CO8MS - HONEYWELL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CO8MS HONEYWELL in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Onbepaald in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CO8MS - HONEYWELL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CO8MS van het merk HONEYWELL.
GEBRUIKSAANWIJZING CO8MS HONEYWELL
X OK X OK Nederlands
C08MS Koolmonoxidedetector – Installatie-instructies 1 Algemene informatie Waarschuwing: De installatie van een koolmonoxidemelder mag niet worden gebruikt als vervanging voor het juiste verbrandingstoestel, het juiste gebruik en onderhoud van apparatuur die brandstof verbruikt, inclusief de juiste ventilatie- en afzuigsystemen. Deze koolmonoxide (CO)-melder is ontwikkeld om individuen te beschermen tegen de onmiddellijke gevolgen van blootstelling aan koolmonoxide. Personen met specifieke medische aandoeningen worden hierdoor niet volledig beschermd. Raadpleeg bij twijfel een arts. •
De melder moet door een vakbekwaam persoon worden geïnstalleerd.
Test de melder wekelijks door op de testknop te drukken.
De gemiddelde levensduur van de melder is 6 jaar.
Monteer de melder pas nadat alle constructiewerkzaamheden zijn voltooid. Hiermee voorkomt u dat de melder vies wordt.
Korte blootstelling: lichte hoofdpijn, misselijkheid, braken, vermoeidheid (veelal beschreven als ’griepachtige’ symptomen). Middellange blootstelling: Hevige hoofdpijn, sufheid, verwarring, snelle hartslag. Langdurige blootstelling: Bewusteloosheid, convulsies, hart-/long falen, dood. Een hoog CO-niveau gedurende een korte periode (bijv. 350 ppm CO gedurende 30 minuten) zal dezelfde symptomen veroorzaken, lichte hoofdpijn, als een lager niveau gedurende een langere periode (bijv. 150 ppm gedurende 90 minuten). Tabel A toont blootstelling aan verschillende CO-concentraties en de effecten die dit heeft op personen. In veel bekende gevallen van koolmonoxidevergiftiging zijn slachtoffers er zich van bewust dat ze niet in orde zijn. Door desoriëntatie en een versuft gevoel zijn mensen echter niet in staat om zichzelf te redden door het gebouw te verlaten of hulp in te roepen. In veel gevallen worden jonge kinderen en huisdieren het eerst getroffen. Tabel A – Symptomen van koolmonoxidevergiftiging CO in lucht (ppm)
Inademingstijd (ongeveer) en symptomen.
De maximaal toegestane concentratie voor ononderbroken blootstelling gedurende een periode van 8 uur volgens de OSHA (Occupational Safety & Health Association).
Lichte hoofdpijn na 1,5 uur.
Lichte hoofdpijn, vermoeidheid, duizeligheid, misselijkheid na 2-3 uur.
Frontale hoofdpijn binnen 1-2 uur, levensbedreigend na 3 uur, ook maximaal aantal deeltjes per miljoen in rookgas (luchtvrij) volgens de US Environmental Protection Agency.
Duizeligheid, misselijkheid en convulsies binnen 45 minuten. Bewusteloos binnen 2 uur. Overlijden binnen 2-3 uur.
Hoofdpijn, duizeligheid en misselijkheid binnen 20 minuten. Overlijden binnen 1 uur.
Hoofdpijn, duizeligheid en misselijkheid binnen 5-10 minuten. Overlijden binnen 25-30 minuten.
Hoofdpijn, duizeligheid en misselijkheid binnen 1-2 minuten. Overlijden binnen 10-15 minuten.
Overlijden binnen 1-3 minuten.
2 Werkingsprincipe 2.1 Wat is koolmonoxide? Elk jaar overlijdt een groot aantal mensen aan koolmonoxidevergiftiging, terwijl een nog groter aantal mensen hierdoor gezondheidsproblemen ontwikkelt. Koolmonoxide (CO) is een geurloos, smaakloos en zeer giftig gas. Dit gas wordt geproduceerd door verbrandingstoestellen en voertuigen die verbrandingsgassen uitstoten, zoals kolen, aardgas/flessengas, paraffine, hout, benzine, diesel, houtskool enz. Koolmonoxide wordt sneller opgenomen door de rode bloedcellen in de longen dan zuurstof. Dit leidt tot zuurstoftekort en brengt al na zeer korte tijd schade toe aan hart en hersenen. Hoge CO-niveaus in een pand kunnen worden veroorzaakt door: Onjuist of slecht geïnstalleerde verbrandingstoestellen.
Geblokkeerde of beschadigde schoorstenen/rookkanalen.
Geblokkeerde ventilatie-openingen of overmatige isolatie in ruimten met verbrandingstoestellen of open haarden.
Motoren van auto’s, grasmaaiers enz. die in een afgesloten ruimte draaien.
Opmerking: ppm = deeltjes per miljoen
Draagbare paraffine- of gasverwarmingen in slecht geventileerde ruimten.
2.3 Wat gebeurt er wanneer uw koolmonoxidemelder koolmonoxide detecteert? Wanneer de melder een potentieel gevaarlijk CO-niveau detecteert, gaat het Pre-alarmlampje onmiddellijk knipperen. Wanneer de koolmonoxideconcentratie hoog blijft, klinkt een luid alarm. Tabel B hieronder geeft aan op welke manier de koolmonoxidemelder reageert op verschillende koolmonoxidegasniveaus en blootstellingstijden.
2.2 Symptomen van koolmonoxidevergiftiging De volgende symptomen zijn gerelateerd aan koolmonoxidevergiftiging en moeten worden besproken met iedereen in het pand.
32318166-001 Rev. A C08MS Koolmonoxidedetector – Installatie-instructies
Geheugen resetten: Houd de testknop meer dan 12 seconden ingedrukt tot het rode lampje stopt met knipperen. Dek de sirene af met een doek om het alarm gedurende deze tijd te dempen. Let op: het geheugen wordt ook gereset wanneer de eenheid wordt uitgeschakeld.
Aan binnen 72 minuten (ongev.)
Aan binnen 18 minuten (ongev.)
Aan binnen 40 minuten (ongev.)
Knippert 8 keer per 50 seconden
2.4 Pre-alarm (rood lampje knippert) Wanneer de melder een concentratie hoger dan 43 ppm CO detecteert, gaat het rode lampje meteen knipperen. De snelheid waarmee het lampje knippert is afhankelijk van het gedetecteerde CO-niveau zoals aangegeven in tabel B. Let op: het Pre-alarm kan afgaan door koken op gas, automotoren of barbecues in de nabije omgeving. Dit is meestal niet zorgwekkend, tenzij een pre-alarm aanhoudt tot het alarm afgaat én de CO-bron niet bekend is. 2.5 Alarm (sirene gaat af) Als het CO-niveau gevaarlijk hoog blijft, gaat de sirene af. Het geluidsniveau van de sirene is 85 dB(A). De tijd tussen het Pre-alarm en activering van de sirene is afhankelijk van de concentratie CO die wordt gedetecteerd. Zie de beschrijving in tabel B. 2.6 CO-alarmgeheugen Het CO-alarmgeheugen is een nuttige en belangrijke functie. Als er geen mensen of dieren in het pand aanwezig zijn, wordt de huiseigenaar gewaarschuwd wanneer tijdens hun afwezigheid CO-gas werd gedetecteerd en alarmering heeft plaatsgevonden. De geheugenfunctie heeft twee gebruiksmodi: 24-uurs geheugen: Na een alarm blijft het RODE lampje, afhankelijk van de waargenomen CO-concentratie, om de 50 seconden op verschillende snelheden knipperen – zie tabel B (24-uurs geheugen alarmreactie). Geheugenstatus opvragen: U kunt de geheugenstatus na de 24-uurs periode opvragen door de testknop ingedrukt te houden. Het rode lampje zal op dezelfde snelheid knipperen als wanneer CO aanwezig was - Zie tabel B (reactie van alarm op de aanwezigheid van CO).
2.7 Wat te doen als het alarm afgaat 1. Ventileer de ruimte door deuren en ramen te openen. 2. Schakel waar mogelijk verbrandingstoestellen uit en staak het gebruik van deze toestellen. 3. Verlaat het pand en laat deuren en ramen open. 4. Roep onmiddellijk medische hulp in voor iedereen met symptomen van koolmonoxidevergiftiging (hoofdpijn, misselijkheid), en geef aan dat koolmonoxidevergiftiging wordt vermoed. 5. Bel het noodnummer van uw gas- of brandstofleverancier. Bewaar dit telefoonnummer altijd op een in het oog springende plaats. 6. Betreed het pand pas wanneer het alarm niet langer afgaat. (Als het alarm is uitgeschakeld door op de testknop te drukken, wacht u minstens 5 minuten zodat de melder kan controleren of de koolmonoxide daadwerkelijk verdwenen is). 7. Neem verbrandingstoestellen pas weer in gebruik na controle door een erkende installateur of gelijkwaardige expert.
3 Installatie 3.1 Waar een koolmonoxidemelder plaatsen Deze melder dient te worden geïnstalleerd door een hiervoor opgeleide persoon. Idealiter wordt een koolmonoxidemelder geïnstalleerd in: • Elke ruimte met een verbrandingstoestel en •
Ruimten waar veel tijd wordt doorgebracht.
Elke slaapkamer. Als het aantal koolmonoxidemelders beperkt is, neem de volgende punten in overweging om te kunnen bepalen waar u de melders het beste kunt plaatsen. •
Installeer een CO-melder in slaapkamers waar verbrandingstoestellen aanwezig zijn.
Installeer een CO-melder in elke ruimte met een toestel zonder rookkanaal of met een open rookkanaal.
Installeer een melder in ruimten waar bewoners veel tijd doorbrengen. (bijv. de woonkamer).
Plaats de CO-melder in een studio zo ver mogelijk uit de buurt van een kooktoestel, maar in de buurt van de slaapplaats.
3.2 Ongeschikte locaties Installeer een CO-melder niet op de volgende plaatsen. •
Op een afgesloten plek (bijvoorbeeld in een kast of achter een gordijn).
Een plek waar het geblokkeerd kan worden (bijvoorbeeld door meubels, gordijnen enz.).
Op een vochtige of natte plek, zoals een badkamer.
Direct boven een wasbak, kooktoestel, stoompannen of ketels.
Naast een luchtschacht of ventilatierooster, deur, venster of bij andere ventilatieopeningen.
Boven warmtebronnen zoals radiatoren of convectorverwarmingen.
Op plekken waar de temperatuur onder –10°C of boven 40°C kan zijn én buiten.
Waar de sensor verstopt kan raken door vuil of stof.
In de buurt van verf, verfverdunningsmiddelen, dampen van oplosmiddelen of luchtverfrissers.
Als een CO-melder wordt geïnstalleerd in een ruimte met een verbrandingstoestel (zie figuur 1) •
Voor een aan de muur gemonteerde melder geldt dat het minimaal 15 cm vanaf het plafond moet hangen en hoger dan elk raam of deur.
Voor een aan het plafond gemonteerde melder geldt dat het minimaal 30 cm van een wand of lamp moet hangen.
De koolmonoxidemelder moet op horizontale afstand op 1 tot 3 meter vanaf de potentiële koolmonoxidebron worden geplaatst.
Als er een afscheiding in de ruimte is, hang de melder aan dezelfde kant van een eventuele afscheiding als de potentiële bron.
Heeft uw kamer schuine plafonds? Hang de koolmonoxidemelder dan aan de hoge kant van de ruimte (zie fig. 2).
meegeleverde kunststof ankers in de geboorde gaten. Schroef de bevestigingsplaat op het plafond of de wand. Monteer de kap niet op de bassi als de schakelaar in de stand “X” staat (figuur 7). Lijn de melder nauwkeurig uit op de basis, druk op ’home’ en draai het alarm op de basis (de batterijen worden hierdoor aangesloten). De rode, gele en groen lampjes gaan om beurten knipperen zodat u ziet dat ze naar behoren werken. Druk op de testknop (na 15 seconden) om te controleren of de melder werkt. Installeer overige melders op dezelfde manier.
4.1 Sabotagebestendige installatie van de melder U kunt voorkomen dat de melder wordt verwijderd door onbevoegden. Breek het kleine uitsteeksel op de basis van de melder af zoals weergegeven op figuur 4. Verwijder de melder met een kleine schroevendraaier en open de vergrendeling (duw de vergrendeling in de richting van het plafond) en draai daarna de melder los (figuur 5). Het is zo nodig ook mogelijk de melder verder te beveiligen tegen sabotage door een nr. 2 of een nr. 4 zelftappende schroef (2 tot 3 mm doorsnede en 6 tot 8 mm lang - niet meegeleverd) aan te brengen en de melder stevig aan de montageplaat te bevestigen (figuur 6).
5 De melder aanmelden Middels de aanmeldingsprocedure wordt de melder gekoppeld aan het centrale evohomebeveiligingspaneel. 1. https://
Als een CO-melder wordt geïnstalleerd in een slaapkamer of in een ruimte zonder verbrandingstoestel (zie figuur 3) Monteer de CO-melder relatief dicht bij de ademzone van bewoners. Waar u de melder ook ophangt, zorg dat u altijd de drie lampjes kunt zien als u in de buurt van de melder bent. •
WAARSCHUWING: Gebruik de koolmonoxidemelder niet met tussenpozen of als draagbare detector.
4 Installatieprocedure 1. 2. 3. 4.
Selecteer een geschikte plaats (paragraaf 3.1). Neem de bevestigingsplaat uit de verpakking en en verwijder deze van de melder. Zet de wandbevestigingsplaat op de plek op de wand of het plafond waar u de melder wilt bevestigen. Markeer met een potlood de locatie van de twee schroefgaten. Boor niet in elektriciteitsdraden die al in het plafond of de wand zijn aangebracht; boor met een 5,00 mm boorkop gaten in het midden van de gemarkeerde locaties. Duw de
*https://international.mytotalconnectcomfort.com 2. 3. 4.
Verwijder de eenheid en plaats deze weer in de wandbevestiging. Na enkele seconden (tot 10 seconden) wordt een bevestigingsbericht getoond om aan te geven dat de sensor wordt aangemeld bij het centrale evohome-paneel. Twee piepjes bevestigen een geslaagde koppeling. Meld een sensor pas aan nadat deze in de definitieve positie is bevestigd.
Opmerking: De schakelaar op de PCB is uitsluitend voor fabricagedoeleinden (niet voor aanmelden).
6 Onderhoud of after-sales Reinig de buitenkant van de behuizing door deze van tijd tot tijd met een schone en vochtige doek af te nemen. Gebruik geen schoonmaakmiddelen, bleekmiddel, detergentia of polijstmiddelen, waaronder middelen in spuitbussen. Spuit nooit luchtverfrissers, haarlak, verf of andere middelen in spuitbussen in de buurt van de koolmonoxidemelder. Zet nooit luchtverfrissers neer in de buurt van de melder. Verwijder pluizen en ander vuil met de smalle zuigmond van een stofzuiger van de sleuven in de behuizing en de gasinlaatgaten. Let op: Verf de koolmonoxidemelder niet. Verwijder de koolmonoxidemelder voordat u de ruimte gaat inrichten. Spuit nooit water op de melder en voorkom vervuiling door stof. WAARSCHUWING: Open de koolmonoxidemelder niet en saboteer nooit onderdelen van de melder. De melder bevat geen onderdelen die door de gebruiker kunnen worden vervangen en dit kan de melder beschadigen. 6.1 Testknop Wij raden u aan de koolmonoxidemelder eenmaal per week te testen om te waarborgen dat de eenheid naar behoren werkt. Druk de testknop in tot het alarm afgaat (dit kan 5 seconden duren) en het groene lampje gaat knipperen (eenmaal per seconde). De sirene gaat af op een laag geluidsniveau dat snel toeneemt tot het maximale geluidsniveau. De sirene gaat uit snel nadat u de knop loslaat. Er wordt geen bericht naar het centrale evohome-paneel gestuurd na het activeren van de melder via de testknop. Opmerking: er wordt na het indrukken van de testknop geen bericht verstuurd naar responspersoneel.
6.5 Technische specificaties Koolmonoxidegevoeligheid: Voldoet aan BS EN 50291:2001 Elektromagnetische compatibiliteit: Voldoet aan BS EN 50270 Levensduur melder: 6 jaar verwacht Batterij: Lithium, afgedicht (hoeft niet vervangen te worden, werkt gedurende het productleven) Bedrijfstemperatuur: -10°C tot 40°C Vochtigheid: 15% tot 95% RV (niet-condenserend) Hoorbaar alarm: 85 dB(A) op minimaal 3 m Afmetingen: 120 mm x 105 mm x 40 mm Gewicht: 178 g Radiofrequentie: 868 MHz Verwijderen van bevestiging: Voeding uitschakelen 6.6 Probleemoplossing Melder werkt niet als testknop wordt ingedrukt: 1.
Wacht 15 seconden nadat de voeding is ingeschakeld voordat u de knoptest uitvoert.
Druk de knop 5 seconden stevig in.
3. Controleer of de melder stevig op de bevestigingsplaat vastzit. 4.
Vervang de melder als u geen reactie krijgt.
Het alarm gaat of zonder duidelijke reden: Volg de uitgebreide instructies in paragraaf 1 ’Wat te doen als het alarm afgaat’.
6.2 Lampje ’batterij bijna leeg’ Als het alarm piept en het groene en het gele lampje tegelijkertijd om de 50 seconden knipperen, is de batterij leeg en moet deze worden vervangen.
Als er toch nog problemen zijn:
Opmerking: dit wordt gemeld aan het responsteam via een radiokanaal.
2. Controleer of er dampen in de nabijheid zijn (bijvoorbeeld verf, verdunners, haarlak, chemische reinigingsmiddelen, aerosol- spray enz.).
6.3 Sensorfoutlampje Als het gele lampje tweemaal knippert en het alarm van de melder tegelijkertijd om de 50 seconden piept, heeft het zelfcontrolecircuit mogelijk een fout gedetecteerd. De melder moet worden vervangen. Opmerking: dit wordt niet gemeld aan het responsteam via een radiokanaal. 6.4 Einde van het productleven Als de eenheid 6 jaar in gebruik is geweest, gaat het gele lampje om de 50 seconden drie keer knipperen. De melder zal daarnaast ook piepen. Dit geeft aan dat de melder het einde van het productleven heeft bereikt en moet worden vervangen. Opmerking: dit wordt gemeld aan het responsteam via een radiokanaal.
1. Controleer of er geen verbrandingstoestellen in de buurt zijn die koolmonoxidegas kunnen lekken (zelfs bij de buren).
3. Controleer of er buiten in de buurt een koolstofmonoxidebron is (bijvoorbeeld een auto met draaiende motor, veel verkeer, zware luchtverontreiniging, rook van barbecues enz.). 4. Controleer of er een een waterstofbron is, zoals batterijen die worden opgeladen (bijv. op een boot of in een UPS). 5. Contoleer of er overmatig veel rook aanwezig is afkomstig van shisha, hookah of hubbly-bubly pijpen, vooral exemplaren die tabak verwarmen met kolen of houtskool. 6. Houd de testknop 5 seconden ingedrukt om de melder uit te zetten (stil). Doe dit alleen als de melder zich op een lage of middelhoge plek bevindt; niet van toepassing op melders die op een hoge plek zijn opgehangen. Als het alarm van de eenheid actief blijft, kan de eenheid defect zijn en moet deze worden vervangen.
Periodieke of jaarlijkse onderhoudscontroles: Door op de testknop te drukken wordt de status van de koolmonoxidemelder gegeven. Deze geeft aan of de koolmonoxidemelder naar behoren werkt, er een fout is opgetreden of dat er een fout in het geheugen van de melder is. Zie tabel C voor meer informatie. Tabel C - Periodieke of jaarlijkse onderhoudscontroles
worden. Plaats ze daarnaast in kamers waarin veel tijd wordt doorgebracht en in kamers waarin een apparaat staat dat een mogelijke koolmonoxidebron is. 3. Koolmonoxidemelders zijn geen vervanging voor levensverzekering. Iedereen die deel is van het huishouden dient zelf voor verzekering te zorgen. De koolmonoxidemelder waarschuwt voor toenemende koolmonoxideniveaus, maar wij garanderen niet dat dit iedereen beschermt tegen koolmonoxidevergiftiging. 4. De koolmonoxidemelder neemt de aanwezigheid van aardgas (methaan), flessengas (propaan, butaan) of andere brandbare gassen niet waar. Monteer brandbaar gasmelders om deze te detecteren.
Sirene piept en Knippert 1 keer Knippert 1 keer ledlampje knippert per 50 seconden per 50 seconden tegelijkertijd
Knippert 2 keer per 50 seconden
Sirene piept en ledlampje knippert tegelijkertijd
Volg deze richtlijnen en beperk de kans op koolmonoxidevergiftiging.
Sensorfout Einde productleven
Knippert 3 keer per 50 seconden
Sirene piept en ledlampje knippert tegelijkertijd
24 uur Geheugen status
5. Koolmonoxidemelders zijn uitgerust met elektrochemische sensoren. Ze hebben een kruisgevoeligheid voor waterstof. Dit betekent dat het alarm af kan gaan wanneer de aanwezigheid van waterstof wordt gedetecteerd. De eenheid zorgt voor alarmering op een niveau van 500 ppm H2 (ongev.) na 10 tot 40 minuten blootstelling. 6.8 Hoe u uw gezin kunt beschermen 1. Zorg dat u bekend bent met symptomen die duiden op de aanwezigheid van koolmonoxide en wees alert op deze symptomen. • Koolmonoxidemelder waarschuwt voor een ongebruikelijk hoog koolmonoxideniveau. • Vlekken, roet of verkleuring op of rondom keukenapparatuur. • Een waakvlammetje dat vaak uitgaat. • Een vreemde geur tijdens het gebruik van een apparaat.
*Druk de knop minstens 12 seconden in. Groene ledlampje knippert eenmaal. Dit geeft aan dat het geheugen gewist is. 6.7 Beperkingen van koolmonoxidemelders 1. De koolmonoxidemelder werkt niet zonder batterij. Als de batterij leeg is, biedt de melder geen bescherming. Druk eenmaal per week en na vakanties en langdurige afwezigheid de testknop in. 2. Koolmonoxide moet de eenheid binnendringen om gedetecteerd te worden. Er kan koolmonoxide in andere ruimten van het pand aanwezig zijn (bijvoorbeeld op de begane grond, in een afgesloten kamer enz.) maar niet in de buurt van de koolmonoxidemelder. Deuren, tocht en obstakels kunnen voorkomen dat koolmonoxide de melder bereikt. Daarom raden wij u aan koolmonoxidemelders in en nabij slaapkamers te plaatsen, met name wanneer slaapkamerdeuren ’s nachts gesloten
• Een gasvlam (installatie van verbrandingstoestellen) die niet de normale blauwe kleur heeft, maar geel of oranje is. • Gezinsleden (ook huisdieren) met ’griepachtige’ verschijnselen die het gevolg zijn van koolmonoxidevergiftiging (hierboven beschreven). Als u dit soort verschijnselen opmerkt, dient u het apparaat door een erkende installateur te laten controleren voordat u het gebruik ervan voortzet. Roep de hulp van een arts in als gezinsleden ziek zijn. 2. Kies alle apparaten en voertuigen die fossiele brandstof verbranden, zoals kolen, aardgas/flessengas, paraffine, hout, benzine, diesel, houtskool enz. zorgvuldig uit en laat ze installeren en regelmatig onderhouden door een erkende installateur. 3. Deze apparaten moeten lucht ’inademen’ om brandstof goed te kunnen verbranden. Zorg dat u weet waar de lucht vandaan komt en zorg dat ventilatieroosters/ ventilatiegaten in stenen muren enz. niet geblokkeerd worden (vooral na constructiewerkzaamheden). 4. Deze apparaten moeten ook afvalgassen ’uitademen’ (waaronder koolmonoxide) meestal via een schoorsteen of rookkanaal. Controleer of rookkanalen en schoorstenen niet geblokkeerd worden of lekken en laat ze elk jaar controleren. Controleer op overmatige roestvorming of scheuren in apparaten en leidingen.
Laat een auto, motorfiets of grasmaaier nooit draaien in de garage terwijl de garagedeur dicht is. Laat de deur tussen de woning en de garage nooit open als de motor van de auto draait.
Stel nooit zelf waakvlammen af.
Verwarm uw huis nooit met een gasbarbecue of een houtskoolbarbecue.
Waarschuw kinderen voor het gevaar van koolmonoxidevergiftiging en leer ze dat ze nooit aan de koolmonoxidemelder mogen komen. Laat kleine kinderen niet op de testknop drukken. Ze zouden blootgesteld kunnen worden aan extreem hard geluid wanneer de sirene afgaat.
Laat deuren en ramen op een kier staan (zelfs enkele centimeters) om de kans op hoge concentraties koolmonoxide drastisch te verminderen. De goede isolatie in nieuwe woningen vermindert de ventilatie waardoor de concentratie gevaarlijke gassen sterk kan toenemen.
Realiseer u dat koolmonoxidevergiftiging de oorzaak kan zijn van ’griepachtige’ verschijnselen die optreden wanneer u en uw gezin thuis zijn en weer verdwijnen wanneer u langere perioden buitenshuis bent.
Plaatsing in een kamer met een verbrandingstoestel
Plaatsing in kamers schuine plafonds: hang de koolmonoxidemelder dan aan de hoge kant van de ruimte
Plaatsing in slaapkamers en in andere kamers zonder verbrandingstoestel (bijv. op ademniveau)
Notice-Facile