IKB84431XB - IKB84431IB - Kookplaat AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis IKB84431XB - IKB84431IB AEG in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Kookplaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding IKB84431XB - IKB84431IB - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. IKB84431XB - IKB84431IB van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING IKB84431XB - IKB84431IB AEG
Bedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd om jarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën die het leven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparaten aantreft. Neem een paar minuten de tijd om het beste uit het apparaat te halen. Ga naar onze website voor: Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatieinformatie: www.aeg.com/support Registreer je product voor een betere service: www.registeraeg.com Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat: www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE EN SERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen. Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u de volgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer. De informatie vindt u op het typeplaatje. Waarschuwingen en veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatie Wijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE
VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit
NEDERLANDS uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan. Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat. Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg. WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen. Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd. Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken. Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik. Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt. NEDERLANDS
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken. WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel. WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld. LET OP: Het kookproces moet bewaakt worden. Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden. WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken. Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden. Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert. Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken. Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector. Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst. Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen. NEDERLANDS
WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
Verwijder alle verpakkingsmaterialen. Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat. Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat. Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht. Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel. Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht. Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht. Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend. Als het apparaat geïnstalleerd is boven lades zorg er dan voor dat de ruimte tussen de onderkant van het apparaat en de bovenste lade voldoende is voor luchtcirculatie. De onderkant van het apparaat kan heet worden. Zorg ervoor dat u onder het apparaat een scheidingspaneel installeert
dat gemaakt is van triplex, keukenkastmateriaal of ander nietbrandbaar materiaal om te voorkomen dat hij de bodem raakt. Het afscheidingspaneel moet het volledige gebied onder de kookplaat bedekken. Zorg ervoor dat er een ventilatieruimte van 2 mm tussen het werkblad en de voorzijde van de eenheid eronder wordt vrijgelaten. De garantie dekt geen schade die wordt veroorzaakt door het ontbreken van voldoende ventilatieruimte.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken.
Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien. Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je welke werkzaamheden dan ook uitvoert. Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom. Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt. Gebruik het juiste netsnoer. Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt. NEDERLANDS
Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd. Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel. Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit. Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels. Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen. De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst. Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is. Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken. Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker. Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers. De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
De specificatie van dit apparaat niet wijzigen. NEDERLANDS Verwijder voorafgaand aan het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing). Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden. Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter. Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik. Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden. Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water. Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak. Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen. Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones als het apparaat in werking is. Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten. Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer u ermee kookt. De dampen die boven erg hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden. Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt. Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING! Risico op schade aan het apparaat.
Laat geen heet kookgerei op het bedieningspaneel staan. Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat.
Laat kookgerei niet droogkoken. Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken. Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is. Leg geen aluminiumfolie op het apparaat. Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat. Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen. Maak het apparaat schoon met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen. Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking.
Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat. Haal de stekker uit het stopcontact. Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer ...........................
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte De kookplaat wordt geleverd met een aansluitkabel. Gebruik als vervanging van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F dat bestand is tegen een temperatuur van 90 °C of hoger. Neem contact op met een erkend servicecentrum. Het aansluitsnoer mag alleen worden vervangen door een gekwalificeerde elektricien. NEDERLANDS
3.4 De afdichting bevestigen Installatie aan bovenkant
min. 12 mm min. 2 mm
1. Reinig het werkblad rond de plek waar
het gat moet worden uitgezaagd.
2. Bevestig de meegeleverde afdichtstrip
van 2 x 6 mm tegen de onderrand van de kookplaat langs de buitenrand van de keramische plaat. Rek de afdichtstrip niet uit. Zorg dat de uiteinden van de afdichtstrip zich in het midden van een van de zijden van de kookplaat bevinden.
3. Tel een paar millimeter bij de af te
knippen lengte van de afdichtstrip.
4. Duw de twee uiteinden van de
3.6 Installatie van meer dan één
- Bereken de juiste afmetingen van de uitsparingen.
- Bereid de uitsparing van het aanrecht voor.
- Plaats de apparaten op een zacht oppervlak (bijv. een deken) met de onderkant naar boven.
- Bevestig in het geval van de Teppan Yaki de meegeleverde afsluitstrip aan de onderrand, langs de buitenrand van het glaskeramiek. Schroef losjes de bevestigingsplaten in de juiste gaten van de beschermende behuizing.
- Plaats het eerste apparaat in de uitsparing van het aanrecht. Monteer de verbindingsbalk onder het apparaat zodat de helft van de breedte nog zichtbaar is die zal het volgende apparaat ondersteunen.
Schroef voor de Teppan Yaki de bevestigingsplaten van onderaf losjes in het werkblad (aan de voor- en achterkant van het apparaat).
Plaats het volgende apparaat in de uitsparing van het aanrecht. Zorg dat de voorste randen van de apparaten met elkaar zijn uitgelijnd. Meegeleverde accessoires: verbindingsstang, afdichtstrip. Gebruik alleen een speciaal hittebestendig silicone. De uitsparing van het werkblad Afstand van‐ af de muur minimaal 50 mm Lengte 490 mm Breedte het totaal van alle breedtes van de apparaten die u installeert minus 20
Bevestig andere apparaten dan Teppan Yaki met behulp van inklikveren. Draai aan het einde de schroeven van de Teppan Yaki vast.
Dicht de kieren tussen de apparaten en de kieren tussen de apparaten en het aanrecht met siliconenkit. Druk de rubbervorm stevig tegen het glaskeramiek en beweeg het langzaam langs de randen om overtollig silicone uit te persen. Doe wat zeepwater op de silicone en strijk de randen glad met uw vinger. Raak de siliconenkit pas weer aan als die is uitgehard. Dit kan ongeveer een dag duren. Verwijder de siliconenkit die eruit steekt voorzichtig met een scheermesje. Reinig het glazen oppervlak.
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
4.1 Indeling kookplaat
1 Inductiekookoppervlak 2 Bedieningspaneel
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
De kookplaat in- en uitschakelen.
Om Blokkering of Kinderbeveiligingsinrichting in en uit te schakelen.
Om de actieve zone weer te geven.
Indicatielampje Timer met aftelfunctie.
Om Bridge in en uit te schakelen en om tussen de modi te schakelen.
Om Timer functies te selecteren.
Om de tijd te verlengen of te verkorten.
Om Pauze in en uit te schakelen.
Om een warmte-instelling in te stellen: 0 - 9.
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 In- of uitschakelen
Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit te schakelen. Het bedieningspaneel gaat aan als u de kookplaat aanzet en gaat uit als u de kookplaat uitschakelt.
5.2 Automatische uitschakeling
hebt gelegd (een pan, doek). Als het geluidssignaal klinkt, schakelt de kookplaat uit. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.
- de kookplaat te heet wordt (b.v. als een pan droogkookt). De kookzone moet afgekoeld zijn voordat u de kookplaat weer kunt gebruiken.
- u een kookzone niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na een tijdje gaat de kookplaat uit. De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt: De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als: Warmte-instelling De kookplaat wordt uitgeschakeld na
u gedurende 50 seconden geen kookgerei op de kookplaats zet, u binnen 50 seconden na het plaatsen van het kookgerei geen warmtestand instelt, u iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel NEDERLANDS
5.3 De kookzone gebruiken
LET OP! Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel. Er bestaat een risico dat de elektronische onderdelen beschadigen. warmte-instelling voor een kookzone in te stellen of te wijzigen.
2. Druk op 0 om een kookzone uit te
schakelen. Als u eenmaal een pan op de kookzone zet en de kookstand instelt, blijft deze gedurende 2 minuten gelijk nadat u de pan heeft verwijderd. De regelbalk en de aanduiding van de kookzone knipperen gedurende 2 minuten. Als u de pan binnen deze tijd weer op de kookzone plaatst reactiveert de kookstand. Zo niet wordt de kookzone uitgeschakeld.
5.5 OptiHeat Control (3-staps
restwarmte-indicator) WAARSCHUWING! / / Er bestaat verbrandingsgevaar door restwarmte. Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone. Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmeting van het kookgerei aan. Als u het kookgerei op de juiste positie plaatst, herkent de kookplaat deze en gaat de relevante regelbalk aan. Een rode kookzone-aanduiding verschijnt boven de regelbalk en geeft de positie van de pan aan. Elk vierkant op het bedieningspaneel staat voor een kookzone op de inductiekookzone. De zone-aanduidingen geven aan welke kookzone er wordt geregeld met de juiste regelbalk.
5.4 Warmte-instelling
De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die u momenteel gebruikt. Als de kookplaat uitgeschakeld is, zijn de aanduidingen nog zichtbaar. Als de kookplaat koud genoeg is, verdwijnen ze. De aanduidingen kunnen ook aangaan voor de nabijgelegen kookzones, zelfs als u deze niet gebruikt. De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte direct in de bodem van de pan. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van de pannen.
Deze functie verbindt twee kookzones en deze werken dan samen als één kookzone. U kunt de functie gebruiken met groot kookgerei.
1. Plaats het kookgerei op twee kookzones.
Het kookgerei moet het midden van beide zones bedekken. wordt wit.
1. Druk op de gewenste warmte-instelling
op de regelbalk. U kunt uw vinger ook langs de regelbalk bewegen om de
2. Tik op om de functie in te schakelen.
3. Stel de warmte-instelling in.
Het kookgerei dient het midden van beide zones te bedekken maar niet voorbij de gebiedsmarkering komen. Het symbool wordt wit. De vorige kookstand gaat aan.
Timer met aftelfunctie Gebruik deze functie om aan te geven hoelang een kookzone moet werken tijdens een enkele kooksessie. Stel eerst de warmte-instelling in en dan de functie.
aan om de functie in te schakelen of de tijd te wijzigen. De timercijfers Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De kookzones werken onafhankelijk.
Deze functie activeert meer vermogen voor de geschikte inductiekookzone, afhankelijk van de grootte van het kookgerei. De functie kan maar voor een beperkte periode worden geactiveerd. Druk op om de functie voor de kookzone te activeren. Het symbool wordt rood. De functie wordt automatisch uitgeschakeld. Raadpleeg voor maximale tijdsduur 'Technische gegevens'.
Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken. Als de functie in werking is kunnen worden gebruikt. Alle andere symbolen op het bedieningspaneel zijn vergrendeld. De functie stopt de timerfuncties niet.
1. Om de functie in te schakelen: druk op
Het symbool wordt rood. De warmteinstelling wordt verlaagd naar 1.
2. Om de functie uit te schakelen, druk op
en de indicatoren verschijnen op het scherm.
wordt wit. Als de timer is wordt ingesteld, verdwijnen alle aanduidingen na 4 seconden.
aan om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten). Na 3 seconden gaat de timer automatisch aftellen. De indicatoren
, en verdwijnen. blijft rood. Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaal en knippert raakt u . Om het signaal te stoppen, aan. Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De indicatielampjes
gaan branden. Gebruik
op het display in te stellen. U kunt ook het warmteniveau instellen op 0. Als gevolg daarvan hoort u een geluid en wordt de timer geannuleerd. CountUp Timer (De timer met optelfunctie) Gebruik deze functie om in de gaten te houden hoe lang een kookzone werkt. Raak tweemaal aan om de functie in te schakelen. De aanduiding wordt rood en de timer gaat automatisch optellen.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. Raak gaan branden.
5.11 Kinderbeveiligingsinrichting
Kookwekker U kunt deze functie gebruiken terwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken. Zet een pan op een kookzone om het bedieningspaneel te zien.
aan totdat de indicator wordtom de functie te activeren. rood
om de tijd in te stellen. De functie wordt automatisch na 4 seconden gestart. De indicatoren
, en verdwijnen. blijft rood. Als u de functie instelt, kunt u de pan verwijderen. Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaal en knippert te schakelen. . Tik op om het signaal uit Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De aanduidingen branden. Gebruik display in te stellen.
gaan op het De functie heeft geen invloed op de werking van eender welke kookzone.
Blokkering U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookplaat in werking is. Hiermee wordt voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd. U moet de functie voor elk apparaat afzonderlijk activeren. Stel eerst de kookstand in. Tik op om de functie in te schakelen. Het symbool wordt rood en knippert. Als u de functie wilt deactiveren, houdt u ingedrukt. Het symbool wordt wit.
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook. aan als de aanduidingen NEDERLANDS Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt. U moet de functie voor elk apparaat afzonderlijk activeren. Schakel eerst de kookplaat in, maar stel geen kookstand in. aan totdat het lampje rood wordt om Raak de functie te activeren. De regelbalken verdwijnen. Schakel de kookplaat uit. Als u de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief. Om de functie gedurende één kooksessie te deactiveren: Schakel de kookplaat in met gaat branden. Raak aan totdat deze wit wordt. De regelbalken verschijnen. Stel de warmte in binnen 50 seconden.U kunt de kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt met nog steeds actief. is de functie Om de functie permanent te deactiveren: activeer de kookplaat en stel geen kookstand aan totdat het wit wordt. De in. Raak regelbalken verschijnen. Schakel de kookplaat uit.
5.12 OffSound Control (De geluiden
in- en uitschakelen) Schakel eerst de kookplaat uit.
3 seconden aan om de functie in te schakelen. Het display gaat aan en uit.
3 seconden aan. gaat aan. van de timer aan om één van
het volgende te kiezen:
- de signalen zijn uit
- de signalen zijn aan
4. Om uw keuze te bevestigen moet u
wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt. kookzones. De kookplaat regelt de warmteinstellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen. Als de functie op staat, kunt u de geluiden alleen horen als:
u aanraakt Kookwekker naar beneden komt Timer met aftelfunctie naar beneden komt u iets op het bedieningspaneel plaatst.
Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle
Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt (zie het typeplaatje) wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd. Voor kookzones met verminderd vermogen toont het bedieningspaneel de maximaal mogelijke warmte-instellingen. Als er geen hogere warmte-instelling beschikbaar is verlaag dit dan eerst voor de andere kookzones. De activering van de functie is afhankelijk van het aantal en de grootte van de pannen.
6. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Voor inductiekookzones creëert een sterk elektromagnetisch veld de hitte in de pannen zeer snel. Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen.
De bodem van de pannen moet zo dik en vlak mogelijk zijn.
- Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zijn voordat de pannen op de kookplaat worden gezet.
- Schuif of wrijf de pan niet over het keramische glas, om krassen te voorkomen. Panmaterialen goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal, meerlaagse bodem (aangemerkt als geschikt door de fabrikant).
- niet goed: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein. Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:
een magneet op de onderkant van het kookgerei plakt. Afmetingen van pannen
Raadpleeg de technische gegevens.
water op de hoogste kookstand binnen korte tijd wordt verwarmd, Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan. De efficiëntie van de kookzone hangt samen met de diameter van de pan. Pannen met een diameter kleiner dan het minimum ontvangen slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt gegenereerd. Gebruik zowel om veiligheidsredenen als voor optimale kookresultaten geen pannen groter dan aangegeven in de kookzonespecificaties. Zorg ervoor dat pannen tijdens het koken niet dicht bij het bedieningspaneel blijven. Dit kan invloed hebben op de werking van het bedieningspaneel of onbedoeld de kookplaatfuncties activeren.
6.2 Lawaai tijdens gebruik
kraakgeluid: de pan is gemaakt van verschillende materialen (een sandwichconstructie). fluitend geluid: bij gebruik van een kookzone met een hoge kookstand en als NEDERLANDS
het kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (een sandwichconstructie).
- zoemend geluid: als u hoge kookstanden gebruikt.
- klikken: er treedt elektrische schakeling op.
- sissend, brommend: de ventilator werkt. Deze geluiden zijn normaal en hebben niets met een defect te maken.
6.3 Öko Timer (Eco-timer)
Om energie te besparen schakelt het verwarmingselement van de kookzone eerder uit dan het signaal van de timer met aftelfunctie klinkt. Het verschil in werkingstijd hangt af van het niveau van de kookstand en de tijd dat u kookt.
kooktoepassingen De correlatie tussen de kookstand en het stroomverbruik van de kookzone is niet lineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, is dit niet proportioneel met de toename in stroomverbruik van de kookzone. Het betekent dat een kookzone op de medium kookstand minder dan de helft van het vermogen gebruikt. De gegevens in de tabel dienen alleen als richtlijn. Warmte-instel‐ ling Gebruik om het volgende te doen: Tijd (min) Aanwijzingen
Houd gekookt voedsel warm. indien no‐ dig Doe een deksel op het kookgerei. 1-2 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho‐ colade, gelatine.
Van tijd tot tijd mengen. 1-2 Harden: pluizige omeletten, gebakken eieren.
Kook met een deksel erop. 2-3 Zachtjes aan de kook brengen van rijst en gerechten op melkbasis, reeds be‐ reide gerechten opwarmen.
Voeg minimaal twee keer zo veel vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door. 3-4 Stoom groenten, vis, vlees.
Voeg een paar eetlepels vocht toe. 4-5 Stoom aardappelen.
Gebruik max. ¼ l water voor 750 g aardappelen. 4-5 Bereid grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen.
Tot 3 liter vloeistof plus ingrediënten. 6-7 Zachtjes bakken: escalope, kalfsvlees cordon bleu, cutlets, rissoles, worstjes, lever, roux, eieren, pannenkoeken, do‐ nuts. indien no‐ dig Halverwege de bereidingstijd omdraai‐ en. 7-8 Zware friet, hash browns, lenden‐ steaks, steaks.
Halverwege de bereidingstijd omdraai‐ en.
Kook water, kook pasta, braadvlees (goulash, stoofvlees), frietjes bakken. Grote hoeveelheden water koken. PowerBoost is ingeschakeld.
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
7.1 Algemene informatie
Reinig de kookplaat na elk gebruik. Gebruik altijd kookgerei met een schone bodem. Krassen of donkere vlekken op het oppervlak hebben geen invloed op de werking van de kookplaat. Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat. Gebruik een speciale schraper voor het glas.
7.2 De kookplaat schoonmaken
voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schraper op de glazen plaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven. Verwijder nadat de kookplaat voldoende is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek. Verkleuring glanzende metalen verwijderen: reinig het glazen oppervlak met een doek en een oplossing van water met azijn. Verwijder direct: gesmolten kunststof, plastic folie, suiker en suikerhoudend
8. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Wat moet je doen als ...
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Je kunt de kookplaat niet inscha‐ kelen of bedienen. De kookplaat is niet aangesloten op een stopcontact of niet goed geïn‐ stalleerd. Controleer of de kookplaat goed aan‐ gesloten is op het lichtnet. De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zeke‐ ringen keer op keer doorslaan, neem je contact op met een erkende installa‐ teur. Je hebt 2 of meer sensorvelden te‐ gelijkertijd aangeraakt. Raak slechts één sensorveld aan. Pauze is in werking. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. Water of vetvlekken op het bedie‐ ningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. NEDERLANDS
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Je kunt een constant piepgeluid horen. De elektrische aansluiting is ver‐ keerd. Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installatie controleren door een erkende elektri‐ cien. Je kunt de maximale warmte‐ stand niet instellen voor één van de kookzones. De andere zones verbruiken het maximaal beschikbare vermogen. Je kookplaat werkt correct. Verlaag de warmtestand van de ande‐ re kookzones die op dezelfde fase zijn aangesloten. Zie 'Stroommanage‐ ment'. Er klinkt een geluidssignaal en de Je hebt iets op een of meer sensor‐ kookplaat wordt uitgeschakeld. velden geplaatst. Als de kookplaat wordt uitge‐ schakeld, klinkt er een geluids‐ signaal. Verwijder het voorwerp van de sensor‐ velden. De kookplaat wordt uitgescha‐ keld. Verwijder het voorwerp van het sen‐ sorveld. Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. De restwarmte-indicator gaat niet aan. De zone is niet heet omdat deze slechts kortstondig is gebruikt, of de sensor is beschadigd. Als de zone voldoende lang gebruikt is om heet te zijn, neem je contact op met een erkende servicedienst. Er klinkt geen geluidsignaal wan‐ neer je de tiptoetsen van het be‐ dieningspaneel aanraakt. De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐ kering werkt. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. Er staat geen pan op de zone, of de zone is niet volledig bedekt. Zet een pan op de zone, zodat de pan de zone volledig bedekt. De pan is niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voor inductiekookplaten. Zie 'Aanwijzingen en tips'. De diameter van de bodem van de pan is te klein voor de zone. Gebruik pannen met de juiste afmetin‐ gen. Raadpleeg de technische gege‐ vens. Er is een fout opgetreden in de kookplaat. Schakel de kookplaat uit en schakel deze na 30 seconden weer in. Wan‐ gaat aan. De bedieningsbalk knippert. en een getal gaan branden. neer weer verschijnt, trek je de stekker van de kookplaat uit het stop‐ contact. Steek de stekker van de kook‐ plaat er na 30 seconden weer in. Als het probleem zich blijft voordoen, neem je contact op met een erkende servicedienst.
8.2 Als je geen oplossing kunt
vinden... Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling. Geef de gegevens op het typeplaatje. Zorg ervoor dat je de
NEDERLANDS kookplaat correct gebruikt. Als dit niet het geval is, is het onderhoud van een servicemonteur of dealer niet gratis, ook tijdens de garantieperiode. De informatie over garantieperiode en geautoriseerde servicecentra vind je in het garantieboekje.
9. TECHNISCHE GEGEVENS
Model IKE42640KB Type 61 A2A 00 AD Inductie 3.65 kW Serienr. ................ AEG PNC 949 597 552 00 220-240 V 50-60 Hz Gemaakt in: Duitsland
9.2 Specificatie kookzones
Het vermogen van de kookzones kan binnen een bepaalde kleine marge verschillen van de gegevens in de tabel. Dit kan veranderen afhankelijk van het materiaal en de afmetingen van het kookgerei. Gebruik voor optimale kookresultaten alleen kookgerei met een diameter die niet groter is dan vermeld in de tabel.
10. ENERGIEZUINIGHEID
Modelnummer IKE42640KB Type kookplaat Inbouwkookplaat Aantal kookgebieden
Verwarmingstechnologie Inductie Lengte (L) en breedte (W) van het kookgebied Middel L 36,5 cm W 27,5 cm Energieverbruik van het kookgebied (EC electric coo‐ king) Middel 182,4 Wh/kg Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob)
- Voor de Europese Unie conform EU 66/2014. Voor Belarus volgens STB 2477-2017, Annex A. Voor Oekraïne volgens 742/2019. 182,4 Wh/kg EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten Methoden voor het meten van prestaties De energiemetingen betreffende het kookgebied worden geïdentificeerd door de NEDERLANDS
markeringen van de respectievelijke kookzones.
10.2 Energiebesparing
U kunt elke dag energie besparen tijdens het koken door de onderstaande tips te volgen.
Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft. Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan.
Zet uw kookgerei op de kookzone voordat u deze activeert. Zet kleiner kookgerei op kleinere kookzones. Plaats het kookgerei precies in het midden van de kookzone. Gebruik de restwarmte om het eten warm te houden of te smelten.
11. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Notice-Facile