RAPID PRO PB131 - Nietmachine

PRO PB131 - Nietmachine RAPID - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PRO PB131 RAPID in PDF-formaat.

📄 116 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice RAPID PRO PB131 - page 20
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over PRO PB131 RAPID

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Nietmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PRO PB131 - RAPID en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PRO PB131 van het merk RAPID.

GEBRUIKSAANWIJZING PRO PB131 RAPID

WAARSCHUWING: Lees vóór gebruik de instructies en waarschuwingen voor dit gereedschap zorgvuldig door. Als u dit niet doet, kan dat leiden tot ernstig letsel.

Bedieningsvoorschriften - vertaling van het origineel

RAPID PRO PB131 - Bedieningsvoorschriften - vertaling van het origineel - 1

TECHNISCHE SPECIFICATIES

Afmetingen gereedschapHoogte 245 mm
Lengte 240 mm
Breedte 56 mm
Gewicht zonder nagels 1,29 kg
Gewicht met zwaarste nagels1,34 kg
Luchtinlaat 1/4"
Maximaal toegestane werkdruk 8 bar
WerkdrukMinimaal 5 bar
Maximaal 7 bar
Pneumatische bediening Enkele sequentiële trekker
Aanbevolen nietjes RAPID no8: 15 -> 50 mm
Afmetingen nagels 1,25x0,95 mm - 18Ga
Laadcapaciteit 110
Aanbevolen pneumatische olieHydraulische olie ISO 46 of gelijkwaardig
Geluidsinformatie (EN 12549:1999)LpA, 1s, d 84,1 dB
onzekerheid 2,5 dB
LwA, 1s, d 97,1 dB
onzekerheid 2,5 dB
LpC, peak116,3 dB
onzekerheid 2,5 dB

Deze waarden zijn gereedschapgerelateerde karakteristieke waarden en geven niet het geproduceerde geluid op het moment van daadwerkelijk gebruiken van het apparaat weer. Het geproduceerde geluid tijdens het werken met het apparaat hangt bijvoorbeeld ook af van de werkomgeving, het stuk waaraan gewerkt wordt, hoe dat stuk ondersteund wordt, het aantal nagels dat ingeslagen wordt enz. De vormgeving van de werkplek kan ook helpen het geluidsniveau te verlagen, bijvoorbeeld het plaatsen van het werkstuk op een geluiddempende

ondergrond.

Trillingsinformatie(ISO 8662-11:1999)Trilling2,84 m/s ^2
onzekerheid0,305 m/s ^2

Deze waarde is een gereedschapgerelateerde karakteristieke waarde en geeft niet de invloed op het hand-arm-systeem op het moment van daadwerkelijk gebruiken van het apparaat weer. De invloed op het hand-arm-systeem bij het gebruiken van dit apparaat hangt bijvoorbeeld ook af van de kracht waarmee men het apparaat beet houdt, van de kracht waarmee het apparaat tegen het werkoppervlak gedrukt wordt, de richting waarin gespijkerd wordt, de afstelling van de luchttoevoer, het stuk waaraan gewerkt wordt, hoe dat ondersteund is enz.

SYMBOLEN

De volgende symbolen worden gebruikt voor het gereedschap. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken.

RAPID PRO PB131 - SYMBOLEN - 1

Lees en begrijp waarschuwingen en de handleiding. Het niet opvolgen van waarschuwingen kan ernstig letsel tot gevolg hebben.

RAPID PRO PB131 - SYMBOLEN - 2

Gebruikers en anderen in het werkgebied dienen slagvaste oogbescherming met zijkleppen te dragen.

RAPID PRO PB131 - SYMBOLEN - 3

Gebruikers en anderen in het werkgebied dienen gehoorbescherming te dragen.

RAPID PRO PB131 - SYMBOLEN - 4

Gebruik het gereedschap niet wanneer u op een weegschaal, trappen of steigers, ladders of ladderachtige constructies staat, b.v. daklatten, bij het sluiten van dozen of kratten, bij het monteren van transportbeveiligingssystemen, b.v. op voertuigen en wagons.

RAPID PRO PB131 - SYMBOLEN - 5

Gebruik nooit zuurstof, koolstofdioxide of een ander gecomprimeerd gas als energiebron voor dit gereedschap.

  1. Lees deze handleiding voor gebruik van het gereedschap voor persoonlijke veiligheid en een juiste werking en onderhoud van het gereedschap.

RAPID PRO PB131 - SYMBOLEN - 6

  1. Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor toekomstige referentie.

  2. Het gereedschap is alleen bedoeld voor professioneel gebruik. Gebruik het niet voor andere doeleinden. Het is niet ontworpen om bevestigingsmiddelen rechtstreeks op een hard oppervlak zoals staal en beton te schieten.

  3. De gebruiker moet de specifi eke risico's beoordelen die aan elk gebruik zijn verbonden.

  4. Al het overige gebruik buiten het beoogde gebruik van dit gereedschap is verboden. Gereedschappen die bevestigingsmiddelen aanbrengen door middel van continu herhaaldelijk schieten of herhaaldelijk schieten mogen uitsluitend worden gebruikt in productietoepassingen.

  5. Houd uw vingers uit de buurt van de trekker wanneer u het gereedschap niet gebruikt en wanneer u het verplaatst van de ene werkplek naar de andere.

  6. Meerdere gevaren. U moet de veiligheidsinstructies lezen en begrijpen voordat u het gereedschap aansluit, loskoppelt, laadt, bedient, onderhoudt, van accessoires voorziet of in de buurt ervan werkt. Als u dit niet doet, kan dat leiden tot ernstig lichamelijk letsel.

  7. Houd alle lichaamsdelen, zoals handen, benen, etc., uit de schietrichting en verzeker u ervan dat het bevestigingsmiddel niet door het werkstuk heen in een lichaamsdeel kan schieten.

  8. Wees bij gebruik van het gereedschap erop bedacht dat het bevestigingsmiddel kan afketsen en letsel kan veroorzaken.

  9. Houd het gereedschap stevig vast en wees voorbereid om de terugslag op te vangen.

  10. Alleen vakbekwame gebruikers mogen het bevestigingsgreedschap bedienen.

  11. Wijzig het bevestigingsgreedschap niet. Wijzigingen kunnen de effectiviteit van de veiligheidsvoorzieningen verlagen en de risico's voor de gebruiker en/of omstanders vergroten.

  12. Gooi de gebruiksaanwijzing niet weg.

  13. Gebruik het gereedschap niet als het gereedschap beschadigd is.

  14. Wees voorzichtig bij het hanteren van de bevestigingsmiddelen, met name bij het laden

en verwijderen, omdat de bevestigingsmiddelen scherpe punten hebben die letsel kunnen veroorzaken.

  1. Controleer het gereedschap altijd vóór gebruik op kapotte, verkeerd aangesloten of versleten onderdelen.

  2. Reik niet te ver. Gebruik uitsluitend op een veilige werkplek. Zorg altijd dat u stevig staat en voor een goede lichaamsbalans.

  3. Houd omstanders uit de buurt (bij het werken op een plaats waar waarschijnlijk mensen voorbij komen). Zet uw werkgebied duidelijk af.

  4. Richt het gereedschap nooit op uzelf of anderen.

  5. Plaats uw vinger nooit om de trekker wanneer u het gereedschap oppakt, wanneer u naar een andere werkplek of -positie gaat, en wanneer u met het gereedschap loopt omdat de vinger om de trekker tot onbedoelde bediening van het gereedschap kan leiden. Voor gereedschappen waarop de bedieningsfunctie kan worden gekozen, controleert u altijd het gereedschap vóór gebruik om er zeker van te zijn dat de correcte bedieningsfunctie is gekozen.

  6. Draag uitsluitend handschoenen die voldoende gevoel en een veilige bediening van de trekker en alle afstelmogelijkheden bieden.

  7. Als u het gereedschap neerlegt, legt u het neer op een vlakke ondergrond. Als u de haak van het gereedschap gebruikt, hangt u het gereedschap veilig op een stabiel oppervlak op.

  8. Bedien het gereedschap niet onder invloed van alcohol, drugs en dergelijke.

  9. Gebruik het gereedschap niet wanneer u op een weegschaal, trappen of steigers, ladders of ladderachtige constructies staat, b.v. daklatten, bij het sluiten van dozen of kratten, bij het mont transportbeveiligingssystemen, b.v. op v en wagons.

RAPID PRO PB131 - SYMBOLEN - 7

Gevaren door projectielen

  1. Het gereedschap dient te worden losgekoppeld wanneer bevestigingsmiddelen worden verwijderd, afstellingen worden gedaan, vastgelopen bevestigingsmiddelen worden verwijderd en accessoires worden verwisseld.

  2. Let er tijdens gebruik op dat de bevestigingsmiddelen het materiaal correct penetreren en niet kunnen afketsen of per ongeluk in de richting van de gebruiker en/of omstanders worden geschoten.

  3. Tijdens gebruik kan afval vanaf het werkstuk en het bevestigings-/verzamelsysteem worden weggeworpen.

  4. Draag tijdens het gebruik van gereedschap altijd een veiligheidsbril om uw ogen te beschermen tegen letsel. De bril moet voldoen aan ANSI Z87.1

RAPID PRO PB131 - Gevaren door projectielen - 1

in de Verenigde Staten, aan EN 166 in Europa, en aan AS/ NZS 1336 in Australië en Nieuw-Zeeland. In Australië en Nieuw-Zeeland is het wettelijk verplicht om tevens een spatscherm te dragen om uw gezicht te beschermen. Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever om ervoor te zorgen dat geschikte beschermingsmiddelen gebruikt worden door de gebruikers van het

gereedschap en anderen in de onmiddellijke omgeving van de werkplek.

  1. De risico's voor anderen moeten worden beoordeeld door de gebruiker.
  2. Wees voorzichtig met gereedschap zonder contact met het werkoppervlak omdat deze onbedoeld kunnen worden afgeschoten en letsel kunnen veroorzaken bij de gebruiker en/of omstanders.
  3. Zorg er altijd voor dat het gereedschap veilig op het werkstuk is geplaatst en niet kan wegglijden.
  4. Draag gehoorbescherming om uw oren te beschermen tegen het uitlaatgeluid en draag hoofdbescherming. Draag tevens lichte maar geen losse kleding. Manchetten moeten dichtgeknoopt zijn of de mouwen moeten worden opgerold. Draag geen stropdas.

Gevaren bij gebruik

  1. Houd het gereedschap correct vast: wees voorbereid om normale of plotselinge bewegingen, zoals terugslag, op te vangen.
  2. Zorg voor een goede lichaamsbalans en stevige stand.
  3. Een geschikte veiligheidsbril moet worden gebruikt en geschikte handschoenen en beschermende kleding worden aanbevolen.
  4. Geschichte gehoorbescherming dient te worden gedragen.
  5. Gebruik de correcte voeding, zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing.
  6. Gebruik het gereedschap niet op bewegende platformen of in de laadruimte van vrachtwagens. Door een plotselinge beweging van het platform kunt u de controle over het gereedschap verliezen en kan letsel worden veroorzaakt.
  7. Ga er altijd vanuit dat in het gereedschap bevestigingsmiddelen zitten.
  8. Werk niet gehaast en forceer het gereedschap niet. Hanteer het gereedschap voorzichtig.
  9. Zorg ervoor dat u tijdens het gebruik van het gereedschap stevig staat en uw evenwicht goed bewaart. Controleer dat er niemand onder u staat wanneer u op een hoge plaats werkt, en maak de luchtslang vast om gevaarlijke situaties te voorkomen als er plotseling aan wordt getrokken of deze bekneld raakt.
  10. Op daken en andere hoge plaatsen werkt dient u voorwaarts bewegen. U glijdt gemakkelijk weg als u werkt en achterwaarts beweegt. Als u werkt op een rechtopstaande werkoppervlak, werk dan van boven naar beneden. U kunt op deze manier werken zonder snel vermoeid te raken.
  11. Een bevestigingsmiddel kan krom trekken of het gereedschap kan vastlopen als u per ongeluk bovenop een ander bevestigingsmiddel of in een knoest in het hout schiet. Het bevestigingsmiddel kan wegschieten en iemand raken, of het gereedschap zelf kan gevaarlijk terugslaan. Kies de plaats voor het bevestigingsmiddel met zorg.
  12. Laat het geladen gereedschap of de luchtcompressor onder druk, niet gedurende een lange tijd in de zon liggen. Zorg ervoor dat stof, zand, houtsnippers en vreemde stoffen niet kunnen binnendringen in het gereedschap op de plaats

waar u het laat liggen.

  1. Probeer nooit tegelijkertijd van binnenuit en van buitenaf bevestigingsmiddelen erin te schieten. De bevestigingsmiddelen kunnen er dwars doorheen schieten of afketsen en een groot gevaar opleveren.

Gevaren door herhalende bedieningen

  1. Wanneer een gereedschap gedurende een lange tijd wordt gebruikt, kan de gebruiker een oncomfortabel gevoel ervaren in de handen, armen, schouders, nek of andere lichaamsdelen.
  2. Bij gebruik van een gereedschap moet de gebruiker een geschikte en ergonomische houding aannemen. Zorg ervoor dat u stevig staat en vermijd lastige en ongebalanceerde houdingen.
  3. Als de gebruiker symptomen ervaart, zoals aanhoudende of terugkerende ongemakken, pijn, kloppingen, tintelen, gevoelloosheid, brandend gevoel of stijfheid, mag u deze tekenen niet negeren. De gebruiker dient een vakbekwame zorgmedewerker te raadplegen aangaande zijn algemene activiteiten.
  4. Het ononderbroken gebruik van het gereedschap kan leiden tot RSI (Repetitive Strain Injury) als gevolg van de terugslag van het gereedschap.
  5. Om RSI (Repetitive Strain Injury) te voorkomen, mag de gebruiker niet te ver reiken of buitensporige kracht uitoefenen. Bovendien moet de gebruiker rusten wanneer hij/zij zich moe voelt.
  6. Voer een risicobeoordeling uit met betrekking tot het gevaar van zich herhalende bewegingen. Deze moet zich richten op skelet-spieraandoeningen en dient bij voorkeur te zijn gebaseerd op de aanname dat een afname van de vermoeidheid tijdens het werken effectief is in het verminderen van de aandoeningen.

Gevaren door accessoires en verbruiksartikelen

  1. Koppel de voeding, zoals perslucht, gas of accu al naar gelang van toepassing, naar het gereedschap los alvorens accessoires zoals het rubber mondstuk te verwisselen/vervangen, of het gereedschap af te stellen.
  2. Gebruik uitsluitend de grootte en het type accessoires die door de fabrikant worden geleverd.
  3. Gebruik uitsluitend smeermiddelen aanbevolen in deze handleiding.

Gevaren door de werkplek

  1. Uitglijden, struikelen en vallen zijn de hoofdoorzaken van letsel op de werkplek. Wees bedacht op gladde oppervlakken veroorzaakt door het gebruik van het gereedschap en tevens op struikelgevaar veroorzaakt door de persluchtslang.
  2. Wees extra voorzichtig in een onbekende omgeving. Er kunnen verborgen gevaren zijn, zoals elektriciteits- of andere nutsleidingen.
  3. Dit gereedschap is niet voor gebruik in omgevingen met explosiegevaar en is niet geïsoleerd tegen aanraking van stroomvoerende kabels.
  4. Verzeker u ervan dat er geen elektriciteitskabels, gasleidingen, enz. zijn die een gevaarlijke situatie zouden kunnen veroorzaken als ze worden beschadigd door het gebruik van dit gereedschap.
  5. Houd uw werkplek schoon en zorg voor goede

verlichting. Op een rommelige of donkere werkplek gebeuren vaker ongevallen.

  1. Er kunnen plaatselijk regels gelden met betrekking tot geluid, waaraan u zich dient te houden door de geluidsproductie onder het voorgeschreven niveau te houden. In bepaalde gevallen moeten geluidsschermen worden gebruikt om het geluidsniveau te beperken.

Gevaren door stof en uitlaatlucht

  1. Controleer altijd de omgeving. De lucht die het gereedschap uitstoot, kan stof of voorwerpen wegblazen die de gebruiker en/of omstanders kunnen raken.
  2. Richt de uitlaat zodanig dat in een zeer stoffi ge omgeving het opwerpen van stof minimaal is.
  3. Als stof of voorwerpen worden uitgestoten in de werkomgeving, vermindert u de uitstoot zo veel mogelijk om de gezondheidsrisico's en kans op letsel te verkleinen.

Gevaren door geluid

  1. Onbeschermde blootstelling aan hoge geluidsniveaus kan leiden tot permanente en onherstelbare gehoorschade en andere problemen zoals tinnitus (sis-, fl uit-, brom- of pieptonen in het oor).
  2. Voer een risicobeoordeling uit met betrekking tot gevaren door geluid op de werkplek en tref geschikte beheersmaatregelen voor deze gevaren.
  3. Geschikte methoden om het risico te verkleinen zijn onder andere het gebruik van dempingsmaterialen die voorkomen dat werkstukken 'meezingen'.
  4. Gebruik geschikte gehoorbescherming.
  5. Bedien en onderhoud het gereedschap zoals aanbevolen in deze instructies om een onnodige toename van het geluidsniveau te voorkomen.
  6. Tref geluidsverminderende maatregelen, bijvoorbeeld door het werkstuk op geluiddempende ondersteuning te plaatsen

Gevaren door trillingen

  1. De trillingsemissie tijdens gebruik is afhankelijk van de grijpkracht, de contactdruk, de werkrichting, de afstelling van de voeding, het werkstuk en de ondersteuning van het werkstuk. Voer een risicobeoordeling uit met betrekking tot gevaren door trillingen en tref geschikte beheersmaatregelen voor deze gevaren.
  2. Blootstelling aan trillingen kan onherstelbare schade aanrichten aan de zenuwen en bloedvaten van de handen en armen.
  3. Draag warme kleding tijdens het werken onder koude omstandigheden, en houd uw handen warm en droog.
  4. U kunt gevoelloosheid, tintelen, pijn of verdroging van de huid van uw vingers of handen ervaren. Vraag een vakbekwame bedrijfsarts om medisch advies aangaande uw algemene activiteiten.
  5. Bedien en onderhoud het gereedschap zoals aanbevolen in deze instructies om een onnodige toename van de trillingsniveaus te voorkomen.
  6. Houd het gereedschap vast met een lichte, maar veilige greep omdat het risico door trillingen doorgaans groter is wanneer de grijpkracht hoger is.

Aanvullende waarschuwingen voor pneumatische gereedschappen

  1. Perslucht kan ernstig letsel veroorzaken.
  2. Sluit altijd de luchttoevoer af en koppel het gereedschap los van de luchttoevoer wanneer u het niet gebruikt.
  3. Koppel het gereedschap altijd los van de persluchttoevoer voordat u accessoires verwisselt, afstellingen en/of reparaties uitvoert, en het gereedschap verplaatst van de ene werkplek naar de andere.
  4. Houd uw vingers uit de buurt van de trekker wanneer u het gereedschap niet gebruikt en wanneer u het verplaatst van de ene werkplek naar de andere.
  5. Richt de perslucht nooit op uzelf of iemand anders.
  6. Een zwiepende slang kan ernstig letsel veroorzaken. Controleer altijd op beschadigde of losse slangen of koppelingen.
  7. Draag pneumatisch gereedschap nooit aan de slang.
  8. Sleep pneumatisch gereedschap nooit aan de slang.
  9. Bij gebruik van pneumatische gereedschappen mag u nooit de maximumwerkdruk (ps max) overschrijden.
  10. Pneumatische gereedschappen mogen uitsluitend worden gevoed door perslucht van de laagste druk die vereist is voor de werkwijze om het geluids- en trillingsniveau te verlagen en de slijtage te minimaliseren.
  11. Als zuurstof of brandbaar gas wordt gebruikt om pneumatische gereedschappen te bedienen, ontstaat brand- en explosiegevaar.
  12. Wees voorzichtig bij het gebruik van pneumatische gereedschappen aangezien het gereedschap koud kan worden waardoor de grip en controle kunnen afnemen.

LADEN

  1. Neem het gereedschap los van de luchttoevoer. (Figure 3)
  2. Koppel het magazijn los door de klikhendel samen te drukken. (Figure 4)
  3. Laden van brads: Houd het nietpistool omlaag en laad een een strip nieten in de cassette, met de punten omlaag gericht. (Figure 5) Druk op de rail totdat deze op zijn plek klikt. (Figure6)
  4. Gebruik uitsluitend de aanbevolen nagels (zie de technische specifi caties).
  5. Het gereedschap en de bevestigingsmiddelen die in de bedieningshandleiding worden vermeld, moeten worden beschouwd als één veiligheidssysteem.

GEBRUIK VAN HET GEREEDSCHAP

  1. Houd het gereedschap van uzelf en anderen af en sluit het aan op de luchttoevoer. (Figure 1)
  2. Gebruik gereedschap bij de voor de betreffende toepassing laagst mogelijke druk. Dat zorgt voor een lager geluidsniveau, minder slijtage en een lager energieverbruik.

  3. Druk de neus van het gereedschap op het vast te zetten werkstuk en haal de trekker over om nieten af te schieten. (Figure 7)

Stel de voor het binnendringen van de nagels benodigde minimumdruk af. Voer vervolgens een aantal starttesten uit met de laagste druk.

  1. Controleer of het bevestigingsmiddel in het werkstuk is gedreven in overeenstemming met de vereisten.

  2. als het bevestigingsmiddel uitsteekt, verhoogt u de luchtdruk in stappen van 0,5 bar en controleert u het resultaat na elke nieuwe aanpassing;

  3. als het bevestigingsmiddel te diep zit, verlaagt u de luchtdruk in stappen van 0,5 bar tot het resultaat bevredigend is.

  4. U moet in elk geval proberen met de laagst mogelijke luchtdruk te werken.

  5. Houd het gereedschap tijdens het werk zodanig vast dat er geen verwondingen aan het hoofd of aan het lichaam kunnen worden veroorzaakt in geval van een mogelijke terugslag als gevolg van een onderbreking van de energietoevoer of harde stukken in het werkoppervlak.

  6. Het gereedschap moet worden losgekoppeld van het persluchtsysteem voor transportdoeleinden, vooral wanneer ladders worden gebruikt of wanneer een ongewone fysieke houding wordt aangenomen tijdens het verplaatsen.

  7. Draag het bevestigingsgereedschap op de werkplek alleen aan het handvat en nooit met de trekker in werking.

  8. Houd rekening met de omstandigheden op de werkplek. Bevestigingsmiddelen kunnen dunne werkoppervlakken binnendringen of van hoeken en randen afglijden en zo mensen in gevaar brengen.

  9. Gebruik voor persoonlijke veiligheid beschermende uitrusting zoals gehoor- en oogbescherming.

  10. De trekker en het veiligheidscontact moeten voor elke bediening worden ontgrendeld, zonder de volgorde van bediening. Voor herhaalde schieten is het voldoende als de trekker geactiveerd blijft en het veiligheidscontact daarna wordt geactiveerd, of vice versa.

  11. Gebruik het gereedschap niet als het magazijn leeg is.

  12. Elk defect of niet goed functionerend gereedschap moet onmiddellijk worden losgekoppeld van de persluchttoevoer en ter inspectie naar een specialist worden gebracht.

  13. In geval van langere pauzes tijdens het werk of aan het einde van de werkzaamheden, koppelt u het gereedschap los van de persluchttoevoer en wordt aanbevolen het magazijn te legen.

  14. De persluchtaansluitingen van het gereedschap en de slangen moeten worden beschermd tegen verontreiniging. Het binnendringen van grof stof, spanen, zand etc. zal leiden tot lekkages en schade aan het gereedschap en de koppelingen.

PERSLUCHTSYSTEEM

  1. Voor een goede werking van het gereedschap is gefi Iterde, droge perslucht benodigd in voldoende hoeveelheden.

  2. Als de luchtdruk in het leidingsysteem de maximaal toelaatbare druk van het gereedschap overschrijdt, dient een drukreduceerventiel gevolgd door een

stroomafwaartse veiligheidsklep in de toevoerleiding naar het gereedschap worden aangebracht.

  1. Sluit het gereedschap aan op de persluchttoevoer met behulp van een geschikte drukslang uitgerust met snelkoppelingen. (Figure 1)

  2. De compressor dient voldoende capaciteit te hebben op het gebied van druk en prestaties (debied) voor het te verwachten verbruik. Leidingsecties die te klein zijn in verhouding tot de lengte van de leiding (leidingen en slangen), evenals overbelasting van de compressor, zullen resulteren in drukverlies.

  3. Permanent aangelegde persluchtleidingen moeten een binnendiameter van ten minste 19 mm en een overeenkomstige grote diameter hebben bij relatief lange pijpleidingen of meerdere gebruikers.

  4. Persluchtleidingen moeten zo worden gelegd dat ze een helling vormen (hoogste punt in de richting van de compressor). Gemakkelijk toegankelijke waterafscheiders moeten op de laagste punten worden geïnstalleerd.

  5. Verbindingen voor gebruikers moeten van bovenaf met de pijpleidingen worden verbonden.

  6. Verbindingspunten voor bevestigingsgereedschap moeten direct op het verbindingspunt worden voorzien van een perslucht-onderhoudseenheid (fi lter / waterscheider / olie-inrichting).

  7. Olie moet dagelijks worden gecontroleerd en indien nodig worden bijgevuld met de aanbevolen kwaliteit olie (zie TECHNISCHE GEGEVENS). Bij gebruik van slangen met een lengte van meer dan 10 m kan de olietoevoer voor het gereedschap niet worden gegarandeerd. We raden daarom aan om 2 tot 5 druppels (afhankelijk van de belasting van het gereedschap) van de aanbevolen olie (zie TECHNISCHE GEGEVENS) toe te voegen via de luchtinlaat van het gereedschap, of een oliebus die rechtstreeks op het gereedschap is bevestigd.

PROBLEMEN OPLOSSEN EN ONDERHOUD

  1. Als een niet blijft vastzitten, moet u het gereedschap losnemen van de luchttoevoer. (Figure 8)

  2. Koppel het magazijn los en schuif de rail terug. (Figure 9)

  3. Verwijder de vastzittende nagels. (Figure 10)

ONDERHOUD:

  1. Voer een dagelijkse inspectie uit om na te gaan of de veiligheidsbeugel en trekker vrij kunnen bewegen. Het gereedschap moet daarbij zijn losgekoppeld van de luchttoevoer.
  2. Alle schroeven moeten goed zijn aangehaald. (Figure 2)

Loszittende schroeven resulteren in een onveilige werking en het breken van onderdelen. Spuit zachtjes 2 of 3 druppels olie in de luchtinlaat.

  1. Gebruik alleen de aanbevolen olie zoals vermeld in de technische specifi caties. Houd het gereedschap schoon. Neem het regelmatig af met een droge doek en inspecteer het op slijtage. Smeer van tijd tot tijd de schuifdelen van het magazijn om slijtage te voorkomen.

  2. Gebruik geen ontvlambare reinigingsoplossingen. Niet weken en geen oplosmiddel gebruiken. Dergelijke middelen kunnen O-ringen en andere gevoelige delen van het gereedschap beschadigen. Gebruik schone,

droge lucht. Gebruik bij voorkeur een persluchtunit stroomopwaarts ten opzichte van de aansluiting van het gereedschap. Hier niet beschreven reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door getraind, gekwalifi ceerd personeel of via de de aftersalesservice van de fabrikant.

LIJST VAN RESERVEONDERDELEN

Volg de lokale voorschriften bij het weggooien van het gereedschap.

PB131 Lijst van reserveonderdelen (Figure 11)

IndexArt. Nr. Omschrijving
A 5000153Reparatieset A voor PB131
B 5000154Reparatieset B voor PB131
C 5000155Reparatieset C voor PB131
5000156 Rubber neusstuk (5 stuks)

CHIODATRICE PNEUMATICA PB131

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : RAPID

Model : PRO PB131

Categorie : Nietmachine