Comfort 46.0 SP-A Plus - Grasmaaier AL-KO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Comfort 46.0 SP-A Plus AL-KO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Comfort 46.0 SP-A Plus AL-KO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Comfort 46.0 SP-A Plus - AL-KO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Comfort 46.0 SP-A Plus van het merk AL-KO.
GEBRUIKSAANWIJZING Comfort 46.0 SP-A Plus AL-KO
NL: Instructies voor gebruik ....36
■ Lees voor de ingebruikname eerst deze documentatie volledig door. Dit is een voorwaarde voor veilig werken en een storingsvrij gebruik. Maak u voor het gebruik vertrouwd met de bedieningselementen en de functies van de machine.
■ U moet de veiligheidsinstructies en waarschuwingen die in dit document en op het apparaat vermeld staan opvolgen.
■ Bewaar de bedieningshandleiding voor het gebruik en geef deze ook door aan toekomstige gebruikers.
Legenda

Let op!
Nauwkeurig opvolgen van de waarschuwingsinstructies kan schade aan personen en zaken voorkomen.

Speciale instructies voor een beter begrip en een goed gebruik.

Het camerasymbool verwijst naar afbeeldingen.
Inhoudsopgave
Over dit handboek 36
Productbeschrijving 36
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten .... 36
Veiligheidsinstructies 38
Montage 39
Tanken 39
Ingebruikname 40
Elektrische starten (optie) 44
Onderhoud en reiniging 46
Opslag 47
Reparaties 47
Afvoer 47
Hulp bij storingen 48
Garantie 49
EG-conformiteitsverklaring 49
Productbeschrijving
In deze documentatie worden verschillende modellen benzinegrasmaaiers beschreven. Enkele modellen zijn uitgerust met een grasopvangbox en/of zijn bovendien geschikt voor mulchen.
Identificeer uw model aan de hand van de productfoto's en de beschrijving van de verschillende opties.
Gebruik volgens bestemming
Dit apparaat is bestemd voor het maaien van gras in privégebruik en mag niet enkel op droog gazon worden ingezet.
Een ander of verdergaand gebruik geldt niet als gebruik volgens bestemming.
Mogelijk verkeerd gebruik
■ Deze grasmaaier is niet geschikt voor gebruik in openbare plantsoenen, parken en sportvelden of voor land- en bosbouw
■ Veiligheidsinrichtingen mogen niet worden gedemonteerd of overbrugd
■ Het apparaat niet gebruiken bij regen of op een nat gazon
■ Het apparaat mag niet professioneel worden toegepast
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten

Let op! - Gevaar voor letsel!
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten mogen niet buiten werking worden gesteld!
Veiligheidsbeugel
Het apparaat is uitgerust met een veiligheidsbeugel. Bij gevaar moet de veiligheidsbeugel worden losgelaten.
Apparaten zonder meskoppeling:
■ mes wordt gestopt
■ motor wordt gestopt
Apparaten met meskoppeling:
■ mes wordt gestopt
■ motor draait door
Veiligheidsklep
De veiligheidsklep beschermt tegen het eruit vliegen van de onderdelen.

| 1 Startkabel 9 Snijhoogteverstelling* | ||
| 2 Start, stop* 10 Meskoppeling* | ||
| 3 Wielaandrijving* 11 Varioaandrijving* | ||
| 4 Veiligheidsbeugel 12 Gebruikshandleiding | ||
| 5 Ergonomische hoogteverstelling* 13 Uitwerpinzet* | ||
| 6 Vulstandindicatie* 14 Sluitklep* | ||
| 7 Veiligheidsklep* 15 Mulchkit* | ||
| 8 Grasopvangbox* * afhankelijk van de uitvoering |
Symbolen op het apparaat
![]() | Let op!Voorzichtig handelen bij gebruik. | ![]() | Voordat u werkzaamheden gaat uitvoeren aan het snijmechanisme, eerst de bougiedop uittrekken. |
![]() | Vóór de ingebruikname gebruiksaanwijzing lezen! Mot | ![]() | aken. |
![]() | Derden buiten het gevarenbereik houden! Wielaandrijv | ![]() | elen. |
![]() | Handen en voeten bij messen vandaan houden | ![]() | Snelheidsregelaar start / stop. |
![]() | Afstand houden van het gevarenbereik. | ||
Extra symbolen bij apparaten met elektrische start
| Let op! Gevaar door elektrische schok. | |
| Aansluitleiding uit de buurt houden van het mes. | |
| Apparaat voor onderhoudswerkzaamheden of bij beschadigde kabel altijd van het stroomnet halen. |
Veiligheidsinstructies

Let op!
Apparaat alleen in een technisch perfecte staat gebruiken!

Let op! - Gevaar voor letsel!
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten mogen niet buiten werking worden gesteld!

Let op! - Brandgevaar!
Machines met volle tank niet in gebouwen opbergen, waarin benzinedampen met open vuur of vonken in aanraking kunnen komen!
Bereik rondom de motor, uitlaat, accuhuis, brandstoftank vrij van maaigoed, benzine en olie houden.
■ Derden buiten de gevarenzone houden
■ De machinebestuurder of gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen met andere personen of hun eigendommen
■ Kinderen of andere personen die de gebruikshandleiding niet kennen mogen het apparaat niet gebruiken
■ Lokale voorschriften over de miniumleeftijd voor een bediener in acht nemen
■ Het apparaat niet bedienen onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen
■ Doelmatige werkkleding dragen
lange broek
■ stevige en niet glijdende schoenen
- gehoorbescherming
■ Bij het werken op hellingen
altijd opletten dat u stabiel staat
altijd dwars ten opzichte van de helling maaken, nooit omhoog of omlaag
■ niet maaien op helling van meer dan 20
■ Wees zeer voorzichtig bij het keren
■ Enkel bij voldoende daglicht of kunstmatige verlichting werken
■ Lichaam, ledematen en kleding uit de buurt van het mes houden
■ Landspecifieke voorschriften voor de tijd van het gebruik in acht nemen
■ Gebruiksklaar apparaat niet onbeheerd laten
■ Enkel met scherp mes maaien
■ Apparaat nooit gebruiken met beschadigde veiligheidsinrichtingen / veiligheidsroosters
■ Apparaat nooit zonder volledig gemonteerde veiligheidsinrichtingen gebruiken (bijv.: veiligheidsklep, grasopvangvoorzieningen)
■ Apparaat voor ieder gebruik controleren op beschadigingen, voordat u het apparaat weer in gebruik neemt de beschadigde onderdelen laten vervangen
■ Motor uitzetten, wachten tot het apparaat stilstaat en bougiedop uittrekken
■ als u het apparaat verlaat
■ na het optreden van storingen
■ voor het ontgrendelen van blokkeringen
■ voor het verwijderen van verstoppingen
na het contact met vreemde voorwerpen
- Als storingen en ongewoonlijke trillingen in het apparaat optreden
Zoeken naar beschadigingen aan de grasmaaier en de vereiste reparaties uitvoeren, voordat u de grasmaaier opnieuw start en er mee gaat werken.
■ Bougiedop opsteken en motor starten
na het verhelpen van storingen (zie tabel met storingen) en controle van het apparaat
na het reinigen van het apparaat
■ Het grasvlak dat moet worden gemaaid volledig en nauwkeurig controleren, alle vreemde voorwerpen verwijderen
- Bijzonder goed opletten bij het omkeren van de grasmaaier of wanneer u de grasmaaier naar u toetrekt
■ Niet over hindernissen maaien (bijv. takken, boomwortels)
■ Snijdsel enkel verwijderen bij stilstaande motor

■ Motor / mes uitschakelen, wanneer er over een ander vlak dan het te maaien grasvlak moet worden gereden
■ Apparaat nooit bij draaiende motor optillen of dragen
■ Bij het vullen met benzine of motorolie niet eten of drinken
■ Benzinedampen niet inademen
■ Beweeg het apparaat stapvoets voort.
■ Controleer voor het gebruik of alle moeren, schroeven en bouten vastzitten
Montage
Meegeleverde montagehandleiding in acht nemen.

Let op!
Het apparaat mag pas na volledig te zijn gemonteerd gebruikt worden.
Tanken
Voor de ingebruikname moet u de grasmaaier voltanken.

Waarschuwing - Brandgevaar!
Benzine en olie zijn zeer licht ontvlambaar!

Steeds de bijgeleverde gebruiksaanwijzing van de motorfabrikant in acht nemen.
Verbruiksstoffen
| Benzine Motorolie | ||
| Soort normale | benzine / loodvrij | zie de aanwijzingen van de motorfabrikant |
| Vulhoeveelheid | zie de aanwijzingen van de motorfabrikant | ca. 0,6 l |
Veiligheid

Waarschuwing!
Motor niet in afgesloten ruimten laten lopen. Vergiftigingsgevaar!
■ Benzine en olie enkel in daarvoor bestemde reservoirs bewaren
■ Benzine en olie enkel bij koude motor en buiten vullen of aftappen
■ Bij draaiende motor geen benzine of olie vullen
■ Tank niet te vol vullen (benzine zet uit)
■ Tijdens het tanken niet roken
■ De tankdop niet bij draaiende of warme motor openen
■ Beschadigde tank of tankdop vervangen
■ Tankdop altijd stevig vastdraaien
■ Als er benzine gemorst is:
Motor niet starten
Startpogingen vermijden
Apparaat reinigen
■ Als er motorolie gemorst is:
Motor niet starten
■ Uitgestroomde motorolie met oliebindmiddel of een lap opzuigen en juiste wijze afvoeren
Apparaat reinigen

Oude olie mag u
■ niet bij het afval voegen
■ in de riolering, de afvoer of op de grond uitgieten
Wij adviseren u om de afgewerkte olie in een gesloten tankje af te geven bij het recyclingcentrum of bij een klantenservice locatie.
Benzine vullen
- Tankdop afschroeven, op een schone plek leggen.
- Benzine met een trechter vullen.
- Vulopening van de tank stevig sluiten en reinigen.
Motorolie vullen
- Olievuldop afschroeven, dop op een schone plek leggen.
- Olie met een trechter vullen.
- Olievulopening stevig sluiten en reinigen.
Ingebruikname

Let op!
Met een loszittend, of versleten snijmechanisme, en/of loszittende onderdelen, mag het apparaat niet gebruikt worden!
Voor iedere ingebruikname moet u een visuele controle uitvoeren.

Het camerasymbool op de volgens pagina's wijst op de afbeeldingen op pagina 4–7.
Snijhoogte instellen

Let op! - Gevaar voor letsel!
Snijhoogte enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verstellen.

- Altijd alle wielen op dezelfde snijhoogte instellen.
- Snijhoogteverstelling is afhankelijk van het model.
Centrale verstelling (1)
- Knop van de centrale hoogteverstelling ingedrukt houden (1/1).
■ Voor kort gras de handgreep van de centrale hoogteverstelling omlaag duwen (1/2)
■ Voor langer gras de handgreep van de centrale hoogteverstelling omhoog duwen (1/2)
- Het niveau van de centrale hoogteverstelling wordt weergegeven (1/3)
- Knop op de gewenste snijhoogte loslaten.
Asverstelling of centrale verstelling (2, 3)
-
Hendel voor de ontgrendeling opzij duwen en vasthouden.
-
Hendel naar links of rechts naar de gewenste snijhoogte schuiven.
-
Hendel laten vergrendelen.
-
Op gelijke vergrendelpositie bij alle wielen letten.
Snel verstellen van apart wiel of asverstelling (4)
- Hendel voor de ontgrendeling opzij duwen en vasthouden.
- Hendel naar links of rechts naar de gewenste snijhoogte schuiven.
- Hendel laten vergrendelen.
- Op gelijke vergrendelpositie bij alle wielen letten.
Verstelling apart wiel (C)
- Wielschroef losdraaien.
- Wielschroef door het gat voor de gewenste snijhoogte steken.
- Wielschroef vastdraaien.
- Op gelijke gatpositie bij alle wielen letten.
Centrale asverstelling (C)
- Beide duimen op de uiteinden van de as leggen.
- Vinger onder de maaierbehuizing leggen.
- As met beide duimen uit momentele kerf voor de snijhoogte trekken.
- As met beide duimen vóór de gewenste kerf voor de snijhoogte trekken en laten vergrendelen.
- Op gelijke vergrendelpositie bij alle wielen letten.
Maaien met grasopvangbox

Let op! - Gevaar voor letsel!
Grasopvangbox enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verwijderen of monteren.
- Veiligheidsklep optillen en grasopvangbox in de houders hangen (8).
Vulstandindicatie
De vulstandindicatie wordt door de luchtstroom tijdens het maaien omhoog geduwd (7a).
Wanneer de grasopvangbox vol is, ligt de vulstandindicatie tegen de box ( 7b). De grasopvangbox moet worden geleegd.
Grasopvangbox leegmaken
- Veiligheidsklep optillen.
- Grasopvangbox eruit hangen en naar achteren toe verwijderen (8).
- Grasopvangbox leegmaken.
- Veiligheidsklep optillen en grasopvangbox weer in de houders hangen (8).
Maaien zonder grasopvangbox

Let op!
Enkel bij goed werkende draaiveer van de veiligheidsklep zonder grasopvangbox maaien.
De veiligheidsklep ligt met veerkracht tegen de behuizing van de grasmaaier. Het gemaaide gras wordt zo naar achteren uitgeworpen.
Mulchen met mulchkit (optie)
Bij het mulchen wordt het snijdsel niet opgevangen, maar blijft liggen op het gazon. De mulchlaag beschermt de bodem tegen uitdrogen en verzorgt deze met voedingsstoffen.
De beste resultaten worden bereikt wanneer regelmatig ca. 2 cm wordt teruggesneden. Enkel jong gras met zachte bladeren verrotten snel.
■ Grashoogte vóór het mulchen: maximaal 8 cm
■ Grashoogte na het mulchen: minimaal 4 cm

Stapsnelheid aanpassen aan het mulchen, niet te snel gaan.
Mulchkit inzetten

Let op! - Gevaar voor letsel!
Mulchkit enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes inzetten of verwijderen.
- Grasopvangbox afnemen ( 8).
- Veiligheidsklep optillen en mulchkit in de uitwerpschacht plaatsen (9). Vergrendeling moet vastklikken.

Wanneer de mulchkit niet vastklikt, kunnen mulchkit en mes worden beschadigd.
Mulchkit verwijderen
- Veiligheidsklep optillen.
- Vergrendeling aan mulchkit losmaken ( 10/1).
- Mulchkit eruit trekken ( 10/2).
Maaien met zijuitworp (optie)

Let op! - Gevaar voor letsel!
Zijuitworp enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verwijderen of monteren.
Zijuitworp inzetten
- Grasopvangbox verwijderen en mulchkit erin zetten.
- Afdekking voor zijuitworp openklappen en vasthouden (11/1).
- Zijuitwerpkanaal inzetten ( 11/2).
- Afdekking langzaam sluiten. De afdekking beveiligt het zijuitwerpkanaal tegen eruit vallen.
Zijuitworp verwijderen
- Afdekking voor zijuitworp openklappen en vasthouden (11/1).
- Zijuitworp verwijderen en afdekking sluiten (11/2).
Greephoogte instellen (optie)
Knopverstelling
- Beide knoppen aan de duwbeugel ingedrukt houden en de gewenste positie instellen (12/1).
- Knoppen loslaten, zodat de duwbeugel kan vastklikken.
Klemverstelling
- Beugel vasthouden en beide klemmen losmaken (12/2).
- Beugel in de gewenste positie zetten.
- Klemmen sluiten.
Motor starten

Let op! - Vergiftigingsgevaar!
Motor niet in afgesloten ruimten laten lopen.

Let op! - Gevaar voor letsel!
Apparaat tijdens het starten niet kantelen.

- Motor enkel starten als het mes is gemonteerd (mes dient als rotatiemassa)
- Bij het starten van de warme motor choke of primerknop NIET gebruiken
- Regelaarinstellingen aan de motor niet wijzigen
■ Apparaat niet starten, wanneer het uitwerpkanaal niet door één van de volgende onderdelen is afgedekt:
grasopvangbox
veiligheidsklep
mulchkit
■ Goed opletten bij het bedienen van de startschakelaar en de aanwijzingen van de fabrikant opvolgen
■ Erop letten dat er voldoende afstand is tussen de voeten en het snijgereedschap
■ Apparaat in laag gras starten
Positiontekens op het apparaat:
| Choke* aan uit | |
| Snelheidsregelaar* start stop | |
| Snelheidsregelaar met choke* | |
| Varioaandrijving* snel langzaam | |
| Meskoppeling* aan uit |
* afhankelijk van de uitvoering
Handmatig starten
zonder snelheidsregelaar, met choke
| Choke aanuit | ![]() |
- Choke in stand 1 zetten (16/1).
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam laten oprollen (18).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15–20 seconden) de choke in stand 2 zetten (13/2).

De motor heeft een vast toerental. U kunt het toerental daarom niet regelen.
zonder snelheidsregelaar, met primer (16)
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (16). Bij temperaturen onder 10 °C de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam laten oprollen (18).

De motor heeft een vast toerental. U kunt het toerental daarom niet regelen.
zonder snelheidsregelaar, zonder primer/choke
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam laten oprollen (18).

De motor heeft een vast toerental. U kunt het toerental daarom niet regelen.
met snelheidsregelaar, met choke
| Snelheidsregelaar met choke | ![]() |
- Gashendel in stand zetten ( 14/1).
- Veiligheidsbeugel naar de beugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam laten oprollen (18).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15–20 seconden) gashendel op een stand zetten tussen en (14/2).
met snelheidsregelaar, zonder primer/choke
| Snelheidsregelaar start stop | ![]() |
- Gashendel in stand zetten (201).
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam laten oprollen (18).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15–20 seconden) gashendel op een stand zetten tussen en (-20).
met snelheidsregelaar, met primer (16)
Snelheidsregelaar start stop

- Gashendel in stand zetten (2014).
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (16). Bij temperaturen onder 10 °C de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel uittrekken en vervolgens weer langzaam laten oprollen (18).
- Op het moment dat de motor draait, gashendel voor het gewenste motortoerental op een stand tussen en zetten (20)
Elektrische starten (optie)
Elektrische start met primer (16)
- Gashendel in stand „START“ zetten ( 15/1).
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (16). Bij temperaturen onder 10 °C de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Contactsleutel in het contactslot steken en helemaal naar rechts draaien (19).
- Op het moment dat de motor draait, contactsleutel loslaten (springt terug in de stand „0“).
- Gashendel afhankelijk van het gewenste motortoerental in een stand tussen en zetten (15/2).
Elektrische start zonder primer/choke (15)
- Gashendel in stand „START“ zetten ( 15/1).
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Contactsleutel in het contactslot steken en helemaal naar rechts draaien (19).
- Op het moment dat de motor draait, contactsleutel loslaten (springt terug in de stand „0“).
- Gashendel afhankelijk van het gewenste motortoerental in een stand tussen en zetten (15/2).
Meskoppeling (optie)
Meskoppeling aan uit


Met de meskoppeling kan het mes in- en uitgekoppeld worden, terwijl de motor blijft draaien.
Mes inkoppelen
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) – Veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Koppelingshendel van het lichaam af schuiven (21/1)
- Mes wordt ingekoppeld.
Mes uitkoppelen.
- Veiligheidsbeugel loslaten ( 25).
- Mes wordt uitgekoppeld.
- Koppelingshendel gaat naar de ruststand (21/2).
Motor uitzetten
Apparaat zonder meskoppeling
- Gashendel in stand 📄 zetten (20/2).
- Veiligheidsbeugel loslaten ( 25).
- Motor schakelt uit.

Let op ernstige snijwonden!
Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controleren of de motor stilstaat.
Apparaat met meskoppeling
Meskoppeling aan uit


- Veiligheidsbeugel loslaten ( 25).
- Gashendel in stand 📧 zetten (20/2).
- Motor schakelt uit.

Let op ernstige snijwonden!
Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controleren of de motor stilstaat.
Wielaandrijving (optie) (2)

Let op!
Aandrijving enkel bij draaiende motor schakelen.
Wielaandrijving inschakelen.
- Aandrijfbeugel tegen de duwbeugel duwen en vasthouden (22) – aandrijfbeugel klikt niet vast.
- Wielaandrijving wordt ingeschakeld.
Wielaandrijving uitschakelen
- Aandrijfbeugel loslaten ( 24).
- Wielaandrijving wordt uitgeschakeld.
Varioaandrijving (Speed Control) (optie)
Varioaandrijving snel langzaam


Met de varioaandrijving kan de rijsnelheid van de grasmaaier traploos worden gewijzigd.

Let op!
Hendel enkel bij draaiende motor bedienen. Schakelen zonder motoraandrijving kan het aandrijfmechanisme beschadigen.
■ Voor een hogere snelheid de henden (23) in de richting (3/2) trekken
■ Voor een lagere snelheid de henden (23) in de richting (3/1) trekken

Rijsnelheid altijd aanpassen aan de actuele toestand van de bodem en het gras.
Onderhoud en reiniging

Let op! - Gevaar voor letsel!
- Voor onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd de eerst de motor uitschakelen en de bougiedop eruit trekken.
- Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controleren of de motor stilstaat.
- Bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden aan het mes altijd werkhandschoenen dragen!
■ Grasopvangvoorziening regelmatig controleren op goede werking en slijtage
■ Het apparaat na ieder gebruik reinigen
■ Apparaat niet met water schoonspuiten. Indringend water kan tot storingen leiden (ontstekingssysteem, carburateur)
■ Mes regelmatig controleren op beschadigingen
■ Defecte geluidsdempers altijd vervangen
Grasmaaier kantelen
Afhankelijk van de motorproducent moet:
■ de carburateur / het luchtfilter naar boven wijzen (26)
■ de bougie naar boven wijzen (27)

Bedieningshandleiding van de motorproducent in acht nemen!
Mes bijslijpen / vervangen
■ Stomp of beschadigd mes enkel bij een servicepunt of een geautoriseerd vakbedrijf laten slijpen / vervangen
■ Bijgeslepen messen moeten uitgebalanceerd zijn
Niet uitgebalanceerde messen veroorzaken sterke trillingen en beschadigen de grasmaaier.

Let op!
Startaccu opladen (optie)
De startaccu is onderhoudsvrij en wordt normaliter door de grasmaaier geladen.
In uitzonderingsgevallen moet de accu door de gebruiker worden geladen:
■ Voordat de grasmaaier voor het eerst in gebruik wordt genomen
Bij een lege accu, voor de winterpauze of na langere stilstandstijden (> 6 maanden)
Werkwijze voor het opladen:
- Lader uit het accuhuis nemen.
- Accukabel van de motorkabel losmaken ( 28).
- Accukabel met laderkabel verbinden ( 29).
- Lader aan het stroomnet aansluiten. De spanning van het stroomnet moet overeenkomen met de bedrijfsspanning van de lader.
De laadtijd bedraagt ca. 36 uur.
Enkel de meegeleverde originele lader gebruiken.

Let op!
- Startaccu enkel in droge, goed geventileerde ruimtes laden.
- Grasmaaier tijdens het laden niet aanzetten.
Motoronderhoud
Motorolie verversen
- Een geschikte bak klaarzetten om de olie op te vangen.
- Olie via de olievulopening volledig laten uitstromen of afzuigen.

De afgewerkte motorolie op een milieuvriendelijke manier afvoeren!
Wij adviseren u om de afgewerkte olie in een gesloten tankje af te geven bij het recyclingcentrum of bij een klantenservice locatie.
Afgewerkte olie moet u
- niet bij het afval voegen
- niet in de riolering of afvoer gieten
- niet op de grond uitgieten
Luchtfilter vervangen
■ Aanwijzingen van de motorproducent in acht nemen.
Bougie vervangen
■ Aanwijzingen van de motorproducent in acht nemen.
Wielaandrijving (optie)
Bowdenkabel instellen
Wanneer de wielaandrijving bij draaiende motor niet meer kan worden in- of uitgeschakeld moet de betreffende bowdenkabel worden bijgesteld.

Let op!
Bowdenkabel enkel bij uitgeschakelde motor verstellen.
- Het verstelstuk aan bowdenkabel in de richting van de pijl draaien (30).
- Voor het controleren van de instelling de motor starten en de wielaandrijving inschakelen.
- Wanneer de wielaandrijving nog steeds niet werkt, moet de grasmaaier naar een servicepunt of een geautoriseerd vakbedrijf worden gebracht.
Aandrijfwiel met olie insmeren
■ Aandrijfwiel op de aandrijfas van tijd tot tijd insmeren met spuitolie

De aandrijving van de wielaandrijving is onderhoudsvrij.
Opslag

Let op! - Explosiegevaar!
Apparaat niet bij open vuur of warmtebronnen opslaan.
■ Motor laten afkoelen
■ Om bij het opslaan plaats te besparen kunt u de duwbeugel inklappen (31, 32)
■ Apparaat droog en op een voor kinderen niet toegankelijke plaats opslaan
■ Startaccu vorstvrij opslaan
■ Startaccu van tijd tot tijd bijladen
■ Benzinetank legen
■ Bougiedop eruit trekken
Reparaties
Reparatiewerkzaamheden mogen enkel worden uitgevoerd in servicepunten en geautoriseerde vakbedrijven.
Afvoer

Apparaten, batterijen of accu's die niet meer worden gebruikt niet bij het huisvuil gooien!
Verpakking, apparaat en accessoires zijn gemaakt van recyclebare materialen en moeten ook als zodanig worden afgevoerd.
Hulp bij storingen

Let op!
Mes en motoras mogen niet worden uitgelijnd.
| Storing Oplossing | |
| Motor slaat niet aan • Benzine | vullen• Gashendel op „start“ zetten• Choke inschakelen• Motorschakelbeugel naar de duwbeugel duwen• Bougie controleren, indien nodig vervangen• Luchtfilter reinigen• Maaimes vrijdraaien• Startaccu bijladen• Op gemaaid vlak starten |
| Motorprestatie schiet te kort • | Snijhoogte corrigeren• Maaimes bijslijpen / vervangen• Uitwerpkanaal / behuizing reinigen• Luchtfilter reinigen• Werksnelheid verlagen |
| Niet zuiver maaien • Maaimes | bijslijpen / vervangen• Snijhoogte corrigeren |
| Grasopvangbox vult niet voldoende | • Snijhoogte corrigeren• Gras laten drogen• Maaimes bijslijpen / vervangen• Rooster van de grasopvangbox schoonmaken• Uitwerpkanaal / behuizing reinigen |
| Wielaandrijving werkt niet • Bowdenkabel bijstellen | |
| Wielen draaien niet bij ingeschakelde aandrijving | • Vielschroeven bijdraaien• Wielnaaf defect• V-snaar defect• Werkplaats van klantenservice raadplegen |
| Apparaat trilt buitengewoon sterk | • Maaimes controleren |

Bij storingen die niet in deze tabel zijn beschreven of die u niet zelf kunt verhelpen verzoeken we u contact op te nemen met onze geautoriseerde klantenservice.
In de volgende gevallen is er altijd een inspectie door een vakman nodig:
■ als het tegen een obstakel gereden is
■ als de motor plotseling stilvalt
bij drijfwerkschade
als de V-snaar defect is
als een mes verbogen is
als de motoras is verbogen
EG-conformiteitsverklaring
■ zie montagehandleiding
Garantie
Eventuele materiaal- of fabricagefouten aan het apparaat verhelpen we gedurende de wettelijke termijn voor garantieaanspraken naar onze keuze door reparatie of een vervangende levering. Deze garantietermijn wordt bepaald door de wetgeving in het land, waar het apparaat is gekocht.
Onze garantietoezegging geldt enkel bij: De garantie vervalt bij:
■ correcte behandeling van het apparaat
■ inachtneming van de bedieningshandleiding
■ gebruik van originele reserveonderdelen
■ pogingen tot reparatie van het apparaat
■ technische wijzigingen aan het apparaat
- gebruik dat niet in overeenstemming is met de bestemming (bijvoorbeeld bedrijfsmatig of gemeentelijk gebruik)
Uitgesloten van de garantie zijn:
■ lakschade die is veroorzaakt door normale slijtage
■ slijtageonderdelen, die op de kaart met reserveonderdelen zijn gekenmerkt met de omkadering XXX XXX (X)
■ verbrandingsmotoren – hiervoor gelden de aparte garantiebepalingen van de betreffende motorfabrikant
Bij garantieaanspraken kunt u zich met deze garantieverklaring en het aankoopbewijs wenden tot de distributeur of de bevoegde klantenservice bij u in de buurt. Met deze garantietoezegging blijven de wettelijke aanspraken bij gebreken van de koper tegenover de verkoper onverkort van kracht.











