Pattfield PE-AHE 18 Li - Elektrische heggenschaar

PE-AHE 18 Li - Elektrische heggenschaar Pattfield - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PE-AHE 18 Li Pattfield in PDF-formaat.

📄 382 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Pattfield PE-AHE 18 Li - page 136
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over PE-AHE 18 Li Pattfield

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Elektrische heggenschaar in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PE-AHE 18 Li - Pattfield en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PE-AHE 18 Li van het merk Pattfield.

GEBRUIKSAANWIJZING PE-AHE 18 Li Pattfield

Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing Accu hoogsoeier 18 V

S

  1. Veiligheidsaanwijzingen
  2. Beschrijving van het gereedschap en leveringsomvang
  3. Reglementair gebruik
  4. Technische gegevens
  5. Vóór inbedrijfstelling
  6. Bedrijf
  7. Werken met de aanbouwset voor de kettingzaag
  8. Onderhoud
  9. Anomalieën
  10. Foutopsporing
  11. Indicatie lader
  12. Verwijdering
  13. CE - Conformiteitsverklaring
  14. Garantiebewijs

NL

Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding / veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de informatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit toestel aan andere personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding / veiligheidsinstructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstructies.

1. Veiligheidsaanwijzingen

Gevaar!

Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Nalatigheden bij de inachtneming van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of zware letsels tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor de toekomst.

Dit toestel is niet bedoeld om door personen (inclusief kinderen) met een beperkt fysiek, sensorisch en geestelijk vermogen of door personen, die niet de nodige ervaring en/of kennis hebben, te worden gebruikt, tenzij dit onder toezicht van een persoon gebeurt die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of die hen aanwijst, hoe het toestel moet worden gebruikt. Op kinderen moet toezicht worden gehouden om te voorkomen dat ze met het toestel spelen.

Verklaring van de symbolen op het apparaat (fi g. 28):

  1. Waarschuwing!
  2. Oog-/hoofd- en gehoorbescherming dragen!
  3. Apparaat beschermen tegen regen en vocht!
  4. Maximale snijlengte hoogsnoeier
  5. Levensgevaar door elektrische schok. De afstand tot stroomleidingen moet minstens 10 m bedragen!
  1. Vóór inbedrijfstelling handleiding lezen!
  2. Vast schoeisel dragen!
  3. Let op vallende en wegspringende delen!
  4. Afstand houden.
  5. Richting van de kettingbeweging en kettingtanden hoogsnoeier
  6. Veiligheidshandschoenen dragen

Algemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen

Het in de veiligheidsinstructies gebruikte begrip "elektrisch materieel" heeft betrekking op elektrische gereedschappen die op elektrische stroom (met netkabel) en op accu (zonder netkabel) draaien.

NL

1. Werkplaatsveiligheid

a) Hou uw werkplaats schoon en goed verlicht. Wanorde of niet verlichte werkplaatsen kunnen ongelukken veroorzaken.
b) Werk met het elektrische gereedschap niet in explosieve omgeving waarin brandbare vloeistoffen, gassen of stoffen aanwezig zijn. Elektrisch gereedschap verwekt vonken die het stof of de dampen kunnen doen ontbranden.
c) Hou kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap weg. Bij afleiding zou u de controle over het gereedschap kunnen verliezen.

2. Elektrische veiligheid

a) De aansluitstekker van het elektrische gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag geenszins worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers samen met van randaarding voorziene elektrische gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende contactdozen verminderen het risico van een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken, zoals van buizen, verwarmingstoestellen, fornuizen en koel-

kasten. Er bestaat verhoogd risico door elektrische schok als uw lichaam geaard is.

c) Stel elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of nattigheid. Door binnendringen van water in een elektrische apparatuur verhoogt het risico van een elektrische schok.

d) Onttrek de kabel niet aan zijn eigenlijke bestemming om het elektrische gereedschap te dragen, op te hangen of om de stekker uit de contactdoos te verwijderen. Hou de kabel weg van hitte, olie, scherpe kanten of bewogen componenten van het toestel. Beschadigde of in de war gebrachte kabels verhogen het risico van een elektrische schok.

e) Indien u met een elektrisch gereedschap in open lucht werkt, mag u enkel verlengkabels gebruiken die ook geschikt zijn om buiten te worden gebruikt. Het gebruik van een voor buiten geschikte verlengkabel vermindert het risico van een elektrische schok.

f) Indien gebruikmaking van het elektrische gereedschap in vochtige omgeving niet te vermijden is dient u het gereedschap door een aardlekschakelaar te beveiligen. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.

3. Veiligheid van personen

a) Wees aandachtig, let op wat u doet en ga bij het gebruik van een elektrisch gereedschap met verstand te werk. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u moe bent of onder de invloed bent van drugs, alcohol of geneesmiddelen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrische gereedschap kan zwaar letsel tot gevolg hebben.

b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals stofmasker, slipvaste veiligheidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbeschermer, naargelang het type en het gebruik van het elektrische materieel, vermindert het risico van letsel.

c) Vermijdt elke onbedoelde inwerkingstelling van het gereedschap. Vergewis u er zich van dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u het aansluit op de stroomtoevoer en/of de accu aansluit, het gereedschap in handen neemt of draagt. Als u bij het dragen van het elektrische gereedschap de vinger op de schakelaar heeft of het toestel ingeschakeld op de stroomtoevoer aansluit kan dit ongelukken tot gevolg hebben.
d) Verwijder afstelgereedschap of sleutels alvorens het elektrische gereedschap in te schakelen. Een gereedschap of sleutel die zich in een draaiende component van het toestel bevindt kan letsel tot gevolg hebben.
e) Vermijd elke abnormale lichaamshouding. Zorg voor een veilige stand en bewaar altijd uw evenwicht. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter controleren.
f) Draag de gepaste kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Hou haar, kleding en handschoenen weg van bewogen componenten. Losse kleding, sieraden of lang haar kan door bewogen componenten worden gegrepen.
g) Indien stofzuiginrichtingen en stofopvanginrichtingen kunnen worden aangebracht, dient u er zich van te vergewissen dat deze aangesloten zijn en naar behoren worden gebruikt. Gebruik van een stofafzuiging kan gevaren door stof verminderen.
4. Gebruik en omgaan met het elektrische gereedschap
a) Overbelast het toestel niet. Gebruik voor uw werk steeds het elektrische gereedschap dat daarvoor bedoeld is. Met het gepaste elektrische materieel werkt u beter en veiliger in het opgegeven vermogensgebied.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. En elektrisch gereedschap dat niet meer in of uit kan worden geschakeld is gevaarlijk en moet worden hersteld.

c) Verwijder de stekker uit de contactdoos en/of verwijder de accu voordat u het gereedschap afstelt, van accessoires verwisselt of het gereedschap wegzet. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt het onbedoeld starten van het elektrische gereedschap.

d) Bewaar niet gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het toestel niet door personen gebruiken die met dit toestel niet vertrouwd zijn of deze instructies niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk als ze door onervaren personen worden gebruikt.

e) Onderhoud elektrische gereedschappen zorgvuldig. Controleer of bewegende componenten perfect werken en niet klem zitten, of stukken gebroken of beschadigd zijn zodat het elektrische gereedschap niet meer naar behoren kan werken. Laat beschadigde onderdelen herstellen voordat u het toestel opnieuw gebruikt. Vele ongelukken zijn te wijten aan slecht onderhouden elektrisch gereedschap.

f) Hou uw snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijkanten gaat minder vaak klem gaan zitten en is gemakkelijker te leiden.

g) Gebruik het elektrisch materieel, accessoires, inzetgereedschappen enz. conform de aanwijzingen. Hou rekening met de werkomstandigheden en de te verrichten activiteit. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassingen dan voorzien door de fabrikant kan gevaarlijke situaties tot gevolg hebben.

  1. Gebruik en omgaan met het accutoestel

a) Laad de accu's slechts in laadtoestellen die door de fabrikant worden aanbevolen. Voor een lader die geschikt is voor een bepaalde soort accu's bestaat brandgevaar als hij met andere accu's wordt gebruikt.

b) Gebruik in het elektrische gereedschap alleen de accu's die ervoor zijn voorzien. Het gebruik van andere accu's kan tot let-

sel en brandgevaar leiden.

c) Hou de niet gebruikte accu weg van paperclips, muntstukken, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een overbrugging van de contacten zouden kunnen veroorzaken. Een kortsluiting tussen de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg hebben.
d) Bij verkeerd gebruik kan vloeistof uit de accu ontsnappen. Vermijd ermee in contact te komen. Bij toevallig contact met water afspoelen. Mocht de vloeistof in de ogen terecht komen dient u zich bovendien onder doktersbehandeling te stellen. Ontsnappende accuvloeistof kan huidirritaties of brandwonden veroorzaken.

NL 6. Service

a) Laat uw elektrisch gereedschap enkel door gekwalifi ceerd vakpersoneel en enkel met originele wisselstukken herstellen. Zodoende is verzekerd dat de veiligheid van het elektrische gereedschap behouden blijft.

Speciale veiligheidsinstructies voor kettingzagen

  • Hou bij draaiende zaag alle lichaamsdelen weg van de zaagketting. Vergewis u er zich voor het starten van de ketting van dat de kettingzaag met niets in aanraking komt. Bij het werken met een kettingzaag kan een moment van onoplettendheid ertoe leiden dat kleding of lichaamsdelen door de zaagketting worden gegrepen.
  • Hou de kettingzaag met uw rechter hand aan de achterste handgreep en met uw linker hand aan de voorste handgreep vast. Het vasthouden van de kettingzaag in een andere werkpositie verhoogt het risico van lichamelijk letsel en mag niet worden toegepast.
  • Draag een veiligheidsbril en een gehoorbeschermer. Verde beschermingsmiddelen voor hoofd, handen, benen en voeten zijn aan te bevelen. De gepaste beschermende kleding

mindert het lichamelijk gevaar door rondvliegend spaanmateriaal en toevallig aanraken van de zaagketting.

- Werk niet met de kettingzaag op een boom. Bij gebruik van een kettingzaag op een boom bestaat lichamelijk gevaar.

- Zorg er steeds voor dat u veilig staat en gebruik de kettingzaag alleen als u op een vaste, veilige en effen ondergrond staat. Een glibberige of instabiele ondergrond kan bij gebruik van ladders leiden tot verlies van de controle over het evenwicht en over de kettingzaag.

- Hou er bij het snijden van een onder spanning staande tak rekening mee dat die terugspringt. Als de spanning in de hout-vezels vrijkomt kan de op spanning staande tak de bedienings-persoon treffen en/of de kettingzaak aan de controle onttrekken.

- Wees bijzonder voorzichtig bij het snoeien van kreupelhout en van jonge bomen. Het dun materiaal kan in de kettingzaag verward geraken en tegen u slaan of kan u uit uw evenwicht brengen.

- Draag de kettingzaag aan de voorste handgreep in uitgeschakelde toestand, de kettingzaag weg wijzend van uw lichaam. Breng steeds de beschermende afdekking aan voordat u de kettingzaag transporteert of opbergt. Zorgvuldige omgang met de kettingzaag vermindert de waarschijnlijkheid dat de draaiende zaagketting per ongeluk met iets in aanraking komt.

- Neem de instructies voor het smeren, spannen van de ketting en het verwisselen van toebehoren in acht. Een ondeskundig gespannen of gesmeerde ketting kan ofwel breken ofwel het terugstootrisico verhogen.

- Handgrepen dienen droog en vrij van olie en vet te worden gehouden. Handgrepen vol vet en olie zijn glibberig en hebben het verlies van de controle tot gevolg.

- Enkel hout zagen. De kettingzaag enkel voor werkzaamheden gebruiken waarvoor ze bedoeld is - bijvoorbeeld: gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van plastic, met-

selwerk of bouwmaterialen die niet van hout zijn. Het gebruik van de kettingzaag voor werkzaamheden waarvoor ze niet bedoeld is kan leiden tot gevaarlijke situaties.

- Verwijder bij transport van het apparaat de accu en laat de kettingolie af uit de tank.

Oorzaken en voorkomen van een terugstoot:

Terugstoot kan zich voordoen als u met het uiteinde van de geleiderail een voorwerp raakt of als het hout buigt en de kettingzaag in de snede vastklemt.

Een contact met het uiteinde van de rail kan in sommige gevallen leiden tot een onverwachte naar achteren gerichte reactie waarbij de geleiderail omhoog wordt gestoten naar de bedieningspersoon toe.

NL

Het vastklemmen van de zaagketting aan de bovenkant van de geleiderail kan tot gevolg hebben dat de rail snel in de richting van de bediener terug wordt gestoten.

Bij elk van deze reacties kunt u de controle over de zaag verliezen en zwaar letsel oplopen. Reken niet uitsluitend op de in de zaag geïntegreerde veiligheidsinrichtingen. Als gebruiker van een kettingzaag dient u verschillende maatregelen te nemen om zonder ongelukken en verwondingen te kunnen werken.

Een terugstoot is het gevolg van een verkeerd of foutief gebruik van het elektrische gereedschap. Hij kan door gepaste voorzorgsmaatregelen als volgt worden voorkomen:

- Hou de zaag met beide handen vast waarbij duim en vingers de grepen van de kettingzaag omsluiten. Breng uw lichaam en armen in een stand waarin u de terugstootkrachten kan weerstaan. Als de gepaste maatregelen worden genomen kan de bedieningspersoon de terugstootkrachten meester zijn. Nooit de kettingzaag loslaten.

- Vermijd een abnormale lichaamshouding en zaag niet boven schouderhoogte. Daardoor voorkomt u een onbedoelde aanraking met de top van de rail en is een betere controle van de kettingzaag in onverwachte situaties mogelijk.

- Gebruik steeds de door de fabrikant voorgeschreven reserverails en zaagkettingen. Verkeerde reserverails en zaagkettingen kunnen het breken van de ketting en/of terugstoot tot gevolg hebben.

- Neem de instructies van de fabrikant m.b.t. het scherpen en onderhouden van de zaagketting in acht. Te lage dieptebegrenzer verhogen de neiging tot terugstoot.

Verdere belangrijke instructies:

- Voordat u met het vellen van de takken begint: Zorg ervoor dat zich in een straal van minstens 2,5 taklengtes geen personen ophouden.

- Houd bij het vellen rekening met de weersomstandigheden. Vel niet bij harde of wisselende wind! Vel niet bij vorst of bevroren, gladde grond. Vel niet bij regen of slecht zicht!

- Neem plaatselijke voorschriften in acht.

- Plan voordien een vluchtweg voor vallende bomen of takken. Vergewis u ervan dat deze vluchtweg vrij is van hindernissen die de beweging zouden belemmeren of verhinderen. Denk eraan dat u op vers gesneden gras of schors kunt uitglijden.

- Vergewis u ervan dat er iemand in de buurt (maar dan wel op een veilige afstand) is (in geval van een ongeluk).

- Laat de bewegende ketting niet aan de top van de geleiderail in aanraking komen met om het even welk object.

- Begin met het snoeien pas als de ketting op volle snelheid is.

- Probeer nooit een vorige snede te raken. Maak altijd een nieuwe snede.

- Let op bewegende takken of andere krachten die een snede zouden kunnen beeindigen en in de ketting zouden kunnen vallen.

• Probeer niet een tak te snoeien waarvan de diameter groter is dan

de snijlengte van het apparaat.

  • Plaatselijke voorschriften kunnen de minimumleeftijd van de gebruiker bepalen.
  • De minimum afstand van het apparaat tot een bovengrondse elektrische leiding moet altijd minstens 10 m bedragen.
  • Maak u vóór het werk goed vertrouwd met alle bedieningselementen. Oefen u in de omgang met het apparaat en laat u functies, werkwijze en zaagtechnieken uitleggen door een vakman.
  • Werk niet met het apparaat als u ziek of moe bent, of na de inna-me van alcohol of medicamenten. Las altijd op tijd een werkpauze in. Verander regelmatig de werkpositie.

NL

Waarschuwing!

Als er langer met het gereedschap wordt gewerkt kunnen zich op grond van trillingen in de handen van de bedieningspersoon storingen van de doorbloeding (witte vinger syndroom) voordoen.

Het witte vinger syndroom is een vaatziekte, waarbij de kleine bloedvaten aan de vingers en tenen in de vorm van aanvallen verkrampen. De getroff en arealen worden niet meer voorzien van voldoende bloed en lijken daardoor extreem bleek. Het frequente gebruik van trillende apparaten kan bij personen wier bloeddoorstroming verminderd is (bijv. rokers, diabetici), schade toebrengen aan het zenuwstelsel.

Indien u ongewone negatieve invloeden opmerkt, staak het werk dan onmiddellijk en raadpleeg een arts.

Neem de volgende instructies in acht om de gevaren te verminderen:

  • Houd uw lichaam en vooral de handen bij koud weer warm.
  • Las regelmatig een pauze in en beweeg daarbij uw handen om de bloeddoorstroming te stimuleren.
  • Zorg voor een zo gering mogelijke trilling van de machine door regelmatig onderhoud en door u ervan te vergewissen dat alle delen goed vast zitten aan het apparaat.

Bijzondere veiligheidsvoorschriften

Wij besteden de grootste zorgvuldigheid aan de opbouw van elke accupack teneinde accu's van maximale energiedichtheid, du-urzaamheid en veiligheid aan u te kunnen bezorgen. De accucellen beschikken over meertraps veiligheidsinrichtingen. Elke individuele cel wordt eerst geformateerd en haar elektrische karakteristieken worden opgenomen. Deze gegevens worden vervolgens gebruikt om de bestmogelijke accupack's te kunnen groeperen. Ondanks alle veiligheidsmaatregelen is bij het omgaan met accu's steeds omzichtigheid geboden. Voor een veilig bedrijf dienen de vol-gende punten zeker in acht te worden genomen.

Een veilig bedrijf is slechts met onbeschadigde cellen verzekerd! Door een verkeerde hantering wordt schade aan de cellen berokkend.

NL

LET OP! Analyses bevestigen dat grof verkeerd gebruik en verkeerd onderhoud de hoofdoorzaak zijn voor schade veroorzaakt door accu's met sterk vermogen.

Aanwijzingen omtrent de accu

  1. Het accupack van het accu toestel is bij de levering niet geladen. De accu moet dus worden opgeladen alvorens u het toestel voor de eerste keer in gebruik neemt.

  2. Voor een optimale accucapaciteit dient u diepe ontladingscycli te vermijden! Laad uw accu vaak op.

  3. Berg uw accu op een koele plaats, liefst bij 15°C en minstens 40% geladen.

  4. Lithium-ion-accu's zijn onderhevig aan natuurlijke veroudering. De accu moet ten laatste worden vervangen als zijn vermogen slechts nog overeenkomt met 80% van het vermogen in de nieuwe toestand! Verzwakte cellen in een verouderde accupack zijn niet meer opgewassen tegen de hoge prestatievereisten en betekenen bijgevolg een veiligheidsrisico.

  5. Verbruikte accu's niet in het open vuur gooien. Explosiegevaar!

  1. Accu niet ontsteken of blootstellen aan verbranding.
  2. Accu's niet diep ontladen! Door diepe ontlading wordt schade berokkend aan de accucellen. De vaakst voorkomende oorzaak voor diepe ontlading van accupacks is het langdurig opbergen of niet-gebruik van gedeeltelijk ontladen accu's. Stop met de accu te werken zodra de capaciteit duidelijk achteruitgaat of als de veiligheidselektronica reageert. Berg de accu pas nadat hij helemaal opgeladen is.
  3. Accu's of het toestel beschermen tegen overbelasting!

Overbelasting leidt snel tot oververhitting en beschadiging van de cellen binnen in het accuhuis zonder dat men de oververhitting buiten waarneemt.

  1. Vermijd beschadigingen en stoten!

Vervang onmiddellijk elke accu die per ongeluk vanaf een hoogte van meer dan één meter naar beneden is gevallen of die bloot-gesteld was aan hevige stoten ook al is het huis van de accupack blijkbaar onbeschadigd. De accucellen binnenin kunnen ernstige schade hebben opgelopen. Gelieve hieromtrent ook de informatie omtrent de verwijdering van afgedankte accu's in acht te nemen.

  1. Bij overbelasting en oververhitting wordt het toestel om veiligheidsredenen uitgeschakeld door de geïntegreerde veiligheidsuitschakeling. Let op! Bedien niet meer de AAN/UIT-schakelaar als de veiligheidsuitschakeling het toestel heeft uitgeschakeld. Daardoor kan schade aan de accu worden berokkend.

  2. Gebruik enkel originele accu's. Het gebruik van andere accu's kan leiden tot letsel, explosie en brandgevaar.

Aanwijzingen omtrent het laadtoestel en het laden

  1. Neem de gegevens in acht die vermeld staan op het kenplaatje van de lader. Sluit de lader enkel aan op de netspanning vermeld op het kenplaatje.
  2. Bescherm de lader en de kabel tegen beschadiging en scherpe kanten. Beschadigde kabels dienen onmiddellijk door een elektrovakman te worden vervangen.
  1. Laadtoestel, accu's en accutoestel buiten bereik van kinderen houden.
  2. Geen beschadigde laadtoestellen gebruiken.
  3. Gebruik de bijgeleverde lader niet voor het laden van andere accutoestellen.
  4. Bij een flinke belasting wordt de accupack warm. Laat de accup- ack voor begin van de laadbeurt afkoelen op kamertemperatuur.
  5. Accu's niet overladen!
    Neem de maximale laadtijden in acht. Deze laadtijden gelden alleen voor ontladen accu's. Herhaaldelijk insteken van een geladen of gedeeltelijk geladen accu heeft overlapping en beschadiging van de cellen tot gevolg. Accu's niet meerdere dagen in het laadt- oestel laten zitten.
  6. Gebruik en laad nooit accu's waarvan u vermoedt dat de laatste oplading van de accu langer dan 12 maanden geleden is. De accu is dan hoogstwaarschijnlijk reeds beschadigd (diepe ontlading).
  7. Laden bij een temperatuur van onder 10° C leidt tot chemische beschadiging van de cel en kan brand veroorzaken.
  8. Gebruik geen accu's die tijdens het laden warm zijn geworden omdat de accucellen gevaarlijk zouden beschadigd kunnen zijn.
  9. Gebruik geen accu's meer die tijdens het laden opgezwollen of van vorm veranderd zijn of die ongewone symptomen vertonen (uitgassen, sissen, kraken enz.)
  10. Ontlaad de accu niet helemaal (aanbevolen ontlaaddiepte max. 80%). Volledige ontlading leidt tot vroegtijdige veroudering van de accucellen.
  11. Batterijen nooit onbeheerd laden!

Bescherming tegen milieu-invloeden

  1. Draag de gepaste werkkledij. Draag een veiligheidsbril.
  2. Bescherm uw accu toestel en de lader tegen vocht en regen. Vocht en regen kunnen leiden tot gevaarlijke beschadigingen van de cellen.
  1. Het accutoestel en de lader niet gebruiken in de buurt van dampen of brandbare vloeistoff en.
  2. Lader en accutoestellen enkel in droge toestand en bij een omgevingstemperatuur van 10 tot 40°C gebruiken.
  3. Bewaar de accu niet op plaatsen waar een temperatuur van meer 40°C kan worden bereikt, vooral niet in een auto die geparkeerd staat in de felle zon.
  4. Accu's beschermen tegen oververhitting! Overbelasting, overlading of zoninstraling hebben oververhitting en beschadiging van de cellen tot gevolg. Laad of werk nooit met accu's die oververhit werden – vervang die onmiddellijk.
  5. Opbergen van accu's, laadtoestellen en accutoestel. Berg de lader en uw accutoestel alleen in droge ruimten met een omgevingstemperatuur van 10-40° C op. Berg de lithium-ion-accu koel en droog bij 10-20° C op. Beschermen tegen luchtvochtigheid en rechtstreeks zoninstraling. Accu's enkel in geladen toestand opbergen (minstens 40 % geladen).
  6. Zorg ervoor dat de lithium-ion-accu niet bevriest. Accu's die langer dan 60 minuten onder 0° C zijn opgeborgen moeten worden verwijderd.
  7. Voorzichtig bij het omgaan met accu's wat betreft elektrostatische lading. Elektrostatische ontladingen hebben schade aan de veiligheidselektronica en de accucellen tot gevolg! Vermijd daarom elektrostatische oplading en raak nooit de accupolen aan!

NL

Accumulators en op accu draaiende elektrische apparaten bevatten materialen die schadelijk zijn voor het milieu. Accu-apparaten horen niet thuis bij het huisvuil. Na een defect of slijtage van de apparaten de accu eruit nemen en naar uw Hornbach bouwmarkt brengen. Indien onafscheidelijk verbonden, het hele accu-apparaat inleveren. Alleen daar is door de fabrikant een vakkundige verwerking verzekerd.

NL

Als u accu's of het accutoestel verstuurt of verwijdert zorg dan ervoor dat u die individueel in een plastic zak verpakt teneinde kortsluitingen of brand te voorkomen!

Pattfield PE-AHE 18 Li - Bescherming tegen milieu-invloeden - 1

Opslag van de accu's alleen in droge ruimtes met een omgevings-temperatuur van +10 °C tot +40 °C. De accu's alleen in geladen toestand opbergen (min. 40% geladen).

Er blijven altijd restrisico's bestaan ook al wordt dit elektrisch gereedschap naar behoren bediend. Volgende gevaren kunnen zich voordoen in verband met de bouwwijze en uitvoering van dit elektrisch gereedschap:

  • Snijwonden indien geen beschermende kleding wordt gedragen.
  • Longletsels indien geen gepast stofmasker wordt gedragen.
  • Gehoorschade indien geen gepaste gehoorbeschermer wordt gedragen.
  • Schade aan de gezondheid die voortvloeit uit hand-arm-trillingen indien het toestel lang zonder onderbreking wordt gebruikt of niet naar behoren wordt gehanteerd en onderhouden.

NL

Bewaar de veiligheidsvoorschriften goed.

2. Beschrijving van het gereedschap en leveringsomvang

2.1 Beschrijving van het apparaat (fi g. 1)

  1. Handvat
  2. Aan/Uit-schakelaar
  3. Beveiliging tegen onbedoeld aanzetten
  4. Grendelknop verstelling schuine stand handvat
  5. Montagemoer
  6. Buis
  7. Schouderriem met veiligheidsontgrendeling
  8. Extra handvat
  9. Vergrendelingsmoer telescoopbuis 1
  10. Telescoopbuis 1
  11. Vergrendelingsmoer telescoopbuis 2
  12. Telescoopbuis 2 met motorhuis
  13. Grendelknop verstelling schuine stand Motorhuis
  14. Aanbouwset kettingzaag
  15. Zwaard
  16. Zaagketting
  17. Zwaardbescherming

2.2 Leveringsomvang

  • Handvatcompleet
    • Buis met motoreenheid compleet
    • Schouderriem met veiligheidsontgrendeling
    • Aanbouwset kettingzaag
  • Zwaard
  • Zaagketting
    • Zwaardbescherming

Gelieve de volledigheid van het artikel te controleren aan de hand van de beschreven omvang van de levering. Indien er onderdelen ontbreken, gelieve u dan binnen 5 werkdagen na aankoop van het artikel te wenden tot ons servicecenter of tot het verkooppunt waar

u het apparaat heeft gekocht, en leg een geldig bewijs van aankoop voor. Gelieve daarvoor de garantietabel in de service-informatie aan het einde van de handleiding in acht te nemen.

  • Open de verpakking en neem het toestel voorzichtig uit de verpakking.
  • Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede verpakkings-/transportbeveiligingen (indien aanwezig).
  • Controleer of de leveringsomvang compleet is.
  • Controleer het toestel en de accessoires op transportschade.
  • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot het verloop van de garantieperiode.

Gevaar!

NL

Het toestel en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine stukken spelen! Er bestaat inslik- en verstikkingsgevaar!

De aanbouwset voor de kettingzaag mag alleen aan de meegelever- de motorkop worden gemonteerd.

De kettingzaag met telescoopsteel is voorzien voor onttakkingswerkzaamheden aan bomen. Hij is niet geschikt voor omvangrijke zaagwerkzaamheden en het vellen van bomen, en evenmin voor het zagen van andere materialen dan hout.

De machine mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor ze bedoeld is. Elk ander verder gaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voortvloeiende schade of verwondingen van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabrikant, aansprakelijk.

Wij wijzen erop dat onze gereedschappen overeenkomstig hun bestemming niet geconstrueerd zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Wij geven geen garantie indien het gereedschap in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt.

Lengte van het zwaard: 200 mm

Snijlengte max.: 170 mm

Kettingsteek: 3/8" 33 tanden

Dikte van de ketting: (0,050") 1,3 mm

Kettingwiel: 6 tanden, 3/8"

Snijsnelheid bij nominaal toerental: 3,76 m/s

Vulhoeveelheid olietank: 125 cm³

Nettogewicht zonder toebehoren: 3,4 kg

Het apparaat wordt geleverd zonder accu's en zonder lader, en mag alleen worden ingezet met de Li-Ion accu's van de PE-Power-X-

Change serie!

PE-Power-X-Change

• 18 V, 1,5 Ah, 5 Li-Ion cellen
• 18 V, 3,0 Ah, 10 Li-Ion cellen
• 18 V, 4,0 Ah, 10 Li-Ion cellen

De Li-Ion accu's van de PE-Power-X-Change serie mogen alleen met de PE-Power-X-Charger worden geladen.

De geluids- en vibratiewaarden werden bepaald volgens ISO 22868.

Geluidsdrukniveau L_pA 81,05 dB (A)

Onzekerheid K_nA 3 dB

Geluidsdrukniveau L_WA gemeten 98,23 dB(A)

Onzekerheid K_WA 3 dB

Geluidsdrukniveau L _WA gegarandeerd 102 dB(A)

Draag een gehoorbeschemer.

Lawaai kan aanleiding geven tot gehoorverlies.

NL

Totale vibratiewaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald volgens ISO 22867.

Handvat onder last

Trillingsemissiewaarde a_h=0,947 m/s^2

Onzekerheid K = 1,5 m/s²

De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens een genormaliseerde testprocedure en kan veranderen naargelang van de wijze waarop het elektrische gereedschap wordt gebruikt en in uitzonderingsgevallen boven de opgegeven waarde liggen.

De vermelde trillingsemissiewaarde kan worden gebruikt om elektrische gereedschappen onderling te vergelijken.

De vermelde trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt om voor begin van de werkzaamheden de nadelige gevolgen te beoordelen.

Beperk de geluidsontwikkeling en vibratie tot een minimum!

  • Gebruik enkel intacte toestellen.
  • Onderhoud en reinig het toestel regelmatig.
    • Pas uw manier van werken aan het toestel aan.
    • Overbelast het toestel niet.
  • Laat het toestel indien nodig nazien.
  • Schakel het toestel uit als het niet wordt gebruikt.
  • Draaghandschoenen.

5. Vóór inbedrijfstelling

Het apparaat wordt geleverd zonder accu's en zonder lader!

Voorzichtig! Monteer de accu pas, nadat het apparaat volledig gemonteerd en alle instellingen uitgevoerd werden. Draag om verwondingen te vermijden altijd werkhandschoenen, als u werkzaamheden verricht aan het apparaat. Pak alle onderdelen zorgvuldig uit en controleer deze op volledigheid (fi g. 1).

NL

5.1 Montage algemeen

a) Fig. 2-3: Steek de buis (7) tot aan de kraag (7a) op het huis van het handvat (2a) en schroef hem vast met de montagemoer (6).
b) Fig. 4: Haak de karabijnhaak (A) van de schouderriem (8) in aan de riemhouder (B).
c) Fig. 4a: Het extra handvat bestaat uit handvat (N), zeskantschroef (P) en vergrendeling (F). Het wordt zoals afgebeeld gemonteerd aan de houder van het handvat (U). Druk daarvoor op de zeskantschroef (P) in het handvat (N) en schroef hem vast met de vergrendeling (F).

5.2 Montage van de aanbouwset voor de kettingzaag (gebruik als hoogsnoeier)

5.2.a Montage van zwaard en zaagketting

  • Bevestigingsschroef (C) voor kettingwielafdekking losdraaien (fig. 5).
    • Kettingwielafdekkingafnemen.
  • Ketting, zoals in de figuur voorgesteld, de omlopende groef van het zwaard in leggen (fig. 6, pos. E).
  • Zwaard en ketting, zoals in de figuur getoond, de opname van de kettingzaag in leggen (fig. 7). Daarbij de ketting rond het rondsel (fig. 7/pos. K) leiden.
  • Kettingwielafdekking (fig. 8/pos. C) aanbrengen en met bevestigingsschroef handvast aanhalen.

Bevestigingsschroef pas na het afstellen van de kettingspanning (zie punt 5.2.b) defi nitief vastschroeven.

5.2.b Spannen van de zaagketting

Voorzichtig! Vóór controle en instelwerkzaamheden altijd de accu van het apparaat afnemen. Draag om verwondingen te vermijden altijd werkhandschoenen als u werkzaamheden aan de kettingzaag verricht.

  • Bevestigingsschroef (C) voor kettingwielafdekking met enkele slagen losdraaien (fig. 5).
  • Kettingspanning afstellen m.b.v. de kettingspanschroef (fig. 9/pos. D). Door draaien met de wijzers van de klok mee (naar rechts) verhoogt u de kettingspanning, door draaien tegen de richting van de wijzers van de klok in (naar links) verlaagt u de kettingspanning. De zaagketting is correct gespannen als ze in het midden van het zwaard ca. 2 mm kan worden opgeheven (fig. 10).
  • Bevestigingsschroef (C) voor kettingwielafdekking goed aanhalen (fig. 8).

Aanwijzing! Alle kettingschakels moeten naar behoren in de geleidegroef van het zwaard liggen.

Aanwijzing omtrent het spannen van de ketting:

De zaagketting dient omwille van de bedrijfszekerheid en veiligheid altijd correct te zijn gespannen. De zaagketting is optimaal gespannen als ze in het midden van het zwaard ca.2 mm kan worden opgeheven. Aangezien de zaagketting bij het zagen warm wordt en bijgevolg van lengte verandert, dient u de kettingspanning ten laatste om de 10 minuten te controleren en, indien nodig, bij te regelen. Dit geldt vooral voor nieuwe zaagkettingen. Ontspan de zaagketting aan het einde van het werk omdat de ketting bij het afkoelen korter wordt. Daardoor voorkomt u dat schade aan de ketting wordt berokkend.

5.2.c Smering van de zaagketting

Voorzichtig! Vóór controle en instelwerkzaamheden altijd de accu van het apparaat afnemen. Draag om verwondingen te vermijden altijd werkhandschoenen als u werkzaamheden aan de kettingzaag verricht.

Aanwijzing! Stel de ketting nooit zonder zaagkettingolie in werking! Het gebruik van de zaagketting zonder zaagkettingolie of bij een oliepeil beneden het kijkvenster heeft een beschadiging van de kettingzaag tot gevolg!

Aanwijzing! Hou rekening met de temperatuuromstandigheden: verschillende omgevingstemperaturen eisen smeermiddelen van zeer verschillende viscositeit. Bij lage temperaturen hebt u dunvloeibare oliën (lage viscositeit) nodig om een voldoende smeerfilm te doen ontstaan. Als u dezelfde olie in de zomer gebruikt, zou de olie alleen door de hogere temperaturen nog meer vloeibaar worden gemaakt. Een onderbreking van de smeerfilm zou het gevolg kunnen zijn, de ketting zou kunnen worden oververhit en zou kunnen worden beschadigd. Bovendien zou de smeerolie verbranden, waardoor het milieu onnodig met schadelijke stoff en zou worden belast.

NL

  • Kettingzaag op een effen plaats neerzetten.
  • Het gebied rond de olietankdop (pos. 31) schoonmaken en daarna de tank openen.
  • Tank (pos. 30) vullen met zaagkettingolie. Let er goed op dat geen vuil in de tank terechtkomt om te voorkomen dat de oliesproeier verstopt geraakt.
    • Olietankdop (pos. 31) dichtdraaien.

Na montage van de aanbouwset voor de kettingzaag en als hij niet wordt gebruikt, steekt u de zwaardbescherming (fig. 1. pos. 18) over het gemonteerde zwaard met zaagketting om verwondingen te vermijden.

NL

5.3 Aanbouwset voor de kettingzaag monteren aan de motorkop (fi g. 12 - 13)

De zwaardbescherming moet over het gemonteerde zwaard met zaagketting zijn geschoven om verwondingen te vermijden.

  1. Positioneer de aanbouwset voor de kettingzaag en de motorkop zo, dat de aan beide delen aangebrachte pijlen overeenstemmen.
  2. Druk de aanbouwset voor de kettingzaag tegen de motorkop. De vergrendelingsknop (R) wordt daardoor naar rechts geschoven. Draai de aanbouwset voor de kettingzaag naar rechts. De aanbouwset voor de kettingzaag vergrendelt zich aan de motorkop en is vast gemonteerd. De vergrendelingsknop (R) wordt daarbij naar links gedrukt.

5.4 Aanbouwset voor de kettingzaag 90° draaien aan de motorkop (fi g. 14)

De zwaardbescherming moet over het gemonteerde zwaard met zaagketting zijn geschoven om verwondingen te vermijden.

  1. Trek de vergrendelingsknop (R) naar rechts.
  2. Draai de aanbouwset voor de kettingzaag 90° naar links. De aanbouwset voor de kettingzaag vergrendelt zich aan de motorkop en

is vast gemonteerd.

5.5 Aanbouwset voor de kettingzaag verwijderen van de motorkop (fi g. 12 - 13)

De zwaardbescherming moet over het gemonteerde zwaard met zaagketting zijn geschoven om verwondingen te vermijden.

  1. Trek de vergrendelingsknop (R) naar rechts.
  2. Draai de aanbouwset voor de kettingzaag zo ver, dat de pijlen aan motorkop en aanbouwset voor de kettingzaag overeenstemmen en deze kan worden verwijderd.

5.6 Extra handgreep afstellen (fi g. 15-16)

a) Schuine stand van de extra handgreep afstellen

Open (a) de vergrendeling (F). Stel de gewenste schuine stand van de extra handgreep (9) af. Sluit (b) de vergrendeling (F).

NL

b) Extra handgreep verschuiven

Open (a) de vergrendeling (H) en verschuif de extra handgreep (9) naar de gewenste plaats. Sluit (b) de vergrendeling (H).

5.7 Schouderriem aanleggen

Waarschuwing! Draag een schouderriem bij het werken. Schakel het toestel steeds uit voordat u de schouderriem losmaakt. Er bestaat lichamelijk gevaar.

  1. Haak de karabijnhaak (fig. 4/pos. A) in de riemhouder vast.
  2. Leg de schouderriem (fi g. 17/pos. 8) over uw schouder.
  3. Stel de riemlengte zodanig in dat de riemhouder zich ter hoogte van uw heup bevindt (fi g. 17).
  4. De schouderriem is uitgerust met een snel openend mechanisme. Druk, indien het noodzakelijk is om het apparaat snel af te doen, de haak samen (fi g. 18).
  5. Om de positie van de riem aan het apparaat te veranderen drukt u de beide metalen lussen (fig. 4, pos. L / M) tegen elkaar en verschuift u de riemhouder aan de buis.

5.8 Schuine stand van het handvat instellen (fi g.19)

Druk op de beide grendelknoppen (5) en stel de schuine stand van het handvat (2) in in 4 grendeltrappen.

5.9 Schuine stand van het motorhuis instellen (fi g. 20)

Druk op de beide grendelknoppen (14) en stel de schuine stand van het motorhuis (13a) in in 7 grendeltrappen.

5.10 Telescoopbuizen instellen (fi g. 21)

  1. Open de vergrendelingsmoeren van de telescoopbuis (10 + 12) door ze naar links te draaien.
  2. Trek de telescoopbuizen (11 + 13) zo ver als voor de werkhoogte nodig eruit.
  3. Sluit de vergrendelingsmoeren van de telescoopbuis (10 + 12) door ze naar rechts te draaien.

5.11 Montage van de accu (fi g. 22 - 23)

Druk zoals getoond in fig. 22 de grendelknop (T) van de accu in en schuif de accu in de daartoe voorziene de accuhouder. Zodra de accu een positie bereikt zoals getoond in fig. 23 op het vastklikken van de grendelknop letten! De demontage van de accu gebeurt in omgekeerde volgorde!

5.12 Laden van de accu (fi g. 24)

  1. Accupack uit het apparaat nemen. Daarvoor de grendelknop (T) indrukken.
  2. Vergelijk of de netspanning vermeld op het typeplaatje overeenstemt met de beschikbare netspanning. Steek de netstekker van de lader (21) in het stopcontact. De groene LED begint te knipperen.
  3. Steek de accu (1) op de lader (21).
  4. Onder punt „Indicatie lader“ vindt u een tabel met de betekenissen van de LED-indicatie aan de lader.

Tijdens het laden kan de accu wat warm worden. Dit is echter normal.

Mocht het laden van het accupack niet mogelijk zijn, controleer dan

  • of aan het stopcontact de netspanning voorhanden is
  • of een foutloos contact aan de laadcontacten voorhanden is.

Indien het laden van het accupack nog altijd niet mogelijk is, stuur dan

naar onze klantenservice.

In het belang van een lange levensduur van de accupack is het raadzaam om op tijd voor het herladen van de accupack te zorgen. Dit is in ieder geval noodzakelijk, indien u vaststelt dat het vermogen van het accu-apparaat afneemt. Ontlaad de accupack nooit helemaal. Dat leidt tot een defect van de accupack!

NL

6. Bedrijf

Gelieve de wettelijke bepalingen inzake de verordening voor de bestrijding van lawaaioverlast na te leven, die plaatselijk kunnen verschillen.

Voorzichtig! Draag altijd een schouderriem bij het werken. Schakel het apparaat altijd uit voordat u de schouderriem losmaakt. Er bestaat verwondingsgevaar.

Doe de schouderriem zoals hierboven beschreven om, monteer de gewenste aanbouwset en stel het apparaat in al naargelang uw behoeften.

  • Kettingzaag met beide handen aan de grepen vasthouden (duim onder het extra handvat).
  • Beveiliging tegen onbedoeld inschakelen (fig. 3, pos. 4) naar voor schuiven en vasthouden.
  • Apparaat met de Aan/Uit-schakelaar (fig. 3, pos. 3) inschakelen. Nu kan de inschakelbeveiliging weer worden losgelaten.

Uitschakelen

Aan/Uit-schakelaar (fi g. 3, pos. 3) loslaten.

NL

7. Werken met de aanbouwset voor de kettingzaag

Voorbereiding

Controleer voor elk gebruik volgende punten om veilig te kunnen werken:

Toestand van de kettingzaag

Ga voor werkbegin na of de behuizing, de netkabel, de zaagketting of het zwaard van de kettingzaag beschadigd zijn. Neem nooit een gereedschap in gebruik dat blijkbaar beschadigd is.

Olietank

Oliepeil van de tank Controleer ook tijdens het werk of er steeds voldoende olie voorhanden is. Werk nooit met de zaag als er geen olie voorhanden is of als het oliepeil onder het minimummerk is gezakt om een beschadiging van de kettingzaag te vermijden. Een vulling volstaat gemiddeld voor 20 minuten naargelang de ingelaste pauzen en de belasting.

Zaagketting

Spanning van de zaagketting, toestand van de snijkanten. Hoe scherper de zaagketting is des te gemakkelijker kan u de kettingzaag

bedienen en onder controle houden. Hetzelfde geldt voor de kettingspanning. Controleer ook tijdens het werk ten laatste om de 10 minuten de kettingspanning om uw veiligheid te verhogen! Vooral nieuwe zaagkettingen neigen tot verhoogd uitzetten.

Beschermende kleding

Draag zeker de gepaste beschermende nauw sluitende kleding zoals een speciale broek die u beschermt tegen snijwonden, alsmede handschoenen en veiligheidsschoenen.

Gehoorbeschermer en veiligheidsbril

Draag een veiligheidshelm met geïntegreerde gehoor- en gelaatsbescherming. Die biedt bescherming tegen neervallende dikke takken en terugschietende takjes.

NL

Veilig werken

  • Om veilig te werken is een werkhoek van maximaal 60° voorge-schreven.
  • Nooit onder de te zagen tak gaan staan.
  • Voorzichtig bij het zagen van onder spanning staande takken en splinterend hout.
  • Mogelijk lichamelijk gevaar door neervallende takken en weg-springende houtstukken!
  • Als de machine in werking is, personen en dieren weghouden uit de gevarenzone.
  • Het toestel is bij het aanraken van hoogspanningsleidingen niet beschermd tegen elektrische schok. Blijf minstens op een afstand van 10 m tot stroomvoerende leidingen. Er bestaat levensgevaar door elektrische schok!
  • Op een helling boven of zijdelings ten opzichte van de te zagen tak staan.
  • Het toestel zo dicht mogelijk tegen het lichaam houden. Op die manier bewaart u best uw evenwicht.
  • Hou bij het onttakken het toestel in een hoek van maximaal 60° tot de horizontale lijn om niet door een neervallende tak te worden getroffen (fig. 25).
  • Zaag eerst de onderste takken van de boom af. Dat vergemakkelijkt het neervallen van de gesneden takken.
  • Aan het einde van de snede verhoogt plots het gewicht van de zaag voor de bediener omdat de zaag niet meer ondersteund is door de tak. Er bestaat het gevaar de controle over de zaag de verliezen.
  • Trek de zaag alleen uit de snede terwijl de zaagketting draait. Zo-doende voorkomt u het vastklemmen.
    • Zaag niet met de top van het zwaard.
  • Zaag niet de dikke takaanzet. Anders zou dit de wondgenezing van de boom verhinderen.

NL

Kleinere takken afzagen (fi g. 26):

Leg het aanslagvlak van de zaag tegen de tak. Daardoor wordt voorkomen dat de zaag aan het begin van de snede met rukken beweegt. Leid de zaag met lichte druk van boven naar beneden doorheen de tak.

Vrij grote en langere takken afzagen (fi g. 27):

Maak bij vrij grote takken een ontlastingssnede.

Zaag eerst met de bovenkant van het zwaard van beneden naar boven 1/3 van de diameter van de tak door (a). Zaag daarna met de onderkant van het zwaard van boven naar beneden naar de eerste snede toe (b).

Zaag de langere takken in secties af om de controle over de valplaats te behouden.

Terugstoot

Onder terugstoot verstaat men het plots omhoog- of terugschieten van de draaiende kettingzaag. De oorzaken zijn meestal het raken

van het werkstuk met de top van het zwaard of het beklemd raken van de zaagketting.

Bij een terugstoot doen zich onverhoeds grote krachten voor. Daardoor reageert de kettingzaag meestal ongecontroleerd. Het gevolg zijn vaak zwaarste letsels bij de werkman of bij personen in de omgeving. Het gevaar voor een terugstoot is het grootst als u de zaag in de zone rond de top van het zwaard aanzet omdat daar de hefboomwerking het sterkst is. Zet de zaag daarom steeds zo vlak mogelijk aan.

Let op!

  • Let er steeds op dat de ketting correct is gespannen!
  • Gebruik enkel kettingzagen die in onberispelijke staat verkeren!
  • Werk alleen met een naar behoren gescherpte zaagketting!
  • Zaag nooit met de bovenkant of top van het zwaard!
  • Hou de kettingzaag steeds met beide handen vast!

NL

Zagen van hout onder spanning

Bij het zagen van hout dat onder spanning staat dient u uiterst voorzichtig te werk te gaan! Onder spanning staand hout waarvan de spanning door zagen vrijkomt reageert soms volledig ongecontroleerd. Dat kan leiden tot zwaarste en zelfs dodelijke letsels. Dergelijke werkzaamheden mogen slechts door geschoolde vakmannen worden verricht.

Verwijder vóór alle schoonmaak- en onderhoudswerkzaamheden de accupack.

  • Het gereedschap altijd schoon en droog houden en beschermen tegen olie of vet.
  • Ter bescherming van de ogen tijdens de reiniging een veiligheidsbril dragen.
  • Voor een veilig en deskundig gebruik het gereedschap en de ventilatiespleten altijd schoon houden.
  • Het ventilatierooster aan de motor en aan de Aan-/Uitschakelaar controleren op stof of vreemde voorwerpen. Stofophopingen verwijderen met een zachte borstel.
  • De behuizing van het gereedschap indien nodig met een zachte, vochtige doek. Een mild reinigingsmiddel mag gebruikt worden, maar geen alcohol, benzine of andere reinigingsmiddelen.
  • In geen geval bijtende reinigingsmiddelen gebruiken om kunststof delen te reinigen.
  • Alle beweeglijke delen regelmatig smeren.
  • Alle bevestigingen regelmatig controleren. Deze kunnen als gevolg van de trillingen na verloop van tijd loskomen.
  • Maak het spanmechanisme regelmatig door uitblazen met perslucht of met een borstel schoon. Gebruik voor het schoonmaken geen gereedschappen.
  • Maak het gereedschap, indien nodig, met een vochtige doek en eventueel met een mild spoelmiddel schoon.

Vervangen van zaagketting en zwaard

Het zwaard dient te worden vervangen als de geleidegroef van het zwaard versleten is,

Ga hiervoor te werk zoals toegelicht in het hoofdstuk "montage van zwaard en zaagketting"!

Ga regelmatig na of de automatische kettingsmering functioneert teneinde een oververhitting en de daaruit voortvloeiende beschadigging van zwaard en zaagketting te voorkomen. Richt daarvoor de top van het zwaard tegen een glad oppervlak (plank, aansnede van een boom) en laat de kettingzaag draaien. Indien zich dan een toenemend oliespoor vertoont, werkt de automatische smering van de ketting perfect. Is geen duidelijk oliespoor te zien gelieve de overeenkomstige aanwijzingen in het hoofdstuk "foutopsporing" te lezen! Indien ook deze aanwijzingen niet vooruithelpen wendt u zich tot onze service of tot een overeenkomstig gekwalifi ceerde werkplaats.

Let op! Raak daarbij niet het oppervlak. Neem een voldoende veiligheidsafstand (ca. 20 cm) in acht.

NL

Scherpen van de zaagketting

U kan met de kettingzaag enkel eff ectief werken als de zaagketting in goede staat verkeert en scherp is. Daardoor vermindert ook het gevaar voor een terugstoot. De zaagketting kan bij elke gespecialiseerde handelaar worden bijgeslepen. Probeer niet de zaagketting zelf te scherpen als u niet over het gepaste gereedschap en de nodige ervaring beschikt.

9. Anomalieën

De machine werkt niet:

Controleer of de accu geladen is en of de lader functioneert. Indien het gereedschap niet werkt ondanks dat er spanning op staat, breng het dan naar uw Hornbach bouwmarkt.

Apparaat vóór een foutopsporing uitschakelen en accu verwijderen.

De volgende tabel toont foutsymptomen en beschrijft hoe u een fout kunt verhelpen, indien uw machine ooit niet goed werken. Indien u het probleem desondanks niet kunt lokaliseren en verhelpen, gelieve u dan tot uw servicewerkplaats te wenden.

NL

Storing Mogelijke oorzaak Oplossing
Het apparaat werkt niet.- Accu leeg- Accu niet correct ingestoken- Accu laden- Accu verwijderen en opnieuw insteken
Apparaat werkt met tussenpozen- Extern loszittend contact- Intern loszittend contact- Aan/Uit-schakelaar defect- Vakwerkplaats opzoeken- Vakwerkplaats opzoeken- Vakwerkplaats opzoeken
Zaagketting droog- Geen olie in de tank- Ontluchting in de dop van de olietank verstopt- Olie-uitlaatkanaal verstopt- Olie bijvullen- Dop van de olietank reinigen- Olie-uitlaatkanaal vrij maken

Pattfield®

ERGO TOOLS

Storing Mogelijke oorzaak Oplossing
Ketting/Ge-leiderail heet- Geen olie in de tank- Ontluchting in de dop van de olietank ver-stopt- Olie-uitlaatkanaal ver-stopt- Ketting bot- Ketting te strak ge-spannen- Olie bijvullen- Dop van de olietank reinigen- Olie-uitlaatkanaal vrij maken- Ketting bijslijpen of vervangen- Kettingspanning controleren
Kettingzaag werkt metrukken, trilt of zaagt niet goed- Ketting onvoldoende gespannen- Ketting bot- Ketting versleten- Zaagtanden wijzen in de verkeerde richting- Kettingspanning instellen- Ketting bijslijpen of vervangen- Ketting vervangen- Zaagketting opnieuw monteren met de tanden in de juiste richting

NL

Pattfield®

ERGO TOOLS

  1. Indicatie lader
AanduidingsstatusBetekenis en maatregel
Rode LEDGroene LED
UIT Knippert GebruiksklaarheidDe lader is aangesloten op het net en is gebruiksklaar; de accu is niet in de lader.
AAN UITLadenDe lader laadt de accu op in de snelle laadmodus.
UIT AANDe accu is tot 85% opgeladen en gebruiks- klaar.(Laadduur 1,5 Ah accu: 30 min)(Laadduur 3,0 Ah accu: 60 min)(Laadduur 4,0 Ah accu: 80 min)Daarna wordt overgeschakeld naar ontziende lading tot de accu volledig is geladen.(Laadduur in het totaal 1,5 Ah accu: ca. 40 min)(Laadduur in het totaal 3,0 Ah accu: ca. 75 min)(Laadduur in het totaal 4,0 Ah accu: ca. 100 min)Maatregel:Neem de accu de lader uit. Scheid de lader van het net.

NL

Pattfield®

ERGO TOOLS

AanduidingsstatusBetekenis en maatregel
Rode LEDGroene LED
KnippertUIT AanpassingsladingDe lader bevindt zich in de modus voor ontzi-end laden.Daarbij wordt de accu om veiligheidsredenen trager opgeladen en heeft daarvoor meer dan 1 uur nodig. Dat kan te wijten zijn aan volgende oorzaken:- Accu werd zeer lang geleden niet meer opge-laden of het ontladen van een uitgeputte accu werd voortgezet (diepe ontlading).- De accutemperatuur ligt niet binnen het ideale bereik tussen 10^ en 45^ .Maatregel:Wacht tot het laadproces is voltooid; de accu kan desondanks verder worden geladen.
KnippertKnippert Fouter kan niet meer worden opgeladen. De accu is defect.Maatregel:Een defecte accu mag niet meer worden opge-laden. Neem de accu de lader uit.
AAN AANTemperatuurfoutDe accu is te warm (b.v. rechtstreekse zoninst-raling) of te koud (onder 0^ ).Maatregel:Neem de accu de lader uit en bewaar hem 24 u bij kamertemperatuur (ca. 20^ ).

NL

12. Verwijdering

Pattfield PE-AHE 18 Li - Verwijdering - 1

Enkel voor EU-landen

Elektrisch gereedschap hoort niet bij het huisvuil thuis!

Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG op afgedankte elektrische en elektronische toestellen en omzetting in nationaal recht dienen afgedankte elektrische gereedschappen afzonderlijk te worden verzameld en milieuvriendelijk te worden gerecycleerd.

NL

Recyclagealternatief i.p.v. het toestel terug te sturen:

De eigenaar van het elektrische toestel is alternatief verplicht, i.p.v. het toestel terug te sturen, mede te werken bij de behoorlijke recyclage in geval hij zich van het eigendom ontdoet. Het afgedankte toestel kan hiervoor ook bij een verzamelplaats worden afgegeven die voor een verwijdering als bedoeld in de wetgeving in zake recyclage en afvalverwerking zorgt. Hieronder vallen niet bij de afgedankte toestellen gevoegde accessoires en hulpmiddelen zonder elektrische componenten.

Nadruk of andere reproductie van documentatie en begeleidende papieren van de producten, geheel of gedeeltelijk, is alleen toegestaan met uitdrukkelijke toestemming van Hornbach Baumarkt AG.

Technische wijzigingen voorbehouden

13. CE - Conformiteitsverklaring

Conformiteitsverklaring

Pattfield PE-AHE 18 Li - CE - Conformiteitsverklaring - 1

rklaren dat het product beschreven

bij de Technische gegevens :

Pattfield PE-AHE 18 Li - CE - Conformiteitsverklaring - 2

Accu hoogsnoeier PE-AHE 18 Li (BASIC)

geproduceerd voor:

Hornbach Baumarkt AG

Hornbachstraße 11

76879 Bornheim / Duitsland

voldoet aan de volgende richtlijnen:

EG machine-richtlijn 2006/42/EC

Outdoor-richtlijn 2000/14/EC (+2005/88/EC)

EMC -richtlijn 2014/30/EU

en voldoet aan de volgende toepasselijke geharmoniseerde normen:

EN 60745-1/A11:2010

EN ISO 11680-1:2011

EN 55014-1/A2:2011

EN 55014-2/A2:2008

De conformiteit met de EG-machinerichtlijn wordt aangetoond door de evaluatieprocedure conform aanhangsel IV:

Notified Body: TÜV Rheinland

Notified Body No.: 0197

Reg. No.: BM 50329606 0001

De naleving van de geluidsemissies volgens opgaven van de Outdoor richtlijn (2000/14/EC, richtlijn inzake geluidsemissie buitenmaterieel) wordt gegarandeerd door de evaluatieprocedure conform aanhangsel V.

Gemeten geluidsvermogenniveau: 98,23 dB (A)

Gegarandeerd geluidsvermogenniveau: 102 dB (A)

Pattfield PE-AHE 18 Li - CE - Conformiteitsverklaring - 3

Andreas Back

Hoofd Kwaliteitsmanagement, milieu & CSR

Gemachtigde voor de samenstelling van de

technische documentatie

onze producten worden onderworpen aan een strenge kwaliteitscontrole. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren werken, spijt het ons ten zeerste en verzoeken wij u zich te wenden tot onze servicedienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs, of tot het verkooppunt waar u het toestel heeft gekocht. Voor eisen in verband met het recht garantie geldt het volgende:

  1. Deze garantievoorwaarden regelen aanvullende garantieprestaties, die de hieronder genoemde fabrikant kopers van zijn nieuwe apparaten toezegt in aanvulling tot de wettelijke garantie. Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor u gratis.

  2. De garantieprestatie geldt uitsluitend voor gebreken aan een door u aangekocht nieuw apparaat van de hieronder genoemde fabrikant die aantoonbaar berusten op een materiaal- of productiefout, en is naar onze keuze beperkt tot het verhelpen van zulke gebreken aan het apparaat of de vervanging ervan. Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Van een garantiecontract is derhalve geen sprake, als het apparaat binnen de garantieperiode in commerciële, ambachtelijke of industriële bedrijven werd ingezet of aan een daarmee gelijk te stellen belasting werd blootgesteld.

  3. Van onze garantie zijn uitgesloten:

- Schade aan het apparaat als gevolg van niet-inachtneming van de montagehandleiding of op grond van ondeskundige installatie, als gevolg van niet-inachtneming van de gebruiksaanwijzing (zoals bijv. door aansluiting aan een verkeerde netspanning of stroomsoort) of niet-inachtneming van de onderhouds- en veiligheidsvoorschriften, door blootstelling van het apparaat aan abnormale omgevingsvoorwaarden of door nalatig onderhoud en verzorging.

- Schade aan het apparaat als gevolg van misbruik of ondeskun-

dige toepassingen (zoals bijv. overbelasting van het apparaat of de inzet van niet toegelaten gereedschappen of toebehoren), binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals bijv. zand, stenen of stof, transportschade), gebruik van geweld of als gevolg van externe invloeden (zoals bijv. schade door vallen).

- Schade aan het apparaat of aan delen van het apparaat die valt te herleiden tot slijtage als gevolg van gebruik, en als gevolg van normale of andere natuurlijke slijtage.

  1. De garantieperiode bedraagt 3 jaar en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het indienen van garantieclaims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt niet tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.

Voor slijtstukken, verbruiksmateriaal en ontbrekende onderdelen wordt verwezen naar de beperkingen van deze garantie conform de service-informatie van deze handleiding.

Hornbach Baumarkt AG, Hornbachstraße 11, 76879 Bornheim / Germany

www.hornbach.com

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Pattfield

Model : PE-AHE 18 Li

Categorie : Elektrische heggenschaar