GEBRUIKSAANWIJZING AVH-P6400CD PIONEER
De kleuren van de snoeren van dit toestel zijn gewijzigd.
Aansluiten van de apparatuur 1
Aansluiten van het stroomsnoer (1) 3
Aansluiten van het stroomsnoer (2) 5
Aansluiten van de apparatuur (A) 6
Aansluiten van de apparatuur (B) 7
Video ingang-/uitgangsaansluitingen 8
Bevestigen van de ruisfilters 8
Installeren 9
DIN Voor/Achter montage 9
DIN Voor-montage 9
DIN Achter-montage 11

LET OP
- PIONEER raadt u af de display zich in te bouwen of eventueel onderhoud te verrachten. Bij verkeerd inbouwen of onderhoud bestaat de kans op een elektrische schok of een andere gevaarlijke situatie. Laat inbouwen en onderhoud van het apparaat over aan bevoegt Pioneer servicepersoneel.
- Maak alle draden met kabelklemmen of isolatietape vast. Let er tevens op dat er geen draden blootliggen.
Boor geen gat in het motorruimteschot om de geel draad van het apparaat maar de auto-accu te leiden. Door de motortrillingen kan de aangebrachte isolatie losraken op deplaats waar de draad van het interieur maar de motorruimte loopt, met een gevaarlijke situatie tot gezolg. Zorg ervoor dat u de draad op de diverseplaatsen stevig vastmaakt.
- Wonneer het displaysnoer zich rond de stuurkolom of de versnellingspook wikkelt, ontstaat een bijzonder gevaarlijke situatie. Let er bij het inbouwen van de display op dat u op geen enkele wijze gehinderd worden bij de normale besturing van de auto.
- Zorg ervoor dat de draden de beweging van de diverse onderdelen van de auto zoals de versnellingspook, de handrem of het stoelverschuivingsmechanisme Niet hinderen.
Maak ook geen enkele andere draad korter. Het is anders möglichk dat het beveiligingscircuit Niet juist werkt.
Opmerking:
- Dit apparaat is bestemd voor inbouw in auto's met een negatief geaarde 12-volts accu. Alvorens u het installeert in een auto, bus, vrachtwagen of ander voer-of vaartuig, dient u eerst te controleren of de.accuspanning de juiste is.
- Om kortsluiting te vermijden, dient u vooral voor het installereren de negatieve accukabel los te make.
- Zie voor het aansluien van de eindversterker en andere apparatuur de gebruiksaanwijzing en volg de aanwijzingen nauwgezet op.
Houd de bedrading op+zijnplaats met kabelklemmen of met isolatieband. Wikkel ter bescherming ook isolatieband om de bedrading waar deze de metalen oppervlakken van de auto raakt.
Leid de bedrading altijd zo dat deutsche nicht in aanraking kan komen met bewegende onderden zoals de versnellingspook, de handrem en de geleiderails van de stoelen. Zet de bedrading stevig vast en vermijd ook plaatsen die warm worden, zoals bij een uitblaasopening van de autoverwarming. Als de isolatie smelt of door beweging doorslijt, zou er kortsluiting konnen onstaan.
Leid de gele draad Niet door het brandschot waar de motorruimte voor aansluting op de accu. Hierbij is de kans groot op beschadiging van de isolatie en zeer gevaarlijke kortsluting.
- Maak de bedrading nicht korter. Bij inkorten van de bedrading kan het beveiligingscircuit nicht in werkung treten wonneer dat nodig is.
- Tap geen stroom af van de bedrading door een stukje isolatie te verwijderen en een andere draad aan de kerndraad te verbinden. Hierdoor kan de maximale stroomcapaciteit van de draad overschreten worden, met als gevolg oververhitting.
- Vervang een doorgebrande zekering algijd alleen door een neue zekering van hetzelfde type, Zoals aangegeven op de zekeringhouser.
Aangezien er gebruik is gemaakt van een uniek BPTL circuit, mag u de luidsprekersnoeren nooitrechtstreeks met de aarde verbinden en mag u ook Niet de negatieve luidsprekerdraden gemeinschappelijk aansluiten.
- Verwijder de dopjes of kapjes Niet van het uiteinde van de stekkeraansluitingen indien u de RCA penaansluiting van het toestel Niet gebruikt.
- Sluit op dit apparaat luidsprekers aan die een hoog ingangsvermogen kuren verwerken, van nominaal tenminste 50~W , met een impedantie van 4 tot 8 Ohm. Sluit u luidsprekers aan die nicht aan deze eisen voldoen, dan bestaat er de kans dat de luidsprekers in brand vliegen, beginnen te roken of anderszins beschadigd raken.
- Wanneer de signaalbron van dit product aan (ON) staat, worden er een controlesignaal geprodueerd via de blauw/witte draad. Sluit deze aan op een systeme-afstandsbediening van een externe power versterker, of op de auto-antenne relais bedieningsaansluiting van de auto zelf (max. 300
mA 12 Volt gelifkstroom). Als de auto voorzien is van een glas-antenne, dient u de aansluiting te makes op de aansluiting van de stroomvoorziening van de antennebooster.
- Als u met dit apparaat een externe eindversterker gebrukt, let dan op dat u Niet de blauw/witte draad aansluit op de stroomvoorzieningsaansluiting van de eindversterker. Sluit de blauw/witte draad ook Niet aan op de stroomaansluiting van de auto-antenne. Een dergelijkke aansluiting kan een te grote stroomafname en daarmee storingveroorzaken.
- Om kortsluiting te voorkomen dient u de losgekoppelde draad af te dekken met isolatieband. Vergeet vooral nicht de oncebruikte luidsprekerdraden te isoleren. Als de draden nicht geisoleerd zich, bestaat er het gevaar van kortsluiting.
- Om vergissingen te voorkomen is de ingangskont van de IP-BUS aansluiting blauw uitgevoerd en de uitgangskont zwart. Let op dat u bij het aansluiten deze kleurcode volgt.
Bij inbouw van dit apparaat in een auto waarvan het contactslot geen "ACC" stand hijt, dient u de rode stroomdraad van het apparaat aan te sluiten op een aansluitpunt waarvan de stroom wordt inenuitgeschakeld door ON/OFF zetten van het contactsoleuteltje. Als u deze stroomdraad aansluit op een punt dat algijd stroom krijgt, kan de accu leegraken als u de auto enkele uren ongebruikt laat. (Afb. 1)

ACC stand

Geen ACC stand
Afb.1
- De zwarte draad is de aardedraad. Aard gezende draad gescheiden van de aarde van toestellen met een hoog vermogen, bijvoorbeeld eindversterkers. De toestellen zouden namelijk möglich worden beschadigd of er worden brand veroorzaakt indien u dit toestel tezamen met andere toestellen aardt en de aarde worden ontkoppeld.
- Snoeren voor dit product en overeenkomende snoeren voor andere producten hebbern möglichk verschillende kleuren ooka is de functie van de snoeren hetzelfde. Zie voor het verbinden van dit product met een ander productaarom de installmentchandleiding van beiden producten en verbind de snoeren metdezelfde functie met elkaar.
Aansluiten van het stroomsnoer (1)

ISO aansluiting
Opmerking:
In bepaalde auto's is de ISO aansluiting möglich in tweeken verdeld. U moet in dat geval een verbinding met beiden aansluitingen make.
Geel/zwart
Gebruikt u een cellulaire telefoo, sluit u deze dan aan via de Audio Mute dampingsaansluiting voor de cellulaire telefoo. Maakt u waarvan geen gebruik, maar de Audio Mute dampingsaansluiting dan vrij,+zonder hierop iets aan te sluiten.

Aansluiten van het stroomsnoer (2)
Bij gelebruik van dit product met een achechteruitkijk-camera kan automatisch waar de video van VIDEO worden geschakeld wonneer de versnellingspook in de REVERSE (R) stand worden gezet.
Verbind de weiteruitkijk-camera met de VIDEO ingang.

Aansluiten van de apparatuur (A)


Voer de [VIDEO SETTING] instellingen op de juiste manieruit aan de hand van de handleiding.
Aansluiten van de apparatuur (B)

Voer de [VIDEO SETTING] instellingen op de juiste manieruit aan de hand van de handleiding.
Bij aansluiting van een XDV-P9II, dient u tevens de handleiding van de XDV-P9II te raadplegen.
Afb.5
Video ingang-/uitgangsaansluitingen

Voer de [VIDEO SETTING] instellingen op de juiste manieruit aan de hand van de handleiding.
Afb. 6
Bevestigen van de ruisfilters
1.

Om ruis te voorkomen, moet u de bijgeleverde ruisfilters op de juiste wijze gebruiken.
- Verwijder het ruisfilter van de snoeren.
- Bevestig de ruisfilters en de draadriempjes zoals afgebeeld.
2.

Afb. 7
Opmerking:
- Voor u het apparaat definitief installeert, is het raadzaam eerst alle aansluitingenijdelijk te makeon om te controeren of alles maar behoren functioneert, zodate u later Niet voor verrassingen komt te staan.
- Gebruik voor het installereren uitsluitend de bij het apparatusaat geleverde onderdelen. Toepassing van andere dan de goedgekeurde onderdelen kan leiden tot storing in de werkking van het apparatusaat.
- Raadpleeg uw dichtstbijzijnde dealer als het voor het installereren van het apparaat nodig blijkt gaten te boren, of andere wijzigingen aan te brengen aan de auto.
- Installee het apparaat op een plaats waar het de bestuurder Niet in de weg kan zitten en waar het ook bij een moodstop e.d. geen gevaar voor deinzitenden kan opleveren.
- Bevestig het display Niet in een positie waar dit het zicht van de bestuurder of de werkking van de air-bags van uw voertuig kan belemmeren.
-
De halfgeleider-laser in het apparaat is gevoelig voor beschadiging door oververhitting, dus installer het apparaat Niet te dicht in de buurt van de autoverwarming of de warme luchtssroom waarvan.
-
Als u het apparaat onder een al te steile hoek installeert, d.w.z. meer dan 30^ uit het horizontale vlak, zal het Niet maar behoren kunnen werken. (Afb. 8)

Afb. 8
DIN Voor/Achter montage
Dit product kan waar keuze aan de voorkant (conventionele DIN voor-montage) of aan dechterkant (DIN aller-montage, met gebruikmaking van de schroefgaten aan de zijkanten van het chassis) bevestigd worden. Voor details hieromtrent dient u de hiernavolgende geillustreerde installmentie voorbeelden te raadplegen.
DIN Voor-montage
Installatie met de rubber mof
1. Verwijder het frame. (Afb. 9)

Trek maar buiten om het frame te verwijderen. (Om het frame waar aan te brengen,plaatst u de Kant met de groef omlaag en bevestigt u het aldus.)
2. Bevestig de zichbeugels. (Afb. 10)

Schroef met platte kop (5× 6mm)
Afb. 10
3. Vastzetten van het toestel. (Afb. 11)
Normaal gesproken kurz u het toestel met de zijbeugels (groot) vastzetten.

Afb. 11
■ Als de installmentatiepte Niet toereikend is
Als u het toestel要去 installeren in een te ondiepe ruimte, dient u het vast te zetten met de (kleine) zijbeugels. In een dergelijk geval dient u camouflageband te plakken op het uit het dashboard stekende deel van het toestel.

Afb. 12
DIN Achter-montage
Installatie met gebruikmaking van de schroefgaten aan de zijkanten van dit product
1. Verwijder het frame. (Afb. 13)

Trek maar buiten om het frame te verwijderen. (Om het frame weeer aan te brengen,plaatst u de Kant met de groef omlaag en bevestigt u het aldus.)
Afb. 13
2. Vastmaken van dit product aan de fabrieksradio-bevestigingsbeugel. (Afb. 14) (Afb. 15)
Kies een positie waar de schroefgaten van de beugel en de schroefgaten van dit product in een lijn liggen (passen) en draai de schroeven op 2 plaatsen aan elke Kant vast. Gebruik bevestigingssschroeven (4× 3mm) , bevestigingssschroeven (5× 6mm) of schroeven met platte kop (5× 6mm) , afhankelijk van de vorm van de schroefgaten in de beugel.
*1 Gebruik alleen bevestigingsschroeven (4 × 3 mm).


Afb. 14
Radio bevestigingsbeugel van de fabrikant
Afb. 15
PIONEER CORPORATION