5CG22010 - Koelkast BLAUPUNKT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 5CG22010 BLAUPUNKT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 5CG22010 BLAUPUNKT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 5CG22010 - BLAUPUNKT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 5CG22010 van het merk BLAUPUNKT.
GEBRUIKSAANWIJZING 5CG22010 BLAUPUNKT
Onderdelen van het apparaat / bedieningselementen. 91
Veiligheid. 92
Beoogd gebruik. 92
Verklaring van de begrippen. 92
Verklaring van de symbolen. 92
Veiligheidsaanwijzingen. 92
Bediening. 98
Voorwaarden voor een veilig gebruik...98
Apparaat in- en uitschakelen. 98
Temperatuur instellen. 98
Opbergvakken en deurvakken. 99
Voedingsmiddelen koelen. 100
koelgedeelte uitrusten. 100
Kwaliteit behouden. 100
Voedingsmiddelen invriezen /
diepvriesproducten opslaan. 101
Levensmiddelen invriezen. 101
Diepvriesproducten opslaan. 102
Levensmiddelen ontdooien. 102
IJsblokjesmake. 103
Verzorging en onderhoud. 104
Deurafdichtingen controleren en.....104
Buitenwanden reinigen. 104
Koelgedeelte ontdooien. 104
Koelgedeelte reinigen. 105
Vriesgedeelte ontdooien en reinigen .105
Binnenverlichting verrangen. 106
Inbedrijftelling. 107
Voorwaarde voor inbedrijfstelling.....107
Vervoeren en uitpakken. 107
Geschikte opstellingsplaats kiezen.....107
Deuraanslag wisselen. 108
De inbouwnis en ventilatie. 110
Inbouw. 111
Basisreiniging. 113
Apparaat elektrisch aansluten. 113
Oude elektrische apparaten
milieuvriendelijk afvoeren. 116
Onze bijdrage ter bescherming van de ozonlaag. 116
Gegevensblad. 117
Service. 263
Advies, bestselling en klacht. 263
Reparaties en reserveonderdelen.....263

Informatie voor het opstellen en de eerste inbedrijfstelling vindt u vanaf pagina 107.

Lees voor u het apparaat gebruikt eerst de veiligheidsaanwijzingen en
de gebruiksaanwijzing aandachtig door.
Alleen zo kunt u alle functies veilig en betrouwbaar gebruiken. Let absolutt ook op de nationale voorschriften in uw land, die naast de in deze handleiding genoemde voorschriften geldig+zijn.
Bewaar alle veiligheidsinstrumenties en aanwijzingen voor toekomstig gebruik. Geef alle veiligheidsaanwijzingen en -instructies door aan de volgende gebruiker van het product.
Levering

Leveringsomvang
Inbouwkoeilkast met
1× vriesvak
1 × glasplaat, verstelbaar
1× glasplaat, vast (afdekking voor de fruit-/groenteladen)
2× fruit-/groenteladen
2× deurvakken
1 × flessenvak
Bevestigingsmaterial
2× hoekestuk (a)
2× deurmeenemer (b)
2× afdekstrip, lang (c) 2× afdekstrip, kort (d)
12× schroeven (zijn op de deurvoorzijde ingeschroefd) (e)
1× voegprofiel (f)
Levering controleren
- Vervoer het apparaat maar een geschikte opstellingsplaats en pak het uit (zie „Inbedrijfstelling" op pagina 107).
- Verwijder alle verpakkingsdelen, kunststoffprofielen, plakstrips en schuimpolster.
- Controller, of de levering volledig is.
- Controleer, of het apparaat transportschade vertoont.
- Als de levering onvolledig is of het apparaat transportschade vertoont, neemt u contact op met once service (zie pagina 263).

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrischeschokken!
Nooit een beschadigd apparaat in bedrijf nemen.
Onderdelen van het apparatus / bedieningselementen
(1) (2) (3)
(9)
(4)
(8)
(5)
(6)
(7)
(1)Vriesvak
(5) Deurvalk
(2) Binnerverlichting
(6) Flessenvak
(3) Temperatuurrege laar
(7) Fruit-/groenteladen
(4) Deurvak
(8) Glasplaat, vast
(9) Glasplaat, verstelbaar
Veiligheid
Beoogd gebruik
Het apparaat is geschikt, om verse levensmiddelen te koelen, gangbare diepvriesproducten te bewaren, voor het bevriezen van verse, kamerwarme levensmiddelen en voor de bereiding van ijs.
Het apparaat is alleen bedoeld voor gebruik in het particuliere huishouden. Commercieel gebruik is uitgesloten. Gebruik het apparaat uitsluitend zoals in deze gebruiksaanwijzing beschreiben. Elk ander gebruik geldt als nicht beoogd en kan tot materiele schade of zelfs persoonlijke letsel leiden. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die worden veroorzaakt door nicht beoogd gebruik.
Verklaring van de begrippen
De volgende signaalbegrippen vindt u in deze gebruiksaanwijzing.

WAARSCHUWING
Dit signaalbegrip betekent een gevaar met een gemiddeld risico dat, wanneer dit nicht worden vermeden, de dood of een zware verwonding tot gevolg kan hebben.

VOORZICHTIG
Dit signaalbegrip duidt op een gevaar met een laag risiconiveau, dat, wonneer het nicht worden vermeden, een geringe of matige verwonding tot gevolg kan hebben.

AANWIJZING
Dit signaalbegrip waarschuwt voor möglichke materièle schade.

Dit symbol verwijst maar nuttige aanvullende informatatie.
Verklaring van de symbolen

Voorlichtig: Brandgevaar!

Vriesvak met -18 °C of kouder
Veiligheidsaanwijzingen
In dit hoofdstuk vindt u algemene veiligheidsaanwijzingen, die u voor uw eigen bescherming en ter bescherming van derden steeds in acht moet nemen. Let ook op de waarschuwingen in de afzonderlijke hoofdstukken over bediening, inbouw enz.

WAARSCHUWING
Risico's in de omgang met elektrische huishoudelijkke apparaten gevaar voor elektrische schokken!
Het aanraken van spanningvoerende delen kan tot zware verwondingen of tot de dood leiden.
Apparaat alleen binnen gebruiken. Niet in vochtige ruimtes of in de regen gebruiken.
Apparaat Niet in bedrijf nemen of verder gebruiken, wanneer het
- zichtbare schade vertoont, bijv. de aansluitkabel defect is,
- rook ontwikkelt of verbrand ruikt,
- ongewone geluiden produceert.
In een dergelijk geval de stekker uithetstopcontacttrekken resp.zekering uitdraaien/uitschakelen encontact opnemen met once service (zie pagina 263).
- Het apparaat voldoet aan de beschermingsklasse I en mag alleen worden aangesloten op een stopcontact met correct geinstalleerde aardleiding. Er bij het aansluten op letten, dat de juiste spanning is aangesloten. Verdere informatie hierover vindt u op het typeplaatje.
- De aansluiting op een tijdschakelaar of een afzonderlijk afstandsbesturingssysteme voor bewaking en -besturing op afstand is ontoelaatbaar.
- De volledige ontkoppeling van het stroomnet gebeurt bij dit apparaat alleen door uittrekken van de stekker. Apparaat waarom alleen op een goed toegankelijk stopcontact aansluiten, zodat het in het geval van een storing snel van het stroomnet kan worden losgekoppeld.
- Indien de stekker na het opstellen nicht meer toegankelijk is, moet een alpolige scheidingsinrichting conform overspanningscategorie III in de huisinstallatie met minstens 3mm contactafstand zijn voorgeschakeld; hiertoe horen zekeringen, installmenta automaat en relais.
Netsnoer Niet knikken of klemmen en Niet over scherpe randen leggen. Het gevolg kan een kabelbreuk zich.
Apparaat, netstekker en netsnoer uit de buurt van open vuur en hete oppervlakken houden. - Altijd aan de stekker zich, Niet aan het netsnoer vastpakken.
Stekker nooit met vochtige handen vastpakken. - Netsnoer en stekker nooit in water of andere vloeistoffen dompelen.
Wonneer het netsnoer van het apparaat beschadigd is, moet het door de fabrikant, zich klantenservice of een gekwalificierdevakman worden verrangen. - Ingrepen en reparations aan het apparaat mogen uitsluitend worden uitgevoerd door geauthoriseerde vakmensen (zie „Service" op pagina 263).
Wonneer eigenmachtige of ondeskundige reparations aan het apparaat worden uitgevoerd, kuren materiele schade en personlijk letsel ontstaan en de aansprakelijkheid en aanspraak op garantie verrallen. Nooit proberen, het defecte - of vermoedelijk defecte - apparaat zelf te repareren.
Bij reparaties mogen uitsluitend onderdelen worden gebrukt, die overeenkomen met de originele apparaatgegevens. In dit apparaat bevinden zich elektrische en mechanische onderdelen, die ter bescherming gegen gevarenbronnenoodzakelijk zijn.
In het geval van storing net als voor omvangrijke reinigingswerkzaamheden de stekkeruit het stopcontact trekken resp. dezekering uitschakelen.
- Geen voorwerpen in of door de behuizingsopeningen steken en ervoor zorgen, dat ook kinderen geen voorwerpen hunnen insteken.
Apparaat regelmatig op schade controlleren.
Risico's voor kinderen
Verstikkingsgevaar!
Kinderen können in de verpakkingsfolie verstrikt raken of petite onderdelen inslikken en stikken.
- Kinderen nicht met de verpakkingsfolie latent spelen.
Voorkom dat kinderenkleine onderdelen van het apparaat verwijderen of uit de accessoirezak nemen en in demond steken.
Risico's in de omgang met chemische stoffen
explosiegevaar!
Ondeskundige omgang met chemische stoffen kan tot explosies leiden.
- Geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare vrijfgassen in het apparaat bewaren, omdat ze ontvlambare gas-lucht-mengsels tot explosiekonnen brengen.
Voor het ontdooien in geen geval ontdooisprays gebruiken. Ze können explosieve gassen vormen.

VOORZICHTIG
Risico's voor bepaalde personengroepen
Gevaren voor kinderen en personen met beperkt psychische, sensorische of geestelijkke capaciteiten!
- Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8aar evenals door personen met gereduceerde fysieke, sensorische of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en/of ken
nis worden gezruikt, wanner ze onder toezicht zichn of met betrekking tot het veilige gebruik werden geinstrueerd en de waaruit voortvloeieende bevaren hebben begrepen.
- Kinderen mogen nicht met het apparaat spelen.
- Reinigung en onderhoud door de gebruiker mogen nicht door kinderen worden uitgevoerd, tenzij ze onder toezicht zich.
- Verzekeren, dat kinderen geen toegang haben tot het apparaat, wanner ze nicht onder toezichteren.
Risico's in de omgang met koelen vriesapparaten
Brandgevaar!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot een branden materiele schade.
Apparaat alleen op een correct geinstalleerde geaarde contactdoos aansluten.
De aansluiting op een stekkerblok of een stekkerdoos is ontoelaatbaar.
- Om voldoende luchtcirculatie te waarborgen, ventilatieopeningen in de apparaatbehuzing of in de inbouwruimte Niet afsluiten.
- Minimale afmetingen van de inbouwkast aanhonden (zie „De inbouwnis en ventilatie" op pagina 110).
Gevaren door koelmittel!
In het koelmiddel-circulatie van uw apparaat bevindt zich het milieuvriendelijk, maar brandbare koelmiddel R600a (Isobutaan).
- Mechanische ingrepen in het koelsystemezemijn alleen toegestaan door geauthoriseerde vakkrachten.
- Het koelcircuit nicht beschadigen, bijv. door doorboren van de koelkanalen van de verdamper met scherpe voorwerpen, knikken van buisleidingen, kapot snijden van de isolatie enz.
Uitspattend koelmiddel is brandbaar en kan leiden tot oogschade. In dit geval de ogen onder helder water spoelen en onmiddelijk een arts consulteren. - Om te voorkomen dat in het geval van een lekkage van het koelmiddelcircuit een ontbrandbaar gas-luchtmengsel kan ontstaan, moet de opstellingsruimte conform norm EN 378 een minimale afmeting hebben van 1m_3 per 8 g koelmiddel. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het gegevensblad (zie „Gegevensblad" op pagina 32).
Verwondingsgevaar!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot verwondingen.
- Het apparaat is zwaar en onhandelbaar. Bij transport en inbouw de hulp van een andere person vragen.
-
Controlleren, of transportpaden en opstellingslocatie vrij van hinderissen zijn (bijv. gesloten deuren of op de vloer liggende voorwerpen).
-
Sokkel, laden, deuren enz. nicht als treeplank of ondersteuning gebruiken.
- Geen zware voorwerpen op het apparaatplaatsen, ze können vallen en verwondingenveroorzaken.
Netsnoer zo leggen, dat het geen struikelgevaar worden.
Gevaar voor de gezondheid!! Door verkeerde hantering, ontoreikende koeling of overdekking hunnen de opgeslagen levensmiddelen bederven. Bij consumptie bestaat het gevaar van een voedselvergiftiging!
Vooral rauw vlees en vis voldoende verpakken, zodat ernaat ligende levensmiddelen nicht worden besmet met salmonella e.d.
De door de levensmiddelproducenten aanbevolen bewaartijden aanhonden.
- Erop letten, dat de bewaartijd van de diepvriesproducten op grond van een temperatuurstijging in het apparaat kan verkorten (ontdooien, reinigen of stroomuitval).
Bij een langere stroomuitval of een storing aan het apparaat de opgeslagen diepvriesproductenuit het apparaat halen en in een voldoende koele ruimte of een ander koelapparaat opslaan (max. opslagtijd bij storing: 13研究成果).
- Na een storing controlleren, of de opgeslagen levensmiddelen nog eetbaar zich. Ontdoide levensmiddelen Niet weer invriezen, maar meteen verbruiken.
Voor de aanmaak van ijsblokjes
alleen drinkwater gebruiken.
Het apparaat werkt möglichk nicht probleemloos, wanneer het voor langereijd aan te geringe omgevingstemperatuur wordt blootgesteld. Het kan dan tot een temperatuurstijging in het interieur komen.
- Altijd de voorgeschreiben omgevingstemperatuur aanhonden (zie regel "Klimaatklassen" op pagina 32).
Verwondingsgevaar door diepvriesproducten! Ondeskundige omgang met he apparaat kan leiden tot verwonden. Er bestaat verbrandingsgevaar door lag temperaturen.
De levensmiddelen en de binnenwanden van het vriesgedeelte hebben een zeer lage temperatuur. Nooit met natte handen aanraken. Dit kan leiden tot huidverwondingen. Ook bij droge huid zichn huidbeschadigingen möglichk.
- IJsblokjes of ijsolly's voor consumptie ieis lately ontdooien, Niet direct uit het vriesgedeelte in de mond nemen.
AANWIJZING
Beschadigingsgevaren
Wanneer de koelkast liggend is vervoerd, kan smeermiddel uit de compressor in het koelcircuit zich gekomen.
- Het koelkast indien möglich alleen verticaal vervoeren.
Voor inbedrijfstelling de koelkast 2aarrechtoplatenstaan. Ondertussen stroomt het smeermiddel terug in de compressor.
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot materiele schade.
Apparaat Niet aan de deur trekken of tilen.
Apparaat alleen op een vlakke en stevige ondergrond neerzetten. De ondergrond要去 het gewicht van het gezulde apparaat+kennen dragen.
Bij het uitpakken geen scherpe of suntige voorwerpen gebruiken.
Bij het uitpakken in geen geval het isolatiematerialiaal aan de apparaatrugzijde beschadigen.
- Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebruiken, die nicht overeenkomen met het door de fabrikant aanbevolen type.
- Geen andere Mechanische inrichtingen of andere middelen gebruiken dan door de fabrikant aanbevolen.
Binnenverlichting uitsluitend voor verlichting van het interieur van het apparaat gebruiken. Deze is Niet geschikt voor deverlichting van een ruimte.
- Geen glazen of metalen containers met water, limonade, bier enz. opslaan. Water zet zich in bevroren toestand uit en kan de container lately barsten.
Apparaatijdig ontdooien, voor zich een ijs- en rijplaag vanmeer
dan 4 mm vormt. Bij een te sterke ijsvorming stijgt het stroomverbruik en de deur van het vriesgedeelte sluit eventueel Niet meer dicht af.
Voor het versnellen van het ontdoolingsproces geen andere middelen gebruiken dan door de fabrikant aangeraden. Bijv. geen elektrische verwarmingstoestellen, mes of apparaten met open vlam zoals bijv. kaarsen gebruiken. De warmte-isolatie en het binnenreservoir voor zich- en hittegevoelig of hunnen smelten.
Bij het reinigen in acht nemen: In geen geval agressieve, korrelige, soda-, zour-, oplosmiddelhoudende of schurende reinigingsmiddelen gebruiken. Deze tasten de kunststoffvlakken aan. Aan teraden zich allesreinigers met een neutrale pH-waarde.
- Deurafdichtingen en delen van het apparaat van kunststof zich gevoelig voor olie en vet. Verontreinigingen zo snel möglich verwijderen.
- Alleen zachte doeken gebruiken.
- Na het uitschakelen 5 Minutes wachten. Pas dan het apparaat opnieuw inschakelen.
- Alleen originele toebehoren gebruiken.
Bediening
Voorwaarden voor een veilig gebruik
- U hebts het hoofdstuk „Veiligheid“ vanaf pagina 5 gelezen en alle voeiligheidsinstructies begrepen.
-Het apparatus is ingebouwd en aangesloten zoals in het hoofdstuk "Inbedrijfstelling" vanaf pagina 107 beschreiben.
Apparaat in- en uitschakelen
!AANWIJZING
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot materiele schade.
- Binnenverlichting uitsluitend voor verlichting van het interieur van het apparaat gebruiken. Deze is Niet voor de verlichting van een ruimte geschikt.

Met behulp van de temperatuurregelaar (3) kunt u het apparaat in- en uitschakelen. De temperatuurregelaar bevindt zich aan de rechter wand in het koelgedeelte en is traploos instelbaar.
Inschakelen
- Stel de temperatuurregelaar (3) in op een instelling tussen 1^ en 7^ . Het apparaat is daarmee ingeschakeld. De compressor begint te werkken, het koelmiddel stroomt door de buizen en u hoort een zacht ruisen.
De binnenverlichting schakelt in, zodra
de deur worden geopend en schakeltuit, wanneer de deur worden gesloten.
- Maakt het apparaat storende geluiden, contrôleert u de stevige stand en verwijdert u voorwerpen, die op het apparaat liggen.
Uitschakelen
- Zet de temperatuurregelaar (3) op 0^
De compressor is uitgeschakeld. Het apparaat koelt nicht. - Om het apparaat helemaal uit te schakelen, trekt u de stekker eruit.
- Ruim het apparaatuit en reinig het (zie Verzorging en onderhoud op pagina 104).
- Laat de deur iets geopend, zodat zich geen schimmel vormt.
Temperatuur instellen

WAARSCHUWING
Gevaar voor de gezondheid!
Het apparaat werkt möglichn nicht probleemloos, wonneer het voor langere tijd aan te geringe omgevingstemperatuur worden blootgesteld. Het kan dan tot een temperatuurstijging in het koel- en vriesgedeelte komen.
- Altijd de voorgeschreveonomegevingstemperatuur aanhouden (zie regel "Klimaatklassen" op pagina 117).
Met de temperatuurregelaar (3)kest u de temperatuur in het koel- en vriesgedeelte instellen.
Kies eerst een gemiddelde instelling.
Kies bij oplopende omgevingstemperatuur, bijv. in de zomer, een overeenkomstig hogere instelling.
Om het koelvermogen in koel- en vriesgedeelte te
- verhogen, draait u de temperatuurregelaar richting „7".
- verlagen, draaait u de temperatuurregelaar richting „1".
Om het koelvermogen te kuren
controlleden, hebt u bij voorkeur 2 koel-/
vriestermometers nodig.
Plaats er een
boven de groenteladen (7) in het koelgedeelte; de juiste temperatuur bedraagt hier +6^ .
- in het vriesgedeelte; de ideale bewaartemperatuur bedraagt -18 °C.
Opbergvakken en deurvakken
De glasplaten (9), de deurvakken (4) en het flessenvak (6) können worden uitgenomen en indien nodig anders gerangschrift.
- Opbergvak resp. deurvak optillen en uitnemen.
- Opbergvak resp. deurvak op de neue positie van bovenplaatsen.
Voedingsmiddelen koelen

WAARSCHUWING
Explosiegevaar!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot explosies.
- Geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare vrijfgassen in het apparaat bewaren, omdat ze ontvlambare gas-lucht-mengsels tot explosiekonnen brengen.
Koelgedeelte vullen

Vul het koelgedeelte zo, dat het de temperatuursomstandigheden binnenin optimaal benut:
- Plaats smeerbare boter en kaas in het deurvak(4) in het bovenste koelgedeelte. Daar is de temperatuur het hoogst.
- Bewaar conserven, glazen en eieren in het deurvak (5).
- Plaats drankkartons en flessen in het flessenvak (6). Plaats volle pakken dichter bij het scharnier, om de belasting van de deur te verminderen.
-
Plaatsen gekookt en gebakken voedsel op de glazen platen (9).
-
Plaats vers vlees, wild, gevogelte, spek, worst en rauwe vis op de glasplaat (8) boven de fruit-/groenteladen (7). Daar is de temperatuur het laagst.
-
Plaats vers fruit en groente in de fruit-/groenteladen (7).
-
Bewaar drank met een hoog percentage alcohol alleen staand en goed afgesloten.
- Laat warme levensmiddelen afkoelen, voor u ze in het koelgedeelte zet.
-
De temperaturen in het apparaat en daarmee het energieverbruik hunnen oplopen,
-
als de deuren vaak of langer worden geopend.
-
als de voorgeschreveen ruimtemperatuur worden over of onderschreden.
-
Het energieverbruik is ook afhankelijk k van de gekozen opstellingsplaats (nadere informatatiezie pagina 107).
Kwaliteit behouden
-
Om te zorgen dat aroma en frisheid van de voedingsmiddelen in het koelgedeelte behouden blijven, legt of zet u alle te koelen levensmiddelen alleen verpakt in het koelgedeelte. Gebruik speciale kunststoffbakken voor levensmiddelen of gangbare foliën.
Leg de levensmiddelen -
zo in het koelgedeelte, dat de lucht vrij kan circuleren.
-
nicht direct gegen de weiterwand. Ze küssen anders aan de weiterwand vastvriezen.
Voedingsmiddelen invriezen / diepvriesproducten opslaan

WAARSCHUWING
Explosiegevaar!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot een explosie.
- Geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare vrijfgassen in het apparaat bewaren, omdat ze ontvlambare gas-lucht-mengsels tot explosiekonnen brengen.

VOORZICHTIG
Gevaar voor de gezondheid!
Door verkeerde hantering,
ontoereikende koeling of
overdekking kuren de
opgeslagen levensmiddelen
bederven. Bij consumptie bestaat
het gevaar van een
voedselvergiftiging!
Vooral rauw vlees en vis voldoende verpakken, zodate ernaat ligende levensmiddelen nicht worden besmet met salmonella e.d.
De door de levensmiddelproducenten aanbevolen bewaartijden aanhouden.
- Erop letten, dat de bewaartijd van de diepvriesproducten op grond van een temperatuurstijging in het apparaat kan verkorten (ontdooien, reinigen of stroomuitval).
Bij een langere stroomuitval of een storing aan het apparaat de opgeslagen diepvriesproductenuit het apparaat halen en in een voldoende koele ruimte of een
ander koelapparaat opslaan (max. opslagtijd bij storing: 13 uur).
- Na een storing controleren, of de opgeslagen levensmiddelen nog eetbaar�. Ontdooide
levensmiddelen nicht weeer invriezen, maar meteen verbruiken.
Verwondingsgevaar!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot verwondingen.
Verbrandingsgevaar door lage temperature.
De levensmiddelen en de binnenwanden van het vriesgedeelte hebben een zeer lage temperatuur. Nooit met natte handen aanraken. Dit kan leiden tot huidverwondingen. Ook bij droge huid zich huidbeschadigingen möglichk.
- IJsblokjes of ijsolly's voor consumptie ie's laten ontdooien, Niet direct uit het vriesgedeelte in de mond nemen.
Levensmiddelen invriezen
Invriezen betekent, verse, kamerwarme levensmiddelen zo snel möglichk - bij voorkeur
"abrupt" - tot in de Kern te bevriezen. Bij te langzaam koelen "bevriezen" de levensmiddelen, d.w.z. de structuur worden vernietigd. Een gelijkmatige opslagtemperatuur van -18^ bevordert het behoud van constentie, smaak en voedingswaarde
Levensmiddelen voorbereiden
Vries alleen kwalitatief in perfecte staat verkerende levensmiddelen in.
Vries de verse en bereide gerechten ongezouten en ongekruid in. Ongezouten ingevroren levensmiddelen hebben een langere houdbaarheid.
- Laat bereide levensmiddelen afkoelen, voor u ze invriest. Dat bespaart nicht alleen energia, maar vermijdt ook overmatige rijpvorming in het vriesgedeelte.
- Koolzuurhoudende dranken zichn nicht geschickt om in te vriezen, sondern het koolzuur bij het invriezen ontsnapt.
De geschikte verpakking
Bij het invriezen is de verpakking belangrijk. Deze要去 beschermen gegen oxidatie, tegen het binnendringen van microben, tegen de overdracht van geuren smaakstoffen en uitdrogen (vriesbrand).
- Gebruik alleen verpakkingsmateriala, dat resistent, lucht-en vloeistofondoorlatend, Niet te stijf en te beschrijven is. Het moet worden aangemerkt als diepvriesverpakking.
- Gebruik voor het afsluiten plastic clips, elastiekjes of plakband.
Het portioneren
- Gebruik indien möglichk vlakke porties; deze vriezen sneller tot in de kern door.
Wrijf lucht uit de diepvrieszak, want die bevordert het uitdrogen en neemt plaats in. - Vul de vloeistofcontainer max. voor 34 , want bij het vriezenzet de vloeistofuit.
- Bewaar geen glazen of metalen containers met vloeistof zoals water, limonade, bier enz. water zet in bevroren toestand UIT en kan de container laden barsten. Vries allen drank met een hoog percentage alcohol (vanaf vol. 40% ) in; let erop dat het stevig is afgesloten.
- Markeer de diepvriesproducten naar soort, hoeveelheid, invries-en vervaldatum. Gebruik indien möglich wisvaste viltstift of planketaketten.
Zo vult u correct
Zodra de temperatuur in het vriesgedeelte op -18 ^ C ligt, kunt u verse, kamerwarme levensmiddelen invriezen.
- Plaats maximaal 2kg binnen 24 uur.
- De verse goederenmonary not in contact komen met de reeds opgeslagen diepvriesproducten, omdat deze anders{kunnen ontdooien. Als contact met de opgeslagen diepvriesproducten Niet te vermijden is, adviseren wij, voor het invriezen van de verse goederen een koudereserve in het vriesgedeelte te creeren.
- Na het opslaan van de verse goederen stijgt de temperatuur in het vriesgedeelte kortstondig. Na nog eens 24 eer zijn de goederen tot in de Kern bevroren.
Diepvriesproducten opslaan
Op de weg van de fabrikant maar uw vriezer mag de vriesketen Niet worden onderbroken. De temperatuur van de diepvriesgoederen moet steeds ten minste -18^ bedragen.
Koop waarom geen goederen, die
- in berijpte, sterk bevroren kisten liggen.
- boven het voorgeschreven markeringspunt�ijn gestapeld.
- deels samengeklonterd় (vooral bij bessen en groente gemakkelijk vast te stellen).
- sneeuw en sapsporen vertonen. Vervoer diepvriesproducten in speciale dozen van polystyreen of in diepvriestassen.
Let op de opslagvoorwaarden en -tijden op de verpakking.
Levensmiddelen ontdooien
Let op volgende basisregels, wanneer u levensmiddelen ontdooit:
- Om levensmiddelen te ontdooien, neemtu ze uit het vriesgedeelte en LASTZebij voorkeur bij kamertemperatureur of in de koelkast ontdooien.
- Ontdooi vlees, gezogelte en vis alttijd in de koelkast. Let erop,
dat het diepvriesgoed nicht in de eigendooivloeistof ligt.
- Om levensmiddelen nsel te ontdooien, gebrukt u bijv. de ontdooifunctie van uw magnetron. Letkaarbij op de gegevens van de producent en let erop, dat op deze manier zich bacteriën en kiemen+kunnen vormen.
Wanner u slechts een deel van een verpakking wilt ontdooien, verwijdert u dit en sluit u de verpakking meteen weer. Daardoor voorkomt u „vriesbrand" en vermindert de ijsvorming op de resterende levensmiddelen.

Bereid ontdoide levensmiddelen zo snel möglichk. Afvoeren
Ziedoodovloeistof.
IJsblokjes make

VOORZICHTIG
Gevaar voor de gezondheid!
De consumptie van ijsblokjes, die werden bereid met verontreinigd of oud water, kan de gezondheid in gevaar brengen!. Door verkeerde hantering bestaat het gevaar van een voedselvergiftiging.
Voor de bereiding van ijsblokjes alleen vers drinkwater gebruiken.
Vul een ijsblokjeshooder voor 3 / 4 met vers drinkwater enplaatsen deze horizontaal in het vriesgedeelte.

De ijsblokjes komen het best los,
anneer u de ijsblokjeshouder
verdraait of even onder stromend
water houdt.
Verzorging en onderhoud

WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken! Het aanraken van spanningvoerende delen kan tot zware verwondingen of tot dedood leiden.
Voor het reinigen de stekker uithet stopcontact trekken resp.dezekeringuitschakelen/uitdraaien.
Bij het uittrekken van de netstekker algijd de stekker zich beetpakken, nooit aan het netsnoer trekken.

VOORZICHTIG
Gevaren voor kinderen en personen met beperkt psychische, sensorische of geestelijkke capaciteiten!
- Reinigung en onderhoud mogenniet door kinderen wordenuitgevoerd, tenzij ze ondertoezicht+zijn.

AANWIJZING
De oppervlakken en delen van het apparaat worden door ondeskundige behandeling beschadigd.
In geen geval agressieve, korrelige, soda-, zuur- of op oplosmiddelhoudende of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken. Deze tasten de kunststofvlakken aan. Aan teraden zich allesreinigers met een neutralen pH-waarde.
- Deurafdichtingen en delen van het apparaat van kunststof zich gevoelig voor olie en vet.
Verontreinigungenzol nsel mogelijk verwijderen.
Alleen zachtedoeken gebruiken.
Deurafdichtingen controlleden en reinigen
De deurafdichtingen要去 regelmatig worden gecontrolererd, zodat geen warmelucht in het apparaat binnendringt.
- Klem ter controle op verschillende plaatsen een dunne strook papier. Het papier moet zich op alle plaatsen even waar latent doortrekken.
- Indien de afdichting nicht overal gelijkmatig aansluit: Verwarm de afdichting op de betreffendeplaatsen voorzichtig met een haardroger en trek ze met de vingers ieitsuit.
- Reinig verwulde aufdichtingen alleen met helder water.
Buitenwanden reinigen
Gelakte oppervlakken Gebruik alleenlicht pH-neutraal zeepsop.
Koelgedeelte ontdooien
Dit is Nietoodzakelijk,want het koelgedeelte van uw apparaat heeft een ontdooi-automaat. Rijp en ijs worden automatisch ontdooid en het dooiwater aan dechterzijde van het apparaat in een dooiwaterbak verzameld. Door de warmte van de motor verdampt het dooiwater.
Koelgedeelte reinigen
- Zet de temperatuurregelaar (3) op ,0".
- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Neem de koelproducten uit en plaats ze in een koele ruimte.
- Neem de groenteladen (7), de glasplaten (8) (9), de deurvakken (4) (5) en het flessenvak (6)uit. Reinig alle delen in lauwarm afwaswater. Droog daarna alles grondig af.
- Veeg de binnenruimte u it met warm water en afwasmiddel. Voeg bij het navegen een paar druppels azijn toe aan het water, om schimmelvorming te voorkomen. Veeg de binnenruimte droog en LAST de deur nog enigeijd open om te ventileren.

- Reinig de opening van de dooiwaterafvoer (10) met behulp van een reinigingsstaafje.
- Reinig de deurafdichtingen alleen met schoon water, deren gevoelig voor olie en vet.
- Plaats de lade n, de platen en het deurvak waar terug.
- Leg de levensmiddelen terug in het koelgedeelte.
- Steek de stekker wee in het stopcontact en draai de temperatuurregelaar (3) op de gewenste instelling.
Vriesgedeelte ontdooien en reinigen

WAARSCHUWING
Explosiegevaar!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot verbranding of explosie!
In geen geval ontdooisprays gebruiken. Die kuren explosieve gassen vormen.

AANWIJZING
Apparaatijdig ontdooien, voor zich een ijs- en rijplaag vanmeer dan 4 mm vormt. Bij eente sterke ijsvorming stijgt het stroomverbruik en de deur van het vriesgedeelte sluit eventueel Niet meer zich af.
Voor het versnellen van de dooiprocedure geen andere middelen gebruiken dan door de fabrikant aanbevolen.
Bijv. geen elektrische verwarmingstoestellen, mes of apparaten met open vlam zoals bijv. kaarsen gebruiken. De warmte-isolatie en de binnenan container zijn kras- en hittegevoelig of hunnen smelten.

Ontdooi het apparaat indien möglich de winter, als de buitentemperaturen
laag zich. Dan=kunt u de levensmiddelen tijdens het ontdooien op het balkon o.i.d.bewaren.
Als alternatief kunt u de diepvriesproductendik in krantenpapier wikkelen en in eenkoele ruimte of een diepvriestas opslaan.
Voorbereidings:
Zet ten minste 3aar voor het reinigen de temperatuurregelaar (3) op 7^* .De diepvriesproducten krijgen zo een koudereserve en ontdooien Niet zo snugel.
Ontdooien:
- Zet de temperatuurregelaar (3) op 0^
- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Neem de levensmiddelen uit de koelkast en de diepvriesproducten uithet vriesvak.
- Zorg ervoor, dat uw levensmiddelen voldoende gekoeld blijven.
- Plaats een kom met heet, nicht kokend water in het vriesgedeelte. Het ontdooien worden daardoor versneld.
- Laat de deur tijdens het ontdooien geopend en leg een dweil voor het apparaat, om het uitlopende dooiwater op te vangen. De ontdooitijd hangt af van de dikte van de ijslaag. De ervaring leert dat na ca. 1uur met het reinigen van het apparaat kan worden begonnen.
- Veeg de binnenruimte uit met warm water en afwasmiddel. Voeg bij het navegen een paar druppels azijn toe aan het water, om schimmelvorming te voorkomen.
- Reinig de deurafdichtingen alleen met schoon water, deutsche is gevoelig voor olie en vet.
- Wrijf alles, inclusief de deurafdichting, grondig droog en ventilier even door.
- Leg de levensmiddelen terug in het koel- resp. vriesgedeelte.
- Steek de stekker weer in het stopcontact en draai de temperatuurregelaar op stand "7".
- Zodra een temperatuur van -18^ is bereikt, draait u de temperatuurregelaar weer in de gebruikelijke positie.
Binnenverlichting verrangen
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken! Het aanraken van onder spanning staande delen kan leiden tot zware verwondingen of de dood.
Voor de verranging van de gloeilamp de stekker uittrekken.
Uitsluitend gloeilampen met een vermogen van max. 10W, 230 volt en fitting E14 gebruiken (ILCOS: IBB/C-28-220/240-E14-35).
- Trek de stekker uit het stopcontact.

- Draai met een kruskopschroevendraier de schroef van de afdekking los en neem de afdekking af.
- Draai de gloeilamp uit de fitting en verrang deze door een neue van hetzelfde type.
- Schroef de afdekking weeR vast.
- Steek de stekker terug in het stopcontact.
Inbedrijfstelling
Voorwaarde voor inbedrijfstelling
U hebts het hoofdstuk, "Veiligheid" vanaf pagina 5 gelezen en alle voiligheidsinstructies begrepen.
Vervoeren en uitpakken

WAARSCHUWING
Verstikkingsgevaar!
Kinderen können in de verpakkingsfolie verstrikt raken of petite onderdelen inslikken en stikken.
- Kinderen nicht met de verpakkingsfolie latent spelen.
Voorkom dat kinderenkleine onderdelen van het apparaat verwijderen ofuit de accessoirezak nemen en in demond steken.

VOORZICHTIG
Verwondingsgevaar!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan leiden tot verwondingen.
Het apparaat is zwaar en onhandelbaar. Bij transport en inbouw de hulp van een andere person vragen.
- Sokkel, laden, deuren enz. nied als treeplank of ondersteuning ge-bruiken.
!AANWIJZING
Gevaar voor beschadiging!
Ondeskundige omgang met het apparaat kan tot beschadigingen leiden.
-
De koelkast indien möglich nicht horizontal kantelen.
Voor het uitpakken geen scherpe of suntige voorwerpen gebruiken. -
Vervoer het apparaat met behulp van een steekwagen of een tweede persoon.
- Pak het apparaatuit en verwijder voorzichtig alle verpakkingsdelen, kunststofprofielen,plakstrips, beschemingsfolie en schuimpolsters binnen,buiten en op de achterkant van het apparaat.
Geschikte opstellingsplaats kiezen

VOORZICHTIG
Gevaren door koelmittel!
- Het koelcircuit Niet beschadigen, bijv. door doorboren van de koelkanalen van de verdamper met scherpe voorwerpen, knikken van buisleidingen enz.
Uitspattend koelmiddel is brandbaar en kan leiden tot oogschade. Spoel in dit geval de ogen onder helder water en consulteer onmiddelijk een arts.
AANWIJZING
Gevaar voor beschadiging!
Het apparaat werkt möglichk nicht probleemloos, wanner het voor langereijd aan te geringe omgevingstemperatuur wordt blootgesteld. Het kan dan komen tot een temperatuurstijging in het interieur.
-
Altijd de voorgeschreiben omgevingstemperatuur aanhonden (zie regel "Klimaatklassen" op pagina 117).
-
De opstellingsruimte要去 minste 5 m^3 groot়n zodate in het geval van een lekkage van het koelmiddelcircuit geen ontbrandbaar gas-lucht-mengsel kan ontstaan.
Apparaat alleen op een vlakke en stevige ondergrond neerzetten. De ondergrond要去 het gewicht van het gezulde apparaat hun dragen. - Goed geschickt়n locaties, die droog, goed geventileerd en zo möglichk koel়n.
- Ongunstig zich locaties met direct zonlicht of direct naast een oven, kookplaat of radiator.
Deuraanslag wisselen
U kunt de zichde, waar de deur opent, wisselen. De wisseling moet gebeuren voor de inbouw van de koelkast.
Omdat de wisseling van de deuraanslag enige handvaardigheid vereist dient u eerst de werkstappen een keer door te lezen.
Om de deuraanslag te wisselen, hebt u het volgende gereedschap nodig (niet in de leveringsomvang begrepen):
Dopsleutel, 8 mm
Kruiskopschroeevendraier
- middelgrote schroevendraier
Deuraanslag van de koelkastdeur wisselen
- Verzeker dat de stekker nicht is aangesloten
- Schroef de scharnieren boven en onder bij gesloten deur af. Gebruik bij voorkeur de dopsleutel.

3. Neem de koelkastdeur eruit en zet die opzij.

- Plaats de koelkastdeur op het onderste scharnier.

- Draai het scharnier, dat eerder onder was bevestigd, 180^ . Plaats het boven op de tegenoverliggende zichde in de koelkastdeur.
- Sluit de koelkastdeur en schroef het scharnier vast. Gebruik waarvoord twee schroeven, waarmee het scharnier voorheen was bevestigd.
U hebte de deuraanslag succesvol gewisseld.
Deuraanslag van de vriesvakdeur wisselen

- Schroef de scharnierschroef links onder het vriesvakuit. Gebruik waarvoor de kruskopschroevendraier.
- Open de vriesvakdeur en neem.Dezeuit.
3.Trek het scharnier van de onderste pen van de vriesvakdeur en plaats het 180^ gedraaid op de pen boven d e vriesvakdeur. Leg de vriesvakdeur opzij.

- Verwijder de beiden afdekkingen en schroef de twee schroeven van de deursluiting uit.
- Draai de deursluiting 180^ en bevestig hem op de tegenoverliggende zichde. Gebruik de schroeven, waarmee de deursluiting eerder was bevestigd.
- Druk de beiden afdekkingen werden in de deursluiting.
- Plaats de vriesvakdeur 180^ gedraaid op de tegenoverliggende zije.
- Schroef het scharnier met de scharnierschroef onder de vriesvakdeur vast.
U hebte de deuraanslag van de vriesvakdeur succesvol gewisseld.
De inbouwnis en ventilatie
De inbouwnis要去voldoen aan verschillende voorwaarden.

-
De inbouwnis mag geen Achterwand hebben en moet de volgende afmetingen hebben:
-
Hoogte (H) min. 880 mm
Breedte (B) min. 560 mm
Diepte (T) min. 550 mm -
De inbouwnis moet zich in de buurt van een correct geinstalleerd geaard stopcontact bevinden, zodat de lengte van de voedingskabel van ca. 1520 mm volstaat, om het apparaat op het stroomnet aan te sluiten.
- Om voldoende ventilatie van de koelkast te bereiken,要去en de specificaties van de vereiste ventilatedoorsnede worden aangehonden.
-
De ventilatie van de compressor en de condensor geleurt door een opening, die aan de onderste zijde van het keukenmeubel voorhanden要去en (afmeting van de opening: 200cm_2
-
Bovenaan het keukenmeubel moet ook een opening voorhanden zijn, zodat de lucht kan ontsnappen
(afmeting van de opening: 200~cm_2 200 cm2


- De inbouwnis要去 aan de naastligende kanten of aan de wand vastgeschroefd en zorgvuldig uittgelijnd worden. De meubeldeuren要去 uittgelijnd en de scharnieren vastbezet zichn.
Inbouw
AANWIJZING
Gevaar voor beschadiging! Ondeskundige omgang met de koelkast kan tot beschadigingen leiden.
- De inbouw van de koelkast moet worden uitgevoerd dooreen vakman, anders verralt de garantieaanspraak.

| Bevestigingsmaterial (leveringsomvang) | ||
| Nr. | Benaming | Hoeve elheid |
| (a) | Hoekstukken | 2 |
| (b) | Deurmeenemer | 2 |
| (c) | Afdekstrip, lang | 2 |
| (d) | Afdekstrip, kort | 2 |
| (e) | Schroeven | 12 |
| (f) | Voegprofiel | 1 |
- Neem de glasplaten (8) en (9), groenteladen (7) en de deurvakken (4) tot (6)uit de koelkast.
- Steek de stekker in een correct geinstalleerd stopcontact.
- Plaats de koelkast in de inbouwkast. De koelkast要去 voor gelijkliggend met
onderste rand van de inbouwkast staan. Aan de tegenoverliggende zijde van het deurscharnier moet een afstand van 4 mm in de totale hoogte tussen koelkast en kastwand worden aangehouden, zodat het voegprofiel kan worden ingeklemd.

- Schroef de koelkast met de schroeven (e) aan de inbouwkast vast.

- Open de koelkastdeur en schroef de hoekstukken (a) met de schroeven (e) aan de koelkastdeur.

- Open de koelkastdeur zo ver möglichk.
- Schuif de deurmeenemer (b) in de geleiderails van de hoekstukken (a).

- Schroef de deurmeen emer (b) met deschroeven (e) op een afstand van ca. 18 mm van de rand van de inbouwkastdeur vast.
- Sluit de deur van de inbouwkast en controllerer waar bij de glijgeleiding tussen hoekstuk (a) en deurmeenemer (b) op probleemloze werkig. Corrigeer eventueel de positie van de deurmeenemer.
- Tussen koelkast en inbouwkastdeur要去en min. 6 mm brede spleet blijven, zodat de koelkastdeur probleemloos kan sluiten. Om de spleetbreedte in te stellen, draait u de schroeven (e) iets los en stelt handmatig de gewenste afstand in. Trekken

Draai daarna de schroeven (e) wee vast.
- Open de koelkastdeur zo ver möglichn en schuif de lange afdekstrip (c) in de geleiderails van de deurmeenemer (b).
- Plaats de korte afdekstrip (d) als afdekking op de hoekstukken (a).

- Snijd het voegprofiel (f) op de passende lenghte.Druk het op detegenoverliggende zichde van het deurscharnier:tussen koelkast en inbouwkastwand.
- Plaats de glasplaten (8) en (9), groenteladen (7) en de deurvakken (4) tot (6) wee terug.
U hebte de koelkast succesvol ingebouwd.
Basisreiniging
Om de geur te verwijderen, die alle neue apparaten haben, reinigt u het apparaat, voor u het gezruikt (zie „Koelgedeelte reinigen" op pagina 105) en (zie „Vriesgedeelte ontdoieten en reinigen" op pagina 105).
Apparaat elektrisch aansluten
-
Steek de stekker in een correct geinstalleerd en gemakkelijk toegankelijk stopcontact (220-240 V~ / 50 Hz).
-
Open de deur.
De koelkast is gebruiksklaar.

Alles wat belangrijk is voor de bediening vindt u vanaf pagina 98.
Foutopsporingstabel
Bij alle elektrische apparaten kuren storingen optreden. Daar bij hoeft er geen spreke teijken van een defect aan het apparaat. Controlleraarom aan de hand van de tabel, of u de storing kunt verhelpen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken bij ondeskundige reparations! Nooit proberen, het defecte – of vermoedelijk defecte – apparaat zich te repareren. Dat kan u en latere gebruikers in gevaar brengen. Alleen geauthoriserde vakkrachten mogen deze reparationsuitvoeren.
| Probleem | Mogelijk oorzaak | Oplossingen, tips, toelichtingen |
| Compressor UIT, binnenverlichting UIT. | Stopcontact zonder stroom. | Stopcontact met een ander apparaat controllederen. |
| Stekker zich los. | Goed vastzitten van de stekker controllederen. | |
| Compressor UIT, binnenverlichting aan. | Temperatuurregelaar (3) staat op „0". | Temperatuurregelaar op hogere positie draaien (zie „Temperatuur instellen“ op vagina 98). |
| Gewenste temperatuur is bereikt. | Verder koelen Nietoodzakelijk. Als de binnentemperatuur stijgt, schakelt de compressor zich automatisch in. | |
| Apparaat koelt te sterk. | Temperatuurregelaar te hoop ingesteld. | Lagereinstellingkiezen (zie „Temperatuur instellen“ op vagina 98). |
| Apparaat koelt nicht voldoende. | Temperatuurregelaar te laag ingesteld. | Hogereinstellingkiezen (zie „Temperatuur instellen“ op vagina 98). |
| Deur Niet goed gesloten of deurafdichting ligt nicht hebemaal aan. | Zie „Deurafdichtingen controllederen en reinigen“ op vagina 104. | |
| Apparaat staat in de buurt van een warmtebron. | Isolatieplaat:tussen de apparaten zetter of locatie wisselen. | |
| Gerechten warm opgeslagen. | Alleen afgekoelde gerechten opslaan. | |
| Te veel goederen ingevroen. | Maximaal 2 kg tegelijk invriezen. | |
| Dikte van de ijslaag in het vriesgedeelte. | Vriesgedeelte ontdooven (zie „Vriesgedeelte ontdooven en reinigen“ op vagina 105). | |
| Omgevingsttemperatuur te laag of te hoop. | Omgevingstemperatuur aan klimaatklassa aanpassen (zie „Gegevensblad“ op vagina 117). | |
| Compressor lijkt defect. | Temperatuurregelaar op „7“ zetten. Schakelt de compressor nicht binnen n.uur in, informeert u onsze service (zie pagina 263). | |
| Apparaat genereert geluiden. | Bedrijfsgeluiden zijn functiegerelateerd en duiden nicht op storingen. | Ruis: Koelaggregaat loopt. |
| Stromingsgeluiden: Koelmiddel stroomt door de buizen. | ||
| Klikken: Compressor schakelt een. | ||
| Storende geluiden. | Stevige stand controlleren. | |
| Voorwerpen van het apparaat verwijderen. | ||
| Vreemde voorwerpen van dechyterkant van het apparaat verwijderen. | ||
| Onder in het koelgedeelte heeft zich water verzameld. | Dooiwaterafvoer boven de fruit-groentelade is verstocht. | Verstopping van de dooiwaterafvoer met behulp van een reinigingsstaafje verzhelpen. |
Milieubescherming
Oude elektrische apparaten milieuvriendelijk afvoeren

Elektrische apparaten bevatten schadelijke stoffen en waardevolle grondstoffen.

ledere consument is.daarom wettelijk verplicht, oude elektrische apparaten
bij een erkend inzamelings- of inleverpunt af te gehen. Daardoor worden ze op een milieuvriendelijkene en grondstoffenbesparende manier gerecycled.
U kunt oude elektrische apparaten kosteloos bij het lokale grondstoffen/recyclingbedrijf afgeven.
Voor meer informatie over dit onderwerp neemt u contact op met uw dealer.
Onze bijdrage ter bescherming van de ozonlaag

In dit apparaat werden 100% CFK- en HKF-vrije koel- en schuimmiddelen gezruikt. Daardoor wordt de
ozonlaag beschermd en het broeikaseffect gereduceerd.
Onze verpakkingen worden van milieuvriendelijke, herbruikbare materialen vervaardigd:
Buitenverpakking van karton
Vormdelen van geschuimd, CFK-vrij polystyreen (PS)
- Folien en zakken van polyethyleen (PE)
- Spanbanden van polypropyleen (PP)
- Ook energia besparen beschermt gegen overmatige opwarming van onsze aarde. Uw neue apparaat verbruikt met zich milieuvriendelijkke isolatie en zich techniek weinig energia.
Als u de verpakking wilt weggooien, dient u\ deze op een milieuvriendelijk manier af te\ voeren.
Sticker „OK"
(niet bij alle modellen)
Met de "OK"-temperatuurcontrole
kunnen temperaturen oder +4^
worden geregisteerd. Stel
de temperatuur trapsgewijs kouder in als de sticker nicht OK" aangeeft.
Aanwijzing
Bij ingebruikneming van het apparatus
kan het tot 12 uur duren voor
de temperatuur is bereikt.

Correcte instelling
Gegevensblad voor elektrische huishoudelijkke koel- en vriesapparaten evenals combinatieapparaten conform verordening (EU) nr. 1060/2010, 643/2009.
| Merk | Blaupunkt | ||
| Apparaataanduiding | Inbouwkoelkast met vriesvak/zonder vriesvak | ||
| Model / artikelnummer | 5CG22010 | 5CK22010 | |
| Categorie van de koelkast 2) | Koel-vriesapparaat koelkast | ||
| Energieklasse 1), 2) | A+ | A+ | |
| Jaarlijks energieverbruik 2) | 179 kWh/jaar | 117 kWh/jaar | |
| Totale nuttige inhoud 2) | Sterklasse koelbereik (vorstvrij)2) | 15 L / 105 L 130 L | |
| Bewaartijd bij storing 2) | 13 uur | N/A | |
| Vriescapaciteit 2) | 2 kg / 24 uur | N/A | |
| Klimaatklassen 3)/ grenswaarden van de omgevingsttemperaten, waaroor de inbouwkoelkast met vriesvak is ontworpen | N, ST / +16 °C tot +38 °C | N, ST / +16 °C tot +38 °C | |
| Luchtgeluidemissie 2) | 41 dB(A) re 1pW | ||
| Inbouwapparaat | ja | ||
| Vermogen | 80 W | 80 W | |
| Voedingsspanning | 220-240 V~ / 50 Hz | ||
| Stroomverbruik | 0,55 A | 0,45 A | |
| Afmetingen (hoogte × bredte × diepte) | 88 cm × 54 cm × 54 cm | ||
| Leeg gewicht | 29 kg | ||
| Koelmiddel | R600a (Isobutan) | ||
| Koelmiddel vulhoeveelheid | 20 g | 18 g | |
| Schuimmiddel | Cyclopentaan | ||
1) Beoordeling van A + + + (=laag verbruik) tot D (=hoog verbruik).
2) Bepaald conform verordering (EU) nr. 1060/2010 en verordering (EU) nr. 643/2009. De toegepaste meet- en berekeningsmethoden voldoen aan de norm EN 62552.
3) Klimaatklasse betekent, dat het apparaat is bestemd voor gebruik bij de genoemde omgevingstemporatuur. Is bij de specificaties voor de klimaatklasse een combinatie aangegeven, betekent dit bij een apparaat, waar bij bijv. de combinatie SN-ST is aangegeven, dat het geschikt is voor temperaturen van +10^ tot +38^ . Daalt de temperatuur in de ruimte waar wezenlijk onder, schakelt het apparaat Niet zo vaak in. Dit betekent, dat een ongewenste temperatuurstijging kan ontstaan.
Wanner het apparaat in een warme ruimte staat, moet het vaker inschakelen, om de lage temperaturen in het apparaat te konnen handhaven. Daarom要去 letten op het aanhouden van de omgevingstemperatuur.
Omgevingstemperatuur per klimaatklasse SN: +10^ tot +32^ N: +16^ tot +32^ ST: +16^ tot +38^ T: +16^ tot +43^
De genoemde geevens hebben betrekking op in de teststandaard precies vastgelegde omgevingsomstandigheden. Daarom kan het voorkomen, dat de waarden in het eigen huishouden afwijken van de genoemde geevens.
Indices
Consegrna 119
2× vinkelbeslag (a)
2× dorrmedbringare (b)
2× tackremsor,langa c) 2× tackremsor,korta d