NC 451 - Munten- en biljetten teller OLYMPIA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis NC 451 OLYMPIA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Munten- en biljetten teller in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding NC 451 - OLYMPIA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. NC 451 van het merk OLYMPIA.
GEBRUIKSAANWIJZING NC 451 OLYMPIA
NEDERLANDS Gebruiksaanwijzing Lees de volgende informatie door, volg de instructies op en berg deze gebruiksaanwijzing voor naslag op! Veiligheidsinstructies WAARSCHUWING!
- Gevaar voor verstikking door kleine onderde len, verpakkings- en beschermfolies! Æ Houd kinderen uit de buurt van het product en de verpakking! VOORZICHTIG!
- Gevaar door intrekrollen! Æ Vingers, haar enz. uit de buurt van de invoer houden.
- Gevaar voor struikelen door verkeerd gelegd netsnoer! Æ Leg het netsnoer zodanig neer dat niemand erover kan struikelen. LET OP!
- Gevaar voor schade aan eigendommen! Æ Geen vreemde voorwerpen zoals paperclips, elastiekjes enz. in de invoer terecht laten komen. Æ Uitwendige invloeden zoals rook, stof, schok ken, chemicaliën, vocht, hitte of direct zonlicht vermijden. Æ Reparaties alleen door vakbekwaam personeel laten uitvoeren. Beoogd gebruik Het bankbiljetten-telapparaat met controlefuncties – hierna bankbiljetten-telapparaat genoemd – dient voor van de telling van bankbiljetten. Elk ander ge bruik wordt beschouwd als oneigenlijk gebruik. Onge oorloofde wijzigingen of aanpassingen zijn niet toege staan. Open het bankbiljetten-telapparaat in geen geval zelf en probeer het niet zelf te repareren. Dit bankbiljetten-telapparaat controleert twee van de mogelijke kenmerken van de bankbiljetten (ultraviolet te kenmerken en magnetische kenmerken). Indien andere kenmerken zijn vervalst of ontbreken, kan dit bankbiljetten-telapparaat deze bankbiljetten niet als kritiek detecteren. Daarnaast kunnen echte bankbiljet ten als gevolg van vuil of door andere uitwendige in werkingen als vals worden gedetecteerd. Controleer afgekeurde bankbiljetten daarom meermaals en wend u in geval van twijfel tot uw bank. Inhoud van de verpakking NC 451
- Gebruiksaanwijzing NC 452
- Gebruiksaanwijzing Weergaven en conventies Uit te voeren actie Resultaat van de actie Nuttige informatie31
1 Waaierwiel 2 Combi-display (linker en rechter display) 3 Toetsenbord 4 Inlegvak 5 Uitvoervak 6 NC 451 netstekker NC 452 stroomaansluiting voor externe netvoe ding (niet weergegeven) 7 Borgschroef 8 Stelschroef 9 Schakelaar Aan/Uit Toetsenbord De afbeelding toont het toetsenbord [3] van het bankbiljetten-telapparaat.
10 COUNT = telling zonder sensoren te activeren/de activeren 11 UV = ultraviolette controle activeren/deactiveren 12 MG = magneetcontrole activeren/deactiveren 13 RESET = huidig resultaat wissen 14 BAT -10 = functie voor bundelen (aantal ver minderen met 10) 15 BAT +1 = functie voor bundelen (aantal verhogen met 1) 16 ADD = optellen activeren/deactiveren Combi-display De afbeelding toont het combi-display [2] tijdens de zelfdiagnose.
17 Resultaat van de vorige telling of vooraf ingesteld aantal voor bundels bankbiljetten 18 Aantal bankbiljetten 19 ALARM = fout gedetecteerd 20 BAT = bundelen geactiveerd 21 ADD = optellen geactiveerd 22 MG = magnetische sensor geactiveerd 23 UV = ultraviolette sensor geactiveerd32
Bediening Bankbiljetten-telapparaat aansluiten Als u het bankbiljetten-telapparaat langere tijd niet gebruikt, koppelt u het los van de stroomtoe voer. NC 451 Æ Sluit de stekker [6] aan op een correct geïnstal leerd stopcontact. NC 452 Æ Verbind de externe netvoeding met de elektrische aansluiting [6] van het bankbiljetten-telapparaat. Æ Sluit de stekker aan op een correct geïnstalleerd stopcontact. Bankbiljetten-telapparaat in- en uitschakelen Het bankbiljetten-telapparaat wordt in- en uitge schakeld door middel van een schakelaar [9] aan de achterzijde. Na het inschakelen voert het bankbiljetten-telappa raat een zelfdiagnose uit. Tijdens de zelfdiagnose verschijnt 888 888 in de displays [17, 18]. Als de zelfdiagnose voltooid is zonder fouten, verschijnt X0 in de displays [17, 18]. Als een fout wordt gedetecteerd, wordt deze in het rechter display [18] weergegeven (zie Problemen oplossen). Accuvoeding NC 452 Het bankbiljetten-telapparaat kan optioneel op het lichtnet of op een accu worden gebruikt. Voorafgaand aan het eerste gebruik op een accu moet de accu volledig worden opgeladen. Æ Verbind de externe netvoeding met de stroomaan sluiting [6] van het bankbiljetten-telapparaat. Æ Sluit de stekker aan op een correct geïnstalleerd stopcontact. De oplaadtijd bedraagt ca. 8 uur. Æ Trek na het opladen de externe netvoeding van de stroomaansluiting [6] van het bankbiljetten-telappa raat los. Æ Trek de stekker uit het stopcontact. ÊHet bankbiljetten-telapparaat is nu draagbaar.33
Controles Controlekenmerken selecteren Selecteer voordat de bankbiljetten erin worden ge legd welke kenmerken (magnetisch en/of ultraviolet) moeten worden gecontroleerd. Æ Druk op de toets MG [12]. ÊDe magnetische sensor voor het detecteren van magnetische inkten wordt geactiveerd/gedeactiveerd. Op het combi-display wordt MG [22] weergegeven. Æ Druk op de toets UV [11]. ÊDe ultraviolette sensor voor het detecteren van UV-componenten wordt geactiveerd/gedeactiveerd. Op het combi-display wordt UV [23] weergegeven. Bankbiljetten voorbereiden De beste resultaten worden na een opwarmings fase van 3 minuten bereikt. Sterk omgevingslicht kan de sensor beïnvloeden en leiden tot foutieve resultaten. Let op de volgende punten om storingen te voor komen.
Æ Controleer de bundel bankbiljetten voordat deze erin wordt gelegd op papiersnippers, paperclips, elastiekjes en andere vreemde voorwerpen en ver wijder ze (afbeelding A). Æ Leg geen beschadigde bankbiljetten erin (afbeel ding B). Æ Strijk gekreukelde en gevouwen bankbiljetten glad, voordat u ze erin legt (afbeelding C/D). Æ Plaats geen aan elkaar klevende bankbiljetten in het bankbiljetten-telapparaat. Æ Waaier de bankbiljetten los om ze van elkaar los te maken. Bankbiljetten inleggen
Æ Verschuif de bankbiljetten in de bundel bankbiljet ten zodanig dat het bovenste bankbiljet lager ligt dan de volgende. Plaats de bankbiljetten in het in legvak [4] (afbeelding A).
Æ Plaats de bundel bankbiljetten verticaal in het in legvak [4] en druk de bundel bankbiljetten zo naar achteren dat de bankbiljetten ten opzichte van elkaar verschuiven (afbeelding B). Ê Het tellen start automatisch. Verkeerd geplaatste bankbiljetten zoals in C en D leiden tot een verkeerde telling of storing. Omdat de echtheidskenmerken van de bankbil jetten zich aan beide zijden bevinden, voert u de telling voor een veilige detectie van kritieke bankbiljet ten uit aan beide zijden
Functies Æ Selecteer de gewenste functie. Tellen Bij deze functie wordt het aantal bankbiljetten en af hankelijk van de instelling van de sensoren ook de echtheid gecontroleerd. Tijdens het tellen wordt het aantal bankbiljetten in het rechter display [18] weergegeven. Als de getelde bankbiljetten in het uitvoervak [5] blijven liggen, gaat het tellen verder. Als de getelde bankbiljetten uit het uitvoervak [5] worden genomen en een nieuwe stapel bankbiljetten in het invoervak wordt geplaatst, begint het tellen opnieuw bij X0. Æ Druk op de toets COUNT [10]. Ê De bankbiljetten worden geteld zonder kenmerk controle (UV, MG) en in het uitvoervak [5] geplaatst. Optellen Bij deze functie wordt het tellen voortgezet, zelfs als de getelde bankbiljetten uit het uitvoervak [5] zijn verwijderd en vervolgens nieuwe bundels bankbiljet ten in het inlegvak [4] worden geplaatst. Deze functie is bijzonder geschikt voor grote stapels bankbiljetten of voor gebruikte of sterk geknikte bank biljetten. Er kunnen kleinere stapels bankbiljetten na elkaar worden geteld. Het combi-display gaat verder met het tellen van de bankbiljetten. Æ Druk op de toets ADD [16]. ÊDe functie optellen is geactiveerd/gedeactiveerd. Op het combi-display wordt ADD [21] weergegeven. Bundelen Bij deze functie stopt het tellen wanneer een vooraf ingesteld aantal bankbiljetten is geteld. Als de getelde bundel bankbiljetten uit het uitvoervak [5] wordt ver wijderd, springt het display [18] naar X0 en de volgen de bundel bankbiljetten wordt geteld. Æ Druk op de toets BAT +1 [15] of BAT -10 [14]. ÊOp het combi-display wordt BAT [20] weerge geven. In het linker display [17] verschijnt het vooraf ingestelde aantal 100. Æ Voer met de toetsen BAT +1 [15] of BAT -10 [14] het gewenste aantal in. Het aantal kunt u met de toets BAT +1 [15] met 1 verhogen en met de toets BAT -10 [14] met 10 verlagen. ÊHet ingevoerde aantal wordt in het linker dis play [17] weergegeven. Het bankbiljetten-telapparaat is klaar voor de functie bundelen. Druk op de toets RESET [13] om de functie te deactiveren.35
Problemen oplossen Foutmeldingen Foutmeldingen worden in het rechter display [18] weergegeven door een codenr. Een veelvoorkomende bron van fouten zijn ver ontreinigde sensoren (zie Reinigen van de sensoren). Volg de instructies onder Maatregel. Codenr. Oorzaak Maatregel E01 De linker sensor voor het tellen van bankbiljetten is verontreinigd of bescha digd. Reinig de sensor. Als de fout zich blijft voordoen, aanwijzingen in het hoofdstuk „Garantie“ in acht nemen. E02 De rechter sensor voor het tellen van bankbiljetten is verontreinigd of bescha digd. E03 De codeerschijf is beschadigd of vuil. E04 De sensor in het inlegvak [4] is veront reinigd of beschadigd. E05 De stapelsensor is beschadigd of vuil.
De invoerrollen [24] draaien langer dan 10 seconden maar voeren geen bankbil jetten in. Druk op de toets RESET [13] en herhaal het tellen. Als de fout zich blijft voordoen, aanwijzingen in het hoofdstuk „Aandrukking van de inlegplaat instellen“ in acht nemen.36
Alarmmeldingen Alarmmeldingen worden in het rechter display [18] weergegeven door een codenr. Op het display wordt ALARM [19] weergegeven. Codenr. Oorzaak Maatregel EE1 Kritiek bankbiljet gedetecteerd. Te geringe of ontbrekende ultraviolette aandelen in het bankbiljet. Verwijder het kritieke bankbiljet uit het uit voervak [5]. Druk op de toets RESET [13] om verder te gaan met tellen. EE2 Kritiek bankbiljet gedetecteerd. Te geringe of ontbrekende magnetische aandelen in het bankbiljet. EE4 Bankbiljet als half bankbiljet gedetec teerd. Verwijder het kritieke bankbiljet uit het uitvoervak [5] en controleer de bankbiljetten op beschadigingen. Druk op de toets RESET [13] om verder te gaan met tellen. De linker/rechter sensor voor het tellen van bankbiljetten is verontreinigd of be schadigd. Reinig de sensor. Als de fout zich blijft voordoen, neemt u de aan wijzingen in het hoofdstuk „Garantie“ in acht. EE5 Aan elkaar klevende bankbiljetten gede tecteerd (double). Stel de aandrukking van de inlegplaat in. Controleer of de bankbiljetten aan elkaar kleven. Start het tellen opnieuw. EE6 Kritiek bankbiljet gedetecteerd. Magnetische aandelen op ongebruikelij ke posities in het bankbiljet gedetec teerd. Verwijder het kritieke bankbiljet uit het uit voervak [5]. Druk op de toets RESET [13] om verder te gaan met tellen. EE7 Bankbiljet is scheef ingevoerd. Plaats het bankbiljet weer in het inlegvak [4]. Druk op de toets RESET [13] om verder te gaan met tellen. EE9 De breedte van het bankbiljet is meer dan 85 mm. Verwijder het kritieke bankbiljet uit het uit voervak [5]. Druk op de toets RESET [13] om verder te gaan met tellen. EEA Aan elkaar hangende bankbiljetten ge detecteerd (chain).37
Onderhoud Reinigen van de sensoren Bankbiljetten zijn vaak verontreinigd, in het bijzonder door stof. Het vuil hecht zich bij het tellen aan de sensoren. Verontreinigde sensoren zijn de meest voorkomende oorzaak van storingen. Reinig de sensoren met de meegeleverde borstel. Open het bankbiljetten-telapparaat om de sensoren te reinigen. Het openen van het bankbiljetten-telappa raat is beschreven in de onderstaande stappen. Æ Schakel het bankbiljetten-telapparaat uit met de schakelaar [9]. Æ Trek de stekker [6] uit het stopcontact. Æ Klap het bedieningspaneel naar voren.
24 Intrekrollen Reinig ontoegankelijke plaatsen indien nodig met perslucht. Perslucht is in de handel verkrijgbaar in kleine spuitbussen. Æ Reinig de sensoren met de meegeleverde borstel. Æ Klap het bedieningspaneel naar achteren. Aandrukking van de inlegplaat instellen Het bankbiljetten-telapparaat is in de fabriek zodanig ingesteld dat bankbiljetten goed worden ingetrokken. Als bankbiljetten niet meer goed worden ingetrokken, wijzigt u de aandrukking van de inlegplaat. De stelschroef [8] voor de aandrukking van de inleg plaat bevindt zich aan de achterzijde.
De stelschroef [8] is door middel van een borg schroef[7] geborgd tegen onbedoeld verstellen. Æ Schakel het bankbiljetten-telapparaat uit. Æ Trek de stekker [6] uit het stopcontact. Æ Draai de borgschroef [7] met een schroeven draaier los. Æ Stel de aandrukking van de inlegplaat met de stel schroef [8] zodanig in dat het bankbiljet met geringe kracht onder de intrekrollen door kan worden gescho ven. Æ Draai de borgschroef [7] met een schroeven draaier vast.38
Technische gegevens Model NC 451 / NC 452 Functies Vrije telmodus (zonder kenmerkcontrole) Automatische start Functie bundelen, tot 100 bankbiljetten selecteerbaar Functie optellen Controle Ultraviolette en magnetische kenmerken UV- en magnetische sensoren uitschakelbaar Capaciteit inleg- en uitvoervak 100 stuks voor oude bankbiljetten, 200 stuks voor nieuwe bankbiljetten Grootte van de telbare bankbil jetten 50 mm × 110 mm tot 85 mm × 180 mm Telsnelheid 1.000 bankbiljetten / minuut Stroomvoorziening NC 451 NC 452
110 - 240 V (AC), 50/60 Hz, 40 W
Externe netvoeding: ingangsspanning 110 - 240 V (AC), 50/60 Hz / uit gangsspanning 12,6 V (DC), 4 A Stroomverbruik 75 W Geïntegreerde accu NC 451 NC 452
11,1 V (DC), 2600 mAh, 28,86 Wh Afmetingen 250 mm × 230 mm × 135 mm Gewicht 3,2 kg Instructies voor de verzorging Æ Reinig de oppervlakken van de behuizing met een zachte, niet-pluizende doek. Æ Reinig de sensoren na elk gebruik met de mee geleverde borstel. Æ Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen. Gescheiden inzameling Als u het apparaat wilt afvoeren, brengt u het naar het inzamelingspunt van uw gemeentelijke afvalverwijderingsinstantie (bijv. recyclingcentrum). Volgens de wet op elektrische en elektronische apparatuur zijn eigenaars van oude apparaten wettelijk verplicht om oude elektrische en elektronische apparatuur naar een gescheiden af valinzameling te brengen. Het symbool hiernaast be tekent dat u het apparaat in geen geval bij het huis houdelijk afval mag gooien! Verpakkingsmaterialen voert u af in overeenstem ming met de plaatselijke regelgeving. Garantie Geachte klant, het verheugt ons dat u voor dit apparaat hebt ge kozen. Geef het apparaat in geval van een defect met de kassabon en de originele verpakking terug in de zaak, waar u het gekocht heeft.39
Notice-Facile