HMT75M551 - Magnetron BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis HMT75M551 BOSCH in PDF-formaat.

Page 55
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL
Inhoudsopgave Klik op een titel om naar de pagina te gaan
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : HMT75M551

Categorie : Magnetron

Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HMT75M551 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HMT75M551 van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING HMT75M551 BOSCH

it Istruzioni per I´uso nl Gebruiksaanwijzing

Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen Aanwijzingen over de afvoer Omvang van de levering Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting Apparaat aansluiten Kennismaking met het apparaat Inschakelen van het apparaat Instellen van de temperatuur Netto-inhoud De koelruimte

55 57 57 58 58 59 60 60 60 61

Superkoelen Uitvoering Sticker „OK” Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen Schoonmaken van het apparaat Verlichting (LED) Energie besparen Bedrijfsgeluiden Kleine storingen zelf verhelpen Zelftest apparaat Servicedienst

nl nlIn houd nlGebuir sakaniwzjni g

Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen Voordat u het apparaat in gebruik neemt Lees de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift nauwkeurig door. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid als de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing niet in acht worden genomen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter.

Technische veiligheid Het apparaat bevat een geringe hoeveelheid van het milieuvriendelijke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installatie niet beschadigd worden. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden. Bij beschadiging ■ Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden; ■ Ruimte gedurende een paar minuten goed luchten; ■ Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken; ■ Contact opnemen met de Servicedienst.

Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. Onvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de bezitter. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen voldoen. Een verlengsnoer voor de aansluitkabel mag uitsluitend via de klantenservice worden aangeschaft.

Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsmaker etc.). Gevaar voor explosie! Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen terechtkomen en kortsluiting veroorzaken. Kans op een elektrische schok!

Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. Hierdoor kunt u de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden. Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Gevaar voor explosie!

Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. niet als opstapje gebruiken of om op te leunen.

Om te ontdooien of schoon te maken: stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel. Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren. Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen en deurdichtingen. Ze kunnen poreus worden. De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken. Personen (inclusief kinderen) met fysieke, sensorische of psychische beperkingen of gebrekkige kennis mogen dit apparaat uitsluitend gebruiken indien ze onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of door deze persoon zijn ingelicht over de wijze waarop het apparaat dient te worden gebruikt.

Kinderen in het huishouden ■

Verpakkingsmateriaal en onderdelen ervan zijn geen speelgoed voor kinderen. Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozen en folie! Het apparaat is geen speelgoed voor kinderen! Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!

Algemene bepalingen Het apparaat is geschikt om levensmiddelen te koelen. Dit apparaat is bestemd voor privégebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving. Het apparaat is ontstoord volgens EU richtlijn 2004/108/EC. Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd. Dit apparaat voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).

Aanwijzingen over de afvoer * Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat De verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. De gebruikte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Help daarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd. U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal van het nieuwe apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijke verwerking.

* Afvoeren van uw oude apparaat Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment – WEEE). Deze richtlijn geeft het kader aan voor een in de EU geldende terugname en verwerking van oude apparaten.

ã=Waarschuwing Bij afgedankte apparaten 1. Stekker uit het stopcontact trekken. 2. Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen. 3. Legplateaus en voorraadvakken niet eruit halen om het kinderen moeilijk te maken erin te klimmen! 4. Laat kinderen niet met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar! Koelapparaten bevatten koelmiddel en in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijke afvoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport niet beschadigd worden.

Omvang van de levering Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade. Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze klantenservice. De levering bestaat uit de volgende onderdelen: ■ Vrijstaand apparaat ■ Uitrusting (modelafhankelijk) ■ ■ ■ ■ ■ ■

Gebruiksaanwijzing Montagevoorschrift Klantenserviceboekje Garantiebijlage Informatie over energieverbruik en geluiden Zakje met montagemateriaal

Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting

Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklasse geconstrueerd. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.

Na het plaatsen van het apparaat moet u minimaal 1 uur wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteem terecht komt. Vóór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat”).

De klimaatklasse staat op het typeplaatje, afb. ,.

Elektrische aansluiting

Omgevingstemperatuur

SN N ST T Toelaatbare omgevingstemperatuur +10 °C tot 32 °C +16 °C tot 32 °C +16 °C tot 38 °C

+16 °C tot 43 °C Aanwijzing Het apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5 °C.

Beluchting Afb. 3 De lucht aan de achterwand en aan de zijwanden van het apparaat wordt verwamd. De verwarmde lucht moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden. Anders moet de koelmachine meer presteren waardoor het energieverbruik toeneemt. De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!

Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn. Het apparaat voldoet aan beschermklasse I. Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd 220–240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact moet zijn beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A. Bij apparaten die in niet Europese landen worden gebruikt op het typeplaatje controleren of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet. U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb. ,

ã=Waarschuwing Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers. Voor onze apparaten kunnen netvoedingsinverters en sinusinverters worden gebruikt. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben, moet een sinusinverter worden gebruikt.

Afb. 1 * Niet bij alle modellen. 1-4 5 6 7 8 9 10 11 12 13

Bedieningselementen Verlichting (LED) Glasplaat Dooiwaterafvoergootje Groentelade met beluchting Schroefvoetjes Boter en kaasvak * Eierrekje* Voorraadvak in de deur Vak voor grote flessen

Bedieningselementen Afb. 2

Kennismaking met het apparaat

Toets Aan/Uit Om het apparaat in en uit te schakelen. Temperature display De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de koelruimte in °C. Indicatie superkoelen

brandt, als het superkoelsysteem is ingeschakeld. Temperatuurinsteltoets

De laatste bladzijde met de afbeeldingen uitklappen. Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan één type van toepassing. De uitrusting van de modellen kan variëren. Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zijn mogelijk.

Met deze toets wordt de temperatuur ingesteld.

Inschakelen van het apparaat Afb. 2 Het apparaat met de insteltoets 1 inschakelen. De temperatuurindicatie 2, geeft de ingestelde temperatuur aan. Het apparaat begint te koelen, de verlichting is ingeschakeld wanneer de deur open is. Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. Vóór die tijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen.

Aanwijzingen bij het gebruik ■

Terwijl de koelmachine loopt, vormen zich dooiwaterdruppels of een laagje rijp op de achterwand van de koelruimte. U hoeft de dooiwaterdruppels niet af te wissen of de rijp af te schrapen. De achterwand wordt automatisch ontdooid. Het dooiwater loopt via het afvoergootje naar de koelmachine, waar het verdampt. Bij een hoge luchtvochtigheid kan zich condenswater vormen in de koelruimte, vooral op glazen legplateaus. Als dit het geval is, dient u de levensmiddelen verpakt te bewaren en een lagere koelruimtetemperatuur te kiezen.

Instellen van de temperatuur Koelruimte Afb. 2 Temperatuur-insteltoets 4 net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de koelruimte is ingesteld. De laatst ingestelde waarde wordt in het geheugen opgeslagen. De ingestelde temperatuur wordt op indicatie 2 aangegeven. Wij adviseren een temperatuurinstelling van +4 °C voor de koelruimte. Gevoelige levensmiddelen niet warmer dan bij +4 °C bewaren.

Netto-inhoud De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat. Afb. ,

De koelruimte is de ideale bewaarplaats voor klaargemaakte gerechten, brood en banket, conserven, gecondenseerde melk, harde kaas, koudegevoelig fruit en groente en voor zuidvruchten.

Aanwijzing Bewaar bovenaan in de deur bijv. kaas en boter. Tijdens het serveren behoudt de kaas zijn aroma en de boter blijft smeerbaar. Bewaar in de groentelade fruit en groente die gevoelig is voor kou.

Attentie bij het inruimen: De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur, kleur en versheid behouden. Bovendien wordt voorkomen dat de levensmiddelen naar elkaar gaan smaken en de kunststof onderdelen verkleuren. Aanwijzing Voorkom dat de levensmiddelen de achterwand raken. Anders wordt de luchtcirculatie verminderd. Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen.

Let op de koudezones in de koelruimte! Door de luchtcirculatie in de koelruimte verschillen de koudezones: ■

De koelste zone bevindt zich tussen de aan de zijkant afgebeelde pijl en de glasplaat eronder. Afb. 4 Aanwijzing In de koudste zones gevoelige levensmiddelen opslaan zoals vis, worst en vlees.

De warmste zone bevindt zich bovenaan in de deur en in de groentelade.

Superkoelen Tijdens het superkoelen wordt de koelruimte ca. 15 uur zo koud mogelijk gekoeld. Hierna wordt automatisch omgeschakeld naar de vóór het superkoelen ingestelde temperatuur. Het superkoelsysteem inschakelen bijv.: ■

Vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen.

Om dranken snel te koelen.

Aanwijzing Als het superkoelsysteem is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.

In- en uitschakelen Afb. 2 De temperatuurinsteltoets 4 meermaals indrukken, tot de indicatie super 3 brandt.

U kunt de legplateaus en de deurvakken naar wens verplaatsen:

(niet bij alle modellen) Met de „OK”-temperatuurcontrole kunnen temperaturen onder +4 °C worden geregistreerd. Stel de temperatuur trapsgewijs kouder in als de sticker niet „OK” aangeeft.

Daartoe het legplateau uittrekken, vooraan optillen en verwijderen. Afb. 5 Vakken in de deur iets optillen en eruit halen. Afb. 6

Speciale uitvoering (niet bij alle modellen) Groentelade met vochtigheidsregelaar Afb. 7 Om een optimaal klimaat voor het bewaren van groente, salade en fruit te scheppen, kan de luchtvochtigheid in de groentelade worden geregeld afhankelijk van de te bewaren hoeveelheid. Kleine hoeveelheden levensmiddelen – Regelaar naar rechts schuiven. Grote hoeveelheden levensmiddelen – Regelaar naar links schuiven. Flessenrek Afb. 8 A/B In de flessenrek kunnen flessen veilig worden bewaard. De houder is variabel. Flessenhouder Afb. 9 De flessenhouder voorkomt dat de flessen kantelen bij het openen en sluiten van de deur.

Aanwijzing Bij ingebruikneming van het apparaat kan het tot 12 uur duren voor de temperatuur is bereikt.

Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen Uitschakelen van het apparaat Afb. 2 Toets Aan/Uit 1 indrukken. De temperatuurindicatie gaat uit en de koelmachine wordt uitgeschakeld.

Buiten werking stellen van het apparaat Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt: 1. Uitschakelen van het apparaat. 2. Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen. 3. Schoonmaken van het apparaat. 4. Deur van het apparat open laten.

Schoonmaken van het apparaat

Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten. Geen schuursponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan. De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasmachine gereinigd worden. Ze kunnen vervormen!

U gaat als volgt te werk: 1. Vóór het schoonmaken het apparaat uitschakelen. 2. Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen! 3. Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel. Het sop mag niet in de verlichting terechtkomen. 4. Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven. 5. Het sop mag niet via het afvoergaatje in het verdampingsgedeelte terechtkomen. 6. Na het schoonmaken apparaat weer aansluiten en inschakelen.

Uitvoering Voor het reinigen kunnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd. Glasplateaus eruit halen Afb. 5 Daartoe het plateau uittrekken, vooraan optillen en verwijderen. Legplateaus uit de deur nemen Afb. 6 Legplateaus optillen en verwijderen. Dooiwatergoot Afb. * De dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig reinigen met wattenstaafjes o.i.d., zodat het dooiwater goed kan weglopen. Reservoir verwijderen Afb. + Reservoir tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.

Verlichting (LED) Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting. Reparaties aan deze verlichting mogen alleen door de Servicedienst of een erkend vakman worden uitgevoerd.

Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis. Gebruik eventueel een isolatieplaat. Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen! Deuren van het apparaat zo kort mogelijk openen! Om een verhoogd stroomverbruik te vermijden, dient de achterkant van het apparaat af en toe gereinigd te worden. Indien aanwezig: Wandafstandhouder monteren om de geplande energieopname van het apparaat te bereiken (zie montagehandleiding). Een kleinere afstand tot de muur heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De energieopname kan dan wel iets veranderen. De afstand van 75 mm mag niet worden overschreden.

Bedrijfsgeluiden Heel normale geluiden Brommen De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator). Borrelen, zoemen of gorgelen Koelmiddel stroomt door de buizen. Klikgeluiden Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.

Voorkomen van geluiden Het apparaat staat niet waterpas Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat. Het apparaat staat tegen een ander meubel of apparaat Het apparaat van het meubel of apparaat ernaast wegschuiven. Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. Flessen of serviesgoed raken elkaar De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.

Kleine storingen zelf verhelpen Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept: Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen. Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen! Storing

De temperatuur wijkt erg af van de instelling.

Oplossing In sommige gevallen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minuten uit te schakelen. Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is. Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren.

Geen enkele indicatie brandt.

Stroomuitval; de zekering is uitgeschakeld; de stekker zit niet goed in het stopcontact.

Stekker in het stopcontact steken. Controleer of er stroom is. Controleer de zekeringen.

De verlichting functioneert niet.

De LED verlichting is kapot.

Zie hoofdstuk „Verlichting (LED)”.

De deur stond te lang open. De verlichting wordt na ca. 10 minuten uitgeschakeld.

Na het sluiten en openen van de deur brandt de verlichting weer.

De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.

Het dooiwatergootje en het afvoergaatje schoonmaken (zie „Schoonmaken van het apparaat”). Afb. *

De bodem van de koelruimte is nat.

In de koelruimte is het De temperatuur is te te koud. koud ingesteld.

Temperatuur warmer instellen.

Het apparaat koelt niet, de temperatuurindicatie en de verlichting branden.

Het presentatielicht is ingeschakeld.

Temperatuur-insteltoets afb. 2/4 gedurende 10 seconden ingedrukt houden tot een bevestigingssignaal te horen is. Na een tijdje controleren of het apparaat koelt.

De koelmachine wordt De deur van steeds vaker en langer het apparaat werd ingeschakeld. te vaak geopend.

Deur van het apparaat niet onnodig openen.

De be en Afdekkingen verwijderen. ontluchtingsopeningen zijn afgedekt.

Het apparaat beschikt over een automatisch zelftestprogramma dat de oorzaken van storingen aangeeft die alleen door de Servicedienst verholpen kunnen worden.

Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.) en het FD-nummer (FD) van het apparaat op.

Zelftest starten 1. Apparaat uitschakelen en 5 minuten wachten. 2. Apparaat inschakelen en binnen de eerste 10 seconden de temperatuurinsteltoets, afb. 2/4, gedurende 3–5 seconden ingedrukt houden, tot de koelruimtetemperatuurindicatie 2 °C gaat branden. Het zelftestprogramma start wanneer de temperatuurindicaties na elkaar gaan branden. Wanneer het apparaat na korte tijd de voor de zelftest ingestelde temperuur aangeeft, is het in orde. Als de indicatie super gedurende 10 seconden knippert, is er sprake van een fout. Neem contact op met de klantenservice.

U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb. , Door deze nummers aan de Servicedienst door te geven voorkomt u onnodig heen en weer rijden van de monteur en de hieraan verbonden kosten. En de hieraan verbonden kosten.

Verzoek om reparatie en advies bij storingen De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen. NL B

088 424 4010 070 222 141

Zelftest apparaat beëindigen Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.