Pulse 23887 - Drone Revell - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Pulse 23887 Revell in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Pulse 23887 Revell
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Drone in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Pulse 23887 - Revell en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Pulse 23887 van het merk Revell.
GEBRUIKSAANWIJZING Pulse 23887 Revell
Micro-SD-kaart (2GB), USB-kaartlezer
Tarjeta micro-SD (2GB), leclor de tarjetas USB
- Camera met hoge resolutie (1920x1080 pixels)
• LED-verlichting

Veiligheidsaanwijzingen:
Lees de handleiding voor de eerste inbedrijfstelling volledig door en zorg dat u deze begrijpt.
- Dit model is geschikt voor volwassenen en jongeren vanaf 14 jaar. Ouderlijk toezicht is vereist wanneer jongeren met de helikopter vliegen.
- Dit model is geschikt bij droog weer en windstilte in de open lucht.
- Houd de handen, het gezicht en losse kleding uit de buurt van het model wanneer ermee wordt gevlogen.
- Schakel de zender en het model uit wanneer deze niet worden gebruikt.
- Verwijder de batterijen uit de zender wanneer deze niet wordt gebruikt.
- Houd het model steeds in het oog, zodat u er niet de controle over verliest. Als het model onoplettend en zorgeloos wordt gebruikt, kan aanmerkelijke schade het gevolg zijn.
• Bewaar deze handleiding goed.
- Het model mag uitsluitend volgens de aanwijzingen in deze handleiding worden gebruikt.
- Rijd niet met het model in de buurt van personen, dieren, open water en elektriciteitsleidingen.
- Dit model is niet geschikt voor mensen met een lichamelijke of geestelijke beperking. Wij adviseren personen zonder ervaring met modelvoertuigen om het model onder leiding van een ervaren piloot te lieren gebruiken.
- Gebruik een model nooit wanneer u onder invloed bent van drugs of alcohol.
- In zijn algemeenheid moet ervoor worden gezorgd, dat niemand gewond kan raken door de modelauto,
ook als er storingen optreden of de auto defect raakt.
- Het product mag uitsluitend worden gerepareerd of gewijzigd met foegelaten, originele onderdelen. Het model kan anders beschadigd raken of een gevaar vormen.
- Bedien het model, om risico's te voorkomen, altijd in een positie waarvanuit u eventueel snel kunt uitwijken.
Veiligheidsaanwijzingen voor vliegende modellen:
- U neemt met uw vliegmachine deel aan het luchtverkeer. U bent als piloot verantwoordelijk voor uw model, u bent aansprakelijk voor uw model en voor door het gebruik ontstane schade.
- Wanneer u uw vliegmachine commercieel wilt gebruiken, hebt u een opstligvergunning nodig.
- Zorg dat u voor de eerste inbedrijfs-telling vertrouwd bent met de functies van het model.
- Controleer de correcte werking van het product voor elke vlucht.
- Volg de aanwijzingen van de fabrikant altijd op.
- Let altijd op wind, weersomstandigheden en eventuele hindernissen
- U moet bernande vliegtuigen altijd meleen uitwijken en onmiddellijk landen.
- Houd rekening met de privésfeer van anderen: maak geen opnemen van personen zonder hun bestlemming en neem de richtlijnen van de privacybescherming in acht. Opnamen zijn altijd slechts voor privégebruik en mogen niet worden verkocht.
• Vlieg niet over vreemde privéterreinen, samenscholingen van mensen, militaire objecten, ziekenhuizen, energiecentrales, gevangenissen en dergelijke.
• Vlieg niet in de buurt van vliegvelden (<1,5 km).
- Vlieg niet zonder direct visueel contact met het model, het moet zich altijd in direct zicht bevinden. Het is wettelijk verboden een model bijv. aan de hand van slechts een videobeeld te besturen
- Wanneer u zich niet aan deze veiligheidsaanwijzingen houdt, bent u eventueel straibaar!
- Meer informatie en hulp is verkrijgbaar bij de vereniging voor onbemande luchtwaatsystemen "http://www.uavdach.org" - Het is sinds 2005 verplicht verzekerd te zijn voor modellen waarmee buiten wordt gevlogen. Neem hiervoor contact op met de verzekeringsmaatschappij waar u uw particuliere WA-verzekering hebt afgesloten en zorg ervoor dat uw nieuwe en eerdere modellen door deze verzekering worden gedekt. Laat een schriftelijke bevestiging opmaken en bewaar deze goed. Als alternatiel biedt de Deutsche Modelllieger Verband (DMfV, Duitse modelvliegersvereniging) op internet onder www.dmfv.aero een gratis proefidmaatschap aan incl. verzekering.
Veiligheidsaanwijzingen met betrekking tot de zender:
- Voor de zender raden wij het gebruik van alkali-mangaanbatterijen aan. Oplaadbare batterijen (accurulatoren) zijn een milieuvriendelijk alternatief voor wegwerpbatterijen voor deze zender en andere huishoudelijke elektrische apparaten.
- Als de de zender niet goed meer werkt, moeten er nieuwe batterijen worden geplaatst c.q. moeten de batterijen worden opgeladen.
Veiligheidsaanwijzingen m.b.t. batterijen:
- Oplaadbare batterijen moeten voor het laden uit de zender worden verwijderd. - Niet-oplaadbare batterijen mogen niet worden opgeladen.
- Oplaadbare batterijen mogen alleen onder toezicht van volwassenen worden opgeladen.
- Gebruik geen batterijen van verschillende typen of nieuwe en gebruikte batterijen door elkaar.
- Gebruik uitsluitend de aanbevolen batterijen of batterijen van een gelijkwaardig type.
- Plaats batterijen altijd met de polen (1 en -) in de juiste richtino.
- Verwijder legé batterijen uit de zender.
- De aansluitklemmen mogen niet worden kortgesloten.
- Verwijder de batterijen uit de zender en het model wanneer deze langere tijd niet worden gebruikt.
Veiligheidsaanwijzingen bij de lader:
• Niet-oplaadbare batterijen mogen niet worden opgeladen.
- Deze lader is niet geschikt voor kinderen en voor personen met lichamelijke of geestelijke beperkingen of met ontoreikende kennis over en ervaining met laders, behalve onder toezicht van of na vakkundige instructie door een persoon die bevoegd is om de ouderlijke macht uit te defenen.
- Op kinderen moet toezicht worden gehouden - de lader is geen speelgoed!
- Transformatoren, adapters en laders die met het model worden gebruikt, moeten regelmatig worden gecontroleerd op schade aan kabels, stekkers, behuizingen en andere onderdelen. Eventuelle beschadigingen moeten eerst worden gerepareerd voordat de apparaten verder gebruikt morgen worden.
Het model is uitgerust met een LiPo-accu. Neem de volgende veiligheidsaanwijzingen in acht
- Werp LiPo-accu's nooit in het vuur en bewaar ze niet op hete plekken.
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde lader om de accu op te laden. Bij gebruik van een andere lader kan de accu onherstelbaar beschadigd raken; dit kan ook leiden tot schade aan nabunige onderdelen en tot persoonlijk letsel!
- Gebruik nooit een lader voor NiCd-/NiMH-accu's!
- Laad de accu steeds op op een vuurvaste ondergrond en in een brandveilige omgeving.
- Laat de accu niet onbeheerd achter tijdens het laden.
Demonteer de contacten van de accu in geen geval en probeer ze niet aan te passen. Beschadig de cellen van de accu niet en maak ze niet open. Er bestaal ontploffingsgevaar! - Houd de LiPo-accu buiten bereik van kinderen.
- Accu's moeten ontladen zijn of de accucapaciteit moet uitgeput zijn voordaf u ze weggooit. Dék vrijliggende polen af met pläkband om kortsluiting te voorkomen!
Onderhoud en verzorging:
- Neem het model alleen af met een schone, vochtige doek.
- Voorkom blootstelling van model, accu en batterijen aan direct zonlicht en/of directe inwerking van warmte.
- Zoig ervoor dat model, zender en lader nooit met water in contact komen; hierdoor kan de elektronica-beschadigd raken.
Wijzigingen in techniek en kleur voorbehouden!
Benodigde accu voor de
quadrocopter:
Voeding: =
Nominaal vermogen: DC 7,4 V / 4,51 Wh Accu: 1 x oplaadbare LiPo-accu
van 3.7 V (inbegrepen)
Capaciteit: 610 mAh
Benodigde batterijen/accu's voor
de zender:
Voeding: =
DC 6 V
Batterien: 4 x 1.5 V AAA"
(niet meegeleverd)

USB-lader:
Voeding: =
DC 5 V via een USB-poort met voeding van 500 mA of meer
Nominaal vermogen: 5 V / 500 mA max.
1 QUADROCOPTER
1A Rotors
1B Motor
1C Landingspoot
1D Obiectiel
1E Aansluitkabel
1F Accuvak
1G MicroSD-kaartsleul
1H USB-aansluiting (alleen voor service)
2 ZENDER
2A Regelaar voor liftkracht en draaling
2B Trimregeling voor draating
2D Trimregeling voor voor-/achteruit
2E Trimregeling voor zijwaarts
2F Regelaar voor voor-/achteruit en zijwaarts
2G Display
2H Borgschroel van de batterijvakaldekking
21 Batterijvakafdekking
2J Knop voor Return to Home-functie
2K Foto-/videoknop
2L Borgschroel van het batterijvak
2MBatterijvak
3 DISPLAY VAN DE ZENDER
3A Satellietindicatie
3B Aantal satellieten
3C Batterijniveau zender
3D Videosymbol
3E Fotosymbool
3F Accutoestand model
3G "Kijkrichting" van het model in graden (N-0°, 0-90°, S-180°, W-270°)
3K Vlieghoogte van het model (ten op zichte van het startpunt)
3L Symbol "Hoogte"
3M Afstand van het model (ten opzichte van het startpunt)
4A Schroef de afdekking los en verwijder deze.
4B Plaats 4 AAA-batterijen van 1,5 V. Let op de juiste richting van de polen, zoals aangegeven in het batterijvak.
4C Sluit de afdekking van het batterijvak en schroef hem vast.
5 HET MODEL OPLADEN
Let op: vóór het opladen en na elke vlucht moeten de accu en de motoren steeds 15 tot 30 minuten afkoelen, anders kunnen deze onderdelen beschadigd raken. Bij het laden moet steeds toezicht worden gehouden. Laad de accu steeds op op een vuurvasie ondergrond en in een brandveilige omgeving.
• Koppel de accu van het model los en schakel de zender uit.
- Trek de accu uit het accucompartiment (niet aan het snoer vasthouden!).
- Sleek de wilte slekker van de accu in de aansluiting van de lader, let daarbij op de juiste poolrichting. De accu moet gemakkelijk in de laadaansluiting kunnen worden gestoken - FORCEER HEM NIEI. Als de accu niet op de juiste wijze in de laadaansluiting wordt gestoken, kan de accu beschadig raken en kan in sommige gevallen risico op lichamelijk letsel ontstaan. De lader knippeit.
- Het laden begint automatisch en moet steeds in de gaten worden gehouden. Tijdens het laden knippert de led op de lader langzaam. (Als de led op de lader snel knippert, is er sprake van een storing. Onderbreek het laden dan onmiddellijkt!) Wanneer het laden is voltooid, gaat de led op de lader continu branden.
• Koppel na het laden de accu los van de lader en trek de lader uit de USB-poort.
Na een laadtijd van 80 minuten kan de quadrocopter ca. 10-12 minuten vliegen.
Waarschuwing: De accu wordt gewoonlijk niet warm tijdens het laden. Als de accu heet wordt en/ol er veranderingen aan het oppervlak te zien zijn, moet het laden onmiddellijk worden afgebroken!
6 KEUZESCHAKELAAR MODE 1 EN MODE 2
De zender kan worden omgeschakeld tussen Mode 1 (liftkracht/draaien met de rechterknuppel, voor-/achteruit en zijwaarts vliegen met de linkerknuppel) en Mode 2 (liftkracht/draaien met de linkerknuppel, voor-/achteruit en zijwaarts vliegen met de rechterknuppel).
- Zet de ON/OFF-schakelaar van de zender (2C) op „OFF“.
•VoorMODE 2 (6A):
- Druk beide regelaars naar de linker bovenhoek, houd ze daar en schakel de zender in.
- Beweeg beide regelaars driemaal helemaal in een cirkel en druk daarna één van de trimrégelaars gedurende ca. 2 seconden in tot de zender eenmaal piept.
•VoorMODE 1 (6B):
- Druk de linkerregelaar naar de linkerbovenhoek en de rechterregelaar naar de rechterbovenhoek. Houd ze daar en schakel de zender in.
- Beweeg beide regelaars driemaal helemaal in een cirkel en druk daarna één van de trimregelaars gedurende ca. 2 seconden in tot de zender eenmaal piept.
7 STARTVOORBEREIDING (MODE 2)
Houd u bij het inschakelen beslist aan de volgorde! Schakel bij het uitschakelen altijd eerst het model en daarna de zender uit. Ga naar buiten: de GPS van uw model heeft satellietontvangst nodig.
- Zet de ON/OFF-schakelaar van de zender (2C) op „ON”.
- Schuif de accu in het accuvak (1F). Steek de accukabel in de aansluitkabel van het model. De ledlampjes op het model beginnen te knipperen.
- Op de display verschijnt na korte tijd de melding "Set Compass 1" - de gyroscopen van het model moeten worden gekalibreerd (7A).
- Draai het model om zijn hoogteas, met de klok mee, en houd het daarbij zo horizontaal mogelijk (7B); zet het model het liefst op een gladde vloer of een tafel en draai het model zonder het op te tillen tot op de display "Set Compass 2" wordt aangegeven (7C).
- Houd het model horizontaal, met de camera naar beneden, en draai het tegen de klok in (7D), tot de melding "Set Compass 2" verdwijnt. Het kalibreren is nu voltooid.
- Zet het model op de grond met de achterzijde in uw richting. Wacht tot het model zes of meer satellieten gevonden heeft, zie de betrellende indicatie op de display (3A). Schakel nu de motoren in door de twee regelaars op de zender naar beneden en naar buiten te drukken (7E). Laat zodra de motoren lopen de regelaars los. Het model is nu klaar om op te stijgen.
Druk de regelaars opnieuw naar buiten en naar beneden om de motoren te stoppen. Let op! Eerst landen!
Let op! Zet het model beslist op een horizontaal oppervlak;
de stuurelektronica bepaalt de neutrale stand aan de hand van de ondergrond!
UITSCHAKELEN:
haal de accukabel uit de aansluiting van het model. 7et de ON/OFF-schakelaar van de zender op "OFF".
8 HET MODEL MET DE ZENDER KOPPELEN
Het model is in de fabriek al gekoppeld aan de zender. Ga als volgt te werk als de verbinding moet worden hersteld:
- Koppel de accu los van het model en schakel de zender uit.
- Houd de foto-/videoknop ingedrukt en schakel de zender in.
• Leg de zender naast het model. - Steek de accukabel in de aansluiting van het model.
Wanneer het model eenmaal piept, zijn het model en de zender gekoppeld.
9 ZENDER KALIBREREN
Als het model bij het vliegen afdrijft of maar moeilijk getrimd kan worden, probeer dan om de zender te kalibreren.
Mode 1: de linkerregelaar naar linksboven, de rechterregelaar naar rechtsboven en houden en de zender inschakelen. Beweeg beide regelbaars drie keer in een cirkel rond en druk aansluitend een van de trimknoppen gedurende 2 seconden in. Als de zender piept is de kalibratie algesloten.
Mode 2: Houd beide regelaars naar linksboven gedrukt en schakel de zender in. Beweeg beide regelaars drie keer in een cirkel rond en druk aansluitend een van de trimknöppen gedürende 2 seconden in. Als de zender piept is de kalibratie algesloten.
10 TRIMMEN VAN DE BESTURING
Voor een goed vlieggedrag van het model moet de besturing juist zijn getrimd. Het afstellen van de trim is eenvoudig, maar er is wel wat geduld en gevoel voor vererst. Neem de volgende aanwijzingen in acht: Beweeg de liftkrachtregelaar voorzichtig naar boven en laat het model opsligen tot een hoogle van 0,5 à 1 meter.
10A Als het model vanzelf snel of langzaam naar links of rechts beweegt...
drukt u de trimregelaar voor zijwaarts vliegen (2E) een aantal maal in de
legenovergestelde richting.
10B Als het model vanzelf snel of langzaam om zijn as draait...
drukt u de trimregelaar voor draaling (2B) in de tegenovergestelde richting.
10C Als het model vanzelf snel of langzaam naar voren of naar achteren beweegt...
drukt u de trimregelaar voor vooruit/achteruit vliegen (2D) een aantal maal in de legenovergestelde richting.
10D Instellen van de besturing: Door de regelaar voor voor-/achteruit en zijwaarts vliegen (2A) in te drukken kan de gevoeligheid van de besturing worden ingesteid op een van twee niveaus (Noimaal en Expert).
Let op! Schakel pas over naar een moeilijker niveau wanneer u het vliegen in het voorgaande niveau goed beheerst!
11 BESTURING (MODE 2)
Opmerking: Voor een rustig vlieggedrag van het model hoeven de regelaars maar minimaal te worden bewogen! De richtingsindicaties hebben betrekking op de vliegrichting terwijl het model van achteren wordt gezien. Als het model naar de pilbot toe vliegt, moet in de betreffende tegenovergestelde richting worden gestuurd.
11A Beweeg de regelaar voor liftkracht/draaien voorzichtig naar voren om op te stijgen of hoger te gaan vliegen.
11B Beweeg de regelaar voor liftkracht/draaien naar achteren om te landen of lager te gaan vliegen.
11C Beweeg de regelaar voor voor- en achteruit en zijwaarts vliegen voorzichtig naar voren om vooruit te vliegen.
11D Trek de regelaar voor voor- en achteruit en zijwaarts vliegen voorzichtig naar achteren om achteruit te vliegen.
11E Beweeg de regelaar voor voor- en achteruit en zijwaarts vliegen voorzichtig naar links om naar links te vliegen.
11F Beweeg de regelaar voor voor-/achteruit en zijwaarts vliegen voorzichtig naar rechts om naar rechts te vliegen.
11G Beweeg de liftkracht-/draalingsregelaar naar links om het model linksom te laten draaien.
11H Beweeg de liitkracht-/draaiingsregelaar0 naar rechts om het model rechtsom te laten draaien.
HEADLESS MODE
Wanneer de Headless Mode is geactiveerd, reageert het model op stuurcommando's alsof de achterkant van het model steeds naar de piloot wilst, onafhankelijk van de werkelijke orientatie van het model. Zo kunt u dus 'normaal' sturen zonder de richtingen in uw hoofd om te hoeven draaien.
De Headless Mode kan worden in- en uitgeschakeld door de regelaar voor voor-/achteruit en zijwaarts vliegen (2F) in te drukken.
Let op: Voor een correcte werking moet de Headless Mode worden ingeschakeld terwijl de achterzijde van het model precies naar de piloot wijst.
GPS RETURN-TO-HOME FUNCTIE
Met deze functie keert uw model automatisch terug naar zijn startpositie (de plaats waar u de motoren hebt gestart). Daarbij stijgt resp. daalt het model eerst naar een hoogte van 10 m, waarna het terugkeert naar de startpositie en landt.
Door op de knop van de functie Return-to-Home (2)) te drukken, wordt de GPS-functie Return-to-Home in- resp, uitgeschakeld. Wanneer een van de regelaars 2A of 2F wordt bewogen, wordt de Return to Home-functie beëindigd en kan het model weer normaal worden bestuurd.
Let op! Houd het model steeds in het oog en de zender in de hand: bij eventuele hindemissen moet u op elk moment onmiddellijk kunnen uitwijken. Het is wettelijk verboden om het model alleen op GPS te laten vliegen zonder continue visuele controle door de piloot!!
12 CAMERAFUNCTIE
Het model heeft een camera voor het maken van foto's en video's en een sleuf voor een MicroSD-kaart.
Koppel het model los van de accu voordat u een MicroSD-kaart plaatst of verwijdert.
Als de MicroSD-kaart juist is geplaatst, het model correct is aangesloten en is verbonden met de zender, brandt boven de kaartsleuf (16) een blauwe led.
Foto's: druk kort op de foto-/videoknop om een foto te maken. De zender piept twee-maal, naast de MicroSD-kaartsleuf brandt de led kort rood en het fotosymbool op de display (3E) knippert kort.
Video's: druk lang op de foto-/videoknop om een video op te nemen. De zender piept eenmaal, naast de MicroSD-kaartsleuf knippert de led rood en het videosymbool op de display (3D) knippert kort. Druk nogmaals lang op de foto-/videoknop om de opname te beeindigen.
Opmerking: Tijdens de video-opname kunnen geen foto's worden gemaakt. Volg de aanwijzingen van uw besturingssysteem om de gegevens van de SD-kaart te downloaden.
13 DE PROPELLERS VERVANGEN
Let er bij de montage op, dat u de rotoren niet verwisselt. Ilet model heeft 4 verschillende rotortypen, die herkenbaar zijn aan hun kleur en draairichting. Als de rotoren worden verwisseld kan het model niet vliegen.
13A Rangschikking van de rotoren:
• vooraan links grijs B • vooraan rechts grijs A
achleraan links zwart A achter rechts zwart B
13B Draai de schroel in het midden van de propeller los en haal deze van de as.
13C De as heeft een vlakke kant. De rotor heeft aan de binnenzijde een passende meenemer (zie markering, 11C). Zet de nieuwe rotor zo op de as, dat de markering samenvalt met de vlakke kant. Draai de schroef weer vast.
AANWIJZINGEN VOOR VEILIG VLIEGEN
ALGEMENE VLIEGTIPS:
- 7et het model altijd op een vlakke ondergrond. Een schuin vlak kan het startgedrag van het model onder bepaalde omsfandigheden negatief beïnvloeden.
- Beweeg de regelaars altijd langzaam en met gevoel.
- Houd het model altijd in het oog, kijk niet naar de zender!
- Beweeg de liftkrachtregelaar weer een beetje naar beneden zödra het model loskomt van de grond. Pas de stand van de liftkrachtregelaar aan om de vlieghoogte te handhavén.
- Beweeg de liftkrachtregelaar iets naar boven als het model teveel daalt.
-
Beweeg de liltkrachtregelaar weer iets naar beneden als het model teveel stijgt.
-
Het is vaak al genoeg om de richtingsregelaar een heel klein beetje in de gewenste richting te tikken om een bocht te maken. De eerste keren dat met het model wordt gevlogen, heeft men meestal de neiging de regelaars te heftig te bedienen. Beweeg de regelaars altijd langzaam en voorzichtig, in geen geval snel en schokkerig.
- Beginners kunnen na het afstellen van de trim het best eerst de beheersing van de liftkrachtregelaar ofenen. Het model hoelt aanvankelijk niet per se rechtuit te vliegen. Het is beter om eerst te proberen een constante hoogte van ongeveer een meter boven de grond te handhaven door de liftkrachtregelaar steeds kortstondig aan te raken. Oelen daarna pas met het naar links en rechts sturen van het model.
ACCUTOESTAND:
- Wanneer de accu leeg begint te raken, gaan de led's op het model knipperen. Land onmiddellijk om te voorkomen dat de quadrocopter neerslot.
LET OP!
Het is sinds 2005 verplicht verzekerd te zijn voor modelvliegtuigen en -helikopters waarmee buiten gevlogen wordt. Neem contact op met uw aansprakelijkheidsverzekerag en verzeker u ervan, det uw nieuwe en vorige modellen door deze verzekering worden gedekt. Laat een schriftelijke bevestiging opmaken en bewaar deze goed. Als alternatief biedt de Deutsche Modelllieger Verband (DMFV, Duitse modelvliegersverenging) op Internet onder www.dmfv.aero een gratis proefiidmaatschap inclusief verzekering aan.
PROBLEEMOPLOSSING
Probleem: De motoren starten niet.
Oplossing: Het model moet het signaal van ten minste zes satellieten ontvangen voordat de motoren worden gestart.
Probleem: Het model stopt zonder zichtbare oorzaak tijdens de vlucht en verliest hoogte.
Oorzaak: De accu is te zwak.
Oplossing: Laad de accu op.
Probleem: Het model draait alleen nog om zijn hoogteas of slaat bij het starten over de kop.
Oorzaak: Verkeerde volgorde van de propellers.
Oplossing: Propellers monteren als in de handleiding is beschreven (zie punt 13).
Probleem: Het model kan niet worden bestuurd met de zender.
Oorzaak: Het model en de zender zijn niet gekoppeld.
Oplossing: Koppel het model en de zender zoals beschreven onder punt 8.
Meer tips en trucs vindt u op www.revell-control.de.
SERVICEAANWIJZINGEN
Op www.revell-control.de vindt u bestelmogelijkheden en vervangingstips voor reserveonderdelen, alsmede andere nuttige informatie over alle modellen van Revell Control.

www.revell-control.de
23887
.Revel
Control
GPS QUADCOPTER
PULSE
CARACTERÍSTICAS DESTACADAS
Wetgeving voor inzameling van afgedankte elektrische en
elektronische apparatuur: Verwijder allie verbruikte batterijen afzonderlijk. Lever oude elektrische apparaten in bij uw gemeentelijke inzamelpunt voor algedankte elektrische en elektronische apparatuur. De overige onderdelen horen bij het hirsvull. Dank voor uw medewerking!
Let op: Gevaar door hitteontwikkeling en draaiende onderdelen wanneer de auto in gebruik is! De auto mag alleen onder toezicht van volwassenen worden gebruikt
Hiermee verklaart Revell GmbH, dat dit product in overeenstemming is mel de fundamentele eisen en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 1999/5/EC. U kunt de conformiteitsverklaring vinden op www.revell-control.de.