R 112C5 - Elektrische grasmaaier HUSQVARNA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis R 112C5 HUSQVARNA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over R 112C5 HUSQVARNA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Elektrische grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding R 112C5 - HUSQVARNA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. R 112C5 van het merk HUSQVARNA.
GEBRUIKSAANWIJZING R 112C5 HUSQVARNA
NL Gebruiksaanwijzig 75-109
SL Navodila za uporabo 110-143
Inhalt
Einleitung. 2
Sicherheit. 6
Montage. 12
Betrieb. 14
Wartung. 19
Fehlerbehebung. 29
Vervoer, opslag en verwerking. 103
Montage. 85
Afleveringsinspectie en productnummers
Let op: Bij dit product werden een afleveringsinspectie uitgevoerd. Vraag uw dealer om een getekend exemplaar van het afleveringsinspectiedocument.
| Contactinformatie Husqvarna serviceworkplaats: | |
| Deze gebruikershandleiding hoor bij het product met het product//serienummer: | |
| / | |
| Motor: | |
| Transmissie: | |
Productbeschrijving
Het product is een zitmaaier. Met de pedalen voor vooruit enchteruit rijden kan de bestuurdere slelheid traploos aanpassen. Het product worden gebruikt in combinatie met een 2-in-1 maaidek met mulchplug.
Gebruik
Het product is gemaakt voor het maaien van gras op open en vlakke ondergrond in woonwijken en tuinen. Bevestig een optionele accessoire om het product voor
andere doeleinden te gebruiken. Neem contact op met uw Husqvarna-leverancier voor meer informatie over de beschikbare accessoires.
Verzeker uw product
Zorg ervoor dat uw nieuwe product verzekerid is. Neem bij twijfel of vragen over verzekering contact op met uw verzekeraar. Wij raden u aan een all-risk verzekering af te sluiten die alle risico's afdekt, inclusief schade aan derden, brand, schade, diefstal en aansprakelijkheid.

- Typeplaatje
- Hendel voor het in- en uitschakelen van de aanrijving
3.Accu - Regeling gashendel/choke
- Ontstekingsvergrendeling
- Hefhendel voor het maaidek
- Pedaal voor achechteruitrijden
- Pedaal voor vooruitrijden
- Maaihoogtehendel
- Parkeerrempedaal
- Vergrendelknop voor parkeerrem
- Stoelverstelling
- Dop benzinetank
- Kapvergrendeling

- Typeplaatje
2.Accu - Regeling gashendel/choke
- Hendel voor schakelen
- Ontstekingsvergrendeling
- Hefhendel voor het maaidek
- Vergrendelknop voor parkeerrem
- Parkeerrempedaal
- Maaihoogtehendel
- Koppelingspedaal
- Stoelverstelling
- Dop benzinetank
- Kapvergrendeling
Veiligheidsschakelaar stoe
De veiligheidsschakelaar van de stoeil activeert het veiligheidscircuit zodra de bestuurder opstaat van de stoeil. De motor en de aandrijving van de messen stoppen als de messen zich ingeschakeld of de parkeerrem Niet is geactiveerd. Zie ook Veiligheidscircuit op pagina 82.
Hendel voor gasklep/choke
Met de hendel voor de gasklep en choke regelt u het motortoerental en schakelt u de choke in. Beweeg de hendel maar voren om het motortoerental te verhogen enaar achteren om het motortoerental te verlagen.Trek de hendel maar boven om de choke in te schakelen. Gebruik de choke om het product te starten wanner de motor koud is.Zie De motor starten op pagina 88.
Maaidek
Het product worden gebruikt in combinatie met een 2-in-1 maaidek met mulchfunctie. De mulchfunctie snijdt het gras tot meststof. Het 2-in-1 maaidek kan ook zonder mulchfunctie worden gebruikt, dan heeft het devel eenuitworp aan dechterzijde voor het gras.
Maaihoogtehendel
De maaihoogte kan in 5 verschillende posities (1-5) worden ingesteld.

Let op: Zet het maaidek omhoog voordat u de maaihoogte instelt.

Symbolen op het product

WAARSCHUWING: Onzorgvuldig of onjuist gebruik kan leiden tot ernstig letsel of overlijden van de bestuurder of anderen.

Lees de bedieningshandleiding zorgvuldig door en zorg dat u de instructies hebt begrepen voordat u het product gebruikt.

Draaiende messen. Houd lichaamsdelenuit de buurt van de kap wanner de motordraait.

Waarschuwing: draaiende delen. Houd lichaamsdelen uit de buurt.

Kijkuit voorweggeslingerde enafgeketste voorwerpen.

Gebruik het product nooit als personen, met name kinderen en/of huisdieren, zich in de directe omgeving bevinden.

Kijk awhile u voor en tijdens achechteruit rijden.

Maai nooit gras dwars over een helling.
Maai geen gras op een helling van meer dan 10^ . Zie Gras maaien op hellingen op pagina 82

Laat nooit passagiersmeerijden op het product of bijbehorende uitrusting.

Vooruit rijden.

Neutraalstand.

Achteruit rijden.

Koppeling (R 112C5).

Choke (voor R 115C en R 112C5).

Parkeerrem.

Het product voldoet aan de geldende EGrichtlijnen.

Geluidsemissiesaar het omgevingslabel volgens de richtlijen en voorschriften van de EU en het VK en de wetgeving van Nieuw-Zuid-Wales"Protection of the Environment Operations (Noise Control) Regulation 2017". Het gegardeerde geluidsvermogensniveau van het product staat vermeld in Technische gegevens op pagina 105en op het label.

Gebruik aktijd goedgekeurde gehoorbescheming.

Stop de motor.
START
Start de motor.

Motortoerental - snel.

Mortortoerental - langzaam.

Brandstof.

Max. ethanol 10% .

De messen zich ingeschakeld.

De messen zijn uitgeschakeld.

Transportpositie van het maaidek.

Werkstand van het maaidek.

Oliepeil.
Let op: Andere symbolen/stickers op het product hebben betrekking op certificeringseisen voor bepaalde markten.
Euro V-emissies

WAARSCHUWING: De EU-typegoedkeuring van dit product vervalt als
ongeoorloofde wijzigingen aan de motor aangebracht worden.
Schade aan het product
We waar nicht verantwoordelijk voor schade aan ons product als:
- het product Niet goed is gerepareerd.
- het product is gerepareerd met onderdelen die nicht van de fabrikant afkomstig zijn, of onderdelen die nicht zich goedgekeurd door de fabrikant.
- het product een accessoire bevat dat Niet afkomstig is van de fabrikant of Niet is goedgekeurd door de fabrikant.
- het product Niet is gerepareererd door een erkend servicepunt of door een erkende autoriteit.
Ondersteuning
Voor ondersteuning over het product gaat u maar het gedeelte Ondersteuning op www.husqvarna.com voor instructucties, handleidingen voor probleemoplosing of om de Husqvarna Self-service en de Productzoeker te gebruiken (indien beschikbaar in uw markt). Neem contact op met uw Husqvarna-servicedealer voor ondersteuning met betrekking tot het product.
Veiligheid
Veiligheidsdefinities
Waarschuwingen, voorzorgsmaatregelen en opmerkingen worden gezruikt om te wijzen op belangrijke delen van de handleiding.

WAARSCHUWING: Wort gebrukt om te wijzen op de kans op ernstig of fataal letsel voor de gebruiker of omstanders wanner de instructies in de handleiding nicht worden gevolgd.

OPGELET: Wordt gebruikt indien er een risico bestaat op schade aan het product en andere eigendommen of aan de omgeving wanner de instructies in de handleiding Niet worden gevolgd.
Let op: Geven verdere informatatie die nodig is in een bepaalde situatie.
Algemene veiligheidsinstructies

WAARSCHUWING: Dit product kan handen en voeten afsnijden en objcten wegslingeren. Ernstig letsel of de
dood kuren het gevolg+zijn als u deveiligheidsvoorschriften negeert.

WAARSCHUWING: Gebruik een product Niet langer als de snijuitrusting beschadigd is. Beschadigde snijuitrusting kan objecten wegslingeren en als gevolg waarvan ernstig of dodelijk letsel veroorzaken. Vervang beschadigde messen onmiddelijk.

WAARSCHUWING: Dit product produces tijdens bedrijf een elektromagnetisch veld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden de werkking van actieve of passieve medische implantaten verstoren. Om het risico op ernstig of dokelijk letsel te beperken, raden we personen met een medisch implantaat aan om contact op te nemen met hun arts en de fabrikant van het medische implantaat alvorens dit product te gaan gebruiken.

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Wees altijd voorzichtig en gebruik uw gezond verstand. Vermijd situatuies die uw capaciteiten te boven gaan. Als u na het lezen van de gebruikershandleiding Niet precies weet hoe u het product要去 bedien, vraag dan advies aan deskundige voordat u verder.gaat.
- Voordat u het product gaat gebruiken, moet u de gebruikershandleiding en de instructies op het product lezen en begrijpen.
Zorg dat u weet hoe u het product en de bedieningselementen veilig gebruikt en hoe u het product snel kunt stoppen.
Zorg ook dat u weet wat de veiligheidspictogrammen beteken. - Houd het product schoon zodate plaatjes en stickers leesbaar blijven.
Denk erom dat de bediener of gebruiker verantwoordelijk is voor ongelukken of beschadigingen aan eigendommen.
Vervoer geen passagiers. Het product mag maar door een persoon worden gebruikt.

- Laat het product Niet onbeheerd staan verwijl de motor draait. Alvorens het product onbeheerd te lately dient u.altijd de messen te stoppen, de parkeerrem in te schakelen, de motor uit te schakelen en de contactsleutel te verwijderen.
- Gebruik het product alleen bij daglicht of onder goed verlichte omstandigheden. Houd het product op een veilige afstand van gaten en andere onregelmatigheden in de grond. Kijkuit voor andere möglichke risico's.
- Gebruik het product nooit bij slecht werk, zoals mist, regen, op vochtige of natte plekken, bij krachtige wind, strengge kou, bij onweer, enz.
- Markeer stenen andere vaste objcten om botsingen te voorkomen.
- Verwijder stenen, speelgoed, draden, enz. uit het werkgebied,.ovat deze anders door de messen kuren worden weggeslingerd.

- Laat kinderen of andere Personen die nicht geschikt zijn om het product te gebruiken, geen werkzaamheden met of aan het product verrichten. De minimuml.eeftijd van de gebruiker kan zich vastgelegd in plaatselijke voorschriften.
Zorg dat er zich niemand in de buurt van het product bevindt wanner u de motor start, de aandrijving inschakelt of met het product gaat rijden. - Houd een oogje op het verkeer als u maait nabij een weg of wanner u een weg oversteegt.
- Gebruik het product nooit wanneer u vermoeid bent, alcohol of drugs hebt gebruikt, of als u medicijnen gebruikt die uw gezichtsvermögen, beordelingsvermögen of coordinatie+kennen beinvloeden.
- Parkeer het product altiijd op een vlakke ondergrond met de motor uitgeschakeld.
Veiligheidsinstructies met betrekking tot kinderen

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Er können zich ernstige ongevallen voordoen als u Niet goed oplet verwijl er zich kinderen in de nabijheid van het product bevinden. Kinderen können worden aangetrokken tot het product en het maaien. Het is heel goed möglichk dat kinderen Niet langer� waar u ze het LAST zag.
- Houd kinderen uit de buurt van het gebied dat moet worden gemaaid. Zorg ervoor dat de kinderen onder toezicht van een volwassene staan.
- Let goed op en schakel het product uit als er kinderen in het werkgebied komen. Wees vooral voorzichtig bij bochten, bosjes, bomen of andere objecten die uw zich kunnen belemmeren.
- Kijk allerom en ook maar beneden, voordat u begint metchteruit rijden en tijdens hetchteruit rijden, om te verifiernen of er zich geenkleine kinderen in de buurt van het product bevinden.
- Laat geen kinderen op het producteerijden. Ze kuren eraf vallen en ernstig gewond raken of kuren het veilig gebruik van het product hinderen.
- Laat het product Niet door kinderen bedieren.

Veiligheidsinstructies voor bediening

WAARSCHUWING: Raak nooit de motor of uitlaat aan tijdens of direct na gebruik. De motor en het uitlaatsystem worden zeer heet tijdens het gebruik. Kans op brandwonden, brand en schade aan eigendommen of aangrenzende gebieden. Houd tijdens het maaien de machine uit de buurt van bosjes en andere objecten.

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Kijk alsijd maar beneden en achterom voordat en terwijl u achechteruit rijdt. Kijkuit voor groe enkleine obstakels.
- Verlaag de rijnselheid voordat u een bocht neemt.
- Stop de messen wanneer u door zones rijdt waar u niet maait.

OPGELET: Lees de volgende
veiligheidsinstrumenties voordat u het product
gaat gebruiken.
Maak de koelluchtinlaat van de motor vrij van gras en vuil voordat u het product gebruikt. Als de koelluchtinlaat geblokkeerd is, bestaat het risico op motorschade.
- Beweeg voorzichtig rond stenen en andere große objecten en zorg dat de messen de objecten Niet raken.
Zorg dat u met het product geen objecten raakt. Stop en inspecteer het product en het maidek wanner de messenijdens het maaien iets geraakt hebben. Voer waar nodig reparationsuit voordat u verder gaat.
Persoonlijke beschermingsuitrusting

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Draagijdens het gebruik van het product alsijd goedgekeurde persoonlijke beschermingsmiddelen.
Persoonlijke beschemmingsuitrusting kuren nicht alle risico'suitslutenaar kuren de ernst van eventueel letsel helpen beperken. Vraag uw dealer u te helpen bij hetkiezen van de juiste beschemmingsmiddelen.
- Gebruik goedgekeurde gehoorbescherming. Langdurige blootstelling aan lawaai kan leiden tot permanente gehoorbeschadiging.
- Gebruik zware antisliplaarzen of -schoenen. Stalen neuzen worden aanbevolen. Draag geen open schoenen en loop Niet op blote voeten.

Draag zo nodig beschermende handschoenen, bijvoorbeeld bij het monteren, inspecteren of reinigen van de snijuitrusting.
- Draag geen loszittende kleding, sieraden of andere voorwerpen die vast können=komen te zitten in bewegende delen.
- Houd een EHBO-doos en een brandblusser binnen handbereik.
Veiligheidsvoorzieningen op het product

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Gebruik geen producten met verzilgheidsvoorzieningen die beschadigd zijn of Niet correct werken. Controller de verzilgheidsvoorzieningen regelmatig op eenjuiste werking. Als de verzilgheidsvoorzieningen zijn beschadigd, neem dan contact op met uw Husqvarna-servicedaler.
- Voer geen veranderingen uit aan de veiligheidsvoorzieningen. U mag het product Niet gebruiken als beschemmingsplaten, afterscheringen, veiligheidsschakelaars of andere veiligheidsvoorzieningen ontbreken of beschadigd zich.
Het contactslot controlleren
- Start de motor en schakel die weeer uit bij wijze van controle van het contactslot. Zie De motor starten op pagina 88 en Motor uitschakelen op pagina 90.
-
Verifieer of de motor start wanner u de contactsleutel maar START draait.
-
Verifieer of de motor onmiddelijk uitschakelt wonneer u de contactsleutel maar STOP draait.
Veiligheidscircuit
De motor kan alleen worden gestart als aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
- Het maiadek staat in de geheven stand en de parkeerrem is geactiveerd.
De motor moet in de volgende situations uitschakelen:
- Het maaidek worden omlaag gezet en de bestuurdert staat op van de stoeil.
- Het maaidek staat in de geheven stand, de parkeerrem is nicht geactiveerd en de bestuurdere staat op van de stoel.
Voor het controlleren van het veiligheidscircuit probeert u de motor te starten verwijl aan een van de bovenstaande voorwaarden Niet worden voldaan. Wijzig de omstandigheden en probeer het opnieuw. Voer deze controle dagelijksuit.
De snelheidsbegrenzer controleren, R 112C, R 115C
- Laat het pedaal voor vooruitrijden los (1). Het toerental worden lager.
- Voor meer remkracht drukt u het pedaal voorchteruit rijden in (2).

- Zorg dat de pedalen voor vooruit rijden enchteruit rijden Niet geblokkeerd zijn en over de gehele medalaalsag hunnen worden bediend.
- Controller of het toerental lager worden wanner u het pedaal voor vooruit rijden loslaat.
Het rempedaal controlleren, R 112C5
Bij R 112C5 is het parkeerrempedaal ook de bedrijfsrem.
- Controller of het toerental lager worden wanner u het rempedaal intrapt.

- Zorg dat het rempedaal Niet geblokkeerd is en over de gehele pedaalslag kan worden bediend.
Geluiddempper
De uitlaatdemper is bedoeld om het geluidsniveau zo laag möglich te houden en om de uitlaatgassen weg te voeren van de gebruiker.
Gebruik het product Niet als de geluiddempoert ontbreekt of beschadigd is. Een beschadigde geluiddempoert laat het geluidniveau stijgen en vergroot het risico van brand.

WAARSCHUWING: De
uitlaatdemper worden erg heetijdens en na gebruik en wonneer de motor draaith bij stationair toerental. Wees voorzichtig in de buurt van brandbare materialen en/of dampen om brand te voorkomen.
Parkeerrem

WAARSCHUWING: Als de
parkeerrem nicht werkt, kan het product
beginnen te bewegen en daardoor letsel
of schade verooorzaken. Inspector de
parkeerrem regelmatig en stel deze af indien
nodig.
Zie De parkeerrem controleren op pagina 95.
Beschemkappen
Ontbrekende of beschadigde beschemmkappen vergroten de kans op letsel bij bewegende delen en hete oppervlakken. Voer een controle van de beschemmkappen uit voordat u het product start. Zorg dat de beschemmkappen juist zich aangebracht en nicht zich gescheurd of andere beschadigingen vertonen. Vervang beschadigde beschemmkappen.
Gras maaien op hellingen

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Maaien op een helling verhoogt het risico dat u de controle over het product verliest en dat het product Kantelt. Dit kan ernstig of dodelijk letsel veroorzaken. Bij maaien op een helling is het van groot belang voorzichtig te werk te gaan. Als u Niet achechteruit gegen een helling op kunt rijden of als u zich waar nicht prettig bij voelt, maai de helling dan Niet.
- Verwijder stenen, takken en andere obstakels.
- Maai vertical against the helling (omhoog en omlaag), nicht horizontal (van linksaar rechts of omgeekerd).
Rijd Niet een helling af met opgeheven maaidek. - Gebruik het product Niet op een helling van meer dan 10^ .

- Start of stop nicht op een helling.
Rijd op hellingen gelijkmatig en langzaam.
Vermijd abrupte veranderingen in snugheid enrichting. - Draai Niet meer danoodzakelijk.Draai langzaam en geleidelijk wonneer u een helling afrijdt.Rijd met lage snelheid.Draai voorzichtig aan het stuurwiel.
- Kijkuit voor en rijd Niet over voren,kuilen en hobbels. Er bestaat een grotere kans dat het product Kantelt op een ondergrond die Niet vlak is.Obstakels hunnen moeilijk te zien zich door hoog gras.
Maai Niet in de buurt van randen, greppels of hellingen. Het product kan plotseling kantelen als een van de wielen over de randen van een steile helling of greppel komt, of als een berm inzakt. Als het product in het water terechtkomt, bestaat het risico van verdrinking.

- Niet gebruiken voor het maaien van nat grayscale. Nat grayscale is glad en de banden hun hun grip verliezen waardoor het product slipt.
- Zet uw voet Niet op de grond om te proberen het producte stabiliseren.
- Ga Zoer voorzichtig te werk als er een accessoire of ander object aan het product is bevestigd waardoor het minder stabel is.
De machine veilig als trekker gebruiken
- Gebruik alleen door Husqvarna goedgekeurde trekuitrusting.
- Gebruik de trekhaak om de uitrusting te bevestigen.
Trek nooit apparatuur die zwaarder is dan het maximaal toegestane trekgewicht. Raadpleeg Technische gegevens op pagina 105

Zorg ervoor dat zich geen andere personen in de buurt van het product bevinden wonneer u apparatuur trekt.
- Wees voorzichtig wonneer u apparatuur op hellingen of over ruig terrein trekt.
- Gebruik het product met een laag toerental wanner u apparatuur trekt.
voorzichtig met brandstof. Brandstof is zeer brandbaar en kan leiden tot letsel en schade aan eigendommen.

volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
Vul de brandstoftank nooit binnen.
- Benzine en benzinedampen zijn giftig en zeerlicht ontvlambaar. Wees voorzichtig met benzine om letsel of brand te voorkomen.
- Verwijder de brandstoffankdop Niet en vul de tank Niet bij wanner de motor draait.
- Laat de motor afkoelen voordat u brandstof bijvult.
- Rook Nietijdens het bijvullen van brandstof.
- Vul geen brandstof bij in de nabijheid van vonden of open vuur.
Bij lekkage in het brandstofsystem mag u de motor Niet starten zolang de lekken Niet gerepareerd zich.
Vul de tank nicht verder dan het aanbevolen brandstofniveau. De warmte van de motor en de zon doet de brandstof uitzetten waardoor de brandstof kan overstromen als de tank te ver wordt gezuld.
Vul nicht teveel bij. Als u benzine op het product morst, dep dan de benzine op en wacht totdat het restant is verdampt voordat u de motor start. Als u benzine op uw kleding morst, trek dan andere kleding aan.
- Bewaar brandstof in waarvoor bestemde verpakkingen.
- Bewaar het product en de brandstof op zodanige wijze dat er geen risico bestaat dat brandstoflekken of dampen schade können veroorzaken.
- Tap brandstof af in een waarvoor goedgekeurde verpakking, en doe dat buiten en Niet in de nabijheid van open vuur.
Veiligheid bij accu's

WAARSCHUWING: Een beschadigde accu kan exploderen en letsel veroorzaken. Als de accu verrormd of beschadigd is, neem dan contact op met een Husqvarna servicedealer.

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Draag een veiligheidsbril wonneer u zich in de buurt van accu's begeeft.
- Draag geen horloges, sieraden of andere metalen voorwerpen in de buurt van de accu.
- Houd de accu buiten het bereik van kinderen.
- Laad de batterij op in een goed geventileerde ruimte.
- Houd ontvlambare materialen op een minimumafstand van 1 m wonneer u de batterij oplaadt.
Voer vervangen accu's af. Zie Afvoer op pagina 104. - Er können explosieve gassen uit de accu vrijkomen. Rook Niet in de buurt van de accu. Houd de accu uit de buurt van open vuur en vonden.
Veiligheidsinstructies voor onderhoud

WAARSCHUWING: Het product is maar en kan letsel of schade aan eigendommen of de omgeving veroorzaken. Voer geen onderhoud uit aan de motor of het maaidek zonder aan deze voorwaarden te voldoen:
- De motor is uitgeschakeld.
- Het product is op een vlakke ondergrond geparkeerd.
- De parkeerrem is ingeschakeld.
- De contactsleutel is verwijderd.
- Het maaidek is ontkoppeld.
- De bougiekabels zijn van de bougies losgenomen.

WAARSCHUWING: Uitlaatgassen van de motor bevatten koolmonoxide, een
geurloos, giftig en uiterst gevaarlijk gas. Gebruik het product Niet in gesloten ruimten of ruimten met onvoldoende luchtstroming.

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
- Voor optimale prestaties en veiligheid adviseren wij u het producte te onderhonden volgens het onderhoudsschema. Zie Onderhoudsschema op pagina 91.
- Elektrische schokken können letsel veroorzaken. Raak geen kabels aan als de motor draait. Voer een functietest van het ontstekingssystemen nicht met uw vingersuit.
- Start de motor nicht als de beschermkappen zijn verwijderd. Er bestaat dan groot risico op letsel door bewegende of hete delen.
- Laat het product afkoelen voordat u onderhoudswerkzaamheden in de buurt van de motor uitvoert.
- De messen zijn erg scherp en{kunnen snijwondenveroorzaken.Voorzie de messen van beschemming of draag beschemmende handschoenen wannear u aan de messen werkt.
- Plaats het maaidek algtd in de onderhoudsstand om het te reinigen. Parkeer het product Niet zich bij de rand van een greppel of helling om toegang te krijgen tot het maaidek.

OPGELET: Lees de volgende
veiligheidsinstrumenties voordat u het product
gaat gebruiken.
- Laat de motor nicht draaien als de bougie of ontstekingskabel is verwijderd.
- Zorg dat alle moeren en bouten goed zijn vastgedraaid en dat de apparatuur in goede staat is.
- Wijzig de instelling van de regelaars Niet. Als het motortoerental te hoog is,{kennen de productonderdelen beschadigd raken.Zie Technische gegevens op pagina 105voor het hoogst toegestane motortoerental.
- Het product is alleen goedgekeurd voor gebruik in combinatie met de uitrusting die worden geleverd of worden aanbevolen door de fabrikant.
Montage
Inleiding

WAARSCHUWING: De spanveer van de aandrijfrem kan breken, wat tot letsel kan leiden. Draag een veiligheidsbril wonneer u het maaidek bevestigt of verwijdert.
Lees de montage-instructies in de gebruikershandleiding aandachtig door. Een label aan de binnenzijde van de voorste afdekking van het product toont ook hoe het maaidek moet worden bevestigd en verwijderd.
Het maaidek bevestigen
- Parkeer het product op een vlakke ondergrond.
- Schakel de parkeerrem in.
- Duw het maaidek hier binnen en zorg ervoor dat de geleidebouten in de groeven van het frame van de machine vallen.

- Lijn de buizen op het maaidekuit met de buizen van het frame van de machine.

- Houd het maaidek met twee handen vast en duw het waar binnen.

- Bevestig de aandrijfrem zoals in de afbeelding is weergegeven.

- Bevestig de spanveer om de aandrijfrem onder spanning te zetten.

- Bevestig de afdekking van de aandrijfrem.
- Zet de maaihoogtehendel een van de standen 1-5.

Hetmaaidek verwijderen
- Parkeer het product op een vlakke ondergrond.
- Schakel de parkeerrem in.
- Zet de maaihoogtehendel in de onderhoudsstand (S).

- Zet de hefhendel voor het maaidek in de werkstand.

- Maak de klem los en verwijder de afdekking van de aandrijfrem.

- Maak de veer van de aandrijfrem los om de spanning van de aandrijfrem te halen.

-
Verwijder de aandrijfrem.
-
Voor (R 112C, R 112C5): Houd het maaidek met twee handen vast en trek hetঘ voren. Til het maaidek eraf en zet het gegen het product of een muur.

- Voor (R 115C): Pak het maaidek met twee handen vast en trek hetহ aan voren totdat het stopt.

- Beweeg het werktuigframe waar de verticale positie.

WAARSCHUWING: Bij
onvoorzichtig gebruik kan het vergrendelmechanisme uw vingers verwonden. Plaats het werktuigframe volledig verticaal.
- Verwijder de pen om de steun los te koppelen van het maidek.
- Houd het maidek met twee handen vast en trek het waar yoren.

- Til het maiadek eraf en zet het gegen het product of een muur.

Werking
Inleiding

WAARSCHUWING: Voordat u het product gaat gebruiken, dient u het hoofdstuk over veiligheid te lezen en hebben begrepen.
Brandstof bijvullen

WAARSCHUWING: Benzine is uiterst ontv lambaar. Wees voorzichtig en vul buitenshuis brandstof bij, zie Brandstofveiligheid op pagina 83.

WAARSCHUWING: Gebruik de brandstoftank nicht als ondersteuning.

OPGELET: Een verkeerde soort brandstof kan leiden tot motorschade.
De motor gebruikt benzine met een minimum octaangetal van RON 91 (87 AKI), nicht vermengd met olie. Wij adviseren biologisch afbreekbare alkylaatbenzine te gebruiken. Gebruik geen benzine dieeer dan 10% ethanol bevat.
- Controller het brandstofniveau voorafgaand aan elk gebruik en vul indien nodig bij.
- Vul de brandstoftank nooit volledig. Zorg ervoor dat er minimaal 2,5 cm ruimte overblijft.
De stoel afstellen
-
De stoel kan voorover gekanteld worden.
-
Om de stoel maar voren ofশ aancheren te zetten, draauit u de bouten onder de stoel los. Zet de stoel in de gewenste stand en draai de bouten vast.

In- en uitschakelen van het aandrijfsystem, R 112C, R 115C
Om het product te verplaatsen met uitgeschakelde motor dient u het aandrijfsystemeuit te schakelen.
Trek de hendel van het aandrijsysteme helemaal uit om de aandrijving maar de as uit te schakelen.

- Duw de hendel van het aandrijfsystem helemaal in om de aandrijving maar de as in te schakelen.

Let op: Gebruik geen tussenliggende standen.
Maaidek omhoog zetten en omlaag zetten
- Om het maaidek omhoog te zetten maar de transportstand, trekt u de hefhendel maar achteren. Als de motor draait, stoppen de messen met draaien.

- Om het maaidek omlaag te zetten maar de maa手持, drukt u op de vergrendelknop en beweegt u de hefhendel maar voren. Als de motor draait, beginnen de messen te draaien.

De motor starten
- Bij R 112C, R 115C zorgt u ervoor dat het aandrijfsystem is ingeschakeld. Zie In- en uitschakelen van het aandrijfsystem, R 112C, R 115C op pagina 87.

- Zet het maaidek omhoog.

- Schakel de parkeerrem in.

Let op: Bij R 112C, R 115C bevindt de\ parkeerrem zich aan de linkerzijde. Bij R 112C5\ bevindt de parkeerrem zich aan de rechtzerijde.
- Bij R 112C5 zet u de versnellingspook in de neutrale positie (N).

- Voor R 112C en R 112C5. Zet de gashendel in de startstand.
a) Als de motor koud is, zet u de gashendel in stand (C), de chokestand.

b) Als de motor warm is, zet u de gashendel tussen de standen (A) en (B).

- Draai de contactsleutel maar de startstand.

- Laat, zodra de motor aanslaat, de contactsleutel meteen los waar de neutralstand.

Let op: Bedien de startmotor Niet langer dan 5 seconden per keer. Als de motor Niet start, wacht dan 15 seconden voordat u het opnieuw probeert. Als de motor dan Niet start, wacht dan 1 minuut voordat u het opnieuw probeert.
- Laat de motor 3-5 minuten draaien met halfas (B) voordat u de motor bij zware belasting gebruikt.
- Stel het gewenste motortoerental in met de gashendel.
Let op: Het inschakelen van de maaimessen terwijl de motor met volle snelheid draait,veroorzaakt spanning op de aandrijfriemen. Gebruik pas vol gas wonneer het maaidek omlaag is gezet in de maaistand.
Het product gebruiken, R 112C, R 115C
- Selecteer de maaihoogte (1-5) met behulp van de maaihoogtehendel.

- Start de motor.
- Trap het parkeerrempedaal in en LAST deze verzolgens los om de parkeerrem uit te schakelen.

- Druk een van de rijpedalen voorzichtig in. De slenelheid neemt toe naarmate u het pedaal dieper indrukt. Gebruik pedaal (1) voor vooruit rijden en pedaal (2) voorchyteruit rijden.

- Laat het gaspedaal los om de remmen te bedieren.
- Zet het maidek omlaag.

Het product gebruiken, R 112C5

OPGELET: Stop het product en schakel de motor algid uit voordat u van versnelling verandert om schade aan de versnellingsbak te voorkomen.
- Selecteer de maaihoogte (1-5) met behulp van de maaihoogtehendel.

- Start de motor.
- Trap het parkeerrempedaal in en LAST deze verwolgens los om de parkeerrem uit te schakelen.

- Trap het koppelingspedaal in en kies een versnelling. Kies versnelling 1-4 wanner u grayscale met het product. Kies versnelling 4-5 wanner u het product vervoert.


OPGELET: Gebruik Niet te veel kracht als het Niet meteen lukt om van versnelling te veranderen. Laat het koppelingspedaal los, trap het opnieuw in en probeer opnieuw van versnelling te veranderen.
Let op: U kurz het product vanuit alle 5 de versnellingen starten.
-
Laat het koppelingspedaal langzaam los.
-
Zet het maidek omlaag.

- Om te remmen trapt u het parkeer-/ bedrijfsrempedaal in.
Om te starten op een helling, R 112C5
- Selecteer de maaihoogte (1-5) met behulp van de maaihoogtehendel.

- Start de motor.
- Trap het parkeerrempedaal in.
- Geef volgas.
- Trap het koppelingspedaal in en kies de eerste versnelling.
- Laat het parkeerrempedaal en koppelingspedaal langzaam los.
Motor uitschakelen
- Trek de hefendel voor het maaidek maar achefteren om het maaidek omhoog te zetten. De messen stoppen met draaien.

- Zet de gashendel in stand (A).

a) Bij R 112C, R 115C whilst u de motor minimaal 30 seconden stationair draaien.
b) Bij R 112C5 zet u de versnellingspook in de neutrale positie (N).

- Draai de contactsleutel maar stand STOP.
- Schakel de parkeerrem in zodra het product stocht.
De parkeerrem inschakelen en uitschakelen
Bij R 112C, R 115C bevinden het parkeerrempedaal en de vergrendelknop voor de parkeerrem zich aan de linkerzijde. Bij R 112C5 bevinden het parkeerrempedaal
en de vergrendelknop voor de parkeerrem zich aan de rechterzijde.
- Trap het parkeerrempedaal in (A).
- Houd de vergrendelknop (B) ingedrukt.

- Houd de knop ingedrukt en zet het parkeerrempedaal vrij.
- Om de parkeerrem uit te schakelen, trapt u het parkeerrempedaal nogmaals in.
Een goed resultaat verkrijgen
Maai geen nat gras. Nat gras kan een slecht resultaat opleveren.
- Begin met een hoge maaihoogte en verlaag die geleidelijk.
Maai met een zo hoog möglichke rotatiesnelheid van de messen (zie Technische gegevens op pagina 105 voor het hoogst toegestane motortoerental). Rijd met lage snelheid met het product. Als het gris Niet te hoog en te dik is, verkrijgt u ook bij hogere rijsnelheid een goed resultaat.
- Voor het Beste resultaat maait u het gras regelmatin en gebruikt u de mulchfunctie. Zie De mulchplug verwijdersen op pagina 99.
Onderhoud
Inleiding

WAARSCHUWING: Voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat uitvoeren, dient u het hoofdstuk over veiligheid te lezen en hebben begrepen.
Onderhoudsschema
X = De instructies zich opgenomen in deze gebruikershandleiding.
O = De instructies zichn nicht opgenomen in deze gebruikershandleiding. Laat onderhoud aan de machine uitvoeren door een erkende serviceworkplaats.
| Onderhoudsschema Voor elk ge- | bruik/wekelijks | Om de 50增高 of Jaarliks | |
| Algemeen Reinig de | accu en de klemmen. O | ||
| Controler het accuniveau. Laad de accu indien no-dig op. | X | ||
| Controler alle riemen en poelies op slijtage en be-schadiging. Vervang versleten of beschadigde on-derdelen. | O | ||
| Reinig de motor en de transmissie. XX | |||
| Controler alle draden op beschadiging. O | |||
| Stel de stuurkabels af. O | |||
| Smeer het product. O | |||
| Controler of alle bevestigingen correct aangehaald zichn. | O | ||
| Zorg voor de juiste bandenspanning in alle banden. X | |||
| Controler de stuurketting in de frametunnel. O | |||
| Motor Controller de | brandstofslang op slijtage en bescha-diging. Vervang de brandstoffleiding indien nodig. | O | |
| Vervang het brandstofffilter. X | |||
| Maak het luchtfilter schoon. X | |||
| Vervang het luchtfilter. X | |||
| Controler de geluidemper en het hitteschild. XX | |||
| Controler het motoroliepeil. Vul indien nodig mo-terolie bij. | X | ||
| Ververs de motorolie. X | |||
| Vervang de motoroliefilter (indien aanwezig). X | |||
| Vervang de bougie. | X | ||
| Controler het motortoerental. Stel zo nodig het mortoroerental af. | O | ||
| Onderhoudsschema Voor elk ge- | bruik/wekelijks | Om de 50 eer ofjaarliks | |
| Transmissie, be-dieningselementen en aandrijfsystem | Controleer de koelventilator van de transmissie. XX | ||
| Verwijder de wielen en smeer de assen. O | |||
| Controleer of het product Niet gaat rijden als de pedalen in de neutrale positie staan. | O | ||
| Controleer vooruit- enchyteruirijden op verschillende snelheden. | O | ||
| Controleer de schakelaar voor de bladinschakelijkregeling. | X | ||
| Controleer de schakelaar voor de maaihoogtehen-del. | X | ||
| Controleer de schakelaars voor het pedaal voor vooruirijden en het pedaal voorchyteruirijden. | X | ||
| Controleer de parkeerrem. XX | |||
| Controleer de dodemensregeling (OPC). XX | |||
| Snijuitrusting Reinig | het maaidek, onder de riemafdekkingen en onder het maaidek. | X | |
| Controleer of het maaidek correct is uitgelijnd. Stel het maaidek zo nodig af. | X | ||
| Controleer de riem van het maaidek op slijtage en beschadiging. | O | ||
| Controleer de bladen op slijtage en beschadiging.Slijp of verrang de bladen indien nodig. | X | ||
Product reinigen

OPGELET: Gebruik geen hagedruksput of stoomreiniger. Water kan in lagers en elektrische aansluitingen dringen en corrosie veroorzaken die tot schade aan het product kan leiden.
Reinig het product direct na gebruik.
Reinig geen hete oppervlakken zoals de motor, de uitlaatdemper en het uitlaatsystem. Wacht tot de oppervlakken zich aufgekoeld en verwijder daarna gras of vuil.
- Gebruik eerst een borstel om te reinigen, voordat u water gebruikt. Verwijder maaisel en vuil van en rondon de transmissie, de luchtinlaat van de transmissie en de motor.
- Gebruik stromend water UIT een slang om het product te reinigen. Gebruik geen hagedruksputt.
- Richt de waterstraal nicht op elektronische componenten of lagers. Reinigingsmiddelen können schade veroorzaken.
- Om het maaidek te reinigen moet u het verwijderen en met een waterstraal schoonspuiten.
- Start het maaidek na het reinigen en LAST de motor kort draaien om waterresten te verwijderen.

De motor en de uitlaatdemper reinigen
Houd de motor en de uitlaatdemper vrij van grasresten en vuil. Grasresten vol olie of brandstof die in contact komen met de motor, zorgt voor meer kans op brand en kan ook tot oververhitting van de motor leiden. Laat de motor afkoelen voordat u die schoonmaakt. Reinigen met water en een borstel.
Grasresten rond de uitlaatdempo drogen snel en vormen een brandgevaar. Gebruik een borstel of
verwijder de grasresten met water wanner de uitlaatdempo koud is.
Koelluchtinlaat van motor reinigen, (R 112C, R 112C5)

WAARSCHUWING: Stop de motor. De koelluchtinlaat draait en kan letsel aan uw vingers veroorzaken.
Zorg ervoor dat de inlaatgrille op de motorkap Niet geblokkeerd is. Verwijder gras en vuil met een borstel.

- Open de motorkap. Zorg dat de koelluchtinlaat nicht geblokkeerd worden. Verwijder gras en vuil met een borstel.

Koelluchtinlaat van motor reinigen, (R 115C)

WAARSCHUWING: Stop de motor. De koelluchtinaat draait en kan letsel aan uw vingers veroorzaken.
Zorg ervoor dat de inlaatgrille op de motorkap Niet geblokkeerd is. Verwijder gras en vuil met een borstel.

- Open de motorkap. Zorg dat de koelluchtinlaat nicht geblokkeerd worden. Verwijder gras en vuil met een borstel.

De kappen verwijderen
Verwijderen van motorkap
- Maak de klemmen op de motorkap los.

- Klap de motorkap maarachten.
De riemafdekking verwijderen
- Maak de klem op de riemafdekking los.

- Verwijder de riemafdekking.
De stuurkabels inspecteren
- De kabels hebben de juiste spanning wanner u ze met de hand 5 mm omhoog of omlaag in de groef op de stuurbeugel kurz bewegen.

- Als de kabels te slap zichn gespannen, moet u ze door een erkende servicewerkplaats lately afstellen.
De parkeerrem controlleren
- Parkeer het product op een harde ondergrond die afloodt.
Let op: Parkeer het product Niet op een grashelling wanner u de parkeerrem controeert.
-
Trap het parkeerrempedaal in (A).
-
Zet de parkeerrem vrij verwijl u de vergrendelknop (B) ingedrukt houdt.

Let op: Bij R 112C, R 115C bevindt de parkeerrem zich aan de linkerzijde. Bij R 112C5 bevindt de parkeerrem zich aan de rechterzijde.
- Bij R 112C5 zet u de versnellingspook in de neutrale positie (N).

- Als het product begint te bewegen, moet u de parkeerrem door een erkende serviceworkplaats lately afstellen.
- Bedien het parkeerrempedaal opnieuw om de parkeerremuit te schakelen.
Het brandstofffilter verrangen
- Open de motorkap.
- Verwijder de 4 schroeven en de beschemkap om toegang te krijgen tot het brandstofffilter.

- Gebruik een platte tang om de slangklemmen van het brandstofffilter te verwijden.
- Trek aan de slangeinden om het brandstofffilter te verwijderen.

- Duw het neue brandstofffilter in de uiteinden van de slangen. Gebruik vloeijaar reinigingsmiddel op de uiteinden van het brandstofffilter om de aansluiting te vergemakkelijken.
- Duw de slangklemmen gegen het brandstofffilter.
- Bevestig de beschermkap met de 4 schroeven.
Het luchtfilter reinigen en verrangen (R 112C, R 112C5)
-
Open de motorkap.
-
Maak de knoppen los waarmee het luchtfilterdeksel vastzit en verwijder het deksel.

- Verwijder het luchtfilterpatroon uit het filterhuis.

- Voer de volgende stappen uit om het schuimluchtfilter te reinigen.
a) Verwijder het schuimluchtfilter van het luchtfilterpatroon.
b) Reinig het schuimlucht met een zwak reinigingsmiddel.
c) Laat het schuimluchtfilter volledig drogen.
d) Breng het schuimluchtfilter aan om het luchtfilterpatroon.
- Voer de volgende stappen uit om het papieren luchtfilter te reinigen.
a) Tik het papieren luchtfilter gegen een hard oppervlak.
b) Blaas met perslucht vanaf de binnenkant van het papieren luchtfilter.

OPGELET: Als het papieren luchtfilter Niet schoon worden, moet het papieren luchtfilter worden verwangen.
- Monteir in omgekeerde volgorde van verwijderen.
Het luchtfilter verrangen (R 115C)
- Open de motorkap.
- Maak de knoppen los waarmee het luchtfilterdeksel vastzit en verwieder het deksel.

- Verwijder het luchtfilterpatroon uit het filterhuis.

- Plaats een新产品 luchtfilterpatroon op de luchtslang.

- Duw het luchtfilterpatroon op de juiste plaats.

- Bevestig het luchtfilterdeksel en draai de knappen vast.
De afdekking rechtsachter verwijderen en bevestigen
- Open de motorkap.
- Verwijder de schroef (A).
- Draai de hendel van het aandrijfsystem (B) linksom deze los te make n van het aandrijfsystem.
Let op: Verwijder de hendel van het aandrijsystemeertiet helemaal.
- Verwijder de afdekking rechtsachter. Het aandrijfsystem wirdt samen met de afdekking rechtsachter verwijderd.

Let op: De kunststofafdekkingen zijn flexibel. Buig ze voorzichtig om het verwijderen gemakkelijker te make.
- Zorg ervoor dat de hendel van het aandrijfsystem in de juiste stand staat voordat u de afdekking rechtsachter aanbrengt.

- Zet de afdekking rechtsachter terug in de oorspronkelijke stand.
- Steek de haak aan het uiteinde van de hendel van het aandrijfsystemeem door de opening zoals weergegeven (A).
- Bevestig de schroef (B).

Bougie controlleren en verwijderen
- Verwijder de afdekking rechtsachter, die De afdekking rechtsachter verwijdersen en bevestigen op pagina 97.
- Verwijder de ontstekingskabelschoen en reinig het gebied rond de bougie.
- Verwijder de bougie met een 5 / 8 (16 mm) bougiesleutel.
- Controller de bougie. Vervang de bougie als de elektroden zijn verbrand of als de isolatie is gebarsten of beschadigd. Als de bougie nicht beschadigd is, reinig deze dan met een staalborstel.
- Meet de elektrode-opening en zorg ervoor dat deze correct is. Zie Technische gegevens op pagina 105.

- Buig de zij-elektrode om de elektrode-opening aan te passen.
- Plaats de bougie terug en draai deze met de hand totdat deze gegen de zitting aan zit.
- Draai de bougie vast met de bougiesleutel totdat dering worden samengedrukt.
- Draai een gebruike bougie nogmaals 1% slag vast, een neue bougie nog 1% slag extra.

OPGELET: Onjuist vastgedraide bougies+kunnen leiden tot motorschade.
- Vervang de ontstekingskabelschoen.

OPGELET: Probeer de motor Niet te starten als de bougie of de ontstekingskabel is verwijderd.
- Bevestig de afdekking rechtsachter, zie De afdekking rechtsachter verwijderen en bevestigen op pagina 97.
Hoofdzekering verrangen
Een defecte zekering worden aangegeven door een doorgebrande verbinding.
1. Verwijder de 2 schroeven en verwijder de beschemkap. De hoofdzekering bevindt zich in een houder anschter de accu.

- Trek de zekering uit de houder.

- Vervang de defecte zekering door een neue zekering van hetzelfde type, platte pen 15 A.
- Plaats het deksel terug.
Als een hoofdzekering binnen korteijd nadat u deze hebt verrangen nogmaals doorbrandt, is er sprake van kortsluiting. Repareer de kortsluiting voordat u het product opnieuw gebruikt. Zoek hulp van een erkende serviceworkplaats.
De accu opladen
- Laad de accu op wonneer.Deze te zwak is om de motor te starten.
- Gebruik een standard acculader.

OPGELET: Gebruik geen boostlader of startbooster. Dit zar leiden tot schade aan het elektrisch system van het product.
- Gedurende 4aar opladen met maximaal 3 A.
Koppel altijd de lader los Alvorens de motor te starten. - Wonneer de accu worden opgeladen, sluit u de rode kabel aan op de PLUSKLEM (+) en de zwarte kabel op de MINKLEM (-). Zorg dat de rode (+) kabel anschter de zwarte (-) kabel worden getrokken.

Noodstart van motor uitvoeren
Als de accu te zwak is om de motor te starten, kunt u gebruik make n van startkabels om een moodstartuit te voeren. Dit product is voorzien van een 12-voltsysteme met negatieve aarding. Het product dat voor denoodstart wordt gebruikt, moet ook een 12-volt-systeem met negatieve aarding hebben.
Startkabels aansluten

WAARSCHUWING:
Explosiegevaar door explosief gas dat afkomstig is van de accu. Sluit geen negatieve aansluitklem van de volledig opgeladen accu aan op of in de buurt van denegatieve aansluitklem van de zwakke accu.

OPGELET: Gebruik de accu van uw product Niet om andere voertuigen te starten.
- Verwijder de motorkap.
-
Verwijder de kap van het accuvak.
-
Sluit het ene uiteinde van de rode kabel aan op de PLUSKLEM (+) van de zwakke accu (A).

- Sluit het andere uiteinde van de rode kabel aan op de PLUSKLEM (+) van de volledig opgeladen accu (B).

WAARSCHUWING: Zorg dat de uiteinden van de rode draden geen kortsluiting maken gegen het chassis.
- Sluit een uiteinde van de zwarte kabel aan op de MINKLEM (-) van de volledig opgeladen accu (C).
- Sluit het andere uiteinde van de Zwarte kabel aan op een CHASSISMASSA (D),uit de buurt van de brandstoffank en de accu.
- Plaats de afdekkingen terug.
Startkabels verwijderen
Let op: Verwijder de startkabels in omgekeerde volgorde van aanbrengen.
- Verwijder de ZWARTE kabel van het chassis.
- Verwijder de ZWARTE kabel van de volledig opgeladen accu.
- Verwijder de RODE kabel van de 2 accu's.
Bandendruk
De bandenspanning van alle vier banden moet 60kPa (0,6 bar/8,5 PSI) zich.

De mulchplug verwijderen
U vindt de mulchplug aan de onderkant van het maaidek.
- Verwijder het maaidek. Zie Het maaidek verwijderen op pagina 86.
- Verwijder de schroef die de mulchplug op+zijnplaats houdt en verwijder de plug.

- Zet het maaidek in de maaistand.
- Bevestig de mulchplug in omgekeerde volgorde.
De messen inspecteren

OPGELET: Beschadigde of onjuist gebalanceerde messen kuren schade aan het product veroorzaken. Vervang beschadigde messen. Laat botte messen slijpen en balanceren door een erkende serviceworkplaats.
-
Verwijder het maaidek. Zie Het maaidek verwijderen op pagina 86.
-
Controller de messen visuel op beschadigingen en of het nodig is om ze te slijpen.

- Draai de mesbouten vast met een aanhaalmoment van Nm.
Messen verrangen
- Verwijder het maaidek. Zie Het maaidek verwijdenen op pagina 86
- Zet het mes vast met een houten blok (A).

- Draai de bout (B) van het mes los en verwijder de boutSAMEN met de sluitingen C en het mes D
- Monteer het neue mes met de gebogen uiteinden in de richting van het maaidek.

WAARSCHUWING: Het gebruik
van een onjuist type mes kan ertoe leiden dat objecten uit het maaidek geworpen worden en ernstig letsel veroorzaken. Gebruik alleen messen die worden aangegeven in Technische gegevens op pagina 105.
- Bevestig het mes, de ring en de bout. Haal de bout aan met het juiste aanhaalmoment. Zie Technische gegevens op pagina 105.
Het motorolieil controlleren (R 112C, R 112C5)
- Parkeer het product op een vlakke ondergrund en schakel de motoruit.
-
Open de motorkap.
-
Maak de peilstok los en trek hem eruit.

- Veeg de olie van de peilstok.
- Steek de peilstok weir—helemaaltering en maak hem vast.
- Maak de peilstok los, trek hem eruit en lees het oliepeil af.
- Het oliepeil moetussen de markeringen op de peilstok staan. Als het peil bijna bij de marketing 'ADD' staat, moet u olie bijvullen tot de markings 'FULL'.

- Vul olie bij via de opening voor de peilstok. Vul de olie langzaam bij.

Let op: Zie Technische gegevens op pagina 105 voor de soorten motorolie die door ons worden aanbevolen.
- Zet de peilstok goed vast voordat u de motor start. Start de motor en LAST die stationair draaien gedurende circa 30 seconden. Stop de motor. Wacht 30 seconden en controller het oliepeil nogmaals.
Het motorolieil controlleren (R 115C)
- Parkeer het product op een vlakke ondergrund en schakel de motoruit.
-
Open de motorkap.
-
Maak de peilstok los en trek hem eruit.

- Veeg de olie van de peilstok.
- Steek de peilstok weeher helemaal terug en maak hem vast.
- Maak de peilstok los, trek hem eruit en lees het oliepeil af.
- Het oliepeil要去ussen de markingsen op de peilstok staan. Als het peil bijna bij de markings 'ADD' staat,要去 u olie bijvullen tot de markings 'FULL'.

- Vul olie bij via de opening voor de peilstok. Vul de olie langzaam bij.

Let op: Zie Technische gegevens op pagina 105 voor de soorten motorolie die door ons worden aanbevolen.
- Zet de peilstok goed vast voordat u de motor start. Start de motor en LAST die stationair draaien gedurende circa 30 seconden. Stop de motor. Wacht 30 seconden en controller het oliepeil nogmaals.
De motorolie verversen

WAARSCHUWING: Motorolie is nog erg heet direct nadat de motor stopt.
Laat de motor afkoelen voordat u de motorolie aftapt. Als u motorolie morst op uw huid, was die dan af met water en zeep.
- Plaats een opvangbak onder de olieaftapplug.
- Verwijder de peilstok.
- Verwijder de aftapplug.
a) Voor R 112C.

b) Voor R 112C5 en R 115C.

- Tap de motorolie af in de opvangbak.
- Bevestig de aftapplug en draai deze vast.
- Vul olie bij via de opening voor de peilstok. Vul de olie langzaam bij.

Let op: Zie Technische gegevens op pagina 105 voor de soorten motorolie die door ons worden aanbevolen.
- Breng de peilstok aan.
- Laat de motor warm worden en controllerer de olieaftapplug op lekkage.
Probleemoplossing
Probleemoplossingsschema
Als u in deze handleiding geen oplossing voor uw probleem Aunt vinden, neem dan contact op met Husqvarna uw serviceworkplaats.
| Probleem Oorzaak | |
| De startmotor waar de motor Niet aanslaan | De parkeerrem is Niet ingeschakeld. Zie De parkeerrem inschakelen en uitscha- kelen op pagina 91. |
| De hefhendel voor het maaidek staat in de maaistand. Zie Maaidek omhoog zetten en omlaag zetten op pagina 88. | |
| De hoofdzekering is doorgebrand. Zie Hoofdzekering verrangen op pagina 98. | |
| Het contactslot is beschadigd. | |
| Het contactussen de kabel en de accu is Niet goed. Zie De accu opladen op pagina 98 | |
| De accu is te zwak. Zie De accu opladen op pagina 98. | |
| De startmotor is beschadigd of functioneert Niet maar behoren. | |
| De motor start nicht wanner de startmotor de motoraar aan-slaan | Geen brandstof in de brandstoftank. Zie Brandstof bijvullen op pagina 87. |
| De bougie is beschadigd. | |
| De ontstekingskabel is beschadigd. | |
| Vuil in de carburateur of brandstoffleiding. | |
| De motor loopt Niet gelijkmatig De | bougie is beschadigd. |
| De carburateur is verkeerd afgesteld. | |
| Het luchtfilter is verstopt. Zie Het luchtfilter reinigen en verrangen (R 112C, R 112C5) op pagina 95. | |
| De ontluchting van de brandstoftank is geblokkeerd. | |
| Vuil in de carburateur of brandstoffleiding. | |
| De gashendel is in de chokestand gezet of de gaskabel is onjuist afgesteld. | |
| De motor produeert nauwelijks vermogen | Het luchtfilter is verstopt. Zie Het luchtfilter reinigen en verrangen (R 112C, R 112C5) op pagina 95. |
| De bougie is beschadigd. | |
| Vuil in de carburateur of brandstoffleiding. | |
| De gashendel is in de chokestand gezet of de gaskabel is onjuist afgesteld | |
| De accu laadt intent De accu is beschadigd of werkkt Niet goed. Zie Veiligheid bij accu's op pagina 84. | |
| Verkeerd contact bij de kabelklemmen op de occupolen. Zie De accu opladen op pagina 98. | |
| Probleem Oorzaak | |
| Het product tritt De messen zitten | os. Zie De messen inspecteren op pagina 99. |
| Eén ofeer messen zich nicht goed gebalanceerd. Zie De messen inspecteren op pagina 99. | |
| De motor zit los. | |
| Het maairesultaat is onvoldoende | De messen zich bot. Zie De messen inspecteren op pagina 99. |
| Het gras is lang of nat. Zie Een goed resultaat verkrijgen op pagina 91. | |
| Het maaidek zit scheef. | |
| Gras verstopt het maaidek. Zie Product reinigen op pagina 93. | |
| De bandenspanning:tussen de rechtter- en linkerzijde is verschillend. Zie Ban-dendruk op pagina 99. | |
| Het product rijdt met te hoge snelheid. Zie Technische gegevens op pagina 105. | |
| Het motortoerental is te laag. Zie Technische gegevens op pagina 105 | |
| De aandrijfrem slipt. |
Vervoer, opslag en verwerking
Transport
- Het product is zwaar en kan letsel door verbrijzelingveroorzaken. Wees voorzichtig wonneer u het product op een voertuig of aanhangwagen laadt of eraf haalt.
- Hijs het product Niet op. De transportogen zijn geen goedgekeurde hijspunten enijken uitsluitend bedoeld om het product veilig aan een aanhanger te bevestigen.
- Gebruik een goedgekeurde aanhangwagen voor vervoer van het product.
Zorg dat u deplaatselijk geldende verkeersregels kent voor het vervoeren van het product op een aanhanger of voor rijden op de openbare weg.
Het product veilig vastzetten op een aanhanger

WAARSCHUWING: De parkeerrem is nicht voldoende om het productijdens transport te zekeren. Bevestig het product stevig aan de aanhangwagen.
Uitrusting: 2 goedgekeurde spanbanden en 4 wigvormige weltkeggen.
- Schakel de parkeerrem in.
-
Bevestig de spanbanden rond het frame of dechterkant van het onderstel.
-
Zet de spanbanden vast in de richting van de城县erterkant en de voorkant van de aanhangwagen om het product in lengterichting te zekeren.
- Plaats de welkeggen voor en acheer de awhileen.
Steunen onder het productplaatsen

WAARSCHUWING: Plaats alsijd steunen aan de 2 zijden van het product om het stabel te make.
- Parkeer het product op een harde en vlakke ondergrond.
- Verwijder het maaidek. Zie Het maaidek verwijdenen op pagina 86.
-
Zet het product omhoog met een krik.
-
Plaats de voorste steunen onder de voorwielassen.

- Plaats dechychterste steunen onder hetchychterste frame.

Het product slepen
Het product is voorzien van een hydrostatische transmissie. Ter voorkoming van schade aan de transmissie mag u het product uitsluitend over een korte afstand en bij lage snelheid slepen.
Ontkoppel de transmissie voordat u het product slept. Zie In- en uitschakelen van het aandrijsystem, R 112C, R 115C op pagina 87.
Opslag
Bereid het product voor op opslag aan het eind van het bezoen, en voorafgaand aan opslag langer dan 30 dagen. Als u de brandstof langer dan 30 dagen in de tank LAST zitten, hunnen kleverige deeltjes verstopping in de carburateur verooorzaken. Dit heeft een negatif effect op de werkung van de motor.
Voeg een stabilisatiemiddel toe aan de brandstof om te voorkomen dat kleverige deeltjes ontstaanijdens opslag van de machine. Bij gebruik van alkylaatbenzine is toevoegen van een stabilisatiemiddel Niet nodig. Als u standaard benzine gebruikt, ga dan nicht over op het gebruik van alkylaatbenzine. Hierdoor kannen kwetsbare rubberen onderdelen hard worden. Voeg een stabilisatiemiddel toe aan de brandstof in de tank of in de jerrycan. Gebruik altijd de mengverhoudingen die de fabrikant voorschrijft. Laat de motor minstens 10 minutes draaien nadat u het stabilisatiemiddel heeft
toegevoegd om te zorgen dat het stabilisatiemiddel ook de carburateur bereikt.

WAARSCHUWING: Zet het product met brandstof in de tank Niet binnen of op plekken met een slechte ventilatie. Er is gevaar voor brand als brandstofdampen zich bij open vuur, vonden of waakvlammen zoals die van boilers, heetwatertanks of wasdrogers komen.

WAARSCHUWING: Verwijder gras, bladeren en andere brandbare materialen van het product om het risico van brand te verkleinen. Laat het product afkoelen voordat u die in de stallingsruimte staat.
- Reinig het product, zie Product reinigen op pagina 93. Werk lakbeschadigingen bij om corrosie te voorkomen.
- Inspector het product op versleten of beschadigde onderdelen en draai loszittende moeren en schroeven vast.
- Verwijder de accu. Reinig hem, laad hem op en berg hem op een koele plaats op.
- Ververs de motorolie en voer de afgewerkte olie af.
- Leeg de brandstoftank. Start de motor en LAST die draaien tot de carburateur leeg is.
Let op: Leeg de brandstoftank en de carburateur Niet als u een stabilisatiemiddel aan de tank heeft toegevoegd.
- Verwijder de bougies en giet ongeveer een eetlepel motorolie in elke cilinder. Draai de motoras om de olie aan te brengen en breng de pluggen wee aan.
- Smeer alle smeernippels, koppelingen en assen.
- Stal het product in een schone en droge ruimte en dek het product af voor extra bescherming.
- Een hoes voor bescherming van uw product tijdens stalling of transport is verkrijigbaar bij uw dealer.
Afvoer
Chemicalien können gevaarlijk zijn en mogen nicht worden in de bodem worden geloosd. Voer gebruekte chemicalien af maar uw servicepunt of een afvalverwerkingspunt.
- Wonneer het product is versleten, lever het dan in bij uw dealer of een geschikt recyclingbedrijf.
- Olie, oliefilters, brandstof en de accu können negatieve effecten haben op het milieu. Neem deplaatselijk geldende wet- en regelgeving voor recycling in acht.
- Gooi de accu Niet bij het huishoudelijk afval.
- Lever de accu in bij een Husqvarna servicedealer of bij een bedrijf dat oude accu's verwerkt.
Technische gegevens
Technische gegevens
| R112C R112C5 R115C | |||
| Afmetingen Zie | Productafmetingen op pagina 107. | ||
| Gewicht zonder maaidek, met lege tanks, kg 1 | 54 154 180 | ||
| Bandenmaat 160/50-8 160/50-8 165/60-8 | |||
| Bandenspanning, acheter – voor, kPa / bar / PSI | 60 / 0,6 / 8,5 60 / 0,6 / | 8,5 60 / 0,6 / 8,5 | |
| Max. helling, grades ° 10 10 10 | |||
| Max. ongeremde apparatuur gewicht, bij 10° graden, kg: | 100 100 100 | ||
| Max. toegestane verticale kracht op de trek-haak, N/kg: | 250/25 250/25 250/25 | ||
| Max. toegestane horizontale kracht op de trekhaak, N/kg: | 170/17 170/17 170/17 | ||
| Motor | |||
| Merk Husqvarna Husqvarna Briggs & Stratton | |||
| Model HS 413AE HS 413AE 4145 | |||
| Nominal motorvermogen, kW 11 | 8,4 8,4 9,5 | ||
| Cylinderinhoud, cm3 | 413 413 500 | ||
| Max. motortoerental, omw/min | 3000 ± 100 | 3000 ± 100 | 3000 ± 100 |
| Max. snelheid vooruit, km/h | 8 | 8 | 9 |
| Max. snelheidchteruit, km/h | 7 | 7 | 7 |
| Brandstof, min. octaangetal | 91 91 91 | ||
| Inhoud brandstoftank, liter 4 | 4 | 7 | |
| Olie 12 | Husqvarna SAE 30, Husqvarna SAE 5W-30 Synthetic, Husqvarna SAE 10W-40 | Husqvarna SAE 30, Husqvarna SAE 5W-30 Synthetic, Husqvarna SAE 10W-40 | Husqvarna SAE 30, Husqvarna SAE 5W-30 Synthetic, Husqvarna SAE 10W-40 |
| Inhoud olietank, liter | 1,2 1,2 1,4 | ||
| Startmotor Elektrische start, 12 | V | Elektrische start, 12 V | Elektrische start, 12 V |
| Transmissie | |||
| Merk/Model HydroGear T2 Peerless/MST205 | HydroGear T2 | ||
| Olie, classificatie SF-CC SAE 10W/40 SAE 80 W/90 SAE 10W/40 | |||
| Inhoud olietank, liters 2 0,5 2 | |||
| Aantal versnellingen vooruit - 5 - | |||
| Aantal versnellingen achechteruit - 1 - | |||
| Max. snugheid vooruit, km/h 8 8 9 | |||
| Max. snugheid achechteruit, km/h 8 3 7 | |||
| Elektrisch systeme | |||
| Type | 12 V, negatief geaard | 12 V, negatief geaard | 12 V, negatief geaard |
| Accu | 12 V, 20 Ah | 12 V, 20 Ah | 12 V, 20 Ah |
| Bougie | Husqvarna HQT-9 | Champion XC92YC | Champion XC92YC |
| Elektrodenafstand, mm/inch | 0,75/0,030 | 0,75/0,030 | 0,75/0,030 |
| Hoofdzekering | Platte pen, 15 A | Platte pen, 15 A | Platte pen, 15 A |
| Geluidsemissies 13 | |||
| Geluidsvermogenniveau, gemeten dB(A) | 98 | 99 | 99 |
| Geluidsvermogenniveau, gegardeerd dB(A) | 99 | 100 | 99 |
| Geluidsniveauaus 14 | |||
| Geluidsdrukniveau bij hetoor van de gebrui-ker, dB(A) | 84 | 85 | 85 |
| Trillingsniveau 15 | |||
| Trillingsniveau in stuurwiel, m/s2 | 1,06 | 1,6 1,6 | |
| Trillingsniveau in stoel, m/s2 | 0,45 | 0,7 0,7 | |
| Maaidek | |||
| Type | Combi | Combi | Combi |
| Maaibreedte, mm | 850 | 850 | 950 |
| Maaihoogte, 5 standen, mm | 25-70 | 25-70 | 25-75 |
| Bladlengte, mm | 430 | 430 | 471 |
| Mes | |||
| Artikelnummer 5810835-01 5810835-01 5803974-01 | |||

WAARSCHUWING: Het gebruik van een maaidek dat Niet is goedgekeurd voor gebruik in combinatie met het product kan wegslingeren van objcten
veroorzaken wat tot ernstig letsel kan leiden. Gebruik geen andere typen maaidek dan aangegeven in deze gebruikershandleiding.
Productafmetingen




| A 283 | mm F 220 mm K 183 mm | ||||
| B 569 | mm G 1072 mm L 648 mm | ||||
| C 800 | mm H 2124 mm M 795 mm | ||||
| D 400 | mm I 886 mm N 657 mm | ||||
| E 1781 | mm JR 112C5: 106 mm | R 112 C, R 115C: 83 mm | O 804 | mm |
Service
Service
Laat uw product Jaarlijks door een erkend servicepunt controleren om te zorgen dat het productijdens het hoogseizoen veilig en optimaal presteert. De beste tijd voor onderhoud of revisie van het product, is het laagseizoen.
Wanneer u onderdelen bestelt, vermeld dan de aanschafdatum, model, type en seriennummer.
Gebruik alkijd originele reserveonderdelen.
Verklaring van overeenstemming
EU-verklaring van overeenstemming
Wij, Husqvarna AB, SE-561 82 Huskvarna,
Zweden, tel: +46-36-146500, verklaren onder unsere
Alleenverantwoordelijkheid dat het product:
| Beschrijving Zitmaaier | |
| Merk Husqvarna | |
| Type/model R 112C, R 112C5, R 115C | |
| Identificatie Serienummers vanaf 2024 en verder | |
volledig voldoet aan de volgende EU-richtlijnen en
-regelgeving:
| Richtlij/Verordening | Beschrijving |
| 2006/42/EG "beteffende machines" | |
| 2014/30/EU "beteffende elektromagnetische compatibiliteit" | |
| 2000/14/EG "beteffende de geluidsemissies in het milieu" | |
| 2011/65/EU "inzake beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektroniche apparatuur" | |
en dat de volgende normen en/of technische
specificaties zijn toegepast: EN ISO 12100:2010,
EN ISO 5395-1:2013/A1:2018, EN ISO 5395-3: 2013/
A1:2017/A2:2018, EN ISO 14982:2009, EN IEC
63000:2018.
Aangemelde instantie: 0404, SMP Svensk
Maskinprovning AB, Box 4053, SE-904 03 Umeå
Sweden heeft ook de conformiteit geverifieerd met
bijlage VI van de richtlijn 2000/14/EG van de Raad.
Voor informatatie over geluidsemissies, zie Technische
gegevens op pagina 105.
Huskvarna, 2025-01-17

Verantwoordelijk voor technische documentatie

VSEBINA
Uvod. 110
Originele instructies
Izirna navodila