CI 271 112 - Fornuis GAGGENAU - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis CI 271 112 GAGGENAU in PDF-formaat.

📄 80 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice GAGGENAU CI 271 112 - page 22
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL

Gebruikersvragen over CI 271 112 GAGGENAU

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CI 271 112 - GAGGENAU en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CI 271 112 van het merk GAGGENAU.

GEBRUIKSAANWIJZING CI 271 112 GAGGENAU

A 0810 550 555 D 089 20 355 366 CH 0848 840 04022 Inhoudsopgave Gebruiksaanwijzing Veiligheidsvoorschriften 23 Oorzaken van schade 25 Bescherming van het milieu 26 Milieuvriendelijk afvoeren 26 Tips om energie te besparen 26 Koken op Inductie 26 Voordelen van het Koken op Inductie 26 Pannen 26 Het apparaat leren kennen 28 Het bedieningspaneel 28 De kookzones 28 Restwarmte-indicator 28 Twistpad en Tipp-knop 29 Uitnemen van de Tipp-knop 29 In stand houden van de Tipp-knop 29 Programmeren van de kookplaat 29 De kookplaat in- en uitschakelen 29 De kookzone afstellen 29 Tabel 30 Frituurfunctie 31 Pannen voor de frituurfunctie 31 De temperatuurniveaus 31 Zo wordt dit geprogrammeerd 32 Tabel 32 Kinderslot 34 Het kinderslot activeren en deactiveren 34 Koken met de functie snel voorverwarmen 34 Zo wordt dit geprogrammeerd 34 Suggesties inzake snel verwarmen 34 Functie Powerboost 35 Gebruiksbeperkingen 35 Activeren 35 Deactiveren 35 Timerfunctie 35 Een kookzone automatisch uitschakelen 35 De kookwekker 36 Automatische tijdslimiet 36 Basisinstellingen 37 Toegang tot de basisinstellingen 37 Onderhoud en reiniging 38 Kookplaat 38 Omlijsting van de kookplaat 38 Tipp-knop 38 Repareren van storingen 39 Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat 40 Klantenservice 40 Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.gaggenau.com en in de online-shop: www.gaggenau-eshop.com23 m Veiligheidsvoorschriften Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren. Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren. Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift. Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes. Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal. Gebruik geen ongeschikte beveiligingsapparaten of tralies voor de bescherming van kinderen. Dit kan leiden tot ongevallen. Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening. Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel. Heeft u een pacemaker of soortgelijk medisch hulpmiddel geïmplanteerd, dan dient u speciale voorzorgsmaatregelen in acht nemen bij het gebruiken of in de buurt komen van inductiekookplaten als die in werking zijn. Raadpleeg uw arts of de fabrikant van het hulpmiddel, om er zeker van te zijn dat het voldoet aan de geldige regelgeving en informeer omtrent mogelijke incompatibiliteit. Risico van brand! ▯ Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken. Risico van brand! ▯ De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen. Risico van brand! ▯ Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat. Risico van brand! ▯ De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Risico van verbranding! ▯ De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding! ▯ De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Risico van verbranding! ▯ Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat. Brandgevaar!24 ▯ Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt doordat er geen pan op staat. Kans op een elektrische schok! ▯ Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok! ▯ Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok! ▯ Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok! ▯ Scheuren of barsten in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Gevaar door magnetisme! Afneembare bedieningselementen zijn magnetisch. Magneten kunnen invloed hebben op elektronische implantaten, zoals pacemakers of insulinepompen. Personen met elektronische implantaten dienen het bedieningselement niet in de buurt van hun lichaam te dragen (bijv. in blouse- of broekzak). Houd een minimale afstand van 10 cm tot de pacemaker aan. Gevaar voor beschadiging! Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren. Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden. Risico van letsel! ▯ Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen. Risico van letsel! ▯ Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.25 Oorzaken van schade Attentie! – Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken. – Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade veroorzaken. – Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken. – Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen. – Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat wordt afgeraden. Algemeen overzicht In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade: Schade Oorzaak Maatregel Vlekken Gemorst voedsel Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Krassen Zout, suiker en zand Gebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun. Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorza- ken Controleer de pannen. Verkleuringen Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Aanraking van de pannen Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen. Afbladderingen Suiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalte Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.26 Bescherming van het milieu Milieuvriendelijk afvoeren Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af. Tips om energie te besparen ▯ Gebruik altijd het deksel dat overeenstemt met elke kookpan. Wanneer zonder deksel gekookt wordt, is aanzienlijk meer energie nodig. Gebruik een glasdeksel om een goede zichtbaarheid te hebben zonder dat u het deksel van de pan hoeft te nemen. ▯ Gebruik pannen met een vlakke bodem. Bij een niet vlakke bodem wordt meer energie verbruikt. ▯ De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Opgelet: pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan. ▯ Gebruik een kleine pan voor kleine hoeveelheden. Een grote, weinig gevulde pan vereist veel energie. ▯ Gebruik weinig water voor het koken. Op deze wijze wordt energie bespaard en blijven alle vitaminen en mineralen van de groenten behouden. ▯ Selecteer de laagste vermogensstand die het kookpunt behoudt. Met een te hoge stand wordt energie verspild. Koken op Inductie Voordelen van het Koken op Inductie Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen: ▯ Tijdbesparing bij het koken en frituren; doordat de pan rechtstreeks wordt verwarmd. ▯ Dit werkt energiebesparend. ▯ Eenvoudiger in onderhoud en reiniging. Overgelopen voedingswaren verbranden minder snel. ▯ Warmte- en veiligheidscontrole; de plaat levert energie of stopt de energietoevoer onmiddellijk als op de controleknop wordt gedrukt. De inductiekookzone levert geen warmte meer af als de pan wordt weggenomen, ook al wordt het apparaat voor die tijd niet uitgeschakeld. Pannen Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van: ▯ geëmailleerd staal ▯ gietijzer ▯ speciale pannen voor inductie van roestvrij staal. Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of de bodem van de pan wordt aangetrokken door een magneet. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.27 Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een niet geheel ferromagnetische bodem. Niet geschikte pannen Gebruik nooit straalplaten of pannen van: ▯ dun normaal staal ▯ glas ▯ aardewerk ▯ koper ▯ aluminium Kenmerken van de bodem van de pan De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard. Geen pan of ongeschikte afmeting Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit. Lege pannen of pannen met een dunne bodem Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst. Pandetectie Iedere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan. Bij het gebruik van grote pan- nen met een ferromagneti- sche zone met een kleinere diameter, wordt enkel de fer- romagnetische zone ver- warmd, zodat de warmte niet homogeen kan worden ver- deeld. Pannen met aluminium kook- zones in de bodem verkleinen de ferromagnetische zone, zodat het geleverde vermogen lager kan zijn en er problemen kunnen ontstaan bij de detec- tie van de pan en het kan zelfs zijn dat deze niet wordt gede- tecteerd. Om goede kookresultaten te verkrijgen, is het raadzaam dat de diameter van de ferromag- netische zone van de pan is afgestemd op de maat van de kookzone. Als de pan op een kookzone niet wordt gedetec- teerd, probeer hem dan op de zone met een iets kleinere dia- meter.28 Het apparaat leren kennen Deze gebruiksinstructies kunnen op de diverse kookplaten toegepast worden. Op pagina 2 staat een algemeen overzicht van de modellen met informatie over hun afmetingen. Het bedieningspaneel De kookzones Restwarmte-indicator De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak de kookzone met die indicatie niet aan. Ook als de plaat uitgeschakeld is, blijft de indicator ‹ branden zo lang de kookzone warm is. Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator en de geselecteerde vermogensstand. Bedie- ningsvlak- ken Functie

Snel voorverwarmen en menu basisinstellingen

Powerboost en kinderslot

De tijd programmeren Indicatoren

De tijd programmeren Kookzone Activeren en deactiveren

Enkelvoudige kookzone Gebruik een pan met de geschikte afmeting.

Braadzone De zone wordt automatisch ingeschakeld wanneer een pan gebruikt wordt, waarvan de bodem dezelfde maat heeft als de buitenste zone.

Resistieve warmhoudzone Activeren: op de visuele indicatie verschijnt‚. Deactiveren: op de visuele indicator verschijnt ‹ Gebruik enkel pannen die geschikt zijn om te koken op inductie, zie hoofdstuk “Geschikte pannen".29 Twistpad en Tipp-knop Twistpad is de programmeerzone waarin de kookzones en de vermogensstand met de Tipp-knop kunnen worden geselecteerd. In de Twistpadzone wordt de Tipp-knop automatisch gecentreerd. De Tipp-knop is magnetisch en wordt op de Twistpad geplaatst. Door de Tipp-knop naar het symbool van een kookzone te verplaatsen, wordt de overeenkomstige kookzone geactiveerd. Draai de Tipp-knop om de vermogensstand te selecteren. Uitnemen van de Tipp-knop De Tipp-knop kan worden uitgenomen, om de reiniging te vergemakkelijken. Bovendien kan de Tipp-knop worden weggehaald terwijl de kookzone nog in werking is. Alle kookzones gaan na 3 seconden uit. m Brandgevaar! Als er gedurende deze 3 seconden een metalen voorwerp op de Twistpad wordt gelegd, kan de kookplaat blijven verhitten. Zet de kookplaat daarom altijd met de hoofdschakelaar uit. In stand houden van de Tipp-knop Binnenin de Tipp-knop bevindt zich een krachtige magneet. Houd geen magnetische gegevensdragers, zoals videobanden, diskettes, creditcards en pasjes met magrneetstrip in de buurt van de Tipp-knop. Deze zouden kunnen beschadigen. Bovendien kunnen er zich storingen voordoen in televisies en beeldschermen. m Voor dragers van elektronische implantaten, bijvoorbeeld pacemaker, insulinepennen! Deze implantaten kunnen mogelijk beïnvloed worden door de magnetische velden. Steek de Tipp-knop daarom nooit in de zakken van uw kleding. De afstand tot de pacemaker moet minimaal 10 cm zijn. Aanwijzing: De Tipp-knop is magnetisch. De metalen deeltjes die blijven vastkleven aan de onderzijde kunnen het oppervlak van de kookplaat krassen. Reinig de Tipp-knop altijd grondig. Programmeren van de kookplaat In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld. De kookplaat in- en uitschakelen De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar. Inschakelen: druk op het symbool #. Er klinkt een akoestisch signaal. De indicator ‹ van de kookzones gaat aan. De kookplaat is klaar om te werken. Uitschakelen: Druk op het symbool # totdat de indicator ‹ van de kookzones uitgaat. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afkoelen. Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld zodra alle kookzones 20 seconden lang uitgeschakeld zijn. Indien de kookplaat nog warm is, verschijnt de restwarmte-indicatie. Als de plaat enkele seconden nadat hij is uitgezet weer wordt ingeschakeld, verschijnen de instellingen die het laatst zijn gemaakt. De kookzone afstellen De gewenste vermogensstand afstellen met de Tipp- knop. Vermogensstand 1 = minimumvermogen. Vermogensstand 9 = maximumvermogen. Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende instelling. Deze wordt aangegeven met een punt. Afstellen van de vermogensstand De kookplaat moet ingeschakeld zijn. 1 Selecteer de gewenste kookzone. Verplaats hiertoe de Tipp-knop naar de gewenste kookzone. 2 Draai de Tipp-knop totdat op de visuele indicator de gewenste vermogensstand verschijnt.

3 Wijzigen van de vermogensstand: selecteer de kookzone en verander de vermogensstand met de Tipp-knop De kookzone uitschakelen Selecteer de kookzone en draai de Tipp-knop tot

getoond wordt. De kookzone gaat uit en vervolgens verschijnt de restwarmte-indicatie. Aanwijzing: Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit. Tabel In de volgende tabel worden enkele voorbeelden gegeven. De bereidingstijden zijn afhankelijk van het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties. De vermogensstanden beïnvloeden het kookresultaat. Roer puree, gebonden soep en dikke sauzen af en toe om tijdens het opwarmen. Gebruik de vermogensstand 9 als u begint te koken. Kookstand Bereidingstype Voorbeelden 9 Voorverwarmen Water Afsluiten Vlees Verhitten Reuzel, Vloeistoffen Even laten koken Soep, Sauzen 9-8. Blancheren Groenten 8-6 Frituren Vlees, Aardappelen 7-5 Frituren Vis 7-6 Frituren Gerechten bereid met bloem, Gerechten bereid met eieren Koken zonder deksel Pastagerechten, Vloeistoffen 6-5 Lichtbruin bakken Meel, Uien Roosteren Amandelen, Paneermeel Frituren Spek Inkoken Bouillon, Sauzen 5-4 Zachtjes koken zonder deksel Aardappelballetjes, Groentesoep, Vleessoep, Gepocheerde eieren 4-3 Zachtjes koken zonder deksel Worstjes verhit in water 5-4 Stomen Groente, Aardappelen, Vis Smoren Groente, Fruit, Vis Sudderen Rollade, Stoofschotel, Groente 3.-2. Sudderen Goulash 4.-3 Koken met deksel Soep, Sauzen 3.-2. Ontdooien Diepvriesproducten 3-2 Zachtjes koken Rijst, Peulvruchten Dik laten worden Gerechten bereid met eieren 2-1 Verhitten / Warmhouden Soep, Maaltijdsoep, Groente en saus

1. Smelten Boter, Chocolade31

Frituurfunctie Met deze functie kan worden gefrituurd in de voorste kookzones, waarbij de temperatuur van de koekenpan wordt afgesteld. Voordelen bij het frituren De kookzone verwarmt enkel wanneer dit nodig is. Op die manier wordt energie bespaard. De olie en het vet raken niet oververhit. Aanwijzingen ‒ Verhit nooit olie, boter of reuzel zonder toezicht. ‒ Zet de koekenpan in het midden van de kookzone. Controleer of de bodem van de koekenpan de juiste diameter heeft. ‒ Doe geen deksel op de koekenpan. Doet u dat wel, dan werkt de automatische regeling niet. U kunt wel gebruik maken van een beschermende zeef, zo werkt de automatische regeling wel. ‒ Gebruik uitsluitend olie die geschikt is om te frituren. Gebruikt u boter, margarine, olijfolie of reuzel, selecteer dan het temperatuurniveau min. Pannen voor de frituurfunctie Er zijn pannen die optimaal geschikt zijn voor deze functie. Ze kunnen achteraf aangekocht worden, als optioneel toebehoren, in de vakhandel of bij onze technische dienst. Duid altijd de overeenkomstige referentie aan: ▯ GP900001 kleine pan (diameter 15 cm) ▯ GP900002 middelgrote pan (diameter 18 cm) ▯ GP900003 grote pan (21 cm) De pannen hebben een antiaanbaklaag. Het is ook mogelijk om voedsel te bakken in weinig olie. Aanwijzingen ‒ De frituurfunctie is speciaal afgestemd op dit soort koekenpannen. ‒ Met een ander soort pannen kan de temperatuur hoger of lager worden afgesteld dan het geselecteerde niveau. Probeer het eerst met een lager temperatuurniveau en wijzig dit zonodig. Deze pannen kunnen oververhit raken. De temperatuurniveaus Vermogensstand Temperatuur Geschikt voor max ª. hoog bv. aardappelkoekjes, gesauteerde aardappelen en weinig doorbakken steaks. med plus ª middelhoog-hoog bv. "fijne" bakproducten zoals gepaneerde diepvriesproducten, schnitzels, ragout en groente. med « laag-middelhoog bv. grote bakproducten zoals frikandellen en worstjes, vis. min ¬ laag bv. omeletten gebakken in boter, olijfolie of margarine32 Zo wordt dit geprogrammeerd Selecteer uit de tabel het geschikte temperatuurniveau. Plaats de koekenpan op de kookzone. De kookplaat moet ingeschakeld zijn. 1 Selecteer de kookzone en de gewenste vermogensstand. 2 Raak het symbool q aan. De indicator ¬ gaat aan op de visuele indicator van de kookzone. Bij iedere indicator hoort een temperatuurniveau: 3 Selecteer binnen de volgende 5 seconden de gewenste temperatuurstand met de Tipp-knop. De indicators ¬ lichten op. De frituurfunctie is nu geactiveerd. De indicatoren knipperen totdat de baktemperatuur wordt bereikt. Vervolgens klinkt er een signaal. 4 Doe eerst olie in de koekenpan, en vervolgens het voedsel. Draai het voedsel zoals gebruikelijk om, zodat het niet verbrandt. De frituurfunctie uitschakelen Selecteer de kookzone en druk op het symbool

Neem vervolgens de koekenpan weg. Tabel De tabel geeft aan welk temperatuurniveau geschikt is voor elk soort voedsel. De kooktijd kan variëren, afhankelijk van het soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van het voedsel. De aanbevolen temperatuurstanden zijn afgestemd op een systeemkoekenpan van Gaggenau. Het temperatuurniveau varieert afhankelijk van het type koekenpan dat gebruikt wordt.

temperatuurniveau laag-gemiddeld

temperatuurniveau gemiddeld-hoog

  • In een koude koekenpan.33 Vis Vis, hele med 15-25 min. Gebakken vis, al dan niet gepaneerd med / med plus 10-20 min. Zalmfilet (2,5 cm dik) med 8-12 min. Tonijnfilet, doorbakken (2,5 cm dik) med 8-12 min. Garnalen en steurgarnalen med plus 4-8 min. Schaal- en schelpdieren med plus 5-8 min. Eiergerechten Pannenkoeken med plus een voor een frituren Omeletten min een portie na de andere fri- turen Spiegeleieren min / med plus 2-6 min. Roereieren min 2-4 min. Wentelteefjes / Franse toast med een portie na de andere fri- turen Frites Lichtbruin gebakken frites, bereid met gekookte aardap- pelen max 6-12 min. Lichtbruin gebakken frites, bereid met rauwe aardappe- len* med 15-25 min. Aardappelomelet max een portie na de andere fri- turen Rösti min 30-40 min. Gesauteerde aardappelen med plus 10-15 min. Groenten Knoflook, uien min 2-10 min. Courgette, Aubergines med 4-12 min. Paprika, Groene asperges, Wortels med 4-15 min. Paddestoelen med plus 10-15 min. Gesauteerde groenten med plus 6-10 min. Diepvriesproduc- ten Visfilet on-/gepaneerd (0,5 - 1 cm dik) med 10-20 min. Gerechten en gesauteerde groente min 8-15 min. Loempia's (2 - 3,5 cm dik) med 10-30 min. Diversen Rijst/ Tagliatelle max 8-15 min. Croutons med 6-10 min. Amandelen / Walnoten / Pijnboompitten roosteren* min 3-7 min. Temperatuurni- veau Totale kooktijd vanaf het akoestisch signaal
  • In een koude koekenpan.34 Kinderslot De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen. Het kinderslot activeren en deactiveren Om het kinderslot te kunnen gebruiken, moet de functie ™ƒ van het menu basisinstellingen worden geactiveerd. De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. Activeren: Schakel de kookplaat in. Na enkele seconden licht de indicator K op. Druk vervolgens langer dan 4 seconden op het symbool Ž totdat er een geluidssignaal klinkt. De kookplaat is geblokkeerd. Na een tijdje gaat de indicator K uit. Deactiveren: Schakel de kookplaat in. Na enkele seconden licht de indicator K op. Druk vervolgens langer dan 4 seconden op het symbool Ž totdat er een geluidssignaal klinkt. De blokkering is gedeactiveerd. Aanwijzing: Het kinderslot kan per ongeluk geactiveerd of gedeactiveerd worden door water tijdens de reiniging, gemorst voedsel, of doordat er voorwerpen op het symbool Ž liggen. Koken met de functie snel voorverwarmen Alle kookzones beschikken over de functie snel voorverwarmen. Selecteer vanaf het begin de gewenste vermogensstand voor zachtjes koken. De kookzone wordt nu op maximaal vermogen verhit en schakelt automatisch in op de vermogensstand die u daarvoor heeft geselecteerd. De tijdsduur van het snel voorverwarmen is afhankelijk van de geprogrammeerde vermogensstand. Zo wordt dit geprogrammeerd 1 Selecteer de gewenste vermogensstand voor zachtjes koken. De vermogensstand Š beschikt niet over deze functie. 2 Druk op het symbool r. Het snel voorverwarmen wordt geactiveerd. Op de indicatie gaan ‘ en de geselecteerde vermogensstand beurtelings knipperen. De functie wordt uitgeschakeld na een bepaalde tijdsduur, afhankelijk van de geselecteerde vermogensstand. In de kookzone wordt automatisch de lage vermogensstand geactiveerd. Op de indicatie is alleen de vooraf geselecteerde vermogensstand verlicht. De kooktijd kan worden gewijzigd. De waarde verschijnt op de visuele indicatie van de timerfunctie. Suggesties inzake snel verwarmen ▯ Met de functie snel voorverwarmen wordt het voedsel niet gekookt: Het snel voorverwarmen dient ertoe om gerechten te bereiden door weinig water aan de kook te brengen en daarna langzaam te laten koken, om hun voedingswaarde te behouden. Op de grote kookzones hoeft u slechts 3 kopjes water aan het voedsel toe te voegen, en op de kleine kookzones ongeveer 2 kopjes. Kook rijst in twee keer zoveel vloeistof. Doe een deksel op de pan. Snel voorverwarmen is niet geschikt voor etenswaren die in veel water moeten worden gekookt (bijv. pasta). ▯ Melk of etenswaren die veel schuim produceren, kunnen overkoken. Gebruik een hoge pan. ▯ Melk kan aanbranden: Spoel de pan met koud water om alvorens hem te vullen. ▯ Bij het bakken blijft het voedsel aan de koekenpan kleven: Doe het voedsel pas in de koekenpan als deze heet genoeg is. Als de olie of boter heet genoeg zijn, vormen zich vlekken als de koekenpan schuin wordt gehouden. Draai het voedsel niet te snel om. Vlees of aardappelomeletten laten na een tijdje vanzelf los.35 Functie Powerboost Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller worden verwarmd dan wanneer de vermogensstand Š wordt gebruikt. Gebruiksbeperkingen Deze functie is beschikbaar in alle kookzones, mits de andere zone van dezelfde groep niet in werking in, (zie afbeelding). Zo niet, dan knipperen op de visuele indicator van de geselecteerde kookzone ˜ en Š; vervolgens wordt de vermogensstand automatisch afgesteld Š. Activeren De kookplaat moet ingeschakeld zijn.1 Selecteer de kookzone. De overeenkomstige indicator gaat branden. 2 Druk op het symbool Ž. De indicator ˜ gaat branden. De functie is nu geactiveerd. Deactiveren 1 Selecteer de kookzone. De overeenkomstige indicator gaat branden. 2 Druk op het symbool Ž. De letter ˜ wordt niet meer getoond en er wordt teruggekeerd naar de vermogensstand Š. De functie is gedeactiveerd.Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te beschermen. Timerfunctie Deze functie kan op twee verschillende manieren gebruikt worden: ▯ om een kookzone automatisch uit te schakelen. ▯ als kookwekker. Een kookzone automatisch uitschakelen Voer de tijdsduur in voor de gewenste kookzone. De zone gaat automatisch uit na het verstrijken van de tijd. Zo wordt dit geprogrammeerdDe kookplaat moet ingeschakeld zijn1 Selecteer de kookzone en de gewenste vermogensstand. Druk vervolgens op het symbool M totdat de indicator s op de gewenste kookzone oplicht. De indicator ‹‹ gaat branden op de visuele indicator van de timerfunctie.2 Programmeer de tijd met de Tipp-knop.Na enkele seconden begint de tijd te lopen. Op de visuele indicator verschijnt de kortste kooktijd.Na het verstrijken van de tijdNa het verstrijken van de tijd gaat de kookzone uit. Er klinkt een waarschuwingssignaal.Op de kookzone knippert een ‹ en op de visuele indicator van de timerfunctie ‹‹.Druk op het symbool M, de indicators gaan uit en het akoestische signaal stopt.*URHS

De tijd wijzigen of annuleren Selecteer de gewenste zone en druk vervolgens op het symbool M. Wijzig de tijd met de Tipp-knop of draai de Tipp-knop totdat ‹‹ verschijnt. De indicator s gaat uit. Aanwijzingen ‒ Selecteer een kookzone om de resterende kooktijd te raadplegen ‒ De maximale bereidingstijd die kan worden ingesteld is 90 minuten. De kookwekker Met de kookwekker kan een tijd geprogrammeerd worden tot 90 minuten. Deze is niet afhankelijk van andere instellingen. Zo wordt dit geprogrammeerd De kookplaat moet ingeschakeld zijn 1 Druk op het symbool M. Op de visuele indicator van de timerfunctie verschijnt ‹‹. 2 Stel de gewenste tijd in met de Tipp-knop. Na enkele seconden begint de tijd te lopen. Na het verstrijken van de tijd Er klinkt een waarschuwingssignaal. Op de visuele indicator van de timerfunctie knippert ‹‹. Druk op het symbool M, de indicators gaan uit en het akoestische signaal stopt. De tijd wijzigen of annuleren Druk op het symbool M en wijzig de tijd met de Tipp- knop of draai de Tipp-knop totdat op de visuele indicator van de timerfunctie ‹‹ verschijnt. Automatische tijdslimiet Indien de kookzone gedurende lange tijd in werking is en er geen enkele wijziging in de instelling uitgevoerd wordt, dan wordt de automatische tijdslimiet geactiveerd. De kookzone wordt niet meer verhit. Op de visuele indicator van de kookzone verschijnt de restwarmte- indicatie. Wanneer de automatische limiet geactiveerd is, wordt deze geregeld afhankelijk van de geselecteerde vermogensstand (van 1 tot 10 uur).37 Basisinstellingen Het apparaat beschikt over diverse basisinstellingen. Enkele van deze instellingen kunnen gewijzigd worden. Toegang tot de basisinstellingen De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. 1 Schakel de kookplaat in met de hoofdschakelaar. 2 Binnen de volgende 10 seconden verschijnt de indicator t. Druk vervolgens langer dan vier seconden op het symbool A totdat er een tweede bevestigingssignaal klinkt. Op de visuele indicatie van de timerfunctie verschijnen ™ en ‚. 3 Druk op het symbool A totdat de indicator van de gewenste functie verschijnt. 4 Selecteer vervolgens de gewenste waarde met de Tipp-knop. Verplaats de knop naar de gewenste instelling. De geselecteerde waarde wordt aangegeven met een punt (zie afbeelding) 5 Druk opnieuw langer dan 4 seconden op het symbool A totdat er een bevestigingssignaal klinkt. De instellingen zijn op de juiste wijze bewaard. Afsluiten Om de instellingen af te sluiten, de kookplaat met de hoofdschakelaar uitschakelen. Indicator Functie

Akoestische signalen ‹ De meeste signalen zijn gedeactiveerd ‚ Alle signalen zijn geactiveerd*

Kinderslot ‹ Gedeactiveerd* ‚ Geactiveerd

Terug naar de standaardinstellingen š Terug naar de standaardinstellingen

Selecteren van de kookzone £ Beperkt: de kookzone blijft slechts 5 seconden lang geselecteerd.* £ Onbeperkt: de laatst geprogrammeerde kookzone blijft geselecteerd.

Š of Š. = maximumvermogen van de plaat. *Fabrieksinstelling38 Onderhoud en reiniging De raadgevingen en waarschuwingen in dit hoofdstuk zijn bedoeld voor het optimaal schoonmaken en onderhouden van de kookplaat. Kookplaat Reiniging Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. Op die manier voorkomt u dat aangekoekte resten verbranden. Maak de kookplaat pas schoon als hij voldoende is afgekoeld. Gebruik alleen reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Volg de aanwijzingen op de verpakking van het product op. Gebruik nooit: ▯ Onverdund afwasmiddel ▯ Afwasmiddel voor vaatwasmachines ▯ Schurende middelen ▯ Corrosieve producten zoals ovensprays of vlekkenverwijderaars ▯ Schuursponzen ▯ Hogedrukreinigers of stoommachines De beste manier om hardnekkig vuil te verwijderen is om een glasschraper te gebruiken. Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Glasschrapers zijn verkrijgbaar via de Technische dienst of in onze online winkel. Omlijsting van de kookplaat Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te vermijden, moeten de volgende aanwijzingen worden opgevolgd: ▯ Gebruik alleen warm water met een beetje zeep ▯ Gebruik nooit scherpe of bijtende producten ▯ Gebruik de glasschraper niet Tipp-knop Het wordt aanbevolen lauwwarm water met een beetje zeep te gebruiken voor het reinigen van de Tipp-knop. Gebruik geen bijtende producten en schuur niet. Reinig de Tipp-knop niet in de vaatwasser en dompel hem niet onder in water. Anders kan hij beschadigd raken.39 Repareren van storingen Storingen zijn gewoonlijk toe te schrijven aan kleine details. Neem de volgende raadgevingen en waarschuwingen in acht alvorens contact op te nemen met de Technische Dienst. Indicator Storing Maatregel geen De stroom is uitgevallen. Controleer met andere elektrische apparaten of de stroom is uitgevallen. Het apparaat is niet aangesloten volgens het aansluitschema. Controleer of het apparaat is aangesloten volgens het aansluitschema. Storing in het elektronische systeem. Als de storing na de voorgaande controles niet is opgelost, neem dan contact op met de technische dienst. “§ + nummer / š + num- mer / ¡ + nummer Storing in het elektronische systeem. Sluit de kookplaat af van het verdeelnet. Wacht ongeveer 30 seconden en sluit hem vervolgens weer aan. *Als de indicatie voortduurt, waarschuw dan de technische dienst. ”‹ / ”Š Er is een interne fout in de werking opge- treden. Sluit de kookplaat af van het verdeelnet. Wacht 30 seconden alvorens hem weer aan te sluiten. *

Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft de overeenkomstige kookzone uitgeschakeld. Wacht tot het elektronische systeem voldoende afgekoeld is. Druk vervolgens op een willekeurig symbool van de kookplaat. *

Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft alle kookzones uitgeschakeld.

Onjuiste voedingsspanning, overschrijding van de normale werklimieten. Neem contact op met uw elektriciteitsleverancier. —ƒ / —„ De kookzone is oververhit en werd uitge- schakeld om uw kookplaat te bescher- men. Wacht totdat het elektronische systeem voldoende afgekoeld is en schakel hem opnieuw in.

  • Als de indicatie voortduurt, neem dan contact op met de technische dienst. Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.40 Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat De technologie van het verwarmen door inductie is gebaseerd op het ontstaan van elektromagnetische velden die ervoor zorgen dat de warmte rechtstreeks op de bodem van de pan wordt voortgebracht. De pannen kunnen, afhankelijk van hun bouw, geluiden of trillingen voortbrengen, zoals hieronder worden genoemd: Een diep gezoem zoals in een transformator Dit geluid ontstaat tijdens het koken op een hoge kookstand. De oorzaak daarvan is de hoeveelheid energie die de kookplaat aan de pan overdraagt. Het geluid verdwijnt of vermindert zodra de kookstand wordt verlaagd. Een laag fluitend geluid Dit geluid ontstaat als de pan leeg is. Het geluid verdwijnt zodra er water of voedsel in de pan wordt gedaan. Knisperen Dit geluid doet zich voor bij pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen. Het geluid komt door de trillingen die ontstaan op de verbindingsvlakken van de verschillende materialen. Dit geluid is afkomstig van de pan. De hoeveelheid voedsel en de bereidingswijze kunnen variëren. Hoge fluitende geluiden De geluiden ontstaan met name in pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen, zodra deze worden aangezet op de hoogste stand en op twee kookzones tegelijk. Deze fluitende geluiden verdwijnen of worden minder zodra het vermogen wordt verlaagd. Geluid van de ventilator Voor een goed gebruik van het elektronische systeem moet de kookplaat op een gecontroleerde temperatuur werken. Daartoe is de kookplaat uitgerust met een ventilator die steeds als de temperatuur wordt vastgesteld door middel van de verschillende kookstanden gaat werken. De ventilator kan ook door inertie werken, nadat de kookplaat is uitgezet, als de gedetecteerde temperatuur nog te hoog is. De omschreven geluiden zijn normaal en maken deel uit van de inductietechnologie en duiden niet op een storing. Klantenservice Indien het apparaat moet worden gerepareerd, staat onze klantenservice voor u klaar. Wij zullen altijd een geschikte oplossing vinden, ook om te voorkomen dat de technicus onnodig bij u langskomt. Vermeld bij de klantenservice het artikelnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD-Nr.) zodat wij u op een vakkundige wijze te woord kunnen staan. Het typeplaatje met de nummers vindt u aan de onderkant van het apparaat. Om te voorkomen dat u in geval van een storing lang moet zoeken, kunt u hier de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de klantenservice invullen. Houd er rekening mee dat de komst van een servicetechnicus in het geval van een foutieve bediening ook tijdens de garantie niet gratis is. m Kans op een elektrische schok! Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice.Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen. Verzoek om reparatie en advies bij storingen Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten. E-Nr. FD-Nr. Klantenservice
Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : GAGGENAU

Model : CI 271 112

Categorie : Fornuis