EVOLUTION WIRELESS EW 300 - Draadloze Microfoon SENNHEISER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EVOLUTION WIRELESS EW 300 SENNHEISER in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Draadloze Microfoon in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EVOLUTION WIRELESS EW 300 - SENNHEISER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EVOLUTION WIRELESS EW 300 van het merk SENNHEISER.
GEBRUIKSAANWIJZING EVOLUTION WIRELESS EW 300 SENNHEISER
GEBRUIKSAANWIJZING evolution wireless Serie w 300
GEBRUIKSAANWIJZING evolution wireless Serie w 300
Inhoudsopgave Hoofdstuk Inhoud
Pagina U heeft de juiste keuze gemaakt! Dit product van Sennheiser zal u jarenlang overtuigen van z’n betrouwbaarheid, zuinigheid en eenvoudige bediening. Dat garandeert Sennheiser met zijn goede naam en zijn in meer dan 50 jaar verworven competentie als fabrikant van hoogwaardige, elektro-akoestische produkten. Neem een paar minuten de tijd om deze handleiding te lezen. Wij willen graag dat u eenvoudig en snel van deze techniek kunt genieten.
Gebruiksdoel Met de evolution wireless serie ew 300 biedt Sennheiser musici, video- of geluidsamateurs, reporters en particuliere omroepstations moderne HFoverdrachtsapparaten met hoge betrouwbaarheid alsook eenvoudige en comfortabele bediening. De afzonderlijke zenders en ontvangers zorgen voor een draadloze overdracht van studiokwaliteit. De geoptimaliseerde PLL- en microprocessortechniek, het HDX ruisonderdrukkingssysteem en de TrueDiversity-techniek garanderen een overdracht zonder storingen. Voor de overdracht zijn in de UHF band vijf frequentiebereiken beschikbaar. Uit elk bereik zijn 1280 verschillende zend-/ontvangst-frequenties verkiesbaar. (Het aantal frequentiebereiken kan landspecifiek beperkt zijn.) Bereik A: Bereik B: Bereik C: Bereik D: Bereik E: 518 tot 550 MHz, 630 tot 662 MHz, 740 tot 772 MHz, 790 tot 822 MHz, 838 tot 870 MHz. Op iedere van de 16 geheugenplaatsen van de zenders en ontvangers kunt u een zend- resp. ontvangstfrequentie opslaan, die u uit het vooraf ingestelde frequentiebereik kunt selecteren. In elke set zijn vooraf 8 kanalen ingesteld. Daardoor wordt – enerzijds de installatie snel en eenvoudig in bedrijf gesteld, – anderzijds kunnen nu meerdere systemen worden bedreven zonder dat zij elkaar storen (geen interferentie) als zij met de aanbevolen zend/ ontvangst-frequenties werken. Alle frequentie-instellingen kunnen individueel worden gewijzigd. Elke set bestaat uit: – een stationaire ontvanger, – een radiomicrofoon of zakzender, – passende accessoires.
Veiligheidsinstructies Open de apparaten niet zelf. Werkzaamheden aan onderdelen die onder stroom staan, moeten altijd door een vakman worden uitgevoerd. Voor apparaten, die eigenhandig door de klant worden geopend, vervalt de garantie. Koppel het apparaat altijd los van het stroomnet, wanneer u kabels verwisselt of het apparaat wilt verplaatsen. Houd afstand t.o.v. verwarmingen en heteluchtstralers, zet het apparaat nooit direct in de zon. Gebruik de installatie alleen in droge ruimten. Voor de reiniging is het voldoende, het apparaat af en toe met een enigszins vochtige doek af te nemen. Gebruik nooit oplos- of schoonmaakmiddelen.
Applicatiebereiken en omvang van de sets Set w 312 Deze set kunt u in het theater of voor presentaties gebruiken. De microfoon kan bijna onzichtbaar worden gedragen. De ontvanger werkt stationair. De set bestaat uit de stationaire ontvanger EM 300 en de zakzender SK 300 met opspeldbare microfoon ME 2 (karakteristiek: kogel; condensator), vermogensvoeding, batterij, antennes en gebruiksaanwijzing. Set w 322 Deze set kunt u in het theater of voor het overspoelen met geluid gebruiken. De microfoon kan bijna onzichtbaar worden gedragen. De ontvanger werkt stationair. De set bestaat uit de stationaire ontvanger EM 300 en de zakzender SK 300 met opspeldbare microfoon ME 4 (karakteristiek: nier; condensator), vermogensvoeding, batterij, antennes en gebruiksaanwijzing. EM 300 Set w 335 Deze set kunt u gemakkelijk voor de overdracht van zang gebruiken. De ontvanger werkt stationair. De set bestaat uit de stationaire ontvanger EM 300 en de radiomicrofoon SKM 300 met microfoonmodule MD 835 (karakteristiek: nier; dynamisch), vermogensvoeding, batterij, antennes, microfoonklem en gebruiksaanwijzing. Set w 345 Met deze set kunt u zang krachtvol en met weinig terugkoppelingseffecten overdragen. De ontvanger werkt stationair. De set bestaat uit de stationaire ontvanger EM 300 en de radiomicrofoon SKM 300 met microfoonmodule MD 845 (karakteristiek: supernier; dynamisch), vermogensvoeding, batterij, antennes, microfoonklem en gebruiksaanwijzing. SK 300 Set w 352 Deze headset is beveiligd tegen terugkoppelingen en geeft u grote bewegingsvrijheid bij zang en sport (bijv. aerobic). De ontvanger werkt stationair. De set bestaat uit de stationaire ontvanger EM 300 en de zakzender SK 300 met headset (microfoon ME 3, karakteristiek: supernier; condensator), vermogensvoeding, batterij, antennes en gebruiksaanwijzing. Set w 365 SKM 300
Deze set met weinig terugkoppelingseffecten en hoge dynamiek kunt u voor zang en presentaties gebruiken. De ontvanger werkt stationair. De set bestaat uit de stationaire ontvanger EM 300 en de radiomicrofoon SKM 300 met microfoonmodule ME 865 (karakteristiek: supernier; condensator), vermogensvoeding, batterij, antennes, microfoonklem en gebruiksaanwijzing. Set w 372 Opspeldbare microfoon ME 2 met bevestigingsclip Muziekinstrumenten met 6,3 mm bus (bijv. gitaar) kunt u bij deze set draadloos benutten. De ontvanger werkt stationair. De set bestaat uit de stationaire ontvanger EM 300, de zakzender SK 300 met instrumentenkabel, vermogensvoeding, batterij, antennes en gebruiksaanwijzing. Opspeldbare microfoon ME 4 met bevestigingsclip Headset ME 3
Inbedrijfstelling Ontvanger EM 300 in bedrijf stellen
Trekontlasting voor aansluitkabel van de vermogensvoeding
Bus (female connector) voor de aansluiting van de vermogensvoeding (DC-IN)
XLR-3 inbouwstekker voor NF-uitgang (AF OUT BAL/UNBAL)
6,3 mm ø bus (female connector) voor NF-uitgang (AF OUT BAL/UNBAL)
Regelaar voor uitgangsniveau (AF LEVEL)
BNC-chassisdeel, antenne-ingang I (ANT I) Voetjes uit zachtrubber monteren Opdat het apparaat altijd stevig op een ondergrond staat, worden vier zelfklevende voetjes uit zachtrubber meegeleverd.
Let erop, dat voor de montage van de voetjes de uitsparingen op de onderzijde van het apparaat schoon en vetvrij zijn.
Plak de voetjes aansluitend in de uitsparingen. Opgelet! De oppervlakten van meubels zijn vaak met lakken, politoeren of kunststoffen behandeld, die bij contact met andere kunststoffen vlekken kunnen veroorzaken. Wij kunnen u dus – ongeacht van zorgvuldige controles van de door ons gebruikte kunststoffen – niet garanderen dat verkleuringen uitgesloten kunnen worden. Antennes aansluiten De ontvanger EM 300 kan zowel met de meegeleverde telescoopantennes als ook met aparte antennes (niet in de set onthouden) worden gebruikt. De meegeleverde telescoopantennes kunnen snel en eenvoudig worden gemonteerd en zijn geschikt voor alle toepassingen, waarbij onder goede ontvangstomstandigheden zonder grote inspanningen een draadloze zendinstallatie in bedrijf moet worden genomen.
Sluit de telescoopantennes aan de BNC-chassisdelen + en , aan de achterkant van het apparaat aan, trek zij aansluitend uit en positioneer zij V-vormig naar boven. In geval dat de ontvangerpositie niet met de antennepositie overeenstemt, die een optimale ontvangst waarborgt, kunt u afzonderlijke antennes gebruiken. Deze zijn als accessoire verkrijgbaar. Vermogensvoeding aansluiten
Steek de jack connector van de vermogensvoeding in het chassisdeel - op de achterkant van het apparaat om de ontvanger van voedingsspanning te voorzien.
Leid de kabel door de trekontlasting .. Versterker/mengpaneel aansluiten
Sluit de versterker of het mengpaneel – aan de XLR-3 uitgang / of – aan het 6,3 mm ø chassisdeel 0 aan. Symmetrische en asymmetrische connectortoewijzing vergelijk hoofdstuk “9 Overzicht”.
Ontvanger in-/uitschakelen
Druk op de toets POWER 1, om de ontvanger in te schakelen.
Om de ontvanger uit te schakelen, moet u hernieuwd zolang op de toets POWER drukken totdat “OFF” wordt aangewezen. Aansluitend kunt u de toets loslaten. Na een stroomuitval begint het apparaat weer met de laatste actieve toestand (ON/OFF) te werken. Uitgangssignaal instellen
Draai de regelaar voor het uitgangssignaal *, om het apparaat optimaal aan de versterker of het mengpaneel aan te passen. Zakzender SK 300 in bedrijf stellen
Bedrijfs- en batterijstatusaanduiding, rode LED (ON/LOW BAT)
Afdekking van het batterijvak
Afdekking voor het display en de bedieningselementen
Schuif de afdekking van het batterijvak 5 in de richting van de opgedrukte pijl totdat zij hoorbaar vergrendeld.
Plaats de blokbatterij (type 6 LR 61, 9 volt) in het apparaat. Erbij op de polariteit letten.
Sluit het batterijvak.
Om de batterij te verwijderen moet u de rode hendel 6 in de richting van de onderzijde van het apparaat drukken. Opmerking: Het bedrijf met accu’s is steeds beperkt mogelijk omdat op grond van de lagere capaciteiten van accu’s uitsluitend korte bedrijfstijden kunnen worden bereikt. Antenne inschroeven
Schroef de antenne 2 in de antennebus (M3 aansluiting). Microfoonkabel/LINE-kabel aansluiten De microfooningang maakt de elektret-voeding beschikbaar.
Steek de 3,5 mm jack connector 7 van de microfoon of LINE-kabel in het afzonderlijke chassisdeel (MIC/LINE) ..
Vergrendel de jack connector door inschroeven van de schroefdraadring 8. Zender in-/uitschakelen
Druk op de toets ON/OFF 0, om de zender in te schakelen. De rode LED begint te lichten.
Om de zender uit te schakelen, moet u hernieuwd zolang op de toets ON/OFF drukken totdat “OFF” aangewezen wordt. Aansluitend kunt u de toets loslaten. De rode LED gaat uit. Zender stil schakelen Met de schuifschakelaar MUTE - kunt u de zender stil schakelen. De zender blijft in bedrijf, maar het geluidssignaal wordt uitgeschakeld.
Signaal- en batterijaanduiding Het gele lampje (LED) 4 aan de bovenzijde van de zender SK 300 begint te lichten als het geluidssignaal aan de ingang te hoog ingesteld is (AF-Peak). Het rode lampje (LED) 3 en de bargraph op het display geeft informatie over de actuele bedrijfstoestand van de zender. Bargraph: De bargraph wijst het batterijvermogen in drie stappen aan: 8 Segmenten: de batterij is vol, 4 Segmenten: het batterijvermogen is voldoende, 1 Segment: het batterijvermogen is uitgeput, het is slechts voor korte tijd beschikbaar. Opmerking: Ook bij een reeds benutte batterij kunnen voor korte tijd alle 8 segmenten worden aangewezen. LED licht gelijkmatig: De zender is ingeschakeld, er is voldoende batterijvermogen. LED begint te knipperen: De batterij is bijna leeg! De batterij moet binnenkort worden vervangen, het vermogen is nu nog voldoende voor weinige minuten! Bevestiging aan de kleding Met de clip 9 kunt u de zender SK 300 bijvoorbeeld aan uw gordel hangen. U kunt de zender ook dusdanig aan uw kleding bevestigen dat de antenne naar beneden wijst. Daarvoor dient men de clip eruit te nemen en om 180° gedraaid weer in te zetten. Bevestiging van de microfonen U kunt de bevestigingsclips : benutten om de opspeldbare microfonen ME 2 of ME 4 U aan de kleding (bijv. jasje) te bevestigen. De headset ME 3 a.u.b. dusdanig aan uw hoofd positioneren, dat u de headset gemakkelijk en veilig kunt benutten. Microfonen positioneren De microfonen ME 3 en ME 4 zijn richtmicrofonen en dienen dusdanig te worden gepositioneerd, dat zij in richting van de geluidsbron (bijv. mond) wijzen. De microfoon ME 2 heeft een kogelkarakteristiek zodat een precieze positionering niet nodig is.
Radiomicrofoon SKM 300 in bedrijf stellen
Kleurige ring voor identificatie van de ingebouwde microfoonmodule groen: Microfoonmodule MD 835 (karakteristiek: nier; dynamisch) blauw: Microfoonmodule MD 845 (karakteristiek: supernier; dynamisch) rood: Microfoonmodule ME 865 (karakteristiek: supernier; condensator)
Greep van de radiomicrofoon
Batterijvak (van buiten niet zichtbaar)
Draaibare kap voor de bescherming van de bedieningselementen; door draaien van de kap . kunt u de volgende toetsen en aanduidingen bereiken:
Bedrijfs- en batterijstatusaanduiding, rode LED Batterijen inzetten/vervangen
Schroef het display-element 1 op de radiomicrofoongreep 4 (tegen de wijzers van de klok draaien).
Trek het display-element 1 zover eruit totdat het batterijvak 5 volledig geopend is.
Plaats de blokbatterij (type 6 LR 61, 9 volt) in het apparaat. Erbij op de polariteit letten.
Schuif het batterijvak in de greep van de radiomicrofoon terug.
Om de batterij te vervangen, moet u de batterij naar boven (richting van de pijl) eruit drukken. Radiomicrofoon in-/uitschakelen
Draai de kap . op de onderzijde van de radiomicrofoon in de positie, in die u de toets ON/OFF kunt zien.
Druk op de toets ON/OFF +, om de radiomicrofoon in te schakelen. De rode LED begint te lichten.
Om de radiomicrofoon uit te schakelen, moet u hernieuwd zolang op de toets ON/OFF drukken totdat “OFF” aangewezen wordt. Aansluitend kunt u de toets loslaten. De rode LED gaat uit. Zender stil schakelen Met de schuifschakelaar MUTE kunt u de zender stil schakelen. De zender blijft in bedrijf, maar het geluidssignaal wordt uitgeschakeld.
Batterijaanduiding Het rode lampje (LED) , en de bargraph op het display geeft informatie over de actuele bedrijfstoestand van de zender. Bargraph: De bargraph wijst het batterijvermogen in drie stappen aan: 8 Segmenten: de batterij is vol, 4 Segmenten: het batterijvermogen is voldoende, 1 Segment: het batterijvermogen is uitgeput, het is slechts voor korte tijd beschikbaar. Opmerking: Ook bij een reeds benutte batterij kunnen voor korte tijd alle 8 segmenten worden aangewezen. LED licht gelijkmatig: De zender is ingeschakeld, er is voldoende batterijvermogen. LED knippert: De batterij is bijna leeg! Zij moet binnenkort worden vervangen, het vermogen is nu nog voldoende voor weinige minuten! Microfoonmodule vervangen
Verwijder eerst de batterij: Laat de handzender geopend.
Verwijder de bevestigingsschroeven en leg zij opzij.
Trek de capsule – zoals afgebeeld – eruit. Daarbij erop letten niet de contacten aan te raken!
Steek de andere capsule in, beveilig deze door de bevestigingsschroef en schroef de passende spreekcel weer dicht.
Zet de batterij weer in, sluit de behuizing en stel de microfoon weer in bedrijf. Opmerking: Capsule en spreekcel met schuimvoering vormen een akoestische eenheid en moeten steeds samen worden vervangen. De microfoonmodules zijn kleurig gekenmerkt, om zij eenvoudiger te kunnen onderscheiden (groen: MD 835, blauw: MD 845, rood: ME 865).
Bediening van de zenders en ontvangers Om snel te beginnen De zenders en ontvangers uit de Sennheiser-serie evolution wireless ew 300 zijn vooraf van de producent zo ingesteld, dat zij na de inbedrijfstelling van de apparaten (# “5 Inbedrijfstelling”) onmiddellijk kunnen werken. Neem echter a.u.b. in acht, dat de zendermodulatie van het gewenste gebruik afhangt. Om een overmodulatie – en dus vervormingen – te vermijden, adviseren wij dat u in ieder geval controleert of de vooraf ingestelde modulatie voor het gewenste gebruik voldoende is (# “Modulatie instellen”). Toetsen ON/OFF Met de toets ON/OFF – resp. bij de ontvanger EM 300 met de toets POWER – POWER kunt u de zender of ontvanger in-/uitschakelen. MUTE Met de schakelaar MUTE (alleen bij de zender) kunt u het geluidssignaal stil schakelen. SET Met de toets SET – kunt u het menu voor het invoeren van waarden oproepen, – kunt u van een menupunt naar het volgende punt gaan, – kunt u bij het invoeren van een naam naar het volgende segment gaan, – naar het menubegin terugkeren.
Met de toets UP – kunt u een menupuntwaarde wijzigen, – kunt u bij het invoeren van een naam een afzonderlijke teken wijzigen.
Met de toets DOWN – kunt u een menupuntwaarde wijzigen, – kunt u bij het invoeren van een naam een afzonderlijke teken wijzigen.
Aanduidingen op het LC-display Ontvanger EM 300
Aanduiding in acht niveaus van het binnenkomende HF-signaal
Aanduiding in acht niveaus van het binnenkomende NF-signaal met overmodulatie-aanduiding “PEAK”
Alfanumerieke hoofdaanduiding
Aanduiding van het menupunt “Frequency”. (Deze aanduiding kan de standaardweergave van de ontvanger aan het menubegin zijn en wordt na het inschakelen aangewezen.)
Aanduiding van het kanaalnummer “Channel”. (Deze aanduiding kan de standaardweergave van de ontvanger aan het menubegin zijn en wordt na het inschakelen aangewezen.)
Aanduiding van het menupunt “Name”. (Deze aanduiding kan de standaardweergave van de ontvanger aan het menubegin zijn en wordt na het inschakelen aangewezen.)
Squelch-aanduiding “MUTE” (ruisblokkering actief)
Diversity-aanduiding (antenne I of antenne II actief) (# “11 Diversity-ontvangst”)
Alfanumerieke hoofdaanduiding
Als er instellingen in het bedieningsmenu beschreven worden, die voor alle apparaten identiek zijn, wordt uitsluitend de hoofdaanduiding van de EM 300 weergegeven. Basisfuncties van het Sennheiser-bedieningsmenu Een speciaal kenmerk van de Sennheiser-serie evolution wireless ew 300 is de identieke bediening van zenders en ontvangers. Onder druk, zoals op het toneel en in live-uitzendingen, komt het erop aan, razendsnel en heel precies in de werking in te kunnen grijpen. De bediening moet “blind” en bij ieder apparaat op dezelfde manier kunnen plaatsvinden. Dit wordt met dezelfde toetsen (SET, !, ") en identiek opgebouwde zender- en ontvanger-displays mogelijk gemaakt. Belangrijk: Door indrukken van de toetsen !/" kunt u onmiddellijk tussen de kanalen (presets) wisselen. De aanduiding knippert. De wijziging wordt onmiddellijk werkzaam.
Met de toets SET kunt u het bedieningsmenu openen: Met een korte druk gaat u naar het volgende menupunt. Op het display wordt het gekozen menupunt en aansluitend de actuele waarde weergegeven.
Met de toetsen " en ! worden de instellingen van het afzonderlijke menupunt gewijzigd: De gewijzigde instelling knippert op het display. Als u de oorspronkelijke waarde weer instelt, stopt het knipperen. Belangrijk: Uw invoeren worden zonder verdere bevestiging werkzaam en worden onmiddellijk opgeslagen! In de menupunten “TUNE” en “NAME” zijn de toetsen ! en " met een snelspoel-functie (“Repeat”) voorzien. Als u kort op een toets drukt, wordt de volgende of vorige waarde aangewezen. Als de afzonderlijke toets ingedrukt blijft, wordt de aanduiding versnelt. Als u de toets weer loslaat en opnieuw indrukt, begint het spoelen nog eens langzaam. U kunt zo snel en comfortabel in beide aanduidingsrichtingen de gewenste waarde instellen.
Met de toets SET keert u naar het menubegin terug: Druk op de toets SET, om na het invoeren naar het menubegin terug te keren. Op het display wordt weer de standaardweergave aangewezen.
Menupunten / overzicht De bediening van zenders en ontvangers uit de Sennheiser-serie evolution wireless ew 300 wordt door de uitgestrekte harmonisering van de zender-/ ontvanger-bedieningsmenu’s vereenvoudigt: Aanduiding op het display Zender SEnSit Instellen en wijzigen van de modulatie (# pagina 201) SQELCH SqELCH
Instellen en wijzigen van de ruisblokkeringsdrempelwaarde (# pagina 202) DISPL DiSPL Selectie van de standaardweergave (# pagina 203) Selectie van de standaardweergave (# pagina 203) TUNE tune Invoeren en wijzigen van de zendfrequentie (# pagina 204) Invoeren en wijzigen van de ontvangstfrequentie (# pagina 204) NAME LOCK Loc
Blokkering van de bedieningselementen om een onopzettelijk verzetten te vermijden (# pagina 206) Invoeren en wijzigen van een naam bij de ontvanger EM 300 (# pagina 205) Blokkering van de bedieningselementen om een onopzettelijk verzetten te vermijden (# pagina 206) Frequentie, kanalen selecteren
Door indrukken van de toetsen !/" kunt u onmiddellijk tussen de kanalen (presets) wisselen. De aanduiding knippert. De wijziging wordt onmiddellijk werkzaam.
Door drukken op de toets SET wordt de invoer bevestigd. De aanduiding knippert niet meer. Opmerking: U kunt definiëren welke standaardweergave (frequentie, kanaalnummer of de naam bij de ontvanger EM 300) aan het menubegin zal worden aangewezen (# “Standaardweergave omschakelen”). De frequentieaanduiding is vooraf bij de producent als standaard ingesteld. SenSit Modulatie instellen (alleen zender) Een overmodulatie kan optreden als de spreker te dicht bij de microfoon staat of als de stemmen of de muziek te luid is. In dit geval wordt het gezonden geluid vervormd weergegeven. Bij de ontvanger EM 300 wordt een overmodulatie door oplichten van het segment “PEAK” (NF-bereik) aangewezen. Bij de zender SK 300 begint de gele “Audio Peak” LED te lichten. Is anderzijds de gevoeligheid te laag ingesteld, wordt het gezonden geluid te zwak gemoduleerd. Hierdoor wordt het signaal met een sterke interferentieruis weergegeven. Om die reden moet u de gevoeligheid dusdanig instellen, dat uitsluitend als het geluid zijn maximale volume bereikt het segment “PEAK” in het NF-bereik van de ontvanger oplicht. Als aanknopingspunt voor uw eigen instellingen kunt u de volgende basis-waarden benutten: luide muziek/zang: Presentatie: Interview: -30 / -20 dB -20 / -10 dB -10 / 0 dB
Selecteer met de toets SET het menupunt “SEnSit”. Op het display wordt “SEnSit” en aansluitend de actuele waarde weergegeven.
Met de toetsen !/" kunt u nu de gevoelgheid wijzigen. U kunt de gevoelgheid in 10-dB-stappen tussen 0 en -30 dB wijzigen. De ingestelde waarde knippert op het display en wordt onmiddellijk overgenomen.
Druk op de toets SET, om naar het menubegin terug te keren. Op het display wordt weer de standaardweergave aangewezen.
SQELCH SqELCH Drempelwaarde van de ruisblokkering instellen (alleen ontvanger) De ontvanger uit de Sennheiser-serie evolution wireless ew 300 is met een regelbare ruisblokkeringsdrempel voorzien, die het lastige ruisen voorkomen als de zender uitgeschakeld is. Ook wordt het ruisen voorkomen, wanneer een zender het ontvangstbereik verlaat en er niet meer voldoende zendvermogen bij de ontvanger beschikbaar is.
Om de ruisblokkering in te stellen, moet u met de toets SET het menupunt “SQELCH” selecteren. Op het display wordt “SQELCH” en aansluitend de actuele ruisblokkeringswaarde weergegeven.
Met de toetsen !/" kunt u nu de ruisblokkeringswaarde wijzigen. U kunt de ruisblokkering uitschakelen (0 dB) of in 5-dB-stappen een waarde tussen 5 dB en 40 dB instellen. Een kleinere waarde verlaagt de ruisblokkering, een grotere waarde verhoogt de drempel. Op het display knippert de ingestelde waarde. Stel de ruisblokkeringsdrempel bij uitgeschakelde zender op de laagste waarde zonder dat de ontvanger begint te ruisen. Als de waarde te hoog is, wordt het zendvermogen verminderd. Opmerking: Als de ruisblokkeringsdrempel uitgeschakeld is (0 dB) en geen passende zender in bedrijf gesteld is, treedt duurzaam een sterke ruisgeluid op. Dit wordt bij de ontvanger EM 300 door oplichten van de “PEAK”aanduiding op de AF-bargraph weergegeven.
Druk op de toets SET, om naar het menubegin terug te keren. Op het display wordt weer de standaardweergave aangewezen. DISPL DiSPL Standaardweergave omschakelen Bij alle zenders en ontvangers kunt u als standaardweergave tussen de frequentie- of kanaalnummeraanduiding kiezen. Bij de ontvanger EM 300 kunt u als standaardweergave tussen frequentie, kanaalnummer of naam selecteren.
Selecteer met de toets SET het menupunt “DISPL”. Op het display wordt “DISPL” en aansluitend de actuele instelling weergegeven.
Met de toetsen !/" kunt u omschakelen tussen Naam (alleen EM 300): Frequentie: Kanaalnummer: “NAME” “FREQU” “CHANNL” Op het display knippert de actuele instelling van de standaardweergave.
Druk op de toets SET, om naar het menubegin terug te keren. Op het display wordt de nieuwe standaardweergave aangewezen.
Kanalen (presets) configureren De zenders en ontvangers uit de Sennheiser-serie evolution wireless ew 300 zijn van 8 omschakelbare kanalen (presets) voorzien. Op elke kanaal kunt u een zend- resp. ontvangstfrequentie opslaan. Bij de ontvanger EM 300 kunt u bovendien een naam definiëren. Het is mogelijk tussen de kanalen (presets) om te schakelen (# “Frequentie, kanaalnummer selecteren”). TUNE tune Frequenties instellen U kunt de zend- en ontvangstfrequentie in 25-kHz-stappen over een bandbreedte van max. 32 MHz wijzigen. Aanwijzingen voor het multikanaalbedrijf: U kunt gelijktijdig meerdere apparaten uit de Sennheiser-serie evolution wireless ew 300 op verschillende frequenties benutten. De vooraf van de producent ingestelde frequenties zijn zo gekozen, dat de radioverbindingen elkaar niet storen. Voordat u nieuwe frequentiecombinaties invoert, adviseren wij dat u de basiseisen in de brochure “Sennheiser Revue, Deel 3: Hogefrequentiegeluidsoverdrachttechniek met opzet ‘HF-techniek’ voor de praktijk” doorleest (bij uw Sennheiser-leverancier verkrijgbaar).
Selecteer het kanaal, voor dat u de frequentie wilt instellen.
Selecteer met de toets SET het menupunt “TUNE”. Op het display wordt eerst de melding “TUNE” en aansluitend de frequentie-instelling van het gekozen kanaal weergegeven.
Met de toetsen !/" kunt u de frequentie in 25-kHz-stappen wijzigen. De nieuwe frequentie wordt knipperend op het display weergegeven en onmiddellijk overgenomen.
Druk op de toets SET, om naar het menubegin terug te keren. Op het display wordt weer de standaardweergave aangewezen. NAME Namen toewijzen (alleen EM 300) De stationaire ontvanger EM 300 beschikt over de mogelijkheid – behalve ontvangstfrequentie – ook een naam toe te wijzen. Deze naam kan uit tot met zes tekens bestaan, bijv.:
Letters (behalve umlauten), Getallen van 1 tot 0, Extra tekens: () - _ en blank. Dikwijls woord de naam van de muzikant ingevoerd.
Selecteer met de toets SET het menupunt “NAME”. Op het display verschijnt eerst “NAME” en aansluitend de ingestelde naam.
Druk op de toetsen !/", om de invoer te activeren. Op het display knippert het eerste segment.
Met de toetsen !/" kunt u nu een teken selecteren.
Druk op de toets SET, om het volgende segment te activeren en selecteer het volgende teken.
Als u de naam volledig ingevoerd heeft, moet u op de toets SET drukken, om naar het menubegin terug te keren. Op het display wordt weer de standaardweergave aangewezen.
LOCK Loc Bediening blokkeren Om te vermijden dat tijdens het bedrijf onopzettelijk wijzigingen uitgevoerd worden, adviseren wij de toetsen met behulp van de “Lock”-functie te blokkeren. Blokkering inschakelen
Nadat u alle invoeren beëindigt heeft, moet u met de toets SET het menupunt “LOCK” selecteren. De actuele instelling wordt aangewezen.
Druk op de toets !, om de invoer te blokkeren. Op het display knippert de melding “LOC ON”.
Druk op de toets SET, om naar het menubegin terug te keren. Opmerking: Als u nu op de toetsen !/" of ON/OFF drukt, verschijnt “LOCK” op het display en het is niet mogelijk instellingen te wijzigen. Blokkering opheffen
Selecteer met de toets SET het menupunt “LOCK”. Op het display verschijnt “LOC ON”.
Druk op de toets ", om de “Lock”-functie op te heffen. Op het display knippert de melding “LOC OFF”.
Druk op de toets SET, om naar het menubegin terug te keren. Op het display wordt weer de standaardweergave aangewezen en de toetsen kunnen nu weer worden gebruikt.
Storingschecklist Foutchecklist Fout Mogelijke oorzaak Geen bedrijfsaanduiding $ De batterijen zijn leeg $ Geen netaansluiting Geen HF-signaal $ Zender en ontvanger zijn niet op een exact identieke frequentie $ Werkingssfeer van de radioverbinding is overschreden HF-signaal aanwezig, geen geluidssignaal $ Zender is stil geschakeld (“MUTE”) $ Drempelwaarde voor de ruisblokkering is aan de ontvanger te hoog ingesteld Geluidssignaal wordt met sterke ruis weergegeven $ Modulatie van de zender is te laag ingesteld $ Uitgangsniveau van de ontvanger is te laag ingesteld Geluidssignaal is vervormd $ Modulatie van de zender is te hoog ingesteld $ Uitgangsniveau van de ontvanger is te hoog ingesteld
Als er problemen tijdens het bedrijf van uw zendinstallatie optreden, neem dan a.u.b. contact op met uw Sennheiser leverancier. Hij kan u helpen.
Aanbevelingen en tips … ... over de opspeldbare microfonen ME 2 en ME 4 $ Plaats de microfoon op een centrale positie, daarmee signaalfluctuaties, die bij een hoofddraaiing kunnen optreden, binnen het kader blijven. $ Vermijd de inwerking van zweet door directe huidcontact. $ Monteer de microfoon zorgvuldig en leg de leiding dusdanig aan, dat geen geluid door wrijving aan de kleding ontstaat. $ Gebruik de ME 4 richtmicrofonen steeds met plopkap en positioneer zij dusdanig, dat zij in richting van de geluidsbron (bijv. mond) wijzen. ... over de headset-microfoon ME 3 $ Gebruik de microfonen steeds met plopkap en positioneer zij dusdanig, dat zij in de mondhoek zitten. $ Door de afstand naar de mond kunt u de diepteweergave variëren. $ Let daarbij erop, dat de spreekcel in richting van de mond wijst. De spreekcel is door een puntje gekenmerkt. ... over de zakzender SK 300 $ Kruis niet de antenne en de microfoonleiding. $ De antenne niet direct op de lichaam plaatsen. Indien mogelijk, de zender met vrij hangende antenne in bedrijf stellen. $ Het optimaal geluid wordt door een correcte modulatie van de zender bereikt. ... over de radiomicrofoon SKM 300 $ Pak de radiomicrofoon in het midden van de greep vast. Als u de microfoon verder boven (in richting van de spreekcel) vastpakt, wordt de richtkarakteristiek van de microfoon beïnvloedt. Als u de microfoon in het onderste bereik vastpakt, wordt het uitgestraalde zendvermogen verminderd, en dus de werkingssfeer van de zender. $ Door de afstand naar de mond kunt u de diepteweergave variëren. $ Het optimaal geluid wordt door een correcte modulatie van de zender bereikt.
... over de optimale ontvangst $ De werkingssfeer van de zender hangt beduidend van de lokale omstandigheden af. De sfeer kan tussen 10 m en 150 m bedragen. Indien mogelijk, zou er vrije zicht tussen zend- en ontvangstantenne zijn. $ Onder ongunstige omstandigheden adviseren wij dat u bij de EM 300 twee aparte antennes gebruikt, die via antennekabel aangesloten zijn (vergelijk Sennheiser-accessoires). $ Neem de aanbevolen minimale afstand tussen zend- en ontvangstantenne in acht: 5 m. Daarmee wordt een HF-overmodulatie van de ontvanger vermeden. $ Neem de aanbevolen minimale afstand tussen de ontvangstantennes en stalen of betonnen objecten in acht: 50 cm. ... over het bedrijf van een multikanaal-installatie $ Het is niet mogelijk alle instelbare frequentiecombinaties parallel te benutten. De frequenties, die vooraf van de producent ingesteld werden (presets), kunnen doch voor multikanaal-applicaties kunnen worden gebruikt. Neem a.u.b. contact op met uw Sennheiser-leverancier, als u alternatieve frequentiecombinaties wilt gebruiken. $ Vermijd storingen van de radioverbindingen, als u meerdere zenders wilt gebruiken, door inachtneming van een voldoende afstand tussen de afzonderlijke zenders. Wij adviseren een minimale afstand van 20 cm tussen de afzonderlijke zenders. $ Gebruik extra accessoires voor multikanaal-applicaties (# Sennheiseraccessoires).
Onderhoud en behoud Radiomicrofoon SKM 300 Wij adviseren de spreekcel van de radiomicrofoon SKM 300 af en toe te reinigen.
Schroef de spreekcel van de radiomicrofoon los (tegen de wijzers van de klok draaien).
Reinig de spreekcel van binnen en buiten met een enigszins vochtige doek. Opmerking: Gebruik nooit oplos- of schoonmaakmiddelen. Indien mogelijk, niet de elektrische contacten aanraken.
Overzicht Wireless – draadloze overdrachtsinstallaties Vrijheid op het toneel, geen “kabelchaos”, geen strompelen over storende kabels – al dat wordt door draadloze (“wireless”) overdrachtsinstallaties mogelijk. Gezonden wordt in het UHF-bereik. En hiervoor zijn er goede gronden: In dit bereik storen geen boventonen van vermogensvoedingen, fluorescentielampen, koelapparaten enz. De radiogolven kunnen zich beter voortplanten dan in het VOR- of VHF-bereik, het zendvermogen kan uiterst laag worden gehouden en bovendien zijn stellige UHF-bereiken van de bevoegde toelatingsdiensten wereldwijd voor Wireless-applicaties toegestaan. Er zijn twee verschillende zendertypes. Enerzijds zijn er microfonen, die direct met de zender verbonden zijn (radiomicrofonen); anderzijds zijn zakzenders verkrijgbaar, op die de microfoon of muziekinstrument (bijv. gitaar) met behulp van een kabel aangesloten wordt. Nieuwe batterijen garanderen bij zenders voor een goed zendvermogen over een lange bedrijfsduur. Sennheiser adviseert het gebruik van Alkali-Mangaanbatterijen. Overweeg ook dat batterijen langer kunnen worden gebruikt dan accu’s. Een optimale instelling van de gevoeligheidsregelaar aan de zender verhinderd enerzijds een overmodulatie met aanzienlijke vervormingen, anderzijds wordt een ondermodulatie met te kleine signaal/ruisafstand vermeden. Wij adviseren de instelling voor elk toneel-event te controleren. Probeer de juiste positie voor opspeldbare microfonen uit. Op de haargrens, vast in de kleding ingenaaid of eenvoudig op uw revers – u maakt de keuze. Zweet en make-up zijn de grootste vijanden voor de kleine opspeldbare microfonen. Storingen, bijv. vervormingen, sterke fluitgeluiden of ruisen kunnen optreden, als meerdere zenders op het toneel gebruikt worden. In dit geval zijn de zendfrequenties niet op elkaar afgestemd, zodat een interferentie of intermodulatie kan optreden. Uw Sennheiser-leverancier deelt u graag optimaal op elkaar afgestemde zendfrequenties mee, die helpen deze storingen te vermijden.
Ruisonderdrukking door HDX Radioverbinding Storingssignalen Zender Ontvanger Vooruitgang die u kunt horen: Deze familie van apparaten is van het nieuwste Sennheiser-ruisonderdrukkingssysteem HDX voorzien. HDX reduceert storingen uit het radioveld. Het verhoogt de ruisspanningsafstand bij draadloze geluids-overdracht tot 110 dB. HDX is een breedband compressiemethode, die het NF-signaal aan zenderzijde in de verhouding 2:1 (wat dB betreft) comprimeert en aan ontvangstzijde exact in spiegelbeeld weer expandeert. HDX is voor gebruik in de hoogwaardige draadloze toneel- en studiotechniek ontwikkeld en voor Sennheiser gepatenteerd. Opmerking: Alleen zenders die ook met HDX uitgerust zijn, werken foutloos samen. Is dit niet het geval, dan wordt de dynamiek drastisch verminderd, de zending klinkt dof en vlak. HDX is niet uitschakelbaar aan de apparaten. Connectortoewijzingen XLR-3 connector (EM 300) symmetrisch asymmetrisch 6,3-mm jack connector (EM 300) symmetrisch asymmetrisch 3,5-mm jack connector (SK 300) Connector/stroomtoevoer
Diversity-ontvangst De ontvanger EM 300 werkt volgens de “True-Diversity-techniek”: Een ontvangstantenne neemt niet alleen de rechtstreeks aankomende elektromagnetische golven op, maar ook hun reflecties, die in de ruimte door muren, ramen, plafonds en meubilair worden veroorzaakt.Bij interferentie van deze golven treden uitschakelingen op, die men ook wel “gaten in de veldsterkte” noemt. Een andere positie voor de ontvangstantenne kan bij dezelfde zenderpositie uitkomst bieden. Bij bewegende zenders (gewoonlijk) treedt dan echter het gat in de veldsterkte bij een andere zender-positie op. Gaten in de veldsterkte zijn alleen geheel te voorkomen door het True-Diversity-proces. Bij het “True-Diversity-proces” is er in plaats van één antenne en één ontvanger sprake van twee antennes en twee ontvangertakken. De antennes zijn ruimtelijk gescheiden. Door middel van een differentiaalschakeling wordt steeds de ontvangsttak met het sterkste HF-signaal op de gemeenschappelijke NF-uitgang geschakeld. Het risico, “gaten in de veldsterkte” op beide antennes tegelijk te krijgen, wordt zeer gering. De betreffende Diversity-tak I of II dat wordt doorgeschakeld, wordt weergegeven op het display van de ontvanger. Besturingssignaal Ontvangertak I
Elektronische omschakeling van het NF-signaal Besturingssignaal Ontvangertak II Technische gegevens Systeem Hogefrequentie-eigenschappen Modulatiesoort Frequentiebereik Zend-/ontvangstfrequenties Schakelbandbreedte Nominale slag / piekslag Stabiliteit van de frequentie Lagefrequentie-eigenschappen Compandersysteem NF-zendbereik Signaal-ruisafstand bij 1 mVHF en piekslag, HDX Vervormingsfactor (bij nominale slag en 1 kHz) Gehele systeem, algemeen Temperatuurbereik Afmetingen setkoffer [mm] Gewicht setkoffer In overeenstemming met de normen FM, breedband 518 – 550, 630 – 662, 740 – 772, 790 – 822, 838 – 870 MHz 1280 (8 kanalen), afstembaar in 25-kHz-stappen 32 MHz ± 24 kHz / ± 48 kHz ≤ ± 15 ppm Sennheiser HDX 60 – 18.000 Hz ≥ 110 dB(A) ≤ 0,9 % -10°C tot +55°C 380 x 370 x 70 ca. 3100 g
ETS 300 422, ETS 300 445 (CE), FCC
Ontvanger Hogefrequentie-eigenschappen Ontvangstprincipe Gevoeligheid (met HDX, piekslag) Schakeldrempel voor ruisblokkering Antenne-ingangen Antenne-ingangsimpedantie Lagefrequentie-eigenschappen NF-uitgangsspanning bij piekslag 1 kHzNF AF OUT Niveauverzwakking EM 300 True-Diversity < 2,5 µV voor 52 dBAeff S/N 0 bis 100 µV instelbaar 2 BNC-chassisdelen 50 Ω XLR-3 chassisdeel: !6,3 mm chassisdeel: sym.: +10 dBu ! sym.: +10 dBu asym.: +4 dBu ! asym.: +4 dBu 0 – 40 dB
Accessoires MD 835 Microfoonmodule voor SKM 300, dynamisch, karakteristiek: nier MD 845 Microfoonmodule voor SKM 300, dynamisch, karakteristiek: supernier ME 865 Microfoonmodule voor SKM 300, condensator, karakteristiek: supernier MZW 1 Plopkap voor SKM 300 MZQ 1 Microfoonclip voor SKM 300 ME 2 Opspeldbare microfoon voor SK 300, condensator, omnidirectionaal ME 4 Opspeldbare microfoon voor SK 300, condensator, karakteristiek: nier ME 3 Opspeldbare microfoon voor SK 300, condensator, karakteristiek: supernier CI 1 Instrumentenkabel voor SK 300, met 6,3 mm chassisdeel CL 2 LINE-kabel voor SK 300, met 3-polige XLR-connector, female GA 1 Rack-adapter voor EM 300, voor inbouw in 19”-rack: twee EM 300/ASP 1 of een EM 300/ASP 1 met AM 1 AM 1 Rack-adapter voor frontmontage van de antennes A 1031-U UHF-antenne passief, omnidirectionaal, voor montage op een statief AB 1-A UHF-antennebooster AB 1-B 10 dB versterking AB 1-C voor het gebruik van ASP 1 AB 1-D AB 1-E 518 – 550 MHz 630 – 662 MHz 740 – 772 MHz 790 – 822 MHz 838 – 870 MHz GZL 1019-A1 / 5 / 10 Antennekabel, BNC-aansluiting 1 m / 5 m / 10 m ASP 1 Antennesplitter, 2 x 1:4, passief, voor aansluiting van vier EM 300, op twee A 1031-U/AB 1 NT 1 Vermogensvoeding met netstekker voor ASP 1
DC 1 DC-voedingsadapter voor de externe 12-V-DC-voeding van SK 300 in plaats van 9-V-batterij CC 1 Draagkoffer voor SET ew 300
Notice-Facile