MAKITA DHS900PT2 - Elektrische zaag

DHS900PT2 - Elektrische zaag MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DHS900PT2 MAKITA in PDF-formaat.

📄 164 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice MAKITA DHS900PT2 - page 72
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over DHS900PT2 MAKITA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Elektrische zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DHS900PT2 - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DHS900PT2 van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING DHS900PT2 MAKITA

Model: DHS900
Zaagbladdiameter 235 mm
Max. zaagdiepte bij 0° 85 mm
bij 45° verstek 61 mm
bij 60° verstek 44 mm
Nullasttoerental 4.500 min-1
Totale lengte 413 mm
Nominale spanning 36 V gelijkspanning
Nettogewicht 5,3 - 6,0 kg

- In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons het recht voor de bovenstaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.

- De technische gegevens van de accu kunnen van land tot land verschillen.

- Het gewicht kan verschillen afhankelijk van de hulpstukken, waaronder de accu. De lichtste en zwaarste combinatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel.

Toepasselijke accu's en laders

Accu BL1815N / BL1820 / BL1820B / BL1830 / BL1830B / BL1840 /BL1840B / BL1850 / BL1850B / BL1860B
LaderDC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF / DC18SH
  • Sommige van de hierboven vermelde accu's en laders zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.

MAKITA DHS900PT2 - 1

WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu's en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik eenige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand.

Gebruiksdoeleinden

Het gereedschap is bedoeld voor het rechtzagen in lengterichting en in dwarsrichting en voor het verstekzagen van hoeken in hout terwijl het gereedschap stevig tegen het werkstuk wordt gehouden. Met geschikte, originele Makita-zaagbladen kunnen ook andere materialen worden gezaagd.

Geluidsniveau

De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN62841-2-5:

Geluidsdrukniveau ( L_pA ): 96 dB (A)

Geluidsvermogenniveau ( L_WA ): 104 dB (A)

Onzekerheid (K): 3 dB (A)

OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

MAKITA DHS900PT2 - Geluidsniveau - 1

WAARSCHUWING: De geluidsemissie tij-ns het gebruik van het elektrisch gereedschap de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het reedschap wordt gebruikt, met name van het port werkstuk waarmee wordt gewerkt.

MAKITA DHS900PT2 - Geluidsniveau - 2

WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligidsmaatregelen worden getroffen ter beschering van de gebruiker die zijn gebaseerd op en schatting van de blootstelling onder prakomstandigheden (rekening houdend met alle en van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur durende welke het gereedschap is uitgeschaad en stationair draait, naast de ingeschakelde alsduur).

Trilling

De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN62841-2-5:

Gebruikstoepassing: zagen van hout

Trillingsemissie ( a_h,w ): 2,5 m/s ^2 of lager

Onzekerheid (K): 1,5 m/s²

Gebruikstoepassing: zagen van metaal

Trillingsemissie (a _h,M ): 2,5 m/s ^2 of lager

Onzekerheid (K): 1,5 m/s²

OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/ kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

A WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

Verklaringen van conformiteit

Alleen voor Europese landen

De verklaringen van conformiteit zijn bijgevoegd in Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.

Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap

⚠ WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids-waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onderstaande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel.

Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.

De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).

Veiligheidswaarschuwingen voor een accucirkelzaag

Werkwijze bij het zagen

  1. AGEVAAR: Houd uw handen uit de buurt van het zaaggebied en het zaagblad. Houd met uw andere hand de voorhandgreep of de behuizing van het gereedschap vast. Als u de zaag met beide handen vasthoudt, kunt u nooit in uw handen zagen.

  2. Reik nooit met uw handen onder het werkstuk. De beschermkap kan u niet beschermen tegen het zaagblad onder het werkstuk.

  3. Stel de zaagdiepte in overeenkomstig de dikte van het werkstuk. Minder dan een volledige tandhoogte dient onder het werkstuk uit te komen.
  4. Houd tijdens het zagen het werkstuk nooit vast met uw handen of benen. Zorg dat het werkstuk stabiel is ten opzichte van de ondergrond. Het is belangrijk het werkstuk goed te ondersteunen om de kans te minimaliseren dat uw lichaam eraan blootgesteld wordt, het zaagblad vastloopt of u de controle over het gereedschap verliest.

▶ Fig.1

  1. Houd het elektrisch gereedschap vast aan het geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het snijgarnituur met verborgen bedrading in aanraking kan komen. Door contact met onder spanning staande draden, zullen ook de niet-geïsoleerde metalen delen van het elektrisch gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
  2. Gebruik bij het schulpen altijd de breedtegeleider of de langsgeleider. Hierdoor wordt de nauwkeurigheid van het zagen vergroot en de kans op vastlopen van het zaagblad verkleind.
  3. Gebruik altijd zaagbladen met een middengat van de juiste afmetingen en vorm (diamant versus rond). Zaagbladen die niet goed passen op de bevestigingsmiddelen van de zaag, zullen uit-het-midden draaien waardoor u de controle over het gereedschap verliest.
  4. Gebruik nooit een beschadigde of verkeerde bouten en ringen om het zaagblad te bevestigen. De bouten en ringen voor de bevestiging van het zaagblad zijn speciaal ontworpen voor gebruik met uw zaag voor optimale prestaties en veilig gebruik.

Oorzaken van terugslag en aanverwante waarschuwingen

— Terugslag is een plotselinge reactie op een bekneld, vastgelopen of niet-uitgelijnd zaagblad, waardoor de oncontroleerbare zaag omhoog, uit het werkstuk en in de richting van de gebruiker gaat.
— Wanneer het zaagblad bekneld raakt of vastloopt doordat de zaagsnede naar beneden toe smaller wordt, komt het zaagblad tot stilstand en komt als reactie de motor snel omhoog in de richting van de gebruiker.
— Als het zaagblad gebogen of niet-uitgelijnd raakt in de zaagsnede, kunnen de tanden aan de achterrand van het zaagblad zich in het bovenoppervlak van het hout vreten, waardoor het zaagblad uit de zaagsnede klimt en omhoog springt in de richting van de gebruiker.

Terugslag is het gevolg van misgebruik van de zaag en/of onjuiste gebruiksprocedures of -omstandigheden, en kan worden voorkomen door goede voorzorgsmaatregelen te treffen, zoals hieronder vermeld.

  1. Houd de zaag stevig vast met beide handen en houd uw armen zodanig dat een terugslag wordt opgevangen. Plaats uw lichaam zijwaarts versprongen van het zaagblad en niet in een rechte lijn erachter. Door terugslag kan de zaag achterwaarts springen, maar de kracht van de terugslag kan met de juiste voorzorgsmaatregelen door de gebruiker worden opgevangen.
  2. Wanneer het zaagblad vastloopt, of wanneer u om een of andere reden het zagen onderbreekt, laat u de aan-uitschakelaar los en houdt u de zaag stil in het materiaal totdat het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen. Probeer nooit de zaag uit het werkstuk te halen of de zaag naar achteren te trekken, terwijl het zaagblad nog draait omdat hierdoor een terugslag kan optreden. Onderzoek waarom het zaagblad is vastgelopen en tref afdoende maatregelen om de oorzaak ervan op te heffen.
  3. Wanneer u de zaag weer inschakelt terwijl het zaagblad in het werkstuk zit, plaatst u het zaagblad in het midden van de zaagsnede zodat de tanden niet in het materiaal grijpen. Als het zaagblad is vastgelopen, kan wanneer de zaag wordt ingeschakeld het zaagblad uit het werkstuk lopen of terugslaan.
  4. Ondersteun grote platen om de kans te minimaliseren dat het zaagblad bekneld raakt of terugslaat. Grote platen neigen door te zakken onder hun eigen gewicht. U moet de plaat ondersteunen aan beide zijden, vlakbij de zaaglijn en vlakbij de rand van de plaat.

▶ Fig.2

▶ Fig.3

  1. Gebruik een bot of beschadigd zaagblad niet meer. Niet-geslepen of verkeerd gezette tanden maken een smalle zaagsnede wat leidt tot grote wrijving, vastlopen en terugslag.
  2. De vergrendelhendels voor het instellen van de zaagbladdiepte en verstekhoek moeten vastgezet zijn alvorens te beginnen met zagen. Als de afstellingen van het zaagblad tijdens het zagen verlopen, kan dit leiden tot vastlopen of terugslag.
  3. Wees extra voorzichtig wanneer u een invalzaagsnede maakt in een bestaande wand of een andere plaats waarvan u de onderkant niet kunt zien. Het zaagblad zou een hard voorwerp kunnen raken, met als gevolg een gevaarlijke terugslag.
  4. Houd het gereedschap ALTIJD met beide handen stevig vast. Plaats NOOIT een hand, been of een ander lichaamsdeel onder zoolplaat of achter de zaag, speciaal bij het afkorten. Als een terugslag optreedt, kan de zaag gemakkelijk achteruit en over uw hand springen waardoor ernstig persoonlijk letsel ontstaat.

▶ Fig.4

  1. Dwing de zaag nooit. Duw de zaag vooruit met een snelheid waarbij het zaagblad niet vertraagt. Als u de zaag dwingt, kan dat leiden tot een ongelijkmatige zaagsnede, verminderde nauwkeurigheid en mogelijke terugslag.

Functie van de beschermkap

  1. Controleer voor ieder gebruik of de onderste beschermkap goed sluit. Gebruik de zaag niet als de onderste beschermkap niet vrij kan bewegen en onmiddellijk sluit. Zet de onderste beschermkap nooit vast in de geopende stand. Als u de zaag per ongeluk laat vallen, kan de onderste beschermkap worden verbogen. Til de onderste beschermkap op aan de terugtrekhendel en controleer dat deze vrij kan bewegen en niet het zaagblad of enig ander onderdeel raakt, onder alle verstekhoeken en op alle zaagdiepten.
  2. Controleer de werking van de veer van de onderste beschermkap. Als de beschermkap en de veer niet goed werken, dienen deze vóór gebruik te worden gerepareerd. De onderste beschermkap kan traag werken als gevolg van beschadigde onderdelen, gom- of harsafzetting, of opeenhoping van vuil.
  3. De onderste beschermkap mag alleen met de hand worden geopend voor het maken van speciale zaagsneden, zoals een invalzaagsnede en gecombineerde zaagsnede. Til de onderste beschermkap op aan de terugtrekhendel en laat deze los zodra het zaagblad in het materiaal zaagt. Bij alle andere typen zaagsneden, dient de onderste beschermkap automatisch te werken.
  4. Let er altijd op dat de onderste beschermkap het zaagblad bedekt voordat u de zaag op een werkbank of vloer neerlegt. Een onbeschermd zaagblad dat nog nadraait, zal de zaag achteruit doen lopen waarbij alles op zijn weg wordt gezaagd. Denk aan de tijd die het duurt nadat de schakelaar is losgelaten voordat het zaagblad stilstaat.
  5. U kunt de onderste beschermkap controleren, door deze met de hand te openen, los te laten en te kijken of hij goed sluit. Controleer tevens of de terugtrekhendel de behuizing van het gereedschap niet raakt. Het zaagblad onbeschermd laten is UITERST GEVAARLIJK en kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

Aanvullende veiligheidsvoorschriften

  1. Wees extra voorzichtig bij het zagen in nat hout, druk-behandeld timmerhout en hout met knoesten. Zorg dat het gereedschap steeds soepel vooruit beweegt zonder dat de snelheid van het zaagblad lager wordt, om oververhitting van de zaagtanden te voorkomen.
  2. Probeer niet afgezaagd materiaal te verwijderen terwijl het zaagblad nog draait. Wacht totdat het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen voordat u het afgezaagde materiaal vastpakt. Het zaagblad draait nog na nadat het gereedschap is uitgeschakeld.
  3. Voorkom dat u in spijkers zaagt. Inspecteer het hout op spijkers en verwijder deze zo nodig voordat u begint te zagen.
  4. Plaats het bredere deel van de zool van de zaag op het deel van het werkstuk dat goed is ondersteund, en niet op het deel dat omlaag valt nadat de zaagsnede gemaakt is. Als het werkstuk kort of smal is, klemt u het vast. PROBEER NOOIT EEN KORT WERKSTUK IN UW HANDEN VAST TE HOUDEN!

▶ Fig.5

  1. Voordat u het gereedschap neerlegt na het voltooien van een zaagsnede, controleert u dat de beschermkap gesloten is en het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen.
  2. Probeer nooit te zagen waarbij de zaag ondersteboven in een bankschroef is geklemd. Dit is uiterst gevaarlijk en kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

▶ Fig.6

  1. Sommige materialen bevatten chemische stoffen die giftig kunnen zijn. Neem voorzorgsmaatregelen tegen het inademen van stof en contact met de huid. Volg de veiligheidsin-structies van de leverancier van het materiaal op.
  2. Breng het zaagblad niet tot stilstand door zijdelings op het zaagblad te drukken.
  3. Gebruik geen slijpschijven.
  4. Gebruik uitsluitend een zaagblad met een diameter die is aangegeven op het gereedschap of vermeld in de gebruiksaanwijzing. Het gebruik van een zaagblad met een verkeerde afmeting kan de goede bescherming van het zaagblad of de werking van de beschermkap negatief beïnvloeden, waardoor ernstig persoonlijk letsel kan ontstaan.
  5. Houd het zaagblad scherp en schoon. Gom of hars dat op het zaagblad is opgedroogd vertraagt het zaagblad en verhoogt de kans op terugslag. Houd het zaagblad schoon door dit eerst van het gereedschap te demonteren en het vervolgens schoon te maken met een reinigingsmiddel voor gom en hars, heet water of kerosine. Gebruik nooit benzine.
  6. Draag een stofmasker en gehoorbescherming tijdens gebruik van het gereedschap.
  7. Gebruik altijd het zaagblad dat is bedoeld voor zagen in het materiaal waarin u gaat zagen.
  8. Gebruik altijd een zaagblad dat is gemarkeerd met een toerental dat gelijk is aan of hoger is dan het toerental dat is aangegeven op het gereedschap.
  9. (Alleen voor Europese landen) Gebruik altijd een zaagblad dat voldoet aan EN847-1.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

⚠ WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu

  1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
  2. Neem de accu niet uit elkaar.
  3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brandwonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.
  4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgeko- men, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.
  5. Voorkom kortsluiting van de accu:

(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spijkers, munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brandwonden, en zelfs defecten.

  1. Bewaar het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50°C of hoger.
  2. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan- neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur.
  3. Wees voorzichtig dat u de accu niet laat vallen en hem niet blootstelt aan schokken of stoten.
  4. Gebruik nooit een beschadigde accu.
  5. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen.

Voor commercieel transport en dergelijke door derden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd.

Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerd is het noodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen. Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale regelgeving.

Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking.

  1. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.
  2. Gebruik de accu's uitsluitend met de gereedschappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu's worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, buitensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.

  3. Als u het gereedschap gedurende een lange tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

ALET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu's. Het gebruik van niet-originele accu's, of accu's die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroorzaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita.

Tips voor een maximale levensduur van de accu

  1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
  2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.
  3. Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur tussen 10°C en 40°C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.
  4. Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.

Belangrijke veiligheidsinstructies voor de draadloos-eenheid

  1. Haal de draadloos-eenheid niet uit elkaar en knoei er niet aan.
  2. Houd de draadloos-eenheid uit de buurt van kinderen. Indien per ongeluk ingeslikt, raadpleegt u onmiddellijk een arts.
  3. Gebruik de draadloos-eenheid uitsluitend met Makita-gereedschap.
  4. Stel de draadloos-eenheid niet bloot aan regen of natte omstandigheden.
  5. Gebruik de draadloos-eenheid niet op plaatsen waar de temperatuur hoger is dan 50 °C.
  6. Bedien de draadloos-eenheid niet op plaatsen in de buurt van medische instrumenten, zoals een pacemaker.
  7. Bedien de draadloos-eenheid niet op plaatsen in de buurt van geautomatiseerde apparaten. Bij bediening ervan kan in de geautomatiseerde apparaten een storing of fout optreden.
  8. Bedien de draadloos-eenheid niet op plaatsen met een hoge temperatuur of op plaatsen waar statische elektriciteit of elektrische ruis kan worden gegenereerd.
  9. De draadloos-eenheid kan elektromagnetische velden genereren, maar deze zijn niet schadelijk voor de gebruiker.
  10. De draadloos-eenheid is een nauwkeurig instrument. Wees voorzichtig dat u de draadloos-eenheid niet laat vallen of ergens tegenaan stoot.
  11. Raak de aansluitpunten van de draadloos-eenheid niet aan met blote handen of metaalach-tige materialen.

  12. Verwijder altijd de accu uit het apparaat wanneer u de draadloos-eenheid erin aanbrengt.

  13. Open de afdekking van de gleuf niet op plaatsen waar stof of vocht in de gleuf kan binnendringen. Houd de ingang van de gleuf altijd schoon.
  14. Breng de draadloos-eenheid altijd in de juiste richting aan.
  15. Druk niet te hard op de knop voor draad-loos inschakelen op de draadloos-eenheid en/of druk niet op de knop met een scherp voorwerp.
  16. Sluit altijd de afdekking van de gleuf tijdens gebruik.
  17. Verwijder de draadloos-eenheid niet uit de gleuf terwijl voeding wordt geleverd aan het gereedschap. Als u dit doet, kan een storing optreden in de draadloos-eenheid.
  18. Verwijder de sticker op de draadloos-eenheid niet.
  19. Plak geen stickers op de draadloos-eenheid.
  20. Laat de draadloos-eenheid niet liggen op een plaats waar statische elektriciteit of elektrische ruis kan worden gegenereerd.
  21. Laat de draadloos-eenheid niet liggen op een plaats die is blootgesteld aan hoge temperaturen, zoals in een auto die in de zon staat geparkeerd.
  22. Laat de draadloos-eenheid niet liggen op een plaats met veel stof of poeder, of op een plaats waar corrosief gas kan worden gegenereerd.
  23. Door een plotselinge verandering in temperatuur kan condens op de draadloos-eenheid worden gevormd. Gebruik de draadloos-eenheid niet voordat de condens volledig is verdampt.
  24. Veeg de draadloos-eenheid voorzichtig schoon met een droge, zachte doek. Gebruik geen wasbenzine, thinner, geleidend vet en dergelijke.
  25. Bewaar de draadloos-eenheid in de bijgeleverde doos of een antistatische container.
  26. Breng geen andere apparaten dan een draad-loos-eenheid van Makita aan in de gleuf van het gereedschap.
  27. Gebruik het gereedschap niet als de afdekking van de gleuf beschadigd is. Water, stof en vuil die in de gleuf binnendringen, kunnen een storing veroorzaken.
  28. Trek en draai niet meer dan nodig is aan de afdekking van de gleuf. Plaats de afdekking terug als deze los komt van het gereedschap.
  29. Vervang de afdekking van de gleuf als deze verloren of beschadigd is.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES

ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren.

De accu aanbrengen en verwijderen

ALET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
ALET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt.
ALET OP: Zet de zool altijd omlaag wanneer u de accu's aanbrengt of verwijdert. Wees voorzichtig dat uw vingers niet bekneld raken.
ALET OP: Gebruik geen accuadapter met de cirkelzaag. De kabel van de accuadapter kan het gebruik hinderen waardoor persoonlijk letsel wordt veroorzaakt.

▶ Fig.7: 1. Hendel 2. Rode deel 3. Knop 4. Accu

Voordat u de accu verwijdert, draait u de hendel voor de diepte-instelling los om de voet van het gereedschap omlaag te zetten. Schuif daarna de accu van het gereedschap af terwijl u de knop aan de voorkant van de accu verschuift.

Om de accu aan te brengen lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk in het gereedschap tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht.

▲LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.

⚠LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk in het gereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.

OPMERKING: Het gereedschap werkt niet als slechts één accu is aangebracht.

Gereedschap-/accubeveiligingssysteem

Het gereedschap is uitgerust met een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Dit systeem kan automatisch de stroomtoevoer naar de motor afsluiten om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap zal tijdens gebruik automatisch stoppen wanneer het gereedschap of de accu zich in een van de volgende omstandigheden bevindt: Onder bepaalde omstandigheden gaan de indicatorlampjes branden.

Overbelastingsbeveiliging

Wanneer het gereedschap wordt gebruikt op een manier waarop het een abnormaal hoge stroom trekt, stopt het gereedschap automatisch. Schakel in die situatie het gereedschap uit en stop het gebruik dat ertoe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel daarna het gereedschap in om het weer te starten.

Oververhittingsbeveiliging

Wanneer het gereedschap oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en knippert de accu-indicator gedurende ongeveer 60 seconden. Laat in die situatie het gereedschap afkoelen voordat u het gereedschap weer inschakelt.

MAKITA DHS900PT2 - Oververhittingsbeveiliging - 1

text_image Aan Knippert

Beveiliging tegen te ver ontladen

Als de acculading laag is, stopt het gereedschap automatisch. Als het gereedschap niet werkt, ook niet wanneer de schakelaars worden bediend, verwijdert u de accu's vanaf het gereedschap en laadt u de accu's op.

De resterende acculading controleren

▶ Fig.8: 1. Accu-indicator (accu A) 2. Testknop 3. Accu-indicator (accu B)

Druk op de testknop om de resterende acculadingen te zien. De accu-indicatorlampjes geven per accu de resterende acculading aan.

Toestand van accu-indicator Resterendeacculading
AanUitKnippert
MAKITA DHS900PT2 - De resterende acculading controleren - 150% tot 100%
MAKITA DHS900PT2 - De resterende acculading controleren - 220% tot 50%
MAKITA DHS900PT2 - De resterende acculading controleren - 30% tot 20%
MAKITA DHS900PT2 - De resterende acculading controleren - 4Laad de accu op.

De resterende acculading controleren

Alleen voor accu's met indicatorlampjes

▶ Fig.9: 1. Indicatorlampjes 2. Testknop

Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.

Indicatorlampjes Resterendeacculading
Brandt UitKnippert
75% tot 100%
50% tot 75%
25% tot 50%
0% tot 25%
Laad de accu op.
Er kan een storing zijn opgetreden in de accu.

OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden en de omgevingstemperatuur, is het mogelijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijke acculading.

De trekkerschakelaar gebruiken

⚠ WAARSCHUWING: Alvorens de accu in het gereedschap te plaatsen, moet u altijd controle-ren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand "OFF".
⚠ WAARSCHUWING: U mag NOOIT de uit-ver-grendelknop buiten werking stellen door hem met tape vast te zetten of iets dergelijks. Een schake-laar met een buiten werking gestelde uit-vergrendel-knop, kan leiden tot onbedoeld inschakelen en ernstig persoonlijk letsel.
⚠ WAARSCHUWING: Gebruik het gereedschap NOOIT als het start door alleen maar de trekkerschakelaar in te knijpen zonder de uit-ver-grendelknop in te drukken. Een schakelaar die moet worden gerepareerd, kan leiden tot onbedoeld inschakelen en ernstig persoonlijk letsel. Stuur het gereedschap op naar een Makita-servicecentrum voor reparatie ZONDER het verder te gebruiken.

Om te voorkomen dat de trekkerschakelaar per ongeluk wordt ingeknepen, is een uit-vergrendelknop aangebracht. Om het gereedschap te starten, drukt u de uit-vergrendelknop in en knijpt u de trekkerschakelaar in. Laat de trekkerschakelaar los om te stoppen.

▶ Fig.10: 1. Trekkerschakelaar 2. Uit-vergrendelknop

KENNISGEVING: Druk de trekschakelaar niet hard in zonder dat de uit-vergrendelknop is ingedrukt. Hierdoor kan de schakelaar kapot gaan.

ALET OP: Onmiddellijk nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten, begint het gereedschap de snelheid van het cirkelzaagblad af te remmen. Houd het gereedschap stevig vast om de reactiekracht van het afremmen te kunnen opvangen nadat de trekkerschakelaar is losgelaten. Door de plotselinge reactiekracht kan het gereedschap uit uw handen vallen en persoonlijk letsel veroorzaken.

Automatische toerentalwisselfunctie

Dit gereedschap heeft een "hoog-toerentalfunctie" en een "hoog-koppelfunctie".

Het gereedschap verandert de bedieningsfunctie automatisch aan de hand van de werkbelasting. Wanneer de werkbelasting laag is, draait het gereedschap in de "hoog-toerentalfunctie" om sneller te kunnen zagen. Wanneer de werkbelasting hoog is, draait het gereedschap in de "hoog-koppelfunctie" om krachtiger te kunnen zagen.

▶ Fig.11: 1. Functie-indicator

De functie-indicator brandt groen wanneer het gereedschap in de "hoog-koppelfunctie" draait.

Als het gereedschap onder buitensporige belasting draait, knippert de functie-indicator groen. De functie-indicator stopt met knipperen en gaat branden of gaat uit wanneer u de belasting op het gereedschap verlaagt.

Status van functie-indicator Bedienings-functie
Brandt Uit Knippert
MAKITA DHS900PT2 - Automatische toerentalwisselfunctie - 1Hoog-toeren-talfunctie
MAKITA DHS900PT2 - Automatische toerentalwisselfunctie - 2Hoog-koppelfunctie
MAKITA DHS900PT2 - Automatische toerentalwisselfunctie - 3Waarschu-wing wegens overbelasting

De zaagdiepte instellen

ALET OP: Nadat u de zaagdiepte hebt ingesteld, zet u de hendel altijd stevig vast.

Draai de hendel op de dieptegeleider los en verstel de zool omhoog of omlaag. Zet de zool vast op de gewenste zaagdiepte door de hendel vast te draaien. Voor een schonere, veiligere zaagsnede, stelt u de zaagdiepte zodanig in dat niet meer dan een tandhoogte door het werkstuk heen steekt. Door de zaagdiepte goed in te stellen, verkleint u de kans op een potentieel gevaarlijke TERUGSLAG, en daarmee op persoonlijk letsel.

▶ Fig.12: 1. Hendel

KENNISGEVING: Als de zool niet soepel omhoog en omlaag schuift, kan de dieptegeleider zijn gekanteld. Stel in dat geval de dieptegeleider af (raadpleeg het tekstdeel over het afstellen van de dieptegeleider).

Schuine zaagsnede

ALET OP: Nadat u de verstekhoek hebt ingesteld, draait u de klembouten altijd stevig vast.

Draai de klembouten los. Kantel om de gewenste hoek in te stellen en draai dan de klembouten weer stevig vast.

▶ Fig.13: 1. Klembout

Positieve stop

De positieve stop is handig om de gewenste hoek snel in te stellen. Draai de positieve stop zodat de pijl daarop de gewenste verstekhoek aanwijst (22,5°/45°/60°). Draai de hendel los en kantel daarna de zool van het gereedschap totdat deze stopt. De stand waarin de zool van het gereedschap stopt is de hoek die u hebt ingesteld met de positieve stop. Zet de hendel vast terwijl de zool van het gereedschap in deze stand staat.

Schuine zaagsnede van -1°

Om een schuine zaagsnede van -1° te zagen, draait u de klembouten los en duwt u de hendels in de richting van de pijl in de afbeelding. Stel daarna de schuine hoek in op -1° en draai de klembouten weer vast.

▶ Fig.15: 1. Hendel

Zichtlijn

Voor recht zagen lijnt u de positie 0° op de voorkant van de zool uit met de zaaglijn. Voor een schuine zaagsnede onder een hoek van 45°, gebruikt u hiervoor de 45°-stand.

▶ Fig.16: 1. Zaaglijn (0°-stand) 2. Zaaglijn (45°-stand)

De lamp inschakelen

ALET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in de lichtbron.

Om de lamp in te schakelen zonder het gereedschap in te schakelen, knijpt u de trekkerschakelaar in zonder de uit-vergrendelknop in te drukken.

Om de lamp in te schakelen en het gereedschap in te schakelen, drukt u de uit-vergrendelknop in en knijpt u trekkerschakelaar in.

De lamp gaat 10 seconden nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten uit.

▶ Fig.17: 1. Lamp

OPMERKING: Gebruik een droge doek om vuil van de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig dat u de lens van de lamp niet bekrast omdat dan de verlichting minder wordt.

Elektrische rem

Dit gereedschap is voorzien van een elektrische zaagbladrem. Als het gereedschap continu het cirkelzaagblad niet snel stil zet na het loslaten van de schakelaar, laat u het gereedschap onderhouden door een Makita-servicecentrum.

⚠ LET OP: Het zaagbladremsysteem is geen vervanging van de beschermkap. GEBRUIK HET GEREEDSCHAP NOOIT ZONDER EEN WERKENDE BESCHERMKAP. DIT KAN LEIDEN TOT ERNSTIG PERSOONLIJK LETSEL.

Elektronische functie

Gereedschappen met elektronische functie zijn dankzij de volgende eigenschap(pen) gemakkelijk te bedienen.

Zachte-startfunctie

Maakt een zachte start mogelijk door onderdrukking van de startschok.

MONTAGE

ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren.

Opbergen van de inbussleutel

Wanneer u de inbussleutel niet gebruikt, bergt u deze op de plaats aangegeven in de afbeelding op, om te voorkomen dat deze wordt verloren.

▶ Fig.18: 1. Inbussleutel

De subzool aanbrengen

Breng de subzool aan en draai de klembouten stevig vast, zoals aangegeven in de afbeelding.

Gebruik het gereedschap altijd met de subzool, behalve bij gebruik van de geleiderail.

▶ Fig.19: 1. Klembout 2. Subzool

Het cirkelzaagblad aanbrengen en verwijderen

ALET OP: Verzeker u ervan dat het cirkelzaagblad zodanig wordt aangebracht dat de tanden aan de voorkant van het gereedschap omhoog wijzen.

⚠ LET OP: Gebruik uitsluitend de Makita-inbussleutel voor het aanbrengen en verwijderen van het cirkelzaagblad.

Als u het cirkelzaagblad wilt verwijderen, drukt u eerst de asvergrendeling helemaal in zodat het cirkelzaagblad niet meer kan draaien, en gebruikt u vervolgens de inbussleutel om de inbusbout los te draaien. Verwijder vervolgens de inbusbout, de buitenflens, het cirkelzaagblad en de ring (afhankelijk van het land).

▶ Fig.20: 1. Asvergrendeling 2. Inbussleutel 3. Losdraaien 4. Vastdraaien

Voor gereedschap zonder de ring

▶ Fig.21: 1. Inbusbout 2. Buitenflens 3. Cirkelzaagblad 4. Binnenflens

Voor gereedschap met de ring

▶ Fig.22: 1. Inbusbout 2. Buitenflens
3. Cirkelzaagblad 4. Ring 5. Binnenflens

Om het cirkelzaagblad aan te brengen, volgt u de verwijderingsprocedure in omgekeerde volgorde.

Voor gereedschap met een binnenflens voor een zaagblad met een middengatdiameter anders dan 15,88 mm

De binnenflens heeft een uitsteeksel met een bepaalde diameter aan één zijde en een uitsteeksel met een andere diameter aan de andere zijde. Kies de correcte zijde waarvan het uitsteeksel perfect past in het middengat van het zaagblad. Plaats de binnenflens op de montageas zodat de zijde met het juiste uitsteeksel op de binnenflens naar buiten wijst, en breng daarna het zaagblad en de buitenflens aan.

▶ Fig.23: 1. Montageas 2. Binnenflens
3. Cirkelzaagblad 4. Buitenflens
5. Inbusbout

⚠ WAARSCHUWING: ZORG ERVOOR DAT U DE INBUSBOUT RECHTSOM STEVIG VASTDRAAIT. Wees ook voorzichtig de bout niet te strak aan de draaien. Als u met uw hand van de inbussleutel af glijdt, kan persoonlijk letsel ontstaan.

⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het uitsteeksel "a" op de binnenflens dat aan de buitenzijde zit, perfect past in het middengat "a" van het zaagblad. Als u het zaagblad op de verkeerde kant van de binnenflens aanbrengt, kunnen gevaarlijke trillingen het gevolg zijn.

Voor gereedschap met een binnenflens voor een zaagblad met een middengatdiameter van 15,88 mm (afhankelijk van het land)

Breng de binnenflens op de montageas aan met zijn verzonken zijde naar buiten gericht, en breng daarna het zaagblad (zo nodig met de ring bevestigd), de buitenflens en de inbusbout aan.

Voor gereedschap zonder de ring

▶ Fig.24: 1. Montageas 2. Binnenflens
3. Cirkelzaagblad 4. Buitenflens
5. Inbusbout

Voor gereedschap met de ring

▶ Fig.25: 1. Montageas 2. Binnenflens
3. Cirkelzaagblad 4. Buitenflens
5. Inbusbout 6. Ring

⚠ WAARSCHUWING: ZORG ERVOOR DAT U DE INBUSBOUT RECHTSOM STEVIG VASTDRAAIT. Wees ook voorzichtig de bout niet te strak aan de draaien. Als u met uw hand van de inbussleutel af glijdt, kan persoonlijk letsel ontstaan.

⚠ WAARSCHUWING: Als de ring nodig is om het zaagblad op de montageas aan te kunnen brengen, zorgt u er altijd voor dat de correcte ring voor het middengat van het te gebruiken zaagblad wordt aangebracht tussen de binnenflens en de buitenflens. Als de verkeerde middengatring wordt gebruikt, wordt het zaagblad mogelijk niet goed aangebracht, waardoor het zaagblad kan bewegen en sterke trillingen worden veroorzaakt met als gevolg dat u tijdens het gebruik de controle over het gereedschap kunt verliezen en ernstig persoonlijk letsel wordt veroorzaakt.

De beschermkap reinigen

Vergeet niet om tijdens het verwisselen van het cirkelzaagblad tevens de bovenste en onderste beschermkappen te ontdoen van opgehoopt zaagsel, zoals beschreven in het hoofdstuk Onderhoud. Ondanks dergelijk onderhoud blijft het noodzakelijk de werking van de onderste beschermkap voor ieder gebruik te controleren.

Een stofzuiger aansluiten

Optioneel accessoire

Om de zaagomgeving schoon te houden, kunt u een Makita-stofzuiger op dit gereedschap aansluiten. Sluit de stofzuigerslang aan op de stofafzuigaansluitmond met behulp van aansluitmond 24.

▶ Fig.26: 1. Stofzuigerslang 2. Aansluitmond 24
3. Stofafzuigaansluitmond

De hoek van de stofafzuigaansluitmond aanpassen

De hoek van de stofafzuigaansluitmond kan worden ingesteld door de stofafzuigaansluitmond te draaien. Wanneer het gereedschap wordt gebruikt zonder dat een stofzuiger is aangesloten, richt u de stofafzuigaansluitmond omlaag om te voorkomen dat de gebruiker wordt blootgesteld aan het zaagsel. Wanneer het gereedschap wordt gebruikt terwijl een stofzuiger is aangesloten, richt u de stofafzuigaansluitmond omhoog om te voorkomen dat de slang van de stofzuiger klem komt te zitten in het werkstuk of de geleiderail.

▶ Fig.27: 1. Stofafzuigaansluitmond

BEDIENING

Dit gereedschap is bedoeld voor het zagen van houtproducten. Met geschikte, originele Makita-cirkelzaagbladen kunnen ook de volgende materialen worden gezaagd:

• Aluminiumproducten
• Mineraalhoudend kunststof

Raadpleeg onze website of neem contact op met uw plaatselijke Makita-dealer voor de correcte cirkelzaagbladen die moeten worden gebruikt voor het te zagen materiaal.

Gebruik het gereedschap niet zonder de subzool, behalve bij gebruik van de geleiderail.

ALET OP: Bij het zagen in kunststofmateriaal voorkomt u dat dit smelt als gevolg van oververhitting van de zaagbladpunten.

De werking van de beschermkap controleren

Stel de verstekhoek in op 0° en trek daarna de onderste beschermkap met de hand terug tot aan het einde en laat hem los. De onderste beschermkap werkt correct als:

— deze kan worden teruggetrokken boven de zool zonder enig weerstand, en
— deze automatisch terugkeert tot tegen de aanslag.

▶ Fig.28: 1. Bovenste beschermkap 2. Onderste beschermkap 3. Zool 4. Aanslag 5. Openen 6. Sluiten

Als de onderste beschermkap niet correct werkt, controleert u of zaagsel zich heeft opgehoopt binnenin de onderste en bovenste beschermkappen. Als de onderste beschermkap niet correct werkt, zelfs niet na het verwijderen van zaagsel, laat u het gereedschap onderhouden door een Makita-servicecentrum.

Zagen

ALET OP: Draag een stofmasker wanneer u zaagt.
ALET OP: Duw het gereedschap voorzichtig in een rechte lijn naar voren. Als u het gereedschap dwingt of verdraait, zal de motor oververhit raken en het gereedschap gevaarlijk terugslaan waardoor ernstig letsel kan worden veroorzaakt.

OPMERKING: Wanneer de temperatuur van de accu laag is, werkt het gereedschap mogelijk niet op volle capaciteit. Gebruik in dat geval het gereedschap enige tijd voor licht zaagwerk totdat de accu is opgewarmd tot kamertemperatuur. Daarna kan het gereedschap op volle capaciteit werken.

▶ Fig.29

Houd het gereedschap stevig vast. Het gereedschap is voorzien van zowel een voorhandgreep als een achterhandgreep. Gebruik beide om het gereedschap zo goed mogelijk vast te houden. Als u de zaag met beide handen vasthoudt, kan het cirkelzaagblad nooit in uw handen zagen. Plaats eerst de zool op het werkstuk dat u wilt zagen, zonder dat het cirkelzaagblad het werkstuk raakt. Schakel vervolgens het gereedschap in en wacht totdat het cirkelzaagblad op maximaal toerental draait. Duw het gereedschap nu gewoon naar voren over het

oppervlak van het werkstuk, houd het daarbij vlak, en duw gelijkmatig totdat het zagen klaar is.

Zorg voor een schone zaagsnede door een rechte zaaglijn en een constante voortgaande snelheid. Als de zaagsnede niet verloopt volgens de voorgenomen zaaglijn, mag u niet pro- beren het gereedschap iets te draaien of te dwingen terug te keren naar de zaaglijn. Als u dit doet, kan het cirkelzaagblad vastlopen en een gevaarlijke terugslag optreden met mogelijk ernstig persoonlijk letsel tot gevolg. Laat de schakelaar los, wacht tot het cirkelzaagblad tot stilstand is gekomen en trek vervolgens het gereedschap terug. Lijn het gereedschap uit met een nieuwe zaaglijn en begin weer te zagen. Probeer te vermijden dat door de positie van het gereedschap de gebruiker wordt blootgesteld aan zaagsel en spaanders die door de zaag worden uitgeworpen. Gebruik oogbescherming om verwonding te voorkomen.

OPMERKING: Bij het zagen van een versteksnede, enz., beweegt de onderste beschermkap soms niet gemakkelijk. Gebruik in dat geval de terugtrekhendel om de onderste beschermkap omlaag te duwen aan het begin van de zaagsnede, en weer los te laten zodra het zaagblad in het materiaal zaagt.

▶ Fig.30: 1. Terugtrekhendel

Subzool (liniaal)

⚠ LET OP: Verzeker u ervan dat de subzool (liniaal) vóór gebruik stevig is aangebracht in de juiste positie. Een verkeerde bevestiging kan gevaarlijke terugslag veroorzaken.

Door de subzool als een liniaal te gebruiken, kunt u uiterst nauwkeurige rechte sneden zagen. Draai de klembouten los en schuif de subzool uit het gereedschap, en steek hem daarna ondersteboven erin.

Schuif gewoon de geleider van de subzool strak tegen de zijkant van het werkstuk en zet deze op zijn plaats vast met behulp van de klembouten. Op deze manier is het tevens mogelijk een zaagbeweging te herhalen met identieke breedte.

▶ Fig.32: 1. Klembout 2. Subzool

Geleiderail

Optioneel accessoire

KENNISGEVING: Verwijder de subzool bij gebruik van de geleiderail.

Plaats het gereedschap op de achterkant van de geleiderail. Draai aan de twee stelschroeven op de gereedschapzool het gereedschap soepel zonder gerammel kan glijden. Houd zowel de voorhandgreep als de achterhandgreep van het gereedschap stevig vast. Schakel het gereedschap in en zaag de splinterbescherming in één keer over de volle lengte af. De rand van de splinterbescherming komt nu overeen met de zaagrand.

Bij het zagen van een schuine zaagsnede met de geleiderail, moet u de schuifhendel gebruiken om te voorkomen dat het gereedschap omvalt.

Beweeg de schuifhendel op de gereedschapzool in de richting van de pijl zodat hij in de ondersnijdingsgroef in de geleiderail valt.

▶ Fig.34: 1. Schuifhendel

Een touw (tuiriem) bevestigen

⚠️ Veiligheidswaarschuwingen specifiek voor werken op hoogte Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot ernstig letsel.

  1. Houd het gereedschap altijd vastgebonden tijdens het werken 'op hoogte'. De maximale lengte van het touw is 2 m. De maximaal toegestane valhoogte van het touw (tuiriem) mag niet meer zijn dan 2 meter.
  2. Gebruik uitsluitend met een touw dat geschikt is voor dit gereedschap en een draagvermogen heeft van minstens 7,0 kg (15,4 lbs).
  3. Veranker het touw van het gereedschap niet aan iets op uw lichaam of aan een verplaatsbaar voorwerp. Veranker het touw van het gereedschap aan een stevige constructie die de krachten van een vallend gereedschap kan opvangen.
  4. Verzeker u er vóór gebruik van dat het touw goed is vastgemaakt aan beide uiteinden.
  5. Inspecteer het gereedschap en touw vóór elk gebruik op beschadigingen en correcte werking (inclusief het materiaal en de stiksels). Gebruik het niet wanneer het beschadigd is of niet correct werkt.
  6. Wikkel touwen niet rondom scherpe of ruwe randen en laat ze er niet mee in aanraking komen.
  7. Bevestig het andere uiteinde van het touw buiten het werkgebied zodat een vallend gereedschap stevig bevestigd blijft.
  8. Bevestig het touw zodanig dat het gereedschap tijdens het vallen zich verwijderd van de gebruiker. Een gereedschappen dat valt zal aan het touw slingeren, waardoor letsel kan worden veroorzaakt of u uw evenwicht kunt verliezen.
  9. Gebruik niet nabij bewegende onderdelen of draaiende machines. Als u zich hier niet aan houdt, kan dat leiden tot beknellingsgevaar of verstrikkingsgevaar.
  10. Draag het gereedschap niet aan de bevestigingsvoorziening of het touw.
  11. Verplaats het gereedschap uitsluitend tussen uw handen terwijl u een goed evenwicht hebt.
  12. Bevestig een touw niet aan het gereedschap op een manier waardoor beschermkappen, schakelaars of uit-vergrendelingen niet correct kunnen werken.
  13. Voorkom dat u verstrikt raakt in het touw.
  14. Houd het touw uit de buurt van het snij- of zaaggebied van het gereedschap.
  15. Gebruik multiactie-karabijnhaken en karabijnhaken met schroefsluiting. Gebruik geen enkelvoudige karabijnhaken met veersluiting.
  16. In het geval een gereedschap valt, moet het worden gelabeld en buiten bedrijf gesteld, en moet het worden geïnspecteerd door de Makita-fabriek of een Makita-servicecentrum.

▶ Fig.35: 1. Gat voor touw (tuiriem)

FUNCTIE VOOR DRAADLOOS INSCHAKELEN

Mogelijkheden van de functie voor draadloos inschakelen

Met de functie voor draadloos inschakelen kunt u schoon en comfortabel werken. Door een ondersteunde stofzuiger aan te sluiten op het gereedschap, kunt u de stofzuiger automatisch laten in- en uitschakelen bij bediening van de schakelaar van het gereedschap.

▶ Fig.36

Om de functie voor draadloos inschakelen te gebruiken, dient u de volgende zaken voor te bereiden:

  • Een draadloos-eenheid (optioneel accessoire)
  • Een stofzuiger die de functie voor draadloos inschakelen ondersteunt

In het kort bestaat het instellen van de functie voor draadloos inschakelen uit de volgende punten. Raadpleeg elke paragraaf voor informatie over de procedure.

  1. De draadloos-eenheid aanbrengen
  2. Registratie van het gereedschap op de stofzuiger
  3. De functie voor draadloos inschakelen starten

De draadloos-eenheid aanbrengen

Optioneel accessoire

⚠ LET OP: Plaats het gereedschap op een vlakke en stabiele ondergrond wanneer u de draadloos-eenheid aanbrengt.

KENNISGEVING: Verwijder het stof en vuil vanaf het gereedschap voordat u de draad-loos-eenheid aanbrengt. Stof en vuil kunnen een storing veroorzaken wanneer ze binnendringen in de gleuf voor de draadloos-eenheid.

KENNISGEVING: Om een storing als gevolg van statische elektriciteit te voorkomen, raakt u een materiaal aan dat statische elektriciteit ontlaadt, zoals een metalen onderdeel van het gereedschap, voordat u de draadloos-eenheid oppakt.

KENNISGEVING: Let er bij het aanbrengen van de draadloos-eenheid altijd op dat de draadloos-eenheid in de correcte richting wordt aangebracht en dat de afdekking volledig wordt gesloten.

  1. Open de afdekking op het gereedschap, zoals aangegeven in de afbeelding.

▶ Fig.37: 1. Afdekking

  1. Breng de draadloos-eenheid aan in de gleuf en sluit vervolgens de afdekking.

Wanneer u de draadloos-eenheid aanbrengt, lijnt u de uitsteeksels uit met de uitsparingen in de gleuf.

▶ Fig.38: 1. Draadloos-eenheid 2. Uitsteeksel 3. Afdekking 4. Uitsparing

Wanneer u de draadloos-eenheid verwijdert, opent u langzaam de afdekking. De haken op de achterkant van de afdekking, tillen de draadloos-eenheid op terwijl u de afdekking omhoog trekt.

▶ Fig.39: 1. Draadloos-eenheid 2. Haak 3. Afdekking Nadat de draadloos-eenheid is verwijderd, bewaart u hem in de bijgeleverde doos of een antistatische container.

KENNISGEVING: Gebruik altijd de haken op de achterkant van de afdekking wanneer u de draadloos-eenheid verwijdert. Als de haken niet aangrijpen op de draadloos-eenheid, sluit u de afdekking volledig en opent u hem weer langzaam.

Registratie van het gereedschap op de stofzuiger

OPMERKING: Een stofzuiger van Makita die de functie voor draadloos inschakelen ondersteunt, is vereist voor registratie van het gereedschap.

OPMERKING: Voltooi het aanbrengen van de draad-loos-eenheid in het gereedschap voordat u de registratie van het gereedschap start.

OPMERKING: Gedurende de registratie van het gereedschap mag u de trekkerschakelaar van het gereedschap niet inknijpen en de aan-uitknop van de stofzuiger niet bedienen.

OPMERKING: Raadpleeg tevens de gebruiksaanwijzing van de stofzuiger.

Als u wilt dat de stofzuiger wordt ingeschakeld tegelijk met de bediening van de schakelaar van het gereedschap, moet u van tevoren de registratie van het gereedschap voltooien.

  1. Breng de accu's aan in de stofzuiger en het gereedschap.

  2. Zet de standbyschakelaar op de stofzuiger op "AUTO".

▶ Fig.40: 1. Standbyschakelaar

  1. Houd de knop voor draadloos inschakelen op de stofzuiger gedurende 3 seconden ingedrukt totdat de lamp van draadloos inschakelen groen knippert. En houd daarna op dezelfde manier de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap ingedrukt.

▶ Fig.41: 1. Knop voor draadloos inschakelen 2. Lamp van draadloos inschakelen

Nadat de stofzuiger en het gereedschap met succes aan elkaar zijn gekoppeld, zullen de lampen van draad-loos inschakelen gedurende 2 seconden groen branden, waarna ze blauw gaan knipperen.

OPMERKING: De lampen van draadloos inschakelen stoppen na 20 seconden met groen knipperen. Druk op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap terwijl de lamp van draadloos inschakelen op de stofzuiger knippert. Als de lamp van draadloos inschakelen niet groen knippert, drukt u kort op de knop voor draadloos inschakelen en houdt u deze weer ingedrukt.

OPMERKING: Als u twee of meer gereedschappen registreert op één stofzuiger, voltooit u de registratie van de gereedschappen één voor één.

De functie voor draadloos inschakelen starten

OPMERKING: Voltooi de registratie van het gereedschap op de stofzuiger voordat u de functie draadloos inschakelen gebruikt.

OPMERKING: Raadpleeg tevens de gebruiksaanwijzing van de stofzuiger.

Nadat een gereedschap in de stofzuiger is geregistreerd, wordt de stofzuiger automatisch in- en uitgeschakeld door de bediening van de schakelaar van het gereedschap.

  1. Breng de draadloos-eenheid aan in het gereedschap.
  2. Sluit de slang van de stofzuiger aan op het gereedschap.

▶ Fig.42

  1. Zet de standbyschakelaar op de stofzuiger op "AUTO".

▶ Fig.43: 1. Standbyschakelaar

  1. Druk kort op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap. De lamp van draadloos inschakelen knippert blauw.

▶ Fig.44: 1. Knop voor draadloos inschakelen 2. Lamp van draadloos inschakelen

  1. Knijp de trekschakelaar van het gereedschap in. Controleer of de stofzuiger wordt ingeschakeld wanneer de trekkerschakelaar wordt ingeknepen.

Om het draadloos inschakelen van de stofzuiger te stoppen, drukt u op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap.

OPMERKING: De lamp van draadloos inschakelen op het gereedschap stopt met blauw knipperen wanneer gedurende 2 uur geen bediening plaatsvindt. In dat geval zet u de standbyschakelaar van de stofzui- ger op "AUTO" en drukt u nogmaals op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap.

OPMERKING: De stofzuiger wordt met een vertraging in- en uitgeschakeld. Er treedt een tijdsvertraging op wanneer de stofzuiger de bediening van de schakelaar van het gereedschap detecteert.

OPMERKING: Het zendbereik van de draadloos-eenheid kan variëren afhankelijk van de locatie en omgevingsomstandigheden.

OPMERKING: Als twee of meer gereedschappen zijn geregistreerd in één stofzuiger, kan de stofzuiger worden ingeschakeld ondanks dat u niet de trekkerschakelaar inknijpt omdat een andere gebruiker de functie voor draadloos inschakelen gebruikt.

Beschrijving van de status van de lamp van draadloos inschakelen

▶ Fig.45: 1. Lamp van draadloos inschakelen

De lamp van draadloos inschakelen toont de status van de functie voor draadloos inschakelen. Raadpleeg de onderstaande tabel voor de betekenis van de status van de lamp.

Status Lamp van draadloos inschakelen Beschrijving
StandbyBlauw2 uur Hetdraadloos inschakelen van de stofzuiger is beschikbaar. De lamp wordt automatisch uitgeschakeld wanneer gedurende 2 uur geen bediening plaatsvindt.
Bij ingeschakeld gereedschap.Het draadloos inschakelen van de stofzuiger is beschikbaar en het gereedschap is ingeschakeld.
Registratie van het gereedschapGroen20 secondenKlaar voor registratie van het gereedschap. Wachten op registra-tie door de stofzuiger.
2 secondenDe registratie van het gereedschap is voltooid. De lamp van draadloos inschakelen knippert blauw.
Registratie van het gereedschap annulerenRood20 secondenKlaar om de registratie van het gereedschap te annuleren. Wachten op annuleren door de stofzuiger.
2 secondenHet annuleren van de registratie van het gereedschap is voltooid. De lamp van draadloos inschakelen knippert blauw.
Overig Rood 3secondenDe draadloos-eenheid wordt van stroom voorzien en de functie voor draadloos inschakelen start nu op.
Uit - - Het draadloos inschakelen van de stofzuiger is gestopt.

Registratie van het gereedschap op de stofzuiger annuleren

Voer de volgende procedure uit om de registratie van het gereedschap in de stofzuiger te annuleren.

  1. Breng de accu's aan in de stofzuiger en het gereedschap.
  2. Zet de standbyschakelaar op de stofzuiger op "AUTO".

▶ Fig.46: 1. Standbyschakelaar

  1. Houd de knop voor draadloos inschakelen op de stofzuiger gedurende 6 seconden ingedrukt. De lamp van draadloos inschakelen knippert groen en brandt daarna rood. Houd daarna op dezelfde manier de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap ingedrukt.

▶ Fig.47: 1. Knop voor draadloos inschakelen 2. Lamp van draadloos inschakelen

Als het annuleren met succes is uitgevoerd, zullen de lampen van draadloos inschakelen gedurende 2 seconden rood branden, waarna ze blauw gaan knipperen.

OPMERKING: De lampen van draadloos inschakelen stoppen na 20 seconden met rood knipperen. Druk op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap terwijl de lamp van draadloos inschakelen op de stofzuiger knippert. Als de lamp van draadloos inschakelen niet rood knippert, drukt u kort op de knop voor draadloos inschakelen en houdt u deze weer ingedrukt.

Storingzoeken van de functie voor draadloos inschakelen

Alvorens u verzoekt om reparatie, kunt u zelf als volgt het probleem opsporen en oplossen. Als u met een probleem kampt dat in deze handleiding niet wordt beschreven, probeer dan niet het gereedschap te demonteren. Laat reparaties over aan een erkend Makita-servicecentrum, uitsluitend met gebruik van originele Makita-vervangingsonderdelen.

Probleemomschrijving Waarschijnlijke oorzaak (storing) Oplossing
De lamp van draadloos inschakelen brandt/knippert niet.De draadloos-eenheid is niet aangebracht in het gereedschap.De draadloos-eenheid is verkeerd aangebracht in het gereedschap.Breng de draadloos-eenheid op de juiste wijze aan.
De aansluitingen van de draadloos-eenheid en/of de gleuf zijn vuil.Veeg het stof en vuil op de aansluitingen van de draadloos-eenheid voorzichtig af en reinig de gleuf.
Er is niet op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap gedrukt.Druk kort op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap.
De standbyschakelaar op de stofzuiger is niet op “AUTO” gezet.Zet de standbyschakelaar op de stofzuiger op “AUTO”.
Geen voeding. Voorzie het gereedschapen de stofzuiger van voeding.
De registratie van het gereedschap/het annuleren van de registratie van het gereedschap kan niet met succes worden voltooid.De draadloos-eenheid is niet aangebracht in het gereedschap.De draadloos-eenheid is verkeerd aangebracht in het gereedschap.Breng de draadloos-eenheid op de juiste wijze aan.
De aansluitingen van de draadloos-eenheid en/of de gleuf zijn vuil.Veeg het stof en vuil op de_aansluitingen van de draadloos-eenheid voorzichtig af en reinig de gleuf.
De standbyschakelaar op de stofzuiger is niet op “AUTO” gezet.Zet de standbyschakelaar op de stofzuiger op “AUTO”.
Geen voeding. Voorzie het gereedschapen de stofzuiger van voeding.
Onjuiste bediening Druk kort op de knopvoor draadloos inschakelen en voer de procedures voor de registratie/het annule-ren van de registratie opnieuw uit.
Het gereedschap en de stofzuiger staan te ver uit elkaar (buiten het zendbereik).Plaats het gereedschap en de stofzuiger dichter bij elkaar. Het maximale zendbereik is ongeveer 10 meter, echter, dit kan verschillen afhankelijk van de omstandigheden.
Alvorens de registratie/het annuleren van de registratie te voltooien:- is de trekschakelaar van het gereedschap ingeknepen, of- is de aan-uitknop van de stofzuiger bediend.Druk kort op de knop voor draadloos inschakelen en voer de procedures voor de registratie/het annule-ren van de registratie opnieuw uit.
De procedure voor de registratie van het gereedschap op het gereedschap of de stofzuiger is niet voltooid.Voer de procedure voor de registratie van het gereedschap tegelijkertijd uit op het gereedschap en de stofzuiger.
Radiostoring door andere apparaten die sterke radiogolven genereren.Houd het gereedschap en de stofzuiger uit de buurt van apparaten zoals Wi-Fi-apparaten en magnetrons.
De stofzuiger wordt niet in- en uitgeschakeld tegelijk met de bedie- ning van de schakelaar van het gereedschap.De draadloos-eenheid is niet aange- bracht in het gereedschap.De draadloos-eenheid is verkeerd aangebracht in het gereedschap.Breng de draadloos-eenheid op de juiste wijze aan.
De aansluitingen van de draadloos-een- heid en/of de gleuf zijn vuil.Veeg het stof en vuil op de aansluitingen van de draadloos-eenheid voorzichtig af en reinig de gleuf.
Er is niet op de knop voor draadloos inschakelen op het gereedschap gedrukt.Druk kort op de knop voor draadloos inschakelen en controleer of de lamp van draadloos inschakelen blauw knippert.
De standbyschakelaar op de stofzuiger is niet op “AUTO” gezet.Zet de standbyschakelaar op de stofzuiger op “AUTO”.
Meer dan 10 gereedschappen zijn geregistreerd in de stofzuiger.Voer de registratie van het gereedschap opnieuw uit.Als meer dan 10 gereedschappen zijn geregistreerd in de stofzuiger, wordt de eerste registratie van een gereedschap automatisch gewist.
De stofzuiger heeft alle registraties van de gereedschappen gewist.Voer de registratie van het gereedschap opnieuw uit.
Geen voeding. Voorzie het gereedschapen de stofzuiger van voeding.
Het gereedschap en de stofzuiger staan te ver uit elkaar (buiten het zendbereik).Plaats het gereedschap en de stofzuiger dichter bij elkaar. Het maximale zendbereik is ongeveer 10 meter, echter, dit kan verschillen afhankelijk van de omstandigheden.
Radiostoring door andere apparaten die sterke radiogolven genereren.Houd het gereedschap en de stofzuiger uit de buurt van apparaten zoals Wi-Fi-apparaten en magnetrons.
De stofzuiger wordt ingeschakeld terwijl de trekkerschakelaar van het gereedschap niet wordt ingeknepen.Andere gebruikers gebruiken op hun gereedschap de functie voor draadloos inschakelen van de stofzuiger.Schakel de knop voor draadloos inschakelen van de andere gereedschappen uit of annuleer de registra- tie van de andere gereedschappen.

ONDERHOUD

▲LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie.

ALET OP: Reinig de bovenste en onderste beschermkappen om er zeker van te zijn dat er geen opgehoopt zaagsel is dat de werking van de onderste beschermkap kan hinderen. Een vuile beschermkap kan de goede werking hinderen, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. De meest effectieve manier om dit reinigen uit te voeren is met perslucht. Wanneer het stof uit de beschermkappen wordt geblazen, dient u de geschikte oog- en ademhalingsbescherming te gebruiken.

⚠LET OP: Veeg na elk gebruik het zaagsel van het gereedschap af. Fijn zaagsel kan binnendringen in het gereedschap en een storing of brand veroorzaken.

KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt.

Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen.

De nauwkeurigheid van de zaaghoek van 0° of 45° afstellen

KENNISGEVING: Gebruik de hendels voor een schuine hoek van -1° niet wanneer u de nauwkeurigheid van de 0°-zaagsnede afstelt.

KENNISGEVING: Gebruik de positieve stop voor een schuine hoek van 22,5° of 60° niet wanneer u de nauwkeurigheid van de 45°-zaagsnede afstelt.

Deze afstelling is al in de fabriek uitgevoerd. Maar als deze verlopen is, kunt u het afstellen aan de hand van de volgende procedure.

  1. Draai de klembouten los aan de voorkant en achterkant van het gereedschap zodat de verstekhoek kan worden veranderd. Zet de positieve stop in de stand voor een verstekhoek van 45° als u de nauwkeurigheid van de 45°-zaagsnede wilt afstellen.
  1. Zet de zool haaks op, of onder een hoek van 45° met, het cirkelzaagblad met behulp van een geodriehoek door de stelbout te draaien met behulp van een inbussleutel. U kunt ook een winkelhaak gebruiken om de zaaghoek van 0° af te stellen.

▶ Fig.49: 1. Geodriehoek

▶ Fig.50: 1. Stelbout voor zaaghoek van 0° 2. Stelbout voor zaaghoek van 45°

  1. Draai de klembouten vast, en zaag daarna een testsnede om te controleren of de gewenste hoek wordt verkregen.

De dieptegeleider afstellen

Als de zool niet soepel omhoog en omlaag schuift, kan de dieptegeleider zijn gekanteld. U kunt de dieptegeleider als volgt afstellen:

  1. Stel de zool loodrecht en stel de zaagdiepte zo diep mogelijk in.
  2. Draai de stelbouten van de dieptegeleider los met een inbussleutel.
    De dieptegeleider stelt zijn stand automatisch af.

  3. Draai de stelbouten van de dieptegeleider vast.

  4. Stel het parallellisme af aan de hand van het tekstdeel over parallellisme.

▶ Fig.51: 1. Stelbouten van de dieptegeleider

Het parallellisme afstellen

⚠LET OP: Houd het parallellisme nauwkeurig.

Anders kan het cirkelzaagblad in de geleiderail zagen en kan de beschadigde geleiderail letsel veroorzaken.

Deze afstelling is al in de fabriek uitgevoerd. Maar als deze verlopen is, kunt u het afstellen aan de hand van de volgende procedure.

  1. Stel het gereedschap in op de maximale zaagdiepte.
  2. Zorg ervoor dat alle hendels en bouten vastgedraaid zijn.
  3. Draai de bouten, aangegeven in de afbeelding, los.
  4. Open de onderste beschermkap en verplaats de achterkant van de zool zodat de afstanden A en B gelijk worden.

▶ Fig.52: 1. Bout 2. Zool

  1. Draai de bouten vast en zaag een testsnede om het parallelisme te controleren.

ALET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat het gevaar van persoonlijke letsel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.

Wenst u meer bijzonderheden over deze accessoires, neem dan contact op met het plaatselijke Makita-servicecentrum.

• Cirkelzaagblad
- Geleiderail
• Verstekschaalverdeling
- Klem
- Vel
- Rubber vel
- Positievel

  • Inbussleutel
    • Draadloos-eenheid
  • Originele Makita accu's en acculaders

OPMERKING: Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land verschillen.

ESPECIFICACIONES

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : DHS900PT2

Categorie : Elektrische zaag