BX400 E - Hometrainer REX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BX400 E REX in PDF-formaat.

📄 120 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice REX BX400 E - page 105
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL
SKIP

Veelgestelde vragen - BX400 E REX

Gebruikersvragen over BX400 E REX

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Hometrainer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BX400 E - REX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BX400 E van het merk REX.

GEBRUIKSAANWIJZING BX400 E REX

OMETRAINER REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-97REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-97 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-98 Inhoudsopgave Voorwoord ............................................................................................................................................. NL-99 Aanduiding van de belangrijke aanwijzingen ............................................................................................ NL-99 Belangrijke veiligheidsinstructies ........................................................................................................... NL-100 Explosietekening ................................................................................................................................... NL-101 Onderdelenlijst ..................................................................................................................................... NL-102 Montage ............................................................................................................................................... NL-105 Trainingshandleiding ............................................................................................................................. NL-108 Trainingsinrichting/-aanwijzingen ......................................................................................................... NL-108 A Intensiteit .................................................................................................................................... NL-108 B Frequentie ...................................................................................................................................... NL-108 C Motivatie ...................................................................................................................................... NL-108 D Organisatie van de trainingseenheden ................................................................................................ NL-108 1. Opwarmfase ............................................................................................................................... NL-108 2. Trainingsfase .............................................................................................................................. NL-109 3. Afkoelfase ................................................................................................................................... NL-109 E Spieropbouw .................................................................................................................................. NL-109 F Gewichtsafname ............................................................................................................................. NL-109 Bediening ............................................................................................................................................. NL-110 Voorinstellingen ................................................................................................................................. NL-110 Functie van de knoppen ...................................................................................................................... NL-110 Weergegeven informatie ....................................................................................................................... NL-111 Trainingsparameters ............................................................................................................................ NL-111 Trainingsprogramma ............................................................................................................................ NL-112 A Handmatig ..................................................................................................................................... NL-112 B Profi l-programma ............................................................................................................................ NL-112 C Gebruikersprogramma ...................................................................................................................... NL-112 D Polsslagprogramma ......................................................................................................................... NL-113 E Watt-programma ............................................................................................................................. NL-114 F Lichaamsvetanalyse ......................................................................................................................... NL-114 Aandeel lichaamsvet ....................................................................................................................... NL-115 BMI .............................................................................................................................................. NL-115 G Fitnesstest ..................................................................................................................................... NL-115 Verzorging/onderhoud ............................................................................................................................ NL-116 Technische gegevens .............................................................................................................................. NL-116 Afvalverwijdering .................................................................................................................................. NL-116 Garantie ............................................................................................................................................... NL-118 Inhoudsopgave REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-98REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-98 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-99 NEDERLANDS Voorwoord · Aanduiding van de belangrijke aanwijzingen Voorwoord Wij feliciteren u met de aankoop van ons fi t- nessapparaat. U hebt een uitstekend product gekozen en zult er ongetwijfeld veel plezier mee hebben. Lees voor het eerste gebruik de bedieningshandleiding zorg- vuldig door om schade aan het apparaat of lichamelijk letsel te voorkomen. Bewaar de bedieningshandleiding goed. Met vriendelijke groet, Prophete GmbH u. Co. KG Aanduiding van de belangrijke aanwijzingen Zeer belangrijke aanwijzingen zijn in de bedieningshand- leiding als volgt aangeduid: WAARSCHUWING Deze waarschuwing maakt u attent op mogelijke gevaren voor uw gezondheid of voor uw leven of dat van anderen die bij de omgang met of het gebruik van het apparaat kunnen ontstaan. ATTENTIE Deze aanwijzing maakt u opmerkzaam op moge- lijke gevaren voor uw apparaat. Deze informatie geeft u extra adviezen en tips. REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-99REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-99 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-100 Belangrijke veiligheidsinstructies Belangrijke veiligheidsinstructies Het is belangrijk dat u de complete handleiding doorleest voordat u het apparaat in elkaar zet en gebruikt. Een veilig en productief gebruik kan alleen worden be- reikt, als het apparaat volgens de voorschriften wordt gemonteerd, onderhouden en gebruikt. Het is uw plicht alle gebruikers van het apparaat vóór het gebruik op de hoogte te stellen van de gevaren en voorzorgsmaat- regelen. Het apparaat voldoet aan DIN EN 957-1/5 en is alleen bestemd voor privé-gebruik, niet voor commercieel, zoals bijvoorbeeld therapeutisch gebruik. Gebruik het apparaat uitsluitend in droge binnenruimtes bij omgevingstemperatuur. Tegen vocht, stof/vuil en extreme temperatuurschommelingen beschermen. Plaats het apparaat alleen op een vaste, vlakke onder- grond en gebruik een beschermende afdekking voor de vloer/vloerbedekking. Verwijder alle voorwerpen met scher pe randen uit de omgeving en laat rond het apparaat een ruimte vrij van min. 0,5 m Verzeker u ervan dat er nooit vloeistoffen (incl. lichaams- zweet!) binnen in het apparaat of in de fi tnesscomputer terechtkomen. Gebruik het apparaat alleen zoals aangegeven! Als u tijdens de montage of de controle defecte onderdelen vindt of tijdens het gebruik ongewone geluiden hoort, stop uw training dan onmiddellijk. Gebruik het apparaat niet meer tot het probleem is verholpen. Controleer voor gebruik van het trainingsapparaat of alle schroeven en moeren goed vast zitten. Het veiligheidsniveau van het apparaat kan alleen be- waard blijven, als het regelmatig op schade wordt gecon- troleerd. Laat reparaties alleen door vakmensen uitvoeren en gebruik altijd originele onderdelen. Houd het apparaat uit de buurt van kinderen en huis- dieren. Het is uitsluitend geschikt voor volwassenen. Het apparaat is niet geschikt voor gebruik door personen met een fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperking of personen die niet voldoende ervaring en/of kennis hebben, tenzij zij terzijde worden gestaan door een per- soon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of hen aanwijzingen geeft over het gebruik. Het toelaatbare maximale gewicht van 130 kg van de ge bruiker mag niet worden overschreden. Vraag voor het begin van de training een arts om vast te stellen of de training een risico voor uw gezondheid kan zijn. Het advies van een arts is noodzakelijk als u ge- neesmiddelen gebruikt die hartslag, bloeddruk of choles- terolgehalte beïnvloeden. Let op lichamelijke signalen. Verkeerde of bovenmatige training kan uw gezondheid beïnvloeden of zelfs scha- den. Stop de oefeningen bij de volgende symptomen: pijn, spanning op de borst, onregelmatige hartslag, kortademigheid, versuft gevoel, duizeligheid of misselijk- heid. Ook als slechts een van deze toestanden zich voordoet, moet u meteen een arts raadplegen voordat u doorgaat met het oefenprogramma. Draag bij de training geschikte kleding! Vermijd te wijde kledingstukken waarmee u aan het apparaat kan blijven hangen of kledingstukken die u in uw bewegingen hinde- ren of beperken. Wees voorzichtig bij het opheffen en verplaatsen van het apparaat ter voorkoming van bijv. rugproblemen. Gebruik zo mogelijk altijd heftechnieken of zoek hulp. Gebruik voor de werking alleen de meegeleverde originele adapter. Het apparaat is, net als de adapter, alleen bes- temd voor gebruik binnen. Als stroomtoevoer mag alleen een beveiligd 220–240 V/50Hz stopcontact worden ge- bruikt! Levensgevaar! Trek na de training de stekker uit het stopcontact om het apparaat te reinigen of onderhoud te plegen. AT TENTIE WAARSCHUWING Bewaar de bedieningshandleiding goed. Geef de handleiding mee bij verkoop of doorgave van het fi tnessapparaat. REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-100REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-100 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-101 NEDERLANDS Explosietekening Explosietekening REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-101REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-101 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-102 Onderdelenlijst Onderdelenlijst REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-102REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-102 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-103 NEDERLANDS Onderdelenlijst Nr. Naam Grootte Aantal 1 frame 1 2 voet achter 1 3 hoogteregeling 2 4 voet voor 1 5L transportrol links voor 1 5R transportrol rechts voor 1 6 dopmoer M8 x 1.25 x 15L 4 7 inbusbout M8 x 1.25 x 95L 4 8 afdekkap 2 9 zadelsteunbuis 1 10 zadel DD-356 1 11 zadelschuifgeleiding 1 12 veerring D15.4 x D8.2 x 2T 8 13 onderlegring D22 x D8.5 x 1.5T 10 14 bout ST4 x 1.41x15L 2 15 netstekker 1 16 soft handgreep D20 x 7Tx560L 2 17 onderlegring D25 x D8.5 x 2T 1 18 stelknop 1 19 stop 2 20 inbusbout M8 x 1.25 x 15L 6 21 riem 1 22 onderlegring D21 x D16.2 x 0.3T 2 23 onderlegring D24 x D16 x 1.5T 1 24 vliegwiel 1 25 kettingbeschermer links 1 26 kettingbeschermer rechts 1 27 aandrijfwiel 1 28 afdekking 1 29 stuursteunbuis 1 30 polsslagsensor 2 Kabel polsslagsensor 2 31 stelschroef 1 32 bus D20 x D14 x 11.5 1 33 bout afdekking 2 34 bout M8 x 1.25 x 25 2 35L pedaalarm links 1 35R pedaalarm rechts 1 36 stuur 1 37 stelschroef 1 38 display SM-2613-71 1 39 inbusbout M10 x 35L 1 40 bout M5 x 0.8 x 15L 2 41L afdekking links 1 41R afdekking rechts 1 42 afdekking 1 43 onderlegring D16 x D8.5 x 1.2T 1 44 veerring D15.4 x D8.2 x 2T 1 45 bus D8.2 x D12.7 x 33 1 46L pedaal 1 46R pedaal 1 47 C-clip S-16(1T) 1 48 nylonmoer M6 x 1.0 x 6T 4 49 bout M6 x 1.0 x 15L 4 50 vrijloopwiel 1 51 kunststof dopmoer M10 x 1.5 x 10T 1 52 crankas 1 53 moer zelfborgend 3/8"-26UNF x 6.5T 2 REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-103REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-103 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-104 Onderdelenlijst Nr. Naam Grootte Aantal 54 veerring D22 x D10 x 2T 2 55 geleiding #99502 2 56 pen 2 57 nylonmoer M8 x 1.25 x 8T 2 58 bevestigingsplaat vrijloopwiel 1 59 bout M5 x 10L 4 60 moer M8 x 1.25 x 6T 1 61 magneet rond 1 62 bout ST4.2 x 1.4 x 20L 10 63 afstandhouder D22 x D16 x 6.4T 1 64 bovenste computerkabel 1000L 1 65 onderste computerkabel 600L 1 66 motor 1 67 kabel 700L 1 68 veer D2.2 x D14 x 55L 1 69 bout ST4 x 1.41 x 1 5L 4 70 binnenbuis 1 71 bout afdekking 2 72 onderlegring D16 x D8.5 x 1.2T 4 73 trekkabel D1.5 x 460L 1 74 buffer 4 75 sensorkabel 1 76 bout ST4.2 x 1.4 x 15L 4 77 drinkfl eshouder 1 78 onderlegring plastic D50 x D10 x 1.0T 1 79 onderlegring D25 x D8.5 x 2.0T 1 80 bout M8 x 1.25 x 25L 1 81 plastic afdekking 2 82 bout M8 x 52L 1 83 bout M6 x 65L 1 84 veer D1.2 x 55L 1 85 moer M6 x 1 x 6T 1 86 bevestigingsplaat magneet 1 87 nylonmoer M6 x 1 x 6T 1 88 onderlegring D6 x D19 x 1.5T 1 89 onderlegring D13 x D6.5 x 1.0T 1 90 magneetbehuizing 6 91 magneet 7 92 borstgordel 1

1. Zet de voorste voet (4) en de achterste voet (2) zoals

afgebeeld op de vloer.

2. Monteer beide voeten aan het frame (1). Gebruik

hiervoor steeds vier inbusbouten (7), vier dopmoeren (6), vier veerringen (12) met telkens een onderleg- ring (13). AT TENTIE

1. Draai de stelbout (31) in het gat van het frame (1).

2. Breng de zadelsteunbuis (9) in het frame.

3. Breng een gat van de zadelsteunbuis in lijn met de

4. Trek voor de hoogteverstelling van de zadelsteunbuis

de knop van de stelbout in de richting van het stuur (zie afb. a).

5. Verzeker u ervan dat de stelbout goed vastklikt en

6. Bevestig daarna het zadel (10) aan de zadelsteunbu-

is (9) met behulp van de onderlegring (17) en stel- knop (18). De zadelafstand tot het stuur kunt u tra- ploos aan uw lichaamsgrootte aanpassen (zie afb. b). AT TENTIE REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-105REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-105 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-106 Montage STAP 3 STAP 4 Montage

1. Verbind de bovenste met de onderste computerkabel

(64 + 65) (zie afb. b).

2. Schuif de stuursteunbuis (29) samen met de afdek-

king (28) op het hoofdframe (1) (zie afb. a). Let er daarbij op dat de computerkabel niet wordt vastgeklemd.

3. Bevestig nu de stuursteunbuis met zes inbusbouten

(20) en zes onderlegringen (13 + 72) aan het frame.

4. Klem daarna het stuur (36) in de stuursluitklem.

5. Fixeer het stuur samen met afdekking (42) met de

stelbout (37), de onderlegring en veerring (43 + 44) evenals de afstandshuls (45).

6. Trek steeds de polsslagsensorkabel (30) van het stuur

door de zijgaten in de stuursteunbuis naar boven (zie afb.). AT TENTIE

1. Monteer nu de linker (46L) en rechter (46R) pedaal.

Let er bij de montage op dat beide pedalen aan de juiste zijde worden gemonteerd, omdat zij anders kunnen afbreken. Het rechter pedaal wordt met de wijzers van de klok mee en het linker tegen de wij- zers van de klok in vastgeschroefd. Voor een betere identifi catie zijn de pedalen met een „L” voor links of een „R” voor rechts gemarkeerd. Draai de beide peda- len stevig vast.

2. Verbind de bovenste computerkabel (64) en de kabel

van de polsslagsensor (30) met de display (38).

3. Maak de display met vier bouten (59) aan de stuur-

met twee bouten (14) en vier kleine boutjes (69).

2. Maak de drinkfl eshouder (77) met twee bouten (40)

aan de stuursteunbuis (29) vast.

3. Plaats het apparaat op de daarvoor bestemde plek.

4. Stel de hometrainer met de achterste linker en rech-

ter hoogteregeling zo af, dat hij veilig en vast staat.

5. Steek de stekker van de adapter in de bus aan de

linker achterkant van de hometrainer.

6. Steek daarna de adapter in het stopcontact.

Het apparaat is bedrijfsklaar. AT TENTIE REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-107REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-107 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-108 Trainingshandleiding Trainingshandleiding Het gebruik van uw fi tnessapparaat zal u tal van voordelen bieden. Het zal uw lichamelijke conditie verbeteren, uw spie- ren accentueren en in combinatie met een caloriearm dieet u ook helpen af te vallen. TRAININGSINRICHTING/-AANWIJZINGEN Om een optimale training te bereiken, moet u voor aanvang van de training een paar belangrijke zaken met betrekking tot de manier (waarop men traint) en de inrichting van de training in acht nemen. Ter verbetering van de gezondheid en van uw fi guur, moeten volgende factoren bij de planning van de training in aanmerking worden genomen: A Intensiteit De training moet zo worden ingericht, dat de lichamelijke belasting tijdens de training hoger is dan de normale be- lasting. Ademnood of uitputting mag echter niet optre- den. Bij een effectieve training moet de polsslag tussen 70% en 85% van de maximale polsslag liggen (zie ook hoofdstuk „Trainingsfase”). Tijdens de eerste trainingsweken moet de polsslag ca. 70% van de maximale polsslag zijn en in de daarop volgende weken en maanden langzaam stijgen tot 85% van de maximale polsslag. De trainingseisen kunnen bijv. door verlenging van de trainingsduur en/of een verhoog- de moeilijkheidsgraad, afhankelijk van de verbeterende conditie worden verhoogd. U hebt met volgende hulpmid- delen de mogelijkheid uw polsfrequentie te controleren: a) U kunt uw polsslag zelf voelen en de slagen per minu- ut tellen (bijv aan het polsgewricht) Meting van de polsfrequentie op gebruikelijke wijze. b) U kunt de polsslag met behulp van de op de greep aangebrachte sensoroppervlakken meten. c) U kunt uw polsfrequentie ook door middel van speci- fi eke, gekalibreerde polsslagmeetapparatuur bepalen. De polsmeting per sensor dient alleen ter oriëntering, omdat er door beweging, wrijving, zweet etc. afwijkingen van de echte polsslag kunnen ontstaan. Bij sommige mensen is de huidweerstandswijziging met betrekking tot de polsslag zo klein, dat het resultaat niet voldoende is voor een exacte polsmeting. B Frequentie Experts adviseren, afhankelijk van het trainingsdoel, trai- ningen van 3–5 eenheden per week. De training dient samen te gaan met een evenwichtige en gezonde voe- ding. Een doorsnee volwassene heeft min. 3 training- seenheden per week nodig om een verandering van het lichaamsgewicht of verbetering van de conditie te berei- ken en 2 trainingseenheden per week om de bestaande toestand te behouden. C Motivatie Om een trainingsprogramma succesvol te voltooien, is regelmaat een essentieel punt. Ook geestelijke voorbe- reiding, zoals een vast tijdsbestek en vaste plaats per trainingseenheid dragen daartoe bij. Het is raadzaam altijd een persoonlijk doel voor ogen te houden en, indien mogelijk, alleen te trainen als u goed gehumeurd bent. Train voortdurend om u dag voor dag verder te ont- wikkelen en het trainingsdoel te benaderen. D Organisatie van de trainingseenheden Er zijn 3 trainingsfases die bij iedere training moeten worden gedaan: a) Opwarmfase b) Trainingsfase c) Afkoelfase

Deze fase draagt bij tot een goede doorbloeding van het lichaam en een goede werking van de spieren. U vermin- dert ook het risico op krampen en spierbeschadigingen. Daarom is het raadzaam voor iedere trainingseenheid een paar rekoefeningen (zie afb.) te doen. U moet iedere oe- fening ca. 30 seconden volhouden. Vermijd hierbij schok- kende bewegingen en belast uw spieren niet. Stop met de rekoefening zodra het pijn doet.

Let er bij de training op dat uw tempo gelijkmatig en aan- houdend is. Voor een optimale training moet de belasting zo zijn gekozen, dat uw polsslag een waarde van ca. 70– 85% van de maximale polsslag bereikt (doelzone) Aan de hand van de grafi ek kunt u de voor u geschikte doelzone afl ezen: De trainingsfase moet minstens 12 minuten aanhouden. Voor een eerste begin is een trainingstijd van ca. 15–20 minuten gebruikelijk. Als u na enige tijd een hoger fi tnessniveau hebt bereikt, moet u eventueel langer en hoger gedoseerd trainen. Let bij de training op uw lichaamshouding:

  • Bovenlichaam zo recht mogelijk houden
  • Blik naar voren richten
  • De beweging moet zo mogelijk vanuit de benen komen
  • Niet met losse handen trainen! – De armen moeten het lichaam stabiliseren.
  • Hielen tijdens de training licht optrekken, zoals bij de klassieke langlaufstijl
  • Vaak van greepstand veranderen

Deze fase dient ter ontspanning van de spieren en het cardiovasculaire systeem. Beperkt hiertoe bijv. het tem- po gedurende ca. 5 minuten. Herhaal vervolgens de in fase 1 beschreven rekoefeningen. Denk eraan dat u ook in deze fase geen schokkende bewegingen maakt en dat u de spieren niet belast. E Spieropbouw De trainingsbelasting moet hoger worden ingesteld om uw spieren met de hometrainer op te bouwen. Onder be- paalde omstandigheden zult u merken dat het trainings- programma op basis van uw conditie niet in de volle lengte kan worden uitgevoerd. Wijzig in dat geval uw trainingsschema als volgt: U moet tijdens de opwarmfase en de afkoelfase trainen zoals u gewend bent. Verhoog echter aan het einde van de oefenfase de belasting, zodat uw benen sterker worden getraind. Als u echter de doelzone van de polsslag over- schrijdt, moet u uw tempo beslist verlagen! F Gewichtsafname Om ervoor te zorgen dat uw lichaam goed zijn werk kan doen, heeft het net als een motor „brandstof” nodig. Het spierstelsel krijgt zuurstof van het cardiovasculaire sys- teem van het lichaam. Deze zuurstof wordt voor de ener- gievoorziening van de spieren en ook voor de verbran- ding van koolhydraten resp. vetten gebruikt. Op basis van de chemische samenstelling kan de omzetting van lichaamsvetten in energie alleen plaatsvinden, als u een aërobe training doet, dat wil zeggen, als voldoende zuur- stof bij de training aanwezig is. Bij anaërobe training („buiten adem zijn”) is er gebrek aan zuurstof waardoor geen vet kan worden afgebouwd. Het lichaam heeft bij 50% tot 80% van de maximale polsslag (maximale pols- slag = 220–leeftijd) nog voldoende zuurstof en kan in dit gebied de beste resultaten met betrekking tot de vetver- branding geven. De vetverbranding neemt toe, naarmate u vaker en langer een dergelijke training uitvoert.

POLS MAXIMAAL Afkoelfase LEEFTIJD DOELZONE REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-109REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-109 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-110 Bediening Bediening VOORINSTELLINGEN Nadat u het apparaat door de stekker in het stopcontact te steken in bedrijf hebt genomen, moet u voor een correcte weergave datum en tijd invoeren. Instelling

1. Kies steeds met de OMHOOG/OMLAAG-knoppen de juiste

waarde en bevestig met de MODUS-knop. Voer na elkaar de volgende waarden in: jaar/maand/dag/uur/minuut. Daarna kunt u uw persoonlijke gegevens invoeren. Dit is noodzakelijk, omdat anders diverse programma’s en tests niet goed werken resp. verkeerde resultaten te zien geven. U kunt max. 9 gebruikersprofi elen (U1–U9) opslaan. Als er in het apparaat al gebruikersprofi elen zijn opgeslagen, dan kunt u nu een profi el met de knoppen OMHOOG/OMLAAG selecteren en met de MODUS-knop bevestigen. Invoer gebruikersprofi el

1. Selecteer met de OMHOOG/OMLAAG-knoppen het gewens-

te gebruikersprofi el (U1–U9) en bevestig met de MODUS- knop.

2. Voer nu de volgende waarden in met de OMHOOG/OM-

START/STOP: Met deze knop start en beëindigt u een training. AUF/AB (OMHOOG/OMLAAG): Met de OMHOOG/OMLAAG-knoppen kunt u verschillende pro- gramma’s selecteren en waarden instellen. Bovendien kunt u met deze knoppen tijdens de training de belastingtrappen verhogen of verlagen. ZURÜCKSTELLEN (RESETTEN): Met deze knop wordt de juist ingevoerde waarde gereset. Als u de RESET-knop ca. 4 seconden ingedrukt houdt, dan wor- den alle ingestelde programmawaarden gereset. Aansluitend kunt u een van de 9 gebruikersprofi elen (U1–U9) selecteren. MODUS: Met deze knop kunt u de geselecteerde programma’s en waarden (zoals bijv. trainingsparameters, persoonlijke gege- vens enz.) bevestigen. Tijdens de training kunt u met deze knop verschillende weergavegegevens oproepen. KÖRPERFETT (LICHAAMSVET): Met deze knop start u de lichaamsvetanalyse. Verdere infor- matie kunt u vinden in het hoofdstuk Lichaamsvetanalyse. (calorieën, Watt-sterkte enz.) oproepen. TEST: Met de TEST-knop kunt u een fi tnesstest uitvoeren.Verde- re informatie kunt u vinden in het hoofdstuk Fitnesstest. REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-110REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-110 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-111 NEDERLANDS Bediening WEERGAVE-INFORMATIE De LCD-weergave schakelt als er geen activiteit is automa- tisch na 4 minuten in de STANDBY-modus. In deze modus geeft de fi tnesscomputer de temperatuur, de tijd en de da- tum aan. Door op een willekeurige knop te drukken wordt de STANDBY-modus weer onderbroken.

De computer geeft de ingestelde trainingstijd weer. Bij invoer van een insteltijd loopt de tijd terug (countdown) en na afl oop van deze tijd (0:00) hoort u een akoestisch signaal. (max. in te stellen tijd max. 1–99 minuten)

De computer geeft de huidige snelheid aan. (0,0–99.9 km/h). Bij sommige modellen worden afwisselend ook de pedaalomwentelingen/min. weergegeven. („UPM”)

De computer geeft de afgelegde afstand weer. Bij invoer van een ingestelde afstand loopt de weergave terug (countdown) en na afl oop (0:00) hoort u een akoestisch signaal. (in te stellen afstand max. 0,1–99,9 km)

Hier geeft de computer de tijdens de training verbrande calorieën weer. Bij invoer van een ingesteld aantal ca- lorieën kunt u in 10 stappen van 5 tot max. 990 kcal se- lecteren. De weergave loopt in dit geval terug (count- down) tot nul. Daarna is de training beëindigd en klinkt er een akoestiek signaal.

De POLSSLAG-weergave geeft uw huidige polsfrequentie in hartslagen per minuut weer. De weergave kan slechts correcte waarden weergeven, als u beide sensoren aan de greep goed met uw handpalmen vastpakt. Het kan soms max. 2 minuten duren tot de polsfrequentie wordt weer- gegeven.

De computer geeft het Watt-vermogen weer (10–350).

Ieder programma bestaat uit 16 belastingtrappen. De LCD-weergave toont u 20 kolommen (horizontaal) en 16 balken (verticaal). Een balk komt overeen met een be- lastingtrap. De knipperende kolom geeft volgens de actu- ele gegevens de voortgang van de tijd resp. afstand aan. Door middel van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen kunnen de belastingtrappen ook tijdens de lopende training wor- den verhoogd resp. verlaagd (weergave WDST). Bij pro- gramma’s die de belastingtrappen automatisch instellen (zoals bijv. WATT of polsslagprogramma) is dit niet moge- lijk. TRAININGSPARAMETERS Trainingsparameters zijn doelrichtlijnen die u bij elk trai- ningsprogramma kunt instellen. Volgende trainingsparame- ters kunnen worden geselecteerd: Meestal kunt u meerdere trainingsparameters selecteren of deze ook combineren. Sommige parameters zijn in bepaalde programma’s niet instelbaar. De trainingsparameters kunnen altijd pas na selectie van het trainingsprogramma worden opgegeven. Een exacte be- schrijving vindt u in de instellingenbeschrijving van het be- treffende programma. Parameter Instelbereik Standaardwaarde Stap Opmerking Tijd 1:00~99:00 00:00 +/- 1 Afstand 0,1~99,9 0,0 +/- 0,1 Calorieën 10~990 0 +/- 10 Polsslag 30~240 0 +/- 1 Watt 10~350 120 +/- 5 Deze waarde kan alleen in het Watt-programma worden vastgelegd. REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-111REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-111 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-112 Bediening TRAININGSPROGRAMMA Na het inschakelen van het apparaat kan door middel van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen het gewenste trainingsprogram- ma worden geselecteerd. Met de MODUS-knop en de OMH- OOG/OMLAAG-knoppen kunt u (indien beschikbaar) verdere subprogramma’s instellen. U kunt kiezen uit volgende trainingsprogramma’s Handmatig (MAN) Profi l-programma (PROG) (P1–P12) Gebruikersprogramma (USER) Polsslagprogramma (HRC) (55%/75%/90%/TAG) Watt-programma (WATT) A Handmatig (MAN) In dit trainingsprogramma kunt u de moeilijkheidsgraad zelf bepalen.

1. Selecteer het programma Handmatig (MAN) met behulp

van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen en bevestig dit met de MODUS-knop.

2. Stel nu een voor u geschikt belastingniveau (WDST) in

met de OMHOOG/OMLAAG-knoppen.

3. Als u en of meerdere trainingsparameters wilt instellen,

dan selecteert u met de MODUS-knop de gewenste para- meter(s). U stelt de waarde in met de OMHOOG/OMLAAG- knoppen en bevestigt steeds met de MODUS-knop.

4. Druk ten slotte op de START/STOP-knop om de training te

beginnen. Dit is ook mogelijk, als u tevoren geen trai- ningsparameter hebt geselecteerd. Tijdens de training kunt u de belastingtrappen (WDST) met behulp van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen verhogen of ver- lagen. U kunt de training op elk moment onderbreken door op de START/STOP-knop te drukken. Om de training voort te zetten drukt u opnieuw op de START/STOP-knop. Als u de training helemaal wilt beëindigen, dan drukt u in plaats daarvan op de RESET-knop. U gaat dan terug naar de pro- grammaselectie. B Profi l-programma (PROG/P1–P12) In het prof l-programma kunt u kiezen uit 12 sub pro- gramma’s met totaal verschillende belastingverlopen.

1. Selecteer het prof I-programma „PROG” met behulp van

de OMHOOG/OMLAAG-knoppen en bevestig dit met de MODUS-knop.

2. Stel nu een van de 12 subprogramma’s (P1–P12) in door

op de OMHOOG/OMLAAG-knoppen te drukken en te beves- tigen met de MODUS-knop.

Selecteer een voor u geschikt belastingniveau (WDST) met de OMHOOG/OMLAAG-knoppen.

4. Als u een of meerdere trainingsparameters wilt opgeven,

dan selecteert u met de MODUS-knop de gewenste para- meter(s) en stelt u de waarde in met de OMHOOG/OM- LAAG-knoppen.

5. Druk ten slotte op de START/STOP-knop om de training te

beginnen. Dit is ook mogelijk, als u tevoren geen trai- ningsparameter hebt geselecteerd. Tijdens de training kunt u de belastingtrappen (WDST) met behulp van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen verhogen of ver- lagen. U kunt de training op elk moment onderbreken door op de START/STOP-knop te drukken. Om de training voort te zetten drukt u opnieuw op de START/STOP-knop. Als u de training helemaal wilt beëindigen, dan drukt u in plaats daarvan op de RESET-knop. U gaat dan terug naar de pro- grammaselectie. C Gebruikersprogramma (USER) In het gebruikersprogramma kunt u een profi l-programma individueel afhankelijk van uw behoeften opstellen. De belastingtrappen en -reeksen kunnen hierbij vrij door u worden geselecteerd. Het programma wordt na invoer op- geslagen en staat bij de volgende training weer tot uw beschikking.

1. Selecteer het gebruikersprogramma (USER) met behulp

van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen en bevestig dit met de MODUS-knop. OPMERKING Zodra een van de vooraf ingestelde parameters is terug- geteld tot nul, hoort u een akoestisch signaal en stopt het trainingsprogramma automatisch. Als u meer para- meters vooraf hebt ingesteld, kunt u het programma voortzetten door de START/STOP-knop in te drukken. OPMERKING Zodra een van de vooraf ingestelde parameters is terug- geteld tot nul, hoort u een akoestisch signaal en stopt het trainingsprogramma automatisch. Als u meer para- meters vooraf hebt ingesteld, kunt u het programma voortzetten door de START/STOP-knop in te drukken. REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-112REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-112 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-113 NEDERLANDS Bediening

U kunt nu uw eigen prof I-programma opstellen met be- hulp van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen (zwaarte van de belastingtrap) en de MODUS-knop (kolom selecteren/be- vestigen).

3. Houd voor de opslag van het profi el de MODUS-knop ca.

3 seconden ingedrukt.

4. Als u een of meerdere trainingsparameters wilt opgeven,

dan selecteert u met de MODUS-knop de gewenste pa - ra meter(s) en stelt u de waarde in met de OMHOOG/ OMLAAG-knoppen.

5. Druk ten slotte op de START/STOP-knop om de training te

beginnen. Dit is ook mogelijk, als u tevoren geen trai- ningsparameter hebt geselecteerd. Tijdens de training kunt u de belastingtrappen (WDST) met behulp van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen verhogen of ver- lagen. U kunt de training op elk moment onderbreken door op de START/STOP-knop te drukken. Om de training voort te zetten drukt u opnieuw op de START/STOP-knop. Als u de training helemaal wilt beëindigen, dan drukt u in plaats daarvan op de RESET-knop. U gaat dan terug naar de pro- grammaselectie. D Polsslagprogramma (HRC – 55%/75%/90%/TAG) Bij de polsslagprogramma’s wordt de belastingtrap van de computer opgegeven en afhankelijk van de actuele pols- slag en ingestelde hartfrequentie resp. programma auto- matisch aangepast. De belastingtrappen zullen dus tijdens de training afhankelijk van uw polsslag toe- of af nemen. 55% doelpolsslag = 55% van (220 –leeftijd) 75% doelpolsslag = 75% van (220–leeftijd) 90% doelpolsslag = 90% van (220–leeftijd) TAG = doelpolsslagprogramma (door u opgegeven doelpolsslag)

1. Selecteer het polsslagprogramma „HRC” met behulp van

de OMHOOG/OMLAAG-knoppen en bevestig dit met de MODUS-knop.

2. Stel nu een van de subprogramma’s (55%/75%/90%/TAG)

in door op de OMHOOG/OMLAAG-knoppen te drukken en te bevestigen met de MODUS-knop.

3. Als u een of meerdere trainingsparameters wilt opgeven,

dan selecteert u met de MODUS-knop de gewenste pa - ra meter(s) en stelt u de waarde in met de OMHOOG/ OMLAAG-knoppen.

4. Druk ten slotte op de START/STOP-knop om de training te

beginnen. Dit is ook mogelijk, als u tevoren geen trai- ningsparameter hebt geselecteerd. U kunt de training op elk moment onderbreken door op de START/STOP-knop te drukken. Om de training voort te zetten drukt u opnieuw op de START/STOP-knop. Als u de training helemaal wilt beëindigen, dan drukt u in plaats daarvan op de RESET-knop. U gaat dan terug naar de programmaselectie. OPMERKING Zodra een van de vooraf ingestelde parameters is terug- geteld tot nul, hoort u een akoestisch signaal en stopt het trainingsprogramma automatisch. Als u meer para- meters vooraf hebt ingesteld, kunt u het programma voortzetten door de START/STOP-knop in te drukken. OPMERKING Zodra een van de vooraf ingestelde parameters is terug- geteld tot nul, hoort u een akoestisch signaal en stopt het trainingsprogramma automatisch. Als u meer para- meters vooraf hebt ingesteld, kunt u het programma voortzetten door de START/STOP-knop in te drukken. OPMERKING Als alternatief voor de handsensoren kunt u de meege- leverde borstgordel gebruiken. Let erop dat deze vlakbij het hart en in contact met de huid wordt geplaatst. Let erop dat u altijd met de voor u geschikte doelpolss- lag traint. Lees de aanwijzingen en hoofdstuk Trainings- parameters AT TENTIE REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-113REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-113 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-114 Bediening E Watt-programma (WATT) In dit programma selecteert de computer automatisch de belastingweerstand afhankelijk van de snelheid en de ge- selecteerde Watt-waarde.

1. Selecteer het Watt-programma (WATT) met behulp van de

OMHOOG/OMLAAG-knoppen en bevestig dit met de MO- DUS-knop.

2. Stel nu een van de gewenste Watt-waarden in door op de

OMHOOG/OMLAAG-knoppen te drukken en te bevestigen met de MODUS-knop.

3. Als u een of meerdere trainingsparameters wilt opgeven,

dan selecteert u met de MODUS-knop de gewenste pa - ra meter(s) en stelt u de waarde in met de OMHOOG/ OMLAAG-knoppen.

4. Druk ten slotte op de START/STOP-knop om de training te

beginnen. Dit is ook mogelijk, als u tevoren geen trai- ningsparameter hebt geselecteerd. Tijdens de training kunt u de Watt-waarde (WATT) met be- hulp van de OMHOOG/OMLAAG-knoppen verhogen of verla- gen. U kunt de training op elk moment onderbreken door op de START/STOP-knop te drukken. Om de training voort te zetten drukt u opnieuw op de START/STOP-knop. Als u de training helemaal wilt beëindigen, dan drukt u in plaats daarvan op de RESET-knop. U gaat dan terug naar de pro- grammaselectie. F Lichaamsvetanalyse (LICHAAMSVET) Verzeker u ervan dat de lichaamsvetanalyse in uw persoon- lijke gebruikersprof I (U1-U9) is uitgevoerd. U kunt evt. de prof I wisselen door de RESET-knop (ca. 4 sec.) ingedrukt te houden. Start de meting door op de LICHAAMSVET-knop te drukken. Leg uw handen voor de meting helemaal rond de sensoren en houd deze positie ca. 15 seconden vast. Let op de volgende aanwijzingen om een zo correct mogelijk resul- taat te verkrijgen:

  • Geen bewegingen tijdens de meting!
  • Let erop dat er voldoende contact is tussen vingers en elektroden.
  • De armen moeten doorgestrekt zijn (rechte ellebogen).
  • Houd de armen niet te hoog of te laag voor het lichaam. OPMERKING De computer laat zien wanneer u te snel of te langzaam trapt. Er klinkt bovendien een akoestisch signaal.

= sneller trappen OPMERKING Zodra een van de vooraf ingestelde parameters is terug- geteld tot nul, hoort u een akoestisch signaal en stopt het trainingsprogramma automatisch. Als u meer para- meters vooraf hebt ingesteld, kunt u het programma voortzetten door de START/STOP-knop in te drukken. OPMERKING Als u uw polsfrequentie tijdens de training wilt weerge- ven, hoeft u niet op de punten en aanwijzingen in de lijst te letten. Hiervoor is het voldoende, als u uw hand- palmen gewoon op de sensoren legt. Let erop dat de lichaamsvetanalyse niet voor iedereen geschikt is. De analyse is niet geschikt voor kinderen jonger dan 7 jaar, mensen met een hartaandoening, zwangere vrouwen of mensen die onder behandeling zijn van een cardioloog. Bij de volgende personen kan de computer verkeerde waarden aangeven.

  • Ouderen boven de 70 jaar
  • Mensen die last hebben van oedeem
  • Bodybuilders, profatleten, intensieve sportbeoefenaars
  • Personen met een hartfrequentie in rust van 60 of lager Raadpleeg uw arts voor de lichaamsvetmeting, omdat deze u de analyse door een individueel advies kan aan- of afraden. ATTENTIE REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-114REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-114 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-115 NEDERLANDS Bediening Na ca. 15 seconden wordt het meetresultaat weergegeven. U kunt gegevens over uw aandeel lichaamsvet (%) en de BMI-waarde afl ezen. De volgende tabellen geven u een aanwijzing hoe de vastge- stelde waarden moeten worden gelezen. Bedenk hierbij dat de gemeten waarden slechts als aanwijzing dienen om u bij de keuze van een zo nuttig mogelijke trainingsmethode te helpen en uw huidige lichamelijke toestand te bepalen. De meetwaarden moeten uitsluitend voor de training worden gebruikt en dienen geen medisch doel. Aandeel lichaamsvet Deze waarde geeft aan in hoeverre uw totale lichaamsge- wicht uit vetweefsel bestaat (aandeel lichaamsvet in %). BMI (Body Mass Index) De BMI is het lichaamsgewicht per lichaamsoppervlakte dat uit het kwadraat van de lichaamsgrootte wordt berekend. De BMI is slechts een grove richtwaarde, omdat geen rekening wordt gehouden met het postuur of geslacht noch met de individuele samenstelling van de lichaamsmassa van de mens uit vet- en spierweefsel. U kunt het programma verlaten door opnieuw de LICHAAMS- VET-knop in te drukken. Symbool – + [Driehoek naar boven] [Ruit] Beoordeling ondergewicht sportief/slank normaal tot hoog vetaandeel Lichaamsvet Man < 13% 13–26% 26–30% > 30% (FAT %) Vrouw < 23% 23–36 % 36–40% > 40% BMI Man & Vrouw < 19 20–25 25–27 > 27 G Fitness-Test (TEST) De meting van het hartrecuperatieniveau dient als indicator van uw lichamelijke en sportieve conditie. Hoe sneller uw hartfrequentie na de training weer naar de normale polsslag terugkeert (hartrecuperatieniveau), des te „fi tter” bent u. Druk direct na de voltooide training op de TEST-knop om de fi tnesstest te starten. Leg daarna de handen meteen weer op de handpolsslagsen- soren. Na 60 seconden toont de computer het resultaat van het gemeten hartrecuperatieniveau in de vorm van cijfers: F 1.0 = zeer goed tot F 6.0 = onvoldoende Het is raadzaam uw hartrecuperatieniveau door constante training tot de waarde F 1.0 te verbeteren. Om naar de pro- grammaselectie terug te keren, drukt u opnieuw op de TEST- knop. OPMERKING De fi tnesstest kan alleen worden uitgevoerd, als u tij- dens de training de handpolsslagsensoren gebruikt. Hartslagbewaking kunnen onnauwkeurig zijn. Meer dan oefening kan leiden tot ernstig letsel of de dood. Als u zich zwak voelt onmiddellijk stoppen met trainen. Risico voor de gezondheid ! WAARSCHUWING REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-115REX_Trainer_BX400E_12.indd NL-115 20.06.12 10:3220.06.12 10:32NL-116 Verzorging/onderhoud · Technische gegevens · Afvalverwijdering Verzorging/onderhoud Wij adviseren ca alle 2 tot 4 weken of afhankelijk van het gebruik, alle onderdelen, waarbij gevaar op losraken bestaat (schroeven, moeren en dergelijke) regelmatig te controle- ren. Gebruik voor schoonmaken of verzorgen een zachte, evt. iets vochtige doek. Gebruik in geen geval agressieve reinigingsmiddelen. Vloeistoffen moeten uit de buurt gehouden worden van de computer of de binnenkant van het apparaat, omdat deze onder bepaalde omstandigheden tot aanzienlijke functiestoringen kunnen leiden. In het onderste gedeelte van het trainingsapparaat kan zich door de riem rubber gaan afzetten. Dit is heel normaal. Technische gegevens Afmetingen: ca. 108 cm (L) x 56 cm (B)x139 cm (H) Gewicht: ca. 33 kg Klasse-indeling: HA max. gewichtsbelasting: 130 kg Vliegwie: 9 kg Trapweerstand: 16-voudig computergestuurd Bremssystem: Magnetbremssystem, verstelbar Afvalverwijdering Fitnessapparaat verwijderen Het fi tnessapparaat mag aan het einde van de levensduur niet met het normale huis- houdelijke afval worden verwijderd. Het moet op een inzamelpunt voor het recyclen van elektrische en elektronische apparaten worden afgegeven. Recycling van verpakkingsmateriaal Het verpakkingsmateriaal is gedeeltelijk op- nieuw te gebruiken. Verwijder de verpakking milieuvriendelijk zodat deze kan worden her- gebruikt. Verwijder via een openbaar in- zamel punt Vraag bij de gemeente van welke inzamelpunten u gebruik kunt maken.

1. Garantieclaims kunt u alleen binnen een periode van

max. 2 jaar, te rekenen vanaf de aankoopdatum, in- dienen. Onze garantie is beperkt tot het verhelpen van materiële en fabricagefouten resp. vervanging van het apparaat. Het nakomen gebeurt, als wij daarvoor kiezen, door reparatie van het apparaat. De garantie is voor u gratis. Het onderzoek naar de storing en de oorzaken ervan gebeurt altijd door onze klantenservice en omvat:

  • levering van reserveonderdelen voor de reparatie in het kader van de garantie
  • reparatie of vervanging van het defecte onderdeel (Vervangen onderdelen gaan over in ons eigendom.)

Bij gerechtvaardigde garantieclaims zijn de verzendkosten en de kos ten van demontage en montage voor onze reke- ning. De garantieaanspraak moet worden aangetoond door overlegging van de kassabon.

3. De koper is verplicht het gekochte apparaat voor geen

enkel ander doel te gebruiken dan aangegeven in de be- dieningshandleiding.

4. Als het apparaat door derden of door montage van vreem-

de onderdelen is gewijzigd resp. opgetreden gebreken in de oorspronkelijke samenhang door de wijziging zijn ont- staan, komt de garantie te vervallen. Verder komt de ga- rantie te vervallen, als de voorschriften voor de behande- ling van het apparaat niet zijn opgevolgd.

5. Niet inbegrepen in de garantie zijn:

  • verbruiksmaterialen die, los van reparatiewerkzaamhe- den, de oorzaak zijn van bekende storingen.
  • alle onderhoudswerkzaamheden of andere werkzaamhe- den, die ontstaan door slijtage of ongeval danwel door bedrijfsvoorwaarden, zoals gebruik waarbij de bepalin- gen van de fabrikant niet worden opgevolgd.
  • alle voorvallen, zoals geluidsontwikkeling, trillingen, slijtage enz. die de eigenschappen van het apparaat niet beïnvloeden.
  • schade die terug te voeren is tot: – de montage van onderdelen door onbekenden of de bemoeienissen van de gebruiker zelf om de schade te verhelpen. – het niet gebruiken van originele reserveonderdelen. – schade die door gebrekkig onderhoud, ongeschikte schoonmaakmiddelen enz. zijn ontstaan.

onderdelen die onderhevig zijn aan slijtage of verbruik (met uitzondering van eenduidig materiaal resp. fabrica- gefouten) zoals bijv.: – lagers – verlichting – stickers – riem – batterijen enz. Kosten voor onderhouds-, controle- en reinigingswerk- zaamheden.

6. De aanspraak op garantie geeft de klant het recht alleen

het verhelpen van defecten te vragen. Aanspraken op teruggave of vermindering van de koopprijs gelden pas na mislukken van de verbetering.

7. De controle en beslissing van een garantieaanspraak

berust bij de fabrikant.

8. Vergoeding van een directe of indirecte schade valt niet

9. Garantieaanvragen worden alleen in behandeling geno-

men, als zij onmiddellijk na vaststelling van het defect bij de SI-Zweirad-Service GmbH worden verholpen.

10. Door een uitgevoerde garantieservice wordt de garantie-

periode niet verkort of verlengd. Het indienen van garantieaanvragen na afl oop van de garantieperiode is uitgesloten.

11. Andere dan de hierboven vermelde overeenkomsten zijn

alleen geldig als zij schriftelijk bevestigd zijn door de fabrikant.

12. Als het apparaat bij de levering beschadigd is geraakt,

dient u alle schade op de leveringsbon te vermelden. Laat de schademelding door de leverancier (markt, expe- diteur) ondertekenen en stel u onmiddellijk met ons in verbinding.

13. Als er met het door u aangekochte apparaat een

tech- nisch probleem is, staan onze medewerkers van de klan- tenservice tot uw beschikking:

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : REX

Model : BX400 E

Categorie : Hometrainer