BFR7221B1 - Magnetrons BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BFR7221B1 BOSCH in PDF-formaat.
| Producttype | Inbouw magnetron |
| Merk | Bosch |
| Model | BFR7221B1 |
| Voeding | 230 V / 50 Hz, stekker met beschermingsgeleider |
| Microgolfvermogen | 90 W, 180 W, 360 W, 600 W, Boost (max. 30 min) |
| Inhoud compartiment | Ongeveer 21 L (schatting) |
| Minimale inbouwhoogte | 850 mm |
| Inbouwbreedte | 560-568 mm |
| Inbouwdiepte | Ongeveer 380 mm (schatting op basis van maten) |
| Gewicht | Ongeveer 25 kg (schatting) |
| Display | Touchscreen met digitale instelring |
| Hoofdfuncties | Alleen microgolf, Geprogrammeerde gerechten, Timer, Startuitstel, QuickStart |
| Veiligheid | Kinderbeveiliging, automatische uitschakeling bij openen deur, vergrendeling bediening |
| Deuropening | Automatisch met knop |
| Reinigingshulp | Verdampingsfunctie om reiniging te vergemakkelijken |
| Materialen | Roestvrijstalen front, deurglas |
| Energie-efficiëntieklasse (lichtbron) | D |
| Repareerbaarheid | Reserveonderdelen beschikbaar via klantendienst, vervanging mogelijk door gekwalificeerd personeel |
| Meegeleverde accessoires | Niet gespecificeerd (waarschijnlijk geen) |
| Land van herkomst | Duitsland (merk) |
Veelgestelde vragen - BFR7221B1 BOSCH
Gebruikersvragen over BFR7221B1 BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetrons in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BFR7221B1 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BFR7221B1 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING BFR7221B1 BOSCH
[nl] Gebruikershandleiding en in- Magnetron 136 stallatie-instructies
Inhaltsverzeichnis
1 Sicherheit .... 3
1.1 Algemene aanwijzingen ..... 137
1.2 Bestemming van het apparaat 137
1.3 Inperking van de gebruikers 138
1.4 Veiliger gebruik 138
1.5 Magnetron 141
2 Materiële schade vermijden ... 144
2.1 Algemeen 144
2.2 Magnetron 144
3 Milieubescherming en bespa- ring .... 145
3.1 Afvoeren van de verpakking 145
4.5 Verwarmingsmethoden en functies 146
4.6 Binnenruimte 147
4.7 Condenswater 147
4.8 Apparaatdeur 147
5 Voor het eerste gebruik ..... 147
5.1 Eerste gebruik 148
5.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt 148
6 De Bediening in essentie ..... 148
6.1 Apparaat inschakelen 148
6.2 Apparaat uitschakelen 148
6.3 In werking stellen 148
6.4 Werking onderbreken 148
6.5 Werking afbreken 148
7 Magnetron 148
7.1 Magnetronvermogen 148
7.2 Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron 149
7.3 Vormen testen op hun magnetronbestendigheid 150
7.4 QuickStart 150
7.5 Magnetron instellen 150
7.6 Magnetronvermogen wijzi- gen 151
7.7 Tijdsduur wijzigen 151
7.8 Gerechten nagaren 151
7.9 Werking onderbreken 151
7.10 Werking afbreken 151
8 Gerechten 152
8.1 Aanwijzingen bij de instellingen voor gerechten 152
8.2 Programma instellen 152
8.3 Overzicht van de gerechten . 153
9 Tijdfuncties 154
9.1 Tijdsduur instellen 154
9.2 Eindtijd instellen 155
9.3 Timer instellen 156
10 Kinderslot 156
10.1 Kinderslot activeren ..... 156
10.2 Kinderslot deactiveren ..... 156
11 Basisinstellingen 156
11.1 Overzicht van de basisinstel- lingen 157
11.2 Basisinstellingen wijzigen ... 157
11.3 Tijd wijzigen 158
12 Reinigingsondersteuning .... 158
12.1 Reinigingsondersteuning in- stellen 158
13 Reiniging en onderhoud ..... 158
13.1 Reinigingsmiddelen 158
13.2 Apparaat reinigen 159
13.3 Binnenruimte reinigen ..... 159
13.4 Ruiten van de deur schoon- maken 159
13.5 Deurafdichting reinigen ..... 160
13.6 Voorzijde van het apparaat reinigen 160
13.7 Bedieningspaneel reinigen 160
14 Storingen verhelpen .... 160
15 Afvoeren 163
15.1 Afvoeren van uw oude appa- raat 163
16 Servicedienst 163
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) ..... 163
17 Zo lukt het 163
17.1 Zo kunt u het best te werk gaan 164
17.2 Ontdooien, verwarmen en ga- ren met de magnetron ..... 164
17.3 Opwarmen 168
17.4 Bereiden 170
17.5 Testgerechten 172
18 Montagehandleiding 173
18.4 Elektrische aansluiting ..... 175
18.5 Inbouw in bovenkast ...... 175
18.6 Inbouw in een hoge kast .... 176
18.7 Apparaat inbouwen 176
18.8 Bij gREEploze keuken met verticale greeplijst: 177
18.9 Apparaat demonteren ..... 178

Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
■ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
■ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la- ter gebruik of voor volgende eigenaren.
■ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van opstelling.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
■ om voedsel en dranken te bereiden.
■ onder toezicht. Houd kortstondige kookprocessen ononderbroken in het oog.
In het huishouden en soortgelijke toepassingen zoals bijvoorbeeld: in keukens voor medewerkers in winkels, kantoren en an-
nl Veiligheid
dere commerciële omgevingen, in boerderijen; van klanten in hotels en andere verblijven, in bed and breakfasts.
■ tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau.
Dit apparaat voldoet aan de norm EN 55011 resp. CISPR 11. Het is een product van groep 2, klasse B. Groep 2 betekent dat er microgolven worden geproduceerd om levensmiddelen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishou-delijk gebruik.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkin-gen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe-zicht staan of zijn geïinstrueerd in het veilige gebruik van het appa-raat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het ap- paraat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.4 Veiliger gebruik
Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schui- ven.
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
▶ Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Accessoires of vormen worden zeer heet.
- Neem hete accessoires en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden. - Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
▶ De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
nl Veiligheid
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warm-tebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
▶ Neem contact op met de klantenservice. → Pagina 163
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden. - Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
1.5 Magnetron
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ZORGVULDIG LE-ZEN EN VOOR HET VERDERE GEBRUIK BEWAREN
Oneigenlijk gebruik van het apparaat is gevaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarmde pantoffels, granen- pittenkussens kunnen bijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten.
- Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat.
- Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen.
- Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken.
Levensmiddelen en de verpakkingen ervan kunnen ontbranden.
- Nooit levensmiddelen opwarmen in verpakkingen die bestemd zijn om ze warm te houden.
- Levensmiddelen nooit zonder toezicht verwarmen in voorwerpen van kunststof, papier of ander brandbaar materiaal.
- Bij de magnetron nooit een te groot vermogen of te lange tijdsduur instellen. Houd u aan de opgaven in deze gebruiksaanwijzing.
- Nooit levensmiddelen drogen met de magnetron.
- Levensmiddelen die weinig water bevatten, zoals bijv. brood, nooit met een te hoog magnetronvermogen of gedurende een te lange tijd ontdooien of verwarmen.
- Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met de magnetron.
Vloeistof of andere voedingsmiddelen in dicht afgesloten vormen kunnen gemakkelijk exploderen.
- Nooit vloeistof of andere voedingsmiddelen verhitten in dicht afgesloten vormen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken.
nl Veiligheid
- Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
- Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, to-maten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
De warmte wordt niet gelijkmatig verdeeld in de babyvoeding.
▶ Warm nooit babyvoeding op in gesloten verpakkingen.
- Verwijder altijd het deksel of de speen.
▶ Na het verwarmen goed roeren of schudden.
- Voordat de voeding aan het kind wordt gegeven dient de temperatuur te worden gecontroleerd.
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen.
- Houd altijd de opgaven op de verpakking aan.
- Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
▶ De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan.
Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.

Ongeschikte vormen kunnen barsten. Vormen van porselein en keramiek kunnen kleine gaatjes hebben in de handgrepen en deksels. Achter deze gaatjes bevindt zich een holle ruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kan dit barsten veroorzaken in de vormen.
- Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron. Bij gebruik van de magnetronfunctie kunnen vormen van metaal of vormen met metalen coating leiden tot het ontstaan van vonken. Het apparaat wordt dan beschadigd.
- Gebruik nooit metalen vormen bij gebruik van uitsluitend de magnetron.
- Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Het apparaat werkt met hoogspanning.
- Nooit de behuizing verwijderen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op ernstig tot dodelijk letsel!
Gebrekkige reiniging kan het oppervlak van het apparaat vernietigen, de gebruiksduur verkorten en tot gevaarlijke situaties leiden, zoals bijvoorbeeld naar buiten komende magnetronenergie.
- Het apparaat regelmatig schoonmaken en resten van voedingsmiddelen direct verwijderen.
- Kookcompartiment, deurafdichting, deur en scharnier altijd schoon houden.
→ "Reiniging en onderhoud", Pagina 158
Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnen- ruimte of deurdichting beschadigd is. Er kan energie van de mi- crogolven naar buiten komen.
- Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnenruimte, de deurafdichting of de kunststof omlijsting van de deur beschadigd is.
▶ Alleen door de servicedienst laten repareren.
Bij apparaten waarvan de behuizing niet is afgedekt komt energie van microgolven vrij.
- De afdekking van de behuizing nooit verwijderen.
- Neem voor onderhouds- of reparatiewerkzaamheden contact op met de klantenservice.
2 Materiële schade vermijden
2.1 Algemeen
LET OP
Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ontvlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afval- len. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de on- derdruk die ontstaat kan de binnen- ruimte naar binnen sterk vervormen.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Veeg het condenswater na elk bereiding af.
▶ Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte.
▶ Bewaar geen gerechten in de binnenruimte.
Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.
- Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.
- Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of laten steunen.
2.2 Magnetron
Volg deze aanwijzingen op wanneer u de magnetron gebruikt.
LET OP
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Aluminium schalen in het apparaat kunnen vonken veroorzaken. Door de vonken die ontstaan wordt het apparaat beschadigd.
- Gebruik geen vormen van aluminium in het apparaat.
Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.
- Start nooit de magnetron zonder dat er zich etenswaar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte serviestest vormt hierop een uitzondering.

De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn direct na elkaar met een te hoog magnetronvermogen kan leiden tot beschadiging van de binnenruimte.
- Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdere minuten afkoelen.
- Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in.
- Gebruik maximaal 600 Watt.
- Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpak- king
De verpakkingsmaterialen zijn milieu-vriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Twee kopjes met vloeistof tegelijkertijd opwarmen.
- Het opwarmen van meerdere gerechten tegelijkertijd vraagt minder energie dan het verwarmen van meerdere gerechten na elkaar.
Het display in de basisinstellingen uitschakelen.
√ Het apparaat spaart energie in stand-by.
Opmerking: Het display vermindert de helderheid in stand-bystand automatisch in stand 1.
4 Uw apparaat leren kennen
4.1 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

Display met instelring
Via het display stelt u met behulp van de digitale instelring het apparaat in.

U ziet de actuele instelwaarden, keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten.
→ "Touch-display", Pagina 146
Touchvelden

Met de tiptoetsen stelt u de verschillende functies direct in.
→ "Touchvelden", Pagina 145
4.2 Touchvelden
Touch-velden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen het betreffende veld selecteren.
Tiptoets Functie
| Apparaat in- of uitschake- len.→ "De Bediening in es- sentie", Pagina 148 | |
| Directe toegang tot de magnetron→ "Magnetron", Pagina 148 | |
| Een instelling teruggaan. | |
| Tiptoets Functie | |
| start stop | Werking starten of onderbreken.→ "De Bediening in es-sentie", Pagina 148 |
| ☒ | Timer selecteren. |
| ∞ | Kinderslot activeren of deactiveren. |
| △ | Apparaatdeur openen |
| ☐ | Functiekeuze-menu openen. |
4.3 Touch-display
In het touchdisplay ziet u de keuze-mogelijkheden en de instellingen bij de actuele functie.
Om een van de punten uit te kiezen op het betreffende tekstveld tippen.
Digitale instelring
Met de digitale instelring van buiten rond het display verandert u de instelwaarden.
Wanneer u bij een instelling de minimale of maximale waarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het display staan. Draai indien nodig de waarde met de instelring weer terug. Door langzame bewegingen met de vingers kunnen waarden met de instelring nauwkeurig worden ingesteld. Bij tijdinstellingen kunt u ook direct het punt op de instelring selecteren, dat overeenkomt met het gewenste aantal minuten en uren, bijv. onder drukken voor 30 minuten/seconden.
Instelgebied
In het midden van het display is het instelbereik.
In het instelbereik ziet u actuele keuzemogelijkheden en reeds uitgevoerde instellingen.
Het menu en andere instelmogelijkheden zijn horizontaal gerangschikt. Keuzelijsten bij functies zijn verticaal gerangschikt. Om in het instelbereik te bladeren, veegt u over het display. Druk om een functie te kiezen, op die functie op het display.
Mogelijke symbolen in het instelbereik
| Sym-bool | Betekenis |
| √ | Instelwaarde bevestigen. |
| ○ | Instelwaarde resetten. |
| ^ | Tijdens het gebruik instel-waarde wijzigen. |
- Bij een stroomuitval werkt de automatische deuropening niet. U kunt de deur met de hand openen.
- Als u de apparaatdeur tijdens het gebruik opent, wordt de werking onderbroken.
- Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking niet automatisch voortgezet. Start de werking.
- Als het apparaat langere tijd is uitgeschakeld, dan gaat de apparaatdeur bij het indrukken van de deu-openingstotes open met een kleine vertraging.
4.5 Verwarmingsmethoden en functies
Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij uitleg over de verschillen en toepassingen.
Naam Vermogen/standen
Magnetron 90/180/360/600/ "boost"
Gebruik
Voor het ontdooien, bereiden en verwarmen van gerechten en vloeistoffen. "Magnetron", Pagina 148
Gerechten Voor vele gerechten zijn er voorgeprogrammeerde instellingen.
Reiniging Reinigingsfunctie voor de binnenruimte kiezen. "Reinigingsondersteuning", Pagina 158
Basisinstellingen Basisinstellingen aanpassen.
"Basisinstellingen", Pagina 156
4.6 Binnenruimte
Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.
Verlichting van de binnenruimte
Wanneer u de apparaatdeur opent, gaat de verlichting van de binnenruimte aan. Wanneer de apparaatdeur langer dan ca. 15 minuten is geopend, dan schakelt de verlichting van de binnenruimte uit.
Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting van de binnenruimte aan als het programma loopt. Wanneer het gebruik eindigt, gaat de verlichting van de binnen- ruimte uit.
Koelventilator
De koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. Warme lucht komt vrij via de ventilatiesleuven boven de apparaatdeur.
LET OP
Door het afdekken van de ventilatie-sleuven raakt het apparaat oververhit.
Dek de ventilatiesleuven niet af.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na ge-
bruik sneller afkoelt. Wanneer het apparaat in de magnetronfunctie wordt gebruikt, blijft het apparaat koud, de koelventilator schakelt niettemin in. De koelventilator kan blijven draaien, ook wanneer het gebruik van de magnetron reeds is beëindigd.
4.7 Condenswater
Bij het bereiden kan in de binnen- ruimte en op de deur van het apparaat condensvorming optreden. Condens is normaal en heeft geen invloed op de werking van het apparaat. Veeg na het bereiden het condens af.
4.8 Apparaatdeur
De apparaatdeur kunt u met openen. Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Wanneer de apparaatdeur weer is gesloten, kunt u het gebruik met hervatten.
5 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
5.1 Eerste gebruik
U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uitvoeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.
Eerste keer in gebruik nemen
- Schakel het apparaat in met ⏻
√ De eerste instelling verschijnt. - Druk wanneer het nodig is de instelling te veranderen, op een waarde in de lijst of wijzig de waarde met de instelring.
Mogelijke instellingen: - Taal
-
Tijd
-
Druk op √en ga naar de volgende instelling.
-
De instellingen doorlopen en wijzigen indien gewenst.
- Na de laatste instelling verschijnt een aanwijzing op het display dat de instellingen afgesloten zijn.
5.2 Het apparaat reinigen voor- dat u het voor het eerst ge- bruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- Zorg ervoor dat er zich in de binnenruimte geen verpakkingsresten, toebehoren of andere voorwerpen bevinden.
- De gladde oppervlakken in de binnenruimte met een zachte, vochtige doek reinigen.
▶ Op ⏻drukken.
√ Het apparaat is klaar voor gebruik.
6.2 Apparaat uitschakelen
▶ Op ⏻drukken.
√ Het apparaat breekt de lopende functies af.
√ Het display geeft gedurende enkele minuten de tijd aan.
6.3 In werking stellen
▶ Op start stop drukken.
6.4 Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op
start
stop.
√ De werking wordt onderbroken. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op start stop.
√ De werking wordt voortgezet.
6.5 Werking afbreken
▶ Op ⏻drukken.
√ Het apparaat breekt de lopende functies af.
7 Magnetron
Met de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen of ontdooien.
7.1 Magnetronvermogen
Hier vindt u een overzicht van de magnetronvermögens en een aanbeveling voor het gebruik ervan.
| Magnetronvermogen in Maximale duur in uur Gebruik watt | |
| 90 W 1:30 Gevoelige gerechten ont- | dooien. |
| 180 W 1:30 Gerechten ontdooien en | verder bereiden. |
| 360 W 1:30 Vlees en vis bereiden of | gevoelige gerechten op-warmen. |
| 600 W 1:30 Gerechten verwarmen en | bereiden. |
| boost 0:30 Vloeistoffen verwarmen. | |
Opmerkingen
- Ter bescherming van het apparaat wordt het maximale vermogen van de magnetron "boost" gedurende de eerste minuten trapsgewijs tot 600 W gereduceerd. Het maximale vermogen is na een afkoelperiode weer beschikbaar.
- De magnetronvermogens komen niet overeen met het daadwerkelijke opgenomen vermogen van het apparaat.
7.2 Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron
Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het apparaat niet te beschadigen, dient u geschikte vormen en accessoires te gebruiken.
Opmerking: Voordat u vormen voor de magnetron gebruikt dient u de informatie van de fabrikant in acht te nemen. Voer bij twijfel een serviestest uit.
Geschikt voor de magnetron
Servies Toelichting
Vormen van hitte- Deze materialen en magnetronbe- laten microgolven
Servies Toelichting
| stendig materiaal:■ Glas■ Glaskeramiek■ Porselein■ Temperatuurbestendige kunststof■ Volledig gegla-zuurd kera-miek zonder barsten | door. Microgolven beschadigen hitte-bestendige vor-men niet. |
| Bestek van me-taal | Opmerking: Om kookvertraging te voorkomen kunt u metalen bestek gebruiken, bijv. een lepel in een glas. |
LET OP
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de bin-
nl Magnetron
nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Niet geschikt voor de magnetron
| Servies Toelichting | |
| Vormen van me-taal | Metaal laat geen microgolven door. De gerechten war-men nauwelijks op. |
| Servies met goud- of zilverde-cor | Microgolven kun-nen gouddecor en zilverdecor be-schadigen.Tip:Wanneer door de fabrikant wordt gegaran-deerd dat de vorm geschikt is voor de magne-tron, kunt u de vorm gebruiken. |
7.3 Vormen testen op hun magnetronbestendigheid
Controleer m.b.v. een serviestest of vormen geschikt zijn voor de magnetron. Het apparaat mag alleen bij een serviestest met gebruik van de magnetronfunctie zonder gerechten worden gebruikt.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanra- ken.
-
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
-
De lege vorm in de binnenruimte plaatsen.
-
Het apparaat gedurende 12 - 1 minuut op het maximale magnetron-vermogen instellen.
-
In werking stellen.
- De vorm meerdere keren controle- ren:
- Wanneer de vorm koud of handwarm is, dan is deze geschikt voor de magnetron.
- Wanneer de vorm heet is of er vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan niet geschikt voor de magnetron.
7.4 QuickStart
- Druk op ≈
- Start de werking met start stop
- Het vooringestelde magnetronvermogen wordt gedurende 1 minuut gestart.
Opmerking: De voorinstelling van het magnetronvermogen kunt u wijzigen in de basisinstellingen. → Pagina 156
7.5 Magnetron instellen
Opmerking
Zorg voor de juiste omgang met de magnetron:
■ De veiligheidsaanwijzingen in acht nemen. → Pagina 141
- De aanwijzingen voor het vermijden van materiële schade in acht nemen. → Pagina 144
- De aanwijzingen voor magnetron-bestendige vormen en accessoires in acht nemen.
-
Druk in het menu op "Magnetron". ▶ Of kies direct de magnetron met de tiptoets ≈
-
Druk op het magnetronvermogen in Watt.
-
Stel het magnetronvermogen in met de instelring.
-
Druk in het display op √om het magnetronvermogen te bevestigen
-
Druk op Ⓤ"Tijdsduur".
Voor gebruik van de magnetron is altijd een tijdsduur nodig.
- Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutendisplay "m" of secondendisplay "s".
- De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
-
Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met ⚙
-
Druk om de ingestelde tijdsduur te bevestigen op √in het display.
-
Start de werking met start stop
- De magnetron start en de tijdsduur loopt af. Bij het maximale magnetronvermogen "boost" geeft het display de vermogensreductie aan.
- Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- Wanneer de tijdsduur is verstreken:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met ⏻ wanneer het gerecht klaar is.
- Droog de binnenruimte.
Tip: Om uw apparaat optimaal te gebruiken, kunt u zich aan de informatie in de insteladviezen oriënteren.
→ "Zo lukt het", Pagina 163
7.6 Magnetronvermogen wijzigen
U kunt het magnetronvermogen tijdens het gebruik wijzigen.
-
Druk op
-
Op het ingestelde magnetronvermogen drukken.
-
Stel het magnetronvermogen in met de instelring.
-
Op √drukken.
7.7 Tijdsduur wijzigen
-
Druk op ^.
-
Druk op de ingestelde "Tijdsduur".
-
Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s".
- De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
-
Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met
-
Op √drukken.
7.8 Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
-
Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
-
Stel de gewenste duur in. → "Tijdsduur instellen", Pagina 154 Met ∅kunt u de ingestelde duur resetten.
-
Druk op √
-
Start de werking met start stqp
7.9 Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op start stop.
- De werking wordt onderbroken.
- Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op start stop.
√ De werking wordt voortgezet.
7.10 Werking afbreken
▶ Op ⏻drukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
8 Gerechten
Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
8.1 Aanwijzingen bij de instel- lingen voor gerechten
Om een optimaal bereidingsresultaat te behalen volgt u deze aanwijzingen op:
- Gebruik alleen levensmiddelen van onberispelijke kwaliteit.
- De levensmiddelen uit de verpakking nemen en afwegen. Wanneer u het exacte gewicht op het apparaat niet kunt instellen, dan rondt u het gewicht naar boven af.
- Gebruik uitsluitend voor magnetron geschikte vormen, bijv. van glas of keramiek.
- Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnenruimte.
Ontdooien
- De levensmiddelen vlak en verdeeld in porties bij -18°C invriezen en bewaren.
- Leg de diepvriesproducten op een vlakke vorm, bijvoorbeeld een glazen of porseleinen bord.
- Het kan zijn dat levensmiddelen na beëindigen van het programma nog niet volledig zijn ontdooid. De levensmiddelen kunnen echter goed verder worden verwerkt.
- Laat de ontdooide voedingsproducten nog 10 tot 30 minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt.
- Bij het ontdooien van vlees of ge-vogelte ontstaat vloeistof. Verwijder bij het keren de vloeistof. De vloei-
stof verder niet gebruiken of met andere levensmiddelen in contact laten komen.
■ Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen.
- Gevogelte in zijn geheel eerst met de borstzijde en stukken gevogelte eerst met de kant van het vel op de vorm leggen.
Groente
■ Verse groente: in stukken van gelijke grootte snijden. Voeg per 100 g één eetlepel water toe.
- Diepvriesgroente: alleen geblancheerde, niet voorgekookte groente is geschikt. Diepvriesgroente met roomsaus is niet geschikt. 1 tot 3 eetlepels water toevoegen. Bij spinazie en rode kool geen water toevoegen.
Aardappelen
- Aardappels om te koken: snijd deze in stukken van gelijke grootte. Voeg per 100 g twee eetlepels water en een beetje zout toe.
- Aardappels in de schil: gebruik aardappels van gelijke grootte. Wassen en meerdere gaatjes in de schil prikken. Aardappelen nog vochtig in een vorm zonder water doen.
Rijst
- Gebruik geen zilvervliesrijs of rijst in kookzakjes.
- Twee tot twee en een half keer de hoeveelheid water bij de rijst doen.
8.2 Programma instellen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Gerechten".
- Een programma selecteren.
-
Druk op het vooringestelde gewicht.
-
Stel het gewenste gewicht in met de bedieningsring.
- Bevestig het gewicht met √
- Stel de eindtijd in wanneer een eindtijd is gewenst.
▶ Druk op "Einde".
▶ Stel de gewenste tijd in.
▶ Bevestig de eindtijd met √
- De gerechten in de binnenruimte plaatsen.
- Sluit de deur van het apparaat.
- Op start stop drukken.
√ Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
Opmerking: Bij vele programma's verschijnen tijdens de bereiding aanwijzingen op het display. Volg deze aanwijzingen op.
Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
- Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
- Stel de gewenste duur in.
→ "Tijdsduur instellen", Pagina 154 Met ∅kunt u de ingestelde duur resetten.
- Druk op √
- Start de werking met start step
Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op start stop.
- De werking wordt onderbroken.
- Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op start stop.
- De werking wordt voortgezet.
Werking afbreken
▶ Op ⏻drukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
8.3 Overzicht van de gerechten
| Gerecht Geschikte levensmiddelen Gewichts- | bereikin kg | Vormen/Toebehoren | |
| Brood ontdooien1 | Brood, heel, rond of langwer-pig, brood in sneetjes, cake,gistgebak, vruchtengebak,taart zonder glazuur, slagroomof gelatine | 0,20-1 | Vlakke open vorm |
| Vlees ontdooien1 | Braadstukken, platte stukkenvlees, kip, gehakt | 0,20-2 | Vlakke open vorm |
| Vis ontdooien1 | Hele vis, visfilet, viskotelet 0,10-1 | Vlakke open vorm | |
| Groente, vers2 | Bijv. bloemkool, broccoli, wor-telen, koolrabi, prei, paprika,courgette | 0,15-1 | Gesloten vorm |
| Groente, diepvries1 | Bijv. bloemkool, broccoli, wor-telen, koolrabi, rode kool, spi-nazie | 0,15-1 | Gesloten vorm |
| Rijst1 | Rijst met lange korrel 0,05-0,3 | Hoge, geslotenvorm | |
| Gekookte aardappelen1 | Aardappels met of zonder schil, aardappelpartjes even groot | 0,20-1 | Gesloten vorm |
9 Tijdfuncties
Het apparaat beschikt over tijdfuncties waarmee u de tijdsduur, het einde van het programma en de wekker kunt instellen.
| Tijdfunc-ties | Gebruik |
| Tijdsduur ⒽWanneer u voor de wer-king een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwar-men. | |
| Einde ⒽVoor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waar-op de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de wer-king op het gewenste tijdstip klaar is. | |
| Timer ⒽDe timer kunt u onaf-hankelijk van de wer-king instellen. Deze be-invloedt het apparaat niet. | |
9.1 Tijdsduur instellen
De tijdsduur voor de werking met "boost" kunt u instellen tot 30 minu- ten. De duur voor alle andere stan- den kunt u tot 90 minuten instellen.
Vereiste: Een functie en een stand zijn ingesteld.
- Druk op "Tijdsduur".
- Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s".
√ De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. - Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met ⏻
- Op √drukken.
- Start de werking met start stop
Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
- Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
-
Stel de gewenste duur in. → "Tijdsduur instellen", Pagina 154 Met Ōkunt u de ingestelde duur resetten.
-
Druk op √
- Start de werking met start stop
Tijdsduur wijzigen
U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.
- Druk op "Tijdsduur".
- Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s".
√ De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. - Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met ⚙
- Op √drukken.
Tijdsduur afbreken
U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.
- Druk op de tijdsduur.
- Reset de tijdsduur met ⚙ Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset het apparaat de tijdsduur naar de vooringestelde waarde.
- Druk op √
9.2 Eindtijd instellen
Het tijdstip waarop de tijdsduur van de werking moet zijn afgerond, kunt u tot maximaal 24 uur verschuiven.
Opmerkingen
- Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart.
- Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
-
Een functie en een stand zijn ingesteld.
■ Er is een tijdsduur ingesteld. -
Druk op "Einde".
- Druk om de vooringestelde eindtijd te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. urenaanwijzing h of minutenaanwijzing m.
√ De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. - Stel de eindtijd in met de instelring.
- Op √drukken.
- Druk op start stop
- Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindt zich in de wachtstand.
- Als de starttijd is bereikt, begint de werking en de tijdsduur loopt af.
-
Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beeindigd.
-
Voer wanneer de tijdsduur is verstreken één van de volgende acties uit:
-
Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met ⏻ wanneer het gerecht klaar is.
Eindtijd veranderen
Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt u de ingestelde tijd alleen wijzigen voordat de werking gestart is en de tijdsduur afloopt.
- Druk op "Einde".
- Stel de eindtijd in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met Ⓞ
- Op √drukken.
Eindtijd afbreken
- Druk op "Einde".
nl Kinderslot
- Reset de instelwaarde met
- Op √drukken.
9.3 Timer instellen
De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de wekker tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.
- Druk op 8
- Druk om de timer in te stellen in het display op de betreffende tijdswaarde, bijv. minuten "m" of seconden "s".
- De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
- Stel de timer in met de instelring.
- Reset indien nodig de instelwaarde met ⚙
- Om de timer te starten, op het display op ▷ drukken.
√ De timer loopt af. - Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, dan blijft de timer op het display zichtbaar.
- Als het apparaat is ingeschakeld, staan de instellingen van de lopen-de werking op het display. De timer wordt in de statusindicatie weergegeven.
- Wanneer de timer is verstreken, klinkt een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de timer is beëindigd.
Timer beëindigen
Vereiste: Er klinkt een signaal.
- Op een willekeurig veld drukken.
√ De timer is uitgeschakeld.
Timer wijzigen
U kunt de timer altijd wijzigen.
-
Als de timer op de achtergrond loopt, voordien de timer met 8 selecteren.
-
Druk op 00
- Wijzig de timer met de instelring.
- Bevestig met ▷.
Timer annuleren
U kunt de timer altijd annuleren.
- Als de timer op de achtergrond loopt, voordien de timer met 8 selecteren.
- Druk op 00
- De timer met Oresetten.
10 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.
10.1 Kinderslot activeren
Toets ≈ca. 4 seconden ingedrukt houden.
√ De bedieningselementen zijn geblokkeerd.
- Wanneer een timertijd is ingesteld, dan loopt deze door. Zolang het kinderslot actief is, kunt u de timertijd niet wijzigen. Om geluidssignalen, bijv. na het verstrijken van de timertijd, te beëindigen op een willekeurige toets drukken.
10.2 Kinderslot deactiveren
- De ring 360° draaien.
- Als alternatief de toets ca. 4 seconden ingedrukt houden.
- De bedieningselementen zijn gede- blokkeerd.
11 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
11.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basis-instellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
Opmerkingen
- Wijzigingen van de instellingen van de taal, de sensortoetstoon en de display-helderheid hebben direct effect. Alle andere instellingen zijn pas actief wanneer u de instellingen opslaat.
- Uw wijzigingen van de basisinstellingen blijven ook na een stroom-storing bewaard.
| Basisinstellin-gen | Keuze |
| Taal Zie de selectie op het apparaat | |
| Tijd "Tijd" in het 24 uursformaat | |
Display Keuze
| Helderheid Standen 1 t/m8 ^1 | |
| Tijdsindicatie Aan (deze instelling verhoogt het energieverbruik)■ tijdslimiet ^1 ■ Uit | |
| Tijd Digitaal | ■ ^1 ■ Analoog |
| Afstelling Display horizontaal en verticaalstellen. | |
| Aardewerk Keuze | |
| Toetssignaal Aan | ■ ^1 ■ Uit |
| Aardewerk Keuze | |
| Geluidssignaal Zeer kortKorte duurGem. duur1Lange duur | |
| Instellingen van het apparaat | Keuze |
| Verlichting Aan | 1Uit |
| Magnetronvermo-gen voorinst. | 90 W180 W360 W600 Wboost |
| Personalisering Keuze | |
| Merklogo Display | 1Niet weergeven |
| Werking na in-schakelen | Hoofdmenu1MagnetronGerechten |
| Kinder-slot BeschikbaarGedeactiv. | |
| Fabrieksinstel-lingen | Keuze |
| Fabrieksinstellin-gen | HerstellenAfbreken |
| Apparaat informatie | "Apparaat informatie" weerge-ven |
11.2 Basisinstellingen wijzigen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Basisinstellingen".
- Druk op de gewenste basisinstelling.
- Wijzig de gewenste instellingen op het display.
nl Reinigingsondersteuning
- Keer met terug naar het overzicht of het hoofdmenu.
11.3 Tijd wijzigen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Basisinstellingen".
- Druk op de basisinstelling "Tijd".
- Het display toont de ingestelde waarde.
- Stel de uren in met de instelring.
- Druk op de minuten.
- Stel de minuten in met de instelring.
- Op √drukken.
- Keer met terug naar het overzicht of het hoofdmenu.
12 Reinigingsondersteuning
De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
LET OP
Het apparaat kan beschadigd raken door een ondeskundige reiniging.
- Nooit vloeistof in het kookcompartment gieten.
12.1 Reinigingsondersteuning instellen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Reiniging".
- Volg de aanwijzingen op het display.
- Druk op start stop
√ Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
- Volg de aanwijzingen op het display.
13 Reiniging en onder- houd
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
13.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen.
⚠ WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedruk-reiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Gebruik geen scherpe of schuren-de reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen harde schuursponsjes of afwassponsjes.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
Het zout dat in nieuwe absorberende vaatdoekjes zit kan oppervlakken beschadigen.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
In de verschillende reinigingshandleidingen kunt u lezen welke reinigingsmiddelen geschikt zijn voor de verschillende oppervlakken en onderdelen.
13.2 Apparaat reinigen
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigd raken.

WAARSCHUWING
Brandgevaar!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.

WAARSCHUWING
Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
- De aanwijzingen voor de reini- gingsmiddelen in acht nemen.
- De aanwijzingen voor de reiniging van de onderdelen en oppervlakken van het apparaat in acht ne- men.
-
Indien niet anders vermeld:
-
De verschillende onderdelen van het apparaat reinigen met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje.
- Droog na met een zachte doek.
13.3 Binnenruimte reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de binnenruimte beschadigen.
- Gebruik geen ovenspray, geen schuurmiddelen of andere agressieve reinigingsproducten voor de oven.
- De aanwijzingen voor de reini- gingsmiddelen in acht nemen.
- Met warm zeepsop of azijnwater reinigen.
- Bij sterke verontreiniging voor roestvrijstalen oppervlakken geschikte ovenreiniger gebruiken. Ovenreiniger uitsluitend in een koude binnenruimte gebruiken.
Tip: Om onaangename geuren te verhelpen, een kopje water met een paar druppels citroensap gedurende 1 tot 2 minuten met maximaal magnetronvermogen verwarmen. Om kookvertraging te vermijden altijd een lepel er in plaatsen.
- De binnenruimte met een zachte doek afnemen.
- De binnenruimte met geopende deur laten drogen.
13.4 Ruiten van de deur schoonmaken
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de deur- ruiten beschadigen.
- Geen schraper gebruiken.
- De aanwijzingen voor de reini- gingsmiddelen in acht nemen.
- Reinig de deurruiten met een vochtige vaatdoek een glasreiniger.
Opmerking: Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflecties van de verlichting van de binnenruimte.
- Met een zachte doek nadrogen.
13.5 Deurafdichting reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de deurafdichting beschadigen.
- Gebruik geen metalen schraper of schraper voor vitrokeramische kookplaat voor het reinigen.
-
Geen schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
-
De aanwijzingen voor de reini- gingsmiddelen in acht nemen.
-
Reinig de deurafdichting met heet zeepsop en een zachte vaatdoek.
-
Met een zachte doek nadrogen.
13.6 Voorzijde van het apparaat reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de voorzijde van het apparaat beschadigen.
- Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken.
- Om corrosie op RVS-fronten te vermijden, kalkvlekken, vetvlekken, zetmeelvlekken en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen.
-
Bij RVS-oppervlakken speciale RVS-reinigingsmiddelen voor warme oppervlakken gebruiken.
-
De aanwijzingen voor de reini- gingsmiddelen in acht nemen.
- De voorkant van het apparaat met
heet zeepsop en een vaatdoek reinigen.
Opmerking: Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal. - Bij RVS-apparaatfronten het RVS-reinigingsmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. Het RVS-reinigingsmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de vakhandel.
- Met een zachte doek nadrogen.
13.7 Bedieningspaneel reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan het bedieningspaneel beschadigen.
- Het bedieningspaneel nooit nat afnemen.
- De aanwijzingen voor de reini- gingsmiddelen in acht nemen.
- Het bedieningspaneel met een microvezeldoek of een zachte, vochtige doek reinigen.
- Met een zachte doek nadrogen.
14 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
⚠ WAARSCHUWING
Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
→ "Servicedienst", Pagina 163

WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Apparaat werkt niet. Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. | |
| ► Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. | |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getre-den.► Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen.► Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Storing1. Zekering in zekeringkast uitschakelen.2. Zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen.√ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoon-gesprek de exacte foutmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 163 | |
| De magnetron werkt niet. | Deur is niet helemaal gesloten.► Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten. |
| De gerechten warmen niet op. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstel-lingen.1. Haal de stroom van het apparaat door de zekering in de meterkast kort uit te schakelen.2. Deactiveer de demo-modus binnen 5 minuten in de basisinstellingen. → Pagina 156 |
| Verlichting van de bin-nenruimte werkt niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk.► Neem contact op met de .→ "Servicedienst", Pagina 163 |
| Storing Oorzaak en probleemoplossing | |
| Magnetronfunctiebreekt af. | Storing1. Het apparaat resetten.► Ofwel de toets ⚙minstens 10 seconden ingedrukthouden.► Of de zekering in de meterkast uitschakelen. Dezekering na ca. 10 seconden weer inschakelen.✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contactop met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 163 |
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Magnetronvermogen is te laag ingesteld.► Stel een hoger magnetronvermogen in. |
| Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in hetapparaat gedaan.► Stel een langere tijdsduur in.Voor de dubbele hoeveelheid hebt u twee keer zo-veel tijd nodig. | |
| Gerechten zijn kouder dan gewoonlijk.► Keer de gerechten of roer de gerechten tussendoorom. | |
| De tijd verschijnt niet wanneer het apparaat is uitgeschakeld | Het display schakelt na enkele seconden uit.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Storing Oorzaak en probleemoplossing | |
| Melding met "D" of "E"verschijnt op het dis-play. | Storing1. Het apparaat resetten.► Ofwel de toets ⚙minstens 10 seconden ingedrukthouden.► Of de zekering in de meterkast uitschakelen. Dezekering na ca. 10 seconden weer inschakelen.✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.2. Verschijnt de melding opnieuw neem dan contactop met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 163 |
15 Afvoeren
15.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- Het netsnoer doorknippen.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is geken-merkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
16 Servicedienst
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer
(E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de klanten-service vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoor-waarden of op onze website.
Dit product bevat lichtbronnen van de energieklasse D. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.
De informatie conform verordening (EU) 2023/826 vindt u online op www.bosch-home.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.

text_image
根据规格要求的预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋 根据规格要求的预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋设置预埋钢筋置 E-Nr: 预埋钢筋设置预埋钢筋置 预埋 FD: 预埋钢筋 Z-Nr: 预埋钢筋设置预埋钢筋 Type: 预埋钢筋设置预埋钢筋设置 0.0000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000 CE XOm uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
17 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
17.1 Zo kunt u het best te werk gaan
Tip
Aanwijzingen voor de bereiding
■ De insteladviezen gelden altijd voor de koude en lege binnenruimte.
- De opgegeven tijden in de overzichten zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.

WAARSCHUWING
Kans op brandwonden!
Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken.
- Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
-
Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
-
Vóór het gebruik niet benodigde vormen uit de binnenruimte verwijderen.
-
Kies een gewenst gerecht uit de insteladviezen.
- Doe het gerecht in een geschikte vorm.
- Plaats de vorm in het midden op de bodem van de binnenruimte. Zo kunnen de microgolven de gerechten van alle kanten bereiken.
- Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies. Eerst de kortste tijdsduur instellen. Indien nodig de tijdsduur verlen-gen.
- Gebruik pannenlappen wanneer u hete vormen uit de binnenruimte neemt.
17.2 Ontdooien, verwarmen en garen met de magnetron
Instellingsadviezen voor het ontdooi- en, verwarmen en koken met de magnetron.
De tijdsduur is afhankelijk van het servies en van de temperatuur, aard en hoeveelheid van het product.
Daarom zijn in de tabellen bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in. Als u andere hoeveelheden gebruikt dan aan- gegeven in de tabellen, houdt u zich dan aan de vuistregel: dubbele hoe- veelheid - bijna dubbele tijdsduur, halve hoeveelheid - halve tijdsduur.
Ontdooien met de magnetron
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
■ Vries het voedsel vlak in.
- Gebruik open servies dat geschikt is voor de magnetron.
■ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte.
- De gerechten tussendoor 2 tot 3 maal omroeren of keren. Bij het keren de ontdooivloeistof verwijderen.
- Bij het ontdooien van vlees of gevogelte ontstaat vloeistof. Verwijder bij het keren de vloeistof. Verder niet gebruiken of met andere levensmiddelen in contact laten komen.
■ Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen.
- Bij het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.
- Laat de ontdooide voedingsproducten nog 10 tot 30 minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt.
| Gerechten Gewicht Magnetronvermo-gen | Tijdsduur | ||
| Vlees in zijn ge-heel, met en zon-der bot1 | 800 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 10 min.2. 15-20 min. |
| Vlees in zijn ge-heel, met en zon-der bot1 | 1000 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 15 min.2. 20 min. |
| Vlees in zijn ge-heel, met en zon-der bot1 | 1500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 20 min.2. 25 min. |
| Vlees in stukken of plakken1,2 | 200 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5-8 min.2. 5-10 min. |
| Vlees in stukken of plakken1,2 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 9 min.2. 10 min. |
| Vlees in stukken of plakken1,2 | 800 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 10 min.2. 10-15 min. |
| Gehakt, gemengd1,2 | 200 g 90 W 8-10 min. | ||
| Gehakt, gemengd1,2 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 3 min.2. 10-12 min. |
| Gehakt, gemengd1,2 | 1000 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 10 min.2. 13-15 min. |
| Gevogelte of de-len gevogelte1,2 | 600 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 8 min.2. 12-15 min. |
| Gevogelte of de-len gevogelte1,2 | 1200 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 15-20 min.2. 15-20 min. |
| Visfilet, viskotelet of plakken vis1,2 | 400 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 3 min.2. 10-15 min. |
| Hele vis1 | 300 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 3 min.2. 10-12 min. |
| Hele vis1 | 600 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 8 min.2. 13-15 min. |
| Groente, bijv. erwten1 | 300 g 180 W 10-15 min. | ||
| Fruit, bijv. frambozen1 | 300 g 180 W 6-9 min. | ||
| Fruit, bijv. frambozen1 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 6-8 min.2. 5-10 min. |
| Boter, ontdooien2 | 125 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 1 min.2. 1-2 min. |
| Boter, ontdooien2 | 250 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 1 min.2. 2-4 min. |
| Heel brood3 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min.2. 5-10 min. |
| Heel brood3 | 1000 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 8 min.2. 9-10 min. |
| Gebak, droog, bijv. cake4,5 | 500 g 90 W 8-10 min. | ||
| Gebak, droog, bijv. cake4,5 | 750 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 3-5 min.2. 6 min. |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart4 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 3 min.2. 10-15 min. |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart4 | 750 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min.2. 10-15 min. |
Opwarmen of bereiden van diepgevroren gerechten met magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
-
De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge.
■ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. -
De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
- De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren.
- De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten.
- De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate.
- Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-enklare gerechten bij 600 watt te verwarmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd.
| Gerechten Gewicht Magnetronvermo-gen | Tijdsduur | |
| Menu, bordge-recht, kant-en-klaargerecht (2-3 componenten) | 300-400 g 600 W 8-10 min. | |
| Soep 400 g 600 W 15-17 min. | ||
| Eenpansgerech-ten | 500 g 600 W 10-15 min. | |
| Plakken of stuk-ken vlees in saus, bijv. goulash | 500 g 600 W 10-12 min. | |
| Vis, bijv. filetstukken ^1 | 400 g 600 W 10-12 min. | |
| Ovenschotels, bijv. lasagne of cannelloni (ca. 3 cm hoog) | 450 g 600 W 12-15 min. | |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta ^1 | 250 g 600 W 3-5 min. | |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta ^1 | 500 g 600 W 8-10 min. | |
| Groenten, bijv. erwten, broccoli, wortelen ^1 | 300 g 600 W 7-10 min. | |
| Groenten, bijv. erwten, broccoli, wortelen ^1 | 600 g 600 W 15 min. | |
| Spinazie a la crème ^2 | 450 g 600 W 9-12 min. | |
Tips voor het de volgende keer ontdooien, verwarmen en bereiden met de magnetron
Houd u deze tips aan voor goede resultaten bij het ontdooien, opwarmen en bereiden met de magnetron.
Vraag Tip
| Uw gerecht is te droog. | ■ Verkort de tijdsduur of kies een lager magnetronvermo-gen.■ Het gerecht af-dekken en meer vloeistof toevoegen. |
Uw gerecht is na het verstrijken van de tijd nog niet ontdooid, op-
Verleng de tijds- duur. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meer tijd nodig.
Vraag Tip
| gewarmd ofgaar. | |
| Uw gerecht is nahet verstrijkenvan de tijd vanbinnen nog nietklaar, maar vande buitenkantreeds oververhit. | Tussentijdsdoorroeren.Verlaag hetmagnetronver-mogen en ver-leng de tijds-duur. |
| Uw vlees of ge-vogelte is na hetontdooien vanbinnen nogsteeds niet ont-dooid, maar vanbuiten al ge-gaard. | Verlaag hetmagnetronver-mogen.Grote te ont-dooien produc-ten meerdere malen keren. |
17.3 Opwarmen
Met uw apparaat kunt u gerechten opwarmen.
Opwarmen met de magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht.
⚠ WAARSCHUWING
Kans op verbranding!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.

Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er von- ken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de bin- nenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
■ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. - De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren.
■ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten. - De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
- Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-enklare gerechten bij 600 watt te verwarmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd.
| Gerechten Gewicht Magnetronvermo-gen | Tijdsduur | |
| Schotel, gekoeld 1 portie 600 W 5-8 min. | ||
| Dranken ^1,2,3 | 125 ml boost 30-40 sec. | |
| Dranken ^1,2,3 | 200 ml boost 1 min. | |
| Dranken ^1,2,3 | 500 ml boost 2 min. | |
| Babyvoeding, bijv.flesjes melk ^4,5,3 | 50 ml 600 W ca. 20-30 sec. | |
| Babyvoeding, bijv.flesjes melk ^4,5,3 | 100 ml 600 W 40-50 sec. | |
| Babyvoeding, bijv.flesjes melk ^4,5,3 | 200 ml 600 W 60-70 sec. | |
| Soep, 1 kopje ^6 | à 175 g 600 W 2-2,5 min. | |
| Soep, 2 koppen ^6 | à 175 g 600 W 3-4 min. | |
| Vlees in saus1 | 500 g 600 W 7-10 min. | |
| Eenpansgerecht2 | 400 g 600 W 4 min. | |
| Eenpansgerecht2 | 800 g 600 W 6-7 min. | |
| Groente, 1 portie2 | 150 g 600 W 2-2,5 min. | |
| Groente, 2 porties2 | 300 g 600 W 3-4 min. | |
17.4 Bereiden
Met uw apparaat kunt u gerechten bereiden.
Bereiden met magnetron
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
- Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte.
- De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge.
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate.
■ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten. - De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
- Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-enklare gerechten bij 600 watt te verwarmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd.
| Gerechten Gewicht Magnetron- | Tijdsduur | |
| vermogen | ||
| Hele kip, vers, zonder ingewanden3 | 1200 g 600 W 25 – 30 min. | |
| Visfilet, vers4 | 400 g 600 W 7 – 8 min. | |
| Groente, vers5,4,6 | 250 g 600 W 5 – 6 min. | |
| vermogen | ||
| Groente, vers1,2,3 | 500 g 600 W 10 – 12 min. | |
| Aardappelen1,2,3 | 250 g 600 W 7 – 9 min. | |
| Aardappelen1,2,3 | 500 g 600 W 10 – 12 min. | |
| Aardappelen1,2,3 | 750 g 600 W 15 – 20 min. | |
| Rijst4,3 | 125 g 1. 600 W2. 180 W | 1. 4 – 5 min.1. 12 – 15 min. |
| Rijst4,3 | 250 g 1. 600 W2. 180 W | 1. 6 – 8 min.1. 15 – 18 min. |
| Zoete gerechten, bijv. pudding (instant)3 | 500 ml 600 W 5 – 8 min. | |
| Vruchtencompote3 | 500 g 600 W 9 – 12 min. | |
Pudding van puddingpoeder

WAARSCHUWING
Kans op brandwonden!
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- Een pakje puddingpoeder volgens de aanwijzingen op de verpakking met suiker en een beetje melk in een voor de magnetron geschikte hoge schaal door elkaar roeren,
zodat er geen klontjes aanwezig zijn.
- De rest van de melk toevoegen en nogmaals doorroeren.
- De schaal in de binnenruimte plaatsen en de apparaatdeur sluiten.
- Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
- Na 3 minuten voor de eerste keer omroeren. Dan steeds na één minuut omroeren, tot de gewenste consistentie is bereikt.
De tijdsduur is afhankelijk van de temperatuur van de melk en de gebruikte kom.
Popcorn voor de magnetron

WAARSCHUWING
Kans op brandwonden!
De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen.
- Houd altijd de opgaven op de verpakking aan.
- Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte.
LET OP
De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn direct na elkaar met een te hoog magnetronvermogen kan leiden tot beschadiging van de binnenruimte.
▶ Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdere minuten afkoelen.
- Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in.
- Gebruik maximaal 600 Watt.
- Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
- Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte.
- Gebruik een platte, hittebestendige vorm. Geen porselein of sterk gebogen borden gebruiken.
■ De popcornzak met de gemarkeerde zijde naar onderen op kom leggen.
■ De duur afhankelijk van de hoeveelheid aanpassen. - Om te voorkomen dat de popcorn aanbrandt, de popcornzak na 1 minuut en 30 seconden even uit de oven nemen en schudden. Opgelet, de popcorn is heet.
| Gerechten Gewicht Magnetronvermo-gen | Tijdsduur | |
| Popcorn voor de magnetron1 | 1 zak à 100 g 600 W 2,5 min | |
17.5 Testgerechten
Deze overzichten werden voor testinstituten gemaakt, om het testen van het apparaat conform EN
60350-1:2013 resp. IEC 60350-1:2011 en volgens de norm EN 60705:2012, IEC 60705:2010 te vergemakkelijken.
Bereiden met magnetron
| Gerecht Magnetronvermo-gen in W | Tijdsduur in min Aanwijzing | ||
| Kandeel, 1000 g | 1. 600 W | 1. 11-12 min. | Pyrexform |
| 2. 180 W | 2. 8-10 min. | ||
| Biscuit, 475 g | 600 W | 7-9 min. Pyrexvorm, | ∅ 22 cm |
| Gehakt, 900 g | 600 W | 20-25 min. Pyrexvorm, | ∅ 28 cm lang |
| Schotel, gekoeld, 1 portie | 600 W | 5-6 min. Magnetronafdek-kap | |
Ontdooien met de magnetron
| Gerecht Magnetronvermo-gen in W | Tijdsduur in min Aanwijzing | |
| Vlees, 500 g 1. 180 W | 1. 5-6 min. | Pyrexvorm, |
| 2. 90 W | 2. 7-10 min. | ∅ 24 cm |
18 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.

text_image
mmControleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
■ De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verant- woordelijk voor een goede werking op de plaats van opstelling.
nl Montagehandleiding
■ Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportschade.
■ Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur.
- Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
■ Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aangrenzende meubelfronten tot 70°C.
■ Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
■ Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten.
■ Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aan-sluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
Onderdelen die tijdens de montage toegankelijk zijn, kunnen scherp zijn en tot snijletsels leiden.
▶ Veiligheidshandschoenen dragen.
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
- Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
18.3 Inbouwmeubel
Dit apparaat is uitsluitend voor in- bouw bedoeld. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik op tafel of in een kast.
De inbouwkast mag achter het apparaat geen achterwand hebben. De
minimale inbouwhoogte bedraagt 850 mm.
Ventilatiesleuven en aanzuigopeningen mogen niet worden afgedekt.
Het apparaat moet na de inbouw veilig ingebouwd zijn en mag niet kante- len.
18.4 Elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
- Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
- De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de lokale voorschriften.
- Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn.
- Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten.
- De aansluitkabel moet op de achterkant van het apparaat worden aangesloten. Een 5 m lange aansluitkabel is bij de klantenservice verkrijgbaar.
- De aansluitkabel mag alleen worden vervangen door een originele kabel. Die is bij de servicedienst verkrijgbaar.
Apparaat elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- De apparaatstekker van het aan-
sluitsnoer op het apparaat aanslui-
ten.
De apparaatstekker op vastheid controleren. - De stekker van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
Als het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaan-
sluitkabel vrij toegankelijk zijn. Als de vrije toegang tot de netstekker niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
18.5 Inbouw in bovenkast
Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden in de hoge kast in acht.

text_image
600 560+8 16 min. 300 362+3 16Het apparaat slechts zo hoog inbouwen, dat de accessoires er zonder probleem uitgehaald kunnen worden. Verwijder de voetjes.

nl Montagehandleiding
18.6 Inbouw in een hoge kast
Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden in de hoge kast in acht.

text_image
600 560+8 35 min. 550 380+2 35Het apparaat slechts zo hoog inbouwen, dat de accessoires er zonder probleem uitgehaald kunnen worden. De stelvoeten instellen.

18.7 Apparaat inbouwen
- Schuif het apparaat er helemaal in.

De aansluitkabel niet knikken, in- klemmen of over scherpe randen leiden.
- De afstand tot de aanliggende apparaten controleren.

text_image
min. 3mm- LET OP – Bij het openen van de apparaatdeur kan het apparaat naar voren kantelen.
- Houd het apparaat in positie bij het openen van de apparaatdeur.
Open de apparaatdeur langzaam.

- Schroef het apparaat op de tegen-overliggende zijde van de schar-nieren op het meubel vast.

- De gaten voor het bevestigen aan de kant van de scharnieren in het meubel voorboren.

Gebruik een houtboor van 2 mm doorsnede.
-
Verwijder de spanen uit de binnen- ruimte.
-
Schroef het apparaat aan de zijde van de scharnieren op het meubel vast.

- Verwijder verpakkingsmateriaal en plakfolie uit de binnenruimte en van de deur.
18.8 Bij greeploze keuken met verticale greeplijst:
- Breng aan beide zijden een geschikt vulstuk aan om eventuele scherpe randen af te dekken en een veilige montage te waarborgen.

-
Het vulstuk op het meubel bevestigen.
-
Het vulstuk en het meubel voorbo- ren, m een schroefverbinding te re- aliseren.

nl Montagehandleiding
- Het apparaat met adequate schroeven bevestigen.

- Maak het apparaat spanningsloos.
- Draai de bevestigingsschroeven los.
- Til het apparaat iets op en trek het helemaal naar buiten.
