Metropolitan - Kinderwagen Giordani - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Metropolitan Giordani in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Metropolitan Giordani
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kinderwagen in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Metropolitan - Giordani en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Metropolitan van het merk Giordani.
GEBRUIKSAANWIJZING Metropolitan Giordani
C Stelknop voetensteun
D Knop voor snelle deblokkering van het voorwiel
E Blokkeerhendel wiel
F Voorwiel
G Mand
H Kap
Stelknop duwstang
L Afstelling van de hoogte van het zitje
M Knop voorbeugel
N Afstelling van de schuine stand van het zitje
0 Voetensteun
P Inklapbare haak
Q Achterwiel
R Knop voor snelle deblokkering van het achterwiel
F ÉLÉMENTS
A Achterwielen x2
B Voorwielen x2
C Voorbeugel x1
D Frame van de wandelwagen x1
E Ziteenheid x1
F Verzorgingstas
F CONTENU
B Stelknop van de draaghandgreep
C Kuip
D Kap
E Dekje
F Adapter
G Metalen connector voor auto's
H Afstelling rugleuning
I Afstelling ventilatieopening
M Plastic plaatsingselement
N Hendel
- Tweede vergrendeling
P Ontgrendelknop van de draagmand
F ÉLÉMENTS
A Kuip
B Gesp van de veiligheidsgordel
C Tussenbeenstuk met gevulde gordelbedekking
D Driepuntsgordel met gevulde gordelbedekking
E Gleuven om de driepuntsgordel af te stellen
F Steunkussen
G Draaghandgreep
H Stelknop van de draaghandgree
1 Stelriem van de driepuntsgordel
L Bedieningsknop voor
snelafstelling
M Instructies en
waarschuwingssticker voor de
airbag
N Zonnekap (ingebouwd)
F ÉLÉMENTS
- Maak de haak los die de wandelwagen ingeklapt houdt, zoals in de Fig. 1a/1b/1c/1d wordt getoond. Til de duwstang vervolgens omhoog, zoals door de pijl wordt aangegeven: de wandelwagen is helemaal uitgeklapt zodra u een KLIK hoort.
DE WIELEN MONTEREN
- De voorwielen monteren: steek de assen van de voor wielen in de openingen aan de voorkant, zoals in Fig. 2a wordt getoond en pas wanneer u een KLIK hoort zitten ze goed vast.
De achterwielen monteren: steek de assen van de achterwielen in de openingen aan de achterkant, zoals in Fig. 2b wordt getoond en pas wanneer u een KLIK hoort zitten ze goed vast. LET OP: voordat u de wandelwagen gebruikt, probeert u de wielen met de handen te laten draaien om u ervan te verzekeren dat ze allemaal goed op hun plaatsen vastzitten.
DE ZITEENHEID MONTEREN
-
Maak de klittenband vast in de richting die door de pijl in Fig. 3a wordt aangegeven en maak vervolgens de knoop aan de onderkant van het matrasje van de wandelwagen vast. Nu is het zitje helemaal gemonteerd, zoals in Fig. 3b wordt getoond.
-
De ziteenheid monteren: zet de beide adapters A van de ziteenheid tegelijkertijd op de steunbasis B vast, zoals in Fig. 4a wordt getoond; de twee delen zitten stevig vast wanneer u een KLIK hoort.
-
De poot van de voetensteun vastzetten: druk met de vinger op beide zijkanten van clip C en duw poot D vervolgens in de plastic verbindingsdelen, zoals in Fig. 5a wordt getoond. De poot zit goed vast zodra u een KLIK hoort (zie Fig. 5b).
-
De voorbeugel vastzetten: pak de voorbeugel en druk tegelijkertijd de witte knoppen aan beide zijkanten in, zoals in Fig. 6a wordt getoond. Zet de voorbeugel vervolgens op beide zijkanten van de wandelwagen vast tot u een KLIK hoort.
-
Open de ritssluiting van de kap en volg hierbij de richting van de pijl, duw de kap vervolgens naar voren, zoals in Fig. 7a/7b/7c wordt getoond: de wandelwagen is nu goed en stevig uitgeklapt.
DE KAP MONTEREN EN DEMONTEREN
- De kap wegnemen: pak het plastic element C vast en
haal het uit de uitsparing D, waar het plastic element inzit, zoals door de pijl wordt aangegeven (zie Fig. 8d/8e); zie Fig. 8a, verwijder de stof van de kap, zoals door de pijl wordt aangegeven (zie Fig. 8f), neem de ijzeren stang E uit de uitsparing waar het plastic element inzit, zoals door de pijl wordt getoond. De kap kan nu helemaal worden weggenomen.
- De kap monteren: zie Fig. 8a/8b. Doe het achterste uiteinde A van de stof van de kap in de uitsparing van het zitje B. Duw en druk de stof met de ene hand in de uitsparing en trek tegelijkertijd met de andere hand aan de voorkant van de stof, zoals door de pijl wordt aangegeven. Nu is de kap gemonteerd. Zie Fig. 9a. Steek de stang van de kap in de bijbehorende basis, zoals door de pijl wordt aangegeven en verzeker u er hierbij van dat punt G van de basis in het gat van de stang vastzit. Zie de Fig. 9b+9c+9d. Steek het voorste uiteinde B van de stof van de kap in de voorkant van de buis van de kap. Zet de buis vervolgens in de uitsparing van de stang vast, zoals door de pijl wordt aangegeven. Nu is de kap helemaal gemonteerd (zie Fig. 8).
WERKING VAN DE DUWSTANG
- De duwstang in hoogte verstellen: De duwstang in hoogte verstellen: zie Fig. 10. Druk met één hand op de knop en til de duwstang op of duw hem omlaag. Het wordt aangeraden de hoogte van de duwstang af te stellen.
OMKEERBAAR ZITJE
- Snelontgrendeling van de ziteenheid: zie Fig. 11a/11b/11c. Druk de veiligheidsvergrendelingen aan beide kanten van het zitje tegelijkertijd in en til het op. Het zitje kan snel worden verwijderd of aan de andere kant worden geplaatst.
LET OP: houd kinderen uit de buurt van de wandelwagen wanneer u de ziteenheid loskoppelt.
HET ZITJE AFSTELLEN
- Druk op de afstelinrichting op de rugleuning of draai aan de knop. De hoek van de rugleuning is verstelbaar. Het zitje kan op 4 standen worden afgesteld.
- Allereerst keert u de ziteenheid om, zoals in Fig. 13a wordt getoond. Druk op knop 1 om de ziteenheid op de horizontale stand te zetten. Duw knop 2 vervolgens op stand B, zoals in Fig. 13b wordt getoond
en ontgrendel tenslotte de vergrendeling 3 zoals in Fig. 13c wordt getoond om de ziteenheid in bedje te veranderen, zie Fig. 13d. Voor de tegengestelde handeling draait u knop 2 met de klok mee op stand A en zet u de vergrendeling 3 vast om het bedje in een ziteenheid te veranderen.
Opmerking: om de veiligheid van de baby te garan deren wanneer u het bedje gebruikt, houdt u het altijd naar u toe gekeerd (zie Fig. 13d).
WERKING VAN DE RUGLEUNING
EN DE VOETENSTEUN
- Druk op de knop van de rugleuning en beweeg hem omlaag en omhoog. De voetensteun kan op 3 standen worden versteld (zie Fig. 14a).
SNELONTGRENDELING VAN DE VOORBEUGEL
- Zie Fig. 15a. Druk op de knop aan beide kanten. Trek vervolgens aan de voorbeugel, die snel wordt on- grendeld.
WERKING VAN DE WIELEN
-
De voorwielen blokkeren: duw de blokkeerhendel van het voorwiel in de door de pijl aangegeven richting. Wanneer u een KLIK hoort is het wiel op de juiste stand geblokkeerd, zoals in figuur 16a wordt getoond
-
Snelle verwijdering van het voorwiel: druk op de snelontgrendelingsknop van het voorwiel. De voorwielen worden hierdoor automatisch gedeblokkeerd.
-
Rem van de achterwielen: om te remmen, doet u de blokkeerhendel omlaag, zoals in Fig.18a wordt getoond. Doe de remhendel op dezelfde manier omlaag om de wandelwagen van de rem te halen. (Rood wil zeggen dat de wandelwagen op de rem staat, groen daarentegen dat hij kan worden verplaatst).
-
Verwijderbare achterwielen: druk op de snelontgren delingsknop in de richting die door de pijl wordt aangegeven, zoals in Fig. 19a wordt getoond. Vervolgens kunnen de wielen snel worden verwijderd.
DE VEILIGHEIDSGORDEL AANBRENGEN
-
Laat de gespen van de driepuntsgordel A en van de buikgordel B door de ogen in het matrasje lopen en door de plank die aan de kant van het matrasje is weggewerkt. Voor het gebruik verzekert u zich ervan dat ze stevig zijn bevestigd (zie Fig. 20a/20b).
-
Stel de hoogte van de veiligheidsgordel af, trek aan de stof die in Fig. 21a wordt getoond en gebruik vervolgens dezelfde montagemethode die in de punten aan het begin wordt beschreven, zie Fig. 20a/20b.
-
Laat het tussenbeenstuk door het matrasje en de plank lopen die door het matrasje is weggewerkt, zo-
als in Fig. 22a wordt getoond. Voor het gebruik verzekert u zich er altijd van dat ze stevig zijn bevestigd. De veiligheidsgordels zijn goed aangebracht, als het eruit ziet zoals in Fig. 22b wordt getoond.
DE VEILIGHEIDSGORDEL VERWIJDEREN
- Verwijder de driepuntsgordel H en de buikgordel I door de gespen door het matrasje te laten lopen (zie Fig. 23a).
LET OP
- Verwijder de gordel van de wandelwagen als u hem als bedje gebruikt.
- Breng de gordel vast in de wandelwagen aan als u hem als zitje gebruikt.
DE GESPEN VASTMAKEN
- De gespen vastmaken: (zie Fig. 24a), maak de gespen op de driepuntsgordel (C, D) aan de gespen van de middelste gordel (A, B) vast en maak vervolgens de gespen van de buikgordel aan de middelste gesp E vast tot u een KLIK hoort (zie Fig. 24b).
De gordel vastmaken: (zie Fig. 24a), druk op de middelste knop om de buikgordel los te maken.
De gordel van het zitje afstellen: stel de driepuntsgor del en de buikgordel af op de lichaamsbouw van het kind om hem een comfortabele houding te garanderen (zie Fig. 24c).
- De hoogte van de driepuntsgordel kan op 2 standen worden afgesteld (zie Fig. 25a), de laagste stand (stand 2) is uitsluitend bestemd voor baby's die jonger zijn dan 6 maanden en stand 1 is bestemd voor kinderen tussen de 6 en 36 maanden. Stel de hoogte van de gordel van het zitje af door de gespen uit het zitje te trekken. Maak ze vervolgens op hetzelfde niveau vast. Verzeker u er altijd van dat de gespen zich op de goede stand bevinden.
Opmerking: gebruik het veiligheidstuigje als het kind zich in de wandelwagen bevindt.
-
Het autostoeltje monteren: zoals in Fig. 26a wordt getoond, zet u het autostoeltje op de steunbasis van de wandelwagen en duwt u het omlaag tot u een KLIK hoort.
-
Het autostoeltje demonteren: deblokkeer de toets van de extra veiligheidsinrichting en til de knop met een hand op, zoals in de afbeelding wordt getoond; til het stoeltje tegelijkertijd aan de handgreep omhoog en met de andere maakt u het stoeltje los van het
frame (zie Fig. 27a).
Opmerking: Uit veiligheidsoverwegingen moet de duwklem nogmaals worden gecontroleerd nadat het autostoeltje op het frame van de wandelwagen is vastgezet. Wanneer de duwklem niet volledig terugspringt, duwt u het plastic gedeelte naar het uiteinde:
DE DRAAGMAND GEBRUIKEN
- De draagmand monteren: zet de draagmand op de steunbasis van de wandelwagen en duw hem vervolgens omlaag tot u een KLIK hoort, zoals in Fig. 28a wordt getoond.
- Demonteren: druk met de duim op de knop rechts in de richting die door pijl A wordt aangegeven en trek de knop tegelijkertijd omhoog in de richting van pijl A. Til de draagmand vervolgens op en neem hem van de wandelwagen.
- Veiligheidsgordel: de draagmand is voorzien van een interne veiligheidsgordel. Druk op de rode knop, zoals in Fig. 30a wordt getoond en de veiligheidsgesp laat los.
Opmerking:
- verzeker u ervan dat het kind naar u toe gedraaid is wanneer u deze onderdelen gebruikt: het is belangrijk de activiteiten van het kind te volgen.
- probeer de onderdelen na de montage van de wandelwagen omhoog te trekken, zoals in de afbeelding wordt getoond, om u ervan te verzekeren dat beide kanten van de onderdelen goed vastzitten en niet loskomen.
DE VERZORGINGSTAS AANBRENGEN
- Hang de hengsels van de verzorgingstas in Fig. 31a om de duwstang van de wandelwagen. De verzorgingstas zal nu aan de wandelwagen hangen, zoals in Fig. 31b wordt getoond.
DE WANDELWAGEN INKLAPPEN
- Voordat u de wandelwagen inklapt, verwijdert u het zitje. Druk vervolgens op de inklapknop van de wandelwagen 1 en trek tegelijkertijd beide kanten van de duwstang omhoog, zoals aangegeven door de richting van pijl 2. Vouw de duwstang vervolgens in de richting die wordt aangegeven door pijl 3. De wandelwagen wordt nu automatisch ingeklapt (zie Fig. 32b). Belangrijk: de sluthaak aan de linkerkant moet met de hand worden vastgezet. Als de sluthaak op de juiste stand is vastgezet kan de wandelwagen helemaal worden ingeklapt.
ZORG EN ONDERHOUD
De wandelwagen moet regelmatig door de gebruiker worden
gecontroleerd, om zich ervan te verzekeren dat de bewegen de delen heel zijn. Alle vergrendelingsmechanismen en de tweede vergrendeling zijn voor het gebruik geactiveerd. Dit product kan met een vochtige doek en gewoon in de handel verkrijgbare reinigingsmiddelen worden schoongemaakt. Gebruik geen schuurmiddelen. De kap kan worden verwijderd en schoongemaakt, maar moet droog zijn alvorens hem opnieuw te gebruiken. Ieder vast element moet stevig worden vastgezet als het weer wordt aangebracht.

SAMENSTELLING
Uitgeklapt: Br: 86 cm;
H: 60 cm;
D: 107 cm.
ngeklapt: Br. 78.5 cm;
H: 60 cm;
D: 41 cm.
WAARSCHUWINGEN
- LET OP Laat nooit je kind zonder toezicht achter.
- LET OP Zorg er voor dat alle vergrendelingsmechanismes vast zitten voor dat je het product gebruik.
- LET OP Zorg er voor dat je kind uit de buurt is tijdens het in- en uitklappen van het product om letsel te voorkomen.
- LET OP Laat het kind niet spelen met dit product.
- LET OP Controleer voor gebruik of het wiegje, het kinderwagenzitje, of het autostoeltje goed vast zit op het kinderwagenchassis.
• LET OP Blijf uit de buurt van vuur.
• LET OP De wandelwagen voldoet aan EN1888:2012. - LET OP De wandelwagen is niet geschikt voor kinderen die zwaarder zijn dan 15 kg (33 lbs).
- LET OP het artikel is geschikt voor kinderen tot 3 jaar.
- LET OP Voorkom ernstig letsel door vallen of uitglijden. Gebruik altijd het veiligheidsbevestigingssysteem.
• LET OP Doe niet meer dan 3 kg in de mand. - LET OP Vervoer niet meer kinderen, goederen of accessoires in of op de wandelwagen dan aanbevolen in de instructies van de fabrikant.
- LET OP Zet de wandelwagen op de rem wanneer u hem parkeert.
- LET OP Zorg ervoor dat kinderen zich uit de buurt van bewegende delen bevinden als u de kinderwagen/
wandelwagen afstelt, omdat ze anders letsel kunnen oplopen.
- LET OP Dit product is niet geschikt om mee hard te lopen of te schaatsen.
- LET OP Dit kinderwagenzitje is niet geschikt voor kinderen jonger dan 6 maanden. Het verstellingssysteem van het zitje is niet geschikt voor baby's onder de 6 maanden. Bij een wandelwagen die is ontworpen om vanaf de geboorte te worden gebruikt moet u de rugleuning bij pasgeboren baby's op de meest neergelaten stand gebruiken.
- LET OP Altijd het veiligheidstuigje gebruiken.
- LET OP Use a harness as soon as your child can sit unaided.
• LET OP Gebruik geen extra matras. - LET OP Zet de wandelwagen op de rem als u de kinderen erin zet of eruit haalt.
- LET OP Het kind kan in de postopeningen glijden met gevaar te worden gewurgd.
- Gebruik het zitje nooit op de volledig neergelaten stand(en) tenzij het wordt gebruikt als bedje.
- LET OP Wanneer u de wandelwagen gebruikt kan de laagste stand van de voetensteun niet worden gebruikt.
- Het kan de stabiliteit van de wandelwagen schaden als er gewichten aan de duwstang, de rugleuning of de zijkanten van de wandelwagen worden gehangen.
- Gebruik geen accessoires die niet door de fabrikant zijn goedgekeurd.
DRAAGMAND
DE KAP MONTEREN
- Til de as van de kap op zoals in Fig. 33a wordt getoond en schuif de 2 metalen plaatjes aan de zijkanten op de as. Het metalen plaatje is goed aangebracht als u een KILK hoort. Probeer de kap met de handen te bewegen om u ervan te verzekeren dat hij stevig vastzit, voordat u de draagmand gebruikt (zie Fig. 33a/33b). Breng de decoratieve delen aan de onderkant van de clip aan, zoals in figuur 33c wordt getoond. De decoratieve clips zijn goed aangebracht als u een KILK hoort. Probeer de draagmand met de handen te bewegen voordat u de draagmand gebruikt, om u ervan te verzekeren dat iedere clip stevig is aangebracht. De kap is nu helemaal gemonteerd zoals in Fig. 33d wordt getoond.
HET DEKJE AANBRENGEN
- Breng eerst het dekje op de kuip aan, zoals in Fig. 34a/34b/34c wordt getoond, en doe vervolgens de drukknop dich. Zet de hem met het klittenband vast.
DE KAP AFSTELLEN
- De kap openen: open de kap door hem naar voren te duwen, zoals in Fig. 35a wordt getoond.
- De kap dichtdoen: wanneer u de draagmand opbergt, sluit u de kap zoals door de pijl wordt aangegeven (zie Fig. 36a/36b).
VERSTELBARE DUWSTANG
- De duwstang deblokkeren: trek de duwstang omhoog, zoals door de pijl is aangegeven. Hij kan op drie standen kan worden versteld. De draagmand zit goed vast wanneer u een KLIK hoort (zie Fig. 37a).
- De duwstang vergrendelen: druk de knoppen aan beiden kanten van de duwstang tegelijkertijd in en de adapter wordt vergrendeld. Duw er vervolgers tegen, zoals door pijl 2 wordt getoond. De duwstang zit goed vast wanneer u een KLIK hoort (zie Fig. 38a/38b).
VERSTELBARE RUGLEUNING
- Draai de knop met de klok mee. De rugleuning kan op de hoogste stand op 155° omhoog worden gezet. Draai de knop tegen de klok in en duw de rugleuning zachtjes omlaag: op die manier kan hij omlaag worden gedaan (zie Fig. 39a/39b/39c).
ACCESSOIRES
- Voorbereiding voor het gebruik: breng allereerst de grote gesp op de draagmand aan. Breng "gat a" op het vaste plastic element b aan, breng tegelijkertijd de grote gesp aan en duw hem omlaag zoals door pijl 2 wordt aangegeven (zie Fig. 40a/40b). Herhaal deze handeling ook bij de andere gesp van de draagmand.
- Let goed op bij de verschillende handelingen wanneer het zitje in de auto wordt gebruikt, zie Fig. 41a/41b.
- De draagmand in de auto monteren: monteer de draagmand op de stand die in Fig. 41a/41b wordt aangegeven. Steek de gesp op de zitting in de gordelsuiting en trek de veiligheidsgordel uit (zie Fig. 42a/42b); maak een lus met de gordel en haal de lus door het gat van de metalen connector van de auto en laat hem over het lipje van de connector lopen, zoals in Fig. 42c/42d wordt getoond; trek de gordel van de zitting aan zoals door de pijl wordt aangegeven (zie Fig. 42e). Herhaal deze handeling ook bij de andere gesp. Op die manier is de draagmand stevig in de auto gemonteerd, zoals in Fig. 42f/42g wordt getoond.
- De draagmand uit de auto wegnemen: de draagmand kan uit de auto worden weggenomen door de grote gesp (zie pijl) los te maken, zoals in Fig. 43a wordt getoond. De grote gespen kunnen aan de veilig
heidsgordel worden vastgemaakt na de draagmand uit de auto te hebben verwijderd (zie Fig. 43b).
Opmerking: de draagmand kan uitsluitend op de achterzitting worden gemonteerd en altijd met de rijrichting mee. Hij kan in voertuigen worden gemonteerd die zijn uitgerust met statische driepuntsgordels in overeenstemming met de norm ECE/EEG R6.
WAARSCHUWING
- Leg het hoofd van het kind uit veiligheidssoverwegingen nooit in de richting van het portier. Wanneer de draagmand eenmaal op de achterzitting is gemonteerd verzekert u zich ervan dat het veiligheidssysteem van de draagmand voor de veiligheid van het kind goed is vastgezet, vooral als u een reis maakt. Nadat de draagmand op de achterzitting is gemonteerd zet u de rugleuning op de laagste stand en laat u de draaghandgreep zakken. Na de montage op de achterzitting moeten de gordels van de zitting waarmee het veiligheidssysteem van de draagmand aan het voertuig is bevestigd goed gespannen zijn. Stel de gordel van de zitting op de maximale lengte af om de stabiliteit van de draagmand te garanderen wanneer hij in de auto wordt gebruikt. Stel de veiligheidsgordel af om de draagmand in het voertuig stabiel te houden. De gordel moet goed gespannen zijn en mag nooit verdraaid zitten.
DE VEILIGHEIDSGORDEL GEBRUIKEN
- Als de draagmand wordt gebruikt als autostoeltje, drukt u op de middelste knop om de gesp te openen, zie Fig. 45a. Sluit de gesp op beide kanten aan. De gesp kan worden vastgezet, zie Fig. 45b.
Opmerking: gebruik altijd de veiligheidsgordel wanneer het kind in de draagmand ligt.
DE VENTILATIEOPENING GEBRUIKEN
-
De ventilatieopening openen: draai de knop onder de mand tegen de klok in en de ventilatieopeningen worden geopend. De ventilatiefunctie is nu geactiveerd met alle openingen naar boven.
-
De ventilatieopening sluiten: draai de knop onder mand met de klok mee en de veiligheidsopeningen worden gesloten (zie Fig. 47a/47b). Met de openingen omlaag is er geen ventilatie.
GEBRUIK OP DE WANDELWAGEN
-
De draagmand monteren: als u de draagmand op het frame gebruikt, sluit u de adapter aan en duwt u de draagmand omlaag tot u een klik hoort (zie Fig. 48a/48b). De draagmand is nu goed op het frame gemonteerd, zoals wordt getoond in Fig. 48c.
-
Duw tegen de vergrendeling C zoals door de pijl in Fig.
49a wordt aangegeven, til knop D op de bodem van de draagmand omhoog, zoals door de pijl wordt aangegeven en til hem op. Vervolgens kan de draagmand op eenvoudige wijze van de wandelwagen worden gehaald (zie Fig. 49b/49c).
ZORG EN ONDERHOUD
Voor veiligheidsdeleinden. Dit product heeft regelmatige controles en onderhoud nodig. Houd alle delen schoon. Als de onderdelen hard worden brengt u er een laagje siliconen smeerspray op aan. Metalen delen, de zitting en de stoffen delen; met een in een sopje met warm water en een fijn reinigingsmiddel bevochtigde doek schoonmaken en afdrogen. Gebruik geen schuurmiddelen of schoonmaakmiddelen met ammoniak, bleekmiddel of alcohol. Het dekje en de accessoires kunnen worden verwijderd om te worden gereinigd. De kap kan worden verwijderd door hem van de bevestigingsmechanismen te halen. Gebruik geen oplosmiddelen, chemische reinigingsmiddelen of smeermiddelen op de onderdelen van het autostoeltje en probeer nooit om de stof te bleken of te verven. Berg de draagmand nooit op als hij nog vochtig is. Wacht tot hij helemaal is opgedroogd. Als hij vochtig is, zet u hem helemaal open in een warme ruimte en droogt u hem met een zachte doek. Als u de draagmand vochtig opbergt kan hij gaan schimmelen. Het gebruik in de buurt van zee kan zoutaanslag veroorzaken. Houd de draagmand regelmatig schoon met een in een sopje met warm water en een fijn reinigingsmiddel bevochtigde doek. Gebruik de draagmand in overeenstemming met de aanwijzingen om elke vorm van schade te voorkomen. Verricht algemeen onderhoud op de draagmand voordat u hem voor een tweede kind gebruikt.

SAMENSTELLING
- Laat het kind nooit zonder toezicht in de draagmand! Houd het kind altijd in de gaten.
- Gebruik alleen reserveonderdelen die door de fabrikant zijn geleverd of goedgekeurd.
-
Overbelast de draagmand niet met een tweede kind of voorwerpen.
-
Dit product is geschikt voor kinderen vanaf de geboorte tot ongeveer 0-9 maanden.
- Dit product is alleen geschikt voor een kind dat niet zonder hulp kan zitten of omrollen en zich niet kan opduwen op handen en knieën. Maximum gewicht van het kind: 9 kg;
- Gebruik de draagmand nooit op passagierszittingen met airbags.
- De draagmand mag uitsluitend op de achterbank van de auto worden gemonteerd, zoals beschreven in de handleiding. Installeer hem nooit op de voorzitting.
- Gebruik de draagmand altijd met goed bevestigde gordel.
- Gebruik de draagmand nooit zonder dat hij met de gordel in de auto of op de kinderwagen is bevestigd.
- Zorg ervoor dat de draagmand stevig kan worden vastgezet wanneer hij op een wandelwagen wordt gebruikt.
- De gesp moet altijd eenvoudig toegankelijk zijn.
- Kinderen mogen nooit met de gesp spelen.
- Het is belangrijk dat het kind bij een noodsituatie snel uit de draagmand kan worden gehaald.
- Alleen geschikt als de goedgekeurde voertuigen zijn uitgerust met vaste of oprobare driepuntsgordel, die is goedgekeurd volgens de VN/ECE voorschriften nr. 16 of andere gelijkwaardige normen.
- Het kind moet zich bij afstellingen uit de buurt van de bewegende delen bevinden. Wees erg voorzichtig wanneer deze handelingen worden verricht met het kind in de buurt.
- Berg de draagmand niet op in een vochtige, koude of erg warme ruimte en gebruik hem ook niet in een dergelijke ruimte. Houd hem uit de buurt van vuur of warmtebronnen.
- Draag het product nooit met de draaghandgreep op de tweede stand, maar houd die altijd recht overeind.
- Wij adviseren u dringend beschadigde accessoires of onderdelen te vervangen.
- Bagage of andere voorwerpen die in geval van een botsing letsel kunnen veroorzaken moeten goed worden vastgezet.
- Neem contact op met uw dichtstbijzijnde winkelier als u problemen heeft met of vragen over het gebruik.
- Dit product is alleen geschikt voor een kind dat nog niet zelfstandig kan zitten.
- Niet gebruiken als er onderdelen kapot of gescheurd zijn, of ontbreken.
- Gebruik altijd het veiligheidsbevestigingssysteem.
- LET OP Gebruik een tuigje zodra uw kind zelfstandig kan zitten.
AUTOSTOELTJE GR 0+
HET VEILIGHEIDSAUTOSTOELTJE VOOR KINDEREN IN DE AUTO MONTEREN
- Dit product kan op zittingen met driepuntsveiligheids-gordels worden gemonteerd, die worden verdeeld in een gedeelte voor de heupen en een gedeelte voor de schouders, zoals in Fig. 50a wordt getoond.
- Zet het autostoeltje tegen de rijrichting in op de ziting, dus met de rugleuning naar voren. De draaghandgreep moet op de verticale stand zijn vergrendeld, zoals in Fig. 51a wordt getoond.
- Laat het heupgedeelte van de veiligheidsgordel langs de voorkant (kant van de voeten) tussen de kuip en de twee haken voor de gordel lopen, zoals in Fig. 52a wordt getoond.
- Laat het schoudergedeelte van de veiligheidsgordel om de autostoel lopen en haal hem door de haak aan de achterkant, zoals in Fig. 53a wordt getoond.
- De bevestigingshaak houdt de veiligheidsgordel op zijn plaats, zoals in Fig. 54a wordt getoond.
- Steek het gedeelte van de veiligheidsgordel in de gesp. Verzeker u ervan dat de veiligheidsgordel niet verdraaid zit. Trek hem zo strak mogelijk aan. Contre leer nogmaals of de gordel door alle drie de blauwe haken loopt, zoals in Fig. 55a wordt getoond.
HET AUTOSTOELTJE GEBRUIKEN
- Maak de schoudergordel los door op de snelontgren delingsknop te drukken en de schoudergordel naar u toe te trekken, zoals in Fig. 56a wordt getoond. Doe vervolgens het tussenbeenstuk omlaag, zoals in Fig. 57a wordt getoond.
- Voeg de slotdelen samen en steek ze in het gordelslot zoals in Fig. 58a wordt getoond.
- Span de schoudersgordels met de snelversteller aan de voorkant. Het oog kan onder de rand van de bekle ding worden vastgezet.
- Stel de hoogte van de schoudergordels af. De schoudergordels moeten door de gleuven lopen die zich op de schouders van het kinde bevinden, zoals in Fig. 59a wordt getoond. Trek de schoudergordels door de gleuven in de kuip en de bekleding. Plaats de schoudergordels op de gewenste hoogte terug en gebruik dezelfde gleuven in zowel de kuip als de bekleding. Controleer of de gordeis goed bruikbaar zijn en niet verdraaid zitten.
- Druk de knoppen aan beide kanten van de draaghandgreep in en stel de handgreep vervolgens op de gewenste stand af. De knoppen keren op de beginstand terug wanneer de handgreep zich op de vol-
gende standen bevindt 1. transport/rijstand 2. slaap/schommelstand. 3. zitstand, zoals in Fig. 60a wordt getoond.
DE HOES VERWIJDEREN
Verwijder eerst de vulling van de gordels. Open de rand van de zonnekap zover mogelijk. Verwijder vervolgens de slotdelen en de versteller via de openingen. Om de bekleding weer aan te brengen, volgt u bovenstaande aanwijzingen in omgekeerde volgorde.
ONDERHOUD
Het zitje kan met een sopje van lauw water en een reinigingsmiddel worden schoongemaakt. Geen schuurmiddelen gebruiken. De bekleding moet op de hand worden gewassen (maximum 30°C). Gebruik geen wasdroger. De gesp van de gordel kan met warm water worden schoongemaakt. Niet smeren. Om een optimaal en veilig gebruik van de autostoeitjes te garanderen, wordt aangeraden ze niet langer dan 5 jaar na de aankoopdatum te gebruiken. De veroudering van het plastic, veroorzaakt door blootstelling aan de zon (uv) kan de kenmerken van het product aantasten. Als het kind de gewichtslimiet heeft overschreden, die voor het gebruik van het stoetijie is voorzien, wordt aangeraden het stoetijie niet meer te gebruiken en het op de juiste manier afte danken.

SAMENSTELLING
- Dit product is geschikt voor kinderen vanaf de geboorte tot ongeveer 9 maanden (0-10 kg).
- Wanneer het autostoeltje wordt gebruikt in combinatie met een onderstel vervangt het de wieg of het bedje niet.
- Mocht uw kind moeten te slapen, dan moet het in een geschikte kinderwagen, wieg of bed worden gelegd.
- Voorkom dat uw kind uit het stoeltje valt. Controleer altijd of de draaghandgreep op de draagstand is geklikt voordat u het stoeltje optilt. Zorg er ook altijd voor dat uw kind stevig in het tuigje vastzit.
- Voor de veiligheid van uw kind is het van groot belang
dat de veiligheidsgordel van de autozitting langs de blauwe markeringen op het product loopt. Raadpleeg hiervoor het gedeelte over de installatie. Laat de gordel nooit op enigerlei andere wijze lopen.
- Gebruik dit product nooit op een zitting met airbag.
- Wanneer u het product met de autogordel installeert, gebruikt u alleen een naar voren gerichte zitting voorzien van een automatische of statische 3-puntsgordel. De verschafte gordel moet zijn goedgekeurd volgens ECE R 16 of gelijkwaardige norm.
- Het autostoeltje mag op de voorzitting en op de achterbank worden gebruikt. We raden dringend aan hem op de achterbank te gebruiken. Plaats het product altijd met de rugleuning naar voren.
- We raden met klem af een tweedehands product te gebruiken, omdat u nooit zeker kunt zijn van zijn geschiedenis.
- Verwijder de logo's of airbagsticker niet om beschadiging van de bekleding te voorkomen.
- Het kinderbeveiligingssysteem mag niet zonder de be- kleding worden gebruikt. De bekleding van het stoel- tje mag alleen met een door de fabrikant aanbevolen bekleding worden vervangen, aangezien het integraal onderdeel uitmaakt van het veiligheidssysteem.
- Het is een veiligheidsproduct dat alleen veilig is wanneer het wordt gebruikt volgens de instructies in deze handleiding. Breng geen wijzigingen aan het product aan zonder toestemming van de bevoegde autoriteit.
- Bagage of andere voorwerpen die in geval van een botsing letsel kunnen veroorzaken moeten goed worden vastgezet.
- Gebruik geen andere dragende contactpunten dan die in de instructies zijn beschreven en die op het kinderbeveiligingssysteem zijn aangegeven.
UIT TECHNISCHE OF COMMERCIELE OVERWEGINGEN KAN GIORDANI OP ELK WILLEKEURIG MOMENT, OOK UIT SLUITEND IN EEN BEPAALD LAND, WUJZIGINGEN AAN DE IN DEZE UITGAVE BESCHREVEN MODELLEN AANBREN GEN DIE DE TECHNISCHE KENMERKEN ERVAN EN/OF DE VORM, HET TYPE EN AANTAL BIUGELEVERDE ACCESSOI RES KUNNEN BETREFFEN.
SimpelGids