35020063 - Slim huis Niko - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis 35020063 Niko in PDF-formaat.

📄 17 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice Niko 35020063 - page 1
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL Slovenčina SK
SKIP

Veelgestelde vragen - 35020063 Niko

Gebruikersvragen over 35020063 Niko

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Slim huis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 35020063 - Niko en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 35020063 van het merk Niko.

GEBRUIKSAANWIJZING 35020063 Niko

Lees de volledige handleiding voor installment en ingebruinkeming. Bewaar deze handleiding zorgvuldig voor later gebruik.

1. BESCHRIJVING

De aanwezigheidsmelder 360^ (1-10 V) bestaat uen integrale unit met sturing van een 1-10V-output, een bewegingssensor (PIR of passief infraroottechnologie), een lichtsensor en een geintegreerde IRontvanger. Alle externe units koa sdrknuroppen en verlichtingsarmaturen zijrechtstreeks aangesloten op de aanwezigheidsmeider die rechtsstreekens op het plafond gemonteerd worden.

Je kunt de aanwezigheisdmeider installeren en bedieren op basis van de fabrieksinstellenen. Voor een optimale lichtsturing wordt het aanbevolen de fabrieksinstellenen aan te passen aan de omgewingsomstandigden en specifie verlichtingsvereisten. De instellenen kun je aanpassen via die IR-afstandsbediening (niet bijgeleverd) (350-20064).

2. INSTALLATIE

2.1.Aansluiting

Gevaar: Installeer de aanwezigheidsmelder net onder spanning. Sluit het toestel pas na volledige installment aan op de netspanning.

Raadpleeg het aansluitschema (fig. 1) en het basis kringschema (fig. 2).

2.2. Montage

Tip: Installeer de aanwezigheidsmelder net in direct zonlicht of in de buurt van warmtebronnen (radiatoren) of luchtstromen (ventilate of airconditioning) (fig. 3). Dit kan de sensor ongewenst activeren.

  1. a Bijrechtstreekse montage op het plafond (fig. 4A) gebruik je gaten met een tussenatstand van 105mm . De kabeldoorvoer moet 45^ gedraaid着眼egenover de bevestigingsgaten.
    b. In geval van montage op een inbouwdoos (fig. 4B) gelebruig je de daartoe voorziene gaten met een tussenafstand van 60 mm, waar bij je de afdekkap opendrukt. Installer de kabel voorzichtig voiligens de instructies voor een vaste instalatie.
  2. Duw de sensor op de klemmenstrook op de basis en draai de schroef vast (fig. 5).
  3. Stel de aanwezigheidsmelder in (fig. 6) en test het toestel (zie rubrieken 4.1 en 4.2.).
  4. Verklein het detectiegebied, indien gewenst (fig. 7).
  5. Installeer de afdekkap (fig. 5).

3. INSTELLINGEN

3.1. Fabreksinstellungen

De parameaters van de aanwezigheidsmelder zich bij levering als voegt ingesteld:

Parameter Fabrieksinstellung
toepassing manueel
lichtgevoeligigkeit 300 lux
hysteresis oplichtgevoeligigkeit 20%
lichtniveau van de orientatieverlichting 5%
uitschakelvertraging 10 min
uitschakelvertraging van de orientatieverlichting 1 min
installing van luxwaarde en uitschakelvertraging via IR-afstandsbediening

3.2. Dipswitches

Figur 6 toont hoe je de dipswitches moet instellen afnankelijk van de toepassing.

DipswitchToepassing
1 Je kiestervoor om de luxwaarde (LUX) en deuitschakelvertraging (TIME) in te stellen via de potentiometers of de IR-afstandsbediening.
2Niet van toepassing.
3 en 4Je stelt de gavoeligheid van de bewegingsensor in: minimaal, laag, hoog of maximaal.

3.3. Indicateleds

WerkingBetekenis
De rode individiatisch knippert.De aanweizgehidesmelder detecteert aanweizheid in testmode.
De groene individiatisch knippert.De drukknop of IR-afstandsbediening is geactveerd. Als je op de toetsen van de IR-afstandsbediening drukt verwijl de sensor Niet geblokkaerd is en de groene individiatisch nied knippert, betekent dit dat de sensor zijn minimale of maximale instellenen al bereikt heeft.
De blauwe individiatischlicht op.De testmode is geselecteard.
De blauwe individiatisch knippert.Tijdens het instellen van de lichtgevoeiligheid wijst dit op oververlichting.

4. IR-AFSTANDSBEDIERING

Met de IR-afstandsbediening (fig. 8) kun je de verlichting in- of uitschakelen en dimmen, een andere toepassing selectoren, een test uithooren of andere parametrs ingiven.

4.1.Functietoetsen

ToetsFunctie
OnJe schakelt de verlichting in. De verlichting blij ingeschakeld zolang er aktiviteit is en de uitschakelvertraging geacteveerd is.
OffJe schakelt de verlichting UIT. De verlichting blij uitzugeschakeld zolang er aktiviteit is en de uitschakelvertraging geacteveerd is.
DenDruk op deze toets om de verlichting op te dimmen. Als je nogmaals drukt,zet je het dimmen stop. De verlichting blij ingeschakeld zolang er aktiviteit is en de uitschakelvertraging geacteveerd is.
DenDruk op deze toets om de verlichting neer te dimmen. Als je nogmaals drukt,zet je het dimmen stop. De verlichting blij uitzugeschakeld zolang er aktiviteit is en de uitschakelvertraging geacteveerd is.
AutomotiveJe schakelt over op daglichtafhankelijkke verlichting. De verlichting blij ingeschakeld zolang er aktiviteit is en de uitschakelvertraging en orientatieverlichtingsvertraging geactveerd zijn.
ToutHet detectiegebied worden getest door de geintegreerde bewegingsensor te activeren voor de wandeltest: -De verlichting worden gedurande vrij seconden ingeschakeld en de rode indicatieled knippert talkens wannaer de sensor aktiviteit detecteert. -De blauwe indicatieled brandt zolang de sensor in testmode staat. -Het toestel keert na vrij minutean automatisch terug maar de besturingsmode als je de testmode vergeet af te sluiten. Tijdens de wandeltest werkde lichtsensor Niet.
Ate, Ate- Druk op om de automatische toepassing te selecteren. Je schakelt de manuele toepassing uit. - Druk op om de manuele toepassing te selecteren. Je schakelt de automatische toepassing uit. Na je keuze begint de sensor met een zachta start voor een correcte initiaatsatie.
FutJe schakelt de individatieled in of uit.

4.2. Insteltoetsen

ToetsFunctie
- Jegebrukt de rode toetsen uitsluitend bij de opstart om de referentiepunten in te stellen. - Met dieze rode toetsen stel je het gewenste lichtniveau (50 - 1500 lux) in op tafelhoopte. - Per druk op de toets verhoog of verlaag je het lichtniveau. - Bij het instellen worden de verlichting ingeschakeld om het gekozen lichtniveau te tonen.
- Met dieze blauwe toetsen stel je de uitschakelvertragning (1 - 60 min) in. - Per druk op de toets verhoog of verlaag je de uitschakelvertragning met 1 minuut of 10 minutes.
- Met dieze blauwe toetsen stel je de uitschakelvertragning (1 - 60 min) voor de orientatieverlichting in. - Per druk op de toets verhoog of verlaag je de uitschakelvertragning met 1 minuut of 10 minutes.
- Met dieze toetsen stel je de positieve hysteresis op de lichtgevoeligheid (10 - 100%) voor het lichtniveau in. - Per druk op de toets verhoog of verlaag je de hysteresis met 10%.
- Met dieze toetsen stel je het lichtniveau van de orientatieverlichting (5 - 100%) in. - Per druk op de toets verhoog of verlaag je het lichtniveau met 5%.
- Het toestel keert terug� aan de fabrieksinstellungen. - De sensor begint met een zachte start voor een correcte initiaisatie.

5. INGEBRUKNEMING VAN DE AANWEZIGHEIDSMELDER

5.1. Manuele ingebruikneming via de LUX-potentiometer

Stap Actie Gevolg

1.Zet dioswitch 1 op ON.Je kunt nu de luxwaarde manuel installen.
2.Draai de LUX-potentiometer—helemaalaar links(minimale instelling).De blauwe indicatieled begint te knipperen.
3.Draai de LUX-potentiometer—helemaalaar rechts (maximale instelling).De blauwe indicatieled begint na enkela seconden te knipperen.
4.Draai de LUX-potentiometer opnieuw—helemaalaar links (minimale instelling).a. De groene indicatieled knippert eenmaal. b. De sensor schakelt de verlichting in, waarna het maximale lichtniveau bereikt worden. c. De verlichting worden gedimc enervolgens uitgeschakeld. d. De verlichting worden opnieuw ingeschakeld op het minimale lichtniveau.
5.Stel de gewenste luxwaarde in met de LUX-potentiometer.De sensor slaat deze luxwaarde op na 30 seconden.

5.2. Ingebruikneming via de IR-afstandsbediening met de fabrieksinstellungen

Stap Actie Gevolg

1.Zet dipswitch 1 op OFF (fabrieksinstalling). Je kunt nu de luxwaarde instellen met de IR-alstandsbediening.
2.Druk driemaal op .De sensor worden gadeblokkjeerd en de groene indicatieled knippert eenmaal.
3.Druk op .a. De sensor schakelt de verlichting in, waarna het maximale lichtniveau bereikt worden. b. De verlichting worden gedimr en vervolgensuitgeschakeld.
4.Druk op .De sensor worden opnieuw geblokkeerd en keert terug maar de besturingsmode. Het toestel werknt nu volgens de neue instellenen.

5.3. Ingebrukneming via de IR-afstandsbediening met kalibrering (sweep)

Om de aanweizgheidsmeider in te stellan volgens de specifiek lichtbehoften in een bepaalde ruimte, moet je de IR-afstandsbediening gebruken. Hiervoor heb je ook een onaflankelijke luxmeter nodig. Met behulp van de luxmeter stuur je de referentiewaarden door naar de sensor, zdat het efect van het inschakenen van de verlichting op het lichtniveau naukeurig gameten en ingesteld worden. Volg de onderstaande stappen om de sensor correct in te stellen.

Lichtniveau instellen

Stap Actie Gevolg
1.Zet dipswitch 1 op OFF (fabriekinstelling). Je kunt nu het toestel instellen met de IR-alstandsbeding.
2.Druk driemaal op .De sensor worden gedeblokkjeerd en de groene indicatieled knippert eernaal.
3.Druk op .a. De sensor schakelt de verlichting in. Na twee minutes (opwarming van de fluorescentielampen) is het maximaile lichtniveau bereikt. Tijdens dit proces knippert de groene indicatieled. b. Als de groene indicatieled dooft, gaat de kalibrering (sweep) van start: de verlichting wordt in stappen neergedimd en dan uitgeschakeld. c. Zodra de kalibrering afgerond is, brandt de rode indicatieled.
4.Plaat sonder de sensor een luxmeter op tafelhoopte (ongeveer 85 cm boven de grond).
5.Druk op of .Je stelt het eerste referentliepunt in op een zo laag mogelijk lichtniveau (bv. 150 lux). De verlichting wordt neergedimd. Opmerking: Het lichtniveau moet zo zich mogelijk de vaste waarden op de IR-alstandsbeding benaderen.
6.Druk op de toets met de waarde die het dichtst aanleunt bij het eerste referentiepunt (bv. ).De rode indicatieled dooft en de blauwe indicatieled brandt. De luxwaarde is ingasteld.
7.Druk op of .Je stelt het tweede referentiepunt in. Voor een optimaal resultaat is de installing van dit referentiepunt bij voorkeur identiek aan het gewenste lichtniveau (bv. 320 lux). Opmerking: Het lichtniveau moet zo zich mogelijk de vaste waarden op de IR-alstandsbeding benaderen.
8.Druk op de toets met de waarde die het dichtst aanleunt bij het tweede referentiepunt ().De blauwe indicatieled dooft en de groene indicatieled brandt. De luxwaarde is ingasteld.
9.Druk op de toets met de waarde die het dichtst aanleunt bij de gewenste luxwaarde (bv. ), voor 320 lux).Je stelt de gewenste luxwaarde in op tafelhoopte. De groene indicatieled dooft. De luxwaarde is ingasteld.
10.Druk eenmaal op .De sensor worden opnieu gewlokkeerd en keert terug maar de besturingsmode. Het toestel werknt nu volgens de neue instellenen.

5.4. Ingebruinkeming via de IR-afstandsbediening zonder kalibrering (aanpassing van de gewenste luxwaarde)

Lichtniveau instellen

Stap Actie Gevolg
1.Druk driemaal op .De sensor worden gedebloktkeerd en de groene indicatieled knippert eenmaal.
2.Druk op .De rode indicatieled brandt.
3. Plaats onder de sensor een luxmeter op tafelhoogte (ongeveer 85 cm boven de grond).
4.Druk op of .Je stelt het eerste referentieptunt in op een zo laag möglichl jlichtniveau (bv. 150 lux). De verlichting wordt neergedimd.
Opmerking: Het lichtniveau moet zo zich mogelijk de vaste waarden op de IR-afstandsbediening benaderen.
5.Druk op de toets met de waarde die het zichtst aanleunt bij het eerste referentiepunt (bv. ).De rode indicatieled doofen et de blauwe indicatieled brandt. De luxwaarde is ingesteld.
6.Druk op of .Je stelt het twicee referentieptunt in. Voor een optimaal resultaat is de instelling van dit referentiepunt bij voorkeur identiek aan het gewennen lichtniveau (bv. 320 lux).
Opmerking: Het lichtniveau moet zo zich mogelijk de vaste waarden op de IR-afstandsbediening benaderen.
7.Druk op de toets met de waarde die het zichtst aanleunt bij het twicee referentiepunt (bv. )De blauwe indicatieled doofen et de groene indicatieled brandt. De luxwaarde is ingesteld.
8.Druk op de toets met de waarde die het zichtst aanleunt bij de gewennen luxwaarde (bv. voor 320 lux).Je stelt de gewennen luxwaarde in op tafelhoogte.
De groene indicatieled dooft. De luxwaarde is ingesteld.
9.Druk eenmaal op .De sensor worden opnieuig geblokkeerd en keert terug maar de besturingsmode. Het toestel werknt nu volgens de十几年e instellenen.

6.1. Algemene Werking

De geintegreere lichtsensor meet woortdurdert hed daglichtniveau in het detectiegebied en vergelijk dit nivee met de ingestelde luxwaeerde. Dankzij de lichtsensor sprigt het hedt enkel automatisch aan als de melder beweging detecteelen bennen het detectiebereik en als het daglichtniveau daat tot onder de vooraf ingestelde luxwaeerde:

  • De verlichting blijft ingeschakeld zolang er beweging gedetecteerd worden.
  • Nadat de LASTe beweging gedetecteerd is, blift de verlichting ingeschakeld gedurende de ingestelde uitschakelvertraging (1 tot 60 minutes). Zodra de uitschakelvertraging verlopen is, schakte de verlichting dan over een orientatieverlichting. Is de uitschakelvertraging van de orientatieverlichting verlopen, dan schakte de verlichting uit.
  • Naarmate het daglichtniveau toeneemt, wordt de verlichting in de ruimte neergedimd tot het vooraf ingestelde minimumniveau bereikt is.
  • De verlichting schakelt automatisch uit zodra het daglichtniveau voldoende hoog is.

6.2.Toepassingen

Op deze aanwezigheidsmelder zich twee teopassingen möglichk:

manuele toeping: manueel aan/uit via drukknop, automatisch uit via aanwezigheidsmelder, of afhankelijk van het lichteniveau.
automatische toepassing (enkel te selecteren met de IR-atstandsbediening): automatisch aan/vuit via aanwezigheidsmelder, afhankelijk van het lichtiniveau.

Mode Toepassing Werking
Plafondverlichting manueelSchakeling van daglichtsturing via een drukknop.Indien nodig, kun je de verlichting inschaken volgens de vooraf ingestelde parameters.Zolang het toestel aanwezigheid detecteert, worden de verlichting aangepast op basis van de vooraf ingestelde parameters.
automatisch Automatische schakeling van daglichtsturing via de aanwezigheidsmelder.
manuele en automatisch Druk kort op de drukknop om de verlichting uit te schaken. Na ongeveer ten seconden is de aanwezigheidsmelder opnieuw klaar om de verlichting automatisch in te schaken.
Verlichting dimmenmanuele en automatisch Druk lang op de drukknop om de verlichting op of neer te dimmen.Je kut de verlichting ook dimmen via de IR-afstandsbedieten.Wonneer de dimfunctie geactiveerd is, moet je de verlichtinguitschaken zDat ze opnieuw kan worden ingeschaken en kan functioneren op basis van de daglichtmeting (via de gaaltegreerde lichtsensor).

Je kunt deze toepassingen ook uitvoeren met de IR-afstandsbediening zoals beschreven in rubiek 4.1.

7.PROBLEEMOPLossing

Probleem Oorzaak Oplossing
De kalibrering is Niet geslaagd: de rode individiagtied blift knipperen.- Er is Niet voldoende daglicht (of de sensor registreert te weinig daglicht). - Er is te veel daglicht, waardoor de sensor oververzadig is. - Het kunstlichtniveau schommelt te weining (of de sensor registreet der schommelingen Niet voldoende). - Het daglichtniveau schommelde te veelijdens de kalibrering.- Druk op en herhaal de kalibrering. - Druk eenmaal op . De sensor is geblokkeerd en keert terug maar de fabrieksinstellungen.
Er is een fout opgetreden bij het instellen van het eerste referentiepunt: de rode individiagtied knippert even en blift daarna branden.- Er is Niet voldoende daglicht (of de sensor registreert te weinig daglicht). - Het daglichtniveau schommelde te veelijdens het instellen.- Druk op of om het referentiepunt opnieuw in te stellen. - Druk eenmaal op . De sensor is geblokkeerd en keert terug maar de fabrieksinstellungen.
Er is een fout opgetreden bij het instellen van het twee de referencepunt: de rode individiagtied knippert even, waarna de blauwe individiagtied blift branden.- Er is Niet voldoende daglicht (of de sensor registreert te weinig daglicht). - De twee referencepunten zijn identiek. - Er is te weinig verschil tussen het kunstlichtniveau in.beide referencepunten. - Het daglichtniveau schommelde te veelijdens het instellen.- Druk op of om het referencepunt opnieuw in te stellen. - Druk eenmaal op . De sensor is geblokkeerd en keert terug maar de fabrieksinstellungen.

8. ONDERHOUD

Vui kan de werkng van da aanwezigheidsmelder beinwoeden. Houd waarom de lens altiq schoen en droog. Gebruik een vochtige doek en water met weinig detergent om de lens te reinigen. Oefen nooit druk uit op de lensijdens het reinigen. Als de lens of andere onderdelen van de aanwezigheidsmelder defect+zijn, neem je contact op met een erkend installateur.

  1. TECHNISCHE GEGEVENS
afmatingen 59 x 127 mm (HxB)
voedingsspanning 230 Vac ± 10%, 50 Hz
sluimerverbruk 0,2 W (zonder verlichtingsarmaturen)
relaiscontact NO (max. 10 A), licht- en bewegingsgevoelig
maximale belastinggloeilampen (2300 W)
230V-halogeenlampen (2300 W)
alle laagspanningshalogeenlampen (500 VA)
fluorescentielampen (niet-gecompenseerd) (1200 VA)
spaarlampen (CFLi) (1200 VA)
maximaal schakelvermögen 140 μF
maximale inschakelstroom 165 A/20 ms
kanaal 1 1 - 10 W/max. 10 mA
lichtgevoeligheid 50 - 1500 lux
uitschakelvertraging 1 - 60 min
lichtiveau van de oriëntatieverlichting 5 - 100%
duur van de oriëntatieverlichting0 - 60 min, oneindig
montaghoogte (fig. 9)2,5 - 4 m
detectiebereik (fig. 9)cirkelvormig, 3 - 20 m
beschemningsgraadIP20
beschemklasseklasse I-toestellen
omgevingstemperatuur-5 - +50°C
keurmerkCE-gamarkeerd conform EN 60669-2-1
accessoiresIR-afstandsbediening (350-20064)
  • De Installatie moet worden uitgevoerd door een erkend installateur en volgens de geldende voorschriften.
  • Deze handieidig moet aan de gebruiker worden overhandigd. Het moet bij het dossier van die elektrische installatione worden goeoedn worden overgedragen aan eventuele neue eigenaars. Bijkomende exemplaren zijn verkrijgbaar via die website of supportdienst van Niko. Op de Niko website is altd je meest recente handieidig van het product terug te vinden.
    Tijdens de installment moet rekening gehonden worden met (niet-limitatie voijst):
    de geldende wetten, normen en reglementen.
  • de stand van de techniek op het moment van de installation.
  • deze handeiding die allein algemene bepalingen vermeldt en moet worden gelezen in het kader van elkne specifieke installmentie.
  • de regels van goed vakmanschap.

Niko 35020063 - ONDERHOUD - 1

Dit product voldoet aan alle toepasselijke Europese richtlijen en verordeningen. Indien van toepassing, vind je de EG-vekrdaring van overeenstemming met betrekking tot dit product op www.niko.eu.

11. NIKO SUPPORT

Heb je twijfel? Of wil je het product omruilen in geval van een eventueel defect? Neem dan contact op met je groothandel of de Niko supportdienst:

Belgia: +32 3778 90 80
Nederland: +31 183 64 06 60

Contactgegevens eneer informatie vind je op www.niko.eu onder de rubriek "Hulp en advies".

12. GARANTIEBEPALINGEN

  • De garantietemijn bedraagt vieraar vanaf leveringsdatum. Als leveringsdatum geldt de factuurdatum van aankoop van het product door de consumes. Als er geen factuur voorhanden is, geldt de productie datum.
  • De consument is verplicht Niko schriftelijk te informeren over het gebrek aan overeenstemming, en dit uiterlijk binnen de twee maanden na vaststelling.
    -In geval van een gebrek aan overeenstemming heeft de consumont enkelrecht op een kosteloze herstelling of vervanging van het product, wat door Niko bepaald worden.
  • Niko is ne veranthwoordeijl voor een defect of schade als gewolg van een toulouse installmentie, oneigenlijk of onachtzaarm grabuik, een verkeerde bediening, transformatie van het product, onderhout in strijt met de onderhoudswoorschriften en exter omme orzaak zoals vochtschade van schade door overspanning.
  • De dwingende bepalingen in de nationale wetgaving over de verkoog van consumptiegoederen en de bescherming van consumesen in landen waar Niko richtstreeks of via zuster- of dochtervennoootschappen, filalen, distributeurs, agenten of vaste vertegenwoordigers verkoopt, hebben voorrang op bovenstaande bepalingen.
Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Niko

Model : 35020063

Categorie : Slim huis