BER7321B1 - Magnetron BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BER7321B1 BOSCH in PDF-formaat.

📄 128 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BOSCH BER7321B1 - page 95
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL

Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BER7321B1 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BER7321B1 van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING BER7321B1 BOSCH

[nl] Gebruikershandleiding en installatie-instructies 95de Sicherheit

1 Veiligheid Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht. 1.1 Algemene aanwijzingen ¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro- ductinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport- schade niet aan. 1.2 Bestemming van het apparaat Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montage- handleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van op- stelling. Gebruik het apparaat uitsluitend: ¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro- cessen ononderbroken in het oog. ¡ In het huishouden en soortgelijke toepas- singen zoals bijvoorbeeld: in keukens voor medewerkers in winkels, kantoren en ande- re commerciële omgevingen, in boerderi- jen; van klanten in hotels en andere verblij- ven, in bed and breakfasts. ¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni- veau. Dit apparaat voldoet aan de norm EN55011 resp. CISPR11. Het is een product van groep 2, klasse B. Groep 2 betekent dat er micro- golven worden geproduceerd om levensmid- delen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishoudelijk ge- bruik. 1.3 Inperking van de gebruikers Dit apparaat kan worden bediend door kinde- ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie- ke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begre- pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spe- len. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.nl Veiligheid

1.4 Veiliger gebruik Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.

  • "Accessoires", Pagina101 WAARSCHUWING‒Kans op brand! In de binnenruimte bewaarde brandbare voor- werpen kunnen vlam vatten. ▶ Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte. ▶ Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehou- den om eventueel optredende vlammen te doven. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. ▶ Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van ver- warmingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden. Accessoires of vormen worden zeer heet. ▶ Neem hete accessoires en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de bin- nenruimte. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam- pen vlam vatten. De apparaatdeur kan open- springen. Er kunnen hete dampen en steek- vlammen naar buiten treden. ▶ Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage. ▶ Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) ver- hitten. ▶ Apparaatdeur voorzichtig openen. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar. ▶ Apparaatdeur voorzichtig openen. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan. ▶ Nooit water in de hete binnenruimte gieten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Wanneer er krassen op het glas van de appa- raatdeur zitten, kan dit barsten. ▶ Gebruik geen scherp of schurend reini- gingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de appa- raatdeur omdat dit het oppervlak kan be- schadigen. Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. ▶ Kom niet met uw handen bij de scharnie- ren. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveon- derdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat. ▶ Wanneer de netaansluitkabel of de appa- raataansluitkabel van dit apparaat bescha- digd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of spe- ciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice. Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat- onderdelen of warmtebronnen in contact brengen. ▶ Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen. ▶ Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen. Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen. Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.Veiligheid nl

▶ Nooit een apparaat met gescheurd of ge- broken oppervlak gebruiken. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap- paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek- ken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de ze- kering in de meterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst.

  • Pagina114 WAARSCHUWING‒Kans op verstikking! Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken. ▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin- deren houden. ▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateri- aal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken. ▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinde- ren houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen. 1.5 Magnetron BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIF-

WAARSCHUWING‒Kans op brand! Oneigenlijk gebruik van het apparaat is ge- vaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarm- de pantoffels, granen- pittenkussens kunnen bijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten. ▶ Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat. ▶ Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen. ▶ Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. Levensmiddelen en de verpakkingen ervan kunnen ontbranden. ▶ Nooit levensmiddelen opwarmen in verpak- kingen die bestemd zijn om ze warm te houden. ▶ Levensmiddelen nooit zonder toezicht ver- warmen in voorwerpen van kunststof, pa- pier of ander brandbaar materiaal. ▶ Bij de magnetron nooit een te groot vermo- gen of te lange tijdsduur instellen. Houd u aan de opgaven in deze gebruiksaanwij- zing. ▶ Nooit levensmiddelen drogen met de mag- netron. ▶ Levensmiddelen die weinig water bevatten, zoals bijv. brood, nooit met een te hoog magnetronvermogen of gedurende een te lange tijd ontdooien of verwarmen. Spijsolie kan vlam vatten. ▶ Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met de magnetron. WAARSCHUWING‒Kans op explosie! Vloeistof of andere voedingsmiddelen in dicht afgesloten vormen kunnen gemakkelijk explo- deren. ▶ Nooit vloeistof of andere voedingsmiddelen verhitten in dicht afgesloten vormen. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwar- men, exploderen. ▶ Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal op- warmen. ▶ Nooit schaal- en kreeftachtige dieren ko- ken. ▶ Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken. ▶ Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel. De warmte wordt niet gelijkmatig verdeeld in de babyvoeding. ▶ Warm nooit babyvoeding op in gesloten verpakkingen. ▶ Verwijder altijd het deksel of de speen. ▶ Na het verwarmen goed roeren of schud- den. ▶ Voordat de voeding aan het kind wordt ge- geven dient de temperatuur te worden ge- controleerd. Verhitte gerechten geven warmte af. De vor- men kunnen heet worden. ▶ Neem vormen en accessoires altijd met be- hulp van een pannenlap uit de binnenruim- te.nl Veiligheid

De verpakking van luchtdicht verpakte levens- middelen kan knappen. ▶ Houd altijd de opgaven op de verpakking aan. ▶ Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte. Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Het onjuiste gebruik van het apparaat is ge- vaarlijk. Voorwerpen zoals oververhitte pantof- fels, pitten- of graankussen, sponzen, vochtige schoonmaakdoekjes e.d. kunnen verbranding tot gevolg hebben. ▶ Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat. ▶ Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen. ▶ Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Bij het verwarmen van vloeistof kan er kook- vertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kook- temperatuur wordt bereikt zonder de kenmer- kende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en weg- spatten. ▶ Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen. WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Ongeschikte vormen kunnen barsten. Vormen van porselein en keramiek kunnen kleine gaatjes hebben in de handgrepen en deksels. Achter deze gaatjes bevindt zich een holle ruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kan dit barsten veroorzaken in de vormen. ▶ Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron. Bij gebruik van de magnetronfunctie kunnen vormen van metaal of vormen met metalen coating leiden tot het ontstaan van vonken. Het apparaat wordt dan beschadigd. ▶ Gebruik nooit metalen vormen bij gebruik van uitsluitend de magnetron. ▶ Alleen vormen die geschikt zijn voor de magnetron in combinatie met een verwar- mingsmethode gebruiken. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Het apparaat werkt met hoogspanning. ▶ Nooit de behuizing verwijderen. WAARSCHUWING‒Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid! Gebrekkige reiniging kan het oppervlak van het apparaat vernietigen, de gebruiksduur ver- korten en tot gevaarlijke situaties leiden, zoals bijvoorbeeld naar buiten komende magnetron- energie. ▶ Het apparaat regelmatig schoonmaken en resten van voedingsmiddelen direct verwij- deren. ▶ Houd de binnenruimte, deurafdichting, deur en deuraanslag altijd schoon.

  • "Reiniging en onderhoud", Pagina110 Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnenruimte of deurdichting be- schadigd is. Er kan energie van de microgol- ven naar buiten komen. ▶ Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnenruimte, de deurafdich- ting of de kunststof omlijsting van de deur beschadigd is. ▶ Alleen door de servicedienst laten repare- ren. Bij apparaten waarvan de behuizing niet is af- gedekt komt energie van microgolven vrij. ▶ De afdekking van de behuizing nooit verwij- deren. ▶ Neem voor onderhouds- of reparatiewerk- zaamheden contact op met de klantenservi- ce.Materiële schade vermijden nl

Materiële schade vermijden 2  Materiële schade vermijden Materiële schade vermijden 2.1 Algemeen LET OP! Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont- vlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afval- len. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinte- ren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnen- ruimte naar binnen sterk vervormen. ▶ Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in on- verdunde toestand (bijv. voor het opgieten of over- gieten van gerechten) verhitten. Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden. ▶ Giet nooit water in de hete binnenruimte. Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnen- ruimte ontstaat er corrosie. ▶ Veeg het condenswater na elk bereiding af. Laat na een bereiding met hoge temperaturen de binnen- ruimte uitsluitend met gesloten deur laten afkoelen. ▶ Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte. ▶ Bewaar geen gerechten in de binnenruimte. ▶ Klem niets tussen de apparaatdeur. Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubel- fronten kunnen dan beschadigd raken. ▶ Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is. ▶ Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken. Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur be- schadigd raken. ▶ Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of laten steunen. 2.2 Magnetron Volg deze aanwijzingen op wanneer u de magnetron gebruikt. LET OP! Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat be- schadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast. ▶ Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2cm van de wanden van de bin- nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn. Aluminium schalen in het apparaat kunnen vonken ver- oorzaken. Door de vonken die ontstaan wordt het ap- paraat beschadigd. ▶ Gebruik geen vormen van aluminium in het appa- raat. Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting. ▶ Start nooit de magnetron zonder dat er zich etens- waar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte serviestest vormt hierop een uitzondering. De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn di- rect na elkaar met een te hoog magnetronvermogen kan leiden tot beschadiging van de binnenruimte. ▶ Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdere minuten afkoelen. ▶ Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in. ▶ Gebruik maximaal 600Watt. ▶ Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen. Ongeschikte vormen kunnen schade veroorzaken. ▶ Bij het gebruik van de grill, of de gecombineerd magnetrongebruik alleen kookgerei gebruiken dat bestand is tegen hoge temperaturen. Milieubescherming en besparing 3  Milieubescherming en besparing Milieubescherming en besparing 3.1 Afvoeren van de verpakking De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun- nen worden hergebruikt.

De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren. 3.2 Energie besparen Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom. De apparaatdeur tijdens de bereiding zelden openen.

De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen. Twee kopjes met vloeistof tegelijkertijd opwarmen.

Het opwarmen van meerdere gerechten tegelijker- tijd vraagt minder energie dan het verwarmen van meerdere gerechten na elkaar. Het display in de basisinstellingen uitschakelen.

Het apparaat spaart energie in stand-by. Opmerkingen ¡ Het display vermindert de helderheid in stand-by- stand automatisch in stand 1. ¡ Het apparaat verbruikt: – in stand-by met uitgeschakeld display max.0,5Wnl Uw apparaat leren kennen Uw apparaat leren kennen 4  Uw apparaat leren kennen Uw apparaat leren kennen 4.1 Bedieningspaneel Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw ap-paraat instellen en informatie krijgen over de gebruiks-toestand.Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op deafbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

Display met instelringVia het display stelt u met behulp van de digita-le instelring het apparaat in.U ziet de actuele instelwaarden, keuzemogelijk-heden of aanwijzingsteksten.→"Touch-display", Pagina100

TouchveldenMet de tiptoetsen stelt u de verschillende func-ties direct in.→"Touchvelden", Pagina100 4.2 Touchvelden Touch-velden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Omeen functie te kiezen het betreffende veld selecteren.Tiptoets FunctieApparaat in- of uitschakelen.→"De Bediening in essentie",Pagina102Directe toegang tot de magnetron→"Magnetron", Pagina102Een instelling teruggaan.Werking starten of onderbreken.→"De Bediening in essentie",Pagina102Timer selecteren.Kinderslot activeren of deactiveren.Tiptoets FunctieApparaatdeur openenFunctiekeuze-menu openen. 4.3 Touch-display In het touchdisplay ziet u de keuzemogelijkheden ende instellingen bij de actuele functie.Om een van de punten uit te kiezen op het betreffendetekstveld tippen.Digitale instelringMet de digitale instelring van buiten rond het displayverandert u de instelwaarden.Wanneer u bij een instelling de minimale of maximalewaarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het displaystaan. Draai indien nodig de waarde met de instelringweer terug. Door langzame bewegingen met de vingerskunnen waarden met de instelring nauwkeurig wordeningesteld. Bij tijdinstellingen kunt u ook direct het puntop de instelring selecteren, dat overeenkomt met hetgewenste aantal minuten en uren, bijv. onder drukkenvoor 30minuten/seconden.InstelgebiedIn het midden van het display is het instelbereik.In het instelbereik ziet u actuele keuzemogelijkhedenen reeds uitgevoerde instellingen.Het menu en andere instelmogelijkheden zijn horizon-taal gerangschikt. Keuzelijsten bij functies zijn verticaalgerangschikt. Om in het instelbereik te bladeren, veegtu over het display. Druk om een functie te kiezen, opdie functie op het display.Mogelijke symbolen in het instelbereikSymbool BetekenisInstelwaarde bevestigen.Instelwaarde resetten.Tijdens het gebruik instelwaarde wijzi- gen. 4.4 Automatische deuropener Als u de automatische deuropening bedient, danspringt de apparaatdeur open. U kunt de apparaatdeurvolledig met de hand openen.Opmerkingen¡ Bij een stroomuitval werkt de automatische deur-opening niet. U kunt de deur met de hand openen.¡ Als u de apparaatdeur tijdens het gebruik opent,wordt de werking onderbroken.¡ Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking nietautomatisch voortgezet. Start de werking.¡ Als het apparaat langere tijd is uitgeschakeld, dangaat de apparaatdeur bij het indrukken van de deur-openingstotes open met een kleine vertraging.Accessoires nl

4.5 Verwarmingsmethoden en functies Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij uitleg over de verschil- len en toepassingen. Naam Vermogen/standen Gebruik Magnetron 90/180/360/600/"boost" Voor het ontdooien, bereiden en verwarmen van gerech- ten en vloeistoffen.

  • "Magnetron-combi", Pagina104 Gerechten Voor vele gerechten zijn er voorgeprogrammeerde instel- lingen. Reiniging Reinigingsfunctie voor de binnenruimte kiezen.
  • "Reinigingsondersteuning", Pagina110 Basisinstellingen Basisinstellingen aanpassen.
  • "Basisinstellingen", Pagina109 4.6 Binnenruimte Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat. Zelfreinigende oppervlakken Het plafond in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelf- reinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreini- gende oppervlakken vetspetters van het bakken, bra- den of grillen op en breken ze af. Verlichting van de binnenruimte Wanneer u de apparaatdeur opent, gaat de verlichting van de binnenruimte aan. Wanneer de apparaatdeur langer dan ca. 15minuten is geopend, dan schakelt de verlichting van de binnenruimte uit. Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting van de binnenruimte aan als het programma loopt. Wanneer het gebruik eindigt, gaat de verlichting van de binnenruimte uit. Koelventilator De koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. Warme lucht komt vrij via de ventilatiesleuven boven de apparaatdeur. LET OP! Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het apparaat oververhit. ▶ Dek de ventilatiesleuven niet af. De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt. Wanneer het apparaat in de magnetronfunctie wordt gebruikt, blijft het apparaat koud, de koelventilator schakelt niettemin in. De koelventilator kan blijven draaien, ook wanneer het gebruik van de magnetron reeds is beëindigd. 4.7 Condenswater Bij het bereiden kan in de binnenruimte en op de deur van het apparaat condensvorming optreden. Condens is normaal en heeft geen invloed op de werking van het apparaat. Veeg na het bereiden het condens af. 4.8 Apparaatdeur De apparaatdeur kunt u met openen. Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de wer- king stopgezet. Wanneer de apparaatdeur weer is ge- sloten, kunt u het gebruik met hervatten. Accessoires 5  Accessoires Accessoires Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhan- kelijk van het type apparaat.nl Voor het eerste gebruik

Accessoires Gebruik Rooster ¡ Rooster voor maximaal magnetronvermo- gen ongeschikt ¡ Rooster om te grillen en te gratineren ¡ Rooster als plaats om vormen op te zet- ten Glazen schaal ¡ Spatbescherming bij het grillen direct op het rooster ¡ Plaats het rooster in de glazen schaal ¡ Geschikt voor de magnetron Voor het eerste gebruik 6  Voor het eerste gebruik Voor het eerste gebruik Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het ap- paraat en de accessoires. 6.1 Eerste gebruik U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uit- voeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken. Eerste keer in gebruik nemen

Schakel het apparaat in met . a De eerste instelling verschijnt.

Druk wanneer het nodig is de instelling te verande- ren, op een waarde in de lijst of wijzig de waarde met de instelring. Mogelijke instellingen: – Taal – Tijd

Druk op en ga naar de volgende instelling.

De instellingen doorlopen en wijzigen indien ge- wenst. a Na de laatste instelling verschijnt een aanwijzing op het display dat de instellingen afgesloten zijn. 6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

Zorg ervoor dat er zich in de binnenruimte geen ver- pakkingsresten, toebehoren of andere voorwerpen bevinden.

Reinig de gladde oppervlakken in de binnenruimte met een zachte, vochtige doek.

Zolang het apparaat opwarmt, de ruimte ventileren.

Stel de tijdsduur in op 15minuten.

Laat het apparaat afkoelen.

Reinig wanneer de binnenruimte afgekoeld is, de gladde oppervlakken met zeepsop en een schoon- maakdoekje. 6.3 Accessoires reinigen

Reinig de accessoires grondig met zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje. De Bediening in essentie 7  De Bediening in essentie De Bediening in essentie 7.1 Apparaat inschakelen

Op drukken. a Het apparaat is klaar voor gebruik. 7.2 Apparaat uitschakelen

Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. a Het display geeft gedurende enkele minuten de tijd aan. 7.3 In werking stellen

Op drukken. 7.4 Werking onderbreken

Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken.

Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap- paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. 7.5 Werking afbreken

Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. Magnetron 8  Magnetron Magnetron Met de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen of ontdooien.Magnetron nl

8.1 Magnetronvermogen Hier vindt u een overzicht van de magnetronvermogens en een aanbeveling voor het gebruik ervan. Magnetronvermogen in watt Maximale duur in uur Gebruik 90W 1:30 Gevoelige gerechten ontdooien. 180W 1:30 Gerechten ontdooien en verder berei- den. 360W 1:30 Vlees en vis bereiden of gevoelige gerechten opwarmen. 600W 1:30 Gerechten verwarmen en bereiden. boost 0:30 Vloeistoffen verwarmen. Opmerkingen ¡ Ter bescherming van het apparaat wordt het maxi- male vermogen van de magnetron "boost" geduren- de de eerste minuten trapsgewijs tot 600W geredu- ceerd. Het maximale vermogen is na een afkoelperi- ode weer beschikbaar. ¡ De magnetronvermogens komen niet overeen met het daadwerkelijke opgenomen vermogen van het apparaat. 8.2 Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het ap- paraat niet te beschadigen, dient u geschikte vormen en accessoires te gebruiken. Opmerking:Voordat u vormen voor de magnetron ge- bruikt dient u de informatie van de fabrikant in acht te nemen. Voer bij twijfel een serviestest uit.

  • "Vormen testen op hun magnetronbestendigheid", Pagina103 Geschikt voor de magnetron Vormen en accessoires Toelichting Vormen van hitte- en magnetronbestendig ma- teriaal: ¡ Glas ¡ Glaskeramiek ¡ Porselein ¡ Temperatuurbestendi- ge kunststof ¡ Volledig geglazuurd keramiek zonder bar- sten Deze materialen laten mi- crogolven door. Microgol- ven beschadigen hittebe- stendige vormen niet. Bestek van metaal Opmerking:Om kookver- traging te voorkomen kunt u metalen bestek ge- bruiken, bijv. een lepel in een glas. LET OP! Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat be- schadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast. ▶ Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2cm van de wanden van de bin- nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn. Niet geschikt voor de magnetron Vormen en accessoires Toelichting Vormen van metaal Metaal laat geen micro- golven door. De gerech- ten warmen nauwelijks op. Servies met goud- of zil- verdecor Microgolven kunnen gouddecor en zilverdecor beschadigen. Tip:Wanneer door de fa- brikant wordt gegaran- deerd dat de vorm ge- schikt is voor de magne- tron, kunt u de vorm ge- bruiken. 8.3 Vormen testen op hun magnetronbestendigheid Controleer m.b.v. een serviestest of vormen geschikt zijn voor de magnetron. Het apparaat mag alleen bij een serviestest met gebruik van de magnetronfunctie zonder gerechten worden gebruikt. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderde- len heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.

De lege vorm in de binnenruimte plaatsen.

Het apparaat gedurende ½ - 1 minuut op het maxi- male magnetronvermogen instellen.

De vorm meerdere keren controleren: – Wanneer de vorm koud of handwarm is, dan is deze geschikt voor de magnetron. – Wanneer de vorm heet is of er vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan niet geschikt voor de magnetron. 8.4 Magnetron instellen Opmerking: Zorg voor de juiste omgang met de magnetron: ¡ De veiligheidsaanwijzingen in acht nemen.

  • Seite97 ¡ De aanwijzingen voor het vermijden van materiële schade in acht nemen. →Seite99 ¡ De aanwijzingen voor magnetronbestendige vormen en accessoires in acht nemen.nl Magnetron-combi

Druk in het menu op "Magnetron". ‒ Of kies direct de magnetron met de tiptoets .

Druk op het magnetronvermogen in Watt.

Stel het magnetronvermogen in met de instelring.

Druk in het display op om het magnetronvermo- gen te bevestigen

Druk op "Tijdsduur". Voor gebruik van de magnetron is altijd een tijds- duur nodig.

Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutendisplay "m" of secondendisplay "s". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met .

Druk om de ingestelde tijdsduur te bevestigen op in het display.

Start de werking met . a De magnetron start en de tijdsduur loopt af. Bij het maximale magnetronvermogen "boost" geeft het dis- play de vermogensreductie aan. a Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge- luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij- zing dat de werking is beëindigd.

Wanneer de tijdsduur is verstreken: ‒ Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten. ‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het ge- recht klaar is.

Droog de binnenruimte. Tip:Om uw apparaat optimaal te gebruiken, kunt u zich aan de informatie in de insteladviezen oriënteren.

  • "Zo lukt het", Pagina114 8.5 Magnetronvermogen wijzigen U kunt het magnetronvermogen tijdens het gebruik wij- zigen.

Op het ingestelde magnetronvermogen drukken.

Stel het magnetronvermogen in met de instelring.

Op drukken. 8.6 Tijdsduur wijzigen

Druk op de ingestelde "Tijdsduur".

Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met .

Op drukken. 8.7 Gerechten nagaren Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.

Druk op "Voeg extra kooktijd toe".

Stel de gewenste duur in.

  • "Tijdsduur instellen", Pagina107 Met kunt u de ingestelde duur resetten.

Start de werking met . 8.8 Werking onderbreken

Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken.

Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap- paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. 8.9 Werking afbreken

Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. Magnetron-combi 9  Magnetron-combi Magnetron-combi Om de gaarduur te verkorten of als u gerechten wilt opwarmen en tegelijk wilt laten bruinen, kunt u grill in combinatie met magnetron gebruiken. U kunt kiezen uit de volgende magnetronvermogens: ¡ 90W ¡ 180W ¡ 360W 9.1 Magnetron bijschakelen instellen Vereiste:Het apparaat is ingeschakeld.

Druk op "Stand". ‒ Kies de gewenste grillstand met de instelring. ‒ Druk op .

Druk op "Magnetron bijschakelen". ‒ Kies met de instelring het gewenste magnetron- vermogen. ‒ Druk op . a Op het display verschijnt een vooringestelde tijds- duur.

Als de vooringestelde tijdsduur moet worden veran- derd, op "Tijdsduur" drukken. ‒ Kies de gewenste tijdsduur met de instelring. ‒ Druk op .

Als een eindtijd gewenst is, op "Einde" drukken. ‒ Kies de gewenste tijd met de instelring. ‒ Druk op .

Start de werking met . a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal. 9.2 Grillstand wijzigen U kunt de grillstand tijdens het gebruik wijzigen.

Op de ingestelde grillstand drukken.

Stel de gewenste grillstand in met de instelring.

9.3 Magnetronvermogen wijzigen U kunt het magnetronvermogen tijdens het gebruik wij- zigen.

Op het ingestelde magnetronvermogen drukken.

Stel het magnetronvermogen in met de instelring.

Op drukken. 9.4 Tijdsduur wijzigen

Druk op de ingestelde "Tijdsduur".

Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met .

Op drukken. 9.5 Gerechten nagaren Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.

Druk op "Voeg extra kooktijd toe".

Stel de gewenste duur in.

  • "Tijdsduur instellen", Pagina107 Met kunt u de ingestelde duur resetten.

Start de werking met . 9.6 Werking onderbreken

Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken.

Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap- paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. 9.7 Werking afbreken

Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. Grill 10  Grill Grill Met de grill kunt u uw gerechten roosteren of gratine- ren. U kunt de grill alleen of in combinatie met de mag- netron gebruiken. 10.1 Grillstanden U kunt kiezen uit de volgende grillstanden. Grillstand Voedsel 1 (zwak) ¡ Hoge ovenschotels ¡ Soufflees 2 (gemiddeld) ¡ Platte ovenschotels ¡ Vis 3 (sterk) ¡ Worstjes ¡ Toast 10.2 Veiligheidsuitschakeling Voor uw beveiliging is het apparaat uitgerust met een veiligheidsuitschakeling. Het apparaat schakelt automa- tisch uit als het lang in gebruik is. De tijdsduur tot de uitschakeling is afhankelijk van de instelling: ¡ Grill: 90minuten 10.3 Grill instellen Vereiste:Het apparaat is ingeschakeld.

De gewenste grillstand kiezen.

Als een tijdsduur gewenst is, de tijdsduur instellen. ‒ Druk op "Tijdsduur". ‒ Stel de gewenste tijdsduur in met de instelring. ‒ Druk op .

Stel de eindtijd in wanneer een eindtijd is gewenst. ‒ Druk op "Einde". ‒ Stel de gewenste eindtijd in met de instelring. ‒ Druk op .

Start de werking met . a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal. 10.4 Grillstand wijzigen U kunt de grillstand tijdens het gebruik wijzigen.

Op de ingestelde grillstand drukken.

Stel de gewenste grillstand in met de instelring.

Druk op . 10.5 Tijdsduur wijzigen

Druk op de ingestelde "Tijdsduur".

Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met .

Op drukken. 10.6 Gerechten nagaren Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.

Druk op "Voeg extra kooktijd toe".

Stel de gewenste duur in.

  • "Tijdsduur instellen", Pagina107 Met kunt u de ingestelde duur resetten.

Start de werking met .nl Gerechten

10.7 Werking onderbreken

Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken.

Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap- paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. 10.8 Werking afbreken

Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. Gerechten 11  Gerechten Gerechten Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u auto- matisch de optimale instellingen. 11.1 Aanwijzingen bij de instellingen voor gerechten Om een optimaal bereidingsresultaat te behalen volgt u deze aanwijzingen op: ¡ Gebruik alleen levensmiddelen van onberispelijke kwaliteit. ¡ De levensmiddelen uit de verpakking nemen en af- wegen. Wanneer u het exacte gewicht op het appa- raat niet kunt instellen, dan rondt u het gewicht naar boven af. ¡ Gebruik uitsluitend voor magnetron geschikte vor- men, bijv. van glas of keramiek. ¡ Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnen- ruimte. Ontdooien ¡ De levensmiddelen vlak en verdeeld in porties bij -18°C invriezen en bewaren. ¡ Leg de diepvriesproducten op een vlakke vorm, bi- jvoorbeeld een glazen of porseleinen bord. ¡ Het kan zijn dat levensmiddelen na beëindigen van het programma nog niet volledig zijn ontdooid. De levensmiddelen kunnen echter goed verder worden verwerkt. ¡ Laat de ontdooide voedingsproducten nog 10 tot 30minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt. ¡ Bij het ontdooien van vlees of gevogelte ontstaat vloeistof. Verwijder bij het keren de vloeistof. De vloeistof verder niet gebruiken of met andere levens- middelen in contact laten komen. ¡ Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen. ¡ Gevogelte in zijn geheel eerst met de borstzijde en stukken gevogelte eerst met de kant van het vel op de vorm leggen. Groente ¡ Verse groente: in stukken van gelijke grootte snij- den. Voeg per 100g één eetlepel water toe. ¡ Diepvriesgroente: alleen geblancheerde, niet voor- gekookte groente is geschikt. Diepvriesgroente met roomsaus is niet geschikt. 1 tot 3 eetlepels water to- evoegen. Bij spinazie en rode kool geen water toe- voegen. Aardappelen ¡ Aardappels om te koken: snijd deze in stukken van gelijke grootte. Voeg per 100g twee eetlepels water en een beetje zout toe. ¡ Aardappels in de schil: gebruik aardappels van geli- jke grootte. Wassen en meerdere gaatjes in de schil prikken. Aardappelen nog vochtig in een vorm zon- der water doen. ¡ Aardappels in de oven: aardappels van gelijke grootte gebruiken. Wassen, drogen en meerdere gaatjes in de schil prikken. Rijst ¡ Gebruik geen zilvervliesrijs of rijst in kookzakjes. ¡ Twee tot twee en een half keer de hoeveelheid wa- ter bij de rijst doen. Gevogelte ¡ Gebruik alleen kipdelen die op koelkasttemperatuur zijn. ¡ Hier en daar een vork gaatjes in het vel prikken. ¡ Leg kipdelen met de huidzijde naar boven op het rooster. Plaats het rooster in de glazen schaal. Lek- kende vloeistof wordt opgevangen. Lasagne ¡ Het meest geschikt is diepvrieslasagne tot een hoogte van ca. 3 cm. ¡ Lasagne uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron. ¡ Als u diepvrieslasagne in porties van meer dan 700 g bereidt, plaats de vorm dan op een omgedraaid bord dat geschikt is voor de magnetron. 11.2 Programma instellen Vereiste:Het apparaat is ingeschakeld.

Druk op "Gerechten".

Een programma selecteren.

Druk op het vooringestelde gewicht.

Stel het gewenste gewicht in met de bedieningsring.

Bevestig het gewicht met .

Stel de eindtijd in wanneer een eindtijd is gewenst. ‒ Druk op "Einde".‒ Stel de gewenste tijd in.‒ Bevestig de eindtijd met .

De gerechten in de binnenruimte plaatsen.

Sluit de deur van het apparaat.

Op drukken. a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal. Opmerking:Bij vele programma's verschijnen tijdens de bereiding aanwijzingen op het display. Volg deze aanwijzingen op. Gerechten nagaren Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.

Druk op "Voeg extra kooktijd toe".Tijdfuncties nl

Stel de gewenste duur in.

  • "Tijdsduur instellen", Pagina107 Met kunt u de ingestelde duur resetten.

Start de werking met . Werking onderbreken

Open de apparaatdeur of druk op . a De werking wordt onderbroken.

Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het ap- paraat en druk op . a De werking wordt voortgezet. Werking afbreken

Op drukken. a Het apparaat breekt de lopende functies af. 11.3 Overzicht van de gerechten Gerecht Geschikte levensmiddelen Gewichtsbereik inkg Vormen/Toebehoren Brood ontdooien

Brood, heel, rond of langwerpig, brood in sneetjes, cake, gistgebak, vruchtengebak, taart zonder glazuur, slagroom of gelatine 0,20-1 Vlakke open vorm Vlees ontdooien

Braadstukken, platte stukken vlees, kip, ge- hakt 0,20-2 Vlakke open vorm Vis ontdooien

Bijv. bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, prei, paprika, courgette 0,15-1 Gesloten vorm Groente, diepvries

Bijv. bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, rode kool, spinazie 0,15-1 Gesloten vorm Rijst

Rijst met lange korrel 0,05-0,3 Hoge, gesloten vorm Gekookte aardappelen

Aardappels met of zonder schil, aardappel- partjes even groot 0,20-1 Gesloten vorm Aardappelen in de oven

Aardappels met schil, à 200-250 g 0,20-1,5 Rooster op glazen schaal Lasagne, diepvries Lasagne of soortgelijke diepvries-ovenscho- tel 0,30-1 Open vorm Stukken kip, vers Bovenste deel kippenpoot, onderste deel kip- penpoot, kippenpoten 0,50-1 Rooster op glazen schaal

Let op het keersignaal.

Let op het roersignaal. Tijdfuncties 12  Tijdfuncties Tijdfuncties Het apparaat beschikt over tijdfuncties waarmee u de tijdsduur, het einde van het programma en de wekker kunt instellen. Tijdfuncties Gebruik Tijdsduur Wanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het appa- raat na het verstrijken van de tijds- duur automatisch op met verwar- men. Einde Voor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking ein- digt. Het apparaat start automa- tisch zodat de werking op het ge- wenste tijdstip klaar is. Timer De timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Deze beïn- vloedt het apparaat niet. 12.1 Tijdsduur instellen De tijdsduur voor de werking met "boost" kunt u instel- len tot 30 minuten. De duur voor alle andere standen kunt u tot 90 minuten instellen. Vereiste:Een functie en een stand zijn ingesteld.

Druk op "Tijdsduur".

Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met .

Start de werking met . Gerechten nagaren Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.

Druk op "Voeg extra kooktijd toe".nl Tijdfuncties

Stel de gewenste duur in.

  • "Tijdsduur instellen", Pagina107 Met kunt u de ingestelde duur resetten.

Start de werking met . Tijdsduur wijzigen U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.

Druk op "Tijdsduur".

Druk om de vooringestelde tijdsduur te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenaanwijzing "m" of secondenaanwijzing "s". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de tijdsduur in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met .

Op drukken. Tijdsduur afbreken U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.

Druk op de tijdsduur.

Reset de tijdsduur met . Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset het apparaat de tijdsduur naar de vooringestelde waar- de.

Druk op . 12.2 Eindtijd instellen Het tijdstip waarop de tijdsduur van de werking moet zijn afgerond, kunt u tot maximaal 24 uur verschuiven. Opmerkingen ¡ Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wij- zigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart. ¡ Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan. Vereisten ¡ Een functie en een stand zijn ingesteld. ¡ Er is een tijdsduur ingesteld.

Druk om de vooringestelde eindtijd te wijzigen op de betreffende tijdswaarde, bijv. urenaanwijzing h of minutenaanwijzing m. a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de eindtijd in met de instelring.

Druk op . a Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindt zich in de wachtstand. a Als de starttijd is bereikt, begint de werking en de tijdsduur loopt af. a Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge- luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij- zing dat de werking is beëindigd.

Voer wanneer de tijdsduur is verstreken één van de volgende acties uit: ‒ Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten. ‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het ge- recht klaar is. Eindtijd veranderen Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt u de ingestelde tijd alleen wijzigen voordat de werking gestart is en de tijdsduur afloopt.

Stel de eindtijd in met de instelring. Reset indien nodig de instelwaarde met .

Op drukken. Eindtijd afbreken

Reset de instelwaarde met .

Op drukken. 12.3 Timer instellen De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de wekker tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur ein- digt.

Druk om de timer in te stellen in het display op de betreffende tijdswaarde, bijv. minuten "m" of secon- den "s". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.

Stel de timer in met de instelring. a Reset indien nodig de instelwaarde met .

Om de timer te starten, op het display op drukken. a De timer loopt af. a Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, dan blijft de timer op het display zichtbaar. a Als het apparaat is ingeschakeld, staan de instellin- gen van de lopende werking op het display. De ti- mer wordt in de statusindicatie weergegeven. a Wanneer de timer is verstreken, klinkt een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de ti- mer is beëindigd. Timer beëindigen Vereiste:Er klinkt een signaal.

Op een willekeurig veld drukken. a De timer is uitgeschakeld. Timer wijzigen U kunt de timer altijd wijzigen.

Als de timer op de achtergrond loopt, voordien de timer met selecteren.

Wijzig de timer met de instelring.

Bevestig met . Timer annuleren U kunt de timer altijd annuleren.

Als de timer op de achtergrond loopt, voordien de timer met selecteren.

De timer met resetten.Kinderslot nl

Kinderslot 13  Kinderslot Kinderslot Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per onge- luk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen. 13.1 Kinderslot activeren

Toets ca. 4seconden ingedrukt houden. a De bedieningselementen zijn geblokkeerd. a Wanneer een timertijd is ingesteld, dan loopt deze door. Zolang het kinderslot actief is, kunt u de timer- tijd niet wijzigen. Om geluidssignalen, bijv. na het verstrijken van de timertijd, te beëindigen op een willekeurige toets drukken. 13.2 Kinderslot deactiveren

De ring 360° draaien.

Als alternatief de toets ca. 4 seconden ingedrukt houden.

De bedieningselementen zijn gedeblokkeerd. Basisinstellingen 14  Basisinstellingen Basisinstellingen U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen. 14.1 Overzicht van de basisinstellingen Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksin- stellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat. Opmerkingen ¡ Wijzigingen van de instellingen van de taal, de sen- sortoetstoon en de display-helderheid hebben direct effect. Alle andere instellingen zijn pas actief wan- neer u de instellingen opslaat. ¡ Uw wijzigingen van de basisinstellingen blijven ook na een stroomstoring bewaard. Basisinstellingen Keuze Taal Zie de selectie op het ap- paraat Tijd "Tijd" in het 24 uursfor- maat Display Keuze Helderheid ¡ Standen 1 t/m 8

Tijdsindicatie ¡ Aan (deze instelling verhoogt het energie- verbruik) ¡ tijdslimiet

¡ Uit Tijd ¡ Digitaal

Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaat- type afwijken) Aardewerk Keuze Toetssignaal ¡ Aan

Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaat- type afwijken) Instellingen van het appa- raat Keuze Verlichting ¡ Aan

Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaat- type afwijken) Personalisering Keuze Merklogo ¡ Display

¡ Niet weergeven Werking na inschakelen ¡ Hoofdmenu

Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaat- type afwijken) Fabrieksinstellingen Keuze Fabrieksinstellingen ¡ Herstellen ¡ Afbrekennl Reinigingsondersteuning

Fabrieksinstellingen Keuze Demostand ¡ "Fabrieksinstellingen" instellen Wordt alleen in de eer- ste 5 minuten na een reset of bij de eerste ingebruikstelling weer- gegeven. Apparaat informatie ¡ "Apparaat informatie" weergeven 14.2 Basisinstellingen wijzigen Vereiste:Het apparaat is ingeschakeld.

Druk op "Basisinstellingen".

Druk op de gewenste basisinstelling.

Wijzig de gewenste instellingen op het display.

Keer met terug naar het overzicht of het hoofd- menu. 14.3 Tijd wijzigen Vereiste:Het apparaat is ingeschakeld.

Druk op "Basisinstellingen".

Druk op de basisinstelling "Tijd". a Het display toont de ingestelde waarde.

Stel de uren in met de instelring.

Stel de minuten in met de instelring.

Keer met terug naar het overzicht of het hoofd- menu. Reinigingsondersteuning 15  Reinigingsondersteuning Reinigingsondersteuning De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reini- gingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd. 15.1 Reinigingsondersteuning instellen Vereiste:Het apparaat is ingeschakeld.

Druk op "Reiniging".

Volg de aanwijzingen op het display.

Druk op . a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.

Volg de aanwijzingen op het display. Reiniging en onderhoud 16  Reiniging en onderhoud Reiniging en onderhoud Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken. 16.1 Reinigingsmiddelen Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen. LET OP! Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de op- pervlakken van het apparaat. ▶ Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmid- delen. ▶ Gebruik geen sterk alcoholhoudende reinigingsmid- delen. ▶ Gebruik geen harde schuursponsjes of afwasspons- jes. ▶ Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging. ▶ Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende on- derdeel worden aanbevolen. Het zout dat in nieuwe absorberende vaatdoekjes zit kan oppervlakken beschadigen. ▶ Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uit- wassen. In de verschillende reinigingshandleidingen kunt u le- zen welke reinigingsmiddelen geschikt zijn voor de ver- schillende oppervlakken en onderdelen. 16.2 Apparaat reinigen Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zo- dat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigings- middelen beschadigd raken. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar on- derdelen die men kan aanraken heet. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van verwar- mingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt wor- den gehouden. WAARSCHUWING‒Kans op brand! Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. ▶ Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwar- mingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten. ▶ Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het opper- vlak kan beschadigen.Reiniging en onderhoud nl

De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.

De aanwijzingen voor de reiniging van de onderde- len en oppervlakken van het apparaat in acht ne- men.

Indien niet anders vermeld: ‒ De verschillende onderdelen van het apparaat reinigen met warm zeepsop en een schoon- maakdoekje. ‒ Droog na met een zachte doek. 16.3 Binnenruimte reinigen LET OP! Ondeskundige reiniging kan de binnenruimte beschadi- gen. ▶ Gebruik geen ovenspray, geen schuurmiddelen of andere agressieve reinigingsproducten voor de oven.

De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.

Met warm zeepsop of azijnwater reinigen.

Bij sterke verontreiniging voor roestvrijstalen opper- vlakken geschikte ovenreiniger gebruiken. Ovenreiniger uitsluitend in een koude binnenruimte gebruiken. Tip:Om onaangename geuren te verhelpen, een kopje water met een paar druppels citroensap ge- durende 1 tot 2minuten met maximaal magnetron- vermogen verwarmen. Om kookvertraging te vermij- den altijd een lepel er in plaatsen.

De binnenruimte met een zachte doek afnemen.

De binnenruimte met geopende deur laten drogen. 16.4 Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte regenereren Het plafond in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelf- reinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Als de grillfunctie in gebruik is, nemen de zelfreinigen- de oppervlakken vetspetters van het braden of grillen op en breken ze vetrestanten af. Als u hoofdzakelijk de magnetronfunctie gebruikt, start u regelmatig de grill- functie om de bovenkant te reinigen. LET OP! Ovenspray op de zelfreinigende oppervlakken bescha- digt de oppervlakken. ▶ Geen ovenspray op de zelfreinigende oppervlakken gebruiken. Wanneer er toch ovenspray op deze op- pervlakken terechtkomt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reinigingshulp gebruiken. Vereisten ¡ De binnenruimte is leeg. ¡ Het apparaat is ingeschakeld.

Kies de hoogste grillstand.

Druk op "Tijdsduur".

Stel de gewenste tijdsduur in. De voor de reiniging benodigde tijdsduur is afhan- kelijk van de hoeveelheid vetresten. Start met een tijdsduur van 20 minuten.

Start de werking met . Ventileer de ruimte zolang het apparaat opwarmt. a Tijdens het gebruik is rookontwikkeling mogelijk. Dit is normaal en vermindert. a Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.

Als aan het einde van de tijdsduur nog rookontwik- keling zichtbaar is, verlengt u de tijdsduur. 16.5 Accessoires reinigen

De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.

Ingebrande etensresten met een vochtige vaatdoek en heet zeepsop losweken.

De accessoires met heet zeepsop en een vaatdoek of een afwasborstel reinigen.

De roest met RVS-reiniger of in de vaatwasser reini- gen. Gebruik bij sterke verontreiniging een RVS-spiraal- spons of ovenreiniger.

Met een zachte doek nadrogen. 16.6 Ruiten van de deur schoonmaken LET OP! Ondeskundige reiniging kan de deurruiten beschadi- gen. ▶ Geen schraper gebruiken.

De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.

Reinig de deurruiten met een vochtige vaatdoek een glasreiniger. Opmerking:Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflecties van de ver- lichting van de binnenruimte.

Met een zachte doek nadrogen. 16.7 Deurafdichting reinigen LET OP! Ondeskundige reiniging kan de deurafdichting bescha- digen. ▶ Gebruik geen metalen schraper of schraper voor vi- trokeramische kookplaat voor het reinigen. ▶ Geen schurende reinigingsmiddelen gebruiken.

De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.

Reinig de deurafdichting met heet zeepsop en een zachte vaatdoek.

Met een zachte doek nadrogen.nl Storingen verhelpen

16.8 Voorzijde van het apparaat reinigen LET OP! Ondeskundige reiniging kan de voorzijde van het appa- raat beschadigen. ▶ Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper ge- bruiken voor het schoonmaken. ▶ Om corrosie op RVS-fronten te vermijden, kalkvlek- ken, vetvlekken, zetmeelvlekken en eiwitvlekken on- middellijk verwijderen. ▶ Bij RVS-oppervlakken speciale RVS-reinigingsmid- delen voor warme oppervlakken gebruiken.

De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.

De voorkant van het apparaat met heet zeepsop en een vaatdoek reinigen. Opmerking:Geringe kleurverschillen op de voorzij- de van het apparaat ontstaan door gebruik van ver- schillende materialen, zoals glas, kunststof en me- taal.

Bij RVS-apparaatfronten het RVS-reinigingsmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. Het RVS-reinigingsmiddel is verkrijgbaar bij de klan- tenservice of in de vakhandel.

Met een zachte doek nadrogen. 16.9 Bedieningspaneel reinigen LET OP! Ondeskundige reiniging kan het bedieningspaneel be- schadigen. ▶ Het bedieningspaneel nooit nat afnemen.

De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.

Het bedieningspaneel met een microvezeldoek of een zachte, vochtige doek reinigen.

Met een zachte doek nadrogen. Storingen verhelpen 17  Storingen verhelpen Storingen verhelpen Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhel- pen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Bel de servicedienst als het apparaat defect is.

  • "Servicedienst", Pagina114 WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag repa- raties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat. ▶ Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataan- sluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaan- sluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die ver- krijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice. 17.1 Functiestoringen Storing Oorzaak en probleemoplossing Apparaat werkt niet. Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken.

Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.

Controleer de zekering in de meterkast. Stroomvoorziening is uitgevallen.

Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. Storing

Zekering in zekeringkast uitschakelen.

Zekering na ca. 10seconden weer inschakelen. a Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.

Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.

  • "Servicedienst", Pagina114 De magnetron werkt niet. Deur is niet helemaal gesloten.

Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zit- ten. De gerechten war- men niet op. De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen.

Haal de stroom van het apparaat door de zekering in de meterkast kort uit te schakelen.

Storing Oorzaak en probleemoplossing Verlichting van de binnenruimte werkt niet. Verschillende oorzaken zijn mogelijk.

Neem contact op met de

Het apparaat resetten. ‒ Ofwel de toets minstens 10 seconden ingedrukt houden. ‒ Of de zekering in de meterkast uitschakelen. De zekering na ca. 10seconden weer inschakelen. a Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.

Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.

  • "Servicedienst", Pagina114 De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. Magnetronvermogen is te laag ingesteld.

Stel een hoger magnetronvermogen in. Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het apparaat gedaan.

Stel een langere tijdsduur in. Voor de dubbele hoeveelheid hebt u twee keer zoveel tijd nodig. Gerechten zijn kouder dan gewoonlijk.

Keer de gerechten of roer de gerechten tussendoor om. De tijd verschijnt niet wanneer het apparaat is uitgeschakeld Het display schakelt na enkele seconden uit. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. 17.2 Aanwijzingen op het display Storing Oorzaak en probleemoplossing Melding met "D" of "E" verschijnt op het display. Storing

Het apparaat resetten. ‒ Ofwel de toets minstens 6 seconden ingedrukt houden. ‒ Of de zekering in de meterkast uitschakelen. De zekering na ca. 10seconden weer inschakelen. a Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.

Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.

  • "Servicedienst", Pagina114 Afvoeren 18  Afvoeren Afvoeren 18.1 Afvoeren van uw oude apparaat Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trek- ken.

Het netsnoer doorknippen.

Voer het apparaat milieuvriendelijk af. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoer- methoden. Dit apparaat is gekenmerkt in over- eenstemming met de Europese richt- lijn 2012/19/EU betreffende afge- dankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and elec- tronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.nl Servicedienst

Servicedienst 19  Servicedienst Servicedienst Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig. De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website. Dit product bevat lichtbronnen van de energieklasse D. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen. 19.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent. Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-tele- foonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren. Zo lukt het 20  Zo lukt het Zo lukt het Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassen- de instellingen alsmede de beste accessoires en vor- men. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd. 20.1 Zo kunt u het best te werk gaan Hier vertellen we u hoe u als beste stap voor stap opti- maal kunt profiteren van het insteladvies. U krijgt infor- matie over vele gerechten met informatie en tips, zoals hoe u het apparaat optimaal kunt gebruiken en instel- len. Tip Aanwijzingen voor de bereiding ¡ De insteladviezen gelden altijd voor de koude en le- ge binnenruimte. ¡ De opgegeven tijden in de overzichten zijn richt- waarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tij- dens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen. ▶ Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekook- te eieren in de eierschaal opwarmen. ▶ Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken. ▶ Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken. ▶ Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel. LET OP! Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster be- schadigen ▶ Leg zuurhoudende levensmiddelen zoals bijv. fruit of met zuurhoudende marinade gekruide grillproduc- ten niet direct op het rooster. Opmerking:Instructie voor mensen met nikkelaller- gie In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.

Vóór het gebruik niet benodigde vormen uit de bin- nenruimte verwijderen.

Kies een gewenst gerecht uit de insteladviezen.

Doe het gerecht in een geschikte vorm.

Plaats de vorm in het midden op de bodem van de binnenruimte. Zo kunnen de microgolven de gerechten van alle kanten bereiken.

Stel het apparaat in overeenkomstig het instelad- vies. Eerst de kortste tijdsduur instellen. Indien nodig de tijdsduur verlengen.

Gebruik pannenlappen wanneer u hete vormen uit de binnenruimte neemt. 20.2 Ontdooien, verwarmen en garen met de magnetron Instellingsadviezen voor het ontdooien, verwarmen en koken met de magnetron. De tijdsduur is afhankelijk van het servies en van de temperatuur, aard en hoeveelheid van het product. Daarom zijn in de tabellen bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in. Als u andere hoeveelhe- den gebruikt dan aangegeven in de tabellen, houdt u zich dan aan de vuistregel: dubbele hoeveelheid - bijna dubbele tijdsduur, halve hoeveelheid - halve tijdsduur. Ontdooien met de magnetron Opmerking: Aanwijzingen voor de bereiding ¡ Vries het voedsel vlak in.Zo lukt het nl

¡ Gebruik open servies dat geschikt is voor de magnetron. ¡ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. ¡ De gerechten tussendoor 2 tot 3maal omroeren of keren. Bij het keren de ontdooivloeistof verwijderen. ¡ Bij het ontdooien van vlees of gevogelte ontstaat vloeistof. Verwijder bij het keren de vloeistof. Verder niet gebrui- ken of met andere levensmiddelen in contact laten komen. ¡ Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen. ¡ Bij het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden. ¡ Laat de ontdooide voedingsproducten nog 10 tot 30minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt. Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur Vlees in zijn geheel, met en zonder bot

Vlees in zijn geheel, met en zonder bot

Vlees in zijn geheel, met en zonder bot

Gevogelte of delen gevogelte 1, 2 600g 1. 180W

Gevogelte of delen gevogelte 1, 2 1200g 1. 180W

Groente, bijv. erwten

Het voedsel herhaaldelijk keren.

Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.

Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.

De verpakking volledig verwijderen.

Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.

De stukken gebak van elkaar scheiden.nl Zo lukt het

Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur Gebak, vochtig, bijv. vruch- tentaart, kwarktaart

Gebak, vochtig, bijv. vruch- tentaart, kwarktaart

Het voedsel herhaaldelijk keren.

Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.

Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.

De verpakking volledig verwijderen.

Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.

De stukken gebak van elkaar scheiden. Opwarmen of bereiden van diepgevroren gerechten met magnetron Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht. Opmerking: Aanwijzingen voor de bereiding ¡ Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een ma- gnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen. ¡ De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. ¡ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. ¡ De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen. ¡ De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren. ¡ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten. ¡ De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate. ¡ Lasagne uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron. ¡ Het meest geschikt is diepvrieslasagne tot een hoogte van ca. 3 cm. ¡ Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-en-klare gerechten bij 600watt te ver- warmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd. Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur Menu, bordgerecht, kant- en-klaargerecht (2-3 com- ponenten) 300-400g 600W 8-13min. Soep 400g 600W 8-12min. Eenpansgerechten 500g 600W 10-15min. Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash 500g 600W 10-15min. Vis, bijv. filetstukken

250g 600W 3-7min. Bijgerechten, bijv. rijst, pasta

Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.

Het voedsel bereiden zonder toevoeging van water. Tips voor het de volgende keer ontdooien, verwarmen en bereiden met de magnetron Houd u deze tips aan voor goede resultaten bij het ont- dooien, opwarmen en bereiden met de magnetron.Zo lukt het nl

Vraag Tip Uw gerecht is te droog. ¡ Verkort de tijdsduur of kies een lager magne- tronvermogen. ¡ Het gerecht afdekken en meer vloeistof toe- voegen. Uw gerecht is na het ver- strijken van de tijd nog niet ontdooid, opgewarmd of gaar. Verleng de tijdsduur. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meer tijd nodig. Vraag Tip Uw gerecht is na het ver- strijken van de tijd van binnen nog niet klaar, maar van de buitenkant reeds oververhit. ¡ Tussentijds doorroe- ren. ¡ Verlaag het magne- tronvermogen en ver- leng de tijdsduur. Uw vlees of gevogelte is na het ontdooien van bin- nen nog steeds niet ont- dooid, maar van buiten al gegaard. ¡ Verlaag het magne- tronvermogen. ¡ Grote te ontdooien producten meerdere malen keren. 20.3 Opwarmen Met uw apparaat kunt u gerechten opwarmen. Opwarmen met de magnetron Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten. ▶ Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen. LET OP! Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat be- schadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast. ▶ Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2cm van de wanden van de bin- nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn. Opmerking: Aanwijzingen voor de bereiding ¡ Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen. ¡ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. ¡ De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren. ¡ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten. ¡ De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen. ¡ Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij le- vensmiddelen of kant-en-klare gerechten bij 600watt te verwarmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, ver- leng dan de tijd. Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur Schotel, gekoeld 1 portie 600W 5-8min. Dranken 1, 2, 3 125ml boost 40-50sec. Dranken 1, 2, 3 200ml boost 1-2min. Dranken 1, 2, 3 500ml boost 2-3min. Babyvoeding, bijv. flesjes melk 4, 5, 3 50ml 600W ca. 20-30sec. Babyvoeding, bijv. flesjes melk 4, 5, 3 100ml 600W 30-40sec.

Doe een lepel in het glas.

Alcoholische dranken niet verwarmen.

Beslist de temperatuur controleren.

Babyvoedsel zonder speen of deksel verwarmen.

Na het verwarmen het voedsel altijd goed schudden.

Het voedsel tussendoor controleren.

De lapjes vlees van elkaar scheiden.nl Zo lukt het

Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur Babyvoeding, bijv. flesjes melk 4, 5, 3 200ml 600W 50-60sec. Soep, 1 kopje

Doe een lepel in het glas.

Alcoholische dranken niet verwarmen.

Beslist de temperatuur controleren.

Babyvoedsel zonder speen of deksel verwarmen.

Na het verwarmen het voedsel altijd goed schudden.

Het voedsel tussendoor controleren.

De lapjes vlees van elkaar scheiden. 20.4 Bereiden Met uw apparaat kunt u gerechten bereiden. Bereiden met magnetron Opmerking: Aanwijzingen voor de bereiding ¡ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. ¡ De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. ¡ Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een ma- gnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen. ¡ De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate. ¡ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten. ¡ De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen. ¡ Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-en-klare gerechten bij 600watt te ver- warmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd. Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur Hele kip, vers, zonder ingewanden

Zoete gerechten, bijv. pudding (instant)

Keer het gerecht van 1/2 van de totale tijd.

Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.

In stukken van gelijke grootte snijden.

Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.

De dubbele hoeveelheid vloeistof toevoegen.Zo lukt het nl

Pudding van puddingpoeder WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kun- nen heet worden. ▶ Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.

Een pakje puddingpoeder volgens de aanwijzingen op de verpakking met suiker en een beetje melk in een voor de magnetron geschikte hoge schaal door elkaar roeren, zodat er geen klontjes aanwezig zijn.

De rest van de melk toevoegen en nogmaals door- roeren.

De schaal in de binnenruimte plaatsen en de appa- raatdeur sluiten.

Stel het apparaat in overeenkomstig het instelad- vies.

Na 3minuten voor de eerste keer omroeren. Dan steeds na één minuut omroeren, tot de gewenste consistentie is bereikt. De tijdsduur is afhankelijk van de temperatuur van de melk en de gebruikte kom. Popcorn voor de magnetron WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden! De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen. ▶ Houd altijd de opgaven op de verpakking aan. ▶ Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte. LET OP! De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn di- rect na elkaar met een te hoog magnetronvermogen kan leiden tot beschadiging van de binnenruimte. ▶ Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdere minuten afkoelen. ▶ Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in. ▶ Gebruik maximaal 600Watt. ▶ Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen. Opmerking: Aanwijzingen voor de bereiding ¡ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. ¡ Gebruik een platte, hittebestendige vorm. Geen por- selein of sterk gebogen borden gebruiken. ¡ De popcornzak met de gemarkeerde zijde naar on- deren op kom leggen. ¡ De duur afhankelijk van de hoeveelheid aanpassen. ¡ Om te voorkomen dat de popcorn aanbrandt, de popcornzak na 1minuut en 30seconden even uit de oven nemen en schudden. Opgelet, de popcorn is heet. Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur Popcorn voor de magnetron

Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen. De aanwijzingen van de fabrikant in acht nemen. 20.5 Grillen Grill de gerechten die knapperig moeten worden. Opmerking: Aanwijzingen voor de bereiding ¡ Niet voorverwarmen. ¡ Grillstukken met gelijksoortig gewicht en gelijksoortige dikte gebruiken. Dan worden ze gelijkmatig bruin en blijven lekker mals. ¡ De grillstukken direct op het rooster leggen. Plaats het rooster in de glazen schaal. Uitdruipend vet en braadsap- pen worden zo opgevangen. ¡ De grillstukken keren met een grilltang. Wanneer u met een vork in het vlees prikt, dan verliest dit sap en wordt het droog. ¡ Vlees pas na het grillen zouten. Zout onttrekt water aan het vlees. ¡ Donker vlees, bijv. van het rund, bruint sneller dan licht vlees, bijv. van het kalf of het varken. Grillstukken van licht vlees of vis zijn vaak aan het oppervlak slechts lichtbruin, maar van binnen toch al gaar en sappig. ¡ De grill schakelt telkens weer in en uit. Dit is normaal. De frequentie is afhankelijk van de ingestelde grillstand. ¡ Bij het grillen kan rook ontstaan. Gerechten Hoeveelheid Gewicht Grillstand Tijdsduur Procureursteaks, ca. 2cm dik 3-4stuks àca. 220g 3 (sterk) 1e kant ca. 15min 2e kant: ca. 10-15min

Het rooster van tevoren invetten met olie.nl Zo lukt het

Gerechten Hoeveelheid Gewicht Grillstand Tijdsduur Grillworsten 4-6stuks àca. 100g 3 (sterk) 1e kant ca. 15-20min 2e kant: ca. 10-15min Viskotelet

2-3stuks àca. 150g 3 (sterk) 1e kant ca. 10min. 2e kant: ca. 15-20min. Vis, heel bijv. forellen

2-3stuks àca. 260g 3 (sterk) 1e kant ca. 15min 2e kant: ca. 10-15min Toastbrood (voortoasten) 2-6sneetjes 3 (sterk) 1e kant ca. 4-5min. 2e kant: ca. 2-3min. Toast grillen 2-6sneetjes 3 (sterk) afhankelijk van beleg: 5-10 min

Het rooster van tevoren invetten met olie. 20.6 Grillen met magnetron gecombineerd Om de bereidingsduur te verkorten, kunt u de grill in combinatie met de magnetron gebruiken. Grillen met magnetron gecombineerd Opmerking: Aanwijzingen voor de bereiding ¡ Plaats de vorm op het rooster. ¡ Gebruik voor het braden een hoge vorm. Bij de bereiding in een gesloten vorm blijft de binnenruimte schoner. ¡ Kip, kipdelen en eendenborst met de huidzijde naar boven leggen. ¡ Hier en daar een vork gaatjes in het vel prikken. ¡ Gebruik voor soufflés en gratins een grote, platte vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden ze donkerder aan de bovenkant. ¡ Soufflés en gratins in het uitgeschakelde apparaat 5 minuten laten rusten. ¡ Controleer of de vorm in de binnenruimte past. De vorm mag niet te groot zijn. ¡ Laat vóór het aansnijden het vlees 5-10 minuten rusten. Zo verdeelt het vleessap zich gelijkmatig en komt het niet vrij wanneer het vlees wordt gesneden. ¡ Stel altijd de maximale bereidingstijd in. Controleer na de kortste van de opgegeven tijden de gerechten. ¡ Lasagne uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron. ¡ Als u diepvrieslasagne met een hoogte van ca. 4-5 cm bereidt, plaats de vorm dan op een omgedraaid bord dat geschikt is voor de magnetron. Gerechten Gewicht Grillstand Magnetronvermogen Tijdsduur Varkensgebraad, bijv. procureursteak

ca. 750g 1 (zwak) 360W 35-40min. Gehaktbrood, max. 7 cm hoog ca. 750g 2 (gemiddeld) 360W 20-25min. Kip, gehalveerd

ca. 1200g 3 (sterk) 360W 35-40min. Kipdelen, bijv. kwart kip

ca. 800g 3 (sterk) 180W 20-25min. Pastaschotel (van voorgegaarde ingrediënten)

Keer het voedsel niet.

Het voedsel met kaas bestrooien.Montagehandleiding nl

Keer het voedsel niet.

Het voedsel met kaas bestrooien. 20.7 Testgerechten Deze overzichten werden voor testinstituten gemaakt, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1:2013 resp. IEC 60350-1:2011 en volgens de norm EN 60705:2012, IEC 60705:2010 te vergemakkelijken. Bereiden met magnetron Gerecht Magnetronvermogen in W Tijdsduur in min Aanwijzing Kandeel, 1000g 1. 600W

Pyrexform Biscuit, 475g 600W 7-9min. Pyrexvorm, Ø22cm Gehakt, 900g 600W 20-25min. Pyrexvorm, Ø28cm lang Schotel, gekoeld, 1portie 600W 5-6min. Magnetronafdekkap Ontdooien met de magnetron Gerecht Magnetronvermogen in W Tijdsduur in min Aanwijzing Vlees, 500g 1. 180W

Pyrexvorm, Ø24cm Bereiden met magnetron en grill Gerecht Magnetronvermogen in W Tijdsduur in min Aanwijzing Aardappelgratin, 1100g 360W + grillstand 2 25-35min. Ronde pyrexvorm, Ø 22

Gebak - Niet aanbevolen Montagehandleiding 21  Montagehandleiding Montagehandleidingnl Montagehandleiding

21.1 Leveringsomvang Controleer na het uitpakken alle onderdelen op trans- portschade en de volledigheid van de levering.  21.2 Veilige montage Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht. ¡ De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montage- handleiding. De installateur is verantwoor- delijk voor een goede werking op de plaats van opstelling. ¡ Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportscha- de. ¡ Voor het eerste gebruik verpakkingsmate- riaal en plakfolie verwijderen uit de binnen- ruimte en van de deur. ¡ Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de monta- gebladen. ¡ Inbouwmeubels dienen bestand te zijn te- gen een temperatuur van maximaal 90 °C, aangrenzende voorzijden van meubels te- gen een temperatuur van maximaal 65 °C. ¡ Het apparaat niet inbouwen achter een de- cor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting. ¡ Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt ge- plaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektri- sche componenten. ¡ Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aanges- loten. Bij schade door een verkeerde aans- luiting kunt u geen aanspraak maken op garantie. WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Onderdelen die tijdens de montage toeganke- lijk zijn, kunnen scherp zijn en tot snijletsels leiden. ▶ Veiligheidshandschoenen dragen. WAARSCHUWING‒Kans op brand! Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk. ▶ Geen verlengsnoeren of meervoudige stop- contacten gebruiken. ▶ Neem contact op met de service wanneer het netsnoer te kort is. 21.3 Inbouwmeubel Dit apparaat is uitsluitend voor inbouw bedoeld. Dit ap- paraat is niet bedoeld voor gebruik op tafel of in een kast. De inbouwkast mag achter het apparaat geen achter- wand hebben. De minimale inbouwhoogte bedraagt 850mm. Ventilatiesleuven en aanzuigopeningen mogen niet wor- den afgedekt. 21.4 Elektrische aansluiting Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen. ¡ Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden ge- bruikt. ¡ De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de loka- le voorschriften. ¡ Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn. ¡ Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aan- sluitkabel worden aangesloten. ¡ De aansluitkabel moet op de achterkant van het ap- paraat worden aangesloten. Een 3 m lange aansluit- kabel is bij de klantenservice verkrijgbaar. ¡ De aansluitkabel mag alleen worden vervangen door een originele kabel. Die is bij de servicedienst verkrijgbaar. Apparaat elektrisch aansluiten Opmerking:Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voor- schriften is geïnstalleerd.

De apparaatstekker van het aansluitsnoer op het ap- paraat aansluiten. De apparaatstekker op vastheid controleren.

De stekker van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken. Als het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn. Als de vrije toegang tot de netstekker niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpo- lige scheidingsinrichting volgens de installatievoor- schriften worden ingebouwd.Montagehandleiding nl

21.5 Inbouw in bovenkast Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden in de hoge kast in acht. Het apparaat slechts zo hoog inbouwen, dat de acces- soires er zonder probleem uitgehaald kunnen worden. Verwijder de voetjes. 21.6 Inbouw in een hoge kast Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden in de hoge kast in acht. Het apparaat slechts zo hoog inbouwen, dat de acces- soires er zonder probleem uitgehaald kunnen worden. De stelvoeten instellen. 21.7 Apparaat inbouwen

Schuif het apparaat er helemaal in. De aansluitkabel niet knikken, inklemmen of over scherpe randen leiden.

De afstand tot de aanliggende apparaten controle- ren.nl Montagehandleiding

LET OP! Bij het openen van de apparaatdeur kan het appa- raat naar voren kantelen. ▶ Houd het apparaat in positie bij het openen van de apparaatdeur. Open de apparaatdeur langzaam.

Schroef het apparaat op de tegenoverliggende zijde van de scharnieren op het meubel vast.

De gaten voor het bevestigen aan de kant van de scharnieren in het meubel voorboren. Dek de deurscharnieren af. Gebruik een houtboor van 2mm doorsnede.

Verwijder de spanen uit de binnenruimte.

Schroef het apparaat aan de zijde van de scharnie- ren op het meubel vast.

Verwijder verpakkingsmateriaal en plakfolie uit de binnenruimte en van de deur. 21.8 Apparaat demonteren

Maak het apparaat spanningsloos.

Draai de bevestigingsschroeven los.

Til het apparaat iets op en trek het helemaal naar buiten.Thank you for buying a Bosch Home Appliance! Register your new device on MyBosch now and profit directly from:

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : BER7321B1

Categorie : Magnetron