MAKITA DLS714Z - Zaag

DLS714Z - Zaag MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DLS714Z MAKITA in PDF-formaat.

📄 192 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice MAKITA DLS714Z - page 84
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over DLS714Z MAKITA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DLS714Z - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DLS714Z van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING DLS714Z MAKITA

Model: DLS714
Diameter zaagblad 190 mm
Diameter middengat (afhankelijk van het land) 20 mm of 15,88 mm
Maximale breedte van de zaagsnede van het zaagblad 2,2 mm
Max. verstekhoek Links 47°, Rechts 57°
Max. schuine hoek Links 45°, Rechts 5°
Nullasttoerental 5.700 min-1
Afmetingen (l x b x h) 655 mm x 430 mm x 445 mm
Nominale spanning Gelijkstroom 36 V
Nettogewicht 14,4 - 14,7 kg
  • In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons het recht voor de bovenstaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
  • De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
  • De waarde van het nettogewicht is inclusief de lichtste en zwaarste combinatie van het/de hulpmiddel(en) voor normaal en veilig gebruik en de accu('s), zoals opgegeven in de gebruiksaanwijzing.

Toepasselijke accu's en laders

Accu BL1815N / BL1820B / BL1830B / BL1840B / BL1850B / BL1860B
Lader DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF /DC18SH / DC18WC

- Sommige van de hierboven vermelde accu's en laders zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.

MAKITA DLS714Z - 1

WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu's en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik eenige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand.

Zaagcapaciteit (h x b) met zaagblad 190 mm in diameter

Verstekhoek Schuine hoek
45° (links)5° (rechts)
40 mm x 300 mm52 mm x 300 mm40 mm x 300 mm
45 mm x 265 mm(OPMERKING 1)60 mm x 265 mm(OPMERKING 1)-
45° (links en rechts)40 mm x 212 mm52 mm x 212 mm-
45 mm x 185 mm(OPMERKING 2)60 mm x 185 mm(OPMERKING 2)-
57° (rechts)-52 mm x 163 mm-
-60 mm x 145 mm(OPMERKING 3)-
  1. Max. Zaagcapaciteit bij gebruik van een houten hulpstuk met een dikte van 20 mm
  2. Max. Zaagcapaciteit bij gebruik van een houten hulpstuk met een dikte van 15 mm
  3. Max. Zaagcapaciteit bij gebruik van een houten hulpstuk met een dikte van 10 mm

Symbolen

Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap kunnen worden gebruikt. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken.

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 1

Lees de gebruiksaanwijzing.

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 2

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 3

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 4

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 5

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 6

Draag oogbescherming.

Om letsel door rondvliegende houtsnippers te voorkomen, blijft u na het zagen de zaagkop omlaag geduwd houden totdat het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen.

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 7

Voor het uitvoeren van schuivend zagen trekt u eerst de slede helemaal naar u toe, brengt u vervolgens het handvat omlaag, en duwt u tenslotte de slede naar de geleider.

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 8

Houd handen en vingers uit de buurt van het zaagblad.

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 9

Zet de HULPGELEIDER altijd in de linkerstand wanneer u een linker schuine zaagsnede maakt. Als u dat niet doet, kan dat leiden tot ernstig letsel van de gebruiker.

MAKITA DLS714Z - Symbolen - 10

Ni-MH Li-ion

Alleen voor EU-landen

Als gevolg van de aanwezigheid van schadelijke componenten in het apparaat, kunnen oude elektrische en elektronische apparaten, accu's en batterijen negatieve gevolgen hebben voor het milieu en de gezondheid van mensen. Gooi elektrische en elektronische apparaten en accu's niet met het huisvuil weg! In overeenstemming met de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en inzake accu's en batterijen en oude accu's en batterijen, alsmede de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dienen oude elektrische apparaten, accu's en batterijen gescheiden te worden opgeslagen en te worden ingeleverd bij een apart inzamelingspunt voor huishoudelijk afval dat de milieubeschermingsvoorschriften in acht neemt. Dit wordt op het apparaat aangegeven door het symbool van een doorgekruiste afvalcontainer.

Doeleinden van gebruik

Dit gereedschap is bedoeld voor nauwkeurig recht zagen en verstekzagen in hout.

Gebruik de zaag niet voor het zagen van iets anders dan hout, aluminium of soortgelijke materialen.

Geluidsniveau

De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN62841-3-9:

Geluidsdrukniveau ( L_pA ): 88 dB (A)

Geluidsvermogenniveau ( L_WA ): 97 dB (A)

Onzekerheid (K): 3 dB (A)

OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

⚠ WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven totale waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

Trilling

De continue totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld conform EN62841-3-9: Trillingsemissie (aₙ): 2,5 m/s² of lager Onzekerheid (K): 1,5 m/s²

OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/ kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

⚠ WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven totale waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

Verklaringen van conformiteit

Alleen voor Europese landen

De EU-verklaring van conformiteit vindt u via de volgende URL.

MAKITA DLS714Z - Verklaringen van conformiteit - 1

https://support.makita.biz/doc/doc_index.html

Voor het VK

De Verklaring van conformiteit is bijgevoegd in Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.

Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap

⚠ WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, afbeeldingen en technische gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als niet alle onderstaande instructies worden opgevolgd, kan dat leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.

Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.

De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).

Veiligheidsinstructies voor verstekzagen

  1. Verstekzagen zijn bedoeld voor het zagen van hout of houtachtige materialen. Ze kunnen niet worden gebruikt met doorslijpschijven voor het doorslijpen van ferro-materialen, zoals stangen, staven, draadeinden, enz. Door het slijpstof zullen bewegende delen, zoals de onderste beschermkap, vastlopen. De vonken die bij doorslijpen worden geproduceerd, verbranden de onderste beschermkap, het zaagsnede-inzetstuk en andere kunststofonderdelen.
  2. Gebruik klemmen om het werkstuk vast te zetten wanneer dat mogelijk is. Als u het werkstuk met de hand vasthoudt, moet u uw hand altijd minstens 100 mm van beide kanten van het zaagblad weg houden. Gebruik deze zaag niet voor het zagen van werkstukken die te klein zijn om stevig vast te klemmen of met de hand vast te houden. Als uw hand te dicht bij het zaagblad is geplaatst, is de kans groter dat u letsel oploopt door het aanraken van het zaagblad.
  3. Het werkstuk moet stil liggen en vastgeklemd zijn of vastgehouden worden tegen zowel de geleider als de tafel. Voer het werkstuk niet in het zaagblad aan, en zaag nooit 'uit de vrije hand'. Losliggende of bewegende werkstukken kunnen op hoge snelheid worden weggeworpen en letsel veroorzaken.
  4. Duw het zaagblad door het werkstuk. Trek het zaagblad niet door het werkstuk. Om een zaagsnede te maken, brengt u de zaagkop omhoog en trekt u het naar u toe boven het werkstuk zonder te zagen. Start de motor, duw de zaagkop omlaag en duw het zaagblad door het werkstuk. Als tijdens de trekkende beweging wordt gezaagd, klimt het zaagblad waarschijnlijk uit het werkstuk en wordt de zaagkop met kracht in de richting van de gebruiker geworpen.

  5. Kruis met uw hand nooit de beoogde zaaglijn, hetzij vóór dan wel achter het zaagblad. Het 'kruislings' vasthouden van het werkstuk, waarbij het werkstuk aan de rechterkant van het zaagblad wordt vastgehouden met de linkerhand, of vice versa, is bijzonder gevaarlijk.

▶ Fig.1

  1. Reik niet achter de geleider met een van uw handen dichter dan 100 mm bij een van de kanten van het zaagblad, om houtsnippers te verwijderen of om welke andere reden dan ook, terwijl het zaagblad draait. U realiseert zich mogelijk niet hoe dicht uw hand bij het draaiende zaagblad is en u kunt ernstig letsel oplopen.

  2. Inspecteer uw werkstuk voordat u begint te zagen. Als het werkstuk gebogen of verdraaid is, klemt u het vast met de buitenkant van het gebogen oppervlak tegen de geleider. Verzeker u er altijd van dat er geen opening is tussen het werkstuk, de geleider en de tafel langs de zaaglijn. Gebogen of verdraaide werkstukken kunnen zich draaien of verschuiven, en kunnen het draaiende zaagblad doen verlopen tijdens het zagen. Er mogen geen spijkers of vreemde voorwerpen in het werkstuk zitten.

  3. Gebruik de zaag niet totdat de tafel vrij is van alle gereedschappen, houtsnippers, enz., behalve het werkstuk. Kleine stukjes afval, losse stukjes hout of andere voorwerpen die in aanraking komen met het draaiende zaagblad, kunnen met hoge snelheid worden weggeworpen.

  4. Zaag slechts één werkstuk tegelijkertijd. Meerdere, opgestapelde werkstukken kunnen niet goed worden vastgeklemd of vastgehouden, en kunnen het zaagblad doen vastlopen of tijdens het zagen verschuiven.

  5. Verzeker u er vóór gebruik van dat de verstekzaag is bevestigd of geplaatst op een stevig werkoppervlak. Een horizontaal en stevig werkoppervlak verkleint de kans dat de verstekzaag instabiel wordt.

  6. Plan uw werkzaamheden. Elke keer wanneer u de instelling voor de schuine hoek of verstekhoek, verzekert u zich ervan dat de verstelbare geleider correct is afgesteld om het werkstuk te steunen en tevens het zaagblad of beschermingssysteem niet raakt tijdens gebruik. Zonder het gereedschap in te schakelen en zonder een werkstuk op de tafel, beweegt u het zaagblad langs een volledige, gesimuleerde zaagsnede om er zeker van te zijn dat het zaagblad niets raakt en er geen gevaar is dat in de geleider wordt gezaagd.

  7. Zorg voor voldoende ondersteuning, zoals tafelverlengingen, zaagbokken, enz. voor een werkstuk dat breder of langer is dan het bovenoppervlak van de tafel. Werkstukken die breder of langer zijn dan de verstekzaagtafel, kunnen kantelen als ze niet goed worden ondersteunt. Als het afgezaagde deel of het werkstuk kantelt, kan het de onderste beschermkap optillen of worden weggeworpen door het draaiende zaagblad.

  8. Gebruik niet een andere persoon als vervanging van een tafelverlenging of als extra ondersteuning. Een instabiele ondersteuning van het werkstuk kan ertoe leiden dat het zaagblad

vastloopt of het werkstuk verschuift tijdens het zagen, waardoor u en de helper in het draaiende zaagblad worden getrokken.

  1. Het afgezaagde deel van het werkstuk mag op geen enkele wijze tegen het draaiende zaagblad bekneld raken of gedrukt worden. Indien opgesloten, d.w.z. bij gebruik van lengteaanslagen, kan het afgezaagde deel tegen het zaagblad bekneld raken en met kracht weggeworpen worden.
  2. Gebruik altijd een klem of een bevestigingsmethode die bedoeld is om ronde werkstukken, zoals een staaf of buis, te ondersteunen. Staven neigen te verrollen tijdens het zagen, waardoor het zaagblad zich 'vastbijt' en het werkstuk met uw hand in het zaagblad wordt getrokken.
  3. Laat het zaagblad de volle snelheid bereiken voordat deze het werkstuk raakt. Dit verkleint de kans dat het werkstuk wordt weggeworpen.
  4. Als het werkstuk of zaagblad vastloopt, schakelt u de verstekzaag uit. Wacht totdat alle bewegende delen tot stilstand zijn gekomen en trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu. Verwijder daarna het vastgelopen materiaal. Als u blijft zagen met een vastgelopen zaagblad, kunt u de controle over de verstekzaag verliezen of deze beschadigen.
  5. Nadat u de zaagsnede hebt voltooid, laat u de schakelaar los, blijft u de zaagkop omlaag gedrukt houden en wacht u tot het zaagblad stilstaat voordat u het afgezaagde deel verwijdert. Het is gevaarlijk om met uw hand in de buurt van het nalopende zaagblad te reiken.
  6. Houd het handvat stevig vast bij het maken van een onvolledige zaagsnede en bij het loslaten van de schakelaar voordat de zaagkop helemaal omlaag is geduwd. Door het remeffect van het zaagblad kan ertoe leiden dat de zaagkop plotseling omlaag getrokken wordt, waardoor een kans op letsel ontstaat.
  7. Gebruik uitsluitend een zaagblad met een diameter zoals aangegeven op het gereedschap of vermeld in de gebruiksaanwijzing. Het gebruik van een zaagblad met een verkeerde afmeting, kan een goede bescherming of werking van het zaagblad verhinderen, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  8. Gebruik altijd een zaagblad dat is gemarkeerd met een toerental dat gelijk is aan of hoger is dan het toerental dat is aangegeven op het gereedschap.
  9. Gebruik de zaag niet voor het zagen van iets anders dan hout, aluminium of soortgelijke materialen.
  10. (Alleen voor Europese landen) Gebruik altijd een zaagblad dat voldoet aan EN847-1.

Aanvullende instructies

  1. Houd de werkplaats kinderveilig met hangsloten.
  2. Ga nooit op het gereedschap staan. Er kan ernstig letsel ontstaan als het gereedschap omvalt of als het snij-/zaaggarnituur per ongeluk wordt aangeraakt.

  3. Laat het gereedschap nooit ingeschakeld achter. Schakel de voeding uit. Laat het gereedschap niet achter totdat het volledig tot stilstand is gekomen.

  4. Gebruik de zaag niet zonder dat de beschermkappen zijn aangebracht. Controleer vóór elk gebruik of de beschermkap goed sluit. Gebruik de zaag niet indien de beschermkap niet goed beweegt en niet snel over het zaagblad sluit. Klem of bind de beschermkap nooit in de geopende stand vast.
  5. Houd uw handen uit de buurt van het zaagblad. Voorkom contact met het nog nadraaiende zaagblad. Het kan nog steeds ernstig letsel veroorzaken.
  6. Om de kans op letsel te verkleinen, schuift u de slede terug naar zijn achterste stand na elke afkortzaagsnede.
  7. Zet alle bewegende onderdelen vast alvorens het gereedschap te dragen.
  8. De aanslagpen of aanslaghendel die de zaagkop in de onderste stand vergrendelt, wordt alleen gebruikt voor het dragen en opbergen van het gereedschap en niet voor zaagbedieningen.
  9. Controleer vóór het gebruik het zaagblad zorgvuldig op barsten of beschadiging. Vervang een gebarsten of beschadigd zaagblad onmiddellijk. Gom of hars dat op het zaagblad is opgedroogd vertraagt het zaagblad en verhoogt de kans op terugslag. Houd het zaagblad schoon door dit eerst van het gereedschap te demonteren en het vervolgens schoon te maken met een schoonmaakmiddel voor gom en hars, heet water of kerosine. Gebruik nooit benzine om het zaagblad schoon te maken.
  10. Tijdens het uitvoeren van schuivend zagen, kan een TERUGSLAG optreden. Een TERUGSLAG treedt op wanneer het zaagblad vastloopt in het werkstuk tijdens het zagen en et zaagblad snel in de richting van de gebruiker wordt bewogen. Dit kan leiden tot verlies van controle over het gereedschap en ernstig persoonlijk letsel. Wanneer het zaagblad begint vast te lopen tijdens het zagen, zaagt u niet verder maar laat u de schakelaar onmiddellijk los.
  11. Gebruik alleen flenzen die voor dit gereedschap zijn bestemd.
  12. Pas op dat u de as, de flenzen (vooral hun montagevlak) of de bout niet beschadigt. Beschadiging van deze onderdelen kan zaagbladbreuk veroorzaken.
  13. Zorg dat het draaibaar voetstuk goed vastgezet is, zodat het tijdens het zagen niet kan bewegen. Gebruik de gaten in het voetstuk om de zaag te bevestigen op een stevig werkplatform of een stevige werkbank. Gebruik het gereedschap NOOIT wanneer de gebruiker in een ongemakkelijke houding moet staan.
  14. Zet de asblokkering in de vrije stand alvorens de schakelaar in te drukken.
  15. Zorg ervoor dat het zaagblad in zijn laagste positie niet in aanraking komt met het

draaibaar voetstuk.

  1. Houd het handvat stevig vast. Denk eraan dat de zaag bij het starten en stoppen even op- en neergaat.
  2. Zorg dat het zaagblad bij het inschakelen niet in contact is met het werkstuk.
  3. Laat het gereedschap een tijdje draaien alvorens het op het werkstuk te gebruiken. Controleer op trillingen of schommelingen die op onjuiste montage of op een slecht uitgebalanceerd zaagblad kunnen wijzen.
  4. Stop onmiddellijk met zagen indien u iets abnormaals opmerkt.
  5. Probeer niet om de trekkerschakelaar in de ingeschakeld stand te vergrendelen.
  6. Gebruik uitsluitend de accessoires die in deze gebruiksaanwijzing worden aanbevolen. Het gebruik van ongeschikte accessoires, zoals slijpschijven, kan letsel veroorzaken.
  7. Sommige materialen bevatten chemische stoffen die giftig kunnen zijn. Wees voorzichtig dat u geen stof inademt en het stof niet op uw huid komt. Volg de veiligheidsinstructies van de leverancier van het materiaal op.
  8. Gebruik geen bekabelde voeding met dit gereedschap.

Aanvullende veiligheidsvoorschriften voor een laser

  1. LASERSTRALING: KIJK NIET IN DE LASERSTRAAL EN KIJK NIET DOOR OPTISCHE INSTRUMENTEN RECHTSTREEKS NAAR DE LASERSTRAAL. LASERPRODUCT VAN KLASSE 2M.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

⚠ WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu

  1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
  2. Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
  3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brandwonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.
  4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgekomen, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid

veroorzaken.

  1. Voorkom kortsluiting van de accu:

(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spijkers, munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brandwonden, en zelfs defecten.

  1. Bewaar en gebruik het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.
  2. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan- neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur.
  3. Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in, snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp. Dergelijke handelingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
  4. Gebruik nooit een beschadigde accu.
  5. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen.

Voor commercieel transport en dergelijke door derden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd.

Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerd is het noodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen. Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale regelgeving.

Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking.

  1. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.
  2. Gebruik de accu's uitsluitend met de gereedschappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu's worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, buitensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.
  3. Als u het gereedschap gedurende een lange tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.
  4. Tijdens en na gebruik, kan de accu heet worden waardoor brandwonden of koude brandwonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.
  5. Raak de aansluitpunten van het gereedschap niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.
  6. Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing

in het gereedschap of de accu ontstaan waardoor brandwonden of persoonlijk letsel kunnen ontstaan.

  1. Behalve indien gebruik van het gereedschap is toegestaan in de buurt van hoogspanningsleidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.
  2. Houd de accu uit de buurt van kinderen.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

ALET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu's. Het gebruik van niet-originele accu's, of accu's die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroorzaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita.

KENNISGEVING: Makita is niet verantwoordelijk voor enig ongeval voortvloeiend uit het gebruik van niet-originele Makita-accu's of accu's die zijn gewijzigd. Originele Makita-accu's zijn streng gecontroleerd op compatibiliteit met Makita-gereedschappen en -acculaders, en voldoen aan de toepasselijke regelgeving en veiligheidsnormen.

Tips voor een maximale levensduur van de accu

  1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
  2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.
  3. Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.
  4. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u hem vanaf het gereedschap of de lader.
  5. Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.

BESCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN

▶ Fig.2

1Uit-vergrendelknop2Trekschakelaar3Zaagbladkast4Stelschroef (aanslag van onderste stand)
5Stelbout (voor maximale zaagdiepte)6Aanslagarm7Stofzak8Schuine-hoekschaal
9Beschermkap10Verticale spanschroef11Geleider12Steunstangen
13Vergrendelknop (voor draaibaar voetstuk)14Handgreep (voor draai-baar voetstuk)15Stelbout (voor draaibaar voetstuk)16Zaagsnedeplaat
17Wijzer (voor verstekhoek)18Draaibaar voetstuk19Steunstanghouder20Geleideras
21Hulpgeleider------

▶ Fig.3

22Sledestangen (bovenste)23Draaiknop (voor vast-zetten van bovenste sledestangen)24Inbussleutel25Klembout (voor vergren-delen van steunstangen)
26Hendel (voor afstellen van schuine hoek)27Sledestangen (onderste)28Draaiknop (voor vast-zetten van onderste sledestangen)--

BEVESTIGEN

Op een werktafel bevestigen

⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het gereedschap niet kan bewegen op de ondergrond. Als de verstekzaag tijdens het zagen beweegt ten opzichte van de ondergrond, kan dat leiden tot verlies van controle over het gereedschap en ernstig persoonlijk letsel.

  1. Monteer de voeten van het gereedschap met behulp van bouten op een horizontale en stabiele ondergrond. Hierdoor wordt voorkomen dat het gereedschap omkantelt en mogelijk letsel veroorzaakt.

▶ Fig.4: 1. Bout

  1. Draai de stelbout rechtsom of linksom totdat deze met het vloeroppervlak in contact komt om het gereedschap stabiel te houden.

De steunstangen en steunstanghouders aanbrengen

OPMERKING: In sommige landen zijn de steunstan-gen en steunstanghouders mogelijk niet inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren.

De steunstangen en steunstanghouders ondersteunen het werkstuk horizontaal.

Draai de geleiderassen met behulp van de inbussleutel in de steunstanghouders.

▶ Fig.6: 1. Steunstang 2. Steunstanghouder 3. Geleideras 4. Inbussleutel

Breng de steunstangen en steunstanghouders aan op beide zijkanten van het gereedschap, zoals aangegeven in de afbeelding. Controleer na het aanbrengen of de geleideras is uitgelijnd met de geleider van het gereedschap.

▶ Fig.7: 1. Steunstang 2. Steunstanghouder 3. Schroef

Draai daarna de schroeven stevig vast om de steunstangen en steunstanghouders vast te zetten.

BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES

⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het gereedschap is uitgeschakeld en dat de accu is verwijderd voordat u de functies van het gereedschap aanpast of controleert. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschap wordt verwijderd, kan dat na per ongeluk inschakelen leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

De accu aanbrengen en verwijderen

⚠ LET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt.

▶ Fig.8: 1. Rood deel 2. Knop 3. Accu

Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu uit het gereedschap.

Om de accu aan te brengen lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk in het gereedschap tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht.

⚠ LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.

⚠ LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk in het gereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.

OPMERKING: Het gereedschap werkt niet als slechts één accu is aangebracht.

Gereedschap-/accubeveiligingssysteem

Het gereedschap is voorzien van een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt automatisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stoppen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:

Overbelastingsbeveiliging

Wanneer het gereedschap wordt gebruikt op een manier die een abnormaal hoge stroomsterkte vergt, stopt het gereedschap automatisch zonder dat een indicatorlampje gaat branden. Schakel in dat geval het gereedschap uit en stop het gebruik dat ertoe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel daarna het gereedschap weer in om verder te gaan.

Oververhittingsbeveiliging

MAKITA DLS714Z - Oververhittingsbeveiliging - 1

text_image Aan Knippert

Wanneer het gereedschap oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en knippert het

accu-indicatorlampje gedurende ongeveer 60 seconden. In die situatie laat u het gereedschap eerst afkoelen voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt.

Beveiliging tegen te ver ontladen

Als de acculading laag is, stopt het gereedschap automatisch. Als het gereedschap niet werkt, ook niet wanneer de schakelaars worden bediend, verwijdert u de accu's vanaf het gereedschap en laadt u de accu's op.

De resterende acculading controleren

▶ Fig.9: 1. Accu-indicatorlampje 2. Testknop

Druk op de testknop om de resterende acculadingen te zien. De accu-indicatorlampjes geven per accu de resterende acculading aan.

Toestand van accu-indicator Resterendeacculading
Aan UitKnippert
MAKITA DLS714Z - ▶ Fig.9: 1. Accu-indicatorlampje 2. Testknop - 150% tot 100%
MAKITA DLS714Z - ▶ Fig.9: 1. Accu-indicatorlampje 2. Testknop - 220% tot 50%
MAKITA DLS714Z - ▶ Fig.9: 1. Accu-indicatorlampje 2. Testknop - 30% tot 20%
MAKITA DLS714Z - ▶ Fig.9: 1. Accu-indicatorlampje 2. Testknop - 4Laad de accu op.

De resterende acculading controleren

Alleen voor accu's met indicatorlampjes

Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.

▶ Fig.10: 1. Indicatorlampjes 2. Testknop

Indicatorlampjes Resterendeacculading
B MAKITA DLS714Z - Alleen voor accu's met indicatorlampjes - 1
MAKITA DLS714Z - Alleen voor accu's met indicatorlampjes - 275% tot 100%
MAKITA DLS714Z - Alleen voor accu's met indicatorlampjes - 350% tot 75%
MAKITA DLS714Z - Alleen voor accu's met indicatorlampjes - 425% tot 50%
MAKITA DLS714Z - Alleen voor accu's met indicatorlampjes - 50% tot 25%
MAKITA DLS714Z - Alleen voor accu's met indicatorlampjes - 6Laad de accu op.
Indicatorlampjes Resterendeacculading
Brandt UitKnippert
Er kan een storing zijn opgetreden in de accu.

OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden en de omgevingstemperatuur, is het mogelijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijke acculading.

OPMERKING: Het eerste (meest linker) indicatorlampje knippert wanneer het accubeveiligingssystem in werking is getreden.

Automatische toerentalwisselfunctie

▶ Fig.11: 1. Functie-indicatorlampje

Toestand van functie-indicatorlampjeBedrijfsfunctie
MAKITA DLS714Z - Automatische toerentalwisselfunctie - 1Hoog-toerentalfunctie
MAKITA DLS714Z - Automatische toerentalwisselfunctie - 2Hoog-koppelfunctie

Dit gereedschap heeft een "hoog-toerentalfunctie" en een "hoog-koppelfunctie". De bedrijfsfunctie wordt automatisch veranderd aan de hand van de werkbelasting. Wanneer tijdens gebruik het functie-indicatorlampje gaat branden, staat het gereedschap in de hoog-koppelfunctie.

Aanslagpen

ALET OP: Houd altijd het handvat vast wanneer u de aanslagpen ontgrendeld. Anders springt het handvat omhoog en kan persoonlijk letsel ontstaan.

Om de aanslagpen te ontgrendelen, drukt u het handvat iets omlaag en trekt u aan de aanslagpen.

▶ Fig.12: 1. Aanslagpen

Beschermkap

⚠ WAARSCHUWING: Zet de beschermkap nooit vast en verwijder nooit de beschermkap of de veer die eraan is bevestigd. Een blootliggend zaagblad als gevolg van een buiten werking gestelde beschermkap kan tijdens gebruik leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠WAARSCHUWING: Gebruik het gereedschap nooit wanneer de beschermkap of de veer beschadigd, defect, of verwijderd is. Het gebruik van het gereedschap met een beschadigde, defecte of verwijderde beschermkap kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠LET OP: Voor een veilig gebruik zorgt u ervoor dat de beschermkap altijd goed werkt. Stop het gebruik onmiddellijk als de beschermkap zich abnormaal gedraagt. Controleer of de veer goed werkt zodat de beschermkap goed terugkeert.

▶ Fig.13: 1. Beschermkap

Wanneer het handvat omlaag wordt gebracht, gaat de beschermkap automatisch omhoog. De beschermkap is veerbelast zodat zij naar haar oorspronkelijke positie terugkeert wanneer het zagen voltooid is en het handvat omhoog wordt gebracht.

Reinigen

▶ Fig.14: 1. Beschermkap

Als de doorzichtige beschermkap vuil is geworden of er zaagsel aan kleeft zodat het zaagblad en/of het werkstuk niet meer goed zichtbaar is, verwijdert u de accu en maakt u de beschermkap voorzichtig schoon met een vochtige doek. Gebruik geen oplosmiddelen of een schoonmaakmiddel op petroleumbasis op de kunststoffen beschermkap omdat hierdoor de beschermkap kan worden beschadigd.

Voor het reinigen brengt u de beschermkap omhoog door het tekstdeel "Het zaagblad aanbrengen en verwijderen" te raadplegen.

Zorg ervoor dat na het reinigen het zaagblad en de middenkap weer worden aangebracht en de inbusbout wordt aangehaald.

  1. Zorg ervoor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu's zijn verwijderd.
  2. Draai de inbusbout met de bijgeleverde inbussleutel linksom terwijl u de middenkap tegenhoudt.
  3. Breng de beschermkap en de middenkap omhoog.
  4. Nadat het reinigen klaar is, plaatst u de midden-kap terug en draait u de inbusbout vast door de boven-staande stappen in omgekeerde volgorde uit te voeren.

⚠ WAARSCHUWING: Verwijder de veer van de beschermkap niet. Als de beschermkap beschadigd is na verloop van tijd of door blootstelling aan ultraviolet licht, neemt u contact op met een Makita-servicecentrum om een vervangingsonderdeel te bestellen. DE BESCHERMKAP NOOIT VASTZETTEN OF VERWIJDEREN.

De zaagsnedeplaat afstellen

Om scheuren op de uitlaatkant van een snede tot een minimum te beperken, is dit gereedschap voorzien van zaagsnedeplaten in het draaibaar voetstuk. De zaagsnedeplaten zijn in de fabriek zodanig afgesteld dat het zaagblad niet met de zaagsnedeplaten in aanraking komt. Stel de zaagsnedeplaten als volgt af alvorens de zaag in gebruik te nemen:

  1. Zorg ervoor dat de accu is verwijderd. Draai daarna alle schroeven (2 aan de linkerzijde en 2 aan de rechterzijde) waarmee de zaagsnedeplaten zijn vastge- maakt los.

▶ Fig.15: 1. Zaagsnedeplaat 2. Schroef

  1. Trek de schroeven weer aan in zulke mate dat de

zaagsnedeplaten nog gemakkelijk met de hand kunnen worden bewogen.

  1. Breng het handvat volledig omlaag en druk de aanslagpen naar binnen om het handvat in de onderste positie te vergrendelen.
  2. Draai de twee klemschroeven waarmee de slede- stangen zijn vastgemaakt los.
  1. Trek de slede helemaal naar u toe.
  2. Stel de positie van de zaagsnedeplaten af zodat deze net in aanraking komen met de zijkanten van de zaagbladtanden.

▶ Fig.17

▶ Fig.18: 1. Zaagblad 2. Zaagbladtanden 3. Zaagsnedeplaat 4. Linkse schuine snede 5. Rechte snede

  1. Trek de voorste schroeven aan (niet te hard aantrekken).
  2. Duw de slede zo ver mogelijk naar de geleider en stel de positie van de zaagsnedeplaten zodanig af dat deze net in aanraking komen met de zijkanten van de zaagbladtanden.
  3. Trek de achterste schroeven aan (niet te hard aantrekken).
  4. Nadat de zaagsnedeplaten zijn afgesteld, ontgren-delt u de aanslagpen en brengt u het handvat omhoog. Trek vervolgens alle schroeven stevig aan.

KENNISGEVING: Zorg na het instellen van de schuine hoek ervoor dat de zaagsnedeplaten goed worden afgesteld. Een juiste afstelling van de zaagsnedeplaten bevordert een goede ondersteuning van het werkstuk en minimaliseert het splinteren van het werkstuk.

Een maximale zaagdiepte behouden

Dit gereedschap is in de fabriek afgesteld om de maximale zaagdikte te leveren met een zaagblad met een diameter van 190 mm.

Controleer bij het aanbrengen van een nieuw cirkelzaagblad altijd de onderste stand van het cirkelzaagblad en stel deze zo nodig als volgt af:

  1. Verwijder de accu. Duw daarna de slede zo ver mogelijk naar de geleider en breng het handvat volledig omlaag.
    ▶ Fig.19: 1. Stelbout 2. Geleider
  2. Draai met behulp van de inbussleutel de stelbout tot het cirkelzaagblad iets lager komt dan het kruispunt van de geleider en het bovenoppervlak van het draaibare voetstuk.

▶ Fig.20

  1. Houd het handvat helemaal omlaag gedrukt en draai het cirkelzaagblad met de hand rond om u ervan te verzekeren dat het cirkelzaagblad geen enkel onderdeel van het onderste voetstuk raakt. Stel opnieuw een beetje af, indien nodig.

⚠ WAARSCHUWING: Na het aanbrengen van een nieuw cirkelzaagblad controleert u, terwijl de accu is verwijderd, altijd of het cirkelzaagblad geen enkel onderdeel van het voetstuk raakt wanneer de handvat zo ver mogelijk omlaag wordt geduwd. Als het cirkelzaagblad het voetstuk raakt, kan dit een terugslag veroorzaken en leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

▶ Fig.21

Aanslagarm

Met de aanslagarm kunt u de laagste positie van het zaagblad gemakkelijk instellen. Stel in door de aanslagarm in de richting van het pijltje te bewegen, zoals afgebeeld. Draai de stelschroef en duw het handvat helemaal omlaag om het resultaat te controleren.

▶ Fig.22: 1. Stelschroef 2. Aanslagarm

Hulpgeleider

Afhankelijk van het land

⚠LET OP: Voor het links schuin zagen klapt u de hulpgeleider uit. Anders zou dat het zaagblad of een deel van het gereedschap kunnen raken, wat kan leiden tot ernstig letsel van de gebruiker.

Dit gereedschap is voorzien van een hulpgeleider. Gewoonlijk kunt u de hulpgeleider ingeklapt laten. Voor het zagen van een linkse schuin snede, echter, klapt u de hulpgeleider uit.

Afstellen van de verstekhoek

▶ Fig.24: 1. Draaibaar voetstuk 2. Vergrendelnok 3. Verstekschaal 4. Wijzer 5. Handgreep

  1. Draai de handgreep linksom los.

  2. Houd de vergrendelknop omlaag gedrukt en stel de hoek van het draaibare voetstuk in. Gebruik de wijzer en de verstekschaal als richtlijn.

  3. Draai de handgreep stevig rechtsom vast.

ALET OP: Na het wijzigen van de verstekhoek, dient u het draaibaar voetstuk altijd vast te zetten door de handgreep stevig vast te draaien.

KENNISGEVING: Voor het verdraaien van het draaibaar voetstuk dient u het handvat volledig omhoog te brengen.

Afstellen van de schuine hoek

Om de schuine hoek in te stellen, draait u de hendel op de achterkant van het gereedschap linksom los.

▶ Fig.25: 1. Hendel 2. Ontgrendelknop

Om het zaagblad naar links te kantelen, houdt u het handvat vast en kantelt u de slede. Gebruik de schui- ne-hoekschaal en de wijzer als richtlijn. Draai daarna de hendel weer stevig rechtsom vast om de arm te vergrendelen.

▶ Fig.26: 1. Wijzer 2. Schuine-hoekschaal 3. Arm Om het zaagblad naar rechts te kantelen, houdt u het

handvat vast en kantelt u de slede iets naar links en drukt u op de ontgrendelknop. Houd de ontgrendelknop ingedrukt en kantel het zaagblad naar rechts. Draai daarna de hendel vast.

LET OP: Na het wijzigen van de schuine hoek, dient u altijd de arm vast te zetten door de hendel rechtsom vast te draaien.

KENNISGEVING: Bij het kantelen van het zaagblad moet het handvat helemaal omhoog staan.

KENNISGEVING: Wanneer u de schuine hoek wijzigt, dient u de zaagsnedeplaten in de juiste positie te zetten zoals beschreven in "Afstellen van de zaagsnedeplaten".

Afstellen van de hendelpositie

Als na verloop van tijd de hendel niet meer voldoende kan vastdraaien, verandert u de positie van de hendel. De hendel kan elke 30° opnieuw in positie worden gebracht.

Draai de schroef los waarmee de hendel is bevestigd. Verwijder de hendel en breng hem opnieuw aan zodat hij iets hoger dan horizontaal staat. Bevestig de hendel stevig met de schroef.

Werking van de schakelaar

⚠ WAARSCHUWING: Controleer altijd, voordat u de accu op het gereedschap aanbrengt, of de trekschakelaar op de juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-stand nadat deze is losgelaten. Het gereedschap gebruiken zonder dat de trekschakelaar goed werkt, kan leiden tot verlies van controle en ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Gebruik geen slot met een beugel of kabel met een diameter kleiner dan 6,35 mm. Met een dunnere beugel of kabel wordt het gereedschap mogelijk niet goed in de uit-stand vergrendeld, waardoor onbedoelde bediening kan plaatsvinden die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Gebruik het gereedschap NOOIT met een defecte trekschakelaar. Ieder gereedschap met een defecte trekschakelaar is UITERST GEVAARLIJK en moet worden gerepareerd voordat het gereedschap wordt gebruikt of ernstig persoonlijk letsel wordt veroorzaakt.

⚠ WAARSCHUWING: Voor uw veiligheid is dit gereedschap voorzien van een uit-vergrendelknop die ongewild starten van het gereedschap voorkomt. Gebruik het gereedschap NOOIT indien het gaat draaien wanneer u gewoon de trekschakelaar indrukt zonder de uit-vergrendelknop in te drukken. Een trekschakelaar die moet worden gerepa-reerd kan leiden tot onbedoelde bediening en ernstig persoonlijk letsel. Breng het gereedschap naar een Makita-servicecentrum voor reparatie ALVORENS het verder te gebruiken.

⚠ WAARSCHUWING: NOOIT de uit-vergrendelknop vastplakken of op een andere manier buiten werking stellen. Een trekschakelaar met een buiten werking gestelde uit-vergrendelknop kan leiden tot onbedoelde bediening en ernstig persoonlijk letsel.

KENNISGEVING: Druk de trekschakelaar niet hard in zonder dat de uit-vergrendelknop is ingedrukt. Hierdoor kan de schakelaar kapot gaan.

Een uit-vergrendelknop is aanwezig om te voorkomen dat de trekkerschakelaar per ongeluk wordt ingedrukt. Om het gereedschap te starten, drukt u de uit-vergren- delknop in en drukt u vervolgens de trekkerschakelaar in. Laat de trekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen.

De uit-vergrendelknop kan vanaf de linkerkant of de rechterkant worden ingedrukt.

In de trekkerschakelaar is een gat aangebracht waar een hangslot door past om het gereedschap af te sluiten.

▶ Fig.28: 1. Uit-vergrendelknop 2. Trekkerschakelaar 3. Gat voor hangslot

MONTAGE

⚠ WAARSCHUWING: Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd voordat u aan het gereedschap gaat werken. Als u het gereedschap niet uitschakelt en de accu niet verwijdert, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

Opbergplaats van inbussleutel

De inbussleutel wordt bewaard op de plaats aangegeven in de afbeelding. Als u de inbussleutel nodig hebt, trekt u deze uit de sleutelhouder.

Na gebruik van de inbussleutel, plaatst u deze terug in de sleutelhouder.

▶ Fig.29: 1. Sleutelhouder 2. Inbussleutel

Het zaagblad aanbrengen en verwijderen

⚠ WAARSCHUWING: Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u het zaagblad aanbrengt of verwijdert. Als het gereedschap per ongeluk start, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

LET OP: Gebruik voor het aanbrengen of verwijderen van het zaagblad uitsluitend de bijgeleverde Makita-inbussleutel. Doet u dit niet, dan kan de inbusbout te vast of te los worden aangedraaid. Dit kan leiden tot persoonlijk letsel.

Het cirkelzaagblad aanbrengen

  1. Druk de aanslagpen in om het handvat in de bovenste positie te vergrendelen.
  1. Gebruik de inbussleutel om de inbusbout, die de middenkap op haar plaats houdt, linksom los te draaien. Breng daarna de beschermkap en de middenkap omhoog.
  1. Druk de asblokkering in om de as te vergrendelen en draai met de inbussleutel de inbusbout rechtsom los. Verwijder vervolgens de inbusbout en buitenflens.

▶ Fig.32: 1. Asblokkering 2. Inbusbout 3. Buitenflens

  1. Breng het zaagblad zorgvuldig aan op de binnenflens. Zorg ervoor dat de richting van de pijl op het zaagblad overeenkomt met de richting van de pijl op het zaagbladhuis.

▶ Fig.33: 1. Buitenflens 2. Zaagblad 3. Binnenflens 4. Inbusbout (linkse schroefdraad) 5. As 6. Zaagblad-bevestigingsdeel

▶ Fig.34: 1. Zaagblad 2. Pijl

  1. Monteer de buitenflens en de inbusbout, en draai daarna met de inbussleutel de inbusbout (linkse schroefdraad) van de as stevig linksom vast terwijl u de asblokkering ingedrukt houdt.

  2. Breng de beschermkap en de middenkap terug naar hun oorspronkelijke positie. Draai daarna de inbusbout rechtsom vast om de middenkap vast te zetten.

  3. Trek de aanslagpen naar buiten om de bovenste positie van het handvat te ontgrendelen. Breng het handvat omlaag om te controleren of de beschermkap goed beweegt.
  4. Controleer voordat u begint te zagen of de asblokkering de as niet langer vergrendelt.

Voor gereedschap met een binnenflens voor een zaagblad met een middengatdiameter van 15,88 mm

Afhankelijk van het land

Breng de binnenflens op de montageas aan met zijn verzonken zijde naar buiten gericht, en breng daarna het zaagblad (zo nodig met de ring bevestigd), de buitenflens en de inbusbout aan.

Voor gereedschap zonder de ring

▶ Fig.35: 1. Buitenflens 2. Zaagblad 3. Binnenflens

  1. Inbusbout (linkse schroefdraad) 5. As

Voor gereedschap met de ring

▶ Fig.36: 1. Buitenflens 2. Zaagblad 3. Binnenflens
4. Inbusbout (linkse schroefdraad) 5. Ring
6. As

⚠ WAARSCHUWING: Als de ring nodig is om het zaagblad op de montageas aan te kunnen brengen, zorgt u er altijd voor dat de correcte ring voor het middengat van het te gebruiken zaagblad wordt aangebracht tussen de binnenflens en de buitenflens. Als de verkeerde middengatring wordt gebruikt, wordt het zaagblad mogelijk niet goed aangebracht, waardoor het zaagblad kan bewegen en sterke trillingen worden veroorzaakt met als gevolg dat u tijdens het gebruik de controle over het gereedschap kunt verliezen en ernstig persoonlijk letsel wordt veroorzaakt.

Voor gereedschap met een binnenflens voor een zaagblad met een andere middengatdiameter dan 20 mm of 15,88 mm

Afhankelijk van het land

De binnenflens heeft een zaagblad-bevestigingsdeel met een bepaalde diameter aan de ene kant, en aan de andere kant een zaagblad-bevestigingsdeel met een andere diameter. Kies de juiste kant van het zaagblad waarvan het zaagblad-bevestigingsdeel exact past in het middengat van het zaagblad.

▶ Fig.37: 1. Buitenflens 2. Zaagblad 3. Binnenflens

  1. Inbusbout (linkse schroefdraad) 5. As

  2. Zaagblad-bevestigingsdeel

ALET OP: Zorg ervoor dat het zaagblad-bevestigingsdeel "a" op de binnenflens dat naar buiten is gericht, perfect past in het middengat "a" van het zaagblad. Als u het zaagblad op de verkeerde kant van de binnenflens aanbrengt, kunnen gevaarlijke trillingen het gevolg zijn.

Het zaagblad verwijderen

  1. Druk de aanslagpen in om het handvat in de bovenste positie te vergrendelen.
  2. Gebruik de inbussleutel om de inbusbout, die de middenkap op haar plaats houdt, linksom los te draaien. Breng daarna de beschermkap en de middenkap omhoog.
  3. Druk de asblokkering in om de as te vergrendelen en draai met de inbussleutel de inbusbout rechtsom los. Verwijder vervolgens de inbusbout, de buitenflens en het zaagblad.

Als u het gereedschap opbergt, brengt u de buitenflens aan draait u de inbusbout met de hand licht vast om te voorkomen dat u hem verliest.

Stof

⚠ WAARSCHUWING: Afhankelijk van het materiaal waarmee wordt gewerkt en het gebruikte accessoire, kan het stof dat door gebruik van het gereedschap wordt gegenereerd, schadelijk zijn. De gebruiker wordt geadviseerd om een geschikte stofafzuigapparatuur te gebruiken om de blootstelling te verminderen.

Raadpleeg het hoofdstuk "OPTIONELE ACCESSOIRES" in deze gebruiksaanwijzing voor alle beschikbare optionele hulpstukken voor stofafzuigapparatuur.

Extra waarschuwingen:

  • Om inademing van stof te voorkomen, adviseren wij u om ook een FFP2-stofmasker of P2-ademhalingsapparaat te gebruiken.
  • Raadpleeg het hoofdstuk "ONDERHOUD" in de gebruiksaanwijzing van de aangesloten stofafzuigapparatuur om de effectiviteit van de stofafzuiging te houden.
  • Volg alle toepasselijke wettelijke vereisten voor stofpreventie in het land waarin de werkzaamheden worden uitgevoerd.
  • Gebruik geen stofafzuigapparatuur bij metaalbewerking met behulp van elektrisch gereedschap. De metaaldeeltjes die tijdens de metaalbewerking worden geproduceerd, kunnen het verzameld stof doen ontbranden en het stoffilter binnenin de stofafzuigapparatuur beschadigen, waardoor groot brandgevaar ontstaat.
  • Alleen voor Europese landen De gebruiker wordt geadviseerd om stofafzuigapparatuur van de M- of H-klasse te gebruiken (zoals gedefinieerd in EN 60335-2-69).

Voor hulp en ondersteuning met betrekking tot stofaf-zuigapparatuur, neemt u contact op met uw plaatselijke Makita-servicecentrum.

Aansluiten op stofafzuigapparatuur

Wanneer u schoon wilt werken, sluit u een Makita- stofzuiger aan.

Gebruik het voorste aansluitstuk 38 om de slang aan te sluiten.

De buitendiameter van de stofafzuigaansluitmond om

de slang op aan te sluiten is 38 mm.

▶ Fig.38

Stofzak

Optioneel accessoire

Door de stofzak te gebruiken werkt u schoner en kan het zaagsel eenvoudiger worden opgeruimd.

Om de stofzak te bevestigen, monteert u hem op het mondstuk.

Om de sluitstrip te bevestigen, lijnt u de bovenrand van de sluitstrip uit met de driehoekmarkering op de stofzak. Wanneer de stofzak ongeveer halfvol is, maakt u hem los van het gereedschap en trekt u de sluitstrip eruit. Maak de stofzak leeg en tik er zachtjes op voor het verwijderen van achtergebleven stofdeeltjes die verdere stofopvanging zouden kunnen belemmeren.

▶ Fig.39: 1. Stofzak 2. Mondstuk 3. Sluitstrip

Werkstuk vastklemmen

⚠ WAARSCHUWING: Het is uiterst belangrijk om het werkstuk altijd goed vast te klemmen in het juiste type spanschroef. Als u dat niet doet, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel en schade aan het gereedschap en/of het werkstuk.

⚠ WAARSCHUWING: Wanneer u een werkstuk zaagt dat langer is dan het voetstuk van de cirkelzaag, ondersteunt u de volledige lengte van het werkstuk buiten het voetstuk en op dezelfde hoogte zodat het werkstuk horizontaal blijft. Een goede ondersteuning van het werkstuk helpt voorkomen dat het zaagblad vastloopt en een mogelijke terugslag optreedt die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Vertrouw niet alleen op de verticale en/of horizontale spanschroef om het werkstuk op zijn plaats te houden. Dun materiaal hangt gemakkelijk door. Ondersteun het werkstuk over zijn hele lengte om vastklemmen van het zaagblad en mogelijke TERUGSLAG te voorkomen.

▶ Fig.40: 1. Steun 2. Draaibaar voetstuk

Verticale spanschroef

⚠ WAARSCHUWING: Tijdens alle bedieningen moet het werkstuk door de spanschroef stevig tegen het draaibaar voetstuk en de geleider worden gedrukt. Anders kan het materiaal tijdens het zagen bewegen, het zaagblad beschadigen en worden weggeslingerd, waardoor u de controle over het gereedschap kunt verliezen en ernstig persoonlijk letsel kan worden veroorzaakt.

Breng de verticale spanschroef aan de linkerzijde of rechterzijde van de geleider of de steunstanghouder aan. Steek de stang van de spanschroef in het gat in de geleider of steunstanghouder en draai de onderste schroef om de spanschroefstang vast te zetten.

▶ Fig.41: 1. Spanschroefarm 2. Spanschroefstang 3. Geleider 4. Steunstangen 5. Steunstanghouder 6. Spanschroefknop 7. Onderste schroef 8. Bovenste schroef

Zet de arm van de spanschroef in de positie die geschikt is voor de dikte en vorm van het werkstuk,

en zet de arm vast door de bovenste schroef vast te draaien. Indien de bovenste schroef van de arm in aanraking komt met de geleider, moet u de bovenste schroef op de tegenovergestelde kant van de span-schroefarm aanbrengen. Controleer of geen enkel deel van het gereedschap in aanraking komt met de spanschroef wanneer het handvat volledig omlaag wordt gebracht en de zaagslede zo ver mogelijk wordt getrokken of geduwd. Indien dit wel het geval is, moet u de positie van de spanschroef veranderen.

Druk het werkstuk vlak tegen de geleider en het draaibaar voetstuk. Plaats het werkstuk in de gewenste zaagpositie en zet het stevig vast door de spanschroefknop vast te draaien.

Horizontale spanschroef

Optioneel accessoire

⚠ WAARSCHUWING: Zet het werkstuk alleen vast wanneer de indicator bovenaan staat. Als u dit niet doet, zal het werkstuk mogelijk niet goed vastgezet zijn. Het werkstuk kan dan weggeslingerd worden, wat kan leiden tot beschadiging van het zaagblad of verlies van controle over het gereedschap, waardoor persoonlijk letsel kan worden veroorzaakt.

▶ Fig.42: 1. Spanschroefknop 2. Indicator 3. Spanschroefas 4. Voetstuk

De horizontale spanschroef kan aan de linkerzijde van de gereedschapsvoet worden geïnstalleerd.

Door de knop van de spanschroef linksom te draaien wordt de spanschroef in de vrije stand gezet en kunt u de spanschroefas snel naar binnen en naar buiten bewegen. Door de spanschroefknop rechtsom te draaien wordt de spanschroef vastgezet.

Om het werkstuk vast te klemmen, draait u de span-schroefknop langzaam rechtsom totdat de indicator helemaal bovenaan staat, en daarna draait u de knop stevig vast. Wanneer de spanschroefknop naar binnen of naar buiten wordt getrokken terwijl u hem rechtsom draait, kan de indicator onder een hoek stoppen. In dit geval draait u de spanschroefknop terug linksom totdat de spanschroef los komt, en dan draait u hem weer langzaam rechtsom.

De maximale breedte van de horizontale spanschroef is 120 mm.

Steunstangen en steunstanghouder

Optioneel accessoire

ALET OP: Voor een gereedschap dat is uitgerust met steunstangen en steunstanghouders als standaard toebehoren, is dit type gebruik niet toegestaan volgens de regelgeving van het land.

⚠ WAARSCHUWING: Ondersteun een lang werkstuk altijd zodanig dat het horizontaal ligt met de draaibaar voetstuk om een nauwkeurige zaagsnede te verkrijgen en om gevaarlijk verlies van controle over het gereedschap te voorkomen. Een goede ondersteuning van het werkstuk helpt voorkomen dat het zaagblad vastloopt en een mogelijke terugslag optreedt die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

U kunt de steunstangen en de steunstanghouder

(optioneel accessoire) aan beide zijden van het gereedschap aanbrengen als handig hulpmiddel om de werkstukken horizontaal te ondersteunen.

Steek ze in de zijkant van het gereedschap en draai daarna de schroeven stevig vast om ze te bevestigen.

▶ Fig.43: 1. Steunstangen 2. Steunstanghouder

Gebruik de steunstangen en steunstanghouder (optioneel accessoire) voor het zagen van lange werkstukken. Deze bestaat uit twee steunstanghouders en twee steunstangen 12.

▶ Fig.44: 1. Steunstanghouder 2. Steunstang 12

BEDIENING

⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het zaagblad niet in aanraking is met het werkstuk e.d. voordat u de trekschakelaar indrukt. Wanneer u het gereedschap inschakelt terwijl het zaagblad reeds het werkstuk aanraakt, kan dat leiden tot een terugslag en ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Nadat u klaar bent met zagen mag u het handvat pas omhoog brengen nadat het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen. Als u het handvat omhoog brengt terwijl het zaagblad nog ronddraait, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel en schade aan het werkstuk.

⚠ WAARSCHUWING: Raak terwijl het zaagblad draait de klemschroeven niet aan waarmee de sledestangen zijn vergrendeld. Anders kunt u de controle over het gereedschap verliezen waardoor persoonlijk letsel kan ontstaan.

ALET OP: Laat de zaagkop niet ongecontroleerd los vanuit de laagste stand. De ongecontroleerde zaagkop kan tegen u aan komen waardoor persoonlijk letsel zal ontstaan.

KENNISGEVING: Voordat u het gereedschap inschakelt, dient u het handvat uit zijn onderste positie te halen door de aanslagpen naar buiten te trekken.

KENNISGEVING: Oefen tijdens het zagen geen overmatige druk op het handvat uit. Wanneer u te hard drukt, kan de motor overbelast raken en/of de zaagefficiëntie afnemen. Druk alleen zo hard als nodig is voor soepel zagen zonder dat het toerental van het zaagblad aanzienlijk vermindert.

KENNISGEVING: Druk het handvat zachtjes naar beneden om te zagen. Als u het handvat met kracht omlaag drukt of zijwaartse druk erop uitoefent, kan het zaagblad gaan trillen en een vlek (brandplek) op het werkstuk achterlaten, en kan ook de zaagsnede minder nauwkeurig zijn.

KENNISGEVING: Voor schuivend zagen duwt u de zaagslede langzaam en zonder te stoppen naar de geleider. Als de beweging van de slede tijdens het zagen wordt onderbroken, kan een vlek op het werkstuk ontstaan en kan de zaagsnede minder nauwkeurig zijn.

Rechtzagen (zagen van kleine werkstukken)

⚠ WAARSCHUWING: Draai de twee klemschroeven die de sledestangen vergrendelen stevig rechtsom vast zodat de slede niet kan bewegen tijdens het gebruik. Door een onvoldoende vast aangedraaide borgschroef kan een terugslag worden veroorzaakt, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

▶ Fig.45: 1. Vleugelschroef 2. Steunstanghouder Werkstukken tot 52 mm hoog en 97 mm breed kunnen op de volgende manier worden gezaagd:

  1. Duw de slede zo ver mogelijk naar de geleider en zet de slede vast door de twee klemschroeven van de sledestangen rechtsom vast te draaien.
  2. Klem het werkstuk vast met het juiste type spanschroef.
  3. Schakel het gereedschap in zonder dat het zaagblad met het werkstuk in contact is, en wacht totdat het zaagblad op maximaal toerental draait.
  4. Breng het handvat langzaam omlaag naar de laagste positie om het werkstuk te zagen.
  5. Nadat de zaagsnede klaar is, schakelt u het gereedschap uit en wacht u tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen voordat u het zaagblad omhoog brengt tot in de hoogste positie.

Schuivend (duwend) zagen (zagen van brede werkstukken)

⚠ WAARSCHUWING: Bij het schuivend zagen, trekt u eerst de slede helemaal naar u toe en brengt u het handvat helemaal omlaag, waarna u de slede helemaal naar de geleider duwt. Begin nooit met zagen zonder de slede helemaal naar u toe te trekken. Als u schuivend zaagt zonder dat de slede helemaal naar u toe is getrokken, kan een onverwachte terugslag optreden die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Probeer nooit schuivend te zagen terwijl u de slede naar u toe trekt. Door de slede zagend naar u toe te trekken, kan een onverwachte terugslag optreden die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Schuivend zagen mag nooit worden uitgevoerd terwijl het handvat in de laagste positie is vergrendeld.

⚠ WAARSCHUWING: Draai de vastzetknop van de slede nooit los terwijl het zaagblad nog draait. Een losse slede tijdens het zagen kan een onverwachte terugslag veroorzaken die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

▶ Fig.46: 1. Vleugelschroef 2. Steunstanghouder

  1. Draai de twee klemschroeven van de sledestangen linksom los zodat de slede vrij kan schuiven.
  2. Klem het werkstuk vast met het juiste type spanschroef.
  3. Trek de slede helemaal naar u toe.

  4. Schakel het gereedschap in zonder dat het zaagblad met het werkstuk in contact is en wacht totdat het zaagblad op maximaal toerental draait.

  5. Duw het handvat omlaag en duw de slede zo ver mogelijk naar de geleider en door het werkstuk.
  6. Nadat de zaagsnede klaar is, schakelt u het gereedschap uit en wacht u tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen voordat u het zaagblad omhoog brengt tot in de hoogste positie.

Verstekzagen

Raadpleeg het tekstdeel over het afstellen van de verstekhoek.

Schuin zagen

⚠ WAARSCHUWING: Nadat het zaagblad is ingesteld op een schuine snede, controleert u voordat u begint te zagen of de slede en het zaagblad vrij kunnen bewegen over de hele lengte van de te maken zaagsnede. Wanneer de beweging van de slede of het zaagblad tijdens het zagen wordt onderbroken, kan een terugslag worden veroorzaakt die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Houd bij het maken van een schuine snede uw handen uit de buurt van het pad van het zaagblad. De hoek van het zaagblad kan verwarrend werken op de gebruiker met betrekking tot het werkelijke zaagpad dat tijdens het zagen beschreven wordt, en aanraking van het zaagblad zal leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Het zaagblad mag niet omhoog gebracht worden voordat het volledig tot stilstand is gekomen. Tijdens het zagen van een schuine snede kan het afgezaagde deel van het werkstuk tegen het zaagblad aanliggen. Als het zaagblad omhoog wordt gebracht terwijl het nog ronddraait, kan het afgezaagde deel door het zaagblad weggeslingerd worden waardoor het uiteenvalt en ernstig persoonlijk letsel kan veroorzaken.

ALET OP: (Alleen voor gereedschappen met een hulpgeleider.) Wanneer u een linker schuine zaagsnede maakt, klapt u altijd de hulpgeleider naar buiten.

  1. Draai de hendel los en zet het zaagblad schuin om de schuine hoek in te stellen (zie "Instellen van de schuine hoek" hierboven). Draai daarna de hendel weer stevig vast om de gekozen schuine hoek goed vast te houden.
  2. Zet het werkstuk vast met een spanschroef.
  3. Trek de slede helemaal naar u toe.
  4. Schakel het gereedschap in zonder dat het zaagblad met het werkstuk in contact is en wacht totdat het zaagblad op maximaal toerental draait.
  5. Breng dan het handvat langzaam omlaag naar de laagste positie terwijl u druk uitoefent parallel aan het zaagblad en duw de slede zo ver mogelijk naar de geleider om het werkstuk te zagen.
  6. Nadat de zaagsnede klaar is, schakelt u het

gereedschap uit en wacht u tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen voordat u het zaagblad omhoog brengt tot in de hoogste positie.

KENNISGEVING: Wanneer u het handvat omlaag drukt, dient u druk uit te oefenen evenwijdig met het zaagblad. Indien u verticale druk op het draaibaar voetstuk uitoefent of de drukrichting tijdens het zagen verandert, zal de zaagsnede minder nauwkeurig zijn.

Gecombineerd zagen

Gecombineerd zagen betekent dat het werkstuk tegelijk met een schuine hoek en een verstekhoek wordt gezaagd. Gecombineerd zagen is mogelijk voor de hoeken aangegeven in de onderstaande tabel.

Verstekhoek Schuinehoek
Links en Rechts 45° Links0° - 45°
Rechts 50° Links 0° -40°
Rechts 55° Links 0° -30°
Rechts 57° Links 0° -25°

Voor de bedieningen voor gecombineerd zagen, zie de beschrijvingen onder "Rechtzagen", "Schuivend zagen", "Verstekzagen" en "Schuin zagen".

Kroon-profiellijsten en kwarthol-profiellijsten zagen

Kroon-profiellijsten en kwarthol-profiellijsten kunnen worden gezaagd op een gecombineerd-verstekzaag waarbij de sierlijsten plat op het draaibaar voetstuk liggen.

Er zijn twee veelvoorkomende typen kroon-profiellijsten en één veelvoorkomend type kwarthol-profiellijsten: kroon-profiellijsten met een wandhoek van 52/38°, kroon-profiellijsten met een wandhoek van 45°, en kwarthol-profiellijsten met een wandhoek van 45°.

▶ Fig.48: 1. Kroon-profiellijst met een wandhoek van 52/38° 2. Kroon-profiellijst met een wandhoek van 45° 3. Kwarthol-profiellijst met een wandhoek van 45°

Er zijn verbindingen van kroon-profiellijsten en van kwarthol-profiellijsten die passen in binnenhoeken van 90° (zie (a) en (b) in de afb.), en om buitenboeken van 90° (zie (c) en (d) in de afb.).

MAKITA DLS714Z - Kroon-profiellijsten en kwarthol-profiellijsten zagen - 1

text_image (a)(b)(c)(d) 1 2
  1. Binnenhoek 2. Buitenhoek

Meet de breedte van de wand, en pas de breedte van het werkstuk daarop aan. Zorg er altijd voor dat de breedte van het raakvlak met de wand van het werkstuk hetzelfde is als de breedte van de wand.

▶ Fig.50: 1. Werkstuk 2. Breedte van de wand 3. Breedte van het werkstuk 4. Raakvlak met de wand

Gebruik altijd meerdere proefwerkstukken om de benodigde zaaghoek te controleren.

Bij het zagen van kroon-profiellijsten en kwarthol-profiellijsten stelt u de verstekhoek en schuine hoek in, zoals aangegeven in tabel (A), en legt u de sierlijst op het bovenoppervlak van het draaibaar voetstuk, zoals aangegeven in tabel (B).

Voor een linker schuine zaagsnede
MAKITA DLS714Z - Kroon-profiellijsten en kwarthol-profiellijsten zagen - 2

text_image (a)(b)(c)(d) 1 2
  1. Binnenhoek 2. Buitenhoek

Tabel (A)

-Gedeelte van de profiellijst in de afbeeldingSchuine hoek Verstekhoek
Hoek 52/38°Hoek 45°Hoek 52/38°Hoek 45°
Binnen-hoek(a) Links33,9°Links 30°Rechts 31,6°Rechts 35,3°
(b) Links31,6°Links 35,3°
Buiten-hoek(c)
(d) Rechts31,6°Rechts 35,3°

Tabel (B)

– Gedeelte van de profiel- lijst in de afbeeldingKant van de sierlijst die tegen de geleider moet liggenAfgewerkt werkstuk
Binnenhoek (a)Kant dietegen het plafond komt moet tegen de geleider liggen.Het afge-werkte werk-stuk ligt aan de linkerkant van het zaagblad.
(b) Kant die
Buitenhoek (c)Het afge-tegen de wand komt moet tegen de geleider liggen.werkte werk-stuk ligt aan de rechter-kant van het zaagblad.(d) Kant die
tegen het plafond komt moet tegen de geleider liggen.

Voorbeeld:

In het geval u een kroon-profiellijst zaagt van het type 52/38° voor gedeelte (a) in de bovenstaande afbeelding:

  • Kantel de zaag naar de stand voor een schuine hoek van 33,9° LINKS.
    • Stel een verstekhoek in van 31,6° RECHTS.
  • Leg de kroon-profiellijst op het gereedschap met de achterkant (verborgen) naar onderen gericht op het draaibaar voetstuk en de KANT DIE TEGEN HET PLAFOND KOMT tegen de geleider.
  • Het afgewerkte werkstuk dat u gaat gebruiken ligt altijd LINKS van het zaagblad nadat het zagen klaar is.

Aluminiumprofielen zagen

▶ Fig.51: 1. Spanschroef 2. Vulblok 3. Geleider 4. Aluminiumprofiel 5. Vulblok

Als u een aluminiumprofiel wilt vastklemmen in de span-schroef, maakt u gebruik van vulblokken of stukken afvalhout, zoals aangegeven in de afbeelding, om te voorkomen dat het aluminiumprofiel vervormt. Gebruik snijolie als smeermiddel bij het zagen van een aluminiumprofiel om te voorkomen dat aluminiumslijpsel zich op het zaagblad ophoopt.

⚠ LET OP: Probeer nooit dikke aluminiumprofielen of ronde aluminiumpijpen te zagen. Dikke aluminiumprofielen kunnen losschieten tijdens het zagen en ronde aluminiumprofielen kunnen niet stevig worden vastgeklemd in dit gereedschap.

Houten bekleding

⚠ WAARSCHUWING: Bevestig het houten hulpstuk aan de geleider met behulp van schroeven. De schroeven moeten zodanig worden gemonteerd dat de schroefkoppen onder het oppervlak van het houten hulpstuk vallen zo dat ze niet in de weg zitten van het werkstuk dat wordt gezaagd. Als het werkstuk dat wordt gezaagd verkeerd is uitgelijnd, kan het tijdens het zagen onverwacht gaan bewegen, wat kan leiden tot verlies van controle over het gereedschap en ernstig persoonlijk letsel.

ALET OP: Gebruik als houten hulpstuk een recht stuk hout van gelijke dikte.

Het gebruik van een houten hulpstuk helpt om splintervrije sneden te krijgen. Gebruik de gaten in de geleider om een houten hulpstuk aan de geleider te bevestigen. Zie de afbeelding voor de afmetingen van een dergelijk houten hulpstuk.

MAKITA DLS714Z - Houten bekleding - 1

text_image ≥15 mm 35 mm ≥420 mm 50 mm - 60 mm 27 mm 92 mm 80.6mm 70 mm 1

1. Gaten

KENNISGEVING: Als de houten bekleding op de geleider is bevestigd, mag u het draaibaar voetstuk niet meer draaien terwijl het handvat omlaag staat. Als u dit doet, kan het zaagblad en/of het houten hulpstuk worden beschadigd.

Steeds dezelfde lengte afzagen

ALET OP: Voor een gereedschap dat is uitgerust met steunstangen en steunstanghouders als standaard toebehoren, is dit type gebruik niet toegestaan volgens de regelgeving van het land.

Als u meerdere werkstukken op dezelfde lengte wilt afzagen, van 220 mm tot 385 mm, gebruikt u de aanzetplaat (optioneel accessoire). Monteer de aanzetplaat op de steunstang (optioneel accessoire) zoals afgebeeld.

▶ Fig.52: 1. Aanzetplaat 2. Steunstangen 3. Schroef

Breng de zaaglijn op uw werkstuk op één lijn met de linkerzijde of de rechterzijde van de groef in de zaagsnedeplaat. Houd het werkstuk vast zodat het niet kan bewegen, en plaats de aanzetplaat vlak tegen het einde van het werkstuk. Zet daarna de aanzetplaat vast met de schroef.

Wanneer u de aanzetplaat niet gebruikt, draait u de schroef los en draait u de aanzetplaat uit de weg.

OPMERKING: Door de steunstangen en steunstanghouder (optioneel accessoire) te gebruiken kunt u stukken van dezelfde lengte van ongeveer maximaal 2.200 mm zagen.

Groeven zagen

⚠ WAARSCHUWING: Probeer niet dit type zaagsnede uit te voeren met een breder zaagblad of sokkelzaagblad. Als u probeert een groef te zagen met een breder zaagblad of een sokkelzaagblad, kan dat resulteren in een onverwacht zaagresultaat en een terugslag die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Breng de aanslagarm terug naar zijn oorspronkelijke positie voor andere zaagbedieningen dan het zagen van groeven. Als u een zaagsnede probeert te zagen met de aanslagarm in de verkeerde positie, kan dat resulteren in een onverwacht zaagresultaat en een terugslag die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

U kunt als volgt een groef in een werkstuk zagen:

  1. Stel de laagste positie van het cirkelzaagblad in met behulp van de stelschroef en de aanslagarm, om de zaagdiepte van het cirkelzaagblad te beperken. Raadpleeg het tekstdeel over de aanslagarm.
  2. Nadat de laagste positie van het cirkelzaagblad is ingesteld, kunt u evenwijdige groeven over de breedte van het werkstuk zagen met behulp van schuivend (duwend) zagen.

▶ Fig.53: 1. Groeven zagen met het zaagblad

  1. Verwijder het werkstukmateriaal tussen de groeven met behulp van een beitel.

Het gereedschap dragen

⚠ WAARSCHUWING: De aanslagpen is uit-sluitend bedoeld te worden gebruikt tijdens het dragen en bewaren van het gereedschap, en mag nooit worden gebruikt tijdens het zagen. Het gebruik van de aanslagpen tijdens het zagen kan leiden tot onverwachte bewegingen van het zaagblad, wat kan leiden tot een terugslag en ernstig persoonlijk letsel.
▲LET OP: Zet alle bewegende onderdelen vast alvorens het gereedschap te dragen. Als tijdens het dragen onderdelen van het gereedschap bewegen of verschuiven, kunt u uw balans of de controle over het gereedschap verliezen, wat kan leiden tot persoonlijk letsel.

▶ Fig.54

  1. Verwijder de accu.
  2. Zet het zaagblad vast op een schuine hoek van 0° en het draaibaar voetstuk op de maximale verstekhoek naar rechts.
  3. Zet de sledestangen zodanig vast dat de onderste sledestang is vergrendeld in de stand waarbij de slede geheel naar de gebruiker is getrokken, en de bovenste sledestangen zijn vergrendeld in de stand waarbij de slede geheel naar voren is getrokken in de richting van

de geleider.

  1. Breng het handvat volledig omlaag en vergren- del het in de laagste positie door de aanslagpen in te drukken.
  2. Draag het gereedschap door beide zijden van de gereedschapsvoet vast te houden. Het gereedschap is gemakkelijker om te dragen wanneer u de steunstan-gen, stofzak, enz., ervan verwijdert.

ONDERHOUD

⚠ WAARSCHUWING: Zorg altijd dat het zaagblad scherp en schoon is om optimale en veilige prestaties te krijgen. Als u probeert te zagen met een bot en/of vuil zaagblad, kan een terugslag optreden die kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie.

KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt.

Afstellen van de zaaghoek

Dit gereedschap werd in de fabriek nauwkeurig afgesteld en uitgelijnd, maar door ruwe behandeling kan de uitlijning ervan verslechterd zijn. Doe het volgende indien uw gereedschap niet meer juist is uitgelijnd:

Verstekhoek

  1. Duw de slede naar de geleider toe en draai twee klemschroeven vast om de slede vast te zetten.
  2. Draai het draaibaar voetstuk tot de wijzer 0° aanwijst op de verstekschaal.
  3. Draai het draaibaar voetstuk een beetje naar rechts en naar links zodat hij in de inkeping voor 0° verstek komt te zitten. (Laat het draaibaar voetstuk staan zoals hij dan staat, ook als de wijzer niet 0° aanwijst.)
  4. Draai de inbusbouten waarmee de geleider is bevestigd los met behulp van de inbussleutel.

▶ Fig.55: 1. Geleider 2. Inbusbout

  1. Breng het handvat volledig omlaag en vergren- del het in de laagste positie door de aanslagpen in te drukken.
  2. Stel de geleider af tot deze haaks staat ten opzichte van het zaagblad met behulp van een geodriehoek, winkelhaak, enz. Draai vervolgens de inbusbouten van de geleider op volgorde vast vanaf de rechterkant.

▶ Fig.56: 1. Geodriehoek 2. Geleider

  1. Zorg ervoor dat de wijzer 0° aanwijst op de verstekschaal. Indien de wijzer niet 0° aanwijst, draait u de bevestigingsschroef van de wijzer los en stelt u de wijzer juist in zodat hij 0° aanwijst.

▶ Fig.57: 1. Schroef 2. Verstekschaal 3. Wijzer

Schuine hoek

Schuine hoek van 0°

▶ Fig.58: 1. Hendel 2. Armhouder 3. Stelbout voor schuine hoek van 0° 4. Arm 5. Ontgrendelknop

  1. Duw de slede naar de geleider toe en draai twee klemschroeven vast om de slede vast te zetten.
  2. Breng het handvat volledig omlaag en vergren- del het in de laagste positie door de aanslagpen in te drukken.
  3. Draai de hendel op de achterkant van het gereedschap los.

  4. Draai de stelbout voor een schuine hoek van 0° (onderste bout) aan de rechterzijde van de arm twee of drie slagen linksom om het zaagblad naar rechts te kantelen.

  5. Draai de stelbout voor een schuine hoek van 0° voorzichtig rechtsom tot de zijkant van het zaagblad haaks staat ten opzichte van het bovenoppervlak van het draaibare voetstuk. Gebruik een geodriehoek, winkelhaak, enz., als hulpmiddel. Draai daarna de hendel stevig vast.

▶ Fig.59: 1. Geodriehoek 2. Zaagblad 3. Bovenoppervlak van draaibaar voetstuk

  1. Zorg ervoor dat de wijzer op de arm 0° aanwijst op de schuine-hoekschaal. Als hij niet 0° aanwijst, draait u de bevestigingsschroef van de wijzer los en stelt u de wijzer juist in zodat hij 0° aanwijst.
    ▶ Fig.60: 1. Schuine-hoekschaal 2. Wijzer 3. Schroef

Schuine hoek van 45°

▶ Fig.61: 1. Stelbout voor linker schuine hoek van 45°

Stel de schuine hoek van 45° pas in nadat de schuine hoek van 0° is ingesteld.

  1. Draai de hendel los en kantel het zaagblad helemaal naar links.
  2. Zorg ervoor dat de wijzer op de arm 45° aanwijst op de schuine-hoekschaal. Als de wijzer niet 45° aanwijst, draait u de stelbout voor een schuine hoek van 45° (bovenste bout) aan de rechterzijde van de arm totdat de wijzer 45° aanwijst.

Na het gebruik

Veeg na gebruik alle zaagsel en stof op het gereedschap eraf met een doek of iets dergelijks. Houd de beschermkap schoon volgens de instructies die in de paragraaf "Beschermkap" werden beschreven. Smeer de schuivende delen in met machineolie om roestvorming te voorkomen.

Wanneer u de machine opbergt, moet u de slede zo ver mogelijk naar u toe trekken zodat de sledestangen helemaal in het draaibaar voetstuk komen te zitten.

Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen.

⚠ WAARSCHUWING: Deze Makita-accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita-gereedschap dat in deze gebruiks-aanwijzing is beschreven. Het gebruik van enige andere accessoires of hulpstukken kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING: Gebruik de Makita-accessoires of -hulpstukken uitsluitend voor de aangegeven gebruiksdoeleinden. Misbruik van een accessoire of hulpstuk kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

Wenst u meer bijzonderheden over deze accessoires, neem dan contact op met het plaatselijke Makita-servicecentrum.

• Hardmetalen zaagbladen
(Raadpleeg onze website of neem contact op met uw plaatselijke Makita-dealer voor de correcte zaagbladen die moeten worden gebruikt voor het te zagen materiaal.)
- Spanschroef, compleet (horizontale spanschroef)
• Verticale spanschroef
• Steunstanghouder
- Steunstangen en steunstanghouder
- Aanzetplaat
- Stofzak
- Geodriehoek
- Inbussleutel
- Originele Makita accu's en acculaders

OPMERKING: Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land verschillen.

ESPECIFICACIONES

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : DLS714Z

Categorie : Zaag