SinePower DSP 1012 - Omvormer DOMETIC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SinePower DSP 1012 DOMETIC in PDF-formaat.
| Producttype | Sinusomvormer |
| Merk | Dometic |
| Model | SinePower DSP 1012 |
| Nominale ingangsspanning | 12 V= |
| Ingangsspanningsbereik | 10 – 16,5 V |
| Uitgangsspanning | 230 V~ ±10 %, sinusgolf (vervorming <5 %) |
| Uitgangsfrequentie | 50 Hz ±0,5 Hz |
| Nominaal continuvermogen | 1000 W |
| Maximaal vermogen (1 min) | 1150 W |
| Piekvermogen (1 s) | 2000 W |
| Rendement | >90 % |
| Nullastverbruik | <1,0 A |
| Sluipverbruik | <0,35 A |
| Gewicht | 3,1 kg |
| Bedrijfstemperatuur | 0 °C tot +50 °C |
| Opslagtemperatuur | -30 °C tot +70 °C |
| Toegestane luchtvochtigheid | 0 – 95 % zonder condensatie |
| Koeling | Temperatuur- en belastingsgestuurde ventilator |
| Geïntegreerde beveiligingen | Onderspanning, overspanning, overbelasting, kortsluiting, oververhitting, omgekeerde polariteit (interne zekering) |
| Speciale functies | Energiebesparingsmodus, afstandsbediening, DIP-schakelaar voor netwerkvorm (TN/IT) |
| Toegestane montage | Horizontaal of verticaal, op een droge en goed geventileerde plaats |
| Batterijaansluiting | Kabel 35 mm², zekering 200 A, lengte <1 m |
| Leveringsomvang | Omvormer, afstandsbediening, kabel afstandsbediening, handleiding |
| Garantie | Wettelijke termijn (neem contact op met fabrikant of verkoper) |
| Onderhoud | Reinigen met een vochtige doek, geen schoonmaakmiddelen |
Veelgestelde vragen - SinePower DSP 1012 DOMETIC
Gebruikersvragen over SinePower DSP 1012 DOMETIC
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Omvormer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SinePower DSP 1012 - DOMETIC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SinePower DSP 1012 van het merk DOMETIC.
GEBRUIKSAANWIJZING SinePower DSP 1012 DOMETIC
Montagehandleiding en gebruiksaanwijzing 120
DA Sinus ensretter
Lees deze handleiding voor de montage en de ingebruikname zorgvuldig door en bewaar hem. Geef de handleiding bij het doorgeven van het product aan de gebruiker.
Inhoudsopgave
1 Verklaring van de symbolen 121
2 Algemene veiligheidsinstructies 121
3 Omvang van de levering 125
4 Doelgroep van deze handleiding 125
5 Reglementair gebruik 125
6 Technische beschrijving 126
7 Omvormer monteren 128
8 Omvormer aansluten 129
9 Omvormer gebruiken. 131
10 Omvormer onderhouden en reinigen 134
11 Verhelpen van storingen. 135
12 Garantie. 136
13 Afvoer 136
14 Technische gegevens. 136
1 Verklaring van de symbolen

GEVAAR!
Veiligheidsaanwijzing: Het Niet naleven leidt tot overlijden of ernstig letsel.

WAARSCHUWING!
Veiligheidsaanwijzing: Het Niet naleven kan leiden tot overlijden of ernstig letsel.

LETOP!
Het Niet naleven ervan kan leiden tot materièle schade en de werkinq van het product beperken.

INSTRUCTIE
Aanvullende informatatie voor het bedieren van het product.
2 Algemene veiligheidsinstructies
De fabrikant kan in de volgende geallen nicht aansprakelijk worden gesteld voor schade:
- montage- of aansluitfouten
- beschadiging van het product door mechanische invloeden en verkeerde aansluitspanning
- veranderingen aan het product zonder uitdrukkelijke toestemming van de fabrikant
- gelebruik voor andere dan de in de handleiding beschreiben toepassingen
Neem de volgende essentièle veiligheidsmaatregelen in acht bij het gebruik van elektrische toestellen, ter bescherming gegen:
- elektrische schokken
• brawnd gevaar
·verwonden gen
2.2 Essentieteveiligheid

GEVAAR!
- Gebruik in het geval van brand een brandblusser die geschikt is voor elektrische toestellen.

WAARSCHUWING!
- Gebruik het toestel alleen volgens de voorschriften.
- Let erop dat de rode en zwarte klem elkaar nooit raken.
- Koppel het toestel los van het elektricieitsnet – voor iedere reiniging en ieder onderhoud – voor het verrangen van een zekering
- Als u het toestel demonteert:
- Maak alle verbindingen los.
- Zorg ervoor dat alle in- en uitgangen spanningsvrijn zichn.
- Als het toestel of de aansluitkabel zichtbaar beschadigd zijn, mag u het toestel Niet in gebruik nemen.
- Als de aansluitkabel van dit toestel wordt beschadigd,要去 deze, om gevaren te vermiijden, door de fabrikant, de betreffende klantenservice of een gelijkwaardig gekwalificeerde persoon verrangen worden.
- Reparaties aan dit toestel mogen uitsluitend door vakmonteurs uitgevoerd worden. Door ondeskundige reparations können grote bevaren ontstaan.
- Dit toestel kan door kinderen vanaf 8aar en ouder evenals door personen met verminderde fysieke, zintuiglijke of geestelijkke vermogens of tekortschietende ervaring en/of kennis gebruikt worden, als ze worden begeleid of hun is uitgelegd hoe ze het toestel veilig+kennen gebruiken. Ook dienen zeinzicht te hebben in de gevaren die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
- Elektrische toestellen zijn geen spelgoed! Bewaar en gebruik het toestel buiten het bereik van kinderen.
- Er moet toezicht worden gehonden op kinderen, zodat ze nicht met het toestel gaan spelen.

LETOP!
- Vergelijk voor de ingebruikneming de spanning op het typeplaatje met de aanwezigene energievoorziening.
-
Let erop dat andere voorwerpen geen kortsluiting bij de contacten van het toestel veroorzaken.
-
Trek de stekker nooit aan de aansluitkabel uit het stopcontact.
- Bewaar het toestel op een droge en koele plaats.
2.3 Veiligkeit bij de montage van het toestel

GEVAAR!
- Monteer het toestel Niet opplaatsen waar gevaar voor gas- of stofexplosie bestaat.

VOORZICHTIG!
- Let op een stabiele stand!
Het toestel moet zo veilig opgesteld en bevestigd worden, dat het Niet kan omvallen of maar beneden kan vallen.

LETOP!
- Stel het toestel Niet bloot aan een warmtebron (zonnestraling, verwarming enz.). Vermijd zo een extra opwarming van het toestel.
- Stel het toestel op een droge en gegen spatwater beschermdeplaats op.
2.4 Veiligkeit bij de elektrische aansluiting van het toestel

GEVAAR! Levensgevaar door stroomschok!
- Als u aan elektrische installations werkt, zorg er dan voor dat er iemand in de buurt is die u in geval van nood kan helpen.

WAARSCHUWING!
- Zorg voor een voldoende große leidingdoorsnede.
- Leg de leidingen zo aan, dat ze Niet door deuren of motorkappen beschadigd können rake.
- Geplte kabels können tot levensgevaarlijke verwondingen leiden.

VOORZICHTIG!
- Installee der leidingen zodanig dat er nicht over gestruikeld kan worden en beschadiging van de kabel uitgesloten is.

LETOP!
-
Gebruik holle buizen of leidingdoorvoeren, als leidingen door plaatwanden of andere wanden met scherpe randen geleid要去en worden.
-
Plaats het 230-V-netsnoer en de 12-V-gelijkstroomleiding niet in bezelfde kabelgoot (holle buis).
- Leg de leidingen nicht los of scherp geknikt.
- Bevestig de leidingen goed.
- Trek nicht aan leidingen.
2.5 Veiligkeit bij het gebruik van het toestel

GEVAAR! Levensgevaar door stroomschok!
- Blanke leidingen nooit met blote handen aanraken.

WAARSCHUWING!
- Gebruik het toestel uitsluitend in gesloten, goed geventileerde ruimtes.

VOORZICHTIG!
-
Gebruik het toestel Niet
-
in een zouthoudende, vochtige of natte omgeving
- in de buurt van agressieve dampen
-
in de buurt van brandbare materialen
-inexplosieveomgevingen -
Let er voor de ingebruikneming op dat de toevoerleiding en de steker droog�.
- Onderbreek bij werkzaamheden aan het toestel.altijd de stroomtoe-voer.
- Let erop dat ook na het activeren van de veiligheidsinrichting (zekering) delen van het toestel onder spanning hunnen blijven staan.
Maak geen kabels los als het toestel nog in gebruik is.

LETOP!
- Let erop dat de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het toestel nicht worden afgedekt.
- Let op een goede ventilatie.
3 Omvang van de levering
| Pos. in afb. 1 | Omschrijving |
| 1 Sinusomvormer | |
| 2 Afstandsbediening | |
| 3 Aansluitkabel afstandsbediening | |
| - Gebruiksaanwijzing | |
4 Doelgroep van deze handleiding
De hoofdstuk „Omvormer aansluten" op pagina 129 is uitsluitend gericht op vakkundige Personen die met de betreffende VDE-richtlijnen vertrouwd zijn.
Alle overige hoofdstukken zijn ook bedoeld voor de gebruikers van het toestel.
5 R e g l e m e n

WAARSCHUWING!
De omvormer mag nicht worden gebruikt in voertuigen waar bij de plus-pool van de accu met het chassis is verbonden.
De omvormers worden gebruikt om gelijkspanning om te zetten in een wisselspanning van 230V , 50Hz .
12V:=DSP612, DSP1012, DSP1512, DSP2012
- 24V:DSP624, DSP1024, DSP1524, DSP2024
6 Technische beschrijving
De omvormers können overal gezruikt worden waar een DC-aansluiting voorhan-den is.
12V:DSP612,DSP1012,DSP1512,DSP2012
- 24V:DSP624, DSP1024, DSP1524, DSP2024
Door het geringe gewicht en de compacte constructie kan dit toestel zonder problemen in campers, bedrijfsvoertuigen of motor- en zeilboten worden ingebouwd.
De uitgangsspanning kommt overeen met de huishoudspanning UIT het stopcontact (zuivere sinusspanning, verrorming < 5% ).
Neem de waarden voor continu uitgangsvermogen en piekuitgangsvermogen in acht, zoals ze in hoofdstuk „Technische gegevens" op pagina 136 zijn aangegeven. Toestellen met een hogere vermogensbehoefte mogen Niet worden aangesloten.

INSTRUCTIE
Houd er bij de aansluiting van toestellen met elektrische aandrijving (bijv. boormachine, koelkast, e.d.) rekening mee dat die voor het opstarten vaak een hoger vermogen nodig hebben dan is aangegeven op het typeplaatje.
De omvormer beschikt over verschillende beveiligingen:
- Overspanningsbeveiliging: De omvormer schakelt uit, als de spanningswaarde boven de uitschakelwaarde stijgt. Hij start wee, als de spanning tot de herstartwaarde daalt.
- Onderspanningsbeveiliging: De omvormer schakelt uit, als de spanningswaarde onder de uitschakelwaarde daalt. Hij start wee, als de spanning tot de herstartwaarde stijgt.
- Oververhittingsbeveiliging: De omvormer schakelt uit, als de temperatuur binnen in het toestel of de temperatuur bij de koelplaat hoger is dan een uitscha-kelwaarde. Hij start wee, als de spanning tot de herstartwaarde stijgt.
- Overbelastingsbeveiliging en beveiliging gegen kortsluiting: De led op de omvormer meldt een bedrijfsstoring, als er een te große last is aangesloten of een kortsluiting werk veroorzaakt.

INSTRUCTIE
De afzonderlijke schakelwaarden vindt u in hoofdstuk „Technische gegevens" op pagina 136.
De omvormer kan in de volgende netvormen worden gebruikt:
TN-net:
De nulleider van de omvormer is met massa verbonden. Een nageschakelde aardlekschakelaar要去 geinstalleerd zich
- IT-net:
Beidefasenzijn geisoleerd.Dit is geschikt voor gebruik van een verbruiker.Alsmeerdere verbruikers worden aangesloten,moeteenveiligheidsconcept worden ontworpen (bijvoorbeeld isolatieschakelaar).
De netvorm worden via een DIP-switch op de omvormer geconfigureerd.
De omvormer kan met de afstandsbediening in een energiebesparende modus worden geschakeld, zodate de aangesloten accu Niet te snel ontlaadt.
Met een afstandsbediening kan de omvormer worden in- en uitgeschakeld en de energiebesparende modus worden ingeschakeld.
6.1 Bedieningselementen
Pos. in Omschrijving Beschrijving afb. 2
1 Hoofdschakelaar Schakelt het apparatusat in en uit
2 Status-led Zie hoofdstuk „Bedrijfsindicaties" op pagina 132
3 DIP-switches Stelt de netvorm in
6.2 Aansluitingen

INSTRUCTIE
Afgebeeld is de versie voor Continentaal Europa.
Pos.in afb. 2
Beschrijving
4 Wisselstroomcontactdoos
5 Aansluiting voor afstandsbediening
6 Gelijkstroom-aansluiting
7 Massaklem (aarding aan de carrosserie van het voertuig)
8 Ventilator
6.3 Afstandsbediening
Pos.in afb. 3
Omschrijving
1 Aan/uit-schakelaar
2 Status-led
3 Aansluiting voor afstandsbediening
7 Omvormer monteren
7.1 Benodigd gereedschap
Voor de elektrische aansluiting heeft u de volgende hulpmiddelen nodig:
- k r i m p t a n g
- 3 flexibele aansluitkabels in verschillende kleuren. De vereiste diameter kurz u vinden in de tabel in het hoofdstuk „Omvormer aansluten" op pagina 129.
Kabelschoenen en adereindhulzen
Voor de bevestiging van de omvormer heeft u de volgende hulpmiddelen nodig:
- machineschroeven (M4) met onderlegschijven en zelfborgende moeren of
- plaat- resp. houtschroeven
7.2 Montage-instructies
Neem bij de keuze van de montageplaats de onderstaande instructies in acht:
- De omvormer kan horizontal en verticaal worden gemonteerd.
- De omvormer要去enplaats worden ingebouwd die beschermd is gegen vocht.
- De omvormer mag nicht in omgevingen met ontvlambare materialen worden ingebouwd.
- De omvormer mag nicht in stoffige omgevingen worden ingebouwd.
-
De montageplaat smoet goed geventileerd zich. Bij installations in gesloten,kleine ruimtes moet er ventilatie möglichk zich. De vrije minimumafstand om de omvormer moet minimaal 5 cm bedragen (afb. 4).
-
De luchtinlaat aan dechterzijde resp. de luchtuitlaat aan de voorzijde van de omvormer要去en vrij blijven.
- Bij omgevingstemperaturen die hoger�in dan 40^ (bijvoorbeeld in motor-of verwarmingsruimtes, direct zonlicht), kan de omvormer uitschakelen hoewel het vermogen van de aangesloten verbruikers onder nominale last ligt (derating).
- Het montagevlak要去vlak zich en voldoende stevigheid bieden.

LETOP!
Controleer voor het boren of er geen elektrische kabels of andere delen van het voertuig door boren, zagen en vijlen beschadigd können raken.
7.3 Omvormer monteren
Monteer de omvormer zoals weergegeven (afb. 5).
7.4 Afstandsbediening monteren
Monteer de afstandsbediening zoals weergegeven (afb. 6).
Verwijder de beschermingsfolie.
8 Omvormer aansluten
8.1 Algemene instructies

WAARSCHUWING!
- De aansluiting van de omvormer mag alleen door hiervoor opgeleide vakmensen worden uitgevoerd. De volgende informatatie is bestemd voor vakmensen die vertrouwd zijn met de betreffende richtlijnen en veiligheidsmaatregelen.
- Bij voertuigen waar bij de pluspool van de accu met het chassis is verbonden, mag de omvormer Niet worden gezruikt.
-
Als u geen zekering in de plusleiding van de accuplaatst,{kunnen de leidingen overbelast raken. Dit kan brand tot gevolg hebben.
-
De omvormer要去 bij installations in voertuigen of boten met het chassis resp. met massa verbonden zijn.
- Houd u bij de opbouw van een distributiekring via het stopcontact (netopbouw) aan de voorschriften van VDE 0100.
-
Gebruik uitsluitend koperkabels.
-
Houd de gelijkspanningskabels zo kort möglich (< 1m)
- Houd u aan de vereiste kabeldiameter en plaats een kabelzekering (afb. 7 1) zo zich dicht möglichk bij de accu in de plusleiding (zie tabel).
| ToestelVereiste kabeldiameter Kabelzekering | ||
| DSP612 25 mm² 150 A | ||
| DSP624 25 mm² 150 A | ||
| DSP1012 | 35 mm² | 200 A |
| DSP1024 | 25 mm² 150 A | |
| DSP1512 | 50 mm² | 250 A |
| DSP1524 | 25 mm² 150 A | |
| DSP2012 | 70 mm² | 300 A |
| DSP2024 | 35 mm² | 200 A |
8.2 Omvormeraansluten

LET OPI!
- Zorg ervoor dat de polariteit Niet worden verwisseld. Verkeerde pola- riteit kan de omvormer beschadigen.
-
Neem in acht dat de omvormer alleen met volgende spanning mag worden gebruikt.
-
DSP612, DSP1012, DSP1512, DSP2012: 12 V=
- DSP624, DSP1024, DSP1524, DSP2024: 24 V=

INSTRUCTIE
Draai de schroeven of moeren vast met een aanhaalmoment van max. 15 Nm. Losse verbindingen können tot oververhittingen leiden.
Sluit de omvormer aan zoals weergegeven:
- Accu aansluiten: afl. 7
Massaklem aansluiten: afb. 8 - 230 V-uitgangsleiding aansluiten: afb. 9
8.3 Afstandsbediening aansluten

LETOP!
Steek de aansluiting voor de afstandsbediening alleen in de remotepoort. Door verkeerd aansluten kan het toestel beschadigd raken.
Sluit de afstandsbediening aan zoals weergegeven (afb. 10).
8.4 Externe schakelaar aansluiten (toebehoren)

INSTRUCTIE
Als een externe schakelaar is aangesloten, kurz u de energiebesparingsmodus nicht wijzigigen.
Sluit de externe schakelaar zoals weergegeven aan (afb. 11).
9 O m v o r m e r
9.1 Omvormer inschakelen
Zet de hoofdschakelaar (afb. 2 1) van de omvormer in schakelaarstand aan:
- „0": Omvormer compleet uitgeschakeld
- ,l": Normaal bedrijf
- "II": Bedrijf via afstandsbediening
De omvormer voert een zichdiagnose UIT.
Na de successvolle zelfdiagnose toont de statusled (afb. 2 2) de bedrijfstoe-stand:
- Brandt constant: Normale modus geactiveerd
- Knippert vierkee: Energiebesparingsmodus geactiveerd
9.2 Bedrijfsindicaties
De led (afb. 2, ) geeft de bedrijfstoestand van de omvormer aan.
Indicatie Ingangsspanning
Continu branden Normaal bedrijf
Lang knipperen, korte onderbreking Omvormer oververhit/overbelast
Snel knipperen Overspanning/onderspanning
Uit Andere fout
De omvormer schakeltuit,als:
- De accuspanning daalt onder 10V ( 12V = - aansluiting) resp. 20V ( 24V = - aansluiting).
- De acccuspanning stijgt boven 16 V (12 V=---aansluiting) resp. 32 V (24 V=---aansluiting).
- De omvormer worden overbelast.
- De omvormer worden oververhit.
Bij uitschakeling door overspanning of onderspanning schakelt de omvormer wee in, als de ingestelde spanningswaarde wee wordt bereikt.
Bij uitschakeling door overbelasting of oververhitting als volgt te werk gaan:
Schakel de omvormer met de hoofdschakelaar (afb. 2 1)uit.
Controller of de omvormer voldoende geventileerd worden en of de ventilatoropeningen en ventilatiesleuven vrij়.
Wacht ca. 5-10 min en schakel de omvormer zonder verbruiker wee in.
9.3 Energiebesparende modus instellen

INSTRUCTIE
- De omvormer wisselt automatisch maar normal bedrijf, als een last boven 45^ worden aangesloten.
- Als een externe schakelaar is aangesloten,(Inturt u de energiebesparingsmodus nicht wijzigen.
Energiebesparingsmodus activeren
Schakel de omvormer eventueeluit.
Druk op de aan/uit-toets (afb. 3 1) van de afstandsbediening tot de statusled (afb. 3 2) van de afstandsbediening zes keer geknipperd heeft.
Daarna knippert de statusled (afb. 3 2) van de afstandsbediening om de 5^ .
De energiebesparingsmodus is geactiveerd.
Energiebesparingsmodus deactiveren
Schakel de omvormeruit.
Druk op de aan/uit-toets (afb. 3 1) van de afstandsbediening tot de statusled (afb. 3 2) van de afstandsbediening permanent brandt.
Voordat de statusled constant brandt, geeft deze het uitschakelen van de energiebesparingsmodus waar door een interval van vier keer knipperen, gevolgd doorzeskeer knipperen.
De normale modus is geactiveerd.
9.4 Netvorm instellen

GEVAAR!
Het wijzigen van de netvorm leidt tot levensgevaar.
Instellingen aan de DIP-switch mogen alleen doorvakpersoneel worden uitgevoerd.
Verwijder de beschemkap van de DIP-switch alleen om instellengen uitten te voeren. Plaats de beschemkap waar zodate de DIP-switch Niet kan worden versteld.
Met de DIP-switch=kunt u vastleggen in welke netvorm de omvormer要去 worden gebruikt.
| Parameter DIP-switches | |
| TN-net | Aan |
| Een externe, nageschakelde aardlekschakelaar is vereist. | |
| IT-net | Uit |
| Bedrijf alleen met een verbruiker of installment van een externe isolatieschakelaar. | |
| Nationale normen in acheft nemen! | |
10 Omvormer onderhouden en reinigen

LET OP!
Geen scherpe of harde voorwerpen of reinigingsmiddelen bij het reinigen gebruiken. Dit kan het product beschadigen.
Reinig het product af en toe met een vochtige doek.
11 Verhelpen van storingen

WAARSCHUWING!
Open het toestel Niet. Er bestaat geaar voor een elektrische schok!

INSTRUCTIE
Bij gedetailleerde vragen over de gegevens van de omvormerkest u contact opnemen met de fabrikant (adressen, diefterzijde van de handleiding).
De led (afb. 2 2) geeft in rood de storing aan:
Led-indicatie Oorzaak Oplossing
Snel knipperen Te hoge ingangsspanning Controller de ingangsspanning en verlaag deze.
| Te lage ingangsspanning De accu moet worden opgeladen. Controler de leidingen en verbindin-gen. | |
| 2 s branden, korte onderbreking | Thermische overbelasting Schakel de omvormer en de verbruikeruit. Wacht ca. 5 – 10 minutes en schakel deomvormer zonder verbruiker waar in.Verminder de belasting en zorg voor een betere ventilatie van de omvormer.Schakel daarna de verbruiker waar in. |
| Te hoge belasting Schakel de omvormer uit en verwijderde verbruiker. Schakel de omvormer zonder verbruiker waar in. Als er nu geen te hoge belasting meer worden aangegeven, is er sprake van kortsluiting bij de verbruikerof was de volledige belasting hoger dan het vermogen dat in het geveensblad stond. Controler de leidingen en verbindin-gen. | |
| Uit Andere fouit Neem contact op met de klantenser-vice. | |
12 Garantie
De wettelijk garantiperiode is van toepassing. Als het product defect is, verwit u zich tot het filial van de fabrikant in uw land (adressen diechterkant van de handleiding) of tot uw specialzaak.
Voor de afhandeling van de reparatie of garantie dient u de volgende documenten mee te sturen:
- een kopie van de facteur met datum van aankoop,
- reden van de klacht of een beschrijving van de storing.
13 Afvoer
Laat het verpakkingsmateriaal indien möglichk recyclen.

Als u het product definitief buiten bedrijf stelt, informeer dan bij het dichtstbijzijnde recyclingcentrum of uw specialzaakaar de betreffende afvoervoorschriften.
Volgende technische gegevens gelden voor alle omvormers:
| Uitgangsspanning: | 230 V~ ± 10%, zuivere sinus golf (vervorming <5%) |
| Uitgangsfrequentie: 50 Hz ± 0,5 Hz | |
| Rendement: >90% | |
| Warmteafvoer: temperatuur-en lastgestuurde ventilator | |
| Omgevingstemperatuur bedrijf: 0 °C tot +50 °C | |
| Omgevingstemperatuur opslag: -30 °C tot +70 °C | |
| Luchtvochtigheid: 0-95%, nicht-condenserend | |
| Keurmerk/certificaat: | CE E9 |
| DSP612 DSP 1012 DSP62 | 4 DSP 1024 | |||
| Artikelnr.: 9600002543 | 9600003597 | 96000025459600003599 | 96000025449600003598 | 96000025469600003600 |
| Nominale ingangs-spanning: | 12 V=24 V= | |||
| Ingangsspanningsbereik: | 10-16,5 V= | 20-33 V= | ||
| Nominal vermogen: | 600 W | 1000 W | 600 W | 1000 W |
| Maximal vermogen gedurrende 1 min: | 690 W 1150 W 690 W 1150 W | |||
| Piekvermögen gedurrende 1 s: | 1200 W 2000 W 1200 W 2000 W | |||
| Stroomverbruik bij nullast: | <0,8 A | <1,0 A | <0,5 A | <0,6 A |
| Stand-bystroomopname: | <0,3 A | <0,35 A | <0,2 A | <0,2 A |
| Afmetingen b×l×h: | afb. 15 | |||
| Gewicht: | 2,8 kg | 3,1 kg | 2,8 kg | 3,1 kg |
| DSP1512 | DSP 2012 | DSP1524 | DSP 2024 | |
| Artikelnr.: 9600002547 | 9600003601 | 960000254996000036039600002561 | 96000025489600003602 | 960000255096000036049600002562 |
| Nominale ingangs-spanning: | 12 V=24 V= | |||
| Ingangsspanningsbereik: | 10-16,5 V= | 20-33 V= | ||
| Nominaal vermogen: | 1500 W | 2000 W | 1500 W | 2000 W |
| Maximaal vermogen gedurende 1 min: | 1725 W 2300 W 1725 W 2300 W | |||
| Piekvermogen gedurende 1 s: | 3000 W | 4000 W | 3000 W | 4000 W |
| Stroomverbruik bij nullast: | <1,2 A | <1,5 A | <0,6 A | <0,8 A |
| Stand-bystroomopname: | <0,4 A | <0,5 A | <0,25 A | <0,3 A |
| Afmetingen b×l×h: | afb. 15 | |||
| Gewicht: | 4,9 kg | 5,2 kg | 4,9 kg | 5,2 kg |
Veiligheidsinrichtingen
| 12V24V | ||
| Ingang: Onderspanning, beveiliging gegen verkeerd polen (interne zekering) | ||
| AC-uitgang: Overspanning, kortsluiting, overbelasting | ||
| Temperatuur: Uitschakeling | ||
| Bescherming wegen kortsluiting: Ja, lpk | ||
Overspanningsbeveiliging
| Toestel | Overspanning | |
| Uitschakeling Herstart | ||
| DSP612, DSP1012, DSP1512, DSP2012 16,5 | V15,5 V | |
| DSP624, DSP1024, DSP1524, DSP2024 33 | V 31 V | |
Onderspanningsbeveiliging
| Toestel | Onderspanning | |
| Uitschakeling Herstart | ||
| DSP612, DSP1012, DSP1512, DSP2012 | 10 V | 12 V |
| DSP624, DSP1024, DSP1524, DSP2024 20 | V 24 V | |
De actuele EG-conformiteitsverklaring voor uw apparaat ontvangt u op de desbebtreffende productpage van dometic.com of direct via de fabrikant (ziechterzijde).