TPS 16000 S Combi - Pomp METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TPS 16000 S Combi METABO in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Pomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TPS 16000 S Combi - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TPS 16000 S Combi van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING TPS 16000 S Combi METABO
NEDERLANDS – Lees deze gebruiksaanwijzing vóór de in- gebruikneming geheel door. Neem daarbij vooral de veiligheidsinstructies in acht. – Deze gebruiksaanwijzing richt zich aan personen met technische grondkennis in het werken met toestellen zoals het hier beschreven toestel. Als u geen ervaring met zulke toestellen heeft, dient u eerst de hulp van ervaren personen op te eisen. – Als u bij het uitpakken van het apparaat transportschade vaststelt, dan moet u daar onmiddellijk uw leverancier van op de hoogte stellen. In dat geval mag u het ap- paraat niet in gebruik nemen! – De verpakking moet, conform de lokale wetgeving inzake de bescherming van het milieu, met een bevoegde ophaaldienst meegegeven worden. – Bewaar alle bij het apparaat geleverde do- cumenten, zodat u zich indien nodig kunt informeren. Bewaar het koopbewijs voor eventuele garantiegevallen op. – Als u het toestel uitleent of verkoopt, geef dan alle meegeleverde documenten mee. – Voor beschadigingen die ontstaan omdat deze gebruiksaanwijzing niet werd opge- volgd, aanvaardt de fabrikant geen aan- sprakelijkheid. De informaties in deze gebruiksaanwijzing zijn als volgt gekenmerkt: AGevaar! Waarschuwing voor lichamelijk letsel of mi- lieuschade. BGevaar voor elektrische schok! Waarschuwing voor lichamelijke letsels door elektrische schok. A Let op! Waarschuwing voor materiële schade. 3Aanwijzing: Aanvullende informatie. – Cijfers op afbeeldingen (1, 2, 3, ...) – kentekenen afzonderlijke delen; – zijn doorlopend genummerd; – refereren naar de passende getallen in de haakjes (1), (2), (3) ... in de naburi- ge tekst. – Handelingen, waarbij op de volgorde moet worden gelet, zijn genummerd. – Handelingen met willekeurige volgorde zijn met een punt gekenmerkt. – Lijsten zijn met een streep gekenmerkt.
3.1 Voorgeschreven gebruik van
het systeem Het apparaat is uitsluitend bestemd voor pri- végebruik in huis- en tuinomgeving.
1. Het apparaat in een oogop-
slag 1 handgrendel / ophangoog 2 niveauregeling vlotterschakelaar 3 ontluchting 4 vlotterschakelaar 5 grendelschroef 6 aanzuigopeningen 7 vestelbare zuigkorf 8 drukaansluiting incl. hoekaansluitstuk met multiadapter 9 pomphuis 10 netsnoer met stekker
2. Lees deze tekst voor u
I_0009nl4A.fm 5.7.10 Origineel gebruikaanwijzing25 NEDERLANDS Toegelaten pompvloeistof: zuiver of afvalwa- ter – Het aandeel aan zwevende deeltjes in het afvalwater mag niet meer dan 5% bedra- gen. – Het aandeel aan vaste stoffen in het afval- water mag de bij de technische gegevens aangegeven korrelgrootte niet overschrij- ven. Elke andere vorm van gebruik geldt als niet doelmatig en is niet toegelaten. Typische toepassingsgebieden – Uitpompen van tanks, waterbekkens, zwembaden, zinkputten of overstroomde ruimten. – Besproeien van tuinen en gazons. Verboden gebruik Het apparaat is niet voor – het pompen van vloeistoffen met een tem- peratuur > 35 °C. – drinkwatertoevoer of het pmpen van le- vensmiddelen. – het pompen van zout water. – het pompen van explosieve, ontvlambare, agressieve of gevaarlijke stoffen en faeca- liën. – commercieel of industrieel gebruik. – permanente circulatie (vijver). Personen (met inbegrip van kinderen en jon- geren) mogen het apparaat niet gebruiken als ze – over beperkte lichamelijke en/of mentale vaardigheden beschikken, – onvoldoende waarnemingsvermogen heb- ben, – onvoldoende ervaring en/of kennis met resp. in de omgang met het apparaat heb- ben of – de handleiding niet gelezen en begrepen hebben. Voor schade door foutief gebruik aanvaardt de fabrikant geen verantwoordelijkheid. Door onreglementair gebruik, veranderingen aan het toestel of door gebruik van onderde- len die niet door de fabrikant gekeurd en vrij- gegeven zijn, kunnen niet te voorziene be- schadigingen ontstaan!
3.2 Algemene veiligheidsvoor-
schriften – Neem bij gebruik van dit apparaat de vol- gende veiligheidsvoorschriften in acht om gevaar voor personen of materiële schade te voorkomen. – Neem wettelijke richtlijnen of voorschriften ter preventie van ongevallen voor de om- gang met dompelpompen in acht. – Neem bij gebruik van het apparaat in zwembaden en tuinvijvers en hun be- schermbereik de bepalingen volgens DIN VDE 0100 -702, -738 in acht. Ook eventuele plaatselijke voorschriften moeten worden gevolgd. – Voor de beveiliging van het apparaat moet een automatische differentieelschakelaar (RCD) met een nominale foutstroom van maximaal 30 mA worden gebruikt. AAlgemeen gevaar! Gebruik het apparaat niet als er personen in contact staan met de pompvloeistof (bijv. in het zwembad of de tuinvijver)! De volgende restrisico's blijven bij het ge- bruik van dompelpompen principieel bestaan – ze kunnen ook door veiligheidsvoorzienin- gen niet volledig worden vermeden. AGevaar door omgevingsinvloeden! Gebruik het apparaat niet in ruimten waar explosiegevaar bestaat of in de buurt van ontvlambare vloeistoffen of gassen! AGevaar door heet water! Als de uitschakeldruk van de drukschakelaar door slechte drukverhoudingen of door een defecte drukschakelaar niet wordt bereikt, kan het water in het apparaat verhit raken door interne circulatie. Daardoor kunnen beschadigingen en lekken optreden aan het apparaat en de aansluitlei- dingen, waardoor heet water kan ontsnap- pen. Verbrandingsgevaar! Apparaat max. 5 minuten tegen gesloten drukleiding laten werken. Apparaat van het stroomnet scheiden en laten afkoelen. Correcte werking van de installatie laten controleren vooraleer deze opnieuw in gebruik te nemen. BGevaar door elektriciteit! Raak de netstekker nooit aan met natte han- den! Trek de stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact. Het apparaat mag alleen worden aangeslo- ten aan veiligheidscontactdozen die deskun-26 NEDERLANDS dig geïnstalleerd, geaard en getest zijn. Net- spanning en afzekering moeten overeen- stemmen met de Technische gegevens. Apparaat altijd optillen of transporteren aan de handgreep, nooit aan het netsnoer of de drukslang. Verlengsnoeren moeten een voldoende gro- te aderdiameter hebben. Kabeltrommels moeten volledig afgerold zijn. Netsnoer en verlengsnoer niet knikken, kneuzen, rukken of overrijden; tegen scher- pe kanten, olie en hitte beschermen. Het verlengsnoer mag niet in contact komen met de te pompen vloeistof. Vóór werkzaamheden aan het toestel, de stekker uit het stopcontact trekken. BGevaar voor elektrische schok door gebreken aan het apparaat! Controleer het apparaat, vooral net- en ver- lengsnoer, netstekker en vlotterschakelaar, voor ieder gebruik op eventuele beschadi- gingen. Levensgevaar door elektrische schok! Voer nooit zelf herstellingen uit aan het ap- paraat! Bij ondeskundig uitgevoerde herstel- lingen bestaat het risico dat vloeistof in het elektrische gedeelte van het apparaat dringt. A Attentie! Om waterschade te vermijden, bijv. over- stroomde kamers, veroorzaakt door sto- ringen of gebreken van het apparaat: Geschikte veiligheidsmaatregelen plan- nen, bijv.: – Alarminrichting of – opvangbekken met bewaking De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijk- heid voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door – foutief gebruik van het apparaat. – overbelasting van het apparaat door per- manent gebruik. – gebruik of bewaring van het apparaat zon- der vorstbescherming. – het uitvoeren van eigenmachtige verande- ringen aan het apparaat. Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen wor- den uitgevoerd door een elektromonteur! – het gebruik van onderdelen die niet door de fabrikant gecontroleerd en vrijgegeven zijn. – het gebruik van ongeschikt installatiema- teriaal (armaturen, aansluitleidingen, enz.). Geschikt installatiemateriaal: – drukbestendig (min. 10 bar) – warmtebestendig (min. 100 °C)
1. Voeg de twee helften van de handgreep
(12) samen zoals afgebeeld. Geleid daarbij het netsnoer (13) en het snoer van de vlotterschakelaar (14) naar boven.
2. Verbind de handgreephelften (12). Let er-
op dat de geleidingen aan de handgreep- helften in elkaar grijpen.
3. Schroef de handgreep met de vier schroe-
ven (11) aan de behuizing van het appa- raat (15). Gebruik alleen de meegeleverde schroeven.
4.2 Drukleiding aansluiten
1. Bij maximale drukleidingsdiameter:
kleiner aansluitstuk aan de multiadapter (16) afsnijden.
4. Montage en plaatsing
NEDERLANDS 3Aanwijzing De beste pompcapaciteit wordt bereikt met de maximale drukleidingsdiameter.
2. Multiadapter (16) in het hoekaansluitstuk
3. Hoekaansluitstuk incl. multiadapter in de
drukaansluiting (18) schroeven.
4. Drukleiding op multiadapter (16) schuiven
en met een slangklem bevestigen.
4.3 Kabel vlotterschakelaar
bevestigen 3Aanwijzing Bevestig de kabel van de vlotterschakelaar zo dat de afstand tussen kabelhouder en vlotterschakelaar min. 100 mm bedraagt. Vorm een lus met de vlotterschakelaarka- bel. Leg de lus zoals afgebeeld over de middelste klemhaak (20) van de kabel- houder en geleid de kabel van de vlotter- schakelaar onder de beide buitenste klemhaken (19). De volgende afbeelding tot de bevestigde vlotterschakelaarkabel: A Let op! De vlotterschakelaarkabel kan beschadigd worden. Trek nooit aan de vlotterschakelaarkabel om de positie in de kabelhouder te veranderen! Volg bij het losmaken van de vlotterschake- laarkabel de aangegeven stappen in omge- keerde volgorde.
4.4 Opstelinstructies
Benodigde ruimte ca. 50 cm x 50 cm. Voor een probleemloze werking van de vlotterschakelaar moet deze zich vrij kun- nen bewegen. De in de Technische gegevens vermelde bedrijfsdiepte mag niet worden overschre- den, het apparaat mag niet dieper in het water worden gedompeld. Plaats de pomp zo dat de aanzuigopenin- gen niet geblokkeerd kunnen worden door vreemde voorwerpen. Plaats de pomp eventueel op een onderlaag. Zorg ervoor dat de pomp stabiel staat. BGevaar voor elektrische schokken door gebroken kabels! Apparaat niet optillen of transporteren aan de kabels of de drukslang! De kabels en de drukslang zijn niet geschikt voor de trekbe- lasting door het gewicht van het apparaat.
4.5 Apparaat plaatsen
1. Pomp lichtjes schuin in de te pompen
vloeistof dompelen, opdat zich aan de on- derkant geen luchtpolster vormt. Hierdoor zou het aanzuigen worden verhinderd. Zo- dra de pomp is ingedompeld, kan ze weer worden opgericht.
2. Laat de pomp op de bodem van het vloei-
stofreservoir zakken. Bevestig een voldoende sterk touw aan
NEDERLANDS het ophangoog om de pomp te laten zak- ken. De pomp kan ook hangend aan een touw worden gebruikt.
3. Voor u de pomp opnieuw in gebruik
neemt, moet u erop letten dat de pomplei- ding volledig leeg is. Indien nodig de pomp ontluchten.
5.1 In- en uitschakelen
1. Apparaat aansluiten op het stroomnet.
2. Schakelaar op de netstekker op AUTO
zetten (zie ook hoofdstuk "Automatische modus"). Het apparaat wordt door de vlotterschake- laar automatisch ingeschakeld (21) en uitge- schakeld (22). Het schakeltijdstip is afhankelijk van het wa- terpeil. In- en uitschakeltijdstip van de pomp ver- stellen De positie van de vlotterschakelaarkabel in de kabelhouder kan veranderd worden. Hier- door wordt de afstand tussen in- en uitscha- kelpunt van de pomp versteld: – vlotterschakelaar aan "korte kabel": in- en uitschakelpunt liggen dicht bijeen. – vlotterschakelaar aan "lange kabel": in- en uitschakelpunt liggen ver uiteen. A Let op! Het apparaat kan drooglopen en daardoor beschadigd worden. De vlotterschakelaar moet naar boven en onder altijd beweegbaar blijven, zodat het apparaat in- en uitgeschakeld kan worden.
5.2 Automatische modus
Zuigkorf op de positie "onder" zetten (voor het pompen van zuiver water en afvalwater) Zuigkorf naar rechts draaien en ontgren- delen (23), omlaag verplaatsen (24) en door naar links te draaien weer vergrende- len (25). Schakelaar op de netstekker op AUTO schakelen (26). 3Aanwijzing Op de zuigkorfpositie "onder" is de pompca- paciteit het grootst.
5.3 Handmatig bedrijf (plat afzui-
gen) Zuigkorf op de positie "boven" schakelen (alleen voor het pompen van zuiver water) Zuigkorf naar rechts draaien en ontgren- delen (27), omhoog verplaatsen (28) en door naar links te draaien weer vergrende- len (29).
NEDERLANDS Schakelaar op de netstekker op MAN schakelen (30). A Materiële schade door drooglopen van het apparaat mogelijk! Het apparaat kan oververhitten en bescha- digd worden, daar bij plat afzuigen de koel- functie van het pompmedium ontbreekt. De thermoschakelaar reageert. Plat afzuigen slechts gedurende korte tijd. Apparaat bewaken tijdens het plat afzui- gen. AGevaar door storingen aan het ap- paraat! Sluit met behulp van geschikte maatregelen uit dat bij storingen aan het apparaat gevolg- schade kan ontstaan door de overstroming van kamers. Dit kan bijvoorbeeld worden be- reikt door het gebruik van een alarminstalla- tie of een reservepomp. AGevaar! Laat de pomp niet tegen een gesloten pomp- leiding lopen. AGevaar! Voor alle onderhouds- en reinigingswerk- zaamheden de stekker uit het stopcontact trekken. Andere dan de in dit hoofdstuk beschreven onderhouds- of reparatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door geschoold personeel worden uitgevoerd.
6.1 Regelmatig onderhoud
Om ervoor te zorgen dat het apparaat altijd storingsvrij werkt, is regelmatig onderhoud noodzakelijk. Dit geldt ook als het apparaat gedurende langere tijd niet wordt ingescha- keld (bijv. bij gebruik in zinkputten). Apparaat reinigen
1. Spoel de pomp met schoon water. Hard-
nekkige verontreinigingen, bijv. algen, ver- wijdert u met een borstel en reinigingsmid- del.
2. Binnenkant van de pomp spoelen:
pomp onderdompelen in zuiver water en even inschakelen.
3. Zuigkorf reinigen:
– Grendelschroeven (32) verwijderen. Zuigkorf (33) van de pompvoet (31) trekken. – Zuigkorf en pompvoet reinigen. – Zuigkorf (33) weer op de pompvoet (31) schuiven en met grendelschroe- ven (32) fixeren.
6.2 Apparaat bewaren
A Let op! Vorst vernielt apparaat en toebehoren omdat deze altijd water bevatten! Als er kans op vorst bestaat, moet het ap- paraat samen met het toebehoren worden opgeborgen.
NEDERLANDS AGevaar! Alvorens u met werkzaamheden aan het apparaat begint: trekt u de stekker uit het stopcontact.
Pomp loopt niet: Er is geen netspanning. – Controleer het snoer, de stekker, het stopcontact en de zekering. De netspanning is te laag. – Gebruik een verlengsnoer met vol- doende grote aderdiameter. Motor oververhit, motorbeveiliging geacti- veerd. – Verwijder de oorzaak van de overver- hitting (pomp geblokkeerd door vreemd voorwerp?). – Na het afkoelen wordt het apparaat au- tomatisch opnieuw ingeschakeld. De vlotterschakelaar schakelt de pomp bij stijgend waterpeil niet in. – Controleer of de vlotterschakelaar vol- doende bewegingsvrijheid heeft. Als het apparaat ondanks voldoende bewegingsvrijheid van de vlotterscha- kelaar niet wordt ingeschakeld: apparaat insturen naar de servicevesti- ging in uw land. Motor bromt, pomp start niet: Loopwiel geblokkeerd door vreemd voorwerp. – Loopwiel reinigen. Pomp loopt maar pompt niet goed: Pompopvoerhoogte te groot. – Neem de maximale pompopvoerhoogte in acht (zie Technische gegevens). Drukleiding geknikt. – Leg de drukleiding recht. Drukleiding lek. – Dicht de drukleiding af, trek de schroe- ven van de schroefklemmen aan. Pomp is zeer luid: Pomp zuigt lucht aan. – Controleer of de watervoorraad vol- doende groot is. – Vreemd voorwerp (apparaat reinigen). – Manuele modus ingesteld (plat afzui- gen). – Houd de pomp schuin terwijl u ze in de vloeistof dompelt. Pomp loopt permanent: De vlotterschakelaar bereikt de onderste positie niet. – Controleer of de vlotterschakelaar vol- doende bewegingsvrijheid heeft. AGevaar! Reparaties aan elektrische werktuigen mo- gen alleen uitgevoerd worden door elektro- technici! Defecte elektrische apparaten kunnen voor reparatie naar de servicevestiging in uw land worden gestuurd. Het adres vindt u bij de lijst met onderdelen. Geef bij inzending voor reparatie een om- schrijving van het vastgestelde defect. Elektrische apparaten horen niet in het huisvuil. Volgens de Euro- pese Richtlijn 2002/96/EG op ou- de elektrische en elektronische apparaten moet gebruikte elektri- sche apparatuur afzonderlijk in- gezameld en op een milieuvriendelijke ma- nier verwerkt worden. Meer informatie over mogelijkheden voor de verwijdering van afgedankte apparatuur krijgt u bij uw gemeente- of stadsbestuur. Het verpakkingsmateriaal kan volledig wor- den gerecycleerd.
Notice-Facile