OX611T - Oven Atag - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis OX611T Atag in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over OX611T Atag
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding OX611T - Atag en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. OX611T van het merk Atag.
GEBRUIKSAANWIJZING OX611T Atag
gebruiksaanwijzing elektro oven
text_image
bedieningspaneel oven ovenlamp draaispilmotor contact culisensor onderelement (niet zichtbaar) grillelement ventilatorbedieningspaneel

text_image
kinderslot keuzetoetsen ovenfuncties snel voorverwarmen 175 ° 12.45 18.00 - + - + STOP START temperatuurinsfelling tijdinstelling stop/pauzetoets startloetsovenfuncties (Zie voor meer informatie pagina 12)
turbo; hetelucht
infra met ventilator
= infra; boven- en onderwarmte
▼ spaargrill
— onderwarmte
maxi-grill
De bediening van deze oven is eenvoudig. Met deze handleiding willen we vooral inzicht geven in alle mogelijkheden van dit toestel.
In het hoofdstuk bediening zijn de verschillende functies overzichtelijk gerangschikt. Ook vindt u er bak- en braadaanwijzingen waarmee u uw voordeel kunt doen.
Voor de installatie is een separaat installatievoorschrift bijgevoegd. Hierin vindt u tevens de veiligheidsvoorschriften met betrekking tot de installatie en aansluiting.
Bewaar deze handleiding zorgvuldig zodat een eventuele volgende gebruiker er ook zijn voordeel mee kan doen.
Veel kookplezier!
uw oven
inleiding
uw oven
inhoud
U heeft gekozen voor een oven van Atag.
Optimaal gebruikscomfort en een eenvoudige bediening stonden voorop bij de ontwikkeling van dit product.
Door tweemaal op start te drukken kiest de oven de turbo-functie. Een ovenfunctie met een ruim toepassingsgebied. Uw favoriete recepten zullen op deze stand zeker een uitstekend resultaat geven. U hoeft alleen de temperatuur nog bij te stellen.
De uitgebreide instelmogelijkheden maken het mogelijk exact d'e bereidingswijze te kiezen die u voor ogen staat. De ovenfuncties zijn in een logische volgorde op het bedieningspaneel ondergebracht..
veiligheid
waar u op moet letten 4 - 5
ingebruikname
voor u gaat bakken 6
bediening
inschakelen 7
extra functies 8 - 11
kookaanwijzingen
ovenfuncties 12
toebehoren 13
bak- en braadtips 14 - 15
braden 16
grillen 17 - 18
tabellen 19 - 21
onderhoud
reinigen 22
storingen
wal moet ik doen als... 23 - 24
werking
DCF tijdklok 25
milieu aspecten
verpakking en toestel afvoeren 26
garantie
bepalingen 27 - 28
algemeen
Deze oven is uiterst veilig. Toch is er, net als bij elk product, een aantal zaken waar u op moet letten.
Dit toestel mag alleen door een erkend installateur worden aangesloten.
Voor veiligheidsaan- wijzingen rondom de installatie verwijzen wij naar de voor- schriften in het bijbehorende installatievoorschrift.
Reparaties mogen alleen door een bevoegd servicemonteur worden uitgevoerd.
Open nooit de behuizing van het toestel en verander de mechanische en/of elektrische opbouw van het toestel niet. Dit kan leiden tot gevaarlijke situaties (aanraken van spanningvoerende onderdelen) en storingen.
Gebruik het toestel niet als het beschadigd is.
Bij reparatie of schoonmaakbeurten moet het toestel spanningsloos gemaakt worden. Neem de stekker uit de contactdoos of draai de schakelaar in de meterkast op nul.
In verband met de elektrische veiligheid mag het toestel niet met hogedrukreinigers of stoomreinigers schoongemaakt worden.
Wees voorzichtig met snoeren van elektrische apparaten, zoals van een mixer. Deze kunnen bekneld raken tussen de deur van de hete oven.
Deze oven is ontworpen voor huishoudelijk gebruik. Gebruik hem alleen voor het bereiden van gerechten.
tijdens het gebruik
Zorg ervoor dat gerechten altijd voldoende verhit worden. De tijd die daarvoor nodig is, hangt van vele factoren af, zoals de hoeveelheid en het soort gerecht. De eventueel in het voedsel aanwezige bacteriën worden alleen gedood als het voedsel minimaal 10 minuten bij een temperatuur hoger dan 70 °C verhit wordt. Laat het voedsel wat langer garen als u niet zeker weet of het voedsel genoeg verhit is.
De oven is optimaal geisoleerd. Desondanks vindt er altijd enige warmte-overdracht plaats, waarbij de buitenzijde van het toestel opwarmt. Deze opwarming valt ruimschoots binnen de normen.
Verwarm nooit gesloten conservenblikken. Er ontstaat een overdruk in het blik, waardoor het kan exploderen.
De ovenruit kan door langdurig gebruik van de oven op de maximale temperatuur (bijv. bij het grillen) warm worden. Let op als er kinderen in de buurt zijn.
Gebruik de oven niet voor het opbergen van brandgevaarlijke of licht vervormbare materialen.
Bij het bereiden van gerechten die alcohol bevatten kan de alcohol door de hoge temperaturen verdampen. De damp kan vlam vatten als hij in aanraking komt met een heet ovenelement.
De oven heeft een ventilator die de ovenmantel koelt. Nadat de oven is uitgeschakeld, kan deze ventilator nog enige tijd nadraaien.
Bedek de ovenbodem nooit met aluminiumfolie en plaats ook geen bakplaten of -vormen op de ovenbodem. Deze houden namelijk de hitte tegen, waardoor emailschade kan ontstaan en het bakresultaat ongunstig beïnvloed wordt.
Giet nooit water in de hete oven. Hierdoor kan emailschade ontstaan.
Bereid diepvriesproducten zoals pizza's bij voorkeur op het rooster, bedekt met bakpapier. Bij gebruik van de bakplaat kan deze vervormen door het grote temperatuurverschil.
oven en toebehoren reinigen
Neem het toebehoren uit de oven en reinig het toebehoren en de binnenzijde van de oven met een mild reinigingsmiddel.
Schakel de oven één uur lang in op 250 °C (zie pagina 7). Tijdens de fabricage gebruikte beschermingsvetten worden dan verwijderd.
opmerking
Als de oven voor de eerste maal sterk verhit wordt, zult u een "nieuwigheidsluchtje" ruiken. Dit is normaal. Schakel eventueel de wasemkap in of open een raam.
Na het afkoelen de oven met warm water reinigen.
dagtijd instellen
De klok geeft de Centraal Europese Tijd aan. Zie ook de werking van de klok op pagina 25.
De klok stelt zichzelf in. Een ingebouwde ontvanger zorgt ervoor dat het display altijd de juiste tijd aangeeft.
Als u de oven heeft aangesloten kan het even duren voordat er ontvangst is. Zolang er geen of een gestoorde ontvangst is verschijnen er vier liggende streepjes in het display.
U kunt de klok ook handmatig instellen.

tijdklok
handmatig instellen dagtijd
1 Controleer of de oven is uitgeschakeld.
2 Leg uw vinger op de tijdkeuzetoets to het display gaat knipperen.
3 Stel met de + en -toets de juiste tijd in.
Enkele seconden nadat u de toets hebt losgelaten is de tijd vast ingesteld. De ingebouwde ontvanger zal daarna de tijd automatisch bij blijven stellen (zomer- en wintertijd).
inschakelen

functie klezen
1 Kies een ovenfunctie door het gewenste symbool aan te raken.
Het lampje boven de gekozen functie brandt. In het display verschijnt de standaard oventemperatuur. De bereidingstijd knippert.

temperatuur instellen
2 Stel met de + en -toets de gewenste temperatuur in. De temperatuur is regelbaar in stappen van 5 °C.

tijd instellen
3 Stel met de + en -toets de bereidingstijd in. De bereidingstijd wordt in minuten ingesteld en is instelbaar tot 3.59 uur.

start
4 Tip op de starttoets.
Als u dat wenst, kunt u de oventemperatuur nog aanpassen.
Als u vergeet de starttoets aan te tippen, worden de ingestelde waarden na één minuut gewist. De oven gaat niet aan.
tijdens het bakproces

baktijd telt op
Wanneer u geen bereidingstijd ingeeft en wel op de starttoets tipt, zal de oven toch starten. In het display ziet u de tijd oplopen.
De oven schakelt na vier uur aaneengesloten te hebben gebakken automatisch uit. Als er tussendoor op de stoptoets is getipt, begint de klok weer opnieuw te tellen.

thermostaatcontrole
De punt achter de temperatuuraanduiding dooft zodra de oven op temperatuur is. Wanneer de verwarmingselementen weer inschakelen, licht de punt weer op.
bediening extra functies
bediening extra functies
snel voorverwarmen

snel voorverwarmen
Bij de turbo-functie, de infra-functie en de functie infra met ventilator kunt u kiezen voor snel voorverwarmen. De oven is dan extra snel op temperatuur. Zodra de oven op temperatuur is hoort u een signaal en schakelt het snel voorverwarmen automatisch uit.
De oven gaat verder op de ingestelde functie.
Als u na het voorverwarmen of tijdens het bakproces, waarbij u in eerste instantie geen bereidingstijd had ingesteld, alsnog een bereidingstijd in wilt stellen moet u eerst op de tijdkeuzetoets ● tippen. Stel de bereidingstijd in zoals beschreven op pagina 7.
uitschakelen

stop
Tip één maal op stop om het proces te onderbreken. De ingestelde gegevens blijven bewaard, waardoor u deze eventueel kunt wijzigen.
Tip twee maal op stop en u wist de ingestelde gegevens.
uitstellen starttijd/instellen eindtijd

bereidingstijd
eindtijd ____
U kunt het tijdstip uitstellen waarop de oven inschakelt. Zet een gerecht in de oven. Stel de bereidingstijd in, en het tijdstip waarop het gerecht klaar moet zijn. De oven berekent zelf de starttijd, en schakelt na het verstrijken van de bereidingstijd automatisch uit.

functie kiezen
1 Kies een ovenfunctie door het gewenste symbool aan te raken. Het lampje boven de gekozen functie brandt. In het display verschijnt de standaard oventemperatuur. De bereidingstijd knippert.

temperatuur instellen

tijd instellen

Tip op de tijdkeuze-
toets en stel de
eindtijd in.
2 Stel met de + en -toets de gewenste temperatuur in. De temperatuur is regelbaar in stappen van 5 °C.
3 Stel met de + en -toets de bereidingstijd in.
4 Tip op de tijdkeuzetoets. ● Naast de bereidingstijd verschijnt de vroegst mogelijke eindtijd.
5 Stel met de + en -toets de gewenste eindtijd in.
6 Tip op de starttoets. De ovenverlichting dooft. In het display verschijnen de dagtijd en de eindtijd. De oven rekent zelf uit hoe laat hij in moet schakelen.
De oven geeft een signaal en schakelt uit zodra de ingestelde eindtijd bereikt is. Door het openen van de deur stopt u het signaal. U kunt het ook stoppen met de stoptoets of de timertoetsen.
Voor het aanpassen van de instellingen, zoals de oventemperatuur en de eindtijd, eerst de stoptoets aantippen. De huidige instellingen worden zichtbaar.
Met de tijdkeuzetoets kunt u het te wijzigen display kiezen. Het display dat knippert kunt u aanpassen.
Let op: zorg ervoor dat zowel de bereidingstijd als de eindtijd zichtbaar is voordat u op de starttoets tipt. Wanneer de eindtijd niet zichtbaar is wordt deze gewist.
bediening extra functies
bediening extra functies
culisensor

Bij het braden van groot vlees is de culisensor een handig hulpmiddel. U bent er dan altijd zeker van dat het vlees de door u gewenste gaarheid heeft bereikt.
U kunt de culisensor gebruiken bij de functies Turbo, Infra en Infra met ventilator.
1 Kies een ovenfunctie.
2 Stel met de + en -toets de gewenste oventemperatuur in.
Bij braden is voorverwarmen aan te bevelen.
3 Steek de punt van de naald in het midden van het vlees.
De punt mag geen bot raken.
4 Schuif het vlees in de oven.

standaard kerntemperatuur
5 Steek de stekker van de sensor in het contact in de linker
zijwand van de oven.
55 verschijnt als standaard kerntemperatuur.
Wanneer CU in het display verschijnt is een niet
geschikte ovenfunctie ingesteld.
6 Stel met de + en -toets de gewenste kerntemperatuur in (zie bak- en braadtips op pagina 19).
De kerntemperatuur is regelbaar in stappen van 1 °C.
7 Tip de starttoets aan.
In het display verschijnen de gemeten kerntemperatuur en de verstreken tijd.
De oven geeft een signaal en schakelt uit zodra de ingestelde kerntemperatuur bereikt is. Door het openen van de deur stopt u het signaal. U kunt het ook stoppen met de stoptoets of de timertoetsen.
Met de temperatuur-keuzetoets °C kunt u het te wijzigen display kiezen. Het display dat knippert kunt u aanpassen.
kinderslot

kinderslot
Het toestel is voorzien van een kinderslot. Als het kinderslot is ingeschakeld kunnen de toetsen niet bediend worden; de deur van de oven kan wel geopend worden. U kunt het kinderslot alleen inschakelen als de oven niet in gebruik is.
op slot
Leg uw vinger 5 seconden op de stoptoets totdat het sleutelsymbool gaat branden.
U hoort twee keer een pieptoon. Het sleutelsymbool licht op.
van het slot
Leg uw vinger 5 seconden op de starttoets totdat het sleutelsymbool dooft.
Het sleetelsymbool verdwijnt.
aanpassen standaard oventemperatuur

functie kiezen
Na het selecteren van een ovenfunctie kiest de oven zelf een standaard oventemperatuur. U kunt deze aanpassen.
1 Kies een ovenfunctie.
De standaard oventemperatuur verschijnt.

standaard temperatuur
aanpassen
2 Stel met de + en -toets de gewenste standaardtemperatuur in.
3 Tip nogmaals op de toets van de gekozen functie en houd uw vinger op de toets tot u een signaal hoort.
kookaanwijzingen ovenfuncties
kookaanwijzingen toebehoren
turbo; hete lucht

U kunt op verschillende niveaus tegelijk bakken. Door de intensieve warmteoverdracht kunt u een ca. 20 °C lagere temperatuur kiezen dan bij conventionele recepten staat aangegeven.
infra; boven- en onderwarmte

Infra is bedoeld voor het bakken op een niveau. Plaats het gerecht altijd in het midden van de oven voor de traditionele manier van bereiden. De gerechten rijzen goed uit en krijgen een mooie bruine kleur.
onderwarmte

Alleen de onderwarmte is ingeschakeld. Deze stand is geschikt voor het kortstondig extra doorbakken van taart- en pizzabodems. U schakelt deze stand in aan het eind van een bakproces.
infra met ventilator

Infra met ventilator is bedoeld voor het bakken op 1 niveau. Door de intensieve warmteoverdracht kunt u een ca. 20 °C lagere temperatuur kiezen dan bij conventionele recepten staat aangegeven.
spaargrill

Gebruik de spaargrill wanneer alleen in het midden van de oven een gerecht staat of bij gebruik van het draaispit. De thermostaat regelt ook de grill. Het element zal daarom niet continu, maar van tijd tot tijd rood oplichten.
maxi-grill

Gebruik de maxi-grill voor grote porties, bijvoorbeeld bij een volledig bedekt rooster. De thermostaat regelt ook de grill. Het element zal daarom niet continu, maar van tijd tot tijd rood oplichten.
NL 12 NL 13

Voor grillen en het bakken met bakvormen.

Voor het bakken van deeg zonder vorm en het braden van vlees. De braadslede kan ook als lekbak gebruikt worden. De braadslede kan daartoe onder het rooster worden geschoven.

Met uitsparing in het rooster voor het bedruipen van vlees. Past op de braadslede en op het draagrooster.

Voor het bakken van deeg zonder vorm en het braden van vlees. Spoel de bakplaat nooit direct na gebruik af met koud water; de plaat kan dan barsten.

Voor de glazen bakplaat en de braadslede. In combinatie met het bedruiprooster, een tweede vlak rooster.

Voor het braden van grote stukken vlees. U kunt er dan altijd zeker van zijn dat het vlees de gewenste gaarheid heeft bereikt (voor gebruik culisensor, zie pagina 10).

2 3 Voor het grillen is als accessoire een draaispit met een mixed grillset leverbaar. 1 Schuif op niveau 1 een rooster met lekbak. 2 Haak de steun in de zijkant (1). 3 Steek de grillset in de achterwand (2). 4 Leg het spit op de steun (3). 5 Verwijder het handvat en sluit de deur.
accessoires


kookaanwijzingen
bak- en braadtips
kookaanwijzingen
bak- en braadtips
introductie
In de overzichtstabellen op de pagina's 19 t/m 21 vindt u aanwijzingen over bereidingstijden, temperaturen en inzethoogten. De tijden en temperaturen in de tabellen zijn gemiddelden. Zonodig kunt u daar iets van afwijken om gerechten gelijktijdig te bereiden.
energiebewust ovengebruik
Open de ovendeur zo weinig mogelijk.
Bereid gerechten met ongeveer dezelfde bereidings-temperatuur (bijvoorbeeld appeltaart en een ovenschotel) tegelijk op hetzelfde rooster of met de turbofunctie boven elkaar. Vlees laten meestoven kan ook.
Bereid meer gerechten na elkaar, bijvoorbeeld een ovenmaaltijd na een cake. Vaak kan de bereidingstijd van het tweede gerecht dan 10 minuten korter zijn omdat de oven nog veel warmte in zich heeft.
Dankzij de ovenisolatie kunnen gerechten met een langere bereidingstijd (vanaf 1 uur) nagaren op de restwarmte van de oven. Schakel de oven 10 minuten eerder uit dan aangegeven staat, maar laat de deur dicht.
voorverwarmen
Voorverwarmen is in het algemeen niet nodig, met uitzondering van gerechten waarvan de bereidingstijd korter dan 30 minuten is of wanneer een recept dit aangeeft. U kunt de oven extra snel voorverwarmen op de speciale voorverwarmstand.
oven leeg
Haal alles wat u niet nodig heeft voor de bereiding uit de oven.
afkoelen
Schakel de oven uit voordat u het gare gerecht eruit haalt. Sluit de ovendeur en laat de oven afkoelen.
ovenservies
In principe kunt u elk soort hittebestendig servies gebruiken. Spoel glazen servies niet direct na gebruik af onder koud water. Door het plotselinge temperatuurverschil kan het glas barsten. Gebruik donkere of zwarte bakvormen. Deze geleiden de warmte beter en laten het gerecht gelijkmatiger garen.
bodem niet afdekken
Het afdekken van de ovenbodem met bijvoorbeeld aluminiumfolie of een bakplaat kan tot oververhitting en beschadiging van het email leiden.
tijdinstelling
Kies een 5 minuten kortere bereidingstijd dan in het recept staat aangogeven. Daardoor kunt u in de laatste fase controleren of het gerecht of gebak gaar en goed van kleur is. Zo niet, sluit dan de ovendeur en controleer na enige tijd opnieuw. Het openen en sluiten van de deur moet langzaam gebeuren. Bij voorkeur niet voordat driekwart van de bereidingstijd is verstreken.
warm houden
U kunt de oven gebruiken voor het warm houden van reeds bereide gerechten. Kies hiervoor de turbofunctie en een temperatuur van 80 °C. Dek gerechten die u warm wilt houden af om uitdrogen te voorkomen.
kookaanwijzingen braden
kookaanwijzingen grillen
vlees braden
Het meest geschikt is "groot vlees" vanaf 1 kg. Het vlees krijgt een regelmatig gevormde, krokante korst, waarbij vrijwel geen gewichtsverlies optreedt.
- Wrijf het vlees een kwartier van tevoren in met zout en kruiden. Gebruik voor het braden 80 tot 100 gram boter of vet (of een mengsel hiervan) per 500 gram vlees.
braadtijden
- Platte, dunne stukken hebben gemiddeld 5 minuten minder braadtijd nodig dan dikke of opgerolde stukken vlees.
- Bij gebruik van grotere stukken vlees moet per 500 gram meer een 15 tot 20 minuten langere braadtijd worden aangehouden.
- Door de culisensor te gebruiken bent u altijd zeker van het gewenste resultaat.
In de tabel op pagina 20 vindt u de braadtemperaturen en tijden voor verschillende soorten vlees met een gewicht van ca. 1,5 kg.
In de tabel op pagina 21 vindt u de kerntemperaturen.
bereiding
- Leg het vlees in een braadslede en overgiet het met hete boter env/of vet. Als het vlees een vette kant heeft, dan legt u deze tijdens het braden boven. Vlees zonder vette kant om de 15 minuten bedruipen. Vlees met vette kant om de 30 minuten bedruipen.
- Voeg, als de jus te donker wordt, tijdens het braden nu en dan enkele lepels water toe.
- Laat het vlees na de bereiding 10 minuten rusten, afgedekt met aluminiumfolie, voordat u het aansnijdt.
algemene tips
- Bij het roosteren van vlees, wild, gevogelte en vis wordt het vlees of de vis onmiddellijk dichtgeschroeid, waardoor de voedings- en smaakstoffen behouden blijven. Boter of olie is daarvoor niet nodig. Het meest geschikt zijn dikkere stukken klein vlees, dunne moten vis of hele vissen.
- De grillpennen gebruikt u voor het gelijkmatig roosteren van kleinere stukjes vlees en groenten, zoals saté, kebabs en sjasliks.
tips voor vlees
- Gebruik alleen vlees van goede kwaliteit. Reken per persoon 100-200 gram vlees of 150-250 gram vlees met been.
- Zet altijd een passende braadslede onder de gerechten om afdruipend vet op te vangen. Droog het vlees zonodig met keukenpapier, voordat u het onder de grill legt.
- Giet voor gerechten met een lange grilltijd, bijvoorbeeld rollade en kip, ± 2,5 dl water in de braadslede.
tips voor vis
- Reken per persoon 150-200 gram moten of hele vis of 100-150 gram gefileerde vis. Laat bij grotere vissen de kop verwijderen.
- Was de vis. Afdrogen met keukenpapier. Kerf dikke vis in. Leg de vis op het rooster en schuif er een braadslede onder.
kookaanwijzingen grillen
kookaanwijzingen tabellen
garneringen en sausjes
- Garnering kan meegegrilld worden, zoals bijvoorbeeld plakken appel, ananas of halve tomaatjes.
- Plakken kaas de laatste minuten op het vlees leggen en laten smelten. Bestrooi het vlees pas na het grillen met peper en zout. De dikte van het vlees bepaalt de plaats onder de grill. Over het algemeen geldt dat dunne stukken hoog moeten worden geplaatst (altijd op minstens 5 cm afstand van de grill) en dikkere stukken, die gaar moeten worden, wat lager.
- Draai dunne stukken vlees om met een vleestang. Gebruik een ovenwant. Prik niet in het vlees omdat er dan vleessap verloren gaat. Bij gegrild vlees, waarbij immers geen jus wordt gevormd, kan desgewenst afzonderlijk een saus of kruidenboter worden gegeven.
- Snijd gegrilld vlees en dergelijke niet direct aan maar laat het eerst enkele minuten rusten. Er zal dan bij het aansnijden minder vleessap verloren gaan.
tabellen
Het betreft hier richtlijnen. Temperatuur en tijd kunnen afwijken, aangezien deze afhankellijk zijn van onder andere de hoeveelheid, de gebruikte vorm en de gewenste kleur.
bakken
| turbo Infra tijd | |||||
| oventemp. °C niveau* | oventemp. °C niveau* min. | ||||
| roerdeeg | |||||
| cake | 140 - 150 | 2 | 160 - 170 | 2 | 65 - 70 |
| tulband | 140 - 160 | 2 | 160 - 180 | 2 | 70 - 80 |
| kruidkoek | 140 - 150 | 2 | 160 - 170 | 2 | 65 - 75 |
| vruchtentaart (bakplaat) | 150 - 170 | 3 | 180 - 200 | 3 | 35 - 45 |
| vruchtentaart (springvorm) | 150 - 170 | 2 | 160 - 180 | 2 | 45 - 55 |
| taartbodem | 150 - 170 | 3 | 180 - 200 | 3 | 20 - 30 |
| klein gebak 150 - 170 3 180 - 200 3 15 - 25 | |||||
| biscuitdeeg | |||||
| blscultgebak 150 - 170 3 170 - 190 3 40 - 50 | |||||
| blscuitrol | 160 - 180 | 3 | 180 - 200 | 3 | 15 - 20 |
| zandlaartdeeg | |||||
| appeltaart | 165 - 175 | 2 | 180 - 200 | 2 | 50 - 60 |
| kwarktaart | 150 - 170 | 2 | 180 - 200 | 2 | 70 - 80 |
| taartbodem | 150 - 170 | 3 | 180 - 200 | 3 | 15 - 25 |
| zandkoekjes | |||||
| - op 1 niveau | 150 - 160 | 3 | 170 - 180 | 3 | 15 - 18 |
| - op 2 niveaus | 150 - 160 | 2 + 4 | - | - | 15 - 18 |
| gistdeeg | |||||
| vlaal | 180 - 190 | 3 | 200 - 220 | 3 | 30 - 40 |
| brood | 200 - 210 | 2 | 220 - 230 | 2 | 30 - 40 |
| pizza | 190 - 210 | 3 | 210 - 230 | 3 | 20 - 35 |
| kookdeeg | |||||
| soezen | 190 - 200 | 3 | 210 - 220 | 3 | 20 - 30 |
| bladerdeeg | 190 - 210 | 3 | 200 - 220 | 3 | 15 - 25 |
| ovenschotels/gratins | |||||
| rauwe ingrediënten | 160 - 180 | 2 | 180 - 200 | 2 | 60 - 80 |
| voorgekookte | |||||
| ingrediënten** | 160 - 180 | 2 | 180 - 200 | 2 | 30 - 40 |
| alleen gratineren | 180 - 200 | 2 | 180 - 200 | 2 | 20 - 30 |
| lasagne | 170 - 190 | 2 | 190 - 210 | 2 | 35 - 45 |
* van beneden naar boven.
** De ingrediënten zijn hier nog warm. Wanneer de ingrediënten wel voorgekookt, maar inmiddels afgekoeld zijn, dan zal de baktijd verlengd moeten worden.
kookaanwijzingen tabellen
kookaanwijzingen tabellen
braden
| vlees (1,5 kg) | turbo | Infra | tijd | ||
| oventemp. °C niveau* | oventemp. °C niveau* | min. | |||
| kalfsvlees | |||||
| kalfsfricandeau | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 60 - 65 |
| kalfsrollade | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 80 - 90 |
| gevulde kaifsborst | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 80 - 90 |
| rundvlees | |||||
| ossenhaas | 200 - 210 | 2/3 | 220 - 230 | 2/3 | 20 - 25 |
| rosbief | 200 - 220 | 2/3 | 220 - 240 | 2/3 | 30 - 35 |
| lenderollade | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 55 - 65 |
| ribrollade | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 85 - 95 |
| staartstuk | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 35 - 45 |
| varkensvlees | |||||
| varkensfricandeau | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 80 - 90 |
| varkensienderollade | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 80 - 90 |
| doorregen rollade | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 90 - 100 |
| lamsvlees | |||||
| lamsbout roze | 150 - 160 | 2/3 | 200 | 2/3 | 50 - 60 |
| lamsbout gaar | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 85 - 100 |
| lamsrollade | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 95 - 110 |
| lamsschouder | 150 - 160 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 95 - 110 |
| gevogette (1 kg) | |||||
| kip | 160 - 170 | 2 | 170 - 180 | 2 | 50 - 60 |
| babykalkoen (2 - 3 kg) | 160 - 170 | 1 | 170 - 180 | 1 | 120 - 180 |
| eend (wild) | 160 - 170 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 50 - 60 |
| wild | |||||
| haas | 160 - 170 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 110 - 120 |
| konijn | 160 - 170 | 2/3 | 170 - 180 | 2/3 | 90 - 120 |
* van beneden naar boven
grillen
| vlakgrillen grill met draalsplit tijd | ||
| oventemp. °C niveau* oventemp. °C min. | ||
| karbonade 200 - 225 4 / 5 - 12 - 16 | ||
| lamskoteletje 200 - 225 5 - 7 - 8 | ||
| saucijs 200 - 225 4 / 5 - 16 - 20 | ||
| hamburger 200 - 225 5 - 14 - 17 | ||
| sjaslik 200 - 225 5 - 15 - 20 | ||
| vlsfliet (dun) | 200 - 225 5 - | 8 - 10 |
| vls (moot) | 200 - 225 4 / 5 - 10 - 15 | |
| toast | 200 - 225 5 - 2 - 4 | |
| toast, belegd | 200 - 225 4 - 4 - 5 | |
| kip (1 kg) | - | 200 - 225 |
| varkensrollade (1 kg) | - | 200 - 225 |
| runderrollade (1 kg) | - | 200 - 225 |
Draai de gerechten om als de helft van de grilltijd verstreken is.
braden met de culisensor
| vlees (1,5 kg) | turbo oventemp. °C | infra oventemp. °C | kerntemp. °C | resultaat |
| kalfsvlees | ||||
| kalfsfricandeau | 150 - 160 | 170 - 180 | 77 | gaar |
| kalfsrollade | 150 - 160 | 170 - 180 | 77 | gaar |
| gevulde kalfsborst | 150 - 160 | 170 - 180 | 77 | gaar |
| rundvlees | ||||
| ossenhaas | 200 - 210 | 220 - 230 | 35 | rood |
| rosbief | 200 - 220 | 220 - 240 | 45 | rood |
| lenderollade | 150 - 160 | 170 - 180 | 70 | roze |
| ribrollade | 150 - 160 | 170 - 180 | 77 | gaar |
| varkensvloes | ||||
| varkensfricandeau | 150 - 160 | 170 - 180 | 77 | gaar |
| varkenslenderollade | 150 - 160 | 170 - 180 | 77 | gaar |
| doorregen rollade | 150 - 160 | 170 - 180 | 82 | gaar |
| lamsvlees | ||||
| lamsbout | 150 - 160 | 200 | 70 | roze |
| lamsbout | 150 - 160 | 170 - 180 | 80 | gaar |
| lamsrollade | 150 - 160 | 170 - 180 | 80 | gaar |
| lamsschouder | 150 - 160 | 170 - 180 | 80 | gaar |
| gevogelte (1 kg) | 160 - 170 | 170 - 180 | 95 | gaar |
| wild | ||||
| haas | 160 - 170 | 170 - 180 | 95 | gaar |
| konijn | 160 - 170 | 170 - 180 | 95 | gaar |
onderhoud reinigen
storingen
wat moet ik doen als...
Gebruik de geëmailleerde bakplaat als lekbak tijdens het grillen.
reiniging na gebruik
Voor de reiniging van zowel de buiten- als de binnenzijde kunt u het beste een mild reinigingsmiddel (afwasmiddel) en een vochtige doek gebruiken.
Nadrogen met keukenpapier of een droge doek.
Gebruik nooit agressieve middelen. Deze kunnen het email aantasten of krassen veroorzaken.
hardnekkige vlekken
Hardnekkige vlekken kunt u verwijderen met een vloeibaar schuurmiddel of ovenreiniger.
Verwijder aangekoekt vuil in de ovenruimte met een glasschraper.

Het glazen paneel aan de binnenzijde van de deur is uitneembaar. Wanneer de oven onder het aanrechtblad is ingebouwd kan het zijn dat het glazen paneel niet uit de deur genomen kan worden. U kunt de ruit aan de binnenkant schoonmaken door een doek tussen de twee ruiten door te bewegen.
De geleiders van de glasplaat aan de binnenzijde van de ovendeur kunnen verkleuren wanneer ze met ovenreiniger in contact komen. Lees eerst de aanwijzingen op de verpakking van de ovenreiniger, voordat u deze gebruikt.
reiniging toebehoren
Gebruik een mild reinigingsmiddel. Maak het toebehoren met een droge doek goed droog. Eventueel aangekoekt vuil op de grillset kunt u verwijderen met staalwol.
Wanneer het toestel niet goed werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het euvel eerst zelf als volgt te verhelpen. Bel de servicedienst indien onderstaande adviezen niet helpen.
| storing | oorzaak | oplossing |
| De klok werkt niet (zie pagina 25). | Geen stroomtoevoer. | Steek de stekker in het stopcontact. |
| Zekering in de meterkast defect. | Vervang de zekering. | |
| Oven of grill wordt niet warm. | Zekering in de meterkast defect. | Vervang de zekering. |
| Eindtijd ingesteld. | De oven schakelt vanzelf in. | |
| Temperatuur niet goed. | Temperatuur verkeerd ingesteld. | Stel de oventemperatuur opnieuw in. |
| Thermostaat defect. | Oven uitschakelen en de servicedienst bellen. | |
| Ovenverlichting brandt niet. | Eindtijd ingesteld. | De lamp gaat branden bij het openen van de deur en zodra de oven inschakelt. |
| Geen stroomtoevoer. | Steek de stekker in het stopcontact. | |
| Lamp defect. | Oven uitschakelen en de lamp vervangen. Maak het toestel spanningsloos door de stekker uit het stopcontact te trekken of door de hoofdschakelaar in de meterkast om te draaien. Het glaskapje kunt u uit de achterwand van de oven schroeven. Daarna is het lampje bereikbaar. Vervang deze door een nieuw lampje 230 V-50 Hz-300 °C. |
Oven schakelt plotseling uit. Bedrijfsduur begrenzing heeft Stel de oven opnieuw in. de oven uitgeschakeld.
| storing | oorzaak | oplossing |
| F0 - Fxx verschijnt. | Toets is vuil. | Maak de toets schoon. |
| Toets te lang aangeraakt. | Laat de toets eerder los. | |
| Toets is defect. | Bel de servicedienst. | |
| F99 verschijnt. | Meerdere toetsen vuil. | Maak de toetsen schoon. |
| Meerdere toetsen te lang aangeraakt. | Laat de toetsen eerder los. | |
| E0 verschijnt. | Elektronica in de oven te warm. | Wacht tot de oven is afgekoeld. |
| E1 verschijnt. | Thermostaat defect. | Bel de servicedienst. |
| E2 verschijnt. | Culisensor niet julst aangesloten. | Plaats de stekker op de julste wijze. |
| Culisensor defect. | Bel de servicedienst. | |
| CU verschijnt. | De culisensor wordt gebruikt bij de verkeerde functie. | Gebruik de culisensor alleen bij de functies Turbo, Infra en Infra met ventilator. |
| CU en 55 knipperen om en om. | Culisensor heeft te hoge temperatuur. | Laat de culisensor afkoelen. |

De oven is uitgevoerd met een zogenaamde DCF tijdklok. Een radiosignaal zorgt ervoor dat de klok zichzelf automatisch instelt. Door verstoring van het signaal kan het soms langer duren voordat de klok zichzelf op tijd zet. Dit is normaal. Mocht de klok het signaal blijvend slecht ontvangen, dan is het door verplaatsing van de antenne mogelijk de ontvangst te optimaliseren.
Als er geen entvangst is werkt de klok op een intern signaal. Bij een mindere entvangst zal de klok zich vaak 's nachts synchroniseren.
De klok stelt zichzelf in op Centraal Europese Tijd. Ten opzichte van deze tijd kunt u een zogenaamde offset kiezen (het tijdsverschil ten opzichte van de Centraal Europese Tijd). U kunt maximaal 1 uur verschil instellen. U doet dit als volgt:
1 Tip op de tijdkeuzetoets totdat het display gaat knipperen.
2 Laat de knop los en tip nog een keer op de tijdkeuzetoets.
In het display verschijnt "OF 0".
3 Stel het tijdsverschil in met de + en - toets.
In het display verschijnt "OF-1", "OF 0", "OF 1".
Enkele seconden na het loslaten van de toets is de offset ingesteld.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
- karton;
• polyethyleenfolie (PE);
• CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).
Deze materialen op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen afvoeren.
De overheid kan u ook informatie verschaffen over het op verantwoorde wijze afvoeren van afgedankte huishoudelijke apparaten.
wat garandeert Atag
Op dit apparaat geeft Atag u 5 jaar onderdelengarantie en 1 jaar gratis service. De garantie op Atag keukenapparatuur is alleen geldig indien het toestel voor huishoudelijk gebruik is geïnstalleerd en in gebruik is voor doeleinden waarvoor het is geconstrueerd.
De garantieperiode gaat in op de datum van aflevering. Deze datum moet u op verzoek kunnen aantonen, bijvoorbeeld met een afleveringsbon of aankoopnota. Onderdelen die defect zijn geraakt door materiaal-, constructie- of fabricagefouten, worden gedurende een periode van 5 jaar gratis geruild. Tijdens het eerste jaar ontvangt u ook gratis service. Dat wil zeggen dat bij reparaties geen administratiekosten, voorrijkosten en arbeidsloon in rekening worden gebracht. Bij het verzenden van gratis onderdelen worden gedurende het eerste jaar geen verzendkosten in rekening gebracht.
tot wie kunt u zich wenden
In de landen waar Atag een vertegenwoordiging heeft, kunt u zich tot deze wenden als u een beroep wilt doen op de Atag Servicedienst. In de overige landen neemt u contact op met uw leverancier.
buiten de garantie vallen
transportschade en installatiefouten
Controleer uw nieuwe apparatuur voordat u deze in gebruik neemt. Als u beschadigingen aantreft, neem dan contact op met uw leverancier. Defecten en schaden die het gevolg zijn van een installatiefout vallen buiten de garantie.
Schade, ontstaan door onvoldoende ventilatie van het toestel of een foutieve elektrische aansluiting, wordt niet vergoed. Ook gebreken die ontstaan omdat er wijzigingen aan de apparatuur zijn aangebracht, zijn van garantie uitgesloten.
gebruiksfouten en verkeerd of onvoldoende onderhoud Dit geldt bijvoorbeeld voor glasbreuk en emailbeschadigingen, ontstaan door stoten of vallen van voorwerpen op of tegen de apparatuur. Door onvoldoende of verkeerd onderhoud
garantie
bepalingen
kunnen verkleuringen aan oppervlakten ontstaan en rubbers en kunststoffen snel verouderen. Ook dit valt niet onder de garantie.
gebruiksslijtage of veroudering
Voorbeelden hiervan zijn defect geraakte lampen,
verkleuringen van kunststof of gelakte delen en krassen op de apparatuur.
gegevensplaatje
De toestelspecificaties vindt u op het gegevensplaatje. Zie hiervoor de laatste pagina van deze gebruiksaanwijzing.
waar vindt u Atag
Nederland:
ATAG Keukentechniek B.V.
bezoekadres
Nijverheidsweg 1,
7071 CH ULft
postadres
Keerstraat 1 ERPE-MERE
postadres
Industriezone Erpe-Mere
9420 ERPE-MERE
Telex: 12467 ATAG B
Fax: 053 - 80.60.57
consumenteninformatie
Tel.: 0315 687 887
servicedienst-
consumenteninformatie
053 · 80.62.08
service
Tel.: 0544 393 944
onderdelen
Tel.: 0544 393 955
info@atagkeukentechniek.com
votre four
description
votre four
avant-propos

Voor de glazen bakplaat en de bakplaat/braadslede.
Culisensor

plak hier het extra gegevensplaatje