CC B1 - Forn BORA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CC B1 BORA in PDF-formaat.
| Soort product | Keramische kookplaat met grillzone |
| Merk | BORA |
| Model | CC B1 |
| Afmetingen (H x B x D) | 40 x 340 x 515 mm |
| Grillzone | 18,5 x 30,5 cm, 1,4 kW |
| Totaal vermogen | 1,4 kW |
| Voeding | 220-240 V~, 50-60 Hz |
| Bedieningstype | Touch-control |
| Hoofdfuncties | Automatische uitschakeling, timer, automatisch voorverwarmen, warmhouden, STOP-functie, kinderslot |
| Restwarmte-indicator | Ja (symbool H) |
| Gebruiksduurbeperking | Ja, afhankelijk van kookstand (van 90 tot 720 min) |
| Reiniging | Vochtige doek en afwasmiddel; speciale schraper voor hardnekkig vuil |
| Veiligheid | Kinderslot, vergrendeling, automatische uitschakeling, oververhittingsdetectie |
| Installatie | Inbouw, opbouw of inbouw met afdichtingskit |
| Service | Contact opnemen met erkende professional voor reparatie |
Veelgestelde vragen - CC B1 BORA
Gebruikersvragen over CC B1 BORA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Forn in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CC B1 - BORA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CC B1 van het merk BORA.
GEBRUIKSAANWIJZING CC B1 BORA
Gebruiks- en montage-instructies
Keramische kookplaat CC 21, CC B1

Verwijderen van de verpakking
Verwijder de transportverpakking op een zo milieubewust mogelijke manier. De recyclage van het verpakkingsmateriaal bespaart grondstoffen en vermindert de afvalberg.
Verwijderen van oude apparaten

Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld. Het moet naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur worden gerecycled.
Door dit product correct te verwijderen, draagt u bij tot de bescherming van het milieu en de
volksgezondheid. Het milieu en de volksgezondheid worden in gevaar gebracht door het product verkeerd te verwijderen. Voor meer details in verband met het recyclen van dit product, neemt u het best contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht.
De kookplaat mag alleen voor de bereiding van levensmiddelen in het huishouden worden gebruikt. Ze mag niet voor een ander doel en alleen onder toezicht worden gebruikt.
De kookplaat moet correct worden ingebouwd en aangesloten! Het apparaat mag niet met een externe schakelklok of een extern afstandsbesturingssysteem worden gebruikt.
Hier vindt u...
Lees eerst zorgvuldig de informatie in dit boekje door vooraleer u uw kookplaat in gebruik neemt. Hier vindt u belangrijke richtlijnen voor uw veiligheid, het gebruik, het schoonmaken en het onderhoud van het apparaat, zodat u er lang plezier aan beleeft.
Als er een storing optreedt, kijk dan eerst na in het hoofdstuk „Wat te doen bij problemen?". Kleinere storingen kunt u vaak zelf verhelpen en u vermijdt op die manier onnodige servicekosten.
Bewaar deze handleiding zorgvuldig. Geef deze gebruiks- en montagehandleiding ter informatie en veiligheid aan een nieuwe eigenaar door.
Inhoud
Veiligheidsinstructies 45
Voor aansluiting en werking 45
Voor de kookplaat in het algemeen 45
Voor de grillplaat (model CC B1) 45
Voor personen 45
Beschrijving van het apparaat 46
Bediening door sensoren 46
Bediening 47
Gebruiksduurbeperking 47
Andere functies 47
Tips om energie te besparen 47
Kookstanden 47
Grillen op de grillplaat 47
Bediening van de toetsen 48
Kookplaat en kookzone inschakelen 48
Kookzone uitschakelen 48
Kookplaat uitschakelen 48
STOP-functie (alleen model CC B1) 48
Inschakelen van de tweede ring (alleen model CC 21) 49
Kinderbeveiliging / vergrendeling 49
Automatische uitschakeling (timer) 50
Kookwekker (eierwekker) 50
Automatisch aankoken 51
Warmhoudfunctie 51
Reiniging en onderhoud 52
Keramische kookplaat 52
Gebruik van een reinigingsschraper 52
Wat te doen bij problemen? 53
Montagehandleiding 54
Veiligheidsinstructies voor de keukenmeubelmonteur 54
Montage. 54
Uitsparing in het werkblad uitzagen 54
Oplegmontage 55
Randloze montage van de kookplaten 55
Montage met plaatstrip 56
Inkleven van de kookplaten 56
Elektrische aansluiting 57
Inbedrijfstelling. 57
Veiligheidsinstructies
Voor aansluiting en werking
- De apparaten worden volgens de geldende veiligheidsvoorschriften gebouwd.
- Aansluiting op het net, onderhoud en reparatie van het apparaat moeten alleen door een erkend vakman volgens de geldende veiligheidsvoorschriften worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde werkzaamheden vormen een risico voor uw veiligheid.
Voor de kookplaat in het algemeen
- Plaats geen lege potten en pannen op de ingeschakelde kookzones. Vermijd het leegkoken van pannen, waarbij het gevaar bestaat dat de pannen oververhit raken!
- Wees voorzichtig bij het gebruik van bain-marie pannen. Bain-marie pannen kunnen ongemerkt leegkoken! Dat veroorzaakt beschadigingen aan de pan en aan de kookplaat. De fabrikant kan hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld! Oververhitte vetstoffen en olie kunnen spontaan ontbranden. Bij het bereiden van gerechten met vet en olie steeds in de buurt blijven. Brandend vet of olie nooit met water blussen! Een deksel op de pan leggen, kookzone uitschakelen.
- De keramische staat is zeer resistent. Zorg er niettemin voor dat er geen harde voorwerpen op de keramische staat vallen. Puntvormige slagbelastingen kunnen de kookplaat doen breken.
- Bij breuken, barsten, scheuren of andere beschadigingen aan de keramische kookplaat bestaat gevaar voor elektrische schokken. Het apparaat onmiddellijk buiten gebruik nemen. Onmiddellijk de zekering in de woning uitschakelen en contact opnemen met de klantenservice.
- Voorzichtig bij het werken met huishoudelijke apparatuur! Netsnoeren mogen niet met de hete kookzones in contact komen.
- De keramische kookplaat mag niet worden gebruikt om er voorwerpen op neer te leggen!
- Geen aluminiumfolie of kunststof op de kookzones leggen. Alles wat kan smelten uit de buurt van de hete kookzone houden, bijv. kunststof, folie, in het bijzonder suiker en gerechten met een hoog suikergehalte. Suiker onmiddellijk met een speciale glasschraper volledig van de keramische kookplaat verwijderen zolang deze nog warm is, om beschadigingen te vermijden.
- Geen brandgevaarlijke, licht ontvlambare of vervormbare voorwerpen direct onder de kookplaat leggen.
- Nooit gesloten conservenblikken en compoundverpakkingen op kookzones verwarmen. Door de energietoevoer kunnen deze uiteenspatten!
- De sensoren schoonhouden, omdat verontreinigingen door het apparaat als vingercontact kunnen worden herkend. Nooit voorwerpen (pannen, vaatdoeken, enz.) op de sensoren plaatsen!
- Als pannen tot over de sensoren overkoken, is het aanbevolen op de UIT-toets te drukken.
- Hete potten en pannen mogen de sensoren niet afdekken. In dat geval wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld.
- Herhaaldelijk vastbranden van verontreinigingen vermijden.
Voor de grillplaat (model CC B1)
- Bij het grillen moet u zeer voorzichtig zijn. Door de hitte van het verwarmingselement zijn de kookplaat en de levensmiddelen heet. Daarom keukenhandschoenen en een grilltang gebruiken!
- Als u in de levensmiddelen, bijv. worstjes, prikt, kan er heet vet uit spuiten. Om verbrandingen van de huid en vooral van de ogen te vermijden, moet u een grilltang gebruiken.
- De bereiding steeds in het oog houden.
- Kleine kinderen steeds uit de buurt houden.
- Gebruik voor het onderhoud van de grillplaat in geen geval onderhoudsproducten die siliconen bevatten! Volg de richtlijnen voor reiniging en onderhoud.
- We maken erop attent dat krassen die ontstaan door ondeskundige reiniging of door met messen op de grillplaat/kookplaat te snijden geen negatieve invloed op de werking van het apparaat hebben. Ze doen alleen afbreuk aan het uitzicht.
Voor personen
- Dit apparaat is niet bedoeld om te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke mogelijkheden of met gebrek aan ervaring en/of kennis, tenzij een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon erop toezicht houdt of hen aanwijzingen heeft gegeven hoe het apparaat moet worden gebruikt. Kinderen moeten onder toezicht worden gehouden om te verhinderen dat ze met het apparaat spelen.
- Let op:
De oppervlakken van verwarmings- en kookzones worden bij het werken heet. Daarom moeten kleine kinderen principeel uit de buurt worden gehouden.



Het decor kan van de afbeeldingen afwijken.
- Kookzone achter (kookzone met dubbele ring)
- Kookzone voor
- Keramische kookplaat
- Touch-Control-bedieningsveld
- Grillplaat
- Grillzone
- Bediening achterste kookzone (symbool)
- Bediening voorste kookzone (symbool)
- Aan/Uit-toets
- Inschakeltoets extra ring (kookzone met dubbele ring)
- Controlelampje twee ringen
- Plus-toets en min-toets
- Kookstandweergave en timerweergave
- Controlelampje (knippert bij de timerweergave; brandt bij de kookstandweergave)
- Automatische uitschakeltoets (timer)
- Controlelampje kinderbeveiliging
- STOP-toets
- Controlelampje kinderbeveiliging
Bediening door sensoren
De bediening van de keramische kookplaat gebeurt door touch-control-sensoren. De sensoren functioneren als volgt: met de vingertop een symbool op het keramische oppervlak even aanraken. Elke correcte bediening wordt door een signaaltoon bevestigd. In de rest van de tekst wordt voor de touch-control-sensoren het woord 'toets' gebruikt.
Aan/Uit-toets (9)
Met deze toets wordt de volledige kookplaat in- en uitgeschakeld. De toets is bij wijze van spreken de hoofdschakelaar.
Min-toets + Plus-toets (12)
Met deze toetsen worden de kookstanden, de automatische uitschakeling en de kookwekker ingesteld. Met de min-toets wordt de aangetoonde waarde verlaagd, met de plus-toets verhoogd. De aangetoonde waarde kan worden gewist door beide toetsen tegelijk aan te raken.
Kookstandweergave B. (13)
De kookstandweergave toont de gekozen kookstand, of:
H.......restwarmte
A.....automatisch aankoken
STOP ...stop-functie
warmhoudfunctie foutmelding
Inschakeltoets extra ring (10) (alleen model CC 21)
Voor het inschakelen van extra verwarmingsringen.
Automatische uitschakeltoets (15)
Om de automatische uitschakeling of de kookwekker te programmeren.
STOP-toets (17) (alleen model CC B1)
Het koken/grillen kan met de STOP-toets even worden onderbroken.
Gebruiksduurbeperking
De kookplaat bezit een automatische gebruiksduurbeperking. De ononderbroken gebruiksduur voor elke kookzone is afhankelijk van de gekozen kookstand (zie tabel).
De voorwaarde is dat tijdens de gebruiksduur de instellingen van de kookzone niet worden veranderd. Als de gebruiksduurbeperking gereageerd heeft, worden de kookzones uitgeschakeld; er is een kort signaal te horen en in de aanwijzing verschijnt een H.
| Ingestelde kookstand | Gebruiksduurbeperking (minuten) |
| U | 720 |
| 1 | 520 |
| 2 | 402 |
| 3 | 318 |
| 4 | 260 |
| 5 | 212 |
| 6 | 170 |
| 7 | 139 |
| 8 | 113 |
| 9 | 90 |
Andere functies
Als een of meer sensoren langer of tegelijk worden bediend (bijv. door een per ongeluk op de sensoren geplaatste pan) worden er geen schakelingen uitgevoerd.
Het symbool knippert en er is gedurende een zekere tijd een signaal te horen. Na een paar seconden wordt het uitgeschakeld.
A.u.b. het voorwerp van de sensoren verwijderen.
Om het symbool te wissen, op dezelfde toets drukken en de kookplaat uit- en inschakelen.
Tips om energie te besparen
Hier vindt u enkele belangrijke aanwijzingen om zuinig en efficiënt met uw nieuwe kookplaat en het kookservies om te gaan.
- De panbodem diameter moet even groot zijn als de kookzonediameter. Bij de aankoop van pannen dient u er rekening mee te houden dat vaak de bovenste pandiameter wordt vermeld. Die is meestal groter dan de panbodem.
- Snelkookpannen zijn door de gesloten kookruimte en de overdruk bijzonder tijdbesparend en zuinig. Door de korte bereidingsduur blijven vitamines bewaard.
- Let erop dat er altijd voldoende vloeistof in de snelkookpan is, want bij een leeggekookte pan kunnen de kookzone en de pan door oververhitting worden beschadigd.
- Kookpannen indien mogelijk als tijd met een passend deksel sluiten.
- Voor elke te bereiden hoeveelheid de passende pan gebruiken. Een grote, nauwelijks gevulde pan verbruikt veel energie.
Restwarmteweergave
De keramische kookplaat is met een restwarmteweergave uitgerust.
Zolang de H na het uitschakelen brandt, kan de restwarmte worden gebruikt om te smelten en om gerechten warm te houden. Na het uitdoven van de letter H kan de kookzone nog heet zijn. Er bestaat gevaar voor verbranding!

Kookstanden
Het verwarmingsvermogen van de kookzones kan in meerdere standen worden ingesteld. In de tabel vindt u toepassingsvoorbeelden voor de verschillende standen.
| Kookstand Toe | Passing |
| 0 | UIT-stand, benutting van de restwarmte |
| U | Warmhoudfunctie |
| 1-2 | Verder koken vankleine hoeveelheden (laagste vermogen) |
| 3 | Doorkoken |
| 4-5 | Gaar koken vangrote hoeveelheden, gaar braden vangrote stukken |
| 6 | Braden, bechamelsaus make |
| 7-8 | Braden |
| 9 | Aan de kook brengen, aanbraden, braden (hoogste vermogen) |
Bij kookpannen zonder deksel moet eventueel een hogere kookstand worden gekozen.
| Grillstand Toe passing | |
| 0 | UIT-stand |
| U | Warmhoudfunctie |
| 1 - 4 | Warm houden |
| 5 - 7 | Zwak grillen |
| 8 - 9 | Krachtig grillen |
Grillen op de grillplaat
De keramische kookplaat is geschikt om direct op de hete kookzone te grillen. De te grillen gerechten, zoals steaks of worstjes, worden op de hete kookzone gelegd.
Voordat u de eerste keer levensmiddelen bereidt, de grillplaat met een vochtige doek en wat afwasmiddel schoonmaken. Vervolgens met een pluisvrije doek droogwrijven.
- Gebruik geen olijfolie om te grillen. Ingebrande olijfolieresten zijn zeer moeilijk weer te verwijderen.
- De grill onmiddellijk voor het grillen ca. 5 minuten op stand 9 voorverwarmen. Leg de te grillen levensmiddelen direct op de keramiek. Gebruik geen aluminiumfolie of dergelijke.
- Het vlees op stand 9 aan weerszijden grillen tot het van de grillplaat loskomt. Zo blijft de jus in het vlees. Dan eventueel verlagen (bijv. op stand 6) en gaar grillen. Dikke stukken vlees en worst af en toe omdraaien.
- De grillplaat niet met olie invetten. Mager vlees kan met olie worden bestreken. Bij het grillen van zeer vette levensmiddelen het uitlopend vet tijdens het grillen voorzichtig met keukenpapier afdeppen. Bij ingelegd vlees het overtollig vet en grove kruiden (zoals uien, bladeren of tijm) verwijderen. Denk eraan dat grote hoeveelheden levensmiddelen langer nodig hebben om gaar te worden dan kleine. Daarom is het aanbevolen meermaals na elkaar kleinere hoeveelheden te grillen.
- Na elke grillbeurt de grillresten met de reinigingsschraper verwijderen.
Bediening van de toetsen
De hier beschreven besturing verwacht na het bedienen van een (keuze-)toets daarna de bediening van een volgende toets.
De volgende toets moet principieel binnen 10 seconden worden bediend, anders worden de keuze geannuleerd.
De plus-/min-toetsen kunnen apart worden aangeraakt of ingedrukt gehouden worden.
- ① → ②
- 1
- 4a. + → 4b. 1 + → C 4c. ① 5.
Kookplaat en kookzone inschakelen
- Zolang op de Aan/Uit-toets drukken tot de kookstandweergaven 0 aantonen. U hoort een kort signaal. De besturing is klaar voor gebruik.
- Meteen daarna met de plus-toets + min-toets een kookstand kiezen. Door de plus-toets wordt de kookstand 1 ingeschakeld, door de min-toets de kookstand 9.
- De kookzone kan worden gebruikt.
Om tegelijk op de andere kookzones te koken de punten 2 en 3 herhalen.
Kookzone uitschakelen
- a) Meermaals op de min-toets drukken tot de kookstandweergave 0 aantoont, of
- b) een keer tegelijk op de min-toets en de plus-toets drukken. De kookzones worden vanop elke kookstand direct uitgeschakeld, of
- c) op de Aan/Uit-toets drukken. De volledige kookplaat wordt uitgeschakeld (alle kookzones worden uitgeschakeld).
Kookplaat uitschakelen
- Op de Aan/Uit-toets drukken. De kookplaat wordt onafhankelijk van de instelling volledig uitgeschakeld.
STOP-functie (alleen model CC B1)
Het koken/grillen kan tijdelijk met de STOP-toets worden onderbroken, bijv. als er aan de deur wordt gebeld. Om het koken met dezelfde kookstand voort te zetten, moet de STOP-functie worden beëindigd. Een ev. ingestelde timer wordt gestopt en loopt daarna verder.
Om veiligheidsredenen is deze functie slechts 10 minuten beschikbaar. Daarna wordt de kookplaat uitgeschakeld.
- Het kookgerei staat op de kookzones c.q. er wordt gegrild en de gewenste kookstand is ingesteld.
- Op de STOP-toets drukken. In plaats van de gekozen kookstand verschijnen na elkaar de letters S-T-O-P.
- De onderbreking wordt beëindigd door eerst op de STOP-toets en daarna op een willekeurige andere toets (behalve de Aan/Uit-toets) te drukken. De tweede toets moet binnen 10 seconden worden bediend, anders wordt de kookplaat uitgeschakeld.
2.


A
Kookzone met dubbele ring
3.

1.

2.

Model CC 21

Model CC B1

3.

4.

Inschakelen van de tweede ring (alleen model CC 21)
(Alleen achterste kookzone)
De tweede ring van de gewenste kookzone kan slechts worden ingeschakeld na het inschakelen van de overeenkomstige kookzone.
- Gewenste kookstand van 1-9 kiezen.
- De tweede verwarmingsring inschakelen door op de inschakeltoets extra ring te drukken. Het controlelampje twee ringen brandt.
- Door opnieuw op de inschakeltoets extra ring te drukken, worden de buitenste verwarmingsring uitgeschakeld. Het controlelampje twee ringen gaat uit.
Opmerking
- De handmatig ingeschakelde verwarmingsringen worden automatisch gedeactiveerd als de kookzone wordt uitgeschakeld.
Kinderbeveiliging / vergrendeling
Door de kinderbeveiliging/vergrendeling kunnen het bedienen van de toetsen en het instellen van een kookstand worden geblokkeerd. Alleen de Aan/Uittoets kan nog altijd worden bediend om de kookplaat uit te schakelen.
Kinderbeveiliging inschakelen:
- Op de Aan/Uit-toets drukken om de kookplaat in te schakelen.
- Meteen daarna tegelijk op de automatische uitschakeltoets en de min-toets drukken om de functie te activeren.
Model CC 21:
De controlelampjes boven de automatische uitschakeltoetsen branden. Model CC B1:
Het controlelampje boven de Stop-toets brandt.
De bediening is geblokkeerd.
Kinderbeveiliging uitschakelen:
- Op de Aan/Uit-toets drukken.
- Meteen daarna tegelijk op de automatische uitschakeltoets en de min-toets drukken om de functie uit te schakelen. Het controlelampje gaat uit.
Vergrendeling inschakelen (tijdens het koken):
- Tegelijk op de automatische uitschakeltoets en de min-toets drukken om de functie te activeren.
Model CC 21:
Het controlelampje boven de automatische uitschakeltoets brandt. Model CC B1:
Het controlelampje boven de Stop-toets brandt.
De bediening is geblokkeerd.
Vergrendeling uitschakelen:
- Tegelijk op de automatische uitschakeltoets en de min-toets drukken om de functie uit te schakelen. Het controlelampje gaat uit.
Opmerkingen
- De geactiveerde kinderbeveiliging/vergrendeling blijft ook behouden als de kookplaat uitgeschakeld is. Voordat er weer kan worden gekookt, moet deze eerst gedeactiveerd worden! Bij een stroomstoring wordt de ingeschakelde kinderbeveiliging beëindigd, d.w.z. gedeactiveerd.
Bediening







Automatische uitschakeling (timer)
Door de automatische uitschakeling worden elke ingeschakelde kookzone na een instelbare tijd automatisch uitgeschakeld. Er kunnen kooktijden van 1 tot 99 minuten worden ingesteld.
- De kookplaat inschakelen en een kookstand kiezen.
- Druk op de automatische uitschakeltoets. Het controlelampje boven de timerweergave knippert.
- Geef daarna meteen met de plus-toets of de min-toets de kooktijd in van 1 tot 99 minuten. Met de plus-toets begint de aangetoonde waarde bij 01, met de min-toets bij 30. Door gelijktijdig aanraken van de plus- en min-toets wordt de instelling teruggezet (00).
- Na afloop van de tijd wordt de kookzone uitgeschakeld. Er is een tijd lang een signaal te horen, dat kan worden uitgeschakeld door op een willekeurige toets (behalve de Aan/Uit-toets) te drukken.
Opmerkingen
- Om de tijd te wijzigen de punten 2 en 3 herhalen.
- Het controlelampje knippert bij de timerweergave.
- Het controlelampje brandt bij de kookstandweergave.
Kookwekker (eierwekker)
- De kookplaat inschakelen.
- Druk op de automatische uitschakeltoets. Met de plus-toets of de min-toets de tijd in minuten instellen.
- Na afloop van de tijd is er een tijd lang een signaal te horen, dat kan worden uitgeschakeld door op een willekeurige toets te drukken.
Opmerkingen
- De kookwekker blijft ook dan in werking als de keramische kookplaat uitgeschakeld is. Om de tijd te wijzigen de kookplaat met de Aan/Uit-toets inschakelen.
- De timer kan niet tegelijkertijd met een kookzone worden gebruikt.
Bediening


1.

2

3.


4

| Ingestelde kookstand | Automatisch aankoken Tijd (min:sec) |
| 1 | 0:50 |
| 2 | 1:30 |
| 3 | 2:30 |
| 4 | 3:40 |
| 5 | 5:20 |
| 6 | 9:00 |
| 7 | 2:30 |
| 8 | 4:00 |
| 9 | - - - |
1.

2.

3.

Automatisch aankoken
Bij het automatisch aankoken gebeurt het aan de kook brengen met kookstand 9. Na een bepaalde tijd wordt automatisch naar een lagere doorkookstand (1 tot 8) teruggestart.
Bij het gebruik van het automatisch aankoken moet alleen de doorkookstand worden gekozen waarmee de bereiding verder moet worden gekookt, zodat de elektronica automatisch terugschakelt.
Het automatisch aankoken is geschikt voor gerechten die koud worden opgezet, op hoog vermogen worden verwarmd en op de doorkookstand niet permanent in het oog gehouden moeten worden (bijv. het koken van soepvlees).
- De kookplaat inschakelen.
- Meteen daarna door tegelijk op de plus-toets en de min-toets te drukken het automatisch aankoken activeren. Afwisselend knippert dan A en 9.
- Meteen daarna met de min-toets een lagere kookstand van 1 tot 8 kiezen.
- Het automatisch aankoken verloopt volgens de programmering. Na een bepaalde tijd (zie tabel) wordt het kookproces op de doorkookstand voortgezet.
Opmerkingen
Tijdens het automatisch aankoken kan met de plus-toets de doorkookstand worden verhoogd. Door op de min-toets te drukken, wordt het automatisch aankoken uitgeschakeld. - Behoudt men na activering van het automatisch aankoken de stand 9 en kiest men geen lagere kookstand, dan wordt het automatisch aankoken na 10 sec. automatisch uitgeschakeld en stand 9 blijft behouden.
Warmhoudfunctie U
Met de warmhoudfunctie kunnen gerechten die klaar zijn op een kookzone warm gehouden worden. De kookzone wordt met laag vermogen gebruikt.
- Kookgerei staat op een kookzone en een kookstand (bijv. 3) is gekozen.
- Op de min-toets blijven drukken om de kookstanden te verlagen (...3,2,1, Bij wordt gestopt, de warmhoudfunctie is ingeschakeld.
- Om uit te schakelen, een keer op de min-toets drukken (0).
De warmhoudfunctie staat 120 minuten ter beschikking, daarna wordt de kookplaat uitgeschakeld.

Voor het reinigen de kookplaat uitschakelen en laten afkoelen. - De keramische kookplaat mag in geen geval met een stoomreinigingsapparaat of dergelijke worden schoongemaakt! - Bij het reinigen erop letten dat slechts kort over de Aan/Uittoets wordt geveegd. Op die manier wordt vermeden dat de kookplaat per ongeluk wordt ingeschakeld!
Keramische kookplaat
Belangrijk! Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen zoals grove schuurmiddelen, krassende pannenreinigers, roest- en vlekkenverwijderaars enz.
Reiniging na gebruik
- Maak de hele kookplaat altijd schoon als ze vuil is - het beste telkens na gebruik. Gebruik hiervoor een vochtige doek en wat afwasmiddel. Daarna wrijft u de kookplaat met een schone doek droog, zodat er geen resten van afwasmiddel op het oppervlak achterblijven.
Wekelijks onderhoud
- Reinig en onderhoud de kookplaat een keer in de week grondig met gebruikelijke reinigingsproducten voor vitrokeramiek.
Houdt u zich in elk geval aan de instructies van de fabrikant.
De reinigingsproducten vormen bij het aanbrengen een beschermende film, die water en vuil tegenhoudt. Alle verontreinigingen blijven op de film en kunnen daarna veel gemakkelijker worden verwijderd. Vervolgens met een schone doek droogwrijven. Er mogen geen resten van reinigingsmiddelen op het oppervlak achterblijven, omdat ze bij het opwarmen agressief reageren en het oppervlak veranderen.
Sterke verontreinigingen en vlekken (kalkvlekken, parelmoerachtig glanzende vlekken) kunt u het best verwijderen als de kookplaat nog lauw is. Gebruik hiervoor gebruikelijke reinigingsmiddelen. Ga daarbij te werk zoals onder punt 2 beschreven.
Overgekookte spijzen eerst met een natte doek inweken en vervolgens de vuilresten met een speciale glasscraper voor keramische kookplaten verwijderen. Daarna de kookplaat reinigen zoals onder punt 2 beschreven.

Ingebrande suiker en gesmolten kunststof verwijdert u meteen - zolang ze nog heet zijn - met een glasscraper. Daarna de kookplaat reinigen zoals onder punt 2 beschreven.
Zandkorrels, die eventueel bij het aardappelen schillen of sla schoonmaken op de kookplaten vallen, kunnen bij het verschuiven van pannen krassen veroorzaken. Let er dus op dat er geen zandkorrels op het oppervlak blijven liggen.
Kleurveranderingen van de kookplaat hebben geen invloed op de werking en de stevigheid van de vitrokeramiek. Het gaat hierbij niet om een beschadiging van de kookplaat, maar om niet verwijderde en daardoor ingebrande resten.
Glanzende plekken ontstaan door slijtage van de panbodem, in het bijzonder bij het gebruik van kookservies met een aluminiumbodem of door ongeschikte reinigingsmiddelen. Ze kunnen slechts moeizaam met gebruikelijke reinigingsmiddelen worden verwijderd. Eventueel de reiniging meermaals herhalen. Door het gebruik van agressieve reinigingsmiddelen en door schurende panbodems wordt het decor in de loop van de tijd afgeschuurd en ontstaan er donkere vlekken.
Grillplaat
Eerst worden alle spitsen en vetspatten met een reinigingsschraper van de hete zone van de grillplaat verwijderd. Dat gaat het gemakkelijkst door onmiddellijk na het grillen de verontreinigingen van de nog hete zone op de koude zone te schuiven.
Na het afkoelen van het apparaat zijn deze verontreinigingen dan probleemloos te verwijderen.
Vervolgens wordt de koude grillplaat met afwaswater vetvrij gemaakt, nat afgeveegd en met een schone doek of keukenpapier drooggewreven.
We bevelen aan de grillplaat met een halve citroen of met citroensap af te wrijven. Lichte eiwitverontreinigingen, bijv. van vlees, worden verwijderd en de grillplaat glanst weer.
Als er na het schoonmaken nog hardnekkige verontreinigingen op het oppervlak achterblijven, kan men die met een geschikt schoonmaakmiddel voor kookplaten verwijderen.
Hiervoor wordt wat schoonmaakmiddel met behulp van een stukje keukenpapier over de hele grillplaat gewreven tot er geen verontreinigingen meer te zien zijn. Meteen daarna wordt de hele grillplaat nat afgeveegd en daarna drooggewreven.

Gebruik in geen geval siliconenhoudende reinigingsmiddelen. Die laten een beschermende film op de grillplaat achter, die in het voedsel kan trekken als u de volgende keer grilt. Let in elk geval op de desbetreffende instructies van de fabrikant.
Gebruik van een reinigingsschraper
- Opgelet, gevaar voor snijwonden! Het mes van een reinigingsschraper is zeer scherp.
- Houd de reinigingsschraper altijd plat en schuif de verkostingen weg. Maak geen krassen met de hoek van de schraper.

Ongekwalificeerde ingrepen of reparaties aan het apparaat zijn gevaarlijk, omdat er gevaar voor stroomstoten en kortsluiting bestaat. Om lichamelijke schade en schade aan het apparaat te voorkomen, moeten ze worden vermeden. Daarom mogen dergelijke werkzaamheden alleen door een elektrotechnicus, bijv. van de technische klantenservice, worden uitgevoerd.
Denk eraan
Als er aan uw apparaat storingen optreden, controleer dan eerst aan de hand van deze gebruiksaanwijzing of u de oorzaken zelf kunt verhelpen.
Hierna vindt u tips voor het verhelpen van storingen.
De zekeringen vallen steeds uit?
- Neem contact op met de klantenservice of een elektromonteur!
De kookplaat kan niet worden ingeschakeld?
- Heeft de zekering van de huisinstallatie (zekeringenkast) gereageerd?
- Is de aansluitingskabel aangesloten?
- Alleen model CC 21:
Zijn de sensoren vergrendeld (kinderbeveiliging), d.w.z. de controlelampjes boven de automatische uitschakeltoetsen branden?

- Alleen model CC B1:
Zijn de sensoren vergrendeld (kinderbeveiliging), d.w.z. het controlelampje boven de Stop-toets brandt?

- Zijn de sensoren gedeeltelijk door een vochtige doek, vloeistof of een metalen voorwerp bedekt? A.u.b. verwijderen.
Het symbool knippert en er is gedurende een bepaalde tijd een signaal te horen.
Er is een permanente activering van de touch-control-sensoren door oververhitte levensmiddelen, kookgerei of andere voorwerpen.
Oplossing: het oppervlak schoonmaken of het voorwerp verwijderen.
Om het symbool te wissen, op dezelfde toets drukken of de kookplaat uit- en inschakelen.
De kookplaat c.q. de kookzone is plots uitgeschakeld.
- Hebt u per ongeluk op de Aan/Uit-toets gedrukt?
- Zijn de sensoren gedeeltelijk door een vochtige doek, vloeistof of een metalen voorwerp bedekt? Een signaaltoon klinkt gedurende een beperkte tijd. Na enkele seconden worden ze uitgeschakeld. A.u.b. het voorwerp van de sensoren verwijderen.
- Heeft de veiligheidsuitschakeling gereageerd, d.w.z. een kookstand wordt langer dan een bepaalde tijd ongewijzigd gebruikt? Zie hoofdstuk "Gebruiksduurbeperking".
Kookplaat uitschakelen Niet mogelijk.
Elektronisch onderdeel is defect.
Zekering uitschakelen en service contacteren.
De kookplaat warmt niet op.
- Kookplaat defect. Service contacteren.
- Binnenste ring van een kookzone met meerdere ringen defect. Functionerende buitenste ring in geen geval blijven gebruiken. Onmiddellijk de service contacteren.
De kookplaat maakt geluiden (klikkende of krakende geluiden) of bij het inschakelen van de kookplaat is gezoem te horen?
- Dat heeft een technische oorzaak en heeft geen invloed op de kwaliteit en de werking.
LED voor de kookstanden of voor de restwarmteverklikker H brandt niet of slechts af en toe.
Gevaar voor verbranding. Er wordt niet meer voor hoge temperaturen gewaarschuwd.
De kookplaat heeft barsten of breuken?
- Bij breuken, barsten, scheuren of andere beschadigingen aan de keramische kookplaat bestaat gevaar voor elektrische schokken. Het apparaat onmiddellijk buiten gebruik nemen. Onmiddellijk de zekering in de woning uitschakelen en contact opnemen met de klantenservice.
Veiligheidsinstructies voor de keukenmeubelmonteur
- Het fineer, de lijm of de kunststofbekleding van de aangrenzende meubels moeten temperatuurbestendig zijn (>75°C). Als het fineer en de bekleding onvoldoende temperatuurbestendig zijn, kunnen ze vervormen.
- Bij het ingebouwde apparaat mag geen contact mogelijk zijn met onderdelen die bij het gebruik onder spanning staan.
- Het gebruik van muurstrips van massief hout op het werkblad achter de kookplaat is toegelaten voor zover de minimumafstanden volgens de inbouwtekeningen worden gerespecteerd.
- De minimumafstanden aan de achterkant van de kookplaat en de uitsparingen moeten volgens de inbouwtekening worden gerespecteerd.
- Bij het inbouwen in een hoge kast is een veiligheidsafstand van minstens 50 mm vereist. De zijkant van de hoge kast moet met warmtebestendig materiaal worden bekleed. Om goed te kunnen werken dient de afstand achter ten minste 300 mm te bedragen.
- Het verpakkingsmateriaal (plastic folie, piepschuim, nagels, enz.) moet uit de buurt van kinderen worden gehouden, omdat deze delen eventuele risicobronnen vormen. Kleine onderdelen kunnen worden ingeslikt en bij folie bestaat verstikkingsgevaar.
Montage
Belangrijke opmerkingen
- Indien de kookplaat boven meubelgedeelten (zijwanden, laden e.d.) ligt, moet een tussenbodem met een minimale afstand van 20 mm t.o.v. de onderkant van de kookplaat worden ingebouwd, zodat een toevallig contact niet mogelijk is. De tussenbodem mag alleen met gereedschap kunnen worden verwijderd.
- Om brand te vermijden, moet erop worden gelet dat geen brandgevaarlijke, licht ontvlambare of door warmte veranderbare voorwerpen direct naast de kookplaat worden geplaatst of gelegd.
Kookplaatafdichting
Voor het inbouwen moet de meegeleverde kookplaatafdichting zonder onderbreking worden ingelegd.


- U moet verhinderen dat er tussen de rand van de kookplaat en het werkblad of tussen het werkblad en de muur vloeistoffen in de daaronder ingebouwde elektrische apparaten kunnen indringen.
- Bij inbouw van de kookplaat in een oneffen werkblad, bijv. met een keramisch of vergelijkbaar oppervlak (tegels enz.) moet de pakking, die zich ev. aan de kookplaat bevindt, worden verwijderd. In de plaats waarvan moet de verbinding tussen kookplaat en werkblad met plastische afdichtmaterialen (kit) worden afgedicht.
Uitsparing in het werkblad
De uitsparing in het werkblad moet zo nauwkeurig mogelijk met een goed, recht zaagblad of een bovenfrees worden uitgezaagd. De snijvlakken dienen daarna te worden verzegeld zodat er geen vocht kan binnendringen.
De uitsparing voor de kookplaat wordt volgens de afbeeldingen uitgezaagd.
De keramische kookplaat moet absoluut horizontaal en op gelijke hoogte met het werkblad liggen. Eventuele spanningen kunnen de glazenplaat doen breken. Controleer of de pakking van de kookplaat correct zit en volledig afsluit.
Uitsparing in het werkblad uitzagen
De uitsparing wordt in twee stappen uitgezaagd.
- De uitsparing voor de bodemkuip uitzagen.
- De uitsparing voor het opleggen van de keramische staat uitfrezen. Hiervoor is minstens een bovenfrees met geleiding nodig.
Noot:
Bij werkbladen van hout of kunststof is het aanbevolen de rand iets minder diep uit te frezen, m.a.w. de kookplaten zo te monteren dat ze boven het werkblad uitsteken, om te verhinderen dat hete pannen per ongeluk op het kunststof-oppervlak van het werkblad worden geplaatst.
Om ervoor te zorgen dat de plaat bij stenen aanrechtbladen absoluut vlak ligt, moet de uitsparing ev. worden aangepast.
Montagehandleiding
Oplegmontage

De BORA-Classic-inbouwapparaten kunnen vrij gecombineerd worden. Naargelang van de inbouwsituatie heeft de uitsparing de volgende maten:

| Kookplaten | Kookplaat- afzuiging | Maat B in mm | |
| 1 - 320 | |||
| 2 - 662 | |||
| 3 - 1004 | |||
| 2 1 754 | |||
| 3 | 2 | 1 |
Opmerking
Tussen alle inbouwapparaten moet 2 mm afstand worden voorzien.
Randloze montage van de kookplaten
Bij randloze montage moet in het werkblad een sponning met de volgende afmetingen worden voorzien:

De BORA-Classic-inbouwapparaten kunnen vrij gecombineerd worden. Naargelang van de inbouwsituatie hebben de sponning en de uitsparing de volgende maten:

| Kook- platen | Kookplaat- afzuiging | Maat A in mm | Maat B in mm | |
| 1-344 | 320 | |||
| 2-686 | 662 | |||
| 3-1028 | 1004 | |||
| 2 | 1 | 778 754 | ||
| 8 3 | 8 | 1212 | 1188 |
Opmerking
Tussen alle inbouwapparaten moet 2 mm afstand worden voorzien.
Montage met plaatstrip

- De kookplaat inzetten en justeren. Aan de onderkant de plaatstrips met schroeven aan de voorziene bevestigingsgaten inzetten, justeren en vastzetten.
- De schroeven alleen met een schroevendraaier met de hand vastzetten; geen elektrische schroevendraaier gebruiken.
- Bij dunne werkbladen op de juiste positie van de plaatstrip letten. Om de afstand te compenseren moet een metrische schroef in de plaatstrip worden ingezet.
Belangrijk:
Als de keramische kookplaat scheef zit of spanningen vertoont, bestaat er verhoogd breukgevaar bij de montage!
Inkleven van de kookplaten
Opmerkingen
- Om schade aan het aanrechtblad en aan de kookplaat te vermijden, is het nodig het systeem aanrechtblad/kookplaat permanent waterdicht vast te plakken.
- De te plakken onderdelen moeten droog en vetvrij zijn.
- Om de kookplaat in te kleven hebt u adhesiereiniger en hitte- en vochtbestendige siliconenlijm (150°C) nodig.
- Lees in ieder geval de verwerkingsinstructies die zich bij de beide materialen bevinden!
Hier vindt u ook de berekeningsformule voor het uitharden van de siliconenlijm. Voor afloop van deze uithardtijd mag de kookplaat niet in gebruik worden genomen, omdat de siliconenlijm kan worden beschadigd!
- Plak de kookplaat alleen aan de buitenranden vast! Bij stenen aanrechtbladen moet het inbouwen randloos gebeuren, bij warmtegevoelige aanrechtbladen (bijv. hout) moet de kookplaat ca. 1 mm uitsteken.
- De kookplaat nooit zonder bescherming met de keramische plaat op het aanrechtblad of op de grond leggen. Door verontreinigingen (metaalspanen, steenresten o.d.) kunnen krassen op het oppervlak van de glaskeramiek ontstaan. Altijd een stuk karton of een wollen deken eronder leggen.
Uitvoering
- Afdichttape in de hoek van de steunrand van het aanrecht aanbrengen, zodat geen siliconenlijm onder de kookplaat kan terechtkomen. Belangrijk: Maak uitsluitend gebruik van de met de kookplaat meegeleverde afdichttape! Bij gebruik van ander materiaal kan niet worden gegarandeerd dat verzakking van de kookplaat na de inbouw uitblijft.
- De kookplaat zonder lijm in de uitsparing van het werkblad leggen en de hoogte controleren.
- De kookplaat er weer uithalen.
- De kleefvlakken op de buitenranden van de kookplaat en op de snijvlakken aan de zijkant van het aanrecht voorbehandelen met adhesiereiniger.
De adhesiereiniger op een sterk absorberende ondergrond (bijv. spaanplaat) in een dikke laag met een penseel aanbrengen. Bij een zwak absorberende ondergrond (bijv. marmer of graniet) is het voldoende een dunne laag adhesiereiniger met een viltje aan te brengen.
Belangrijk: Na het aanbrengen moet de adhesiereiniger altijd ca. 30 minuten luchten.
- Nu de kookplaat in de uitsparing leggen en justeren.
Montagehandleiding

- Tenslotte de spleet tussen kookplaat en aanrechtblad met siliconenlijm opvoegen.

- De voeg met een spatel en ontspannen water gladstrijken.
Let op: Maak gebruik van de afdichttape (siliconenlijm mag op geen enkele plaats onder het draagvlak terechtkomen. Het uithalen op een later tijdstip wordt daardoor onmogelijk. Als deze aanwijzing niet in acht wordt genomen, vervalt de garantie.

Elektrische aansluiting
- De wettelijke voorschriften en aansluitvoorwaarden van de plaatselijke elektriciteitsmaatschappij moeten strikt worden nageleefd.
- Bij het aansluiten van het apparaat moet een installatie worden voorzien die het mogelijk maakt het apparaat met een contactopeningswijdte van ten minste 3 mm met alle polen van het net te scheiden. Geschikte scheidingsinstallaties zijn LS-schakelaars, zekeringen en contactoren. Bij aansluiting en reparatie het apparaat met een van deze installaties stroomloos maken.
- De aardleider moet zo lang zijn dat hij bij het begeven van de trekontlasting pas na de stroomvoerende aders van de aansluitkabel met trekkracht worden belast.
- De overtollige kabellengte moet UIT de inbouwzone onder het apparaat worden getrokken. U moet er ook op letten dat de netspanning met de op het typeplaatje aangegeven netspanning overeenstemt.
- De kookplaat is bij levering met een temperatuurbestendige aansluitkabel uitgerust.
- De aansluitleiding moet minstens van het type H05 RR-F zijn.
- Als de aansluitleiding van dit apparaat wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant of zijn klantenservice of door een voldoende gekwalificeerde persoon worden vervangen om risico's te vermijden.
- Bij het ingebouwde apparaat mag geen contact mogelijk zijn met onderdelen die bij het gebruik onder spanning staan.
- Let op: door een verkeerde aansluiting kan de vermogenselektronica worden vernield.
Aansluitwaarden
Netspanning: 220 - 240V~, 50-60 Hz
Nominale componentspanning: 220 - 240V
Inbedrijfstelling
Na het inbouwen van de kookplaat en na het inschakelen van de voedingsspanning (aansluiting op het net) vindt eerst een zichtest van de besturing plaats en verschijnt er een service-informatie voor de klantenservice.
Belangrijk: Bij de aansluiting op het net mogen er geen voorwerpen op de touch-control sensoren liggen!

Met een sponsje en wat afwasmiddel even over het oppervlak van de kookplaat vegen en vervolgens droogwrijven.
Technische gegevens
| Afmetingen Kookplaat hoogte/ bredte/ diepte mm Kookzones achter Ø cm (kW) voor Ø cm (kW) Kookplaat, totaal kW 2,9 | 40 x 340 x 515 18/ 12 (1,7) 14,5 (1,2) |
| Afmetingen Kookplaat hoogte/ bredte/ diepte mm Kookzone cm kW Kookplaat, totaal kW 1,4 | 40 x 340 x 515 18,5 x 30,5 1,4 |