AM 6 - Hometrainer Christopeit - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis AM 6 Christopeit in PDF-formaat.
| Technische kenmerken | Christopeit AM 6 hometrainer met magnetische weerstand, 8 moeilijkheidsgraden, LCD-scherm dat tijd, afstand, calorieën en snelheid weergeeft. |
|---|---|
| Afmetingen | Afmetingen: 100 x 50 x 130 cm; Gewicht: 25 kg. |
| Gebruik | Ideaal voor thuistraining, geschikt voor alle fitnessniveaus. |
| Onderhoud | Controleer regelmatig de bevestiging van schroeven en de staat van kabels, maak het frame schoon met een vochtige doek. |
| Veiligheid | Gebruik op een vlakke ondergrond, overschrijd het aanbevolen maximale gewicht van 100 kg niet. |
| Algemene informatie | 2 jaar garantie, montage vereist, accessoires inbegrepen: pedalen en gebruikershandleiding. |
Veelgestelde vragen - AM 6 Christopeit
Gebruikersvragen over AM 6 Christopeit
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Hometrainer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AM 6 - Christopeit en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AM 6 van het merk Christopeit.
GEBRUIKSAANWIJZING AM 6 Christopeit
Montage- en bedieningshandleiding voor Bestellnummer
RU
Inhoudsopgave Pagina 37
RU
Обзор содержания
CTP. 48

- Overzicht van de losse delen pagina 3 - 4
- Belangrijke aanbevelingen en veiligheidsinstructies pagina 37
- Stuklijst pagina 38 - 39
- Montagehandleiding met explosietekeningen pagina 40 - 42
- Opstappen, Gebruiken & Afstappen pagina 43
- Handleiding bij de computer pagina 44 - 47
- Trainingshandleiding pagina 47
Geachte klant
Wij willen u van harte gelukwensen met de aanschaf van uw hometrainer en hopen dat u hier veel plezier aan zult beleven. Neem a.u.b. de instructies en aanwijzingen uit deze montage- en bedieningshandleiding in acht en volg deze op.
Bij eventuele vragen kunt u natuurlijk altijd contact met ons opnemen.
Met vriendelijke groeten,
Belangrijke aanbevelingen en veiligheidsinstructies
Onze producten werden in principe door de gecontroleerd en voldoen bijgevolg aan de actuele, hoogste veiligheidsnorm. Dit feit impliciert echter niet dat de hierna volgende beginselen niet strikt in acht genomen moeten worden.
-
Het toestel nauwkeurig in overeenstemming met de montage-instructies opbouwen en uitsluitend de voor de opbouw van het toestel bijgevoegde en in de stuklijst vermelde, specifiek voor het toestel bestemde onderdelen gebruiken. Vóór de eigenlijke opbouw de volledigheid van de levering aan de hand van de leveringsnota en de volledigheid van de kartonnen verpakking aan de hand van de stuklijst van de montage-instructies en van de gebruiksaanwijzing controleren.
-
Vooraleer het toestel voor het eerst gebruikt wordt en met regelmatige tussentijden nakijken of alle schroeven, moeren en overige verbindingen vast zitten, opdat een veilige operationele toestand gewaarborgd is.
-
Het toestel op een droge, effen plaats installeren en het toestel tegen vochtigheid en vocht beschermen. Oneffenheden van de vloer dienen door gepaste maatregelen op de vloer en, voor zover beschikbaar bij dit toestel, door daarvoor bestemde, regelbare onderdelen van het toestel geneutraliseerd te worden. Het contact met vochtigheid en vocht dient uitgesloten te worden.
-
Voor zover de opstellingsplaats in het bijzonder tegen drukplaatsen, verontreiniging en dergelijke beschermd moet worden, een geschikt, slipvrij support (bijvoorbeeld rubberen mat, houten plaat of dergelijke) onder het toestel leggen.
-
Vóór het begin van de training alle voorwerpen binnen een omtrek van 2 meter rond het toestel verwijderen.
-
Voor de reiniging van het toestel geen agressieve reinigingsmiddelen gebruiken. Voor de opbouw en voor eventuele herstellingen uitsluitend het respectievelijk bijgeleverde of geschikte, eigen gereedschap gebruiken. Residu door het lassen aan het toestel dient onmiddellijk verwijderd te worden zodra de training beeindigd werd.
-
In geval van een ondeskundige en bovenmatige training zijn nadelige gevolgen voor de gezondheid mogelijk. Vóór het begin van een doelgerichte training dient daarom een geschikte geneesheer te worden geraadpleegd. Deze geneesheer kan bepalen, aan welke maximale belasting (impulsie, watt, duur van de training enz.) men zich mag blootstellen, en kan nauw- keurige inlichtingen met betrekking tot een correcte lichaamshouding bij de training, de doelstellingen van de training en de voeding geven. Er mag niet na uitgebreide maaltijden getraind worden.
-
Met het toestel slechts trainen wanneer het foutloos functioneert. Voor eventuele herstellingen uitsluitend van originele reserveonderdelen gebruik maken. Waarschuwing: Vervang versleten onderdelen onmiddellijk en gebruik het apparaat niet zolang het niet gerepareerd is.
-
Bij de instelling van verstelbare onderdelen op respectievelijk de correcte positie of de gemarkeerde, maximale instelpositie alsook op een reglementair voorgeschreven positie letten.
-
Voor zover in de gebruiksaanwijzing niet anders beschreven, mag het toestel met het oog op de training uitsluitend door één persoon gebruikt worden.
-
Er moeten trainingskledij en schoenen gedragen worden, die voor een fitnesstraining met het toestel geschikt zijn. De kleding moet zodanig zijn, dat deze omwille van de vorm (bijvoorbeeld lengte) ervan tijdens de training niet kan blijven hangen. De trainingschoenen moeten in overeenstemming met het trainingstoestel gekozen worden, uw voeten in principe een vaste passing geven en een slipvrije zool hebben.
-
Wanneer duizeligheid, misselijkheid, borstpijn en andere abnormale symptomen ondervonden worden, de training vroegtijdig beëindigen en u tot een geschikte geneesheer wenden.
-
Over het algemeen geldt dat sporttoestellen geen speelgoed zijn. Ze mo- gen daarom uitsluitend in overeenstemming met de bepalingen en door op gepaste wijze geïnformeerde en geïinstrueerde personen gebruikt worden.
-
Personen zoals kinderen, mindervaliden en gehandicapten mogen het toestel uitsluitend gebruiken in bijzijn van een tweede persoon, die hulp kan verlenen en instructies kan geven. Het gebruik van het toestel door kinderen zonder toezicht dient door gepaste maatregelen te worden uitgesloten.
-
Er dient op gelet te worden dat de trainer en andere personen zich nooit met één of ander lichaamsdeel binnen het bereik van nog in beweging zijnde onderdelen begeven of bevinden.
-
Dit produkt kan aan het einde van de levensduur niet via het gewone huisatval worden afgevoerd, maar dient naar een verzamelpunt voor recycling electrische apparaten gebracht te worden. Het symbool op het produkt, de gebruiksaanwijzing, of de verpakking wijst u daarop.
De grondstoffen zijn volgens hun kenmerken verwerkbaar. Met de verwerking, van deze oude apparaten, doet u een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Vraagt u bij de gemeente naar de desbetreffende verwerkingsplaats.
- Voor de snelheidsafhankelijke modus kan het weerstandsniveau handmatig worden ingesteld en de wisselingen in energie zijn afhankelijk van de trapsnelheid. Voor snelheids-onafhankelijke modus, kan de gebruiker de gewenste
Energieconsumptie in Watt selecteren, dan zal een constant energieniveau worden aangehouden met verschillende weerstandsniveau's, die automatisch door het systeem worden bepaald. Dit is onafhankelijk van de trapsnelheid.
-
Het toestel is met een 24-trappige weerstandsinstelling uitgerust. Deze maakt respectievelijk een verlaging en een verhoging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasting mogelijk. Darbij leidt het draaien van de instelknop van de weerstandsinstelling in de richting van niveau 1 tot een verlaging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasting. Het draaien van de instelknop van de weerstandsinstelling in de richting van niveau 24 leidt tot een verhoging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasting.
-
De toegelaten maximale belasting (= lichaamsgewicht) werd op 150 kg bepaald.
Stuklijst - reserveonderdelenlijst
AM 6 best.nr. 1127
Technische specificatie: Stand: 01. 03. 2011
● Magnetisch remsysteem
● ca. 10 kg vliegwielmassa
- Motor-en computer gestuurde weerstandsregeling met 24 weerstandfases
- 6 voorgeprogrammeerde weerstandsprogramma's
- 4 hartslag programma's (polsgestuurd)
● 4 individuele instelbare trainingsprogramma's
● 1 lichaamsvet programma
- 1 omwentelings onafhankelijk programma (instelbaarheid watt prestatie van 40 tot 400 watt in 10 stappen)
- Stelvoeten om waterpas te zetten transportrollen
- Bedieningsvriendelijke computer met gelijktijdige aanduiding van; tijd, snelheid, afstand, ca. calorieverbruik, lichaamsvet analyse, pedaalomwentelingen, Wattage, polsslagfrequentie en Fitness-Test aanduiding Belastbaar met een lichaamsgewicht tot ca. 150 kg
Afmeting: ca. L 125x B 80 x H 154 cm
Controleer na het openen van de verpakking a.u.b. aan de hand van de onderstaande stuklijst of alle onderdelen aanwezig zijn. Wanneer dit het geval is, kunt u met de montage beginnen.
Wanneer een bepaald onderdeel niet in orde is of ontbreekt, of wanneer u in de toekomst een reserveronderdeel nodig heeft, kunt u zich wenden tot:
| Afbeeldings- nr. | Beschrijving Afmetingen Aantal Gemonteerd aan ET-nummer | ||||||
| mm | stuks | afbeeldingsnr. | |||||
| 1 | Basis frame | 1 | 33-1127-01-SI | ||||
| 2 | Polsunit 2 | 17 | 36-1127-07-BT | ||||
| 3 | Verbindingskabel voor pols | 2 | 15 | 36-1127-08-BT | |||
| 4 | Kabelgeleiding | 4 | 15+17 | 36-9821-13-BT | |||
| 5 | Magneet | 1 | 81 | 36-9111-32-BT | |||
| 6 | Veerring | voor M8 | 14 | 26+32+54 | 39-9864-VC | ||
| 8 | Pols verbindingskabel | 2 | 2+17 | 36-1127-09-BT | |||
| 9 | Schroef | M5x12 | 4 | 40 | 39-9903 | ||
| 10 | Kunstoflaager | 14x32x20 | 4 | 24 | 36-9217-07-BT | ||
| 11 | Verbindingskabel | 1 | 28+40 | 36-1127-10-BT | |||
| 12 | Nettoestel | 8V=DC/500mA | 1 | 89 | 39-9212-05-BT | ||
| 13 | Stelmotor | 1 | 28 | 36-1127-11-BT | |||
| 14 | Schroef | M5x10 | 4 | 13 | 39-9903 | ||
| 15 | Steunbuis | 1 | 1 | 33-1127-02-SI | |||
| 16 -1 | Bekleding verbindingsbuis rechts voor | 1 | 16-2 | 36-9217-10-BT | |||
| 16 -2 | Bekleding verbindingsbuis rechts achter | 1 | 16-1 | 36-9217-11-BT | |||
| 17 L | Handgreep links | 1 | 24L | 33-1127-04-SI | |||
| 17 R | Handgreep rechts | 1 | 24R | 33-1127-05-SI | |||
| 18 -1 | Bekleding verbindingsbuis links voor | 1 | 18-2 | 36-9217-12-BT | |||
| 18 -2 | Bekleding verbindingsbuis links achter | 1 | 18-1 | 36-9217-13-BT | |||
| 19 | Zelfborgende moer | M10 | 3 | 44+69 | 39-9981 | ||
| 20 | Onderlegplaatje gebogen | 8//19 | 4 | 25 | 39-9966-CR | ||
| 21 | Afstandsstuk | 2 | 15 | 36-9217-14-BT | |||
| 22 | Schroef | M8x15 | 2 | 15 | 39-9886-CR | ||
| 23 | Onderlegplaatje | 8/32 | 2 | 22 | 39-10166 | ||
| 24 | Verbindingsbuis | 1 | 17+41 | 33-9217-16-SI | |||
| 26 | Schroef | M8x16 | 10 | 15+17 | 39-9886-CR | ||
| 27-1 | Steuinbuisbekleding achter | 1 | 27-2 | 36-9217-15-BT | |||
| 27-2 | Steuinbuisbekleding voor | 1 | 27-1 | 36-9217-16-BT | |||
| 28 | Motorkabel | 1 | 11+13 | 36-1127-12-BT | |||
| 29 | Schroef | 4x18 | 27 | 30+34+72+75 | 36-9111-38-BT | ||
| 30 L | Bekleding links | 1 | 1+30R | 36-1127-05-BT | |||
| 30 R | Bekleding rechts | 1 | 1+30L | 36-1127-06-BT | |||
| 31 | Sensor | 1 | 13 | 36-9218-07-BT | |||
| 32 | Schlotschroef | M8x75 | 2 | 38 | 39-10019-CR | ||
| 33 | Eindkappen met transportrol | 2 | 38 | 36-9220-06-BT | |||
| 34 L | Voetschalafdeking links | 1 | 34L+41 | 36-9217-21-BT | |||
| 34 R | Voetschalafdeking rechts | 1 | 34R+41 | 36-9217-22-BT | |||
| 35 | Schroef | M8x75 | 2 | 41 | 39-10272 | ||
| 36 | Onderlegplaatje | 8//16 | 12 | 26+35+39 | 39-9962-CR | ||
| 37 | Zelfborgende moer | M8 | 2 | 35 | 39-9918-CR | ||
| 38 | Voetbuis voor | 1 | 1 | 33-9217-03-SI | |||
| 39 | Schroef | M8x45 | 4 | 42 | 39-10110 | ||
| 40 | Computer | 1 | 15 | 36-1127-03-BT | |||
| 41 | Voetschaalbevestiging | 2 | 24+47 | 33-9217-17-SI | |||
| Afbeeldings- nr. | Beschrijving Afmetingen Aantal Gemonteerd aan ET-nummer | ||||
| mm | stuks | afbeeldingsnr. | |||
| 42 | Voetschaal | 2 | 41 | ||
| 43 | Onderlegplaatje | 10/20 | 4 | 44 | |
| 44 | Schroef | M10x55 | 2 | 47 | |
| 45 | Zelfborgende moer | M10 | 2 | 53 | |
| 46 | Onderlegplaatje | 10//32 | 2 | 53 | |
| 47 | Voetschalbefestigings houder | 2 | 41 | ||
| 48 | Schroef | M5x10 | 4 | 49 | |
| 49 | Voetschalafdeking acher | 2 | 41 | ||
| 50 | Voetbuis achter | 1 | 1 | ||
| 51 | Kappen met hoogtecompensatie | 2 | 50 | ||
| 52 | Onderlegplaatje gebogen | 8//25 | 4 | 32+54 | |
| 53 | Pedaalkruk | 2 | 80 | ||
| 54 | Schlotschroef | M8x90 | 2 | 50 | |
| 55 | Schroef | 4x20 | 2 | 34 | |
| 56 | Glijdlager | 2 | 10 | ||
| 57 | Schroef | 3x16 | 12 | 16+18+27 | |
| 58 | Overtrek handgreep | 2 | 17 | ||
| 59 | Dop moer | M8 | 4 | 32+54 | |
| 60 | Afstandsring | 2 | 53 | ||
| 61 | Vliegwielas | 1 | 64 | ||
| 62 | U-part | 2 | 65 | ||
| 63 | Moer | M6 | 2 | 65 | |
| 64 | Vliegwiel | 1 | 61 | ||
| 65 | Schroef | M6x40 | 2 | 1+64 | |
| 66 | Veerring | voor M10 | 1 | 69 | |
| 67 | Spanrol | 1 | 69 | ||
| 68 | Afstandsstuk | 1 | 69 | ||
| 69 | Schroef | M10x50 | 1 | 1+67 | |
| 70 | Afstandsstuk | 2 | 73 | ||
| 71 | Kogellager | 6000Z | 2 | 64 | |
| 72 L | Bekleding links | 1 | 1+72R | ||
| 72 R | Bekleding rechts | 1 | 1+72L | ||
| 73 | Eindkap | 2 | 75 | ||
| 74 | As moer | M10 | 2 | 80 | |
| 75 | Afdekking rond | 2 | 72 | ||
| 76 | Flakke riem | 1 | 64+81 | ||
| 77 | Vastzetering | 2 | 80 | ||
| 78 | Kogellager | 6004Z | 2 | 80 | |
| 79 | Schroef | M6x15 | 4 | 80+81 | |
| 80 | Pedaalas | 1 | 78 | ||
| 81 | Pedaalaandrijfschijf | 1 | 80 | ||
| 82 | Zelfborgende moer | M6 | 4 | 79 | |
| 83 | Veerring | voor M6 | 6 | 79+97 | |
| 84 | As moer | M10x1.0 | 1 | 61 | |
| 85 | Onderlegplaatje | 5//10 | 4 | 9 | |
| 86 | Eindknop | 2 | 17 | ||
| 87 | Kunstoflaager | 19x32x28 | 1 | 24+47 | |
| 88 | Glijdlager | 10x18x10 | 4 | 41 | |
| 89 | Nettoestel spanningsverzorging | 1 | 12+13 | ||
| 90 | Bowdenkabel | 1 | 13+92 | ||
| 91 | Afstandsstuk | 1 | 61 | ||
| 92 | Magneetbeugel | 1 | 94 | ||
| 93 | Veer | 1 | 1+92 | ||
| 94 | Magneetbeugelas | 1 | 92 | ||
| 95 | Vastzetering | 2 | 94 | ||
| 96 | Onderlegplaatje | 2 | 94 | ||
| 97 | Schroef | 2 | 94 | ||
| 98 | Moer | M5 | 2 | 99 | |
| 99 | Schroef | M5x45 | 1 | 92 | |
| 100 | Gereedschapset | 1 | |||
| 101 | Montage-en bedieningshandleiding | 1 | |||
Montagehandleiding
Neem alle losse onderdelen uit de verpakking, leg deze op de grond en bruto controleer aan de hand van de montageen staps of alle onderdelen aanwezig zijn. Hierbij moet er op worden gelet dat een aantal onderdelen rechtstreeks met het onderstel zijn verbonden en voorgemonteerd zijn. Bovendien zijn enkele andere losse delen ook al tot eenheden samengevoegd. Hierdoor kunt het apparaat gemakkelijker en sneller monteren.
Stap 1:
Montage van de voorste en van de achterste voet (38+50)
- Monteer de voorste poot (38) met de vooraf gemonteerde transportrollen (33) op het onderstel (1). Gebruik daarvoor twee bouten M8x75 (32), tussenringen (52), veerringen (6) en dopmoeren (59).
- Monteer de achterste poot (50) met de vooraf gemonteerde afdekdoppen (51) op het onderstel (1). Gebruik daarvoor twee bouten M8x90 (54), tussenringen (52), veerringen (6) en dopmoeren (59). Na de montage kunt u kleine oneffenheden van de vloer compenseren door aan de afdekdoppen (51) te draaien. Het apparaat moet zo worden opgesteld, dat het tijdens de training niet uit zichzelf beweegt.

Montage van de stuurbuis (15) aan het onderstel (1).
- Pak de stuurbuis (15) waarin de computerkabel (11) al geplaatst is. Verbind de stekker voor de computerkabel (11) die uit de onderkant van de stuurbuis (15) steekt met de bijbehorende stekker voor de motorkabel (28) die uit het onderstel (1) steekt.
- Plaats de stuurbuis (15) in de bijbehorende buis van het onderstel (1). Let hierbij op dat de gemaakte kabelverbindingen niet bekneld raken. Schuif de kabelverbinding langzaam naar onderen in de buis van het onderstel wanneer u de stuurbuis (15) plaatst. Schroef de stuurbuis (15) m.b.v. bouten (26), veerringen (6) en onderlegplaatjes (36) op het frame (1).

Stap 3: Montage van de voetschaalbevestiging (41), de verbindingsbuizen (24) en van de voetschaals (42).
- De voorgemonteerde unit bestaande uit de voetschaalbevestiging rechts (41) en een verbindingsbuis (24R) aan de rechterzijde van het basisframe (1) leggen.
(Let op! Rechts is vanuit de kijkrichting gezien, de rechterkant wanneer men op het apparaat staat en traint. - Steek de Afstandsring (60) op het pedaalkruk (53).
- Schuif de verbindingsbuis (24R) op de houder van de steunbuis (15) en tegelijkertijd schuif de voetschalbefestigings houder (47R) op het pedaalkruk (53). Een onderlegplatje 8//32 (23) op het schroef (22) aanbrengen. De schroef (22) in het houder van de steunbuis (15) opdraaien en stevig vastdraaien. De houder van de voetschalenbevestigings (47R) op de pedaalkruk (53) middels de onderlegplatje 10//32 (46) en moer (45) vastdraaien.
- De voetschaalbevestiging links (41) incl. alle noodzakelijke onderdelen op de linkerzijde van het apparaat monteren, precies zoals in hoofdstuk 1.-3. is beschreven.
- De rechter voetschaal (42R) op de bevestiging (41) steken. De openingen in de delen zo uitlijnen dat ze precies boven elkaar liggen.
- De bouten (39) door de openingen steken. Vanaf de andere kant een onderlegplatje (36) aanbrengen en middels de moer (37) stevig vastdraaien.
- De linker voetschaal (42L), zoals onder 5 en 6 beschreven aan de bevestiging (41) monteren.
(Let op! Het onderscheid tussen de voetschalen rechts en links is aan de hand van de randen aan de lange zijden van de voetschalen mogelijk. De hoge randen van de voetschalen (42R) en (42L) moet steeds naar binnen (naar basisframe (1) toe) zijn uitgelijnd).

Stap 4: Montage van het handgreep (7) en van de computer (40) aan de steunbuis (15) en van de greepbuizen (17) aan de verbindingsbuizen (24)
- De greepbuizen (17L+17R) op de verbindingsbuizen (24) steken en de openingen in de buizen zo uitlijenen dat ze boven elkaar liggen.
(Let op! De greepbuizen (17) moeten na de montage zo zijn uitgelijnd dat de bovenste uiteinden naar buiten (van steunbuis (15) af) zijn gebogen. - De schroef (26) door de openingen steken en de greepbuitzen (17) op de verbindingsbuizen (24) middels der onderlegplatje (20) and veerring 6) vastdraaien.
- Verbind u de steeker van de polsslag verbindingskabel (3) en de polsslag kabel (8).
- Neemt u de computer (40) en steekt u de verbindingskabel (11) in de achterkant van de computer (40) en steekt vervolgens de polsslag verbindingskabel (3) in de vanzelfsprekende ontvanger aan de achterzijde van de computer (40). Schuiv de computer (40) op de computerhouder aan het steunbus (15) and schroef met de schroef (9) en tussenring (85) vast, zonder de kabel daarbij de beschadigen.

Stap 5: Montage van de voetschaalafdeking (34+49), de verbindingsbuis bekleding (16+18) en de steuinbuis bekleding (27).
- Schroeft u de afdekking set voor (34L+34R) middels de schroeven (29+55) op het voorste voetschaalbevestiging (41) vast.
- Schroeft u de afdekking set achter (49) middels de schroeven (48) op het achterste voetschaalbevestiging houder (47) vast.
- Schroeft u de steunbuis afdekking set (27-1+27-2) middels de schroeven (57) op het steunbuis (15) vast.
- Schroeft u de afdekking set van de verbindingsbuizen links (18-1+18-2) middels de schroeven (57) op het verbindingsbuizen links (24) vast.
- Schroeft u de afdekking set van de verbindingsbuizen rechts (16-1+16-2) middels de schroeven (57) op het verbindingsbuizen rechts (24) vast.

text_image
1+18-2) 24) vast. 6-1+16- (24) vast.Stap 6: Aansluiting van het nettoestel (12)
- Steek de stekker van het nettoestel (12) in de desbetreffende bus (89) op het achterste uiteinden van de bekleding (72L).
- Steek daarna het nettoestel (12) in een contactdoos (230V\~/50Hz).
Stap 7: Controle:
- Alle schroef- en stekkerverbindingen op een correcte montage en juiste werking controleren.
Daarmee is de montage beëindigd. - Wanneer alles in orde is, met lichte weerstandsinstellingen vertrouwd raken met het apparaat en de individuele instellingen vastzetten.
Opmerking:
De gereedschapset en de gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig bewaren, omdat u ze wellicht later voor een reparatie of het bestellen van reserve-onderdelen nodig heeft.

Opstappen, Gebruiken & Afstappen
Transport van Apparaat:
Aan de voorzijde bevinden zich twee rollers. Om het apparaat te verplaatsen kunt u de achterzijde van het apparaat optillen en sturen naar waar u wilt om het te plaatsen of te stallen. (Opgemerkt: Indien de beveiligingsinrichting niet gebruik de handvatten zachtjes links en rechts voor de goederenbehandeling.)
De Opstappen, Gebruiken en Afstappen
Opstappen:
a. Ga naast het apparaat staan, plaats de voetsteun dat het dichtst bij staat in de laagste positie en houd de vaste stuur vast.
b. Plaats uw voet op de voetsteun, probeer uw gehele gewicht op deze voet te brengen en zwaai tegelijkertijd het andere been over het apparaat heen en plaats uw voet ook daar op de voetsteun.
c. U bevindt zich nu in de juiste houding om de training te beginnen.
Gebruik:
a. Houdt uw handen op de gewenste positie op het vaste stuur.
b. Beweeg het apparaat door met uw voeten op de voetsteunen uw gewicht van links naar rechts te verplaatsen
c. Als u ook het bovenlichaam wilt trainen, kunt u uw handen in plaats van op het vaste stuur, op de beweegbare handvaton aan de linker- en rechterkant.
d. Om de intensiteit van de training te verhogen, kunt u de pedaleersnelheid verhogen, of de weerstand op het apparaat verhogen.
e. Houdt uw handen altijd ofwel op de vaste stuur, ofwel op het linker en rechter handvat.
Afstappen:
a. Verminder de trapsnelheid tot het apparaat tot stilstand komt.
b. Houdt het vaste stuur stevig vast, zwaai één been over het apparaat heen en plaats uw voet op de grond. Hierna kunt u ook met de andere voet afstappen.
Dit trainingsapparaat is een stationair apparaat combineert fietsen, steppen en lopen, zonder hierbij de gewrichten te overbelasten, waardoor het risico op blessures lager is.
Oefeningen op dit apparaat bieden de mogelijkheid van een vloeiende, non-impact workout die afhankelijk van de ingestelde weerstand lichter of zwaard-der kan zijn. U zult de spieren van zowel uw boven- als uw onderlichaam versterken en het uithoudingsvermogen en algehele conditie verbeteren.

Computerhandleiding voor 1127

text_image
Christopelt Sport START PROGRAM 7 LEVEL 6 TIME RPM DIST TIME WATT TARGET H.R. HEART RATE 3:56 158 0.29 74 152 P + - E START TEST FDe computer van uw ERGOMETER is uitermate gebruiksvriendelijk. Doordat al de functies tegelijkertijd weer te geven, komt een omslachtig heen en weer wisselen van de ene naar de andere functie weg te vallen en wordt u steeds in één oogopslag over het verloop van uw training geïnformeerd.
Bij dit toestel betreft het een toerentalonafhankelijk apparaat. Om een door u gewenst Prestatievermogen te laten opleveren, regelt de computer de rem onafhankelijk van de trapfrequentie.
Inschakelen:
1) Steek de aansluitstekker in de adapteraansluitbus aan het torstel. En signaal weerklinkt – al de LCD-displaysegmenten verschijnen 2 seconden lang en worden op 00 gezet.
Of
2) De netstekker is reeds in het stopcontact / apparaat werd automatisch uitgeschakeld. Door een willekeurige toets in te drukken – of bij minstens één pedaalomwenteling – wordt de computer zelfstandig ingeschakeld.
Uitschakelen:
Zodra het toestel langer dan ca. 4 minuten niet meer bediend wordt, wordt de computer zelfstandig uitgeschakeld.
Nadat de training beëindigd werd, netstekker uittrekken.
- Toetsen
In totaal 6 toetsen: START/STOP (S), INVOER (E), FUNCTIE (F), OMHOOG (+), OMLAAG (-), en TEST (Test).
„S“: start van de training of onderbreking van de training in het gekozen programma. In de modus „STOP“ is het STOP-display verlicht. De computer begint pas te tellen wanneer voordien de toets „S“ ingedrukt werd. Indien de toets „S“ langer dan 3 seconden ingedrukt wordt, worden al de waarden op 00:00 terug naar de oorspronkelijke stand gebracht.
„E“: met de invoer- en bevestigingstoets gaat men van het ene naar het andere invoerveld over. De telkens opgeroepen functie knippert. Met de +/- toets O + P voert u de waarden in en door de toets „E“ opnieuw in te drukken, worden deze bevestigd. Tegelijkertijd springt het knipperende display naar het volgende invoerveld.
„F“: doorgaans geeft de computer WATT en tpm aan. Door deze toets even in te drukken, kunt u naar het display „KCal“ in plaats van „Watt“, afstand total (ODO) in plaats van Afstand (DIST) en „Speed“ (snelheid) in plaats van „tpm“ overschakelen.
„Test“: met deze toets kunt u uw fitnesscijfer noteren.
„+“ en „-“: met de +/- toetsen wijzigt u de waarden – uitsluitend knipperende gegevens kunnen qua waarde gewijzigd worden.
- Displays
START: weergave van de modus „Start“. Al de beschikbare waarden worden weergegeven.
START
STOP: weergave van de modus „Stop“. Er kunnen vooraf bepaalde gegevens ingesteld worden.
STOP
PROGRAMMA : weergave van het ingestelde programma 1-17 (programma 1 - 7 = fitnessprogramma's; programma 8: lichaamsvet programma; programma 9-12 = polsslagprogramma's; programma 13-16 = individuele gebruikersprogramma's; programma 17 = wattprogramma)
PROGRAM 18
NIVEAU: weergave van de gekozen trapweerstand van niveau 1 – 24. Hoe groter het getal, hoe groter de weerstand.
Het bijbehorende balkdisplay heeft 12 balkjes ter beschikking. Ieder balkje omvat twee waarden (bijvoorbeeld: 3 balkjes vormen niveau 5 of 6). De exacte waarde kunt u in het display LEVEL erugvinden. Deze trapweerstand kan te allen tijde, in al de programma's, met de toetsen „+“ en „-“ gewijzigd worden.
LEVEL 18
GESLACHT: weergave van het vooraf ingevoerde geslacht „Mannelijk/vrouwelijk“ (voorafgaande invoer in het programma 8)
[Non-Text]
TIJD/GROOTTE/GEWICHT: voor de instelling / weergave van de tijd in minuten en seconden tot maximum
99:00 minuten. Voorkeuze in stappen van minuten / telling „Omhoog“ en „Omlaag“ in stappen van seconden. In de programma's 2 – 12 minimale vooraf in te voeren tijd 5 minuten. Ofwel kan TIJD ofwel kan AFSTAND vooraf ingevoerd worden – beide samen gaat niet. Invoer/weergave van de lichaamsgrootte en van het lichaamsgewicht uitsluitend in programma 8 beschikbaar.
![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 1](/content/2026/02/398391/images/d51acca83b087ce8ddedf9749b11258c05b22607f5dd02f0797e0631fb463d1f.jpg)
t/min/SPEED/km/h: weergave van pedaalomwentelingen per minuut en snelheid in km/h. Met de toets „F“ kan er tussen SPEED en pedaalomwentelingen t/min heen en weer geschakeld worden.
![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 2](/content/2026/02/398391/images/717b84e50fae52db329b6a17c2ace9cbf25fd5e494673167947ae6046b8595c4.jpg)
AFSTAND/ODO//VET %: weergave en voorafgaande invoer voor de afstand. De voorafgaande invoer kan van 0 tot 999,0 km ingevoerd worden. De telling „Omhoog/omlaag“ gebeurt in stappen van 0,1 km. De actuele stand van de afgelegde kilometers van alle trainingsunits tot dan toe incl. de actuele trainingsunit wordt weergegeven. (ODO). Met de toets Fkan er tussen Afstand en ODO heen en weer geschakeld worden. Weergave van het berekende lichaamsvetgehalte in % uitsluitend in het programma 8 beschikbaar.
![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 3](/content/2026/02/398391/images/061c21b64b7acf58aac4c5efd1a05ab14900e9a54ef164695e719d545a7b72ac.jpg)
KCAL/WATT/BMR: door middel van de gemiddelde waarden berekent de computer de calorieën, die in Kcal aangegeven worden. Om de bindende maateenheid voor energie „Joule“ in de algemeen gebruikelijke vermelding „Calorieën“ te berekenen, maakt u gebruik van de hierna volgende formule: 1 Joule = 0,239 cal, c.q. 1 cal = 4,186 J. De Calorien kunnen niet in de progr. 17 rechtstreeks ingevoerd worden omdat ze automatisch door de computer berekend worden. Met de toets „F“ kan er tussen watt en KCal over en weer geschakeld worden. Der computer meet exact het ter gelegenheid van de training behaalde prestatievermogen. De weergave gebeurt in watt. In het programma 8 volgt hier de weergave van de beoogde waarde. BMR (Basal Metabolism Ratio) = basisomzet aan energie, die uw lichaam in rusttoestand verbruikt. Deze waarde wordt berekend op basis van een formule, die met vetgehalte, grootte, gewacht, leeftijd en geslacht rekening houdt (uitsluitend in het programma 8 beschikbaar).
![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 4](/content/2026/02/398391/images/3dc9e3b51aa68f51b23c563400f199ebdeb0940dffa4dafa04ab309f32db8b8b.jpg)
MAXIMALE LIMIET POLSSLAG/BMI/LEEFTIJD: beschikbaar in de programma's 1-17. Zodra u uw leeftijd invoert, berekent de computer een waarschuwingspolsslagwaarde, die u in geen geval mag overschrijden (formule: (220 - leeftijd) x 0,80). Wanneer deze waarde bereikt wordt, begint het display „Polsslag“ te knipperen - u dient dan de snelheid of het belastingsniveau onmiddellijk te verlagen.
Beschikbaar in de programma's 9 – 12 en 13 – 16. In het programma 9: weergave van de door u vooraf ingevoerde, individuele beoogde polsslag. In het programma 10 - 12: trainingsprogramma met 60% / 70% of 80% van uw MHF (maximale hartslagfrequentie). Na de invoer van uw leeftijd wordt uw MHF berekende en op basis daarvan met het respectievelijke percentage uitgerekend. Het resultaat – uw trainingspolsslag MHF – wordt in het veld en uw actuele polsslag wordt in het veld aangegeven. In het programma 13 - 16: trainingsvoorstel met 80% van uw MHF. Invoer / weergave van uw leeftijd. Weergave van BMI (Body Mass Index) = lichaamsgewicht: lichaamsgrootte ^2 .
![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 5](/content/2026/02/398391/images/0887c85863e7d03aec05280cbdd7bbaf7e30416cf71e295234ee937953e2f06f.jpg)
WEERGAVE VAN DE POLSSLAG/BODY TYP: hier wordt de actuele polsslag weergegeven. Handcontactmeting heeft voorrang op borstgordelzender-meting. Om de polsslagmeting te activeren, moet voordien steeds de toets „S“ ingedrukt worden.
Aan de hand van het uitgerekende lichaamsvetgehalte wordt er tussen 4 verschillende lichaamstypes een onderscheid gemaakt:
Aan het berekende lichaamstype wordt er in de programma 8 een overeenkomstig trainingsprogramma toegewezen.
![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 6](/content/2026/02/398391/images/45ce9fed07c0b2d314dd558741727504973fbde764c0f9b367e7f1934967ba1c.jpg)
Weerstandsprofiel: de gewenste duur van de training kan binnen het bereik „TIJD“ vooraf ingesteld worden. Deze vooraf ingestelde tijd wordt door het systeem in 10 gedeeltelijke intervallen onderverdeeld. Ieder balkje op de tijdas (horizontaal) = 1/10 van de vooraf ingevoerde tijd, bijvoorbeeld: trainingstijd = 5 min = ieder balkje is 30 seconden, trainingstijd = 10 min = ieder balkje = 1 min.
leder van de 10 balkjes stemt overeen met een dergelijke tussentijd. Het telkens actuele tijdbalkje wordt gekenmerkt doordat het KNIPPERT. Indien er geen tijd vooraf ingevoerd werd, betekent ieder tijdbalkje 3 minuten training, d.w.z. na 3 minuten springt het knipperdisplay van balk 1 naar balk 2 enz. en dit tot in totaal 30 minuten. Indien het programma inmiddels met de toets „S“ gestopt wordt, blijft de tijd staan om van daaruit opnieuw verder te tellen nadat de toets „S“ opnieuw ingedrukt werd.
![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 7](/content/2026/02/398391/images/cb3bdd13f97477311977c1bf1ae37d0f11dd72bac4720bd7a155176bc6d6bf3f.jpg)
bar
| Category | Value | |---|---| | 1 | 2 | | 2 | 2 | | 3 | 2 | | 4 | 3 | | 5 | 3 | | 6 | 4 | | 7 | 4 | | 8 | 5 | | 9 | 6 | | 10 | 7 | | 11 | 8 | | 12 | 9 | | 13 | 10 |![Christopeit AM 6 - [Non-Text] - 8](/content/2026/02/398391/images/f638f7a3c8dcdf51d67ea3f04e0a76e2f5e7f02e9fc6948ab7feeed0411b4bed.jpg)
text_image
hogere balken=hogere trapweerstand lagere balken= lagere trapweerstand elk balkensegment houdt 2 waarden in elke van de 10 tijdsbalken houdt 1/10 deel in van de opgegeven trainingstijd.Trapweerstand: door middel van de + / - toets kunt u steeds - in alle programma's - de trapweerstand aanpassen. De Wijziging kunt u op de balkhoogte en op het display LEVEL aflezen - hoe hoger het balkje, hoe hoger de weerstand en omgekeerd. Ieder balksegment staat voor twee waarden (bijvoorbeeld 3 segmenten staat voor niveau 5 en 6 of 7 Segmenten staat voor niveau 13 en 14). De gekozen waarde wordt door het display LEVEL weergegeven. De wijziging heeft uitwerking op de actuele en de volgende tijdpositie. De hoogte van het balkje geeft de belasting aan, geen terreinprofiel.
Programmaprocédés worden op het display grafisch voorgesteld. Het verloop van de individuele programma's gebeurt in overeenstemming met de weergave van het balkdiagram in het displayveld, bijvoorbeeld programma 3 = berg + dal enz. (daarbij is de balkhoogte = weerstand, de tijd wordt over de balkbreedte verdeeld)
- Na programma-instelling onvoorwaardelijk toets „S“ indrukken wanneer er met de training gestart wordt. In het andere geval volgt er geen weergave van de polsslag, wattinstelling etc.
In principe zijn al de vastgestelde en weergegeven waarden niet geschikt voor geneeskundige analyses.
A. Instelmogelijkheden van de programma's:
| Programma's | Instelling |
| P1 - P7 tijd, afstand, cal., leeftijd | |
| P8 geslacht, grootte, gewicht, leeftijd | |
| P9 tijd, afstand, cal., maximale limiet | |
| P10 - P12 tijd, afstand, cal., leeftijd | |
| P13 - P16 tijd, afstand, cal., leeftijd, 10 gedeeltelijke intervallen | |
| P17 tijd, afstand, leeftijd, watt | |
Displays in een overzicht:
| Fonctie Maxima | le displaywaarden Instelmogelijkheid | |
| Tijd | 00:00 - 99:00 opwaarts99:00 - 05:00 neerwaarts | Handmatig 01:00 - 99:00Programma 05:00 - 00:00 |
| Snelheid | 0,0 - 99,9 km/h Niet instelbaar | |
| Afstand | 0,1 - 99,0 km 1,0 km - 99,0 km | |
| t/min | 15 - 999 tpm Niet instelbaar | |
| KCal | 0 - 990,0 KCal Niet instelbaar | |
| Watt | 00 - 999 watt 20 - 400 Watt | |
| Leeftijd | 10 - 99 jaar | 10 - 99 ans |
| Polsslag | 60 - 220 slagen | 60 - 220 pulsations |
| BMI | 1 - 99,99 | Niet instelbaar |
| BMR | 1 - 9999 KCal | Niet instelbaar |
| Vet % | 5% - 50% | Niet instelbaar |
| Lichaamstype | 1 - 4 | Niet instelbaar |
| Fitnesscijfer | F 1,0 - F 6,0 | Niet instelbaar |
A. Programmakeuze:

other
| Module | Submodule | Position Description | |--------|------------|----------------------| | Programma 1 | handmatig | - | | Programma 2 | dal 2 | - | | Programma 3 | fitness | - | | Programma 4 | platform 2 | - | | Programma 5 | dal 1 | - | | Programma 6 | berg | - | | Programma 7 | platform 1 | - | | Programma 8 | lichaamsvet | - | | Programma 9 | beoogde polsslag | - | | Programma 10 | (60% max. polsslag) | - | | Programma 11 | (70% max. polsslag) | - | | Programma 12 | (80% max. polsslag) | - | | Programma 13 | (gebruiker U 1) | - | | Programma 14 | (gebruiker U 2) | - | | Programma 15 | (gebruiker U 3) | - | | Programma 16 | (gebruiker U 4) | (watt-toerentalonafhankelijk) | | Programma 17 | (watt-toerentalonafhankelijk) | - |Programma 1: handmatig
Dit programma komt overeen met de functies van een normale hometrainer. Zo worden hier de tijd, de snelheid/t/min, de afstand, de watt/Kjoule, de actuele polsslag en de waarschuwingspolsslag permanent in het displayveld weergegeven. Door om te schakelen met de toets „F“ kan er bovendien van watt, t/min en dist naar Kcal, snelheid en odo overgeschakeld worden. Door middel van de toetsen „+“ en „-“ kan de trapweerstand handmatig ingesteld worden.
Alle waarden kunnen met de hand bediend worden – er volgt geen automatische regeling.
Hier zijn er verschillende trainingsprogramma's vooraf ingevoerd. Bij de keuze van één van deze programma's volgt er een automatisch programmaprocédé, dat verschillende intervallen omvat. De verdeling gebeurt in moeilijkheidsniveaus en in tijdintervallen. U kunt echter steeds op het programma beroep doen om trapweerstand of tijdverloop te wijzigen. Bovendien volgt er een overeenkomstige balkweergave in het displayveld.
Programma 8: uw persoonlijk profiel
Hier berekent de computer na de invoer van uw persoonlijke gegevens zoals geslacht / grootte / gewicht en leeftijd uw waarden voor de BMI, BMR, lichaamsvetgehalte en lichaamstype. Het resultaat wordt weerge- geven en vervolgens samen met een trainingsvoorstel in de programma 8 gearchiveerd.
Programma 9: beoogde trainingshartslagfrequentie THF
Hier kunt u uw persoonlijke - optimale trainingspolsslagfrequentie THF vooraf invoeren. Binnen een bepaalde tolerantiezone wordt de trapweerstand automatisch door de computer bijgeregeld zodat u zich steeds in de vooraf ingevoerde zone bevindt.
Programma 10 - 12:
Hier berekent de computer na de invoer van uw leeftijd zelfstandig uw maximale hartslagfrequentie en afhankelijk van het programma de corresponderende - op 60% / 70% of 80% - aangepaste beoogde frequentie van de training. Deze gewenste waarde wordt weergegeven. De trapweerstand wordt automatisch door de computer bijgeregeld om bij deze beoogde frequentie te blijven.
Programma's 13 - 16: individuele trainingsprogramma's (U1-U4)
Programma 17: wattprogramma
Hier kunt u uw individuele wattvermelding invoeren. Binnen een bepaalde tolerantiezone wordt de trapweerstand automatisch - onafhankelijk van de trapfrequentie door de computer bijgeregeld zodat u zich steeds in de vooraf ingevoerde zone bevindt.
FOUTMELDINGEN:
Bij iedere nieuwe start voert de computer een sneltest op goede functione-erbaarheid door. Indien dan toch eens niet alles in orde is, geeft de computer drie verschillende foutmogelijkheden aan:
E 1 Dit symbool en een waarschuwingsgeluid verschijnen wanneer de bedrading verkeerd aangesloten is.
Controleer al de kabelverbindingen, meer in het bijzonder aan de stekkers. Na oplossing van de fout de toets „S“ 2 seconden lang ingedrukt houden om het systeem terug op 000 te zetten.
E 2 Dit symbool verschijnt wanneer de meetwaarden niet correct zijn of wanneer de IC beschadigd is.
E 3 Dit symbool verschijnt wanneer er in het programma 8 bij de meting geen signalen van de handpuls ontvangen worden
POLSSLAGMETING:
1. Handpulsmeting:
In het linkse en rechtse stuurgedeelte is telkens een metalen contactplaat, de voelers, voorzien. Verbind de kabel met de aansluiting 4 op de computer. Gelieve erop te letten dat steeds beide handpalmen gelijktijdig met normale kracht op de voelers liggen. Zodra er een polsslag volgt, knippert er een hart naast het polsslagdisplay.
(De handpulsmeting dient slechts ter oriëntatie omdat het door beweging, wrijving, zweet etc. tot afwijkingen van de effectieve polsslag kan komen. Bij een klein aantal personen kan het tot foutieve functies van de handpulsmeting kommen.
Indien u moeilijkheden met de handpulsmeting ondervindt, raden wij het gebruik van een cardioborstgordel aan.
Toets „START“ beslist indrukken, anders volgt er geen polsslagmeting.
FITNESSCIJFER / FUNCTIE „ONTSPANNINGSPOLSSLAG“
Uw ergometer biedt de mogelijkheid, een evaluatie van uw individuele fitness in de vorm van een „fitnesscijfer“ door te voeren.
Het meetprincipe is gebaseerd op het feit dat bij gezonde, goed getrainde personen de polsslagfrequentie binnen een bepaalde tijdspanne na de training sneller daalt dan bij gezonde, minder goed getrainde personen. Voor de vaststelling van de fitnesstoestand wordt er daarom op het verschil van de polsslagfrequentie op het einde van de training (beginpolsslag) en een minuut na het einde van de training (eindpolsslag) beroep gedaan.
Start deze functie pas wanneer u een tijdje getraind hebt. Voor het begin van de functie „Ontspanningspolsslag“ moet u uw actuele polsslagfrequentie laten weergeven doordat u uw handen op de handpulsvoelers legt of met cardioborstgordel traint.
- Druk de toets „Test“ in en leg daarna beide handen voor de polsslagmeting tegen de voelers.
- De computer gaat over naar de modus „STOP“, in het midden van het display wordt er een groot hartsymbool weergegeven en de automatische meting „Ontspanningspolsslag“ wordt geïntroduceerd.
- De tijd, die op het display begint, wordt 0:60 aan achteruit geteld
- In het veld „Beoogde polsslag „ wordt de beginpolsslag in het begin van de meting weergegeven. Daarbij wordt er op het gemiddelde van de vier hoogste polsslagwaarden tijdens de laatste 20 seconden voor het indrukken van de toets „Fitness“ beroep gedaan.
- In het veld „Polsslag“ wordt de op het gegeven moment gemeten polsslagwaarde weergegeven.
- Na verloop van een minuut is de tijd terug naar 0:00 gegaan en weerklinkt er een signaalgeluid. De motor keert terug. In het veld „Polsslag“ wordt de eindpolsslag op het tijdstip 0:00 aangegeven. U kunt nu uw handen van de polsslagvoelers verwijderen. Na een aantal seconden verschijnt in het midden van het display uw fitnesscijfer van F 1,0 - F 6,0 (systeem met schoolcijfers).
- Om verder te trainen, drukt u de START-toets S in.
Trainingshandleiding
De onderstaande factoren moeten in acht worden genomen bij het bepalen van de benodigde training voor het bereiken van een merkbare verbetering van uw figuur en gezondheid:
1. Intensiteit:
De mate van lichamelijke belasting bij de training moet de normale belasting overschrijden, zonder dat u daarbij buiten adem en/of uitgeput raakt. De hartslag kan een geschikte richtwaarde voor een effectieve training zijn. Tijdens de training moet deze tussen de 70% en 85% van de maximale hartslag liggen (zie de tabel en formule om deze te bepalen en te berekenen). Tijdens de eerste weken moet de hartslag tijdens de training in het laagste deel hiervan, rond 70% van de maximale hartslag liggen. In de loop van de daaropvolgende weken en maanden zou de hartslag langzaam tot de bovengrens van 85% van de maximale hartslag moeten stijgen. Hoe beter de conditie van degene die traint is, des te meer moet het trainingsniveau stijgen om tussen de 70% tot 85% van de maximale hartslag te komen. Dit kan worden bereikt door langer te trainen en/of door de moeilijkheidsgraad te verhogen.
Wanneer de hartslag niet op het display wordt weergegeven of wanneer u voor de zekerheid uw hartslag wilt controleren, omdat deze door eventuele gebruiksfouten enz. onjuist weergegeven kan zijn, kunt u het volgende doen: De hartslag op de gebruikelijke wijze meten (bijv. de pols voelen en het aantal slagen per minuut tellen).
De hartslag met een geschikt en geijkt meetapparaat meten (verkrijgbaar bij gezondheidsinstellingen)
2. Frequentie:
De meeste experts adviseren een gezondheidsbewust dieet, dat op uw trainingsdoel moet worden afgestemd en drie tot vijf maal per week een lichamelijke training. Een normale volwassene moet tweemaal per week trainen om zijn huidige conditie te behouden. Om zijn conditie te verbeteren en zijn lichaamsgewicht te veranderen moet hij minimaal driemaal per week trainen. Natuurlijk is de ideale trainingsfrequentie vijf maal per week.
ledere trainingssessie moet uit drie fasen bestaan: een "warming-up", een "trainingsfase" en een "cooling down". In de "warming-up" moet de lichaamstemperatuur en de zuurstoftoevoer langzaarn toenemen. Dit kan worden bereikt door vijf tot tien minuten lang gymnastiekoefeningen te doen. Daarna moet de eigenlijke training ("trainingsfase") beginnen. De trainingsbelasting moet de eerste minuten laag zijn en dan gedurende een periode van 15 tot 30 minuten zo toenemen, dat de hartslag zich tussen de 70% en 85% van de maximale hartslag bevindt.
Om de bloedsomloop na de "trainingsfase" te ondersteunen en om spierpijn of verrekte spieren te voorkomen, moet de trainingsfase door een "cooling down" worden gevolgd. Hierbij moeten vijf tot tien minuten lang stretchoefeningen en/of lichte gymnastiekoefeningen worden gedaan.
Voor meer informatie over uitoefening van warme up, oefening te rekken of algemene gymnastische oefenen in onze downloadarea onder www.christopeit-sport.com
4. Motivatie
De sleutel tot een succesvol programma is een regelmatige training. U kunt het beste een vaste tijd en plaats per trainingsdag vaststellen en u ook geestelijk op de training voorbereiden. Train alleen met een goed humeur en houd uw doel voor ogen. Met een continue training zult u zien dat u per dag vooruitgang boekt, dat u zich verder ontwikkelt en dat u uw persoonlijke trainingsdoel beetje bij beetje nadert.

line
| X-Axis | Maximalpuls (220-Alter) Maximum pulse rate (220-age) | 90% des Maximalpulses 90% of the maximum pulse rate | 85% des Maximalpulses 85% of the maximum pulse rate | 70% des Maximalpulses 70% of the maximum pulse rate | |---|---|---|---|---| | 20 | 200 | 180 | 170 | 140 | | 25 | 195 | 175 | 165 | 136 | | 30 | 190 | 171 | 161 | 133 | | 35 | 185 | 166 | 157 | 129 | | 40 | 180 | 162 | 153 | 126 | | 45 | 175 | 157 | 148 | 122 | | 50 | 170 | 153 | 144 | 119 | | 55 | 165 | 148 | 140 | 115 | | 60 | 160 | 144 | 136 | 112 | | 65 | 155 | 139 | 131 | 108 | | 70 | 150 | 135 | 127 | 105 |Berekeningsformules: Maximale hartslag (220 - leeftijd) = 220 - leeftijd
90% van de maximale hartslag = (220 - leeftijd) x 0,9
85% van de maximale hartslag = (220 - leeftijd) x 0,85
70% van de maximale hartslag = (220 - leeftijd) x 0,7