NE-2140 - NE-2140 - Magnetron PANASONIC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis NE-2140 - NE-2140 PANASONIC in PDF-formaat.

📄 256 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice PANASONIC NE-2140  -  NE-2140 - page 80
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : PANASONIC

Model : NE-2140 - NE-2140

Categorie : Magnetron

Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding NE-2140 - NE-2140 - PANASONIC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. NE-2140 - NE-2140 van het merk PANASONIC.

GEBRUIKSAANWIJZING NE-2140 - NE-2140 PANASONIC

Inhoud Dit produkt voldoet aan de Europese standaard (EN 55011) voor EMC interferentie’s (EMC = Elektromagnetische Compabiliteit) Overeenkomstig deze standaard behoord dit produkt tot de groep 2 apparatuur, klasse B en voldoet deze aan alle normeringseisen. Groep 2 houdt in dat de Frequentie energie wordt opgewekt in de vorm van elektromagnetische straling bedoeld voor het verwarmen en koken van voedsel. Groep B informeerd dat dit produkt toegepast kan worden voor normaal huishoudelijk gebruik. Fabrikant: Panasonic Corporation, 1006 Oaza Kadoma, Kadoma City, Osaka, Japan Invoerder: Panasonic Marketing Europe GmbH Panasonic Testing Centre, Winsbergring 15, 22525 Hamburg, Duitsland

Haal de oven uit de verpakking, verwijder al het verpakkingsmateriaal en controleer de oven op eventuele beschadigingen, zoals deuken, kapotte deurvergrendelingen of scheurtjes in de deur. Breng de verkoper onmiddellijk op de hoogte als het toestel beschadigd is. Installeer het toestel NIET als het beschadigd is. WAARSCHUWINGS-STICKER. Voordat u de oven ingebruik neemt, dient u de waarschuwings-sticker op een zichtbare plaats te bevestigen. BEVESTIG DE WAARSCHUWINGSLABEL. Als er een waarschuwingslabel met uw oven wordt meegeleverd, bevestig dit voor gebruik bovenaan op uw apparaat. AARDEN BELANGRIJK: VOOR UW PERSOONLIJKE VEILIGHEID MOET DIT APPARAAT GEAARD WORDEN. Het netsnoer van dit apparaat is voorzien van een randaarde stekker. Wanneer het stopcontact niet is geaard, dient de gebruiker het te laten vervangen door een volgens voorschrift van randaarde voorzien stopcontact.

WAARSCHUWING BETREFFENDE VOLTAGE

Het gebruikte voltage moet overeenkomen met het op deze magnetronoven gespecificeerde voltage. Toepassing van een hogere netspanning is gevaarlijk en kan brand of andere ongelukken veroorzaken. Sluit de oven niet aan via een verlengingskabel, omdat dit gevaarlijk kan zijn. Het is belangrijk dat u de oven rechtstreeks op een stopcontact aansluit. De achterkant van het apparaat wordt warm tijdens gebruik. Zorg dat het snoer niet in aanraking komt met de achterkant van het toestel of het oppervlak van de kast.

Veiligheidsvoorschriften

PLAATSING VAN DE OVEN

Zet de oven op een vlak en stabiel oppervlak. Zet deze nooit op een warme of vochtige plaats—bijvoorbeeld vlakbij een elektrische- of gasverwarming of in direkt zonlicht. Gebruik de oven niet, wanneer de omgevingstemperatuur hoger dan 40 °C is en/of wanneer de relatieve luchtvochtigheid meer dan 85% bedraagt. Een vrije luchtcirculatie rond de oven is erg belangrijk. De magnetron kan alleen goed functioneren als er voldoende ruimte voor ventilatie aanwezig is (ongeveer 5 cm aan de linker-, rechter-, en achterkant en ongeveer 20 cm aan de bovenkant). Installeer geen apparaten hoger dan 1,6 m en ook niet lager dan 0,8 m. De oven moet zodanig worden geplaatst dat het bedieningspaneel en de deur goed bereikbaar zijn en dat u het toestel eenvoudig kunt loskoppelen van het stroomnet of de stroom kunt uitschakelen via de zekering of stroomonderbreker. Aan de achterkant van het apparaat bevindt zich een externe equipotentiale aardgeleider waarop dit symbool is aangebracht. GARANTIEKAART Vul de voorgeadresseerde garantiekaart in en stuur deze op. Geluidsdrukniveau is minder dan 70 dB (A gewogen).

Nederlands VOORZORGSMAATREGELEN (NE-3240/NE-2140) Dit apparaat wordt zonder stekker geleverd en moet door een gekwalificeerde elektricien worden geinstalleerd. Het apparaat dient te worden afgezekerd op minimaal 16 A (400 V 3/N/PE 50 Hz). De installatie moet voldoen een de locale standaarden en regelgeving. Raadpleeg de gegevens op de typenummerplaat. BELANGRIJK: de kleurcodes van de stroomkabel zijn: Groen/geel: aarde Blauw: neutraal De kleuren van de stroomkabels L1, L2 en L3 kunnen afwijkend zijn. Omdat er geen fase volgorde is, kunnen deze willekeurig worden aangesloten. Veiligheidsvoorschriften WAARSCHUWING

1. Als de deur of de afdichtingen beschadigd zijn, mag de oven niet

worden gebruikt totdat deze door een bevoegd persoon werd hersteld.

2. De inhoud van zuigflessen en babyvoedselpotjes moet vóór

consumptie geroerd of geschud worden en de temperatuur gecontroleerd om verbranding te voorkomen.

3. Vloeistoffen en andere voedingswaren mogen niet in afgesloten

verpakkingen worden opgewarmd, omdat ze kunnen ontploffen.

4. Bij het opwarmen van dranken kan de vloeistof vertraagd ineens

gaan koken, wees daarom voorzichtig bij het hanteren van de vloeistof of drank houder.

5. Voor een niet-vakman is het gevaarlijk om het onderhoud of een

reparatie uit te voeren waarbij een beschermkap wordt verwijderd, dat bescherming biedt tegen blootstelling aan de energie van de microgolven. VOORZORGSMAATREGELEN

1. Om het risico op brandwonden, elektrische schokken, brand,

persoonlijk letsel of excessieve magnetronenergie te verminderen: Lees alle instructies alvorens de magnetronoven te gebruiken.

2. Om de goede kwaliteit van de magnetronbuizen te behouden, moet

u de oven nooit inschakelen zonder dat er zich voedsel in bevindt.

3. Het apparaat functioneert op hoogspanning. Reparaties en

afregelingen dient u aan een gekwalificeerd vakman over te laten.

Veiligheidsvoorschriften

4. De magnetronoven heeft voor een goede koeling een maximale

ventilatie ruimte aan de achterzijde nodig. Tijdens het koken moeten alle ventilatie-openingen goed vrij zijn.

5. Droog geen kleding in de oven omdat er dan kans bestaat op

6. Gebruik de magnetronoven alleen voor het beoogde gebruik zoals

in deze handleiding wordt beschreven.

8. Niet buiten gebruiken.

9. Het netsnoer of de stekker niet in water onderdompelen.

10. Houd het netsnoer uit de buurt van verwarmde oppervlakken.

11. Laat het netsnoer niet over de rand van de tafel of toonbank

12. Om het risico op brand in de oven te beperken:

a) Het voedsel niet te lang laten koken. De magnetronoven aandachtig in het oog houden als er papier, plastic of andere brandbare materialen in de oven worden geplaatst om het koken te vergemakkelijken. b) Verwijder de metalen sluitstrips van de zakken voordat u deze in de oven steekt. c) Als het materiaal in de oven vlam vat: houd de deur van de oven gesloten, schakel de oven uit met de wandschakelaar of zet de stroom uit met behulp van de zekering of de stroomonderbreker.

13. Bewaar geen ontvlambare stoffen naast, boven of in de oven. Dit

kan brand veroorzaken.

7. Gebruik deze magnetronoven niet als deze niet naar behoren

werkt, of als deze is beschadigd of gevallen. Veiligheidsvoorschriften

14. Gebruik deze oven NIET om chemicaliën of andere nietvoedingsproducten op te warmen. Reinig deze oven NIET met een

product dat corrosieve chemicaliën bevat. Het opwarmen van corrosieve chemicaliën in deze oven kan lekkages van de magnetronstraling veroorzaken.

15. Gebruik uw oven niet om thuis in te blikken of een gesloten pot op

te warmen. De druk aan de binnenkant zal oplopen waardoor de pot kan ontploffen. De magnetronoven kan bovendien niet de correcte temperatuur voor het inblikken van voedsel aanhouden. Verkeerd ingeblikt voedsel kan bederven en gevaarlijk zijn om te consumeren.

16. Probeer niet te frituren in uw magnetronoven.

17. Aardappelen, appels, eigeel, hele pompoen en worsten zijn

voorbeelden van voedingsmiddelen met een niet-poreuze schil of vel. Dit soort voedingsmiddelen moet worden doorprikt alvorens ze te koken, om te vermijden dat ze barsten.

18. GEBRUIK GEEN TRADITIONELE VLEESTHERMOMETER IN DE

MAGNETRONOVEN. Gebruik een MAGNETRON THERMOMETER om te controleren in welke mate gebraad en gevogelte reeds gaar is. Als alternatief kan een conventionele vleesthermometer worden gebruikt nadat het voedsel uit de oven werd gehaald. Plaats het vlees of het gevogelte dat onvoldoende gaar is terug in de oven en laat het enkele minuten op de aanbevolen stand verder koken. Het is belangrijk dat vlees en gevogelte goed gaar is.

19. Wees extra voorzichtig bij het maken van popcorn in een

magnetronoven. Plaats de popcorn niet langer in de magnetron dan de minimumtijd die wordt aangeraden door de popcornfabrikant. Gebruik de instructies die specifiek bedoeld zijn voor het wattage van uw magnetronoven. Laat de magnetronoven NOOIT onbeheerd achter wanneer u popcorn maakt.

Veiligheidsvoorschriften

20. Bij het opwarmen van zuigflessen altijd de stop en speen

verwijderen. De vloeistof bovenin de fles zal veel warmer zijn dan onderin. Daarom moet de fles eerst goed worden geschud alvorens de temperatuur te controleren. Het deksel moet ook van potjes met babyvoeding worden verwijderd en de inhoud geroerd of geschud alvorens de temperatuur te controleren.

21. De deurafdichtingen en de gebieden er omheen moeten met een

vochtige doek worden schoongemaakt.

23. Als het netsnoer beschadigd is, moet dit door de fabrikant, de

verkoper of een vakman worden vervangen om gevaar te voorkomen.

24. Het te gebruiken kookgerei moet magnetronoven bestendig zijn.

25. Indien vloeistoffen, zoals soep, sauzen en drank opgewarmd

worden in uw magnetronoven, kunnen deze bij het bereiken van het kookpunt beginnen te spatten op de binnenwand van de oven. Om dit te voorkomen, moet men het volgende doen: a) Gebruik geen vierkante schotels met smalle rand. b) Niet oververwarmen. c) Roer de vloeistof voor en nog een keer halverwege de kooktijd. d) Zodra de vloeistof op de juiste temperatuur gebracht is, laat ze nog even in de oven rusten en roer ze goed door voordat u de schotel uit de oven haalt.

22. Als rook vrijkomt, het apparaat uitschakelen of de stekker uit het

stopcontact halen en de deur gesloten houden om eventuele vlammen te doven. Veiligheidsvoorschriften

26. Bij het opwarmen van voedsel in een plastic of papieren

verpakking, de oven in het oog houden omdat dit vuur kan vatten.

27. Eieren in de schaal en hele hardgekookte eieren mogen niet

worden opgewarmd in de magnetron, want ze kunnen ontploffen zelfs nadat ze in de magnetron werden opgewarmd.

28. Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en

personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, als ze onder toezicht staan of worden geïnstrueerd over het gebruik van het apparaat op een veilige manier en de betreffende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet spelen met het apparaat. Kinderen mogen zonder toezicht het apparaat niet reinigen of onderhouden.

29. Het apparaat mag niet onder een waterstraal worden gereinigd.

30. Er bestaat een mogelijkheid van gevaar als gevolg van

elektromagnetische velden, en personen met pacemakers worden aangeraden om zich buiten de zones met elektromagnetische velden te houden. Neem in voorkomend geval kennis van de instructies van de fabrikant.

31. Bewaar geen dingen in deze oven als hij niet wordt gebruikt. Dit

kan gevaarlijk zijn voor de omgeving als de schakelaar per ongeluk wordt aangezet.

32. Gebruik geen gerecyclede papieren producten, deze kunnen

onzuiverheden bevatten, die voor vonken zorgen of kunnen branden wanneer deze gebruikt worden, tenzij de verpakking vermeld dat ze specifiek ontworpen zijn voor gebruik met een magnetron.

Veiligheidsvoorschriften

33. Bij het onderhoud en het vervangen van onderdelen moet de

stekker van het apparaat uit het stopcontact worden getrokken. Nadat de stekker uit het stopcontact is verwijderd, moet de stekker voor de onderhoudstechnicus zichtbaar blijven om te voorkomen dat de stekker per ongeluk in het stopcontact wordt gestoken.

34. De oven moet regelmatig worden gereinigd en voedingsresten

36. Het is belangrijk dat opnieuw verwarmd voedsel “gloeiend heet”

wordt opgediend (72 °C). Controleer dit altijd voordat u het voedsel opdient. Als u twijfelt, plaatst u het opnieuw in de magnetron om het verder te verwarmen.

37. Standtijden zijn essentieel voor voedsel dat in de magnetronoven

wordt gekookt of opnieuw verwarmd. Tijdens de standtijd wordt er warmte naar het midden geleid om het voedsel volledig te koken. Hoe hoger de dichtheid van het voedsel, hoe langer de standtijd. Opnieuw verwarmd voedsel vereist ook een standtijd.

Bewaar geen objecten in de oven voor het geval deze per ongeluk wordt ingeschakeld. Bij een elektronische storing kan de oven worden uitgeschakeld door de stekker uit het stopcontact te verwijderen. Schuif de verwijderbare middenplaat niet in of uit de oven wanneer er voedsel op staat. Hiermee kunt u de plaat beschadigen of voedsel morsen op degene die de oven bedient. Als het tweede niveau wordt gebruikt, trek dan het plateau van het eerste niveau niet met gerechten of voedingsmiddelen uit het apparaat, of er ook niet in.

35. Gebruik geen metalen of keramisch servies met vergulde of

verzilverde randen of een verpakking die metaal bevat. Veiligheidsvoorschriften

ONDERHOUD VAN DE OVEN

WANNEER DE OVEN EEN ONDERHOUDSBEURT VEREIST, moet u contact opnemen met de Panasonic-monteur bij u in de buurt. U moet niet proberen om de deur, de behuizing van het bedieningspaneel, de veiligheidsschakelaars of een ander onderdeel van de oven aan te passen of te repareren. Verzorging van uw magnetronoven Als de oven niet wordt schoon gehouden, kan dit leiden tot een verslechtering van de oppervlakte, hetgeen een negatieve invloed kan hebben op de levensduur van het apparaat en mogelijk kan resulteren in een gevaarlijke situatie.

1. Verwijder de stekker uit het stopcontact alvorens het apparaat te reinigen.

2. Houd de binnenkant van de oven schoon. Als stukjes voedsel of

gemorste vloeistof aan de wanden van de oven of tussen de deurafdichting en het deuroppervlak blijven kleven, worden microgolven daarin geabsorbeerd waardoor vonken worden veroorzaakt. Veeg al het gemorste af met een vochtige doek. Als de oven erg vuil is, mag een afwasproduct of ontsmettingsmiddel voor gebruik met voedingsmiddelen worden gebruikt. Gebruik geen agressieve schoonmaakmiddelen of schurende producten.

3. De buitenkant van deze magnetronoven moet met water en zeep

worden gereinigd en daarna gedroogd met een zachte doek. Zorg ervoor dat er geen water in de ventilatieopeningen aan de achterkant van het apparaat of in het bedieningspaneel terechtkomt, omdat dit het apparaat kan beschadigen.

4. Het raam van de deur moet met een zeer milde zeep en water

worden schoongemaakt. Zorg ervoor een zachte doek te gebruiken. Gebruik nooit een ruitenreiniger. De voordeur kan door agressieve zeep of schoonmaakmiddelen worden gekrast.

5. Richt een spuitbus niet direct op de deur, de wanden of in de oven zelf.

Spuit eerst op een doek en gebruik deze om de oven af te nemen.

6. Als deze reinigingsinstructies niet worden nageleefd, kan de

garantie op dit toestel komen te vervallen.

Verzorging van uw magnetronoven

HET DEURVERGRENDELINGSSYSTEEM REINIGEN

Zorg dat de keukenreiniger of zeep niet in het gat van het deurvergrendelingssysteem terechtkomt, omdat deze in het deurvergrendelingssysteem kan komen en hiermee het toestel beschadigd kan raken.

DE LUCHTFILTERS REINIGEN

Reinig de luchtfilters regelmatig volgens onderstaande instructies. U kunt problemen krijgen met de oven als de luchtfilters verstopt raken met vuil of stof.* PROG

1. Verwijder het rechter luchtfilter

aan de voorkant door de pin aan de rechterkant naar voren te Staander trekken. Schuif het filter daarna naar rechts en til het uit de Pop Pin Pop Pin staander in het midden. Verwijder het linker luchtfilter op dezelfde manier, maar dan door het naar links te verschuiven. ProΙΙ

2. Was de luchtfilters met zeep en water.

3. U plaatst de luchtfilter terug door deze uit te lijnen met de staander

in het midden met de voorkant van de pin naar voren en de achterkant van de pin weer in het gaatje te duwen. Druk op de voorkant van de pin om het filter weer terug te plaatsen. Zorg dat de luchtfilters zijn teruggeplaatst, voordat u de oven weer gebruikt.

  • De oven kan oververhit raken indien de filters verstopt zijn door vuil of stof.

Nederlands Reinig de deurvergrendelingen met een vochtige doek nadat u de oven hebt gereinigd of wanneer de vergrendelingen vies zijn. Sluit de deur nooit als er zeep- of keukenreiniger op de deurvergrendelingen zit. De zeep- of keukenreiniger komt via het gaatje in het toestel terecht en zal het toestel beschadigen. Toegestane materialen/schalen

WEL GEBRUIKEN: Hittebestendig glas, zoals Pyrex NIET GEBRUIKEN: Delicaat glas, loodkristal, enz, dat kan barsten of vonken.

WEL GEBRUIKEN: Verglaasde, porseleinen serviesgoed en keramisch serviesgoed dat ontworpen is voor de keuken. NIET GEBRUIKEN: Fine Bone China serviesgoed met metalen patronen. Mokken met gelijmde handgrepen.

3. POTTENBAKKERSKUNST/AARDEWERK/STEENGOED

WEL GEBRUIKEN: Indien volledig geglazuurd. NIET GEBRUIKEN: Indien niet geglazuurd - Dit serviesgoed kan water absorberen dat energie absorbeert. Hierdoor wordt het gerecht heet en is de verwarmingstijd langer.

WEL GEBRUIKEN: Er kunnen kleine stukken aluminiumfolie worden gebruikt om lapjes vlees te beschermen tijdens het ONTDOOIEN - Pas op dat de folie de wanden of de deur niet raakt. NIET GEBRUIKEN: Metalen borden, roosters, METALEN VLEESPENNEN of elk serviesgoed met een METALEN PATROON of RAND.

FOLIEVERPAKKINGEN NIET GEBRUIKEN

- deze kunnen gaan VONKEN wanneer ze GEDEUKT/BESCHADIGD raken. Gebruik geen servies zoals van Le Crueset (gietijzer met emaillelaag).

WEL GEBRUIKEN: Hittebestendig plastic, zoals duurzaam polysulfon, in plaats van zacht flexibel serviesgoed. (Verwijder alle metalen twist ties.) NIET GEBRUIKEN: Verpakkingen die zijn gemaakt van melamine, polypropyleen, fenol-ureum. Gebruik ook geen plastic voedselverpakkingen, zoals die van boter, yoghurt en mayonaise.

WEL GEBRUIKEN: Houten vleespennen ontworpen voor voedselgebruik. NIET GEBRUIKEN: Rieten mandjes, houten kommen (bij aanhoudend gebruik kunnen deze uitdrogen en vlam vatten)

WEL GEBRUIKEN: Kartonnen wegwerpbordjes van polyester indien ontworpen voor de magnetronoven. NIET GEBRUIKEN: Papieren zakdoekjes (deze kunnen vlam vatten), bekers van waspapier, gerecyclede producten (tenzij geschikt bevonden door fabrikant)

WEL GEBRUIKEN: Niet geplastificeerde huishoudfolie ontworpen voor gebruik in magnetronoven. Pas op dat de folie het voedsel niet raakt. U voorkomt nare brandwonden door stoom door gaatjes in de folie te prikken zodat de stoom kan ontsnappen en verwijder de folie voorzichtig van het gerecht. NIET GEBRUIKEN: De folie is alleen bedoeld om het voedsel af te dekken. Voor gebruik

NIVEAU’S ANDERE NUTTIGE INSTRUCTIES Indien u 1 portie opwarmt, moet u deze altijd in het midden van bodemplaat plaatsen.

VOOR HET BESTE RESULTAAT

Indien de oven hoofdzakelijk gebruikt wordt voor het verwarmen van kleine portie’s, verwijder dan de keramische tussenplaat. Voor het verwarmen van 2 portie’s dient u deze naast elkaar op de bodemplaat te zetten. Voor grotere schalen kunt u ook gebruik maken van de tussenplaat. Indien u meerdere portie’s wilt verwarmen, moeten de portie’s evenredig over de twee platen verdeeld worden. Laat wat ruimte open tussen de portie’s, plaats niet teveel voedsel tegelijk in de oven. Voor koken of ontdooien van gerechten dient u alleen gebruik te maken van bodemplaat. Dit dient niet op twee niveau’s tegelijk te geschieden. DIEPVRIESPRODUCTEN ONTDOOIEN

1. Bij het bepalen van de bereidingstijd van

bepaalde voedingsmiddelen, steeds de minimale tijd zoeken en de bereiding tijdens het koken controleren. De magnetronoven kookt zeer snel, daarom kunnen de voedingswaren snel overgaar zijn.

2. Wees voorzichtig met de bereiding van kleine

hoeveelheden voedsel of voedsel met een laag watergehalte. Dit kan aanbranden als het te lang wordt bereid.

3. Gebruik de oven niet om keukenhanddoeken of

servetten te drogen. Deze kunnen vlam vatten als ze te lang worden opgewarmd.

4. Probeer geen eieren in de oven te koken.

5. Als u een ei kookt, moet u het membraan van de

dooier doorboren voordat u het ei in de oven plaatst, om te voorkomen dat het ei barst.

INSTRUCTIES VOOR EEN KNAPPERIG BRUIN

1. Als u probeert om diepvriesproducten volledig te

ontdooien in de magnetronoven, kan als gevolg van de verschillen in dikte en vorm van het voedsel, ongelijkmatige ontdooiing optreden. Het voedsel kan ook druipen en soms kan het zijn dat een deel van het voedsel al kookt terwijl andere delen nog steeds bevroren zijn. Bij het daadwerkelijke gebruik van diepvriesproducten, moeten deze normaliter niet voor 100% worden ontdooid. Een ontdooiing voor 70% in de magnetronoven is ideaal en voldoende voor de volgende bereidingsstap.

2. Om gelijkmatig te ontdooien, het voedsel

omdraaien of herschikken tijdens het ontdooien.

3. Om vet vlees te ontdooien, dit voor een korte tijd

in de magnetronoven opwarmen en bij kamertemperatuur laten rusten, of het met tussenpozen opwarmen tot het is ontdooid.

4. Wanneer u een hele kip of een diepvriesproduct

van onregelmatige vorm ontdooit, pak dan de poten of dunne delen met aluminiumfolie in. Anders zullen de dunne delen sneller ontdooien en soms zelfs gaar zijn voordat de andere delen goed zijn ontdooid. Bij grote stukken vlees de zijkanten met aluminiumfolie omwikkelen zodat ze gelijkmatig worden ontdooid door alleen maar verticale microgolven.

5. Tijdens het ontdooien moet soms ijs worden

verwijderd. Voedsel dat in een magnetronoven wordt bereid, wordt meestal niet bruin. Dit is een van de kenmerken van de apparatuur. Om kippen te bruinen, brengt u vóór of tijdens het koken met een borstel saus aan op het oppervlak. U kunt het vlees ook eerst in een conventionele braadpan bruinen voordat u het in de oven bereidt. Met een braadpan voor magnetronoven behaalt u hetzelfde resultaat.

VOOR EEN GELIJKMATIGE BEREIDING

Open de deur en draai de schotel een halve draai om, of draai het voedsel tijdens de bereiding om. Dit helpt voor een meer gelijkmatige bereiding.

A — Programma uitlezing B — Uitlezing pieptoon-instelling C — Uitlezing kooktijd in min./sec. D — Capaciteits indicatie HOOG MIDDEN LAAG ONTDOOIEN Bediening van de magnetronoven (NE-3240/NE-2140/NE-1840)

A. HANDINSTELLING KOOKPROCES

TOETSEN INSTRUCTIES Open de ovendeur en plaats het voedsel in de oven. Let op dat “0” en het vermogenssymbool in het uitleesvenster verschijnen.

Kies het gewenste vermogen door de vermogensknop te draaien.

Stel de gewenste kookduur in. (tot 60 minuten)

  • Indien u de starttoets indrukt terwijl de ovendeur open is, zal “0” in het uitleesvenster verschijnen.
  • Na het instellen van de kooktijd kan het vermogen worden gewijzigd.
  • Gedurende het kookproces kan de kooktijd worden gewijzigd met de tijdknop.
  • De magnetronoven kan UIT gezet worden door de tijdknop naar links te draaien tot “0” in het uitleesvenster verschijnt en de pieptoon klinkt.

Nederlands Digitaal uitleesvenster Uitleesvenster ingestelde capaciteit Vermogensknop Tijdknop Starttoets Deurgreep Deksel ovenlamp Luchtfilter Programmeertoets (achter luchtfilter) Pieptoontoets (achter luchtfilter) Glasplaat Bediening van de magnetronoven (NE-3240/NE-2140/NE-1840) B. BEDRIJFSTELLER XXAflezen Van De Gebruiksteller

INSTRUCTIES Open de deur. In het uitleesvenster verschijnt het teken “0”. Sluit de deur. NOOT: Voer stap 3 uit binnen 60 seconden, om te voorkomen dat de uitlezing in het venster verdwijnt. Druk de pieptoontoets en de programmeertoets tegelijk in. PROG

C. HET KIEZEN VAN DE PIEPTOONAFSTELLINGEN

XXHet Opheffen Van De Pieptoon

TOETSEN INSTRUCTIES Druk de programmeertoets in. (Ook met een geopende deur kan deze handeling uitgevoerd worden.) PROG

Druk de pieptoontoets in. In het uitleesvenster verschijnen het “bEEP” teken en “1” (eenstaps kookindicator). Druk opnieuw de pieptoontoets in. “0 bEEP” verschijnt in het uitleesvenster. BUZZ

Druk opnieuw de programmeertoets in. PROG

Functieschema (NE-1880) PROG

Nederlands ProΙΙ PROG Digitaal uitleesvenster Uitleesvenster ingestelde capaciteit Vermogenstoets ( ) Wisseltoets (i) Voorkeuzetoetsen Stop-/hersteltoets ( ) Starttoets ( ) Tijdknop Deksel ovenlamp PROG

PROG LOCK Deurgreep Bedieningspaneel Luchtfilter Programmeertoets (achter luchtfilter) Pieptoontoets (achter luchtfilter) Programma-blokkeertoets (achter luchtfilter) Glasplaat

A — Programma uitlezing B — Voorkeuzetoetsen-groep indicatie C — Nummer geheugentoets D — Kook programma indicatie E — Uitlezing kooktijd in min./sec. F — Capaciteits indicatie HOOG MIDDEN LAAG ONTDOOIEN 0-STAND Deze magnetronoven is in de fabriek reeds afgesteld op de volgende punten: XX Bediening met de hand XX Nummertoetsen zijn vooraf ingesteld op hoge capaciteit op de aangegeven kooktijden met éénstaps verwarming. 1 = 10 seconden 2 = 20 seconden 3 = 30 seconden 4 = 45 seconden 5 = 1 minuut 6 = 1 minuut 15 seconden 7 = 1 minuut 30 seconden 8 = 2 minuten (Er zijn twee mogelijkheden A en B. Alleen A is reeds ingesteld.) XX Programma ontgrendeling XX De bedrijfsteller is voor alle toetsen op “0” ingesteld. Voor andere gewenste functies gelieve u de handleiding door te lezen, om na te gaan, hoe zij in werking worden gesteld.

XXEénstaps koken Voorbeeld: Koken op HOOG vermogen gedurende 2 minuten

TOETSEN INSTRUCTIES Open de ovendeur en plaats het voedsel in de oven. In het uitleesvenster verschijnt het getal “0”.

Stel de gewenste kookduur in. Tot 15 min. op stand ,60 minuten op stand

  • Herhaal Functie U kunt het met de hand gekozen kookprogramma herhalen door éénmaal de toets aan te tippen, indien u de oven binnen één minuut weer gebruikt (en binnen 30 minuten, indien u de deur van de oven openlaat). Nà deze minuut van niet gebruiken (30 minuten met geopende ovendeur) wordt de herhaalfunctie gewist. XXTwee- of driestaps koken Herhaal de hierboven genoemde stappen 2 en 3, voordat u de starttoets indrukt

Tweestaps koken: Driestaps koken: Eerste stap Tweede stap Derde stap

B. GEPROGRAMMEERD KOKEN

XXIn de gedeblokkeerde stand

INSTRUCTIES Open de ovendeur en plaats het voedsel in de oven. In het uitleesvenster verschijnt het getal “0”. Druk de gewenste geheugentoets in. Druk de starttoets in.

Bediening van de magnetronoven (NE-1880) XXIn de geblokkeerde stand TOETSEN

INSTRUCTIES Open de ovendeur en plaats het voedsel in de oven. In het uitleesvenster verschijnt het getal “0”. Druk de gewenste geheugentoets in. Het verwarmen begint automatisch. Het programmeren van geheugentoetsen onder “B”, druk eerst op de wisseltoets i, voordat u de gewenste geheugentoets kiest. Nederlands

C. HET PROGRAMMEREN VAN DE GEHEUGENTOETSEN

XXEénstaps koken DE OVEN KAN NIET GEPROGRAMMEERD WORDEN ALS DE PROGRAMMABLOKKERING IS GEACTIVEERD! ZORG DAT DE DEUR GESLOTEN BLIJFT TIJDENS HET PROGRAMMEREN! Voorbeeld: Het programmeren van de ontdooistand gedurende 1 minuut onder geheugentoets “5” TOETSEN

INSTRUCTIES Houdt de deur gesloten. Het uitleesvenster moet leeg zijn of teken “0” tonen. Druk de programmeertoets in. PROG

Druk de gewenste geheugentoets in. voorb.

Druk de vermogenstoets vier keer in.

Stel de gewenste kooktijd in.

Druk wederom de programmeertoets in. PROG XXTwee- of driestaps koken Herhaal de bovengenoemde stappen 4 en 5, voordat u de programmeertoets indrukt. PROG Eerste stap Tweede stap

Derde stap Het programmeren van geheugentoetsen onder “B”, druk eerst op de wisseltoets i, voordat u de gewenste geheugentoets kiest.

PROG LOCK INSTRUCTIES Houdt de deur gesloten. Het uitleesvenster moet leeg zijn. Druk de programma-blokkertoets in, totdat in het uitleesvenster “PROG”, “P” en “L” verschijnen (langer dan 5 seconden). programma blokkering:

  • De oven wordt in werking gesteld door de gewenste geheugentoets aan te tippen. Het is niet nodig de starttoets aan te tippen.
  • De onderbrekings functie werkt niet—Door de ovendeur te openen wordt de resterende tijd van het programma gewist.
  • De oven kan niet met de hand worden geprogrammeerd of met de hand worden geregeld voordat het programma is gedeblokkeerd. XXDeblokkering van het programma

PROG LOCK INSTRUCTIES Houdt de deur gesloten. Het uitleesvenster moet leeg zijn. Druk de programma-blokkertoets in, totdat in het uitleesvenster “PROG” en “P” verschijnen (langer dan 5 seconden). programma deblokkering:

  • Oven gaat nu terug naar bediening met 2 toetsen (nummertoets plus toets).
  • De herhaal en onderbrekingsfuncties werken weer.
  • De geheugentoestsen kunnen worden geprogrammeerd.
  • Het volume en de lengte van de pieptoon kunnen weer worden ingesteld.

E. HET KIEZEN VAN DE PIEPTOONAFSTELLINGEN

Het volume en de lengte van de pieptoon aan het einde van de kookcyclus, kunnen ingesteld worden. Het hoogste volume en 3 pieptoontjes zijn reeds door de fabriek ingesteld. XXHet kiezen van het volume

INSTRUCTIES Druk de programmeertoets in. (De deur mag geopend of gesloten zijn.) Kies het gewenste volume door het indrukken van de pieptoontoets. Het volume wordt aangegeven door een cijfer gevolgd door het woord “bEEP”; “3bEEP”=hoog volume, “2bEEP”=gemiddeld, “1bEEP”=laag, “0bEEP”=stil Druk wederom de programmeertoets in. PROG XXHet kiezen van de pieptoon lengte

Binnen 3 seconden na het indrukken van de programmeertoets van stap 3, is de gewenste pieptoon lengte in te stellen door de pieptoontoets in de drukken. De lengte van de pieptoon wordt aangegeven door de eerste, —of tweede stap kook indicatie. “1”=3 pieptoontjes, “2”=korte pieptoontjes gedurende 60 seconden Druk wederom de programmeertoets in. PROG

Alle geprogrammeerde informatie, [programma’s onder alle geheugentoetsen (A en B kant), pieptonen en programmablokkering] zal achtereenvolgens verschijnen.

TOETSEN INSTRUCTIES Open de ovendeur. Houdt de stop/hersteltoets ingedrukt en druk de starttoets in. Nadat de instellingen van alle geheugentoetsen zijn weergegeven, laat het uitleesvenster de instelling van de pieptoon zien, gevolgd door de programmablokkering: “P”, “L” (of programmadeblokkering “P”)

INSTRUCTIES Open de deur. In het uitleesvenster verschijnt het teken “0”. Sluit de deur. NOOT: Voer stap 3 uit binnen 60 seconden, om te voorkomen dat de uitlezing in het venster verdwijnt. Druk de pieptoontoets en de programmeertoets tegelijk in. PROG

Nederlands G. BEDRIJFSTELLER XXAflezen Van De Gebruiksteller Alvorens te koken BASISPRINCIPES BIJ

MAGNETRON ALGEMENE RICHTLIJNEN

EEN MAGNETRONOVEN Er zijn enkele basisprincipes die het succes van het bereiden van voedsel in een magnetron bepalen. Zie elke voedselcategorie voor specifieke tijden, de juiste opwarmtechnieken en de noodzakelijke voorbereiding van voedingswaren. Deze zijn:

OPWARMEN VAN GEKOELD VOEDSEL

In de koelkast bewaard voedsel (5 °C) moet worden bedekt voordat het wordt opgewarmd, met uitzondering van brood, gebak of gepaneerde producten die onbedekt moeten worden opgewarmd om te voorkomen dat ze zompig worden.

1. DE TEMPERATUUR VAN HET VOEDSEL —

Diepvriesproducten of gekoeld voedsel hebben een langere opwarmtijd nodig dan voedsel op kamertemperatuur, om een geschikte temperatuur voor het opdienen te bereiken.

2. DE VOEDINGSBESTANDDELEN — Voedsel

met een hoog gehalte aan suiker, zout, vetten en vocht warmen sneller op omdat ze door hun karakteristieken microgolfenergie aantrekken. Compactere voedingswaren met een hoog gehalte aan proteïnen en vezels, absorberen trager de microgolfenergie, hierdoor hebben ze een langere opwarmtijd.

3. BULK/VOLUME — Hoe groter de massa van het

voedsel, hoe langer het duurt om het op te warmen.

4. DE HOUDERS — Keramiek, papier, porselein,

piepschuim, glas en kunststof zijn geschikt voor gebruik in de magnetronoven mits de volgende voorzorgen. Het opwarmen van voedsel met een hoog gehalte aan vet of suiker mag alleen gebeuren in voedselhouders die aan hoge temperaturen weerstaan, omdat deze voedingswaren zeer heet worden. Wanneer u voor dergelijke voedingswaren een voedselhouder gebruikt uit piepschuim, zal deze verschrompelen. Andere restaurantglazen of plastic schotels voor lage temperaturen kunnen onder vergelijkbare omstandigheden barsten of kromtrekken. Voedsel NIET IN EEN AFGESLOTEN voedselhouder of zak OPWARMEN. Voedsel zet uit bij verhitting en de voedselhouder of zak kan breken.

5. VERMIJD METAAL omdat dit de microgolven

weerkaatst, waardoor ongelijkmatige verwarming en soms zelfs flitsen ontstaan, die de binnenkant van de oven, de metalen voedselhouders of draagplaat kunnen beschadigen. De meeste conventioneel bereide voedingsmiddelen moeten licht gaar zijn en in de koelkast bewaard worden, zodat ze tijdens het opwarmen in de magnetron niet te gaar worden. Gekookte gerechten, zoals groenten, kunnen per portie op een schotel worden gelegd en bedekt om zonder verlies van kleur, textuur of voedingswaarde te worden opgewarmd.

OPWARMEN VAN VOEDSEL OP

KAMERTEMPERATUUR Voorbereide schotels, zoals ingeblikte voorgerechten, groenten, enz. vereisen een aanzienlijk kortere opwarmtijd dan voor gekoeld voedsel. BELANGRIJKE AANBEVELINGEN

1. Voor de beste resultaten is het aanbevolen dat

het conventioneel bereide voedsel licht gaar wordt bereid wanneer dit naderhand in deze oven moet worden opgewarmd.

2. ONTHOUD dat wanneer de opwarmcyclus is

beëindigd, de kerntemperatuur van het voedsel dat in deze oven werd opgewarmd nog een beetje hoger wordt.

3. De microgolftoepassingen worden voornamelijk

verkeerd gebruikt bij de categorie van brood, gebak en taarten. Ze zijn droger aan de buitenkant dan aan de binnenkant of de vullingen en ze verwarmen langzamer. Daarom moeten gebakken producten ALLEEN worden opgewarmd totdat de korst warm is bij aanraking (50 °C–55 °C).

4. UW VOEDSEL NIET TE GAAR KOKEN: 99% van

alle klachten over de voedselkwaliteit van voedingswaren die in een magnetron werden opgewarmd, kan worden toegeschreven aan oververhitting.

6. Opgewarmde vloeistoffen kunnen overkoken als

ze niet met lucht worden vermengd. Geen vloeistoffen in de magnetronoven opwarmen zonder eerst te roeren.

Kook-instructies — Tabellen voor verwarmen en ontdooien — De tijden aangegeven in de tabel zijn slechts richtlijnen. Vele factoren, zoals de begintemperatuur van het voedsel zijn van invloed op de opwarm, of ontdooitijd. De tijden voor het verwarmen en ontdooien moeten, indien nodig, worden aangepast. Alle tijden zijn gebaseerd op de volgende temperaturen; gekoeld voedsel . . . . . . . . . . . . ca. +5 °C bevroren voedsel . . . . . . . . . . . ca. -18 °C Controleer altijd of de temperatuur binnen in het voedsel, in overeenstemming is, met de geldende wettelijke hygiëne voorschriften. Funktie Ontdooien Koken en/of opwarmen van bevroren voedsel Opwarmen van gekookt, gekoeld voedsel visfilet gehakt hele kip samengestelde maaltijd meervoudige portie enkelvoudige portie appeltaart Taart broodjes roerei broccoli visfilet spek kip portie’s erwten gekookte rijst gekookte worst Gebakken kippenvleugeltjes kant en klaar cheeseburger chocolade cake lasagna chili appeltaart peper saus gebakken bonen soep NE-3240 6 min 40 s 4 min 15 s 21 min 15 s Tijd NE-2140 6 min 40 s 4 min 15 s 21 min 15 s NE-1880/1840 8 min 5 min 25 min 1,36 kg 17 min 17 min 20 min 275 g 1 punt 1 punt 1 punt 50 g 2 eieren+ 2 eetl. melk 500 g 500 g 2 lapjes 500 g 6 min 40 s 1 min 05 s 1 min 40 s 25 s 13–17 s 6 min 40 s 1 min 05 s 1 min 40 s 25 s 22–25 s 8 min 1 min 15 s 2 min 30 s 26–30 s 3 min 4 min 40 s 6 min –6 min 50 s 3 min 25 s 1 min 25 s 50 s 3 min 30 s 4 min 45 s 50 s 7–8 min 500 g 167 g 150 g 1 min 40 s 2 min 20 s 25 s 2 min 30 s –3 min 25 s 2 min 10 s 1 min 40 s x 7 stuks 1 min 1 min 25 s 1 min 40 s 75 g 1 portie 325 g 325 g 1 portie 100 ml 100 ml 125 ml 40 s 25 s 1 min 40 s 1 min 40 s 35 s 35 s 26 s 50 s 25 s 2 min 30 s 2 min 30 s 14 s 40 s 40 s 40 s 1 min 30 s 3 min 3 min 16 s 50 s 50 s 50 s Gewicht 500 g 500 g 1,36 kg Magnetron vermogen 4 min 1 min 40 s 1 min Aanwijzingen: • Niet rechtstreeks op de bodemplaat van de oven koken, verwarmen of ontdooien. Gebruik hiervoor een geschikte schaal.

  • Indien er meervoudige portie’s ontdooit moeten worden, moet deze halverwege de ontdooitijd omgedraaid, en in stukken gebroken worden. Zodoende wordt een betere werking van de microgolven verkregen.
  • Bevroren voedsel met een hoge dichtheid, moet niet direct gekookt worden, omdat anders de randen al gaar zijn voordat het binnenste gaar is.
  • Dek borden of schalen af teneinde uitdroging en spetteren te voorkomen.
  • Maak deksels los of prik gaatjes in de folie voordat u begint met koken of opwarmen.
  • Roer of schep het voedsel om halverwege de ontdooitijd om het voedsel gelijkmatig op te warmen.
  • Laat het voedsel een tijdje staan voordat u de temperatuur controleert en/of aanbiedt voor consumptie.

Nederlands Koken van gekoeld, ongekookt voedsel Voedsel Zelf-diagnose (opsporen van fouten) — verklaring van de codes In het uitleesvenster van de oven kunt u steeds zien, welk proces er gaande is. In geval van storing verschijnt er in het venster een fout code. Code F01 Oorzaak

  • Voedsel wordt te lang verwamd
  • Temperatuur van afgezogen lucht is te
  • Defect in relais F44 F81–84 F86–F89 Hoe te handelen
  • Stekker uit stopcontact halen
  • Magnetronoven laten afkoelen alvorens stekker weer terug te plaatsen.
  • Indien voedsel gaat branden, deur gesloten houden.
  • Indien, na afkoeling, bediening niet mogelijk is, neem dan kontakt op met de servicedienst.
  • Stekker uit stopcontact halen en na 1 minuut weer terugplaatsen.
  • Indien bediening niet meer mogelijk is, neem dan kontakt op met de servicedienst en geef informatie over de foutcode. Opmerking: De bovengenoemde codes geven slechts een beperkt aantal storingsmogelijkheden aan.