FERROLI GN4 N - Cv-ketel

GN4 N - Cv-ketel FERROLI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GN4 N FERROLI in PDF-formaat.

📄 44 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice FERROLI GN4 N - page 29
Bekijk de handleiding : Français FR English EN Español ES Italiano IT Nederlands NL Türkçe TR
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : FERROLI

Model : GN4 N

Categorie : Cv-ketel

Download de handleiding voor uw Cv-ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GN4 N - FERROLI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GN4 N van het merk FERROLI.

GEBRUIKSAANWIJZING GN4 N FERROLI

Para colocar por el SAT el código de barras contenido en la documentación del producto Certificado de funcionamiento Llene por favor la cupón unida29 English Italiano Français Español Nederlands Türkçe GN4 N Cod. 3541A511 - Rev. 01 - 03/2015 Geachte klant, Wij danken u om te hebben gekozen voor GN4 N, een geavanceerde verwar- mingsketel van Ferroli die zowel avant-gardetechnologie als een hoge betrou- wbaarheid en kwaliteit biedt. Wij verzoeken u deze handleiding aandachtig door te nemen en zorgvuldig te bewaren voor latere raadplegingen. GN4 N is een warmtegenerator met hoog rendement voor de productie van warm water voor verwarming, en voorzien voor de werking met blaasluchtbranders van gasvormige of vloeibare brandstof. Het ketellichaam bestaat uit een element in gietijzer, waarvan de bouw en het precieze ontwerp van de koelribben borg staan voor een hoge werkingsefficiëntie in elke richting. Belangrijke waarschuwingen

  • Onderhavige handleiding bevat belangrijke aanwij- zingen relatief aan de gebruiks-, de installatie en de onderhoudsveiligheid en maakt wezenlijk deel uit van het product. Gelieve de handleiding te lezen vóór het gebruik en zorgvuldig te bewaren voor latere raadple- gingen.
  • Dit apparaat dient uitsluitend te worden gebruikt voor het doel waarvoor het door de fabrikant is voorbe- stemd. Dit apparaat dient om water bij atmosferische druk te verwarmen tot een temperatuur onder het kookpunt en wordt aangesloten op een verwarming- sinstallatie en/of een installatie voor de distributie van warm water voor huishoudelijke doeleinden, in functie van de karakteristieken, prestaties en warmtepoten- tiaal van de ketel. Elk ander gebruik wordt bijgevolg beschouwd als oneigenlijk en dus gevaarlijk.
  • Het is verboden de componenten van het apparaat te openen of te wijzigen, met uitzondering van de onder- delen die onderworpen zijn aan onderhoudsbeurten. Het is evenmin toegelaten het apparaat te wijzigen om de prestaties of gebruiksdoel ervan te veranderen.
  • De installatie en het onderhoud worden uitgevoerd met inachtneming van de geldende normen, ove- reenkomstig de instructies van de fabrikant en worden uitgevoerd door vakbekwaam personeel.
  • Een verkeerde installatie of een ontoereikend on- derhoud kunnen schade toebrengen aan personen, dieren of voorwerpen. De fabrikant wijst elke ve- rantwoordelijk af voor schade tengevolge van een verkeerde installatie, een oneigenlijk gebruik en de niet inachtneming van de gebruiksaanwijzingen.
  • Alvorens om het even welke reinigings- of onderhoud- sbeurt uit te voeren, het apparaat loskoppelen van het elektriciteitsnet met de schakelaar van de installatie en/of de voorziene onderscheppingsinrichtingen.
  • In geval van een defect en/of slechte werking van het apparaat, dit laatste uitschakelen en zelf geen reparaties of rechtstreekse ingrepen uitvoeren. Zich uitsluitend wenden tot vakbekwaam personeel.
  • Nadat de verpakking werd verwijderd, controleren of de inhoud ervan intact is. De verpakkingselementen buiten het bereik van kinderen houden, omdat zij een bron van gevaar kunnen zijn. NEDERLANDS Elektrische voeding Max. bedrijfstemperatuur PIN Serienummer Max. bedrijfsdruk Thermisch vermogen Nutting vermogen Streepjescode Waterinhound 08/250 0085AS0589 230V~50Hz IP X 0DSer. n. 0352L50349

163 L Certificatie De markering CE wijst erop dat de ap- paratuur Ferroli conform de vereisten is bevat in de van toepassing zijnde Europese richtlijnen. Dit apparaat is in het bijzonder conform de volgende EG-richtlijnen:

  • Richtlijn Gas 90/396
  • Richtlijn Rendement 92/42
  • Richtlijn Laagspanning 73/23 (wijziging 93/68)
  • Richtlijn Elektromagnetische Compatibi- liteit 89/336 (wijziging 93/68)EnglishItalianoFrançaisEspañol Nederlands Türkçe

1. GEBRUIKSAANWIJZINGEN

Breng de hoofdschakelaar 5 in de stand “I” om de verwarmingsketel en brander te voeden. Voor de werking van de brander, de relatieve handleiding raadplegen.

Stel de gewenste temperatuur van de installatie in met behulp van de regelthermostaat 4. Indien deze aangesloten is op de thermoregelkast (optie), gelieve de gebruikshandleiding te raadplegen.

Voor korte periodes van stilstand volstaat het de schakelaar 5 (fig. 1) op het bedieningspaneel in de stand “0” te zetten. Voor langere periodes van stilstand. dient de schakelaar 5 te worden afgezet en de brandstofklep te worden gesloten. Voor lange periodes van stilstand in de winter is het bovendien nodig, om vorstschade te voorkomen, de installatie te voorzien van een antivriesproduct of volledig te ledigen.

Er kunnen zich twee situaties voordoen waarbij de installatie stilvalt, die door de gebruiker kunnen worden verholpen: a De branderblok aangeduid door het controlelampje 6 (fig. 1). De handleiding van de brander raadplegen. b Een ingreep van de veiligheidsthermostaat wanneer de temperatuur in de verwarmingsketel een waarde bereikt die gevaarlijk kan zijn. Om de werking te herstellen, de dop 3 losdraaien en de resetknop indrukken. Indien het probleem aanhoudt, zich wenden tot vakbekwaam personeel of een service centrum. In geval van een defect en/of slechte werking van het apparaat, dit laatste uitschakelen en zelf geen reparaties of recht- streekse ingrepen uitvoeren. Zich uitsluitend wenden tot vakbekwaam en erkend personeel.

Algemene voorschriftenDit apparaat dient uitsluitend te worden gebruikt voor het doel waarvoor het door de fabrikant is voorbestemd. Dit appa-raat dient om water bij atmosferische druk te verwarmen tot een temperatuur onder het kookpunt en wordt aangesloten op een verwarmingsinstallatie en/of een installatie voor de distributie van warm water voor huishoudelijke doeleinden, in functie van de karakteristieken, prestaties en warmtepotentiaal van de ketel. Elk ander gebruik wordt bijgevolg beschouwd als oneigenlijk.DE INSTALLATIE VAN DE VERWARMINGSKETEL WORDT UITSLUITEND UITGEVOERD DOOR GESPECIALISEERD EN VAKBREKWAAM PERSONEEL, MET INACHTNEMING VAN ALLE AANWIJZINGEN AANWEZIG IN DEZE TE-CHNISCHE HANDLEIDING, DE BEPALINGEN VAN DE WETTEN VAN KRACHT, DE VOORSCHRIFTEN VAN DE NATIONALE EN LOKALE NORMEN EN DE REGELS RELATIEF AAN EEN GOED TECHNISCH GEBRUIK.Een verkeerde installatie kan schade toebrengen aan personen, dieren en voorwerpen. De fabrikant kan hiervoor niet ve-rantwoordelijk worden gesteld.InstallatieplaatsDe verwarmingsinstallatie dient te worden geïnstalleerd in een ruimte met verluchtingsopeningen naar buiten toe, zoals voorgeschreven door de wet van kracht. Indien in dezelfde ruimte meerdere branders of luchtafzuigers zijn opgesteld die gelijktijdig in werking kunnen zijn, dient de grootte van de verluchtingsopeningen aangepast te zijn aan de gelijktijdige werking van alle apparatuur. De installatieplaats dient vrij te zijn van brandbare voorwerpen of materiaal, corroderende gassen, vluchtige stoffen of bestanddelen die kunnen worden aangetrokken door de ven-tilator van de brander en zo de interne kanalen van de brander of de verbrandingskop ver-stoppen. De ruimte dient droog te zijn en niet blootgesteld aan regen, sneeuw of vorst.Plaatsing verwarmingsketelDe minimumruimtes aangeduid op de figuur dienen te worden gerespecteerd. Zorg er in het bijzonder voor dat na de montage van de verwarmingsketel en brander op de achter-ste deur, deze laatste kan worden geopend zonder dat de brander tegen de muur of een andere ketel botst. Laat een vrije ruimte van minstens 100 mm in de richting waarin de deur opengaat.

2.1 Aansluitingen op de waterleiding

Voer de aansluiting van het apparaat op de waterleiding uit, met inachtneming van de aanwijzingen vlakbij elk aansluitpunt en op figuur 2 in deze handleiding. De aansluiting wordt op zodanige wijze uitgevoerd dat de buizen niet worden belast. Het is verplicht een veiligheidsklep te monteren op het verwarmingscircuit, zo dicht mogelijk bij de verwarmingsketel, zonder obstakel of onderscheppingsin- richting tussen de ketel en de klep. Het apparaat wordt geleverd zonder expansievat. De aansluiting dient bijgevolg te worden uitgevoerd door de installateur. Denk eraan dat de druk in de installatie, buiten werking, begrepen is tussen 0,5 en 1 bar.

2.2 Aansluiting brander

De gasolie- of gasbrander - blaasluchtbrander voor drukhaarden - kan worden gebruikt indien zijn werkingskarakteristieken aangepast zijn een de afmetingen van de haard van de verwarmingsketel en zijn overdruk. De keuze van de brander gebeurt vooraf met inachtneming van de instructies van de fabrikant, in functie van het gebruiksdoel, het brandstofverbruik en de drukwaarden, alsook de lengte van de verbrandingskamer. Monteer de brander volgens de instructies van de Fabrikant.

2.3 Elektrische aansluitingen

De verwarmingsketel wordt aangesloten op een eenfasige elektriciteitsleiding van 230 Volt-50 Hz, met vaste aan- sluiting en een bipolaire schakelaar waarvan de contacten een opening van minstens 3 mm hebben, met aange- paste zekeringen. De brander en de eventuele thermostaat aansluiten, met inachtneming van het schakelschema weergegeven in hoofdstuk 4. De elektrische veiligheid van het apparaat wordt slechts bereikt wanneer deze laatste correct werd aangesloten op een doeltreffende aardleiding, uitgevoerd zoals voorzien door de geldende veiligheidsnormen. De doeltreffendheid van de aar- dleiding dient door vakbekwaam personeel te worden nagekeken. De fabrikant kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor eventuele schade voortvloeiend uit de afwezigheid van een aardleiding. Om na te gaan of de elektrische installatie aangepast is aan het max. opgenomen vermogen van het apparaat en aangeduid op het gegevensplaatje, er in het bijzonder over waken dat de doorsnede van de kabels van de installatie aangepast is aan het apparaat.

2.4 Aansluiting aan het rookkanaal

Het is raadzaam de verwarmingsketel te koppelen aan een goed rookkanaal, gebouwd met inachtneming van de geldende normen. De leiding van de verwarmingsketel naar het rookkanaal dient van een materiaal te zijn dat aangepast is aan het doel, m.a.w. bestand is tegen hoge temperaturen en corrosie. De verbindingspunten dienen luchtdicht te worden gehouden en de hele leiding tussen de ketel en het rookkanaal dient te worden geïsoleerd, om condensvorming te voorkomen.

2.5 Assemblage verwarmingsketel

De verwarmingsketel kan geleverd worden: 1 Met de elementen gedemonteerd, in 4 afzonderlijke verpakkingen die de mantel, het instrumentenbord, de elementen en de accessoires voor de montage van de elementen bevat. Volg voor de assemblage van het ketellichaam de aanwijzingen bijgevoegd bij de groep elementen. Volg voor de assem- blage van de mantel en het instrumentenbord de volgende aanwijzingen. 2 Met het lichaam gemonteerd in 3 afzonderlijke verpakkingen die de mantel, het instrumentenbord en het ketellichaam bevatten.Volg voor de assemblage van de mantel en het instrumentenbord de volgende aanwijzingen. C Monteer de rechter- en linkerflanken, door het aantal zijpanelen te kiezen in functie van de afmetingen van de verwarmingsketel (zie tabel).

B M o n t e e r h e t achterpaneel 1 op de spieën 2 en zet de bou- ten aan zonder ze teveel aan te spannen. A Indien het ke tel li chaam reeds ge mon te erd wor- dt geleverd en geplaatst op een pallet, de bouten 1 ve rwijde ren die hem be ve sti gen aan het pal- let en hem plaatsen voor de definitieve in stal la tie. Ga ver vol gens over tot de mon ta ge van de ver- schil len de panelen.EnglishItalianoFrançaisEspañol Nederlands Türkçe

GN4 N Cod. 3541A511 - Rev. 01 - 03/2015 D Verbind de panelen onderling, met behulp van de schroeven 1, de rondsels 2 en de moeren

3. Verstevig de onderkant van de panelen met de ijzers 4 vastgezet met de schroeven 5.

E De moeren “A” aanzetten. De staaf voor de bevestiging van de flanken “B”. F Bevestig de flanken aan de achterste wand “A” met behulp van de schroeven “B”. G De rechterflank bevestigen aan de staaf “A” met behulp van de schroeven “B” (rechteraanzicht). Herhaal de handelingen van punt G voor de linkerflank. H Bevestig de flanken aan de achterste wand “A” met behulp van de schroeven “B”. I Bevestig de beschermingskast van de bekabeling “A” met behulp van de schroeven “B” aan de zijflanken. L Bevestig het instrumentenbord aan de flanken, met behulp van de bijgeleverde lipjes “A”. Voer tussen de schroefkop en het lipje het versterkingsveertje “B”. O Monteer het bovenste paneel “A”. P Monteer het lid of de leden “A” in functie van de lengte van de verwarmingsketel (zie tabel 1 reeks C).

M Monteer de veiligheidsthermostaat, de thermostaat van de verwarmingsketel en de thermowaterstandsmeter. N Monteer het onderste voorpaneel “A”. B33 English Italiano Français Español Nederlands Türkçe GN4 N Cod. 3541A511 - Rev. 01 - 03/2015

3. SERVICE EN ONDERHOUD

Alle handelingen relatief aan de regelingen, inwerkingstelling en onderhoud dienen te worden uitgevoerd door vakbekwaam en opgeleid personeel, overeenkomstig de geldende nomen. FERROLI S.p.A wijst elke verantwoordelijkheid af voor schade toegebracht aan voorwerpen en/of personen, voortvloeiend uit de wijziging van het apparaat vanwege niet bekwame en niet bevoegde personen. Alvorens om het even welke reinigings- of onderhoudsbeurt uit te voeren, het apparaat loskoppelen van het elektriciteitsnet met de schakelaar van de installatie en/of de voorziene onderscheppingsinrichtingen.

3.1 Inwerkinstelling

Controles te verrichten bij de eerste ontsteking en na alle onderhoudshandelingen waarbij de installatie werd losgekoppeld of na een ingreep op de beveiligingen of onderdelen van de verwarmingsketel: Vóór de eerste ontsteking Vóór de eerste ontsteking, controleren of: a de installatie gevuld werd bij de juiste druk en goed ontlucht is; b er geen water- of brandstoflekken zijn; c of de elektrische voeding correct is; d of het hele rookkanaal correct uitgevoerd is en zich niet te dicht in de buurt van brandbare onderdelen bevindt; e of er zich in de buurt van het apparaat geen brandbare stoffen bevinden; f of de grootte van de brander aangepast is aan het vermogen van de verwarmingsketel; g of de waterkleppen open zijn. Eerste ontsteking Na deze eerste controles, wordt overgegaan tot de volgende ontstekingshandelingen: 1 De brandstofklep openen. 2 De thermostaat 4 (fig. 1) regelen op de gewenste temperatuur. 3 De schakelaar stroomopwaarts van de ketel en de schakelaar 5 (fig. 1) op het bedieningspaneel uitzetten. Nu treedt de brander in werking en begint te verwarmingsketel te functioneren. Na de eerste ontsteking Na de eerste ontsteking, controleren of: 1 De deur van de brander en de rookkamer luchtdicht zijn. 2 De brander correct werkt. Deze controle wordt verricht met behulp van de daarvoor voorziene instrumenten en volgens de aanwijzingen van de fabrikant. 3 Of de thermostaten correct werken. 4 Of het water circuleert in de installatie. 5 Of de rook volledig wordt aangezogen door het rookkanaal..

Regeling brander Het rendement van de verwarmingsketel en de correcte werking ervan hangen vooral af van hoe nauwkeurig de brander werd geregeld. Volg zorgvuldig de aanwijzingen van de relatieve fabrikant. Voor de branders met 2 stadia dient het vermogen van het eerste stadium niet onder het min. nominaal vermogen van de verwarmingsketel te liggen. Het vermogen van het tweede stadium mag niet hoger liggen dan het max. nominaal vermogen van de ketel.

Voor korte periodes van stilstand volstaat het de schakelaar 5 (fig. 1) op het bedieningspaneel uit te zetten. Voor langere periodes van stilstand dient de schakelaar 5 te worden afgezet en de brandstofklep te worden gesloten.

Voor een grote betrouwbaarheid van de verwarmingsinstallatie en een zo laag mogelijk energieverbruik is het raadzaam regelmatig, minstens eenmaal per jaar, over te gaan tot de reiniging van de ketel. Het onderhoud wordt uitgevoerd door vakbekwaam en opgeleid personeel. Reiniging van de verwarmingsketel 1 Koppel de verwarmingsketel los van het elektriciteitsnet 2 Verwijder de bovenste en onderste voorpanelen. 3 Open de deur door de relatieve knoppen los te draaien. 4 Reinig de binnenkant van de ketel en het hele traject van de afvoerdampen, met behulp van een stok of perslucht. 5 Vervolgens de deur vastmaken met de relatieve knop. Voor de reiniging van de brander, de aanwijzingen van de Fabrikant raadplegen.EnglishItalianoFrançaisEspañol Nederlands Türkçe

32 Circulator (niet geleverd) 49 Veiligheidsthermostaat 72 Kamerthermostaat (niet geleverd) 98 Schakelaar 114 Watergebrekschakelaar 159 Testknop fig. 3 170 Regelthermostaat ketel 1° stadium 171 Regelthermostaat ketel 2° stadium 211 Aansluiting brander Opmerking Kabels met stippellijn te leggen door de installateur fig. 4