Ferm TSM1033 - Zaag

TSM1033 - Zaag Ferm - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TSM1033 Ferm in PDF-formaat.

📄 100 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice Ferm TSM1033 - page 24
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Ferm

Model : TSM1033

Categorie : Zaag

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TSM1033 - Ferm en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TSM1033 van het merk Ferm.

GEBRUIKSAANWIJZING TSM1033 Ferm

ZAAGTAFEL TSM1033 Hartelijk dank voor de aanschaf van dit Ferm product. Hiermee heeft u een uitstekend product aangeschaft van één van de toonaangevende Europese distributeurs. Alle Ferm producten worden gefabriceerd volgens de hoogste prestatie- en veiligheidsnormen. Deel van onze filosofie is de uitstekende klantenservice die wordt ondersteund door onze uitgebreide garantie. Wij hopen dat u vele jaren naar tevredenheid gebruik zult maken van dit product. De nummers in de nu volgende tekst ver wijzen naar de afbeeldingen op pagina 2 - 5 Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door, voor u de machine in gebruik neemt. Maak u vertrouwd met de werking en de bediening. Onderhoud de machine volgens de aanwijzingen, zodat zij altijd naar behoren blijft functioneren. Deze gebruiksaanwijzing en de bijbehorende documentatie dienen in de buurt van de machine bewaard te worden. Inhoud

1. Technische specificaties

2. Veiligheidsvoorschriften

4. Gebruiksinstructies

Voltage 230-240 V~ Frequentie 50 Hz Opgenomen vermogen 1500W (S1) 1800 W (S6 40%) Onbelast toerental 4700/min Zaagblad afmeting 250 x 30 x 2,8 mm Aantal tanden T40 Max. werkstukhoogte bij 90° 74 mm Max. werkstukhoogte bij 45° 63 mm Dikte spouwmes 2.0 mm Dikte basis zaagblad 1.6-1.9 mm Tafelafmeting (max) 930 x 625 mm Gewicht 22.5 kg Lpa (geluidsdrukniveau) 94.8 dB(A) K=3dB Lwa (geluidsdrukniveau) 107.8 dB(A) K=3dB Productinformatie Fig. A

6. Meetinrichting voor langsgeleider

7. Aan/uit schakelaar

Controleer voor het gebruik of de inhoud van de verpakking niet beschadigd is door transport en of alle onderdelen aanwezig zijn.

2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

Uitleg van de symbolen In deze handleiding en/of op de machine worden de volgende pictogrammen gebruikt: Lees de instructies zorgvuldig. Gevaar voor lichamelijk letsel of materiële schade wanneer de instructies in deze handleiding niet worden opgevolgd. Gevaar voor elektrische schok. Verwijder onmiddellijk de stekker uit het stopcontact bij beschadiging van het snoer en tijdens onderhouds- werkzaamheden. Houd omstanders op afstand. Draag altijd een veiligheidsbril! Draag gehoorbescherming. Klasse II apparaat - Dubbel geïsoleerd - Een geaarde stekker is niet noodzakelijk.25

Te verspanen materiaal Dit elektrische gereedschap is bedoeld als stationare machine voor het maken van langs en dwarszaagsnedes in zacht en hard hout dat vrij is van vervuiling als spijkers, schroeven en beton. Attentie! Om bij het gebruik van elektrisch gereedschap u te beschermen tegen elektrische schokken, schade en brand moeten de volgende basis veiligheidsmaatregelen worden nageleefd. Zorg ervoor dat u alle instructies leest voordat u het elektrische gereedschap gaat gebruiken, bewaar de veiligheidsinstructies zorgvuldig voor later gebruik.

1. Houd uw werkplek schoon en opgeruimd

  • Een rommelige werkplek kan leiden tot ongewenste ongelukken.

2. Denk aan invloeden van de omgeving.

  • Stel het elektrische gereedschap bloot aan regen.
  • Gebruik het elektrische gereedschap niet in een vochtige en natte omgeving.
  • Zorg er voor dat uw werkruimte voldoende verlicht is.
  • Gebruik het elektrische gereedschap niet in een omgeving waar sprake is van brand of explosie gevaar.

3. Om jezelf te beschermen tegen een elektrische

  • Vermijd lichamelijk contact met geaarde delen(bijvoorbeeld leidingen, radiatoren, elektrische fornuizen, koelkasten enz.)

4. Houd andere mensen uit de buurt.

  • Houd andere mensen en vooral kinderen uit de buurt van uw werkplek.

5. Berg ongebruikt gereedschap veilig op.

  • Ongebruikt gereedschap dient te worden afgesloten of opgeslagen op een plaats die droog en buiten bereik van kinderen is.

6. Overbelast uw elektrische gereedschap niet.

  • U werkt beter en veiliger in het aangegeven vermogensbereik.

7. Gebruik het juiste gereedschap.

  • Gebruik geen machines met een laag vermogen voor zwaar werk.
  • Gebruik elektrisch gereedschap alleen voor de doeleinden waar ze voor bedoeld zijn. U kunt bijvoorbeeld geen boomstronken of een boomstammen zagen met een handzaag.
  • Als u buiten werkt word antislip schoeisel aanbevolen.
  • Draag een haarnetje met lang haar.

9. Gebruik beschermende uitrusting

  • Draag een veiligheidsbril
  • Bij werk waar stof vrij komt, gebruik dan een mondkapje.

10. Sluit het afzuigsysteem aan.

  • Als het afzuigsysteem en de stofopvangzak beschikbaar zijn, sluit deze dan correct aan.

11. Gebruik de kabel niet voor doeleinden waar

het niet voor bedoeld is.

  • Gebruik de kabel niet om de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm de kabel tegen hitte, olie en scherpe randen.

12. Klem het gereedschap.

  • Gebruikklemen of een bankschroef om het gereedschap vast te klemmen. Het is veiliger dan het vast te houden met uw handen.

13. Vermijd een abnormale lichaamshouding

  • Het zorgt voor stabiliteit en behoud je balans.

14. Gebruik en onderhoud uw gereedschap met

  • Houd de zaagbladen schoon en scherp dit verzekerd dat u beter en veiliger kunt werken.
  • Volg de smeer en gereedschap wissel instructies.
  • Controleer de voedingskabel van de machine regelmatig, en laat een gekwalificeerde expert schades herstellen.
  • Controleer de verlengsnoeren regelmatig en vervang de kabels als ze beschadigd zijn.
  • Houd de handgrepen schoon, droog en vrij van vet en olie.

15. Haal het gereedschap uit het stopcontact.

  • Als u geen gebruik maakt van het gereedschap, wanneer u onderhoud wilt uitvoeren en wanneer u opzetstukken wil wisselen, zoals messen boren en frezen.

16. Laat de instel sleutel niet in het gereedschap

  • Controleer dat de instel sleutel en ander gereedschap verwijderd zijn, voordat u de machine aanzet.26

17. Vermijd onbedoeld aanzetten van het apparaat.

  • Controleer dat tijdens het aansluiten van de machine in het stopcontact dat het apparaat uit staat.

18. Gebruik van de verlengsnoeren buitenshuis.

  • Zorg er voor dat de juiste en goedgekeurde verlengsnoeren worden gebruikt bij het buiten gebruiken van elektrisch gereedschap.
  • Weest voorzichtig met wat u doet. Gebruik altijd uw gezonde verstand tijdens het gebruiken van elektrisch gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u bent afgeleid.

20. Controleer Het gereedschap op mogelijke

  • Voordat u elektrisch gereedschap gebruikt, moet u de veiligheidskleding of licht beschadigde onderdelen goed inspecteren of ze correct werken.
  • Controleer of de bewegende delen goed werken, dat ze niet blokkeren en of de onderdelen beschadigd zijn. Alle onderdelen moeten goed worden gemonteerd en dat ze voldoen aan alle voorwaarden om de goede werking van het elektrische gereedschap te waarborgen.
  • Beschadigde veiligheidsuitrusting en onderdelen moeten gerepareerd of vervangen worden door een erkende onderhoudsmonteur, tenzij anders word vermeld in de handleiding.
  • Het gebruik van ander gereedschap of andere accessoires kan de kans op letsel verhogen.

22. Laat u elektrische gereedschap repareren door

een gekwalificeerde reparateur

  • Dit elektrische gereedschap voldoet aan de huidige gezond en veiligheidsvoorschriften. Alleen Een gekwalificeerde onderhoudsmonteur die met behulp van originele onderdelen mag een reparatie uitvoeren. Anders kan er een risico op letsel komen voor de gebruiker. Speciale veiligheidsvoorschriften

1. Bij gebruik van zaagbladen met hardmetalen

tanden is het aangeraden bladen met negatieve of matig positieve snijhoek te gebruiken. Gebruik geen zaagbladen met diep uitgesneden tanden. Deze kunnen de beschermkap grijpen.

2. Opgepast: Monteer eerst zorgvuldig alle on-

derdelen alvorens het werk te starten. Volg de procedure zoals aangegeven.

3. Indien u niet vertrouwd bent met het gebruiken

van een dergelijke machine, kunt u zich beter eerst laten inlichten door vaklui, een instructeur of door een technicus.

4. Altijd het werkstuk stevig tegen de zaaggeleider

klemmen of aandrukken, alvorens u de bewer- king uitvoert. Het gebruik van alle mogelijke kleminrichtingen heeft de voorkeur boven het gebruik met de handen.

5. Belangrijk: Wordt er bij de uit te voeren bewer-

king met de hand vastgehouden, gebruik dan een minimale afstand van 100 mm van het zaag- blad.

6. Druk het werkstuk altijd tegen de tafel.

7. Houd het zaagblad scherp en controleer regel-

matig of het vrij ronddraait zonder abnormale trillingen. Vervang het zaagblad indien mogelijk.

8. Laat de machine vrij draaien tot het maximum

toerental bereikt is, voordat met de bewerking wordt begonnen.

9. Onderhoud de luchtinlaten aan de achterkant en

de onderkant van de tafelzaagmachine en elek- tromotor, dit voor het behoud van de machine. Stofophopingen dienen te worden vermeden.

10. Vergrendel steeds de verschillende graden-

instellingen voordat u begint met het bewerken.

11. Koop alleen aangepaste zaagbladen met een

toerental van minimaal 6000 t.p.m.

12. Maak alleen gebruik van het juiste zaagblad. Te

kleine of te grote zaagbladen zijn uitermate ge- vaarlijk.

13. Inspecteer regelmatig het zaagblad op eventuele

mankementen. Vervang het zaagblad indien no- dig.

14. Ontvet het nieuwe zaagblad en reinig de flenzen

voordat u het nieuwe blad monteerd. Monteer het blad daarna in de juiste richting en trek de flenzen hard aan door middel van de centrale bout.

15. Alleen originele flenzen gebruiken. Alle anderen

zijn niet aangepast.

16. Werk nooit zonder de beschermkap van het

17. Ook het bewegende gedeelte van de bescherm-

kap dient gemonteerd te blijven.

18. Het zaagblad nooit smeren terwijl het draait.

19. Altijd de handen verwijderd houden uit het traject

20. Nooit een werkstuk oprapen door met de han-

den langs,of achter het zaagblad te grijpen.

21. Zorg dat het werkstuk nooit tegen het zaagblad

aankomt, voordat de machine aangezet is.

22. Bewerk nooit metaal of steensoorten met deze

23. Gebruik steunmiddelen om lange werkstukken

24. Gebruik de machine nooit in een gevaarlijke

omgeving, daar waar ontbrandbare gassen of vloeistoffen aanwezig zijn.

25. Nooit de machine onbeheerd achterlaten zonder

deze eerst van het stroomnet te ontkoppelen.

26. Hoort u abnormale geluiden, probeer deze dan

op te sporen of breng de machine naar een er- kend installateur of reparatiebedrijf.

27. Als een onderdeel gebroken of beschadigd is,

vervang of repareer dit onmiddellijk.

28. Plaats uzelf nooit in het traject van het zaagblad

maar ga links of rechts van de zaagtafel staan.

29. De handen moeten eveneens naast het traject

van het zaagblad geplaatst worden.

30. Duw het te zagen materiaal altijd met een pushs-

tick langs de zaag, gebruik nooit uw handen.

31. Plaats het hout altijd aan de voorzijde van de

zaagtafel en duw het dan verder naar achteren.

32. Bij verstekzagen gebruikt men enkel de regelba-

re geleider en verwijdert men de langsgeleider. (Fig. I)

33. Gebruik nooit de langsgeleider als lengtemaat bij

het afkorten van balken.

34. Bij blokkage van het zaagblad: eerst het toestel

uitschakelen voordat u het defect gaat verhelpen.

35. Vermijd dat werkstukken in uw richting terugge-

  • Steeds scherpe zaagbladen te gebruiken.
  • Niet zagen van te kleine werkstukken.
  • Nooit los laten van uw werkstuk voordat het volledig door de zaag is geduwd.
  • De geleider steeds paralel aan het zaagblad instellen.
  • Nooit de zaagbeveiliging wegnemen.

36. Zorg voordat u het zaagwerk hervat, dat u stevig

staat en dat de handen in de gewenste positie staan.

37. Gebruik nooit verdunningsmiddelen om de ma-

chine te reinigen. Gebruik voor het reinigen enkel een vochtige doek.

38. Gebruik geen beschadigde of vervormde zaag-

39. Vervang een versleten tafelinlegstuk.

40. Gebruik alleen door fabrikant voorgeschreven

zaagbladen geschikt voor hout of vergelijkbaar materiaal volgens EN 847-1.

41. Gebruik voor elke te zagen materiaalsoort het

42. Sluit uw tafelzaag tijdens het zagen altijd op een

afzuiginstallatie aan.

43. Zorg dat het spouwmes altijd goed is afgesteld.

44. Stel de afscherming van het zaagblad altijd cor-

45. Wees voorzichtig bij het maken van gleuven.

Let er bij het wisselen van het zaagblad op dat de zaagbreedte niet kleiner en de bladdikte van het zaagblad niet groter is dan de dikte van het spouwmes. Draag persoonlijke beschermingsmiddelen:

  • Gehoorbescherming om het risico van gehoorbeschadiging te verkleinen
  • Bescherming van de ogen
  • Mondkapje om het risico van schadelijk stof tegen te gaan
  • Handschoenen bij het hanteren van de messen en de ruwe materialen Waarschuwing! Gebruik geen HSS zaagbladen.
  • Steek de push-stick bij niet gebruik in de houder.
  • Gebruik een push-stick om het werkstuk voorbij het zaagblad te duwen. Waarschuwing! Gebruik de zaag niet voor sponningen of groeven.
  • Gebruik uitsluitend zaagbladen, met een maximumsnelheid van tenminste de snelheid van de zaagmachine dat geschikt is voor het te zagen materiaal.
  • Tijdens het transport, moet het bovenste deel van het zaagblad worden beschermd door de kap. De machine onmiddellijk uitzetten bij:
  • Rook of stank van verschroeide isolatie.28

Elektrische veiligheid Neem bij het gebruik van elektrische machines altijd de plaatselijk geldende veiligheidsvoorschriften in acht in verband met brandgevaar, gevaar voor elektrische schokken en lichamelijk letsel. Lees behalve onderstaande instructies ook de veiligheidsvoorschriften in het apart bijgevoegde veiligheidskatern door. Bewaar de instructies zorgvuldig! Controleer altijd of uw netspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje. Bij vervanging van snoeren of stekkers Gooi oude snoeren of stekkers direct weg zodra ze door nieuwe exemplaren zijn vervangen. Het is gevaarlijk om de stekker van een los snoer in het stopcontact te steken. Bij gebruik van verlengsnoeren

  • Gebruik als voeding voor dit apparaat steeds een onbelaste lijn en/of een verlengsnoer met geleiders van minimaal 1,5 mm

, en beveiligd door een 16 A veiligheid. Let op dat dit verlengsnoer niet langer is dan 20 meter.

  • Dit apparaat kan geschakeld worden op het eenfasige net (230-240 V~, 50 Hz). Twijfelt u aan de aard van de stroomvoorziening, raadpleeg dan eerst een electriciën). Voeding
  • De motor is uitgerust met een overbelastings- schakelaar (8). Wanneer de tafelzaag overbelast, schakelt de overbelastingsschakelaar de compressor automatisch uit om deze te beschermen tegen oververhitting. Wanneer de overbelastingsschakelaar inschakelt, schakel de tafelzaag dan uit met de AAN/UIT schakelaar (7), totdat de tafelzaag is afgekoeld. Druk hierna op de overbelastingsschakelaar (8) en herstart de tafelzaag.

Montage van de tafelverlengstukken Fig. F

  • Monteer de tafel extensies (2 stuks) zoals getoond op Fig.F1
  • Draai de schroeven (4 stuks) zoals getoond op Fig.F2
  • Gebruik de knoppen (4 stuks) om de tafel extensies Fig.F3 aan te draaien Montage van de stofafzuiging Fig. I
  • Monteer de stofafzuiging zoals getoond op Fig.I
  • Verbind de stofzuiger met punt A (Fig.I) Montage van de machine op een werkbank of op het onderstel Deze machine is een stationaire machine en moet wegens veiligheidsredenen dan ook altijd niet- mobiel en vastgezet gebruikt worden. U kunt de machine op twee manieren monteren: a. Als stationaire machine op een werkbank. In dit geval dient u de machine te bevestigen met 4 bouten op de werkbank. b. Als stationaire machine op het onderstel. In dit geval dient u de machine met 4 bouten vast te monteren op het onderstel en het onderstel vast te monteren op de vloer of op een plaat met een afmeting van minimaal 1 vierkante meter. Montage van de tafelzaag op de werkbank Fig. B & C Verwijder voordat u de machine afstelt, de stekker uit het stopcontact. Fig. B toont de afstand van de te boren gaten in de werkbank om het toestel te bevestigen. Boor gaten van Ø 8 mm. Gebruik de machine pas, nadat het geheel gemonteerd is en het vastgeschroefd is aan de werkbank of het onderstel.29
  • Fig. C toont het uit te zagen gedeelte (310 x 310), zodat het zaagsel er doorheen kan vallen en ophopingen worden voorkomen!
  • Alleen als u geen afzuigsysteem gebruikt!
  • Zet het toestel vast met bouten.
  • Als het frame wordt gebruikt, moet het worden bevestigd aan de vloer met tenminste 2 schroeven aan de voorpoten ( fig.H ) Monteren onderstel Fig. G
  • 1: Maak het vierkant met behulp van balken D met bouten en moeren (type 1), zorg ervoor dat balk D1 (2 stuks) bovenop balk D2 (Fig.G1 en Fig.G2) wordt geplaatst. Draai de bouten nog niet vast
  • 2: Plaats balken B op de machine met bouten type 2, zorg ervoor dat ze aan de kant van de tafel extensies gemonteerd worden (Fig.G3)
  • 3: Monteer staanders A op de machine zoals op Fig.G4 en gebruik 2 bouten (type 1) per staander om deze vast te draaien
  • 4: Monteer het vierkant tussen de poten, zorg ervoor dat de D2 balken aan de kant van de tafel extensies zitten
  • 5: Zorg ervoor dat het vierkant goed vast zit en draai de moeren en bouten goed aan (Fig.G5)
  • 6: Plaats rubberen voetjes (Fig.G6)
  • 7: Draai de moeren en bouten van stap 1 aan
  • 8: Monteer de 2 schuifvoeten ( Fig.G7 ) Assemblage en montage van de langsgeleider Fig. D
  • Bevestig de aluminium geleider (A) aan het geleideblok (B).
  • Nu kan de complete langsgeleider bevestigd worden aan het tafelblad.
  • Schuif de langsgeleider via één van de uiteinden aan het geleideprofiel (C) over het tafelblad.
  • Stel het aluminium geleideprofiel (A) zo af dat deze gelijk eindigd met het einde van het zaagblad. Montage van het spouwmes en de beschermkap Fig. E
  • Draai het zaagblad helemaal naar boven (Fig.A, nummer 5)
  • Boven de zaagtafel mag de radiale afstand tussen het spouwmes en de getande rand van het zaagblad op geen enkel punt meer dan 5mm bedragen, op de diepte van de ingestelde zaagsnede.
  • De top van het spouwmes mag niet lager dan 5 mm van de tandpunt komen, zie Fig. E3. Montage van het zaagblad Fig. K Haal eerst de stekker uit het stopcontact, voordat het zaagblad gemonteerd of vervangen wordt. De pijl op het zaagblad geeft de draai- richting aan. Moet naar dezelfde richting wijzen als de pijl op de machine, de tanden van het zaagblad moeten naar beneden wijzen aan de voorkant van de zaag
  • Verwijder het inlegstuk uit de tafel. Gebruik hiervoor een schroevendraaier.
  • Draai de zaagas helemaal naar boven (Fig. A, 5). Verwijder de moer en de buitenflens van de zaagas (Fig. K, richting A).
  • Schuif nu het zaagblad over de zaagas en plaats nu de buitenflens en de moer terug. Draai de moer aan met de hand.
  • Gebruik nu 2 sleutels; een voor de flens en een voor de moer en span het nu op (Fig. K, richting B)
  • Plaats nu het inlegstuk terug in de tafel en schroef het vast. Gebruik van de verstekinrichting Fig. A Door de hendel (4) aan de voorkant van de machine te draaien kunt u het zaagblad instellen tot maximaal 45°.
  • Zet de schakelaar naar stand ‘1’ om uw schuurmachine in werking te stellen.
  • Om uit te schakelen moet u dezelfde schakelaar naar stand ‘0’ drukken.
  • Houd het netsnoer altijd uit de buurt van bewegende delen.30

Gebruik van verstekhendel Fig. A

  • Draai de verstekhendel (4) los door het buitenste deel tegen de klok in te draaien
  • Gebruik de verstek hendel om de juiste zaaghoek in te stellen door het binnenste deel naar links of rechts te draaien
  • Draai de verstekhendel (4) vast door het buitenste deel met de klok mee te draaien Gebruik van hoogteinstelling Fig. A
  • Draai de hendel (5) naar rechts om het zaagblad te verhogen
  • Draai de hendel naar links om het zaagblad te verlagen
  • Draai het zaagblad ongeveer 2 mm hoger dan de totale dikte van het te zagen hout Gebruiksinstructies Er bestaan twee soorten zaagmethoden:
  • Langszagen Het werkstuk in de lengte van de houtdraad doorzagen
  • Dwarszagen of afkorten Het werkstuk dwars afzagen Indien het om een paneel gaat, maken we meestal geen onderscheid tussen de houtdraad, maar noemen we de methode wanneer we een deel van de breedte van het paneel wegzagen (langszagen) en wanneer we de lengte inkorten (dwarszagen of afkorten). Bij beide zaagmethoden is het zaak steeds gebruik te maken van een van de geleiders. Zaag dus nooit zonder geleider! Opgepast! Voordat u met zagen begint, controleer eerst het volgende:

1. Zit het zaagblad vast?

2. Zitten alle blokkeerhendels vast?

3. Staat de langsgeleider parallel met het

5. Draagt u een veiligheidsbril?

6. Loopt het zaagblad nergens aan?

Het is absoluut noodzakelijk deze punten in acht te nemen voordat u aan het werk gaat! Langszagen

  • Blokkeer de langsgeleider op de juiste maatpositie en verwijder de afkortgeleider uit de tafelslede (Fig. J).
  • Draai het zaagblad ca. 2 mm hoger uit dan de totale dikte van het te zagen hout.
  • Druk het hout licht naar de tafel toe en laat het tegen de afkortgeleider aanglijden. Blijf minimaal 3 cm van de voorkant van het zaagblad weg alvorens u de motor aanzet. De kant van het hout dat tegen de langsgeleider licht moet helemaal recht zijn. Houd de handen minstens 10 cm. weg uit het te volgen zaagspoor.
  • Zet de motor aan en wacht tot het zaagblad het maximum toerental heeft bereikt voordat u met het zaagwerk begint.
  • Terwijl u het hout tegen de tafel en langsgeleider drukt, kunt u het hout zachtjes door het zaagblad schuiven zonder te forceren.
  • Trek nooit het werkstuk terug naar achteren. Indien nodig, schakel dan eerst de motor uit ZONDER de positie van het werkstuk te wijzigen. Langszagen bij (verticaal) verstek Deze methode is praktisch hetzelfde, behalve dat het zaagblad in de gewenste hoek wordt gebracht. Bij dit soort methoden mag de langsgeleider uitsluitend langs de rechterkant van het zaagblad staan. Langszagen van smalle werkstukken Ga ervan uit dat deze bewerking uitermate gevaarlijk is. Neem alle nodige voorzorgsmaatregelen en duw het werkstuk steeds door (tot achter het zaagblad) met een pushstick in plaats van met de hand. Dwarszagen
  • Verwijder de langsgeleider en breng de dwarsgeleider in de rechterslede aan.
  • Regel de hoogte van het zaagblad (zie langszagen).31
  • Druk het werkstuk tegen de dwarsgeleider en houd minstens 2,5 cm afstand van de voorkant van het zaagblad.
  • Zet de motor aan en wacht tot het maximum toerental bereikt is.
  • Druk het werkstuk tegen de geleider en de tafel. Schuif het hout zachtjes door het zaagblad. Ga door tot achter het zaagblad. Zet daarna de motor af en houd deze positie aan totdat het zaagblad volledig stilstaat voordat u het hout wegneemt.
  • Trek nooit het hout terug. Indien nodig, zet de motor dan af en houd de positie vast totdat het zaagblad volledig stilstaat. Dwarszagen bij verticaal verstek Deze methode is praktisch hetzelfde, behalve dat het zaagblad in de gewenste hoek wordt gebracht. Plaats de dwarsgeleider uitsluitend aan de rechterzijde van het zaagblad. Nooit te kleine stukken hout zagen. Gebruik nooit de handen om moeilijke operaties uit te voeren. Dwarszagen bij horizontaal verstek Bij deze methode is het zaak dat men nu de dwarsgeleider in de gewenste hoek blokkeert. Houd het werkstuk krachtig tegen de dwarsgeleider en de tafel gedrukt voordat u begint met afkorten.

Zorg dat de machine niet onder spanning staat wanneer onderhoudswerkzaam- heden aan het mechaniek worden uitgevoerd. Deze machines zijn ontworpen om gedurende lange tijd probleemloos te functioneren met een minimum aan onderhoud. Door de machine regelmatig te reinigen en op de juiste wijze te behandelen, draagt u bij aan een hoge levensduur van uw machine. Transporteren van tafelzaag Voordat de tafelzaag veilig vervoerd kan worden moeten de volgende stappen worden uitgevoerd:

  • Trek de stekker uit het stopcontact
  • Draai hendel 5 (Fig. A) tegen de klok in en draai het zaagblad zoveel als mogelijk naar beneden
  • Verwijder alle accessoires die niet stevig aan de machine kunnen worden vastgezet Indien mogelijk, transporteer de zaagbladen in een af te sluiten doos.
  • Schuif de tafelbladen (Fig.A, 9) volledig in en draai de knop (Fig F-3) vast om de tafelbladen te vergrendelen
  • Rol het snoer goed op
  • Tijdens het tillen, til de tafelzaag aan het tafelblad 2 (Fig.A) De zaagtafel moet altijd door minimaal 2 personen worden getild om rug letsel te voorkomen. Storingen In het geval dat de machine niet naar behoren functioneert, geven wij onderstaand een aantal mogelijke oorzaken en bijbehorende oplossingen.

1. De motor slaat niet aan

  • De stekker zit niet in het stopcontact
  • Het snoer is onderbroken

2. Het werkstuk knelt tegen het spouwmes

tijdens de bewerking

  • Het zaagblad moet worden uitgelijnd (Fig. E)

3. De zaagsnede is niet effen (uitgeraffeld)

  • Het zaagblad moet worden aangescherpt
  • Het zaagblad is achterstevoren gemonteerd
  • Het zaagblad is aangeladen met hars of zaagsel
  • Het zaagblad is niet geschikt voor deze bewerking

4. Het werkstuk raakt de achterkant van het

zaagblad en springt op

  • Spouwmes moet worden uitgelijnd (Fig. E)
  • De langsgeleider wordt niet gebruikt
  • Het zaagmes is dikker dan het spouwmes of het spouwmes wordt niet gebruikt
  • Het zaagblad moet worden aangescherpt
  • Het werkstuk wordt niet tot na het zagen op zijn plaats gehouden
  • De spanknop van de dwarsgeleider zit los32

5. De hoogte en/of verstekhendel is

  • Zaagsel en stof moeten worden verwijderd

6. De moter bereikt moeilijk het maximale

  • De machine is niet vastgeschroefd aan de werkbank
  • Het onderstel staat niet waterpas op de vloer
  • Het zaagblad is beschadigd Reinigen Reinig de machine-behuizing regelmatig met een zachte doek, bij voorkeur iedere keer na gebruik. Zorg dat de ventilatiesleuven vrij van stof en vuil zijn. Gebruik bij hardnekkig vuil een zachte doek bevochtigd met zeepwater. Gebruik geen oplosmiddelen als benzine, alcohol, ammonia, etc. Dergelijke stoffen beschadigen de kunststof onderdelen. Smeren De machine heeft geen extra smering nodig. Storingen Wanneer er zich een storing voordoet, bijvoorbeeld bij slijtage van een onderdeel, neem dan contact op met het onderhoudsadres op de garantiekaart. Achter in deze handleiding ziet u een opengewerkte afbeelding van de onderdelen die besteld kunnen worden. MILIEU Om transportbeschadiging te voorkomen, wordt de machine in een stevige verpakking geleverd. De verpakking is zo veel mogelijk gemaakt van recyclebaar materiaal. Maak daarom gebruik van de mogelijkheid om de verpakking te recyclen. Defecte en/of afgedankte elektrische of elektronische gereedschappen dienen ter verwerking te worden aangeboden aan een daarvoor verantwoordelijke instantie. Uitsluitend voor EG-landen Werp elektrisch gereedschap niet weg bij het huisvuil. Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/ EU voor Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur en de implementatie ervan in nationaal recht moet niet langer te gebruiken elektrisch gereedschap gescheiden worden verzameld en op een milieuvriendelijke wijze worden verwerkt. GARANTIE Lees voor de garantievoorwaarden de apart bijgevoegde garantiekaart. Het product en de gebruikershandleiding zijn onderhevig aan wijzigingen. Specificaties kunnen zonder opgaaf van redenen worden gewijzigd.33
  • Netiek lietota vadotne.