EM 20 - Hometrainer Christopeit - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EM 20 Christopeit in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Hometrainer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EM 20 - Christopeit en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EM 20 van het merk Christopeit.
GEBRUIKSAANWIJZING EM 20 Christopeit
1. Overzicht van de losse delen pagina 3
2. Belangrijke aanbevelingen en veiligheidsinstructies pagina 36
3. Stuklijst pagina 37 - 38
4. Montagehandleiding met explosietekeningen pagina 39 - 41
5. Handleiding bij de computer pagina 42 - 45
6. Trainingshandleiding pagina 46
Geachte klant Wij willen u van harte gelukwensen met de aanschaf van uw hometrainer en hopen dat u hier veel plezier aan zult beleven. Neem a.u.b. de instructies en aanwijzingen uit deze montage- en bedieningshandleiding in acht en volg deze op. Bij eventuele vragen kunt u natuurlijk altijd contact met ons opnemen. Met vriendelijke groeten, Top-Sports Gilles GmbH Belangrijke aanbevelingen en veiligheidsinstructies Onze producten werden in principe door de TÜV-GS (Technische Keurings- dienst) gecontroleerd en voldoen bijgevolg aan de actuele, hoogste veilig- heidsnorm. Dit feit impliceert echter niet dat de hierna volgende beginselen niet strikt in acht genomen moeten worden.
1. Het toestel nauwkeurig in overeenstemming met de montage-instructies
opbouwen en uitsluitend de voor de opbouw van het toestel bijgevoegde en in de stuklijst vermelde, specifi ek voor het toestel bestemde onderdelen gebruiken. Vóór de eigenlijke opbouw de volledigheid van de levering aan de hand van de leveringsnota en de volledigheid van de kartonnen verpak- king aan de hand van de stuklijst van de montage-instructies en van de gebruiksaanwijzing controleren.
2. Vooraleer het toestel voor het eerst gebruikt wordt en met regelmatige
tussentijden nakijken of alle schroeven, moeren en overige verbindingen vast zitten, opdat een veilige operationele toestand gewaarborgd is.
3. Het toestel op een droge, effen plaats installeren en het toestel tegen
vochtigheid en vocht beschermen. Oneffenheden van de vloer dienen door gepaste maatregelen op de vloer en, voor zover beschikbaar bij dit toestel, door daarvoor bestemde, regelbare onderdelen van het toestel geneutra- liseerd te worden. Het contact met vochtigheid en vocht dient uitgesloten te worden.
4. Voor zover de opstellingsplaats in het bijzonder tegen drukplaatsen,
verontreiniging en dergelijke beschermd moet worden, een geschikt, slipvrij support (bijvoorbeeld rubberen mat, houten plaat of dergelijke) onder het toestel leggen.
5. Vóór het begin van de training alle voorwerpen binnen een omtrek van 2
meter rond het toestel verwijderen.
6. Voor de reiniging van het toestel geen agressieve reinigingsmiddelen
gebruiken. Voor de opbouw en voor eventuele herstellingen uitsluitend het respectievelijk bijgeleverde of geschikte, eigen gereedschap gebruiken. Residu door het lassen aan het toestel dient onmiddellijk verwijderd te worden zodra de training beëindigd werd.
7. In geval van een ondeskundige en bovenmatige training zijn nadelige
gevolgen voor de gezondheid mogelijk. Vóór het begin van een doelgerichte training dient daarom een geschikte geneesheer te worden geraadpleegd. Deze geneesheer kan bepalen, aan welke maximale belasting (impulsie, watt, duur van de training enz.) men zich mag blootstellen, en kan nauw- keurige inlichtingen met betrekking tot een correcte lichaamshouding bij de training, de doelstellingen van de training en de voeding geven. Er mag niet na uitgebreide maaltijden getraind worden.
8. Met het toestel slechts trainen wanneer het foutloos functioneert. Voor
eventuele herstellingen uitsluitend van originele reserveonderdelen gebruik maken.
9. Bij de instelling van verstelbare onderdelen op respectievelijk de correcte
positie of de gemarkeerde, maximale instelpositie alsook op een reglementair voorgeschreven positie letten.
10. Voor zover in de gebruiksaanwijzing niet anders beschreven, mag het
toestel met het oog op de training uitsluitend door één persoon gebruikt worden.
11. Er moeten trainingskledij en schoenen gedragen worden, die voor een
fi tnesstraining met het toestel geschikt zijn. De kleding moet zodanig zijn, dat deze omwille van de vorm (bijvoorbeeld lengte) ervan tijdens de training niet kan blijven hangen. De trainingschoenen moeten in overeenstemming met het trainingstoestel gekozen worden, uw voeten in principe een vaste passing geven en een slipvrije zool hebben.
12. Wanneer duizeligheid, misselijkheid, borstpijn en andere abnormale
symptomen ondervonden worden, de training vroegtijdig beëindigen en u tot een geschikte geneesheer wenden.
13. Over het algemeen geldt dat sporttoestellen geen speelgoed zijn. Ze mo-
gen daarom uitsluitend in overeenstemming met de bepalingen en door op gepaste wijze geïnformeerde en geïnstrueerde personen gebruikt worden.
14. Personen zoals kinderen, mindervaliden en gehandicapten mogen het
toestel uitsluitend gebruiken in bijzijn van een tweede persoon, die hulp kan verlenen en instructies kan geven. Het gebruik van het toestel door kinderen zonder toezicht dient door gepaste maatregelen te worden uitgesloten.
15. Er dient op gelet te worden dat de trainer en andere personen zich nooit
met één of ander lichaamsdeel binnen het bereik van nog in beweging zijnde onderdelen begeven of bevinden. 16. Dit produkt kan aan het einde van de levensduur niet via het gewone huisafval worden afgevoerd, maar dient naar een verzamelpunt voor recycling electrische apparaten gebracht te worden.Het symbool op het produkt, de gebruiksaanwijzing, of de verpakking wijst u daarop.De grondstoffen zijn volgens hun kenmerken verwerkbaar. Met de verwerking, van deze oude apparaten, doet u een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Vraagt u bij de gemeente naar de desbetreffende verwerkingsplaats.
17. Bij dit toestel betreft het een niet van de snelheid afhankelijk toestel.
18. Het toestel is met een 16-trappige weerstandsinstelling uitgerust. Deze
maakt respectievelijk een verlaging en een verhoging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasting mogelijk. Darbij leidt het draaien van de instelknop van de weerstandsinstelling in de richting van niveau 1 tot een verlaging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasting. Het draaien van de instelknop van de weerstandsinstelling in de richting van niveau 16 leidt tot een verhoging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasting.
19. Dit toestel werd conform de EN 957 -1 en -5 „H, A“ gekeurd en gecer-
tifi ceerd. De toegelaten maximale belasting (= lichaamsgewicht) werd op 150 kg bepaald.37 Afbeeldings- Beschrijving Afmetingen Aantal Gemonteerd aan ET-nummer nr. mm stuks afbeeldingsnr. 1 Computer 1 15 36-9820103-BT 2 Stuurovertrek 2 5 36-9820105-BT 3 Schroef M 5x10 5 1+15 39-10190 4 Ronde stop d=25 2 5 39-9847 5 Stuur 1 15 33-9808-07-SI 6 Polskabel 2 1+19 36-9820106-BT 7 Verbindingskabel voor Steunbuis 1 1+18 36-9820107-BT 8 Stergreepschroef 1 5 36-9613210-BT 9 Afstandsstuk 12x1,5x29 1 8 36-9613209-BT 10 Stuur Bekleiding 1 11 36-9613208-BT 11 Stuur houder 1 15 33-9613208-SI 12 Veering Für M8 10 16+68 39-9864-VC 13 L Pedaalkruk Links 1 43 36-9913120-BT 13 R Pedaalkruk Rechts 1 43 36-9913121-BT 14 Schroef M 4x10 8 54 39-10185 15 Steunbuis 1 32 33-9820102-SI 16 Ronde kopschroef met binnenzeskant M 8x16 8 15+70 39-9886-CR 17 Onderlegplaatje 8//20 6 16 39-10232-CR 18 Stelmotorkabel 1 7+20 36-9820108-BT 19 Polsunit 2 5 36-9613204-BT 20 Stelmotor 1 32 36-9820109-BT 21 Schroef M 5x13 4 20 39-9903-SW 22 Zadel 1 24 36-9913106-BT 23 Vierkante stop 38x38x1,5 2 24 39-9954 24 Glijder 1 29 33-9913103-SI 25 Zadelglijderbevestiging 1 24 36-9913107-BT 27 Onderlegplaatje 10//20 1 28 39-10207 28 Stergreepschroef M10 1 25 36-9814-14-BT 29 Zadelsteunbuis 1 30 33-9820103-SI 30 Glijder 1 32 36-9820110-BT 31 Snelslot M 14 1 32 36-9613220-BT 32 Basisframe 1 33-9820101-SI 33 Dopmoer M 8 2 68 39-9900-VC 34 Sensoropname 1 35 36-9808-10-BT 35 Sensor 1 32 36-9808-09-BT 36 Onderlegplaatje 5//20 8 14 39-10111-VC 37 Sluitring d=17 2 43 36-9504-20-BT 38 Kogellager 6203Z 2 43 39-9999 39 Onderlegplaatje 18 x 6 x 1 6 40+56 39-9993 Controleer na het openen van de verpakking a.u.b. aan de hand van de onderstaande stuklijst of alle onderdelen aanwezig zijn. Wanneer dit het geval is, kunt u met de montage beginnen. Wanneer een bepaald onderdeel niet in orde is of ontbreekt, of wanneer u in de toekomst een reserveronderdeel nodig heeft, kunt u zich wenden tot: Adresse: Top-Sports Gilles GmbH Telefon: +49 (0) 20 51 - 6 06 70 Telefax: +49 (0) 20 51 - 6 06 74 4 e-mail: info@christopeit-sport.com www.christopeit-sport.com Stuklijst - reserveonderdelenlijst EM 20 best.nr. 98201 Technische specifi catie: Stand: 01. 05. 2007
- Magnetisch remsysteem
- Ca. 8kg vliegwielmassa
- Motor-en computer gestuurde weerstandsregeling
- 11 voorgeprogrammeerde belastingprogramma’s
- 5 hartslagprogramma’s (pols gestuurd)
- 1 omwentelingsonafhankelijk programma (programmeerbare watt prestaties van 40 tot 300 watt in 10 stappen)
- horizontaal en verticaal verstelbare zadelpositie
- computerdisplay bestaat uit 7 digitale vensters met de weergave van: tijd, snelheid, afstand, vetverbranding analyse, ca. caloriever bruik, pols, watt en pedaalomwentelingen
- In het gebruikers programma kan u persoonlijke grenswaarden instellen, zoals tijd, afstand en ca. calorieverbruik.
- Overschrijding van de grenswaarde wordt aangegeven
- Fitness-test aanduiding
- Belastbaar met een lichaamsgewicht tot max. 150 kg Afmetingen: ca. L 96 x B 54 x H 135 cm Nederlands38 Afbeeldings- Beschrijving Afmetingen Aantal Gemonteerd aan ET-nummer nr. mm stuks afbeeldingsnr. 40 Zelfborgende moer M 6 6 44+56 39-9816-VC 41 Magneet 1 42 36-9613222-BT 42 Pedaalandrijfschijf d=260 1 43 36-9820111-BT 43 As 126 1 38 33-9820104-SI 44 Ronde kopschroef met binnenzeskant M 6x15 4 43 39-9911 45 Asmoer 3/8“ 2 52 39-9820 46 Asmoer 3/8“x5 3 52 39-9820 47 Afstandsstuk 14x1.5x11 2 52 36-9613227-BT 48 Afstandsstuk 14x1.5x6 1 52 36-9613111-BT 49 Kogellager 6000zz 4 51 36-9808-16-BT 50 Riemwiel d=38 1 52 33-9808-06-SI 51 Vliegwiel d=240 1 52 33-9820105-SI 52 Vliegwielas 1 49 33-9820106-SI 53L Pedaal Links 1 43 36-9913120-BT 53R Pedaal Rechts 1 43 36-9913121-BT 54 Ronde bekleiding 2 13 36-9820104-BT 55 Moer 2 56 39-9816-VC 56 Asschroef M 6x75 1 32 36-9913117-BT 57 Magneetbeugel d=253 1 56 33-9820107-SI 58 Veer 1 57 36-9913119-BT 59 Zelfborgende moer M 8 2 62 39-9918-CR 60 Onderlegplaatje 8//20 6 16+62 39-9964-VC 61 Spanrolkogellager 6300zz 2 64 36-9808-17-BT 62 Schroef M 8x40 1 64 39-9889-CR 63 Ronde stop 2 54 36-9820112-BT 64 Spanbeugel 1 32 33-9820108-SI 65 Spanbeugel veer 16x2 1 64 36-9820113-BT 66 Eindkappen met transportrol 2 67 36-9613218-BT 67 Voetbuis voor 1 32 33-9820109-SI 68 Sluitschroef M 8x70 2 67 39-10093-CR 69 Ronde kappen met hoogtecompensatie 2 70 36-9820114-BT 70 Voetbuis achteren 1 32 33-9820110-SI 71 Flakke riem 410J 1 42+50 36-9820115-BT 72 Schroef M 5x20 6 74 39-90190 73 Schroef 5x25 3 74 39-10190 74L Bekleiding links 1 32+74R 36-9820101-BT 74R Bekleiding rechts 1 32+74L 36-9820102-BT 75 Nettoestel spanningsverzorging 6V/1000mA 1 76 36-9808-21-BT 76 Spanningsverzorgingkabel 1 75 36-9808-22-BT 77 Doos 1 36-9820116-BT 78 Sticker doos 1 36-9820117-BT 79 Montage- en bedieningshandleiding 1 36-9820118-BT 80 Gereedschapsset 1 36-9808-26-BT39 Nederlands Montagehandleiding Voordat u met de montage begint, absoluut onze adviezen en veilig- heidsvoorschriften in acht nemen! Vooraleer u met de montage van start gaat, onvoorwaardelijk onze aanbevelingen en veiligheidsinstructies in acht nemen! Verwijder alle individuele onderdelen uit het karton en leg ze overzichtelijk gereed opdat u met de montage kunt beginnen. Stap 1 : Montage van de voorste en van de achterste voet (67+70).
1. Monteer de voorste poot (67) met de vooraf gemonteerde transportrol-
len (66) op het onderstel (32). Gebruik daarvoor twee bouten (68), tussen- ringen (17), veerringen (12) en dopmoeren (33).
2. Monteer de achterste poot (70) met de vooraf gemonteerde afdekdop-
pen (69) op het onderstel (32). Gebruik daarvoor bouten (16), tussenringen (60) en veerringen (12). Na de montage kunt u kleine oneffenheden van de vloer compenseren door aan de twee hoogte compensatie (69) te draaien. Het apparaat moet zo worden opgesteld, dat het tijdens de training niet uit zichzelf beweegt. Stap 2: Montage van de steunbuis (15) voor het onderstel (32).
1. Pak de stuurbuis (15) waarin de computerkabel (7) al geplaatst is. Ver-
bind de stekker voor de computerkabel (7) die uit de onderkant van de stuurbuis (15) steekt met de bijbehorende stekker voor de computerkabel (18) die uit het onderstel (32) steekt.
2. Plaats de stuurbuis (15) in de bijbehorende buis van het onderstel (32).
Let hierbij op dat de gemaakte kabelverbindingen niet bekneld raken. Schu- if de kabelverbinding langzaam naar onderen in de buis van het onderstel wanneer u de stuurbuis (18) plaatst. Schroef de stuurbuis (15) m.b.v. bou- ten (16), veerringen (12) en onderlegplaatjes (17) op het frame (32). Stap 3: Montage van de stuur (15) voor het steunbuis (15).
1. Voer het stuur (5) door de geopende stuurhouder (11) op de stuurframe
(15) en sluit u deze over het stuur (5).
2. Plaatst de stuur bekleiding (10) op het stuur (5) en de afstandsstuck (9)
op de vleugelschroef (8) en hiermee bevestigd u het stuur (5) in de gewen- ste positie op stuurbuis (15).40 Stap 4: Montage van de computer (1).
1. Steek de stekker van de computerkabel (7), die aan de bovenzijde uit de
stuurbuis (15) steekt, in de bus aan de achterzijde van de computer (1).
2. Schuif de computer (1) op de daarvoor voorziene plaat van de stuursteu-
nbuis (15) schroef de computer (1) m.b.v. bouten (3).
3. De stekker van de kabelleiding (6) die uit de stuureenheid steekt moet in
de desbetreffende bus van de computer (1) gestoken worden. Stap 5: Montage van de zadelsteunbuis (29), de zadelhouder (24) en van de zadel (22).
1. Bevestigd u het zadel (22) met de zadelhouder op de zadelglijder (24) en
schroeft u deze in de gewenste positie vast.
2. Legt de zadelgeleider (24) in de houder aan het zadelbuizen frame (29)
en bevestigd u deze in de gewenste horizontale positie met de Stergreep- moer (28) en de ringen (27).
3. Plaats de zadelbuis (29) in de bijbehorende buis van het onderstel (32).
Stel de gewenste positie in en borg deze door de bout met slnelslot (31) te plaatsen en vast te draaien. (de snelsluiting (31) moet losgemaakt worden door deze een beetje te draaien, en daarna kan getrokken worden om de hoogtevastzetting vrij te geven en de hoogte van het zadel te verstellen. Na de gewenste instelling de snelsluiting (31) opnieuw vastdraaien en vastzetten). Bovendien moet erop worden gelet dat de zadelbuis bij het instellen van de gewenste positie niet verder uit het onderstel wordt getrokken dan de hoogste instelpositie, die met een kleur is gemarkeerd. Stap 6: Montage van de pedalen (53L+53R).
1. Schroef het rechter pedaal (53R) in de pedaalcrank (13R) aan de zijde
die tijdens de training rechts is. (Let op! De schroefrichting is in wijzer- richting).
2. Schroef het linker pedaal (53L) in de pedaalcrank (13L) aan de zijde die
tijdens de training links is. (Let op! De schroefrichting is in tegenwijzer- richting). (De rangschikking van de losse onderdelen is vereenvoudigd doordat de rechter onderdelen met de letter R en de linker onderdelen met de letter L zijn gemarkeerd.)
3. Vervolgens monteert u de pedaalvastzetbanden links en rechts aan de
desbetreffende pedaal. Stap 7: Montage van de nettoestel (75).
1. Steek de stekker van het nettoestel (75) in de desbetreffende bus (76) op
het achterste uiteinden van de bekleding.
2. Steek daarna het nettoestel (75) in een contactdoos (230V/50Hz).41
Nederlands Stap 8: Controle:
1. Alle schroef- en stekkerverbindingen op een correcte montage en juiste
werking controleren. Daarmee is de montage beëindigd.
2. Wanneer alles in orde is, met lichte weerstandsinstellingen vertrouwd
raken met het apparaat en de individuele instellingen vastzetten. Opmerking: De gereedschapsset en de gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig bewaren, omdat u ze wellicht later voor een reparatie of het bestellen van reserve- onderdelen nodig heeft.42 Overzicht beeldscherm van de console: Dingen die men weten moet, vóórdat men met de oefe- ningen begint A. Stroomvoorziening Verbindt de adapter met het apparaat, waarna de computer met een biep- geluid aan zal geven, dat hij onder spanning staat. Schakel nu de computer in en ga naar de manuele/handbedieningsmodus. B. Programmaselectie en waarden invoeren
1. Selecteer met behulp van de UP- en DOWN-toetsen het gewenste pro-
gramma en druk daarna de ENTER-toets om uw programmakeuze te be- vestigen.
2. In de handbedieningsmodus zal de computer de UP- en DOWN-toetsen
gebruiken om de TIME (tijd), DISTANCE (afstand), en CALORIES (calorieën) waarden voor uw oefening in te voeren.
3. Druk op de START/STOP-toets, om met de oefening te beginnen.
4. Wanneer u uw doel bereikt heeft, zal de computer u met bieb-tonen
waarschuwen en automatisch de oefening beeindigen.
5. Wanneer u meerdere doelen heeft ingevoerd en u door wilt gaan naar
het volgende doel, moet u de START/STOP-toets nochmaals indrukken om met de oefening door te kunnen gaan. C. CLOCK-modus:
1. Nadat u de AC-adapter aangesloten heeft, zal op het beeldscherm de
CLOCK-modus verschijnen. Hier kan men de tijd invoeren. De uren worden in de 24-uurs modus aangegeven en de minuten in de 60-minuten modus. Nadat u de tijd ingevoerd heeft, zal het beeldscherm de tijd in de tijdbalk in uren: minuten:seconden weergeven. In de tijdbalk worden twee secon- den door één balkje weergegeven. De temperatuur wordt eveneens op het beeldscherm weergegeven. Druk nu op een willekeurige toets (m.u.v. de ENTER-toets) om de tijdmodus af te sluiten.
2. De computer zal automatisch naar de tijdmodus overschakelen, wanne-
er er geen invoersignaal ontvangen wordt of er gedurende 4 minuten geen toetsen ingedrukt worden. Wanneer u op de ENTER-toets drukt, schakelt de computer over naar de CLOCK-modus, waardoor hij u de tijd en de temperatuur toont. Druk op een willekeurige toets (m.u.v. de ENTER-toets) om de CLOCK-modus af te sluiten.
3. Drukt u de ENTER- en de UP-toets gedurende 2 seconden gelijktijdig
in, dan zal de computer vanuit de STOP-modus naar de CLOCK-modus overschakelen.
4. Wanneer u vanuit de STOP-modus naar de CLOCK-modus overscha-
kelt, kunt u door de ENTER-toets 2 seconden lang in te drukken de CLOCK (tijd) m.b.v. de UP- en DOWN-toetsen instellen. Functies en Kenmerken:
1. Quick Start-toets: Deze toets biedt u de mogelijkheid de computer te
starten, zonder dat u eerst een programma moet kiezen. De TIME (tijd) start automatisch met de weergave van de verstreken tijd beginnend bij
0. Gebruik de UP- en DOWN-toetsen voor het instellen van de weerstand.
2. TIME: Toont de verstreken trainingstijd in minuten en seconden. De com-
puter begint bij 0:00 en loopt per weergegeven seconde op tot maximaal 99:59. U kunt de computer ook d.m.v. de UP- en DOWN-toetsen dusdanig programmeren, dat hij de seconden van een ingevoerde tijdsduur aftrekt. Wanneer u doorgaat nadat de ingevoerde tijd verstreken is (teller op 0:00), zal de computer zich resetten en in de normale tijdsweergave overgaan, waarmee hij u duidelijk wil maken, dat u uw trainingssessie voltooid heeft.
3. DISTANCE: Toont de geaccumuleerde afstand van al uw afgelegde af-
5. WATT: De hoeveelheid mechanisch opgewekt vermogen dat de compu-
7. CALORIES: De computer schat en accumuleert de door u verbrande
hoeveelheid calorieën gedurende al uw trainingssessies.
8. PULSE: De computer toont u uw hartslag in het aantal slagen per minuut
gedurende de trainingssessie.
9. AGE: U kunt de computer met uw leeftijd als variabele programmeren.
Wanneer u geen leeftijd invoert, rekent de computer automatisch met de leeftijdsvariabele 35.
10. TARGET HEART RATE (TARGET PULSE): De hartslag waarop u zich
gedurende uw training moet richten, heet de Target Heart Rate (hartslag- richtwaarde) welke in hartslagen per minuut weergegeven wordt.
11. PULSE RECOVERY: Om deze functie door te voeren, houdt u gedu-
rende de START-fase de handgrepen vast of laat de transmitter op uw borst bevestigd, waarna u de “PULSE RECOVERY”-toets indrukt. Op het beeldscherm worden nu geen waarden meer getoond behalve „TIME“. De tijd loopt nu automatisch vanaf 00:60 - 00:59 terug tot 00:00. Wanneer hij klaar is met aftellen, toont de computer uw (hartslag) herstelwaarde op een schaal van F1.0 tot F6.0.
Aantekening: Wanneer de computer geen PULSE (pols/hartslag) regist- reert, toont de computer de mededeling „P“ op het beeldscherm waar hij normaal het PULSE signaal toont. Wanneer de mededeling „ERR“ zicht- baar wordt, drukt u nochmaals de PULSE RECOVERY-toets en vergewist u zich ervan, dat u de handgrepen stevig met uw handen vasthoudt of dat de transmitter correct bevestigd is. Druktoetsen en hun functies: Er zijn 6 druktoetsen waarvoor de volgende functieomschrijvingen van to- epassing zijn:
1. START/STOP-toets:
a. Quick Start functie: Deze toets biedt u de mogelijkheid om de computer te starten, zonder dat u eerst een programma moet kiezen. Training alléén door manuele instellingen mogelijk. De computer begint automatisch de seconden vanaf 0 te tellen. b. Druk STOP om gedurende de trainingsmodus de oefening te stoppen. c. Druk op de START toets om in de stop modus met de oefening te kun- nen beginnen.
a. Druk op deze toets om de weerstand gedurende de oefening te verho- gen. b. Druk in de invoermodus op deze toets, om de waarden Time (tijd), Dis- tance (afstand), Calories (calorieën) en Age (leeftijd) te verhogen en voor het kiezen van Gender (geslacht) en Program (programma)
a. Druk op deze toets om de weerstand gedurende de oefening te ver- lagen. b. Druk op deze toets in de invoermodus, om de waarden Time (tijd), Dis- tance (afstand), Calories (calorieën) en Age (leeftijd) te verlagen en voor het kiezen van Gender (geslacht) en Program (programma)
4. ENTER (Wechsel)-toets:
a. Druk deze knop in de (setting) invoermodus, om de huidige invoerwar- den te accepteren. b. Wanneer u in de stop modus deze knop gedurende 2 seconden inge- drukt houdt, zet u alle waarden naar 0 of in een standaardwaarde terug. c. Bij het instellen van de tijd accepteert u de uren en minuten instelling door deze knop in te drukken.
5. BODY FAT (Körperfett)-toets: Druk op deze toets voor het invoeren
van uw HEIGHT (lengte), WEIGHT (gewicht), GENDER (geslacht) en AGE (leeftijd) om aansluitend door de computer uw lichaamsvetverhouding te kunnen laten bepalen.
6. PULSE RECOVERY (Erholung)-toets: Druk op deze toets om de harts-
lagherstelfunctie te activeren.43 Nederlands Programma Introductie & Bediening: Manueel Programma: Manueel P1 is het manuele programma. Men kan met de oefening beginnen, zodra men de START/STOP-toets indrukt. De standaard weerstand is ingesteld op niveau 5. Men kan elk gewenst weerstandsniveau instellen (aanpassen d.m.v. de UP/DOWN-toets tijdens de oefening) gekoppeld aan een bepaal- de tijdsduur, een bepaald aantal calorieën, of een bepaalde afstand. Bediening:
1. Gebruik de UP/DOWN-toetsen om het MANUAL (P1) programma te se-
2. Druk op de ENTER-toets om het MANUAL programma te kiezen.
3. De TIME-indicatie (tijd) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de UP- of
DOWN-toetsen de TIME (tijdsduur) voor uw oefening kunt instellen. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen tijdsinvoer te bevestigen.
4. De DISTANCE-indicatie (afstand) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw DISTANCE (afstand) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen afstand te bevestigen.
5. De CALORIES-indicatie (calorieën) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw CALORIES (calorieënverbruik) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen calorieënwaarde te bevestigen.
6. Druk op de START/STOP-toets, om met de oefening te kunnen begin-
nen. Voorgeprogrammeerde programma‘s: Steps (treden), Hill (heuvel), Rol- ling (golven), Valley (dal), Fat Burn (vet verbranden), Ramp (glooing), Mountain (berg), Intervals (intervallen), Random (willekeurig), Plateau (plateau), Fartlek (cross-country), Precipice (steile klim - afgrond) pro- gramma PROGRAM 2 tot en met PROGRAM 13 zijn voorgeprogrammeerde programma‘s. De verschillende profi elen laten duidelijk zien, dat men met verschilldende moeilijkheidsgraden trainen kan. Men kan elk gewenst weerstandsniveau instellen (aanpassen d.m.v. UP/DOWN-toets geduren- de de oefening) gekoppeld aan een bepaalde tijdsduur, een bepaald aantal calorieën, of een bepaalde afstand. Bediening:
1. Gebruik de UP/DOWN-toetsen om het gewenste programma (P2 - P13)
2. Druk op de ENTER-toets om het geselecteerde programma te kiezen.
3. De TIME-indicatie (tijd) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de UP- of
DOWN-toetsen de TIME (tijdsduur) voor uw oefening kunt instellen. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen tijdsinvoer te bevestigen.
4. De DISTANCE-indicatie (afstand) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw DISTANCE (afstand) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen afstand te bevestigen.
5. De CALORIES-indicatie (calorieën) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw CALORIES (calorieënverbruik) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen calorieënwaarde te bevestigen.
6. Druk op de START/STOP-toets, om met de oefening te kunnen begin-
nen. Programmainvoer voor gebruik met meerdere profi elen: Gebruiker 1, Gebruiker 2, Gebruiker 3 en Gebruiker 4 De programma‘s 14 tot en met 17 zijn de USER (gebruiker) programma‘s. De gebruiker heeft de mogelijkheid om in de tien kolommen de waarden in de volgorde TIME (tijd), DISTANCE (afstand), CALORIES (calorieën) en weerstandswaarde geheel aan zijn persoonlijke wensen aan te passen. De waarden en het persoonlijke profi el worden na de invoer in het geheugen opgeslagen. De gebruikers hebben bovendien de mogelijkheid m.b.v de UP/DOWN-toetsen de waarden continu aan te passen, zonder dat de in het geheugen opgeslagen weerstandswaarde zich verandert. Bediening:
1. Gebruik de UP/DOWN-toetsen om het gewenste USER programma
(P14 - P17) te selecteren.
2. Druk op de ENTER-toets om het geselecteerde USER programma te
3. De kolom 1 zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de UP/DOWN-toets uw
persoonlijk trainingsprofi el kunt programmeren. Druk op de ENTER-toets om de waarde van de eerste kolom van uw trainingsprofi el te bevestigen. De standaardwaarde bedraagt 1.
4. De kolom 2 zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de UP/DOWN-toets uw
persoonlijk trainingsprofi el kunt programmeren. Druk op de ENTER-toets om de waarde van de tweede kolom van uw trainingsprofi el te bevesti- gen.
5. Volg de bovenstaande beschrijving op, om de verdere kolommen van
uw profi el te programmeren. Druk op de ENTER-toets om uw gewenst trainingsprofi el te bevestigen.
6. De TIME-indicatie (tijd) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de UP- of
DOWN-toetsen de TIME (tijdsduur) voor uw oefening kunt instellen. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen tijdsinvoer te bevestigen.
7. De DISTANCE-indicatie (afstand) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw DISTANCE (afstand) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen afstand te bevestigen.
8. De CALORIES-indicatie (calorieën) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw CALORIES (calorieënverbruik) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen calorieënwaarde te bevestigen.
9. Druk op de START/STOP-toets, om met de oefening te kunnen begin-
nen. Hartslag Controle Programma: 55% H.R.C., 65% H.R.C., 75% H.R.C., 85% H.R.C., RICHTWAARDE H.R.C. De programma‘s 18 tot en met 22 zijn de Hartslag Controle Programma‘s, waarbij programma 22 het RICHTWAARDE Hartslag Controle Programma is. Programma 18 is het 55% Max H.R.C. - - Richtwaarde H.R. = (220 – leef- tijd) x 55% Programma 19 is het 65% Max H.R.C. - - Richtwaarde H.R. = (220 – leef- tijd) x 65% Programma 20 is het 75% Max H.R.C. - - Richtwaarde H.R. = (220 – leef- tijd) x 75% Programma 21 is het 85% Max H.R.C. - - Richtwaarde H.R. = (220 – leef- tijd) x 85% Programma 22 is het RICHTWAARDE H.R.C. - - Training vindt plaats op basis van een persoonlijk gekozen hartslagrichtwaarde. Gebruikers kunnen hun training op basis van het hartslag controle pro- gramma aanpassen door AGE (leeftijd), TIME (tijd), DISTANCE (afstand), CALORIES (calorieën) or TARGET PULSE (richtwaarde polsslag) in te vul- len. In deze programma‘s zal de computer het weerstandsniveau aan de harts- lag van de persoon in kwestie aanpassen. Wanneer bijvoorbeeld de gere- gistreerde hartslag lager is dan de RICHTWAARDE H.R, zal de computer het weerstandsniveau elke 20 seconden verhogen en de mededeling“SLOW DOWN” op het beeldscherm tonen. Wanneer de hartslag echter hoger is dan de RICHTWAARDE H.R, zal de computer het weerstandsniveau ver- lagen en de mededeling “HURRY UP” op het beeldscherm tonen. De be- doeling van deze ingrepen is, dat de hartslag van de persoon in kwestie zo dicht moglijk bij de RICHTWAARDE H.R. blijft met een bandbreedte tussen RICHTWAARDE H.R. +5 en RICHTWAARDE H.R. -5, waarna de computer de mededeling “KEEP GOING” op het beeldscherm zal tonen. Bediening:
1. Gebruik de UP/DOWN-toetsen om het gewenste HEART RATE CONT-
ROL-programma (P18 - P22) te selecteren.
2. Druk op de ENTER-toets om het geselecteerde programma te kiezen.
3. De AGE-indicatie (leeftijd) zal gaan blinken bij de programma‘s P18 tot
en met P21. M.b.v. de UP of DOWN-toetsen kunt u uw AGE (leeftijd) in- voeren. De standaardwaarde voor leeftijd bedraagt 35.
4. In het programma 22, zal de TARGET PULSE-indicatie (hartslagricht-
waarde) gaan blinken. M.b.v. de UP of DOWN-toetsen kunt u een TARGET PULSE waarde tussen de 80 en 180 invoeren. De standaardwaarde voor TARGET PULSE bedraagt 120.
5. De TIME-indicatie (tijd) zal gaan blinken. M.b.v. de UP of DOWN-toetsen
kunt u de TIME (tijdsduur) voor uw oefening invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen tijdsinvoer te bevestigen.
6. De DISTANCE-indicatie (afstand) zal gaan blinken waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw DISTANCE (afstand) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen afstand te bevestigen.
7. De CALORIES-indicatie (calorieën) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw CALORIES (calorieënverbruik) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen calorieënwaarde te bevestigen.
8. Druk op de START/STOP-toets, om met de oefening te kunnen begin-
nen. Watt Controle Programma: Watt Controle Programma 23 is een snelheidsonafhankelijk programma. Druk op de ENTER-toets om de waarden voor TARGET WATT (Richtwaarde ver- mogen), TIME (tijd), DISTANCE (afstand) en CALORIES (calorieën) in te voeren. Gedurende de oefening kan men het weerstandsniveau niet aan- passen. Wel zal de computer bijvoorbeeld het weerstandsniveau verhogen wanneer de trapsnelheid te langzaam is, of het weerstandsniveau verlagen wanneer de trapsnelheid te hoog is. De bedoeling van deze ingrepen is, dat de berekende WATT (vermogen) mogelijkst dicht bij de door der gebru- iker ingevoerde RICHTWAARDE WATT blijft. Bediening:
1. Gebruik de UP/DOWN-toetsen om het WATT CONTROL-programma
(P23) te selecteren.
2. Druk op de ENTER-toets om het geselecteerde programma te kiezen.
3. De TIME-indicatie (tijd) zal gaan blinken. M.b.v. de UP of DOWN-toetsen
kunt u de TIME (tijdsduur) voor uw oefening invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen tijdsinvoer te bevestigen.
4. De DISTANCE-indicatie (afstand) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw DISTANCE (afstand) kunt invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen afstand te bevestigen.44
5. De WATT-indicatie (vermogen) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de UP-
of DOWN-toetsen uw gewenste WATT-richtwaarde kunt ingeven. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen WATT-waarde te bevestigen. De stan- daardwaarde voor WATT bedraagt 100.
6. De CALORIES-indicatie (calorieën) zal gaan blinken, waarna u m.b.v. de
UP- of DOWN-toetsen uw CALORIES (calorieënverbruik) kunt invoeren.
7. Druk op de START/STOP-toets, om met de oefening te kunnen begin-
2. In dit programma is de WATT-waarde een konstante. Dit betekent, dat
bij een hoog trapritme de weerstand afneemt, en bij een laag trapritme de weerstand toeneemt. De computer probeert de gebruiker m.a.w. op een konstante WATT-waarde te houden. Lichaamsvetprogramma: Lichaamsvet Programma 24 is een programma, dat speciaal ontwikkeld werd om de lichaamsvetverhouding van de gebruiker te analyseren en om een op deze waarde gebaseerd gebruikersprofi el op te zetten. De berekende FAT%- waarde wordt daarop in drie verschillende types ingedeeld. Type1: Lichaamsvet % > 27 Type2: 27 Lichaamsvet % 20 Type3: Lichaamsvet % < 20 De computer toont het resultaat in FAT PERCENT (procentuele verhouding vet), BMI (BMI) en BMR (BMR). Bediening:
1. Gebruik de UP/DOWN-toetsen om het BODY FAT-programma (P24) te
2. Druk op de ENTER-toets om het geselecteerde programma te kiezen.
3. De HEIGHT-indicatie (lengte) zal gaan blinken. M.b.v. de UP of DOWN-
toetsen kunt u de HEIGHT (lichaamslengte) voor uw oefening invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen lichaamslengte te bevestigen. De standaardwaarde voor lichaamslengte bedraagt 170 cm of 5’07” (5feet 7 inches).
4. De WEIGHT-indicatie (gewicht) zal gaan blinken. M.b.v. de UP of DOWN-
toetsen kunt u de WEIGHT (lichaamsgewicht) voor uw oefening invoeren. Druk op de ENTER-toets om uw gekozen lichaamsgewicht te bevestigen. De standaardwaarde voor lichaamsgewicht bedraagt 70kg of 155lbs.
5. De GENDER-indicatie (geslacht) zal gaan blinken. M.b.v. de UP of
DOWN-toetsen kunt u uw GENDER (geslacht) invoeren. Nummer 1 be- tekent mannelijk en nummer 0 betekent vrouwelijk. Druk op de ENTER- toets om het gekozen geslacht te bevestigen. De standaardwaarde voor GENDER is 1 (MANNELIJK).
6. De AGE-indicatie (leeftijd) zal gaan blinken. M.b.v. de UP of DOWN-toe-
tsen kunt u uw AGE (leeftijd) invoeren. Druk op de ENTER-toets om de gekozen leeftijd te bevestigen. De stan- daardwaarde voor AGE is 35.
7. Druk op de START/STOP-toets om met de lichaamsvetanalyse te begin-
nen. Wanneer de mededeling „E“ op het beeldscherm zichtbaar wordt, ver- gewist u zich ervan, dat u de handgrepen stevig met uw handen vasthoudt en dat eventueel de borstriem correct bevestigd is. Druk nu nochmaals op de START/STOP-toets om uw lichaamsvetanalyse opnieuw te starten.
8. Na de analyse zal de computer de waarde in BMR, BMI en FAT PER-
CENT (procentuele verhouding vet) op het beeldscherm tonen. Bovendien zal de computer u een op uw lichaamstype toegespitst trainingsprofi el to- nen.
9. Druk op de START/STOP-toets, om met de oefening te kunnen begin-
nen. Gebruiksaanwijzing:
De computer zal automatisch in de slaapmodus overschakelen, wanneer er geen invoersignaal ontvangen wordt, of er na 4 minuten geen toetsen meer ingedrukt worden. Druk op een willekeurige toets om de computer te wekken.
2. BMI (Body Mass Index): BMI is een methode die het lichaamsvet m.b.v.
de lichaamslengte en het gewicht berekent. Hij wordt bij zowel vrouwen als bij mannen toegepast.
3. BMR (Basal Metabolic Rate): De Basal Metabolic Rate (BMR) toont het
aantal calorieën, dat een lichaam nodig heeft om te kunnen functioneren. Deze waarde heeft geen geldigheid bij lichamelijke inspanningen; hij toont enkel de energie die nodig is voor het slaan van het hart, de ademhaling en het oprecht houden van een konstante lichaamstemperatuur. De waarde geeft het lichaam bij kamertemperatuur in de rusttoestand weer en dus niet wanneer men slaapt. Foutmeldingen: E1 (Foutmelding 1): Normale staat: Deze foutmelding (E1) wordt op het beeldscherm getoond, wanneer het beeldscherm gedurende 4 seconden géén telsignaal van de motor ontving en deze aanvraag driemaal tevergeefs herhaald werd. „Power on“ staat: De motor zal automatisch terug naar nul gezet worden, wanneer de motor gedurende 4 seconden niet gedetecteerd kan worden. Het drijfwiel van de motor wordt ontkoppeld, waarna de melding E1 op het beeldscherm verschijnt. Er worden verder geen andere digitale signalen ontvangen en de uitvoer signalen worden eveneens uitgeschakeld. E2 (Foutmelding 2): Deze foutmelding (E2) verschijnt tijdens het starten van de computer, wanneer de monitor de gegevens in het geheugen leest en de I.D.-code niet klopt of de geheugen IC beschadigd is. E3 (Foutmelding 3): Deze foutmelding (E3) verschijnt op het beeldscherm, nadat de computer 4 seconden in de startmodus was en vaststelt, dat de motor niet van de nul afkomt. Technische gegevens van de huidige adapter
1. Voor gebruik bij: 230V/50Hz of 60Hz Uitvoer: 6V AC/0.5A
2. Voor gebruik bij: 110V/50Hz of 60Hz Uitvoer: 6V AC/0.5A
Trainingsgrafi eken op het Beeldscherm VOORGEPROGRAMMEERDE PROFIELEN:45 Nederlands
Trainingshandleiding De onderstaande factoren moeten in acht worden genomen bij het bepalen van de benodigde training voor het bereiken van een merkbare verbetering van uw fi guur en gezondheid:
De mate van lichamelijke belasting bij de training moet de normale belasting overschrijden, zonder dat u daarbij buiten adem en/of uitgeput raakt. De hartslag kan een geschikte richtwaarde voor een effectieve training zijn. Tijdens de training moet deze tussen de 70% en 85% van de maximale hartslag liggen (zie de tabel en formule om deze te bepalen en te berekenen). Tijdens de eerste weken moet de hartslag tijdens de training in het laagste deel hiervan, rond 70% van de maximale hartslag liggen. In de loop van de daaropvolgende weken en maanden zou de hartslag langzaam tot de bovengrens van 85% van de maximale hartslag moeten stijgen. Hoe beter de conditie van degene die traint is, des te meer moet het trainingsniveau stijgen om tussen de 70% tot 85% van de maximale hartslag te komen. Dit kan worden bereikt door langer te trainen en/of door de moeilijkheidsgraad te verhogen. Wanneer de hartslag niet op het display wordt weergegeven of wanneer u voor de zekerheid uw hartslag wilt controleren, omdat deze door eventuele gebruiksfouten enz. onjuist weergegeven kan zijn, kunt u het volgende doen: De hartslag op de gebruikelijke wijze meten (bijv. de pols voelen en het aantal slagen per minuut tellen). De hartslag met een geschikt en geijkt meetapparaat meten (verkrijgbaar bij gezondheidsinstellingen)
De meeste experts adviseren een gezondheidsbewust dieet, dat op uw trainingsdoel moet worden afgestemd en drie tot vijf maal per week een lichamelijke training. Een normale volwassene moet tweemaal per week trainen om zijn huidige conditie te behouden. Om zijn conditie te verbeteren en zijn lichaamsgewicht te veranderen moet hij minimaal driemaal per week trainen. Natuurlijk is de ideale trainingsfrequentie vijf maal per week.
3. Planning van de training
Iedere trainingssessie moet uit drie fasen bestaan: een “warming-up”, een “trainingsfase” en een “cooling down”. In de “warming-up” moet de lichaamstemperatuur en de zuurstoftoevoer langzaam toenemen. Dit kan worden bereikt door vijf tot tien minuten lang gymnastiekoefeningen te doen. Daarna moet de eigenlijke training (“trainingsfase”) beginnen. De trainingsbelasting moet de eerste minuten laag zijn en dan gedurende een periode van 15 tot 30 minuten zo toenemen, dat de hartslag zich tussen de 70% en 85% van de maximale hartslag bevindt. Om de bloedsomloop na de “trainingsfase” te ondersteunen en om spierpijn of verrekte spieren te voorkomen, moet de trainingsfase door een “cooling down” worden gevolgd. Hierbij moeten vijf tot tien minuten lang stretchoefeningen en/of lichte gymnastiekoefeningen worden gedaan.
De sleutel tot een succesvol programma is een regelmatige training. U kunt het beste een vaste tijd en plaats per trainingsdag vaststellen en u ook geestelijk op de training voorbereiden. Train alleen met een goed humeur en houd uw doel voor ogen. Met een continue training zult u zien dat u per dag vooruitgang boekt, dat u zich verder ontwikkelt en dat u uw persoonlijke trainingsdoel beetje bij beetje nadert. Berekeningsformules: Maximale hartslag (220 - leeftijd) = 220 - leeftijd 90% van de maximale hartslag = (220 - leeftijd) x 0,9 85% van de maximale hartslag = (220 - leeftijd) x 0,85 70% van de maximale hartslag = (220 - leeftijd) x 0,7
Notice-Facile