (blauwe toets)
E5017 31.01.2019 14:24:48


Melding 2/2

Een gebeurtenis is een fout die optreedt als er geen wasprogramma actief is.
Is er sprake van meerdere gebeurtenissen, dan worden deze doorlopend weergegeven.
Met de pijtoetsen kan:tussen deindicaties worden gewisseld. Een uitvoerige beschrijving voor het verhelpen van storingen bevindt zich in hoofdstuk Hulp bij storingen.
Druk op de knop om de installmentie maar de basispositite te brengen


Deze melding verschijnt als een aggregaat zich nicht in de basispositione befindt.
Instructie
Druk op de knop (>2 seconden) of druk op de blauwe toets (>2 seconden) om de installmentie in de basispositie te brengen.
Onderhoud vereist
31.01.2019 13:43:36





Onderhoud vereist,
maak een onderhouds-afspraak


De meldingverschijntalsen onderhoudstemijnverstrekenis.
Instructie
Leg een onderhoudstermijn met de service vast.
Inbedrijfstelling
- Afsluitventielen voor water en perslucht openen.
- Hoofdschakelaar aan de voedingsverdeler op "1" zetten.
- Blauwe toets stuurspanning/basisstand aan het bedieningspaneel indrukken.
De installmentatie is bedrijfsklaar. Het te wassen voertuig kan in de installmentatie rijden.
Werking
△GEVAAR
Gevaardoorbewegende delen van de installmentie.
Schakel bij gevaar voor personen, voorwerpen en dieren de installmentatie onmiddelijk uit door de moodstopknop in te drukken.
LET OP
Beschadigingsgevaar van de voertuigen door Niet verwijderd reinigingsmiddel
Treedt na het aanbrengen van het reinigingsmiddel een storing aan de wasinstallatie op, dan moet u het reinigingsmiddel na het uitschakelen van de installmentie door grondig afspuiten met water onmiddelijk verwijderen om möglichke lakschade door te lange inwerkingsduur te verhinderen.
Instructie
Bij zelfbedieningsinstallaties moet algid een deskundige, met de installatione vertrouwde personbereikbaar zich die ter vermijd ing van eventuele gezaren nodige maatregelen kan uitvoeren of la- ten uitvoeren.
Inschakelen na noodstop
Instructie
Verhulp voor het herinschakelen de oorzaak voor het bedieren van de moodstopknop.
Personen of dieren mogen zich nicht in het werkbereik bevinden. Voertuigen要去en uit de installmentie worden gereden.

① Noodstopknop
② Toets stuurspanning/basisstand
1. Noodstopknop door trekken ontgrendelen.
2. Blauwe toets stuurspanning/basisstand aan het bedieningspaneel indrukken. In de basispositie brandt het bovenste groene signaallampje "vooruit" van de positioneringslamp. De installment is opnieuw bedrijfsklaar, het te wassen voertuig kan in de installment rijden
Gebruiker aan het display aanmelden
- In het hoofdmenu instellingen/gebruikersbeheer selecteren. De möglichke gebruikers worden weergegeven.

- Gebruiker selecteren.
Het venster voor het invoeren van de code worden geopend.

- Code invoeren en bevestigen.
Het symbol van de aangemelde gebruiker worden in de bovenste regel weergegeven.
Instructie
Het gebruikersniveau worden 30 minutes nicht-gebruik automatisch maar het gebruikersniveau teruggezet.
Voertuig voorbereiden
LET OP
Beschadiging van de installmente en van het voertuig
Zorg ervoor dat voór het starten van de installmentie volgende maatregelen worden getroffen om schade aan het voertuig te vermijden.
- Ramen, deuren en dakluiken sluiten.
- De antennes inschuiven, in richting achechterzijde inklappen of verwijderen.
- Grote of wijd openstaande spiegels inklappen.
- Het voertuig op losen voertuigdelen onderzoeken en deze demonteren, bijv.:
Sierstrips
- Spoiler
Bumpers
Deurgrepen
Uitlaatpijpen
Winddeflectoren
Zeildoekkabels
Afdichtrubbers
Van buiten aangebrachte zonneschermen
Bagagedrager
Voertuig in installmenten rijden
De positioneringslamp ondersteunt de wasklant bij de correcte positiionering van het voertuig.

①Vooruitrijden
(2)Stoppen, positie in orde
③ Achteruitrijden
1. Voertuig reckt en in het midden:tussen de loopprails plaatsen.
Na de positionering
- De motor afzetten.
- Een versnelling kiezen.
- Bij automatische transmissie stand "P" kiezen.
- De handrem aantrekken.
- Controlleren of alle aanwijzingen uit Voertuig voorbereiden zich omgezet.
- Het voertuig verlaten (alle Personen).
- Het wasprogramma afhankelijk van het starttype starten.
Programma starten.
Aandewaskaart-/codelezer
Instructie
Het gebruik met een waskaart-/codelezer is in de afzonderlijke gebruiksaanwijzing voor de waskaart-/codelezer beschreven.
Programma aan het display starten.
- Toets "Wassen" indrukken.

- Het gewenste wasprogramma selecteren.



Pages 1/2

- Gewenste opties selecteren en met OK bevestigen.


- Wasprogramma starten.
Wassen starten
Druk op START




- In het lopende wasprogramma konnen volgende gsm-functions op het display worden uitgevoerd:
31.01.2019 17:44:14

Drager

Dakborstel

Ziborstel



Informatie

Vergreend, Iosmaken

Vergrend lasmaken


Wielborstei
Wieborski

a Droger vergrendelen/omhoog bewegen
b Dakborstel vergrendelen/omhoog bewegen
c Zijborstel vergrendelen/naar buiten bewegen
d Wielborstels stoppen
Toets "Informatie" indrukken om de voortgangsindicatie van het programme waar te gehen.
Lopendprogrammanderbreken

- Toets "Stop" indrukken.
Hetprogramma wordgtgeannuleerd.

- Toets "Start" indrukken om het programma opnieuw voort te zetten.
Programma-einde
Na het programma-einde worden aan de positioneringslamp weergegeven of het voertuig vooruit ofchteruit uit de installmentie moet worden gereden.
- Het voertuiguit de installmentrijden.
Handmatige modus
Handmatige functies können voor volgende bouwgroepen worden uitgevoerd:
- Portaal - verplaatsen
Dakborstel - omhoog en omlaag brengen, in- en uitschakelen
Zijborstel -aar binnen en buiten brengen, in- en uitschakelen - Droger - omhoog en omlaag brengen, in- en uitschakelen
- Wielborstel - vooruit en terug brengen, in- en uitschakelen
- In het hoofdmenu service/handmatig bedrijf/handportaal selecteren.
Het menu van de uitvoerbare handfuncties worden geopend.
31.01.2019 10:55:13



Portal

Dakborstel

Zijborstel





Droger

Weborstel


- Bouwgroep selecteren.
Selecteerbare handfuncties worden in het geel weergegeven.
- Handfunctie starten.
Vooraleer een andere bouwgroep kan worden geselecteerd,要去 de gekozen bouwgroep worden gedeselecteerd.
Reinigings- en onderhoudsmiddel bijvullen
WAARSCHUWING
Gevaardoorchemicalien
Neem de veiligheidsgegevensbladen van de reinigings- en onderhoudsmiddelen in acht.
Instructie
Op het display de knoppen "Algemene informatie" en "Vulpeil reinigingsmiddel" indrukken om het vulpeil waar te geben, die Algemene info.
De individatie van het vulpeil is optioneel.

①10 liter bijvulbussen
②Uitloopbuis
- Uitloopbuis op de bijvulbus schroeven.
- Betreffend reinigings- of onderhoudsmiddelreservoir openen.
- Reservoir vullen en opnieuw sluiten.
Buitenwerkingstelling
Kortstondige buitenbedrijfstelling
- Een lopend wasprogramma beeindigen.
- De hoofdschakelaar op "1" laten zodat de optionele vorstbeschermingsinrichting geactiveerd kan blijven.
- Een lopend wasprogramma beeindigen.
- Alle watervoerende leidingen ontwateren als voor deijd van de stillegging vorst te verwachten is.
- De hoofdschakelaar op "0" zetten.
- De waterleiding sluiten.
- De persluchtleiding sluiten.
- De reinigings- en onderhoudsmiddelen verwijderen.
Buitenbedrijfstelling door automatische vorstbeschermingsinrichting (optie)
LET OP
Beschadiging van de installmentie door Niet ingeschakelde vorstbeschemingsinrichting
Let er bij vorstgevaar op dat de hoofdschakelaar ingeschakeld is en dat er geenoodstopknop is ingedrukt.
Wordt de minimumtemperatuur anderschreten, dan worden automatisch volgende stappen uitgevoerd:
- Het Iopende wasprogramma worden voltooid.
- Na het einde van het wasprogramma worden de slangen en de spreierbuizen van het portal met perslucht uitgeblazen.
- Het starten van bijkomende wasprogramma's wordt geblokkeerd.
Instructie
Na het einde van het vorstgevaar is de installmentie automatisch op-nieuw bedrifsklaar
Beschadiging van de installment door temperaturen onder het vriespunt
Voer de vorstbescherming aan de installmente UIT.
Instructie
Bij installations met automatische vorstbescherming start de vorstbescherming zodra de Vooringestelde temperatuur is bereikt.
31.01.2019 12:35:21




Hand portal

Hand antiviries

Hand water

Handmatige modus
- In het hoofdmenu service/handmatig bedrijf selecteren.
- Toets "hand vorstbescherming" indrukken om de vorstbescherming te starten.
De vorstbescherming worden gestart en de resterendeijd op het display weergegeven.
31.01.2019 13:25:27




60^
00:24:24

Hand antiviries
Onderhoud
Onderhoudsaanwijzingen
Basis voor een veilige installmentie is regelmatig onderhoud volgens het onderhoudsschema.
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel door machinebewegingen
Schakel de installmente voor onderhouds- en instandhoudingswerkzaamhedenuit.
Beveilig de hoofschakelaar gegen het herinschakelen, bijv. met een hangslot.
WAARSCHUWING
Verondingsgevaar door persluchttanks en -leidingen die na het uitschakelen van de installmentie onder druk staan.
Bouw vór alle werkzaamheden aan de installmentie de druk af.
Controleer de drukloosheid aan de manometer van de onderhoudseenheid.
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door hogedruksystem dat na het uitschakelen van de installmentie onder druk staat.
Schakel vór alle werkzaamheden aan de installment het hogedruksystem drukloos.
△GEVAAR
Verwondingsgevaar door ontsnappende perslucht, hoge- drukwater aan de sproeierkop alsook wegviegende vild- deeltjes of dergelijke in het bereik van de roterende borstels!
Loskomende vuildeeltjes of voorwerpen kuren personen of die- ren verwonden.
Perslucht of hagedrukwater kan zichs bij een uitgeschakelde installmentie nog onder druk staan.
Houd de halbodem vrij van los rondslingerende voorwerpen. Bedien de persluchtinstallatie resp. het hogedruksystem voorzichtig.
Draag bij werkzaamheden een veiligheidsbril.
Doelgroepen voor het onderhoud
Wie mag inspectie-, onderhouds- en instandhoudingswerkzaamheden uitvoeren?
Eigenaar / formele gebruiker
Werkzaamheden met de aanwijzing "Exploitant"月至en alleen door geinstrueerde Personen worden uitgevoerd die de installmenten konnen bedieren en onderhoden.
Klantenservice
Werkzaamheden met de aanwijzing "Klantenservice"月至en worden uitgevoerd door servicemonteurs van Kärcher of door monteurs die door Kärcher hiervoorn zich geauthoriseerd.
Onderhoudscontract
Om een betrouwbaar gebruik van de installmentie te garanderen, raden we u aan om een onderhoudscontract af te sluiten. Neem contact op uw verantwoordelijkke KARCHER-klantenservice.
Voorbereidingen
Uw eigendveiligheid en de veiligheid van anderen vereist dat de installmentatie bij onderhouds-enstandhoudingswerkaamheden isuitgeschakeld. Omdat Niet alle te onderhoden installmentonder
delen vrij toegankelijk,zijn, moeten bepaalde installmentonderdenlenijdens de onderhouds- en instandhoudingswerkzaamheden worden bewogen. Hiervoor is de modus "handmatig bedrijf" bestemd.
Het handmatige bedrijf worden aan het display uitgevoerd.
△GEVAAR
Gevaar voor letsel
Neem de volgorde van de volgende werkstappen absolut inRCT.
LET OP
Beschadigingsgevaar door handmatig bedriff
Gebruik het handmatige bedrijf Niet om voertuigen te wassen. 1.Voertuig uit de installmentie rijden.
2. Zorg ervoor dat zich geen Personen of dieren in de installmentie bevinden.
3. Installatie inschakelen.
4. Handmatig bedrijf aan het display selecteren.
5. Installatiedelen bewegen.
6. Installatie uitschakelen en gegen het herinschakelen beveilig- gen.
7. Onderhouds- en instandhoudingswerkzaamhedenuitvoeren.

①Aandrijfremenriemschijfdakborstel
(2)Onderhoudseenheid
③ Drukregelaar zijborstels kantelen
④ Drukregelaar zijborstels vastzetten
(5) Drukregelaar wielwas
⑥ Fotocel voertuigpositie 1
7Fotocel voertuigpositie 2
Fotocel welherkenning
⑨Eindschakelaar portaal rijden begin
Eindschakelaar portalr rijden einde
Eindschakelaar dakborstel onder
(Eindschakelaar deurschakelaar zuil 1
Eindschakelaar dakborstel boven
Onderhoudsoverzicht portal aal achter

①Overbelastingsschakelaar afbuiging zijborstel
② Fotocellen dakdroger
③Aandrijfremenriemschijfdakdroger
④ Eindschakelaar dakdroger boven
⑥ Eindschakelaar dakdroger onder
Onderhoudsoverzicht hal


②


4 3
Mechanische eindaanslag eindstand portaal utrit
(2)Mechanische eindaanslag eindstand portal inrit
③Vuilvanger schoon water
4)Vuilvanger industriewater
⑤Fotocellen hal in-en uitrit
Onderhoudsoverzicht machineruimte



①Hogedrukpomp
(2)Oliepeilindicator
③ Accumulator
④ Drukregelaar
(5)Verswaterreservoir
Onderhoudsschema dagelijks
| Bouwgroep Handeling Uitvoering | Doelgroep | ||
| Noodstoptoets Veiligheidsschakelaars | Controleren Wasprogramma | starten, noodstoptoets of veilig- heidsschakelaar indrukken, installment moet stoppen, ervolgens de installation opnieuw inschaken, zie hoofdstub Inschaken na moodstop. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker |
| Borden met bedieningsvoorschrif- ten en reglementair gebruik | Aanwijzingen voor SB-klan- ten controeren (alleen bij SB-installations) | Borden op volledigheid en leesbaarheid controleren. Beschadigde borden verrangen. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker |
| Reinigings- en onderhoudsmiddel- reservoir | Vulniveau controlleren Vullen, | indien nodig verrangen. Eigenaar / for- | mele gebrui- ker |
| Hogedrukslangen van de hoge- drukpomp maar de wasinstallatie | Controleren Slangen op besch | hadiging onderzoeken. Defecten slangen onmiddelijk verrangen. Gevaar voor once- vallen. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker |
| Sproeiers/zeven | Op verstopping controlleren | Visuèle controle (sproeibeeld beordelen), indien no- dig reinigen. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker |
| Verstopping verhelpen Attent | e, spreiers Niet verwisselen. Sproeiers apart losschroeven zodat ze Niet met el- kaar worden verwisseld. Met perslucht reinigen of in een reinigingsmiddelop- lossing leggen en verwolgens met een borstel of een naald reinigen. Sproeiers weeer vastschroeven. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker | |
| Fotocellen Op verontreiniging contro- ren en indien nodig reinigen | Bij lichte verontreiniging de fotocellen met een vocht- tige doek zonder reinigingsmiddel afvegen. Daarbij lichtjes druk uitoefenen. Bij ernstige verontreiniging een mild reinigingsmiddel op de doek spuiten. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker | |
| Eindschakelaar Visuèle controle Op | mechanische beschadiging en vastheid controle- ren. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker | |
| Zijborstels, dakborstel, wiebor- stels | Op vreme de Voorwerpen controleren | Visuèle controle, voorhanden vreme de Voorwerpen verwijden, verwulde borstels met hogedrukkreiniger reinigen. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker |
| Spoel- en spuitcircuits | Watertoevoer controleren | Tijdens het wateren controleren of er voldoende wa- ter voor het water van het voertuig voorhanden is. Te weinig of geen water kan schade aan het te was- sen voertuig veroorzaken. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker |
| Positioneringslamp | Functiecontrole | Fotocellen "positie 1" en "positie 2" onderbreken, po- sitie van de fotocellen zie hoofdstuk Onderhouds- overzicht voor. De positioneringslamp要去 de overeenkomstige signalen weergeven. | Eigenaar / for- mele gebrui- ker |
Onderhoudsschema wekelijks of na 500 wasbeurten
| Bouwgroep Handeling Remedie | Doelgroep | ||
| DakborstelwalsenZijborstelwalsen | Visuele controle Rondloop van de borstelas controlleren.Borstels op vastheid controlleren.Borstels op slijtage controlleren.Minimale borstellengte = neue toestand min 50 mmBorstels EVT. verrangen. | Eigenaar / for-mele gebrui-ker | |
| Slangen en buisleiding van de toe-voerleiding | Visuele controle Dichtheid controeren. Eigenaar / for- | mele gebrui-kerKlantenser-vice | |
| Hogedrukpomp(en) Dichtheid controloren Pomp en leidingsysteme | m op lekkeage controlleren. Bij olieverlies of bij lekkeage vaneer dan 10 druppels water per minuut contact opnemen met de klanten-service. | Eigenaar / for-mele gebrui-ker | |
| Oliepeil controlleren Gewenst | peil in het midden van de oliepeilindicator.Indien nodig oliie bijvullen (bestelnr. 6.288-020.0) en onmiddelijk de klantendienst informeren. | Eigenaar / for-mele gebrui-ker | |
| Druktank controlleren Als de hogeodrukpmompmeer dan gewoonlijk trilt, is de druktank defect. Contact opnemen met de klanten-service. | Eigenaar / for-mele gebrui-kerKlantenser-vice | ||
| Verswaterreservoir | Vlotterafsluiter controlleren | Werking van de vlotterafsluiter controlleren (zie "On-derhoudswerkzaamheden"). | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
| Bedieningsplaats met display | Reinigen/onderhoden | Het oppervlak met een vochtige doek afvegen. Bij ernstige verontreiniging een reinigingsmiddel op de doek spuiten en het oppervlak reinigen | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
| Bekleding/glazen-frontinstallatie | Reinigen | Eenzem uur reinigingsmiddel op het oppervlak spuiten en met een zachte pad reinigen, cervolgens met schoon water afspoelen en het water met een ven-steraftrekker weghalen | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
Onderhoudsschema na 1000 wasbeurten
| Bouwgroep Handeling Uitvoering | Doelgroep | ||
| Looprollen van de zijborstelwalsen | Visuele controle | Speling door bewegen van de zijborstels controlleden. Bij te grote spel ing tussen loopwagen en geleiding de klantendienst op de hoogte brengen. | Eigenaar / for-mele gebrui-ker Klantenser-vice |
| Schroeven van de geleiderails van dakborstel en dakdroger | Natrekken | Vastheid van de schroeven controlleden enevt. nat-rekken.Aanhaalmoment 25 Nm | Eigenaar / for-mele gebrui-ker Klantenser-vice |
Onderhoudsschema maandelijks of na 2000 wasbeurten
| Bouwgroep Handeling Remedie | Doelgroep | ||
| Onderhoudseenheid | Filter reinigen | Perslucht uitschakelen en de wielwasinstallatie in het handmatige bedrivij zo lang in- en uitschakelen tot de druk is afgebouwd.Aan de manometer controeren of de installment dreukloos is.Filterhuis aftschroeven, filtrerelement verwijderen, filter met perslucht reinigen, filterplaatsen, filterhuis aanschroeven. | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
| Vuilvanger bruikwater en schoon water | Reinigen | Watertoevoer afzetten, deksel van de vuilvangers af-schroeven, filter verwijderen, filter met water uitspoe-len, filter opnieuw inzetten, deksel opschroeven. | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
| Drukregelaar | Zeef reinigen | Zie "Onderhoudswerkzaamheden". | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
Onderhoudsschema halfjaarlijksof na 5000 wasbeurten
| Bouwgroep Handeling Remedie | Doelgroep | ||
| Dakborstel en dakdroger Visuèle con'trole van de aan-drijfriemen | Toerental van de aandrijfriemen controlleren enevt.verbangen. | Klantenser-vice | |
| Alle eindschakelaars Bevestiging en afstand con-troleren | Afstand tussen eindschakelaar en schakelvlag met een voelermaat meten.Eindschakelaarevt. door het verstellen van de beide kunststofmoeren instellen.Afstanden van de eindschakelaars:Ø 30 mm = 5,0 mmØ 18 mm = 2,0 mm.Teller zichborstel bewegenØ 12 mm = 3,0/ ±0,1 mm.Teller dakborstel/dakdroger optillenØ 12 mm = 3,5/ ±0,1 mm | Klantenser-vice | |
| Washal Reinigen Op oppervliakken | zoals vloeren, muren en tegels | eenzaur reinigingsmiddel spuiten, latent inwerken, reini-gingsmiddel met een zachte pad (wit) verwijderen | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
Onderhoudsschemajaarlijksofna10000wasbeurten
| Bouwgroep Handeling Remedie | Doelgroep | ||
| Kabels en slangen bij: • Energiesteun of • Energieketting of • Kabelschlepp | Visuelle contrôle Toestand van | de slangen en kabels. Dichtheid van de slangen en verbindsgelementen. | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
| Zijborstels, dakborstel, welbor-stels | Basisreiniging Borstels met een | en reinigingsmiddel (voorreiniger of halreiniger) besproeien, lately inwerken en grondig afspoelen met een hogedrukreiniger en warm water (max. 40 °C) | Eigenaar / for-mele gebrui-ker |
| Bouwgroep Handeling Remedie | Doelgroep | ||
| SB-traverse | Tandstang op slijtage contro-leren | Eigenaar / for-mele gebrui-kerKlantenser-vice | |
| Wielwasborstels | Visuele controle Borstels na ca. 15000 wasbeurten verrangen.Wielwasborstels verrangen: Schroeven binnen de borsteling losdraaien, wieliasborstel verwijderen, neue wieliasborstelplaatsen en met de schroe-ven bevestigen. | Eigenaar / for-mele gebrui-kerKlantenser-vice | |
| Hogedrukinstallatie | Veiligheidscontrole | Een veiligheidscontrole volgens de richtlijnen voor hagedrukreinigers ultvoeren. | Deskundigeklantenservice |
Onderhoudswerkzaamheden
Zeef drukregelaar reinigen
- De watertoevoer sluiten.
-
Het deksen losschroeven.
-
De zeef in de drukregelaarplaatsen. Zorg ervoor dat de affdichtingen correct geplaatst+zijn.
- Het deksel erin draaien en vastdraaien.

①Deksel
②Afdichting
③Zeef
(4)Drukregelaar
- De zeef eruit halen en met water afspoelen.
Vlotterafsluiter controlleren
- Controlleren of er water uit de overloopopening ontsnapt.


1Verswaterreservoir
(2)Deksel
③Overloopopening
(4)Votterafsluiter
⑤Utloop
- Het deksel van het schoonwaterreservoir verwijdenen.
- Controlleren of de vlotterafsluiter volledig sluit als het schoonwaterreservoir vol is.
Instructie
Er ontsnapt geen water uit de uitloop als de vlotterafsluiter volledig gesloten is.
4. Plaats het dekselteringug.
Hulp bij storingen
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel door machinebewegingen
Schakel de installment voor onderhouds- en instandhoudingswerkzaamhedenuit.
Beveilig de hoofschakelaar gegen het herinschakelen, bijv. met een hangslot.
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door persluchttanks en -leidingen die na het uitschakelen van de installmentie onder druk staan.
Bouw voor alle werkzaamheden aan de installmentie de druk af. Controller de drukloosheid aan de manometer van de onderhoudseenheid.
△WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door hogedruksystem dat na het uitschakelen van de installment onder druk staat.
Schakel vór alle werkzaamheden aan de installment het hoge-dukrsysteme drumkloos.
Doelgroepen bij het verhelfpen van storingen Wie mag er storingen verhopen?
Eigenaar / formele gebruiker
Werkzaamheden met de aanwijzing "Exploitant"月至en alleen door geinstrueerde Personen worden uitgevoerd die de installment konnen bedieren en onderhoden.
Elektriciens
Elektriciens zijn Personen met een beroepsopleiding in de elektrotechniek.
Klantenservice
Werkzaamheden met de aanwijzing "Klantenservice"月至en worden uitgevoerd door servicemonteurs van Karcher of door monteurs die door Karcher hiervoorn zich geauthoriseerd.
Storingsindicaties op het display
Instructie
De storingen met oorzaak en oplossingen worden in tekstvorm op het display weergegeven.
Kritieke fout
ZB2 Eindsch. nied logisch
Eindpositie binnen-buitengelijktijdig,eindschakelaarcontroleren,service Informeren
F0212 31.01.2019 14:35:29


Melding 2/2


Storingen overeenkomstig de individatie verhelpen en met de OKtoets bevestigen.
Indications op de positioneringslamp
| Indicatie Knip- | perco- de | Oorzaak | Oplossing | |
| STOP | STOP | Afwis-selend knippe- rend | Handma-tig bedrijf actief | Melding |
| STOP | Brandt | Was-beurt loopt | Melding | |
| STOP | Brandt | Was-beurt ge-stopt | Melding | |
| STOP | STOP | Afwis-selend knippe- rend | Fout ac-tief | Fout verhelpen |
| STOP | STOP | Kort knippe- rend | Nood-stop ac-tief | Oorzaak vaststel- len en noodstop-knop ontgrendelen |
| Indicatie Knip- | perco- de | Oorzaak | Oplossing | |
| STOP | Brandt | Positie maar vo- ren ver- plaatsen | Voertuig maar vo- ren rijden | |
| STOP | Brandt | Positio- nering stoppen | Voertuig stoppen | |
| STOP | Brandt | Positio- neren te- rugbreng en | Voertuig terugrij- den | |
| STOP | STOP | Knippe- rend | Wassen beëindigd | Voertuig er voor-uit uitrijden |
| STOP | STOP | Knippe- rend | Wassen beëindigd | Voertuig er ach- teruit uitrijden |
Storingen zonder individatie
| Fout Oorzaak Oplossing Veraantwoordelijk | |||
| Reinigungswerking onvol-doende | Geen of te weinig reinigungsmiddel Geen of te lage luchtdruk in de toe-voerleiding Versleten borstels | ● Vulpeil van de reinigungsmiddelen con-troleren,evt. vullen, doseerpomp ont-luchten.Luchtdruk instellen,evt. instellen (0,6 MPa (6 bar) aan de manometer onder-houdseenheid).● Reinigungsmiddelaanzuigfilter reinigen,reinigungsmiddelleidingen op beschadi-ging controleren.Borstels controleren,evt. verrangen. | Eigenaar / formele gebruiker |
| Hogedrukkpomp bereikt nicht de vereiste druk | Lekkage buisleidingsystem aan de aanzuigkant Watertekort | ● Schroeefsluitingen en slangen controle-ren.Watertekort verhelpen. | Exploitant, serviceaf-deling |
| Manometeraanwijzer van de hagedrukkpomp slingert sterk | Pomp zuijt lucht aan Druktank defect | ● Zuingleiding controleren.Druktank verrangen. | Klantenservice |
| Veiligheidsventiel van de ho-gedrukkpomp gaat open | Sproeiers van de wasinstallatie ver-stopt | ● Sproeiers controleren, reinigen, verran-gen. | Eigenaar / formele gebruiker |
| Slang of hagedrukventielen ver-stopt | ● Verstopping verwijderen. Klantenservice | ||
| Fout | Oorzaak | Oplossing | Verantwoordelijkke |
| Uit de spreieers komt te wei-nig of geen water | Vuilvanger verstootWaterdruk onvoldoendeSproeiers verstootLucht in de centrifugaalpompMagneetklep of toevoerleiding ver-stoot | ● Vuilvanger reinigen● Watertoevoerdruk en pompen controle-ren● Sproeiers met perslucht reinigen● Centrifugaalpomp ontluchten door de ontluchtingsschroef los te draaien● Magneteventielen en toevoerleidingen (water en stroom) controleren enevt. re-pareren | Eigenaar / formele gebruiker |
| Na de wasbeurt komt er geen water uit de spreieers | Magneetventiel verruild | ● Magneteventielen reinigen | Klantenservice |
| Drogen onvoldoende Te weinig | og of teveel drooghulpmid-delVerkeerd drooghulpmiddelGeen of te weinig luchtdruk | ● Dosering verhogen of verlagen● Vulpeil van de reinigingsmiddelen con-troleren● Aanzuigfilter reinigen● Doseerpomp ontluchten● Origineel drooghulpmiddel van Kärcher gebruiken● Functie van de drogerventilator controle-ren | Eigenaar / formele gebruiker |
| Wielwasborstel draait nicht Mo- | torveiligheidsschakelaar in de schakelkast is geactiveerdAandrukkracht te hoog | ● Motorveiligheidsschakelaar in de scha-kelkast controleren● Aandrukkracht aan de drukregelaar voor wieIwas verlagen | Eigenaar / formele gebruiker |
| Wielwasborstel loopt lang-zaam of Niet uit | Geen of te weinig luchtdruk | ● Luchtdruk controleren,evt. instellen● Aandrukkracht aan de drukregelaar voor wieIwas verhogen | Exploitant, serviceaf-deling |
| Wielwasborstel loopt op ver-keerde plaat sIJt | Fotocellen verruild | ● Fotocellen reinigen,evt. instelling con-troleren | Eigenaar / formele gebruiker |
| Borstels verruilen snel | Shampoodosing te gelding | ● Dosering shampoo instellen● Waterhoeveelheid controlen,evt. in-stellen | Eigenaar / formele gebruiker |
| Sproeierbuizen van de bo-demwasinrichting zwenken te langzaam/snel of helemaal Niet | Geen of te weinig luchtdrukZwenkeenheid sterk verruildSmoorkleppen verkeerd ingesteld | ● Luchtdruk in de toevoerleiding controle-ren,evt. instellen● Zwenkeenheid reinigen● Smoorkleppen bijstellen | Exploitant, serviceaf-deling |
| Installatie kan nicht worden in-geschakeld | Fout in de voedingsspanning | ● Voor fouloze voedingsspanning volgens aansluitwaarden zorgen | Exploitant, elektricien |
Centrifugaalpompontluchten
- De ontluchtingsschroef losdraaien.

① Centrifugaalpomp
② Ontluchtingsschroef
- Lekt er water, dan de ontluchtingsschroef opnieuw indraaien.
Garantie
In elk land gelden de garantievoorwaarden die door once verantwoordelijke verkoopmaatschappij zijn uitgegeven. Mogelijkste storingen aan uw apparaat verhelpen we binnen de garantieperiode Gratis, voor zover een materiaal- of fabricagefout de oorzaak is. Als u gebruik wilt makeen van de garantie, neemt u met uw aankoopbon contact op met uw distributeur of de dichtstbijzijnde geAutoriseerde klantenservice. (adres zichchterzijde)
Technische gegevens
| CW 3 / CW 5 (CWB 3/1) | CW 3 / CW 5 (CWB 3/2) | CW 3 / CW 5 (CWB 3/3) | ||
| Installatieafmetingen | ||||
| Washoogte | mm | 2100, 2200, 2300 | 2400, 2500, 2600 | 2700, 2800, 2900 |
| Framehoogte | mm | 2900 | 3200 | 3500 |
| Totale hoogte | mm | 2930, 3030, 3130 | 3230, 3330, 3430 | 3530, 3630, 3730 |
| Framebreedte | mm | 3500 | 3500 | 3500 |
| Totale bredte zijborstels mm 4040 4040 4040 | ||||
| Totale bredte spatbescherming mm 4060 4060 4060 | ||||
| Framediepte / diepte met roterende borstels mm 1600 / 2170 1600 / 2170 1600 / 2170 | ||||
| Totale lengte korte hal mm 2070 2070 2070 | ||||
| Installatiebreedte in spiegelhoogte mm 2450 2450 2450 | ||||
| Installatiebreedte in het bereik welwas mm 2100 2100 2100 | ||||
| Spoorbredte looprails | mm | 2550, 2700, 2800 | 2550, 2700, 2800 | 2550, 2700, 2800 |
| Halbreedte met verilgheidsafstand | mm 4500 | 4500 4500 | ||
| Wasborstels | ||||
| Borsteldiameter zijkant | mm 975 | 975 | 975 | |
| Borstelterontal zijkant | 1/min | 107 | 107 | |
| Borsteldiameter dak | mm 975 | 975 | 975 | |
| Borstelterontal dak | 1/min | 127 | 127 | |
| Portaalsnelheid | m/min | 0 - 24 | 0 - 24 | |
| Elektrische aansluiting | ||||
| Netspanning | V | 400 | 400 | |
| Frequentie | Hz | 50 | 50 | |
| Aansluitvermögen | kW | 10-16 | 10-16 | |
| Max. voorzekering besturing | A | 35-50 | 35-50 | |
| Wateraansluiting | ||||
| Nominate bredte | Inch | 1 | 1 | |
| Vloeidruk conform DIN 1988 (bij 100 l/min) | MPa | 0,4 - 0,6 | 0,4 - 0,6 | |
| Max. temperatuur | °C | 50 | 50 | |
| Persluchtaansluiting | ||||
| Nominate bredte | Inch | 1/2 | 1/2 | |
| Druk | MPa | 0,6 - 0,8 | 0,6 - 0,8 | |
| Verbruik/wasbeurt (zonder vorstbevellingingsinstallatie, af-hankelijk van het programme bij 4,5 m voertuiglengte) | I | 50 | 50 | |
| Verbruik bij vorstbescherming, ca. | I | 700 | 700 | |
| Berekende waarden conform EN 60335-2-79 | ||||
| Geluidsniveau wasproces met droging | dB(A) | 87 | 87 | |
| Geluidsniveau alleen drogerwerking | dB(A) | 91 | 91 | |
| Geluidsniveau hogedrukmodule | dB(A) | 86 | 86 | |
| Geluidsvermogensniveau wasproces met droging | dB(A) | 101 | 101 | |
| Geluidsvermogensniveau alleen drogerwerking | dB(A) | 105 | 105 | |
| Geluidsvermogensniveau hogedrukmodule | dB(A) | 101 | 101 | |
| Onzekerheid | dB(A) | 3 | 3 | |
Technische wijzigingen voorbehonden.
Water- en reinigingsmiddelverbruik
Het waterverbruik is afhankelijk van voertuiglengte, uitrusting van de installmenten en wasprogramma.
De opgegeven waarden zijn voorbeelden voor het verbruik per voertuigwasbeurt.
Instructie
Randvoorwaarden:
Voertuiglengte 4,5 m
EU-conformiteitsverklaring
Hiermee verklaren wij dat de hierna vermelde machine op basis van het ontwerp en type en in de door ons op de markt gebrachteuitvoering voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidsvereisten van de EU-richtlijnen. Bij een Niet door ons goedgekeurde wijziging van de machine verliest每次都 verklaring zich geldigheid.
Product: Wasinstallatie
Type: 1.534-xxx
Relevante EU-richtlijnen
2006/42/EG (+2009/127/EG)
2014/30/EU
2009/125/EG + 2009/1781
Toegepaste geharmoniseerde normen
EN ISO 12100
EN 17281
EN 60204-1
EN 61000-6-2: 2005 + AC: 2005
EN 61000-6-4:2007 + A1:2001
De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie.

H.Jenner
Gevolmachtigde voor de documentatie:
S. Reiser
Alfred Kärcher SE & Co. KG
Alfred-Karcher-Str.28-40
a Stands/kor trreren op
b Stands/kr tagborsten op
c Stands/kor sidebørsten ud til siden
d Stop hjulborsterne
Tryk på tasten "Information" for at fá vist procesforøbet for programmet.
3aunTa okpykaiooien cpebl

KOBOUHbIe MaTePnAblI NODaIOTcBTOpNHyOH
nepepa6oTke. YnaKOBky Heo6xOIMO yTNIN3nPOBaT 6e3
yuepe6a nIg OkpykaIOe Cpebl.

3JIeKtpueckne n 3JIeKtpoHbIe ycTpOuCTBa qAto
codepkaTceHHbIe MaTePnAbIb, npiroDhIe Ira BToPnHoi