STIHL FSA 60 R - Grasmaaier

FSA 60 R - Grasmaaier STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis FSA 60 R STIHL in PDF-formaat.

📄 104 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice STIHL FSA 60 R - page 83
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIHL

Model : FSA 60 R

Categorie : Grasmaaier

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FSA 60 R - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FSA 60 R van het merk STIHL.

GEBRUIKSAANWIJZING FSA 60 R STIHL

  • Voorwoord p. 83
  • 2 Informatie met betrekking tot deze handlei‐ ding p. 83
  • 3 Overzicht p. 84
  • 4 Veiligheidsinstructies p. 85
  • 5 Motorzeis klaarmaken voor gebruik p. 92
  • 6 Accu laden en leds p. 92
  • 7 Motorzeis monteren p. 93
  • 8 Motorzeis voor de gebruiker instellen p. 95
  • 9 Accu aanbrengen en wegnemen p. 95
  • 10 Motorzeis inschakelen en uitschakelen p. 96
  • 11 Motorzeis en accu controleren p. 96
  • 12 Met de motorzeis werken p. 97
  • 13 Na de werkzaamheden p. 97
  • 14 Vervoeren p. 97
  • 15 Opslaan p. 98
  • 16 Reinigen p. 98
  • 17 Onderhoud p. 99
  • 18 Repareren p. 99
  • 19 Storingen opheffen p. 99
  • 20 Technische gegevens p. 100
  • 21 Combinaties van snijgarnituren en beschermkappen p. 101
  • 22 Onderdelen en toebehoren p. 101
  • 23 Milieuverantwoord afvoeren p. 101
  • 24 EU-conformiteitsverklaring p. 101
  • 25 UKCA-conformiteitsverklaring 1 Voorwoord Geachte cliënt(e), Wij zijn blij dat u hebt gekozen voor STIHL. Wij ontwikkelen en produceren onze producten in topkwaliteit in overeenstemming met de behoef‐ ten van onze klanten. Zo ontstaan producten met een hoge betrouwbaarheid, ook bij extreme belasting. STIHL staat ook voor service met topkwaliteit. Onze dealers staan garant voor deskundig advies en instructie alsmede een uitgebreide technische begeleiding. STIHL kiest uitdrukkelijk voor een duurzame en verantwoordelijke omgang met de natuur. Deze gebruiksaanwijzing is voor u bedoeld als onder‐ steuning om uw STIHL-product gedurende een lange levensduur veilig en milieuvriendelijk te gebruiken. Wij danken u voor uw vertrouwen in ons en wen‐ sen u veel plezier met uw STIHL product. Dr. Nikolas Stihl p. 102

BELANGRIJK! VOOR GEBRUIK GOED DOOR‐

LEZEN EN BEWAREN. 2 Informatie met betrekking tot deze handleiding

2.1 Geldende documenten

De lokale veiligheidsvoorschriften moeten wor‐ den aangehouden. ► Naast deze handleiding de volgende docu‐ menten lezen, begrijpen en bewaren:

handleiding en verpakking van het gebruikte snijgarnituur

veiligheidsinstructies accu STIHL AK

Veiligheidsinformatie voor STIHL accu's en producten met ingebouwde accu: www.stihl.com/safety-data-sheets Nederlands 0458-832-9621-D 83 © ANDREAS STIHL AG & Co. KG 2021 0458-832-9621-D. VA0.M21. Gedrukt op chloorvrij gebleekt papier. Drukinkten bevatten plantaardige olie, papier is recyclebaar. Vertaling van de originele handleiding 0000009265_004_NL2.2 Aanduiding van de waarschu‐ wingen in de tekst WAARSCHUWING ■ De aanwijzing duidt op gevaren die kunnen leiden tot ernstig letsel of zelfs tot de dood. ► De genoemde maatregelen kunnen ernstig letsel of de dood voorkomen. LET OP ■ De aanwijzing duidt op gevaren die kunnen leiden tot materiële schade. ► De genoemde maatregelen kunnen materi‐ ele schade voorkomen.

2.3 Symbolen in de tekst

Dit symbool verwijst naar een hoofdstuk in deze handleiding. 3 Overzicht

0000097270_001 1 Accuschacht De accu wordt ondergebracht in de accu‐ schacht. 2 Arrêteerpal De arrêteerpal borgt de accu in de accu‐ schacht. 3 Bedieningshandgreep De bedieningshandgreep dient voor het bedienen, vasthouden en hanteren van de motorzeis. 4 Schakelhendel De schakelhendel schakelt de motorzeis in en uit. 5 Ergo-hendel De Ergo-hendel houdt de deblokkeringsschuif op zijn plek wanneer de schakelhendel wordt losgelaten. 6 Deblokkeringsschuif De deblokkeringsschuif ontgrendelt de scha‐ kelhendel. 7 Beugelhandgreep De beugelhandgreep dient voor het vasthou‐ den en hanteren van de motorzeis. 8 Steel De steel verbindt alle componenten. 9 Afstandhouder De afstandhouder beschermt voorwerpen tegen contact met het snijgarnituur. 10 Led De led geeft de status van de acculader weer. 11 Netstekker De netstekker verbindt de aansluitkabel met een contactdoos 12 Aansluitkabel De aansluitkabel verbindt de acculader met de netstekker. 13 Acculader De acculader laadt de accu. 14 Accu De accu voorziet de motorzeis van energie. 15 Leds De leds geven de laadtoestand van de accu en storingen aan. 16 Druktoets De druktoets activeert de leds op de accu. # Typeplaatje met machinenummer

0000097535_001 1 Afkortmes Het afkortmes kort de maaidraad tijdens het werken in op de juiste lengte. Nederlands 3 Overzicht 84 0458-832-9621-D2 Maaikop De maaikop bevat de maaidraden. 3 Schoepenwiel Het schoepenwiel koelt de elektromotor. 4 Beschermkap De beschermkap beschermt de gebruiker tegen opgeslingerde voorwerpen en tegen het contact met het snijgarnituur.

De pictogrammen kunnen op de motorzeis, de accu en de acculader staan en hebben de vol‐ gende betekenis: Dit pictogram geeft aan in welke rich‐ ting de deblokkeringsschuif moet wor‐ den verschoven. Dit pictogram geeft het nominale toerental van het snijgarnituur weer. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. 4 leds knipperen rood. In de accu zit een storing. De led brandt groen en de leds op de accu branden of knipperen groen. De accu wordt geladen. De led knippert rood. Tussen de accu en de acculader is geen elektrisch con‐ tact of in de accu of in de acculader is een storing.

Gegarandeerd geluidvermogensniveau volgens de richtlijn 2000/14/EG in dB(A) om de geluidsemissies van pro‐ ducten vergelijkbaar te maken. De gegevens naast het pictogram duiden op de energie-inhoud van de accu volgens specificatie van de fabrikant van de accu‐ cellen. Het voor het gebruik beschikbare aantal ampère-uren is minder. Elektrisch apparaat in een gesloten en droge ruimte gebruiken. Het product niet met het huisvuil afvoeren. 4 Veiligheidsinstructies

4.1 Waarschuwingssymbolen

4.1.1 Waarschuwingspictogrammen

De waarschuwingssymbolen op de motorzeis, de accu of de acculader hebben de volgende bete‐ kenissen: Op de veiligheidsinstructies en de maatregelen hiervoor letten. De gebruiksaanwijzing lezen, begrijpen en bewaren. Veiligheidsbril dragen. Op de veiligheidsinstructies voor opge‐ slingerde voorwerpen en de maatrege‐ len hiertegen letten. De accu tijdens werkonderbrekingen, het vervoer, de opslag, onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit het appa‐ raat nemen. Motorzeis en de acculader bescher‐ men tegen regen en vocht. 15m (50ft) Veiligheidsafstand aanhouden. De accu beschermen tegen hitte en vuur. De accu tegen regen en vocht beschermen en niet onderdompelen in vloeistoffen. Het toelaatbare temperatuurbereik van de accu aanhouden.

4.2 Gebruik conform de voorschrif‐

ten De motorzeis STIHL FSA 60 R dient voor het maaien van gras. De motorzeis mag niet worden gebruikt bij regen. De STIHL AK-accu voorziet de motorzeis van energie. De acculader STIHL AL 101 laadt de STIHL AK- accu. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands

0458-832-9621-D 85WAARSCHUWING

■ Accu's en acculaders, die niet door STIHL voor de motorzeis zijn vrijgegeven, kunnen lei‐ den tot brand en explosies. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Motorzeis gebruiken met een STIHL AK- accu. ►De STIHL AK-accu laden met behulp van een accula‐ der STIHL AL 101, AL 300 of AL 500.

Als de motorzeis, de accu of de acculader niet volgens voorschrift wordt gebruikt, kan dit lei‐ den tot ernstig persoonlijk letsel of zelfs de dood en er kan materiële schade ontstaan.

Motorzeis, accu en acculader zo gebruiken als staat beschreven in deze handleiding.

4.3 Eisen aan de gebruiker

WAARSCHUWING ■ Gebruikers die niet zijn geïnstrueerd kunnen de gevaren van de motorzeis, de accu en de acculader niet herkennen of niet inschatten. De gebruiker of andere personen kunnen ern‐ stig of zelfs dodelijk letsel oplopen. ► De handleiding lezen, begrijpen en bewaren. ► Als de motorzeis, de accu of de acculader aan een andere persoon wordt doorgege‐ ven: de handleiding meegeven.

Controleren of de gebruiker aan de vol‐ gende eisen voldoet:

De gebruiker is uitgerust.

De gebruiker is lichamelijk, sensorisch en geestelijk in staat, de motorzeis, de accu en de acculader te bedienen en hiermee te werken. Als de gebruiker lichamelijk, sensorisch of geestelijk beperkt is, mag de gebruiker slechts onder toezicht van of na instruc‐ tie door een hiertoe ver‐ antwoordelijke of bevoegde persoon hier‐ mee werken.

De gebruiker kan de gevaren van de motorzeis, accu en acculader herken‐ nen en inschatten.

De gebruiker is meerderja‐ rig of de gebruiker wordt overeenkomstig de natio‐ nale regelgeving onder toezicht onderwezen in een beroep.

De gebruiker is geïnstru‐ eerd door een STIHL dea‐ ler of een hiertoe bevoegd persoon, voordat deze voor de eerste keer met de motorzeis gaat werken en de acculader in gebruik neemt.

De gebruiker verkeert niet onder invloed van alcohol, medicamenten of drugs.

Indien er onduidelijkheden bestaan: contact opnemen met een STIHL dealer.

4.4 Kleding en uitrusting

Tijdens de werkzaamheden kunnen voorwer‐ pen met een hoge snelheid naar boven wor‐ den geslingerd. De gebruiker kan letsel oplo‐ pen. ► Draag een nauwsluitende veilig‐ heidsbril. Geschikte veiligheidsbrillen zijn aan de hand van de norm EN 166 of de nationale voorschriften getest en met de betreffende code‐ ring te koop.

Een gelaatsbeschermer dragen. ► Draag een lange broek van stevig materi‐ aal. ■ Tijdens het werken kan er stof opstuiven. Ingeademd stof kan de gezondheid schaden en allergische reacties veroorzaken.

Als er stof opstuift: draag een stofmasker. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 86 0458-832-9621-D■ Hiertoe ongeschikte kleding kan blijven haken in hout, struikgewas en in de motorzeis. Gebruikers zonder geschikte kleding kunnen ernstig letsel oplopen.

Draag nauwsluitende kleding. ► Doe sjaals en sieraden af. ■ Tijdens de werkzaamheden kan de gebruiker in contact komen met het roterende snijgarni‐ tuur. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.

Draag schoeisel van een slijtvast materiaal. ► Draag een lange broek van stevig materi‐ aal. ■ Tijdens het monteren of demonteren van het snijgarnituur en tijdens reinigings- of onder‐ houdswerkzaamheden kan de gebruiker in contact komen met het snijgarnituur of het afkortmes. De gebruiker kan letsel oplopen.

Werkhandschoenen van een slijtvast mate‐ riaal dragen. ■ Als de gebruiker ongeschikte schoenen draagt, kan hij uitglijden. De gebruiker kan let‐ sel oplopen.

Draag stevige, dichte schoenen met stroeve zool.

4.5 Werkgebied en -omgeving

Buitenstaanders, kinderen en dieren kunnen de gevaren van de motorzeis en de opgewor‐ pen voorwerpen niet herkennen en de geva‐ ren hiervan niet inschatten. Onbevoegde per‐ sonen, kinderen en dieren kunnen ernstig let‐ sel oplopen en er kan materiële schade ont‐ staan. 15m (50ft) ► Buitenstaanders, kinderen en dieren buiten een afstand van een cirkel van 15 m om het werkgebied houden.

Een afstand van 15 m ten opzichte van voorwerpen/obstakels aanhouden. ► Motorzeis niet zonder toezicht laten. ► Zorg ervoor dat kinderen niet met de motor‐ zeis kunnen spelen. ■ De motorzeis is niet waterdicht. Als er in de regen of in een vochtige omgeving wordt gewerkt, kan dit leiden tot een elektrische stroomstoot. De gebruiker kan letsel oplopen en de motorzeis kan worden beschadigd. ► Niet in de regen en niet in een voch‐ tige omgeving werken. ■ Elektrische componenten van de motorzeis kunnen vonken veroorzaken. Vonken kunnen in licht ontvlambare of een explosieve omge‐ ving brand en explosies veroorzaken. Perso‐ nen kunnen zwaar letsel oplopen of worden gedood en er kan materiële schade ontstaan.

Niet werken in een licht ontvlambare en niet in een explosieve omgeving.

WAARSCHUWING ■ Buitenstaanders, kinderen en dieren kunnen de gevaren van de acculader en de elektri‐ sche stroom niet herkennen en ook niet inschatten. Buitenstaanders, kinderen en die‐ ren kunnen ernstig of fataal letsel oplopen.

Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op afstand houden. ►Zorg ervoor dat kinderen niet met de acculader kunnen spelen.

De acculader is niet waterdicht. Als er in de regen of in een vochtige omgeving wordt gewerkt, kan dit leiden tot een elektrische stroomstoot. De gebruiker kan letsel oplopen en de acculader kan worden beschadigd. ► Deze niet gebruiken in de regen en niet in een vochtige omgeving. ■ De acculader is niet beschermd tegen alle invloeden van buitenaf. Als de acculader aan bepaalde invloeden van buitenaf is blootge‐ steld, kan de acculader in brand vliegen of exploderen. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Acculader in een gesloten en droge ruimte gebruiken. ► Acculader niet in een licht ontvlambare en ook niet in een explosieve omgeving gebruiken.

Acculader niet op een licht ontvlambare ondergrond gebruiken. ► De acculader gebruiken bij temperaturen tussen de + 5 °C en + 40 °C en bij deze temperaturen ook opslaan.

Personen kunnen struikelen over de aansluit‐ kabel. Personen kunnen letsel oplopen en de acculader kan worden beschadigd.

De aansluitkabel plat op de vloer leggen. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0458-832-9621-D 874.6 Veilige staat

De motorzeis verkeert in een veilige toestand als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De motorzeis is niet beschadigd.

De bedieningselementen werken en zijn niet gewijzigd.

Er is een combinatie van snijgarnituur en beschermkap gemonteerd zoals in deze gebruiksaanwijzing staat aangegeven.

Het snijgarnituur en de beschermkap zijn cor‐ rect gemonteerd.

Voor deze motorzeis is origineel STIHL toebe‐ horen gemonteerd.

Het toebehoren is correct gemonteerd. WAARSCHUWING ■ In een niet-veilige toestand kunnen onderde‐ len niet meer naar behoren functioneren en kunnen veiligheidsvoorzieningen buiten werk‐ ing worden gezet. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Met een onbeschadigde motorzeis werken. ► Als de motorzeis vervuild of nat is: de motorzeis reinigen en laten drogen. ► Aan de motorzeis geen wijzigingen aan‐ brengen. Uitzondering: montage van een in deze gebruiksaanwijzing aangegeven com‐ binatie van snijgarnituur en beschermkap.

Als de bedieningselementen niet functione‐ ren: niet met de motorzeis werken. ► Geen metalen snijgarnituren monteren. ► Origineel STIHL toebehoren voor deze motorzeis monteren. ► Snijgarnituur en beschermkap zo monteren als in deze gebruiksaanwijzing staat beschreven.

Monteer toebehoren zoals in deze gebruiksaanwijzing of in de gebruiksaanwij‐ zing van het toebehoren beschreven staat.

Geen voorwerpen in de openingen van de motorzeis steken. ► Versleten of beschadigde stickers vervan‐ gen. ► Als er onduidelijkheid bestaat: contact opnemen met een STIHL dealer.

De beschermkap verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De beschermkap is niet beschadigd.

Het afkortmes is correct gemonteerd. WAARSCHUWING ■ In een niet-veilige staat kunnen de componen‐ ten niet meer correct functioneren en kunnen de veiligheidsinrichtingen worden uitgescha‐ keld. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.

Met een onbeschadigde beschermkap wer‐ ken. ► Met een correct gemonteerd afkortmes wer‐ ken. ► Als één en ander niet duidelijk is: verzoe‐ ken wij u contact op te nemen met een STIHL dealer.

De maaikop verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De maaikop is niet beschadigd.

De maaikop is niet geblokkeerd.

De maaidraden zijn correct ingebouwd. Als een maaikop PolyCut met kunststof mes‐ sen wordt gebruikt:

De kunststof messen zijn onbeschadigd en zonder scheuren.

De kunststof messen zijn correct gemon‐ teerd.

De slijtagegrenzen zijn niet overschreden. WAARSCHUWING

In een onveilige toestand kunnen onderdelen van de maaikop, de maaidraden of de kunst‐ stof messen losraken en worden weggeslin‐ gerd. Personen kunnen ernstig letsel oplopen.

Met een onbeschadigde maaikop werken. ► Als een maaikop PolyCut met kunststof messen wordt gebruikt: werk met onbe‐ schadigde kunststof messen.

Maaidraden of kunststof messen niet ver‐ vangen door metalen varianten. ► Slijtagegrenzen in acht nemen en naleven. ► Als er onduidelijkheid bestaat: contact opnemen met een STIHL dealer.

De accu verkeert in een veilige toestand, als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De accu is onbeschadigd.

De accu werkt en is ongewijzigd WAARSCHUWING

In een niet-veilige toestand kan de accu niet meer veilig werken. Personen kunnen ernstig letsel oplopen.

Werk met een onbeschadigde en functione‐ rende accu. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 88 0458-832-9621-D► Laad een beschadigde of defecte accu niet op. ► Als de accu vuil of nat is: reinig de accu en laat deze drogen. ► Wijzig de accu niet. ► Steek geen voorwerpen in de openingen van de accu. ► Sluit de elektrische contacten van de accu nooit op metalen voorwerpen aan en maak geen kortsluiting.

Open de accu niet. ► Vervang versleten of beschadigde waar‐ schuwingsstickers. ■ Uit een beschadigde accu kan vloeistof lek‐ ken. Als de vloeistof met de huid of de ogen in contact komt, kunnen de huid of de ogen geïr‐ riteerd raken.

Vermijd contact met de vloeistof. ► Als er contact met de huid heeft plaatsge‐ vonden: was de betreffende plekken van de huid met veel water en zeep.

Als er contact met de ogen heeft plaatsge‐ vonden: spoel de ogen minstens 15 minu‐ ten met veel water en raadpleeg een arts.

Een beschadigde of defecte accu kan vreemd ruiken, roken of branden. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Als de accu vreemd ruikt of rookt: gebruik de accu niet en houd deze uit de buurt van brandbare stoffen.

Als de accu brandt: probeer de accu met een brandblusser of water te blussen.

De acculader verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De acculader is niet beschadigd.

In een niet-veilige staat kunnen componenten niet meer correct functioneren en kunnen de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld. Per‐ sonen kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen.

Een onbeschadigde acculader gebruiken. ► Als de acculader vervuild of nat is: accula‐ der reinigen en laten drogen. ► Aan de acculader geen wijzigingen aan‐ brengen. ► Geen voorwerpen in de openingen van de acculader steken. ► Elektrische contacten van de acculader niet met metalen voorwerpen verbinden en kort‐ sluiten.

De acculader niet demonteren.

De gebruiker kan in bepaalde omstandighe‐ den niet meer geconcentreerd werken. De gebruiker kan struikelen, vallen en ernstig let‐ sel oplopen.

Werk rustig en doordacht. ► Als de lichtomstandigheden en het zicht slecht zijn: werk niet met de motorzeis. ► Bedien de motorzeis alleen. ► Houd het snijgarnituur vlak boven de grond. ► Let op obstakels. ► Werk rechtop staand op de grond en zorg voor goed evenwicht. ► Als er vermoeidheidsverschijnselen optre‐ den: las een pauze in. ■ Door het draaiende snijgarnituur kan de gebruiker snijwonden oplopen. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.

Raak het draaiende snijgarnituur niet aan. ► Als het snijgarnituur door een voorwerp wordt geblokkeerd: motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. Verwijder pas daarna het voorwerp dat de blokkade ver‐ oorzaakt.

Als de werking van de motorzeis zich tijdens de werkzaamheden wijzigt of deze zich onge‐ woon gedraagt, kan de motorzeis in een onveilige staat verkeren. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Beëindig de werkzaamheden, verwijder de accu en neem contact op met een STIHL dealer.

Tijdens de werkzaamheden kunnen trillingen door de motorzeis ontstaan. ► Draag handschoenen. ► Neem pauzes. ► Als er tekenen van een doorbloedingsstoor‐ nis optreden: raadpleeg een arts. ■ Als het snijgarnituur tijdens de werkzaamhe‐ den een vreemd voorwerp raakt, kan dit of kunnen delen ervan met hoge snelheid omh‐ oog worden geslingerd. Personen kunnen let‐ sel oplopen en er kan beschadiging optreden.

Verwijder vreemde voorwerpen uit het werkgebied. ■ Als een draaiend snijgarnituur een hard voor‐ werp raakt, kunnen vonken ontstaan en kan het snijgarnituur beschadigd raken. Vonken kunnen in een makkelijk brandbare omgeving brand veroorzaken. Personen kunnen ernstig 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0458-832-9621-D 89of dodelijk letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. ► Werk niet in een makkelijk brandbare omgeving. ► Controleer of het snijgarnituur in een vei‐ lige, goede staat verkeert. ■ Als de schakelhendel wordt losgelaten, zal het snijgarnituur nog even doordraaien. Personen kunnen ernstig letsel oplopen.

Wacht totdat het snijgarnituur niet meer draait.

WAARSCHUWING ■ Tijdens het laden kan een beschadigde of een defecte acculader stinken of roken. Personen kunnen letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

De netstekker uit de contactdoos trekken. ■ De acculader kan bij een ontoereikende warm‐ teafvoer oververhit worden en in brand raken. Personen kunnen zwaar letsel oplopen of wor‐ den gedood en er kan materiële schade ont‐ staan.

Acculader niet afdekken.

4.9 Elektriciteit aansluiten

Contact met stroom geleidende componenten kan ontstaan door de volgende oorzaken:

De aansluitkabel of de verlengkabel is bescha‐ digd.

De netstekker van de aansluitkabel of de ver‐ lengkabel is beschadigd.

De contactdoos is niet correct geïnstalleerd. GEVAAR

Contact met stroom geleidende componenten kan leiden tot een stroomschok. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Controleer dat de aansluitkabel, de verleng‐ kabel en de netstekker hiervan niet zijn beschadigd. Als de aansluitkabel of de verlengkabel beschadigd is: ► beschadigde plaats niet aanraken. ► De netstekker uit de contactdoos trekken.

Aansluitkabel, verlengkabel en de netstek‐ kers ervan met droge handen beetpakken. ► Netstekker van de aansluitkabel of de ver‐ lengkabel in een correct geïnstalleerde en beveiligde contactdoos met randaarde ste‐ ken.

Acculader via een aardlekschakelaar (30 mA, 30 ms) aansluiten. ■ Een beschadigde of niet geschikte verlengka‐ bel kan leiden tot een elektrische schok. Per‐ sonen kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen.

Een verlengkabel met de juiste kabeldoor‐ snede gebruiken, 20.4. WAARSCHUWING ■ Tijdens het laden kan een verkeerde netspan‐ ning of een verkeerde netfrequentie leiden tot overspanning in de acculader. De acculader kan hierbij worden beschadigd.

Controleren of de netspanning en de netfre‐ quentie van het lichtnet corresponderen met de gegevens op het typeplaatje van de acculader.

Een verkeerd neergelegde aansluitkabel en verlengkabel kunnen beschadigd raken en personen kunnen hierover struikelen. Perso‐ nen kunnen letsel oplopen en de aansluitkabel of verlengkabel kan worden beschadigd.

De aansluitkabel en verlengkabel zo neer‐ leggen en kenmerken, dat personen niet kunnen struikelen.

De aansluitkabel en verlengkabel zo neer‐ leggen, dat deze niet gespannen zijn of ver‐ wikkeld kunnen raken.

De aansluitkabel en verlengkabel zo neer‐ leggen, dat deze niet kunnen worden beschadigd, kunnen knikken of afgekneld worden of ergens tegenaan schuren.

Aansluitkabel en verlengkabel beschermen tegen hitte, olie en chemicaliën. ► De aansluitkabel en verlengkabel neerleg‐ gen op een droge ondergrond. ■ Tijdens de werkzaamheden wordt de verleng‐ kabel warm. Als de warmte niet kan worden afgevoerd, kan dit leiden tot brand.

Als een kabelhaspel wordt gebruikt: De kabelhaspel volledig uitrollen. ■ Als er elektrische bedrading en leidingen in de muur zitten, kunnen deze worden beschadigd als de acculader op de muur wordt bevestigd. Contact met elektrische bedrading kan leiden tot een elektrische schok. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Controleer of er op de geplande plaats geen elektrische bedrading en leidingen in de muur zitten.

Als de acculader niet zoals in deze handlei‐ ding staat beschreven op de muur is gemon‐ teerd, kan de acculader of de accu van de muur vallen of kan de acculader te heet wor‐ den. Personen kunnen letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 90 0458-832-9621-D► Acculader zo op de muur monteren als in deze handleiding staat beschreven. ■ Als de acculader met aangebrachte accu op een muur wordt gemonteerd, kan de accu uit de acculader vallen. Personen kunnen letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

De acculader eerst aan de muur monteren en daarna de accu plaatsen.

WAARSCHUWING ■ Tijdens het vervoer kan de motorzeis kantelen of verschuiven. Personen kunnen letsel oplo‐ pen en er kan materiële schade ontstaan. ► Accu wegnemen. ► Motorzeis met spanbanden, riemen of een net dusdanig beveiligen, dat deze niet kan kantelen en niet kan verschuiven.

WAARSCHUWING ■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu aan bepaalde invloeden van buitenaf wordt blootgesteld, kan de accu worden beschadigd en kan er materi‐ ele schade ontstaan.

Een beschadigde accu niet vervoeren. ► De accu in een elektrisch niet geleidende verpakking vervoeren. ■ Tijdens het vervoer kan de accu omvallen of verschuiven. Personen kunnen letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

De accu in de verpakking zo verpakken dat deze niet kan bewegen. ► De verpakking zo zekeren, dat deze niet kan verschuiven.

Tijdens het vervoer kan de acculader omvallen of verschuiven. Personen kunnen letsel oplo‐ pen en er kan beschadiging optreden.

De netsteker uit de contactdoos trekken. ► Accu verwijderen. ► De acculader met spanbanden, riemen of een net dusdanig beveiligen, dat deze niet kan omvallen en niet kan verschuiven.

De aansluitkabel is niet bedoeld om de accula‐ der daaraan te dragen. De aansluitkabel en de acculader kunnen worden beschadigd.

De aansluitkabel opwikkelen en aan de acculader bevestigen.

WAARSCHUWING ■ Kinderen kunnen de gevaren van de motor‐ zeis niet herkennen en ook niet inschatten. Kinderen kunnen ernstig letsel oplopen. ► Accu wegnemen. ► De motorzeis buiten het bereik van kinde‐ ren opslaan. ■ De elektrische contacten op de motorzeis en metalen onderdelen kunnen door vocht corro‐ deren. De motorzeis kan worden beschadigd. ► Accu wegnemen. ► De motorzeis schoon en droog opslaan.

Kinderen kunnen de gevaren van de accu niet herkennen en ook niet inschatten. Kinderen kunnen ernstig letsel oplopen.

De accu buiten het bereik van kinderen opslaan. ■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu aan bepaalde invloeden van buitenaf wordt blootgesteld, kan de accu worden beschadigd.

De accu schoon en droog opslaan. ► De accu in een gesloten ruimte opslaan. ► De accu gescheiden van de motorzeis en de acculader opslaan. ► De accu in een elektrisch niet geleidende verpakking opslaan. ► De accu bij temperaturen tussen de - 10 °C en + 50 °C opslaan.

Kinderen kunnen de gevaren van de accula‐ der niet herkennen en ook niet inschatten. Kin‐ deren kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0458-832-9621-D 91► Accu wegnemen. ► De acculader buiten het bereik van kinde‐ ren opslaan. ■ De acculader is niet beschermd tegen alle invloeden van buitenaf. Als de acculader aan bepaalde invloeden van buitenaf wordt bloot‐ gesteld, kan de acculader worden beschadigd.

Accu wegnemen. ► Als de acculader warm is: de acculader laten afkoelen. ► De acculader schoon en droog opslaan. ► De acculader in een gesloten ruimte opslaan. ► De acculader bij temperaturen tussen de + 5 °C en + 40 °C opslaan. ■ De aansluitkabel is niet bedoeld om de accula‐ der daaraan te dragen of op te hangen. De aansluitkabel en de acculader kunnen worden beschadigd.

De acculader bij het huis vastpakken en vasthouden. Een handgreepkom voor het gemakkelijk optillen van de acculader is aan de acculader aangebracht.

De acculader ophangen aan de muurhou‐ der.

4.12 Reiniging, onderhoud en repa‐

Als tijdens de reinigings-, onderhouds- of reparatiewerkzaamheden de accu in de motor‐ zeis wordt geplaatst, kan de motorzeis onbe‐ doeld worden ingeschakeld. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. ► Accu verwijderen. ■ Agressieve reinigingsmiddelen, het reinigen met een waterstraal of puntige voorwerpen kunnen de motorzeis, de beschermkap, het snijgarnituur, de accu en de acculader beschadigen. Als de motorzeis, de bescherm‐ kap, het snijgarnituur, de accu of de acculader niet op de juiste wijze werden gereinigd, kun‐ nen componenten niet meer correct functione‐ ren en kunnen de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld. Personen kunnen ernstig letsel oplopen. ► Motorzeis, beschermkap, snijgarnituur, accu en acculader zo reinigen als staat beschreven in deze handleiding.

Als de motorzeis, de beschermkap, het snij‐ garnituur, de accu of de acculader niet correct werden onderhouden of gerepareerd, kunnen componenten niet meer correct functioneren en kunnen de veiligheidsinrichtingen zijn uitge‐ schakeld. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Motorzeis, beschermkap, snijgarnituur, accu en acculader niet zelf onderhouden of repareren.

Als aan de motorzeis, de beschermkap, het snijgarnituur, de accu of de acculader onderhouds- of reparatiewerkzaamheden moeten worden uitgevoerd: contact opne‐ men met een STIHL dealer. 5 Motorzeis klaarmaken voor gebruik

5.1 Motorzeis op het gebruik voor‐

bereiden Voorafgaand aan de werkzaamheden moeten altijd de volgende stappen worden gezet: ► Zorg ervoor dat de volgende componenten zich in een veilige toestand bevinden:

Bedieningselementen controleren, 11.1. ► Als deze handelingen niet kunnen worden uit‐ gevoerd: gebruik de motorzeis niet en neem contact op met een STIHL dealer. 6 Accu laden en leds

6.1 Acculader aan een muur mon‐

teren De acculader kan aan een muur worden gemon‐ teerd. Nederlands 5 Motorzeis klaarmaken voor gebruik 92 0458-832-9621-Dd

Acculader zo op een muur monteren dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

Juiste bevestigingsmaterialen zijn gebruikt.

De acculader is waterpas. De volgende maatvoering is aangehouden:

b (voor AL 101) = 75 mm

b (voor AL 300 en AL 500) = 120 mm

De laadtijd is afhankelijk van diverse invloeden, zoals bijv. de temperatuur van de accu of de omgevingstemperatuur. De werkelijke laadtijd kan afwijken van de aangegeven laadtijd. De laadtijd staat onder www.stihl.com/charging- times weergegeven. Als de netstekker op een con‐ tactdoos is aangesloten en de accu in de acculader wordt geplaatst, start de laadproce‐ dure automatisch. Als de accu volledig is geladen schakelt de acculader automatisch uit. Tijdens het laden worden de accu en de accula‐ der warmer.

0000-GXX-0628-A0 ► Netstekker (6) op een goed bereikbare con‐ tactdoos (7) aansluiten. De acculader (3) voert een zelftest uit. De led (4) brandt ca. 1 seconde lang groen en ca. 1 seconde lang rood. ► Aansluitkabel (5) aanbrengen. ► Accu (2) in de geleidingen van de accula‐ der (3) plaatsen en tot aan de aanslag hierop drukken. De led (4) brandt groen. De leds (1) branden groen en de accu (2) wordt geladen. ► Als de led (4) en de leds (1) niet meer bran‐ den: de accu (2) is volledig geladen en kan uit de acculader (3) worden genomen. ► Als de acculader (3) niet meer wordt gebruikt: netstekker (6) uit de contactdoos (7) trekken.

De leds kunnen de laadtoestand van de accu of storingen aangeven. De leds kunnen groen of rood branden of knipperen. Als de leds groen branden of knipperen wordt de laadtoestand weergegeven. ► Als de leds rood branden of knipperen: storin‐ gen opheffen,

In de motorzeis of in de accu zit een storing.

6.5 Led op acculader

De led geeft de status van de acculader weer. Als de led groen brandt, wordt de accu geladen. ► Als de led rood knippert: storingen opheffen. In de acculader zit een storing. 7 Motorzeis monteren

7.1 Afstandshouder monteren

► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. 7 Motorzeis monteren Nederlands 0458-832-9621-D 931

0000097550_001 ► Uiteinden van de afstandshouder (1) in degaten (2) van de behuizingen aanbrengen.De afstandshouder (1) hoeft niet opnieuw te wor‐den gedemonteerd.

7.2 Beschermkap monteren

► Motorzeis uitschakelen en de accu eruitnemen.

0000097532_001 Het afkortmes (1) is al in de beschermkap (2)gemonteerd en mag niet worden uitgebouwd.► Beschermkap (2) tot aan de aanslag in degeleidingen van de behuizing schuiven.De beschermkap (2) ligt gelijk met de behui‐zing.► Bouten (3) aanbrengen en vastdraaien.Beschermkap (2) mag niet weer worden uitge‐bouwd.

7.3 Beugelhandgreep monteren

► Motorzeis uitschakelen en de accu eruitnemen.

0000097536_001 ► Klembeugel (4) in de beugelhandgreep (3)plaatsen.► Beugelhandgreep (3) samen met de klembeu‐gel (4) op de steel (5) plaatsen.► Ringen (2) op de bouten (1) plaatsen.► Klembeugel (6) tegen de steel (5) drukken.► Bouten (1) door de boringen in de beugel‐handgreep (3) en in de klembeugels (4 en 6)steken.► Moeren (7) aanbrengen en vastdraaien.

7.4 Maaikop aanbrengen en verwij‐

0000097534_001 ► Maaikop (1) op de as (2) plaatsen.► Maaikop (1) met de hand vasthouden.► Dop (3) met de hand rechtsom vast draaien.Maaikop verwijderen► Motorzeis uitschakelen en de accu eruitnemen.► Maaikop met de hand vasthouden.► Dop met de hand zo ver linksom draaien totde maaikop kan worden weggenomen.7.4.2 Maaikop PolyCut 6-2Maaikop monteren► Motorzeis uitschakelen en de accu eruitnemen.

0000097546_001 ► Maaikop (1) op de as (2) plaatsen.► Maaikop (1) met de hand vasthouden.► Bovenste deel (3) met de hand rechtsom vast‐draaien.Nederlands 7 Motorzeis monteren94 0458-832-9621-DMaaikop verwijderen ► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Maaikop met de hand vasthouden. ► Bovenste deel met de hand zo ver linksom draaien tot de maaikop kan worden weggeno‐ men.

0000097552_001 ► Drukschotel (2) zo op de as (3) plaatsen, dat de kleinere diameter naar boven is gericht. ► Maaikop (1) op de as (3) plaatsen. ► Schoepenwiel (4) vasthouden met de hand. ► Maaikop (1) met de hand rechtsom vast‐ draaien. Maaikop verwijderen ► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Schoepenwiel vasthouden met de hand. ► Maaikop linksom losdraaien. ► Drukschotel wegnemen. 8 Motorzeis voor de gebrui‐ ker instellen

8.1 Beugelhandgreep uitlijnen en

afstellen De beugelhandgreep kan, afhankelijk van het gebruik en de lichaamslengte van de gebruiker, in verschillende standen worden afgesteld. ► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen.

0000097272_001 ► Bouten (2) losdraaien. ► Beugelhandgreep (1) zo in de gewenste stand verschuiven, dat aan de volgende voorwaar‐ den wordt voldaan:

De afstandhouder (3) past tussen de beu‐ gelhandgreep (1) en de bedieningshand‐ greep.

a = maximaal 30 cm ► Bouten (2) zo vast aandraaien, dat de beugel‐ handgreep (1) niet meer op de steel/maai‐ boom kan worden verdraaid. 9 Accu aanbrengen en weg‐ nemen

0000-GXX-1491-A0 ► Accu (1) zo lang in de accuschacht (2) druk‐ ken, tot er een klik wordt gehoord. De pijlen (3) op de accu (1) zijn nog zichtbaar en de accu (1) is in de accuschacht (2) geborgd. Tussen de motorzeis en de accu (1) is er geen elektrisch contact. ► Accu (1) tot aan de aanslag in de accu‐ schacht (2) drukken. De accu (1) klikt met een tweede klik vast en ligt gelijk met de behuizing van de motorzeis.

► Motorzeis op een vlakke ondergrond plaatsen. ► Een hand zo voor de accuschacht houden dat de accu (2) er niet kan uitvallen. 8 Motorzeis voor de gebruiker instellen Nederlands 0458-832-9621-D 952

0000-GXX-1492-A0 ► Blokkeerhendel (1) met de andere hand indrukken. De accu (2) is ontgrendeld en kan worden weggenomen. 10 Motorzeis inschakelen en uitschakelen

10.1 Motorzeis inschakelen

► Motorzeis met één hand op de bedienings‐ handgreep zo vasthouden dat de duim om de bedieningshandgreep valt. ► Motorzeis met de andere hand op de beugel‐ handgreep of het handvatrubber zo vasthou‐ den dat de duim om de beugelhandgreep of het handvatrubber valt.

0000097269_001 ► Deblokkeringsschuif (1) met de duim in de richting van de beugelhandgreep schuiven en vasthouden. ► Schakelhendel (2) met de wijsvinger indrukken en ingedrukt houden. Het toerental van de motorzeis loopt op en het snijgarnituur gaat draaien. De deblokkeringsschuif (1) kan worden losge‐ laten. Als de Ergo-hendel (3) is ingedrukt, blijft de schakelhendel (2) ontgrendeld. Hierdoor kan de schakelhendel worden losgelaten en weer wor‐ den ingedrukt, zonder dat de deblokkerings‐ schuif opnieuw in de richting van de beugelhand‐ greep moet worden geschoven. Als de schakelhendel (2) en de Ergo-hendel (3) worden losgelaten, is de schakelhendel (2) geblokkeerd. De deblokkeringsschuif (1) moet opnieuw in de richting van de beugelhandgreep worden geschoven en daar worden vastgehou‐ den, om de schakelhendel (2) te deblokkeren.

10.2 Motorzeis uitschakelen

► Schakelhendel en Ergo-hendel loslaten. ► Wachten tot het snijgarnituur niet meer draait. ► Als het snijgarnituur blijft draaien: de accu wegnemen en contact opnemen met een STIHL dealer. De motorzeis is defect. 11 Motorzeis en accu contro‐ leren

11.1 Bedieningselementen controle‐

ren Deblokkeringsschuif, Ergo-hendel en schakel‐ hendel ► Accu verwijderen. ► Probeer de schakelhendel in te drukken, zon‐ der de deblokkeringsschuif te bedienen. ► Als de schakelhendel kan worden ingedrukt: de motorzeis niet gebruiken en contact opne‐ men met een STIHL dealer. De deblokkeringsschuif is defect. ► Deblokkeringsschuif met de duim in de richting van de beugelhandgreep schuiven en vast‐ houden. ► Ergo-hendel indrukken en ingedrukt houden. ► Schakelhendel indrukken. De deblokkeringsschuif kan worden losgela‐ ten. ► Schakelhendel en Ergo-hendel loslaten. ► Als de deblokkeringsschuif, de schakelhendel of de Ergo-hendel moeilijk beweegt of niet terugveert in de uitgangsstand: de motorzeis niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De deblokkeringsschuif, de schakelhendel of de Ergo-hendel is defect. Motorzeis inschakelen ► De accu plaatsen. ► Deblokkeringsschuif in de richting van de beu‐ gelhandgreep schuiven en vasthouden. ► Schakelhendel indrukken en ingedrukt hou‐ den. Het snijgarnituur draait. ► Als er 3 leds rood knipperen: accu verwijderen en contact opnemen met een STIHL dealer. In de motorzeis zit een storing. ► Schakelhendel loslaten. Het snijgarnituur draait nog even door. Nederlands 10 Motorzeis inschakelen en uitschakelen 96 0458-832-9621-D► Als het snijgarnituur blijft draaien: de accu wegnemen en contact opnemen met een STIHL dealer. De motorzeis is defect.

11.2 Accu controleren/testen

► Druktoets op de accu indrukken. De leds branden of knipperen. ► Als de leds niet branden of knipperen: accu niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. In de accu zit een storing. 12 Met de motorzeis werken

12.1 Motorzeis vasthouden en gelei‐

den 0000097273_001 ► Motorzeis met één hand op de bedienings‐ handgreep zo vasthouden dat de duim om de bedieningshandgreep valt. ► Motorzeis met de andere hand op de beugel‐ handgreep zo vasthouden dat de duim om de beugelhandgreep valt.

De afstand van het snijgarnituur ten opzichte van de grond bepaalt de maaihoogte.

0000-GXX-4483-A0 ► De motorzeis gelijkmatig heen en weer bewe‐ gen. ► Langzaam en gecontroleerd in voorwaartse richting lopen. ► Als met een afstandhouder (1) wordt gewerkt: afstandhouder (1) geheel uitklappen.

12.3 Maaidraden op de maaikop‐

pen AutoCut bijstellen ► Met de draaiende maaikop even de grond aantippen. De maaidraad wordt circa 30 mm langer. Het afkortmes in de beschermkap kort de maai‐ draad automatisch op de juiste lengte af.

0000-GXX-4037-A1 Als de maaidraden korter dan 25 mm zijn, kun‐ nen deze niet automatisch worden bijgesteld. ► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Spoelelement (1) in de maaikop drukken en ingedrukt houden. ► De maaidraden (2) er met de hand uittrekken. ► Als de maaidraden (2) niet meer kunnen wor‐ den uitgetrokken: spoelelement (1) of de maai‐ draden (2) vervangen. Het spoelelement is leeg. 13 Na de werkzaamheden

13.1 Na de werkzaamheden

► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Als de motorzeis nat is: de motorzeis laten drogen. ► Als de accu nat is: de accu laten drogen. ► Motorzeis reinigen. ► Beschermkap reinigen. ► Snijgarnituur reinigen. ► De accu reinigen. 14 Vervoeren

14.1 Motorzeis vervoeren

► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. Motorzeis dragen ► Motorzeis met één hand zo op de steel/maai‐ boom dragen, dat het snijgarnituur naar ach‐ teren is gericht en de motorzeis in balans is. Motorzeis in een voertuig vervoeren ► De motorzeis zo borgen dat deze niet kan kantelen en verschuiven. 12 Met de motorzeis werken Nederlands 0458-832-9621-D 9714.2 Accu vervoeren ► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Controleren of de accu in een veilige, goede staat verkeert. ► Accu zo verpakken dat aan de volgende voor‐ waarden wordt voldaan:

De verpakking is niet elektrisch geleidend.

De accu kan in de verpakking niet schuiven. ► De verpakking zo zekeren, dat deze niet kan verschuiven. De accu valt onder de eisen die worden gesteld aan het transport van gevaarlijke goederen. De accu is als UN 3480 (lithium-ionen-accu's) geclassificeerd en werd conform het UN hand‐ boek Prüfungen und Kriterien Teil III (Tests en criteria deel III), sub 38.3, gecontroleerd/getest. De transportvoorschriften zijn onder www.stihl.com/safety-data-sheets weergegeven.

14.3 Acculader vervoeren

► De netsteker uit de contactdoos trekken. ► Accu verwijderen. ► De aansluitkabel opwikkelen en aan de accu‐ lader bevestigen. ► Als de acculader in een auto wordt vervoerd: de acculader met spanbanden, riemen of een net dusdanig beveiligen, dat de acculader niet kan omvallen en niet kan verschuiven. 15 Opslaan

15.1 Motorzeis opslaan

► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Spoel uitbouwen. ► De motorzeis zo opslaan dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

De motorzeis bevindt zich buiten het bereik van kinderen.

STIHL adviseert, de accu in een laadtoestand tussen 40 % en 60 % (2 groen brandende leds) op te slaan. ► De accu zo opslaan dat aan de volgende voor‐ waarden wordt voldaan:

De accu bevindt zich buiten het bereik van kinderen.

De accu bevindt zich in een gesloten ruimte.

De accu zit in een elektrisch niet geleidende verpakking.

De accutemperatuur ligt tussen de ‑ 10 °C en + 50 °C.

15.3 Acculader opbergen

► De netsteker uit de contactdoos trekken. ► Accu verwijderen.

► De aansluitkabel opwikkelen en aan de accu‐ lader bevestigen. ► De acculader zo opslaan dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

De acculader bevindt zich buiten het bereik van kinderen.

De acculader bevindt zich in een gesloten ruimte.

De acculader is niet opgehangen aan de aansluitkabel of aan de beugel (3) voor de aansluitkabel.

De acculader staat bloot aan temperaturen tussen + 5 °C en + 40 °C. 16 Reinigen

16.1 Motorzeis reinigen

► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Motorzeis met een vochtige doek reinigen. ► Reinig de ventilatiesleuven met een kwast. ► Vreemde voorwerpen uit de accuschacht ver‐ wijderen en de accuschacht met een vochtige doek reinigen. ► Elektrische contacten in de accuschacht met een kwast of een zachte borstel reinigen. ► Het gebied onder het schoepenwiel met een kwast of een zachte borstel reinigen.

16.2 Beschermkap en snijgarnituur

reinigen ► Motorzeis uitschakelen en de accu eruit nemen. ► Beschermkap en snijgarnituur met een voch‐ tige doek of een zachte borstel reinigen. Nederlands 15 Opslaan 98 0458-832-9621-D16.3 Accu reinigen ► De accu met een vochtige doek reinigen.

16.4 Acculader reinigen

► De netsteker uit de contactdoos trekken. ► De acculader met een vochtige doek reinigen. ► De ventilatiesleuven met een kwast reinigen. ► Elektrische contacten van de acculader met een kwast of een zachte borstel reinigen. 17 Onderhoud

17.1 Onderhoudsintervallen

Onderhoudsintervallen zijn afhankelijk van de omgevings- en werkomstandigheden. STIHL adviseert de volgende onderhoudsinter‐ vallen: Jaarlijks ► Motorzeis door een STIHL dealer laten contro‐ leren. 18 Repareren

18.1 Motorzeis, snijgarnituur, accu

en acculader repareren De gebruiker kan de motorzeis, het snijgarnituur, de accu en de acculader niet zelf repareren. ► Als de motorzeis of het snijgarnituur zijn beschadigd: motorzeis of snijgarnituur niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. ► Als de accu defect of beschadigd is: Accu ver‐ vangen. ► Als de acculader defect of beschadigd is: Acculader vervangen. ► Als de aansluitkabel defect of beschadigd is: de acculader niet gebruiken en de aansluitka‐ bel door een STIHL dealer laten vervangen. 19 Storingen opheffen

19.1 Storingen in de motorzeis of de accu opheffen

Storing Leds op de accu Oorzaak Remedie De motorzeis loopt bij het inschakelen niet aan. 1 led knippert groen. De laadtoestand van de accu is te laag. ► Accu laden. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. ► Accu wegnemen. ► Accu laten afkoelen of verwarmen. 3 leds knippe‐ ren rood. In de motorzeis zit een storing. ► Accu wegnemen. ► Elektrische contacten in de accuschacht reinigen. ► Accu aanbrengen. ► Motorzeis inschakelen. ► Als er nog steeds 3 leds rood knipperen: motorzeis niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. 3 leds branden rood. De motorzeis is te warm. ► Accu wegnemen. ► Motorzeis laten afkoelen. 4 leds knippe‐ ren rood. In de accu zit een sto‐ ring. ► De accu wegnemen en opnieuw aan‐ brengen. ► Motorzeis inschakelen. ► Als er nog steeds 4 leds rood knipperen: de accu niet gebruiken en contact opne‐ men met een STIHL dealer. De elektrische aans‐ luiting tussen de motorzeis en de accu is onderbroken. ► Accu wegnemen. ► Elektrische contacten in de accuschacht reinigen. ► Accu aanbrengen. De motorzeis of de accu zijn vochtig. ► De motorzeis of accu laten drogen. De motorzeis schakelt tijdens het gebruik uit. 3 leds branden rood. De motorzeis is te warm. ► Accu wegnemen. ► Motorzeis laten afkoelen. 17 Onderhoud Nederlands 0458-832-9621-D 99Storing Leds op de accu Oorzaak Remedie Er is een elektrische storing. ► De accu wegnemen en opnieuw aan‐ brengen. ► Motorzeis inschakelen. De werktijd van de motorzeis is te kort. De accu is niet vol‐ doende geladen. ► Accu volledig laden. De levensduur van de accu is overschreden. ► Accu vervangen. De maaikop kan niet handmatig worden verwij‐ derd. De maaikop is te ste‐ vig vastgedraaid. ► Schoepenwiel blokkeren met behulp van de blokkeerpen. ► De maaikop handmatig losdraaien. ► Blokkeerpen uit de boring trekken. Na het plaatsen van de accu in de acculader start de laadpro‐ cedure niet. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. ► Accu in de acculader laten zitten. De laadprocedure start automatisch zodra het toelaatbare temperatuurbereik is bereikt.

19.2 Storingen in de acculader opheffen

Storing Led op accula‐ der Oorzaak Remedie De accu wordt niet opgeladen. De led knippert rood. De elektrische aans‐ luiting tussen de accu‐ lader en de accu is onderbroken. ► Accu wegnemen. ► Elektrische contacten op de acculader reinigen. ► Accu aanbrengen. In de acculader zit een storing. ► Acculader niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. 20 Technische gegevens

Vrijgegeven accu: STIHL AK

Gewicht zonder accu, met snijgarnituur en met beschermkap: 3,1 kg

Lengte zonder snijgarnituur: 1680 mm De looptijd kan op www.stihl.com/battery-life worden bekeken.

Capaciteit in Ah: zie typeplaatje

Aantal ampère-uren in Wh: zie typeplaatje

Gewicht in kg: zie typeplaatje

Toelaatbaar temperatuurbereik voor gebruik en opslag: - 10 °C tot + 50 °C

Nominale spanning: zie typeplaatje

Frequentie: zie typeplaatje

Nominaal vermogen: zie typeplaatje

Laadstroom: zie typeplaatje

Toelaatbaar temperatuurbereik voor gebruik en opslag: + 5 °C tot + 40 °C De laadtijden zijn onder www.stihl.com/charging- times weergegeven.

Als gebruik wordt gemaakt van een verlengka‐ bel, moeten de aders, afhankelijk van de span‐ ning en de lengte van de verlengkabel minimaal de volgende doorsnede hebben: Als de nominale spanning op het typeplaatje 220 V tot 240 V bedraagt:

Kabellengte 20 m tot 50 m: AWG 13/2,5 mm² Als de nominale spanning op het typeplaatje 100 V tot 127 V bedraagt:

20.5 Geluids- en trillingswaarden

De K-waarde voor het geluidsdrukniveau bedraagt 2 dB(A). De K-waarde voor het geluids‐ vermogenniveau bedraagt 2 dB(A). De K- waarde voor de trillingswaarden bedraagt 2 m/s². STIHL adviseert een gehoorbeschermer te dra‐ gen. Nederlands 20 Technische gegevens 100 0458-832-9621-DGebruik met een maaikop behalve PolyCut 6-2

gemeten volgens EN 50636‑2‑91: 77 dB(A)

gemeten volgens EN 50636‑2‑91: 91 dB(A)

Beugelhandgreep: 3,7 m/s². Gebruik met een maaikop PolyCut 6-2

gemeten volgens EN 50636‑2‑91: 81 dB(A)

Beugelhandgreep: 3,7 m/s². De aangeven trillingswaarden zijn volgens een gestandaardiseerde testprocedure gemeten en kunnen ter vergelijking van elektrische apparaten worden geraadpleegd. De daadwerkelijk optre‐ dende trillingswaarden kunnen afhankelijk van de manier van gebruik afwijken van de aangege‐ ven waarden. De aangegeven trillingswaarden kunnen worden gebruikt voor een eerste inschat‐ ting van de trillingsbelasting. De daadwerkelijke trillingsbelasting moet worden ingeschat. Daarbij kan ook rekening worden gehouden met de tij‐ den waarop het elektrische apparaat is uitge‐ schakeld en die waarin het weliswaar is inge‐ schakeld, maar zonder belasting draait. Informatie over het voldoen aan de EG-richtlijn 2002/44/EG inzake trillingen is op www.stihl.com/vib aangegeven.

REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemica‐ liën. Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH-voorschrift is onder www.stihl.com/reach weergegeven. 21 Combinaties van snijgarni‐ turen en beschermkappen

21.1 Motorzeis STIHL FSA 60 R

De volgende maaikoppen mogen samen met de beschermkap worden gemonteerd: Maaikop AutoCut C 6-2:

met maaidraad “rond, stil“ met een diameter van 2,0 mm of 2,4 mm Maaikop PolyCut 6-2:

met maaidraad “rond, stil“ met een diameter van 2,0 mm of 2,4 mm Maaikop DuroCut 5-2:

met maaidraad “rond, stil“ met een diameter van 2,0 mm of 2,4 mm 22 Onderdelen en toebehoren

22.1 Onderdelen en toebehoren

Deze symbolen kenmerken de origi‐ nele STIHL onderdelen en het originele STIHL toebehoren. STIHL adviseert alleen originele STIHL onderde‐ len en origineel STIHL toebehoren te gebruiken. Reserveonderdelen en toebehoren van andere fabrikanten kunnen door STIHL wat betreft betrouwbaarheid, veiligheid en geschiktheid ondanks continue marktobservatie niet worden beoordeeld en STIHL kan ook niet borg staan voor het gebruik ervan. Originele STIHL onderdelen en origineel STIHL toebehoren zijn leverbaar via de STIHL dealer. 23 Milieuverantwoord afvoe‐ ren

23.1 Motorzeis, accu en acculader

afvoeren Informatie over de afvoer is verkrijgbaar bij de gemeente of bij een STIHL dealer. Een onjuiste afvoer kan schadelijk zijn voor de gezondheid en voor het milieu. ► Lever de STIHL producten inclusief de verpak‐ king volgens de plaatselijke voorschriften bij een geschikt verzamelpunt voor recycling in. ► Niet bij het huisvuil afvoeren. 24 EU-conformiteitsverklaring

24.1 Motorzeis STIHL FSA 60 R

ANDREAS STIHL AG & Co. KG Badstraße 115 D-71336 Waiblingen Duitsland verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat

Constructie: Accumotorzeis

Type: FSA 60 R 21 Combinaties van snijgarnituren en beschermkappen Nederlands 0458-832-9621-D 101– Serie-identificatie: FA04 voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, 2006/42/EG, 2014/30/EU en 2000/14/EG en in overeenstemming met de ten tijde van de productiedatum geldende ver‐ sies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN 55014‑1, EN 55014‑2, EN 60335‑1 en EN ISO 12100 met inachtneming van de norm EN 50636‑2‑91. Voor het bepalen van het gemeten en het gega‐ randeerde geluidsvermogenniveau werd gehan‐ deld volgens de richtlijn 2000/14/EG, bijlage VI. Uitvoerende keuringsinstantie: VDE Prüf- und Zertifizierungsinstitut GmbH, Merianstraße 28, 63069 Offenbach, Duitsland

Gewaarborgd geluidsniveau: 93 dB(A) De technische documentatie wordt bij de pro‐ ductgoedkeuring van ANDREAS STIHL AG & Co. KG bewaard. Het productiejaar, het productieland en het machinenummer staan vermeld op de motorzeis. Waiblingen, 15-7-2021 ANDREAS STIHL AG & Co. KG Bij volmacht Dr. Jürgen Hoffmann, hoofd van de afdeling pro‐ ductgoedkeuring, -regelgeving 25 UKCA-conformiteitsverkla‐ ring

25.1 Motorzeis STIHL FSA 60 R

ANDREAS STIHL AG & Co. KG Badstraße 115 D-71336 Waiblingen Duitsland verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat

Constructie: Accumotorzeis

Serie-identificatie: FA04 voldoet aan de betreffende bepalingen van de Britse richtlijnen The Restriction of the Use of Certain Hazardous Substances in Electrical and Electronic Equipment Regulations 2012, Supply of Machinery (Safety) Regulations 2008, Electro‐ magnetic Compatibility Regulations 2016 en Noise Emission in the Environment by Equi‐ pment for use Outdoors Regulations 2001 en in overeenstemming met de ten tijde van de pro‐ ductiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN 55014‑1, EN 55014‑2, EN 60335‑1 en EN ISO 12100 rekening houdend met de stan‐ daard EN 50636‑2‑91. Voor het bepalen van het gemeten en het gega‐ randeerde geluidsvermogenniveau werd gehan‐ deld volgens de Britse richtlijn Noise Emission in the Environment by Equipment for use Outdoors Regulations 2001, Schedule 9. Uitvoerende keuringsinstantie: INTERTEK Tes‐ ting & Certification Ltd, Academy Place, 1 – 9 Brook Street, Brentwood, Essex, CM14 5NQ, Verenigd Koninkrijk

Gewaarborgd geluidsniveau: 93 dB(A) De technische documentatie wordt bij ANDREAS STIHL AG & Co. KG bewaard. Het productiejaar, het productieland en het machinenummer staan vermeld op de motorzeis. Waiblingen, 15-7-2021 ANDREAS STIHL AG & Co. KG Bij volmacht Dr. Jürgen Hoffmann, hoofd van de afdeling pro‐ ductgoedkeuring, -regelgeving Nederlands 25 UKCA-conformiteitsverklaring 102 0458-832-9621-D25 UKCA-conformiteitsverklaring Nederlands 0458-832-9621-D 103www.stihl.com *04588329621D* *04588329621D* 0458-832-9621-D 0458-832-9621-D