UI2 KNX - Domotica STEINEL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis UI2 KNX STEINEL in PDF-formaat.
| Technische kenmerken | KNX-gebruikersinterface, compatibel met domoticasystemen |
|---|---|
| Gebruik | Maakt het mogelijk om KNX-apparaten te bedienen en te beheren in een domotica-omgeving |
| Onderhoud en reparatie | Controleer regelmatig de verbindingen en werk de firmware bij indien nodig |
| Veiligheid | Voldoet aan elektrische veiligheidsnormen, installatie aanbevolen door een professional |
| Algemene informatie | Product bedoeld voor domotica-installaties, vereist voorafgaande configuratie |
Veelgestelde vragen - UI2 KNX STEINEL
Gebruikersvragen over UI2 KNX STEINEL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Domotica in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding UI2 KNX - STEINEL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. UI2 KNX van het merk STEINEL.
GEBRUIKSAANWIJZING UI2 KNX STEINEL
Bedieningsvoorschrift
Universal Input UI2 KNX-S
Art.nr.089221
Universal Input UI4 KNX-S
Art.nr.089238
Universal Input UI8 KNX-S
Art.nr.089245
Inhoudsopgave
1 Veiligheidsinstructies 3
2 Systemeiminformatie 3
3 Beoogd gebruik 3
4 Producteigenschappen 4
5 Montage en elektrische aansluiting 4
6 Inbedrijfname 8
6.1 Safe-State-modus en master-reset 9
7 Technische gegevens 10
8 Garantie 10
1 Veiligheidsinstructies
Lees en volg de volgende instructies op om möglichke schade te voorkomen:

De montage en aansluiting van elektrische apparaten mag alleen worden uitgevoerd door een elektrotechnicus.
Gevaar door elektrische schokken. Bij de installmentie en het leggen van de kabels de voor SELV-circuits geldende voorschriften en normen aanhouden.
Gevaar door elektrische schokken. Bij de installmentie moet worden gelet op voldoende isolatie:tussen netspanning en bus.Minimale afstand:tussen bus- en netspanningsaders van minimaal 4mm aanhouden.
Gevaar door elektrische schokken op de installmentie. Sluit geen externe spanningen aan op de ingangen. Er kan schade aan het apparaat ontstaan en het SELV-potenti-aal op de buskabel is nicht meer gewaarborgd.
Deze handleiding is onderdeel van het product en moet door de klant worden bewaard.
2 Systeminformation
Dit apparaat is een product van het KNX-systeem en voldoet aan de KNX-richtlijnen. Voorwaarde voor een goed begrip is gedetailleerde vakkennis opgedaan via KNX-oppledingen.
De functie van het apparatusaat is softwareafthankelijk. Gedetailleerde informatie over softwareversies en de bijbehorende functionaliteit en de software zich vindt u in de productdatabase van de leverancier.
Het apparaat is geschikt voor updates. Firmware-updates kutnen eenvoudig wordenuitgevoerd met de STEINEL KNX Service App (aanvullende software).
Het apparaat is compatibel met KNX Data Secure. KNX Data Secure biedt beschering gegen manipulaties in de gebouwautomatisering en kan in het ETS-project worden geconfigureerd. Gedetailleerde vakkennis geldt als voorwaarde. Voor de veilige inbedrijfname is een apparaatcertifcaat vereist, dat op het apparaat is aangebracht. Tijdens de montage moet het apparaatcertificaat van het apparaat worden verwijderd en op een veilige plaats worden bewaard.
Ontwerp, installment en inbedrijfname van het apparaat vinden met behulp van de ETS vanaf versie 5.7.7 of 6.1.0 plaats.
3 Beoogd gebruik
- Ingangen voor het opvragen van conventionele, potentaalvrije contacten in KNX-installaties en het versturen van telegrammen op de KNX-bus voor het melden van toestanden, tellerstanden, bedieren van verbruikers etc.
- Uitgangen voor de aansturing van LED's
-
Montage in apparatuurdoos met afmetingen conform DIN 49073 in combinatie met een geschikte deksel
-
Bij de montagechyter schakel- en tasteenheden apparatuurdoos met voldoen de inbouwdiepte gebruiken
4 Producteigenschappen
- Afhankelijk van de variant twee, vier of acht onafhankelijk kanalen, die afhankelijk van de ETS-parametrering als ingangen of als uitgangen werken
- : Gemeenschappelijk referentiepotentiaal voor alle kanalen
- Blokkeren van afzonderlijke kanalen
- Voeding via KNX-bus, geen extra voedingsspanning nodig
Ingangen
- Aansluiting van potentaalvrije contacten, zoals impulsdrukkers, schakelaars of Reed-contacten
- Impulsstroom ter vermijding van contactverviling (vorming van een oxidelaag) op de aangesloten contacten
- Bedieningsfuncties: schakelen, dimmen, regeling van jaloezie, scenario's of kamertemperatuur
- Waardegever voor dim-, kleurtemperatuur-, RGBW-, temperatuur- oflichtsterktewaarden
- Doorgeven van de actuele ingangstoestand na buusspanningsuitval
- Aansluiting van deur- of venstercontacten voor de analyse van de status open, gesloten, gekipt en greeppositie
Aansluiting van lekkage-, condensatie- en temperatuursensoren (op aanvraag) - Impulsteller met hoofd- en tussenteller
- Combinatie van naastgelegen ingangskanalen bij aansluiting van impulsdrukkers, deur- of venstercontact
- Logische functies
Uitgangen
-Aansluiting van LED's
Kortsluitvast, beveiligd gegen overbelasting en verpoling
- Parallel schakelen van uitgangen möglichk, voor verbruikers met hogere stroombehoefte
5 Montage en elektrische aansluiting
Apparaat monteren
Bij Secure-modus (voorwaarden):
-
Veilige inbedrijfname is in de ETS geactiveerd.
-
Apparaatcertificaat ingevoerd/ingscand resp. aan het ETS-project toegevoegd. Wij adviseren voor het scanden van de QR-code een camera met hogeresolutie te gebruiken.
- Alle wachtwoorden documenteren en op een veilige plaats bewaren.
■ Bij Secure-bedrijf: apparaatcertificaat van het apparaat verwijderen en op een veiligeplaats bewaren.
■ Montage in geschikte apparatuurdoos. Kabelverloop en -afstand in de gaten houden.
Busaansluiting
- Bus met een KNX-aansluitklem op KNX-aansluiting (1) aansluiten (zie afbeelding 1).


Afbeelding 1: Constructie apparatus
(1) KNX-aansluiting
(2)Programmeerknop
(3)Programmeer-LED
(4) Aansluitkabels
Installatetips
- Ter voorkoming van storende EMC-instralingen mogen de kabels van de ingangen Niet parallel aan netspanningskabels of lastkabels worden geplaatst.
-
De spanningspotentiaLEN van de aansluitkabels voor de ingangen en uitgangen zijn Niet galvanisch gescheiden van de busspanning. De aansluitkabels verlengen de buskabel. De specificatie van de buskabel-lengthe (max. 1000m ) moet in acht worden genomen.
-
De COM-aansluitingen van meertere impulsdrukkerinterfaces nicht met elkaar verbinden.
- Voor de aansluiting van LED's is geen voorweerstand nodig.
- Voor NTC-temperatuursensoren de kanalen 1 en 2 gebruiken. Selecteer een compatibile NTC-temperatuursensor op basis van de karakteristiek van de NTC (zie onderstaande tabellen).
Karakteristiek van de NTC
Bij het verlengen van de meegeleverde kabelsets (zie afbeelding 2) de maxi-male kabellenge in acht nemen. De com-kabel mag per kabelset in het totaal nicht langer dan 30m zichn.

Afbeelding 2:Maximale kabellengte
Apparaat aansluiten

GEVAARI!
Bij aansluiting van netspanning 230 V of andere externe spanningen bestaat er gevaar door elektrische schokken!
Elektrische schokken können dodelijk letsel tot gevolg hebben.
Apparaat kan worden vernietigd.
Uitsluitend potentalvrije impulsdrukkkers, schakelaars of contacten aansluten.
■ Impulsdrukkers, schakelaars, contacten, LED's of NTC's conform de aansluitvoorbeelden met meegeleverde aansluitkabels (4) aansluiten (zie afbeelding 3) tot (zie afbeelding 6). De aansluitvoorbeelden tonen het gebruik met ingangen en uitgangen.

Afbeelding 3: Aansluitvoorbeeld impulsdrukkerinterface 2-voudig

Afbeelding 4: Aansluitvoorbeeld impulsdrukkerinterface 4-voudig

Afbeelding 5: Aansluitvoorbeeld impulsdrukkerinterface 8-voudig
1 Ter verhoging van de uitgangsstroom konnen uitgangen bij gelijke parametre-ring ook parallel worden geschakeld, in het voorbeeld (zie afbeelding 6)K1-K3 zichn hier parallle geschakeld.

Afbeelding 6: Aansluitvoorbeeld met parallel geschakelde uitgangen
6 Inbedrijfname
Fysiek adres en toepassingsprogramma programmeren
Busspanning inschakelen.
■Programmeerknop (2) indrukken.
De programmeer-LED (3) brandt.
Fysiek adres met de ETS programmeren.
Deprogrammeer-LEDgaatuit.
Applicatieprogramma met de ETS programmeren.
6.1 Safe-State-modus en master-reset
Safe-State-modus
De Safe-State-modus stopt de uitvoering van het geladen applicatieprogramma.
1 Alleen de systemdsoftware van het apparaat werkt nog. ETS-diagnosefuncties en ook het programmeren van het apparaat zichen möglichk.
Safe-State-modus activeren
Busspanning uitschakelen of KNX-aansluitklem verwijdersen.
Ca. 10 seconden wachten.
■Programmeerknop indrukken en ingedrukt honden.
Busspanning inschakelen of KNX-aansluitklem aanbrengen.
Wachten tot de programmeer-LED langzaam knippert.
Programmeerknop loslaten.
De Safe-State-modus is geactiveerd.
Door opniew kort indrukken van de programmeerknop kan de programmeermodus zoals gebruikelijk ook in de Safe-State-modus in- en uitgeschakeld worden. De programmeer-LED beeindigt bij actieve programmeermodus het knipperen.
Safe-State-modus deactiveren
- Busspanning uitschakelen (ca. 10 seconden wachten) of ETS-programming uitvoeren.
Master-reset
De master-reset herstelt de basisinstallingen van het apparaat (fysiek adres 15.15.255, firmware blijt beholden). Het apparaat要去ervolgens met de ETS opnieuw in bedrijf worden genomen.
Bij Secure-modus: een master-reset deactiveert de beveiliging van het apparaat. Het apparaat kan aansluitend met het apparaatcertificaat opnieuw in bedrijf worden genomen.
Master-reset uityoeren
Voorwaarde: de Safe-State-modus is geactiveerd.
■Programmeerknop indrukken en >5 ingedrukt honden.
De programmeer-LED knippert snel.
■Programmeerknop loslaten.
Het apparaat voert een master-reset UIT, start opnieuw en is na ca. 5 s weer bedrijfsklaar.
Apparaat maar fabrieksinstallingen resetten
Met de STEINEL KNX Service App kan het apparaat worden teruggezet maar de fabrieksinstelleningen. Deze functie gezruikt de in het apparaat aanwezige firmware, die op het moment van aflevering actief was (afleveringstoestand). Door de reset maar de fabrieksinstelleningen verliest het apparaat zijn fysiekte adres en configuratie.
| Omgevingstemperatuur -5 ... +45 °C | |
| Opslag-/transporttemperatuur -25 ... +75 °C | |
| Beschermingsgraad IP20 | |
| Beschermingsklasse III | |
| Aantal kanalen | |
| 089221 2 | |
| 089238 4 | |
| 089245 8 | |
| Uitgangsspanning DC 5 V SELV | |
| Uitgangsstroom per kanaal max. 3,2 mA | |
| LED-stroom (rode LED met 1,7 V stroomspan- | 2,2 mA per uitgang |
| ning) | |
| Aansluiting kanalen | |
| 089221 3-aderige kabelset | |
| 089238 5-aderige kabelset | |
| 089245 2x 5-aderige kabelset | |
| Lenghte kabelset 25 cm, verlengbaar tot max. 30 m | |
| Aanbevolen kabel J-Y(St)Y 2×2×0,8 | |
| Afmetingen (LxBxH) | |
| 089221, 089238 43,0 x 28,5 x 15,4 mm | |
| 089245 43,5 x 35,5 x 15,4 mm | |
| KNX medium TP256 | |
| Inbedrijfnamemodus S-modus | |
| Nominale spanning KNX | DC 21 ... 32 V SELV |
| Opgenomen stroom KNX | |
| 089221 | 5 ... 10 mA |
| 089238 | 5 ... 12 mA |
| 089245 | 5 ... 18 mA |
| Soort aansluiting KNX | Aansluitklem |
8 Garantie
Technische en formele veranderingen aan het product, voor zover deze de technische vooruitgang dienen, zichoorbehonden.
Wij bieden garantie in het kader van de wettelijk bepalingen.
STEINEL GmbH
Dieselstraße 80-84
33442 Herzebrock-Clarholz
Telefon +49 5245 448 0
www.steinel.de
product@steinel.de
Bruksanvisning
Universal Input UI2 KNX-S
Art.-nr. 089221
Universal Input UI4 KNX-S
Art.-nr. 089238
Universal Input UI8 KNX-S
Art.-nr. 089245