HMDA230 - Monitor SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HMDA230 SONY in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Monitor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HMDA230 - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HMDA230 van het merk SONY.
GEBRUIKSAANWIJZING HMDA230 SONY
- Trinitron is een geregistreerd handelsmerk van Sony Corporation.• Macintosh is een handelsmerk in licentie gegeven aan Apple Computer, Inc., geregistreerd in de U.S.A. en andere landen.•Windows en MS-DOS zijn geregisteerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en andere landen.• IBM PC/AT en VGA zijn geregistreerde handelsmerken van IBM Corporation of the U.S.A.•VESA en DDC zijn handelsmerken van de Video Electronics Standard Association. ENERGY STAR is een in de V.S. geregistreerd merk.• Alle andere vermelde productnamen kunnen handelsmerken of geregistreerde handelsmerken zijn van hun respectieve bedrijven. • Bovendien zijn “ ä” en “â” niet telkens vermeld in deze handleiding. Opstelling 1 De monitor aansluiten op uw computer Aansluiting op een Macintosh of compatibele computer Gebruik eventueel een Macintosh adapter (niet meegeleverd) om deze monitor aan te sluiten op een Macintosh computer. Sluit de Macintosh adapter aan op de computer alvorens de kabel aan te sluiten. 2 De monitor en de computer aanzetten 1 Sluit het netsnoer aan op de monitor en druk op de 1 (aan/uit) schakelaar om de monitor aan te schakelen. 2 Zet de computer aan. Er zijn geen specifieke drivers nodigDeze monitor beantwoordt aan de “DDC” Plug & Play norm en detecteert automatisch alle monitorinformatie. Op de computer hoeft geen specifieke driver te worden geïnstalleerd.Wanneer u de PC voor het eerst aanzet nadat de monitor werd aangesloten, kan de installatie-wizard op het scherm verschijnen. Volg dan de instructies op het scherm. De Plug & Play monitor wordt automatisch gekozen zodat u deze monitor kunt gebruiken.Opmerkingen• Raak de pinnen van de videokabelstekker niet aan.• Controleer de uitlijning van de HD15 connector om te voorkomen dat de pinnen van de videokabelstekker verbogen worden.De pentoewijzing van de HD 15 videosignaalkabel* DDC (Display Data Channel) is een VESA standaard. Inhoudsopgave Opstelling. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 Regelingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Verhelpen van storingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Voorzorgsmaatregelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Appendix . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . i Preset mode timing table . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . iTCO’99 Eco-document. . . . . . . . . . . . . . . . . . Achterflap Videosignaalkabel van de monitor naar HD15 van de aangesloten computer
Pin Nr. Signaal1 Rood Groen (Sync op Groen)3Blauw 4ID (Massa) 5 DDC Massa*6 Rood Massa7 Groen Massa8 Blauw Massa9 DDC HOST 5V*10 Massa11 ID (Massa) Bi-directionele data (SDA)*13 H. Sync14 V. Sync15 Dataklok (SCL)*Pin Nr. Signaal4 Regelingen Het menu gebruiken 1 Druk in het midden van de joystick om het hoofdmenu te laten verschijnen. 2 Beweeg de joystick m/M om het hoofdmenu te laten oplichten dat u wilt instellen en druk in het midden van de joystick. 3 Beweeg de joystick m/M om het submenu te laten oplichten dat u wilt instellen. Beweeg vervolgens de joystick </, om in te stellen. Contrast en helderheid regelen Contrast en helderheid worden geregeld via een apart HELDERHEID/CONTRAST menu. Deze instellingen gelden voor alle ingangssignalen. 1 Beweeg de joystick in om het even welke richting om het HELDERHEID/CONTRAST menu te laten verschijnen. 2 Beweeg de joystick m/M om de helderheid ( ) te regelen, en </, om het contrast ( ) te regelen. Opmerking Wanneer u helderheid en contrast op “0” zet, is er geen beeld zichtbaar.
UIT horizontale en verticale frequentie van het huidige ingangssignaal resolutie van het huidige ingangssignaal (alleen indien het signaal overeenstemt met één van de aanbevolen VESA timing modes) Hoofdmenu
On-screen Menu-instellingen : Beeldkleur regelen Met de KLEUREN instellingen kunt u de beeldkleurtemperatuur regelen door het kleurniveau van het witte kleurveld te veranderen. De kleuren hebben een rode tint bij lage temperatuur en een blauwe tint bij hoge temperatuur. Deze regeling is handig om de monitorkleuren af te stemmen op drukkleuren. x Regelingen U kunt kiezen uit vooringestelde kleurtemperaturen van 5000K of 9300K. De standaard instelling is 9300K.De kleuren kunnen eventueel nauwkeurig worden geregeld door te selecteren. 0: Regeling terugstellenMet de optie RESET worden al uw persoonlijke instellingen gewist. Om de fabrieksinstellingen van de monitor te herstellen, gaat u als volgt tewerk. x Regeling terugstellen voor huidig ingangssignaal. Beweeg de joystick ,. x Regeling terugstellen voor alle ingangssignalen. Houd de joystick , gedurende 2 seconden.Opmerking Wanneer “regeling voor alle ingangssignalen terugstellen” is geactiveerd, keert de persoonlijke taalkeuze terug naar de standaard instelling Engels.Hoofdmenu-pictogrammen en regelpuntenSubmenu-pictogrammen en regelpuntenBeeldformaat of -centrering regelen
De zijkanten van het beeld doen uitzetten of inkrimpen* De zijden van het beeld naar links of rechts verschuiven* De breedte van het beeld aan de bovenkant van het scherm aanpassen* Het beeld naar links of rechts verschuiven aan de bovenkant van het scherm* De beeldkleur regelen*
Zie “ : Beeldkleur regelen”. Convergentie regelen
Rode of blauwe schaduwen horizontaal verschuivenRode of blauwe schaduwen verticaal verschuivenTaal kiezen Schermmenutaal kiezen
Deze instelling geldt voor het huidige ingangssignaal.
Deze instelling geldt voor alle ingangssignalen.
- FRANÇAIS: Frans • SVENSKA: Zweeds
- DEUTSCH: Duits • : Russisch
- ESPAÑOL: Spaans • : Japans
Alleen de 1 (aan/uit) schakelaar, UIT en het (TOETSEN SLOT) menu werken.6 Verhelpen van storingen x Geen beeldIndien de 1 (aan/uit) indicator niet verlicht is• Controleer of het netsnoer goed is aangesloten.
- Controleer of de 1 (aan/uit) schakelaar “aan” staat. De 1 (aan/uit) indicator is oranje• Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en alle stekkers goed vastzitten.• Controleer of de pinnen van de HD15 video-ingangsconnector niet verbogen of naar binnen gedrukt zijn.
- Controleer of de stroom van de computer “aan” is.
- De computer staat in de stroomspaarstand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis.• Controleer of de grafische kaart volledig in de correcte busaansluiting zit. Indien de 1 (aan/uit) indicator groen is of oranje knippert
- Gebruik de zelfdiagnosefunctie.x Het beeld flikkert, springt, oscilleert of is vervormd
- Isoleer en elimineer potentiële bronnen van elektrische of magnetische velden zoals monitors, laser printers, elektrische ventilatoren, fluorescentieverlichting of televisietoestellen.• Plaats de monitor uit de buurt van stroomkabels of plaats een magnetische afscherming bij de monitor.• Probeer de monitor aan te sluiten op een ander stopcontact, bij voorkeur op een ander circuit.
- Probeer de monitor 90° naar links of naar rechts te draaien.
- Controleer de handleiding van uw grafische kaart voor de juiste instelling van de monitor.• Controleer of de grafische mode en de frequentie van het ingangssignaal worden ondersteund door de monitor (zie “Preset mode timing table” op pagina i). Sommige grafische kaarten hebben een synchronisatiepuls die te smal is om de monitor correct te laten synchroniseren, ook al ligt de frequentie binnen het juiste bereik.• Pas de verversingsfrequentie van de computer aan (verticale frequentie) om een optimaal beeld te verkrijgen.x Het beeld is wazig• Deze monitor heeft een krachtige luminantie, zodat kleine tekens niet duidelijk zichtbaar kunnen zijn wanneer de monitor signalen met een resolutie van meer dan 1280 × 1024 ontvangt. Verlaag het contrast of stel de computer in op een lagere resolutie indien dat het geval is. Stel de monitor in op een lagere resolutie indien dat het geval is.• Stel de helderheid en het contrast bij.• Demagnetiseer de monitor.*• Moiré minimaliseren.x Echobeeld (ghosting)• Gebruik geen videoverlengkabels en/of videoschakeldozen.• Controleer of alle aansluitingen goed vastzitten.x Het beeld is niet gecentreerd of heeft niet de juiste afmetingen• Regel formaat en centrering. Merk op dat het scherm met sommige ingangssignalen en/of grafische kaarten niet volledig is gevuld.• Na het aanzetten van de aan/uit-schakelaar kan een correcte formattering/centrering enige tijd in beslag nemen.x De hoeken van het beeld zijn krom• Regel de geometrie. x Golvend of elliptisch patroon (moiré)
- Moiré minimaliseren.• Verander uw desktoppatroon.x De kleur is niet gelijkmatig• Demagnetiseer de monitor*. Indien u apparatuur die een magnetisch veld genereert, bijvoorbeeld een luidspreker, in de buurt van de monitor opstelt, of wanneer u de richting van de monitor verandert, is het mogelijk dat de kleuren niet meer gelijkmatig zijn.x Onzuivere witweergave• Regel de kleurtemperatuur.x De knoppen op de monitor werken niet ( verschijnt op het scherm)• Indien de vergrendeling van de bedieningen op AAN staat, moet u deze op UIT zetten.x Letters en regels hebben rode of blauwe schaduwen aan de hoeken• Convergentie regelen.x U hoort een brommend geluid direct na het inschakelen van de monitor• Dit is het geluid van de zelf-demagnetiserende cyclus. Na het aanschakelen wordt het scherm automatisch gedurende vijf seconden gedemagnetiseerd.* Indien er een tweede demagnetiseringscyclus nodig is, dient u voor het beste resultaat 20 minuten te wachten. U hoort eventueel een bromgeluid maar dat is normaal. Schermberichten 1 Indien “BUITEN SCAN BEREIK” verschijnt: Geeft aan dat het ingangssignaal niet door de monitor kan worden verwerkt. Probeer de volgende oplossingen.• Controleer of het videofrequentiebereik binnen de monitorspecificaties valt. Indien u een oude monitor door deze monitor heeft vervangen, sluit dan de oude monitor weer aan en stel het frequentiebereik op de volgende waarden in.Horizontaal: 30 – 80 kHzVerticaal: 48 – 170 Hz 1 Indien “GEEN INPUT SIGNAAL” verschijnt: Geeft aan dat er geen ingangssignaal aanwezig is. Probeer de volgende oplossingen.• Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en alle stekkers goed vastzitten.• Controleer of de pinnen van de HD15 video-ingangsconnector niet verbogen of naar binnen gedrukt zijn.
- Controleer of de stroom van de computer “aan” is.
- Controleer of de grafische kaart volledig in de correcte busaansluiting zit. 1 Indien “MONITOR IS IN DE STROOMSPAARSTAND” verschijnt: Geeft aan dat de computer in de energiespaarstand staat. Dit bericht verschijnt alleen wanneer uw computer zich in de stroomspaarstand bevindt en u op een willekeurige toets op de monitor drukt. Probeer de volgende oplossingen. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis.
- Controleer of de stroom van de computer “aan” is.
- Controleer of de grafische kaart volledig in de correcte busaansluiting zit. Weergave van de naam van de monitor, het serienummer en de productiedatum. Als de monitor een videosignaal ontvangt, moet u de joystick meer dan vijf seconden ingedrukt houden om de informatiebox van deze monitor te laten verschijnen.BUITEN SCAN BEREIKINFORMATIE
Indien er dunne lijnen op uw scherm verschijnen (demperdraden)Deze lijnen duiden niet op een defect en zijn normaal voor een Trinitron-beeldbuis. Dit zijn de schaduwen van de demperdraden die gebruikt worden om het apertuurrooster te stabiliseren. Het apertuurrooster is het fundamentele element dat een Trinitron beeldbuis onderscheidt van alle andere, doordat er meer licht bij het scherm kan komen, hetgeen resulteert in een contrastrijker, meer gedetailleerd beeld. Zelfdiagnosefunctie Deze monitor heeft een zelfdiagnosefunctie. Indien er een probleem met de monitor of computer is, zal het scherm leeg worden en zal de 1 (aan/uit) indicator groen oplichten of oranje knipperen. Indien de 1 (aan/uit) indicator oranje oplicht, bevindt de computer zich in de energiebesparende stand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis. x Indien de 1 (aan/uit) indicator groen is 1 Koppel de videokabel los of zet de aangesloten computer af. 2 Druk tweemaal op de 1 (aan/uit) schakelaar om de monitor uit en weer aan te zetten. 3 Beweeg de joystick , gedurende 2 seconden. Als alle vier de kleurbalken verschijnen (wit, rood, groen, blauw), betekent dit dat de monitor goed werkt. Sluit de videokabels weer aan. Regel helderheid en contrast, en controleer het scherm. Controleer uw computer wanneer het probleem nog niet is opgelost.Indien de kleurbalken niet verschijnen, gaat het mogelijk om een defect van de monitor. Informeer uw erkende Sony dealer over het probleem. x Indien de 1 (aan/uit) indicator oranje knippert Zet de monitor UIT en weer AAN. Indien de 1 (aan/uit) indicator groen oplicht, betekent dit dat de monitor goed werkt. Indien de 1 (aan/uit) indicator nog steeds knippert, gaat het mogelijk om een defect aan de monitor. Tel het aantal seconden tussen het oranje aanflitsen van de 1 (aan/uit) indicator en neem contact op met uw erkende Sony dealer over het probleem. Vergeet niet de modelnaam en het serienummer van de monitor op te schrijven. Noteer ook het merk en model van uw computer en grafische kaart. Technische gegevens CRT 0,24 mm apertuurrooster pitch (midden)17 inch diagonaal gemetenafbuiging van 90 gradenFD TrinitronZichtbare grootte Ong. 327 × 243 mm (b/h)Zichtbare diagonaalOng. 406 mmResolutieMaximum Horizontaal: 1280 puntenVerticaal: 1024 lijnenAanbevolen Horizontaal: 1024 puntenVerticaal: 768 lijnenStandaard beeldformaatOng. 312 × 234 mm (b/h)AfbuigingsfrequentieHorizontaal: 30 tot 80 kHzVerticaal: 48 tot 170 HzIngangsspanning/stroomsterkte220 tot 240 V, 50 – 60 Hz, max. 0,7 A Stroomverbruik Ong. 100 W Bedrijfstemperatuur 10 ºC tot 40 ºC Afmetingen Ong. 418 × 416 × 426 mm (b/h/d)Gewicht Ong. 19 kgPlug and Play DDC2B/DDC2Bi GTF Meegeleverde toebehorenNetsnoer (1)Garantiekaart (1)Opmerkingen betreffende het reinigen van het scherm (1)Deze gebruiksaanwijzingFabrieks- en gebruikersinstellingenWanneer de monitor een ingangssignaal ontvangt, stemt deze dit signaal automatisch af op één van de fabrieksinstellingen die in het geheugen van de monitor zijn opgeslagen, om een beeld van hoge kwaliteit te verkrijgen (zie “Preset mode timing table” op pagina i). Voor ingangssignalen die niet overeenkomen met één van de in de fabriek ingestelde standen, garandeert de Digitale Multiscan-technologie van deze monitor dat er een helder beeld op het scherm verschijnt voor elke instelling in het frequentiebereik van de monitor (horizontaal: 30 – 80 kHz, verticaal: 48 – 170 Hz). Indien het beeld wordt bijgesteld, worden de instelgegevens opgeslagen als gebruikersinstelling en automatisch weer opgeroepen op het moment dat hetzelfde ingangssignaal wordt ontvangen.StroomspaarfunctieDeze monitor voldoet aan de richtlijnen voor energiebesparing die zijn opgesteld door VESA, ENERGY STAR en NUTEK. Indien de monitor geen signaal van de aangesloten computer ontvangt, zal hij het energieverbruik automatisch verminderen zoals hieronder beschreven.* Wanneer uw computer zich in de actief uit-stand bevindt, verschijnt MONITOR IS IN DE STROOMSPAARSTAND op het scherm wanneer u een willekeurige toets op de monitor indrukt. Na een aantal seconden schakelt de monitor opnieuw naar de energiebesparende stand.Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens voorbehouden zonder voorafgaande kennisgeving. Demperdraden Energiestand Energieverbruik 1 (aan/uit) indicatornormale werking ≤ 100 W groen actief uit* ≤ 3 W oranje uitgeschakeld 0 W (ong.) uit8 Voorzorgsmaatregelen Waarschuwing betreffende voedingsaansluitingen
- Gebruik het meegeleverde netsnoer. Als u een ander netsnoer gebruikt, moet u nagaan of het compatibel is met de lokale stroomvoorziening. Voor de klanten in het VK Als u de monitor in het VK gebruikt, gebruik dan altijd het bijgeleverde netsnoer voor het VK. Voorbeeld van stekkertypes
- Wacht na het afzetten van het toestel minstens 30 seconden alvorens de stekker uit het stopcontact te trekken zodat de statische elektriciteit op het scherm kan ontladen.
- Na het aanschakelen wordt het scherm gedurende ongeveer 5 seconden gedemagnetiseerd (degaussed). Hierbij ontstaat rond het scherm een sterk magnetisch veld dat gegevens op magneetbanden en diskettes kan beschadigen. Hou dergelijke zaken dan ook uit de buurt van de monitor. Installatie Installeer de monitor niet op de volgende plaatsen:
- op een zacht of wollig oppervlak (een kleedje of deken), of tegen gordijnen, waardoor de ventilatie-openingen geblokkeerd kunnen worden.
- nabij warmtebronnen zoals radiatoren of luchtkanalen, of op een plek waar hij bloot staat aan directe zonnestraling
- op een plek waar het bloot staat aan grote temperatuurschommelingen
- op een plek waar hij bloot staat aan mechanische trillingen of schokken
- op een onstabiele ondergrond
- nabij apparatuur die een magnetisch veld opwekt, zoals een transformator of hoogspanningslijnen
- nabij of op een elektrisch geladen metalen oppervlak
- in een gesloten rek Onderhoud
- Reinig het scherm met een zachte doek. Gebruik geen glasreinigingsmiddel dat een antistatische oplossing of soortgelijk additief bevat omdat de schermcoating hierdoor kan worden gekrast.
- Wrijf, druk of tik niet op het scherm met een scherp of schurend voorwerp zoals een balpen of schroevendraaier. Daardoor kan de beeldbuis immers worden gekrast.
- Reinig de behuizing, het voorpaneel en de bedieningselementen met een zachte doek die lichtjes is bevochtigd met een mild zeepsopje. Gebruik geen schuursponsje, schuurpoeder noch solventen zoals alcohol of benzine. Transport Transporteer deze monitor altijd in de originele verpakking. Opmerkingen bij de schermvoet
- Draag deze monitor niet door hem vast te houden aan de voet.
- Let op dat uw vingers niet klem raken in de schermvoet.
- Verwijder de monitorstand niet.
Notice-Facile