TD 4222 - Medisch meetapparaat IBP - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TD 4222 IBP in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over TD 4222 IBP
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Medisch meetapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TD 4222 - IBP en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TD 4222 van het merk IBP.
GEBRUIKSAANWIJZING TD 4222 IBP
Mode d'emploi Gebruiksaanwijzing Manual de instrucciones
Bloedsuiker-meetsysteme
voor eenvoudig, snel en precies meten
Gebrauchsanweisung
Instruction manual
Mode d'emploi
Gebruiksaanwijzing
Tabel volgens Krall, L.P., and Beaser, R.S.: Joslin Diabetes Manual. Philadelphia: Lea and Febiger (1989), 138, voor de vergelijkking van uw bloedsvuikerwaarden met de waarden van Personen zonder diabetes
| Tijdstip van de dag | Waarden van Personen+zonder diabetes (mg/dL) / (mmol/L) | Uw behaalde bloedsuikerwaarden (mg/dL) / (mmol/L) |
| Voor het ontbijt | (70~105) / (3,9~5,8) | __________ (mg/dL) / (mmol/L) |
| Voor het Middag-/avondeten | (70~110) / (3,9~6,1) | __________ (mg/dL) / (mmol/L) |
| 1aar na de maaltijden | minder dan (160) / (8,9) | __________ (mg/dL) / (mmol/L) |
| 2aar na de maaltijden | minder dan (120) / (6,7) | __________ (mg/dL) / (mmol/L) |
| Tussen 2 en 4aar 's morgens | meer dan (70) / (3,9) | __________ (mg/dL) / (mmol/L) |
1 De introductie 2
2 Belangrijke veiligheidsinstructies 3
3 Voor de ingebruiktelling / het bloedsuiker-meetsystem / geleverde delen / gebruktte symbolen ... 4-5
4 Het apparatus 6
5 Beschrijving van weergegeven symbolen 7
6 De teststrook / delen van de teststrook / belangrijke informatie omtrent de teststrook 8-9
7 Het apparaat kalibreren / een zelftest uitvoeren / waarom coderen? 10 voordat u het apparaat de eerste koer gebruikt / zo controleert u de codering 11
8 Het systemeerlen / de controleoplossingen / belangrijke aanwijzingen voor de 12-13 controleoplossingen / zo controleert u met de controleoplossingen 14-15
9 De bloedsuikertest / de Voorbereiding 16 zo krintg u een druppel bloed / zo voert u de test uit 17-20
10 De meetresultaten / afwijkende meetresultaten 21
11 Het geheugen voor de meetwaarden / zo roept u de gemiddelde waarden op 22 zo roept u de afzonderlijke meetresultaten op / zo verlaat u het geheugendeel 23
12 De instellingen van het apparatus
zo stelt u de datum enarend / zo stelt u de maat-en temperatuurenheid in 24-25
zo wist u het geheugen en verlaat u de instelmodus 26
13 De batterij / verwangen van de batterij 27
14 Algemene informatie / reiniging en verzorging van het systeme 28
Foutmeldingen en oplossingen 29-32
15 Technische gegevens / Garantiebewijs 33-34
1 Introductie
Geachte heer/mevrouw,
Het verheegt ons dat u dit bloedsvuer-meetsysteme heeft aangeschaft. Het apparaat meet de bloedsvuer met zeer groe precisie. Het is voorzien van een automatisch geheugen voor 450 meetwaarden met datum enijd. Bovendien berekent het apparaat op basis van de bloedsvuermeetwaarden van de afgelopen 7, 14, 21, 28, 60 en 90 dagen de gemiddelde waarden. Zo kurz u de veranderingen heel goed volgen enijdig aan uw arts meedelen. Het apparaat is bestemd voor de actieve bloedsvuercontrole van privépersonen. Het is Niet geschikt voor het bepalen van diabetes en voor het bepalen van de bloedsvuer van pasgeborenen. Gebruik voor de test uitsluitend capillair volbloed. Deze gebruiksaanwijzing is er om u te informeren. Lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig en volledig door, volg de aanwijzingen op en voer alle controletests als beschreiben uit, voordat u een bloedsvuikertest uitvoert. Berg de gebruiksaanwijzing daarna goed op.
Technische veranderingen voorbehouden.
Opmerkingen vooraf!
Dit bloedsuiker-meetapparaat voldoet aan de eisen van de EG-richtlijn 98/79 voor 'In Vitro' diagnostische
apparaten en is voorzien van het CE-teken (conformiteitsteken) 'CE 0123'.
De firma ibp bevestigt voor het met deze gebruiksaanwijzing geleverde apparaat de overeennstemming met deze befalingen. De conformiteitsverklaring is beschikbaar.

- Verander nooit eigenhandig de voorgeschrevein inname van medicamenten op basis van uw bloed-suikermeetwaarden. Uw meetresultaten können uitsluitend door een arts worden geinterpreteerd.
- Meetresultaten die onder 3,3mmol/L (60mg/dL) liggen,+zijn een teken voor 'hypoglycemia',te lage bloedsuikerspiegel. Liggen de meetwaarden boven 13,3mmol/L (240mg/dL),kunnen symptomen van een te hoge bloedsuikerspiegel ('hyperglycemia') optreden. Bezoek uw arts, wanner uw meetwaarden regelmatig boven of onder deze grenswaarden liggen.
- Laten de meetresultaten 'HI' of 'LO' zien, verricht u de meting dan opniewu. Krijgt u dan wee de meetwaarde 'HI' = boven 600 mg/dL (33,3 mmol/L) of 'LO' = onder 20 mg/dL (1,1 mmol/L), geef dan onmiddelijk gehoor aan de aanwijzingen van de arts of neem met hem contact op.
- Watertekort of een groot vochtverlies (b.v. door zweten) kan foutieve meetwaarden veroorzaken. Wanner het vermoeden bestaat dat u aan dehydratie, dus vochtgebrek lijdt, ga dan zo snel möglichk maar een arts!
- Wonneer uw aandeel bloedlichaampjes (hematokrietwaarde) erg hoog (boven 55% ) of er laag (onder 30% ), dan kan dat uw meetresultaten verversen.
- Wanner u alle aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing in achegenomen hebt en er toch symptomen optreden die nicht in verbinding staan met uw bloedsuikerspiegel of uw bloeddruk, ga dan maar uw arts toe.
3 Voor de ingebruikstelling
het bloedsuiker-meetsysteme
U kunt uw bloedsuiker-meetsystem tot een hoogte van 3275m boven de zeespiegel gebruiken zonder dat dit tot uitwerkingen op het testresultaat leidt. Het bloedsuiker-meetsystem bestaat UIT drie componenten: Het bloedsuiker-meetapparaat, de teststrook en de controleoplossingen. Deze componenten werden in de ontwikkeling ervan speciaal op elkaar afgestemd, getest en de kwaliteit ervan werk bevestigd. Zo kan dit meetapparaat de bloedsuikerspiegel zeer precies meten en weergeven (volbloed gekalibreerd meetresultaat). Gebruik voor dit bloedsuiker-meetapparaatuitsluitend goedgekeurde teststroken en controleoplossingen. Bij vragen omtrent uw meetwaarden要去 u contact opnemen met uw arts.
Geleverde delen
De volgende delen maken deel uit van het leveringspakket en bevinden zich in de verpakking:
- 1 bloedsuiker-meetsystem
-25 steriele lancetten - 1 check code strookje
- 1 gebruiksaanwijzing
-
1 praktische draagtas
-
25 teststrookjes
- 1 prikhulp
- 2 verschillende contrôleoplossingen
- 1 korte instructies om fouten te verhelpen
- 1 lithium batterij 3V CR2032

Let op:
Controller of het contrôlezegel van de kartonnen verpakking intact is! Mocht het zege kapot zijn of zichs geheel ontbreken, brengt u het apparaat dan maar het betreffende bedrijf terug.
Gebrukte symbolen
De volgende symbolen op het apparaat, de verpakking en in de gebruiksaanwijzing verstrekken belangrijke informatie:
| Symbool | Betekenis | Symbool | Betekenis |
| 2 | voor eenmalig gezruik | LOT | (LOT) Chargebenaming |
| i | Gebruiksaanwijzing in acht nemen | REF | Productnummer |
| tegen zonlicht beschermen | SN | Seriennummer | |
| tegen nattigheid beschermen | ! | Let op = gevaar voor apparaat/voorwerpen | |
| Werktemperatuurbereik | ! | Waarschuwing = gevaar voor de gezruiker | |
| w | gefabriceerd op | Vervaldatum (te gezruiken tot de LASTe LASTe dag van de maand) |
4 Het apparatus

De bestanddelen van het apparaat
Beschrijving van weergegeven symbolen 5
Resultaten/ Foutmeldingen
Bereik voor de weergave van de meetresultaten en foumteldingen.
Symbool bloeddruppel
Geeft aan dat het apparaat maar is om de proof te verrichten en de meting uit te voeren.
Code
Verschijnt samen met het codenummer van het teststrookje, wanner dit werk ingevoerd.
Symbool teststrookje
Wordt constant weergegeven zodra het apparaat verschillende zichtestssuitvoert. Knippert, wanner het apparaat werde ingeschakeld en er geen teststrookje is aangebracht.

Keton-symbol
Belangrijk:Indien het meetresultaat boven 240mg / dL (13,3mmol/L) ligt,waarschuwen de symbolen 'KETONE' en ?'. Herhaal de meting.
Meeteenheden
Hier worden de ingestelde eenheid (mg/dL of mmol/L) aangegeven.
Temperatuur-symbol
Verschijnt samen met de omgevingstemperatuur.
Opslag-symbool
Geeft opgeslagen meetresultaten wee.
Datum
Hier wordt de datum (maand en dag) weergegeven.
Batterij-symbol
Geeft aan dat de batterij zwak is en verzangen moet worden.
Actueleijd
Hier worden de焜 (uren en minutes)
weergegeven.
6 Het teststrookje
Uw meetapparaat stelt het suikergehalte in uw bloed vast. Wanner u voor de test een druppel bloed op de absorberende spleet van het teststrookje (chemische samenstelling van de sensor: 1. Glucoseoxidase (A. niger) 30 IE, 2. Elektronen-shuttle 1,5 mg, 3. Enzymescherming 0,13 mg, 4. Niet reagierende bestanddelen 2,5 mg, 5. de sluiting van elk flesje met 3,0 g moleculaire zeef) aanbrengt, worden het bloed automatisch in de reactiecel gezogen. Daar vindt een reactie plaats.
Delen van het teststrookje
Contacten
Breng dit eind van het teststrookje aan in het bloedsuiker-meetapparaat. Druk het strookje stevig in het apparaat, tot aan de aanslag.
Controlevenster
Dit kleine venster op het teststrookje geeft aan, of er genoeg bloed is aangebracht.
Absorberende spleet
Breng een druppel bloed in contact met de absorberende splreet.
Het bloed worden vanzelf het teststrookje ingezogen.
Greep
Pak het teststrookje aan dit einde vast, wanner u het bloed aanbrengt en het strookje in het apparaat steegt.
Belangrijke informatatie over de teststrookjes:
- Bewaar de teststrookjes op een koele, droge plaats (uitsluitend in de originele houder, onder 40^ C resp. 104^ F). Bescherm de strookjes gegen direct zonlicht en vies ze nicht in.
- Raak de teststrookjesuitsluitend met schone, droge handen aan. Pak het strookje als u het UIT de houder haalt en in het meetapparaat steekt indien möglichuitsluitend aan de aan het greepgedeelte vast.
- Wanner u een teststrookje uit de houder hebft gehaald, plaats dan het deksel daarna direct wee terug en sluit de houder luchtdicht af. Gebruik ieder teststrookje direct nadat u het uit de daartoe bestemde houder heeft gehaal.
- Schrijf de openingsdatum op het etiket van de houder, wonneer u die voor de eerste keer opent. Verbruik de resterende teststrookjes binnen 90 dagen nadat de houder de eerste keer geopend werd.
- Gebruik geen teststrookjes waarvan de houdbaarheidsdatum reeds verstreten is,.ovat waarvan het meetresultaat afwijk. De houdbaarheidsdatum is op de houder aangebracht.
- Breng alleen bloedmonsters of de bijgevoegde controoplossingen op de spliet van het teststrookje aan. Aanbrengen van andere substanties leidt tot onnauwkeurige of foutieve meetwaarden.
- De teststrookjes mogen nicht verbogen, verknipt of op andere wijze veranderd worden.

Waarschuwing:
Houd de houder met de teststrookjes buiten bereik van kinderen! Door de sluitkap bestaat verstikkingsgevaar. Bovendien bevat de sluitkap uittrogende, werkzame stoffen die schadelijk hunnen,zijn, wanneer ze ingeademd of ingeslikt worden. Irritatives van de huid en van de ogen hunnen het gevolg zich.
7 Het apparaat kalibreren
Een zelftestuitvoeren
Telkens wanner u een teststrookje in het meetapparaat aanbrengt (afb. 1) verschijnt op het display 'CHK' voor check en het symbol 'Teststrookje'. Dit geeft aan dat het systemiekort verschillende zelftestsuitvoert. Wanner de zichtest is beindigd, hoort u eerst een lange enervolgens een korte signaaltoon. Bij het verwijderen van het teststrookje is een korte signaaltoon hoorbaar.
Waarom coderen?
De codenummers dienen ertoe, de teststrookjes met het apparaat te kalibreren om nauwkeurige testresultaten te behouden. Voordat u het apparaat de eerste koer gebruikt en telkens wanner u een neue doos teststrookjes gebruikt, moet u eerst de check-/codestrookjes in het apparaat steken. Controller daarna telkens wanner u een test uitvoert, of het nummer dat op het display verschijnt met het codenummer op het doosje van de teststrookjes overeenkomt.

Waarschuwing:
Wanner het op het display weergegeven codenummer Niet met het codenummer op het doosje van de teststrookjes overeenkomt, kan het meetresultaat afwijkingen vertonen.

Het apparaat kalibreren 7
Voordat u het apparaat de eerste keer gebruikt
Voordat u het meetsystem voor de eerste keer gebruikt, steekt u de check-codestrookjes in het apparaat, tot het codenummer op het display verschijnt (afb. 2). Trek het check-codestrookje er waaruit. Op het display worden 'OK' weergegeven (afb. 3). Dit geeft aan dat het systemu gekalibreerd is en u met de test beginnen kut.
- Breng het teststrookje aan in het uitgeschakelde apparaat (afb. 1), om het in te schaken. Op het display worden 'CHK' en het symbol 'Teststrookje' weergegeven. Daarna verschijnt de omgevingstempoatuur enervoigens geduren de drie seconden het codenummer.
- Vergelijk het op het display weergegeven codenummer met het codenummer op het doosje van de teststrookjes (afb. 4). Wanner bede codenummers overeenkomen,(Int u met de bloedsuikertest beginnen. Indien dat Niet het geval is, handelt u dan zoals hierboven is beschreiben ('Voordat u het apparaat de eerste keer gebruikt').
Aanwijzing: Telkens wanner u een新模式 doosje teststrookjes opent, moet het apparaat doordat het lately we check-/codestrookje worden ingevoerd, gekalibreerd worden.



8 Het systeem controlleren
De controleoplossingen
De controleoplossingen worden voor het controlleren van het gehele bloedsuikermeetsystem gebruikt. Hierbij kan worden vastgesteld of het apparaat en de teststrookjes optimaal samenwerken en of de test op de juiste wijze worden uitgevoerd. Het is belangrijk dat u de test met de controlevloeistoffen regelmatinuitvoert, om te garanderen dat u precieze meetresultaten bereikt.
De controleoplossingen bevatten een bepaald gehalte druivensuiker datbekend is. Wanner u de bloed-suikertest met deze vloeistoffen uitvoert, kurz u verzolgens vergelijkken of de gemeten waarde binnen het bereik van de werkelijkke waarde ligt. De werkelijkke waarde van de controleoplossingen is aangebracht op de houder van de teststrookjes. Er zich twee verschillende, door gekleurd gecodeerde controleoplossingen. Een voor het 'bereik van de normale waarden' (groen) en een voor het 'bereik van de hove waarden' (rood).
De controleoplossingen dieren gelebruikt te worden:
- om de bloedsuikertest te oefenen.
- om te garanderen dat het apparaat en de teststrookjes perfect samenwerken.
- om te controleren of de test op de juiste wijze is uitgevoerd.
Voordat u de eersten bloedsuikertest UITvoert, dient u met de controlevloeistof drie tests met succes après elkaar afgesloten te hebben. Zo garandeert u dat u de test beheerst en dat het apparaat probleemloos werk. Wanner de testresultaten alle drie de waarde bereiken die op de houder van de teststrookjes is aangebracht, kurz u met de eigenlijke bloedsuikermeting beginnen.
Wanner moet u een test met de controleoplossing UITvoeren?
- Minstens eenmaal per week.
- Wanner u een neue houder met teststrookjes opent.
-
Wanner de meetresultaten nicht met uw toestand overeenkomen.
-
Wanner het apparaat geallen is.
- Altijd wonneer u vermoedt dat het bloedsuiker-meetsystemeiet perfect functioneert.
Belangrijke aanwijzingen voor de controleoplossingen
- Gebruik alleen controleoplossingen van het leveringspakket.
- Noteer de openingsdatum op de fles.
- Controller de houdbaarheidsdatum van de oplossing. Gebruik geen oplossingen waarvan de houdbaarheidsdatum is verstreken.
- De contrôleplossing dient voor gebruik een ruimtetelemperatuur van (20^ tot 25^) te hebben.
- Schud de fles met de testvloeistof goed voordat u deleze opent. Veeg de eerste druppel eraf en gebruik de tweede om een goed monster voor precieze meetresultaten te verkrijgen.
- Verbruik de controleoplossing binnen 90 dagen nadat de fles de eerste keer geopend werk.
- Bewaar de oplossingen goed gesloten op een ruimtetemperatuur (onder 30^ ). Niet invriezen!

Let op: De meetwaarde van de oplossingen die op de houder van de teststrookjes is aangebracht, dient uitsluitend voor de controle van het meetsystem. Dit is geen aanbevolen waarde voor uw bloedsuikerspiegel!
8 Het system controller
Zo contrôleu met de controleoplossingen
-
Breng het teststrookje met de contacten vooruit en het displayaar u gekeerd aan in de daartoe bestemde opening (zie pagina 19). Voor een nauwkeurig meetresultaat要去 het teststrookje stevig in het apparaat gestoken worden. Het apparaat wordt automatisch ingeschakeld. Op het display worden 'CHK' en het symbool Teststrookje weergegeven. Daarna verschijnen de omgevingstempoatuur, het symbool ±b en het codenummer op het display. Kalibreer uw apparaat (zie pagina 10) wanner het op het display getoonde codenummer Niet met het codenummer op het doosje van de teststrookjes overeenkomt.
-
Wanner u eenmaal op de menuknop drukt, verschijnt 'CTL' op het display. Wanner het 'CTL'-symbool op het display verschijnt, worden de gezemeten bloedsuikerwaarden Niet in het interne geheugen overgenomen. Zo beinvloeden de tests met de oplossingen uw meetwaardestatistikiet nicht. Om de volgende meting toch in het geheugen op te nemen, drukt u opnieuw op de menuknop, 'CTL' op het display verdwijnt.



Let op: Telkens wanner u een test met een controleoplossing uitvoert, dient u eerst de CTLmodus te activeren, zodat uw opgeslagen meetwaardestatistikiek Niet worden vervalst!
Het systeme controlleren 8
- De controleoplossing goed schudden voor gebruik. Schroef de sluitkap eraf en knijp er een druppel uit. Veeg de eerste druppel eraf en knijp er een volgende druppel uit. Neem.Deze druppel er met de top van uw vinger af (afb. 7).
Aanwijzing: Opdat de controleoplossing Niet door contact met het teststrokje worden verontreinigd, brengt u de druppel Niet direct op het strookje aan, maar eerst op een zuivere ondergrond of op de top van uw vinger.
- Doe de druppel op de absorberende splee. De oplossing worden in de splee gezogen. Wanner het controlevenstertje compleet met de oplossing is gemvuld, begint het bloedsuikermeetapparaat met de 10 sec. countdown.
- Na de countdown vindt de glucosemeting plaats en het resultaat worden op het display weergegeven. Controller of het resultaat de tevoren ingevoerde waarde van de controleoplossing heeft. Deze waarde is op de houder van de teststrookjes aangebracht.



Let op:
Wanneer u met de controleoplossing herhaaldelijk foutieve meetresultaten bereikt die van de ingestelde waarde afwijken, functioneert het meetsysteme Nieteer correct. Gebruik het apparaat in dat geval Nieteer om uw bloedsuikerspiegel te meten. Lees op de pagina's 29-31 het hoofdstuk 'Instructies om fouten te verhelpn'. Mocht u het probleem nicht kuren verhelpen, neemt u dan contact met unsere klantenservice op (zie garantie).
9 De bloedsuikertest
De Voorbereiding
Zorg ervoor dat u de informatatie over het apparaat, de teststrookjes en dit hoofdstuk zorgvuldig doorgengelezen hebt, voor u met de test begint.
- Leg al het voor de bloedsuikertest benodigde materiaal (afb. 9) gereed:
A Uw ibp meetapparaat
B De teststrookjes
C De prikhulp
D De steriele lancetten
- Was uw handen grondig met warm water en droog ze goed af.

Zokrijgt u een druppel bloed
Belangrijke instructies om infectie te voorkomen:
- Gebruik een lancet of prikhulp nooit samen met andere Personen.
- Gebruik voor elke test een nieuwe steriele lancet. Lancetten zijn bedoeld voor eenmalig gebruik.
-
Voorkom dat handlotion, olien of vuil in of op de lancet en prikhulp terechtkommen.
-
Open de prikhulp door de kap gegen de richting van de wijzers van de klok in te draaien en eraf te halen. Steek de lancet tot aan de aanslag (zonder waar bij te draaien) in de prikhulp (afb. 10).
- Draai de beschemkap van de lancet af (afb. 11).
- Zet de kap waar op de prikhulp en draai deze gegen de richting van de wijzers van de klok in (niet te stevig) vast. De instelbare kap kan op 5 verschillende prikdieptes worden ingesteld.
Draai de eindkap in de passende richting, tot de pijl op het cijfer met de gewenste prikdiepte staat (afb. 12).
De voor u passende prikdiepte bepalen:
1-2 voor een zachte of dunne huid
3 voor een normale huid
4-5 voor een dikke of eeltachtige huid

9 De bloedsuikertest
- Span de prikhulp door deze, als in afb. 13 weergegeven,uit elkaar te trekken, tot deze hoorbaar vastklikt. Klicht de prikhulp Niet vast, werde ze waarschijnlijk bij het inzetten van de lancet al gespannen.
- Plaats de prikhulp op een vingertop (het.beste aan de zijkant) en druk op de knop om te prikken (afb. 14). Neem een druppel bloed af, door de plek zachtjes te masseren.
Let erop dat u de druppel bloed nicht versmeert (afb. 15) en voer de testuit (zoals beschreiben op pagina 15).
Aanwijzing: Het systeme heeft maar eenklein druppeltje bloed nodig om een test uit te voeren. U kunt deze van een vingertop halen. Gebruik voor elke test een andere plaats.
Opnieuw indezelfdeplaats prikken kan tot ontstekingen en gevoellosheid leiden.
- Open de prikhulp waar door de kap gegen de richting van de wijzers van de klok in te draaien en eraf te halen. Verwijder het gebruikte lancet voorzichtig door deze eruit te trekken en verwijder het lancet zorgvuldig en voorkom dat een andere persoon zich eraan verwondt. Zet de kap er wee op en draai deze vast.
(afb. 13)

(afb. 14)

(afb. 15)

Zo voert u de test UIT
- Breng het teststrookje met de contacten vooruit en het display maar u gekeerd aan (zie pagina 16) in de opening voor de teststrokjes. Voor een nauwkeurig meetresultaat要去 het teststrokje stevig in het apparaat gestoken worden. Het apparaat wordt automatisch ingeschakeld. Op het display worden 'CHK' en het symbol 'Teststrookje' weergegeven. Daarna verschijnen de omgevingstemperatuur, het symbol en het codenummer op het display. Codeer uw apparaat (zie pagina 11) wonneer het op het display getoonde codenummer Niet met het codenummer op het doosje van de teststrookjes overeenkomt.
- Neem met de prikhulp een Ronde druppel bloed af van minimaal 2 microliter. Wanner het symbool op het display knippert, doet u de druppel bloed op het absorberende venster van het teststrookje, op de plek waar het venster en de spleet samenkomen. Druk Niet met uw vinger op het teststrookje en breng geen versmeerd monster aan.
- Het controlevenster van het teststrookje要去 volledig met bloed gemvuld zijn, voordat het apparaat met de countdown begint. Indien het controlevenstertje Niet compleet met bloed gemvuld is (afb. 18) en het apparaat met de meting begint, breng dan nicht nog eens bloed

9 De bloedsuikertest
aan. Trek het teststrookje eruit en beeindig zo het testproces. Begin van voor af aan door een newly teststrookje in te voeren en het benodigde bloed toevoegen.
Mocht het Niet lukken, het teststrookje op de juiste wijze met bloed te vullen, neemt u dan contact op met once serviceafdeling.
Aanwijzing: Indien u binnen drie minuten geen bloed op het teststrookje doet, schakelt het apparaat zichzelf UIT. Verwijder het strookje en steek het opnieuw in het apparaat om opnieuw met het testen te beginnen.
- Nadat het apparaat de countdown beeindigd heeft, verschijt het meetresultaat op het display. Demeetwaarden van de bloed-suikertests worden automatisch in het geheugen opgeslagen. Schakel het apparaat uit door het teststrookje eruit te trekken.

Waarschuwing: Verwijder het gebruikte teststrookje en het gebruikte lancet zorgvuldig om te voorkomen dan andere Personen er door verwond of ge-infecteerd raken.
De meetresultaten van uw bloedsuikermeetapparaat " ibp TD 4222" zich nauwkeurig volbloed gekalibreerde testresultaten (afb. 19) die direct met de laboratoriumresultaten vergeleken nutzen worden.
(afb.18)

Voorbeeld: Dejuiste wijze vanbloed aanbrenge

Voorbeeld: De verkeerde wijze van bloed aanbrengen (onvoldoende)
(afb.19)

Voorbeeld: Volbloed gekalibreerd resultaat
Afwijkende meetresultaten
Het bloedsuikermeetapparaat "ibp TD 4222" bepaalt meetresultaten:tussen 1,1 en 33,3 mmol/l (20 en 600~mg / dl
- Indien het meetresultaat onder 1,1 mmol/l (20 mg/dl) ligt, verschijnt 'LO' op het display (afb. 20). Daardoor wordt sterke hypoglycemia (te lage bloedsuikerspiegel) aangegeven. In dat geval要去 u onmiddelijk de aanwijzingen van uw arts opvolgen.
- Indien het meetresultaat boven 33,3 mmol/l (600 mg/dl) ligt, verschijnt 'HI' op het display (afb. 21). Daardoor wordt sterke hyperglycemia (te hoge bloedsuikerspiegel) aangegeven. In dat geval moet u onmiddelijk contact opnemen met een arts.
- Indien het meetresultaat boven 13,3 mmol/l (240 mg/dl) ligt, verschijnt 'KETONE' en ?' op het display (afb. 22). Daardoor worden een verhoogde bloedsuikerspiegel aangegeven. In dat geval要去 u ook contact opnemen met een arts.
(afb.20)

(afb.21)

(afb.22)

11 Het geheugen voor de meetwaarden
Zo roept u de gemiddelde waarden op
Uw meetapparaat slaat de LASTE 450 bloedsuiker-meetwaarden op in het geheugen. Op basis van de bloed-suikermeetwaarden van de afgelopen 7, 14, 21, 28, 60 en 90 dagen berekent de ibp TD 4222 bovendien de gemiddelde waarden. Ga als volgt te werk om de meetwaarden in het geheugen op te roepen.
- Wanner het apparaat is uitgeschakeld, drukt u eenmaal op de menuutoets en na de pieptoon nog een keer. De gemiddelde waarde over 7 dagen verschijnt op het display en geeft aan dat u zich in het geheugen bevindt. Ledere keer dat u op de menuutoets drukt worden verzolgens de gemiddelde waarde van de afgelopen 14, 21, 28, 60 en 90 dagen weergegeven. Vervolgens kanne de LASTE 450 meetresultaten een voor een worden opgeroepen.

De gemiddelde waarde over 7ragen krijt u via de bloedsuikertests van de staat 7ragen. Bovendien wordt aangegeven hoeveel tests er gedurende deze periode zijn uitgevoerd. In het voorbeeld (afb. 23) 12 tests gedurende de afgelopen 7ragen. Wanner u het apparaat voor het eerst gebruikt, verschijnt '7 Davg ---'. Dit geeft aan dat er geen meetresultaten zijn opgeslagen.
De gemiddelde waarde over 14ragen krijgt u via de bloedsuikertests van de laatste 14ragen. Bovendien wordt aangegeven, hoeveel tests er in deze periode zijn uitgevoerd. Wanneru het apparaat voor het eerst gebruikt, verschijt '14 Davg ---'. Dit geeft aan dat er geen meetresultaten zijn opgeslagen. Met de gemiddelde waarden gedurende 21, 28, 60 en 90ragen gaat het opdezelfde wijze.
Het geheugen voor de meetwaarden 11
Zo roept u de afzonderlijke meetwaarden op
- Wonneer het apparaat is uitgeschakeld en u 8 keer op de menutoets drukt, verschijnt (na de gemiddelde waarde gedurende 90 dagen) het LAST gemeten testresultaat met datum en tijd op het display (afb. 24). Door nog eens op de menuutoets te drukken, worden het testresultaat van waarvoor opgeroepen. U kutn door iedere keer drukken op de menuutoets een meetresultaat erder (tot 450 opgeslagen meetresultaten) oproepen. Indien het geheugen voor demeetwaarden vol is, worden de oudste meetwaarde gewist, zodra een新产品aat worden opgeslagen.
Aanwijzing: Wanner het apparaat voor het eerst worden gebruikt, verschijnt 'mem' op het display en geeft aan dat er nog geen testresultaten zich opgeslaagen.
Zo verlaat u de opslagmodus
- Druk gedurende minimaal 3 seconden lang op de menutoets. Op het display verschijnt 'OFF' en het apparaat schakelt zichzelf UIT.
Aanwijzing: Om de inhoud van het geheugen compleet te wissen, leest u het hoofdstuk 'Instellingen van het apparaat' op pagina 26.

(afb.24)
12 Deinstallingen van het apparatus
Bij de levering van uw meetapparaat zijn tijd, datum, maateenheid en temperatuurenheid tevoren ingesteld. Wanner u deze instellen gen verandert, de batterij verrangt of de inhoud van het geheugen wilt wissen, kut u in de instelmodus de veranderingen doorvoeren.
Zosteltutijdendatumin
- Instellen van het jaartal:
Laat het apparaat uitgeschakeld. Verwijder het deksel van het batterijvakje aan de achterkant van het apparaat en druk op de insteltoets (SET) in het batterijvakje. Het knipperende jaartal verschijnt op het display (afb. 25). Druk op de menuutoets, om het Jaartal te veranderen. Zodra het gewensteaar op het display verschijnt, drukt u op de insteltoets in het batterijvakje om deinstelling te bevestigen en met de maandinstelleningen verdter te gaan.
- Instellen van de maand:
De maand knippert (afb. 26). Druk op de menuutoets, om de maand in te stellen. Druk op de insteltoets om de instelling te bevestigen en met de daginstellen gen der te gaan.
- Instellen van de dag, het uur en de Minutes:
Stel de dag, het uur en de minutes opdezelfde manier is en ga door met het instellen van de maateenheid (mmol/L of mg/dL).

(afb.25)

(afb.26)
Deinstallingen van het apparatus 12
Aanwijzing: Het apparaat slaat de gemiddelde bloedsuikermeetwaarden op van de afgelopen 7, 14, 21, 28, 60 en 90 dagen. Wanner u de datum verandert, worden de gemiddelde waarden volgens de neue we periode berekend.
Zo stelt u de maat- en temperatuurenheid in
Het apparaat kan de meetresultaten in millimol per liter (mmol/l) of milligram per deciliter (mg / dL) weergeven. In de USA is de eenheid mg/dL standard, in Canada de eenheid mmol/L. In Duitsland en Europa zijn beiden maateenheden gebruikelijk.
- Instellen van de maateenheid:
De maateenheid knippert (afb. 27). Druk op de menuutoets, om de gewenste eenheid in te stellen. Druk op de insteltoets om de insteling te bevestigen en met de temperatuurenheid verdier te gaan.
- Instellen van de temperatuurenheid (^ of F):
De temperatuurenheid knippert (aftb. 28). Druk op de menuutoets om de gewenste temperatuurenheid te selecteren en de insteltoets om deinstilling te bevestigen en met de modus 'Geheugen wissen' (dEL) verder te gaan.

(afb.27)

(afb.28)
12 Deinstallingen van het apparatus
Om het geheugen te konnen wissen, moeten eerst de fases voor het instellen vanijd, datum, maateenheid en temperatuurenheid worden doorlopen. Na het bevestigen van de temperatuurenheid knipperen 'dEL' en 'mem' op het display.
Zo wist u het geheugen en verlaat u de instelmodus
- Wissen van de inhoud van het geheugen:
Op het display verzchijnen 'dEL' en (knipperend) 'mem' (afb. 29). Ukte n de complete inhoud van het geheugen wissen door nog een keer op de menuutoets te drukken. Op het display verzchijnt ---' (afb. 30) en verrolgens OK, om aan te geben, dat de inhoud van het geheugen gewist is.
- Verlaat de instelmodus:
Druk verzolgens op de insteltoets om de instelmodus te verlaten en het apparaat uit te schakelen.
Aanwijzingen:
- Wanner 'dEL' op het display te zien is en 'mem' knippert, maar u toch de inhoud van het geheugen Niet wilt wissen, drukt u in geen geval op de menuutoets. Druk alleen op de insteltoets om het apparaat UIT te sch
- Wonneer er in de instelmodus een minuut lang geen toets worden ingedrukt, schakelt het apparaat zichzelf automatisch UIT.

(afb.29)

(afb.30)
Vervangen van de batterij
Het apparaat attendeert met 2 verschillende meldingen op het display op een zwakke batterij.
- Wonneer u het apparaat inschakelt, verschijnt het batterijsymbolbool op het display. Alle overige meldingen op het display duiden erop dat het apparaat bedrijfsklaar is. In dit geval is er nog genoeg energie over voor ongeveer 50 tests. De testresultaten zijn precies, maar de batterij dient verwangen te worden.
- Op het display worden het batterijsymbol en 'E-b' weergegeven (afb. 31). In dit geval is er Niet genoegnergie meer over voor een test. Vervang de oude batterij door een(APPE)3V CR2032-batterij.
- Schakel het apparaat uit en open het batterijvakje aan dechterkant van het apparaat, door op de vergrendeling te drukken en het deksel van het batterijvakje er maar boven toe af te lichten.
- Druk gedurende 3 seconden op de insteltoets in het batterijvakje.
- Vervang de oude batterij door een neue 3V CR2032 lithiumbatterij. Plaats de neue batterij zo dat de positieve kant (+) maar boven wijst en sluit het batterijvakje weeer.

Aanwijzingen: Het verwangen van de batterij beinvloedt de inhoud van het geheugen nicht. Deijd en datum要去enECHTER opnieuw worden ingesteld. Geef lege batterijen af bij een inzamelpunt zodat ze gerecycledkunnen worden. Haal de batterijen uit het apparaat wanner u het langere tijd Niet gezruikt.
Veiligheidsinstrumentes voor batterijen:
- Buiten bereik van kinderen houden!
-Nietkortsluiten!
-Niet herlaadbaar!
- Niet in het vuur gooien!
14 Algemene informatie
Reiniging en onderhoud van het systeme
Het apparaat hoeft Niet special te worden gereinigd wonneer het Niet met bloed of controlevloeistof in aanraking komt. Neem derhalve de volgende aanwijzingen in ache!.
- Uw bloedsuikermeetapparaat is een precisie-instrument. Behandel het dus met zorg om de elektronica Niet te beschaden en functiestoringen te voorkomen.
- Stel het apparaat Niet aan extreme temperaturen of hoge vochtigheid bloot.
- Let erop dat er geen vuil, stof, bloed, controlevloeistof water door de teststrookopening, de aan-suitbus of op de toets in het apparaat zich terechtkomt.
- Bewaar het apparaat na gebruik telkens in de meegeleverde draagtas.
- Het oppervlak van het apparaat kan met een vochtige doek (met water en een milde reinigingsop-lossing) worden gereinigd. Droog het apparaat na de reiniging af met een pleasvrijde doek.
Algemene informatatie 14
Foutmeldingen en oplossingen
In de volgende tabel worden möglichke foultmeldingen toegelicht.
| Weergave | Betekenis | Oplossing |
| E-b | Lege batterij, geen testmeer更容易. | Vervang de batterij onmiddelijk. |
| E-U | Gebruikt teststrookje of een permanente elektronische fout. | Herhaal de test met een/Newt strookje. Blijf het probleembestaan, neem dan contact op metde serviceafdeling. |
| E-C | Defect of fou itself teststrookje ofhet teststrookje is er fou itself ingelegd | Controller het nummer dat op hetdisplay verzucht overeenkomt met hedcodenummer op het doosje van deteststrookjes. Codeer het apparaat, resp.steek het teststrookje er opnieuw in. |
| E-t | De temperatuur van de omgeving, hetapparaat of teststrookje was te hoogof te laag om een test uit te voeren. | Herhaal de test met een/Newt strookje, wanner het apparaat enhet teststrookje de bedrijsttemperatuur(+10°C tot +40°C) hebben bereikt. |
14 Algemene informatie
| Weergave | Betekenis | Oplossing |
| E-E | Er is een fout van het apparaat opgetreden. | Controleer de aanwijzingen en herhaal de meting met een nieuw teststrookje. Blijft het probleem bestaan, neem dan contact op met de serviceafdeling. |
| E-O | Een probleem met het apparaat of het teststrookje. | Herhaal de test met een nieuw teststrookje. Blijft het probleem bestaan, neem dan contact op met de serviceafdeling. |
| E-g | U heeft het strookje nadat het bloed is opgebracht in het absorberende venster verwijderd. | Volg de aanwijzingen op en herhaal de test met een{nieuw teststrookje. |
| E-A | Er is een fout van het apparaat opgetreden. | Volg de aanwijzingen op en herhaal de test met een nieuw teststrookje.Blijft het probleem bestaan, neem dan contact op met de serviceafdeling. |
Algemene informatie 14
| Probleem | Betekenis | Oplossing |
| Na het inbrengen van het teststrookje in het apparaat verschijnt er geen melding. | - De batterij is—helemaal leeg. | Vervang de batterij. |
| - De batterij is foufiek geplaatst of ontbreekt. | Controler of de batterij op de juiste wijze is aangebracht (wijst de '-zijde' maar boven?). | |
| - Het teststrookje is met de bovenkant�nair beneden of is er nicht volledig ingestoken. | Steen het teststrookje er volledig, met de contacten�nair voren en de positieve kant�nabar boven (pageina 19) in. | |
| - Het apparaat is beschadigd. | Neem contact op met de serviceafdeling. | |
| Na het inbrengen van het teststrookje in het apparaat en het aanbrengen van het testmaterialiaal begint de test Niet. | - Onvoldoende bloed aangebracht. | Herhaal de test met een新模式 test-strookje en een grotere druppel bloed. |
| - Defect teststrookje. | Herhaal de test met een新模式 teststrookje. | |
| - Het testmaterialiaal werk aangebracht, nadat het apparaat was uitgeschakeld (3 minutes nadat een toets is ingedrukt). | Herhaal de test met een新模式 test-strokje. Breng alleen bloed aan op het teststrookje, zolang het symbool op het display knippert. | |
| - Defect apparaat. | Neem contact op met de serviceafdeling. |
14 Algemene informatie
Aanwijzing: De in de ibp TD 4222 opgeslagen meetwaarden können op een pc worden opgeslagen. Daartoe zijn een kabel voor dataoverdracht en geschikte software (beide Niet bij de levering inbegrepen) nodig. De kabel voor dataoverdracht is op aanvraag bij once klantenservice verkrijgbaar. De Engelse software worden op de website van de fabrikant www.taidoc.com aangeboden.
| Model | : | ibp TD 4222 |
| Maateenheid | : | omschakelbaar+tussen mg/dL und mmol/L |
| Monstermateriaal | : | capillair volbloed |
| Monstervolume | : | 2 microliter |
| Meetbereik | : | 20 tot 600 mg/dL (1,1bis 33,3 mmol/L) |
| Meetduur | : | 10 seconden |
| Meetresultaat | : | volbloed gekalibreerd |
| Display | : | grote vloeibare kristal-weergave (LCD) |
| Geheugen | : | 450 meetresultaten met tijd en datum |
| Bedrijfstemperatuur | : | +10 °C tot +40 °C, 10 tot 90 % relatieve luchtvochtigkeit (niet condenserend) |
| Bewaar-/transporttemp. | : | -20 °C tot +70 °C, 5 tot 95 % relatieve luchtvochtigkeit |
| Stroomvoorziening | : | 1 x 3V CR2032 lithium batterij |
| Bedrijfsduur batterij | : | für ca. 1000 metingen |
| Afmetingen | : | L 78 x B 46 x D 17 mm |
| Gewicht | : | ca. 40 g (inclusief batterijen) |
| CE-certificering | : | het apparaat is gecertificerd volgens 98/79/EC, voor 'In Vitro' diagnostische apparaten en de standardes IEC 60601-1, IEC 61010-1, IEC 61010-1-2, IEC 61326 en ISO 15197 |
Wijzigingen van de technische gegevens zonder kennisgeving zijn omactualiseringsredenen voorbehonden.
GARANTIEBEWIJS
Uw bloedsuiker-meetsystemeerd voor levering voor wat betreft zich vlekkelooze werkig getest. Stuur het apparaat, wanner dit gecontroleerd of gerepareerd moet worden, met het bewijs van aankoop of de kwitantie en omschrijving van de fout, resp. de gewenste test maar onderstaand adres.
Vanaf de datum van aankoop (datum op kassabon) - gedurende 3aar - worden reparaties Gratisuitgevoerd, wanner het apparaat op grond van fabricage- of materiaalfouten defect macht+zijn.
Schades die+zijn ontstaan door boutief gebruik, ondeskundige behandeling, opslag en verzorging of ongebruikelijkke invloeden vallen Niet onder de garantie. Overige aanspraken, zoals schadevergoedigzijn eveneens uitgesloten.
Mocht u reden hebben van de verzekerde garantie gebruik te make, stuart u het apparaat met de garantiepapieren maar de klantenservice:
ibp Service-Center
Am Weimarer Berg 6
99510 Apolda
Tel: +49 (0) 3641 3096299