MB 248 T - Grasmaaier VIKING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MB 248 T VIKING in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MB 248 T VIKING
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MB 248 T - VIKING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MB 248 T van het merk VIKING.
GEBRUIKSAANWIJZING MB 248 T VIKING
DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL Gedrukt op chloorvrij, gebleekt papier. Papier is recycleerbaar. Flap is vrij van halogeen. Geachte klant, Hartelijk dank voor uw aankoop van een kwaliteitsproduct van de firma VIKING. Dit product werd volgens de meest moderne procedures en met veel zorg voor kwaliteit gefabriceerd, want wij hebben ons doel pas bereikt als u tevreden bent over uw apparaat. Neem contact op met uw dealer of met onze verkoopafdeling als u vragen over uw apparaat heeft. Veel plezier met uw VIKING apparaat. Directeur
Over deze gebruiksaanwijzing 72 Algemeen 72 Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing 72 Beschrijving van het apparaat 73 Voor uw veiligheid 73 Algemeen 73 Tanken – omgaan met benzine 74 Kleding en uitrusting 75 Transport van het apparaat 75 Vóór het werken 75 Tijdens het werken 76 Onderhoud en reparaties 77 Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen 78 Afvoer 79 Toelichting van de symbolen 79 Leveringsomvang 80 Apparaat klaarmaken voor gebruik 80 Algemeen 80 Duwstang monteren 80 Startkabel vast- en loshaken 81 Bovenstuk duwstang inklappen 81 Grasopvangbox in elkaar zetten 81 Grasopvangbox wegnemen en vasthaken 82 Centrale snijhoogteverstelling 82 Brandstof en motorolie 82 Veiligheidsvoorzieningen 83 Beugel motorstop 83 Aanwijzingen voor werken 83 Apparaat in gebruik nemen 83 Motor starten 83 Verbrandingsmotor uitschakelen 84 Beugel wielaandrijving (MB 248 T) 84 Grasopvangbox ledigen 84 Onderhoud 84 Algemeen 84 Apparaat reinigen 84 Verbrandingsmotor 84 Slijtagegrenzen van het maaimes controleren 84 Maaimes onderhouden 85 Opslag (winterpauze) 85 Transport 86 Transport 86 Milieubescherming 87 Slijtage minimaliseren en schade voorkomen 87 Standaard reserveonderdelen 88 CE-conformiteitsverklaring van de fabrikant 88 Technische gegevens 89 Defectopsporing 90 Onderhoudsschema 910478 111 9920 B - NL
Deze gebruiksaanwijzing is een originele gebruiksaanwijzing van de fabrikant in de zin van de EG-richtlijn 2006/42/EG. VIKING werkt voortdurend aan de ontwikkeling van zijn producten; wijzigingen in de levering qua vorm, techniek en uitvoering zijn daarom voorbehouden. Op basis van gegevens of afbeeldingen uit dit boekje kunnen bijgevolg geen aanspraken worden gemaakt.
2.2 Instructie voor het lezen van de
gebruiksaanwijzing Afbeeldingen en teksten beschrijven bepaalde bedieningsstappen. Alle pictogrammen die op het apparaat zijn aangebracht, worden in deze gebruiksaanwijzing toegelicht. Kijkrichting: kijkrichting bij gebruik ´links´ en ´rechts´ in de gebruiksaanwijzing: De gebruiker staat achter het apparaat en kijkt in de rijrichting naar voren. Hoofdstukverwijzing: naar de desbetreffende hoofdstukken en paragrafen met nadere uitleg wordt met een pijltje verwezen. Het volgende voorbeeld bevat een verwijzing naar een hoofdstuk: (Ö 2.1) Markeringen van tekstpassages: De beschreven aanwijzingen kunnen zoals in de volgende voorbeelden gemarkeerd zijn. Handelingen waarbij ingrijpen van de gebruiker vereist is: ● Bout (1) met een schroevendraaier losdraaien, hendel (2) activeren ... Algemene opsommingen: – productgebruik bij sport- of wedstrijdevenementen Teksten met aanvullende betekenis: Tekstpassages met aanvullende betekenis zijn met één van de onderstaand beschreven symbolen gemarkeerd om deze in de gebruiksaanwijzing extra te accentueren. Teksten met afbeeldingverwijzing: Afbeeldingen die het gebruik van het apparaat toelichten, vindt u geheel aan het begin van de gebruiksaanwijzing. Het camerasymbool koppelt de afbeeldingen op de pagina's met afbeeldingen met het desbetreffende tekstgedeelte in de gebruiksaanwijzing.
gebruiksaanwijzing Gevaar! Gevaar voor ongevallen en ernstig letsel. Bepaalde handelingen zijn noodzakelijk of verboden. Waarschuwing! Kans op letsel. Bepaalde handelingen voorkomen mogelijk of waarschijnlijk letsel. Voorzichtig! Minder ernstig letsel of materiële schade dat/die door bepaalde handelingen kan worden voorkomen. Aanwijzing Informatie voor een beter apparaatgebruik en om een mogelijk oneigenlijk gebruik te vermijden.
Tijdens de werkzaamheden met het apparaat moeten de voorschriften ter preventie van ongevallen beslist in acht worden genomen. Vóór de eerste inbedrijfstelling moet u de hele gebruiksaanwijzing goed doorlezen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik zorgvuldig op een veilige plaats. Volg de gebruiks- en onderhoudsinstructies in de afzonderlijke gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor. Deze veiligheidsmaatregelen zijn onontbeerlijk voor uw veiligheid, maar deze opsomming is niet uitputtend. Gebruik het apparaat altijd verstandig en met verantwoordelijkheidsgevoel, en denk erom dat de gebruiker aansprakelijk wordt gesteld voor ongevallen met andere personen of voor schade aan hun eigendommen. Maak u vertrouwd met de bedieningsonderdelen en het gebruik van het apparaat. Het apparaat mag alleen worden gebruikt door personen die de gebruiksaanwijzing hebben gelezen en die met de bediening ervan vertrouwd zijn. Elke gebruiker moet vóór de eerste ingebruikname vragen om een deskundige en praktische instructie. De verkoper of een andere deskundige moet aan de gebruiker uitleggen, hoe hij veilig met het apparaat kan werken. Bij deze instructie moet de gebruiker er vooral bewust van worden gemaakt dat voor het werken met dit apparaat uiterste zorgvuldigheid en concentratie vereist zijn. Leen het apparaat inclusief accessoires alleen uit aan personen die met dit model en de bediening ervan vertrouwd zijn. De gebruiksaanwijzing is onderdeel van het apparaat en moet altijd worden meegegeven. Gebruik het apparaat alleen als u uitgerust bent en een goede lichamelijke en geestelijke conditie hebt. Als u een verminderde gezondheid heeft, dient u uw arts te vragen of u met het apparaat kunt werken. Na het gebruik van alcohol, drugs of medicijnen die de reactiesnelheid nadelig beïnvloeden, mag niet met het apparaat worden gewerkt. Kinderen of jongeren onder 16 jaar mogen de machine niet gebruiken. De minimumleeftijd van de gebruiker kan vastgelegd zijn in plaatselijke bepalingen. Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen (met name kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of door personen zonder ervaring en/of zonder kennis, tenzij deze personen onder toezicht staan van iemand die voor hun veiligheid verantwoordelijk is of van wie men instructies m.b.t. het gebruik heeft ontvangen. Houd kinderen onder toezicht om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen. Het apparaat is bedoeld voor privé gebruik. Let op – Gevaar voor ongevallen! De grasmaaier is alleen bedoeld voor het maaien van gras. Een andere toepassing is niet toegestaan en kan gevaarlijk zijn of schade aan het apparaat tot gevolg hebben.
3. Beschrijving van het
apparaat 1 Bovenstuk duwstang 2 Startkabel 3 Draaiknop 4 Onderstuk duwstang 5 Achterwiel 6 Snijhoogteverstelling 7 Primer 8 Behuizing 9 Voorwiel 10 Bougiestekker 11 Motor 12 Uitwerpklep 13 Grasopvangbox (stof) 14 Beugel wielaandrijving (MB 248 T) 15 Beugel motorstop
4. Voor uw veiligheid0478 111 9920 B - NL
Om persoonlijk letsel van de gebruiker te vermijden, mag de grasmaaier bijvoorbeeld niet worden ingezet voor volgende taken (onvolledige opsomming): – het trimmen van bosjes, heggen en struiken, – het snoeien van rankgewas, – gazononderhoud op dakbeplantingen en in bloembakken, – het hakselen en klein hakken van boom- en heggensnoeisel, – het schoonmaken van voetpaden (opzuigen, wegblazen), – het egaliseren van oneffenheden in de bodem, zoals bijv. molshopen. – het transporteren van maaigoed, buiten de in de daarvoor bedoelde grasopvangbox. Om veiligheidsredenen is het verboden wijzigingen aan het apparaat aan te brengen, behalve vakkundige montage van toebehoren die door VIKING zijn goedgekeurd. Bovendien heeft dit tot gevolg dat uw garantie vervalt. Neem voor informatie over goedgekeurde toebehoren contact op met uw VIKING vakhandelaar. Vooral elke wijziging aan het apparaat waardoor het vermogen of het toerental van de verbrandingsmotor of de elektromotor wordt veranderd, is verboden. Vervoer geen voorwerpen, dieren of personen, met name kinderen, met het apparaat. Bij het gebruik op openbare terreinen, parken, sportvelden, langs wegen en op land- en bosbouwbedrijven moet u bijzonder behoedzaam te werk gaan. Opgelet! Gevaar voor de gezondheid door trillingen! Een overmatige belasting door trillingen kan schade aan de bloedsomloop en het zenuwstelsel veroorzaken, vooral bij personen met circulatiestoornissen. Raadpleeg een arts wanneer er symptomen optreden die door de trillingen zouden kunnen zijn veroorzaakt. Deze symptomen treden voornamelijk op bij de vingers, handen of polsen en zijn bijvoorbeeld (onvolledige opsomming): – gevoelloosheid, – pijn, – slappe spieren, – huidverkleuringen, – onaangenaam kriebelen.
4.2 Tanken – omgaan met benzine
Bewaar de brandstof uitsluitend in geschikte en goedgekeurde reservoirs (jerrycans). Schroef de tankdoppen van de jerrycans altijd goed erop en draai de doppen stevig vast. Om veiligheidsredenen moeten defecte afsluitingen worden vervangen. Gebruik geen drankflessen of soortgelijke zaken om brandstoffen en smeermiddelen af te voeren of op te slaan, zoals bijv. benzine. Personen, met name kinderen, zouden in de verleiding kunnen komen om eruit te drinken. Houd benzine uit de buurt van vuur, permanent vuur, warmtebronnen en andere ontstekingsbronnen. Niet roken! Tank alleen in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken. Schakel de verbrandingsmotor voor het bijtanken uit en laat deze afkoelen. De benzine moet vóór het starten van de verbrandingsmotor worden bijgevuld. Bij een draaiende verbrandingsmotor of hete machine mag de tankdop niet worden geopend en mag er geen benzine worden bijgevuld. Vul de brandstoftank niet geheel, maar slechts tot ca. 4 cm onder de rand van de vulpijp, zodat de brandstof ruimte heeft om uit te zetten. Als er benzine is overgelopen, mag u de verbrandingsmotor pas starten nadat u het met benzine verontreinigde oppervlak hebt gereinigd. Start de verbrandingsmotor niet voordat de benzinedampen zijn verdampt (droog vegen). Gemorste brandstof moet meteen worden afgeveegd. Verwissel van kleding als er benzine op is gemorst. Sla het apparaat nooit op in een gebouw met benzine in de tank. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur of vonken in aanraking komen en ontbranden. Als de tank moet worden geleegd, moet dit in de buitenlucht worden uitgevoerd. Levensgevaarlijk! Benzine is giftig en in hoge mate ontvlambaar.75 DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL
4.3 Kleding en uitrusting
Draag tijdens werkzaamheden altijd stevige schoenen met grip. Werk nooit op blote voeten of bijvoorbeeld op sandalen. Bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden en tijdens het vervoer van de machine ook telkens stevige handschoenen dragen en lang haar samenbinden en bedekken (hoofddoek, muts enz.). Bij het slijpen van het maaimes moet altijd een geschikte veiligheidsbril worden gedragen. De machine mag alleen met een lange broek en nauwe kleding aan in gebruik worden genomen. Draag nooit losse kledingstukken die aan draaiende onderdelen (bedieningshendel) kunnen blijven hangen – ook geen sieraden, geen stropdassen en geen sjaals.
4.4 Transport van het apparaat
Werk uitsluitend met handschoenen aan om letsel door scherpe randen en hete onderdelen van het apparaat te voorkomen. Het apparaat niet met draaiende verbrandingsmotor verplaatsen. Schakel voor het transport de verbrandingsmotor uit, laat de messen uitlopen en trek de bougiestekker los. Transporteer het apparaat alleen met een afgekoelde verbrandingsmotor en zonder brandstof. Gebruik voor het laden geschikte hulpmiddelen (takel of laadhelling). Maak het apparaat en de erbij getransporteerde apparatuur (bijv. grasopvangbox) met geschikte bevestigingsmaterialen (gordels, kabels, enz.) vast aan het laadoppervlak. Maaimes bij het optillen en dragen niet aanraken. Raadpleeg de informatie in het hoofdstuk "Transport". Daar wordt beschreven hoe het apparaat op te tillen of vast te sjorren is. (Ö 12.) Houd u bij het transport van het apparaat aan de plaatselijke voorschriften, met name wat betreft de laadveiligheid en het transport van voorwerpen op laadoppervlakken.
Het moet duidelijk zijn, dat er alleen personen met het apparaat werken die de gebruiksaanwijzing kennen. Neem de gemeentelijk voorgeschreven tijden voor het gebruik van tuinapparatuur met verbrandingsmotor of elektromotor in acht. Controleer het complete terrein waarop de machine wordt gebruikt en verwijder alle stenen, stokken, kabels, botten en andere voorwerpen die door de machine omhoog kunnen worden geslingerd. Hindernissen (b.v. boomstronken, wortels) kunnen in het hoge gras eenvoudig over het hoofd worden gezien. Markeer daarom vóór het maaien alle in het gazon verborgen vreemde voorwerpen (hindernissen) die niet verwijderd kunnen worden. Vervang voordat u de machine gebruikt defecte geluiddempers en alle andere versleten en beschadigde delen. Onleesbare of beschadigde waarschuwingsaanwijzingen op de machine moeten worden vervangen. Stickers en alle verdere vervangingsonderdelen zijn verkrijgbaar bij uw VIKING vakhandelaar. Het apparaat mag alleen worden gebruikt als het in goede staat verkeert. Controleer vóór elk gebruik: – of het apparaat volgens de voorschriften is gemonteerd. – of het snijgereedschap en de complete snijeenheid (maaimes, bevestigingselementen, maaiwerkbehuizing) in onberispelijke staat zijn. Er moet vooral worden gecontroleerd op veilige montage, beschadigingen (kerven of scheuren) alsook slijtage.(Ö 11.5) – of de tankdop goed vastgeschroefd is. – of de tank en de brandstofvervoerende delen en de tankdop in onberispelijke staat zijn. – of de veiligheidsvoorzieningen (bijv. motorstopbeugel, uitwerpklep, behuizing, duwstang) in perfecte toestand zijn en naar behoren functioneren. – of de grasopvangbox onbeschadigd en volledig gemonteerd is; een beschadigde grasopvangbox mag niet gebruikt worden. – of de olie afsluitschroef goed opgeschroefd is.0478 111 9920 B - NL
Indien nodig de noodzakelijke werkzaamheden uitvoeren of toevertrouwen aan de vakhandelaar. VIKING beveelt de VIKING vakhandelaar aan.
4.6 Tijdens het werken
Werk nooit als er zich dieren of personen, in het bijzonder kinderen, binnen het gevaarlijke gebied bevinden. De op het apparaat geïnstalleerde schakel- en veiligheidsinrichtingen mogen niet worden verwijderd of overbrugd. In het bijzonder de motorstopbeugel nooit aan de duwstang vastzetten (bijv. door afbinden). Opgelet - kans op letsel! Houd handen of voeten nooit tegen of onder draaiende onderdelen. Raak het ronddraaiende mes nooit aan. Blijf altijd uit de buurt van de uitwerpopening. Neem steeds de door de duwstang bepaalde veiligheidsafstand in acht. De duwstang moet steeds goed gemonteerd zijn en mag niet veranderd worden. Gebruik het apparaat nooit met neergeklapte duwstang. Bevestig nooit voorwerpen aan de duwstang (bijv. werkkleding). Werk alleen bij daglicht of bij goede kunstverlichting. Werk niet met het apparaat bij regen, onweer en met name niet bij blikseminslaggevaar. Bij een vochtige ondergrond is er meer gevaar voor letsel, omdat de gebruiker minder stabiel staat. Om uitglijden te voorkomen moet er bijzonder voorzichtig worden gewerkt. Indien mogelijk het apparaat niet op een vochtige ondergrond gebruiken. Uitlaatgassen: Het apparaat genereert giftige uitlaatgassen zodra de verbrandingsmotor is ingeschakeld. Deze gassen bevatten giftig koolmonoxide, een kleur- en reukloos gas, en andere schadelijke stoffen. De verbrandingsmotor mag nooit in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes in werking worden gezet. Starten: Start de machine voorzichtig, volgens de aanwijzingen in het hoofdstuk ¨Machine in gebruik nemen¨. (Ö 10.) Bij het starten mag het apparaat niet worden gekanteld. Bij het starten mag de beugel voor wielaandrijving niet bediend worden. Start de verbrandingsmotor niet wanneer het uitwerpkanaal niet door de uitwerpklep of de grasopvangbox is afgedekt. Werken op hellingen: Hellingen altijd in de dwarsrichting, nooit in de lengterichting bewerken. Als de gebruiker bij het maaien in langsrichting de controle verliest over de grasmaaier kan hij overreden worden door het maaiende apparaat. Wees bijzonder voorzichtig als u op een helling van richting verandert. Let steeds op een goede stand bij hellingen en vermijd om met het apparaat te werken op zeer sterke hellingen. Om veiligheidsredenen mag het apparaat niet op hellingen steiler dan 25° (46,6 %) worden gebruikt. Kans op letsel! Een stijging van de helling van 25° betekent een verticale stijging van 46,6 cm bij een horizontale lengte van 100 cm. Voor gegarandeerd voldoende smering van de verbrandingsmotor moeten bij het gebruik van het apparaat op hellingen ook Levensgevaar door vergiftiging! Stop onmiddellijk met werken bij misselijkheid, hoofdpijn, zichtstoornissen (b v. blikvernauwing), slecht horen, duizeligheid of een verminderd concentratievermogen. Deze symptomen kunnen onder andere door een te hoge concentratie uitlaatgassen worden veroorzaakt.77 DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL de instructies in de meegeleverde gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor in acht worden genomen. Werken: Probeer niet om het mes te inspecteren zolang de grasmaaier werkt. Zolang het maaimes loopt, mag de uitwerpklep niet worden geopend en/of mag de grasopvangbox niet worden weggenomen. Het ronddraaiende mes kan letsel veroorzaken. Werk altijd stapvoets en ga bij het werken met het apparaat vooral niet rennen. Door snel te lopen met het apparaat is er meer kans op letsel door struikelen, uitglijden enz. Wees bijzonder voorzichtig als u het apparaat omdraait of naar u toe trekt. Struikelgevaar! U moet om in het gras verborgen voorwerpen heenrijden (beregeningsinstallaties, palen, waterkranen, fundamenten, stroomkabels etc.). Rijd nooit expres over dergelijke voorwerpen heen. Houd rekening met de uitloop van het snijgereedschap. Het duurt enkele seconden voordat het snijgereedschap helemaal tot stilstand is gekomen. Schakel de verbrandingsmotor uit, laat het werkgereedschap tot stilstand komen en trek de bougiestekker eruit, – wanneer u het apparaat verlaat of als het apparaat zonder toezicht is, – voordat u bijtankt. Tank alleen wanneer de verbrandingsmotor volledig is afgekoeld. Brandgevaar! – voordat u blokkades opheft of verstoppingen in het uitwerpkanaal verwijdert, – voordat u het apparaat optilt en draagt, – voordat u het apparaat transporteert, – voordat er werkzaamheden aan het maaimes worden verricht, – voordat het apparaat getest of gereinigd wordt of voordat sommige werkzaamheden uitgevoerd worden (bijv. omklappen van de duwstang), – wanneer een vreemd voorwerp geraakt werd of als de grasmaaier abnormaal hard begint te trillen. Controleer in deze gevallen het apparaat, in het bijzonder de snijeenheid (messen, messenas, mesbevestiging), op beschadigingen en voer de noodzakelijke herstellingen uit voordat u het apparaat opnieuw start en ermee aan de slag gaat. Schakel de motor uit, – wanneer u het apparaat van en naar het te bewerken gazon duwt, – voordat u het apparaat over een niet met gras begroeide ondergrond gaat duwen, – voor u de uitwerpklep opent of de grasopvangbox wegneemt, – wanneer het apparaat voor het transport gekanteld moet worden, – voordat de duwstang neergeklapt wordt.
4.7 Onderhoud en reparaties
Plaats het apparaat voorafgaand aan reinigings--, instel--, reparatie-- en onderhoudswerkzaamheden op een stevige, vlakke ondergrond, schakel de verbrandingsmotor uit en laat deze afkoelen en trek de bougiestekker eruit. Vooral voor werkzaamheden rondom de verbrandingsmotor, het uitlaatspruitstuk en de geluiddemper, het apparaat eerst laten afkoelen. De temperaturen kunnen tot 80° C en meer oplopen. Kans op brandwonden! Direct contact met motorolie kan gevaarlijk zijn, ook mag motorolie niet worden gemorst. Gevaar voor letsel! Houd handen of voeten nooit boven, onder of tegen draaiende onderdelen. Kans op letsel! Hard trillen wijst meestal op een storing. De grasmaaier mag met name niet worden gebruikt als de krukas beschadigd of verbogen is of als het maaimes beschadigd of verbogen is. Laat de noodzakelijke herstellingen door een vakman – VIKING beveelt de VIKING vakhandelaar aan – uitvoeren, indien u niet over de nodige kennis beschikt. Kans op letsel door het maaimes! Door aan de startkabel te trekken krijgt het werkgereedschap een draaibeweging. Houd altijd voldoende afstand tot het maaimes, in het bijzonder de handen en de voeten, wanneer u aan de startkabel trekt.0478 111 9920 B - NL
VIKING adviseert het bijvullen resp. verversen van motorolie door een VIKING vakhandelaar te laten uitvoeren. Reiniging: na gebruik moet het gehele apparaat zorgvuldig worden gereinigd. (Ö 11.2) Ledig vóór het plaatsen in reinigingspositie de brandstoftank (bijv. door leegrijden). Maak de aangekoekte resten gras in de behuizing met een houten staaf los. Reinig de onderkant van de grasmaaier met een borstel en water. Gebruik nooit hogedrukreinigers en reinig het apparaat niet onder stromend water (bijv. met een tuinslang). Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen. Dergelijke reinigingsmiddelen kunnen kunststoffen en metalen zodanig beschadigen dat de veiligheid van uw VIKING apparaat wellicht in het geding komt. Om brandgevaar te voorkomen, moet u de gebieden rond de koelluchtopeningen, koelvinnen en rondom de uitlaat vrij houden van bijv. gras, stro, mos, bladeren of uitstromend vet. Onderhoudswerkzaamheden: Er mogen alleen onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd die in deze gebruiksaanwijzing worden vermeld. Alle andere werkzaamheden dient u door uw vakhandelaar te laten uitvoeren. Neem altijd contact op met uw vakhandelaar als u niet over de vereiste kennis en gereedschappen beschikt. VIKING raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend door de VIKING vakhandelaar te laten uitvoeren. VIKING vakhandelaars volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld. Gebruik uitsluitend gereedschappen, accessoires of combi-apparaten die voor dit apparaat door VIKING zijn toegelaten of technisch gelijkwaardige delen, anders is er kans op ongevallen met letsel of schade aan het apparaat. Neem bij vragen contact op met een vakhandelaar. Originele VIKING gereedschappen, accessoires en vervangingsonderdelen zijn wat betreft hun eigenschappen optimaal op het apparaat en de behoeften van de gebruiker afgestemd. Originele VIKING vervangingsonderdelen zijn herkenbaar aan het VIKING onderdeelnummer, het VIKING logo en eventueel het VIKING symbool op de onderdelen. Op kleine onderdelen kan ook alleen het teken staan. Om veiligheidsredenen moeten brandstofvervoerende onderdelen (brandstofleiding, brandstofkraan, brandstoftank, tankdop, aansluitingen enz.) regelmatig op beschadigingen en lekkages worden geïnspecteerd en indien nodig door een erkende monteur worden vervangen (VIKING raadt de VIKING vakhandelaar aan). Houd waarschuwings- en instructiestickers altijd leesbaar en schoon. Beschadigde of verloren gegane stickers moeten via uw VIKING vakhandelaar door nieuwe originele stickers worden vervangen. Let er bij het vervangen van een onderdeel door een nieuw onderdeel op dat het nieuwe onderdeel van dezelfde stickers is voorzien. Werk aan de snijeenheid uitsluitend met dikke werkhandschoenen en met de uiterste voorzichtigheid. Zorg voor een veilig gebruik van het apparaat en zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven, en zeker de mesbout goed zijn vastgedraaid. Inspecteer het gehele apparaat en de grasopvangbox op gezette tijden, in het bijzonder voor de opslag van het apparaat (bijv. voor de winterpauze), op slijtage en beschadigingen. Versleten of beschadigde onderdelen moeten om veiligheidsredenen direct worden vervangen, om ervoor te zorgen dat de machine altijd in veilige staat is. Wijzig de instellingen van de verbrandingsmotor nooit en jaag deze niet over zijn toeren. Als onderdelen of veiligheidsvoorzieningen voor onderhoudswerkzaamheden zijn verwijderd, moeten deze weer meteen en correct worden aangebracht.
4.8 Opslag bij langdurige
bedrijfsonderbrekingen Laat de verbrandingsmotor afkoelen voordat u het apparaat in een afgesloten ruimte plaatst. Bewaar het apparaat met een lege tank en de brandstofvoorraad in een afsluitbare en goed geventileerde ruimte. Controleer of het apparaat tegen gebruik door onbevoegden (bijv. kinderen) is beveiligd.79 DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL Sla het apparaat nooit op in een gebouw met benzine in de tank. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur of vonken in aanraking komen en ontbranden. Als de tank moet worden geledigd zoals voor het stilleggen voor de winterpauze, mag de brandstoftank uitsluitend in de open lucht worden geledigd (bijv. leegrijden door de motor te laten draaien). Reinig het apparaat voor het opslaan (bijv. winterpauze) grondig. Apparaat alleen met uitgetrokken bougiestekker bewaren. Sla het apparaat in een veilige staat op.
Afvalproducten zoals verbruikte olie of brandstof, verbruikte smeermiddelen, filters, accu's en soortgelijke slijtageonderdelen zijn slecht voor mensen en dieren en kunnen het milieu beschadigen en moeten derhalve deskundig worden afgevoerd. Neem contact op met het Recycling Center of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan. Voer een apparaat aan het eind van de levensduur ervan op de daarvoor bestemde wijze af. Maak het apparaat onbruikbaar voordat het als afval wordt verwerkt. Verwijder om ongevallen te voorkomen vooral de bougiekabel, maak de tank leeg en tap de motorolie af. Kans op letsel door het maaimes! Laat ook een grasmaaier aan het eind van de levensduur ervan nooit zonder toezicht staan. Bewaar het apparaat en in het bijzonder het maaimes altijd buiten het bereik van kinderen.
5. Toelichting van de
symbolen Let op! Lees vóór inbedrijfstelling de gebruiksaanwijzing. Gevaar voor letsel! Houd andere personen uit de gevarenzone. Kans op letsel! Vóór werkzaamheden aan het snijgereedschap en onderhoud- en reinigings- werkzaamheden de bougiestekker eruit trekken. Kans op letsel! De snijvoorziening loopt na het uitschakelen nog een aantal seconden na (rem van de verbrandingsmotor/messen- rem). MB 248 T: Wielaandrijving inschakelen. MB 248 T: Motor starten.0478 111 9920 B - NL
● Zet het apparaat voor alle beschreven werkzaamheden op een vlakke en stevige ondergrond.
7.2 Duwstang monteren
● Bout met vlakke kop (E) door de kabelgeleiding (F) steken. ● Kabelgeleiding (F) aan de trekkabel motorstop (2) vasthaken. ● MB 248 T: Kabelgeleiding (F) aan de trekkabel wielaandrijving (3) vasthaken. ● Bovenstuk duwstang (1) naar boven klappen en aan beide onderstukken van duwstang (4) hechten. Bouten met vlakke kop (E) – links met kabelgeleiding (F), rechts zonder – van binnen naar buiten door boringen steken en met draaiknoppen (D) vastschroeven. MB 248 T: Schakel de motor uit.
Pos. Omschrijving Stk. A Basistoestel 1 B Weefsel grasopvangbox 1 C Frame grasopvangbox 1 D Draaiknop 2 E Bout met vlakke kop 2 F Kabelgeleiding 1
- Gebruiksaanwijzing 1
- Gebruiksaanwijzing motor 1
7. Apparaat klaarmaken voor
gebruik Gevaar voor letsel Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk ´Voor uw veiligheid´ in acht. (Ö 4.). Gevaar voor knellen! Tijdens het aandraaien van de beide draaiknoppen (D) het bovenstuk duwstang (1) met één hand op het hoogste punt vasthouden.
Monteren: ● Bougiestekker uit de verbrandingsmotor trekken. ● Motorstopbeugel (1) naar de duwstang drukken en vasthouden. ● Startkabel (2) langzaam uittrekken en in de kabelhouder (3) inhaken. ● Startkabel (2) en motorstopbeugel (1) langzaam lossen. ● Bougiestekker aansluiten. Demonteren: ● Bougiestekker uit de verbrandingsmotor trekken. ● Motorstopbeugel (1) naar de duwstang drukken en vasthouden. ● Startkabel (2) langzaam uittrekken en in de kabelhouder (3) inhaken ● Startkabel (2) langzaam terugplaatsen en de motorstopbeugel (1) loslaten. ● Bougiestekker aansluiten.
7.4 Bovenstuk duwstang
inklappen Voor ruimtebesparend transporteren en opslaan kan het bovenstuk van de duwstang (1) ingeklapt worden. ● Startkabel loshaken. (Ö 7.3) ● Draaiknop (3) aan beide kanten losdraaien (linksom eruit draaien). ● Bovenstuk van duwstang (1) naar voor klappen.
7.5 Grasopvangbox in elkaar
zetten ● Weefsel van grasopvangbox (B) over het frame van de grasopvangbox (C) trekken. Hierbij de handgreep (1) door de uitsparing (2) in het weefsel van de grasopvangbox (B) steken. ● Bevestigingsklemmen (3) aan het weefsel van de grasopvangbox (B) aan de boven- en onderzijde en zijdeling op het frame van de grasopvangbox (C) vastklemmen.
Kans op letsel! Voor het inklappen de verbrandingsmotor uitschakelen en de bougiestekker lostrekken. Het bovenstuk duwstang (1) mag niet met bijkomend gewicht opgezadeld worden (bijv.door werkkleding te hangen op het bovenstuk van de duwstang). Gevaar voor knellen! Door het losdraaien van de beide draaiknoppen (3) kan het bovenstuk van de duwstang (1) onafhankelijk van elkaar inklappen. Daarom het bovenstuk duwstang (1) voor het losmaken van de beide draaiknoppen (3) in de hoogste stand vasthouden.
Voorkom schade aan de machine! Bij de montage van het weefsel van de grasopvangbox (B) niet over de handgreep (1) van het frame van de grasopvangbox (C) trekken (op de uitsparing (2) in het weefsel van de grasopvangbox (B) letten!). 50478 111 9920 B - NL
en vasthaken Monteren: ● Uitwerpklep (1) openen en vasthouden. ● Grasopvangbox (2) bij de handgreep (3) vasthouden en geleid deze naar het uitwerpkanaal van de grasmaaier. ● De geleideplaat van de grasopvangbox boven de dwarssteunstang (4) plaatsen ● De grasopvangbox (2) met de beide bevestigingsnokken (5) – links en rechts – links in de opname van de grasopvangbox (6) inhaken. ● Grasopvangbox loslaten en uitwerpklep (1) langzaam sluiten. Demonteren: ● Uitwerpklep (1) openen en vasthouden. ● Grasopvangbox (2) bij de handgreep (3) vasthouden en langzaam optillen totdat beide bevestigingsnokken (5) uit de bevestiging van de opname van grasopvangbox (6) los zijn gekomen. ● Grasopvangbox naar achteren eruit halen en daarbij de geleideplaat voorzichtig uit het uitwerpkanaal trekken. ● Uitwerpklep (1) langzaam sluiten.
snijhoogteverstelling Er kunnen 7 verschillende snijhoogtes tussen 25 mm en 75 mm worden ingesteld. Snijstand 1: laagste snijhoogte Snijstand 7: hoogste snijhoogte ● Hendel snijhoogteverstelling (1) met één hand naar het achterwiel (2) drukken en vasthouden. ● Hendel snijhoogteverstelling (1) in de gewenste stand zetten. ● Hendel snijhoogteverstelling (1) langzaam loslaten en vastklikken.
7.8 Brandstof en motorolie
Motorolie: Gegevens over de te gebruiken motorolie en de vulhoeveelheid olie vindt u in de gebruiksaanwijzing onder het punt van de verbrandingsmotor. Controleer het oliepeil regelmatig (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). Zorg ervoor dat de olie niet onder of boven het juiste peil komt te staan. Brandstof: Advies: Recente merkbrandstoffen. Gegevens over de brandstofkwaliteit (octaangetal) vindt u in de gebruiksaanwijzing onder het punt van de verbrandingsmotor; – Loodvrije benzine Voor het tanken dient men een trechter te gebruiken (niet meegeleverd). Kans op letsel! Vóór het monteren en wegnemen van de grasopvangbox moet de motor worden uitgeschakeld!
Kans op letsel! Vóór het verstellen van de snijhoogte de verbrandingsmotor uitschakelen.
Kans op letsel! De waarschuwingen in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" in acht nemen. (Ö 4.) Voorkom schade aan de machine! Motorolie bijvullen voordat u het apparaat voor de eerste keer start (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). VIKING raadt u aan om voor het vullen met motorolie een aangepast vulhulpstuk (bijv. trechter) te gebruiken. Het apparaat wordt geleverd zonder vulhulpstuk.
De grasmaaier is voorzien van een motorstop-: Na het activeren van de motorstop-functie – loslaten van de motorstopbeugel (15) – wordt de motor uitgeschakeld. De motor en de maaimessen komen binnen de 3 seconden tot stilstand. Een fraai en vol gazon ontstaat, – wanneer met lage snelheid gemaaid wordt. – wanneer het gazon vaak gemaaid en kort gehouden wordt. – wanneer bij warm en droog weer het gazon niet te kort gemaaid wordt, omdat het anders verbrandt door de zon en lelijk wordt. – wanneer met scherpe maaimessen gewerkt wordt – daarom de maaimessen regelmatig laten slijpen (dealer). – wanneer de snijrichting regelmatig wordt gewisseld.
Starten bij een koude motor: ● Primer (1) driemaal indrukken. ● Beugel motorstop (2) naar de duwstang drukken en houd deze vast. ● Startkabel (3) langzaam tot aan de compressorweerstand uittrekken. Daarna krachtig en snel tot armlengte verder trekken. Laat de startkabel (3) weer langzaam teruggaan, opdat deze weer correct wordt opgerold. Herhaal dit tot de motor begint te draaien. Starten bij een warme motor: ● Starten zoals bij een koude motor. Het op de primer (1) drukken vervalt.
8. Veiligheidsvoorzieningen
9. Aanwijzingen voor werken
10. Apparaat in gebruik
nemen Voorkom schade aan de machine! Start de motor niet in hoog gras of ingesteld op de laagste snijhoogte. Dit kan een zware opstart tot gevolg hebben. Na het starten werkt de motor op basis van een vaste aandrijfsnelheid altijd op het optimale toerental. Voorkom schade aan de machine! Bij een warme motor moet de primer niet meer worden ingedrukt. Weet echter dat de motor bij zeer koud weer snel kan afkoelen. 90478 111 9920 B - NL
uitschakelen Laat de motorstopbeugel (15) los om de verbrandingsmotor uit te schakelen. De verbrandingsmotor en het maaimes komen na een korte uitlooptijd tot stilstand.
10.3 Beugel wielaandrijving
(MB 248 T) Wielaandrijving inschakelen: ● Motor starten. (Ö 10.1) ● De beugel voor wielaandrijving (1) naar de duwstang trekken en houd deze vast. De wielaandrijving schakelt in en de grasmaaier zet zich vooruit in beweging. Wielaandrijving uitschakelen: ● Beugel wielaandrijving (1) loslaten. De wielaandrijving schakelt uit en de grasmaaier blijft staan. De motor draait verder.
Jaarlijks onderhoud door de vakhandelaar: De grasmaaier moet elk jaar door een vakhandelaar worden geïnspecteerd. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.
11.2 Apparaat reinigen
Onderhoudsinterval: Na elk gebruik Reinigingspositie: ● Snijstand 1 kiezen. (Ö 7.7) ● Het bovenstuk van de duwstang (1) losmaken door het uitdraaien van de beide draaiknoppen (2). ● Uitwerpklep openen en vasthouden. ● Apparaat in de reinigingspositie plaatsen tot het zelfstandig in de reinigingspositie staat.
11.3 Verbrandingsmotor
Onderhoudsinterval: zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor. Algemene aanwijzingen: Neem de gebruiks- en onderhoudsinstructies in de bijgevoegde gebruiksaanwijzing onder het punt van de verbrandingsmotor in acht. Voor een lange levensduur is het van belang de olie op peil te houden, regelmatig de olie te verversen alsook het luchtfilter te vervangen. Voor de aanbevolen oliewissel-intervallen en informatie over motorolie en de vulhoeveelheid olie verwijzen wij u ook naar het punt van de verbrandingsmotor in de gebruiksaanwijzing. De koelvinnen moeten altijd schoon worden gehouden om een goede koeling van de verbrandingsmotor te garanderen.
11.4 Slijtagegrenzen van het
maaimes controleren Onderhoudsinterval: Voor elk gebruik. De grasmaaier MB 248 T is voorzien van een wielaandrijving Kans op letsel! Vóór het wegnemen van de grasopvangbox moet de motor om veiligheidsredenen worden uitgeschakeld.
Gevaar voor letsel! Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk ´Voor uw veiligheid´ in acht. (Ö 4.). Kans op letsel! Zet de motor af en trek de bougiestekker eruit. Ledig vóór het plaatsen in reinigingspostie de brandstoftank (leeg rijden). Het apparaat staat enkel met geopende uitwerpklep veilig in de reinigingspositie.
Kans op letsel! Let op de veiligheidsinstructies in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid". (Ö 4.)
DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL Procedure: Voor elke procedure dient het maaimes (1) grondig te worden gereinigd. ● Zet het apparaat in de reinigingsstand. (Ö 11.2) Dikte van het maaimes: De dikte van het mes (A) moet overal minstens 2mm zijn. De belangrijkste punten zijn op de afbeelding gemarkeerd. (controle met schuifmaat). Slijtagegrens van de lemmeten: De lemmeten mogen bij het slijpen maximaal 5mm – Afstand (B) – teruggeslepen worden. Leg ter controle een liniaal (2) tegen de voorste mesrand (3) en controleer de slijtage.
11.5 Maaimes onderhouden
Onderhoudsinterval: Na elke 25 uren gebruikstijd. Maaimes demonteren: Gebruik voor de demontage een houtblok (1) (ca. 60 x 60 mm) om het maaimes (2) tegen te houden. ● Mesbout (3) losdraaien en eruit draaien. Mesbout (3), schijf (4) en maaimes (2) wegnemen. Maaimes slijpen Slijp het maaimes met inachtneming van de volgende punten: ● Koel het maaimes tijdens het slijpen, bijvoorbeeld met water. Het mes mag niet blauw worden, omdat anders de snijresultaten minder worden. ● Slijp het maaimes gelijkmatig om vibratie door onbalans te voorkomen. ● Houd de slijphoek van 30° aan. ● Houd tijdens het slijpen rekening met de slijtagegrenzen. Maaimes monteren: Monteer het maaimes (2) met de omhoog gebogen randen naar boven. Gebruik voor de montage een houtblok (1) (ca. 60 x 60 mm) om het maaimes (2) tegen te houden. ● Maaimes (2) aan messenbus (5) bevestigen en met de mesbout (3) en borgring (4) met een aandraaimoment van 60 - 65 Nm vastdraaien.
11.6 Opslag (winterpauze)
Neem bij een langere stilstand van de machine (winterpauze) de volgende punten in acht: Kans op letsel! Let op de veiligheidsinstructies in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid". (Ö 4.) Wij raden aan om het maaimes door een dealer te laten slijpen.
Kans op letsel! Draag tijdens het slijpen altijd een veiligheidsbril en handschoenen. Kans op letsel! Bij het bijslijpen van het maaimes moeten de slijtagegrenzen en de snijhoek van 30° te allen tijde worden aangehouden. Het maaimes moet worden vervangen zodra inkepingen of scheuren te zien zijn of als de gegevens in het hoofdstuk "Slijtagegrenzen van de messen" worden onderschreden. Kans op letsel! Het voorgeschreven aandraaimoment van de mesbout van 60 - 65 Nm moet precies worden aangehouden De borgring (4) moet bij elke montage van een mes vernieuwd worden. Mesbout (3) extra met Loctite 243 borgen. Kans op letsel! Een versleten maaimes kan afbreken en ernstig letsel veroorzaken. Volg daarom steeds de onderhoudsinstructies voor het mes. Maaimessen worden afhankelijk van de toepassing en de gebruiksduur in meer of mindere mate slijtagegevoelig. Als u het apparaat op een zanderige ondergrond en veelvuldig in droge omstandigheden gebruikt, slijt het maaimes door een sterkere belasting sneller dan gemiddeld. De borgring dient bij elke montage van de messen vernieuwd te worden. Vervang bij het vervangen van het maaimes ook altijd de mesbout. Lees vóór het opslaan het hoofdstuk ¨Voor uw veiligheid¨ en volg de instructies op. (Ö 4.)0478 111 9920 B - NL
● Maak alle onderdelen aan de buitenkant van de machine zorgvuldig schoon. ● Smeer alle bewegende delen goed in met olie of vet. ● Ledig de brandstoftank en de carburator (bijv. door leeg te rijden). ● Schroef de bougie eruit (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor) en giet ca. 3 cm³ motorolie in de bougieboring in de verbrandingsmotor. Laat de verbrandingsmotor een paar keer zonder bougie doordraaien (aan de startkabel trekken). ● Bougie terug inschroeven (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). ● Ververs de olie (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). ● Apparaat in een droge, afgesloten en stofvrije ruimte opslaan. Bewaar het apparaat altijd buiten het bereik van kinderen.
Apparaat optillen of dragen: ● U mag het apparaat alleen aan de handgreep (1) en aan het bovenstuk van de duwstang (2) of aan de beide onderstukken van de duwstang (3) optillen of dragen (zie afbeelding A). Apparaat transporteren: Maak het apparaat voor het transport op een laadoppervlak (o.a. aanhanger, auto) vast met hiervoor geschikte en voldoende grote bevestigingsmaterialen, zodat het apparaat niet kan verschuiven. Maak de touwen resp. gordels aan de volgende punten van het apparaat vast: – Voorwiel, achterwiel – Onderstuk duwstang Brandgevaar! Houd de bougiestekker wegens ontstekingsgevaar uit de buurt van de bougieopening.
Kans op letsel! Lees vóór het transport het hoofdstuk ¨Voor uw veiligheid¨ en volg de instructies op. (Ö 4.) Draag het apparaat alleen met behulp van iemand anders. Draag steeds geschikte beschermkleding (veiligheidsschoenen, werkhandschoenen). Voor het optillen of transporteren, de bougiestekker lostrekken. Kans op letsel! Het apparaat slechts vastmaken als het op de vier wielen staat. In deze opstelling ligt het maaimes niet vrij en kan er geen motorolie of brandstof wegvloeien (zie afbeelding B).
DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL Grasresten horen niet in de vuilnisbak, maar moeten worden gecomposteerd. De verpakkingen, het apparaat en de accessoires zijn met recycleerbaar materiaal gefabriceerd en moeten overeenkomstig worden verwerkt. Door materiaalresten afzonderlijk en milieubewust te verwerken, ondersteunt u de recyclage van waardevolle stoffen. Daarom moet het apparaat na afloop van de gebruikelijke levensduur als bijzonder afval worden verwerkt. Raadpleeg bij het afvoeren de informatie in het hoofdstuk ´Afvoeren´ (Ö 4.) Neem contact op met het Recycling Center of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. Belangrijke aanwijzingen voor het onderhoud van de productgroep Grasmaaiers met benzinemotor De firma VIKING aanvaardt in geen geval aansprakelijkheid voor materiële schade en persoonlijk letsel die veroorzaakt zijn als gevolg van het niet in acht nemen van de instructies in de gebruiksaanwijzing, met name betreffende veiligheid, bediening en onderhoud, of die door gebruik van niet toegestane montage- of reserveonderdelen optreden. Neem de volgende belangrijke aanwijzingen in acht om schade of overmatige slijtage aan uw VIKING apparaat te vermijden:
1. Slijtageonderdelen
Sommige onderdelen van het VIKING apparaat zijn ook bij reglementair gebruik aan normale slijtage onderhevig en moeten afhankelijk van de gebruikswijze en gebruiksduur tijdig worden vervangen. Dit omvat o.a.: –mes – grasopvangbox – V-riem (MB 248 T)
2. Inachtneming van de voorschriften in
deze gebruiksaanwijzing Het VIKING apparaat moet zo zorgvuldig mogelijk worden gebruikt, onderhouden en opgeslagen, zoals omschreven in deze gebruiksaanwijzing. Voor alle beschadigingen die door het niet in acht nemen van veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen worden veroorzaakt, is de gebruiker zelf verantwoordelijk. Dit geldt met name voor: – niet door VIKING toegelaten productwijzigingen. – het gebruik van brandstoffen niet door VIKING toegelaten (smeermiddelen, benzine en motorolie, zie gegevens van de fabrikant). – Het gebruik van gereedschappen of toebehoren die niet voor het apparaat zijn goedgekeurd, niet geschikt zijn of van een minder goede kwaliteit zijn. – niet reglementair gebruik van het product. – gebruik van het product bij sport- of wedstrijdevenementen. – gevolgschade door een product met defecte onderdelen verder te gebruiken.
3. Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhoud" vermelde werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd. Voor zover deze onderhoudswerkzaamheden niet door de gebruiker zelf kunnen worden uitgevoerd, moeten deze aan een vakhandelaar worden overgedragen. VIKING raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij de VIKING vakhandelaar te laten uitvoeren. VIKING vakhandelaars volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld.
schade voorkomen0478 111 9920 B - NL
Worden deze werkzaamheden niet uitgevoerd, dan kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker verantwoordelijk is. Hiertoe behoren onder andere: – corrosie en andere gevolgschade door ondeskundige opslag. – beschadigingen aan het apparaat door het gebruik van kwalitatief minderwaardige reserveonderdelen. – beschadigingen door niet tijdig of ondeskundig uitgevoerd onderhoud resp. beschadigingen door onderhouds- of reparatiewerkzaamheden die niet in werkplaatsen van vakhandelaars zijn uitgevoerd. Maaimes
Wij, VIKING GmbH Hans Peter Stihl-Straße 5 A 6336 Langkampfen/Kufstein verklaren, dat de Grasmaaier, handgeduwd met verbrandingsmotor (MB) die voldoet aan de volgende EG richtlijnen: 97/68/EC, 2000/14/EC, 2004/108/EC, 2006/42/EC Dit product is ontwikkeld in overeenstemming met de volgende normen: EN 836 Toegepaste conformiteitsbeoordelingsprocedure: appendix VIII (2000/14/EC) Naam en adres van de bevoegde instantie: TÜV Rheinland LGA Products GmbH Tillystraße 2 D-90431 Nürnberg Samenstelling en klassement van de Technische Documentatie: Johann Weiglhofer VIKING GmbH Het bouwjaar en het serienummer staan vermeld op het typeplaatje van het apparaat.
reserveonderdelen De bevestigingselementen van het maaimes (bijv. mesbout) moeten bij het verwisselen of monteren van het mes worden vervangen. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij de VIKING vakhandelaar.
conformiteitsverklaring van de fabrikant Merk: VIKING Type: MB 248.1 MB 248.1 T Serie identificatie 635089 DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL Gemeten geluidsniveau: 95,2 dB(A) Gegarandeerd geluidsniveau: 96 dB (A) Langkampfen, 2012-01-02 (JJJJ-MM-DD) VIKING GmbH Hoofd Onderzoek en Productontwikkeling
17. Technische gegevens
MB 248.1 / MB 248.1 T: Serie identificatie 6350 Motor, type: Viertaktverbran- dingsmotor Motortype: B&S Nominaal vermogen bij nominaal toerental: 1,9 - 2900 kw-omw/min Cilinderinhoud: 148 ccm Brandstoftank: 0,9 l Soort snijvoorziening: mesbalk Snijbreedte: 46 cm Toerental snijvoorziening: 2900 omw/min Hoogste motortoerental: 2900 omw/min Volgens richtlijn 2000/14/EC: Gegarandeerd geluidsniveau L WAd 96 dB(A) Volgens richtlijn 2006/42/EC: Geluidsdrukniveau op werkplek L
1 dB(A) Opgegeven trillings- karakteristiek conform EN 12096: Gemeten waarde
Onzekerheid K 2,43 m/sec
Meting conform EN 20643 Veiligheidsvoorzie- ningen: Motorstop Startinrichting: Trekstarter Aandraaimoment mesbout: 60 - 65 Nm Wielaandrijving ach- terwiel MB 248.1 T: 1 versnelling vooruit Voorwiel afmetingen: 180 mm Achterwiel afmetingen: 200 mm Snijhoogte: 25 - 75 mm Capaciteit grasopvangbox: 45 l L/B/H: 143/52/102 Gewicht: 27/29 kg MB 248.1 / MB 248.1 T:0478 111 9920 B - NL
Storing: Motor slaat niet aan Mogelijke oorzaak: – Beugel motorstop niet geactiveerd. – Geen brandstof in de tank; brandstofleiding verstopt. – Slechte, vervuilde of oude brandstof in de tank. – Luchtfilter vuil. – Bougiestekker is van bougie afgekoppeld; ontstekingskabel is niet goed op de stekker aangesloten. – Bougie vol roet of beschadigd; verkeerde afstand elektroden. – Primer niet ingedrukt. Oplossing: – Motorstopbeugel naar de duwstang drukken en houd deze vast. (Ö 8.1) – Brandstof bijvullen; brandstofleidingen reinigen. # – Alleen verse merkbrandstof, normale loodvrije benzine gebruiken; carburator reinigen. # – Luchtfilter reinigen. # – Bougiestekker aanbrengen; verbinding tussen ontstekingskabel en stekker controleren. # – Bougie reinigen of vervangen; afstand elektroden instellen. # – Primer voor het starten 3 maal indrukken. (Ö 10.1) Storing: Slecht starten of verminderen van het vermogen van de verbrandingsmotor. Mogelijke oorzaak: – Behuizing van de grasmaaier verstopt. – U maait met een te lage snijstand of met een te hoge rijsnelheid. – Er zit water in de brandstoftank en carburator; de carburator is verstopt. – Brandstoftank vervuild. – Luchtfilter vuil. – Bougie vol roet. Oplossing: – Behuizing van de grasmaaier reinigen (bougiestekker lostrekken!). (Ö 11.2) – Kleinere werkdiepte instellen of de rijsnelheid verlagen. (Ö 7.7) – Brandstoftank ledigen, brandstofleiding en carburator reinigen. # – Brandstoftank reinigen. # – Luchtfilter reinigen. # – Bougie reinigen. # Storing: Verbrandingsmotor wordt zeer heet. Mogelijke oorzaak: – Te laag oliepeil in de verbrandingsmotor. – Koelribben zijn vuil. Oplossing: – Motorolie verversen. (Ö 7.8) – Koelribben reinigen. (Ö 11.2) Storing: Sterke trillingen tijdens gebruik. Mogelijke oorzaak: – Snijeenheid defect. – Bevestiging van de verbrandingsmotor is los. Oplossing: – Maaimes, messenas en mesbevestiging (mesbout en borgring) controleren en zo nodig herstellen. # – Bevestigingsbouten van de verbrandingsmotor aandraaien. #
# Neem eventueel contact op met een vakhandelaar, VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan. @ zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.91 DEENFRITESPTNOSVFIDASKCSEL NL 0478 111 9920 B - NL
SimpelGids