GAS 210 ECO PRO - Cv-ketel Remeha - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GAS 210 ECO PRO Remeha in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over GAS 210 ECO PRO Remeha
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Cv-ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GAS 210 ECO PRO - Remeha en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GAS 210 ECO PRO van het merk Remeha.
GEBRUIKSAANWIJZING GAS 210 ECO PRO Remeha
3.3.1 Parameters veranderen op gebruikersniveau (zonder toegangscode) ..............................13
3.5.1 De ketel voor langere tijd uit bedrijf stellen, met vorstbeveiliging ..................................14
3.5.2 De ketel voor langere tijd uit bedrijf stellen, zonder vorstbeveiliging................................14
Voorwoord Voorwoord Deze gebruikershandleiding, met veel praktische informatie over de Remeha Gas 210 ECO PRO, een Hoog Rendement cv-toestel, is met name bedoeld voor de eindgebruiker. Het bevat belangrijke aanwijzingen om een veilig en storingsvrij functioneren van de ketel mogelijk te maken. Lees vóór het in werking stellen van de ketel deze handleiding goed door, maak u met de werking en de bediening van de ketel goed vertrouwd en volg de gegeven aanwijzingen stipt op. Daarnaast is ook informatie opgenomen over de ketel in het alge- meen, het oplossen van eventuele storingen en technische specifi- caties van de ketel. Remeha B.V. werkt continu aan verbetering van haar producten. De in deze handleiding gepubliceerde gegevens zijn gebaseerd op de meest recente informatie. Zij worden verstrekt onder voorbe- houd van latere wijzigingen. Wij behouden ons het recht voor, op ongeacht welk moment, de constructie en/of uitvoering van onze producten te wijzigen zonder verplichting eerder gedane leveran- ties dienovereenkomstig aan te passen.27102015 - 114500-06
1.1 Toegepaste pictogrammen
In deze handleiding gebruiken we de volgende pictogrammen om bepaalde aanwijzingen extra onder de aandacht te brengen. We doen dit om uw persoonlijke veiligheid te verhogen en om de tech- nische bedrijfszekerheid van de ketel te waarborgen. De gebruikte pictogrammen zijn: Nuttig of handig advies. Belangrijke aanwijzing bij de uitvoering van een handeling. Mogelijk gevaar voor persoonlijk letsel of materiële schade aan ketel, gebouw of milieu. Mogelijk gevaar voor elektrische schokken. Er kan zwaar persoonlijk letsel optreden.
1.2 Belangrijke instructies
Uw installateur levert meestal een gebruikersinstructie voor de hele installatie. Volg, indien aanwezig, allereerst deze gebruikers- instructies op.
Werkzaamheden aan de ketel De installatie, inbedrijfstelling, onderhoud en reparatie mogen alleen door vakkundige installateurs met voldoende kwalificaties uitgevoerd worden volgens de geldende nationale en lokale normen en voorschriften. Instructie- en waarschuwingsstickers die zijn aangebracht op de ketel mogen nooit verwijderd of afgedekt worden en moeten gedurende de gehele levensduur van de ketel leesbaar zijn. Als aanvulling op de informatie, verstrekt in deze handleiding, die- nen ook de, algemeen geldende, veiligheidsvoorschriften ter voor- koming van ongelukken geraadpleegd te worden.
Volg de aangegeven veiligheidsinstructies stipt op.
Ruikt u gaslucht? Handel als volgt:
- rooknietenmaakgeenvuurofvonken;
- bediengeenelektrischeschakelaars;
- waarschuwaanwezigenenverlaatsamenhetpand;
Ruikt u rook- of verbrandingsgassen? Handel als volgt:
- schakeldeelektrischevoedingvandeketeluit;
- waarschuwaanwezigenenverlaatsamenhetpand;
Opstellingsruimte van de ketel!
- bewaarofgebruikgeenontvlambarematerialen,agressieve stoffenen/ofspuitbussenbijdeketel;
- deopstellingsruimtemoetvorstvrijzijn;
1x per jaar onderhoud Voor een veilige en optimale werking moet de ketel eenmaal per jaar door een erkend installateur worden gecontroleerd.27102015 - 114500-06GAS 210 ECO PRO
3.1 Het bedieningspaneel
Het bedieningspaneel van de ketel bevat 4 functietoetsen, een menutoets, een schoorsteenvegertoets, een Aan-/uit schakelaar en een display. afb. 01 Bedieningspaneel1 = Display 5 = [CV temperatuur] of [-]-toets2 = [Menu]-toets 6 = [+]-toets3 = [Schoorsteenveger]-toets 7 = [enter]-toets of [Service] indicatie4 = [Escape] of [RESET]-toets 8 = Aan/uit schakelaar Het display heeft vier posities en meerdere symbolen en geeft informatie over de bedrijfssituatie van de ketel en eventuele storin- gen. Er kunnen cijfers, punten en/of letters verschijnen. De symbolen boven de functietoetsen geven aan wat op dat moment de functie van de betreffende toetsen is. Wanneer 3 minuten lang niet op een toets is gedrukt, gaat de displayverlichting uit en op het display worden alleen de , , symbolengetoond.Drukopeenwillekeurigetoets;ophetdisplay verschijnt de huidige ketelstatus en de actuele bedrijfscode. In het geval van een storing wordt deze altijd weergegeven.
3.1.1 De ketel in bedrijf stellen
1. Volg allereerst de gebruikersinstructie die uw installateur voor
de gehele installatie heeft gemaakt. Is deze niet aanwezig volg dan onderstaande instructies.
3. Open de gashoofdkraan.
6. Schakel de elektrische voeding naar de ketel en de hoofdscha-
kelaarophetbedieningspaneelin;deGas210ECOPROzal het opstartprogramma uitvoeren.GAS 210 ECO PRO 12 27102015 - 114500-06
In het display verschijnt achtereenvolgens: - Kort een displaytest waarbij alle segmenten van het display zichtbaar zijn. fXx softwareversie om en om met 1 pXxparameterversie; - Daarna kan (afhankelijk van de bedrijfstoestand) het volgende op het display verschijnen: N : L (knipperend) : fase en nul zijn verkeerd om aangesloten: wissel de aders van het netsnoer op het aansluitblok om! Bij warmtevraag; 1 ketel start, 2 brander start, 3 Cv-bedrijf;kortindeellastdaninvollast. Bij wegvallen warmtevraag: 5 brander stop, 6 ketel stop 0 Stand-by stand. tabel 01 Normaal bedrijfsverloop 3.2. Actuele waarden uitlezen In het ‘informatiemenu’ kunnen de volgende actuele waarden wordenuitgelezen; - 5t = Status - 5u = Sub-Status - t1 =aanvoertemperatuur[°C]; - t2 =retourtemperatuur[°C]; - t4 =buitentemperatuur[°C]; - t6 =ketelbloktemperatuur[°C]; - 5p =internsetpunt[°C]; - fl = ionisatiestroom [uA]; - f=toerentalventilator[t/min]; - pr =waterdruk[bar]; - p =geleverdrelatiefvermogen[%]; 114492LTAL21H009c bar
afb. 02 Actuele waarden uitlezen De actuele waarden kunnen als volgt worden uitgelezen:
- drukde- toets, het -symbool knippert nu, bevestig met de - toets;
- nuverschijntafwisselend5t, en bijvoorbeeld 3, de actuele status;
- drukweeropde[+]- toets zodat afwisselend 5u verschijnt en bijvoorbeeld 0,deactuelesub-status;
- drukweeropde[+]- toets zodat afwisselend t1 verschijnt en bijvoorbeeld 60°C,deactueleaanvoertemperatuur;
- drukherhaaldelijkopde[+]- toets zodat ook de overige tempe- raturenvoorbijkomen;
- drukweeropde[+]- toets zodat afwisselend 5p verschijnt en bijvoorbeeld 88°Chetactueleinternesetpunt;
- drukweeropde[+]- toets zodat afwisselend fl verschijnt en bijvoorbeeld u,deactueleionisatiestroom;27102015 - 114500-06
- drukweeropde[+]- toets zodat afwisselend ñf verschijnt en bijvoorbeeld 3000(t/min),hetactueleventilatortoerental;
- drukweeropde[+]- toets zodat afwisselend pr verschijnt en bijvoorbeeld 3.0 bar, de actuele waterdruk (indien geen waterdruksensorisaangeslotenverschijnt--.-Bar);
- drukweeropde[+]- toets tot afwisselend p verschijnt en bijvoorbeeld 78%,hetactuelemodulatiepercentage;
- drukweeropde[+]- toets, de uitleescyclus begint opnieuw met 5t,enzovoort;
- druk2xopde- toets, om terug te keren naar het display met de actuele bedrijfstoestand.
3.3 De ketel afstemmen op de installatie
De bedieningsautomaat van de ketel is ingesteld op de meest voorkomende cv-installaties. Met deze instellingen zal praktisch elke cv-installatie goed werken. De gebruiker of de installateur kan de parameters naar eigen wens optimaliseren.
3.3.1 Parameters veranderen op gebruikersniveau
(zonder toegangscode) Op ‘gebruikersniveau’ kunnen de volgende instellingen worden gewijzigd: p 1 = maximale aanvoertemperatuur [°C], instelbaar tussen20en90°C; p 2=pompnadraaitijd0..98min,99iscontinu; p 3=ketelregeling;cvaan/uit: 0 = cv uit 1 = cv aan (= fabrieksinstelling) p 4 = display weergave 0 = display eenvoudig 1 = display uitgebreid 2 = display gaat automatisch op eenvoudig na 3 minuten (= fabrieksinstelling) De parameters kunnen op gebruikersniveau als volgt worden gewijzigd:
1. druk meermaals op de -toets totdat het -symbool in de
2. selecteer het gebruikers menu met de - toets, p1 ver-
schijnt (de 1 knippert);
3. druk de [+]-toetsin; p2 verschijnt (de 2knippert);
4. druk de - toets nogmaals in, 3 (min.) - verschijnt en knip-
pert:(fabrieksinstelling);
5. verander de waarde door op de [-]-toets of de [+]-toets te druk-
ken, in dit geval bijvoorbeeld naar 15 min, met de [+]-toets;
6. bevestig de waarde met de - toets, p2 verschijnt (de 2
7. druk 2x op de -toets, de ketel gaat in de actuele bedrijfs-
114492LTAL21H021bafb. 03 Parameters wijzigen
De instellingen p1 t/m p4 kunnen op dezelfde manier gewijzigd worden als p2.GAS 210 ECO PRO 14 27102015 - 114500-06
3.4 Handbedrijf instellen (-symbool)
In sommige gevallen kan het nodig zijn om de ketel op handbedrijf te zetten, bijvoorbeeld als de regelaar nog niet is aangesloten. Onder het -symbool, kan de ketel op ‘automatisch’ of ‘handbe- drijf’ worden gesteld. Ga als volgt te werk:
- drukmeermaalsopde-toets totdat - symbool in de menu- balkknippert;
- druk1xopde- toets, in het display verschijnt 20°C of de tekst Aut)(alleenalseenbuitenvoelerisaangesloten);de aanvoertemperatuurwordtbepaalddoordeinternestooklijn;of dewaardevandeminimaleaanvoertemperatuur;
- drukopde[+]-toets om deze waarde tijdelijk in het handbedrijf teverhogen;
- bevestigmetde- toets;
- deketelstaatnuop‘handbedrijf’;
- druk2maalopde-toetsomhethandbedrijfteverlaten;de ketel gaat in de bedrijfstoestand.
Handbedrijf blijft ook actief na spanningsuitval. 114492LTAL21H019a afb. 04 Handbedrijf instellen
3.5 De ketel buiten bedrijf stellen
Voor onderhouds- of reparatiewerkzaamheden moet de ketel wor- den uitgeschakeld. Als de cv-installatie voor langere tijd niet wordt gebruikt (bijvoorbeeld tijdens vakanties in vorstvrije periodes), is het raadzaam de ketel buiten bedrijf te stellen.
3.5.1 De ketel voor langere tijd uit bedrijf stellen,
met vorstbeveiliging
- Zetderegelaarlaag,bijvoorbeeldop10°C; De Gas 210 ECO PRO komt nu alleen nog maar in bedrijf om zichzelf te beschermen tegen bevriezen (= afhankelijk van para- meter 33). Om bevriezing van radiatoren en installatie in vorst- gevaarlijke ruimten (b.v. garage of opslagruimte) te voorkomen kan er op de ketel een vorstthermostaat worden aangesloten. De ketel houdt dan de radiatoren in die ruimte warm.
Deze vorstbeveiliging werkt niet als de ketel uit bedrijf is.
3.5.2 De ketel voor langere tijd uit bedrijf stellen,
zonder vorstbeveiliging
- Schakeldeelektrischevoedingvandeketeluit;
Tap de ketel en de cv-installatie af, als u voor langere tijd geen gebruik maakt van de woning of het gebouw en er kans is op vorst.27102015 - 114500-06
De ketel is uitgerust met een geavanceerde besturingsautomaat. Het hart van de besturing is een microprocessor, de Comfort Master
, die de ketel zowel beveiligt als bestuurt. U kunt, voordat u de installateur te hulp roept, eerst zelf controleren of: - de gaskraan geopend is - de ketelregeling juist ingesteld is - de elektrische voeding ingeschakeld is - voldoende waterdoorstroming kan plaatsvinden - de installatie voldoende gevuld is (min. waterdruk 0,8 bar). Noteer altijd de storingscode alvorens te resetten. Geef deze sto- ringscode altijd door bij eventuele vraag om ondersteuning.
4.2 Blokkeringen en storingen
Blokkering: Een (tijdelijke) blokkering is een bedrijfstoestand van de ketel, ten gevolge van een abnormaal verschijnsel of toestand. De ketel gaat naar de ruststand, zodat deze terug kan komen in een normale toestand. Het display geeft dan een blokkeerstatus (met code 9) weer. De besturingsautomaat probeert met een aantal pogingen de ketel alsnog te starten. De ketel start weer, als de blokkerings- condities zijn opgeheven. Storing: Wanneer na diverse startpogingen van de besturingsautomaat de blokkeringscondities nog bestaan of er een niet herstelbaar ver- schijnsel is opgetreden, dan gaat de ketel in storing (ook wel ver- grendeling genoemd). De ketel kan pas weer in bedrijf komen als de oorzaak van de storing is opgeheven en na het indrukken van de ‘RESET-toets’
4.3 Blokkeringscodes
In het display zal de code 9 verschijnen. De blokkeringscodes kunnen als volgt worden uitgelezen:
- drukde- toets, daarna de - toets;
- drukopde[+]- toets ; nu verschijnt 5u en de blokkeringscodes.
- noteerdeblokkeringscode
De ketel komt zelfstandig weer in bedrijf als de oorzaak van de blokkering is weggenomen. In de lijst staan alleen blokkeringen vermeld, die eenvoudig zelf op te lossen zijn. Blijft de blokkeringscode verschijnen nadat u de mogelijke oorzaak heeft verholpen, neem dan contact op met uw installateur. Neem bij de overige blokkeringscodes ook contact op met uw installateur.GAS 210 ECO PRO 16 27102015 - 114500-06
Code 5u Omschrijving Mogelijke oorzaak Controle/oplossing
Maximale warmtewisselaar temperatuur overschreden
- Geenofteweinigdoorstroming tijdens warmtevraag Controleer:
- ofinstallatiegoedontluchtis
- waterdrukindeinstallatie
Maximale stijging warm- tewisselaar temperatuur overschreden
- Geenofteweinigdoorstroming Controleer:
- ofinstallatiegoedontluchtis
- waterdrukindeinstallatie
Maximaal verschil tussen warmtewisselaar en retour temperatuur overschreden
- Geenofteweinigdoorstroming tijdens warmtevraag Controleer:
- ofinstallatiegoedontluchtis
- waterdrukindeinstallatie
Maximaal verschil tus- sen warmtewisselaar en aanvoer temperatuur over- schreden
- Geenofteweinigdoorstroming tijdens warmtevraag Controleer:
- ofinstallatiegoedontluchtis
- waterdrukindeinstallatie
- Waterzijdigelekkage Controleer:
- waterdrukindeinstallatie
Gasdruk te laag • Geenofteweinigdoorstroming Controleer:
Vlamwegval tijdens bedrijf • Ionisatiestroomvaltweg Controleer:
- ofdegaskraanvollediggeopendis
- ofdeluchttoevoerofrookgasafvoer verstopt is
- ofdegaskraanvollediggeopendis tabel 02 Blokkeringscodes
De ketel geeft de storingscodes als volgt weer: é xx (het display toont het -symbool en de storingscode knippert). De betekenis van de storingscodes is te vinden in de storingstabel, zie tabel 03. Handelen bij storingen als volgt:
- Noteerdestoringscode.
De storingscode is belangrijk voor het correct en snel opsporen van de aard van de storing.
- Druk2sec.opde‘RESET’-toets. Wanneer de storingscode blijft verschijnen, zoek de oorzaak op in onderstaande storingstabel en los zo mogelijk de storing op.
Indien op het display geen RESET maar SERVICE wordt weergegeven dient de ketel uit en na 10 seconden weer ingeschakeld te worden voordat de storing ge-reset kan worden. In de lijst staan alleen storingen vermeld, die eenvoudig zelf op te lossen zijn. Blijft de storingscode verschijnen nadat u de mogelijke oorzaak heeft verholpen, neem dan contact op met uw installateur. Neem bij de overige storingscodes ook contact op met uw instal- lateur.27102015 - 114500-06
Storingscode Omschrijving Mogelijke oorzaak Controle / oplossing E:04 Temperatuur warmtewisselaar onder normaal bereik
- Geenofteweinig doorstroming Controleer:
- ofdeinstallatiegoedontluchtis
- dewaterdrukinhetsysteem E:05 Temperatuur warmtewisselaar boven normaal bereik E:08 Retour temperatuur onder nor- maal bereik
- Geenofteweinig doorstroming Controleer:
- ofdeinstallatiegoedontluchtis
- dewaterdrukinhetsysteem E:09 Retour temperatuur boven nor- maal bereik (maximaalthermostaat) E:10 E:11 Te veel verschil tussen warmte- wisselaar- en retourtemperatuur
- Geenofteweinig doorstroming Controleer:
- ofdeinstallatiegoedontluchtis
- dewaterdrukinhetsysteem E:12 Sifonbeveiliging geactiveerd
- Drukinrookgasaf- voerkanaal is te hoog (geweest) Controleer:
- ofdesifonnietleegis,bijvullenindiennodig,
- Welontstekingsvonk, geen vlam
- Welvlam,niet voldoende ionisatie
Gasvoordruk G25 mbar 20 - 30 Gasverbruik G20 min - max m
= 0%, droog) ppm < 35 Cv-zijdig Maximale watertemperatuur °C 110 Bereik bedrijfstemperatuur °C 20 - 90 Minimale water bedrijfsdruk bar 0,8 Maximale water bedrijfsdruk PMS bar 6 Waterinhoud liter 12 16 20 24 Elektrisch Aansluitspanning V / Hz 230 / 50 Opgenomen vermogen (exclusief pomp) min Watt 4 4 4 4 max Watt 125 193 206 317 Isolatieklasse IP 20 Overig Gewicht excl. water kg 115 135 165 188 Geluidsniveau op 1 m afstand van de ketel (gesloten uitvoering) dB(A) ≤59 Omgevingstemperatuur °C 0 - 40 Kleur bemanteling RAL 2002 (rood) / 7037 (grijs) tabel 04 Technische gegevens
5.2 Toesteluitvoering
12. Condensverzamelbak 22. Aanvoertemperatuursensor
3. Luchtkast 13. Sifon 23. Aan-/uit-schakelaar
4. Bedieningspaneel 14. Inlaatdemper 24. Gasaansluiting
5. Brander 15. Vul- en aftapkraan 25. Retouraansluiting
6. Warmtewisselaar 16. Waterdruksensor 26. Aanvoeraansluiting
7. Inspectiedeksel 17. Gasmultiblok 27. Dompelbuis
8. Inspectiedeksel voor condensverzamelbak 18. Venturi 28. Display
9. Ontsteekpen 19. Ventilator 29. Luchtinlaat
10. Ketelbloksensor 20. Mengbocht 30. Inbouwmogelijkheid regelaar
Aan de inlaatzijde van de ventilator is de venturi geplaatst. Daar worden lucht en gas in een vaste verhouding met elkaar gemengd. Bij warmtevraag zal de ventilator gaan voorspoelen. De ventilator zuigt de verbrandingslucht aan, die in de venturi optimaal met het gas wordt gemengd. Het homogene lucht/gasmengsel wordt door de ventilator naar de brander gebracht. Het mengsel wordt vervolgens ontstoken door de gecombineerde ontstekings- en ionisatie-elektrode, die tevens voor vlambewaking zorgt, waarna de verbranding plaatsvindt. Na de verbranding worden de hete rookgassen door de gietaluminium warmtewisselaar geleid. Hier zullen de rookgassen hun warmte afdragen aan het cv-water in de warmtewisselaar. Afhankelijk van de instellingen en de heersende watertemperaturen, gemeten door de temperatuursensoren, wordt het vermogen van de ketel geregeld. Bij rookgastemperaturen beneden het dauwpunt (ca. 55°C, de temperatuur waarbij de in de rookgassen aanwezige waterdamp begint te condenseren) zal de waterdamp in de rookgassen condenseren in het onderste deel van de warmtewisselaar. De warmte die bij dit condensatieproces vrijkomt (de zogenaamde latente of condensatiewarmte) wordt eveneens aan het cv-water overgedragen. Het gevormde condenswater wordt via een sifon afgevoerd. De rookgassen keren in de condensbak en worden afgevoerd via de rookgasafvoerleiding. De geavanceerde besturing van de ketel, de zogenaamde ‘Com- fort Master’, zorgt voor een zeer betrouwbare warmtelevering. Dit houdt in dat de ketel praktisch omgaat met negatieve invloeden uit de omgeving (zoals waterzijdige doorstromingsproblemen, luchttransportproblemen e.d.). De ketel zal bij dergelijke invloeden niet op storing gaan (vergrendeling), maar moduleert in eerste instantie terug en gaat eventueel - afhankelijk van de aard van de omstandigheden - tijdelijk uit (blokkering of regelstop) om het na enige tijd gewoon opnieuw te proberen. Zolang zich geen gevaar- lijke situatie voordoet, probeert de ketel altijd warmte te leveren. Om blijvend warmte te leveren, heeft de ketel een minimale flow nodig van 30 % van de waterflow bij een dT van 20 K op nomi- nale belasting vollast. De ketel kan worden uitgevoerd met een tweede retour (accessoire). Deze tweede retour kan bijdragen aan extra rendement als er groepen van verschillende temperaturen in de installatie voorkomen.
SimpelGids