ZVEKM6XN - Oven ZANUSSI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ZVEKM6XN ZANUSSI in PDF-formaat.
| Soort product | Combinatie magnetron |
| Merk | Zanussi |
| Model | ZVEKM6XN |
| Hoogte apparaat (voor) | 455 mm |
| Breedte apparaat (voor) | 595 mm |
| Diepte apparaat | 567 mm |
| Inbouwdiepte | 546 mm |
| Gewicht (ongeveer) | 35 kg |
| Voeding | 230 V / 50 Hz |
| Maximaal magnetronvermogen | 1000 W |
| Kookstanden | Hetelucht, Boven/onderwarmte, Turbo grill, Pizzafunctie, Turbo Grill + Magnetron, Hetelucht + Magnetron, Ontdooien, Opwarmen, Magnetron |
| Klokfuncties | Timer, Kooktijd, Uitgestelde start, Teller |
| Assisteren bij koken | Ja (45 programma's met automatisch gewicht) |
| Meegeleverde accessoires | Metalen rooster, bakplaat, glazen plateau voor magnetron |
| Onderhoud en reiniging | Regelmatig reinigen met zachte doek en neutraal schoonmaakmiddel; verwijderbare roostersteunen |
| Veiligheid | Kinderbeveiliging, automatische uitschakeling, koelsysteem |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Vervangbare verlichting (halogeenlamp 300°C); erkende klantenservice |
| Energielabel | Niet gespecificeerd |
Veelgestelde vragen - ZVEKM6XN ZANUSSI
Gebruikersvragen over ZVEKM6XN ZANUSSI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ZVEKM6XN - ZANUSSI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ZVEKM6XN van het merk ZANUSSI.
GEBRUIKSAANWIJZING ZVEKM6XN ZANUSSI
NL Gebruiksaanwijzing 2
Combimagnetron
EN User Manual 35
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie: www.zanussi.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE 3
1.1 De verilgheit van kinderen en kwetsbare Personen 3
1.2 Algemene veiligheid.. 3
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN..
2.1 Installeren 6
2.2 Elektrische aansluiting.. 7
2.3 Gebruik.. 8
2.4 Onderhoud en reiniging 9
2.5 Hanteren van glaswerk 9
2.6 Binnerverlichting 9
2.7 Service 10
2.8 Verwijdering 10
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT....10
3.1 Algemeen overzicht 10
3.2 Accessoires 11
4.BEDIENINGSPANEEL 11
4.1 Verzonken knuppen 11
4.2 Sensorvelden bedieningspaneel....11
5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK 12
5.1 Eerste reiniging. 12
6. DAGELIJKS GEBRIK 12
6.1 Instellen: Verwarmingsfuncties....13
6.2 Instellen: Magnetronfunctions 13
6.3 Verwarmingsfuncties 14
6.4 Instellen: Kook- En Bakassistent... 15
6.5 Kook- En Bakassistent.. 16
7. KLOKFUNCTIES 21
7.1 Klokfuncties 21
7.2 Instellen: Klokfuncties 22
8. GA ALS VOLGT TE WERK VOOR GEBRUIK: ACCESSORIES 23
8.1 Accessoires plaatsen.. 23
9. EXTRA FUNCTIONS 24
9.1 Blokkering 24
9.2 Automatische uitschakeling 24
9.3 Koelventilator.. 25
10. AANWIJZINGEN EN TIPS 25
10.1 Magnetronaanbevelingen 25
10.2 Kookgerei en materialen geschikt voor de magnetron 26
10.3 Aanbevolen vermogensinstellungen voor verschillende soorten voedsel.... 27
10.4 Kooktafels voor testinstituten.....28
11. ONDERHOUD EN REINIGING 29
11.1 Opmerkingen over de reiniging....29
11.2 Hoe te verwijderen:
Inschuiftrails/ 30
11.3 Ho te verrangen: Lamp 30
12.1 Wat te doen als.. 31
12.2 Service-informatie 32
13. ENERGIEZUINIGHEID 32
13.1 Energiebesparing.. 32
14. MENUSTRUCTUUR 33
14.1 Menu 33
15.MILIEUBESCHERMING. 34
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installmentie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is nicht verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installmentie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies algijd op een veilige, toegankelijk plek voor toekomstig gebruik.
1.1 De verilgidence van kinderen en kwetsbare personen
-
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8年龄段 en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zich onder toezicht staan of instructies hebben gekreten over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zich de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8年龄段 en personen met zware en complexe beperkingen dienen.altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
-
Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zich met het apparaat gaan spelen..
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen. - Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
-
Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
-
Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in cantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijk gebruiksniveauaus nicht overschrijdt.
- Alleen een erkende installmenttechnicus mag dit apparaat installereren en de kabel verrangen.
- Gebruik het apparaat Niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordatu welke soort onderhoud dan ook.gaat uitvoeren.
- Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een erkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoon deze verrangen teneinde gevaarlijke situatuies met elektriciteit te voorkomen.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat isuitgeschakeld voordat u de lampervangt om elektrischeschokken te voorkomen.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heetijdens het gebruik. Zorg ervoor dat je de verwarmingselementen of het oppervlak van de apparaatruimte Niet aanraakt. - Gebruik alkijd ovenhandschoenen om accessoires of ovenschalen te verwijderen of erin te plaatsen.
- Activeer de magnetronfunctie nicht wanneer het apparaat leeg is. Metalen onderdelen in de ruimte{kunnen elektrische vonken verroorzaken.
- Tijdens bereiding in de magnetron zijn geen metalen voedselbakjes en drinkbekers toegestaan. Deze vereiste is nicht van toepassing als de fabrikant heeft aangegeven dat het formaat en de vorm van het metalen voorwerp geschikt is voor bereiding in de magnetron.
WAARSCHUWING: Als de deur of deurafdichtingen beschadigd zijn, mag het apparaat Niet worden gebruikt totdat het is gerepareerd door een erkende installmentiotechnicus.
WAARSCHUWING: Alleen een erkende installmenttechnicus kan service- of reparatiewerkzaamheden uitvoeren waar bij een afdekking worden verwijderd die bescherming biedt gegen blootstelling aan magnetronenergie.
WAARSCHUWING: Warm geen vloeistoffen en ander voedsel in afgesloten verpakkingen op. Ze können exploderen.
- Gebruik alleen voorwerpen die geschikt zichn voor gebruik in de magnetron.
- Let bij het opwarmen van voedsel in plastic of papieren verpakkingen op het apparaat vanwege de möglichkheid tot zelfontbranding.
- Het apparaat is bedoeld voor het opwarmen van voedsel en dranken. Het drogen van voedsel of kleding en het opwarmen van warmhoudkussentjes, slippers, sponzen, vochtige doeken enzovoort hunnen leiden tot letsel, vonkontsteking of brand.
- Als rook wordenuitgestoten, schakelt u het apparaat uit of trekt u de stekker uit het stopcontact en houdt u de deur gesloten om vlammen te konnen doven.
- Het opwarmen van dranken in de magnetron kan tot kookvertraging leiden. Wees voorzichtig bij het hanteren van de verpakking.
- De inhoud van zuigflesjes en babyvoedingspotjes要去 worden geroerd of geschud en de temperatuur voor het gebruik worden gecontroleerd om brandwonden te voorkomen.
- Eieren in hun schaal en hele hardgekooke eieren mogen nicht in het apparaat worden opgewarmd onions ze kuren explodingen, zelfs nadat de opwarming in de magnetron is beeindigd.
- Om de inschuifrailen te verwijderen trek eerst de voorkant van de inschuifrail en dan de achterkantuit de zichwanden. Plaats de inschuifrails in omgeekerde volgorde.
- Het apparaat moet regelmatig worden gereinigd en alle voedselresten要去en worden verwijderd.
- Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te make.
- Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of scherpe metalen schrapers om de glazen deur schoon te make. Deze kuren krassen veroorzaken op het oppervlak, waardoor het glas zou kuren breken.
- Als het apparaat Niet in een schone toestand wordt onderhouden, kan dit leiden tot een verslechtering van het oppervlak. Dit kan de levensduur van het apparaat negatief beinvloeden en möglichk een gevaarlijke situatie opleveren.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installeren

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installmenttechnicus mag het apparaat installereren.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialien.
- Installee en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installment-instructies die zich meegeleverd met het apparaat.
- Pas.altijd op bij verplaatsing van het apparaat,want het is zwaar. Gebruik.altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Trek het apparaat nooit aan de handgreep van+zijn plaats.
- Installee het apparaat op een veilige en geschikteplaats die aan alle installmente-eisen voldoet.
- Houd de minimumafstand maar andere apparaten en units in acht.
- Controller, voordat je het apparaat monteert, of de ovendeur onbelemmerd opent.
- Het apparaat is uitgerust met een elektrisch koelsystem. Het moet worden gezruikt met de elektrische voeding.
- De inbouwunit要去voldoen aan de stabiliteitsvereisten van DIN 68930.
| Minimumhoogte kast (Minimumhoogte kast onder werkblad) | 444 (460) mm |
| Kastbreedte 560 mm | |
| Kastdiepte 550 (550) mm | |
| Hoogte van de voorkant van het apparaat 455 mm | |
| Hoogte van de achterkant van het apparaat 440 mm | |
| Breedte van de voorkant van het apparaat 595 mm | |
| Breedte van de achterkant van het apparaat 559 mm | |
| Diepte van het apparaat 567 mm | |
| Ingebouwde diepte van het apparaat 546 mm | |
| Diepte met open deur 882 mm | |
| Minimumgrootte ventilatieopening. Opening ge-plaatst aan de onderkant van dechyterzijde | 560x20 mm |
| Lengte netvoedingskabel. Kabel worden in de rech-terhoek van de achterzijde geplaatst | 1500 mm |
| Bevestigingsschroeven 3.5x25 mm |
2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen要去en door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaatk.
- Dit apparaat要去 worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Gebruik.altijd een juist geinstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Gebruik geen adapters met meertere stekkers en verlangkabels.
- Zorg dat u de netstekker en het netsnoer nicht beschadigt. Indien de voedingskabel要去 worden verrangen, dan要去 dit gebeuren door unsere Klantenservice.
- Laat de stroomkabel Niet in aanraking komen met de deur van het apparaat of de niche onder het apparaat, met name Niet als deze werkt of als de deur heet is.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geisoleerde delen要去 op zo'n manier worden bevestigd dat het Niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installmentie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installmentie bereikbaar is.
- Als het stopcontact los zit, mag u de stekker nicht in het stopcontact steken.
-
Trek Niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek alsijd aan de stekker.
-
Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen要去en uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installmentie要去en isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat要去en contactopening hebben met een minimale bredte van 3mm
- Dit apparaat worden geleverd met een stekker en een netsnoor.
2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden, elektrische schokken of een explosie.
- De specificatie van dit apparaat Niet wijzigen.
- Zorg ervoor dat de ventilatieopengingen Niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat tijdens de werkking niets onbeheerd acheer.
- Schakel het apparaat na elk gebruik UIT.
- Wees voorzichtig met het openen van de deur van het apparaat wonneer het apparaat in werkung is. Er kan het eucht vrijkomen.
- Gebruik het apparaat Niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Oefen geen drukuit op de open deur.
- Gebruik het apparaat Niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Open de deur van het apparaat voorzichtig. Het gebruik van ingredienten met alcohol kan een mengsel van alcohol en lucht veroorzaken.
- Laat geen vonden of open vlammen in contact met het apparaat komen wonneer u de deur opent.
- Plaats geen ontvlambare producten of articelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Gebruik de magnetronfunctie Niet om het apparaat voor te verwarmen.

WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
-
Om schade of verkleuring van het email te voorkomen:
-
leg geen aluminiumfolie op de bodem van de ruimte in het apparaat.
- plaats geen water direct in het hare apparaat.
- bewaar geen vochtige gerechten en voedsel in het apparaat nadat u klaar bent met koken.
-
wees voorzichtig bij het verwijderen of bevestigen van accessoires.
-
Verkleuring van het email of roestvrij staal is Niet van invloed op de werking van het apparatus.
- Gebruik een diepe pan voor vochtige taarten. Vruchtensappen veroorzaken vlekken die permanentlijkeন্ন.
- Kook alsijd met de deur van het apparaat gesloten.
- Als het apparaat blijde een meubelpaneel gemonteerd is (bijv. een deur), zorg er dan voor dat de deur nooit gesloten is als het apparaat in werkking is. Warmte en vocht hunnen blijden een gesloten meubelpaneel ophopen en schade aan het apparaat, de behuizing of de vloer verroorzaken. Sluit het meubelpaneel Niet tot het apparaat compleet is afgekoeld na gebruik.
2.4 Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brand en schade aan het apparaat.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
- Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Er bestaat een risico dat de glasplaten können breken.
- Vervang direct de glazen deurpanelen als deze beschadigd zijn. Neem contact op met een erkend servicecentrum.
- Wees voorzichtig als u de deur van het apparaat verwijdert. De deur is zwaar!
- Zorg ervoor dat de ovenruimte en de deur na elk gebruik worden afgeveegd. Stoom geproducedtijdens de werkking van het apparaat condenseert op de wanden en kan roestveroorzaken.
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak anschteruitgaat.
- Vet en voedsel dat in het apparaat blijft, kan brand en elektrische vonden verzoorzaken wanner de magnetronfunctie werkt.
- Maak het apparaat schoon met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- Volg als u een ovenspray gebruikt de aanwijzingen op de verpakking.
2.5 Hanteren van glaswerk
Als u uw glaswerk Niet met passende zorg behandelt, kan dit leiden tot breuken, aftsplintering, barsten of aanzienlijke krassen:
- Mors geen koud water of andere vloeistoffen op het glaswerk.ovat een plotselinge daling van de temperatuur ertoe kan leiden dat het glas onmiddelijk breekt. Stukjes gebroken glas kunnen zeer scherp zich en moeilijk te vinden.
- Plaats heet glaswerk Niet op een nat of koel oppervlak, direct op het aanrecht of een metalen oppervlak of in de gootsteen of hanteer heet glaswerk Niet met een vochtige doeck.
- Gebruik of repareer geen glaswerk dat is afgesplinterd, gebarsten of zwaar bekrant.
- Laat heet glaswerk Niet op of wegen een hard voorwerp stoten en sla er Niet met keukengerei tegen.
- Verwarm leeg of bijna leeg glaswerk nicht in de magnetron, of oververhit olie of boter nicht in de magnetron (neem de minimale kooktijd in acht).
Laat heet glaswerk afkoelen op een koelrek, pannenlap of droge doek. Zorg ervoor dat het glaswerk genoeg is afgekoeld voordat het worden of in de koelkast of diepvries worden gezet.
Vermijd het hanteren van heet glaswerk (waaronder items met silicone grijpvlakken) zonder droge pannenlappen.
Vermijd misbruik van de magnetron (bijv. de oven aanzetten zonder iets erin te zetten of met een zeerkleine belasting).
2.6 Binnerverlichting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische schokken.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zich gegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijkste apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zich bedoeld om informatatie te geben over de operationele status van het apparaat. Ze zich Niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zich Niet geschikt voor verlichting in huishoudelijkte ruimten.
- Dit product bevat een Lichtbron van energie-efficientieklasse G.
- Gebruik alleen lampjes metdezelfde specificaties.
2.7 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat.
- Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
2.8 Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uwplaatselijke overheid voor informatatie over het afvoeren van het apparaat.
Haal de stekker uithetstopcontact. - Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
- Verwijder de deurvergrendeling om te voorkomen dat kinderen of huisdieren binnen in het apparaat vast komen te zitten.
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Algemeen overzicht

Bedieningspaneel
Knop voor verwarmingsfuncties
Display
Bedieningsknop
Verwarmingselement
Magnetrongenerator
Lamp
Ventilator
Inschuifrails, verwijderbaar
Inzetniveauaus
3.2 Accessoires
Bakrooster
Voor kookgerei, bak- en braadvormen.
Bakplaat
Voor gebak en koekjes.
Glazen bodemplaat van de magnetron
Voor het bereiden van voedsel in de magnetronstand.



4. BEDIENINGSPANEEL
4.1 Verzonken knoppen
Om het apparaat te bedieren, moet u de bedieningsknop indrukken. De knop komt dan maar buiten.
4.2 Sensorvelden bedieningspaneel
| WATT | OK | |||||
| Timer | Snel op-warmen | Bin- nen- ver- lich- ting | Magne- tronvermo- gen | Instelling bevestigen | Druk op | Draai aan de knop |
| Selecteer een verwarmingsfunctie om de oven in te schakelen. | ||||||
Draai de knop voor de verwarmingsfuncties maar de uit-stand om de oven uit te schakelen.

Display met toetsfuncties.
| Indicatie-lampjes op de display: | ® Blokkering | × Kook- En Bak-assistant | ® Instellingen | ≡ Indicatielampje mag-netronfunctie |
| Indicatie-lampjes ti-mer: | ® | STOP | ® | ® |
| Voortgangsbalk – voor temperatuur ofijd. De balk is volledig rood wanner de oven de ingestel-de temperatuur bereikt. | — | |||
5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 Eerste reiniging
Reinig de lege oven voor het eerste gebruik en stel deijd in:




00:00
Stel de hijd in. Druk op OK
6. DAGELIJKS GEBRUK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 Instellen: Verwarmingsfuncties
| Begin met koken | |
| Stap 1 Stap 2 | |
| °C | |
| Selecteer een verwarmingsfunctie. | Stel de temperatuur in. Druk op de regelknop WATT en draai aan deze\ knop om het magnetronvermogen aan te pas- sen. Druk op OK |
6.2 Instellen: Magnetronfuncties
| Stap 1 Verwijder alle accessoires uit de oven. Plaats de glazen bodemplaat van de magnetron. Plaats het voedsel op de glazen bodemplaat van de magnetron. |
| Stap 2 Selecteer de magnetronverwarmingsfunctie en druk op: OK om te beginnen met de standaardinstellungen. Het display toont: duur en magnetronvermogen. |
| Stap 3 Draai de knop voor de verwarmingsfuncties maar de uit-stand om de oven uit te schakelen. |
| Je=kunt de instelleningen tijdens het koken aanpassen. Draai aan de regelknop om de duur aan te passen. Druk op: OK Druk op de regelknop WATT en draai aan deze knop om het magnetronvermogen aan te passen. Druk op: OK |
De maximaleijd van de magnetronfuncties is afhankelijk van het door jou ingestelde magnetronvermogen:
| MAGNETRONVERMOGEN MAXIMUMTIJD | |
| 100 - 600 W 59:55 minuten. | |
| Meer dan 600 W 7 minutes | |
| i Als je de deur opent, stopt de functie. Om de functie opnieuw te starten, sluit de deur. Druk op OK | |
6.3 Verwarmingsfuncties
Standaardverwarmingsfuncties
| Verwarmingsfunc-tie | Toepassing |
| Hetelucht | Bakken op maximaal tweerekstanden tegelijkertijd en voedsel drogen. Stel de temperatuur 20 - 40 °C lager in dan voor Boven + onderwarmte. |
| Boven + onder-warmte | Voor het bakken en roosteren op één ovenniveau. |
| Circulatiegrill | Voor het braden van groete stukken vlees of gevogelte met bot op één ni-veau. Voor gratineren en bruinen. |
| Pizza-functie | Voor het bakken van pizza. Voor intensieve bruining en een krokante bo-dem. |
| Circulatiegrill + magnetron | Om grotere stukken vlees op één niveau te roosteren. Voor gratineren en bruinen.De functie met magnetron-boost. |
| Hetelucht + mag-netron | Bakken op éénrekstand.De functie met magnetron-boost. |
| Ontdooien | Vlees, vis, gebak ontdooien, vermogensbereik: 100 - 200 W |
| Opwarmen | Vermogensbereik voor het opwarmen van vooraf bereide maaltijden en delicate gerechten: 300 - 700 W |
| Magnetron | Opwarmen, koken, vermogensbereik: 100 - 1000 W |
| Menu | Om het menu te openen: Kook- En Bakassistent, Instellingen. |
6.4 Instellen: Kook- En Bakassistent
Het Kook- En Bakassistent submenu bestaat uit een reeks extra functies en gerechten met aanbevolen vereidingsfuncties, temperaturen en tijden. Je=kunt de tijd en de temperatuur tijdens het koken aanpassen.
| Voor sommige gerechten kun je ook koken met: | • Per gewicht |
| Kook- En Bakassistent - gezruik het om een gerecht snel te bereiden met de standardin-stelleningen: | |||
| Stap 1 Stap 2 Stap 3 Stap 4 | |||
| = | × | P1-P45 | OK |
| Open het menu. Selecteer Kook- En Bakassistent. Druk op OK. | Selecteer het ge-recht. Druk op OK | Plaats het gerecht in de oven. Instelling bevestigen. | |
6.5 Kook- En Bakassistent
| Legenda | |
| ☐ | Per gewicht beschikbaar. |
| ☐ | Functie met magnetronvermögen. Gebruik een magnetronbestendig accessoire. |
| ☐ | Verwarm de oven voor voordat je begint met koken. |
| ☐ | Lagerniveau. |
| Verwarmingsfunctie Toepassing | |
| F1 Grillen Om dunne stukken voedsel te grillen en brood te roos-teren. | |
| F2 Onderwarmte Voor het bakken van taarten met een krokante bodem en het bewaren van voedsel. | |
| F3 Bevroren gerechten Om Kant-en-klaar-gerechten (bijv. patat, aardappelpa-tjes of loempia's) krokant te make. | |
| F4 Boven- en onderwarmte + magnetron | Bakken en braden van voedsel op=eén rek. De functie met magnetron-boost. |
| F5 Grill + magnetron Om gerechten korte te bereiden en tegelijkkertijd een bruin korstje te gehen. De functie met magnetron-boost. |
Controleer wanseer de functie is afgelopen of het voedsel kaar is.
| Gerecht Gewicht Plan | kniveau/accessoire Tijdsduur | ||
| Rundvlees | |||
| P1 Biefstuk,rauw | 1 - 1,5 kg; 4- 5 cm dikke stukken | 1; bakplaatBak het vlees eenaar minuten in eenhete pan. Plaats deze in de oven. | 40 min |
| P2 Biefstuk: me-dium | 50 min | ||
| P3 Biefstuk,.gaar 60 min | |||
| Gerecht Gewicht Plan | kniveau/accessoire Tijdsduur | |
| P4 Biefstuk, me-dium | 180 - 220 g per stuk;plakjes van 3 cm dik | braadschaal op bakroosterBak het vlees eenaar minuten in eenhete pan. Plaats deze in de oven. |
| P5 Rundvlees-braadstuk / gestoofd (pri-me rib, boven- kant rond, dik-ke flank) | 1,5 - 2 kg | braadschaal op bakroosterBak het vlees eenaar minuten in eenhete pan. Voeg vloeistof toe. Plaats deze in de oven. |
| P6 Biefstuk,rauw (lang-zaam koken) | 1 - 1,5 kg; 4- 5 cm dikke stukken | 1; bakplaatGebruik uw favoriete kruiden of gewoonzout en vers gemalen peper. Bak hetvlees eenaar minuten in eenhete pan. Plaats deze in de oven. |
| P7 Biefstuk, me-dium (lang-zaam koken) | ||
| P8 Biefstuk,gaar (langzaam ko-ken) | ||
| P9 Filet,rauw (langzaam ko-ken) | 0,5 - 1,5 kg;5 - 6 cm dik-ke stukken | 1; bakplaatGebruik uw favoriete kruiden of gewoonzout en vers gemalen peper. Bak hetvlees eenaar minuten in eenhete pan. Plaats deze in de oven. |
| P10 Filet, gemid-deld (lage temperatuur garen) | ||
| P11 Filet, gereed (lage tempera-tuur garen) | ||
| Kalfsvlees | ||
| P12 Geroosterd kalfsvlees (bijv. schou-der) | 0,8 - 1,5 kg;4 cm dikke stukken | braadschaal op bakroosterGebruik je favoriete kruiden. Voeg vloei-stof toe. Geroosterd. |
| Varkensvlees | ||
| Gerecht Gewicht Plan | kniveau/accessoire Tijdsduur | |||
| P13 Geroosterde hals of schou- der van var-kensvlees | 1,5 kg | \( \boxed{\text{ }}\; \text{keramische of glazen oven-schaal op rooster, geschikt voor MW Gebruik je favoriete kruiden. Draai hal-verwege de bereidingsstijd het vlees om.} \) | 90 min | |
| P14 Aangetrokken varkensvlees(lage tempera-tuur garen) | 1,5 - 2 kg | \( \boxed{\text{ }}\; \text{1:}\text{bakplaat}\text{Gebruik je favoriete kruiden. Draai het vlees na halverwege de bereidingsstijd, om een gelijkmatige bruining te krijgen.} \) | 215 min | |
| P15 Lende, vers 1 - 1,5 | kg; 5 - 6 cm dikke stukken | \( \boxed{\text{ }}\; \text{1: braadschaal op bakrooster}\text{Gebruik je favoriete kruiden.} \) | 55 min | |
| P16 Spare ribs 2 - 3 kg; | ge- bruik ruwe, 2 - 3 cm dunne spare ribs | \( \boxed{\text{ }}\; \text{2: diepe pan}\text{Voeg vloeistof toe om de bodem van een gerecht te bedekken. Draai halverwege de bereidingsstijd het vlees om.} \) | 90 min | |
| Lamsvlees \( {}^{ \oplus } \) | ||||
| P17 Lamsbeen met botten | 1,5 - 2 kg; 7 - 9 cm dikke stukken | \( \boxed{\text{ }}\; \text{1: braadslede op bakplaat}\text{Voeg vloeistof toe. Draai halverwege de bereidingsstijd het vlees om.} \) | 130 min | |
| Gevogelte \( {}^{ \ominus } \) | ||||
| P18 Helekip 1,1 kg; vers | \( \boxed{\text{ }}\; \text{1: keramische of glazen oven-schaal op rooster, geschikt voor MW Gebruik je favoriete kruiden. Leg dekip met de borstzijde maar beneden en draai hem om na de helft van de bereidingsstijd.} \) | 40 min | ||
| P19 Halvekip 0,5 - 0,8 kg | \( \boxed{\text{ }}\; \text{2: bakplaat}\text{Gebruik je favoriete kruiden.} \) | 40 min | ||
| P20 Kippenborst 180 - | 200 g per stuk | \( \boxed{\text{ }}\; \text{stoofschotel op bakrooster}\text{Gebruik je favoriete kruiden. Bak het vlees eenaar minuten in een hete pan.} \) | 25 min | |
| Gerecht Gewicht Plan | kniveau/accessoire Tijdsduur | ||
| P21 Kippenpoten, vers | - | 2; bakplaat Als u eerst kippenpoten hebt gemari-neerd, stel dan een lagere temperatuur in en kook ze langer. | 30 min |
| P22 Hele eend 2 - 3 kg | braadschaal op bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. Plaats het vlees op de braadslede. Draai de eend na de helft van de bereidingstijd om. | 100 min | |
| P23 Gans, heel 4 - 5 kg | diepe pan Gebruik je favoriete kruiden. Plaats het vlees op een diepe bakplaat. Draai de gans na de helft van de bereidingstijd om. | 110 min | |
| Overig | |||
| P24 Gehaktbrood 1 kg | 1; bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. | 60 min | |
| Vis | |||
| P25 Hele vis, ge-grild | 0,5 - 1 kg per vis | 1; bakplaat Vul de vis met poter en gebruik je favoriete kruiden en specerijen. | 30 min |
| P26 Visfilet - | stoofschotel op bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. | 20 min | |
| Zoet bakken / nagerechten | |||
| P27 Cheesecake - | 1; springvorm van 28 cm op bakrooster | 90 min | |
| P28 Appelcake - | 2; bakplaat | 45 min | |
| P29 Appeltaart - | 1; taartvorm op bakrooster | 40 min | |
| P30 Appeltaart - | 1; 2 cm taartvorm op bak-rooster | ||
| P31 Brownies 2 kg | 2; diepe pan | ||
| P32 Chocolade muffins | - | 2 muffinbakplaat op bakrooster | |
| P33 Broodcake - | 1; broodvorm op bakrooster | ||
| Groenten / Bijgerechten | |||
| P34 Gebakken aardappelen | 1 kg | 1; bakplaat Leg de hele aardappelen met de schil op de bakplaat. | |
| P35 Wegwerpen 1 kg | 2; bakplaat bedekt met bakpapier Gebruik je favoriete kruiden. Snijd aard-appelen in stukjes. | ||
| P36 Gegrilde ge-mengde groenten | 1 - 1,5 kg | 2; bakplaat bedekt met bakpapier Gebruik je favoriete kruiden. Snijd de groenten in stukjes. | |
| P37 Kroketten, be-vroren | 0,5 kg | 2; bakplaat | |
| P38 Pommes, be-vroren | 0,75 kg | 2; bakplaat | |
| Gratins, brood en pizza | |||
| P39 Vlees-/groen-telasagne met droge noedels | 1 - 1,5 kg | 35 min | |
| P40 Aardappelgra-tin (rauwe aardappelen) | 1,1 kg | 3; 2; keramisch of glazen stoof-schotelgerecht op bakrooster Draai het gerecht na de helft van de be-reidingstijd. | |
| Gerecht Gewicht Plan | kniveau/accessoire Tijdsduur | ||
| P41 Pizza fris, dun | - | §; bakplaat bedekt met bakpapier | |
| P42 Pizza fris, dik | - | §; bakplaat bedekt met bakpapier | |
| P43 Quiche - | 1; bakblik op bakrooster | ||
| P44 Stokbrood / ciabatta / witbrood | 0,8 kg | §; bakplaat bedekt met bakpapier Meerijd nodig voor witbrood. | |
| P45 Volledig graan / roge / bruin brood volledig graan in broodpan | 1 kg | §; bakplaat bedekt met bakpapier / bakrooster | |
7. KLOKFUNCTIES
7.1 Klokfuncties
| Klokfunctie Toepassing | |
| Kookwekker. Wanner de tijd is verstreten, klinkt er een geluidssig- naal. | |
| STOP | Kooktijd. Wanner de timer stopt, klinkt het signaal en stopt de verwar- mingsfunctie. |
| Uitsteltijd. Om het begin en/of het einde van het koken uit te stellen. | |
| Uptimer. Maximum is 23研究员 59 min. Deze functie heeft geen invloed op de werkung van de oven. Om de Uptimer in en uit te schakelen, selecteer: Menu, Instellingen. |
Klokfuncties zijn alleen beschikbaar voor: Hetelucht, Boven + onderwarmte, Circulatiegrill, Pizza-functie, Circulatiegrill + magnetron, Hetelucht + magnetron.
7.2 Instellen: Klokfuncties
| Instellen: Dagtijd | ||
| Stap 1 Stap 2 Stap 3 | ||
| Om deijd van de dag te wijzigen, opent u het menu en selecteert u Instellingen, Dag-tijd. | Stel de klok in. | Druk op: OK |
| Instellen: Kookwekker | |||
| Stap 1 | Op het dis-play ver-schijnt:0:00 | Stap 2 Stap 3 | |
| Druk op: | Stel de Kookwekker in | Druk op: OK | |
| i De timer begint onmiddelijk af te tellen. | |||
| Instellen: Kooktijd | |||||||
| Stap 1 Stap 2 | Op het display verschijnt: 0:00 STOP | Stap 3 Stap 4 | |||||
| Kies een verwar-mingsfunctie en stel de tempera-tuur in. | Druk herhaalde- lijk: | Stel de berei-dingstijd in. | Druk op: OK | ||||
| i De timer begint onmiddelijk af te tellen. | |||||||
| Instellen: Uitsteltijd | |||||||
| Stap 1 Stap 2 | Het dis-play toont: de dag-tijd | Stap 3 Stap 4 | Op het display ver-schijnt: ... STOP | Stap 5 Stap 6 | |||
| Stel de starttijd in. | Druk op: OK. | ||||||
| Sele-teen de verwarmings-functie. | Druk her-haaldelijk: | Stel de eindtijd in. | Druk op: OK. | ||||
| i De timer begint af te tellen op een ingestelde starttijd. | |||||||
8. GA ALS VOLGT TE WERK VOOR GEBRUIK: ACCESSOIRES
8.1 Accessoires plaatsen
Gebruik uitsluitend geschikt kookgerei en materiaal. Raadpleeg hoofdstuk 'Hints en tips', kookgerei en materiaal geschikt voor de magnetron.
Eenkleine inkeping bovenaan verhoogt de veiligheid. De inkepingen zich ook antikantelmechanismen. De hoge rand rond het rooster voorkomt dat het kookgerei van het rooster aflgijdt.
Bakrooster:
Plaats het rooster:tussen de geleidestangen van de roostersteun en zorg ervoor dat de pootjes omlaag staan.

| Bakplaat: Schuif deplaatCUSSEN DE geleidestangen van de inschuifrail. | |
| Glazen bodemplaat van de magnetron: Gebruik de glazen bodemplaat van de magnetron alleen met de magnetronfunc-tie. Het is Niet geschikt voor de gecombi-neerde magnetronfunctie (bijv. grillen met de magnetron). Plaats het accessoire op de bodem van de uitsparing. Je kunt het voedsel direct op de glazen bod- demplaat van de magnetronplaatsen. |
9. EXTRA FUNCTIONS
9.1 Blokkering
| Deze functie voorkomt dat de functie van het apparaat per ongeluk worden gewijzigd. | ||
| Schakel het in als het apparaat werkt – de ingestelde bereiding gaat door, het bedieningspaneel worden vergrendeld.Schakel het in als het apparaat is uitgeschakeld – het kan nicht worden ingeschakeld, het bedieningspaneel is vergrendeld. | ||
| OK - houd ingedrukt om de functie in te schakelen.een geluidssignaal. | OK – houd ingedrukt om het uit te schakelen. | OK – houd ingedrukt om het uit te schakelen. |
| 3 x Knippert wanner de vergrendeling worden ingeschakeld. | ||
9.2 Automatische uitschakeling
Om veiligheidsredenen schakelt de oven na bepaaldeijd uit als er een ovenfunctie in werkinq is en u geen instellingen wijzigt.
| (℃) (h) | 1 |
| 30 - 115 12.5 | |
| 120 - 195 8.5 | |
| 200 - 230 5.5 |
De automatische uitschakeling werkt nicht met de functies: Binnerverlichting, Uitsteltijd.
9.3 Koelventilator
Als het apparaat in werkking is, worden de koelventilator automatisch ingeschakeld om de oppervlakken van het apparaat koel te houden. Als je het apparaat uitschakelt, kan de koelventilator blijven werken totdat het apparaat is afgekoeld.
10. AANWIJZINGEN EN TIPS
10.1 Magnetronaanbevelingen
i Laten we koken!
Plaats het voedsel op de glazen bodemplaat die zich onderin de magnetronruimte bevindt.
Plaats het voedsel op een bord onderin de ruimte.
Draai het voedsel halverwege de ontdooi- en bereidingsstijd om of roer het door.
Roer vloeibare gerechten zo nu en dan door.
Roer het voedsel voor het opdienen door.
Dek het voedsel voor bereiding en opwarming af.
Zetijdens het opwarmen van dranken de lepel in de fles of het glas om de warmte beter te verdelen.
Plaats het voedsel uit de verpakking in het apparaat. Verpakte Kant-en-klaar-maaltijden+kennen alleen in het apparaat worden verwarmd als de verpakking magnetronveilig is (raadpleeg de informatatie op de verpakking).
Koken in de magnetron
Bereid voedsel afgedekt. Bereid voedsel slechts zonder het te bedekken als je een korst wilt beholden.
Kook de gerechten Niet te lang door het vermogen en dearend te hoog instellen. Het voedsel kan uitdrogen, aanbranden of brand verooorzaken.
Gebruik het apparaat Niet om eieren in de schaal en slakken in hunuis te bereiden, odomdat deze können barsten. Prik het eigeel van gebakken eieren door voordat ze worden opgewarmed.
Prik voedsel met huid of schil diverse malen door voordat je het bereidt.
Snij groenten in stukjes van gelijke grotte.
Schakel het apparaat UIT, neem het voedsel UIT het apparaat en LAST een paar minuten rusten om de warmte gelijkmatig te verdelen.
Ontdooien in de magnetron
Plaats het bevroren, uitgepakte voedsel op een Klein omgekeerd bord met een bakje eronder of op een ontdoorek of plastic zeef, zodat de dooivloeistof kan wegopen.
Verwijder telkens de stukken die zijn ontdooid.
Je kunt een hoger magnetronvermogen gebruiken om fruit en groenten te bereiden zonder ze eerst te ontdooien.
10.2 Kookgerei en materialen geschikt voor de magnetron
Gebruik alleen kookgerei en materiaal in de magnetron dat hier geschikt voor is. Gebruik onderstaande tabel als referentie.
Controleer de specificaties van het kookgerei/materialiaal voor gebruik.
| Kookgerei/materialiaal | ※ | ||
| Ovenvast glas en porselein zonder metalen onderdelen, bijv. hittebestendig glas | ✓ | ✓ | ✓ |
| Niet-ovenbestendig glas en porselein zonder zilveren, gouden,platina of andere metalen versie-ringen | ✓ | X | X |
| Glas en glaskeramiek van ovenbestendig / diepvriesbestendigmaterialial | ✓ | ✓ | ✓ |
| Ovenvaste keramiek en aarde-werk zonder kwarts of metalen onderdelen en metaalhoudend glazuur | ✓ | ✓ | ✓ |
| Keramiek, porselein en aarde-werk met ongeglazuurde onder-kant of met kleine gaatjes, bijv.op handvaten | XXXX | ||
| Tot 200 °C hittebestendige kunststof | ✓ | ✓ | X |
| Karton, papier XX | ✓ | ||
| Huishoudfolie XX | ✓ | ||
| Magnetronfolie X | ✓ | ✓ | |
| Braadschalen gemaakt van me-taal, bijv. email, gietijzer | XXX | ||
| Kookgerei/material | ※ | ||
| Bakblikken, zwarte lak of met si- liconen coating | XXX | ||
| Bakplaat XXX | |||
| Bakrooster XX | ✓ | ||
| Glazen bodemplaat magnetron X | ✓ | ✓ | |
| Kookgerei voor bebruik in mag- netron, bijv. pan voor knapperige gerechten | X | ✓ | X |
10.3 Aanbevolen vermogensinstellungen voor verschillende soorten voedsel
De gegevens in de tabel dieren alleen als richtig.
| 700 - 1000 W | |
| Aanbakken aan het begin van het kookproces Vloeistoffen opwarmen | SSS |
| 500 - 600 W | ||||
| Groenten koken | Eiergerechten bereiden | Hutspot latent sudderen | Eenpansgerechen opwarmen | Ontdooien en opwarmen van bevroenmaal-tijden |
| 300 - 400 W | ||||
| Smelten van kaas, chocolde, boter | Rijst sudderen | Babyvoeding op-warmen | Koken/opwarmen van delicaat voed-sel | Doorgaan met koken |
| 100 - 200 W | |||
| Ontdooien van brood | Ontdooien van fruit en gebak | Ontdooien van kaas, room, boter | Ontdooien van vlees, vis |
10.4 Kooktafels voor testinstituten
Informatie voor testinstituten
Testen volgens IEC 60705.
| Gebruik het bakrooster, tenzij anders aangegeven. | |||||
| MAGNETRON-FUNCTIE | POWER(W) | kg | F | (I min) | I |
| Cake, zacht 600 0.475 Bottom 7 - 9 Draai halverwege de | bereidingsstijd dekom 1/4. | ||||
| Vleesbrood 400 0.92 25 - 32 Draai halverwege de | bereidingsstijd dekom 1/4. | ||||
| Bouillon met stuk-jes ei | 500 1 Bottom 18 - | ||||
| Ontdooien vanvlees | 200 0.5 Bottom 7 - 8 Draai het vlees hal- | verwege de berei-dingstijd om. | |||
| Gebruik het ovenrek. | ||||||
| COMBI-MAGNE-TRON-FUNCTIE | POWER(W) (°C) (min) | ↓ | ◇ | ◇ | ||
| Cake, 0.7kg | Boven- en onderwarm-te + mag-netron | 100 200 2 | 23 - 27 Draai | halverwege | de bereidingsstijd de kom 1/4. | |
| Aardap-pelgratin, 1.1 kg | Hetelucht + magnetron | 300 180 2 | 38 - 42 Draai | halverwege | de bereidingsstijd de kom 1/4. | |
| Kip, 1.1kg | Circulatie-grill + mag-netron | 400 230 1 | 35 - 40 Doe | het vlees in | een Ronde glazen kom en draai het halverwege de bereidingsstijd om. | |
11. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
11.1 Opmerkingen over de reiniging
| Reinigings-middelen | Reinig de voorkant van het apparaat uitsluitend met een microvezeldoek met warm water en een mild reinigingsmiddel. |
| Gebruik een reinigingsoplossing om metalen oppervlakken te reinigen. | |
| Reinig vlekken met een mild reinigingsmiddel. |
| Dagelijks ge-bruik | Reinig de uitsparing telkens na gebruik. Vetophoping of andere resten können brand peroorzaken. Reinig voorzichtig de bovenkant van het apparaat om resten en vet te verwijdden. |
| Bewaar het voedsel Niet langer dan 20 minutes in het apparaat. Droog de ruim-te na elk gebruik uitsluitend met een microvezeldoek. |

Accessoires
Reinig alle accessoires na elk gebruik en LAST ze drogen. Gebruik alleen een zacht de ook met warm water en een mild reinigingsmiddel. De accessoires nicht in een afwasmachine reinigen.
Reinig de antiaanbakaccessoires nicht met agressieve reinigingsmiddelen of scherpe voorwerpen.
11.2 Ho te verwijderen: Inschuifrails/
Verwijder de inschuifrails om de oven te reinigen.
| Stap 1 Schakel de oven uit en wacht totdat deze is afgekoeld. | |
| Stap 2 Trek de inschuifrails voorzichtig waar boven toe uit de voorste ophanging. | 3 2 1 |
| Stap 3 Trek de voorkant van de in-schuifrails weg van de+zijwand. | |
| Stap 4 Trek de inschuifrails uit de ach-terste ophanging. | |
| Plaats de inschuifrails in omgekeerde volgorde. | |
11.3 Hoe te verrangen: Lamp

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische schokken.
Het lampje kan heet zich.
Houd de halogeenlamp alsijd met een doek vast om te voorkomen dat er vetrestjes op de ovenlamp verbranden.
| Voordat u de lamp verrangt: | ||
| Stap 1 Stap 2 Stap | 3 | |
| Schakel de oven uit. Wacht tot de oven afgekoeld is. | Trek de oven uit het stopcontact. | Plaats een doek op de bodem van de holte. |
Bovenlamp
Stap 1 Draai de glazen afdekking om die te verwijderen.
| Stap 2 Reinig de glasafdekking. |
| Stap 3 Vervang de lamp door een geschikte 300 °C hittebestendige lamp. |
| Stap 4 Installeer het glazen deksel. |
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
12.1 Wat te doe n als...
Neem in alle gevallen die nicht in deze babel zich opgenomen contact op met een erkend servicecentrum.
| De oven gaat nicht aan of warmth nicht op | |
| Probleem Controller of de volgende zaken van toe-passing zich… | |
| Je kurz de oven Niet inschakelen of bedieren. De | oven is juist op een elektrische toevoer aangesloten. |
| De oven worden Niet warm. De automatische uitschakeling is gedacti-veerd. | |
| De oven worden Niet warm. De zekering is Niet doorgeslagen. | |
| De oven worden Niet warm. De vergrendeling is uitgeschakeld. | |
| Onderdelen | |
| Probleem Controller of de volgende zaken van toe-passing�... | |
| De verlichting werkt nicht. De lamp is opgebrand. | |
| ? Foutcodes | |
| Op het display verschijnt... Controller of de volgende zaken van toe-passing�... | |
| 00:00 Er was een stroomstoring. Stel deijd van de dag in. | |
| Als het display een foutcode weergeeft die nicht in deze tabel staat, schakelt u de zekering van hetuisuit enwoord in om de oven opnieuw te starten. Als de foutcode opnieuw opttreedt, neemtu contact op met een erkend servicecentrum. | |
12.2 Service-informatie
Als je nicht zich het probleem(Int)kunt verhopen, neem dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich op het voorframe van de apparaatruimte. Verwijder het typeplaatje Niet uit de apparaatruimte.
| Wij raden je aan om de gegevens hier te noteren: | |
| Model (MOD.) | |
| Productnummer (PNC) | |
| Serienummer (S.N.) | |
13. ENERGIEZUINIGHEID
13.1 Energiebesparing
Zorg ervoor dat de deur van het apparaat gesloten is als het apparaat in werkig is. Open de deur van het apparaat Niet te vaak tijdens het koken. Houd het deurrubber schoon en zorg ervoor dat het goed op+zijnplaats vastzit.
Gebruik metalen kookgerei om meer energia te besparen (alleen als u geen magnetronfunctie gebrukt).
Verwarm het apparaat Niet voor alvorens te koken als dat Niet hoeft.
Houd onderbrekingen:tussen het bakken zo kort maybeijk als je een aantal gerechten tegelijkkertijd bereidt.
Koken met hete lucht
Gebruik indien möglichk de vereidingsfuncties met hete lucht om energia te besparen.
Restwarmte
De ventilator en lamp blijven werken. Wanner je de oven uitschakelt, geeft het display der restwarmte aan. U=kunt die warmte gebruiken om het eten warm te houden.
Wanner de kookduur langer is dan 30 minutes, verlaag dan de oventemperatuur tot minimaal 3-10 minutes voor het einde van het koken. De restwarmte binnen in het apparaat zal blijven koken.
Je=kunt de restwarmte gebruiken om andere maaltijden op te warmen.
Eten warm houden
Kies de laagst möglichke temperatuurinstelling om de restwarmte te gebruiken en een maaltijd warm te houden. Het indicatielampje van de restwarmte of temperatuur verschijnt op het display.
Koken met de verlichting uitgeschakeld
Schakel de verlichtingijdens het kokenuit. Doe het aan als je het nodig hebt.
14. MENUSTRUCTUUR
14.1 Menu

- -selecteer om de Menu.
Stap 1 Stap 2 Stap 3 Stap 4 Stap 5
Pas de Waarde aan en druk op OK
| Installingen | |||||
| O1 Dagtijd Wijzigen O2 Helderh | eid display 1 - 5 | ||||
| O3 Toetstonen 1 - Piep | 2 - Klik3 - Geluid UIT | O4 Geluidsvolume 1 - 4 | |||
| O5 Uptimer Aan/uit O6 Binnenverlichting Aan/uit | |||||
| O7 Demofunctie Activerings-code: 2468 | O8 Softwareversie Controleren | ||||
| Instellungen | ||
| O9 Terug maar fabrieksinstellungen | Ja / Nee | |
15. MILIEUBESCHERMING
Recycler de materialen met het symbool Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycler op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool iiet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product maar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.