Gyspot ALU PRO FV - Generator GYS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Gyspot ALU PRO FV GYS in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur Gyspot ALU PRO FV GYS
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw Generator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Gyspot ALU PRO FV - GYS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Gyspot ALU PRO FV van het merk GYS.
GEBRUIKSAANWIJZING Gyspot ALU PRO FV GYS
Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
NORM ALGEMENE INSTRUCTIES Voor het in gebruik nemen van het apparaat moeten deze instructies gelezen en goed begrepen worden. Voer geen wijzigingen of onderhoud uit die niet in de handleiding vermeld staan. Iedere vorm van lichamelijk letsel of schade, veroorzaakt door het niet naleven van de inructies in deze handleiding, kan niet verhaald worden op de fabrikant van het apparaat. Raadpleeg, in geval van problemen of onzekerheid over het gebruik, een bevoegd persoon om het apparaat correct te inalleren. Bewaar deze handleiding zorgvuldig, zodat u hem kunt raadplegen in geval van vragen. Deze inructies hebben betrekking op het materiaal zoals het geleverd wordt. Het valt onder de verantwoordelijkheid van de gebrui- ker om een risico-analyse uit te voeren, wanneer de inructies niet worden gerespecteerd. OMGEVING Dit apparaat mag enkel gebruikt worden om te lassen, en uitsluitend volgens de in de handleiding en/of op het typeplaatje vermelde inructies. De veiligheidsvoorschriften moeten gerespecteerd worden. In geval van onjui of gevaarlijk gebruik kan de fabrikant niet aansprakelijk worden geeld. De inallatie moet worden gebruikt in een of- en zuur- vrije ruimte, in afwezigheid van ontvlambaar gas of andere corrosieve subanties. Voor de opslag van deze apparatuur gelden dezelfde voorwaarden. Zorg voor voldoende ventilatie tijdens het gebruik. Gebruikemperatuur :Gebruik tussen -10 en +40°C (+14 en +104°F).Opslag tussen -20 en +55°C (-4 en 131°F).Luchtvochtigheid :Lager of gelijk aan 50% bij 40°C (104°F).Lager of gelijk aan 90% bij 20°C (68°F).Hoogte :Tot 1000 m boven de zeespiegel (3280 voet).
PERSOONLIJKE BESCHERMING EN BESCHERMING VAN ANDEREN
Capacitieve ontladingsapparatuur kan gevaarlijk zijn en ernstige of zelfs dodelijke verwondingen veroorzaken. Deze techniek mag alleen door gekwaliceerd personeel uitgevoerd worden, dat een adequate opleiding (bv. een schadeherstel-opleiding) heeft genoten. Tijdens het lassen worden de individuen blootgesteld aan een gevaarlijke warmtebron en aan elektro-magnetische velden (waarschuwing voor dragers van een pacemaker), aan elektrocutie gevaar, aan lawaai en aan uitstoting van gassen.Bescherm uzelf en bescherm anderen, respecteer de volgende veiligheidsinstructies :Draag, om uzelf te beschermen tegen brandwonden en straling, droge, goed isolerende kleding zonder omslagen, brandwerend en in goede staat, die het gehele lichaam bedekt.Draag handschoenen die de elektrische en thermische isolatie garanderen. Draag een lasbescherming en/of een lashelm die voldoende bescherming biedt (afhankelijk van de lastoepassing). Bescherm uw ogen tijdens schoonmaakwerkzaamheden. Contactlenzen zijn uitdrukkelijk verboden.Soms is het nodig om het lasgebied met brandwerende gordijnen af te schermen tegen projectie en wegspattende gloeiende deeltjes.Informeer de personen in de laszone om aangepaste beschermende kleding te dragen die voldoende bescherming biedt.Gebruik een bescherming tegen lawaai als de laswerkzaamheden een hoger geluidsniveau bereiken dan de toegestane norm (dit geldt tevens voor alle personen die zich in de las-zone bevinden).De elementen die net gelast zijn zijn heet en kunnen brandwonden veroorzaken bij het aanraken. Het is belangrijk om, voor vertrek, het werkgebied veilig achter te laten, om mensen en goederen niet in gevaar te brengen.
Dampen, gassen en stof uitgestoten tijdens het lassen zijn gevaarlijk voor de gezondheid. Zorg voor voldoende ventilatie, soms is toevoer van verse lucht tijdens het lassen noodzakelijk. Een lashelm met verse luchtaanvoer kan een oplossing zijn als er onvoldoende ventilatie is.Controleer of de zuigkracht voldoende is, en verieer of deze aan de gerelateerde veiligheidsnormen voldoet.40
Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
Waarschuwing : tijdens het lassen in kleine ruimtes moet de veiligheid op afand gecontroleerd worden. Bovendien kan het lassen van materialen die bepaalde oen zoals lood, cadmium, zink, kwik of beryllium bevatten bijzonder schadelijk zijn. Ontvet de te lassen ukken alvorens met het lassen te beginnen. Het lassen in de buurt van vet of verf is verboden.
BRAND EN EXPLOSIE-RISICO
Scherm het lasgebied volledig af, brandbare oen moeten op minimaal 11 meter afand geplaat worden. Een brandblusinallatie moet aanwezig zijn in de buurt van laswerkzaamheden. Pas op voor projectie van hete onderdelen of vonken. Zelfs door kieren heen kunnen deze deeltjes brand of explosies veroorzaken. Houd personen, ontvlambare voorwerpen en containers onder druk op veilige en voldoende afand. Het lassen in containers of gesloten buizen moet worden verboden, en als ze open zijn dan moeten ze ontdaan worden van ieder ontvlambaar of explosief product (olie, brandof, gas-reen....). Slijpwerkzaamheden mogen niet worden gericht naar het capacitieve ontladingsapparatuur, of in de richting van brandbare materialen. ELEKTRISCHE VEILIGHEID Het elektrische netwerk dat wordt gebruikt moet altijd geaard zijn. Een elektrische schok kan, direct of indirect, ernstige en zelfs dodelijke ongelukken veroorzaken. Raak nooit delen aan de binnen- of buitenkant van de machine aan (kabels, elektroden, armen, toortsen....) die onder spanning aan. Deze delen zijn aangesloten op het lascircuit. Koppel, voordat u het capacitieve ontladingsapparatuur opent, dit los van het room-netwerk en wacht 2 minuten totdat alle conden- satoren ontladen zijn. Zorg ervoor dat, als de kabels, elektroden of las-armen beschadigd zijn, deze vervangen worden door gekwaliceerde en bevoegde personen. Gebruik alleen kabels met de geschikte doorsnede. Draag altijd droge, in goede aat verkerende kleren om uzelf van het lascircuit te isoleren. Draag isolerend schoeisel, waar u ook werkt.
EMC CLASSIFICATIE VAN HET MATERIAAL
Dit Klasse A materiaal is niet geschikt voor gebruik in een woonomgeving waar de stroom wordt geleverd door een openbaar laagspanningsnet. Het is mogelijk dat er problemen ontstaan met de elektromagnetische compatibiliteit in deze omgevingen, vanwege storingen of radio-frequente straling. EN 61000-3-12 Dit materiaal voldoet aan de CEI 61000-3-12 norm. EN 61000-3-11 Dit materiaal voldoet aan de CEI 61000-3-11 norm. ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES Elektrische stroom die door een geleider gaat veroorzaakt plaatselijk elektrische en magnetische velden (EMF). De lasstroom wekt een elektromagnetisch veld op rondom de laszone en het capacitieve ontladingsapparatuur. De elektromagnetische velden, EMF, kunnen de werking van bepaalde medische apparaten, zoals pacemakers, veroren. Voor mensen met medische implantaten moeten veiligheidsmaatregelen in acht genomen worden. Bijvoorbeeld : toegangsbeperking voor voorbijgangers of een individuele risico-evaluatie voor de lassers. Alle lassers moeten de volgende procedures opvolgen om blootelling aan elektromagnetische raling veroorzaakt door het lassen zoveel mogelijk te beperken :
- plaats de laskabels dicht bij elkaar – bind ze indien mogelijk va;
- houd uw hoofd en uw romp zo ver mogelijk van het lascircuit af;
- wikkel nooit de kabels om uw lichaam;
- zorg ervoor dat u zich niet tussen de laskabels bevindt. Houd de twee laskabels aan dezelfde kant van uw lichaam;
- beveig de geaarde kabel zo dicht als mogelijk is bij de lasplek;
- voer geen werkzaamheden uit dichtbij de laszone, ga niet zitten op of leun niet tegen het capacitieve ontladingsapparatuur;
- niet lassen wanneer u het capacitieve ontladingsapparatuur of het draadaanvoersyeem draagt. Personen met een pacemaker moeten een arts raadplegen voor gebruik van het apparaat. Blootstelling aan elektromagnetische straling tijdens het lassen kan gevolgen voor de gezondheid hebben die nog niet bekend zijn.Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
AANBEVELINGEN OM DE LASZONE EN DE LASINSTALLATIE TE EVALUEREN Algemene aanbevelingen De gebruiker is verantwoordelijk voor het inalleren en het gebruik van het capacitieve ontladingsapparatuur, en moet hierbij de inructies van de fabrikant opvolgen. Als elektromagnetische oringen worden geconateerd, is het de verantwoordelijkheid van de gebruiker van de capacitieve ontladingsapparatuur om het probleem op te lossen, in samenwerking met de technische dien van de fabrikant. In sommige gevallen kan de oplossing liggen in een eenvoudige aarding van het lascircuit. In andere gevallen kan het nodig zijn om met behulp van lters een elektromagnetisch schild rondom de roomvoorziening en om het vertrek te creëren. In ieder geval moeten de oringen veroorzaakt door elektromagnetische ralingen beperkt worden tot een aanvaardbaar niveau. Evaluatie van de las-zone Voor het inalleren van de capacitieve ontladingsapparatuur moet de gebruiker de mogelijke elektro-magnetische problemen in de omgeving evalueren. Daarbij moeten de volgende gegevens in acht genomen worden : a) de aanwezigheid boven, onder, of naa het capacitieve ontladingsapparatuur van andere voedingskabels, van beuringskabels, signaleringskabels of telefoonkabels; b) ontvangers en zenders voor radio en televisie; c) computers en ander beuringsapparatuur; d) essentiële beveiligingsinallaties, zoals bijvoorbeeld beveiliging van induriële apparatuur; e) de gezondheid van personen in de omgeving, bijvoorbeeld bij gebruik van pacemakers of gehoorapparaten; f) materiaal dat gebruikt wordt bij het kalibreren of meten; g) de immuniteit van overig aanwezig materiaal. De gebruiker moet zich ervan verzekeren dat alle apparatuur in de werkruimte compatibel is. Dit kan aanvullende veiligheidsmaatregelen vereisen; h) het tijdip waarop het lassen of andere activiteiten moeten plaatsvinden. De afmeting van het omliggende gebied dat in acht genomen moet worden hangt af van de ructuur van het gebouw en van de overige activiteiten die er plaatsvinden. Het omliggende gebied kan groter zijn dan de begrenzing van de inallatie. Evaluatie van de lasinallatie Naa een evaluatie van de laszone kan een evaluatie van de capacitieve ontladingsapparatuur elementen aanreiken om oringen va te ellen en op te lossen. Bij het evalueren van de emissies moeten de werkelijke resultaten worden bekeken, zoals die zijn gemeten in de reële situatie, zoals geipuleerd in Artikel 10 van de CISPR 11:2009. De metingen in de specieke situatie, op een specieke plek, kunnen tevens helpen de eciëntie van de maatregelen te beveigen. AANBEVELINGEN VOOR METHODES OM ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES TE REDUCEREN a. Openbare spanningsnet : het capacitieve ontladingsapparatuur moet aangesloten worden op het openbare net volgens de aanbevelingen van de fabrikant. Als er oringen plaatsvinden kan het nodig zijn om extra voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals het lteren van het openbare roomnetwerk. Er kan overwogen worden om de voedingskabel van de lasinallatie af te schermen in een metalen leiding of een gelijkwaardige bescherming. Het is wenselijk de elektrische continuïteit van het omhulsel te verzekeren over de hele lengte. De bescherming moet aangekoppeld worden aan de capacitieve ontladingsapparatuur, om er zeker van te zijn dat er een goed elektrisch contact is tussen de geleider en het omhulsel van de capacitieve ontladingsapparatuur. b. Onderhoud van het capacitieve ontladingsapparatuur : onderhoud regelmatig het capacitieve ontladingsapparatuur, en volg daarbij de aanbevelingen van de fabrikant op. Alle toegangen, service ingangen en kleppen moeten gesloten en correct vergrendeld zijn wanneer het capacitieve ontladingsapparatuur in werking is. Het capacitieve ontladingsapparatuur mag op geen enkele wijze veranderd of aangepa worden, met uitzondering van veranderingen en inellingen zoals genoemd in de handleiding van de fabrikant. c. Laskabels : De kabels moeten zo kort mogelijk zijn, en dichtbij elkaar en vlakbij of, indien mogelijk, op de grond gelegd worden d. Potentiaal-vereening : Het is wenselijk om alle metalen objecten in en om de werkomgeving te aarden. Waarschuwing : de metalen objecten verbonden aan het te lassen voorwerp vergroten het risico op elektrische schokken voor de gebruiker, wanneer hij tegelijkertijd deze objecten en de elektrode aanraakt. Het wordt aangeraden de gebruiker van deze voorwerpen te isoleren. e. Aarding van het te lassen voorwerp : wanneer het te lassen voorwerp niet geaard is, vanwege elektrische veiligheid of vanwege de afmetingen en de locatie, zoals bijvoorbeeld het geval kan zijn bij scheepsrompen of metalen ructuren van gebouwen, kan een verbinding tussen het voorwerp en de aarde, in sommige gevallen maar niet altijd, de emissies verkleinen. Vermijd het aarden van voorwerpen, wanneer daarmee het risico op verwondingen van de gebruikers of op beschadigingen van ander elektrisch materiaal vergroot wordt. Indien nodig, is het wenselijk dat het aarden van het te lassen voorwerp rechtreeks plaatsvindt, maar in sommige landen waar deze directe aarding niet toegeaan is is het aan te raden te aarden met een daarvoor geschikte condensator, die voldoet aan de reglementen in het betreende land. f. Beveiliging en afscherming : Selectieve afscherming en bescherming van andere kabels en materiaal in de omgeving kan problemen verminderen. De beveiliging van de gehele laszone kan worden overwogen voor speciale toepassingen. TRANSPORT EN VERVOER VAN DE CAPACITIEVE ONTLADINGSAPPARATUUR De lasstroombron is uitgerust met één handvat waarmee het apparaat met de hand gedragen kan worden. Let op : onderschat het gewicht niet. De handvat mogen niet worden gebruikt om het apparaat aan omhoog te hijsen. Gebruik de kabels niet om de lasroombron te verplaatsen. Til nooit het apparaat boven personen of voorwerpen.42
- Zorg dat er voldoende ruimte is om de machine te ventileren en om toegang te hebben tot het controlepaneel.
- Niet geschikt voor gebruik in een ruimte waar roomgeleidend metaalof aanwezig is.
- Om oververhitting te voorkomen moeten de voedingskabels, verlengsnoeren en laskabels helemaal afgerold worden. De fabrikant kan niet verantwoordelijk gehouden worden voor lichamelijk letsel of schade aan voorwerpen veroorzaakt door niet correct of gevaarlijk gebruik van dit materiaal. ONDERHOUD / ADVIES
- De gebruikers van dit apparaat moeten een adequate opleiding hebben gevolgd, zodat ze deze machine optimaal kunnen gebruiken (bijvoorbeeld een opleiding tot carrosserie technicus).
- Alvorens een voertuig te repareren, moet geverieerd worden of de fabrikant van het voertuig de gebruikte lastechniek toestaat.
- Het onderhoud en de reparatie van de generator mogen alleen door de fabrikant uitgevoerd worden. Iedere vorm van onderhoud op deze generator uitgevoerd door derden zal de garantievoorwaarden nietig verklaren. De fabrikant kan niet verantwoordelijk worden gehouden voor ieder incident dat zich voordoet nadat het apparaat door derden onderhouden is.
- Haal de ekker uit het opcontact om de elektriciteitsvoorziening te onderbreken, en wacht twee minuten alvorens werkzaamheden op het apparaat te verrichten. De spanning en de roomerkte binnen het toeel zijn hoog en gevaarlijk.
- Al het capacitieve ontladingsapparatuur is aan slijtage onderhevig. Let er op dat uw lasgereedschap schoon blijft, zodat het apparaat maximaal functioneert.
- De kap regelmatig afnemen en met een blazer ofvrij maken. Maak van deze gelegenheid gebruik om met behulp van geïsoleerd gereedschap ook de elektrische verbindingen te laten controleren door gekwaliceerd personeel.
- Controleer regelmatig de aat van de voedingskabel en de aat van de kabel van het lascircuit. Als er slijtage zichtbaar is moeten ze vervangen worden door de fabrikant of diens after-sales dien, of door een gelijkwaardig gekwaliceerd technicus, om zo ieder risico op ongelukken te voorkomen.
- Laat de ventilatieopening vrij zodat de lucht gemakkelijk kan circuleren. ELEKTRISCHE VOEDING Dit materiaal wordt geleverd met een 16A elektrische aansluiting type CEE7/7 en moet worden aangesloten op een 90- 240 V (50 - 60 Hz) enkelfase elektrische installatie, met drie kabels met geaarde stekker. Het werkelijke stroomverbruik (l1e) bij optimaal gebruik staat aangegeven op het apparaat. Controleer of de stroomvoorziening en zijn beveiligingen (netzekering en/of hoofdschakelaar) compatibel zijn met de elektrische stroom die nodig is voor gebruik. In sommige landen kan het nodig zijn om de elektrische aansluiting aan te passen om het toestel optimaal te kunnen gebruiken. Het horizontale segment in het midden van het display knippert rood, om aan te geven dat het apparaat gevoed wordt in de stand-by stand. Het apparaat stelt zichzelf in thermische beveiliging wanneer de voedingsspanning hoger is dan 265V. Het apparaat verhindert het opladen van de condensatoren. Om dit defect aan te geven gaan de 3 horizontale segmenten in het midden van de display branden, en zullen blijven branden zolang het defect aanhoudt. Laden van de condensatoren : het knipperen van de display geeft aan dat de GYSPOT ALU de condensa- toren aan het opladen is tot de gewenste waarde. In geval van storing tijdens het laden van de conden- satoren verschijnt de melding « DEF ». Schakel het apparaat uit en schakel het weer aan. Als de melding opnieuw verschijnt, neem dan contact op met de after-sales dienst van GYS. ELEKTRISCHE EIGENSCHAPPEN Nominale voedingsspanning U
110 A THERMISCHE EIGENSCHAPPEN Omgevingemperatuur Van +5°C tot +40°C Omgevingemperatuur bij opslag en vervoer Van -25°C tot +55°C Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing43
OMSCHRIJVING VAN HET APPARAAT (ZIE PAGINA 2) Met de GYSPOT ALU spotter kunt u aluminium carrosserieën herstellen. Aluminium M4-bouten kunnen, dankzij het ontladen van de condensatoren, eenvoudig op het aluminium plaatwerk worden gelast. De condensatoren hebben een capaciteit van 66 milliFarads. Uitgang pistool-kabel (Fig. I-
Op de voorzijde van het apparaat bevinden zich een toetsenbord met 4 toetsen en een display met 7 LED-segmenten (Fig. II) Het apparaat is uitgerust met een pistool met een kabel van 3m. De 3 elektroden dienen als massa, en het centrale deel is bestemd voor het lassen van de Ø4 bouten. M4 : Alu magnesium (AlMg3) of Alu silicium (AlSi12) Bij het aanzetten van het apparaat kan een foutmelding verschijnen, die aangeeft dat de trekker ingedrukt is. Het is mogelijk dat de knop geblokkeerd is, of dat er kortsluiting is.
- Deblokkeer, in het eerste geval, de knop zodat deze weer in z’n normale positie komt.
- In het tweede geval wordt u verzocht het apparaat terug te sturen naar de fabrikant. GEBRUIK De GYSPOT ALU is ontworpen voor het uitvoeren van reparatiewerkzaamheden op aluminium carrosserieën, die lichte beschadigingen, krassen of hagelschade hebben opgelopen. De GYSPOT ALU last M4 bouten door condensator-ontlading. De spot wordt gerealiseerd zodra de punt van het pistool wordt ingedrukt. Het lassen gaat zeer snel (2 à 3 milliseconden). Het apparaat kan in twee verschillende modules ingesteld worden : - Spanningsmodule : De spanning kan geprogrammeerd worden van 50 tot 200 V. - Vermogensmodule : Het vermogen kan geprogrammeerd worden van L, 1-9, H: o De overgang van een module naar een andere gebeurt door op de toets module te drukken (Fig. II-
) o Concordan- tie-tabel vermogen overeenkomstig de spanning (Zie Fig. III). o Druk op de aan/uit schakelaar, rechts op het toetsenbord (Fig. II-
) o Opmerking : de snelle massa moet altijd gemonteerd worden o Schuur de te repareren zone, zodat de 3 messing elektroden massa kunnen maken tegen de carrosserie. o Positioneer de moer in de spil. Stel zo nodig de instelschroef bij (zie foto hieronder) o Voor een goede laskwaliteit moet de kop van de nagel ongeveer één millimeter uitsteken (
o Het afstellen van de positie van de kop van de bout gebeurt door het vast- en losschroeven van de moer op de instels- chroef (
Bij de levering van het pistool is de instelschroef
losgeschroefd, en de cursor is aanliggend. Met deze afstelling kan een kracht van ongeveer 20 N uitgeoefend worden op het moment dat de trekker overgehaald wordt. Dit maakt het apparaat geschikt voor het lassen van aluminium met M4 bouten. Met de schroef kan de dragende kracht van de veer worden geregeld wanneer de trekker wordt geactiveerd, en kan tevens de slijtage worden beperkt. Afstellen van de spanningswaarde met behulp van de toetsen + en -. Bij inschakeling is de vermogenswaarde standaard 5, wat overeenkomt met 100 volt. Over het algemeen is de waarde voor een goed gelaste nagel met een diameter 4 voor het uitdeuken 90V. Dit komt overeen met vermogen 4. De spanning zal hoger moeten zijn naarmate het plaatwerk dikker is. Waarschuwing : een te hoge spanning kan het plaatwerk beschadigen. Voor het verkrijgen van een goede las mag alleen de tip van de nagel in contact zijn met het te repareren plaatwerk. Oefen een lichte druk uit op het pistool, zonder de «tip» van de nagel te beschadigen, en houd het pistool loodrecht op het plaatwerk. Het ontladen van de condensatoren gebeurt automatisch zodra de punt van het pistool in de ring geduwd wordt. Op dat moment is de nagel vastgelast. Dit duurt minder dan 3 milliseconden. Voor een optimaal resultaat raden wij u aan het te lassen plaatwerk op te warmen. Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing44
Koperen punt met 4 groeven voor het lassen van M4 bouten (diameter Ø 4 mm) Pistool met automatische ontspanning zonder trekker
De kop van de nagel moet ongeveer één millimeter uitsteken.
Afstelschroef voor de positie van de nagel.
De nagel moet loodrecht op het plaatwerk staan. Voer geen te hoge druk uit, om de nagel niet te pletten. Enkel de tip is in contact met het plaatwerk.
Een duimschroef met een cursor
kan de compressie van de veer tijdens het afgaan van de trekker regelen.
THERMISCHE BEVEILIGING VAN DE GENERATOR
Het apparaat is uitgerust met een automatische thermische beveiliging. Dit systeem blokkeert het gebruik van de gene- rator gedurende enkele minuten, in geval van te intensief gebruik. In dit geval gaat het gele lampje (g. II-
) dat een thermische storing aangeeft branden. GARANTIE De garantie dekt alle gebreken en fabricagefouten gedurende twee jaar vanaf de aankoopdatum (onderdelen en arbeids- loon). De garantie dekt niet :
- Alle overige schade als gevolg van vervoer.
- De gebruikelijke slijtage van onderdelen (Bijvoorbeeld : kabels, klemmen, enz.).
- Incidenten als gevolg van verkeerd gebruik (verkeerde elektrische voeding, vallen, ontmanteling).
- Gebreken ten gevolge van de gebruiksomgeving (vervuiling, roest, stof). In geval van storing moet het apparaat teruggestuurd worden naar uw distributeur, samen met: - Een gedateerd aankoopbewijs (betaalbewijs, factuur ...). - Een beschrijving van de storing.
Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing45
SimpelGids