FS 91 - Grasmaaier STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FS 91 STIHL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over FS 91 STIHL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FS 91 - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FS 91 van het merk STIHL.
GEBRUIKSAANWIJZING FS 91 STIHL
Met betrekking tot deleze handleiding 93
Veiligheidsaanwijzingen en
werktechniek 93
Vrijgegeven combinaties van zaaggarnituur,
beschemkap/aanslag,handgreep endraagstel104
Vrijgegeven
aanbouwgereedschappen 105
Dubbele handgreep monteren 106
Beugelhandgreep monteren 108
Draagoog monteren 109
Snijgarnituur monteren 111
Brandstof 114
Tanken 115
Draagstel omdoen 116
Apparaatuitbalanceren 116
Motor starten/afzetten 118
Apparaat vervoeren 120
Gebruiksvoorschriften 122
Luchtfilter verrangen 123
Carburatourafstellen 123
Bougie 124
Motarkarakteristiek 125
Aandrijfmechanisme smeren 125
Apparaat opslaan 125
Metalen snijgarnituren slijpen 126
Onderhoud maaikop 126
Onderhouds- en
reinigingsvoorschriften 128

Slijtage minimaliseren en schade
voorkomen 130
Belangrijke componenten 131
Reparatierichtlijnen 134
Milieuverantwoord afvoeren 134
EU-conformiteitsverklaring 135
Geachte client(e),
Het doet ons veel genoegen dat u hebt gekozen voor een kwaliteitproduct van de firma STIHL.
Dit product werd met moderne productiemethoden en onderuitgebrende kwaliteitstcontroles gefabricceerd. Er is ons alles aan gelegen dat u tevreden bent met dit apparaat en er probleemloos mee kunt werken.
Wendt u zich met vragen over uw apparaat tot uw dealer of de importeur.
Met vriendelijke groet,

Dr. Nikolas Stihl
Op deze handeiding rust auresrecht.Alle rechten bijven voorbehonden,vooral hetrecht op verspreding, vertaling en verwerking met elektronische systemen.
Met betrekking tot deze handleiding
Symbolen
Symbolen die op het apparaat+zijn aangebracht worden in deze handleiding togetelicht.
Afhankelijk van het apparaat en de uitrusting kuren de volgende symbolen op het apparaat� aangebracht.

Benzinetank; brandstomengsel van benzine en motorolie
Decompressieklep bedieren
Hand-benzinepomp
Hand-benzinepomp bedieren
Vettube
Geleiding aanzuiglucht: zomerstand
Geleiding aanzuiglucht: winterstand
Handgreepverwarming
Coding van tekstblokken
WAARSCHUWING
Waarschuwing voor kans op ongevallen en letsel voor personen alsmede voor zwaarwegende materiele schade.
LET OP
Waarschuwing voor beschadiging van het apparaat of afzonderlijke componenten.
Technische doorontwikkeling
STIHL werkdt continu aan de verdere ontwikkeling van alle machines en apparaten; wijzigingen in de leveringsomvang qua vorm, techniek en uitrusting behouden wij ons waarom ook voor.
Aan geveens en afbeeldingen in deze handleiding kennen dan ook geen aanspraken worden ontleend.
Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek

Speciale veiligheidsmaatregelen zich nodig bij hetwerken met dit motorapparaat, omdat er met eenzeer hoog toerental vanhet snijgarnituur wordengewerkt.

De gehele handleiding voor de eerste ingebruik-neming aandachtig doorlezen en voor later gebruik goed opbergen. Het Niet in acht nemen van de handleiding kan levensgevaarlijk+zijn.
De nationale veiligheidsvoorschriften, bijv. van beroepsgroepen, sociale instanties, arbeitsinspectie en andere in acht nemen.
Wie voor het eerst met het motorapparaat werk: door de verkoper of door een andere deskundige lately uitleggen hoe men hiermee veilig kan werken - of deelnemen aan een cursus.
Minderjarigen mogen nicht met het motorapparaat werken - behaltejongeren boven de 16aar, die ondertoezichteren met het apparaat te werken.
Kinderen, dieren en toeschouwers op afstand houden.
Als het motorapparaat Niet worden gebruikt, het apparaat zo neerleggen dat niemand in gevaar kan worden gebracht. Het motorapparaat zo opbergen dat onbevoegden er geen toegang toe hebben.
Nederland's
De gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen die andere personen of hun eigendommen overkomen, resp. voor de gezaren waaraan deze worden blootgesteld.
Het motorapparaat alleen meegeven of uitlenen aan personen die met dit model en het gebruik ervan vertrouwd zich - altijd de handleiding meegeven.
Het gebruik van geluid producerende motorapparaten kan door nationale en ookplaatselijke,lokale voorschriftten tijdelijk worden beperkt.
Wie met het motorapparaat werkt要去 goed uitergerust, gezond zich en een goede lichamelijke conditie hebben.
Wie zich om gezondheidsreden nicht mag inspannen, moet+zijn arts raadplegen of het werken met een motorapparaat möglichk is.
Alleen voor dragers van een pacemaker: het ontstekingsmechanisme van dit apparaat genereert een zeer gingerektromagnetisch veld. Beinvloeding van enkele typen pacemakers kan nicht geheel worden uitgesloten. Ter voorkoming van gezondheidsrisico's adviseeert STIHL de behandelend arts en de fabrikant van de pacemaker te raadplegen.
Na gebruik van alcohol, medicijnen die het reactievermogen beinvloeden of drugs mag Niet met het motorapparaat worden gewerkt.
Het motorapparaat – afhankelijk van het gemonteerde snijgarnituur – alleen gebruiken voor het maaien van gras of het knippen van wildgroei, struiken, struikgewas, bosschages,kleine bomen of dergelijke.
Voor andere doeleinden mag het motorapparaat Niet worden gebruikt - kans op ongelukken!
Alleen die snijgarnituren of toebehoren monteren die door STIHL voor dit motorapparaat zijn vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderdelen. Bij vragen hierover contact opnemen met een geauthoriseerde dealer. Alleen hoogwaardig gereedschap of toebehoren monteren. Als dit worden nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan het motorapparaat.
STIHL advisert origineel STIHGLereedschap en toebehoren temonteren. Deze zich qua eigenschappen optimaal op het product en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Geen wijzigingen aan het apparaat aanbrengen - uw verilgheid kan hierdoor in gevaar worden gebracht. Voor persoonlijke en materiaele schade die door het gebruik van Niet-vrijgegeven aanbouwapparaten worden veroorzaakt is STIHL zich aansprakelijk.
Voor het reinigen van het apparaat geen hogedrukreiniger gebruiken. Door de harde waterstraal hunnen onderdelen van het apparaat worden beschadigd.
De beschemkap van het motorapparaat kan de gebruiker Niet tegen alle voorwerpen (stenen, glas, draad enz.) beschermen die door het snijgarnituur worden weggeslingerd. Deze voorwerpen konnen ergens afketsen enervolgens de gebruiker treffen.
Kleding en uitrusting
De voorgeschreveen kleding en uitrusting dragen.

De kleding要去 doelmatig zich en magijdens hetwerk Niet hinderen. Nauwsluitende kleding - combipak, geen stofjas

Geen kleding dragen waarmee men aan takken, struiken of de bewegende delen van het apparaat kan blijven haken. Ook geen sjaal, das en sieraden dragen. Lang waar zodanig in een knot dragen en beveiliggen, dat het zich boven de scholders bevindt.

Veiligheidslaarzen meteen stroeve, slipvrije zool en stalen neus dragen.
Alleen bij gebruik van maaikoppen zijn als alternatief stevige schoenen met stroeve, slipvrije zool tegestaan.

WAARSCHUWING

Om de kans op oogletsele reduceren een nauw aansluitende veiligheidsbril volgens de norm EN 166 dragen. Erop letten dat de veiligheidsbril goed zit.
Een vizier dragen en erop letten dat\ deze goed zit. Een vizier alleen biedt\ onvoldoende bescherming voor de\ ogen.
"Persoonlijke" gehoorbescherming dragen - zoals bijv. oorkappen.
Veiligheidshelm dragen bij het opschonen, in hoog struikgewas en bij gevaar door vallende takken.

Robuuste werkhand-schoenen van slijtvast materiaal dragen (bijv. leer).
STIHL biodt een omvangrijk programme aan persoonlijke beschermuitrusting aan.
Motorapparaat vervoeren


Altijd de motor afzetten.
Het motorapparaat hangend aan de draagriem, of uitgebalanceerd aan de steel/maaiboom dragen.
Metalen snijgarnituren met behulp van een transportbeschemkap gegen onbedoeld contact beveiligien, ook bij het vervoer over korte afstanden - zie ook "Apparaat vervoeren".

Hete machineonderden en de aandrijfkop/het aanrijfmechanisme nicht aanraken - kans op brandwonden!
In auto's: het motorapparaat zo beveiligden dat het Niet kan omvallen, worden beschadigd en er ook geen benzine UIT kan lopen
Tanken

Benzine is bijzonderlicht ontvlambaar -uit de buurt lijven van open vuur - geen brandstof morsen - Niet roken.
Voor het tanken de motor afzetten.
Niet tanken zolang de motor nog heet is -de benzine kan overstromen brandgevaar!
De tankdop voorzichtigig losdraaien, zodate de heersende overdruk zich langzaam kan afbouwen en er geen benzine uit de tank kan spuiten.
Uitsluitend op een goed geventileerde plek tanken. Als er benzine werk gemorst, het motorapparaat direct schoonmaken - de kleding Niet in aanraking lately komen met de benzine, anders direct andere kleding aantrekken.

Na het tanken de tankdop zo vast möglichk aandraien.
Hierdoor wordt het risico verkleind dat de tankdop door de motortrillingen losloopt en er benzine wegstromt.
Op lekkages letten - als er benzine maar buiten stroomt, de motor niet starten - levensgevaar door verbranding!
Voor het starten
Het motorapparaat op technisch goede staat controleren - het desbetreffende hoofdstuk in de handleiding in acht nemen:
- Het brandstofsystem op lekkage controleren, vooral de zichtbare onderdelen zoals bijv. de tankdop, slangaansluitingen, hand-benzinepomp (alleen bij motorapparaten met hand-benzinepomp). Bij lekkages of beschadiging de motor Niet starten -brandgevaar! Het apparatus voor de ingebruikneming door een geauthoriseerde dealer lately repareren
- De combinatie van snijgarnituur, beschermkap, handgreep en draagstel/draagriem moet+zijn vrijgeveen, alle onderdelen correct gemonteerd
- De stopschakelaar要去 gemakkelijk kuren worden ingedrukt
Nederland's
- De chokeknop, de gashendelblokkering en de gashendel要去en goed gangbaar zich - de gashendel要去 automatisch in de stationaire stand terugveren. Vanuit de standen en van de chokeknop要去的各项 het geldelijktijdig indrukken van de gashendelblokkering en de gashendelterugveren in de werkstand I
Bougiesteker op vastzitten controlleren - bij een loszittende steker kuren vonden ontstaan, hierdoor kan het vrijkomende benzine-luchtmengsel ontbranden brandgevaar! - Snijgarnituur of aanbouwgereedschap: correcte montage, staat en vastzitten
- Veiligheidsinrichtingen (bijv. beschemkap voor snijgarnituur, draaischotel) op beschadigingen, resp. slijtage controleren. Beschadigde onderdelen verrangen. Het apparatusat Niet met een beschadigde beschemkap of een versleten draaischotel (als het opschrift en de pijlen Niet meer duidelijk zichtaarijken) gebruiken
-
Geen wijzigingen aan de bedieningselementen en de veiligheidsinrichtingen aanbrengen
-
De handgrepen moeten schoon en droog, olie- en vuilvrij zijn - belangrijk voor een veilige bediening van het motorapparaat
- De draagriem en de handgreep(- grepen) overeenkomstig de lichaamslengte instellen. Zie hoofdstuk "Draagriem omdoen" - "Apparaat uittbalanceren"
Het motorapparaat mag alleen in technisch goede staat worden gebrukt - kans op ongelukken!
Vooroodgevallen bij gebruik van draagriemen: Het snel neerleggen van het apparaat oefenen. Tijdens het oefenen het apparaat Niet op de grond gooien, om beschadigingen te voorkomen.
Motor starten
Minstens op 3 m van de plek waar werden getankt - Niet in een afgesloten ruimte.
Alleen op een vlakke ondergrond, een stabiele en veilige houding aannemen, het motorapparaat goed vasthouden - het snijgarnituur mag geen voorwerpen en ook de grond Niet raken, waar dat dit tijdens het starten kan meedraaien.
Het motorapparaat worden slechts door één personen bediend - geen andere Personen binnen een straal van 15 m dulden - ook Nietijdens het starten - kans op letsel - door weggeslingerde voorwerpen!

Contact met het snijgarni-tuur voorkomen - kans op letsel!

De motor Niet 'los uit de hand' starten - starten zoals in de handleiding staat beschreiben. Het snijgarnituur draait nog even door nadat de gashendel worden losgelaten - naloopeffect!
Stationair toerental controlleren: het snijgarnituur moet bij stationair toerental - bij losgelaten gashendel - stilstaan.
Licht ontvlambare materialen (bijv. houtspanen, boomschors, droog gras, benzine)uit de buurt van de hete uitlaatgassen en de hete uitlaatdempers houden - brandgevaar!
Apparaat vasthouden en bedienen
Het motorapparaat allijd met beiden handen op de handgrepen vasthouden.
Altijd voor een stabiele en veilige houding zorgen.

Bij uitvoeringen met dubbele handgreep
De rechterhand op de bedieningshandgreep, de linkerhand op de handgreep van de draagbeugel.
Bij uitvoeringen met beugelhandgreep

Bij UITvoeringen met beugelhandgreep en beugelhandgreep met beugel (loopbegrenzer) de linkerhand op de beugelhandgreep, de rechtserhand op de bedieningshandgreep - geldt ook voor linkshandigen.
Tijdens de werkzaamheden
Altijd voor een stabiele en veilige houding zorgen.
Bij dreigend gevaar, resp. in geval van nood direct de motor afzetten - stopschakelaar indrukken.

Binnen een brede straal van de plek waar wordt gewerkt kan door de weggeslingerde voorwerpen een kans op ongevallen ontstaan, waarom mogener zich binnen een straal van 15m geen andere Personen ophouden. Deze afstand ook ten opzichte van andere objecten (auto's, ruiten) aanhonden -
kans op materiaële schade! Ook op een afstand van meer dan 15 m kan gevaar nicht geheel worden uitgesloten.
Op een correct stationair toerental letten, zodate het snijgarnituur na het loslaten van de gashendel Niet meer draait.
Regelmatig de instelling van het stationair torental controleren, resp. corrigeren. Als het snijgarnituur bij stationair torental toch meedraait, het stationair torental door een geauthoriseerde dealer latent repareren. STIHL adviseert de STIHL dealer.
Let op bij gladheid, regen, sneeuw, op hellingen, in oneffen terrein enz. - kans op uitgijden!
Op obstakels letten: Boomstronken, wortels - kans op struikelen!
Alleen staand op de grond werken, nooit op onstabiele plaatsen, nooit op een ladder of vanaf een hoogwerker.
Bij gebruik van gehoorbeschemmers moet extra omzichtig en bedachtzaam worden gewerkt -ocht geluiden die op gevaar wijzen (schreeuwen, alarmsignalen e.d.) minder goed hoorbaar�.
Opijd rustpauzes nemen om vermoeidheid en uitputting te voorkomen - kans op ongelukken!
Rustig en met overleg werken - alleen bij voldoende Licht en goed zich. Voorzichtig werken, anderen nicht in gevaar brengen.

Het motorapparaat produeert giffige
uitlaatgassen zodra de motor draait. Deze gassen kunnen geurloos en onzichtbaar zich en onverbrande koolwaterstoffen en benzol bevatten. Nooit in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes met het motorapparaat werkken - ook nicht met apparaten voorzien van katalysator.
Bij het werken in greppels, slenken of opplaatsen met weinig ruimte, steeds voor voldoende luchtventilatie zorgen - levensgevaar door vergiftiging!
Bij misselijkheid, hoofdpijn, gezichtsstoornissen (bijv. kleiner wordend blikveld), gehoorverlies, duizeligheid, afnemende concentratie, de werkzaamheden direct onderbreken -deze symptomen können onder andere worden veroorzaakt door een te hoge uitlaatgasconcentratie - kans op ongelukken!
Geluidsoverlast en uitlaatgasemissie zo veel möglich beperken - de motor Niet onnodig lately draaien, alleen gas geven tijdens het werk.
Niet roken tijdens het gebruik en in de directe omgeving van het motorapparaat - brandgevaar! Uit het brandstofsystemen hunnen ontvlambare benzinedampen ontsnappen.
Tijdens het werk vrijkomend(e) stof, dampen en rook hunnen schadelijk zijn voor de gezondheid. Bij sterke stof- of rookontwikkeling ademhalingsbescherming dragen.
Nederlandds
Als het motorapparaat Niet volgens voorschrift (bijv. door geweld van buitenaf, door stoten of vallen) werd uitgeschakeld, voor het opnieuw in gebruik nemen beslist controleren of dit in goede staat verkeert - zie ook "Voor het starten".
Vooral op lekkage van het brandstofsystem en de goede werkig van de veiligheidsnrichtingen letten. Motorapparaten die nicht meer bedrijfszeker zijn, in geen geval verder gebruiken. In geval van twijfel contact opnemen met een geauthoriserde dealer.
Niet in de startgasstand werken - het motortoerental is bij deze stand van de gashendel Niet regelbaar.

Nooit zonder de op het apparaat en het snijgarnituur afgestemde beschemkap werkken - kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen!

Terrein controlleren: vaste voorwerpen - stenen, metalen delen of ieets dergelijks hunnen worden weggeslingerd - ookeer dan 15m -kans op letsell-En deze hunnen het snijgarnituur alsmede objecten (zoals bijv. geparkeerde auto's, ruiten) beschadigen (matierele schade).
In onoverzichtelijk, dicht begroeid terrein bijzonder voorzichtig te werk gaan.
Bij het maaien in hoog struikgewas,
onder bosschages en heggen:
werkhoogte met het snijgarnituur min.
15 cm-diereniet in gevaar brengen.
Voor het achechterlaten van het apparaat - motor afzetten.
Het snijgarnituur regelmatig, met korte tussenpozen en bij merkBare wijzigingen direct controleren:
- De motor afzetten, het apparaat stevig vasthouden, het snijgarnituur tot stilstand lately+komen
- Op goede staat en vastzitten controlleren, op scheurvorming letten
- Scherpte controlleren
- Beschadigde of bottle snijgarnituren direct verrangen, ook bij zeerkleine haarscheurtjes
Gras en takkenresten op de koppeling voor het snijgarnituur regelmatig verwijderen -verstoppingen ter hoogte van het snijgarnituur of de beschemkap verwijderen.
Voor het verrangen van het snijgarnituur de motor afzetten - kans op letsell!

De aandrijfkop/het aan-drijfmechanisme worden tijdens het gebruik heet. De aandrijfkop/het aan-drijfmechanisme Niet aanraken - kans op verbranding!
Gebruik van maaikoppen
Beschemkap snijgarnituur met de in de handleiding aangegeven aanbouwdelen aanvullen.
Alleen beschemkappen met volgens voorschrift gemonteerd mes monteren, zodat maaidraden op de toegestane lengte worden afgesneden.
Voor het nastellen van de maaidraad bij met de hand nastelbare maikoppen beslist de motor afzetten - kans op letsell!
Verkeerd gebruik, met een te lange maaidraad, reduceert het motortoerental. Dit leidt, door het constant slippen van de koppeling, tot oververhitting en tot beschadiging van belangrijke delen (bijv. koppeling, en delen van de kunststof behuizing) - bijv. door het bij stationair toerental meedraaiende snijgarnituur - kans op letset!
Gebruik van metalen snijgarnituren
STIHL advisert originele metalen STIHLSnijgarnituren te monteren.Deze..., qua eigenschappen optimaal op het apparaat en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Metalen snijgarnituren draaien zeer slel. Hierbij ontstaan krachten die op het apparaat, het gereedschap zich en op het maigoed werkken.
Metalen snijgarnituren要去 regelmatig volgens voorschift worden geslepen.
Ongelijkmatig geslepen metalen snijgarnituren veroorzaken een onbalans die voor extreme belasting van het apparaat kan zorgen - kans op breuk!
Botte of verkeerd geslepen snijkanten\ kunnen leiden tot een hogere belasting\ van het metalen snijgarnituur - kans op\ letsel door geschuurde of gebroken\ delen!
Metalen snijgarnituren na ieder contact met harde voorwerpen (bijv. stenen, rotsblokken, metalen voorwerpen) controleren (bijv. op scheurtjes en verrorming). Bramen en andere zichbare materiaalopeenhopingen要去en worden verwijderd, waar dat bij verzender gebruik op elk moment los zouden+kennen laten en worden weggeslingerd-kans op letsel!
Als een roterend metalen snijgarnituur contact maakt met een steen of een ander hard voorwerp, kan dit leiden tot vonkvorming, waardoor onder bepaalde omstandighedenlicht ontvlambare stoffen vlam zouden kuren vatten. Ook droge planten en struikgewas zichnlicht ontvlambaar, vooral bij zeer warme en droge weersomstandigheden. Als er kans op brand aanwezig is, het metalen snijgarnituur Niet in de buurt van light ontvlambare stoffen, droge planten of struikgewas gebruiken. Uitdrukkelijk aan de voor het bosbeeer verantwoordelijkpeisoorevragenoferbrandgevaarbestaat.
Beschadigde of gescheurde snijgarnituren nicht meer gebruiken en Niet repareren - bijv. door lessen of richten - wijziging van de vorm (onbalans).
Deeltjes of breukstukken kannen loskomen en met hoge snelheid de gebruiker of derden treffen - ernstig letsell!
Voor het reduceren van de genoemde, tijdens het gebruik van metalen snijgarnituren optredende gezaren, mag het gebruekte metalen snijgarnituur in geen geval qua diameter te groot+zijn. Het mag Niet te zwaar+zijn. Het要去 van een kwalitatief goed materiaal+zijn vervaardigd en een juiste geometrie (vorm,dikte) hebben.
Een Niet door STIHL geproduecerd metalen snijgarnituur mag Niet zwaarder,iet dikker+zijn,geen andere vom hebben en qua diameter niet groter+zijn dan het grootste,voor dit motorapparaat vrijgeveen metalen STIHLSnijgarnituur-kans op letsel!
Trillingen
Langdurig gebruik van het motorapparaat kan leiden tot door trillingenveroorzaakte doorbloedingsstoornissen aan de handen ("witte vingers").
Een algemeen geldende gebruiksduur kan Niet worden vastgesteld, sondern deze van meertere factoren afhankelijk is.
De gebruksduur worden verlengd door:
- Bescherming van de handen (warme handschoenen)
Rustpauzes
De gebruiksduur worden verkort door:
- Bijzondere persoonlijke aanleg voor slechte doorbloeding (kenmerk: vaak koude vingers, kriebelen)
Lage buitentemperaturen - De mate van kracht uitgeoefend door de handen (stevig beetpakken beinvloedt de doorbloeding nadelig)
Bij regelmatig, langdurig gebruik van het apparaat en bij het herhaald optreden van de betreffende symptomen (bijv. vingers kriebelen) worden een medisch onderzoek geadviseerd.
Onderhoud en reparations
Het motorapparaat regelmatinonderhonden. Alleen die onderhouds-en reparatiewerkzaamheden uitvoeren die in de handleiding staan beschreiben.Alle andere werkzaamheden latuuitvoeren door een geauthoriseerde dealer.
STIHL adviseert onderhouds-en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren. De STIHL dealers nemen regelmatig deel aan scholingen en ontvangen Technische informaties.
Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit worden nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan het apparaat. Bij vragen contact opnemen met een geauthoriseerde dealer.
STIHL adviseert originele STIHL onderdelen te monteren. Deze zich qua eigenschappen optimaal op het apparaat en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Nederlandds
Bij reparatie-, onderhouds- en reinigingswerkzaamheden alsijd de motor afzetten en de bougiesteker lostrekken - kans op letsel door het onbedoeld starten van de motor! - Uitzondering: afstelling carburateur en stationair toerental.
De motor mag bij een losgetrokken bougiesteker of bij een losgedraide bougie Niet met behulp van het startmechanisme worden getornd - brandevaar door ontstekingsvonden buiten de cilinder!
Het motorapparaat Niet in de nabijheid van open vuur onderhonden en opslaan - brandgevaar door de brandstof!
De tankdop regelmatig op lekkage controleren.
Alleen in goede staat verkerende, door STIHL vrijgeveen bougies-zie "Technische gegevens"-monteren.
Bougiekabel controlleren (goede isolatie, vaste aansluiting).
Controleer of de uitlaatdempo in een goede staat verkeert.
Niet met een defecte of zonder
uitlaatdemper werkken - brandgevaar! - Gehoorschade!
De hete uittlaatdemper niet aanraken - gevaar voor brandwonden!
De staat van de antivirusatie-elementen beinvloedt het trillingsgedrag - de antivirusatie-elementen regelmatig controleren.
Symbolen op de beschemkappen
Een pij op de beschermkap voor het snijgarnituur geeft de draairichting van het snijgarnituur aan.
Enkele van de volgende symbolen zijn aangebracht op de buitenzijde van de beschemkap en verwijzenaar de vrijgegeven combinatie snijgarnituur/beschemkap.

De beschemkap mag samen met maaikoppen worden gebruikt.

De beschemkap mag nicht in combinatie met maaikopen worden gebrukt.

De beschemkap mag samen met grassnjbladen worden gezruikt.

De beschemkap mag nicht in combinatie met grassnijbladen worden gebrukt.

De beschemkap mag samen met slagmessen worden gebruikt.

De beschemkap mag nicht in combinatie met slagmessen worden gebrukt.

De beschemkap mag nicht in combinatie met hakselmessen worden gebrukt.

De beschemkap mag nicht in combinatie met cirkelzaagbladen worden gebrukt.
Draagriem
De draagriem behoort tot de leveringsomvang of is als special toebehoren leverbaar.

Draagriem gebruiken
Het motorapparaat met draaiende motor aan de draagriem vasthaken
Grassinijbladen en slagmessen moeten in combinatie met een draagstel (enkele schouderriem) worden gebruikt!
Cirkelzaagbladen moeten in combinatie met een dubbele schouderriem met snelsluiting worden gebruikt!
Maikop met maiadraad

Voor soepel 'maaigedrag' - Voor nauwkeurig maaien, zelfs van onregelmatige grasranden rondom bomen, heiningpalen etc. - geringe beschadiging van de boomschors.
Tot de leveringsomvang van de maaikop behoort een bijlage. De maaikop alleen volgens de gegevens in de bijlage uitrusten met maaidraden.

WAARSCHUWING
De maaidraden Niet verrangen door metaaldraad of andere soorten draden - kans op letsel!
Maaikop met kunststof messen - STIHL PolyCut
Voor het maaien van Niet-afgezette grasvelden (zonder palen, omheiningen, bomen en vergelijkbare obstakels).
Op de slijtage-indicatoren letten!

Als van de maaikop PolyCut een van de markeringen aan de onderzijde is doorgebroken (pijl): de maaikop Nieteer gebruiken en verrangen door een nieuwe! Kans op letsel door contact met de wegsglingerde gereedschapdelen!
Beslist de onderhoudsvoorschriften voor de maakop PolyCut in acht nemen!
In plaats van met kunststof messen kan de maaikop PolyCut ook wordenuitgerust met maaidraden.
Tot de leveringsomvang van de maaikop behoren de bijlagen. De maaikop alleen volgens de gegevens in de bijlagen uitrsten met kunststof messen of maaidraden.

WAARSCHUWING
In plaats van de maiadraad geen metaaldraad of ander draad gebruiken - kans op letsel!
Kans op terugslag bij metalen snijgarnituren

WAARSCHUWING

Bij gebruik van metalen snijgarnituren bestaat de kans op terugslag als het snijgarnituur een vast obstakte (boomstam, tak, boomstronk, steen of iets dergelijks) raakt. Het apparaat worden hierbij teruuggeslingerd - tegen de draairichting van het snijgarnituur in.

Er is een hogere kans op terugslag als het snijgarnituur in de Zwarte sector een obstakte raakt.
Nederlandds
Grassinijblad

Alleen voor grayscale en onkruid - met het apparaat net als met een zeis werken.

WAARSCHUWING
Bij onjuist gebruik kan het grassnijblad worden beschadigd - kans op letsel door weggeslingerde onderden!
Het grassnijblad, als het merkbaar bot is geworden volgens voorschrift slijpen.
Slagmessen
Voor het maaien van verwilt gras, het snoeien van wildgroei en struikgewas en het opschonen vanjonge aanplant met een maximale stamdiameter van 2 cm - geen dikkere stammen zagen - kans op ongevallen!

Bij het maaien van gras en het opschonen vanjonge aanplant met het apparaat net als met een zeis,vlak boven de grond, werken.

Voor het snoeien van wildgroei en struikgewas het slagmes van bovenaf in de plant 'steken' - het snijgoed worden verhakseld - hierbij het snijgarnituur nicht boven heuphoogte houden.
Bij deze werktechniek要去 uiterst voorzichtig te werk worden gegaan. Hoegroter de afstand van het snijgarnituur ten opzichte van de grond, des te groter is het risico dat er materiaal opzij worden geslingerd - kans op letsel!
Attentie! Bij onjuist gebruik kan het slagmes worden beschadigd - kans op letsel door weggeslingerde delen!
Om de kans op ongelukken te reduceren, het volgende beslist in acht nemen:
- Contact met stenen, metalen voorwerpen en dergelijk voorkomen
- Geen hout of struikgewas met een diameter van meer dan 2 cm doorenjiden (zagen) - voor grotere diameters gebruikmaken van een cirkelzaagblad
- Het slagmes regelmatig op beschadigingen controleren - een beschadigd slagmes Niet verder gebruiken
- Het slagmes regelmatig en als het merkbaar bot is geworden volgens voorschrift slijpen en - indien nodig - balanceren (STIHL advisert dit door de STIHL dealer te lately uitvoeren)
Cirkelzaagblad
Voor het afzagen van struiken en bomen tot een stam diameter van 4 cm.
Het Beste zaagresultaat worden bereikt met vol gas en een gelijkmatige aanzetdruk.
Cirkelzaagbladen alleen met een bij de diameter van het snijgarnituur passende aanslag gebruiken.

WAARSCHUWING
Contact van het cirkelzaagblad met stenen en de grond beslilst voorkomen - kans op scheurvorming. Het cirkelzaagblad bijtijds en volgens voorschift slijpen - botte tanden+kunnen
leiden tot scheurvorming en hierdoor tot breuk van het zaagblad - kans op ongelukken!
Bij het kappen ten minste twee booblengtes afstand tot aan de volgende werkplek aanhouden.
Kans op terugslag

De kans op terugslag is in de Zwarte sectoreer groot: in deze sector het cirkelzaagblad Niet gegen het hout zetten om te zagen.
In de grijze sector is er ook kans op terugslag: deze sector mag alleen door ervaren en special geschoolepersonen worden gebruikt, met gebruik van speciale werktechnieken.
In de witte sector kan practisch zonder terugslag en gemakkelijk worden gewerkt. Het cirkelzaagblad alsijd in deze sector gegen de te zagen stamplaatsen.
Vrijgeveen combinaties van zaaggarnituur, beschemkap/aanslag, handgreep en draagstel
Snijgarnituur Beschermkap, aanslag Handgreep Draagstel
| 1 | 2 | 13 | 18 | 22 |
| 3 | 4 | 14 | 19 | 24 |
| 5 | 6 | 15 | 21 | 23 |
| 7 | 8 | 16 | 19 | 24 |
| 9 | 10 | 21 | 23 | |
| 11 | 17 | 21 | 25 |
Vrijgeven combinaties
Afhankelijk van het snijgarnituur de juiste combinatie uit de tabel kiezen!

WAARSCHUWING
Om veiligheidsredenen mogen alleen snijgarnituren, beschemkappen, grepen en draagstellen uitdezelfdetabelregel worden gecombineerd.
Andere combinaties zichniettoegestaan -kansopongelukken!
Snijgarnituren
Maaikoppen
1 STIHL SuperCut 20-2
2 STIHL AutoCut C 26-2
3 STIHL AutoCut 25-2
4 STIHL AutoCut 36-2
5 STIHL DuroCut 20-2
6 STIHL PolyCut 20-3
Metalen snijgamituren
7 Grassnijblad 230-2 (Ø 230 mm)
8 Grassnijblad 260-2 (Ø 260 mm)
9 Grassnijblad 230-4 (Ø 230 mm)
10 Grassnijblad 230-8 (Ø 230 mm)
11 Slagmes 250-3 ( 250mm)
Grassnijbladen, slagmessen en cirkelzaagbladen van een ander materiaal dan metaal zichn nicht toegestaan.
Beschemkappen, aanslag
13 Beschermkap voor maaikoppen
14 Beschermkap met
15 Schort en mes voor maakoppen
16 Beschermkap zonder schort en mes voor metalen snijgarnituren, posities 7 tot 11
17 Aanslag voor cirkelzaagbladen
Handgrepen
18 Beugelhandgreep
19 Beugelhandgreep met
20 Beugel (loopbegrenzer)
21 Dubbele handgreep
Draagstel
22 Enkele schouderriem kan worden gebrukt
23 Enkele schouderriem moet worden gebrukt
24 Dubbele schouderriem kan worden gebrukt
25 Dubbele schouderriem moet worden gebrukt
Vrijgeveen aanbouwgereedschappen
De volgende
STIHL aanbouwgereedschappen
mogen op het basismotorapparaat
worden gemonteerd:
| Aanbouwgereed-schap | Toepassing |
| BF Grondfrees | |
| FCS 2) 3) | Kantensnijder |
| FH 145° struiksnoeier,instelbaar | |
| HL 0° 1) | heggensnoeier |
| HL 145° 2) | heggensnoeier,instelbaar |
| HT 1) | Hoogsnoeier |
| RG 5) | onkruidverwijderaar |
| SP 1) 4) | Special oogstapparaat |
| SP 10 1) | Special oogstapparaat |
1) Voor apparaten met dubbele handgreep Niet geschikt
2) Voor apparaten met dubbele handgreep slechts in beperkte mate geschikt
3) Het gebruik van het draagstel is Niet moodzakelijk
4) Het met het apparaat meegeleverde handvatrubber gebruiken
5) Voor apparaten met beugelhandgreep de beugel (loopbegrenzer) gebruiken
Nederland's
Dubbele handgreep monteren
Dubbele handgreep met draaibare handgreepsteun monteren
De draaibare handgreepsteun is af fabriek al op de steel/maaiboom gemonteerd. Voor de montage van de draagbeugel要去en de klembeugels worden verwijderd.
Klembeugels verwijdenen

De onderste klembeugel (1) en de bovenste klembeugel (2) vasthouden
Knevelbout (3) losdraaien - na het losdraaien van de knevelbout zitten de onderdelen los en worden door de beiden veren (4, 5)uit elkaar gedrukt!
Knevelbout lostrekken - de ring (6) blijft op de knevelbout
Klembeugels lostrekken - de veren (4, 5) blijven anschter in de onderste klembeugel!
Draagbeugel bevestigen

Draagbeugel (7) zo in de onderste klembeugel (1) aanbrengen dat de afstand (A) Niet meer dan 15 cm (6 inch) bedraagt
De bovenste klembeugel aanbrengen en de beiden beugels samenhouden
De knevelbout tot aan de aanslag door de beiden beugels steken - alle delen bij elkaar honden en borgen

Het geheel geborgde onderdelenbestand met de knevelbout maar de motor gericht op de handgreepsteun (8)plaatsen
Knevelbout tot aan de aanslag in de handgreepsteun drukken en verzolgens in de boring draaien - nog Niet vastdraaien
Draagbeugel dwars ten opzichte van de steel/maaiboom uitlijnen - de maat (A) controlleren
Knevelbout vastdraaien

Bedieningshandgreep monteren
Bout (9) losdraaien - de moer (10)\
blijft anschter in de\
bedieningshandgreep (11)
De bedieningshandgreep met de gashendel (12) maar de aandrijfkop gericht op het uiteinde van de draagbeugel (7) schuiven tot de boringen (13) in lijn liggen
Bout (9) aanbrengen en vastdraaien
Gaskabel bevestigen

LET OP
De gaskabel Niet knikken of in een scherpe bocht leggen - de gaskabel moet goed gangbaar zich!

Knevelbout (3) losdraaien en zoveruit de schroefdraad draaien tot dedraagbeugel (7) kan wordengedraaid
De draagbeugel 90^ linksom verdraien en aansluitend maar beneden kantelen
Knevelbout (3) vastdraaien
in de werkstand
De draagbeugel in omgeekerde volgorde dan zoals hierboven staat beschreiben en rechtsom draaien, resp. kantelen
Nederland's
Beugelhandgreep monteren
Beugelhandgreep met beugel monteren

Vierkante moeren (1) in de beugel (2) steken - en de boringen met elkaar in lijn brengen

Klem (3) in de beugelhandgreep (4) plaatsen en samen op de steel/maaiboom (5) aanbrengen
Klem (6) aanbrengen
Beugel (2) aanbrengen - op demontagestand letten!
Boringen met elkaar in lijn brengen
Bouten (7) in de boringen steken en in de beugel draaien tot ze aanliggen
Verder bij "Beugelhandgreep bevestigen"
Beugelhandgreep zonder beugel monteren

Klem (3) in de beugelhandgreep (4) plaatsen en samen op de steel/maaiboom (5) aanbrengen
Klem (6) aanbrengen
Boringen met elkaar in lijn brengen
Ring (8) op de bout (7) plaatsen en\
deze waar in de boring steken,\
hierop de vierkante moer (1)\
draaien - tot deze aanlicht
Verder bij "Beugelhandgreep bevestigen"
Beugelhandgreep bevestigen

Door het wijzigen van de afstand (A) kan de beugelhandgreep in de voor de gebruiker en de toepassing meest gunstige stand worden geplaatst.
Advies: afstand (A) ca. 20 cm (8 inch)
De beugelhandgreep in de gewenste stand schuiven
Beugelhandgreep (4) uittijnen
De boutez zo vast aandraaien, dat de beugelhandgreep Niet meer om de steel/maaiboom kan worden verdraaid - als er geen beugel is gemonteerd: indien nodig de moeren borgen
De huls (9) is, afhankelijk van de exportuitvoering gemonteerd en moet tussen de beugelhandgreep en de bedieningshandgreep liggen.
Gaskabel afstellen
Na de montage van het apparaat of na een langere gebruiksduur kan het nodig zich de gaskabelstelling te corrigeren.
De gaskabel alleen afstellen bij een compleet gemonteerd apparaat.

Gashendel in de volgasstand plaatsen
De bout in de gashendel tot aan de eerste waterdstand in de richting van de pijdraaien. Daarna nogmaals een halve slag verder indraaien
Draagoog monteren
Kunststoff uitvoering

Stand van het draagoog: zie "Belangrijke componenten".
Draagoog (1) op de steel/maaiboom plaatsen en over de steel/maaiboom drukken
M5-moer in de zeskantopname van het draagoog aanbrengen
Bout M5x14 aanbrengen
Draagoog uittijnen
- Bout vastdraaien
Nederland's
1 Beschermkap voor maagarnituren
2 Beschermkap voor maaikoppen
De beschemkappen (1) en (2) worden opdezelfde wijze op de aandrijkop bevestigd.
- Beschemkap op de maaikop leggen
Bouten (3) aanbrengen en vastdraaien
Schort en mes monteren
WAARSCHUWING
Kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen en contact met het snijgarnituur. Het schort en het mes要去en bij het gebruik van maaikopen algid in de beschermkap (1) worden gemonteerd.
Schort monteren

- De geleidegroef van het schort zover op de lijst van de beschermkap schuiven tot deze vastklikt
Schort verwijderen

Met deuroslag in de boring van het schort drukken engeluktijdig met deduroslag het schort iets waar links schuiven
- Het schort maar beneden toe geheel van de beschemkap trekken

Mes monteren
Mes in de geleidegroef van het schort schuiven
- Bout aanbrengen en vastdraien
Aanslag monteren

WAARSCHUWING
Kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen en contact met het snijgarnituur. De aanslag (6)要去 bij het gebruik van cirkelzaagbladen algijd worden gemonteerd.
Aanslag (6) op de aandrijfkopflensplaatsen
Bouten (7) aanbrengen en vastdraaien
Snijgarnituur monteren
Motorapparaat neerleggen

Motor afzetten
Het motorapparaat zo neerleggen dat de koppeling voor het snijgarnituur maar boven is gericht
Bevestigingsonderdelen voor snijgarnituren
Afhankelijk van het snijgarnituur waarmee uw apparaat werd uitgeverd, kan ook de leveringsomvang van bevestigingsonderdelen voor het snijgarnituur verschillend+zijn.
Leveringsomvang met bevestigingsonderdelen
Er kuren maaikoppen en metalen snijgarnituren worden gemonteerd.

Hiervoor zijn, afhankelijk van de uitvoering van het snijgarnituur, een extra moer (3) en een draaischotel (2) nodig. De drukschotel (1)要去 bij alle snijgarnituren zich gemonteerd.
De onderdelen makeen deel uit van de onderdelenset die samen met het apparaat worden gelevererd en+zijn als special toebehoren leverbaar.
Nederland's
Leveringsomvang zonder bevestigingsonderdelen

Er kuren alleen maakoppen worden gemonteerd die direct op de as (2) worden bevestigd.

As blokkeren
Voor het monteren en demonteren van snijgarnituren moet de as (2) met behulp van de blokkeerpen (6) of de haakse schroevendraier (6) worden geblokkeerd. De onderdelen make deel uit van de leveringsomvang en+zijn als speciaal toebehoren leverbaar.
- Blokkerpen (6) of de haakse schroevendraaier (6) tot aan de aanslag in de boring (7) van de aandrijfkop/het aandrijfmechanisme schuiven - jetsaandrukken
As, moer of snijgarnituur verdraien tot de blokkeerpen in de boring valt en de as worden geblokkeerd

Bevestigingsonderdelen verwijderen
Met behulp van de blokkeerpen (1) de as (5) blokkeren
Met behulp van de combisleutel (2) de moer (3) rechtsom (linkse schroefdraad) losdraaien en wegemen
Draaischotel (4) van de as (5) trekken, de drukschotel (6) nicht wegemen
Snijgarnituur monteren
WAARSCHUWING
Kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen en contact met het snijgarnituur. Een bij het snijgarnituur passende beschermkap gebruiken - zie "Beschemkap monteren".
Maaikop met schroefdraadaansluiting monteren
De bijlage voor de maaikop goed bewaren.

Drukschotel (1) aanbrengen
Maaikop (3) linksom tot aan de aanslag op de as (4) schroeven
Met behulp van de blokkeerpen (2) de as (4) blokkeren
Maaikop (3) vasttrekken
LET OP
Het gereedschap voor het blokkeren van de as weer lostrekken.
Maiakop verwijderen
Met behulp van de blokkeerpen (2) de as (4) blokkeren
Maaikop (3) rechtsom draaien en wegemen
Metalen snijgamituren monteren
Het bijlageblad en de verpakking voor het metalen snijgarnituur goed bewaren.

WAARSCHUWING
Veiligheidshandschoenen aantrekken - kans op letsel door de scherp snijkanten.
Altijd slechts een metalen snijgarnituur monteren!
Snijgarnituur op de juiste wijze aanbrengen

De snijgarnituren (2, 4, 5, 6) können in een willekeurige richting wijzen - deze snijgarnituren regelmatig omkeren om eenzijdige slijtage te voorkomen.
De snijkanten van de snijgarnituren (1, 3, 7, 8)要去en aan rechts zijn gericht.
Op de pijl voor de draairichting aan de binnenzijde van de beschemkap letten.

Drukschotel (9) aanbrengen
Snijgarnituur (8) op de drukschotel (9) plaatsen
De kraag (pijl) moet in de boring van het snijgarnituur vallen.
Snijgarnituur bevestigen
Draaischotel (10) aanbrengen
Met behulp van de blokkeerpen (12) de as (11) blokkeren
Moer (13) met behulp van de combisleutel (14) linksom op de as draaien en vastdraaien
WAARSCHUWING
Kans op letsel door het loslopende snijgarnituur. Een moer die gemakkelijk op de schroefdraad kan worden geschroefd, verrangen.
Nederland's

LET OP
Het gereedschap voor het blokkeren van de as weer lostrekken.
Metalen snijgarnituur demonteren

WAARSCHUWING
Veiligheidshandschoenen aantrekken - kans op letsel door de scherp snijkanten
Met behulp van de blokkeerpen (12) de as (11) blokkeren
Moer (13) rechtsom losdraaien
- Het snijgarnituur en de bevestigingsonderdelen hiervan van de aandrijfkop/het aandrijfmechanisme trekken -- hierbij de drukschotel (9) nicht wegemen
Brandstof
De motor draait op een brandstofmengsel van benzine en motorolie.

WAARSCHUWING
Direct huidcontact met benzine en het inademen van benzinedampen voorkomen.
STIHL MotoMix
STIHL advisert het gebruik van STIHLMotoMix.Dit kant-en-klare brandstofmensgel bevat geen benzol, is loodvrij,kenmerkt zich door een hoog octaangetal en biedt altijd de juiste mengverhouding.
STIHL MotoMix is voor de langst mogelijk levensduur van de motor gemengd met STIHL tweetaktmotorolie HP Ultra.
Brandstoffen die nicht geschikt zijn of met een afwijkende mengverhouding hunlen leiden tot ernstige schade aan de motor. Benzine of motorolie van een mindere kwaliteit hunnen de motor, keerringen, leidingen en benzinetank beschadigen.
Benzine
Alleen benzine van een gerenommeerd merk met een octaangetal van minimaal 90 RON tanken - loodvrij of loodhoudend.
Benzine met een alcoholpercentage vaneer dan 10% kan bij motoren methandmatig instelbare carburateursstoringenveroorzaken,haarom magdeze benzine voor deze motoren nichtwordengebruikt.
Motoren met M-Tronic leveren met benzine met een alcoholpercentage tot 25% E25) het volle motorvermogen.
Motorolie
Als brandstof zich wordt gemengd mag alleen een STIHL tweetaktmotorolie of een andere hoopwaardige motorolie van de klasse JASO FB, JASO FC, JASOFD, ISO-L-EGB, ISO-L-EGC of ISO-L-EGD worden gebruikt.
STIHL schrijft de tweetaktmotorolie STIHLP Ultra of een gewijkwaardige hoogwaardige motorolie voor om de emissiegrenswaarden gedurende de machinelevensduur te konnen waarborgen.
Mengverhouding
Bij STIHL tweetaktmotorolie 1:50; 1:50 = 1 deel olie +50 delen benzine
Voorbeelden
Hoeveelheid STIHL tweetaktolie 1:50 benzine
Liter Liter (ml)
1 0,02 (20)
50,10 (100)
10 0,20 (200)
Hoeveelheid STIHL tweetaktolie 1:50 benzine
Liter Liter (ml)
15 0,30 (300)
20 0,40 (400)
250,50 (500)
In een voor benzine vrijgeveven jerrycan eerst motorolie bijvullen en verwolgens benzine en goed mengen
Brandstofmengsel opslaan
Benzine alleen bewaren in voor benzine vrijgeveen jerrycans op een veilige, droge en koele plaats, beschermd gegenlicht en zonnestralen.
Het brandstofmengsel veroudert - alleen de hoeveelheid die nodig is voor enkele weken Mengen. Het brandstofmengsel Niet langer dan 30 dagen bewaren. Door de inwerking vanlicht,zon,lage of hoge temperaturen kan het brandstofmengsel sneller onbruikbaar worden.
STIHL MotoMix kan darüber tot zo'n 2aar probleemloos worden bewaard.
Dejerrycan met brandstofmengsel voor het tanken goed schudden

WAARSCHUWING
In de jerrycan kan zich druk opbouwen - de dop voorzichtig losdraaien.
De benzinetank en de jerrycan regelmatig grondig reinigen
De restbrandstof en de voor de reiniging gebruekte vloeistof volgens voorschrift en milieubewust opslaan en afvoeren!
Tanken

Apparaat Voorbereiden

- De tankdop en de omgeving ervan voor het tanken reinigen zodat er geen vuil in de tank valt
- Het apparatusat zo neerleggen dat de tankdop maar boven is gericht
Tankdop opendraien

Tankdop linksom draaien tot deze van de tankopening kan worden genomen
Tankdop wegnemen
Tanken
Bij het tanken geen benzine morsen en de tank Niet tot aan de rand vullen.
STIHL adviseert het STIHL vulsysteme voor brandstof (special toebehoren).
Tanken
Tankdop dichtdraien

Tankdop aanbrengen
Tankdop tot aan de aanslag rechtsom draaien en met de hand zo vast möglichk aandraaien
Nederland's
Draagstel omdoen
Type en uitvoering van de draagriemংn afhankelijk van het exportland.
Gebruik van de draagriem -zie Vrijgegeven combinaties van snijgarnituur, beschermkap, handgreep en draagstel".
Enkele schouderriem

Enkele schouderriem (1) omdoen
De riemlengte zo afstellen dat de karabijnhaak (2) ongeveer een handbreedte onder de rechterheup ligt
Apparaatuitbalanceren-zie "Apparaatuitbalanceren"
Dubbele schouderriem

- Dubbele schouderriem (1) omdoen en de slotplaat (3) sluiten
Riemlengte afstellen - de karabijnhaak (2) moet bij een vastgehaakt motorapparaat circa een handbreedte onder de rechterheup liggen
Apparaatuitbalanceren-zie "Apparaatuitbalanceren"
Apparaat uittbalanceren
Het apparaat vasthaken aan de draagriem

Type en uitvoering van de draagriem en de karabijnhaak zijn afhankelijk van het exportland.
Karabijnhaak (1) in het draagoog (2) op de steel/maaiboom vasthaken
Apparaat uittbalanceren
Afhankelijk van het gemonteerde snijgarnituur worden het apparaat op verschillende manierenuitgebalanceerd.
Als aan de onder "Pendelstanden" vermelde voorwaarden is voldaan, de volgende handelingen UITvoeren:

Bout (1) losdraaien
Draagoog (2) verschuiven
- Bout (1) voorzichtig aandraaien
- Het apparatus latuitpendelen
Pendelstand controlleren:
Pendelstanden

Maigarnituren (A) zoals maakoppen, grassnjbladen en slagmessen
moeten net de grond raken

Cirkelzaaagbladen (B)
moeten ca. 20~cm (8 inch) boven de grond "zweven"
Als de juiste pendelstand is bereikt:
Bout (1) op het draagoog vastdraaien

Het apparatusaat bij de draagriem loshaken
- De lip op de karabijnhaak (1)
indrukken en het draagoog (2) uit de haak trekken
Nederland's
Motor starten/afzetten
Bedieningselementen
Uitvoering met dubbele handgreep

1 Gashendelblokkering
2 Gashendel
3 Stopschakelaar - met de werkstand en stopstand. Voor het uitschakelen van het contact要去 de stopschakelaar ( ) worden ingedrukt - zie "Werking van de stopschakelaar en het contact"
Uitvoering met beugelhandgreep

1 Gashendelblokkering
2 Gashendel
3 Stopschakelaar - met de werkstand en stopstand. Voor het uitschakelen van het contact moet de stopschakelaar ( 念 ) worden ingedrukt - zie "Werking van de stopschakelaar en het contact"
Werking van de stopschakelaar en het contact
Zodra de stopschakelaar worden ingedrukt, worden het contactuitgeschakeld en de motor afgezet. Na het loslaten veert de stopschakelaar automatisch wee in de werk-stand terug: Nadat de motor stilstaat worden in de werkstand het contact automatisch wee ingeschakeld -de motor is startklaar en kan worden gestart.
Motor starten

Balg (9) van de hand-benzinepomp ten minste 5-maal indrukken -ook als de balg met benzine is gezuld
Chokeknop (8) indrukken en afhankelijk van de motortemperatuur in de betreffende stand draaien:
bij koude motor
已 bij warme motor -ook als de motor reeds heeft gedraid, maar nog koud is
De chokeknop moet vastklikken.
Starten


- Het apparaat zo op de grond plaatsen dat het Niet kan omvallen: de steun op de motor en de beschermkap voor het snijgarnituur vormen de ondersteuning
-Indien gemonteerd: de transportbeschemkap op het snijgarnituur verwijderen
Het snijgarnituur mag noch de grond noch enig ander voorwerp raken - kans op ongevallen!
Een veilige houding aannemen - mogelijkheden: staand, gebukt of knielend
- Het apparaat met de linkerhand stevig op de grond drukken - hierbij noch de gashendel, noch de gashendelblokkering aanraken - de duim zit onder het ventilatorhuis

De voet of de knie Niet op de steel/maaiboom plaatsen!

Met de rechterhand de starthandgreep vastpakken
De starthandgreep langzaam tot aan de eerst voelbare aanslag uittrekken enervoigens nsl en krachtig doortrekken

Het koord Niet tot aan het koorduiteindeuit de boring trekken - kans op breuk!
De starthandgreep Niet terug latenschieten -maar lien vieren zodat het startkoord correct kan worden opgerold
-Verder starten tot de motor draait
Zodra de motor draaait

- De gashendelblokkering indrukken en gas geven - de chokeknop springt in de werkstand I - na een koude start de motor door enkele keren gas geven warmdraaien

Kans op letsel door het draaiende snijgarnituur bij stationair toerental. De carburateur zo afstellen dat het snijgarnituur bij stationair toerental Niet meedraait - zie "Carburateur afstellen".
Het apparaat is klaar voor gebruik.
Motor afzetten
- De stopschakelaar indrukken - de motor stopt - de stopschakelaar loslaten - de stopschakelaar veert terug
Nederland's
Verdere aanwijzingen met betrekking tot het starten
De motor slaat in de koudestartstand of bij het accelereren af.
- De chokeknop in stand -plaatsen -verder starten tot de motor draait
De motor start nicht in de warmestartstand - De chokeknop in stand plaatsen -verder starten tot de motor draait
De motor slaat nicht aan
Controlleren of alle bedieningselementen correct zich aufgesteld
- Controlleren of de tank met benzine is gezuld, zo nods tanken
- Controleren of de bougiesteker stevig op de bougie is gedrukt
Startprocedure herhalen
De motor is "verzopen"
- De chokeknop in stand I plaatsen-verder starten tot de motor draait
Alle benzine werd verbruikt
- Na het tanken de balg van de hand-benzinepomp ten minste 5-maal indrukken - ook als de balg met benzine is gezuld
- De chokeknop afhankelijk van de motortemperatuur instellen
Motor opniew starten
Apparaat vervoeren
Transportbeschemkap gebruiken
Het type transportbeschemkap is afhankelijk van het type metalen snijgarnituur dat behoort tot de leveringsomvang van het motorapparaat.
Transportbeschemkappen zich ook als specialaal toebehoren leverbaar.
Grassinijbladen 230 mm




Slagmes 250 mm


Grassinijbladen tot 260 mm




-Transportbeschermkap vanaf de onderzijde op het snijgarnituurplaatsen

- Spanbeugel op de transportbeschemkap loshaken
- Spanbeugel maar buiten zwenken

- Spanbeugel maar binnen zwenken
- Spanbeugel op de transportbeschemkap vasthaken
Nederland's

Cirkelzaaqbladen

- Spanbeugel op de transportbeschemkap loshaken

- Spanbeugel maar buiten zwenken
Transportbeschemkap vanaf de onderzijde op het snijgarnituurplaatsen, er hierbij op letten dat de aanslag gecentreerd in de uitsparing ligt

- Spanbeugel maar binnen zwenken
- Spanbeugel op de transportbeschemkap vasthaken
Gebruiksvoorschriften
Gedurende de eerste bedrijfsuren
Het neue apparataat tot aan de derde tankvulling Niet onbelast met hoge toerentallen latent draaien, om te voorkomen dat erijdens de inloopfase extra belasting optreedt. Gedurende de inloopfase moeten de bewegende delen op elkaar inlopen - in de motor heerst een verhoogde wrijvingsweerstand. De motor levert zich imaximale vermogen pas na 5 tot 15 tankvullingen.
Tijdens de werkzaamheden
De motor nog even stationair latent draaien als hij voordien langeijd onder vollast heeft gedraaid, tot de meeste warmte door de koelluchtstroom is afgevoerd. Dit om te voorkomen dat de componenten op de motor (ontstekingssystem, carburateur) door warmteophoping te zwaar worden belast.
Na het werk
Als het werk even wordt onderbroken: de motor lately afkoelen. Het apparaat met lege benzinetank op een droge plaats, Niet in de buurt van ontstekingsbronnen, opbergen tot het moment dat het apparaat weeort wordt gebruikt. Bij langdurige stilstand - zie "Apparaat opslaan".
Luchtfilter verrangen
De levensduur van het filter bedraagt gemiddeldeer dan eenaar. Het filterdeksel Niet demonteren en het luchtfilter Niet verrangen zolang er geen merkbaar vermogensverlies optreedt.
Als het motorvermogen merkbaar afneemt

-Chokeknop in stand draaien
Bouten (1) losdraaien
Filterdeksel (2) Wegnemen
- Het grove vuil rondon het filter verwijdersen
Filter (3) Wegnemen
Een verruild of beschadigd filter (3) verrangen
- Beschadigde onderdelen verzangen
Filter aanbrengen
- Het neue filter (3) in het filterhuisplaatsen en het filterdeksel aanbrengen
Bouten (1) aanbrengen en vastdraaien
De carburateur van het apparaat is af fabriek zo afgesteld dat de motor onder alle bedrijsomstandigheden worden voorzien van een optimaal benzine-luchtmengsel.

stationair toerental instellen
Motor slaat bij stationair toerental af
Motor ca. 3 min. warm laten draaien
Aanslagschroef stationair toerental (LA) langzaam rechtsom draaien, tot de motor gelijkmatig draait - het snijgarnituur mag Niet meebewegen
Het snijgarnituur beweegt bij stationair toerental mee
Aanslagschroef stationair toerental (LA) langzaam linksom draaien, tot het snijgarnituur stil blijft staan,ervolgens 1/2 tot 3/4 slag in bezelfde richting verdter draaien
WAARSCHUWING
Als het snijgarnituur na de uitgevoerde afstelling bij stationair toerental Niet stil blijft staan, het motorapparaat door een geauthoriseerde dealer lately repareren.
Nederland's
Bougie
Bij onvoldoende motorvermogen, slecht starten of onregelmatig stationair toerental eerst de bougie controleren.
Na ca. 100 bedrijsuren de bougie verrangen - bij sterk ingebrande elektroden reeds eerder - alleen door STIHL vrijgeveen, ontstoorde bougies gebruiken -zie "Technische geevens"
Bougie uitbouwen

- Afdekkap (1) losschroeven
Bougiesteker (2) lostrekken
Bougie (3) losdraaien
Bougie controlleren

Vervuilde bougie reinigen
Elektrodeafstand (A) controlleren en zo nods afstellen, waarde voor elektrodeafstand -zie "Technische gegevens"
Oorzaken van de verruiling van de bougie opheffen
Mogelijkkeoorzakenzijn:
- Te veel motorolie in de benzine
- Vervuild luchtfilter
Ongunstige bedrijfsomstandigheden

WAARSCHUWING
Bij een Niet vastgedraaide of ontbrekende aansluitmoer (1) kuren vonken worden gezormd. Als in een licht brandbare of explosieve omgeving wordt gewerkt, kuren brand of
explosies ontstaan. Personen können ernstig letsel oplopen of er kan materiele schade ontstaan.
- Ontstoorde bougies met een vaste aansluitmoer monteren
Bougie monteren
Bougie (3) vastdraaien
Bougie (3) met behulp van de combisleutel vastdraaien
Bougiesteker (2) vast op de bougie drukken
- Afdekkap (1) plaatsen en vastschroeven
Motorkarakteristiek Aandrijfmechanisme smeren
Als ondanks het gereinigde luchtfilter en de correcte carburateurafstelling de motorkarakteristik Niet optimaal is, kan dit ook te wijten�n aan de uitlaatdemper.
De uitlaatdemper bij de geauthoriserde dealer op verruiling (koolaanslag) lately controlen!
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te lately uitvoeren.

Het tandwielvet elke 25 bedrijfsuren controleren en indien nodig smeren:
Afsluitplug (1) losdraaien
- Als er aan de binnenNZijde van de afsluitplug (1) geen vet zichtaar is: tube (2) met STIHL tandwijelt (special toebehoren) in de boring schroeven
Maximaal 5 g (1/5 oz.) tandwielvetuit de tube (2) in de aandrijfkop/het aandrijfmechanisme drukken

De aandrijfkop/het aandrijfmechanisme. niet geheel met vet vullen.
Tube (2) losdraaien
-De aflsuitplug (1) aanbrengen en vastdraaien
Apparaat opslaan
Bij buitengebruikstelling vanaf ca. 3 maanden
De benzinetank op een goed geventileerde plaatst aftappen en reinigen
De brandstof volgens de voorschriften en milieuuwetgeving opslaan
De motor laten draaien tot hij uit zichzelf aflslaat, als dit worden nagelaten kunn de carburateurmembranen vastplakken!
- Snijgarnituur demonteren, schoonmaken en controleren. Metalen snijgarnituren insmeren met conservingsolie.
Het apparatus grondig reinigen
Luchtfilter reinigen
Het apparatus op een droge en veilige plaats opbergen - tegen gebruik door onbevoegden (bijv. kinderen) beschermen
Nederlandds
Metalen snijgarnituren slijpen
Snijgarnituren bij een geldinge slijtage met een aanscherpvijl (speaal toebehoren) - bij sterke slijtage en groeven, met behulp van een slijppapparaat slijpen of dit door een geautorieerde dealer latelyuitvoeren - STIHL advisert de STIHL dealer
Regelmatig slijpen, weinig materiala Wegnemen: voor het gebruikelijkke aanscherpen zichn meestal twee tot drie vijlstreken voldoende

Mesvleugel (1) gelijkmatig slijpen - de omtrek van het hart (2) nicht wijzigen
Meer aanwijzingen met betrekking tot het slijpen staan op de verpakking van het snijgarnituur. Daarom de verpakking bewaren.
Uitbalanceren
Ca. 5-maal aanscherpen, hierna het snijgarnituur met behulp van het STIHL balancererapparaat (special toebehoren) op onbalans controlleren en uitbalanceren of dit door een geautoriseerde dealer latent uitvoeren - STIHL advisert de STIHL dealer
Onderhoud maaikop

Motorapparaat neerleggen
Motor afzetten
Het motorapparaat zo neerleggen dat de koppeling voor het snijgarnituur maar boven is gericht
Maiaadaard verrangen
Voor het verwangen van de maaidraad de maaikop beslist op slijtage controeren.
WAARSCHUWING
Als er sterke slijtagesporen zichtaar zichn, moet de maaikop compleet worden verwangen.
De maaidraden worden in hetervoig kortweg "draden" genoemd.
Tot de leveringsomvang van de maaikop behoort een handleiding met afbeeldingen die LAST ZIERHOE DE DRADEN worden verrangen. Daarom de handleiding voor de maaikop goed bewaren.
-Indien nodig de maaikop uitbouwen
Maiaidraad bijstellen
STIHL SuperCut
De draad worden automatisch op de juiste langte afgesteld als de draad minimaal 6 cm (2 1/2 inch) lang is - door het mes op de beschemkap worden te lange draden op de optimale langte afgeseden.
STIHL AutoCut
- Het apparaat met draaiende motor boven een grayscale houden - de maaikop moet hierbij draaien
De maaikop op de grond tippen - de draden worden bijgesteld en door het mes op de beschemkap op de optimale lenghte afgesneden
Steeds nadat met de maaikop op de grond wordt getipt wordt de draad bijgesteld. Daaromijdens de werkzaamheden de maaiprestaties van de maaikop observeren. Als met de maaikop te vaak op de grond worden getipt, worden ongebruekte stukken van de maiadraad door het mes afgesneden.
De draadlengte worden alleen bijgesteld als de beiden draaduiteinden ten minste nog 2,5 cm (1 inch) lang+zijn.
STIHL TrimCut

WAARSCHUWING
Voor het met de hand bijstellen van de draad de motor beslist afzetten - anders is er kans op letsell!
- Het spoelhuis omhoog trekken - linksom draaien - ca. 1/6 slag - tot aan de arreteerstand - en weer terug lately veren
-De draaduiteinden maar buiten trekken
De procedure indien nodig herhalen tot de beiden draaduiteinden het mes in de beschemkap bereiken.
Een draaibeweging van aanslag tot aanslag vergroot de draadlenge met ca. 4 cm (11/2 inch).
Maiaadradenervangen
STIHL PolyCut
In de maaikop PolyCut können inplaats van messen ook afgekorte draden worden gehaakt.
Voordat de maakop met de hand worden voorzien van maiadraad de motor beslist afzetten – anders is er kans op letsel!
De maaikop aan de hand van de meegeleverde handleiding voorzien van de op maat afgekorte draad
Mes verrangen
STIHL PolyCut
Voor het verrangen van de messen de maaikop beslilst op slijtage controleren.

WAARSCHUWING
Als er sterke slijtagesporen zichtaar maar,要去 de maaikop compleet worden verrangen.
De snijmessen worden in het verzolg kortweg "messen" genoemd.
Tot de leveringsomvang van de maaikop behoort een handleiding met afbeeldingen die LAST ZEN Hoe de messen worden verrangen. Daarom de handleiding voor de maaikop goed bewaren.

WAARSCHUWING
Voordat de maakop met de hand worden voorzien van maiadraad de motor beslist afzetten – anders is er kans op letsel!
Maaikop verwijderen
- De messen op die wijze verrangen als afgebeeld in de handleiding
De maaikop weer monteren
Onderhouds- en reinigingsvoorschriften
| Onderstaande gelevens zijn gebaseerd op normale bedrijfsomstandigheden. Onder zware omstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij langere dagelijkse werklijden Dianae de gegeven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beëindigen van de werk-zaamheden, resp. dagelijks | Na elke tankvulling | Wekelijks | Maandelijks | Jaarijks | Bij storingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Complete machine | visuele controle (staat, lekke) X | X | ||||||||
| reinigen X | ||||||||||
| beschadigde onderdelen verrangen X | X | |||||||||
| Bedieningshandgreep werkung controllerer | X X | |||||||||
| Luchtfilter | visuele controle XX | |||||||||
| vervangen2) | X | |||||||||
| Hand-benzinepomp (indien gemonteerd) | controlen X | |||||||||
| laten repareren door geauthoriserde dealer1) | X | |||||||||
| Aanzuigmond in de benzinetank | laten controleren door geauthoriserde dealer1) | X | ||||||||
| laten verrangen door geauthoriserde dealer1) | X | X | X | |||||||
| Benzinetank reinigen X X | ||||||||||
| Carburateur | stationair toerental controleren, het snij-garnituur mag Niet meedraaien | X | X | |||||||
| Stationair toerental instellen X | ||||||||||
| Bougie | elektrodeafstand afstellen X | |||||||||
| elke 100 bedrijsuren verrangen | ||||||||||
| Aanzuigopeningen voor koellucht | visuele controle X | |||||||||
| reinigen | X | |||||||||
| Cilinderribben | laten reinigen door geauthoriserde dealer1) | X | ||||||||
| Klepspeling | bij vermogensverlies of sterk togeteno-men startkracht, de klepspeling controleren en zo nodig latent afstellen door geauthoriserde dealer1) | X | X | |||||||
Nederlandds
| Onderstaande gevevens zijn gebaseerd op normale bedrijfsomstandigheden. Onder zware omstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij langere dagelijkse werklijden dienen de geveven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beindigen van de werk-zaamheden, resp. dageleiks | Na elke tankvulling | Welkelijks | Maandelijks | Jaarijks | Bij stortingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Verbrandingsruimte elke 150 bedrijsuren | laten reinigen doorgaeutoriseerde dealer1) | X | ||||||||
| Bereikbare bouten, schroeven en moeren (behalte stelschroeven) | natrekken X | |||||||||
| Antivibratie-elementen | controleren X | X | X | |||||||
| laten verwangen door geutoriseerde dealer1) | X | |||||||||
| Snijgarnituren | visuele controlex | |||||||||
| vervangen X | ||||||||||
| op vastzitten controleren X | X | |||||||||
| Metalen snijgarnituren slijpen/aanscherpen X | X | |||||||||
| Smering aandrijfkop/aandrijfmechanisme | controleren X | |||||||||
| bijvullen X | ||||||||||
| Veiligheidssticker verwangen X | ||||||||||
1) STIHL adviseert de STIHL dealer
2) Alleen als het motorvermogen merkbaar afneemt
Nederlandds
Slijtage minimisieren en schade voorkomen
Het aanhonden van de voorschriften in\ deze handleiding voorkomt overmatige\ slijtage en schade aan het apparaat.
Gebruik, onderhoud en opslag van het apparaat要去en net zo zorgvuldig plaatsvinden als staat beschreiben in de handleiding.
De gebruiker is zich verantwoordelijk voor alle schade die door het Niet in acht nemen van de veiligheids-, bedieningsen onderhoudsaanwijzingen wordenveroorzaakt. Dit geldt in het bijzonder voor:
Niet door STIHL vrijgeveen wijzigingen aan het product
- Het gebruik van gereedschappen of toebehoren die nicht voor het apparaat zich vrijgegeven, Niet geschikt of kwalitatief minderwaardig zich
- Het Niet volgens voorschrift gebruikmaken van het apparatus
- Gebruik van het apparaat bij sportmanifestaties of wedstrijden
Vervolgschade door het blijven gebruiken van het apparaat met defecte onderdelen
Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhouds- en reinigingsvoorschriften" vermelde werkzaamheden要去 regelmatig worden uitgevoerd. Voorzover deze onderhoudswerkzaamheden Niet door de gebruiker zich können worden
uitgevoerd, moeten deze worden overgelaten aan een geauthoriseerde dealer.
STIHL adviseert onderhouds-en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te latent uitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatif geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Als deze werkzaamheden nicht of onvakkundig worden uitgevoerd kan er schade ontstaan waaroor de gebruiker zich verantwoordelijk is. Hiertoe behoren o.a.:
Schade aan de motor ten gevolge van Nietijdig of nicht correct uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden (bijv. lucht- en benzinefilter), verkeerde carburaturafstelling of onvoldoende reiniging van de koelluchtgeleiding (inlaatsleuven, cilinderribben)
Corrosie- en andere verwolgschade ten gevolge van onjuiste opslag
Schade aan het apparaat ten gevolge van gebruik van kwalitatief minderwaardige onderdelen
Aan slijtage blootstaande onderdelen
Sommige onderdelen van het motorapparaat staan ook bij gebruik volgens de voorschriften aan normale slijtage bloot en moeten, afhankelijk van de toepassing en de gebruiksduur,ijdig worden verrangen. Hiertoe behoren o.a.:
- Snijgarnituren (alle typen)
- Bevestigingsdelen voor snijgarnituren (draaischotels, moeren, enz.)
- Beschermkap snijgarnituur
Koppeling - Filter (voor lucht, benzine)
- Startmechanisme
- Bougie
- Antivibratie-elementen
Belangrijke componenten

1 Tankdop
2 Carburateurstelschroef
3 Starhandgreep
4 Hand-benzinepomp
5 Kap
6 Utiltaatdemper
7 Apparatensteun
8 Gashendel
9 Stopschakelaar
10 Gashendelblokkering
11 Dubbele handgreep
12 Handgreepsteun
13 Knevelbout
14 Gaskabelhouser
15 Draagoog
16 Chokeknop
17 Luchtfilterdeksel
18 Benzinetank
19 Beugelhandgreep
20 Beugel (loopbegrenzer, afhankelijk van de exportuitvoering gemonteerd)
21 Steel/maaiboom
Machinenummer
Nederlandds

1 Steel
2 Maaikop
3 Beschermkap (alleen voor maaikoppen)
4 Mes (voor maaidraad)
5 Beschermkap (voor alle maigarnituren)
6 Schort (voor maaikoppen)
7 Metalen maigarnituur
8 Cirkelzaagblad
9 Aanslag (alleen voor cirkelzaagbladen)
Technische gegevens
Motor
Eencilinder-viertaktmotor met mengsmering
Cylinderinhoud: 28,4 cm
Boring: 38 mm
Slag: 25 mm
Vermogen volgens 0,95 kW (1,3 pk)
ISO 8893: bij 7000 1/min
Stationair toerental: 2800 1/min
Afregeltorental
(nominale warde): 9500 1/min
Max.toerental van de
uitgaande as (koppe
ling snijgarnituur): 7150 1/min
Klepseling
Inlaatklep:0,10 mm
Uitlaatklep:0,10 mm
Ontstekingsystem
Elektrodeafstand: 0,5 mm
Brandstofsystem
Onafhankelijk van de stand werkende membrancaarburateur met geintegreerde benzinepomp
Inhoud benzinetank: 710 cm ^-3 (0,71 l)
Gewicht
Zonder benzine, zonder snijgarnituur en beschemkap
FS 91:5,8 kg
FS 91 R: 5,5 kg
Totale lenghte
Zonder snijgarnituur: 1800 mm
Uitvoeringskenmerken
R Beugelhandgreep
Geluids- en trillingswaarden
Snijgarnituur
Gegevens m.b.t. de arbo-wetgeving voor wat betreft trillingen 2002/44/EG, zie www.stihl.com/vib
Geluiddrukniveau Lpeq volgens ISO 22868
Metmaikop
FS 91 R met dubbele
handgreep: 95 dB(A)
FS 91 R: 95 dB(A)
Met metalen maaigarnituur
FS 91 met dubbele
handgreep: 93 dB(A)
FS 91 R met beugel: 93 dB(A)
Geluidvermogensniveau L_w volgens ISO 22868
Met maaikop
FS 91 met dubbele
handgreep: 106 dB(A)
FS 91 R: 106 dB(A)
Met metalen maigarnituur
FS 91 met dubbele
handgreep: 105 dB(A)
FS 91 R met beugel: 105 dB(A)
Aanbouwgereedschappen
De geluids- en trillingswaarden van de vrijgegeven aanbouwgereedschappen staan vermeld in de handleiding van het betreffende aanbouwgereedschap.
Voor het geluiddrukniveau en het geluidvermogensniveau bedraagt de K-- waarde volgens RL 2006/42/EG =
2,0 dB(A); voor de trillingswaarde bedraagt de K--waarde volgens
REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemicaliën.
Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH voerschrift (EG) nr. 1907/2006 zie www.stihl.com/reach
Uitlaatgasemissiewaarde
De in de EU-typegoedkeuringsprocedure gemeten CO_2 -waarde staat weergegeven bij de voor het product specifieke technische gegevens bij www.stihl.com/co2.
De gemeten CO_2 -waarde werden op een representatieve motor volgens een genormeerde testprocedure onder laboratoriumomstandigheden bepaald en vomt geen uitdrukkelijke of impliciete garantie van het vermogen van een bepaalde motor.
Door het in deze handleiding beschreiben gebruik conform de voorschriften en onderhoud, worden aan de geldende uitlaatgasemissie-eisen voldaan. Bij modificaties aan de motor verwalt de typegoedkeuring.
Reparatierichtlijnen Milieuverantwoord afvoeren
Door de gebruiker van dit apparaat
mogen alleen die onderhouds- en
reinigingswerkzaamheden worden
uitgevoerd die in deze handleiding staan
beschreiben. Verdergaande reparations
mogen alleen door geauthoriseerde
dealers worden uitgevoerd.
STIHL adviseert onderhouds-en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te latent uitvoeren.De STIHL dealers worden regelmatin geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Bij reparatiewerkzaamheden alleen onderdelen inbouwen die door STIHL voor dit apparaat zich vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderdelen. Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit worden nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan de apparaat.
STIHL advisert originele STIHL onderdelen te monteren.
Originele STIHL onderdelen zich te herkennen aan het STIHL
onderdeelnummer, aan het logo
STIHL en, indien aanwezig, aan het STIHL onderdellogo 已 _ 己 (opkleine onderdelen kan dit logo ook als enig teken voorkomen.).
Bij het milieuvriendelijk verwerken要去en de nationale voorschriften met betrekking tot afvalstoffen in ache worden genomen.

STIHL producten behoren nicht bij het huisvuil. STIHL producten, accu's, toebehoren en verpakking要去en worden ingeleverd voor een milieuvriendelijk recycling.
Actuele informatatie betreffende het milieuvriendelijk verwerken van accu's is verzrikjgbaar bij de STIHL dealer.
EU-conformiteitsverklaring
verklaart als enige verantwoordelijkke, dat
Constructie: Motorzeis
Fabrieksmerk: STIHL
Type: FS 91
FS 91 R
Serie-identificatie: 4180
Cylinderinhoud:28,4 cm 3
voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, 2006/42/EG, 2014/30/EU en 2000/14/EG en in overeenstemming met de ten tjde van de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geprodueerd:
EN ISO 11806-1, EN 55012, EN 61000-6-1
Voor het bepalen van het gemeten en het gegardeerde geluidvermogensniveau werd volgens richtlijn 2000/14/EG, bijlage V, onder toepassing van de norm ISO 10884 gehandeld.
Gemeten geluidvermogensniveau
106 dB(A)
Gegarandeerd geluidvermogensniveau
108 dB(A)
Bewaren van technische documentatione:
Het productiejaar en het machinenummer staan vermeld op het apparaat.
Waiblingen, 28-11-2018
Hoofd productmanagement en services
