35020054 - Slim huis Niko - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 35020054 Niko in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - 35020054 Niko
Gebruikersvragen over 35020054 Niko
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Slim huis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 35020054 - Niko en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 35020054 van het merk Niko.
GEBRUIKSAANWIJZING 35020054 Niko
Lees de volledige handleiding vór installmente en ingebruikname.
1. BESCHRIJVING
De aanwezigheidsmelder voor plafondmontage werkt volgens de Passief InfraRoodtechnologie (PIR) en is geschikt voor gebruik binnenshuis. Lichtsturing via bewegingsmelding is nuttig voorkleine en groe kantoorruimten,ontspanningsruimten, kleedkamers en grotere opslagruimten.
De aanwezigheidsmelder met een kanaal (350-20054) stuart enkel binnerverlichting. De aanwezigheidsmelder met twee kanalen (350-20055) heeft een extra potentaalvrij relaiscontact om naast binnerverlichting ook ventilatie te sturen.
2. INSTALLATIE
2.1. Plaatsing
De aanwezigheidsmelder reageert op beweging en warmte in zijn omgeving.
Installatietips:
-
Plaat de aanwezigheidsmelder met delichtopeningaar het invallende Licht om de ideale hoeveelheid daglicht te verkrijgen (fig. 1.A).
-
Gebruik de openingsafstand van 105 mm als je de aanwezigheidsmelderrechtstreeks op het plafond monteert. De kabelingang moet 45^ gedraaid zichen ten opzichte van de bevestigingsgaten (fig. 1.B).
-
Als de aanwezigheidsmelder op een inbouwdoos gemonteerd is, gebruik dan de voorziene gaten en stans het grondluik uit (fig. 1.C). Installer de kabel op een correcte en voorzichtige manier volgens de instructies voor een vaste installmentie.
-
Installee de aanwezigheidsmelder Niet opplaatsen waar hij worden blootgesteld aanrechtstreeks zonlicht of in de buurt van warmtebronnen of luchtstromen (zoals airconditioning).
-
De aanbevolen montagehooqte is 2,5 tot 3 m.
-
Bijplaatsing boven een bureau bevestig je de aanwezigheidsmelder op onceveer 1 m afstand van de zitplaats. De sensor heeft een optiek met twee detectiezones: een zone voorkleine afstanden (A + B) omkleine lichaamsbewegingen te registrenderen en een zone voor grotere afstanden (C + D) om lichaamsbewegingen te registrenderen. Deze combinatie garandeert een uitstekende Lichtsturing en een optimale energiebesparing (fig. 2).
Opgelet: Installeer de aanwezigheidsmelder Niet onder spanning. Sluit het toestel pas na volledige installment aan op de netspanning.
2.2. Montage
De sensor monteren (fig. 3)
- Plaats de sensor in de klemstrook in de onderste laag van het sukkelgedeelte en monteer de veiligheidsschroef (Pozidriv (PZ) 0/Philips (PH) 1).
- Stel de aanwezigheidsmelder in zoals beschreven in rubriek 3.2.
Je kunt ook het detectiegebied beperken volgens de instructies in rubriek 3.2.4.
- Monteer het deksel van de sensor.
De aanwezigheidsmelder aansluiten (fig. 4 en 5)
- Schakel de stroom vollediguit.
De stroom van de netspanning worden geleverd via klemmen L. en N.
- Sluit hetlicht aan via klemmen N en (fig.5.1).
Sluit een drukknop aanussen klemmen L en rals je de aanwezigheidsmelder ook manueel moet konnen bedieren (fig. 5.2).
- Sluit de aardleiding aan op klem
3. WERKING EN INSTELLINGEN
3.1. Werking
3.1.1. Algemeen
Na aansluiting op de netspanning is de aanwezigheidsmelder na drie tot vijf minuten gebruiksklaar (opwarmtijd). Zodra het toestel gebruiksklaar is, worden de aangesloten verlichting uitgeschakeld.
3.1.2. Automatisch aanschakelen
De geintegreerde lichtsensor meet voortdurend het lichniveau in de detectiezone en vergelijk dit niveau met de waarde die je vooraf ingesteld hebt met de LUX-knop. Dankzij de lichtsensor springt het Licht enkel automatisch aan als de melder beweging detecteert binnen het detectiebereik en als het daglichtniveau daalt tot onder de vooraf ingestelde luxwaarde. De verlichting blijft aangeschakeld zolang er beweging gedetecteerd worden.
De ventilatoruitgang van de tweetanaalsmelder worden geactiveerd ongeacht het daglichtniveau.
3.1.3. Automatisch uitschakelen
De verlichting schakelt automatisch uit zodia het vooraf ingestelde daglichtniveau bereikt is.
Je gebruikt de TIME-knop om de gewenste uitschakelvertraging in te stellen. Zo blijft de verlichting gedurende de ingestelde vertragingstijd aangeschakeld nadat de LASTe beweging gedetecteerd is. Zodra de uitschakelvertraging verlopen is, schakelt de verlichtinguit.
Opgelet: De uitschakelvertraging op kanaal 1 moet op minimaal 5 minutes ingesteld zichn om de verhoging van 25% op kanaal 2 te activeren. Bedraagt de uitschakelvertraging op kanaal 1 minder dan 5 minutes, dan schakelen kanaal 1 en kanaal 2 gelijktijdig.
3.1.4. Manueel aan- en uitschakelen
Je kunt de verlichting ook manueel aan- en uitschaken met een NO-drukknop van 230 Vac, onafhankelijk van het gemeten daglichtniveau.
- Lang drukken (>2s) op de drukknop wonneer hetlicht uitgeschakeld is, schakelt hetlicht aan. De verlichting blijft ook aangeschakeld. Druk kort (<2s) op de drukknop om het Licht uit te schakelen. De automatische mode is nu geactiveerd.
- Kort drukken (< 2 s) op de drukknop wanner het Licht automatisch aangeschakeld is, schakelt het Licht uit. Na tien seconden worden de automatische mode oppiew geactveerd, zodat je de tiid hebt om het detectiegebied te verlaten.
- Lang drukken (>2s) op de drukknop wanner het Licht automatisch aangeschakeld is, schakelt hetlicht permanentuit. De aanwezigheidsmelder is nu geblokkeerd. Druk kort (< 2s) op de drukknop om het licht opnieuw aan te schaken. De automatische mode is nu geactiveerd.
3.2. Installingen
3.2.1. Algemeen
Bij levering zijn de parameters van de lichtsensor als volgt ingesteld (fabrieksinstellungen):
| sensormode automatisch | |
| gevoeligheid hoog | |
| indicatieled voor beweging UIT |
Met dipswitches 1 en 2 zet je de aanwezigheidsmelder in de gewenste testmode en activeer je de individatieled voor beweging.
Om de gevoeligheid in te stellen, gebruik je dipswitches 3 en 4. Figuur 7 toont hoe je deze dipswitches要去 instellen voor de gewenste gevoeligheid van de lichtsensor (minimaal, laag, hoog, maximaal).
3.2.2. Testmodes
De aanwezigheidsmelder heeft tweet testmodes: een testmode voor de luxwaarde en een testmode voor de werking van de bewegingsmelder.
a) Testmode voor de luxwaarde: daglichtniveau meten
Zet dipswitches 1 en 2 aan. De verlichting is nu uijtgeschakeld.
Draai de LUX-knop langzaamaarrechts (richting maximumwaarde) tot de indicatieled brandt. De luxinstelling is op dit moment gelijk aan het daglichtniveau dat de lichtsensor meet. Als er voldoende daglicht in de kamer is, draai je de LUX-knop aan links tot de indicatieled uitgeschakeld is. Laat de LUX-knop in deze positie staan.
Als je de LUX-knop waar links draait, schakelt de verlichting UIT als er minder daglicht is.
Als je de LUX-knop waar rechts draait, schakelt de verlichting uit als er meer daglicht is.
Zet ten slotte de dipswitches 1 en 2 weeur UIT.
b) Testmode voor de werking van de bewegingsmelder
Zet dipswitch 1 UIT en dipswitch 2 aan. De verlichting worden gedurende vijf seconden aangeschakeld. De individatieled voor beweging geeft aan dat de bewegingsmelder geactiveerd is.
Opgelet: De wandeltest worden nicht beinvloed door daglicht.
Zet ten slotte dipswitch 2 weer aft.
3.2.3. Indicatieled voor beweging
Zet dipswitch 1 aan en dipswitch 2 uit om de individatieled voor beweging te activeren. De individatieled blijft branden zolang er beweging gedetecteerd worden.
3.2.4. Detectiegebied
Als de aanwezigheidsmelder gemonteerd is op een hoogte van 2,5m , detecteert het beweging tot een diameter van 20 m en binnen een zone van 360^ . Deze aanwezigheidsmelder heeft een lensgebied met een diameter van 5 m eneer dan 618 velden, wat een optimale waarneming van zichs de kleiste lichaamsbewegingen garandeert.
Als je in een deel van het detectiegebied geen bewegingsdetectie wilt,dek je de lens van de sensor af met het bijgeleverde afschemmasker. Zo kun je de maximale reikwijdte van 20m verminderen tot 12m,5m of 3m . De detectiehoek van 360^ kun je verminderen in stappen van 45^ (fig. 7).
4. ONDERHOUD
Vuil kan de werkig van de aanwezigheidsmelder beinvloeden. Houd waarom de lens altijd schoon en droog. Gebruik een vochtige doek en water met weinig detergent om de lens te reinigen. Oefen nooit druk uit op de lens tijdens het reinigen. Als de lens of andere onderdelen van de aanwezigheidsmelder defect+zijn, moet de aanwezigheidsmelder verrangen worden.
5. PROBLEEMOPISSING
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| De verlichting/ventilator schakelt nicht aan. | Interne foulmending. Schakel de netspanning ten minste vijf seconden uit en schakel de netspanning verrolgens opnieuw in. | |
| Defecte lamp/ventilator. Test of de lamp/ventilator zich noget. | ||
| Foutieve bedrading. Controleer de bedrading met het aansluitschema. | ||
| Er is geen voedingsspanning op de sensor. | Controleer of de voedingsspanning op de sensor aanwezig is. | |
| Foutief ingestelde luxwaarde. Controleer of de luxwaarde ingesteld is op de gewenste Lichtsterkte. | ||
| De verlichting/ventilator schakelt Niet uit. | Te hoog ingestelde uitschakelvertraging. | Controleer of de uitschakelvertraging Niet te hoog ingesteld is (via de TIME-knop). |
| De aanwezigheidsmelder detecteert nog beweging. | Verlaat het detectiegebied zDat de aanwezigheidsmelder nicht in werkig kan treten. | |
| Schommelingen in de voedingsspanning. | Controleer of de voedingsspanning constant is. | |
| De aanwezigheidsmelder is onderhevig aan temperatuurschommelingen. | Controleer of de aanwezigheidsmelder Niet gericht is op een voorwerp dat temperatuurschommelingen kanverozaken, zoals airconditioning of een verwarmingsinstallatie. | |
| Na instelling van de luxwaarde blijft de aanwezigheidsmelder permanent aangeschakeld, ongeacht deinstilling. | Interne foulmending. Schakel de netspanning ten minste vijf seconden uit en schakel de netspanning verrolgens opnieuw in. | |
Stroomverbruik: < 1 W (350-20054)
<1,5W(350-20055)
Relaiscontact kanaal 1 en 2: NO (max. 10 A),licht- en bewegingsgevoelig
Maximale belasting: gloeilampen (2300 W)
230V-halogenlampen (2300 W)
alle laagspanningshalogeenlampen (500 VA)
fluorescentielampen (niet-gecompenseerd) (1200 VA)
spaarlampen (CFLi) (1200 VA)
ventilatiemotor (690 VA)
Maximaal schakelvermogen: 140~ F
Maximale inschakelstroom: 80 A/20 ms
Detectiehoek: 360^
Detectiebereik: cirkel, tot max. 20m
Lichtgevoeligkeit: 10 - 1000 lux
Hysteresis op lichtgevoeligheid: + 10%
Uitschakelvertraging kanaal 1:1-30 min
Uitschakelvertraging kanaal 2: waarde kanaal 1 + 25%
Beschermingsgraad: IP20
Omgevingstemperatuur:
Kabeldoorvoer: 2 × 12 ~mm
Keurmerk:
-5-50°C
CE-gemarkeerd conform EN 60669-2-1
-
De installmentie moet worden uitgevoerd door een erkend installerateur en volgens de geldende voorschriften.
-
Deze handleiding要去 an de gebruiker worden overhandigd. Het要去 bij het dossier van de elektrische installmenten worden gevoed en worden overgedragen aan eventuale neue eigenaars. Bijkomende exemplaren zich verwrijjgbaar via de website of supportdienst van Niko.
-
Tijdens de installment moet rekening gehonden worden met (niet-limitatieve lijst):
-
de geldende wetten, normen en reglementen.
- de stand van de techniek op het moment van de installmentie.
- deze handleiding die alleen algemene bepalingen vermeldt en moet worden gelezen in het kader van elke specifieke installmentie.
- de regels van goed vakmanschap.
8. NIKO SUPPORT
Heb je twijfel? Of wil je het product omruilen in geval van een eventuele defect? Neem dan contact op met je groothandel of de Niko supportdienst:
Belgie: +32 3778 90 80
Nederland: +31 183 64 06 60
Contactgegevens eneer informatie vind je op www.niko.eu onder de rubriek "Hulp en advies".
9. GARANTIEBEPALINGEN
- De garantietemijn bedraagt vierJAanaf leveringsdatum. Als leveringsdatum geldt de factuurdatum van aankoop van het product door de consument. Als er geen factuur voorhanden is, geldt de productiedatum.
- De consumont is verplicht Niko schriftelijk te informeren over het gebrek aan overeenstemming, en dit uiterlijk bennen de twee maanden na vaststelling.
- In geval van een gebrek aan overeenstemming hebft de consument enkelrecht op een kosteloze herstelling of verrangin van het product, wat door Niko bepaald worden.
- Niko is nicht verantwoordelijk voor een defect of schade als gevolg van een foutieve installmentie, oneigenlijk of onachtzaam gebruik, een verkeerde bediening, transformatie van het product, onderhoud in strijd met de onderhoudsvoorschriften of een externeoorzaak zoals vochtschade of schade door overspanning.
- De dwingende bepalingen in de nationale wetgeving over de verkoop van consumptiegoederen en de bescherming van consumperen in landen waar Niko rechtstreeks of via zuster- of dochtervennootschappen, filialen, distributeurs, agenten of vaste vertegenwoordigers verkoopt, hebben voorrang op bovenstaande bepalingen.
SimpelGids