STR-VA333ES - AV-ontvanger SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis STR-VA333ES SONY in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur STR-VA333ES SONY
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw AV-ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding STR-VA333ES - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. STR-VA333ES van het merk SONY.
GEBRUIKSAANWIJZING STR-VA333ES SONY
Stel het apparaat Niet bloot aan regen of vocht, om gevaar voor brand of een elektrische schok te voorkomen.
Om oververhitting en brandgevaar te vermijden, mag u de ventilatie-openingen van het apparaat Niet afdekken met kranten, een tafelkleed, gordijnen e.d. Plaats nooit een brandende kaars bovenop het apparaat.
Om gevaar voor brand of een elektrische schok te voorkomen, mag u geen voorwerpen als vazen op het apparaatzetten.

Gooi de batterij Niet weg maar leverdezine in alsklein chemisch afval (KCA).
Plaats het apparaat Niet in een gesloten ruimte, zoals een boekenrek of ingebouwde kast.
Betreffende deze gebruiksaanwijzing
- De aanwijzingen in deze handleiding gelden voor het model STR-VA333ES. Controllerer uw modelnummer, datrechtsonder op het voorpaneel staat vermeld.
- De aanwijzingen in deze handleiding beschrijven de bediening met de toetsen op de tuner/versterker zich. U kunt weiter ook de toetsen van de bijgeleverde afstandsbediening gebruiken, metdezelfde of soortgelijke namen als die op de tuner/versterker.
Zie voor een gedetailleerde beschrijving van de afstandsbediening de waar bij geleverde afzonderlijke gebruiksaanwijzing.
Omtrent de landcodes
Over welke uitvoering van dit apparaat u beschikt, is afleesbaar aan de landcode die staat vermeld rechtsboven op het achterpaneel (zoals in de onderstaande afbeelding).

Verschillen in bediening die samenhagen met de landcode staan in de tekst duidelijk aangegeven, zoals bijvoorbeeld "alleen de modellen met landcode AA".
Deze tuner/versterker is voorzien van Dolby Digital en Pro Logic Surround koestiek en het DTS* Digital Surround koestieksystem.
- Vervaardigd onder licentie van Dolby Laboratories.
De Namen "Dolby", "Pro Logic" en het dubbele-D symbol voor handelsmerken van Dolby Laboratories.
**De termen "DTS", "DTS-ES Extended Surround" en "Neo:6"�<|im_start|>assistant ** in handelsmerken van Digital Theater Systems, Inc.
Overzicht bedieningsorganen en verwijzingspagina's
Hoofdapparaat 4
Voorbereidingen
1: Keuze van de juiste aansluitingen voor uw apparatuur 6
1a: Aansluiten van apparatuur met digitale audio-uitgangen 8
1b: Aansluiten van apparatuur met meerkanaalsuitgangsaansluitingen 11
1c: Aansluiten van apparatuur met alleen analoge audio-uitgangen.. 13
2: Antennes aansluiten 15
3: Luidsprekers aansluiten 16
4: Het netsnoer aansluiten 18
5: De luidsprekers instellen 19
6: Geluidssterkte en balans van de
luidsprekers bijregelen (TEST TONE) 24
Bediening van de tuner/versterker
Keuze van de beeld/geluidsbron. 25
Luisterenaarmeerkanaals- geluidsweergave (MULTI CH DIRECT) 26
Luisteren naar de FM/AM radio. 26
Automatisch voorinstellen van FM zenders in alfabetische volgorde (AUTOBETICAL)* 27
Voorinstellen van radiozenders 28
Gebruik van het Radio Data Systeme (RDS)* 29
Aanduidingen omschakelen 31
Betekenis van de aanduidingen in het uitleesvenster 32
Surround Sound akoestiek
Automatisch decoderen van het inkomend geluidssignal (AUTO DECODING) 34
Weergave via alleen de beide voorluidsprekers (2CH STEREO) ... 34
Keuze van een klankbeeld 35
Genieten van Dolby Pro Logic II en DTS Neo:6 weergave (2CH MODE)....38
Keuze van de middenachter-decodeerfunctie (SB DECODING) 39
Uitgebrende extra instellingen
Audio-ingangen toewijzen (AUDIO SPLIT) 41
Omschakelen van de audio-ingangsstand voor digitale componenten (INPUT MODE) 42
Klankbeelden naar eigencinzicht aanpassen 43
Bijregelen van de equalizer-toonregeling..45
Geavanceerde instellingen 47
Andere bedieningsfuncties
Naamgeving van voorkeurzenders en geluidsbronnen 57
Automatisch uitschaken met de sluimerfunctie 58
Keuze van het luidsprekersysteme 58
Opnemen 59
CONTROL A1II bedieningsystem..60
Aanvullende informatatie
Voorzorgsmaatregelen 64
Verhelpen van storingen 64
Technische gegevens 67
Index 69
Gebruik van dit overzicht
Op.Deze bladzijde kunt u de plaat en functie van alle knoppen e.d. aflezen, met tussen haakjes de pagina's waar ze verder ter sprake komen.
Nummer in de afbeelding
PLAY MODE (9, 13, 14)
↑ ↑ Naam van de toets, knop e.d. Verwijzingspagina's
Hoofdapparaat
IN ALFABETISCHE VOLGORDE
A-L
ANALOG DIRECT 19 (34)
AUDIO SPLIT (41)
AUTO DEC [22] (34)
CINEMA STUDIO EX 25 (35)
Cursor toetsen (< / >) 37 (19, 43-47,57)
CUSTOMIZE (47,57)
Digital Cinema Sound indicator 8
DIMMER (31)
DISPLAY 4 (29,31)
DOOR OPEN 15
ENTER 36 (46,57)
EQ 38 (45,46)
EQ BANK 40 (45, 46)
FM/AM 24 (26)
FM MODE 43 (26)
PHONES hoofdtelefoon-aansluting 27
PRESET TUNING + / - 23 (28)
PTY SELECT + / - [29] (29)
(Alleen de modellen met landcode CEL)
RDS PTY (29)
(Alleen de modellen met landcode CEL)
SB DEC indicator 9
SET UP 35 (19)
SLEEP 30 (58)
(Alleen de modellen met landcode TW, KR)
SPEAKERS switch 28 (58)
SURR BACK DECODING 16 (39)
SURROUND (43)
TUNING + / - 29 (26)
Uitlesvenster 6
VIDEO 3 INPUT aansluitingen 44 (14)
CIJFERS EN SYMBOLEN
2CH STEREO (34)
1/0 (aan/uit-schakelaar) 1


Open de voorklep

1: Keuze van de juiste aansluitingen voor uw apparatuur
In de stappen 1a - 1c vanaf blz. 8 worden beschreiben hoe u allerlei apparatuur kurz aansluiten op deze tuner/versterker. Alvorens u hiermee begint, neemt u eerst even de lijst met "Aan te sluiten apparatuur" hieronder door, om te zien op welke pagina's de aanwijzingen staan voor de betreffende apparaten.
Nadat u al uw apparatuur hebt aangesloten, kurz u doorgaan met de volgende stap "2: Antennes aansluiten" (op blz. 15).
Aan te sluiten apparatuur
| Type apparatus om aan te sluiten | Pagina |
| DVD-speler/Laserdisc-speler | |
| Met digitale audio-uitgang*1 | 8-9 |
| Met meerkanaals audio-uitgang*2 | 11-12 |
| Met alleen analoge audio-uitgangen*3 | 8-9 |
| TV of videomonitor | |
| Met component video-ingangen*4 | 9 of 12 |
| Met alleen S-video of composiet video-ingangen | 14 |
| Satelliet-ontvanger | |
| Met digitale audio-uitgang*1 | 8-9 |
| Met alleen analoge audio-uitgangen*3 | 8-9 |
| CD-speler/Super Audio CD-speler | |
| Met digitale audio-uitgang*1 | 10 |
| Metmeerkanaals audio-uitgang*2 | 11 |
| Met alleen analoge audio-uitgangen*3 | 13 |
| Minidisc-recorder/DAT-cassettedeck | |
| Met digitale audio-uitgang*1 | 10 |
| Met alleen analoge audio-uitgangen*3 | 13 |
| Cassettedeck, conventionele platenspeler | 13 |
| Meerkanaals-decoderapparaat | 11 |
| Videorecorder, videocamera, videospelapparaat, enz. | 14 |
1 Model met DIGITAL OPTICAL OUTPUT of DIGITAL COAXIAL OUTPUT aansluiting e.d.
2 Model met MULTI CH OUTPUT aansluitbussen e.d. Deze aansluiting dient voor weergave via de tuner/versterker van de geluidssignalen die+zijn gedecodeerd door de ingebouwde meerkanaals-decodeertrap van het betreffende apparatus.
3 Model voorzien van AUDIO OUT L/Ruitgangsaansluitingen e.d.
4 Model met component-video (Y, B-Y, R-Y) ingangsansluitingen.
Vereiste aansluitsnoren
De aansluitschema's op de volgende bladzijden zijn gebaseerd op het gebruik van de volgende los verkrijgbare aansluitsnoren (A t/m H) (niet bijgeleverd).
A Audio-aansluitsnnoer

Audio/video-aansluitsnnoer

Video-aansluitsnoroer

D S-video-aansluitsnnoer

Optische digitaalkabel

F Coaxiale digitaalkabel

Mono audio-aansluitsnnoer

Tip
Het audio-aansluitsnoer A kan worden gesplitst in twee mono audio-aansluitsnoeren G.
Component video-aansluitsnoer

Opmerkingen
- Schakel erst alle betrokken apparatuur uit, alvorens u begint met het aansluiten ervan.
Zorg dat alle aansluitingen stevig vast zitten, om brom en andere bijgeluiden te voorkomen. - Let bij het aansluiten van de audio/videosnoeren op dat u links en rechts nicht verwisselt: sluit de gele stekkers aan op de gele stekkerbussen (voir het videosignaal); witte stekkers op witte stekkerbussen (voir het linker audiokanaal) en rode stekkers op rode stekkerbussen (voir het rechtter kanaal).
- Voor het aansluiten van de optische digitaalkabel steekt u de stekkersrecht in de aansluitbussen tot zevastklikken.
- Let op dat de optische digitaalkabel Niet geknikt of verwrongen worden.
1. Als u beschikt over Sony componenten met CONTROL A1II, aansluitingen
Zie dan de beschrijving order "CONTROL A1 II bedieningsssysteme" op blz. 60.
1a: Aansluiten van apparatuur met digitale audiouitgangen
Aansluiten van een DVD-speler, laserdisc-speler, TV-toestel of satelliet-ontvanger
Nadere aanwijzingen over de vereiste aansluitsnoeren (A-H) vindt u op blz. 7.
1 Maak de audio-aansluitingen.

* Maak de aansluiting maar keuze via de COAXIAL IN of OPTICAL IN stekkerbus. Wij raden u aan gebruik te makeen van de COAXIAL IN aansluiting.
Opmerking
U knot het TV-geluid via deze tuner/versterker beluisteren door de audio-uitgangen van uw TV-toestel aan te sluiten op de TV/SAT AUDIO IN aansluitingen van de tuner/versterker. Daar bij is het Niet nodig de video-uitgang van het TV-toestel aan te sluiten op de TV/SATVIDEO IN aansluiting van de tuner/versterker.
2 Maak de video-aansluitingen.
De onderstaande afbeelding toont de aansluitingen voor een TV-toestel, een satelliet-ontvanger en een DVD-speler/laserdisc-speler met component-video (Y, B-Y, R-Y) uitgangsaansluitingen. Door aansluiten van een TV-toestel met component-video ingangen verkrijgt u een betere beeldkwaliteit.
Opmerkingen
- Met deutsche tunes/versterker können component-video signalen nicht worden omgezet in S-video of gewone videosignalen (en andersom ook nicht).
- De beeldschermaanduidingen worden nicht weergegeven op een TV-toestel dat is aangesloten op de COMPONENT VIDEO MONITOR OUT aansluitingen, ook nicht wanner u op de ON SCREEN toets drukt.

Tip
Video-apparatuur die is uitgerust met S-video stekkerbussen kurz u aansluiten op de S2 VIDEO stekkerbussen van deze tunes/versterker.
Opmerking
U sunt het TV-geluid via deze tuner/versterker beluisteren door de audio-uitgangen van uw TV-toestel aan te sluiten op de TV/SAT AUDIO IN aansluitingen van de tuner/versterker. Daar bij is het Niet nodig de video-uitgang van het TV-toestel aan te sluiten op de TV/SATVIDEO IN aansluiting van de tuner/versterker. Als u een afzonderlijke satelliet-ontvanger e.d. aansluit, dient u zowel de audio- als de video-uitgangen waarvan te verbinden met de tuner/versterker, zoals hierboven aangegeven.
Aansluiten van een CD-speler, Super Audio CD-speler of Minidisc-recorder/DAT-cassettedeck
Nadere aanwijzingen over de vereiste aansluitsnoeren (A-H) vindt u op blz. 7.

* Maak de aansluiting maar keuze via de COAXIAL IN of OPTICAL IN stekkerbus. Wij raden u aan gebruik te makeen van de COAXIAL IN aansluiting.
Als u verschidene digitale apparaten wilt aansluiten, maar er geen vrijstekkerbus voor=kunt vinden
Zie de aanwijzingen onder "Audio-ingangen toewijzen (AUDIO SPLIT)" (op blz. 41).
Tips
- Alle digitale ingangsansluitingen zijn geschikt voor bemonsteringsfrequencies van 32kHz , 44,1kHz , 48kHz en 96kHz .
- U kurz tevens een laserdisc-speler met een DOLBY DIGITAL RF OUT stekkerbus aansluten via een RF demodulator. (U kurz de DOLBY DIGITAL RF OUT stekkerbus van een laserdisc-speler niet rechtstreek verbinden met de digitale ingangen van deze tuner/versterker.) Zie voor nadere bijzonderheden over deze aansluitingen de gebruiksaanwijzing van de RF demodulator.
Opmerkingen
- Er zal geen geluid klinken wonneer u een Super Audio CD disc aftspeelt in een Super Audio CD-speler die is aangesloten op de CD/SACD OPTICAL IN of COAXIAL IN aansluiting van deze tuner/versterker. Sluit dit type spelere aan op de analoge ingangsansluitingen (CD/SACD IN stekkerbussen). Zie tevens de gebruiksaanwijzing van uw Super Audio CD-speler.
- U kunt geen digitale opnamen makev van digitale meerkanaals Surround Sound signalen.
1b: Aansluiten van apparatuur met meerkanaalsuitgangsaansluitingen
1 Maak de audio-aansluitingen.
Als uw DVD-speler/laserdisc-speler of CD/Super Audio CD-speler is voorzien van een ingebouwdereerkanaals-decodeertrap, kut u dat apparaat aansluiten op de MULTI CHANNEL INaansluitbussen van deze tunes/versterker om te luisteren maar de geluidsweergave via deeerkanaals-decodeertrap van de aangesloten geluidsbron. Bovendien kut u op dezeeerkanaals-ingangsaansluitingen ook een externeerkanaals-decodeerapparaat aansluiten.
Nadere aanwijzingen over de vereiste aansluitsnoeren (A-H) vindt u op blz. 7.

Tips
- Via deze aansluitingen=kunt u ook luisteren naar geluidsbronnen met Meerkanaals-geluidssignalen in een ander formaat dan Dolby Digital, DTS of MPEG-2.
- Maak de aansluitingen via de MULTI CHANNEL IN 1 of 2 ingangen, afhankelijk van het,aantaluitgangsstekkers van het aan te sluiten apparaat.
Opmerking
DVD-spelers en Super Audio CD-spelers haben geen SURR BACK aansluitingen.
2 Maak de video-aansluitingen.
De onderstaande afbeelding toont de aansluitingen voor een DVD-speler of laserdisc-speler met COMPONENT VIDEO (Y, B-Y, R-Y) uitgangsaansluitingen. Door aansluiten van een TV-toestel met component-video ingangen verwrijgt u een betere beeldkwaliteit.
Opmerkingen
- Met deutsche tunes/versterker können component-video signalen nicht worden omgezet in S-video of gewone videosignalen (en andersom ook nicht).
- De beeldschermaanduidingen worden nicht weergegeben op een TV-toestel dat is aangesloten op de COMPONENT VIDEO MONITOR OUT aansluitingen, ook Niet wanner u op de ON SCREEN toets drukt.

1c: Aansluiten van apparatuur met alleen analoge audiouitgangen
Aansluiten van audio-apparatuur
Nadere aanwijzingen over de vereiste aansluitsnoeren (A-H) vindt u op blz. 7.

Opmerking
Als uw platenspeler een aardingsdraad heeft, sluit u die aan op de SIGNAL GND aardaansluiting.
1c: Aansluiten van apparatuur met alleen analoge audio-uitgangen (vervolg)
Aansluiten van video-apparatuur
Door een TV-toestel aan te sluiten op de MONITOR aansluitingen, kut u de beelden van een aangesloten ingangsbron bekijken (zie blz. 25). Bovendien kut u de SURROUND, EQ, SET UP, CUSTOMIZE en LEVEL parameters en het gekozen klankbeeld op het scherm aangeven met een druk op de ON SCREEN toets.
Nadere aanwijzingen over de vereiste aansluitsnoeren (A-H) vindt u op blz. 7.

2: Antennes aansluiten
Sluit de bijgeleverde AM kaderantenne en de FM draadantenne als volgt aan.

- Deze aansluiting is bestemd voor toekomstig gebruik.
Opmerkingen
- Om te voorkomen dat de AM kaderantenne stoorsignalen oppikt, dient u deze uit de buurt te houden van de tuner/versterker en andere stereo-apparatuur.
- Strek de FM draadantenne tot zijn volle lenghte UIT.
- Na aansluiten van de FM draadantenne dient u die zo horizontally möglichk te leiden.
- Gebruik de SIGNAL GND aardaansluiting Niet voor het aarden van de tuner/versterker.
3: Luidsprekers aansluiten
Sluit uw luidsprekers aan op de tuner/versterker. Op deze tuner/versterker kut u een 7,1-kanaals luidsprekersysteme aansluiten.
Om te genieten van levensechte meerkanaals-geluidsweergave zich er vijf gewone luidsprekers nodig (twee voorluidsprekers, een middenluidspreker en twee awhileluidsprekers) plus een speciale lagetonen-luidspreker (voor in totaal 5,1 kanalen).
De meest indrukkende hi-fi weergave van DVD-discs met Surround EX geluid verkrijgt u door toevoeging van een extra middenachterluidspreker (voor 6,1 kanalen) of nog better twee middenachterluidsprekers (voor 7,1 kanalen). (Zie "Keuze van de middenachter-decodeerfunctie" op blz. 39.)
Voorbeeld van een 7,1-kanaals luidsprekersysteme

Linker middenachterluidspreker
Tip
Aangezien de weergave van de actieve lagetonen-luidspreker Niet richtingsgevoelig is, kut u die luidspreker opstellen waar u maar wilt.
Luidspreker-impedantie
Voor de Beste meerkanaals-geluidsweergave dient u luidsprekers met een nominale impedantie van 8 ohm of meer aan te sluiten op de FRONT, CENTER, SURROUND en SURROUND BACK aansluitbussen en waar bij de IMPEDANCE SELECTOR luidspreker-impedantiekiezer in de “8Ω” stand te zetten. Controller de gebruiksaanwijzing van uw luidsprekers als u Niet zeker bent van de impedantie ervan. (Deze informatatie staat meestal ook vermeld aan dechterkant van de luidsprekerboxen.)
Desgewenst sunt u ook luidsprekers met een nominale impedantieussen 4 en 8 ohm aansluiten op één of meer van de luidspreker-aansluitingen, mits u de IMPEDANCE SELECTOR schakelaar op "4Ω"zet. Ook als u maar één luidspreker met een impedantieussen 4 en 8 ohm aansluit.
Opmerking
Schakel altiijd eerst de stroom uit, voordat u de IMPEDANCE SELECTOR schakelaar omzet.

A Luidsprekersnoeren (niet bijgeleverd)

B Mono-audiosnoer (niet bijgelveverd)

eepnne
4: Het netsnoer aansluiten
Sluit het netsnoer eerst aan op de AC IN netstroomingang van de tuner/versterker en steek dan de stekker in het stopcontact.
U aunt tot twee andere apparaten van stroom voorzien via de AC OUTLET netstroomuitgang(en) van de tuner/versterker.

AC OUTLET netstroomuitgang(en)
AC IN netstroomingang

Het,aantal, de configuratie en de vorm van de netstroomuitgang(en) kan verschillen per model en het land waarnaar deze tuner/versterker oorspronkelijk is verscheegt.
Opmerkingen
- De AC OUTLET netstroomuitgang(en) op het中断paneel van de tuner/versterker zijn in/uitschakelijk, dat wil zigden dat de aangesloten apparatuur slechts van stroom worden voorzien zolang de tuner/versterker zich staat ingeschakeld.
- Let op dat het totale stroomverbruik van de apparatuur aangesloten op de AC OUTLET netstroomuitgang(en) acheerop de tuner/versterker het op het achterpaneel aangegeven maximumvermögen Niet overschrijdt. Sluit op de netuitgang(en) in geen geleval huishoudelijkke apparatuur met een hoog stroomverbruik aan,zoals een strijkijzer,ventilator,of TV-toestel.De apparatuur zou daardoor defect konnen raken.
Oorspronkelijke instelleningen make
Alvorens u de tuner/versterker voor het eerst in gebruik neemt, dient u het apparaat als volgt in deuitgangsstand terug te stellen.
Volg deze aanwijzingen ook als u de gemaakte instellungen wilt annuleren, om terug te keren maar de oorspronkelijke fabrieksinstellungen.
1 Druk op de I/ schakelaar om de tuner/versterker uit te schakelen.
2 Houd de I/ 心 aan/uit-schakelaar nog eens 5 seconden lang ingedrukt.
Nu verschijnt er ongeveer 10 seconden lang "ENTER to Clear All" in het uitleesvenster.
3 Terwijl de aanduiding "ENTER to Clear All" in het uitleesvenster zichtaar is, drukt u op de DOOR OPEN toets om de klep van het voorpaneel te openen en dan drukt u op de ENTER toets.
Nu verschijnt er eerst "MEMORY CLEARING..." in het uitleesvenster, en even later "MEMORY CLEARED!".
Al de volgende onderdelen worden gewist of in de uitgangsstand terugesteld:
- Alle instellingen van de SET UP, CUSTOMIZE, SURROUND, LEVEL en EQ menu's.
- De klankbeelden die waren gekozen voor de diverse geluidsbronnen en voorkeurzenders.
- Alle vastgelegde voorkeurzenders.
- Alle vastgelegde namen voor geluidsbronnen en Voorkeurzenders.
5: De luidsprekers instellen
Via het SET UP menu=kunt u vaststellen welke soorten luidsprekers er zich aangesloten op de tuner/versterker, van welke afmetingen.
1 Druk op de I/ schakelaar om de tuner/versterker in te schakelen.
2 Druk op de SET UP toets.
Het lampje in de SET UP toetslicht op en de aanduiding << < < SET~UP > > > ”verschijnt in het uitleesvenster.
3 Druk op de cursortoets (< of >) om een luidspreker te kiezen.
Zie voor nadere bijzonderheden de paragrafen over "Luidspreker-instelparameters" hieronder.
Opmerkingen
- Bepaalde instelparameters konnen in het uiteeesvenster slechts vaag of grijs worden aangegeven. Dan is een dergelijkke parameter Niet van toepassing of is vast ingesteld en Niet te wijzigen vanwege de klangbeelden (zie blz. 35-37) of andere instellen.
- Ook sommige luidspreker-instellenungen können in het uitleesvenster slechts vaag of grijs worden aangegeven. Dan is een dergelijkke luidsprekerinstalling gewijzigd vanwege andere daarmee samenhangende luidspreker-instellingen. De vaag aangegeven instelleningen zijn in dit geval soms wel en soms Niet te wijzigen.
4 Draai aan de instelknop om de gewenste parameter te kiezen.
5 Herhaal de stappen 3 en 4 totdat u alle hieronder genoemde parameters maar wens hebt ingesteld.
Luidspreker-instelparameters
De oorspronkelijke instelling staat onderstreep aangegeven.
■ Formaat van de voorluidsprekers (FRONT SP)
LARGE (groot) Zijn er grote voorluidsprekers aangesloten die alle lage tonen zonder problemen+kennen weergeven, dan kiest u de stand "LARGE". Gewoonlijk za de stand "LARGE" het best voldoen.
- SMALL (klein)
Klinkt het geluid verrormd, of is de ruimtelijke weergave van meerkanaals surround-sound nicht waar wens, met te weinig basweergave, dan kiest u de stand "SMALL" om de basverdelingscircuits in te schakelen, zodat de laagste frequencies van de voorkanalen worden overgeheveld maar de aparte lagetoneluidspreker. Als u voor de Voorluidsprekers de stand "SMALL" kiest, worden de middenluidspreker, dechyaterluidsprekers en de middenachterluidsprekers ook automatisch ingesteld op "SMALL" (tenzij u erder de stand "NO" hebt gekozen).
5: De luidsprekers instellen (vervolg)
- Formaat van de middenluidspreker (CENTER SP)
LARGE (grote middenluidspreker) Is er een groe middenluidspreker aangesloten die alle lage tonen zonder problemen kan weergeven, dan kiest u de stand "LARGE". Gewoonlijk za de stand "LARGE" het best voldoen. Als de voorluidsprekers beschuer ingesteld op "SMALL", kut u de middenluidspreker Niet instellen op "LARGE".
- SMALL (kleine middenluidspreker)
Klinkt het geluid verrormd, of is de ruimtelijke weergave van meerkanaals Surround Sound nicht maar wens, met te weinig basweergave, dan kiest u de stand "SMALL" om de basverdelingscircuits in te schakelen, zodat de laagste frequencies van het middenkanaal worden overgeheveldaar de voorluidsprekers (als die op "LARGE" zich ingesteld) ofaar de aparte lagetonen-luidspreker.
- NO (geen middenluidspreker, voor alle geluidsbronnen behalve MULTI CH 1/MULTI CH 2) Sluit u geen middenluidspreker aan, kies dan de stand "NO". Al het geluid van het middenkanaal worden dan weergegeven door de voorluidsprekers (DIGITAL DOWNMIX).
- MIX (samengemengd, voor alle geluidsbronnen behaveve MULTI CH 1/MULTI CH 2)
Als u wel een middenluidspreker aansluit, maar toch het middenkanaal samengemengd wilt laden weergeven, kies dan de stand "MIX" (zie blz. 26).
Deze stand is alleen beschikbaar als voor de Voorluidsprekers en dechychterluidsprekers het formaat "LARGE" is gekozen en voor de middenachterluidsprekers de stand "LARGE" of "NO".
Al het geluid van het middenkanaal worden dan op analoge wijze samengemengd en weergegeven door de Voorluidsprekers (ANALOG DOWNMIX).
In alle andere gezallen worden het geluid van het middenkanaal op digitale wijze samengemengd en weergegeven door de Voorluidsprekers (DIGITAL DOWNMIX).
* Bij weergave van MULTI CH 1/MULTI CH 2 geluidsbronnen worden het geluid van de middenluidspreker weergegeven via de voorluidsprekers als u voor de middenluidspreker "NO" of "MIX" kiest (ANALOG DOWNMIX).
- Formaat van dechterluidsprekers (SURROUND SP)
LARGE (grote achechterluidsprekers) Zijn er grote achechterluidsprekers aangesloten die alle lage tonen zonder problemen können weergeven, dan kiest u de stand "LARGE". Gewoonlijk za de stand "LARGE" het best voldoen. Als de voorluidsprekers beschuer zich ingesteld op "SMALL", kut u de achechterluidsprekers Niet instellen op "LARGE".
- SMALL (kleine darüberluidsprekers)
Klinkt het geluid verrormd, of is de ruimtelijke weergave van meerkanaals Surround Sound Niet maar wens, met te weinig basweergave, dan kiest u de stand "SMALL" om de basverdelingscircuits in te schakelen, zodat de laagste frequencies van dechterkanalen worden overgeheveldaar deAPEte lagetoneluidspreker ofaar een ander stel "LARGE" liquidsprekers die hier beter op zich berekend.
- NO (geen achechterluidsprekers) Sluit u geen achechterluidsprekers aan, kies dan de stand "NO". Wanner u voor de achechterluidsprekers "NO" kiest, worden er voor de middenachterluidsprekers automatisch ook "NO" ingesteld.
■ Formaat van de middenachterluidspreker(s) (SURR BACK SP)
Als er voor de achechterluidsprekers "NO" is gekozen, geldt voor de middenachterluidsprekers automatisch ook de stand "NO", een instelling die Niet afzonderlijk te wijzigigen is.
LARGE (grote middenachterluidsprekers) Zijn er grote middenachterluidsprekers aangesloten die alle lage tonen zonder problemen konnen weergeven, dan kiest u de stand "LARGE". Gewoonlijk za de stand "LARGE" het best voldoen. Als de voorluidsprekersECHTER zijn ingesteld op "SMALL",kunt u de middenachterluidsprekers Niet instellen op "LARGE".
- SMALL (kleine middenachterluidsprekers)
Klinkt het geluid verrormd, of is de ruimtelijke weergave van meerkanaals Surround Sound nicht maar wens, met te weinig basweergave, dan kiest u de stand "SMALL" om de basverdelingscircuits in te schakelen, zodat de laagste frequencies van de middenachterkanalen worden overgeheveldaar de aparte lagetoneluidspreker of maar een ander stel "LARGE" liquidsprekers die hier beter op+zijn berekend.
- NO (geen middenachterluidsprekers) Sluit u geen middenachterluidsprekers aan, kies dan de stand "NO".
Tip
Bij de interne signaalverwerking bepaalt de keuze van het LARGE of SMALL luidsprekerformaat voor elk stel luidsprekers of de ingebouwde akostiekprocessor de laagste frequencies al dan Niet maar de betreffende luidspreker(s) zal uitsturen. Als de lage tonen uit een bepaald kanaal worden verwijderd, zullen de basverdelingscircuits die frequencies overbrennenaar de speciale lageton-luidspreker of的那一en ander stel "LARGE" luidsprekers die er better op zich berekend.
AangezienECHTER ook de lage tonen een zekere mate vanrichtingsgevoeligheid hebben, is het better het gehele freqeiespectrum van de verschillende kanalen intact te latent, indien möglichk. Daarom kunt u zelfs met een stel kleine luidsprekers toch de stand "LARGE" kiezen als u de lage tonen ook door die luidsprekers wilt latent weergeven. En andersom, als u grote luidsprekers aansluit maar Niet wilt dat die daagste tonen weergeven, kunt u voor die luidsprekers best "SMALL" kiezen.
Als de totale geluidsindruk hinter is dan gewenst, kiest u dan voor alle luidspekers de stand "LARGE". Als er te weinig bassen klinken, kunt u die extra versterken met de grafiek-toonregeling. Zie voor het instellen van de grafiek-toonregeling blz. 45.
Enkele (6,1-kanaals) of dubbele (7,1-kanaals) middenachterluidsprekers (SURR BACK L/R)
- YES (twee middenachterluidsprekers)
Zijn er twee middenachterluidsprekers aangesloten, kies dan voor deze parameter de stand "YES". Dan worden het geluid weergegeven door maximaal 7,1 kanalen. - NO (enkele middenachterluidspreker) Gebruikt u een enkele middenachterluidspreker, kies dan de stand "NO". Dan worden het geluid weergegeven door maximaal 6,1 kanalen.
Aanwezigheid van een lagetoneluidspreker (SUB WOOFER)
- YES (wel een lagetonen-luidspreker)
Is er een afzonderlijke lagetonen-luidspreker aangesloten, kies dan voor deze parameter de stand "YES". - NO (geen lagetonen-luidspreker) Gebruikt u geenAPElagetonen-luidspreker, dan stelt u in op "NO". Het geluid van het lagetonen-kanaal worden dan weergegeven door de voorluidsprekers.
In de volgende gevallen worden de analoge mengfunctie geleruikt voor weergave van het lagetonen-kanaal.
- Bij weergave van een MULTI CH 1/MULTI CH 2eerkanaals-geluidsbron.
- Bij weergave van een digitale geluidsbron, wanner voor de voorluidsprekers en dechterluidsprekers het formaat "LARGE" is gekozen, voor de middenachterluidsprekers de stand "LARGE" of "NO" en voor de middenluidspreker een andere stand dan "SMALL" is gekozen.
In andere geallen worden de digitale mengfunctie gelerukt voor weergave van het lagetonen-kanaal.
Dan worden de basverdelingscircuits
ingeschakeld om de laagste frequencies (LFE signalen) waar te geben via de andere luidsprekers.
Tip
Om volledig profijt te trekken van de Dolby Digital basverdelingscircuits wollen wij u aanbevelen om de bovengrensfrequentie voor de lagetonen-luidspreker zo hoog maybeijk in te stellen.
wordt nervolgd
5: De luidsprekers instellen (vervolg)
■ FRONT XX.X meter (Afstand van de voorluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: 5.0 meter
Stel hier de afstand in van uw luisterplaats tot de voorluidsprekers (afstand (A) . Deze afstand is instelbaar van minimaal 1,0 meter tot maximaal 12,0 meter van uw luisterplaats, in stapjes van 0,1 meter.
Als de beiden voorluidsprekers Niet precies even ver van uw luisterplaats staan, kiest u hier de afstand van de dichtstbijzijdne luidspreker.
Met dechyterluidsprekers naast uw luisterplaats (in een smalle kamer)

Met dechyterluidsprekers achefter uw luisterplaat (in een brede kamer)

CENTER XX.X meter (Afstand van de middenluidspreker)
Oorspronkelijke instelling: 5.0 meter
Stel hier de afstand in van uw luisterplaats tot de middenluidspreker. Deze afstand instelbaar van maximaaldezelfdeafstand als de voorluidsprekers (A) tot 1,5 meterDICHTB bij uw luisterplaats (B), in stapjes van O,1 meter.
Wanner u buiten dit bereik kommt, knippert de aanduiding in het uitleesvenster. Als u een instelling kiest waar bij de aanduiding knippert, zult u Niet het optimale effect van de klankbeelden konnen verkrijgen.
SURROUND XX.X meter (Afstand van dechychterluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: 5.0 meter
Stel hier de afstand in van uw luisterplaats tot dechychterluidsprekers.Deze afstand instelbaar van maximaaldezelfdeafstand als de voorluidsprekers (A) tot 4,5 meter dichter bij uw luisterplaats () ,in stapjes van O,1 meter.
Wanner u buiten dit bereik kommt, knippert de aanduiding in het uitleesvenster. Als u een instelling kiest waar bij de aanduiding knippert, zult u Niet het optimale effect van de klankbeelden konnen verkrijgen.
Als de bevide acheerluidsprekers Niet precies even ver van uw luisterplaats staan of hangen, kiest u hier de afstand van de dichtstbijzijnde luidspreker.
SURR BACK XX.X meter (Afstand van de middenachterluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: 5.0 meter
Stel hier de afstand in van uw luisterplaats tot de middenachterluidspreker. Deze afstand is instelbaar van maximaal bezelfde afstand als de voorluidsprekers (A) tot 4,5 meterDICHT bij uw luisterplaats (D), in stapjes van O,1 meter.
Als de beiden middenachterluidsprekers nicht precies even ver van uw luisterplaatst aan of hangen, kiest u hier de afstand van de dichtst bijzijnde luidspreker.
SUB WOOFER XX.X meter (Afstand van de lagetonen-luidspreker)
Oorspronkelijke instelling: 5.0 meter
Stel hier de afstand in van uw luisterplaats tot de lagetonen-luidspreker. Deze afstand is insteelbaar van minimaal 1,0 meter tot maximaal 12,0 meter van uw luisterplaats, in stapjes van 0,1 meter.
Uitleg
U kunt de weergave van de tuner/versterker aanpassen aan de plaats van de aangesloten liquidsprekers, door de liquidsprekerafstand in te voeren. Het is erchter Niet möglichk de middenluidspreker verder af te zetten dan de linker en rechter voorluidsprekers. Bovendien kunt u de middenluidspreker Niet更是 dan 1,5 meter dichter bij uw luisterplaats zetten dan de voorluidsprekers.
Evenmin kurz u de weiterluidsprekers verder van uw luisterplaats zetten dan de voorluidsprekers. En ook weer hier neer dan 4,5 meter dichterbij.
Deze beperkingen gelden sondern een onjuiste opstellung van de luidsprekers Niet geschikt is voor de weergave van akosteiekffecten.
Wanner u de luidsprekerafstand dichter bij kiest dan de feitelijke afstand, zal het geluid via die luidspreker(s) met een grotere vertraging worden weergegeven. Met andere woorden, de luidsprekers klinken dan verder weg.
Als u bijvoorbeeld de afstand van de middenluidspreker 1 tot 2 meter dichterbij kiest dan de feitelijke afstand, zal dit een vrij natureurgetrouw effect geen alsof u zich "binnenin" het beeldschemr bevindt. En als u geen goed akosteiekffect verkrijkt odomat dechterluidsprekers te dichtbij staan, kurz u door het verminderen van de luidsprekerafstand (dichterbij kiezen dan de werkelijkke afstand) een dieper ruimtelijk effect creeren.
Door deze parameter bij te regelen verwijl u aandachtig maar een geluidsbron luistert, kutn u vaak een aanzienlijke verbetering in akostiek bewerkstelligen. Probeer het maar eens!
Voor geavanceerde luidsprekerinstellungen
Open het CUSTOMIZE menu en zet het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON".
Hiermee verwrijkjt u extra instelmogelijkheden, voor onder andere de plaat en hoogte van dechterluidsprekers en de middenachterluidsprekers.
Bijzonderheden over het onderdeel "MENU EXPAND" vindt u op blz. 47. Nadere aanwijzingen voor het instellen van de diverse parameters vindt u op blz. 49.
6: Geluidssterkte en balans van de luidsprekers bijregelen
TEST TONE)
Stel alle luidsprekers op een evenredige geluidssterkke in, om een optimal gebalanceerd klankbeeld te horen op uw favoriete luisterplaats. Maak deze instellen met de afstandsbediening.
Tips
- Deze tuner/versterker is voorzien van een testtoon in de frequentieband rond 800Hz .
- Ofschoon u deze instellingen ook Aunt makevi de LEVEL toetsen op het voorpaneel van het apparaat zelf, wilten wij u toch aanbevelen om zo möglichk de hieronder beschrenw Werkwijze te volgen en de geluidssterkte bij te regelen met de afstandsbediening, vanaf uw favoriete luisterplaats.
1 Druk op de I/ schakelaar om de tuner/versterker in te schaken.
2 Druk enkele malen op de < toets van de afstandsbediening, totdat het RECEIVER instelmenu verschijnt.
3 Beweeg de keuze/invoertoets om in te stellen op "TEST TONE" en druk dan op de toets om uw keuze vast te leggen.
In het uitleesvenster verschijnen de aanduiding "TEST TONE" en het LEVEL instelmenu en dan klinkt de testtoon, die achtereenvolgens door elk van de luidsprekers worden weergegeven.
4 Stel nu met de parameters in het LEVEL menu de geluidssterkte en de balans zo in dat de testtoon op uw luisterplaats via alle luidsprekers even luid klinkt.
Nadere bijzonderheden over de LEVEL menu-installingen vindt u op blz. 44.
Tips
- Om alle luidsprekers gegelijk harder of zachter te zetten, drukt u op de MASTER VOL +/- toetsen van de afstandsbediening of draait u aan de MASTER VOLUME knop van de tuner/versterker.
- U kunt voor het bijregelen ook de instelknop van de tuner/versterker zich gebruiken.
5 Na de instelling drukt u opniew enkele malen op de < toets van de afstandsbediening, totdat het RECEIVER instelmenu verschijnt.
6 Beweeg de keuze/invoertoets om in te stellen op "TEST TONE" en druk dan enkele malen op de toets om te kiezen voor "TEST TONE [OFF]".
Dan wordt de testtoonuitgeschakeld.
De testtoon lately klinken via een gekozen luidspreker
Kies in het LEVEL menu voor het onderdeel "TEST TONE" de stand FIX (zie blz. 44). De testtoon worden dan alleen weergegeven via de gekozen luidspreker.
Voor meer nauwkeurige luidsprekerinstellungen
U cunt de testtoon of een gewone geluidsbron laten weergeven via twee aangrenzende luidsprekers, om zo de balans en de geluidssterkte optimaal nauwkeurig in te stellen.
Kies in het CUSTOMIZE menu voor het onderdeel "T.TONE" de stand "PHASE NOISE" (testtoon-fasetest) of "PHASE AUDIO" (audio-fasetest) (zie blz. 48). Kies verzolgens de twee luidsprekers die u wilt bijregelen via de "PHASE NOISE" of "PHASE AUDIO" test in het LEVEL menu (zie blz. 44).
Opmerking
Wanner u instelt op analoge geluidsweergave met de MULTI CH DIRECT toets of de ANALOG DIRECT toets, worden de stroomvoorziening van de digitale circuitsuitgeschakeld.* Daarom kan het enkele seconden duren, als u in deze stand kiest voor weergave van een testtoon, voordat de testtoon te horen is. Dit duidt darüber nicht op storing in de werking.
- Mits het menu-onderdeel "D.POwER" in het CUSTOMIZE menu in de stand "AUTO OFF" is gezet (zie blz. 47).
Keuze van de beeld/ geluidsbron
1 Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de gewenste beeld/ geluidsbron.
De gekozen weergavebron worden aangegeven in het uitleesvenster.
| Voor keuze van de | Stelt u in op |
| Videorecorder | VIDEO 1 of VIDEO 2 |
| Camcorder of videospel | VIDEO 3 |
| DVD- of laserdisc- videospeler | DVD/LD |
| Satelliet-ontvanger | TV/SAT |
| Cassettedeck | TAPE |
| Minidisc-recorder of DAT-cassettedeck | MD/DAT |
| CD-speler of Super Audio CD-speler | CD/SACD |
| Ingebouwde tuner voor radio-ontvangst | TUNER |
| Platenspeler | PHONO |
2 Schakel het weergave-apparaat in en start de weergave van de geluidsbron.
Kiest u een beeld/geluidsbron die ook is aangesloten op uw TV-toestel (zoals een videorecorder of DVD-speler), dan schakelt u ook het TV-toestel in en stelt u de video-ingangskeuze van de TV in op weergave van de gekozen beeld/geluidsbron.
Als uw TV-toestel is aangesloten op de MONITOR aansluiting van de tuner/versterker, za nu het beeld van de gekozen weergavebron op uw TV-schem verschijnen.
3 Draai aan de MASTER volume regelaar om de geluidssterkte maar wens in te stellen.
Dempen van de geluidsweergave
Druk op de MUTING dampingstoets.
Omtrent gebruik van een hoofdtelefoon
-
Als er een hoofdtelefoon is aangesloten,(Intu uitsluitend de volgende klankbeelden kiezen (zie blz.37).
-
HEADPHONE (2CH)
- HEADPHONE (DIRECT)
- HEADPHONE (MULTI1)
- HEADPHONE (MULTI2)
-
HEADPHONE THEATER
-
Als er een hoofdtelefoon is aangesloten wanneer u de MULTI CH DIRECT weergavefunctie (zie blz. 26) gelebrukt, kan het voor alle kanalen het geluid Niet worden weergegeven, afhankelijk van de gekozen luidspreker-installingen.
Luisterenaarmeerkanaalsgeluidsweergave
(MULTICHIRECT)
U kunt luisteren maar de zuivere, nicht bijgeregelde weergave van geluidsbronnen die zich verbonden met de MULTI CHANNEL IN aansluitingen. Dit biedt u de zuiverste weergavekwaliteit van digitale geluidsbronnen zoals DVD-discs en Super Audio CD's.
Zie tevens de paragraaf "D.POwER" op blz. 47.
Tijdens het gebruik van deze weergavefunctie kunt u geen klankbeelden inschaken.
Druk enkele malen op de MULTI CH DIRECT toets om de gewensteeerkanaals-geluidsbron te kiezen ("MULTI CH 1 DIRECT" of "MULTI CH 2 DIRECT").
De geluidsbron die u kiest zar worden weergegeven.
Opmerking
Deze functie wordenatsch uitgeschakeld wanneer u overschakelt aan een andere geluidsbron (zie blz. 25) of ander klankbeeld (zie blz. 35-37).
Wanner er geen middenluidspreker of lagetonen-luidspreker is aangesloten (Analoge samengemengde weergave)
Als u voor het formaat van de middenluidspreker (CENTER SP) of de aanwezigheid van een lagetonen-luidspreker (SUB WOOFER) in het SET UP menu de stand "NO" kiest of (alleen voor CENTER SP) de stand "MIX" (zie blz. 20) en u schakelt de MULTI CH DIRECT weergavefunctie in, dan za het analoge geluidssignaal voor de middenluidspreker of de lagetonen-luidspreker worden samengemengd met de signalen voor de linker en rechtter voorluidsprekers (FRONT L/R).
De meerkanaals-ingangen toewijzen aan een specifieke geluidsbron
Kies de geluidsbron voor "MULTI CH 1" of "MULTI CH 2" in het CUSTOMIZE menu (zie blz. 47). De meerkanaals-ingangen können worden gezruikt voor elke geluidsbron behalve de TUNER, en PHONO voor een platenspeler.
Luisteren maar de FM/AM radio
Via de ingebouwde tuner van dit apparaat=kunt u FM en AM radio-uitzendingen ontvangen. Voor de radio-ontvangst zult u FM en AM antennes op de tuner/versterker要去 aansluiten (zie blz. 15).
Tip
Het afsteminterval:tussen de ontvangen radiozenders is:
FM: 50kHz
AM: 9kHz
Automatische afstemming
1 Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de TUNER voor radioontvangst.
2 Druk op de FM/AM toets om te kiezen voor de FM of AM afstemband.
3 Druk op de DOOR OPEN toets om de klep van het voorpaneel te openen en druk dan op de TUNING + of - toets.
Druk op de + toets om de afstemband in oplopende volgorde te doorzoeken; op de - toets om van hoog maar laag tezoeken.
Telkens wanneer er een zender worden gezonden, stopt de tuner/versterker met zoeken.
Druk dan op de FM MODE toets om over te schakelen maar mono. Als de "STEREO" aanduiding in het uitleesvenster knippert en een FM stereo uitzending Niet erg holder klinkt, kurz u better overschakelen maar mono ontvangst om de kwaliteit van de weergave te verbeteren.
Directe radio-afstemming
Als u de afstemfrequentie van de gewenste zender kent, kurz u die rechtstreeks invoeren via het NUM menu van de afstandsbediening. Zie voor nadere bijzonderheden over de hierbij gebruikte toetsen de gebruiksaanwijzing voor de bijgeleverde afstandsbediening.
1 Kies "TUNER"uit de FUNCTION lijst met geluidsbronnen op de afstandsbediening, om in te stellen op de TUNER voor radio-ontvangst.
U kunt ook kiezen voor radio-ontvangst met de FUNCTION knop op de tuner/versterker zich.
2 Druk enkele malen op de > toets van de afstandsbediening, totdat het SUB menu verschijnt en kaak dan de "FM/AM" keuze in het SUB menu om te luisteren maar de FM of AM afstemband.
U kunt de afstemband ook kiezen met de FM/AM toets op de tuner/versterker zich.
3 Stel in op "DIRECT TUNING"uit het SUB menu van de afstandsbediening.
4 Druk enkele malen op de > toets van de afstandsbediening, totdat het NUM menu verschijnt en voer dan de cijfers voor uw gewenste afstemfrequentie in.
Voorbeeld 1: FM 102,50 MHz
Druk op de 1 0 2 5 0
Voorbeeld 2: AM 1.350kHz
Druk op de 1 3 5 0
Bij afstemmen op een AM radiozender verstelt u de richting van de AM kaderantenne zo dat de ontvangst optimaal klinkt.
Als het afstemmen op een radiozender Niet lukt en de gekozen cijfers knipperen
Controller er erst of u wel de juiste frequentie hebt gekozen. Zo Niet, herhaal dan de stappen 3 en 4. Als de ingevoerde cijfers nog steeds knipperen, dan is de gekozen afstemfrequentie in uw woonggebied Niet te ontvangen.
Automatisch voorinstallen van FM zenders in alfabetische volgorde (AUTOBETICAL)
(Ailleen de modellen met landcode CEL)
Met deze automatische zenderopslagfunctie kutu maximaal 30 FM radiozenders en FM RDS zenders in het afstemgeheugen van de tuner/versterker vastleggen, zonder doublures. Hierbij kiest de tuner/versterker automatisch alleen de best doorkomende zenders.
Als u bepaalde FM of AM zenders handmatig in het afstemgeheugen wilt vastleggen, volg dan de aanwijzingen onder "Voorinstellen van radiozenders" op blz. 28.
1 Druk op de I/ toets om de tuner/ versterker uit te schakelen.
2 Houd de MEMORY toets ingedrukt en druk nogmaals op de I/ toets om de tuner/versterker weein te schakelen.
De aanduiding "Autobetical select" verschijnt en de tuner/versterker gaat op zoek waar alle plaatselijk te ontvangen FM radiozenders en FM RDS zenders en legt.Deze in het afstemgeheugen vast.
Bij elke RDS informatiezender contrôleert de tuner/versterker erst of er andere zenders zijn die hetzelfde programma uitzenden, om waarvan dan alleen de duidelijkst doorkomende zender vast te leggen. De gekozen RDS informatiezenders worden gesorteerd op alfabetische volgorde van hun officièle Program Service zendernaam, en krijgen dan elk een letter-plus-cijfer voorinstelcode togewezen. Zie voor nadere bijzonderheden betreffende de RDS informatiezenders blz. 29.
De gewone FM radiozenders kriijgen ook een letter-plus-cijfer code en worden dan na de RDS zenders vastgelegd.
Na afloop van het vastleggen verschijnt de aanduiding "Autobetical finish" even in het uitleesvenster en dan keert de tuner/versterkereregur maar de normale bedieningsfungtie.
Opmerkingen
- Druktiet op enige toets van de tuner/versterker of de bijgeleverde afstandsbediening totdat de "Autobetical" zenderopslag is voltooid, behalve de I/aan/uit-schakelaar.
- Als u verhuist waar een andere streek, kan het nodig+zijn deze procedure opnieuw uit te voeren, om de beste ontvangen zenders in uw十几年e woongebied vast te leggen.
- Zie voor het afstemmen op de vastgelegde voorkeurzenders de aanwijzingen op blz. 28.
- Als u na het opstaan van zenders met deze functie uw FM antennene verplaatst, hunnen de vastgelegde instellenen nicht meer geldig zich. InDat geval volg ut weer de bovenstaande aanwijzingen om de FM zenders opnieuw vaste teggen.
Voorinstallen van radiozenders
U kurz tot 30 van uw favoriete FM en AM radiozenders in het geheugen vastleggen als voorkeurzenders. Dan kurz u in het verzolg zo'n voorkeurzender in een handomdraai kiezen.
Voorinstallen van radiozenders
1 Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de TUNER voor radioontvangst.
2 Stem af op de radiozender die u wilt voorinstellen, met de automatische Zoekafstemming (zie blz. 26) of de directe afstemming (zie blz. 27).
3 Druk op de MEMORY toets.
In het uitleesvensterlicht enkele seconden lang de aanduiding "MEMORY" op. Verricht de stappen 4 en 5 voordat deze aanduiding dooft.
4 Druk op de PRESET TUNING + of - toets om een zendernummer te kiezen.
Als de "MEMORY" aanduiding dooft voordat u een nummer hebt gekozen, gaat u terug maar stap 3.
5 Druk nogmaals op de MEMORY toets.
De ontvangen radiozender worden dan vastgelegd onder uw gekozen voorinstelnummer. Als de "MEMORY" aanduiding dooft voordat u de zender met de MEMORY to hebt+kunnen vastleggen,gaat u terug naar stap 3.
6 Herhaal de stappen van 2 t/m 5 voor elk van de Voorkeurzenders die u wilt vastleggen.
Geheugenafstemming op een vastgelegde voorkeurzender
1 Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de TUNER voor radio-ontvangst.
2 Druk enkele malen op de PRESET TUNING + of - toets om in te stellen op de gewenste zender.
Telkens wonneur u op deze toets drukt, gaat u een voorkeurzender verder in de gekozen richting en de onderstaande volgorde:

Afstemmen met de afstandsbediening
1 Kies "TUNER"uit de FUNCTION lijst met geluidsbronnen op de afstandsbediening, om in te stellen op de TUNER voor radioontvangst.
2 Stel met de keuzetoets in op het nummer van de gewenste voorkeurzender en druk de toets in om uw keuze te bevestigen.
Gebruik van het Radio Data Systeel (RDS)
(Alleen de modellen met landcode CEL)
Met deze tuner/versteker kutu ook gebruik maken van de RDS functies van het Radio Data System, waarmee radiozenders naast de gewone uitzendingen allerlei nuttige informatie doorgenven. De volgende handige RDS functies zijn beschikbaar:
RDS informatatie in het uitleesvenster
- Opzoeken van voorkeurzenders die het gewenste programmatype uitzenden
De RDS informatatie worden alleen uit gezonden door FM zenders*.
- Niet alle FM radiozenders bieden de RDS informatiek en Niet alle RDS zenders bieden bezelfde functies. Als u Nietbekend bent met de plaatselijk beschikbare RDS functies, kunt u voor nadere bijzonderheden het best contact opnemen met de plaatselijkke radiozenders.
Ontvangst van RDS informatatie-uitzendingen
Kies eenvoudigweg een radiozender uit de FM band met de directe afstemming (zie blz. 27), de automatische zoekafstemming (zie blz. 26) of de geheugenafstemming (zie blz. 28).
Wanner er is afgestemd op een zender die RDS informatatie uitzendt,licht de RDS indicator op en verschijnt de zendaernaam in het uitleesvenster.
Opmerking
De RDS informatatie zal nicht altiijd goed te ontvangen zijn, als de zender waarop u hebt afgestemd de RDS signalen Niet duidelijk genoeg uitzendt of als de signaalsterkte onvoldoende is.
Aangeven van RDS informatatie in het uitleesvenster
Drukijdens ontvangst van een RDS zender meermalen op de DISPLAY toets.
Telkens wonneer u op deleze toets drukt, verspringt de RDS informatatie in het uitleesvenster kringsgewijze als volgt:
De aanduidingen verschijnen op twee regels, zoals hieronder aangegeven:
Bovenste regel
Hier verschijnt een van de volgende aanduidingen:
- PS (officièle zendernaam)a)
- Door u gekozen zendernaam
"TUNER" aanduiding
Onderste regel
Afstemfrequentie ^a) PTY (programmatype) ^b) RT (radiotekst) ^c) CT (juisteijd, in 24-uurs aanduiding) Gekozen klankbeeld Geluidssterkte Decodeergegevens
a) Deze informatie wird ook aangegeven voor FM zenders die geen RDS informatie uitzenden.
b) Type programme dat worden uit gezonden (zie blz. 30).
c) Tekstberichten die door de RDS zender worden uit gezonden.
Opmerkingen
- Als er een nooduitzending of waarschuwingsbericht door de overheid worden dit gezonden, gaat in het uitleesvenster de aanduiding "Alarm-Alarm!" knipperen.
- Als een radiozender een bepaalde RDS functie nie verzorgt, za het uitleesvenster "No XX" (bijvoorbeeld "No Clock Time") angeven.
- Wanner een zender radiotektst uitzendt, verschijnt\ deze in het uitleesvenster met hetzelfde tempo als\ warmee het bericht worden uitz gezonden. De\ snelheid van de tekst is dus alleen afhankelijk van\ de snelheid van de uitzending.
Doorzoeken van voorkeurzenders via het programmatype
U kunt afstemmen op een Voorkeurzender van uw keuze door in te stellen op het gewenste programmatype. De tuner/versterker doorloopt dan het afstemgeheugen, opzoek maar een voorkeurzender die op dat moment het door u gekozen soort uitzending verzorgt.
1 Druk op de RDS PTY toets.
2 Druk op de PTY SELECT + of PTY SELECT - toets om in te stellen op het gewenste programmatype.
Zie het overzicht op de volgende pagina voor nadere informatie over de programmatypes.
3 Druk nogmaals op de RDS PTY toets.
Terwijl de tuner/versterker de Vooringestelde radiozenders doormeemt, verschijnen in het uitleesvenster afwisselend de aanduiding "PTY SEARCH" en het gekozen programmatype.
Wanneer de tuner/versterker een uitzending van het door u gekozen type vindt, stopt het zoeken. Als de tuner/versterker geen voorkeurzender vindt die het door u gekozen soort uitzending verzorgt, verschijnt er "PTY not found" in het uitleesvenster.
Gebruik van het Radio Data System (RDS) (vervolg)
Overzicht van de programmatypes
| Aanduiding, type uitzending | Beschrijving |
| News (nieuwsbulletins) | Nieuwsuitzendeningen |
| Current Affairs (actualiteiten) | Actualiteitprogramma's die op de achtergronden van het huidige nieuws ingaan |
| Information (informatie) | Uitzendingen betreffende de weersverwachting,/Newuws voor consumenten, medisch advies e.d. |
| Sport (sport) | Sportverslagen en -uitslagen |
| Education (educatief) | Educatie programme's, met wetenswaardigheden en praktische tips |
| Drama (hoorspel) | Hoorspelen en andere radioseries |
| Cultures (cultureel) | Programma's over nationale en regionale cultuur, zoals taalkwesties en sociale vraagstukken |
| Science (wetenschap) | Uitzendingen over natuurwetsenschappen en technologie |
| Varied Speech (praatprogramma) | Gevarieerde uitzendingen, zoals vraaggesprekken,quizprogramma's en allerlei amusement |
| Pop Music (popmuziek) | Populaire muziek |
| Rock Music (rockmuziek) | Rockmuziek |
| M.o.R. Music (achtergrondmuziek) | "Easy listening"achtergrondmuziek |
| Light Classics M (licht klassiek) | Licht klassiek, met vocale, instrumentale en koormuziek |
| Serious Classics (serieux klassiek) | Klassieke muziekuitvoeringen, orkestrale werken en kamermuziek, opera enz |
| Other Music (andere muziek) | Alle muziek die nicht in de bovenstaande categorieën past, zoals rhythm & blues en reggae |
| Weather & Metr (weerbericht) | Weeroverzicht, weersverwachtingen |
| Finance (beursberichten, zakennieuws) | Beursberichten, finanzieel en zakennieuws |
| Aanduiding, type uitzending | Beschrijving |
| Children's Progs (kinderprogramma) | Kinderprogramma's |
| Social Affairs (sociale aangelegenheden) | Programma's over mensen en hun bezigheden |
| Religion (godsdienst) | Programma's over religieuze aangelegenheden |
| Phone In (telefonische reacties van luisteraars) | Programma'saarin luisteraars via de telefoon of in een publiek forum hun mening kurengeven |
| Travel & Touring (reisprogramma) | Programma's over reizen. Niet voor aankondigingen die met de TP/TA verkeersinformatiefuncties te vinden zijn |
| Leisure & Hobby (vrijetijdsbesteding) | Programma's over vrijijdsbesteding en hobbies als vissen, tuinieren, koken e.d. |
| Jazz Music (jazz en geimproviseerde muziek) | Programma's met jazz en geimproviseerde muziek |
| Country Music (country & western muziek) | Country & western muziekprogramma's |
| National Music (nationale of streekmuziek) | Programma's met de nationale of streekmuziek van een bepaald gebied |
| Oldies Music (hits van vroeger) | Populaire muziekuit vroegeragen |
| Folk Music (volksmuziek) | Volksmuziekprogramma's |
| Documentary (documentaires) | Documentaire programme's |
| None (niet ingedeeld) | Programma's die nicht in een van de bovenstaande categorieën vallen |
Aanduidingen omschakelen
Omschakelen van de aanduidingen in het uitleesvenster
U kunt de geluidssterkte, het klankbeeld en de decodeergegevens controleren door deze aanduidingen in het uitleesvenster te lately verschijnen.
Druk enkele malen op de DISPLAY toets.
Welke gegevens er worden getoond, hangt af van de gekozen beeld/geluidsbron.
Alle geluidsbronnen behalte de TUNER (Wanneer er een zelfgekozen naam voor de geluidsbron is ingevoerd) (zie blz. 57)

TUNER voor radio-ontvangst

- Als u zich nameen voor uw voorkeurzenders hebts ingevoerd (zie blz. 57), verschijnt hier uw gekozen zendeernaam inplaats van de "TUNER" aanduiding.
Helderheid van het uitleesvenster omschakelen
Druk enkele malen op de DIMMER toets.
Het lampje in de DIMMER toets gaat branden en de verminderde helderheid van het uitleesvenster isuit 6 niveaus te kiezen. Als u kiest voor [ ] (het uitleesvenster helemaaluitgeschakeld), zal ook het MULTI CHDECODING lampje Niet更是 branden.
Betekenis van de aanduidingen in het uitleesvenster

SW: Deze "SUB WOOFER" aanduiding Licht op als er "YES" (zie blz. 21) is gekozen voor de aanwezigheid van een lagetoneluidspreker en de tuner/versterker waarneemt dat de weergegeven disc geen afzonderlijk LFE lagetonenkanaal bevat. Zolang deze aanduiding brandt, stelt de tuner/versterker zich een lagetonensignaal samen, op basis van de laagste frequenties van de voorkanaal-signalen.
2 Weergavekanaal-aanduidingen: Aan de oplichtende letters (L, C, R, enz.) sunt u zien welke geluidskanalen er worden weergegeven. Aan de oplichtende vakjes rond de letters sunt u zien hoe de tuner/versterker het geluid mengt en via welke luidsprekers het worden weergegeven (gebaseerd op de luidspreker-installingen). Bij akoestisch verruimde klinkbeelden zoals "D.CONCERT HALL" voegt de tuner/versterker nagalm toe aan de weergave, op basis van de inkomende geluidssignalen.
L: linker voorluidspreker, R: rechtervoorluidspreker, C: middenluidspreker, SL: linksachter, SR: rechtsachter, S:chterluidsprekers (mono weergave of deachterkanalen gebaseerd op Pro Logic decoding), SB: middenachterluidsprekers (deachterkanalen gebaseerd op 6,1-kanaals decoding)
Bijvoorbeeld:
Opnameformaat (voor/achter): 3/2
Uitgangskanaal: Geenchyterluidsprekers
Klankbeeld: AUTO DECODING

PRO LOGIC: Deze aanduiding Licht op wonneer de tuner/versterker de Pro Logic signalverwerking toepast op een 2-kanaals geluidsbron, omAPEte signalen te verkrijgen voor een middenluidspreker en awhileluidsprekers. Deze aanduidinglicht ook op waneer de Pro Logic II film/ muziekdecoding in werking is. De aanduidinglichtECHter Niet op als u voor de aanwezigheid van een middenluidspreker en awhileluidsprekers de stand "NO" heb gekozen.
4 DIGITAL: Deze aanduiding Licht op wanner de tuner/versterker signalen decodeert die zich opgenomen in het Dolby Digital formaat.
5 MULTI CH IN 1/2: Deze aanduiding Licht op als er is gekozen voor MULTI CH IN 1 of 2 meerkanaals-weergave.
6 D.RANGE: Deze "dynamisch bereik" aanduiding Licht op wonneer de compressiefunctie voor het dynamisch bereik is ingeschakeld. Zie blz. 55 voor het instellen van de dynamiek-compressie.
7 Radio-ontvangst aanduidingen: Deze lichten op wonneer u de tuner gebruikt voor de ontvangst van radiozenders e.d. Nadere aanwijzingen voor de bediening van de tuner vindt u op blz. 26-30.
8 EQ: Deze aanduiding Licht op wanner de "equalizer" grafiek-toonregeling is ingeschakeld.
9 SLEEP: Deze aanduiding Licht op wanner de sluimerfunctie is ingeschakeld.
10 MPEG: Deze aanduiding Licht op wanner er MPEG signalen binnenkomen.
Opmerking
Alleen de beiden voorkanalen zijn geschikt voor de weergave van MPEG geluidssignalen.
Meerkanaals-signalen worden samengemengd en weergegeven door de beiden voorluidsprekers.
11 DTS: Deze aanduiding Licht op wanner er DTS signalen binnenkomen. Voor het afspelen van een disc met DTS geluid dient u te zorgen dat er digitale aansluitingen zijn gemaatk en dat de INPUT MODE ingangskeuze NIET staat ingesteld op ANALOG 2CH FIXED (zie blz.42).
12 OPT: Deze aanduiding Licht op wanner er een digitaal signaal binnenkomt via de OPTICAL ingangsansluiting.
13 COAX: Deze aanduiding Licht op wonneer er een digitaal signaal binnenkomt via de COAXIAL ingangsansluiting.
14 L.F.E.: Deze aanduiding licht op wanner de afgespeelde disc een apart LFE (Low Frequency Effect) lagetonen-kanaal bevat. Wanner het geluid van het LFE kanaal ook daadwerkelijk worden weergegeven, lichten de balkjes onder de letters op om het geluidsniveau aan te given. Aangezien het LFE signaal Niet voortdurend even krachtig aanwezig is, kuren de niveaubalkjesijdens de weergave sterk fluctueren (en soms geheel doven).
Automatisch decoderen van het inkomend geluidssignaal
(AUTO DECODING)
In deze stand neemt de tuner/versterker automatisch waar welk soort geluidssignaal er binnenkomt (Dolby Digital, DTS, standard 2-kanaals stereo, enz.) en zorgt voor een juiste decodering, waar nodig. Deze functie neemt het geluidsspoor zoals het is opgenomen/ gecodeerd, en presenteert het zonder enige bijregeling, nagalm of effecten.
Bij aansluiten van een actieve lagetoneluidspreker
Als het inkomend geluidssignaal een 2-kanaals stereo signaal is, of als de geluidsbron geen geen afzonderlijk LFE lagetonenkanaal bevat, genereert de tuner/versterker zich een laagfrequent signaal voor weergave door de lagetonen-luidspreker.
Druk op de AUTO DEC toets.
De aanduiding "AUTO DECODING" verschijnt in het uitleesvenster en de tuner/versterker schakelt over maar de AUTO DECODING weergavestand.
Tip
Meestal zal de AUTO DECODING weergavestand de optimale decoding gegen. Bij het afspelen van een geluidsbron die gecodeerd is volgens het Dolby Digital EX system, kan het echter wel eens better zijn om met de SURREN BACK DECODING toets de middenachter-decodeerfunctie te kiezen (zie blz. 39) die u het best vindt passen bij de geluidsbron.
Weergave via alleen de\ beide voorluidsprekers
(2CH STEREO)
In deze stand geeft de tuner/versterker alleen geluid weer via de linker en rechtter voorluidsprekers. De lagetonen-luidspreker geeft hierbij ook geen geluid weer.
Luisterenaar2-kanaalstereo geluidsbronnen (2CHSTEREO)
Bij standaard 2-kanaals stereo geluidsbronnen wordert helemaal geen akoestiekverwerking toegepast, en meerkanaals-geluidsbronnen worden samengemengd tot de gewone twee kanalen.
Druk op de 2CH STEREO toets.
De aanduiding "2CH STEREO" verschijnt in het uitleesvenster en de tuner/versterker schakelt over maar de 2CH STEREO weergavestand.
Opmerking
De lagetonen-luidspreker zar in de 2CH STEREO weergavestand geen geld minced. Als u 2-kanaals stereo geluidsbronnen wilt beluisteren via de linker en rechther voorluidsprekers en de lagetonen-luidspreker, kiest u dan de AUTO DECODING weergavestand.
Luisteren maar zuivere analoge weergave (ANALOG DIRECT)
U kunt de weergave van de gekozen geluidsbron omschakenaar tweeanaals analoge weergave. Die weergavestand is bijuitstek geschikt voor de Beste kwaliteit analogegeluidsbronnen. Zie tevens de beschrijving onder "D.POwER" op blz. 47.
Tijdens het gebruik van deze weergavefunctie(Int)kunt u alleen de geluidssterkte en de balans van de voorluidsprekers bijregelen.
1 Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de geluidsbron die u zuivere analogoog weergegeven wilt horen.
2 Druk op de ANALOG DIRECT toets.
De aanduiding "ANALOG DIRECT"licht op in het uitleesvenster en u hoort een analogog geluidssignaal.
Opmerking
Deze functie wordenatisch uitgeschakeld wanneer u overschakelt maar een ander klankbeeld (zie blz. 35-37).
Keuze van een klankbeeld
U kurz genieten van een fraaie ruimtelijke geluidsweergave door eenvoudigweg een van de voorgeprogrammeerde klankbeelden te kiezen die de tuner/versterker kBiedt. Zo kurz u uw luisterkamer even indrukwekkend latent klinken als een bioscoopzaal of een concertzaal.
Repertoire van klankbeelden
| NORMAL SURROUND (ruimtelijke akaoestiek) |
| CINEMA STUDIO EX A DCS |
| CINEMA STUDIO EX B DCS |
| CINEMA STUDIO EX C DCS |
| MONO MOVIE (mono speelfilm) |
| STEREO MOVIE (stereo speelfilm) |
| D.CONCERT HALL A (concertzaal A) |
| D.CONCERT HALL B (concertzaal B) |
| CHURCH (grote kerkzaal) |
| OPERA HOUSE (operazaal) |
| JAZZ CLUB |
| DISCO/CLUB |
| LIVE CONCERT |
| ARENA (openlucht-auditorium) |
| STADIUM (stadion) |
| GAME (videospel) |
Betreffende DCS (Digital Cinema Sound)
De klankbeelden die gemarkeerd zijn met de vermelding DCS zich gebaseerd op DCS technologie.
DCS is een algemene term voor de digitale signalverwerking voor thuis theater-akoestiek die ontwikkeld is door Sony. Het DCS systeme recreiert met een Digitale Signal Processor (DSP) de akoestische eigenschappen van een echte filmmuiziekstudio in Hollywood.
De DCS akoestiekfuncties leveren ook in uw huiskamer een natuurgetrouwe weergave van het complete filmgeluid met achtergrond, dialoog en geluideffecten, geheel volgens de bedoeling van de regisseur, om volop mee te leven met speelfilms bij u thus.
Genieten van filmgeluid met de CINEMA STUDIO EX klankbeelden
CINEMA STUDIO EX is ideally voor de weergave van filmgeluid in een meerkanaal-formaat, zoals bij DVD videodiscs e.d., met ruimtelijke geluideffecten. Hiermee kurz ugenieten van de diverse akoestische eigenschappen van de Sony Pictures Entertainment filmstudio's in uw huiskamer.
Druk enkele malen op de CINEMA STUDIO EX toets om in te stellen op het gewenste CINEMA STUDIO EX klankbeeld.
Het gekozen CINEMA STUDIO EX klankbeeld worden in het uitleesvenster aangegeven.
CINEMA STUDIO EX A DCS
Reproduceert de karakteristieke klank van de Sony Pictures Entertainment "Cary Grant Theater" filmstudio. Een fraaie standarda akoestiek, geschikt voor allerlei soorten spelelfilms.
CINEMA STUDIO EX B DCS
Reproduceert de karakteristieke klank van de Sony Pictures Entertainment "Kim Novak Theater" filmstudio. Ideal voor science-fiction of actiefilms met veel speciale geluidseffecten.
CINEMA STUDIO EX C DCS
Reproduceert de karakteristieke klank van de Sony Pictures Entertainment filmorkestopnamestudio. Deze akoestiek is ideaal voor musicals en klassieke films met veel hintergrundmuziek.
wordt nervolgd
Keuze van een klankbeeld (ervolg)
Opbouw van de CINEMA STUDIO EX
De CINEMA STUDIO EX techniek bestaat uit de volgende drie componenten.
- Virtuele multi-dimensie
Hiermee worden 5 stel virtuele luidsprekers rondon de luisteraar gesimuleerd, op basis van slechts een enkel paar werkelijkkechterluidsprekers. - Schermidiepte-simulering
Deze techniek laat de dialoog direct van de personages op het scherm komen en het achtergrondgeluid van rond hen, binnenin uw beeldschemm, net als in de bioscoop. - Speelfilm-akoestiek
Hiermee wordt de karakteristieke geluidsweerkaatsing en diepe ruime klank van een bioscoopzaal gesimuleerd.
CINEMA STUDIO EX geeft u de geintegreerde totaalklank van deze drie effecten tegelijk.
Tips
- U kunt het gewenste CINEMA STUDIO EX klankbeeld ook kiezen door enkele malen op de MODE + / - toets te drukken.
Aan de verpakking kutn u zien met welk akoestieksystemt het beeldmaterial op een DVD videodisc e.d. is opgenomen.
DOLBY. Digital: Dolby Digital discs
- DOLLEY SURROUND: Dolby Surround discs
- DTC: DTS Digital Surround discs
Opmerkingen
- De effecten die werken met virtuele luidsprekers küssen soms wa extra ruis in de weergaveveroorzaken.
- Bij het luisteren maar krankbeelden die werken met virtuele luidsprekers zult u geen geluid direct uit de母公司?」
Keuze van de DIGITAL CONCERT HALL klankbeelden
Deze klankbeelden geben de akoestiek van een concertzaal door meerdere luidsprekers te simuleren en een ruimtelijk effect voor geluidsbronnen met 2 kanalen, zoals gewone compact discs e.d.
Druk enkele malen op de MODE +/- keuzetoets om in te stellen op "D.CONCERT HALL A (of B)".
Het gekozen klankbeeld worden in het uitleesvenster aangegeven.
D.CONCERT HALL A
Dit klankbeeld reproduceert met 3D akoestiekverwerking de karakteristieke klank van de groe zaal van het CONCERTGEOUW in Amsterdam, een klassieke zaal die beroemd is om+zijn fraaie ruimtelijke akoestiek metHoldere geluidsweerkaatsing.
D.CONCERT HALL B
Dit klankbeeld reproduceert met 3D akoestiekverwerking de karakteristieke klank van de klassieke Weense MUSIKVEREIN concertzaal die befaamd is om+zijn uneike resonerende klank, rijke aan nagalm.
Keuze van andere klankbeelden
Druk enkele malen op de MODE +/- keuzetoets om in te stellen op het gewenste klankbeeld.
Het gekozen klankbeeld worden in het uitleesvenster aangegeven.
Geluidsbronnen met meerkanaals Surround Sound signalen worden net zo weergegeven als ze zijn opgenomen. Dit klankbeeld biedt de akoestiek van eenkleine rechthoekige concertzaal. Voor geluidsbronnen met 2-kanaals audiosignalen kutu kiezenuit een aantal decodeerfuncties, afhankelijk van de gekoen 2CH MODE instelling (zie blz.38).
■ MONO MOVIE (mono speelfilm)
Creert de akoestiek van een bioscoop bij weergave van speelfilms met een monogeluidsspoor.
STEREO MOVIE (stereo speelfilm)
Creert de akoestiek van een bioscoop bij weergave van speelfilms met een stereo geluidsspoor.
CHURCH (kerkzaal)
Geeft de akoestiek van een stenen kerkgewelf.
OPERAHOUSE (operazaal)
Geeft de akoestiek van een operzaal.
JAZZCLUB
Geeft de sfeer van een intieme jazz-club.
DISCO/CLUB
Geeft de akoestiek van een discotheek/ dansclub.
LIVE CONCERT
Geeft de akoestiek van een muziektheater met 300 zitplaatsen.
ARENA (auditorium)
Geeft de akoestiek van een auditorium met 1.000 zitplaatsen.
STADIUM (stadion)
Geeft de sfeer van een live-concert in een openlucht-stadion.
GAME (videospel)
Geeft de meest treffende geluids- en akoestiekeffecten van videospelletjes.
Wanner er een hoofdtelefoon is aangesloten
Dan kurz u alleen kiezen uit de volgende klankbeelden.
HEADPHONE (2CH) klankbeeld
Druk op de AUTO DEC toets of de 2CH STEREO toets.
Hierbij worden het geluid gewoon in 2-kanaals stereo weergegeven. Meerkanaals-geluid van digitale geluidsbronnen met akoestiekeffecten worden samengemengd tot 2 kanalen.
HEADPHONE (DIRECT) klankbeeld
Druk op de ANALOG DIRECT toets.
Dit zorgt voor weergave van analoge signalen zichonder enige digitale verwerking via de grafiek-toonregeling, klankbeelden e.d.
HEADPHONE (MULTI 1/MULTI 2) klankbeeld
Druk op de MULTI CH DIRECT toets.
Dit dient voor weergave van analoge signalen die binnenkomen via de MULTI CHANNEL IN aansluitingen.
HEADPHONE THEATER DCS klankbeeld
Dit stelt u in staat de sfeer van een bioscoop te horen bij het beluisteren van filmgeluid via de hoofdtelefoon.
Uitschakelen van de akoestiekeffecten
Druk op de AUTO DEC toets of de 2CH STEREO toets.
wordt nervolgd
Keuze van een klankbeeld (ervolg)
Ruimtelijke weergave bij zacht ingesteld geluid (NIGHT MODE)
Hiermee sunt u ook 's avonds laut, bij zachte weergave, nog steeds genieten van de klankbeelden en geluidseffecten. Deze functie is samen met de andere klankbeelden te gebruiken.
Ook bij nachtelijke weergave van een speelfilm e.d. met het geluid zicht gezet, zult u de dialoog nog duidelijk hunnen horen.
Druk op de NIGHT MODE toets.
De aanduiding "NIGHT MODE" verschijnt in het uitleesvenster en de tuner/versterker schakelt over maar de NIGHT MODE weergavestand.
Tip
Bij gelebruik van deze functie worden de lage en hoge tonen, BASS en TREBLE, en het EFFECT niveau automatisch hoger ingesteld en wordt de "D.RANGE COMP." dynamiekcompressie op "MAX" ingesteld.
Opmerking
Deze functie is nicht beschikbaar wanner de ANALOG DIRECT of MULTI CH DIRECT weergave is ingeschakeld.
Genieten van Dolby Pro Logic II en DTS Neo:6 weergave
(2CH MODE)
Met deze functie kurz u het type decoding kiezen voor weergave van 2-kanaals geluidsbronnen.
Deze tuner/versterker kan 2-kanaals geluid omzetten in 5-kanaals weergave via Dolby Pro Logic II, in 6-kanaals weergave met DTS Neo:6, of in 4-kanaals weergave met de oorspronkelijke Dolby Pro Logic. MPEG 2CH geluidsbronnen zich ether nicht te decoderen met DTS Neo:6; die worden weergegeven met slechts twee kanalen.
Druk enkele malen op de NORMAL SURR (PLII/NEO:6) toets om de gewenste 2-kanaals decodeerfunctie te kiezen.
De gekozen functie worden in het uitleesvenster aangegeven. Het klankbeeld worden automatisch overgeschakeldaar“NORMAL SURROUND” (zie blz.37).
2-kanaals decodeerfuncties
PROLOGIC
Deze stand zorgt voor normale Pro Logic decodering. Een geluidsbron die is opgenomen met 2 kanalen worden gedecodeerd maar 4,1 kanalen.
- PLII MOVIE
Voor Pro Logic II Filmgeluid-decodering. Deze instelling is ideaal voor speelfilms met Dolby Surround geluid. Bovendien kutu met deze functie het geluid ook horen in 5,1 kanalen bij weergave van oude speelfilms of video's met later ingevoed geluid.
- PLII MUSIC
Deze stand zorgt voor speciale Pro Logic II Muziek-decodering. Dit is ideally voor de weergave van normale stereo geluidsbronnen zoals muziek-CD's.
Neo: Cinema
Deze stand is voor DTS Neo:6 Filmgeluid-decodering. Deze instelling is bij uitstek geschikt voor speelfilms die zich voorzien van DTS Surround geluid.
Neo: Music
Deze stand zorgt versterker voor DTS Neo:6 Muziek-type decoding. Deze instelling is optimaal geschikt voor normale stereo geluidsbronnen zoals muziek-CD's.
Tips
- Wanner u voor de tweekanals decodering de stand "PLII MUSIC" hebgeteken,kest u nog verdere instellenen make met de parameeters "CENTER WIDTH" voor bredte van het middenkanaal, "DIMENSION" voor het verschil tussen de voor- enachtenkanalen, en "PANorama" voor extra-brede weergave, via het SURROUND menu (zie blz. 53).
- U kurz de 2-kanaals decodeerfunctie kiezen via het onderdeel "2CH MODE" in het CUSTOMIZE men (zie blz. 47).
Keuze van de middenachter-decoderfunctie
(SB DECODING)
Hiermee kurz u de decodeerfunctie kiezen voor de middenachterkanalen van een meerkanaalsingangssignaal.
Door het decoderen van het middenachterluidspreker-signaal van speelfilms op DVD-discs (enz.) die zich opgenomen in een van de Surround EX formaten*, verkrijkt u een optimala koestiekeffect achterin, zoals bedoeld door de makers van de film.
- Dolby Digital EX, DTS-ES Matrix 6.1, DTS-ES Discrete 6.1, enz.
Druk enkele malen op de SURR BACK DECODING toets om in te stellen op de gewenste middenachter-decodeerfunctie.
De aanduiding "SB DECODING XXXX" verschijnt in het uitleesvenster.
Wanner de tuner/versterker bezig is met decoderen van het middenachterluidsprekersignaal,licht de aanduiding "SB DEC" op.
Middenachterkanaal-decodeerfuncties
- AUTO
- MATRIX
OFF (uitgeschakeld)
Nadere aanwijzingen vindt u onder "Hoe een middenachter-decodeerfunctie te kiezen" op de volgende pagina.
Tip
U kunt de middenachter-decoderfunctie ook kiezen via het onderdeel "SB DECODING" in het CUSTOMIZE menu (zie blz. 47).
Opmerking
U kunt geen middenachter-decoderfungtie kiezen tijdens gebruik van de 2CH STEREO (zie blz. 34), de ANALOG DIRECT (zie blz. 34) of de MULTI CH DIRECT weergave (zie blz. 26) of wanner er een hoofdtelefoon is aangesloten.
Hoe een middenachter-decodeerfunctie te kiezen
U kurz uw keuze voor een middenachter-decodeerfunctie baseren op het inkomend geluidssignal.
Bij keuze van de "AUTO" stand
Wonneer het ingangssignaal een 6,1-kanaals vlagsignaal* bevat, worden aan de hand waarvan de juiste decodeerfunctie toegepast voor decodering van het middenachterluidspreker-signaal.
Voor een DTS-ES Matrix 6.1 geluidsbron worden de DTS Matrix decoderfunctie toegepast.
Voor een DTS-ES Discrete 6.1 geluidsbron worden de DTS Discrete decodeerfunctie toegepast.
| Ingangssignaal | Weergavekanalen | Toegepaste middenachter-decodeerfunctie |
| Dolby Digital 5.1 | 5.1*5 | — |
| DTS 5.1 | 5.1*5 | — |
| Dolby Digital EX*2 | 6.1*5 | Matrix decodeerfunctie geschikt voor Dolby Digital EX |
| DTS-ES Matrix 6.1*3 | 6.1*5 | DTS Matrix decodeerfunctie |
| DTS-ES Discrete 6.1*4 | 6.1*5 | DTS Discrete decodeerfunctie |
Bij keuze van de "MATRIX" stand
De Dolby Digital EX decodeerfunctie worden toegepast voor het decoderen van het middenachterluidspreker-signaal, ongeacht het 6,1-kanaals vlagsignal*1 van de ingangssignalen. Deze decodeerfunctie voldoet aan de normen van Dolby Digital EX en werkt net zo als de decodeerfuncties die daadwerkelijk in de bioscoop worden gebruikt. Deze decodeerfunctie is ook te gebruiken voor alle Surround EX formaten (Dolby Digital EX, DTS-ES Matrix 6.1, DTS-ES Discrete 6.1).
| Ingangssignaal | Weergavekanalen | Toegepaste middenachter-decodeerfunctie |
| Dolby Digital 5.1 | 6.1*5 | Matrix decodeerfunctie geschikt voor Dolby Digital EX |
| Dolby Digital EX | 6.1*5 | Matrix decodeerfunctie geschikt voor Dolby Digital EX |
| DTS 5.1 | 6.1*5 | Matrix decodeerfunctie geschikt voor Dolby Digital EX |
| DTS-ES Matrix 6.1*3 | 6.1*5 | Matrix decodeerfunctie geschikt voor Dolby Digital EX |
| DTS-ES Discrete 6.1*4 | 6.1*5 | Matrix decodeerfunctie geschikt voor Dolby Digital EX |
Bij keuze van de "OFF"uit-stand
Dan wordt er geen middenachterkanaal-decodering toegepast.
1 Het 6,1-kanaals decoder-vlagsignal is een decoderingsinstructiesignal dat is opgenomen in geluidsbronnen zoals DVD-discs e.d.
2 Dit is het signal van een Dolby Digital DVD met een Surround EX vlagsignal. Op de Dolby Corporation webpagina Aunt u zien hoe dergelijkke Surround EX speelfilms te onderscheiden zijn.
3 Dit is beeld/geluidsmaterialial met een vlagsignaal om aan te geben dat het zowel Surround EX als 5,1-kanaals signalen bevat.
4 Dit is beeel/geluidsmateriaal met zowel 5,1-kanaal signalen als een extra signaal om die gevevens in 6,1 afzonderlijke kanalen om te zetten. De discrete 6,1 kanalen zijn specifiek voor DVD, Niet bezelfde als gebruikt in de bioscoop.
*5 Wonneer er twee middenachterluidsprekers zich aangesloten, worden het totaalgeluid weergegeven via 7,1 kanalen.
Audio-ingangen toewijzen
(AUDIO SPLIT)
U kunt aan de beschikbare geluidsbron- weergavestanden van de tuner/versterker ook andere audio-ingangssignalen toewijzen. Dit kan bijvoorbeeld handig+zijn in het volgende geval.
(Bijvoorbeeld:) Als u beschikt over tweed DVD-spelers, maar er is geen digitale audio-ingangsaansluiting beschikbaar voor de tweede DVD-speler.
Sluit dan uw eerste DVD-speler aan op de DVD/LD COAXIAL IN aansluiting en verbind de tweede DVD-speler met de DVD/LD OPTICAL IN aansluiting.
Daarnaast verbindt u de analoge audio/video-uitgangen van de tweede DVD-speler met de VIDEO 2 INPUT ingangsaansluitingen van de tuner/versterker.
Vervolgens wijst u "DIGITAL ONLY COAXIAL" toe aan de DVD/LD geluidsbron-weergavestand en en u wijst "DVD/LD (OPTICAL)" toe aan de VIDEO 2 geluidsbron-weergavestand.
1 Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de geluidsbron- weergavestand waaraan u een ander audio-ingangssignaal wilt toewijzen.
2 Druk op de AUDIO SPLIT toets.
3 Draai aan de FUNCTION knop om de betreffende audio-ingang te kiezen.
Welke audio-ingang u kunt toewijzen,
verschilt per geluidsbron. Zie voor nadere bijzonderheden het volgende overzicht
"Audio-ingangen die u kunt toewijzen aan de diverse geluidsbron-weergavestanden".
Stel in op "NO ASSIGN" als u geen audio-ingangen wilt toewijzen aan de gekozen geluidsbron-weergavestand.
4 Druk weer op de AUDIO SPLIT toets.
De gekozen audio-ingang worden dan toegewezen aan de geluidsbron-weergavestand die u hebt gekozen in stap 1. Als u darüber de AUDIO SPLIT toets Niet binnen 8 seconden indrukt, za de tuner/versterker automatisch de audio-ingang toewijzen die in het uitleesvenster worden aangegeven.
Audio-ingangen die u kunt toewijzen aan de diverse geluidsbronweergavestanden
| DVD/LD, CD/SACD geluidsbron-weergavestand |
| NO ASSIGN→DIGITAL: ONLY COAX→DIGITAL: ONLY OPT→ONLY ANALOG INPUT |
| TV/SAT, MD/DAT geluidsbron-weergavestand |
| NO ASSIGN→DVD/LD (COAXIAL)→CD/SACD (COAXIAL)→ONLY ANALOGINPUT |
| PHONO geluidsbron-weergavestand |
| NO ASSIGN→VIDEO 1→VIDEO 2→VIDEO 3→DVD/LD (ANALOG)→TV/SAT (ANALOG)→TAPE→MD/DAT(ANALOG)→CD/SACD (ANALOG) |
| Alle andere analoge geluidsbron-stunden |
| NO ASSIGN→DVD/LD (COAXIAL)→DVD/LD (OPTICAL)→TV/SAT (OPTICAL)→MD/DAT (OPTICAL)→CD/SACD (COAXIAL)→CD/SACD (OPTICAL) |
Tips
Zodra u instelt op een geluidsbron-weergavestand waarvoen een bepaalde audio-ingang is toegewezen, gaat het lampje van de AUDIO SPLIT toets branden.
- U kunt ook een audio-ingang voor toewijzing met deze functie kiezen via de INPUT MODE instelling (zie blz. 42).
Opmerkingen
- De AUDIO SPLIT toewijzing is nicht beschikbaar tijdens gelebruik van de ANALOG DIRECT of MULTI CH DIRECT weergave.
- U kunt geen audio-ingang toewijzen aan de TUNER weergavestand.
Omschakelen van de audio-ingangsstand voor digitale componenten
(INPUT MODE)
Voor geluidsbronnen met digitale aansluitingen\ kunt u een andere audio-ingangsstandkiezen.\ U kunt ook de COAXIAL of OPTICAL audio-ingangsstandkiezen voor andere\ geluidsbronnen, via de AUDIO SPLIT\ toewijzing (zie blz. 41).
1 Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de geluidsbronweergavestand waar voor u de audio-ingangsstand wilt omschakelen.
2 Druk enkele malen op de INPUT MODE toets om de gewenste audio-ingangsstand te kiezen.
De gekozen audio-ingangsstand worden in het uitleesvenster aangegeven.
Audio-ingangsstanden
- AUTO 2CH
Deze stand geeft voorrang aan de audio-ingangssignalen die binnenkomen via de AUDIO IN (L/R) aansluitingen, wanner er geen digitale audiosignalen zich.
COAXIAL FIXED Deze stand kiest de digitale audiosignalen die binnenkomen via de DIGITAL COAXIAL ingangsaansluitingen. - OPTICAL FIXED Deze stand kiest de digitale audiosignalen die binnenkomen via de DIGITAL OPTICAL ingangsaansluitingen.
- ANALOG 2CH FIXED Deze stand kiest de digitale audiosignalen die binnenkomen via de AUDIO IN (L/R) aansluitingen.
Wanner er meerkanaals audio-ingangenen zich toegewezen aan een specifieke geluidsbron-weergavestand (zie blz. 47)
Dan verschijnen de volgende aanduidingen in plaats van "AUTO 2CH" en "ANALOG 2CH FIXED".
- AUTO MULTI CH 1
- AUTO MULTI CH 2
Deze stand geeft voorrang aan de audio-ingangssignalen die binnenkomen via de MULTI CHANNEL IN 1 of MULTI CHANNEL IN 2 aansluitingen, wanner er geen digitale audiosignalen+zijn.
- MULTI CH 1 FIXED
- MULTI CH 2 FIXED
Deze stand kiest de digitale audiosignalen die binnenkomen via de MULTI CHANNEL IN 1 of MULTI CHANNEL IN 2 aansluitingen.
Klankbeelden maar eigena ninzicht aanpassen
Met behulp van het SURROUND menu voor de akoestiekeffecten en het LEVEL menu voor de geluidssterkte, kut u de diverse klankbeelden aanpassen aan uw eigien smaak en uw luisteromgeving.
Betreffende de aangegeven instelmogelijkheden
Welke onderden u in elk menu kurz aanpassen, varieert voor de verschillende klankbeelden. Bepaalde instelparameters zullen slechts vaag of grijs worden aangegeven. Dan is een dergelijkke parameter voor dat klankbeeld vast ingesteld en Niet te wijzigen of helemaal Niet van toepassing.
Aanpassingen via het SURROUND akoestiekmenu
U Aunt de akoestiekeffecten voor een gekozen klankbeeld waar wens aanpassen. De aanpassingen die u maakt worden voor elk klankbeeld afzonderlijk vastgelegd.
1 Start de weergave van een geluidsbron met meerkanaals-akoestiekeffecten (een DVD videodisc e.d.).
2 Druk op de SURROUND toets.
Het lampje in de SURROUND toetslicht op en de aanduiding SURROUND > > > verschijnt in het uitleesvenster.
3 Druk op de cursortoets (< of >) om een parameter te kiezen.
Zie voor nadere bijzonderheden de beschrijving van de "Parameters van het SURROUND menu" hieronder.
4 Let op de klank van het weergegeven geluid en draai aan de instelknop om de gekozen parameter maar wens bij te regelen.
5 Herhaal de stappen 3 en 4 als u nog andere parameters wilt bijregelen.
Parameters van het SURROUND menu
Oorspronkelijke instelling: 100% Hoe hoger de gekozen waarde,des te meer nadruk krijt het akosteiekffect. U kurz deze waarde aanpassen van 0% tot 150% in stapjes van 5 %
BASS GAIN XXX.X dB (Basversterking van de equalizer-toonregeling)
Oorspronkelijke instelling: 0 dB In gegenstelling tot de grafiek-toonregeling van het EQ equalizer-menu (waarmee u de totale klank van elkuidspreker kunt bijregelen),maakt deze parameter het möglichk de sterkte van de lage tonen voor elk klankbeeld afzonderlijk bij te regelen. Hiermee kunt u de lage tonen bijregelen van -10dB to +10dB in stapjes van O,5 dB.
TREBLE GAIN XXX.X dB (Hogetonenversterking van de equalizer-toonregeling)
Oorspronkelijke instelling: 0 dB In gegenstellung tot de grafiek-toonregeling van het EQ equalizer-menu (waarmee u de totale klank van elkuidspreker kunt bijregelen),maakt deze parameter het möglichk de sterkte van de hoge tonen voor elk klankbeeld afzonderlijk bij te regelen. Hiermee kunt u de hoge tonen bijregelen van -10dB to +10dB in stapjes van O,5 dB.
Voor geavanceerde SURROUND menu-instellen
Open het CUSTOMIZE menu enzet het onderdeel“MENUEXPAND”op“ON”,om toegang te krijgen tot extra parameters.
Bijzonderheden over het onderdeel "MENU EXPAND" vindt u op blz. 47.
Nadere aanwijzingen voor het instellen van de diverse parameters vindt u op blz. 52.
wordtervolgd
Klankbeelden maar eigenginzicht aanpassen (vervolg)
Aanpassingen via het LEVEL geluidssterkte-menu
U sunt de balans en de geluidssterkte van elke luidspreker afzonderlijk aanpassen. De aanpassingen die u maakt worden voor elk klankbeeld afzonderlijk vastgelegd.
1 Start de weergave van een geluidsbron met meerkanaals-akoestiekeffecten (een DVD videodisc e.d.).
2 Druk op de LEVEL toets.
Het lampje in de LEVEL toets Licht op en de aanduiding LEVEL > > > ”verschijnt in het uitleesvenster.
3 Druk op de cursortoets (< of >) om een parameter te kiezen.
Zie voor nadere bijzonderheden de beschrijving van de "Parameters van het LEVEL menu" hieronder.
4 Let op de klank van het weergegeven geluid en draai aan de instelknop om de gekozen parameter maar wens bij te regelen.
5 Herhaal de stappen 3 en 4 als u nog andere parameters wilt bijregelen.
Parameters van het LEVEL menu
Afhankelijk van de keuze voor de "T.TONE" parameter in het CUSTOMIZE menu, verschijt er slechts een van de parameters "TEST TONE", "PHASE NOISE", of "PHASE AUDIO" (zie blz. 48).
TEST TONE (Testtoon)
Oorspronkelijke instelling: OFF
Hiermee(Int)kunt u een testtoon door elk van de
luidspeakers achtereenvolgens laten weergeven.
Wanner u de stand "AUTO" kiest, wordt de testtoon
automatisch door elk van de luidspeakers weergegeven.
In de stand "FIX" kunt u kiezen door welke
luidspeker(s) de testtoon moet worden weergegeven.
PHASE NOISE (Testtoon-fasetest)
Oorspronkelijke instelling: OFF
Hiermee(Int)k u de testtoon latent weergeven door twee aangrenzende luidsprekers beurtelings.
PHASE AUDIO (Audio-fasetest)
Oorspronkelijke instelling: OFF
Hiermee(Int) u een gewone geluidsbron (in plaats van de testtoon)laten weergeven door twee aangrenzende luidsprekers beurtelings.
■ FRONT (Balans van de voorluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: midden (0) Hiermee kut u de balans van de linker en rechtter voorluidsprekten instellen. Deze kut u bijregelen van -8dB tot +8dB , in stapjes van 0,5 dB.
CENTER XXX.X dB (Geluidssterkte van de middenluidspreker)
SURROUND L XXX.X dB (Geluidssterkte van de linker hinterluidspreker)
SURROUND R XXX.X dB (Geluidssterkte van de rechter acheterluidspreker)
SURR BACK XXX.X dB (Geluidssterkte van de middenachterluidspreker)*1
SURR BACK L XXX.X dB (Geluidssterkte van de linker middenachterluidspreker)2
SURR BACK R XXX.X dB (Geluidssterkte van de rechter middenachterluidspreker) ^82 Oorspronkelijke instelling: 0 dB Hiermee(Int. u de geluidssterkte bijregelen van -20dB tot +10dB in stapjes van 0,5 dB.
S.WOOFER XXX.X dB (Geluidssterkte van de lagetonen-luidspreker) Oorspronkelijke instelling: 0 dB Hiermee kurz u de geluidssterkte bijregelen van -20dB tot +10dB in stapjes van 0,5 dB.
■ MULTI CH 1 SW XXX dB (Geluidssterkte van de lageton-luidspreker bijmeerkanaals-weergave 1)
■ MULTI CH 2 SW XXX dB (Geluidssterkte van de lageton-luidspreker bij meerkanaals-weergave 2)
Oorspronkelijke instelling: 0 dB
Hiermee(Int) u de geluidssterkte van het MULTI CHANNEL IN 1/MULTI CHANNEL IN 2 lageton-ingskanaal met +10 dB verhogen. Deze extra versterking kan nodig zich wanner u een DVD-videospeler heb aingesloten op de MULTI CHANNEL IN 1/MULTI CHANNEL IN 2 ingangen. Het lagetonenniveau van een DVD-speler ligt namelijk 10dB -lager dan dat van een Super Audio CD-speler.
1 Deze verschijnt alleen als het onderdeel "SURR BACK L/R" is ingesteld op "NO" voor een enkele middenachterluidspreker (zie blz. 21).
2 Deze verschijnt alleen als het onderdeel “SURR BACK L/R” is ingesteld op “YES” voor twee afzonderlijke middenachterluidsprekers (zie blz. 21).
Opmerking
Wanner een van de volgende krankbeelden is gekoen, zal de lagetonen-luidspreker geen geluid weergeven als er voor alle liquidsprekers het formaat "LARGE" is gekoen in het SET UP menu. De lagetonen-luidspreker zal darüber wel geluid geben wannier een digitaal ingangssignaal met speciale LFE (LaagFrequentEffect) signalen worden weergegeven of als er voor de voorluidsprekers, de middenluidspreker, de皇后- of middenachterluidsprekers de stand "SMALL" is gekoen.
D.CONCERT HALL A/B (concertzaal A/B)
- CHURCH (kerkzaal)
- OPERA HOUSE (operazaal)
JAZZCLUB
LIVE CONCERT
- ARENA (openlucht-auditorium)
- STADIUM (stadion)
Voor geavanceerde LEVEL menuinstellungen
Open het CUSTOMIZE menu enzet het onderdeel“MENUEXPAND”op“ON”,om toeing te krijgen tot extra parameters.
Bijzonderheden over het onderdeel "MENU EXPAND" vindt u op blz. 47.
Nadere aanwijzingen voor het instellen van de diverse parameters vindt u op blz. 54.
Klankbeelden terugstellen op de oorspronkelijke fabrieksinstellungen
1 Druk op de I/ schakelaar om de stroom uit te schakelen.
2 Houd de MODE + toets ingedrukt en druk waar op de I/ schakelaar.
De aanduiding "S.F Initialize" verschijnt in het uitleesvenster en alle klankbeelden worden teruggesteld op de oorspronkelijke fabrieksinstellungen.
Bijregelen van de equalizer-toonregeling
U kunt de klankkleur (van lage, midden- en hoge tonen) voor elke luidspreker bijregelen via het EQ menu.

In het "equalizer bank" geheugen kut u tot vrij verzillende equalizer-instelingen (EQ [1]–[5]) vastleggen, die u verrolgens onmiddelijk kut oproepen met een druk op de EQ BANK toets.
1 Start de weergave van een geluidsbron met meerkanaals-akoestiekeffecten (een DVD videodisc e.d.).
2 Druk enkele malen op de EQ BANK toets om in te stellen op een van de equalizer-klankbeelden (EQ [1]-[5]) om bij te regelen.
3 Druk op de EQ toets. Het lampje in de EQ toets Licht op en de aanduiding � < < < < EQUALIZER > > > verschijnt in het uitleesvenster.
4 Druk op de cursortoets (< of >) om een parameter te kiezen. Zie voor nadere bijzonderheden de beschrijving van de “Parameters van het EQ menu” hieronder.
5 Let op de klank van het weergegeven geluid en draai aan de instelknop om de gekozen parameter maar wens bij te regelen.
6 Herhaal de stappen 4 en 5 als u nog andere parameters wilt bijregelen.
wordtervolgd
Bijregelen van de equalizer-toonregeling (vervolg)
Parameters van het EQ menu
■ FRONT BASS XXX.X dB (Lagetonen-niveau van de voorluidsprekers)
■ FRONT MID XXX.X dB (Middentonen-niveau van de voorluidsprekers)
■ FRONT TREBLE XXX.X dB (Hogetonen-niveau van de voorluidsprekers)
CENTER BASS XXX.X dB (Lagetonen-niveau van de middenluidspreker)
CENTER MID XXX.X dB (Middentonen-niveau van de middenluidspreker)
CENTER TREBLE XXX.X dB (Hogetonen-niveau van de middenluidspreker)
SURROUND BASS XXX.X dB (Lagetonen-niveau van dechterluidsprekers)
■ SURROUND TRE. XXX.X dB (Hogetonen-niveau van dechterluidsprekers)
SUR.BACK BASS XXX.X dB (Lagetonen-niveau van de middenachterluidspreker(s))
SUR.BACK TRE. XXX.X dB (Hogetonen-niveau van de middenachterluidspreker(s))
Oorspronkelijke instelling: 0 dB
Hiermee(Int)k u de geluidssterkte bijregelen van -10dB tot +10dB , in stapjes van 0,5 dB.
Inschakelen van een vastgelegd bijregelpatroon
Druk enkele malen op de EQ BANK toets om het gewenste equalizer-klankbeeld (EQ [1]–[5])uit het geheugen te kiezen.
Stel in op "EQ [OFF]" om de klankbijregelinguit te schaken.
Wissen van een vastgelegd bijregelpatroon
1 Druk enkele malen op de EQ BANK toets om in te stellen op het equalizer-klankbeeld (EQ [1]–[5]) dat u wilt wissen.
2 Druk op de EQ toets.
3 Druk op de cursortoets (< of >) om in te stellen op "PRESET CLEAR".
4 Draai aan de instelknop, stil in op "YES" en druk dan op de ENTER toets. Ter bevestiging verschijnt er "Are you sure?" in het uitleesvenster.
5 Draai aan de instelknop, stil in op "YES" en druk dan op de ENTER toets. De instellingen van het vastgelegde bijregelpatroon worden dan uit het geheugen gewist.
Voor geavanceerde EQ menuinstellungen
Open het CUSTOMIZE menu en zet het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON", om toegang te krijgen tot extra parameters.
Bijzonderheden over het onderdeel "MENU EXPAND" vindt u op blz. 47.
Nadere aanwijzingen voor het instellen van de diverse parameters vindt u op blz. 55.
Geavanceerde instellingen
Gebruik van het CUSTOMIZE menu om de tuner/versterker precies in te stellen
U aunt diverse instellingen van de tuner/versterker via het CUSTOMIZE menu maar wens aanpassen.
1 Druk op de CUSTOMIZE toets.
Het lampje in de CUSTOMIZE toetslicht op en de aanduiding CUSTOMIZE>>> verschijnt in het uitleesvenster.
2 Druk op de cursortoets (< of >) om een parameter te kiezen.
Zie voor nadere bijzonderheden de beschrijving van de "Parameters van het CUSTOMIZE menu" hieronder.
3 Draai aan de instelknop om de gekozen parameter maar wens bij te regelen.
4 Herhaal de stappen 2 en 3 als u nog andere parameters wilt bijregelen.
Parameters van het CUSTOMIZE menu
De oorspronkelijke instelling is onderstrept aangegeven.
■ MENU EXPAND (Extra menu-installingtonen)
ON
Hiermee tonen de SET UP, SURROUND, LEVEL en EQ menu's een,aantal extra parameters, die u desgewenst=kunt bijregelen.
Nadere bijzonderheden over de extra parameters vindt u op blz. 19, 43-45 en de volgende pagina's.
OFF
Hiermee worden er geen extra parameters getoond.
■ dts 96/24DEC.
(DTS 96/24 decodeerfunctie)
- AUTO
Wanneer er nu een DTS 96/24 signalb binnenkomt, wordt het weergegeven volgens een bemonsteringsfrequentie van 96kHz
OFF
Wanner er nu een DTS 96/24 signal binnenkomt,\ wordt het weergegeven volgens een\ bemonsteringsfrequentie van 48kHz
Opmerking
Deze parameter geldt alleen in de AUTO
DECODING stand (zie blz. 34). Bij de andere klankbeelden staat deze parameter altijd "OFF" (UIT).
2CH MODE
(2-kanaals decodeerfunctie)
Met de NORMAL SURR (PLII/NEO:6) toets kurz u de gewenste 2-kanaals decodeerfunctie kiezen (zie blz.38).
Deze parameter kurz u alleen kiezen wanner er is gekozen voor NORMAL SURROUND of AUTO DECODING*. Bij de Cinema Studio EX
klankbeelden staat deze parameter.altijd ingesteld op
Nadere bijzonderheden over de diverse decodeerfuncties vindt u op blz. 38.
- De gekozen decodeerfunctie werkt alleen wanner er een Dolby Digital [Lt/Rt] signalb binnenkomt.
PROLOGIC - PLII MOVIE
- PLII MUSIC
Neo: Cinema
Neo: Music
SB DECODING
(Middenachter-decoderfunctie)
Via het CUSTOMIZE menu=kunt u instellen op de gewenste middenacter-decodeerfunctie (zie blz. 39). Nadere bijzonderheden over de diverse decodeerfuncties vindt u op blz. 39.
- AUTO
- MATRIX
OFF (UIT)
■ MULTICH1
(Toewijzing van de meerkanaals-ingangen 1)
■ MULTICH 2
(Toewijzing van de meerkanaals-ingangen 2)
Oorspronkelijke instelling: NONE (geen toewijzing)
Hiermee kurz u de audiosignalen die binnenkomen via de MULTI CHANNEL IN (1 of 2)
ingangsansluitingen toewijzen aan elke geluidsbron weergavestand, behalte aan TUNER en PHONO voor een platenspeler.
U kunt "MULTI CH 1" en "MULTI CH 2" nicht allebei toewijzen aan dezelfde geluidsbronweergavestand.
D.POwER (Stroomvoorziening van de digitale circuits)
- AUTO OFF (automatisch uitschakelend) Hierbij worden de stroomvoorziening van de digitale circuits automatisch uitgeschakeld zodia u instelt op weergave van analoge geluidssignalen via de ANALOG DIRECT OF MULTI CH DIRECT functie. Dan kunt u genieten van de zuiverste analoge muziekweergave zonder enige invloed van de digitale circuits.
- ALWAYS ON (altijd ingeschakeld)
Hierbij bijven de digitale circuits algtd ingeschakeld. Kies deze stand als u bij de "AUTO OFF" stand gehinder worden door de vertraging die optreedt bij het inschakenen van de digitale circuits, e.d.
Geavanceerde instellingen (vervolg)
V. POWER (Stroomvoorziening van de videocircuits)
- AUTO OFF (automatisch uitschakelend)
Hierbij worden de stroomvoorziening van de videocircuits automatisch uitgeschakeld zodra zich Niet更是 nodig�n. Dan kurz u genieten van de zuiverste analoge muziekweergave zonder enige invloed van de videocircuits. - ALWAYS ON (altijd ingeschakeld)
Hierbij bijyen de videocircuits altijd ingeschakeld.
Afhankelijk van de gezuike videomonitor kan er wel eens storing optreden ofervorming in de beeldweergave wonneer de videocircuits tussentijds worden ingeschakeld. In dat geval kunu beter de "ALWAYS ON" stand gezruiken.
S.FIELD LINK (Automatische klankbeeldkeuze)
ON (AAN)
Hiermee sunt u het letzst gekozen klankbeeld voor een bepaalde geluidsbron automatisch waar latent toepassen, de volgende keer dat u die geluidsbron weergeeft. Als u bijvoorbeeld het STADIUM klankbeeld kiest voor weergave van een CD/SACD en dan overschakelt maar een andere geluidsbron, zal bij het terugkerenaar de CD/SACD geluidsbron wee automatisch het STADIUM klankbeeld gelden.
OFF (UIT)
Hierbij worden nicht automatisch weer hetzelfde klankbeeld gekozen.
DECODE FORMAT
(Decodeerformaat voor digitale ingangssignalen)
Hiermee kiest u het soort decodering dat moet worden toegepast op de signalen die binnenkomen via de DIGITAL IN audio-ingangen.
- AUTO
Hierbij kan er automatisch worden overgeschakeld zusammen DTS, Dolby Digital, PCM en MPEG2 decoding.
- PCM
Hierbij worden alle doorkomende signalen verwerkt als PCM signalen. Wonneer er Dolby Digital, DTS of MPEG (enz.) signalen binnenkomen, zal er geen geluid worden weergegeven. Als zich in de "AUTO" stand het probleem vooroedt dat de weergave via de digitale audio-ingangen (van een CD e.d.) worden onderbroken wonneer het afspelen begint, schakelt u dan over maar de "PCM" stand.
AUTO FUNCTION
("Control A1: Function link" automatische geluidsbron-keuze)
ON (AAN)
Hiermee kunt u de tuner/versteker automatisch latenten instellen op de juiste geluidsbron voor een ander Sony apparaat dat is aangesloten via CONTROL A1 snoeren (zie blz. 60) zodra het afspelen van die geluidsbron worden ingeschakeld.
OFF (UIT)
In deze stand zal de automatische geluidsbron-keuze nicht werken.
2WAYREMOTE
(Tweeweg-afstandsbedieningssysteme)
ON (AAN)
In deze stand is het tweeweg-
afstandsbedieningssysteme ingeschakeld.
Gewoonlijk kunt u deze "ON" stand aanhouden.
OFF (UIT)
Om het tweeweg-afstandsbedieningssystemeuit te schakelen. Als u deze tuner/versterker samen wilt opstellen met andere componenten die ook geschikt zijn voor het tweeweg-afstandsbedieningssysteme, dient u van tevoren te kiezen voor welk apparaat u het tweeweg-afstandsbedieningssysteme wilt gebruiken.Dan zet u het tweeweg- afstandsbedieningssysteme bij dat apparaat in de "ON"stand.Bij alle andere geschikte apparaten zet u het tweeweg-afstandsbedieningssysteme in de "OFF"stand.
T.TONE (Testtoon-weergavestand)
Hiermee kiest u de weergavestand voor deluidspreker-testtoon (zie blz. 24).
NORMAL (Alle luidsprekers) In denen stand worden de testtoon automatisch door elk van de luidsprekers weergegeven.
PHASE NOISE (Testtoon-fasetest) Hiermee kurz u de testtoon latent weergeven door twee aangrenzende luidsprekers beurtelings.
PHASE AUDIO (Audio-fasetest) Hiermee kurz u een gewone geluidsbron, in plaats van de testtoon, latent weergeven door twee aangrenzende liquidsprekers beurtelings.
COLOR SYSTEM
(Kleursystem voor de
beeldschermweergave)
(Alleen de modellen met landcode CEL)
Hiermee kiest u het kleursysteme.
- NTSC
PAL
OSD COLOR
(Kleur van de aanduidingen op het scherm)
Kies hiermee of u de aanduidingen op het beeldschem in kleur, dan wel in zwart-wit wilt zien.
COLOR (kleur)
De aanduidingen verschijnen in kleur op het scherm.
- MONOCHROME (zwart-wit)
De aanduidingen verschijnen in zwart-wit op het scherm.
OSD H POSITION
(Horizontale plaats van de aanduidingen op het scherm)
Oorspronkelijke stand: 4
Hiermee kunt u de horizontale plaats kiezen voor de aanduidingen op het scherm. U kunt hiervoor een waarde van 0 tot 64 kiezen.
OSD V POSITION
(Verticale plaat van de aanduidingen op het scherm)
Oorspronkelijke stand: 4
Hiermee网点 u de verticale plaats kiezen voor de aanduidingen op het scherm. U网点 hiervoor een waarde van 0 tot 32 kiezen.
■ COMMAND MODE (Bedieningsstand van de afstandsbediening)
Hiermee kunt u de bedieningsstand van de afstandsbediening omschakelen. Dit is nuttig wanneer u twee identieke apparaten indezelfde kamer gebrukt; als de bedieningsstand van de tuner/ versterker en de afstandsbediening verschilt, za de afstandsbediening Niet werken.
AV1
AV2
NAME IN?
(Naamgeving van voorkeurzenders en geluidsbronnen)
Nadere bijzonderheden vindt u onder "Naamgeving van voorkeurzenders en geluidsbronnen" op blz. 57.
Geavanceerde parametersvan het SET UP menu
Wanneer het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON" is gezet, verschijnen alle onderstaande parameters, die u desgewenst kurz bijregelen.
Zie blz. 19 voor aanwijzingen over de SET UP menu-instellen.
De oorspronkelijke instellenen staan onderstreep aangegeven.
Alle parameters van het SET UP menu
| FRONT SP |
| CENTER SP |
| SURROUND SP |
| SURR BACK SP |
| SURR BACK L/R |
| SUB WOOFER |
| FRONT XX.X meter |
| CENTER XX.X meter |
| SURROUND XX.X meter |
| SURR BACK XX.X meter |
| SUB WOOFER XX.X meter |
| S.W PHASE* |
| DISTANCE UNIT* |
| SURR POSI.* |
| SURR HEIGHT* |
| SURR BACK HGT.* |
| FRONT SP > XXX Hz* |
| CENTER SP > XXX Hz* |
| SURROUND SP > XXX Hz* |
| SURR BACK SP > XXX Hz* |
| LFE HIGH CUT > XXX Hz* |
- Deze parameters zijn alleen instelbaar wanner het onderdeel “MENU EXPAND” op “ON” is gezet.
wordt nervolgd
Geavanceerde instellingen (vervolg)
S.W PHASE
(Fasepolariteit van de lagetonen-luidspreker)
Hiermee kurz u de fasepolariteit van de lagetonen-luidspreker omschaken.
NORMAL
Gewoonlijk kunt u deze op "NORMAL" latent staan.
- REVERSE (omgekeerd)
Soms kurz u, afhankelijk van het type voorluidsprekers, de plaatsing van de lageton-luidspreker en de grensfrequentie waarvan, met omgekeerde fasepolariteit in de "REVERSE" stand betere basweergave verkrijgen. NaastBetter gedefinierde lage tonen kan dit ook de algemene helderheid en klankrijkdom van het totaalgeluid beinvloeden. Door vanuit uw favoriete luisterplaats deze instelling op het gehoor te kiezen, kurz u de weergave optimaal aanpassen aan uw vereisten en voorkeur.
DISTANCE UNIT (Afstandseinheit)
Hiermee kurz u de afstandsmaat voor de luidsprekerafstand omschakenussen meters of Engelse voeten.
meter
Alle afstanden worden aangegeven in meters.
- feet
Alle aufstanden worden aingegeben in Engelse voeten.
SURR POSI.
(Opstelling van dechterluidsprekers)*1
Kies deutsche stand als u de darüberluidsprekers neerzet of ophangt in het schematisch aangegeven gebied A.
MIDDLE (schuin anschter)
Kies deze stand als u de weiterluidsprekers neerzet of ophangt in het schematisch aangegeven gebied 6.
BEHIND
Kies deze stand als u de darüberluidsprekers neerzet of ophangt in het schematisch aangegeven gebied
Uitleg
De keuzemogelijkheid "SURR POSI." (opstelling van dechterluidsprekers) is speciala bestemd voor de Cinema Studio EX klankbeelden.
Bij de andere klankbeelden is de luidspreker- opstelling Niet zo'n overheersende factor. Die andere klankbeelden zijn gebaseerd op de veronderstelling dat dechterluidsprekers geheel anschter de luisterplaats zonden staan of hangen, maar het klankbeeld blijft grotendeels zoals bedoeld, ook wanner dechterluidsprekers nogal opzij en ver uiteen staan. Als dechterluidsprekers links en rechtschyter pal naast de luisteraar hangen enrecht op ooorhoogte gericht zich,+kunnen de akoestiekeffecten nogal onduidelijk worden, tenzij u voor de opstellung van dechterluidsprekers de stand "SIDE" hebt gekozen.
Ook dat geldtECHter nicht in alle geallen, aangezie.
de akostiek van elke luisterruimte wordt bepaald
door een heel stel variabelen, zodat u misschien wel
bete resultaten bereikt met de "BEHIND" of
"MIDDLE" opsteling als de luidsprekers hoog boven
uw luisterplaats hangen, ook al is dat pal ter
weerszijden ervan.
Daarom kurz u wellicht het best een favoriete geluidsbron met meerkanaals Surround Sound afspelen en dan goed luisteren welk effect elke instelling op de uiteeindelijke klank heeft, ook al kan dit wel eens leiden tot een andere instelling dan hierboven aangegeven onder "Opstelling van dechterluidsprekers". Kies de stand die een fraai open, ruimtelijk gevoel oplevert, met een zo着他 mogelijk samenhangussen het geluid van de voorluidsprekers en dat van dechterluidsprekers. Als u geen duidelijke voorkeur kurzuitsprekenussen de verschillende instelleningen, kies dan de stand "BEHIND" en gebruik dan de luidsprekerafstandparameter en de geluidssterkte-instlingen om de weergave optimal af te regelen.
■ SURR HEIGHT (Hoogte van dechychterluidsprekers)*1
SURR BACK HGT. (Hoogte van de middenachterluidsprekers)*2
Met deze parameters kiest u de hoogte van uw hinterluidsprekern middenachterluidspreker(s), voor een juiste werkung van de Cinema Studio EX klankbeelden (zie blz. 35).

- LOW (laag opgesteld) Kies deze stand als uw acheerluidsprekers staan opgesteld op de schematisch aangegeven hoogte
- HIGH (hoog opgehangen)
Kies deze stand als uw darüberluidsprekers hoger staan of hangen, op de schematisch aangegeven hoogte B.
1 Deze parameter is nicht beschikbaar als voor het onderdeel "SURROUND SP" (formaat van dechterluidsprekers) de stand "NO" is gekozen (zie blz. 20).
2 Deze parameter is Niet beschikbaar als voor het "SURR BACK SP" (formaat van de middenachterluidspreker(s)) de stand "NO" is gekozen (zie blz. 21).
FRONT SP > XXX Hz (Lagetonen-filterfrequentie voor de Voorluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: STD (120 Hz)
Hiermee kiest u voor de Voorluidsprekers de grensfrequente waaronder de lage tonen worden overgebracht maar andere liquidsprekers, als voor het onderdeel "FRONT SP" (formaat van de Voorluidsprekers) de stand "SMALL" is gekozen. Deze öffentie kunt u instellen van 40Hz tot 200Hz , in stapjes van 10Hz .
CENTER SP > XXX Hz (Lagetonen-filterfrequentie voor de middenluidspreker)
Oorspronkelijke instelling: STD (120 Hz)
Hiermee kiest u voor de middenluidspreker de grensfrequentie waaronder de lage tonen worden overgebracht maar andere luidsprekers, als voor het onderdeel "CENTER SP" (formaat van de middenluidsprester) de stand "SMALL" is gekozen. Deze freiorentie kut u instellen van 40 Hz tot 200 Hz, in stapjes van 10 Hz.
Geavanceerde instellingen (vervolg)
SURROUND SP > XXX Hz (Lagetonen-filterfrequentie voor dechterluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: STD (120 Hz)
Hiermee kiest u voor dechterluidsprekers de grensfrequentie waaronder de lage tonen worden overgebracht maar andere liquidsprekers, als voor het onderdeel "SURROUND SP" (formaat van dechterluidsprekers) de stand "SMALL" is gekozen. Deze freiquentie kunt u instellen van 40Hz tot 200Hz , in stapjes van 10Hz .
SURR BACK SP > XXX Hz (Lagetonen-filterfrequentie voor de middenachterluidspreker)
Oorspronkelijke instelling: STD (120 Hz)
Hiermee kiest u voor de middenachterluidspreker de grensfrequentie waaronder de lage tonen worden overgebracht maar andere liquidsprekers, als voor het onderdeel "SURR BACK SP" (formaat van de middenachterluidsprekers) de stand "SMALL" is gekozen. Deze öffentlich kunt u instellen van 40Hz tot 200Hz , in stapjes van 10Hz .
LFE HIGH CUT > XXX Hz (Hoogfilter voor LaagFrequenEffect)
Oorspronkelijke instelling: STD (120 Hz)
Hiermee kiest u de grensfreiagentie voor het hoogfilter van het LFE lagetonen-kanaal. Gewoonlijk kunt u deze instappeling op "STD (120 Hz)" latent staan.
Als u城县 een passieve lagetonen-luidspreker met een afzonderlijke eindversterker hebt aangesloten, dan kan deze wel eens klinken met een andere grensfrequentie. InDat galskunt u de frequentie instellen van 40Hz tot 200Hz ,in stapjes van 10Hz
Geavanceerde parameters van het SURROUND menu
Wonneer het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON" is gezet, verschijnen alle onderstaande parameters, die u desgewenst kurz bijregelen.
Zie blz. 43 voor aanwijzingen over de SURROUND menu-instellen.
De oorspronkelijke instellenen staan onderstreep aangegeven.
Alle parameters van het SURROUND menu
| C.WIDTH* |
| DIMENSION* |
| PANorama MODE* |
| EFFECT LEVEL XXX % |
| WALL* |
| REVERB* |
| FRONT REVERB* |
| SCREEN DEPTH* |
| VIR.SPEAKERS* |
| SURR ENHANCER* |
| BASS GAIN XXX.X dB |
| BASS FREQ. XXX.X Hz* |
| TREBLE GAIN XXX.X dB |
| TREBLE FREQ. XXX.X Hz* |
- Deze parameters zijn alleen instelbaar wonneer het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON" is gezet.
C.WIDTH
(Breede van het middenkanaal)
Oorspronkelijke instelling: (3)
Hiermee regelt u hoe het middenkanaal moet worden verteeld bij de Dolby Pro Logic II muzzlek-type decoding (PLII MUSIC). Deze parameter is alleen instelbaar wanneer de "2CH MODE" 2-kanaals decoding is ingesteld op "PLII MUSIC" (zie blz. 38) en wanneer het NORMAL SURROUND klankbeeld is gekozen.
Het middenkanaal-signaal, dat worden geprodueerd door de Dolby Pro Logic II decoding, is hiermee te spreiden over de linker en rechter luidsprekers.
DIMENSION
(Voor/achter dimensie)
Oorspronkelijke instelling: midden (0)
Hiermee regelt u het verschilussen de voor- en achterkanalen bij de Dolby Pro Logic II muziek-type decoding (PLII MUSIC).Deze parameter is alleen instelbaar wanneer de "2CH MODE" 2-kanaals decoding is ingesteld op "PLII MUSIC" (zie blz. 38) en wanneer het NORMAL SURROUND klankbeeld is gekozen.
Hiermee kurz u het geluidsverschil tussen de voor- en城县kanalen aan wens instellen.
PANorama MODE
(Panoramische weergave)
Hiermee(Int) de akoestiek verruimen bij de Dolby Pro Logic II muziek-type decoding (PLII MUSIC). Deze parameter is alleen instelbaar wanneer er is gekoen voor "PLII MUSIC" met behulp van de NORMAL SURR (PLII/NEO:6) toets (zie blz. 38), of wanneer de "2CH MODE" 2-kanaals decoding is ingesteld op "PLII MUSIC" (zie blz. 47) en waarbij het NORMAL SURROUND klankbeeld is gekoen.
ON (AAN)
Hiermee verruimt u de akoestiek door het geluid van de voorluidsprekers verdier maar de linkerkant enaar de rechterkant van uw luisterpositie uit te breiden (panoramische weergave).
OFF (UIT)
Hiermee vindt er geen panoramicische weergaveplaats.
■ WALL (Wandbekleding)
Oorspronkelijke instelling: gemiddeld (0)
Wanner geluid weerkaatst worden door een wand die bekled is met relatief zicht materialial of door gordijnen, worden de hoge tonen verzwakt. Een hardere wandbekleding daarentegen reflecteert het geluideer gelijkmatig en zal de frequentiekarakteristiek van het geluidaarom minder sterk beinvloeden.
Deze "WALL" parameter simuleert de hardheid van de wandbekleding, door het varieren van de hoeveelheid hoge tonen. De S (soft) instelling geeft een zachte wandbekleding aan en de H (hard) insteling een harde wandbekleding, met een instelbereik van 17 stappenussen S en H. De gemiddelde stand (0) simuliert een standard halflarde wand (van hout).
REVERB (Weerkaatsing)
Oorspronkelijke instelling: gemiddeld (0)
Bij een muziekuitvoering zal het geluid altijd een aantal malen—heen en weeer kaatsen tussen de linker en rechter wanden, het plafond en de vloer, vór het onceoren bereikt. Hoe groter de ruimte, des te langer zullen de weerkaatsingen duren.
Met deze "REVERB" parameter=kunt u de tijdsduur van de vroege werkkaatsingen bijregelen om zo een grotere (L) of een Kleinere (S) ruimte te simuleren, met een instelbereik van 17 stappenussen S en L. De gemiddelde stand (0) simuleelerteen staandaard ruimte, zonder bijstelling.
■ FRONT REVERB (Voorkant-Weekkaatsing)
Deze parameter dient special voor het "D.CONCERT HALL A/B" krankbeeld (zie blz. 36). Met deze parameter bepaalt u of er wel of geen nagalm moet worden toegevoedg aan de weergave via de voorluidsprekers, afhankelijk van de eigen nagalm dia al aanwezig is in de weergevegen geluidsbron.
- DRY (droge klank)
Voor minder nagalm via de voorluidsprekers. - STD (gemiddeld)
Gewoonlijk kurz u deze "STD" stand aanhouden.
WET (minder droge klank)
Omnegalmtoe te voegen aan de voorluidsprekers.
SCREEN DEPTH (Schermdiepte)
Deze parameter dient om in uw luisterkamer hetzelfde effect te bereiken als in een bioscoop, met de indruk alsof het geluid direct komt vanuit het scherm, van de personages en de beelden die op het scherm verschijnen.
OFF (UIT)
Geen enkele schermdiepte-simulering.
- MID (gemiddeld)
Gewoonlijk kurz u deze "MID" stand aanhonden.
- DEEP
Hiermee verwirktigt u het klankbeeld van een bijzonder groot scherm met een enorme diepte.
Geavanceerde instellingen (vervolg)
■ VIR.SPEAKERS (Virtuele luidsprekers)
Deze parameter dient special voor de Cinema Studio EX klankbeelden (zie blz. 35).
ON (AAN)
Voor de simulatie van virtuele luidspekers.
OFF (UIT)
Om geen gebruik te make n van virtuele luidsprekers.
SURR ENHANCER (Akoestiekverruiming)
Deze parameter dient special voor de Cinema Studio EX klankbeelden (zie blz. 35).
Met deze akoestiekverruiming kunt u het klankbeeld verbreten op basis van het Surround Sound kanaal, ook als dat slechts een mono kanaal is.
ON (AAN)
Voor automatische toepassing van dit effect op geluidsbronnen met Dolby Pro Logic, Dolby Digital [2/1] of [3/1] of dts [2/1] of [3/1] (enz.) geluid en een mono Surround Sound kanaal.
OFF (UIT)
Om geen akoestiekverruiming toe te passen.
BASS FREQ. XXX.X Hz (Basfrequentie van de equalizer-toonregeling)
Oorspronkelijke instelling: 250Hz
In gegenstellung tot de grafiek-toonregeling van het EQ equalizer-menu (waarmee u de totale klank van elk stel luidsprekters kunt bijregelen),maakt deze parameter het möglichk de freqeatie van de lage tonen voor elk klankbeeld afzonderlijk bij te regelen. Hiermee kunt u de lage toneen bijregelen van 99Hz tot 1,0kHz in 21 stapjes.
TREBLE FREQ. XXX.X Hz (Hogetonenfrequentie van de equalizertoonregeling)
Oorspronkelijke instelling: 2.5kHz
In gegenstellung tot de grafiek-toonregeling van het EQ equalizer-menu (waarmee u de totale klank van elk stel luidsprekers kunt bijregelen), maakt deze parameter het möglichk de frequente van de hoge tonen voor elk klankbeeld afzonderlijk bij te regelen. Hiermee kunt u de hoge tonen bijregelen van 1,0 kHz tot 10,0 kHz, in 23 stapjes.
Geavanceerde parameters van het LEVEL menu
Wonneer het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON" is gezet, verschijnen alle onderstaande parameters, die u desgewenst kurz bijregelen.
Zie blz. 44 voor aanwijzingen over de LEVEL menu-instellen.
De oorspronkelijke instellenen staan onderstreep aangegeven.
Alle parameters van het LEVEL menu
| TEST TONE |
| FRONT L_I_R |
| CENTER XXX.X dB |
| SURROUND L XXX.X dB |
| SURROUND R XXX.X dB |
| SURR BACK XXX.X dB |
| SURR BACK L XXX.X dB |
| SURR BACK R XXX.X dB |
| S.WOOFER XXX.X dB |
| MULTI CH 1 SW XXX dB |
| MULTI CH 2 SW XXX dB |
| LFE MIX LEVEL XXX.X dB* |
| D.RANGE COMP.* |
- Deze parameters zijn alleen instelbaar wonneer het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON" is gezet.
LFE MIX LEVEL XXX.X dB (LaagFrequent-Effect meng niveau)
Oorspronkelijke instelling: 0 dB Met deze parameter kurz u de geluidssterkte bijregelen van het afzonderlijke LFE (Low Frequency Effect) kanaal dat wordt weergegeven via de lagetonen-luidspreker, zonder hierbij de gewone lage tonen te beinvloeden die door de Dolby Digital of DTS basverdelingscircuits van de voor-, midden- en achterkanalen worden overgeheveld maar deAPE lagetonen-luidspreker. Het niveau is instelbaar van -20dB tot 0dB (lijniveau) in stapjes van O,5 dB. In de "0 dB" stand wordt het volledige LFE signaal weergevegen met het meng niveau gekozen door opnametechnicus. Bij keuze van de "OFF" stand wordt het geluid van het LFE kanaal door de lagetonen-luidspreker gedempt. De lage tonen van de voor-, midden- en achterkanalen die door de basverdelingscircuits worden overgeheveld maar de lagetonen-luidspreker worden echter wel weergegeven, volgens de keuze gemaakt voor elk liquidsprekerpaar bij de liquidspreker-instellingen (zie blz.19-21).
D.RANGE COMP.
(Compressie van het dynamisch bereik)
Hiermee kurz u het dynamisch bereik van een speelfilm-geluidsspoor comprimeren, dus verkleinen. Dit kan handig om's avonds maar een speelfilm te bekijken; met het geluid zacht behoudt u toch een rijke, volle klank.
OFF (UIT)
Hierbij worden het geluidsspoor normala weergegeven, zonder compressie.
0.1-0.9
Hiermee kunt u het dynamisch bereik geleidelijk steeds verder comprimeren, om precies het gewenste effect te bereiken.
- STD (gemiddeld)
Hierbij wordt het geluidsspoor weergegeven met het volledig dynamisch bereik, zoals gekozen door de opnamestudio-technicus.
MAX (maximale compressie)
Hiermee wordt het dynamisch bereik drastisch beperkt.
Tip
Met de "D.RANGE COMP." dynamiekcompressie kurz uijdens weergave het dynamisch bereik van een speelfilm-geluidsspoor comprimeren volgens de dynamiek-informatie verrat in het Dolby Digital signaal. "STD" geeft een gemiddelde compressie, maar,ondat de meeste geluidsbronnen slechts een geringe compressie hebben,zult u waarschijnlijk weinig verschil bemerken met de standen 0,1-0,9. Daarom+kunne we u aanbevelen de MAX' compressie te gebruiken.Hiermee worden het dynamisch bereik drastisch beperkt, zodat u zonder bezwaar ook's avonds laut kurz genieten van een speelfilm met zich ingesteld geluid. In gegenstelling tot analoge compressiefuncties zijn de niveaus hierbij vooraf bepaald, voor een naturulijk klinkende compressie.
Opmerkingen
- De compressie van het dynamisch bereik is alleen möglichk met Dolby Digital geluidsbronnen.
- Wanneer u de NIGHT MODE weergavestand inschakelt, worden de D.RANGE COMP., dynamiekcompressie automatisch ingesteld op MAX, een installing die u Niet kurz veranderen.
Geavanceerde parameters van het EQ menu
Wonneer het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON" is gezet, verschijnen alle onderstaande parameters, die u desgewenst kurz bijregelen.
Zie blz. 45 voor aanwijzingen over de EQ menu-instellen.
De oorspronkelijke instellenen staan onderstreep aangegeven.
Alle parameters van het EQ menu
- Deze parameters zijn alleen instelbaar wonneer het onderdeel "MENU EXPAND" op "ON" is gezet.
Geavanceerde instellingen (vervolg)
FRONT BASS XXX Hz
(Lagetonen-frequentie van de voorluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: 250Hz Instelhaar van 99Hz tot 1,0kHz in 21 stapjes.
FRONT MID XXX Hz
(Middentonen-frequentie van de voorluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: 1,0kHz
Instelbaar van 198Hz tot 10kHz in 37 stapjes.
■ FRONT MID
(Middentonen-bandbreedte van de voorluidsprekers)
- WIDE (breed)
Geeft een breed middentonenbereik rond de gekozen middenfrequente, voor een algemene klankbijregeling.
- MID (gemiddeld)
Geeft een normal middentonenbereik.
NARR (smal)
Geeft een smal middentonenbereik rond de gekozen middenfrequentie, voor meer specifieke klangcorrecties.
FRONT TREBLE XXX Hz
(Hogetonen-frequentie van de voorluidsprekers)
Oorspronkelijke installing: 2,5kHz
Instelbaar van 1,0kHz tot 10kHz in 23 stapjes.
CENTER BASS XXX Hz
(Lagetonen-frequentie van de middenluidspreker)
Oorspronkelijke instelling: 250Hz
Instelbaar van 99Hz tot 1,0kHz in 21 stapjes.
CENTER MID XXX Hz
(Middentonen-frequentie van de middenluidspreker)
Oorspronkelijke instelling: 1,0kHz
Instelbaar van 198Hz tot 10kHz in 37 stapjes.
CENTER MID
(Middentonen-bandbreedte van de middenluidspreker)
- WIDE (breed)
Geeft een breed middentonenbereik rond de gekozen middenfrequentie, voor een algemene klankbijregeling.
- MID (gemiddeld)
Geeft een normal middentonenbereik.
NARR (smal)
Geeft een smal middentonenbereik rond de gekozen middenfrequentie, voor meer specifieke klangcorrecties.
CENTER TREBLE XXX Hz (Hogetonen-frequentie van middenluidspreker)
Oorspronkelijke instelling: 2,5kHz
Instelbaar van 1,0kHz tot 10kHz in 23 stapjes.
SURROUND BASS XXX Hz (Lagetonen-frequentie van dchterluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: 250Hz
Instelbaar van 99Hz tot 1,0kHz in 21 stapjes.
■ SURROUND TRE. XXX Hz (Hogetonen-frequentie van dechterluidsprekers)
Oorspronkelijke instelling: 2,5kHz
Instelbaar van 1,0kHz to 10kHz in 23 stapjes.
SUR.BACK BASS XXX Hz (Lagetonen-frequentie van de middenachterluidspreker(s))
Oorspronkelijke instelling: 250Hz
Instelbaar van 99Hz tot 1,0kHz in 21 stapjes.
SUR.BACK TRE. XXX Hz (Hogetonen-frequentie van de middenachterluidspreker(s))
Oorspronkelijke instelling: 2,5kHz
Instelbaar van 1,0kHz tot 10kHz in 23 stapjes.
Naamgeving van voorkeurzenders en geluidsbronnen
U kunt een zelf gekozen naam van maximaal 8 letters kiezen voor elk van uw voorkeurzenders en geluidsbronnen, om bij weergave die naam in het uitleesvenster van de tuner/versterker te zien.
1 Naamgeving van een voorkeurzender
Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op TUNER en stem dan af op de voorkeurzender waarvoor u een zich gekozen naam wilt invoeren (zie blz. 28).
Naamgeving van een geluidsbron Draai aan de FUNCTION knop om in te stellen op de geluidsbron waarvoor u een zich gekozen naam wilt invoeren.
2 Druk op de CUSTOMIZE toets.
Het lampje in de CUSTOMIZE toetslicht op en de aanduiding CUSTOMIZE>>> verschijnt in het uitleesvenster.
3 Druk op de cursortoets (>) om in te stellen op "NAME IN?".
De naam van de voorkeurzender of de geluidsbron knippert.
4 Druk op de ENTER toets.
De cursor gaat knipperen en nu kunt u een letterteken kiezen.
5 Voer de gewenste naam in met de instelknop en de cursortoetsen (<en> , als volgt.
Draai aan de instelknop om een letterteken te kiezen en druk dan op de (> toets om de cursor op deplaats van de volgende letter tezetten.
Tips
- Met behulp van de instelknop kiest u als volgt het gewenste soort letterteken. Alfabet (hoofdletters) Alfabet (kleine letters) Cijfers Symbolen
- Voor het invoegen van een spatie, draait u aan de instelknop tot er een spatie in het uitleesvenster verschijnt.
- Bij een vergissing in de letterkeuze, drukt u net zovaak op de cursortoets (< of >) tot de onjuiste letter gaat knipperen en dan draait u aan de instelknop om het juiste letterteken te kiezen.
6 Druk op de ENTER toets.
Uw gekozen naam worden nu in het geheugen vastgelegd.
7 Om nog voor andere voorkeurzenders en geluidsbronnen zich gekozen names in te voeren, herhaalt u de stappen 1 t/m 6.
Opmerking (alleen voor de modellen met landcode CEL)
Als u selbst een zendernaam kiest voor een RDS radiozender, zal bij afstemmen Niet de door u gekozen naam verschijnen maar de officiele PS (Program Service) zendaernaam. (Elke naam die u voor een dergelijkke zender kiest, zal worden overschreiben Door de officiele PS zendaernaam.)
Automatisch uitschakelen met de sluimerfunctie
U kurz de tunes/versterker automatisch latent uitschaken na een tijdsduur die u zich kiest met de afstandsbediening, zodat u gerust met muziek in slaap kurz vallen.
Zie voor nadere aanwijzingen de bij uw afstandsbediening geleverde gebruiksaanwijzing.
Kies enkele malen het onderdeel SLEEPuit het RECEIVER menu terwijl de tuner/versterker staat ingeschakeld.
Telkens wanner u de SLEEP toets aanraakt of indrukt, verspringt de aanduiding van de sluimertijd als volgt.
$$ \begin{array}{l}2: 0 0: 0 0 \rightarrow 1: 3 0: 0 0 \rightarrow 1: 0 0: 0 0 \rightarrow 0: 3 0: 0 0 \rightarrow\\text {O F F (g e a n n u l e e r d)}\end{array} $$
Nadat u de sluimertijd hebt ingesteld, blijft de aanduiding "SLEEP" branden in het uitleesvenster.
Alleen voor de modellen met landcode TW, KR
U kunt ook de SLEEP toets op de tuner/ versterker zich gefbruiken.
Tip
Om de resterende sluimertijd tot het uitschakelen van de tuner/versterker te controleren, stelt u in op SLEEP de drukt u op de SLEEP toets. Dan verschijnt in het uitleesvenster dearendt tot het automatisch uitschakelen.
Keuze van het Iuidsprekersysteme
Met de SPEAKERS keuzeschakelaar(Int) kiezen welk stel voorluidsprekers u wilt gebruiken.
| Stel in op | Om te luisteren maar |
| A | De luidsprekers die+zijn aangesloten op de FRONT SPEAKERS A aansluitbussen. |
| B | De luidsprekers die+zijn aangesloten op de FRONT SPEAKERS B aansluitbussen. |
| A+B* | De luidsprekers die+zijn aangesloten op zowel de FRONT SPEAKERS A als B aansluitbussen (in parallelle verbinding).Hierbij worden automaticisch ingesteld op het 2CH STEREO klankbeeld. |
| OFF (UIT) | Geen weergave via de luidsprekers. |
- Sluit alleen voorluidsprekers met een nominale impedantie van 8 ohm of hoger aan als u wilt luisteren waar beiden luidsprekkerpen tegelijk (A+B). Zet in it de gestal tevens de IMPEDANCE SELECTOR schakelaar in de “4Ω” stand.
Opnemen
Alvorens u gaat opnemen, dient u eerst nog even te controleren of alle aansluitingen in orde zich.
Opnemen op een audiocassette of minidisc
Via deze tuner/versterker kurz u geluidsbronnen opnemen op cassette of op minidisc. Zie voor nadere aanwijzingen tevens de gebruiksaanwijzing van uw cassettedeck of minidisc-recorder.
1 Stel in op de geluidsbron die u wilt opnemen.
2 Breng het weergave-apparaat in gereedheid voor afspelen.
Plaats bijvoorbeeld de op te nemen compact disc in de CD-speler.
3 Plaats een voor opnemen geschikte cassette of minidisc in het opnameapparaat en stel zo nodig het opnameniveau in.
4 Start het opnemen op het opname-apparaat en start dan de weergave van de geluidsbron.
Opmerkingen
- U kunt geen digitale geluidssignalen opnemen met een opname-apparaat dat is aangesloten op de analoge TAPE OUT of MD/DAT OUT aansluitingen. Voor het opnemen van digitale signalen zult u een digitaal opname-apparaat moeten aansluiten op de DIGITAL MD/DAT OUT aansluitingen.
- De instellingen die u voor weergave maakt zichn Niet van invloed op de signalen die worden doorgegeven via de TAPE OUT of MD/DAT OUT aansluitingen.
- De analoge geluidssignalen van de gekozen geluidsbron wordenuitgestuurd via DEC OUT aansluitingen.
- De geluidssignalen die binnenkomen via de MULTI CHANNEL IN aansluitingen worden nicht doorgegeven via de REC OUT aansluitingen, ook nicht wannaeer er is ingesteld op MULTI CH DIRECT weergave. Alleen de analoge geluidssignalen van de voor weergave gekozen geluidsbron worden uitgestuurd.
- Er worden geen geluidssignalen doorgengeven via de DIGITAL OUT aansluitingen (MD/DAT OPTICAL OUT) wanneur instelt op ANALOG DIRECT weergave. De digitale circuits worden buten de signaalbaan geschakeld, voor een zo zuiver möglichke geluidskwaliteit, wanneer de "D.POwER" stroomvoorziening in de "AUTO OFF" stand staat.
Opnemen op een videocassette
Met deze tuner/versterkerkestu beelden opnemen vanaf een videorecorder,TV of laserdisc-speler.Ook bestaat de mogelijkheid omijdens kopiieren of monteren van videoopnamen een nieuw geluidsspoor in te voegen vanaf een geluidsbronaar keuze.Zie voor nadere bijzonderheden de gebruiksaanwijzing van uw videorecorder of laserdisc-speler.
1 Stel in op de beeld/geluidsbron die u wilt opnemen.
2 Breng het weergave-apparaat in gereedheid voor aftspelen.
Plaats bijvoorbeeld de op te nemen laserdisc in de laserdisc-speler.
3 Plaats een voor opnemen geschikte videocassette in de videorecorder (VIDEO 1 of VIDEO 2) die u voor opnemen gezruikt.
4 Start het opnemen op de opname-videorecorder en start dan de weergave van de videocassette of de laserdisc die u wilt opnemen.
Tip
Tijdens kopieren of monteren van video-opnamen vanaf een videocassette of laserdisc sunt u een/New geluidsspoor invoegen vanaf een geluidsbronnaar keuze. Zoek op de videoband het punt op waar u het neuegeluid wilt invoegen, stel in op de geluidsbron en start de weergaveaarvan. Het geluid van het gekozen weergaveapparaat zaop het geluidsspoor van de videoband worden opgenomen in plaats van het oorspronkelijke geluidsspoor. Om terug te keren aan het oorspronkelijke geluidsspoor voor de rest van de video-opnamen, stelt u opdezelfde wijzeeerin op de video-geluidsbron.
Opmerkingen
- Digitale geluidssignalen können nicht worden opogenomen met opname-apparatuur die is aangesloten op de analoge VIDEO 1 OUT of VIDEO 2 OUT stekkerbussen.
- Zorg dat er zowel digitale als analoge aansluitingen zijn gemaakt op de TV/SAT en DVD/LD ingangen. Het is nicht möglich analoge opnamen to make als er alleen digitale aansluitingen zijn gemaakt.
- Bepaalde geluidsbronnen können zijn voorzien van een kopierbeveiliging die het opnemen blokkeert. Een dergelijkere geluidsbron zult u Nietlopen opnemen.
- De analoge geluidssignalen van de gekozen geluidsbron worden uitgestuurd via de REC OUT aansluitingen.
- De geluidssignalen die binnenkomen via de MULTI CHANNEL IN aansluitingen worden nicht doorgegeven via de REC OUT aansluitingen, ook nicht wonneer er is ingesteld op MULTI CH DIRECT weergave. Allen de analoge geluidssignalen van de voor weergave gekozen geluidsbron worden uitgestuurd.

Gebruik van het CONTROL A1 II bedieningssysteme
Om te beginnen
In deze paragrafen worden de primaire functies van het CONTROL A1 II bedieningssysteme beschreiben. Bepaalde stereo-apparatuurieldspeciale functies, zoals bijvoorbeeld de "CD synchroon-opname" van cassettecks, die afhankelijk zijn van CONTROL A1 II aansluitingen. Nadere aanwijzingen betreffende dergelijkke speciale functies vindt u in de gebruiksaanwijzingen van de betreffende apparatuur.
Het CONTROL A1 II bedieningsystemeerd ontwikkeld om de bediening van een stereoinstallatie bestaande uit afzonderlijke Sony componenten te vereenvoudigen. De CONTROL A1 II aansluitingen zijn in staat tot het doorgeven van bedieningsignalen voor diverse automatische functies die gewoonlijk alleen beschikbaar zijn in volledig geintegreerde systemen.
Op dit moment bildeden de CONTROL A1 II aansluitingen:tussen een Sony CD-speler, versterker(oftuner/versterker),minidisc- recorder en cassettedeck de mogelijkheid van automatische geluidsbronkeuze en gesynchroniseerd opnemen.
In de toekomst zal het CONTROL A1 II aansluitsysteme gaan fungeren als een multifunctionele aansluitbus, waarkee u allerlei functies van verschillende componenten volautomatisch zult hunnen bedieren.
Opmerkingen
- Het CONTROL A1II bedieningssystem is zo ontworpen dat er geleidelijkmeer en更高的 functies aan kannen worden toegevoegd. Dat betekent echter nicht dat de neweste functies ook beschikkaar zullen zich op de aangeslotenoudere apparatusur.
- Gebruik geen tweeweg-afstandsbediening wonneer de CONTROL A1II aansluitingen via een PC-interface aansluitset zich verbonden met een personal computer waarop het "MD Editor" programme of een soortgelijk toepassingsprogramma draait. Gebruik ook de aangesloten apparatuur Niet op een manier die nicht overeenkomt met de functies van het toepassingsprogramma, want dan kan het programme zichnier behoren werken.
Overeenkomsten tussen CONTROL A1I en CONTROL A1
Het CONTROL A1 bedieningsysteme is
uitgebracht in een vernieuwde versie, CONTROL
A1II genaamd, hetgen het standard
bedieningsysteme is voor de Sony 300-disc CD
wisselaar en andere recente Sony apparatuur.
Componenten met CONTROL A1
bedieningsaansluitingen en die met CONTROL
A1II aansluitingen zijn onderling te verbinden en
samen te gebruiken. In principe zich de meeste
functies van het CONTROL A1
bedieningsysteme ook beschikbaar in het neue
CONTROL A1II bedieningssysteme.
Bij een onderlinge verbinding:tussen componenten
met CONTROL A1 aansluitingen en die met
CONTROL A1II aansluitingen kan het eenat
bischikbare bedieningsfuncties echter beperkt
zijn, afhankelijk van de aangesloten apparatuur.
Zie voor nadere bijzonderheden de
gebruiksanawijzingen van de aangesloten
apparatuur.
CONTROL A1 II aansluitingen
- Als u beschikt over een Sony CD-speler, Super Audio CD-speler, cassettedeck of minidisc-recorder die geschikt is voor het CONTROL A1 II bedieningssysteme
Gebruik een CONTROL A1 aansluitsnoor (met ministekkers) (niet bijgeleverd) om de CONTROL A1 II aansluiting van uw CD-speler, Super Audio CD-speler, cassettedeck of minidisc-recorder te verbinden met de CONTROL A1 II aansluiting van deze tuner/versterker. Zie voor nadere bijzonderhedeen aanwijzingen op blz. 60 en tevens de gebruiksaanwijzing van uw CD-speler, Super Audio CD-speler, cassettedeck of minidisc-recorder.
Opmerking
Als u de CONTROL A1II aansluitingen maakt van de tuner/versteker maar een minidisc-Recorder die ook is aangesloten op een computer, mag u de tuner/versteker Niet bedieren terwijl het "Sony MD Editor"programma loopt. Anders kan er van alles mis gaan.
- Als u beschikt over een CD-wisselaar met een COMMAND MODE keuzeschakelaar
Als de COMMAND MODE schakelaar van uw CD-wisselaar kan worden ingesteld op CD 1, CD 2 of CD 3,zet u deze dan in de "CD 1" stand en sluit de CD-wisselaar aan op de CD ingangen van de tuner/versterker. Als u城县en Sony CD-wisselaar met VIDEO OUT aansluitingen heeft, dan u zet de COMMAND MODE schakelaar in de "CD 2"stand en sluit u de CD-wisselaar aan op de VIDEO 2 ingangen van de tuner/ versterker.
Aansluitingen
Verbind met behulp van mono snoeren met (2-polige) ministekkers de CONTROL A1 II aansluitingen op het achterpaneel van elk apparaat in serie door. Zo kurz u maximaal 10 componenten die geschikt zichoor het CONTROL A1 II systeem onderling doorverbinden, in elke gewenste volgorde. Van elk type apparaat kurz u erECHTER slechts eén tegelijk aansluiten (dus slechts 1 CD-speler, 1 minidisc-recorder, 1 cassettedeck en 1 tuner/ versterker).
(Afhankelijk van het model kan het wel eens möglichk zijn更是 dan een compact disc spelere of minidisc-speler aan te sluiten. Zie voor nadere bijzonderheden de gebruiksaanwijzing van de betreffende componenten.)
Voorbeeld

Bij het CONTROL A1 II bedieningssystem verlopen de bedieningssignalen beiden kanten op, dus er is geen verschil tussen IN en OUT aansluitingen. Als een component meer dan een CONTROL A1 II aansluiting heeft, kutu maar keuze een hiervan gebruiken, of op elk ervan een verschillende geluidscomponent aansluiten.
CONTROL A1II bedieningssysteme (vervolg)
Aansluitbussen en aansluitvoorbeelden

BetreffendeoudereCONTROLA1 aansluitingen
U kunt zonder probleem alle CONTROL A1 aansluitingen verbinden met de neuewere CONTROL A1II aansluitingen. Voor nadere bijzonderheden over de wijze van aansluiten en de mogelijkheden worden u verwizen maar de gebruiksaanwijzingen van de aangesloten apparatuur.
Betreffende de aansluitsnoren
Bij bepaalde componenten die geschikt zich voor het CONTROL A1 system verwart een aansluijsnoer bijgeleverd. Dan(Intu dat snoer voor het aansluielen gebruiken.
Beschikt u Niet over een dergelijk bijgeleverd snoer, gebruik dan een los in de audiohandel verkrijngbaar ministekker-snoer van minder dan 2 meter lenghte met 2-polige (mono) ministekkers, zonder waarstand.
Basis-bedieningsfuncties
De CONTROL A1 II bedieningsfuncties zullen werken zolang de te bedieren component(en) is/zijn ingeschakeld, ook al staan de andere aangesloten componenten alle uitgeschakeld.
Automatische geluidsbronkeuze
Als u een voor het CONTROL A1 II systeme geschikte Sony versterker (of tuner/versterker) hebt aangesloten op andere Sony componenten via mono ministekker-snoeren, dan zal de geluidsbron-keuzeschakelaar van de versterker (of tuner/versterker) automatisch instellen op de juiste geluidsbron, zodra u op de weergavetoets van een van de aangesloten componenten drukt.
Opmerkingen
- Er要去 een voor het CONTROL A1 systeme geschiktte Sony versterker (of tuner/versterker) zijn aangesloten via mono ministekker-snoeren om de automatische geluidsbron-keuze te konnen gebruiken.
- Deze automatische geluidsbron-keuze werkkt alleen als de componenten+zijn aangesloten op de ingangsansluitingen van de versterker (of tuner/versterker) die overeenkomen met de namev an de geluidsbron-keuzetootsen. Op bepaalde tunes/versterkers kun t de namev an de geluidsbron-keuzetoetsen omschaken.Zie in dat geval voor nadere bijzonderheden de gebruiksaanwijzing van de tunes/versterker.
Tijdens het opnemen=kunt u better Niet het afspelen starten van een andere component dan de opnamebron. Hierdoor zou namelijk de automatische geluidsbron-keuze overschakelen op de andere component.
Synchroon-opnamefunctie
Met denen functie kunt u automatisch de weergave van de gekozen geluidsbron en de opname op een andere component tegelijk starten.
1 Stel de geluidsbron-keuzeschakelaar van de versterker (of tuner/versterker) in op de geluidsbron voor weergave.
2 Zet de geluidsbron in de weergavepauzestand (let op dat het en het I lampje allebei oplichen).
3 Zet het opname-apparaat in de opnamepauzestand (REC-PAUSE).
4 Druk op de PAUSE toets van het opname-apparaat.
De geluidsbron schakelt van de pauzstand over op weergave en even later begint automatisch het opnemen.
Wanneer de weergave van de geluidsbron eindigt, za het opnemen ook automatisch stoppen.
Opmerkingen
- Zet nicht mehr dan een geluidsbron tegelijk in de weergavepuazestand.
- Bepaalde opname-componenten beschikken over een speciale synchroon-opnamefunctie op basis van het CONTROL A1II bedieningssysteme, zoals de "CD synchroon-opname" op cassettecks. Zie voor nadere bijzonderheden waaromtrent de bij uw opname-apparaat geleverde gebruksaanwijzing.
Voorzorgsmaatregelen
Veiligheid
Mocht er vloeistof een voorwerp in het apparaat terechtkomen, trekt u dan de stekker van de tuner/ versterkeruit het stopcontact en LAST het apparaat eerst nakijken door bevoegt vampersoneel, alvorens het weeer in gebruik te nemen.
Stroomvoorziening
- Controleer, alvorens de tunes/versterker in gebruik te nemen, of de bedrijfspanning van het apparaat overeenkomt met de plaatselijke netspanning. De bedrijfspanning staat vermeld op het naamplaatje op hetchyterpaneel van de tuneur/versterker.
Zolang de stekker van het netsnoer in het stopcontact zit, blijf er spanning op het apparatusaat staan, ook al is de tuner/versterker zich uitgeschakeld.
Trek de stekker uit het stopcontact wonneer u denkt de tuner/versteker geruime vrij te ijnt te gebruiken. Pak de stekker vast om dieze uit het stopcontact te trekken; trek nooit aan het snoer. - Mocht het nodig zijn het netsnoer de stekker te verrangen,That dit dan uitsluitend bij een erkende vakhandel verrichten.
Hitte in het inwendige
Alhoewel het apparaatijdens gelebruik nogal warm kan worden, wijst dat Niet op storing in de werking. Vooral bij afspelen op hoog volume kunnen de boven-, onderen zichpanelen na verloop vanijd heel worden. Pas hiervoor op en raak de behuizing liever Niet aan.
Opstelling
Zet de tuner/versterker op een goed geventileerde plaats, met voldoende lucktdoorstroming om de inwendige onderdelen te koelen, in het belang van een langdurige betrouwbare werkung.
- Plaats de tuner/versterker Niet dichtt bij een warmtebron of in direct zonlicht. Vermijdplaatsen met veel stof, vocht en mechanische trillingen of schokken.
- Zet niets bovenop het apparaat dat de ventilatieopeningen aan de bovenszijde kan blokkeren, in hetbelang van een storingsvrije werking.
Aansluiten
Voor het makesen enige aansluiting, schakelt u eerst de tuner/versterker uit en trekt u de stekker uit het stopcontact.
Schoonmaken
Reinig de behuizing, het Voorpaneel en de bedieningsorganen met een zachte doek,licht bevochtig met wat wilde vloeibare zoep. Gebruik geen schuurspons of schuirmiddelen en ook geen oplosmidden Zoals wasbenzine of alcohol (spiritus).
Mocht u verder nog vragen of problemen met de bediending van de tuner/versterker hebben, aarzel dan Niet contact op te nemen met de dichtstbijzijnde Sony handelaar.
Verhelpen van storingen
Als bij het gebruik van de tuner/versterker een van de volgende problemen zich voordoet, neemt u dan de controlepunten even door om het probleem te verhelpen. Mocht de storing Niet zo gemakkelijk te verhelpen zijn, raadpleeg dan a.u.b. de dichtstbijzijnde Sony handelaar.
Er worden geen geluid weergegeven, van geen enkele geluidsbron.
- Controleer of de tuner/versterker en de andere apparaten allemaal zich ingeschakeld.
- Controller of de MASTER VOLUME knop nicht in de - dB stand staat.
- Let op dat de SPEAKERS keuzeschakelaar nicht op OFF staat (zie blz. 58).
- Controller of alle luidsprekers en andere apparaten juist en stevig zich aangesloten.
- Druk op de MUTING toets om de geluiddempinguit te schakelen.
De aanduiding "Not PCM" Licht op in het uitleesvenster en er wordt geen geluid weergegeven.
- Zet het menu-onderdeel "DECODE FORMAT" op "AUTO" in het CUSTOMIZE menu (zie blz. 48).
Een bepaalde geluidsbron is nicht te horen.
- Controller of de geluidsbron juist is aangesloten op de audio-ingangen voor het betreffende apparaat.
- Controleer of alle stekkers van de aansluitsnoeren stevig in de stekkerbussen zitten, zowel bij de tuner/versterker als bij het geluidsbron-apparaat zich.
Er kommt geen geluid uit een van de voorluidsprekers.
- Sluit een hoofdtelefoon aan op de PHONES stekkerbus om te controlenen of de hoofdtelefoon wel goed geluid geeft.
Als ook bij de aangesloten hoofdtelefoon slechts via een kanaal geluid te horen is, kan er iets mis zijn met de aansluitingen van het weergaveapparaat op de tuner/versterker. Controller dan of alle stekkers van het aansluitsnoer aan beiden zichden, op de tuner/versterker en de gelduidsbron zichl, stevig in de stekkerbussen zijn gestoken.
Als de hoofdtelefoon wel via beiden kanalen geluid geeft, kan er iota's mis zich met de aansluiting van de Niet werkende luidspreker op de tuner/versterker. Controller dan de aansluitingen van de luidspreker die geen geluid geeft.
Er klinkt nicht of nauwelijks geluid.
- Controller of alle luidsprekers en andere apparaten juist en stevig় aangesloten.
- Controller of de tuner/versterker wel is ingesteld op de juiste geluidsbron.
- Controller of de SPEAKERS keuzeschakelaar wel in de OFF stand staat (zie blz. 58).
- Controller of er geen hoofdtelefoon is aangesloten.
- Druk op de MUTING toets om de geluiddempinguit te schakelen.
- Het beveiligingscircuit van de tuner/versterker is in werkig getreden, vanwege kortsluiting. Schakel de tuner/versterker uit, verhelp de kortsluiting en schakel het apparaat wee in.
- Als alle geluid erg zacht klinkt, controller dan of het NIGHT MODE klankbeeld nicht is ingeschakeld (zie blz. 38).
Er klinkt geen geluid bij afspelen van een analoge 2-kanaals geluidsbron.
- Controller of er nicht met de AUDIO SPLIT functie de audio-ingangsstand van een andere geluidsbron is toegewezen aan de gekozen geluidsbron (zie blz. 41).
- Controller of de INPUT MODE ingangskeuze nicht staat ingesteld op "COAXIAL FIXED" of "OPTICAL FIXED" (zie blz. 42).
- Controller of er nicht is gekozen voor "MULTI CH 1 DIRECT" of "MULTI CH 2 DIRECT" met behulp van de MULTI CH DIRECT keuzetoets.
- Controller of de meerkanaals-toewijzing ("MULTI CH 1" of "MULTI CH 2" in het CUSTOMIZE menu) Niet is toegepast voor de gekozen geluidsbron (zie blz. 47).
Er klinkt geen geluid bij afspelen van een digitale geluidsbron (aangesloten op de COAXIAL of OPTICAL ingangsansluiting).
- Controller of er nicht met de AUDIO SPLIT functie de audio-ingangsstand van een andere geluidsbron is toegewezen aan de gekozen geluidsbron (zie blz. 41).
- Controller of de INPUT MODE ingangskeuze zich staat ingesteld op "ANALOG 2CH FIXED" (zie blz. 42). Controller of de INPUT MODE ingangskeuze zich staat ingesteld op "COAXIAL FIXED" voor een geluidsbron die is aangesloten op de OPTICAL ingangsansluiting, of op "OPTICAL FIXED" voor een geluidsbron die is aangesloten op de COAXIAL ingangsansluiting.
- Controleer of er nicht is gekozen voor "MULTI CH 1 DIRECT" of "MULTI CH 2 DIRECT" met behulp van de MULTI CH DIRECT keuzetoets.
De weergave van links en rechts klinkt onevenwichtig of de kanalen zich verwisseld.
- Controller of alle luidsprekers en andere apparaten juist en stevig waar zijn aangesloten.
- Stel de weergave evenwichtig in met de parameters van het LEVEL menu.
Er klinkt een storende bromtoon of andere bijgeluiden.
- Controller of alle luidsprekers en andere apparaten juist en stevig় aangesloten.
- Houd de aansluitsnoren uit de buurt van een transformator of een motor en ten minste 3 meter van een TV-toestel of tl-verlichting.
- Plaats de geluidsapparatuur nicht te dicht in de buurt van een ingeschakeld TV-toestel.
- Sluit een aardingsdraad aan op de SIGNAL GND platenspeler-aardaansluiting (maar alleen als er inderdaad een platenspeler is aangesloten).
- Wellicht zijn de stekkers en aansluitbussen vuil. Veeg ze schoon met een doekje met wat spiritus of zuivere alcohol.
De middenluidspreker geeft nicht of nauwelijks geluid.
Zorg dat de klankbeeldfunctiones zijn ingeschakeld (druk op de MODE + / - toets).
Kies een van de CINEMA STUDIO EX klankbeelden (zie blz. 35).
- Stel de geluidssterkte van de middenluidspreker wat hoger in (zie blz. 44).
Zorg dat de parameter voor het middenluidsprekerformaat staat ingesteld op "SMALL" of "LARGE" (zie blz. 20).
De hinterluidsprekers/middenachterluidsprekers geven Niet of nauwelijks geluid.
Zorg dat de klankbeeldfunctiones zijn ingeschakeld (druk op de MODE + / - toets).
Kies een van de CINEMA STUDIO EX klankbeelden (zie blz. 35).
- Stel de geluidssterkte van de betreffende liquidsprekers wat hoger in (zie blz. 44).
Zorg dat de parameter voor het formaat van dechterluidsprekers/middenachterluidsprekers staat ingesteld op "SMALL" of "LARGE" (zie blz. 20-21).
Het akoestiekeffect werkt nicht.
Zorg dat de klankbeeldfunctiones zijn ingeschakeld (druk op de MODE + / - toets).
- De klankbeeld functions werken nicht voor signalen met een bemonsteringsfrequentie van meer dan 48kHz .
- Wanneer de INPUT MODE signalverwerking is ingesteld op "AUTO MULTI CH 1 (of 2)" maar erkommen geen digitale signalen binnen, of de INPUT MODE staat op "MULTI CH 1 (of 2) FIXED", zult u Niet können overschakenussen:tenden verschillende klangbeelden (zie blz. 42).
Er worden 得 Dolby Digital of DTS meerkanaals-geluid weergegeven.
- Controller of de afgeselde DVD disc e.d. wel is voorzien van Dolby Digital of DTS merkanaals-geluid.
Bij aansluiten van een DVD videospeler e.d. op de digitale ingangsansluitingen van deze tuner/versterker dient u ook te zorgen dat de audioinstelleningen (voorde geluidsweergave) van het aangesloten apparaat goed zijn ingesteld.
Het opnemen lukt nicht.
- Controller of de betrokken apparaten naar behoren zijn aangesloten.
- Kies de op te nemen geluidsbron met de FUNCTION keuzeknop.
- Bij het opnemen van een digitale geluidsbron dient u te zorgen dat de INPUT MODE ingangskeuze staat ingesteld op "ANALOG 2CH FIXED" (zie blz. 42) voordat u gaat opnemen met een opname-apparaat dat is aangesloten op de analoge MD/DAT of TAPE uitgangen.
- Bij het opnemen van een digitale geluidsbron dient u te zorgen dat de INPUT MODE ingangskeuze staat ingesteld op COAXIAL FIXED OF OPTICAL FIXED (zie blz. 42) voordat u gaat opnemen met een opname-apparaat dat is aangesloten op de DIGITAL MD/DAT OUT aansluitingen.
- Zet de "D.POwER" stroomvoorziening in de "ALWAYS ON" stand voor ANALOG DIRECT weergave, want er zullen geen digitale geluidssignalen worden uitgestuurd in de "AUTO OFF" stand.
Hoe een laserdisc-speler aan te sluiten via een RF demodulator.
- Sluit erst de laserdisc-speler aan op een RF demodulator en verbind dan de optische of coaxiale digitale uitgang van de RF demodulator met de DVD/ LD OPTICAL IN of COAXIAL ingangsansluiting van de tuner/versterker. Bij deze aansluitmethode dient u de INPUT MODE ingangskeuze met de hand in te stellen (zie blz. 42). De tuner/versterker kan nicht altiijd good werkten als de INPUT MODE staat ingesteld op AUTO 2CH. Zie voor nadere bijzonderheden over de DOLBY DIGITAL RF aansluitingen ook de gebruiksaanwijzing van de RF demodulator.
- Installee een FM buitenantenne en sluit deze aan op de tuner/versterker met een 75-ohm coaxiaalkabel (niet bijgeleverd), Zoals hieronder aangegeven. Als u de tuner/versterker aansluit op een buitenantenne dient deze zorgvuldig geaard te worden, ter bescheming gegenblinkseminslag. Sluit de aardingsdraad nooit aan op een gasleiding; gezien de kans op een gasexplosie is dit uiterst gaaverlijk.

FM buitenantenne
Het afstemmen op een radiozender lukt nicht.
- Controller of de antennes goed zich aangesloten. Verstelzonodigde stand van de antennes en sluit een buiteenantenne aan.
- Mogelijk is de signalsterkte te gering voor ontvangst (bij gebruik van de automatische Zoekafstemming). Gebruik de directe afstemming.
Zorg dat het afstemintervalJUST ingesteld (bij het afstemmen op AM radiozenders met directe afstemming). - Er zijn nog geen zenders vooringesteld of de vastgelegde voorkeurzenders zijn uit het geheugen gewist (bij geleuk van de geheugenafstemming). Leg de gewenste zenders in het afstemgeheugen vast (zie blz. 28).
- Druk op de DISPLAY toets zodat de afstemfrequentie in het uitleesvenster verschijnt.
De RDS informatiefuncties werken nicht.\*
- Controller of de tuner/versterker wel is afgestemd op een RDS informatiezender op de FM afstemband.
- Stem af op een krachtiger FM informatiezender.
De gewenste RDS informatie verschijnt nicht in het uitleesvenster.*
- Neem contact op met de radiozender en informeer of deze wel of geen RDS signalen uitzendt. Ook zenders die gewoonlijk wel RDS informatie uitzenden können deze somsijdelijk buiten werking stellen.
Op het TV-schem of de videomonitor is geen beeld of slechts een onduuidelijk beeld zichtaar.
- Stel de tuner/versterker op de juiste beeld/geluidsbron in.
- Stel het TV-toestel in op de gewenste beeldweergave.
- Zet het TV-toestel iets verder van de audioapparatuur vandaan.
Afstandsbediening
De afstandsbediening werkt nicht.
- Richt de afstandsbedieningrecht op de afstandsbedieningsensor voorop de tuner/versterker.
- Verwijder eventuele obstkelsussen de afstandsbediening en de tuner/versterker.
- Als de batterijen in de afstandsbediening leeg können zijn, verwangt u ze dan alle door neue.
- Als de COMMAND MODE bedienningsstand van de tuner/versterker nicht overeenkomt met de COMMAND MODE bedienningsstand van de afstandsbedienming, is er geen gevevensoverdracht maybelukt en zal de tuner/versterker Niet reageren op de afstandsbediening (zie blz. 49).
- Controleer of u wel de juiste toets op de afstandsbediening hebt ingedrukt.
- Als u de afstandsbediening hebt geprogrammeerd voor apparatuur van een ander merk dan Sony, können bepaalde functies Niet goed werkken, afhankelijk van het merk en model apparaat.
Pagina's met aanwijzingen voor het wissen van het geheugen van de tuner/versterker
| Voorissen van | Leest u |
| Alle geheugen-instelingen | pagea 19 |
| De zich aangepaste klankbeelden | pagea 45 |
Technische gegevens
Versterker-gedeelte
Modellen met landcode TW
UITGANGSVERMOGEN
(aan 8 ohm, van 20Hz - 20kHz , bij 0.05% THV)
100W + 100W
(aan 4 ohm, van 20Hz - 20kHz , bij 0.09% THV)
90W + 90W
Muziekvermögen, referentie
(aan 8 ohm, van 20Hz - 20kHz , bij 0.05% THV)
FRONT1): 100W + 100W
CENTER1): 100 W
SURR^1) : 100W / 100W
SURR BACK1): 100 W/
100W
(aan 4 ohm, van 20Hz - 20kHz , bij 0.09% THV)
FRONT1): 90 W + 90 W
CENTER): 90 W
SURR1): 90 W / 90 W
SURR BACK1): 90 W /
90W
1) Afhankelijk van de klankbeeld-instelingen en de geluidsbron kan er soms hierdoor geen geluid worden weergegeven.
Modellen met landcode CEL of KR UITGANGSVERMOGEN
(aan 8 ohm, van 1 kHz, bij 0.7% THV)
100W + 100W^2)
90W + 90W^3)
(aan 4 ohm, van 1 kHz, bij 0.7% THV)
90W + 90W^2)
80W + 80W^3)
Muziekvermogen,referentie
(aan 8 ohm, van 1kHz , bij 0.7% THV)
FRONT4): 100 W + 100 W
CENTER4):100W
SURR^4) : 100W / 100W
SURR BACK4): 100 W/
100W
(aan 4 ohm, van 1kHz , bij 0,7% THV)
(aan 8 ohm, van 20Hz - 20kHz , bij 0.05% THV)
(aan 4 ohm, van 20Hz - 20kHz , bij 0.09% THV)
FRONT4): 80 W + 80 W
CENTER4:80W
SURR^4) : 80 W / 80 W
SURR BACK4): 80 W /
80W
2) Gemeten onder de volgende omstandigheden: Modellen met landcode CEL: 230 V wisselstroom, 50Hz
3) Gemeten onder de volgende omstandigheden: Modellen met landcode KR: 220 V wisselstroom, 60Hz
4) Afhankelijk van de klankbeeld-instelingen en de geluidsbron kan er soms hierdoor geen geluid worden weergegeven.
Frequentiebereik
| PHONO | RIAA compensatiecurve ±0,5 dB |
| CD/SACD, TAPE, MD/DAT, TV/SAT, DVD/LD, VIDEO 1, 2, 3 | 10 Hz - 100 kHz +0,5/-2 dB (zonder klankbeeld, toonregeling of basaversterking) |
Ingangen (analoog)
| PHONO | Gevoeligheid: 2,5 mV Impedantie: 50 kOhm Signaal/ruisverhouding5): 86 dB (A, 2,5 mV6) |
| MULTI CHANNEL | Gevoeligheid: 150 mV |
| IN 1, 2, CD/SACD, | Impedantie: 50 kOhm |
| TAPE, MD/DAT, | Signaal/ruisverhouding5): 100 dB (A, 150 mV6) |
| DVD/LD, TV/SAT, | |
| VIDEO 1, 2, 3 |
5) INPUT ingangen kortgesloten
6) Network-gewogen, ingangsniveau
Ingangen (digitaal)
| CD/SACD, DVD/LD (coaxial) | Gevoeligheid: - Impedantie: 75 kOhm Signaal/ruisverhouding: 100 dB (A, 20 kHz LPF) |
| CD/SACD, DVD/LD, TV/SAT, MD/DAT (optisch) | Gevoeligheid: - Impedantie: - Signaal/ruisverhouding: 100 dB (A, 20 kHz LPF) |
Uitgangen
| TAPE, MD/DAT (REC OUT),VIDEO 1, 2 (AUDIO OUT) | Uitgangsspanning: 150 mV Impedantie: 10 kOhm |
| FRONT L/R, CENTER, SURROUND L/R, SURROUND BACK L/R, SUB WOOFER | Uitgangsspanning: 2 V Impedantie: 1 kOhm |
wordt nervolgd
Technische gegevens (vervolg)
EQ toonregeling
BASS: 99 Hz~1,0 kHz
Versterking: ± 10 dB, in stappen van
0.5dB
FM tuner-gedeelte
Afstembereik 87,5-108,0MHz
Antenne-aansluitingen 75 ohm, asymmetrisch
Gevoeligkeit
Mono: 18,3 dBf, 2,2 V/75 ohm
Stereo: 38,3 dBf, 22,5 V / 75 ohm
Bruikbare gevoeligheid 11,2 dBf, 1 V / 75 ohm
Signaal/ruisverhouding
Mono: 76 dB
Stereo: 70 dB
Harmonische verrorming bij 1 kHz
Mono: 0.3%
Stereo: 0.5%
Kanaalscheiding 45 dB bij 1 kHz
Selectiviteit 60 dB bij 400kHz
AM tunes-gedeelte
Afstembereik 531-1.602 kHz
Antenne Kaderantenne
Bruikbare gevoeligheid 50dB / meter (bij 999 kHz)
Signaal/ruisverhouding 54 dB (bij 50mV /meter)
Harmonische 0.5% (bij 50~mV /meter, verrorming 400Hz
Selectiviteit 35 dB
Video-gedeelte Ingangen/uitgangen
Video: 1 Vt-t, 75 ohm
S-video: Y: 1 Vt-t, 75 ohm
C:0,286 Vt-t, 75 ohm
COMPONENTVIDEO: Y:1Vt-t,75ohm
B-Y: 0,7 Vt-t, 75 ohm
R-Y: 0,7 Vt-t, 75 ohm
Algemeen
Stroomvoorziening
| Landcode | Stroomvoorziening |
| CEL | 230 V wisselstroom, 50/60 Hz |
| TW | 110 V wisselstroom, 60 Hz |
| KR | 220 V wisselstroom, 60 Hz |
Stroomverbruik
| Landcode | Stroomverbruik |
| CEL, KR | 390 watt |
| TW | 400 watt (maximaal 1.000 watt) |
Stroomverbruik (in de gebruikskaar-stand)
1 watt
Netstroomuitgangen
| Landcode | Netstroomuitgangen |
| CEL | 1 uitschakelbaar, 100 W |
| TW | 2 uitschakelbaar, 100 W |
Afmetingen 430× 174× 465mm incl.uitstekende onderdelen en knoppen
Bijgeleverd toebehoren
FM draadantenne (1)
AM kaderantenne (1)
Afstandsbediening RM-LP211 (1)
R6 (AA-formaat) batterijen (3)
Zie voor nadere bijzonderheden over de landcode van uw uitvoering de beschrijving op blz. 2.
Wijzigingen in ontwerp en technische gevevens voorbehonden, zonder kennisgeving.
Index
A
Aanduidingen op het scherm 49
Afstemmen automatisch 26 direct 27 voorkeurzenders 28
Automatische afstemming 26
B,C
Bijgeleverd toebehoren 68
Bijregelen
CUSTOMIZE parameters 47,57
EQ parameters 45,55
Geluidssterkte 24
Helderheid van het uitleesvenster 31
LEVEL parameters 44,54
SET UP parameters 19,49
SURROUND parameters 43,52
CUSTOMIZE menu 47,57
D
Digital Cinema Sound 35
Directe afstemming 27
Doorzoeken radiozenders.Zie Automatische afstemming voorkeurzenders.Zie Geheugenafstemming
E
Effectniveau 43
EQ menu 45, 55
F
Filterfrequencies 51, 52
G,H,I,J
Geheugen van de tuner/ versterker wissen 19
Geluidsbronnen benoemen. Zie Naamgeving
K
Keuze
geluidsbron 25
klankbeeld 35-37
voorluidsprekers 58
Klankbeelden
aanpassen 43
kiezen 35-37
terugstellen 45
voorgeprogrammeerde 35- 37
Kopiernen van bandopnamen.
Zie Opnemen
L
LEVEL menu 44, 54
Luidsprekers
aansluiten 17
geluidssterkte regelen 24
impedantie 16
opstelling 16
M
Monteren van bandopnamen. Zie Opnemen
N
Naamgeving 57
O, P, Q
Omschakelen
Aanduidingen in
uitleesvenster 31
Effectniveau 43
Opnemen
op audiocassette of
minidisc 59
op videocassette 59
R
RDS informatiefuncties 29
Ruimtelijke geluidsweergave
S
SET UP menu 19, 49
Sluimerfunctie 58
SURROUND menu 43, 52
T, U
Testtoon 24
V,W,X,Y
Voorkeurzenders
afstemmen 28
vastleggen 28
Z
Zendernamen. Zie Naamgeving
SimpelGids