Vonroc MS506AC - Zaag

MS506AC - Zaag Vonroc - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MS506AC Vonroc in PDF-formaat.

📄 84 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Vonroc MS506AC - page 30
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Español ES Italiano IT Nederlands NL

Gebruikersvragen over MS506AC Vonroc

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MS506AC - Vonroc en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MS506AC van het merk Vonroc.

GEBRUIKSAANWIJZING MS506AC Vonroc

Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing

Lees de bijgesloten veiligheidswaarschuwingen, de aanvullende veiligheidswaarschuwingen en de instructies. Het niet opvolgen van de veiligheids- waarschuwingen kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar de veiligheidswaarschuwingen en instructies als naslagwerk voor later. De volgende symbolen worden gebruikt in de ge- bruikershandleiding of op het product: Lees de gebruikershandleiding. Gevaar voor lichamelijk letsel, overlijden of schade aan de machine wanneer de instructies in deze handleiding niet worden opgevolgd. Pas op, risico op elektrische schok. Draag oogbescherming. Draag gehoorbescherming. Blootstelling aan lawaai kan gehoorverlies veroorzaken. Draag een stofmasker. Gevaarlijk gebied! Houd uw handen (10cm) van het zaaggebied verwijderd. Gevaar voor letsel bij contact met het zaagblad. Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk zelf ook niet in de laser, zelfs niet van een afstand. Dit elektrisch gereedschap gebruikt een klasse 2 straling in overeenstemming met de NEN-EN 60825-1. Deze straling kan personen verblinden. Zaagblad afmetingen. Houd altijd rekening met de afmetingen van het zaagblad. Transporteer de machine alleen als deze in de inwaartse transport positie staat.

Bij het zagen van verstekhoe- ken moet de verstelbare aanslagrail naar buiten getrokken worden. Het product is in overeenstemming met de van toepassing zijnde veiligheidsnormen in de Europese richtlijnen.

ALGEMENE VEILIGHEIDSVOOR SCHRIFTEN

WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids- waarschuwingen en alle instructies. Het niet opvolgen van onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel. Bewaar deze instructies. De term “elektrisch gereedschap” in onder staande waarschuwingen heeft betrekking op zowel apparatuur met een vaste elektriciteits kabel als op apparatuur met een accu (draadloze apparatuur).

a) Zorg voor een opgeruimde en goed verlichte werkomgeving. Rommelige en donkere werkomgevingen leiden tot ongelukken

Gebruik elektrisch gereedschap nooit in een omgeving waar explosiegevaar bestaat, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen, dampen of andere stoffen. Elektrische gereedschappen kunnen vonken veroorzaken, die deze stoffen tot ontbranding kunnen brengen. c) Wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt, houd dan kinderen en omstanders op afstand. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.

2) Elektrische veiligheid

a) Stekkers van elektrische gereedschappen moeten probleemloos passen op het stopcontact. Breng nooit wijzigingen aan in of aan de stekker. Gebruik geen adapters voor geaarde elektrische gereedschappen. Standaardstekkers en passende stopcontacten verkleinen de kans op een elektrische schok. b) Voorkom lichamelijk contact met geaarde oppervlakken van bijvoorbeeld pijpen, leidingen, radiatoren, fornuizen en koel kasten. Wanneer uw lichaam geaard is, wordt de kans op een elektrische schok groter. c) Stel elektrische gereedschappen nooit bloot aan regen of vocht. Wanneer er water binnendringt in een elektrisch gereedschap, wordt de kans op een elektrische schok groter. d) Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap te dragen, te verplaatsen ofNL

de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm het snoer tegen olie, warmte, scherpe randen en bewegende delen. Beschadigde of vastzittende snoeren vergroten de kans op een elektrische schok. e) Wanneer u elektrische gereedschappen buiten gebruikt, gebruik dan een verlengkabel die geschikt is voor buitengebruik. Door een kabel te gebruiken die geschikt is voor buitengebruik, wordt de kans op een elektrische schok kleiner. f) Gebruik een aardlekbeveiliging (RCD) als niet te voorkomen is dat een powertool moet worden gebruikt in een vochtige omgeving. Gebruik van een RCD vermindert het risico van elektrische schokken.

3) Persoonlijke veiligheid

a) Blijf altijd alert, kijk goed wat u doet en gebruik uw gezonde verstand wanneer u een elektrisch gereedschap gebruikt. Gebruik geen elektrische gereedschappen wanneer u moe bent, of drugs, alcohol of medicijnen hebt gebruikt. Eén moment van onachtzaamheid bij het gebruik van elektrische gereed schappen kan ernstige verwondingen tot gevolg hebben. b) Gebruik persoonlijke beschermings middelen. Draag altijd een veiligheidsbril. Een gepast gebruik van veiligheids voor zieningen, zoals een stof masker, speciale werkschoenen met antislipzolen, een veiligheidshelm en gehoor bescherming verkleinen de kans op persoonlijk letsel. c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk wordt gestart. Zorg dat de schakelaar op de UIT positie staat, voordat u de stekker in het stopcontact steekt. Draag elektrisch gereedschap nooit met uw vinger op de schakelaar en steek ook nooit de stekker van ingeschakelde elektrische gereedschappen in het stopcontact: dit leidt tot ongelukken. d) Verwijder alle instel en andere sleutels uit het elektrisch gereedschap voordat u hem inschakelt. Instel en andere sleutels aan een ronddraaiend onderdeel van het elektrisch gereedschap kunnen tot verwondingen leiden.

Zorg dat u nooit uw evenwicht kunt verliezen; houd altijd twee voeten stevig op de vloer. Hierdoor kunt u het elektrisch gereedschap in on verwachte situaties beter onder controle houden. f) Zorg dat u geschikte kleding draagt. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshan gende kleding, sieraden en lang haar kunnen vast komen te zitten in bewegende delen.

Wanneer er voorzieningen zijn voor de aansluiting van stofafzuiginstallaties, zorg dan dat ze op de juiste wijze worden aangesloten en gebruikt. Gebruik van deze voorzieningen vermindert de gevaren die door stof worden veroorzaakt. h) Denk niet dat doordat u gereedschap vaak gebruikt, u wel weet hoe het allemaal werkt en dat u de veiligheidsbeginselen voor het gebruik van het gereedschap wel kunt negeren. Een onbezonnen actie kan in een fractie van een seconde ernstig letsel tot gevolg hebben.

Gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap a) Oefen geen overmatige kracht uit op elektrisch gereedschap. Gebruik het juiste gereedschap voor uw specifieke toepassing. Met het juiste elektrische gereedschap voert u de taak beter en veiliger uit wanneer dit op de snelheid gebeurt waarvoor het apparaat is ontworpen. b) Gebruik nooit elektrisch gereedschap waarvan de AAN/UIT schakelaar niet werkt. Ieder elektrisch gereedschap dat niet kan worden in en uitgeschakeld met de schakelaar is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.

Trek de stekker uit het stopcontact voordat u wijzigingen aanbrengt aan elektrische gereedschappen, accessoires verwisselt of het elektrisch gereedschap opbergt. Wanneer u zich aan deze preventieve veiligheidsmaatregelen houdt, beperkt u het risico dat het gereedschap per ongeluk wordt gestart.

Berg elektrisch gereedschap dat niet in ge bruik is op buiten bereik van kinderen en laat personen die niet bekend zijn met het gereedschap of deze instructies het apparaat niet gebruiken. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk in de handen van ongeoefende gebruikers. e) Zorg voor een goed onderhoud van elektrisch gereedschap. Controleer of bewegende delen op de juiste wijze zijn vastgezet. Controleer ook of er geen onderdelen defect zijn of dat er andere omstandigheden zijn die van invloed kunnen zijn op de werking van het gereedschap. Laat het gereedschap bij beschadigingen repareren vóór gebruik. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhoud van het gereedschap.32

f) Zorg dat snij en zaagwerktuigen scherp en schoon blijven. Goed onderhouden snij en zaagwerktuigen met scherpe randen zullen minder snel vastlopen en zijn eenvoudiger onder controle te houden. g) Gebruik alle elektrische gereedschappen, accessoires, bitjes etc., zoals aangegeven in deze instructies en op de wijze waarvoor het gereedschap is ontworpen. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de uit te voeren taak. Gebruik van elektrisch gereedschap voor handelingen die afwijken van de taken waarvoor het apparaat is ontworpen kunnen leiden tot gevaarlijke situaties. h) Houd handgrepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en greepoppervlakken maken veilig werken en controle over het gereedschap in onverwachte situaties onmogelijk.

a) Laat uw gereedschap onderhouden door een gekwalificeerde onderhoudstechnicus die alleen gebruikmaakt van identieke vervangingsonderdelen. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van de powertool intact blijft. AANVULLENDE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

  • Verstekzagen zijn bestemd voor het zagen van hout of houtachtige materialen, ze kunnen niet worden gebruikt met doorslijpschijven voor het doorslijpen van ferrometalen zoals stangen, staven, spijkers enz. Slijpstof kan ervoor zorgen dat bewegende delen zoals de onderste be- schermkap blokkeren. Vonken die bij doorsli- jpen ontstaan, leiden tot brandplekken bij de onderste beschermkap, de verstekzaagbak en andere kunststof onderdelen.
  • Gebruik indien mogelijk lijmklemmen om het werkstuk te ondersteunen. Als u het werkstuk met de hand ondersteunt, moet u uw hand aan beide kanten altijd op een afstand van ten minste 100 mm van het zaagblad houden. Ge- bruik deze zaag niet om stukken te zagen die te klein zijn om veilig vastgeklemd of met de hand vastgehouden te worden. Als uw hand te dicht bij het zaagblad wordt geplaatst, bestaat er een verhoogd risico op letsel door contact met het zaagblad.
  • Het werkstuk moet stationair en vastgeklemd zijn of tegen zowel de geleider als de tafel worden gehouden. Voer het werkstuk niet in het zaagblad of zaag op geen enkele manier uit de vrije hand. Niet vastgeklemde of bewegende werkstukken zouden met hoge snelheden weg- geslingerd kunnen worden en zo letsel kunnen veroorzaken.
  • Duw de zaag door het werkstuk. Trek de zaag niet door het werkstuk. Zo gaat het zagen in zijn werk: u tilt de zaagkop omhoog en trekt deze zonder te zagen over het werkstuk heen, u start de motor, duwt de zaagkop omlaag en u duwt de zaag door het werkstuk. Zagen met een trekkende beweging kan het zaagblad naar de bovenkant van het werkstuk laten klimmen en daardoor kan het zaagblad met geweld in de richting van de bediener worden geslingerd.
  • Beweeg nooit met uw hand over de geplan- de zaaglijn voor of achter het zaagblad. Het met gekruiste handen ondersteunen van het werkstuk, d.w.z. het werkstuk met rechts vast- houden en het zaagblad met links of omgeke- erd, is heel gevaarlijk.
  • Kom achter de geleider niet met uw handen binnen een afstand van 100 mm van het draai- ende zaagblad, om houtafval te verwijderen of om enige andere reden. Het is misschien niet meteen duidelijk dat het draaiende zaagblad zo dicht bij uw hand is en u zou ernstig gewond kunnen raken.
  • Controleer uw werkstuk vóór het zagen. Als het werkstuk gebogen of krom is, klem dit dan met de naar buiten gebogen kant naar de geleider toe. Zorg er altijd voor dat er langs de zaaglijn geen opening is tussen het werkstuk, de geleider en de tafel. Gebogen of kromme werkstukken kunnen draaien of verschuiven en ertoe leiden dat het draaiende zaagblad tijdens het zagen klem komt te zitten. Er mogen geen spijkers of vreemde voorwerpen in het werkstuk zitten.
  • Gebruik de zaag pas, als de tafel vrij is van alle gereedschappen, houtafval enz. en er alleen het werkstuk op ligt. Kleine stukjes afval of losse stukken hout of andere voorwerpen die met het draaiende zaagblad in aanraking komen, kunnen met een hoge snelheid worden weggeslingerd.
  • Zaag maar één werkstuk tegelijkertijd. Meer- dere op elkaar gestapelde werkstukken kunnen niet goed worden vastgeklemd of vastgezet en kunnen ervoor zorgen dat het zaagblad tijdensNL

het zagen klem komt te zitten of verschuift.

  • Zorg ervoor dat de verstekzaag vóór gebruik op een vlakke, stevige ondergrond wordt gemon- teerd of geplaatst. Een vlakke en stevige onder- grond vermindert het risico dat de verstekzaag onstabiel wordt.
  • Plan uw werk. Telkens als u de instelling voor de schuinte of verstekhoek wijzigt, moet u ervoor zorgen dat de verstelbare geleider correct is ingesteld voor ondersteuning van het werkstuk en het zaagblad of de bescherm- kap niet hindert. Maak zonder de machine in te schakelen en zonder werkstuk op de tafel met het zaagblad een volledige gesimuleerde zaag-beweging om er zeker van te zijn dat er geen obstakels zijn of dat er geen gevaar is voor het doorzagen van de geleider.
  • Zorg voor voldoende ondersteuning, zoals tafelverlengingen, zaagbokken, enz., voor een werkstuk dat breder of langer is dan de bo- venkant van de tafel. Werkstukken die langer of breder zijn dan de verstekzaag, kunnen zonder een veilige ondersteuning kantelen. Als het afgezaagde stuk of het werkstuk kantelt, kan het de onderste beschermkap optillen of door het draaiende zaagblad worden weggeslingerd.
  • Gebruik geen andere persoon als vervanging voor een tafelverlenging of als extra on- dersteuning. Onstabiele ondersteuning voor het werkstuk kan ervoor zorgen dat het zaagblad klem komt te zitten of dat het werkstuk tijdens het zagen verschuift, waardoor u en uw helper in het draaiende zaagblad worden getrokken.
  • Het afgezaagde stuk mag absoluut niet tegen het draaiende zaagblad worden geklemd of gedrukt. Als het afgezaagde stuk ingesloten zit, d.w.z. bij het gebruik van lengteaanslagen, dan zou het tegen het zaagblad vast kunnen komen zitten en met geweld weggeslingerd kunnen worden.
  • Gebruik altijd een lijmklem of een spaninrich- ting die speciaal voor het ondersteunen van rond materiaal als stokken e.d. is ontworpen. Stokken hebben de neiging om tijdens het zagen te gaan rollen, waardoor het zaagblad gaat “bijten” en het werkstuk met uw hand in het zaagblad trekt.
  • Laat het zaagblad zijn volle snelheid bereiken, voordat u dit met het werkstuk in aanra- king brengt. Dit vermindert het risico dat het werkstuk weggeslingerd wordt.
  • Als het werkstuk of het zaagblad klem komt te zitten, schakelt u de verstekzaag uit. Wacht tot alle bewegende delen tot stilstand zijn gekomen en trek de stekker uit het stopcontact of verwijder de accu. Maak het klemzittende materiaal dan vrij. Als u met een klemzittend werkstuk doorgaat met zagen, dan verliest u de controle of wordt de verstekzaag beschadigd.
  • Nadat het zagen voltooid is, laat u de schake- laar los, houdt u de zaagkop omlaag en wacht u tot het zaagblad tot stilstand is gekomen, voordat u het afgezaagde stuk verwijdert. Het is gevaarlijk om met uw hand in de buurt van het uitlopende zaagblad te komen.
  • Houd de handgreep stevig vast, wanneer u een onvolledige zaagsnede maakt of wanneer u de schakelaar loslaat, voordat de zaagkop zich helemaal in de onderste positie bevindt. Het afremmen van de zaag kan ervoor zorgen dat de zaagkop plotseling omlaag wordt getrokken, waardoor het risico van letsel ontstaat.
  • Houd uw werkplek schoon. Materiaalmengsels zijn erg gevaarlijk. Lichtmetaalstof kan branden of ontploffen.
  • Gebruik geen stompe, gescheurde, verbo- gen of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd gerichte tanden veroorzaken door een te nauwe zaagopening een verhoogde wrijving, vastklemmen van het zaagblad of terugslag.
  • Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd sneldraaistaal (HSS-staal). Dergelijke zaagbla- den kunnen gemakkelijk breken.
  • Gebruik altijd zaagbladen waarvan de asgaten de juiste afmeting en vorm (ruitvormig versus rond) hebben. Zaagbladen die niet overeenko- men met de bevestigingsmiddelen van de zaag kunnen uit balans raken en ervoor zorgen dat u de controle over het gereedschap verliest.
  • Vervang de ingebouwde laser niet door een laser van een ander type. Van een laser die niet bij dit elektrische gereedschap past, kunnen gevaren voor personen uitgaan.
  • Verwijder nooit slijpresten, houtspanen e.d. uit de buurt van de plaats waar wordt geslepen, terwijl het elektrische gereedschap loopt. Breng de gereedschaparm altijd eerst in de ruststand en schakel het elektrische gereed- schap uit.
  • Pak het zaagblad na de werkzaamheden niet vast, voordat het afgekoeld is. Het zaagblad34

wordt tijdens de werkzaamheden zeer heet.

  • Maak waarschuwingsstickers op elektrisch gereedschap nooit onleesbaar.

Als laserstraling het oog raakt, dan moeten de ogen bewust gesloten worden en moet het hoofd onmiddellijk uit de straal bewogen worden.

  • Gebruik geen optisch concentrerende ins- trumenten, zoals verrekijker enz. voor het bekijken van de stralingsbron. U kunt hiermee uw ogen beschadigen.
  • Richt de laserstraal niet op personen die door een verrekijker of iets dergelijks kijken. U kunt hiermee hun ogen beschadigen.
  • Breng geen wijzigingen aan de laserinrichting aan. De in deze gebruiksaanwijzing beschre- ven instelmogelijkheden kunt u zonder gevaar gebruiken.
  • Ga niet op één lijn met het zaagblad voor het elektrisch gereedschap staan. Ga altijd opzij van het zaagblad staan. Dit voorkomt een mo- gelijke terugslag tegen uw lichaam.
  • Houd handen, vingers en armen weg bij het roterende zaagblad.
  • Reik niet met één hand over de andere voor de arm van het gereedschap.
  • Laat de tanden van het zaagblad niet te heet wor- den. Zet de machine stil wanneer de tanden van het zaagblad te heet worden. Gebruik de machine pas weer wanneer het zaagblad is afgekoeld.
  • Vervang beschadigde of versleten zaagbladen onmiddellijk.
  • Gebruik uitsluitend zaagbladen waarvan de specificaties overeenkomen met die in deze bedieningshandleiding en zaagbladen die zijn getest en gemarkeerd in overeenstemming met EN 847-1.
  • Wanneer u gebogen of ronde werkstukken zaagt, is het belangrijk dat deze goed worden vastgezet zodat ze niet kunnen wegglijden. Bij de zaaglijn mag er geen ruimte zijn tussen het werkstuk, de langsgeleiding en de zaagtafel. Zo nodig, moet u speciale voorzieningen maken. ELEKTRISCHE VEILIGHEID Neem bij het gebruik van elektrische machines altijd de plaatselijk geldende veiligheidsvoorschrif- ten in acht in verband met brandgevaar, gevaar voor elektrische schokken en lichamelijk letsel. Lees behalve onderstaande instructies ook de veiligheidsvoorschriften in het apart bijgevoegde veiligheidskatern door. Controleer altijd of de spanning van de stroomtoevoer overeenkomt met de spanning op het typeplaatje. Bij vervanging van snoeren of stekkers Gooi oude snoeren of stekkers direct weg zodra ze door nieuwe exemplaren zijn vervangen. Het is gevaarlijk om de stekker van een los snoer in het stopcontact te steken. Bij gebruik van verlengsnoeren
  • Gebruik als voeding voor dit apparaat steeds een onbelaste lijn en/of een verlengsnoer met geleiders van minimaal 1,5 mm², en beveiligd door een 16 A veiligheid. Let op dat dit ver- lengsnoer niet langer is dan 20 meter.
  • Dit apparaat kan geschakeld worden op het eenfasige net (230-240 V~, 50 Hz). Twijfelt u aan de aard van de stroomvoorziening, raad- pleeg dan eerst een electriciën).

2. TECHNISCHE INFORMATIE

Bedoeld gebruik Het elektro-gereedschap is bedoeld als stationaire machine voor het maken van rechte lengte- en dwarssnedes in hout. Horizontale verstekhoeken van -45° tot +45° alsmede evenals verticale schui- ne hoeken van -45° zijn mogelijk. TECHNISCHE SPECIFICATIES Model No. MS506AC Modelnr. MS506ACNetspanning 230-240 V, 50HzCapaciteit 1900WMachineklasse II (dubbel geïsoleerd)Onbelast toerental 5.000/minZaagblad afmeting 254x2.4x30mmHoek voor verstekzagen 45° (links en rechts)Hoek voor afschuinen 45° (alleen links)Max. zaagcapaciteit afkort

Lpa (geluidsdrukniveau) 94.5+3 dB(A)Lpa (geluidsvermogenniveau) 108.4+3 dB(A)Trillingen <2.5 m/s² Trillingsniveau Het trillingsemissieniveau, dat in deze gebruiks- aanwijzing wordt vermeld, is gemeten in over- een stem ming met een gestan daar diseerde test volgens EN 62841-1; deze mag worden gebruikt om twee machines met elkaar te vergelijken en als voorlopige beoordeling van de blootstelling aan trilling bij gebruik van de machine voor de vermelde toepassingen.

  • Het gebruik van de machine voor andere toe- passingen, of met andere of slecht onderhou- den accessoires, kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen.
  • Wanneer de machine is uitgeschakeld of wan- neer deze loopt maar geen werk verricht, kan dit het blootstellingsniveau aanzienlijk reduceren. Bescherm uzelf tegen de gevolgen van trilling door de machine en de accessoires te onderhouden, uw handen warm te houden en uw werkwijze te organiseren. BESCHRIJVING De nummers in de nu volgende tekst verwijzen naar de afbeeldingen op pagina 2-5.

3. Aan/uit-schakelaar

8. Knop voor tafelverlenging

14. Knop voor verstekverstelling

15. Hendel voor verstekverstelling

16. Schaal voor verstekhoek

17. Indicator voor verstekhoek

19. Indicator voor afschuiningshoek

20. Schaal voor schuine hoek

22. Knop voor aanpassing van de schuine kant

24. Bout voor diepteverstelling

29. Borgbout voor glijrails

31. Stopbout voor schuine hoek van 45°

32. Stopbout voor 0° schuine hoek

33. Schroef terugtrekarm

34. Borgbout voor tafelverlenging

35. Borgbout voor verstelbare omheining

36. Verstelbout voor hek

37. Kantelbeveiliging vooraan

38. Knop voor positievergrendeling

44. Knop voor werkstukklem

45. Plaat voor diepte-instelling

46. Laser schakelaar

48. Schroeven voor laserinstelling

50. Borgmoer voor 0° afschuining

51. Bouten voor hekwerk

Schakel voor assemblage altijd de machine uit en verwijder de netstekker uit het stopcontact. Transportstand (Afb. B) De knop voor positievergrendeling (38) maakt het gemakkelijker het elektrisch gereedschap van de ene werklocatie naar de andere te vervoeren. De transportstand ontgrendelen (werkstand)

1. Druk de handgreep (2) wat naar beneden;

2. Trek de knop voor positievergrendeling (38)

geheel naar buiten en vergrendel de knop door deze te draaien;

3. Verplaats de handgreep (2) langzaam omhoog.

De transportstand vergrendelen (transportstand) Controleer, voor u het gereedschap in de trans- portstand vergrendelt, dat de diepteafstellingsbout (24) is afgesteld op oneindige diepte. Zo kan de36

handgreep (2) geheel naar beneden worden ver- plaatst zonder dat de diepteaanslag wordt geraakt. Verwijder ook alle accessoires die niet stevig op de machine kunnen worden vastgezet.

1. Draai de vergrendelbout voor schuifrails (29)

los, als deze is vastgezet;

2. Trek de handgreep (2) naar voren naar u toe en

zet de vergrendelbout voor schuifrails (29) vast;

3. Druk de handgreep (2) geheel naar beneden;

4. Vergrendel de knop voor positievergrendeling

(38) door deze eerst uit te trekken en vervol- gens te draaien;

5. Wind de voedingskabel op en bind deze bij

elkaar met de bijgeleverde kabelbinder. Wanneer u de machine hebt vergrendeld in de transportstand, kunt u het apparaat veilig dragen en vervoeren aan de draaghandgreep (27). Draag de machine uitsluitend aan de draaghandgreep en nooit aan de bescherm- kappen. Een stationaire machine installeren (Afb. A, B, C) Voor gegarandeerd veilig werken met het elekt- risch gereedschap moet het voor gebruik worden gemonteerd op een vlak, stabiel werkoppervlak (bijv. een werkbank). U kunt de machine op drie manieren installeren:

In dit geval moet de machine met geschikte bouten op de werkbank worden gemonteerd. Doe dit met behulp van de vier gaten (12). Zoals getoond op fig. C.

2. Op een onderframe

Lees alle waarschuwingen en instructies die bij de zaagstandaard worden geleverd. Geeft u geen gevolg aan de veilig- heids-waarschuwingen en de instructies dan kan dat leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel. Zet de zaagstandaard goed in elkaar voor u het elektrisch gereedschap erop monteert. Dit is van belang omdat dan het risico dat de standaard in elkaar valt wordt voorko- men. In dit geval moet de machine met bouten op het onderframe worden gemonteerd. Doe dit met be- hulp van de vier gaten (12). Het onderframe moet met 4 bouten worden verankerd op de vloerplaat die ten minste 1 vierkante meter groot is. Monteer het elektrisch gereedschap in de transportstand op de zaagstandaard.

3. Flexibele installatie

Dit type installatie wordt niet aanbevolen door de fabrikant. Als, in uitzonderlijke omstandigheden, het niet mo- gelijk is het elektrisch gereedschap op een vlak en stabiel werkoppervlak te monteren, kunt improvise- ren door bij de installatie gebruik te maken van de kantelbeveiliging. Zonder de kantelbeveiliging is het elektrisch gereedschap niet stabiel en kan omvallen, vooral bij zagen in de maximale verstekhoek en/of in schuine hoeken.

  • Draai de voorste kantelbeveiliging (37) naar binnen of naar buiten, zoals wordt getoond in afbeelding F tot het elektrisch gereedschap waterpas op het werkoppervlak staat. De beschermkap controleren (Afb. A) De intrekbare beschermkap (5) biedt bescherming tegen onbedoeld contact met het zaagblad en tegen rondvliegende spaanders. Vóór gebruik moet worden gecontroleerd dat de zaagbladbescherm- kap goed functioneert. U kunt dit doen door de handgreep (2) omlaag te trekken en het volgende te controleren:
  • De intrekbare beschermkap (5) moet toegang krijgen tot het zaagblad (6) zonder dat de kap andere onderdelen raakt.
  • Wanneer u de zaag omhoog vouwt in de start- positie, moet de intrekbare beschermkap (5) automatisch het gehele zaagblad (6) bedekken. Het zaagblad vervangen (Afb. D, E, F) Voor u werk aan de machine uitvoert, moet u eerst de stekker uit het stopcontact trekken.NL

Draag beschermende handschoenen wanneer u het zaagblad monteert. Gevaar voor persoonlijk letsel wanneer u het zaagblad aanraakt. Gebruik alleen zaagbladen waarvan de typische gegevens overeenkomen met die in de bedieningsinstructies. Gebruik alleen zaagbladen die een snelheidsmarkering hebben die gelijk is aan of hoger is dan de snelheid die is gemarkeerd op de machine. Gebruik de machine onder geen enkele omstandigheid met slijpschijven als zaaggereedschap. U wordt tijdens eerste geadviseerd voor u het zaagblad vervangt, de verstekhoek en de hoek voor schuine zaagsneden op 0° te zetten. Anders zal de toegang tot het zaagblad beperkt zijn.

  • Koppel de machine los van de stroomvoorzi- ening.
  • Verwijder de schroef (33) die de terugtrekarm aan de messenafdekking vasthoudt.
  • Verwijder de schroef (40) om de boutenkap te verwijderen door de zaagbladkap (5) omhoog te tillen.
  • Zowel de zaagbladbout (42) als de flens (41) zouden nu zichtbaar moeten zijn zoals in afb. E.
  • Druk op de vergrendelknop van het zaagblad (43) Draai het zaagblad voorzichtig met de hand tot het blad vergrendelt.
  • Gebruik een inbussleutel om de zaagbladbout (42) te verwijderen door deze met de klok mee los te draaien.
  • Verwijder de flens (41) en het zaagblad.

Plaats het zaagblad terug en let erop dat de pijl die op het zaagblad staat in dezelfde richting wi- jst als de pijl die op de machine staat. De tanden van het zaagblad moeten naar beneden wijzen.

  • Zet de zaagbladbout (42) vast met de zaagblad- vergrendelknop (43) om goed vast te zetten.
  • Laat het zaagbladdeksel (5) zakken zodat het boutdeksel terug op zijn plaats valt en draai de schroef (40) vast.
  • Bevestig de terugtrekarm weer op het zaag- bladdeksel (5) door de schroef (33) vast te draaien.
  • Draai het zaagblad en controleer of de be- schermkap vrij werkt. Stofafzuiging (Afb. A, B, T) Zorg voor een goede ventilatie op de werkplek. Draag bescherming tegen stof. Het stof van materialen zoals loodverf en bepaalde soorten hout kan schadelijk zijn voor de gezondheid. Het inademen van deze stof kan allergische reacties en/of aandoeningen van de luchtwegen veroorzaken bij de gebruiker of bij mensen in de nabijheid. Bepaald stof, zoals dat van eikenhout of beukenhout worden geclassificeerd als kankerverwekkend, vooral in com- binatie met toevoegingen voor houtbehandeling (chro- maat, houtconserveermiddelen). Wij adviseren een systeem voor stofafzuiging te gebruiken, dat geschikt is voor het materiaal, wanneer dat maar mogelijk is. Vermijd de opeenhoping van stof op de werkplek. Stof kan gemakkelijk tot ontbranding komen. Het systeem voor stofafzuiging kan verstopt raken door stof, spaanders of snippers van het werkstuk. Daarom moet het systeem regelmatig worden schoongemaakt. Dat doet u als volgt:

1. Trek de stekker uit het stopcontact.

2. Wacht tot het zaagblad geheel tot stilstand is

3. Verwijder eventuele blokkades.

De stofzak bevestigen (Afb. A, B) Druk de klem van de stofzak (26) in en schuif de zak op de opening (28) aan de achterkant van de machine. De stofzak blijft op z’n plaats zitten wanneer u de klem loslaat. Een stofzuiger aansluiten (Afb. A, B, T) De stofzuiger moet geschikt zijn voor het materiaal waarmee u werkt. Wanneer u droog stof opzuigt dat zeer schadelijk is voor de gezondheid of stof dat kankerverwekkend is, gebruik dan een speciaal systeem voor stofafzuiging. U kunt de slang van de stofzuiger aansluiten op de stofuitgang (28). U kunt dat doen door gewoon de slang van de stofzuiger te bevestigen op de stofopening.38

Controleer, voor u de machine inschakelt, altijd dat het zaagblad goed is gemonteerd. Het zaagblad moet gelijkmatig kunnen draaien. Controleer voor gebruik de beschermkappen. Voor alle zaagsneden moet eerst worden gecontroleerd dat het zaagblad op geen enkel moment in contact kan komen met de langsgeleiding, de werkstukklem of andere onderdelen van de machine. Verwijder eventueel gemonteerde hulpstoppen of stel ze opnieuw af. Het werkstuk ondersteunen (Afb. A, G) Werkstukken moeten altijd goed worden on- dersteund. De tafelverlengstukken (10) kunnen ter ondersteuning van een werkstuk naar links en naar rechts worden uitgeschoven. Dat doet u als volgt:

  • Verplaats het tafelverlengstuk (10) naar de gewenste stand;
  • Draai de knop voor de tafelverlenging (8) naar binnen of naar buiten totdat de tafelverlenging waterpas op het werkblad staat. Wanneer u zeer lange werkstukken zaagt, moet u onder het vrije uiteinde een extra steun zetten zodat het werkstuk goed is ondersteund. Het werkstuk vastklemmen (Afb. G) Werkstukken moeten altijd goed worden vastge- klemd. De werkstukklem (21) kan ter ondersteun- ing aan de linker- en aan de rechterkant worden geplaatst. Dat doet u als volgt:

1. Zorg ervoor dat het werkstuk stevig tegen de

langsgeleiding (9) wordt geklemd;

2. Steek de meegeleverde werkstukklem (21) in

één van de gaten die hiervoor zijn bedoeld, zoals u kunt zien in afbeelding G;

3. Stel de stang met schroefdraad van de werkstuk-

klem (21) af op de hoogte van het werkstuk;

4. Zet de stang met schroefdraad van de werkstuk-

klem (21) stevig vast zodat het werkstuk op z’n plaats zit. U kunt met de knop voor de werkstukklem (44) snel- ler de hoogte van de werkstukklem (21) aanpassen. Zet, na het afstellen van de hoogte altijd de stang met schroefdraad van de werkstukklem (21) stevig vast zodat het werkstuk op z’n plaats bevestigd is. Het werkstuk afstellen (Afb. G) Stel altijd de langsgeleiding af op een bepaald type zaagsnede. Wanneer u in verstek en/of onder een schuine hoek zaagt, moet u de verstelbare langsgeleiding (7) verplaatsen afhankelijk van de zaagrichting. Op deze wijze wordt onder alle omstandigheden het werkstuk altijd goed ondersteund door de langsge- leiding. Dat doet u als volgt:

1. Draai de vergrendelbout voor de verstelbare

langsgeleiding. Voor zaagsneden in verstek of rechte zaagsneden moet de langsgeleiding naar binnen worden verplaatst naar het zaagblad (max. 8 mm), maar de langsgeleiding mag het zaagblad niet raken. Voor schuine zaagsneden moet de langsgeleiding naar buiten worden verplaatst van het zaagblad (max. 8 mm), maar de langsgeleiding mag het zaagblad niet raken;

3. Draai de vergrendelbout voor de verstelbare

langsgeleiding (35) vast;

4. Zorg ervoor dat het zaagblad niet in aanraking

komt met de verstelbare langsgeleiding (35), u kunt het beste het zaagblad laten draaien zonder de machine in te schakelen. De verstekhoek afstellen (Afb. A) De verstekhoek kan worden afgesteld tussen 45° links en 45° rechts. U kunt met vooraf-ingestelde verstekhoeken op de zaagtafel op 0°, 15°, 22,5°, 30° en 45° snel en nauwkeurig veelgebruikte ver- stekhoeken instellen. De verstekhoek afstellen op de vooraf-ingestelde hoek:

1. Maak de knop voor afstelling van verstek (14) los;

2. Trek aan de hendel voor verstekverstelling (15)

en draai de tafel (11) naar links of rechts in de gewenste positie. De hoek kan worden afgelezen op de schaal voor verstekhoek (16) met behulp van de indicator voor verstek hoek (17).

3. Laat de hendel los. U moet voelen dat de hendel

ingrijpt in de inkeping van de vooraf-ingestelde hoek.

4. Maak de knop voor afstelling van verstek (14)

De verstekhoek afstellen op en de gewenste hoek:

Maak de knop voor afstelling van verstek (14) los;

2. Trek de hendel voor afstelling van verstek (15)

op en draai de tafel (11) naar links of naar rechts naar de gewenste positie. De hoek kan met behulp van de indicator voor de verstek- hoek (17) worden afgelezen op de schaalverde- ling voor de verstekhoek (16).

3. Laat de hendel los en zet de knop voor afstel-

ling van verstek (14) vast. De schuine hoek afstellen (Afb. A, B) De schuine hoek kan worden ingesteld tussen 0° en +45° naar links. Dat doet u als volgt:

1. Maak de knop voor afstelling van de schuine

2. Kantel de zaag met de handgreep (2) tot de

indicator (19) de gewenste positie aangeeft op de schaalverdeling voor schuine hoek (20);

3. Zet de knop voor afstelling van de schuine hoek

(22) vast. De machine in-/uitschakelen (Afb. A)

  • U kunt de machine starten door de ontgren- delingsknop (1) in te drukken en ingedrukt te houden zodat de beschermkap wordt ontgren- deld, en daarna de Aan/Uit-schakelaar (3) in te drukken.
  • U kunt de machine uitschakelen door de Aan/ Uit-schakelaar (3) los te laten. Een afkortzaagsnede maken (Afb. H, I) Volg deze stappen voor het maken van een zaagsnede haaks op de nerf van het hout:

2. Verplaats de verstelbare langsgeleiding naar de

binnenste positie, naar het zaagblad toe. De ma- ximale afstand tussen de verstelbare langsgelei- ding (35) en het zaagblad (6) is 8mm, zoals wordt getoond in afbeelding J. Let er vooral op dat de langsgeleiding het zaagblad niet raakt.

3. Zet het werkstuk stevig vast met een klem;

4. Schakel de machine in. Denk eraan dat het zaag-

blad op volle snelheid moet komen;

5. Breng nu de handgreep langzaam omlaag, zo dat

het zaagblad door het werkstuk zaagt en de sleuf in de tafel passeert. Oefen niet al te veel druk op de zaag uit, laat de machine het werk doen;

Breng de handgreep weer voorzichtig omhoog en schakel de machine uit door de schakelaar los te laten. Een verstekzaagsnede maken (Afb. I, J) Volg deze stappen voor het maken van een schuine zaagsnede haaks op het hout:

1. Stel de verstekhoek in op de gewenste positie en

de schuine hoek in op 0°;

2. Verplaats de verstelbare langsgeleiding naar de

binnenste positie, naar het zaagblad toe. De ma- ximale afstand tussen de verstelbare langsgelei- ding (35) en het zaagblad (6) is 8mm, zoals wordt getoond in afbeelding I. Let er vooral op dat de langsgeleiding het zaagblad niet raakt.

3. Zet het werkstuk stevig vast met een klem;

4. Schakel de machine in. Denk eraan dat het zaag-

blad op volle snelheid moet komen;

5. Breng nu de handgreep langzaam omlaag, zo dat

het zaagblad door het werkstuk zaagt en de sleuf in de tafel passeert. Oefen niet al te veel druk op de zaag uit, laat de machine het werk doen;

Breng de handgreep weer voorzichtig omhoog en schakel de machine uit door de schakelaar los te laten. Een schuine zaagsnede maken (Afb. K, L) Volg deze stappen voor het maken van een schuine zaagsnede naar de rand van het hout:

1. Stel de verstekhoek in op 0° en de schuine hoek

in op de gewenste positie;

2. Verplaats de verstelbare langsgeleiding naar de

buitenste positie, van het zaagblad af. De maxi- male afstand tussen de verstelbare langsgelei- ding (35) en het zaagblad (6) is 8mm, zoals wordt getoond in afbeelding L. Let er vooral op dat de langsgeleiding het zaagblad niet raakt.

3. Zet het werkstuk stevig vast met een klem. Let

erop dat de werkstukklem op de rechterzijde moet worden gezet;

4. Schakel de machine in. Denk eraan dat het zaag-

blad op volle snelheid moet komen;

5. Breng nu de handgreep langzaam omlaag, zo dat

het zaagblad door het werkstuk zaagt en de sleuf in de tafel passeert. Oefen niet al te veel druk op de zaag uit, laat de machine het werk doen;

6. Breng de handgreep weer voorzichtig omhoog

en schakel de machine uit door de schakelaar los te laten. Een dubbelverstek zaagsnede maken (Afb. L, M) Volg deze stappen voor het maken van een com- binatie tussen een zaagsnede in verstek en een schuine zaagsnede:

1. Stel de verstekhoek en de schuine hoek in op

de gewenste positie;40

2. Verplaats de verstelbare langsgeleiding naar de

buitenste positie, van het zaagblad af. De ma- ximale afstand tussen de verstelbare langsge- leiding (35) en het zaagblad (6) is 8mm, zoals wordt getoond in afbeelding L. Let er vooral op dat de langsgeleiding het zaagblad niet raakt.

3. Zet het werkstuk stevig vast met een klem. Let

erop dat de werkstukklem op de rechterzijde moet worden gezet;

4. Schakel de machine in. Denk eraan dat het

zaagblad op volle snelheid moet komen;

5. Breng nu de handgreep langzaam omlaag, zo

dat het zaagblad door het werkstuk zaagt en de sleuf in de tafel passeert. Oefen niet al te veel druk op de zaag uit, laat de machine het werk doen;

6. Breng de handgreep weer voorzichtig omhoog

en schakel de machine uit door de schakelaar los te laten. De schuiffunctie gebruiken (Afb. A) Voor extra brede werkstukken is de machine uitgerust met een schuiffunctie. Wanneer u de schuiffunctie gebruikt, moet u er aan denken de vergrendelbout voor de schuifrails (29) los te zetten. Trek de handgreep (2) weg van de langs- geleiding (9) tot het zaagblad voor het werkstuk staat. Leid de arm van het gereedschap langzaam omlaag met de handgreep en een duw daarna de handgreep (2) naar de langsgeleiding (9) en zaag met gelijkmatige snelheid door het werkstuk. Voor kleine werkstukken is het mogelijk de schuif- functie met de vergrendelbout voor de schuifrails (29) vast te zetten in de achterste positie van de zaag. Als meer zaagbreedte gewenst is, is het nodig de vergrendelbout voor schuifrails (29) los te zetten. De dieptestop afstellen (Afb. N) U kunt de dieptestop afstellen zodat u de zaagdiep- te kunt beperken. Zo kunt u gemakkelijk een groef zagen. Dat doet u als volgt:

1. Beweeg de plaat voor de diepte-instelling (45)

2. Stel de knop (24) voor diepteafstelling af op de

gewenste diepte; De laser in-/uitschakelen (Afb. G, O) Schakel de laser in of uit door op de laser-schake- laar (46) te drukken. Nauwkeurig afstellen Trek de stekker uit het stopcontact voordat u werkt aan de afstelling van de machine. U kunt ervoor zorgen dat de machine nauwkeurig zaagt door voor het eerste gebruik en na intensief gebruik het apparaat te controleren en af te stellen. Er is hiervoor speciaal gereedschap nodig. De Von- roc after-sales helpt u deze werkzaamheden snel en betrouwbaar uit te voeren. De laser nauwkeurig afstellen (Afb. O) Als de laser (18) niet meer de juiste zaaglijn aan- geeft, kunt u de laser opnieuw afstellen. Dat doet u als volgt:

  • Draai de schroeven (48) van de afstelling van de laser los en stel de laser in door deze te verplaatsen tot de laserstraal de tanden van het zaagblad (6) raakt; De schuine hoek nauwkeurig afstellen op 0° (Afb. P, Q)

1. Stel de verstekhoek en de schuine hoek in op 0°;

2. Breng de handgreep (2) omlaag en zet deze

vast met de knop (38) voor positievergrende- ling;

3. Vergrendel de schuivende beweging met de

vergrendelbout voor de schuifrails (29);

4. Stel een winkelhaak in op 90° en plaats deze op

de tafel (11), zoals wordt getoond in afbeelding S. Het been van de haak moet over z’n gehele lengte gelijk met het zaagblad (6) zijn;

5. Draai de vergrendelbout voor de schuine hoek

6. Stel de stopbout voor schuine hoek 0° (32) af

tot het been van de winkelhaak over z’n gehele lengte gelijk is met het zaagblad;

7. Draai de vergrendelbout voor de schuine hoek

(50) op 0° weer vast. Controleer vervolgens de positie van de indicator (19) van de hoek. Zet, zo nodig, de aanwijzer los met een kruiskopschroevendraaier, zet de aanwi- jzer op 0° op de schaalverdeling voor de schuine hoek (20) en zet de borgschroef weer vast. De schuine hoek nauwkeurig afstellen op 45° (Afb. P, R)

vast met de knop (38) voor positievergrende- ling;

3. Vergrendel de schuivende beweging met de

vergrendelbout voor de schuifrails (29);

4. Stel een winkelhaak in op 90° en plaats deze op

de tafel (11), zoals wordt getoond in afbeelding T. Het been van de haak moet over z’n gehele lengte gelijk met het zaagblad (6) zijn;

5. Stel de stopbout voor schuine hoek 45° (31) af

tot het been van de winkelhaak over z’n gehele lengte gelijk is met het zaagblad; Controleer vervolgens de positie van de indicator (19) van de hoek. Zet, zo nodig, de aanwijzer los met een kruiskopschroevendraaier, zet de aanwij- zer op 45° op de schaalverdeling voor de schuine hoek (20) en zet de borgschroef weer vast. De verstekhoek nauwkeurig afstellen op 0° (Afb. B, G, S)

1. Stel een winkelhaak in op 0° en plaats deze op

de tafel (11), tussen de langsgeleiding (9) en het zaagblad (6);

2. Het been van de haak moet over z’n gehele

lengte gelijk met het zaagblad (6) zijn;

3. Draai alle vier bouten (51) van de langsgelei-

ding los en stel de langsgeleiding (9) af tot het been van de winkelhaak over z’n gehele lengte gelijk is met het zaagblad;

4. Zet alle vier bouten (51) van de langsgeleiding

weer vast. Controleer vervolgens de positie van de indicator (17) van de hoek. Zet, zo nodig, de aanwijzer los met een kruiskopschroevendraai- er, zet de aanwijzer op 0° op de schaalverdeling voor de verstekhoek (16) en zet de borgschroef weer vast.

Schakel voor reiniging en onderhoud altijd de machine uit en verwijder de netstekker uit het stopcontact. Reinig de machinebehuizing regelmatig met een zachte doek, bij voorkeur iedere keer na gebruik. Zorg dat de ventilatiesleuven vrij van stof en vuil zijn. Gebruik bij hardnekkig vuil een zachte doek bevochtigd met zeepwater. Gebruik geen oplosmid- delen als benzine, alcohol, ammonia, etc. Dergeli- jke stoffen beschadigen de kunststof onderdelen. De beschermkappen reinigen Controleer altijd de beschermkap (4) en de intrekbare beschermkap (5) op de aanwezigheid van vuil, voordat u de machine gebruikt. Verwijder zaagselresten en splinters met een borstel of iets dergelijks. De tafelinzet vervangen Vervang beschadigde tafelinzetten onmiddellijk. Met een beschadigde tafelinzet (13) is er een risico dat kleine delen klem komen te zitten tussen de tafelinzet en het zaagblad, waardoor het zaagblad wordt geblokkeerd. De tafelinzet vervangen:

1. Verwijder de schroeven van de tafelinzet met

een kruiskopschroevendraaier. Pas, zo nodig, de verstekhoek en de schuine hoek aan zodat u deze schroeven kunt bereiken;

2. Verwijder de tafelinzet;

3. Installeren een nieuwe tafelinzet;

4. Zet de schroeven vast met een kruiskopschroe-

vendraaier. Geleiderails Vuil kan de geleiderails (25) en derhalve ook de werking van de machine aantasten.

  • Maak de geleiderails regelmatig schoon met een zachte doek.

Beweeg de afkortzaag naar voren en naar achte- ren om de olie over de hele rails te verspreiden. MILIEU Defecte en/of afgedankte elektrische of elektronische gereedschappen dienen ter verwerking te worden aangeboden aan een daarvoor verantwoordelijke instantie. Uitsluitend voor EG-landen Werp elektrisch gereedschap niet weg bij het huisvuil. Conform de Europese Richtlijn 2012/19/ EG voor Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur en de implementatie ervan in nationaal recht moet niet langer te gebruiken elektrisch gereedschap gescheiden worden verzameld en op een milieuvriendelijke wijze worden verwerkt.42

GARANTIE VONROC producten zijn ontworpen volgens de hoogste kwaliteitsstandaarden en gegarandeerd vrij van defecten, zowel materieel als fabrieksfouten, tijdens de wettelijk vastgestelde garantieperiode vanaf de eerste aankoopdatum. Mocht het product tijdens deze periode gebreken vertonen veroorzaakt door defecte materialen en/of fabrieksfouten, neem dan rechtstreeks contact op met VONROC. De volgende situaties vallen niet onder de garantie:

  • Er zijn reparaties of aanpassingen aan de machine uitgevoerd, of er is een poging daartoe ondernomen, door een niet-geautoriseerd service centrum.
  • De machine is misbruikt, verkeerd gebruikt of slecht onderhouden.
  • Er zijn niet-originele reserveonderdelen gebruikt. Dit vormt de enige garantie opgesteld door het bedrijf zowel expliciet als impliciet. Er bestaan geen andere garanties expliciet of impliciet welke verder gaan dan deze garantie, inclusief impliciete garanties van verkoopbaarheid en geschiktheid voor bepaalde doeleinden. In geen enkel geval kan VONROC aansprakelijk worden gesteld voor incidentele schade of gevolgschade. Reparaties van dealers zijn gelimiteerd tot de reparatie of ver- vanging van defecte producten of onderdelen. Het product en de gebruikershandleiding zijn onderhevig aan wijzigingen. Specificaties kunnen zonder opgaaf van redenen worden gewijzigd.
Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Vonroc

Model : MS506AC

Categorie : Zaag