GEBRUIKSAANWIJZING R420E ZIBRO
Geachte mevrouw, meneer,
Van harte gefeliciteerd met de aankoop van uw Zibro, het A-merk onder verplaatsbare kachels. U hebt een kwaliteitproduct aangeschaft, waar u nog vele, vele jaren plezier van zult hebben, mits u de kachel verantwoord gebruikt. Lees waarom eerst deze gebruiksaanwijzing, voor een optimale levensduur van uw Zibro.
Wij gibt u namens de fabrikant 24 maanden garantie op alle optredende materiaal- en fabricagefouten.
We wensen u veel warmte en comfort met uw Zibro.
Met vriendelijk groet,
PVG International b.v.
Afdeling klantenservice
1 LEES EERST DE GEBRUKSAANWIJZING.
2 RAADPLEEG BIJ TWIJFEL UW ZIBRO DEALER.
3 VOUW VOOR HET LEZEN DE LAATSTE PAGINA UIT.
HET GEBRUK IN HOOFDLIJNEN
Dit zijn in grote lijnen de stappen die u moet nemen om uw Zibro te gelebruiken. Voor de precieze handelingen verwijzen wij u�arde HANDLEIDING (pag. 77 en verder).
1 Verwijder alle verpakkingsmaterialen (zie hoofdstuk A, fig. A).
2 Vul de wisseltank en wacht 30 minutes alvorens de kachel te ontsteken (zie hoofdstuk B, fig. H).
3 Plaats de batterijen in de houder (zie hoofdstuk A, fig. F).
4 Controller of de verbrandingskamer ④ goed recht staat (zie hoofdstuk A, fig. E).
5 Ontsteek de kachel, door de vlamregelaar 2 en de ontstekingsschuif 3 tegelijk rustig maar beneden te duwen (zie hoofdstuk C, fig. J en K).
6 Na het ontsteken van de kachel duurt het 10 à 15 minutes voordat u kunt controeren of de kachel goed brandt (zie hoofdstuk D).
7 Schakel de kachel uit (zie hoofdstuk E).
- De eerste keer zal uw kachel tijdens het branden even maar 'nieuw' ruiken.
- Bewaar uw brandstof op een koele, donkere plaats.
- Brandstof veroudert. Begin elk stookseizoen met{nieuwe brandstof.
- Wanner u stookt met Zibro Extra of Zibro Kristal, bent u verzekerd van de juiste kwaliteit brandstof.
- Indien u overgaat op een ander merk en/of soort kerosine,要去 de kachel eerst hebemaal lately leegbranden.
BELANGRIJKE ONDERDELEN
Uit-toets (voor noodstop)
Draaiknop
Ontstekingsschuif
④ Verbrandingskamer
Handgreep verbrandingskamer
6 Brandstofindicatie
Grille
Deksel wisseltank
Wisseltank
10 Brandstofmeter wisseltank
Ontstekingsspiraal
Batterijhouser
Bewakingssystemeem voor lucktkwaliteit
14 Informatiedisplay (E-Guard)
15 Koushoogtevergrendeling
Alleen met de juiste brandstof bent u verzekerd van een veilig, efficien t en comfortabel gebruik van uw Zbro.
ALTIJD VOLDOENDE VENTILEREN
Deze kachel is voorzien van een bewakingsystem voor luchtkwaliteit 13. Wanner de ruimte onvoldoende geventileerd wordt of wanner de kachel in een tekleine ruimte gebruikt worden, dan za de kachel automatisch uitschakelen. Voor comfortabel en veilig gebruik dient u voor voldoende ventilatie te zorgen.
NB: Om onverwacht uitschakelen van de kachel te voorkomen raden we aan.altijd een deur of raam op een kier te zetten wanner de kachel in gebruik is.
Voor elke verplaatsbare kachel geldt een bepaalde minimumruimte (zie hoofdstuk K) waarin u deze veilig, zonder extra ventilatie kut gebruiken. Als de betreffende ruimtekleiner is dan aangegeven, dient u altijd een raam of deur op een kier te zetten (± 2,5cm) . Dit raden wij ook aan bij ruimtes die sterk geisoleerd of tochtvrij gemaatkijken en/of boven 1500~m liggen. Gebruik uw kachel Niet in kelders en andere ondergrondse ruimtes.
DE SAFE TOP
De kachel is voorzien van een safe top. Deze vermindert de temperatuur van de bovenplaat. Hierdoor worden bij eventueel contact met de boenzijde van de kachel het risico op ongelukken verkleind. Let op: de boenzijde worden nog steeds heet.
Vermijd elk contact met de bovenplaat en de grille.
DE JUISTE BRANDSTOF
Uw Zibro kachel is ontworpen voor het gebruik van watervrije, zuivere kerosine van hoge kwaliteit, zoals Zibro Extra of Zibro Kristal. Alleen deze zorgt voor een schone en optimale verbranding. Brandstof van mindere kwaliteit kan leiden tot:
overmatige teeraanslag op de kous
onvolledige verbranding
▶ beperkte levensduur van kous en kachel
rook en/of stank
aanslag op de grille of mantel
De juiste brandstof is dus essentieel voor een veilig, efficiën en comfortabel gebruik van uw kachel.
Overleg algtd met de dichtstbijzijnde dealer over de juiste brandstof voor uw kachel.

Deze transportdop vindt u los in de doos. Alleen hiermee kurz u de kachel na gebruik probleemloos vervoeren. Goed bewaren dus!








A HET INSTALLEREN VAN DE KACHEL
Haal uw kachel voorzichtiguit de doos en controllere de inhoud.
Naast de kachel moet u ook beschikken over:
een brandstofhevelpompje
een transportdop
deze gebruiksaanwijzing
Bewaar de doos en het verpakkingsmaterial (fig. A) voor opslag en/of transport.
2 Verwijder het overige verpakkingsmaterialiaal:
Verwijder het stukje verpakkingsmaterialiaal bij de grille ⑦. Licht de grilleuit de inkeping (fig. B) en trek hemশven.
▶ Druk het verpakkingsmateriaal boven de verbrandingskamer ④)iets maar beneden en verwijder het uit de kachel (fig. C).
Neem de verbrandingskamer uit de kachel en verwijder het waaronder aanwezige verpakkingsmaterialiaal (fig. D).
Zet de verbrandingskamertering op+zijnplaats.De verbrandingskamer staat goed als u hem met de handgreep ⑤ soepel een beetjeaar links en rechts kunt schuiven (fig. E).Sluit de grille.
Open het deksel van de wisseltank 8 en verwijder het stukje karton.
3 Vul de wisseltank Zoals aangegeven in hoofdstuk B.
4 Plaats de batterijen in de waarvoor bestemde houder 12 aan dechterzijde van de kachel (fig. F). Let op de + en - polen.
5 De vloer要去 stevig en waterpas়n.
6Uw kachel is nu gebruikskaar.
B VULLEN MET BRANDSTOF
Vul de wisseltank Niet in de woonruimte, maar op eenmeer geschikte plaats (er kan.altijd een beetje gemorst worden). U gaat waar bij als volgt te werk:
1 Zorg dat de kachel uit is.
2 Open het deksel 8 en til de wisseltank 9uit de kachel (fig. G). Let op: de tank kan even nadruppelen. Zet de wisseltank neer (dop maar boven) en schroef de tankdop eraf.
3 Neem het brandstofhevelpompje en steek de gladde, meest stugge pijp in de jerrycan. Zorg dat deze hoger staat dan de wisseltank (fig. H). De geribbelde slang steekt u in de opening van de wisseltank.



4 Draai de knop bovenop het pompje vast (aar rechts).
5 Knijp enkele keren in het pompje, totdat de brandstof de wisseltank in begint te stromen. Als dat eenmaal het geval is, hoeft u zicheer te knijpen.
6 Letijdens het vullen op de brandstofmeter van de wisseltank (fig. l). Als u ziet dat deze vol is, stop dan met vullen door de knop boven op het pompje waar los te draaien (haar links). Maak de tank nooit te vol. Vooral Niet als de brandstof erg koud is (brandstofzetui alsdeze warmer wordt).
7 Laat de brandstof die nog aanwezig is in het pompje, terugstromen in de jerrycan en verwijder het pompje voorzichtig. Schroef de tankdop nauwkeurig op de tank. Veeg eventueel gemorste brandstof weg.
8 Controller of de tankdoprecht zit en goed is aangedraaid. Plaats de wisseltank wee in de kachel (dop maar beneden). Sluit het deksel.
C HET AANMAKEN VAN DE KACHEL
Een neue wachel veroorzaakt in het begin enige geur. Zorg dus voor extra ventilatie of ontsteek uw kachel de eerste koer buiten de leefruimte.

Als u de kachel voor de eerste keer gebruikt, moet u na hetplaatsen van de gevulde wisseltank zo'n 30 minuten wachten met aanmaken. Zo kan de kous zich volzuigen met brandstof. Dit geldt ook nadat u de kachel helemaal leeg hebt lately branden en na het verrangen van de kous.
Kijk vór het aanmaken van de kachel algijd even op de brandstofindicatie 6 om te weten of u eerst de wisseltank要去 bijvullen.
Maak de kachel.altijd aan met behulp van de ontstekingsspiraal 1. Gebruik nooit lucifers of een aansteker.
U gaat als volgt te werk:
1 Draai de draaiknop 2aar rechts tot aan de aanslag (fig. J). Met enige druk zou u de draaiknop dan nog wat verder konnen draaien; unde veert danECHTER vanzelf terug.
Zo zet u de kous in de hoogste stand en stelt u de beveiliging in werkinq.
Druk de ontstekingstoets in (fig. K), maar nicht te hard. Zodra een vlammetje in de verbrandingskamer zichtaar worden,kest u de ontstekingstoets loslaten.
Wanner de kachel kort na het aanmaken weeer uitschakelt, dienen de batterijen verrangen te worden. Het best kutn u neue alkaline batterijen gebruiken (4 x type D).

De kachel is sinds kort in gebruik en de draaiknop worden nicht vergrendeld. Draai de draaiknop (fig. L) eerst geheel linksom alvorens de kous in de hoogste positie te brengen voor ontsteking (hoofdstuk C).


Controleer na het ontsteken van de kachel.altijd of de verbrandingskamer 4 goedrecht staat, door deze aan de handgreep 5 evenaar links en rechts te schuiven (fig. E).Dit moet soepel gaan. Als de verbrandingskamer ongelijk staat, leidt dit tot rook- en roetontwikkeling.
D HET BRANDEN VAN DE KACHEL
Na het ontsteken van de kachel duurt het 10 à 15 minutes voordat ukteunt controeren of de kachel goed brandt. Op de pagina naast het uitvouwblad aunt u zien hoe hoog uw kachel minimaal en maximaal mag branden (fig. P). Een te hoge vlam kan rook- en roetvorming veroorzaken, terwijl een te lage verbranding tot geurontwikkeling leidt. U kunt de vlam enigszins aanpassen met de vlamregelaar (fig. S).

Als de verbranding te laag blijft,要去 de koushoogte worden bijgesteld (zie hoofdstuk F).
Een te lage vlam kan ook ontstaan door:
te weinig brandstof (vul de tank)
slechte brandstof (raadpleeg uw dealer)
te weinig ventilatie (zet een raam of deur op een kier)
▶ slijtage van de kous (raadpleeg uw dealer, of verwang de kous,zie hoofdstuk L)

Wanner in de ruimte onvoldoende geventileerd worden, dan za een intermitterende pieptoon te horen zich en het "VENT" lampje (geel) zal.gaan branden (fig. Q). Zodra dit signal geveven worden dient meer geventileerd te worden om te voorkomen dat de kachel uitschakelt (bv. door een deur of raam ie ts verder te openen). Wanner de ventilatie verbeterd is zullen het "VENT" lampje en de pieptoon Niet更是 geactiveerd worden. Indien erECHter nog steeds onvoldoende geventileerd worden, dan za de kachel automatisch uitschakelen. Na het verbeteren van de ventilatie (b.v. door een deur of raam ie ts verder te openen) kan de kachel wee ingeschakeld worden.

Deze kachel is uitgerust met een veiligheidssystem dat er voor zorgt dat de kachel aflaat wanner u de wisseltank uit de kachel tilt. Om de kachel wee aan te zetten dient u de wisseltank weir terug teplaatsen en de stappen te volgen zoals beschreiben in hoofdstuk C.
E HET UITZETTEN VAN DE KACHEL
Laat de kachel ± een minuut branden op de laagste stand. U schakelt de kachel uit door de UIT-toets ① in te drukken. De vlam za dan na enige vrijd vanzelf doven (fig. L).


In noodgevallen schakelt u de kachel UIT met de beveiligingstoets (fig. L).

F HET VERSTellen VAN DE KOUSHOOGTE
Na verloop vanarend is de verbranding Nieteerhoog genoeg (hoofdstuk D).In dat geval kunt u de koushoogte verstellen om de verbranding te verbeteren. Hiervoor dient de kacheluit te zijn.UGaat als volgt te werk:
1 Druk de UIT-toets 1 in (fig. L).
2 Trek de draaiknop 2 van de kachel, zodate de koushoogtevergrendeling 11 zichtaar worden.
3 Neem de plastic ring tussen duim en wijsvinger en trek deze maar voren. Draai de ring een stap hoger maar stand 2 of 3 (fig. R). Druk de ring voorzichtig aan, zodat de uitsparing wee om het palletje sluit.
4 Duw de draaiknop voorzichtig op zijnplaats. Dit kan maar op een manier: bekijk dechterkant van de dop voor de juiste positie.
Als het verstellen van de koushoogte Niet het gewenste effect heeft, moet u de kachel helemaal lately leegbranden (hoofdstuk H).

Blijft de verbranding ook dan nog te laag en staat uw kous inmiddels op stand 3, neem dan contact op met uw dealer of verrang de kous, zie hoofdstuk M.
Als de verbranding na het bijstellen te hoog worden (fig. P),要去 u de koushoogte vergrendeling waar een stand lager zetten. Anders hebts kans op rook- en roetontwikkeling.
G STORINGEN, OORZAKEN EN OPLOSSINGEN
Als u een storing nicht kunt oplossen met behulp van de onderstaande aanwijzingen, dient u contact op te nemen met uw dealer.
HET AANMAKEN LUKT NIET.
De batterijen zitten nicht goed in de houder. Controlleren (fig. F).
De batterijen zijn nicht meer krachtig genoeg voor de ontsteking. Vervangen (fig. F).
U hebt de kachel helemaal leeggestoekt of de kous is verrangen. Na hetplaatsen van de gevulde wisseltank 30 minutes wachten met ontsteken.
U duwt de ontstekingsschuif 3 te krachtig maar beneden. Minder hard indrukken (hoofdstuk C).
De ontstekingsspiraal is defect. Raadpleeg uw dealer.
ONGELIJKE VLAM EN/OF ROET EN/OF GEUR.
De verbrandingskamer 4 is Niet goed geplaatst. Zet deze recht met de handgreep 5, tot u hem makkelijk wat maar links en rechts kunt schuiven.
De vlamhoogte is Niet goed ingesteld. Zie fig. P en de aanwijzingen onder hoofdstuk D.
U gebruikt verouderde brandstof. Begin elk stookseizoen met{nieuwe brandstof.
U gezebruikt verkeerde brandstof. Zie DE JUISTE BRANDSTOF (hoofdstuk 'Wat u vooraf moet weten').
Er is sprake van stofophoping onder in de kachel. Raadpleeg uw dealer.
De koushoogte is nicht goed. Zie hoofdstuk F.


Ontstekingsspiraal met gebroken gloeidraad
DE KACHEL GAAT LANGZAAM UIT.
De wisseltank is leeg. Zie hoofdstuk B.
Er zit vocht in het onderreservoir. Raadpleeg uw dealer.
De kous is aan de boenzijde verhard.
Kachel helemaal leegbranden (hoofdstuk G). Gebruik de juiste brandstof.
U gebrukt verouderde brandstof. Begin elk stookseizoem met{nieuwe brandstof.
DE KACHEL BLIJFT LAAG BRANDEN.
De kous staat te laag.
Zet de koushoogtevergrendeling een stand hoger (hoofdstuk F).
De kachel had voor het bijvullen vrijwel alle brandstof verbruikt. Na hetplaatsen van de volle wisseltank 30 minuten wachten met ontsteken.
U gezebruikt oude of verkeerde brandstof. Zie DE JUISTE BRANDSTOF (hoofdstuk 'Wat u vooraf moet weten').
De ruimte worden onvoldoende geventileerd.
Zet even een raam of deur wijd open en LAST deze daarna op een kier staan.
U gezbruikt verkeerde, te vluchtige brandstof. Zie DE JUISTE BRANDSTOF (hoofdstuk 'Wat u vooraf moet weten').
De kous staat te hoog. Zet de koushoogtevergrendeling een stand lager (hoofdstuk F).
H OVER HET ONDERHOUD
Uw kachel vergt weinig onderhoud. Wel dient u stof en vlekken bijtijds af te nemen met een vochtige doek, odomat er anders hardnekkige vlekken konnen ontstaan. Normaal gesproken zijn er slechts drie onderdelen aan slijtage onderhevig:
1. DE BATTERIJEN
Deze kurz u zich vermangen. Gooi de oude batterijen nicht in de vuilnisbak. Volg der regels zoals die in uw gemeente gelden voor Klein Chemisch Afval.
2. DE KOUS / LEEGBRANDEN
Om de levensduur van de kous te verlengen, moet u de kachel van vrij tot vrij deiens helemaal latent leegbranden (tot hij vanzelf uitgaat). Doe dit wanner u merkt dat de vlam wat zwakker worden. Het leegbrandenveroorzaakt enige geur, dus het is raadzaam dit buiten de leefruimte te doeon.
3. DE ONTSTEKINGSSPIRAAL
De ontstekingsspiraal gaat langer mee als u op de juiste manier ontsteekt. Vervang opijd de batterijen en let erop dat u de ontstekingsschuif nicht te krachtig maar beneden duwt. Als de gloeidraad gebroken is, dient de spiraal verrangen te worden.
HET BRANDSTOFZEEFJE
Controller ook met enige regelmaat het brandstofzeefje. Haal de wisseltank ⑨ uit de kachel en verwijder het brandstofzeefje (fig. N). Dit kan wat nadruppelen; houd een doeke bij de hand. Klop het brandstofzeefje omgekeerd leeg op een harde ondergrund, om het vuil te verwijderen. (Nooit reinigen met water!) Plaats het brandstofzeefje wee in de kachel.

Verwijder zich geen onderdelen van de kachel. Neem voor een eventuele reparatie algijd contact op met uw dealer.




Laat de kachel afkoelen voordat u onderhoud pleegt.
Zeefje



Transportdop
OPSLAG (EINDE STOOKSEIZOEN)
Wij raden u aan de kachel aan het einde van het stookseizoen helemaal leeg te branden en daarna goed op te bergen. Volg daartoe de onderstaande aanwijzingen:
Maak de kachel aan buiten de leefruimte en LAST hem geheel leegbranden.
2 Laat de kachel afkoelen.
3 Maak de kachel schoon met een vochtige doek en droog deze af.
Haal de batterijen uit de kachel en bewaar deze op een droge plaats.
5 Berg de kachel stofvrij op, zo möglichk met de originele verpakkingsmaterialen. Overgebeven brandstof kurz u een volgend stookseizoen nicht meer gebruiken. Houdt u toch wat over gooi deze brandstof dan nicht weg, maar volg de regels Zoals die in uw gemeente gelden voor Klein Chemisch Afval.
6 Begin het neue stookseizoen in elk geval met{nieuwe brandstof. Als u de kachel opniew in gebruik neemt, volg dan wee ter de instructies (zoals aangegeven vanaf hoofdstuk A).

VERVOER
Om te voorkomen dat uw kachelijdens het transport brandstof lekt, moet u de volgende maatregelen nemen:
1 Laat de kachel afkoelen.
Haal de wisseltank 9uit de kachel en verwijder het brandstofzeefje (fig. N). Dit kan wat nadruppelen; houd een doeke bij de hand. Bewaar het brandstofzeefje en de wisseltank buiten de kachel.
3 Duw de transporte dop op deplaats van het brandstofzeefje (fig. O) en druk deze goed aan.
4 Vervoer de kachel.altijdrechtop.

SPECIFICATIONS
| Ontsteking | elektrisch | Afmetingen (mm) | breedte | 428 |
| Brandstof | kerosine | (inclusief bodemplaat) | diepte | 295 |
| Capaciteit (kW)* | 2,70 | | hoogte | 513 |
| Geschikte ruimte (m3)** | 45-95 | Accessoires | brandstofhevelpomp |
| Brandstofverbruik (l/uur)* | 0,281 | | transportdop |
| Brandstofverbruik (g/eur)* | 225 | Batterijen | 4x LR20, MN 1300 |
| Brandduur per tank (uur)* | 14,0 | | | 1,5V |
| Inhoud wisseltank (liter) | 4,0 | Type kous | | F |
| Gewicht (kg) | 9,0 | | | |

L DE GARANTIEVOORWAARDEN
U krijgt op uw kachel 24 maanden garantie vanaf de aankoopdatum. Binnen deze periode worden alle materiaal- en fabricagefoutenkesteloos verholpen. Hierbij gelden de volgende regels:
1 Alle verdere aanspraken op schadevergoeding, inclusief gevolgschade wijzen wij uitdrukkelijk af.
2 Reparatie of vervanging van onderdelen binnen de garantietermijn leidt nicht tot verlenging van de garantie.
3 De garantie geldt nicht wonneer veranderingen zijn aangebracht, nieterogenele onderdelen zijn gemonteerd of reparatives aan de kachel zich verricht door derden.
4 Onderdelen die aan normale slijtage onderhevig zijn, zoals de batterijen, het ontstekingsspiraal, de kous en het brandstofhevelpompje, vallen buiten de garantie.
5 De garantie geldt uitsluitend als u de originele, gedateerde aankoopbon overlegt en als waarop geen veranderingen zijn aangebracht.
6 De garantie geldt nicht bij schade ontstaan door handelingen die afwijknen van de gebruiksaanwijzing, door verwaarlozing en door het gebruik van verkeerde of verouderde brandstof. Verkeerde brandstof kan zelfs gevaarlijk zijn*.
7 De verzendkosten en het risico van het opsturen van de kachel of onderdelen waarvan, komen algijd voor rekening van de koper.
Om onnodige kosten te voorkomen, raden wij u aan eerst altijd zorgvuldig de gebruiksaanwijzing te raadplegen. Wanner deze geen uitkomst biedt, geef de kachel dan in reparatie bij uw dealer.
- Licht ontvlambare stoffen können bijvoorbeeld leiden tot een oncontroleerbare verbranding, met uitslaande vlammen als gevolg. Probeer in dat geval nooit de kachel te verplaatsen, maar zet de kachel onmiddelijkukt (zie hoofdstuk E). In nooodgeallenkestu een brandblusser gebruiken, Maar dan uitsluitend van het type B: een koolzuur- of poederblusser.

10 TIPS VOOR EEN VEILIG GEBRUIK
1 Wijs kinderen.altijd op de aanwezigheid van een brandende kachel.
2 Verplaats de kachel Niet als deze brandt of nog heet is. In dat geval ook Niet bijvullen en geen onderhoud verrichten.
3 Plaats de Voorkant van de kachel op minimaal 1,5 meter van muur, gordijnen en meubels. Houd ook de ruimte boven de kachel vrij.
4 Gebruik de kachel Niet in stoffige ruimtes en Niet opplaatsen waar het sterk/tocht. In beiden gevallen krijgt u geen optimale verbranding.
5 Zet de kachel uit voordat u vertrekt ofaar bed gaat.
6 Bewaar en vervoer de brandstof uitsluitend in de waarvoor bestemde wisseltankjes en jerrycans.
7 Zorg ervoor dat de brandstof Niet bloot staat aan ditte of extreme temperatuurverschillen. Bewaar de brandstof altijd op een koele, droge en donkere plaats (zonlicht tast de kwaliteit aan).
8 Gebruik de kachel nooit opplaatsen waar schadelijke gassen of dampen aanwezig hunnen zijn (bv. uitlaatgassen of verfdampen).
9 De bovenzijde van de kachel worden heet. De kachel mag Niet afgedekt worden (brandgevaar). Vermijd elk contact met de bovenplaat en de grille.
10 Zorg algtd voor voldoende ventilatie.
HET VERVANGEN VAN DE KOUS


L
VOORDAT U BEGINT MET HET VERVANGEN VAN DE KOUS, DIENT DE KACHEL UIT EN VOLLEDIG AFGKEOELD TE ZIJN.
1 Open het tankklepje en haal de wisseltank eruit.
Haal de batterijen uit de batterijhouser.
3 Licht de grille uit de inkeping en trek hem maar voren. Neem de branderkop uit de kachel. Sluit de grille.
4 Trek de draaiknop van de kachel af.
5 Schroef de drie mantelschroeven, aan de onderzijde van de kachel, los. Trek de mantel iota'snarr voren en verwijder deze van de bodemplaat.
6 Draai de vleugelmoeren onder de branderzitting los.
7 Til de branderzitting en het kousmechanisme omhoog.
8 Draai de schroef welke de beugel vasthoudt los en verwijder veer en de beugel.
9 Draai de as geheel rechtsom en maak de koushouder (met kous) los van de as.
10 Licht de koushouder op en schuif deze van de lucht-schacht af.
11 Knijp de kous samen, zodat de kous loskomt uit de koushouder en neem de kous eruit. Draag hierbij hand-schoenen en zet een bakje klaar om de oude kous in te doen.




























12 Plaats de kous overeenkomstig de op de koushouser aangegeven richting in de koushouser.
13 Plaats de koushouser (met kous) over de luchtschacht.
Plaats daarna het uiteinde van de as aan de rechtzerijde in de sleuf van de koushouser en draai de gehele as linksom.
14 Plaats de koushoogtevergrendeling (de koushoogte op positie 1 zetten), de veer en de beugel terug. Draai de schroef welke de beugel vasthoudt vast.
15 Plaats de branderingütting terug.
16 Draai de vleugelmoeren gelijkmatig handvast aan.
17 Plaats de draaiknop op het kousmechanisme. Draai de knop geheel maar rechts. Activeer de omvalbeveiliging en controllerer of de kousaar de onderste stand gaat. Herhaal dit een aantal keren. Wanner de kous Niet in de onderste positie komt is deze onjuist gemonteerd en moet de procedure vanaf stap 12 herhaald worden. Trek de draaiknop van de kachel af.
18 Plaats de mantel terug en draai de drie mantelschroeven vast. Plaats de draaiknop en de verbrandingskamer terug. Controller of bye LASTe goedrecht staat, door deze aan de handgreep evenaar links en rechts te schuiven. Sluit de grille.
19 Plaats de gezulde wisseltank terug. Plaats de batterijen in de batterijhouser (let op de plus en min). Na hetplaatsen van de wisseltank en de batterijen, moet u 30 minutes wachten voordat u de kachel aanmaakt.
Drodzy Państwo,