9147 - Thermostaat VAILLANT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 9147 VAILLANT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 9147 VAILLANT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Thermostaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 9147 - VAILLANT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 9147 van het merk VAILLANT.
GEBRUIKSAANWIJZING 9147 VAILLANT
Ruimtetelemperatuurregelaar
Kamerthermostaat Bedieningsaanwijzing blz. 58 - 68 Montagevoorschriften blz. 69 - 75

Termostato de ambiente Instrucciones de uso网页 76-86 Instrucciones de instalacion pagina 87-93

1 Instellingen aan de Ruimteteperatuurregelaar
1 Temperatuurkiezer
Voor de gewenste kamertemperatur gedurende verwarmingsperiode in te stellen.
2 Keuzeschakelaar werkingswijze
Voor het regelen van;
nachttemperatuur
dagtemperatuur
het ingestelde verwarmingsprogramma

3 Minutenwijzer*
Instelling en aanduiding van deijd.
4 Afleesteken*
Duidt de tijd aan op de 24-ur schaal bijv.15" uur afb.1 (4).
5a Ruiters binnenste schaal*
Schakelruiter binnenin = dagtemperatuur Verwarmingsperiode op nachtemperatuur (nachtverlaging). Dit houdt in dat, gedurende deze期内e, de kamertemperatuur op nachtemperatuur worden geregeld (fabrieksmalig ingesteld op 15^ ).
5b Ruiters buitenste schaal*
Buitenste schakelruiter = = nachttemperatuur Verwarmingsperiode op nachtemperatuur (nachtverlaging). Dit houdt in dat, gedurende deze期内e, de kamertemperatuur op nachtemperatuur worden geregeld (fabrieksmatig ingesteld op 15 °C).
6 24-uurs schaal*
Deze schijf met cijfers is verdeld in 24-uer. Onder het afleesteken worden de actuèleijd aangegeven.
Inhoud NL

1 Instellingen aan de Ruimtetemperatuurregelaar 58
2 Mogelikheden tot energiabesparing 60
3 Instellingen aan de Ruimtetemperatuurregelaar 61
4 Schakelklok instellen 62
5 Ruimteteperatuar instellen 63
6 Verwarmtijden programmeren 64
7 Speciale functies 66
8 Voorlooptemperatuur, Veiligheidsaanwijzing 67
9 Inbouwbereik 68
10 Ruimtetelemperatuurregelaar monteren 69
11 Ruimtetelemperatuurregelaar aansluiten 70
12 Inbedrijfname 71
13 Technische gegevens 75

NL
2 Mogelikheden tot energiaBesparing
TIP
Ruimtetemperatuur begrenzen
Stelt u de ruimtetermuatuur zo hoog in, dat het voor uw behaaglijkheidsgevoel precies genoeg is, elke graad die u hoger instelt betekend een energieverspilling van ongeveer 6% .
TIP
Het verlagen van de kamertemperatuur
Gedurende uw nachtrust of afwezigheid, kunt u de kamertemperatuur verlagen.
TIP
Vervroegen van de nachtverlaging
Vervoegd u de tijden van de nachtverlaging zoveel möglichk. Het gebouw houdt de warmte zodanig vast dat de ruimtetemperatuur geleidelijk daalt.
TIP
Kort, maar krachtig ventileren
Gedurende de verwarmingsperioden dient u de ramen allente openen om te ventileren, echter Niet om de temperatuur teregelen. Een volledige ventilatie gedurende een korteijd isefficienter, en bespaartmeer energia, dan langdurig openstaande ramen. Indien u tijdens het ventileren de keuzeschakelaar (2) op O schakelt voorkomt u het onnodig in bedrijfgaan van uw verwarming.
TIP
Kamerthermostat op een vrij wandopppervlak
Om de kamerthermostat at ongehinder de circulerende lucht in de kamer te laten meten, raden wij u aan om uw kamerthermostatat Niet ache ter meubels en/ of gordijnen te plaatsen.
TIP
U dient alle radiatorkranen in de kamer waar uw kamthermostaat geinstalleerd is, steeds volledig geopend te honden.
3 Instellingen aan de Ruimtetelemperatuurregelaar NL

3.1 Hetkiezen van de werkingswijze
Met de keuzeschakelaar (afb. 1.2) kutu uw cv-installatie aan uw persoonlijke wensen latent functioneren.
Afhangelijk van de opwarmtijd van uw woning en de buitentemperatuur, za na een bepaaldeijd de door u gewenste kamertemperatuur bereikt worden.
In stand, wordt de kamertemperatuur - zonder beinvloeding van de schakelklok - op de ingestelde dagtemperatuur gehonden (afb. 1.1).
In stand Ovordt de kamertemperatuur - zonder beinvloeding van de schakelklok - op de nachtemperatuur gehonden (fabrieksinstelling 15^ ).
In positie, wordt de kamertemperatuur automatisch volgens het ingestelde verwarmingsprogramma geregeld (zie hoofdstuk 5).

NL
4 Schakelklok instellen
4.1 Schakelklok instellen
De ruimtetelemperatuurregelaar VRT-QZA heeft een dag-verwarmprogramma met een schakelklok, waarvan de 24-uren-schaal (6) eénmaal per dag draait.
Aan de wijzers van de klok leest u de aktuele tijd af (zoals gewoonlijk). Het > (pijlte) (4) duidt de tijd aan, bijv. 15 ur. Houdt u alstublieft in de gaten dat de schakelklok een schijf heeft met een 24-uren-schaal (6): in de namiddag om 15.00uur要去 de pijl (4) op ,15" staan en nicht op ,3".
4.2 Tijd instellen
Klapt u het zichvenster van de schakelklok aan de linker kant maar rechts open. Draait u de minu-tenaanwijzer (3) in klokrichting totdat de pijl (4) bij de correcteijd staat bijv. 15^ .
Voorbeeld: u schakelt de klok s'middags om 15.00 eer aan. Draai de minutenwijzer in klokrichting totdat de pijl (4) voor bij de „15" staat.
Wijst de pijl (4) „3" aan, zo stelt u de klok 12 uur verder in. De precise tijd stelt u met de minutwijzer zoals gewoonlijk in.
5 Ruimtetepmatuar instellen NL

5.1 Dagtemperatuur kiezen
De kamertemperatuur die u tijdens uw verblijf in de woonruimte net voldoende vindt, stelt u in met de temperatuurkiezer (1, afb. 1). Elke graad hoger geeft een onnodig extra verbruik aan energia van ca. 6% . Uw kamerthermostaat regelt de dagtemperatuur gedurende die verwarmings-perioden, zoals deze met de schakelruiters (afb. 1, 5a) ingesteld zichn (ruiters zich op de binnenste schaal gedrukt).
Advies: Stelt u de dagtemperatuur (afb. 1.1) tessen 18^ en 20^ in. Uw installmenter kan de temperatuurkiezer dusdanig instellen dat deinstelling met de aanduiding op uw thermometer overeenkomt.
5.2 Nachttemperatuur (nachtverlaging)
De kamertemperatuur worden automatisch,ijdens de perioden:tussen de verwarmingsperioden, op een lagere waarde gehonden. Hiermee daalt uw gasverbruik.Fabrieksmatig is hiervoor een temperatuur van 15^ gekozen.Op uw verzoek kan uw installateur een andere waarde instellen.

NL
6 Verwarmtijden programmeren
6.1 Aanduiding van de verwarmingsperiode
De verwarmingsperiode voor de dagtemperatuur herkent u aan de, op de binnenrand gedrukte schakelruiters (5a), en door het ontbreken.
De期内e van nachtverlaging (fabrieksmatig op 15^ ingesteld) herkent u aan de, op de buitenrand gedrukte schakelruiters (5b).
6.2 Basisprogramma
Nadat u de actuèle hijd en dagtemperatuur heeft ingesteld, wordt de temperatuur in uw woning al door uw kamerthermostaat volgens een doordacht verwarmingsprogramma geregeld; verwarmingsperiode
met dagtemperatuur
6.00....22.00 aur
met nachtemperatuur
22.00.... 6.00 ur
6.3 Verwarmingsperiode instellen
De optimale verwarmingsperioden bepaalt u geheel zich op basis van de leefgewoonten van uw gezin.
6 Verwarmtijdenprogrammeren NL

Vanaf de door u gekozen schakelpunten za de temperatuur veranderen.
Afhankelijk van uw woning, uw cv-installatie, alsmede de wisselende buitentemperaturen - verstrijk daarna een bepaaldeijd, voordat de ingesteldetemperatureur bereikt is. Stelt u zich vast in hoeverre u de schakelpunten moet verplaatsen.
Advies: Als eerste stap
Inschakelpunt een uur vooruit stellen.
Uitschakelpunt een urr vooruit stellen.
Voor de verwarmingsperioden met dagtemperatuur drukt u de schakelruiters (5a) op de binnenrand..
Voor de nachtverlagingsperioden drukt u de schakelruiters (5b) op de buitenrand.
6.4 Het instellen
U klapt het venster maar rechts open. U stelt de schakelruiters (afb. 1.5a) en (afb. 1.5b) als volgt in:

NL 7 Speciale functies
7.1 Gebruik tijdens het weekeinde, of feest (je)
Indien tijdens een weekeinde of een feest (je) de nachtverlaging tijdelijk uitgeschakeld moet worden, dan kunt u de voorkeuzeschakelaar (afb. 1.2) op stand draaien. Wilt u het eerder gekozen programma weer in werkung latent treden dan zet u de voorkeuzeschakelaar (afb. 1.2) waar terug op stand 日
7.2 Zomerbedrijf
Stelt u de bedrijfssoortschakelaar (2) op in. Daarmee worden de verwarming constant op nachttemperatuur geregeld.
als u de Niet in gebruk zijnde kamers gegen vorst wilt beveilig- gen, draait u de voorkeuzeschakelaar (afb. 1.2) op en stelt u de dagtemperatuur (afb. 1.1) op 5^ in.
7.4 Bedrijf en Netuitval
In verband met het milieu bevat deze klok geen accu. Deschakelklok van uw ruimtemperatuurregelaar blijft bij hetuitvallen van het net staan, maar de ingegeven programma'sblijven bewaard. Na het terugkeren van de netspanning loopthet verwarmprogramma automatisch verder. Dearend moet gecorrigeerd worden. Met de minutewijzer (3) de aktuele tijdinstellen, zoals in hoofdstuk 4 beschreiben staat.
8 Voorlooptemperatuur, Veiligheidsaanwijzing NL

Instelling aan de Vaillant gaswandketel
Het wordt geadviseerd om de aanvoertemperatuur als volgt in te stellen:
Voor lage temperatuur cv-installations tot max. 75^ :stand 7.
Voor cv-installations, welke voor 90^ uitgerekend zich:stand 9.

NL
9 Inbouwbereik
9.1 Toepassingsmogelijkheden
De kamerthermostat vRT-QZA kan probleemoos op alle Vaillant gaswandketels VC... of VCW... met 24 V-aansluiting (klemmenstrook 7, 8, 9, Fig. 4) aangesloten worden. Informatie kurz u in de Vaillant documentatione vinden. De montage-ptaat kurz u toepassen bij verranging van oudere typen Vaillant kamerthermostaten of thermostaten van.Deze merken.
Montage-afmetingen 48 - 60× 66 - 65mm .De kamerthermostat vRT-QZA is bij aflevering als aan/uit thermostat geschakeld.De installmentur kan dit omschakenaar een proportioneel regeling, zoals is beschreiben in hoofdstuk 12.2.1. Hiervoor is geen verandering van de elektrische aansluiting vereist.
9.2 Pompekeuzeschakelaar
Door aansluiting van de thermostat VRT-QZA is de stand „I" op de Vaillant gaswandketels nicht meer möglichk. Als de pomp toch op deze functie worden ingesteld, dan zal de pomp automatisch "continue" blijven draaien. Zet u de pompkeuzeschakelaar op „S" of „II".
10 Ruimtetelemperatuurregelaar monteren
NL
10.1 Montageplaats
Om op een juiste wijze te kunnen functioneren dient de kamerthermostaat op een hiervoor geschikte plaats te worden gemonteerd. De beste montageplaats is meestal de binnenmuur van een woonkamer op ca. 1,5 meter hoogte. Om de circulerende lucht in de ruimte te kunnen meten dient de kamerthermostaat Niet acheer meubels en/ of gordijnen gemonteerd te worden. Dit houdt tevens in dat de kamerthermostaat zo gemonteerd worden dat deze nicht beinvloedt worden door in de tocht van een deur of raam, of door warmtebronnen (zoals een radiator schoorsteen, television of zonnestralen) geplaatst kan worden. In de ruimte waar de kamerthermostaat is aangebracht dienen de radiatorkranen steeds volledig geopend te zich.
10.2 Montagevolgorde
De elektrische bedrading maar de gaswandketel dient aangebracht te zijn voordat de montageplaat gemonteerd wordt. De montage worden als volgt uitgevoerd:
Door een schroevendraier in de bevestigingsnokken te steken worden de kamerthermostaat (7, afb. 2) losgenomen van de montageplaat.
Vervolgens dienen twee gaten (6 mm Ø) geboard te worden t.b.v. de twee meegeleverde pluggen (10, afb. 2).
Montageplaat m.b.v. de meegeleverde schroeven op de muur bevestigen.
10.3 Voorschriften
De montage en de elektrische aansluiting mag alleen uitgevoerd worden door een vakbekwaam erkend installmenteur.
De voorschriften van de VDE要去en gehanteerd worden.
Controleert u, of de verwarming uitgeschakeld is.

NL
11 Ruimtetelemperatuurregelaar aansluten
11.1 Aansluitmögelijkheden
De kamerthermostaat VRT-QZA mag uitsluitend op de laagspanningsklemmen 7, 8, 9 van de Vaillant gaswand-ketel aangesloten worden. Een erkend installeur dient deze werkzaamheden UIT te voeren.
Alvorens met de aansluiting van de elektrische bedrading te beginnen, dient de hoofdschalekaar van de Vaillant gaswandketel op „0“ gezet te worden.
11.2 Bedrading
De aansluitkabel worden door de uitsparing (afb. 3.11) gevoerd.
De aansluiting op de klemmen 7, 8, 9 van een Vaillant gaswandketel VC of VCW dient volgens afb. 4 uitgevoerd te worden.
11.3 Bedrijfsgereed make
Na aansluiting van de bedrading op de klemmenstrook (afb. 4.12) dient de kamerthermostaat zodanig op de montageplaat geplaatst te worden, dat de steekcontacten (12b; afb. 5) in de contacten (afb. 3.12a) gesloten worden. De kamerthermostaat op de montageplaat vastklikken.
Hierna de hoofdschakelaar van de Vaillant gaswandketel op „1“ schaken.
12 Inbedrijfsname NL

12.1 Inbedrijfstelling
Een erkend installerateur (welke ook verantwoordelijk is voor de cv-installatie) dient de inbedrijfstelling - na installereren van dethermostat samen met de cv-installatie, - alsmede de instelling volgens de wensen van de toekomstige gebruikeruit te voeren.
De als volgt te noemen maatregelen Nadere dienen hierbij in ache genomen te worden: informatie:
| Energiebesparing Hoofdstuk 1 | |
| Instelmogelijkheden | Hoofdstuk |
| Instelling schakelklok Hoofdstuk 3 | |
| Verwarmingsperioden programmeren | Hoofdstuk 5 |
| Functietest Hoofdstuk 6 | |
| Aanvoertemperatuur instellen | Hoofdstuk 7 |
12.2 Instelmogelijkheden
Alvorens instellingen gewijzigd worden:
Dient de hoofdschakelaar van de Vaillant gaswandketel op stand "0" gezet te worden. Nadat dethermostat van de montageplaat verwijderd is, kan de installmenter op dechterzijde de als volgt te noemen instellenen wijzigen.
12.2.1 Aan/uit/ proportioneel regeling
Bij aflevering staat de VRT-QZA op aan/uit regeling geschaken. Deze regeling is te adviseren als het vermogen van de Vaillant gaswandketel duidelijk boven de berekende warmtebehoefte ligt (bijvoorbeeld indien een groter vermogen voor de warmwatervoorzieening vereist worden).

NL 12 Inbedrijfsname
Hierbij staat de omschakelaar (14, afb. 5) op stand „Z".
In installaties waar bij het geleverde verwarmingsvermogen overeenkomt met de warmtebehoefte is het raadzaam om de schakelaar op proportioneel-stand ^ te zetten. Deze handeling is uit te voeren met een balpen of stift.
12.2.2Nachttemperatuur veränderen
Bij aflevering is de nachttemperatuur op 15^ ingesteld. M.b.v. de potentiometer (afb. 5.15) kan deze op een door de gebruiker gewenste waarde ingesteld worden.
12.2.3 Temperatuuraanwijzing calibreren
De Vaillant ruimtemperatuurregelaar is vanaf de fabriek ingesteld. Als de ruimtemperatuurregelaar Niet op de juiste plaats gemontleerd is, kan het voorkomen dat de ruimtemperatuur (thermometeraanduiding) hoger is als de door u ingestelde waarde.
Voorbeeld: U heeft een temperatuur van +20^ ingesteld, uw thermometer geeft na eenijdje een temperatuur aan van +22^ - de ruimtemperatuur is stabel.
Aanwijzing! Geopende deuren en ramen evenals zonnestra- len mogen de ruimtetemperaturregelaar Niet beinvloeden.
De temperatuurkiezer (1) kan aan de LAST gemeten temperatuur aangepast worden.
12 Inbedrijfsname NL

Ter aanpassing
apparaat openen, zie hoofdstuk 11.2 (fig. 2)
temperatuurkiezer (1) ingesteld op bijv. 20^ vasthoden.
Schijf van de temperatuurkiezer (17) verwijderen, en om 2^ (op 18 °C) instellen.
Schijf van de dagtemperatuurkiezer terugplaatsen,
zie temperatuurschaal (21)
De temperatuurregelaar is aan uw individuele ruimteverhouding aangepast.
12.2.4 Instelbereik begrenzen
In afb. 7 worden als voorbeeld het instelbereik voor de dagtemperatuur van 15^ maar 20^ begrensd. De temperatuerkiezer (afb. 6.1) instellen op de maximale gewenste waarde afb. 7: 20^ . De ruiter (20, afb. 7) optillen en voor de aanslagstift (18, afb. 7) waar indrukken.
De temperatuurkiezer (1, afb. 6) op de minimale gewenste waarde instellen afb. 7: 15^ . De ruiter (19) optillen en voor de aanslagstift (18, afb. 7) waar indrukken.
Het met de temperatuurkiezer (1) in te stellen temperatuurbereik is nu begrensd van 15^ tot 20^ .
Let op!
De met de rode streep gemarkeerde ruiter mag nicht versteld worden. Deze dient als calibratiepunt om de fabrieksmatig ingestelde temperatuur wee in te konnen stellen.

NL 12 Inbedrijfsname
12.2.5 Temperatuurinstelling fixeren
Bij afb. 8 wordt als voorbeeld de temperatuurinstelling op 20^ vastgezet. Hiertoe dient de temperatuur op de gewenste waarde (20^) ingesteld te worden (6, afb. 1). De ruiters 19/20 oplichten en aan beiden zijden naast de aanslagslift (18) in de calibratieschijf (17)plaaten. Nu is de temperatuurkiezer (1, afb. 1) op de gewenste waarde (20^) vastgezet. De thermostat要去 naiedere genoemde instelling weeop de montageplaat gemonteerd worden. Dit staat beschreiben in hoofdstuk 9.2. Tevens moet de hoofdschakelaar van de Vaillant gaswandketel op stand "I" gezet te worden.
Na elk van deze instelleningen
De ruimtemperatuurregelaar op de montageplaat plaatsen, Zoals in hoofdstuk 11.3 beschreiben staat, en de hoofdschakelaar van het thermoblok op stand ^ zetten.
CE
Met het CE-kenteken worden vastgelegd, dat de VRC in verbinding met Vaillant verwarmapparaten die vastgelegde vorderingen van de laagvoltagerichtlijnen (richtlijnen 73/23/CEE van de raad) en de geteste bouwmonsters overkomt. Tevens komt het met de oostenrijkse veriligheidsvorderingen overeen.
Voor schade die door het in acht nemen van deze gebruiksaanwijzing, in het bijzonder fouitieve aansluiting of mechanische beschadiging onstaat, nemen wij geen verantwoordelijkheid.
