Argon - Rolstoel Quickie - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Argon Quickie in PDF-formaat.
| Productnaam | Quickie Argon |
| Categorie | Rolstoel |
| Materiaal van het frame | Lichtgewicht aluminium |
| Gewicht van de stoel | Vanaf 8,9 kg |
| Maximale gewichtscapaciteit | 125 kg |
| Verstelbare zithoogte | Ja |
| Aanpasbare zitbreedte | Ja, meerdere opties beschikbaar |
| Type wielen | Achterwielen met hoge prestaties |
| Transport en draagbaarheid | Gemakkelijk opvouwbaar voor transport |
| Opties voor personalisatie | Verschillende kleuren en accessoires |
| Onderhoud en onderhoud | Regelmatig schoonmaken aanbevolen, controleer banden en remmen |
| Veiligheid | Robuuste handremmen en anti-kantel systeem beschikbaar |
| Garantie | Raadpleeg de fabrikant voor garantievoorwaarden |
| Gebruik binnen en buiten | Ontworpen voor veelzijdig gebruik |
Veelgestelde vragen - Argon Quickie
Gebruikersvragen over Argon Quickie
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Rolstoel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Argon - Quickie en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Argon van het merk Quickie.
GEBRUIKSAANWIJZING Argon Quickie
Gebruikershandleiding
- Duwhandvatten
- Spanbanden rug
- Zijbescherming
- Zittingbespanning
- Voetsteun
- Voorwielen
- Voetplaten
- York
- Quick release assen
- Wielvergrendelingen
- Hoepel
- Achterwiel

Rullestoler:
- Kjørehåndtak
- Rygg polstring
- Sideguard
- Seat slynge
- Fotstøtte
- Trinser
- Fotbrett
- Gaffel
- Quick-release aksel
- Hjul låser
- Handrim
- Bakhjul

Kørestole:
Wij zijn erg blij dat u gekozen hebt voor een kwalitatief hoogstaand SUNRISE MEDICAL-product.
In deze gebruikshandleiding vindt u tal van tips en ideeën waarmee u van uw nieuwe rolstoel een betrouwbare partner in uw leven kunt maken.
Wij bij Sunrise Medical staan erop om een nauwe band met onze klanten te onderhouden. Daarom willen wij u op de hoogte houden van de huidige en de nieuwe ontwikkelingen in ons bedrijf. Nauwe banden met de klant houdt ook een snelle service in wanneer u vervangingsonderdelen of accessoires nodig hebt of wanneer u ons gewoon iets wilt vragen over uw rolstoel, met een minimum aan papierwerk.
Wij willen dat u tevreden bent over onze producten en diensten. Daarom blijft Sunrise Medical zijn producten voortdurend verder ontwikkelen. Dat maakt dat de vorm, de technologie en de uitrusting van onze producten kan veranderen. Er zijn dan ook geen juridische vorderingen mogelijk op basis van de gegevens of de afbeeldingen in deze gebruikershandleiding.
SUNRISE MEDICAL heeft het ISO 9001 certificaat toegekend gekregen, een bewijs van de kwaliteit van onze processen in elk stadium, vanaf het onderzoek en de ontwikkeling tot de productie.
Heeft u vragen over het gebruik, het onderhoud of de veiligheid van uw rolstoel, neem dan contact op met uw plaatselijke erkende dealer van SUNRISE MEDICAL.
Is er geen erkende dealer in uw regio of hebt u vragen, neem dan schriftelijk of telefonisch contact op met Sunrise Medical:
SUNRISE MEDICAL verklaart als producent dat de lichtgewicht rolstoelen voldoen aan de Europese Richtlijn 93/42/EWG / 2007/47/EWG guideline.

BELANGRIJK: GEBRUIK UW ROLSTOEL NIET TOT U DEZE GEBRUIKSAANWIJZING HEEFT GELEZEN EN BEGREPEN.
Inhoudsopgave
1.0 Algemene veiligheidsinstructies en besturings- restricties 22
2.0 Transport 24
3.0 Gebruik 26
4.0 De rolstoel vervoeren 26
5.0 Trapdop 26
6.0 Opties 26
Wielvergrendelingen 26
Ophangsysteem 26
De hoogte van de voetenplaat instellen 27
Zwenkwiel 27
Stoel 27
Zwenkwiel 27
Zithoogte 28
Wielaanpassing 28
Rugleuning 29
Armsteun 29
Rugleuning 30
Heupgordel 30
Anti-tip wielen 31
Stoel 31
Zitdiepte 31
Krukkenhouder 31
Transitwielen 31
7.0 Banden en montage 31
8.0 Sticker 32
9.0 Algemeen onderhoud 32
10.0 Afvalverwerking /recycling van materialen 32
11.0 Mogelijke problemen 32
Rolstoelen zijn uitsluitend bedoeld voor gebruikers die niet of verminderd mobiel zijn. De rolstoel is bedoeld voor persoonlijk gebruik, zowel binnens- als buitenshuis.
Het maximale gewicht dat de stoel kan dragen staat vermeld bij het serienummer; dit vindt u aan de kruisstang of stabiliseerstang onder de zitting. Het maximale gewicht is het totale gewicht van de gebruiker en de op de rolstoel gemonteerde accessoires.
Aansprakelijkheid wordt uitsluitend geaccepteerd indien het product wordt gebruikt onder die specifieke omstandigheden en voor het doel waarvoor het product is gemaakt.
De verwachte levensduur van de rolstoel is vijf jaar.
Monteer of gebruik GEEN onderdelen van andere partijen op de rolstoel, tenzij deze officieel goedgekeurd zijn door Sunrise Medical.
Toepassingen
De keuze aan beschikbare accessoires en het modulaire ontwerp betekenen dat de rolstoel kan worden gebruikt door personen die niet kunnen lopen of beperkt mobiel zijn vanwege:
Verlamming•
Amputatie (van been of benen)•
Disfunctioneren of misvorming van been of benen•
Contractuur van/letsel aan gewrichten•
Ziektes zoals hart- en vaatziektes, •
evenwichtsstoringen of cachexie
evenals voor oudere mensen die nog kracht in het •
bovenlichaam hebben.
Wanneer levering/aanschaf van een rolstoel wordt overwogen, neem dan de volgende zaken in overweging: lichaamsgrootte, gewicht, fysieke en psychische toestand, leeftijd, leefomstandigheden en -omgeving.
1.0 Algemene veiligheidsinstructies en besturingsrestricties
De techniek en constructie van deze rolstoel zijn ontworpen voor het bieden van maximale veiligheid. Aan de momenteel van kracht zijnde internationale veiligheidsnormen is voldaan en zij zijn overtroffen. Toch kunnen gebruikers zichzelf in gevaar brengen door onjuist gebruik van hun rolstoel. Voor uw eigen veiligheid moeten de volgende regels absoluut worden opgevolgd.
Onprofessionele of foutieve aanpassingen of instellingen kunnen de kans op ongelukken vergroten. Als rolstoelgebruiker maakt u, net als andere weggebruikers, deel uit van het dagelijkse verkeer op straten en trottoirs. Wij herinneren u er aan dat u daardoor ook onderworpen bent aan alle verkeerswetgeving.
Wees voorzichtig tijdens uw eerste rit in deze rolstoel. Leer uw rolstoel kennen.
Voor elk gebruik, moet het volgende worden gecontroleerd:
- Quick release assen op de achterwielen
- Velcro op de zittingen en rugleuningen
- Banden, bandendruk en parkeerremmen.
Alvorens aanpassingen van deze rolstoel te wijzigen, is het belangrijk het bijbehorende deel van de gebruiksaanwijzing te lezen.
Het is mogelijk dat de rolstoel door kuilen of oneffen oppervlakken kan kantelen, in het bijzonder wanneer heuvel op of af wordt gereden. Wanneer over een trede of helling op wordt gereden, moet het lichaam naar voren zijn gebogen.

GEVAAR!
Overschrijd NOOIT de maximale belasting van 120 kg • voor bestuurder plus voorwerpen die op de rolstoel worden meegenomen. Als u de maximale belasting overschrijdt, kan dit leiden tot schade aan de stoel, of u kunt omvallen of omkantelen, de controle verliezen, wat ernstig letsel aan de gebruiker en andere personen tot gevolg kan hebben.
Draag lichte of reflecterende kleding wanneer u in het • donker naar buiten gaat. Zo wordt u gemakkelijker gezien. Zorg ervoor dat de reflectoren op de zij- en achterkant van de rolstoel duidelijk zichtbaar zijn. Sunrise adviseert tevens gebruik te maken van verlichting.
Om vallen en gevaarlijke situaties te voorkomen, is het verstandig om eerst met uw nieuwe rolstoel te oefenen op een vlakke ondergrond, bij goed zicht.
Gebruik de voetplaten niet als u in of uit de rolstoel stapt. • Deze moeten van tevoren omhoog worden geklapt en zo ver mogelijk naar buiten worden gedraaid. Plaats uzelf altijd zo dicht mogelijk bij de plek waar u wilt gaan zitten.
Gebruik uw rolstoel alleen voor het daarvoor bestemde doel. Bijvoorbeeld, probeer niet tegen een voorwerp op te rijden zonder te remmen (opstapje, trottoirrand) of verschillen in afstapjes.
De parkeerremmen zijn niet bedoeld om als rem voor • uw rolstoel te dienen. Zij dienen er slechts voor om te voorkomen dat uw rolstoel onbedoeld begint te rollen. Wanneer u op een oneffen oppervlak stopt, dient u altijd uw parkeerremmen te gebruiken om wegrollen te voorkomen. Gebruik altijd beide parkeerremmen anders kan uw rolstoel kantelen.
Onderzoek het effect van het veranderen van het • zwaartepunt op het gedrag van de rolstoel op bijvoorbeeld hellingen of wanneer u obstakels neemt. Doe dit met de hulp van een begeleider.
Met extreme instellingen (bijv. achterwielen in de voorste • positie) en minder dan perfecte houding, kan de rolstoel zelfs op een effen oppervlak omkantelen.


Leun met uw bovenlichaam naar voren als u hellingen en opstapjes opgaat.
Leun met uw bovenlichaam verder naar achteren, wanneer • u van een helling of afstapje afgaat. Probeer nooit diagonaal een helling op of af te gaan.
Gebruik nooit een roltrap, aangezien u hier vanaf kunt vallen wat ernstig letsel kan veroorzaken.
Gebruik de rolstoel niet op hellingen steiler dan > 10°. • De werking van de Dynamic beveiliging hangt af van de instellingen van de stoel, de capaciteiten van de gebruiker en de rijstijl. Omdat Sunrise Medical vooraf niet kan voorzien hoe de capaciteiten en rijstijl van de gebruiker is, kan de maximale veilig te nemen helling niet worden bepaald. Daarom moet dit door de gebruiker worden bepaald, samen met een begeleider, die kan voorkomen dat de rolstoel kantelt. Sunrise Medical adviseert onervaren gebruikers anti-tip wielen te laten installeren.
- Het is mogelijk dat de rolstoel door kuilen of oneffen oppervlakken kan kantelen, in het bijzonder wanneer heuvel op of af wordt gereden.
- Gebruik de rolstoel niet op modderige of bevroren (gladde) ondergrond. Daar waar voetgangers niet zijn toegestaan, mag u ook niet met de rolstoel rijden.
Steek nooit uw handen tussen de spaken of tussen het • achterwiel en wielvergrendeling terwijl u rijdt. Dit kan leiden tot letsel aan de handen.
- Met name bij het gebruik van lichtgewicht hoepels, worden vingers gemakkelijk warm bij het remmen op hoge snelheid of op steile hellingen.
- Gebruik geen trappen zonder de hulp van een begeleider. Er bestaan middelen om u te helpen, bijv. hellingen op te gaan of de lift te gebruiken. Wij raden u aan deze te gebruiken. Als deze niet beschikbaar zijn, dient de rolstol naar achteren te worden gekanteld en over de treden te
worden geduwd (2 helpers), maar mag nooit worden getild. Wij raden aan dat gebruikers die zwaarder dan 100 kg zijn deze manier om trappen te nemen, niet gebruiken.
Over het algemeen moeten anti-tip wielen vooraf • zodanig worden ingesteld dat ze de treden niet kunnen raken, omdat dit tot een ernstige val zou kunnen leiden. Naderhand moeten de anti-tip wielen weer in de oude positie worden teruggebracht.
Zorg ervoor dat de begeleider de rolstoel alleen aan • stevig bevestigde onderdelen vasthoudt (bijv. niet aan de voetsteunen of zijbescherming).
Wanneer u de rolstoellift gebruikt, dient u ervoor te zorgen • dat de aangebrachte anti-tip wielen buiten de gevarenzone zijn geplaatst.
Gebruik de remvergrendeling om de stoel vast te zetten • wanneer u zich op ongelijke grond bevindt of wanneer de rolstoel bijvoorbeeld in een auto wordt geplaatst.
Wanneer gebruik wordt gemaakt van een speciaal voor • gehandicaptenvervoer ingericht voertuig, dienen de personen die worden vervoerd, voor zover mogelijk, gebruik te maken van de stoelen van het voertuig en het juiste gordelsysteem. Alleen op deze wijze genieten de personen optimale bescherming indien een ongeluk plaatsvindt. Wanneer u de veiligheidselementen van SUNRISE MEDICAL en een speciaal ontwikkeld tijdens vervoer in een speciaal uitgerust voertuig als stoel worden gebruikt. (Zie het hoofdstuk over "Vervoer").
Afhankelijk van de diameter en instelling van de • zwenkwielen evenals de instelling van het zwaartepunt van de rolstoel, kunnen de zwenkwielen op hoge snelheid beginnen te trillen. Hierdoor kunnen de zwenkwielen geblokkeerd raken en kan de rolstoel omkantelen. Zorg er daarom goed voor dat de zwenkwielen goed zijn aangepast (zie het hoofdstuk "Zwenkwielen"). Rijd met name niet op een helling zonder remmen en rijd op lage snelheid. We raden aan dat nieuwe gebruikers anti-tip gebruiken.
Met anti-tip wielen kan de stoel niet onbedoeld achterover • kantelen. Ze mogen in geen geval de transitwielen vervangen en gebruikt worden om een persoon in een rolstoel te vervoeren als de achterwielen zijn verwijderd.
Wanneer u naar voorwerpen (die zich voor, aan de zijkant of achter de rolstoel bevinden) reikt, zorg er dan voor dat u niet te ver uit de rolstoel leunt, want als u het zwaartepunt verandert, bestaat het gevaar dat u omkantelt of omver rolt. Als u extra belasting (rugzak of gelijksoortige voorwerpen) aan de buizen van de rugleuning hangt, kan dit van invloed zijn op de stabiliteit aan de achterkant van uw stoel, vooral in combinatie met rugleuningen die achterover kunnen leunen. Hierdoor kan de stoel naar achteren kantelen en letsel veroorzaken.
Gebruikers met een amputatie vanaf de dij, moeten anti-tip • wielen gebruiken.
Controleer voor vertrek of de bandenspanning correct is. • Voor de achterwielen moet de druk ten minste 3,5 bar (350 kPa). De maximale druk staat aangegeven op de band. De knie-remhendels functioneren alleen bij voldoende bandenspanning en wanneer ze correct zijn ingesteld (zie ook het hoofdstuk "Remmen").
- Indien de zitting of rugbekleding van de rugleuning beschadigd zijn, dient u deze direct te vervangen.
- Wees voorzichtig met vuur, en vooral met brandende sigaretten. De banden van de rugleuning en zitting kunnen vlam vatten.
• Wanneer de rolstoel langdurig blootgesteld wordt aan
direct zonlicht, kunnen sommige onderdelen (bijv. frame, beensteunen, remmen, zijbescherming) heet worden (>41°C).
- Controleer altijd of de quick release assen op de achterwielen goed zijn ingesteld en vergrendeld. Wanneer de knop op de quick release as niet ingedrukt is, kan het achterwiel niet worden verwijderd.
Opmerking!
Het effect van de kniehevelrem evenals de algemene rijeigenschappen hangen af van de bandendruk. De rolstoel is aanzienlijk lichter en gemakkelijker te manoeuvreren wanneer de achterwielen op de juiste spanning zijn en beide dezelfde spanning hebben.
Opmerking!
De banden van de rolstoel moeten voldoende profiel hebben! Let op dat u zich aan alle verkeerswetten moet houden wanneer u zich op de openbare weg begeeft.
Opmerking!
Pas altijd goed op uw vingers wanneer u instellingen of onderdelen van de rolstoel wijzigt of aanpast.
Het kan zijn dat de getoonde en beschreven product in deze handleiding niet op elk detail precies hetzelfde als uw eigen model is. Alle instructies zijn echter belangrijk, ongeacht de verschillen in detail.
De fabrikant houdt zich het recht voor zonder opgaaf gegevens met betrekking tot gewicht, maten of andere technische gegevens zoals genoemd in deze handleiding, te wijzigen. Alle afbeeldingen, maten en mogelijkheden zoals getoond in deze handleiding zijn slechts indicatief en bevatten geen specificaties.
SUNRISE MEDICAL heeft het ISO 9001 certificaat toegekend gekregen, een bewijs van de kwaliteit van onze processen in elk stadium, vanaf het onderzoek en de ontwikkeling tot de productie. Dit product voldoet aan de normen uit de EU-richtlijnen. Optionele uitrusting en accessoires zijn te verkrijgen tegen bijbetaling.
2.0 Transport

GEVAAR!
Indien dit advies wordt genegeerd ontstaat het risico op ernstig letsel of overlijden.
Het vervoer van uw rolstoel in een voertuig:
Een in een voertuig vastgezette rolstoel biedt niet dezelfde veiligheid als een normale stoel en veiligheidssysteem in dat voertuig. Sunrise adviseert altijd om de rolstoelgebruiker over te brengen naar een stoel van het voertuig. Sunrise Medical erkent dat het niet altijd praktisch is om een rolstoelgebruiker over te brengen naar een gewone stoel in het voertuig. Wanneer de gebruiker vervoerd moet worden in de rolstoel, moet onderstaand advies worden opgevolgd:
- Controleer of het voertuig over de juiste hulpmiddelen beschikt om een passagier in een rolstoel te vervoeren. Controleer tevens of de methode om in en uit het voertuig te komen, geschikt zijn voor uw type rolstoel. De vloer van het voertuig moet sterk genoeg zijn om het totale gewicht van de rolstoelgebruiker, de rolstoel en de accessoires te dragen.
- Rondom de rolstoel dient voldoende ruimte te zijn om de spanbanden en veiligheidsgordels te bevestigen en de rolstoel goed en gemakkelijk vast te zetten en los te maken.
- De stoel met daarin de gebruiker moet in de rijrichting worden geplaatst. De rolstoel dient te worden vastgezet met spanbanden en voor de gebruiker dienen veiligheidsgordels gebruikt te worden, waarbij wordt voldaan aan de normen ISO 10542 of SAE J2249 en aan de WTORS instructies van de fabrikant.
- De rolstoel is niet getest in andere posities binnen een voertuig. De rolstoel met daarin de gebruiker mag nooit in zijwaartse richting worden vervoerd (Fig. A).
- De rolstoel moet worden vastgezet met een bevestigingssysteem dat voldoet aan ISO 10542 of SAE J2249, met niet-verstelbare banden aan de voorzijde en verstelbare banden aan de achterzijde, die worden bevestigd door middel van karabijnhaken/S-haken en gesp en gordel bevestigingen. De bevestigingen bestaan doorgaans uit vier aparte banden die vastgemaakt worden aan iedere hoek van de rolstoel.
- De verankeringsbanden moeten aan het frame van de rolstoel worden bevestigd zoals aangegeven in de tekening op de volgende pagina. Ze mogen niet worden bevestigd aan accessoires, wielen, remmen, voetsteunen en dergelijke.

text_image
Fig. A- De verankeringsbanden dienen in een hoek van 45 graden zo dicht mogelijk bij de stoel bevestigd te worden; de banden moeten strak vastgezet worden in overeenstemming met de instructies van de fabrikant.
- De verankeringspunten, frame en structurele onderdelen van de rolstoel mogen niet zonder overleg met de fabrikant worden gewijzigd of vervangen. Dergelijke wijzigingen kunnen de rolstoel van Sunrise Medical ongeschikt maken voor transport in een voertuig.
- Zowel de heupgordel als de veiligheidsgordel voor het bovenlichaam moet worden gebruikt om de rolstoelgebruiker goed in de rolstoel te laten zitten. Hierdoor wordt het risico verkleind dat hoofd en borst in botsing komen met onderdelen van het voertuig. Tevens wordt risico verkleind dat de rolstoelgebruiker of de andere inzittenden van het voertuig geblesseerd raken. (Fig. B) De bovenlichaamgordel dient bevestigd te worden aan de "B" stang van het voertuig. Indien dit wordt nagelaten, wordt het risico van ernstig (onder) buikletsel van de gebruiker vergroot.
- Tijdens het transport dient men gebruik te maken van een hoofdsteun die geschikt is voor transport (zie etiket van de hoofdsteun). Deze moet gedurende het hele transport op de juiste wijze zijn aangebracht.
- Lichaamsondersteunende gordels (zoals heupgordels) mogen niet worden gebruikt als veiligheidsgordel voor een rolstoelgebruiker, tenzij deze voldoen aan de normen zoals gespecificeerd in ISO 7176-19:2001 of SAE J2249.
- De veiligheid van de rolstoelgebruiker tijdens het transport hangt af van de nauwkeurigheid waarmee de verankeringsbanden worden bevestigd. De persoon/personen die de verankering tot stand brengt/brengen, moet(en) op juiste wijze zijn geïnstrueerd en getraind.
- Verwijder waar mogelijk hulpmiddelen en accessoires en berg deze veilig op. Hierbij kunt u denken aan: Krukken, losse kussens en werkbladen.
- Een scharnierende/opgetilde beensteun mag zich niet in opgetilde positie bevinden tijdens transport van de rolstoel en gebruiker wanneer de rolstoel is verankerd met verankeringsbanden en veiligheidsgordels.
- Een gekantelde rugleuning moet in rechte positie worden gezet.
- De handremmen moeten goed worden vastgezet.
- Veiligheidsgordels moeten worden bevestigd aan de "B" stang van het voertuig en mogen niet van het lichaam afgehouden worden door bijvoorbeeld armsteunen of wielen.
Fig. B

Instructies voor veiligheidsgordels:
- De heupgordel moet laag worden bevestigd over de voorzijde van de heup, zodanig dat de hoek van de heupgordel zich binnen de horizontale voorkeurszone van 30 tot 75 graden bevindt.
Hoe groter de hoek binnen deze begrenzing, hoe beter, maar de hoek mag nooit groter zijn dan 75 graden. (Fig. C)
- De bovenlichaamgordel moet over de schouder en diagonaal over de borst worden gedragen, zoals op de afbeelding weergegeven. Fig. D en E
De gordels moeten zo strak mogelijk worden gebruikt, maar moeten altijd comfortabel zijn voor de gebruiker. Veiligheidsnetten mogen niet gedraaid zitten tijdens gebruik. De gordel voor het bovenlichaam moet dwars over de schouder worden bevestigd, zoals getoond in afbeeldingen D en E. 3. De bevestigingspunten van de stoel bevinden zich aan de binnenzijde aan de voorkant van het frame vlak boven het zwenkwiel en aan het frame aan de achterzijde. De banden worden rond het frame aan de zijkanten geplaatst waar de horizontale en verticale buizen van het frame elkaar kruizen. (Zie Fig. G-H-I)
- Op het frame van de rolstoel wordt door middel van het symbool voor het verankeringspunt (Fig. F) aangegeven waar de rankeringsbanden geplaatst moeten worden. De banden worden strak getrokken nadat de banden aan de voorzijde zijn aangebracht om de rolstoel te borgen.

text_image
Fig. C X 30°-75° VOORKEURS- GEBIED
text_image
Fig. E
text_image
Fig. D X
De plaatsing van verankeringsbanden op de rolstoel
- De plaats van de afbeeldingen die aangeven waar aan de voor- en achterzijde de spanbanden geplaatst moeten worden (Fig. G - H).
- Positie aan de voorzijde (Fig. I) en achterzijde, (Fig. J), van de sticker en het verankeringspunt.
- Ziijaanzicht van verankeringsbanden, (Fig. K).

Quick release assen voor achterwielen (Fig. 2.0)
De achterwielen zijn uitgerust met quick release assen. Zo kunt u de wielen zonder gereedschap monteren of verwijderen. Om een wiel te verwijderen, drukt u gewoon de quick release knop op de as in (1) en trekt u het wiel weg.

Houd de quick release as ingedrukt terwijl u de as in het frame steekt om de achterwielen te monteren. Laat de knop los om het wiel op zijn plaats te vergrendelen. De quick release knop zou weer op zijn oorspronkelijke plaats moeten klikken.
4.0 De rolstoel vervoeren
De rolstoel vervoeren (Fig. 3.0 - 3.1)
Door het verwijderen van de achterwielen blijft de rolstoel zo compact mogelijk. De rugleuning kan worden ingeklapt door aan het koord te trekken dat aan de rugleuning is bevestigd.

Begeleiders gebruiken de trapdop om een rolstoel over een obstakel te kantelen. Trap gewoon op de buis om een rolstoel bijvoorbeeld over een stoep of een trede te duwen.

OPMERKING: Voor modellen waarbij de rolstoel voornamelijk zal worden voortgeduwd door een begeleider, adviseert Sunrise Medical het gebruik van een trapdop. Er kan schade ontstaan aan het rugframe wanneer u deze voortdurend gebruikt als hendel om de rolstoel naar achteren te trekken of zonder trapdop te kantelen.
6.0 Opties
Wielvergrendelingen
Wielvergrendelingen (Fig. 6.0 - 6.2)
Uw rolstoel heeft twee wielvergrendelingen. Ze komen rechtstreeks op de banden terecht. Om de vergrendelingen
te gebruiken, drukt u beide vergrendelingshendels naar voren tot tegen de aanslagen. Om de vergrendeling ongedaan te maken, trekt u de hendels weer naar hun oorspronkelijke positie.
Het remvermogen vermindert wanneer:
het loopvlak van de band • versleten is; de bandendruk niet voldoende •

de banden nat zijn; de wielvergrendelingen niet goed afgesteld zijn.
De parkeerremmen zijn niet bedoeld om als rem voor een bewegende rolstoel te dienen. U mag de wielvergrendelingen dan ook niet gebruiken om een bewegende rolstoel te doen remmen. Rem altijd met behulp van de hoepels. Zorg ervoor dat de afstand tussen de banden en de wielvergrendelingen voldoet aan de vermelde specificaties. Om die afstand aan te passen, draait u schroef (1) los en stelt u de juiste afstand in. Draai de schroef weer vast. (zie de pagina over torque sleutel).

Telkens wanneer u de achterwielen hebt bijgesteld, moet u nagaan of de afstand tot de wielvergrendelingen in orde is. Pas die indien nodig aan.
Verlenging van de remhendel (Fig. 6.3)
De verlenging van de remhendel kan worden verwijderd of naar beneden gevouwen. Het gebruik van de langere hendel kost u minder moeite om de wielvergrendeling in werking te zetten.

Wanneer u de wielvergrendeling te dicht bij het wiel monteert, zal deze moeilijker te hanteren zijn. Hierdoor kan de verlengde hendel breken!
De hendel kan ook breken wanneer u op de verlenging gaat leunen tijdens transfers! Opsppattend water en vuil van de banden kan slecht functioneren van de wielvergrendelingen veroorzaken.
Ophangsystem
Ophangsysteem (Fig. 6.3)
Het functioneren van de vering wordt bepaald door de schokdempers (1). Sunrise Medical biedt een groot assortiment dempers voor het individuele gewicht van de gebruiker.

text_image
1 2 3 Fig. 6.3Om de onderdelen te vervangen, verwijdert u de 2 schroeven (2) (aan iedere kant 1). Draai de hendels (3) naar beneden; de schokbrekeronderdelen (1) kunnen vervolgens gemakkelijk via de openingen aan de boven- of onderzijde worden verwijderd.
Om de nieuwe onderdelen te monteren, volgt u de procedure in omgekeerde volgorde. Verzeker u ervan dat de schokbrekeronderdelen nauwkeurig in de boven- of onderzijde zijn geplaatst.
De hoogte van de voetenplaat instellen
Afzonderlijke voetsteunen en voetplaten (Fig. 6.4 - 6.6)
Voetsteunen kunnen omhoog worden geklapt om gemakkelijker in en uit uw rolstoel te komen.
Ze kunnen ook in zes verschillende hoeken worden gekanteld ten opzichte van een vlak oppervlak. Draai de schroef (1) aan de buitenzijde stevig vast.
Door de klemmen (2) te verwijderen, kan de voetplaat in drie verschillende posities worden gesteld; zowel naar voren als naar achteren.
Draai de stelschroef (3) los om de horizontale positie van de voetenplaat te verstellen. Hiertoe moet de voetenplaat omhoog worden geklapt. Als u klaar bent, moet u controleren of alle schroeven stevig aangedraaid zijn (zie de pagina over torque sleutel). Er moet altijd 2,5 cm ruimte boven de grond worden aangehouden.

Aanpassen van de voetsteun (Fig. 6.7)
Als u schroef (1) verwijdert, kunt u de voetenplank aan de lengte van uw onderbeen aanpassen. De hoek van de voetsteun kan afzonderlijk worden gesteld (niet bij een vaste voetsteun), door de schroeven (2) los te draaien. De beugel van de voetsteun (3) voorkomt dat de voeten onbedoeld van hun plaats glijden. Als u klaar bent, moet u con stevig aangedraaid zijn (zie de pagin

text_image
1 2 Fig. 6.7Zwenkwiel
Zwenkwielen, balhoofden, voorvorken
Het kan gebeuren dat de rolstoel iets afwijkt naar links of naar rechts of dat de voorwielen wiebelen. Dat kan door de volgende zaken komen:
De voorwaartse en/of achterwaartse wielbeweging is niet • goed ingesteld.
De camber is niet goed afgesteld. De luchtdruk van het voorwiel en/of van het achterwiel is niet goed; de wielen draaien niet soepel genoeg.
De rolstoel beweegt niet in een rechte lijn als de zwenkwielen niet goed zijn aangepast. U moet de voorwielen laten afstellen door een erkend dealer. Telkens wanneer u de positie van het achterwiel hebt laten veranderen, moet u het balhoofd opnieuw aanpassen en de wielvergrendelingen controleren.
Stoel
De zittinghoogte instellen (Fig. 6.8)
Om de zittinghoogte aan de achterkant in te stellen, dienen de vier Torxschroeven (1) (twee aan elke kant) en de onderlegring (2), die de klem (3) voor de camberbuizen naar de asplaten (4) vastzetten, te worden verwijderd. Pas de twee camberbuisklemmen (3) aan om de vereiste hoogte te krijgen en breng de vier Torx-schroven u de schroeven aandraait, de instruop nul in te stellen (Zie Fig. 5.13 - 5 Draai de schroeven tot 7 Nm aan.

text_image
1 2 3 Fig. 6.8MERK OP – Er kan een aanpassing aan de zwenkwielhoek noodzakelijk zijn wanneer de hoogte van de achterzitting wordt ingesteld.
Zwenkwiel
Het zwenkwiel instellen (Fig. 6.9 - 6.10)
Om ervoor te zorgen dat beide vorken parallel worden ingesteld, moet u de tanden tellen die aan beide kanten zichtbaar zijn.
Nadat u de zwenkwielvork heeft ingesteld, zorgen de tanden voor een stevige positie, en kan een aanpassing van 16° met stappen van 2° worden aangebracht.

Gebruik de vlakke kant om te controleren dat de positie een rechte hoek met de grond vormt.
Met het gepatenteerde ontwerp kan de zwenkwielvork zodanig worden gedraaid, dat het op een rechte hoek met de grond ingesteld kan worden wanneer de zittinghoek is aangepast.

Aanpassen zithoogte voorzijde (verstelbaar frame, Fig. 6.11)
- Draai de schroef los (1) en verwijder de dop (2). Hierdoor wordt het balhoofdmechanisme om de hoogte te stellen, ontgrendeld.
- Door aan de verbinding van het zwenkwiel te draaien, kunt u de zithoogte geleidelijk, in stappen van 1,5 cm, verstellen. Via de markering (3) op de verbinding kunt u de zwenkwielen op gelijke hoogte zetten.
- Verzeker u ervan dat beide zwenkwielen op gelijke hoogte zijn gesteld, anders kan de rolstoel niet in een rechte lijn worden voortbewogen.
- Controleer of de bouten (4) naar de buitenzijde en in een rechte hoek ten opzichte van de rijrichting geplaatst zijn. Alleen zo kan de rolstoel in een rechte lijn rijden.
- Plaats de dop (2) terug en draai de schroef (1) aan. Hierdoor wordt de balhoofdmechanisme weer vergrendeld. Gebruik daarbij de juiste draaikracht.
Aanpassen van de voorwaartse stabiliteit (Fig. 6.12)
- Draai de schroef los (1) en verwijder de dop (2) Hierdoor wordt het balhoofdmechanisme om de hoogte te stellen, ontgrendeld.
- Zet de voorvork in een rechte hoek ten opzichte van de rijrichting en zet een geodriehoek op het rechte oppervlak (3) van de vork.
- Door aan de wielverbinding te draaien, kan het naar binnen of buiten worden gedraaid om de vo stabiliteit te corrigeren.
- Plaats de dop (2) terug en draai de schroef (1) aan. Hierdoor wordt de balhoofdmechanisme weer vergrendeld. Gebruik daarbij de juiste draaikracht.

text_image
1 2 3 Z Fig. 6.12Wielaanpassing
Het toepassen van wielaanpassing (Fig. 6.13 - 6.15)
Belangrijk: uw rolstoel rolt slechts optimaal indien de positie van de achterwielen optimaal is. Dit betekent dat de wielaanpassing op de juiste wijze plaats moet vinden. Hiertoe meet u de afstand tussen de beide voorwielen en achterwielen om te verzekeren dat ze parallel aan elkaar staan. Het verschil tussen beide metingen mag niet meer 5 mm bedragen. Om de wielen aan te passen zodat ze parallel staan, draait u de schroeven los en draait u de asbus naar wens. Als u klaar bent, moet u controleren of alle schroeven stevig aangedraaid zijn (zie de pagina over torque sleutel).

- De inspoor/uitspoor op nul instellen
OPMERKING: Op een rolstoel met 0° cambercilinders is het niet nodig om de inspoor of uitspoor in te stellen. Deze instelling is alleen noodzakelijk bij 3°, 6° en 9° cambercilinders.
De term "inspoor of uitspoor" geeft aan hoe goed de achterwielen van de rolstoel op één lijn staan met de grond. Dit bepaalt hoe goed de rolstoel rijdt. Normale weerstand of rijweerstand wordt geboden wanneer de inspoor op nul wordt ingesteld.
De inspoor/uitspoor op nul instellen:
Maak de twee schroeven (1) (één aan elke kant) die de asbusklem vastzetten los. Controleer de kogel in het horizontale (2) vlak en draai de asbuis (3) tot de kogel in het midden ligt. De inspoor is nu nul.
Controleer, voordat u de schroeven (1) aandraait, of de asbuis is gecentreerd. De ruimte aan beide kanten moet gelijk zijn, of er mag totaal geen ruimte zijn. Draai de schroeven tot 7 Nm aan.

Breedte wielbasis instellen
K. ACHTERWIELBASIS
De achterwielbasis is de afstand tussen de bovenkant van de achterwielen en de rugleuningbuizen en wordt voorgesteld door maat X. De fabrieksinstelling is 1,25 cm. Een grotere ruimte is meestal nodig wanneer er voldoende ruimte tussen de wielen en de optionele worden gecreëerd.

text_image
4 5 6 Fig. 6.16LET OP: Wanneer de achterwielbasis wordt ingesteld, pas dan eerst één wiel en daarna het tweede aan. Als beide kanten tegelijkertijd worden losgedraaid, wordt de aanpassing van de inspoor/uitspoor veranderd.
Voor het aanpassen van de achterwielbasis, bewegen de delen van de camber (4) telescopisch in of uit de asbuis (5) en worden op hun plaats bevestigd wanneer zij het eind bereiken. Draai de schroef (6) (die het dichtst bij de asbuis is bevestigd) aan de linkerkant van de rolstoel los. Beweeg de camberbuis naar binnen of buiten om de gewenste wielbasis te verkrijgen. Draai de schroeven tot 7 Nm aan. Herhaal dit proces aan de rechterkant van de rolstoel en pas de ruimte aan zodat deze gelijk is aan de ruimte aan de linkerkant.
Rugleuning
Aanpassing hoek van de vouwbare rugsteun:
- Draai de bovenste schroeven los om de verbinding los te maken (Fig. 6.17).
- Het gat in de buis (Fig. 6.18) moet op gelijke hoogte zijn met het gat in het verbindingsstuk, zodat u de gewenste hoek van de rugsteun kunt instellen.
- Draai het sluitringetje en de moer handmatig aan, zodanig dat er geen ruimte meer is tussen de onderdelen. Maar u moet nog steeds de buis aan de achterzijde makkelijk naar beneden kunnen vouwen.
- Om het vouwmechanisme in te stellen draait u de bout op de as enigszins los (Fig. 6.19). Stel de as (onderdeel 1) zodanig dat het vouwmechanisme op zijn plaats valt zonder spelingsruimte (gebruik, indien nodig, een 10mm open moersleutel om dit te doen).
Houd vervolgens de as op zijn plaats en draai de bouten aan (5 Nm).

- Herhaal stappen 1t/m 4 voor de andere kant.
Instelbare spanning rugleuning (Fig. 6.20)
De spanning van de rugleuning kan worden ingesteld met gebruik van diverse banden.
De bekleding van de rugleuning kan via een opening aan de binnenzijde worden bereikt en aangepast aan individuele voorkeur.
In hoogte verstelbare rugleuning
(Fig. 6.21) De hoogte van de rugleuning kan in 5 verschillende posities worden gezet (38–48 cm). Draai de moer los, verwijder deze (1) en zet de achterstang in de gewenste positie. Draai vervolgens de moer weer aan.

Standaard zijkant, opklapbaar, afneembaar, met korte of lange armleggers
(Fig. 6.22) Door de zijkanten naar beneden te klappen, kunt u met de rolstoel dichter bij bijv. een tafel komen. Om de zijkanten omhoog te klappen, drukt u de hendel (G) naar voren, zodat de zijkant wordt ontkoppeld.

text_image
Fig. 6.22 H GLET OP!
De zijkanten en de armsteunen zijn niet bedoeld om de rolstoel aan op te tillen of te dragen.
Zijkanten, opklapbaar, afneembaar, met korte of lange armkussens, hoogte verstelbaar (Fig. 6.23)
De armlegger kan als volgt in hoogte worden aangepast: Trek aan de hendel (1), en stel de armlegger (2) op de gewenste hoogte. Laat de hendel los, en druk de armlegger (2) naar beneden, totdat u hoort dat het op zijn plaats 'klikt'.
LET OP!
De zijkanten en de armsteunen zijn niet bedoeld om de rolstoel aan op te tillen of te dragen.
Armsteun
Quickie – in hoogte verstelbare armsteun
- Bevestiging
a. Druk de buitenste armleuningsteun in de beugel die op het rolstoelframe is aangebracht. b. De armleuning klemt automatisch vast. - Aanpassing hoogte
a. Draai de ontsluitingshendel naar de tweede positie. b. Druk de armsteun naar boven of naar beneden op de gewenste hoogte.
c. Draai de ontsluitingshendel terug naar de bevestigingspositie van de armleuning.
d. Druk op de armsteun totdat de bovenste armleuning vastklemt. - De armleuning verwijderen
a. Draai de ontsluitingshendel naar de eerste positie en verwijder de armleuning. - Wisselen van de armleuning
a. Duw de armleuning terug in de klem. b. Draai de ontsluitingshendel terug naar de bevestigingspositie van de armleuning. - De maat van de armleuningontvanger aanpassen
De maat van de buitenste armleuning vaster of losser in de klem zetten.
a. Draai de vier bouten aan de zijdes van de klem los. b. Houd de armleuning in de klem, druk de klem samen op de gewenste maat. c. Draai de vier schroeven vast. - Aanpassen van de maat van de binnenste armleuning.
a. De buitenste armleuning is bevestigd met twee bouten. b. Draai de bouten naar binnen of buiten totdat de gewenste maat is bereikt.

In de hoogte verstelbare duwhandvatten
(Fig. 6.24)
Die duwhandvatten zijn in hun positie beveiligd door pinnen die voorkomen dat ze per ongeluk wegschuiven. Door de quick release-hendel te openen (1), is het mogelijk de duwhandvatten aan te passen aan uw persoonlijke voorkeur. Wanneer u de hendel beweegt, zult u een vergrendelingsmechanisme hore nu makkelijk in de gewenste pos op de fixatiehendel bepaalt hoe op hun plaats gehouden worden aanpassen van de fixatiehendel, zitten Draai het duwhandvat naar vergewissen dat hij stevig op zijn van het duwhandvat heeft ingest altijd stevig op zijn plaats vastma vergrendeld is, kan dit letsel verde een trap.

text_image
3 2 1 Fig. 6.24Wanneer u de duwhandvatten niet gebruikt, kunt u die neerklappen door op de knop (2) te drukken. Zodra u ze opnieuw nodig hebt, klapt u ze weer naar boven tot ze op hun plaats klikken.

Controleer alvorens de rolstoel te gebruiken of de heupgordel is vastgemaakt.
De heupgordel moet dagelijks worden gecontroleerd op slijtage. Tevens moet worden gecontroleerd of de gordel nergens gehinderd wordt.

Controleer voor gebruik altijd of de heupgordel op de juiste wijze is bevestigd en op maat is gemaakt. Wanneer een gordel te los bevestigd is, kan de gebruiker naar beneden wegzakken. Hierdoor ontstaat een risico op verstikking of ernstig letsel.
De heupgordel dient aan de rolstoel bevestigd te zijn zoals getoond op de afbeeldingen. De gordel bestaat uit twee delen. Ze worden bevestigd op de bestaande schroef, die door het ringetje van de gordel wordt gestoken. De gordel wordt onder de achterzijde van het zijpaneel geleid. (Fig. 6.26)

Pas de gordel zodanig aan dat de sluiting zich in het midden van de stoel bevindt. (Fig. 6.27)
De heupgordel wordt als volgt aangepast aan de wensen van de gebruiker:
Om de lengte van de gordel te verkleinen:
Om de lengte van de gordel te vergroten


Haal vervolgens het niet-gebruikte deel van de gordel door de gesp en geleiders. Controleer of de gordel niet om de sluiting is gedraaid.
Om de gordel langer te maken, haalt u het niet-gebruikte deel van de gordel door de geleiders en gesp.
Fig. 6.28
Controleer na het vastmaken de ruimte tussen de gordel en de gebruiker. Als men een vlakke hand tussen de gordel en het lichaam van de gebruiker kan steken (niet meer en niet minder), is de gordel correct aangemeten. (Fig. 6.29)

De heupgordel moet zodanig bevestigd worden dat hij in een hoek van 45 graden over het bekken van de gebruiker valt. Bij het op maat maken dient de gebruiker rechtop en zo ver mogelijk naar achteren te zitten. De heupgordel moet voorkomen dat de gebruiker uit de rolstoel glijdt. (Fig. 6.30)

Om de sluiting te sluiten: Steek de tanden van de gesp in de sluiting.

Om de sluiting los te maken: Druk op de zichtbare delen van de tanden van de gesp en duw deze naar binnen, terwijl u tegelijkertijd de gesp rustig uit elkaar trekt.
Indien u vragen of twijfels heeft over het gebruik en de wijze van gebruik van de heupgordel vraag dan advies aan uw medische begeleider, rolstoeldealer, verzorger of begeleider.
Nuttige tips
De heupgordel mag uitsluitend worden gemonteerd door een door Sunrise Medical erkende dealer/verkoper. De heupgordel mag uitsluitend op maat worden gemaakt door een professionele zorgverlener of een door Sunrise Medical erkende dealer/verkoper. De heupgordel moet dagelijks worden gecontroleerd op slijtage. Tevens moet worden gecontroleerd of de gordel nergens gehinderd wordt. Sunrise Medical raadt ten zeerste af om tijdens het transport van een persoon in een voertuig deze heupgordel als veiligheidsgordel te gebruiken. Zie ook de speciale brochure van Sunrise Medical over transport.
Onderhoud
Controleer de gordel en de bevestigingsmaterialen geregeld op slijtage of beschadiging. Vervang de gordel indien noodzakelijk.
OPMERKING:
De heupgordel dient aangepast te worden aan de uiteindelijke gebruiker zoals
hierboven omschreven. Sunrise Medical adviseert de lengte en bevestiging van de gordel regelmatig te controleren om te voorkomen dat de gordel onbedoeld te lang wordt.
Anti-tip wielen
Quickie/Argon veiligheidswielen (anti-tip wielen).
(Fig. 6.32) Sunrise Medical adviseert anti-tip wielen voor alle rolstoelen. Wanneer u de anti-tip wielen aanbrengt, gebruik een aanzetmoment van 12 Nm.

-
De anti-tip wielen in de klem schuiven.
a. Druk op de achterste knop van de anti-tip wielen, zodat beide vergrendelingspennen naar binnen worden getrokken.
b. Schuif de veiligheidswielen (1) in de veiligheidswieladapter (2).
c. Draai de veiligheidswielen naar beneden tot de ontsluitingspen in de klem is bevestigd.
d. Breng het tweede anti-tip wiel op dezelfde wijze aan. -
De anti-tip wielen instellen (Fig. 6.32)
Om de juiste afstand van de grond van ongeveer 3,5 tot 5 cm te verkrijgen, moeten de veiligheidswielen omhoog of omlaag worden geschoven. Druk op de ontsluitingsknop van de anti-tip wielen, zodat beide ontsluitingspennen naar binnen worden getrokken. Beweeg de binnenbuis omhoog of omlaag om in
de aangebrachte hoogtegaten te vallen. Laat de knop los. Breng het tweede anti-tip wielen op dezelfde wijze aan. De hoogte van beide wielen moet gelijk zijn.
WAARSCHUWING!
Wanneer de anti-tip wielen verkeerd zijn aangebracht, wordt het gevaar op achterwaarts kantelen groter. U moet de anti-tip wielen omhoog duwen wanneer u over grote obstakels rijdt, zoals stoepranden. Zo voorkomt u dat de wieltjes de grond raken. Draai ze terug in hun positie voor normaal gebruik.
Stoel
Zittingbespanning
Verwijder de schroeven aan de linkerkant van de bespanning. Pas het VELCRO®-materiaal aan om de spanning van de zittingbespanning te vergroten. Draai de schroeven weer aan.

Als het moeilijk is de schroeven weer op hun plaats te krijgen,
probeer dan de gaten met een scherp voorwerp te vinden. Verzeker u ervan dat de plastic basis in de correcte positie staat voordat de schroeven weer worden aangedraaid.
Zitdiepte
Zitdiepte aanpassing (Optioneel) (Fig. 5.34)
Door de optionele cylinder als slot te gebruiken, kunnen de rugbuizen 1" of 2" (2,5 cm of 5 cm) verder terug worden bewogen dan met het speciale zitslot.

text_image
Fig. 6.34 1 2 3- Stel voor het aanbrengen vast, welk rugleuningsysteem wordt gebruikt en hoeveel de diepte moet worden aangepast.
- Als een toename in zittingsdiepte van ongeveer 2,5 cm nodig is, wordt schroef (1) in gat 1 geschroefd.
- Als een toename in zittingsdiepte van ongeveer 5 cm nodig is, wordt schroef (1) in gat 2 geschroefd.
Krukkenhouder
Krukkenhouder (Fig. 6.35)
Hiermee kunt u krukken meenemen op de rolstoel. De krukkenhouder heeft een Velcro lus waarmee u de krukken of andere hulpmiddelen kunt vastmaken.
OPGELET:
Probeer de krukken of andere hulpmiddelen nooit al rijdend te verwijderen.

U kunt transitwielen gebruiken wanneer uw rolstoel met zijn gewone achterwielen te breed is (bijv. in vliegtuigen, bussen, enz.). Nadat u de achterwielen met behulp van de quick-release-assen hebt verwijderd, kunt u de transitwielen onmiddellijk gebruiken om te blijven rijden. De transitwielen zijn zodanig gemonteerd dat ze zich ongeveer 3 centimeter boven de grond bevinden wanneer u ze niet gebruikt. Ze zitten dus niet in de weg wanneer u rijdt, tijdens vervoer of wanneer u de rolstoel kantelt om over hindernissen te rijden (bijv. sto trappen, enz.).

Uw rolstoel heeft geen wielvergrendelingen wanneer u de transitwielen gebruikt.
OPMERKING: Wanneer de rolstoel met de transitwielen en veiligheidswielen moet worden uitgerust, moet de transitmontage worden aangebracht tussen de camberbuisklem en de montage van de veiligheidsbuisklem (niet getoond).
7.0 Banden en montage
Banden en montage
Zorg er altijd voor dat de druk van de banden correct blijft want dat is nodig om de rolstoel goed te laten presteren. Als er niet genoeg druk op de banden staat, zal de rolweerstand toenemen waardoor u een grotere inspanning moet leveren om de rolstoel voort te bewegen; bovendien maakt een lage bandendruk de rolstoel minder wendbaar. Als de bandendruk te groot is, kan de band springen.
De juiste druk voor een bepaalde band staat vermeld op het oppervlak van de band zelf.
De banden zijn op dezelfde manier op de velg aan te brengen als gewone fietsbanden. Alvorens u een nieuwe binnenband oplegt, moet u altijd controleren of er zich geen vreemde voorwerpen bevinden op de basis van de velg en de binnenzijde van de band. Controleer de druk nadat u een band opgelegd of hersteld hebt. Het is voor uw veiligheid en voor de goede werking van uw rolstoel van erg groot belang dat de voorgeschreven luchtdruk altijd gehandhaafd blijft en dat de banden in goede conditie zijn.
8.0 Sticker
Sticker
De sticker bevindt zich op het kruisframe bij een opvouwbare rolstoel, of op de framebuis bij een vaste rolstoel. Ook vindt u een sticker met gegevens op de laatste pagina van de gebruikershandleiding. Op de sticker met het serienummer staat ook de precieze naam van het model en andere technische gegevens. Wanneer u vervangingsonderdelen bestelt of een schadeclaim indient, moet u de volgende gegevens vermelden:
- Serienummer
- Ordernummer
• Maand/Jaar
9.0 Algemeen onderhoud
Veiligheidscontrole
Als gebruiker bent u de eerste die mogelijke defecten opmerkt. Daarom adviseren we voor ieder gebruik het volgende de controleren:
of de bandenspanning correct is;
of de remmen correct werken;
of alle afneembare onderdelen goed zijn bevestigd (zoals armsteunen, hangers van de voetsteunen, quick release-assen, etc.);
Als er beschadigingen/storingen zijn, neem dan contact op met uw erkende dealer.
Onderhoud
Controleer geregeld de bandenspanning.
Controleer alle banden geregeld op slijtage.(Minstens één maal per jaar.) Verwissel de banden zodra er slijtage zichtbaar is. Controleer de zit en rugbekleding geregeld op slijtage. (Minstens één maal per jaar.) Verwissel deze onderdelen zodra er slijtage zichtbaar is.
Controleer alle onderdelen van het frame en de rugleuning geregeld op slijtage.(Minstens één maal per jaar.) Verwissel deze onderdelen zodra er slijtage zichtbaar is.
Controleer de remmen geregeld op slijtage. (Minstens één maal per jaar.) Controleer of de remmen naar behoren functioneren en gemakkelijk gebruikt kunnen worden. Verwissel de remmen zodra er slijtage zichtbaar is.
Controleer geregeld, minstens één maal per jaar, alle schroeven en bouten (zie het hoofdstuk over draaikracht). Alle schroeven die een groot belang hebben in verband met de veiligheid van de rolstoel, hebben veiligheidsbouten. U mag borgmoeren maar één keer monteren en u moet ze vervangen na een bepaalde gebruiksperiode.
Opmerking:
Als er instellingen voor de draaikracht worden opgegeven, adviseren we een meetapparaat te gebruiken om de controleren of u schroeven met de juiste draaikracht heeft vastgemaakt. Gebruik alleen zachte (niet agressieve) schoonmaakproducten om uw rolstoel schoon te maken. Gebruik alleen water en zeep wanneer u de bekleding van de stoel en de heupgordel reinigt. Afhankelijk van de frequentie en de wijze waarop u uw rolstoel gebruikt, adviseren wij dat u uw rolstoel geregeld, maar minstens één maal per jaar, bij uw erkende dealer laat nakijken door opgeleid personeel.
OPGELET:
Zand en zeewater (of zout in de winter) kan de rollagers van de voor- en achterwielen beschadigen. Als uw rolstoel hieraan werd blootgesteld, maak hem dan zorgvuldig schoon en droog.
Hygiënemaatregelen als de stoel wordt gebruikt door nieuwe gebruiker:
Wanneer de rolstoel door een nieuwe gebruiker in gebruik wordt genomen, moet de rolstoel zorgvuldig schoongemaakt worden, waarbij met desinfecterende spray alle oppervlakten waar de nieuwe gebruiker mee in aanraking komt, worden gereinigd.
Als dit snel moet gebeuren, gebruik dan een vloeibaar desinfecterend middel op basis van alcohol, dat geschikt is voor medische producten en apparaten.
Let op de instructies van de fabrikant van de onsmettingsmiddel dat u gebruikt.
Over het algemeen is ook een veilig desinfecterend middel niet gegarandeerd bij naden. Daarom adviseren we dat u, in geval van microbacteriële infecties, de stoel- en rugleuning verwijdert volgens de geldende wetgeving inzake besmettelijke ziekten.
Opslag:
De rolstoel moet altijd op een droge plaats worden opgeslagen.
10.0 Afvalverwerking /recycling van materialen
Indien u de rolstoel kosteloos hebt verkregen, is de rolstoel niet uw eigendom. Wanneer de rolstoel niet langer nodig is, volg dan de instructies van de organisatie op die de rolstoel beschikbaar heeft gesteld, hoe deze terug te sturen.

Hieronder staan de materialen omschreven zoals deze worden gebruikt in de rolstoel, met betrekking tot de verwerking tot afval en recycling van de rolstoel en zijn verpakking.
Geldende specifieke wetgeving met betrekking tot afvalverwerking en recycling moet in acht worden genomen wanneer de rolstoel het einde van zijn levensduur heeft bereikt. (Mogelijk moet de rolstoel gereinigd of gedesinfecteerd worden alvorens deze naar de afvalverwerking wordt gebracht.)
Aluminium: zwenkwielvork, wielen, zijbescherming van het chassis, frame armleuning, voetplaat, duwhendels
Staal: bevestigingspunten, quick release assen
Plastic: hendels, buisstoppen, zwenkwielen, voetplaten, armkussens, en 12" wiel/band.
Verpakking: plastic zakken gemaakt van zacht polyethyleen, karton
Bekleding: Geweven polyester met PVC coating en geëxpandeerd gevormd schuim.
Afvalverwerking of recycling dient uitgevoerd te worden door een afvalverwerkingsbedrijf of op een plaatselijk afvaldepot. U kunt uw rolstoel ook terug brengen naar uw dealer voor afvalverwerking.
11.0 Mogelijke problemen
Rolstoel trekt naar één kant
- Controleer bandendruk
- Controleer of het wiel vlot draait (lagers, as)
- Controleer hoeken van voorwielen
- Controleer of beide voorwielen de grond goed raken
Voorwielen beginnen te wiebelen
- Controleer hoeken van voorwielen
- Controleer of alle bouten vast zitten; draai ze indien nodig vast (zie hoofdstuk over de koppelsleutel)
- Controleer of beide voorwielen de grond goed raken
Rolstoel piept en rammelt.
- Controleer of alle bouten vast zitten; draai ze indien nodig vast (zie hoofdstuk over de koppelsleutel)
- Breng een beetje smeerolie aan op plaatsen waar beweegbare delen met elkaar in contact komen
Rolstoel begint te wiebelen
- Controleer hoek waarin voorwielen ingesteld zijn
- Controleer bandendruk
- Controleer of achterwielen verschillend ingesteld zijn
De keuze van frames, vorken en zwenkwielen, evenals de maat van het achterwiel (24", 26") bepaalt de beschikbare stoelhoogtes.
Mogelijke stoelhoogtes Belangrijk: Metingen zonder kussens!
Argon - vaste zwenkwielhouder
Zwenkwielen York Voorzijde stoel Achterzijde stoel
hoogte in cm hoogte in cm 24" 26"
3" massief 72 mm 43 43-35 43-42 72 mm 44 44-35 44-42
| 4" massief | 118 mm | 46 | 46-35 | 46-42 |
| 118 mm | 47 | 47-35 | 47-42 | |
| 118 mm | 48 | 48-36 | 48-42 | |
| 118 mm | 49 | 49-37 | 49-42 | |
| 118 mm | 50 | 50-39 | 49-42 | |
| 138 mm | 48 | 48-36 | 48-42 | |
| 138 mm | 49 | 48-37 | 49-42 | |
| 138 mm | 50 | 48-39 | 49-42 | |
| 138 mm | 51 | 48-39 | 49-42 | |
| 138 mm | 52 | 48-40 | 49-42 |
| 5" massief | 118 mm | 49 | 48-37 | 49-42 |
| 118 mm | 50 | 48-39 | 49-42 | |
| 118 mm | 51 | 48-39 | 49-42 | |
| 138 mm | 50 | 48-39 | 49-42 | |
| 138 mm | 51 | 48-39 | 49-42 | |
| 138 mm | 52 | 48-40 | 49-42 | |
| 138 mm | 53 | 48-41 | 49-42 |
| 6” soft | 118 mm | 51 | 48-39 | 49-42 |
| 118 mm | 52 | 48-40 | 49-42 | |
| 138 mm | 51 | 48-39 | 49-42 | |
| 138 mm | 52 | 48-40 | 49-42 | |
| 138 mm | 53 | 48-41 | 49-42 | |
| 138 mm | 54 | 48-42 | 49-42 |
Argon - instelbare zwenkwielhouder
Zwenkwielen York Voorzijde stoel Achterzijde stoel
hoogte in cm hoogte in cm 24" 26"
| 3” massief 72 mm 43 | 43-35 43-42 | |||
| 72 mm | 44 | 44-35 | 44-42 | |
| 72 mm | 45 | 45-35 | 45-42 | |
| 72 mm | 46 | 46-35 | 46-42 | |
| 72 mm | 47 | 47-35 | 47-42 | |
| 4” massief | 118 mm | 46 | 46-35 | 46-42 |
| 118 mm | 47 | 47-35 | 47-42 | |
| 118 mm | 48 | 48-36 | 48-42 | |
| 118 mm | 49 | 48-37 | 49-42 | |
| 118 mm | 50 | 48-39 | 49-42 | |
| 118 mm | 51 | 48-39 | 49-42 | |
| 118 mm | 52 | 48-40 | 49-42 | |
| 118 mm | 53 | 48-41 | 49-42 |
| 5” massief | 118 mm | 49 | 48-37 | 49-42 |
| 118 mm | 50 | 48-39 | 49-42 | |
| 118 mm | 51 | 48-39 | 49-42 | |
| 118 mm | 53 | 48-41 | 49-42 | |
| 118 mm | 54 | 48-42 | 49-42 |
| 6” soft | 118 mm | 51 | 48-39 | 49-42 |
| 118 mm | 52 | 48-40 | 49-42 | |
| 118 mm | 53 | 48-41 | 49-42 | |
| 118 mm | 54 | 48-42 | 49-42 | |
| 118 mm | 56 | 48-44 | 49-44 |
Elk met nauwe, gemonteerde aandrijfhoepelconfiguratie
Totale lengte: 107 cm
Totale hoogte: 97 cm
Maximaal gebruikersgewicht:
Goedgekeurd tot een gebruikersgewicht tot 120 kg
13.0 Garantie
Garantie
DIT HEEFT OP GEEN ENKELE WIJZE INVLOED OP UW WETTELIJKE RECHTEN.
Garantiebepalingen
1) De reparatie of vervanging wordt door een erkende Sunrise Medical dealer uitgevoerd.
2) Om aan de garantievoorwaarden te voldoen dient u, bij eventueel noodzakelijke servicewerkzaamheden op uw rolstoel krachtens deze overeenkomst, onmiddellijk contact op te nemen met de aangewezen onderhoudsmonteur van Sunrise Medical met nauwkeurige gegevens over het soort probleem dat u ondervindt. Indien u de rolstoel gebruikt buiten de regio van de aangewezen Sunrise Medical onderhoudsmonteur, wordt werk krachtens de "Garantievoorwaarden" uitgevoerd door een andere, door de fabriek aangewezen, onderhoudsmonteur.
3) Indien een onderdeel of onderdelen van de rolstoel gerepareerd of vervangen moet/moeten worden, als gevolg van een specifieke productiefout of materiaaldefect, binnen 24 maanden (5 jaar voor het frame en de kruisbalk) nadat het eigendom van de stoel overgedragen is aan de oorspronkelijke koper, en op voorwaarde dat deze persoon nog steeds de eigenaar is van de rolstoel, dan wordt het onderdeel of onderdelen kostenloos gerepareerd of vervangen indien de rolstoel wordt teruggebracht naar een erkende onderhoudsmonteur.
Merk op: deze garantie kan niet worden overgedragen.
4) Deze garantie dekt eveneens alle gerepareerde of vervangen onderdelen voor de resterende garantieperiode van de rolstoel.
5) Wij geven een extra 24 maanden garantie voor reserveonderdelen die na de aanvang van de oorspronkelijke garantie zijn aangebracht.
6) Aan slijtage onderhevige onderdelen worden normaliter van de garantie uitgesloten, behalve in het geval dat voortijdige slijtage van het onderdeel het directe gevolg van een fabricagefout is. Tot verbruiksgoederen worden onder andere gerekend: bekleding, banden, interne buizen en dergelijke.
7) Bovenstaande garantievoorwaarden gelden voor alle productonderdelen, voor modellen die voor de volle handelsprijs gekocht zijn.
8) Normaliter wordt geen verantwoordelijkheid geaccepteerd indien een reparatie of vervanging van de rolstoel nodig is vanwege de onderstaande redenen:
a) Het product of onderdeel is niet onderhouden in overeenstemming met de aanbevelingen van de fabrikant, zoals uiteengezet in de gebruikershandleiding en/of de onderhoudsinstructies. Er zijn accessoires gebruikt die niet gespecificeerd zijn als originele onderdelen.
b) De rolstoel of het onderdeel is beschadigd door nalatigheid, ongeval of oneigenlijk gebruik.
c) Wijzigingen aan de rolstoel of onderdelen daarvan, die niet in overeenstemming zijn met de specificaties van de fabrikant, of het uitvoeren van reparaties alvorens contact werd opgenomen met de onderhoudsmonteur/dealer.
14.0 Koppel (Fig. 11.0)

text_image
10 Nm 7 Nm
text_image
10 Nm 25 Nm
text_image
25 Nm ② 5 Nm ① 5 Nm
text_image
7 Nm 7 Nm
Fig. 11.0
De torque (draaikracht) voor de M6 schroef is 7 Nm, tenzij anders aangegeven.
Avant-propos
Chère cliente, cher client,